The Corner, Villa 1 van Villapark Hees, Tweede Oude Heselaan 522
“Villapark onder Hees.
Wij hebben indertijd reeds gesproken van het villapark, dat onder leiding van den architect den heer Oscar Leeuw zal worden aangelegd tusschen den straatweg naar Hees, de oude Heesche laan en den nieuwen weg, van wege de Gemeente aan te leggen als verbinding van den Heeschen straatweg met de Krayenhofflaan.
Binnen eenige dagen nu zal de aanbesteding voor den aanleg der wegen in dat park plaats hebben. Voorloopig zal men zich bepalen tot een weg tegenover de Breede straat, alszoo ter plaatse waar thans nog een tuinmanswoning staat, die moet weggebroken worden. Die weg krijgt twee zijtakken rechts, uitkomende op de Oude Heessche laan een een links, uitkomende op den straks genoemden gemeenteweg.
Tevens zal er een aanvang gemaakt worden met den bouw van twee villa’s, gelegen aan den eersten van genoemde zijwegen. Onze begaafde stadgenoot, de heer Leeuw heeft daartoe hoogst artistieke ontwerpen gemaakt, die op het oogenblik zie zien zijn in het winkelraam van den heer Smals, op de Groote Markt.
Het zijn bijzonder sierlijke en vriendelijke buitenwoningen, die hij geteekend heeft; in het groen zullen zij een schilderachtig effect maken, en op den duur zal dit deel van Nijmegens omgeving door den aanleg van dit park stellig een groote verfraaiing ondergaan.
Naar wij vernemen, bestaat het plan de villa’s niet te huur, maar te koop aan te bieden. Daar de prijzen matig zullen zijn, zal menigeen, die gaarne buiten wil wonen, maar niet de hoogste prijzen kan besteden, hier een geschikte gelegenheid vinden om zich duurzaam op een lief plekje te vestigen.” (De Gelderlander 25/12/1902)
Op 28 januari 1903 vindt de aanbesting plaats van “Het aanleggen en met grint verharden van wegen en nader omschreven werken in het Villapark onder Hees.” (PGNC 25/1/1903). De laagste inschrijver daarbij was J. Schippers voor de som van f 2940,- (PGNC 29/1/1903), die dan waarschijnlijk de aanbesteding heeft verkregen.
1903, Huidig adres: Tweede Oude Heselaan 522 Het huis dat tegenwoordig The Corner heet was 1 van de eerste 2 villa’s van het Villapark Hees. De architect was Oscar Leeuw. In dit artikel wordt nader ingegaan op dit villapark. Verkoop Villa Leeuwenstein Op 8 en 22 juli 1897 zal de villa “Leeuwenstein” onder Hees met…
Pascal koopt van Verdonck in 1904 twee stukken grond aan de Voorstadslaan. Hij laat daarop een villa ontwerpen door de architect Hoffmann: Villa Rica. het gebouw stamt uit 1904.
Dubbel woonhuis van architect C.J. Ebing (Guido Gezellestraat 63), gebouwd in 1932 in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen), Emmalaan 7, 1955 (F88069 RAN)
In 1932 ontwerpt de architect C.J. Ebing Dubbel (Guido Gezellestraat 63) een dubbel woonhuis, Emmalaan 5 en 7. Dit in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen). Horstink zal zelf op nummer 5 gaan wonen. Lamers is makelaar van beroep en verkoopt nummer 7 aan B. Kistemaker.
Deze pagina verzamelt werken van architect Ebing en zal van tijd tot tijd worden aangevuld. Uitbreiding bij de Firma A.P. Keyser. 1932, Stikke Hezelstraat 42-44 (bij verbouwing) “Uitbreiding bij de Firma A.P. Keyser. De firma A.P. Keyser heeft haar zaak aan de Stikke hezelstraat No. 42-44, genaamd “De Bijenkorf” een belangrijke uitbreiding doen ondergaan, welke…
Merk bij 1948 de weduwe Horstink-Lamers op. Mogelijk/waarschijnlijk waren de aanvragers Horstink en Lamers voor de bouwvergunning familie? Dit is nog niet verder onderzocht.
Emmalaan 7
advertentie 11/2/1933
Op 11-2-1933 plaatst Lamers de advertentie voor het in aanbouw zijnd Heerenhuis gelegen in de Emmastraat
Hieronder staan de gevonden bewoners weergegeven. Een aantal advertenties/krantenartikelen bieden daarbij verdere aanknopingspunten:
B. Kistemaker zal het huis tussen februari en juni 1933 hebben gekocht: Vanaf 3-6-1933 wordt mevrouw Kistemaker op Emmalaan 7 in advertenties van de “R.K. vereniging ter bescherming van meisjes, in Nederland”. (De Gelderlander 3/6/1933)
Diepenbroek, wed. F.B. geb. A.R.J. Vinke, oftewel Anna Regnera Joanna Vinke, weduwe van Ferdinand Bernard Diepenbroek, overlijdt op 23-7-1938 (rouwadvertentie De Gelderlander 23/7/1938)
In ieder geval is er ten aanzien van A.Th.A.K. Lange op 1-4-1939 een advertentie gevonden met Emmalaan 7 als adres (hij blijkt daarbij secretaris van de Nijmeegsche Zwemclub 1921 te zijn) (De Gelderlander 1/4/1939)
Gevonden in Adresboeken:
B. Kistemaker
Hoofd R.K. bijz. school
1934, 1936, 1938
Diepenbroek, wed. F.B. geb. A.R.J. Vinke
1934, 1936, 1938
A.Th.A.K. Lange
Scheik. Ing.
1940
KI.D. de Groot
Reiziger
1948
A.Ph. Krijff
Chemicus
1951, 1955
J.P. Tazelaar
Arb. Analist
1959, 1963
Wed. P.J. van Bortel, geb. A.E. Weijkman
1959, 1963
P.J.H.M. Heijndaal
psycholoog
1968
Familie Krijff
Op het terras achtertuin familie Krijff, van links naar rechts: Luco, Nienke, Jan, ma en pa, 5-8-1955 (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff, copyright: J. Krijff)
Jan Krijff stuurde de volgende reactie:
“Vanuit Delft komende heb ik op dit adres gewoond van 1951 tot en met 1956. Dit samen met mijn ouders , broer Luco en zusje Nienke. Mijn vader werkte bij Smit, Transfomatoren. In 1956 zijn wij vertrokken naar Bloemendaal. In Nijmegen zat ik op de freubel school bij Mej Boot op de Oranje Singel. Daarna op de3 Nutschool. In het begin met de tram naar school het laatste jaar met de fiets. Het was een rustig buurtje waar weinig op straat werd gespeeld. Erg veel kan ik mij niet herhinneren maar wel dat soldaten langs kwamen met grote melkbussen met snert. ook weet ik nog dat er geschaatst werd in de haven. Ik ben nog een paar keer teruggeweest in Nijmegen.”
En in een brief: “Wij hebben daar maar een korte periode gewoond en ik kan mij van het interieur niet veel herinneren. Volgens mij was er geen centrale verwarming en weet ik ook niet meer of er een badkamer was.
Een wandeling op de Prinsenlaan, die rechts afbuigt. Op de hoek is Prinsenlaan 18 (huidig nummer) te zien en nog een klein stukje Prinsenlaan 12 rechts daarvan. De weg links is de Patrijsstraat: daar is 1 van de nieuwbouwwoningen te zien (en vaag links daarvan een aantal andere nieuwbouwwoningen), 1955/1956 (Foto beschikbaar gesteld door J. Krijff, copyright J. Krijff)
Er was nagenoeg geen contact met de buren, die naar ik herinner zeer Christelijk waren. Voor mijn vader was Nijmegen na Delft een soort thuis komen. Hij heeft zijn heel HBS tijd in Nijmegen gewoond en is daarna naar Utrecht vertrokken. Mijn moeder was een Arnhemse en vond Nijmegen maar niks. Zij was blij naar Bloemendaal te kunnen gaan.
Verder kan ik mij nog een paar namen van de Nut School (Lagere School) herinneren. Han Meijbergen van de margarine fabriek, Eric Nuver, zoon van de huisarts, Hansje Blokland die zijn vader fruitteler was (appels). De school was gelegen tegenover de winkel die Marklin treinen verkocht waar met Kerst een groot aantal mensen voor de ramen stonden. Wij hebben recent genoten van de documentaire over de Nijmeegse jongens van Lymborch in mijn tijd in Nijmegen nooit van gehoord.”
Klik op onderstaande foto’s voor een vergroting:
Op het terras achtertuin familie Krijff, 5-8-1955 (ter beschikking gesteld door J. Krijff, copyright: J. Krijff)
1956: Mevr. Krijff-Joosten (links) en Mevr Bussemaker-Joosten (rechts); zussen van elkaar (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff; Copyright: J. Krijff)
Emmalaan 6: kinderen familie Krijff, zij woonden op Emmalaan 7. Op 6 woonde Mej. van Grondelle, akela bij Keizer Karel Padvinders, 1955 (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff; Copyright: J. Krijff)
Emmalaan 5 en 7 (September 2022, Google Streetview) architect Ebing
Monument bombardement 22 februari 1944 Krayenhofflaan (juli 2023)
Tijdens het bombardement op 22 februari 1944 was de Krayenhofflaan een van de hardst getroffen straten. Het werd in 2013 onthuld aan de gevel van bakkerij de Bie.
Een van hardst getroffen straten
Verwoest pand van Slagerij Brinkhoff, naast de voormalige kerk, 1944 (F63237 RAN)
Het monument herdenkt de slachtoffers van het bombardement op 22 februari 1944.
Op deze hoek van de Krayenhofflaan zaten bakkerij de Bie en slagerij Brinkhoff. Naast bewoners en klanten waren veel mensen -voorbijgangers en trampassagiers- de winkels ingevlucht. 3 bommen kwamen in de Krayenhofflaan en Sperwerstraat terecht. Onder andere dit woonblok werd geraakt en ging in vlammen op. 27 personen kwamen daarbij om het leven.
De familie Brinkhoff werd extra zwaar getroffen: hier overleden moeder en 5 van haar 8 kinderen. De familie de Bie verloor moeder en zoon. De familie van Hezik moeder en 2 kinderen. Ook elders in de Krayenhofflaan vielen slachtoffers: in totaal kwamen 40 personen om het leven. Daarmee was het een van de hardst getroffen straten. In totaal overleden in Nijmegen rond de 800 personen door het bombardement.
Zie voor een lijst van slachtoffers en hun verhalen:
Het initiatief van deze plaquette kwam van Jan Hermens.
Geertrui Nieske Witteveen-Dijkers, was een van de slachtoffers. Zij zat die dag in de bewuste tram.
In april 2013 bezocht haar dochter Beppie Witteveen, die al jarenlang in Australië woonde, deze plek. Samen met haar oude schoolgenoot Jan legde zij die dag bloemen voor de deur van Bakkerij de Bie. Toen ontstond het idee om een blijvende herinnering aan de 44 overledenen te realiseren.
Onthulling
Een van degenen die het monument onthulden, was Sjef Brinkhoff. Hij was een van de overlevenden van het bombardement. Daarnaast onthulden Ben van Hees (gemeenteraad), Jan Hermens en kinderen van de Michiel de Ruyterschool op 27 oktober 2013 het monument.
Deze pagina verzamelt reeds verschenen artikelen over de Krayenhofflaan. Villa Salomonski 1883 (Hoek Krayenhofflaan Voorstadslaan) gesloopt rond 1974 Op 15-5-1883…
1954 Mariënburgsestraat 7-9 (oud), Mariënburgsestraat 10 (huidig) Centrum
Mariënburgsestraat 6-14: Van links naar rechts; Het Brillenpaleis, Café De Pool, het Vleespaleis en Duives Manufacturen en Herenmode, 1955 (F30514 RAN)
Vooraf
Voordat het Hotel-Café-Restaurant “De Pool” in 1944 werd verwoest, was het een belangrijke uitgaangsgelegenheid geweest dat zich uitstrekte van de Mariënburg tot Oude Stadsgracht.
Lees hier over de uitbreiding van De Pool in 1926:
Café “De Pool”, dat voor de stadsverwoesting in 1944 op Mariënburg-Oude Stadsgracht zulk een belangrijke plaats in ons stadsleven innam, is thans herbouwd. Niet op precies dezelfde plaats als vroeger, maar wel in dezelfde omgeving. Het staat nu in de Mariënburgsestraat op no. 9, onmiddellijk bij de Burchtstraat, in het hartje van de stad. Het is een mooi punt en daar komt nog bij dat voor de band van ’44 zich op deze plaats ook een café bevond. Het nieuwe café De Pool ziet er allergezelligst uit; het is niet te groot en ook niet te klein, maar juist groot genoeg om te bereiken dat eenieder er zich op zijn gemak en thuis gevoelt. Het architectenbureau Benning, dat deze nieuwbouw ontwierp en de aannnmer J.M. Hendriks, die ze verwezenlijkte, hebben eer van hun werk. Ze hebben aan de stad een gezelligheidselement weten toe te voegen dat temidden van het nuchtere en zakelijke waardoor menig nieuw pand wordt gekenmerkt, een aanwinst is. De betimmering is van de fa. H. de Klerk uit Rotterdam; ze levert een belangrijke bijdrage tot de intimiteit waarover we spraken.
De heer M. van Meteren, de eigenaar van De Pool, drijft de zaak niet zelf meer, zoals vroeger. De heer A.Th. v.d. Donck vervangt hem en wij twijfelen er niet aan of hij zal in de Nieuwe Pool een evengroot succes hebben als de heer van Meteren vroeger had in De Pool op Mariënburg.” (De Gelderlander 6/2/1954)
Architectenbureau Benning
Het gebouw is ontworpen door Architectenbureau Benning. Lees hier verder over dit bureau:
Het architectenbureau D. en P. Benning, later Benning en Fokker, was de voortzetting van het architectenbureau van Oscar Leeuw. Ook dit bureau zal veel winkels voor Vroom en Dreesmann ontwerpen.
In ieder geval komt de Pool nog voor in de Adresboeken van 1963 (huisnummer 8-10). En ook in 1966 en 1968 (nummer 10), hoewel het dan Poolbar wordt genoemd.
In 1947 ontwerpt architect B. Benning de herbouw van de hoek van Heutszstraat – Groesbeeksedwarsweg. Dit pand was bij de bevrijding vernietigd. De bouwtekening heeft hij samen met zijn broer P. Benning ondertekent.
Vooraf
Van Heutszstraat 2, vóór de verwoesting (D12.407241)
Het oorspronkelijke gebouw was ontworpen in 1938. Op 18 februari 1939 vindt de “heropening” plaats (advertentie De Gelderlander 17/2/1939 ).
In de nacht van 28 op 29 september werd het gebouw verwoest door Duitse granaten.
Op de hoek Van Heutszstraat- Groesbeeksedwarsweg sloegen in de nacht van 28 op 29 september Duitse granaten in. Enkele winkels en woonhuizen werden verwoest; links het pand van Drogisterij J.I.M. Elling en rechts de Brood- en Banketbakkerij van de Gebroeders G. en W. Schouten ; op de achtergrond huizen aan de Beethovenstraat, september 1944 (Commissariaat van Politie Nijmegen, Afd. Fotografie via F27438 RAN CC0)
Nieuwbouw van Heutszstraat 2
In het Bouwarchief komen 2 ontwerpen voor, die afwijken wat betreft het grote raam. Momenteel is nog onbekend welk ontwerp het uiteindelijk geworden is:
Van Heutszstraat 2, dossier D12.407241 VERANDEREN GEBOUW (09-09-1947)
Van Heutszstraat 2, D12.407243 vergelijk D12.407241: de ruiten; VERANDEREN GEBOUW (09-09-1947)
“Brood- en Banketbakkerij Fa. Gebr. Schouten
Op de hoek van de Groesbeeksedwarsweg en de v. Heutszstraat is een nieuwe bakkerij en banketbakkerij verrezen, op de plaats waar drie en een half jaar geleden na de bevrijding het oude bedrijf door de oorlog werd verwoest. De fa. Gebr. Schouten is op dit prachtige punt gevestigd. Een mooie moderne bakkerij en een fraaie winkel is tot stand gekomen, waarin behalve het brood en banket een goede sortering chocolade- en suikerwerken aanwezig is. De aannemer de heer J.A. v.d. Hoogen en de architect de heer B. Benning, die dit bedrijf zo aantrekkelijk tot stand brachten, hebben er van hun werk.” (De Gelderlander 14/8/1948)
Bakkerij Gebr. Schouten staat in ieder geval nog in het Adresboek van 1968.
Groesbeeksedwarsweg 263 van Heutszstraat 2, maart 2025 (Google Streetview)
Deze pagina verzamelt reeds gemaakte artikelen over de wijk Altrade. Romeins amfitheater hoek Rembrandtstraat-Mesdagstraat In de buurt van Romeinse legerkampen…
De villa Mussenhaghe aan de Groesbeekseweg is rond 1750 gebouwd als boerderij. Eind 19e eeuw is deze omgebouwd tot villa.
Bens
1928 komt ook Mej. W. Bens voor.
In Adresboek 1932 en 1934 zijn J. en F. nog landbouwer op de Valkenburgscheweg 1. Ook Mej. W. Bens komt dan nog op dat adres voor. En in 1934 staat ook mej. H.M Bens op dit adres. In 1932 en 1934 staat A. Bens dan als melkhandelaar op Groesbeekseweg 404. Idem voor 1936 en 1938.
In 1926 komt J. Bens als landbouwer voor op Valkenburgscheweg 1.
A., F. en J. Bens komen in het Adresboek 1927 en 1928 als landbouwer voor op Valkanburgscheweg 1. In
De Familie J. Bens, Valkenburgscheweg No. 1 doet in De Gelderlander 31/12/1927 een nieuwjaarstgroet. Eind 1924 doet nog een familie J. Bens een groet in De Gelderlander 31/12/1924 met als adres Wester Meerwijk; of dit dezelfde familie is, is nog niet bekend.
Ook de jaren daarna is een nieuwjaarsgroet gevonden: De Gelderlander 31/12/1928, De Gelderlander 31/12/1930.
In 1932 is het J. Bens & Zoon: De Gelderlander 31/12/1932. Dan staat er ook expliciet “Melkhandel” bij. Zo ook de komende jaren: De Gelderlander 30/12/1933, De Gelderlander 31/12/1934, De Gelderlander 31/12/1936, De Gelderlander 31/12/1937, De Gelderlander 31/12/1938, De Gelderlander 30/12/1939, De Gelderlander 31/12/1940, De Gelderlander 31/12/1941. In een advertentie De Gelderlander 16/8/1946 voor de vakanties van melkhandelaars is het nog J. Bens.
In De Gelderlander 1/8/1947 is het A. Bens op de Groesbeekseweg 406, eveneens een advertentie van de Nijmeegse Melkhandel. En in De Gelderlander 21/8/1953 en De Gelderlander 24/8/1956 is het huisnummer 404.
In 1948 en 1951 woont Weduwe J. Bens op de Valkenburgseweg 1 (Adresboek 1948 en 1951). In 1955 woont “Bens, mej. W.”, op Valkenburgseweg 1; A. Bens, melkhandelaar heeft dan als adres Groesbeekseweg 404.
Ook in 1955 en in 1959 en 1963 (dan “mw.”) komt W. Bens voor op Valkenburgseweg 1. A. Bens komt in 1959 en 1963 voor op Groesbeekseweg 404 als “melkhandelaar”, net als H.W.J. Bens, melkhandelaar en J.H.A. Bens, rangeerder NS.. In 1963 komt daarnaast ook A.H.F., machinebankwerker en F.WH., zuivelh., voor.
In 1966 komt A. Bens nog voor onder “Zuivelhandel”. In 1968 is “Bens, geb Lamers, JM” gvonden. In het laatst beschikbare adresboek van 1971 komt A. Bens nog voor op Groesbeekseweg 404.
Gemeentelijke Monument
Villa Mussenhaghe , op de hoek met de Valkenburgseweg (rechts).
De villa werd rond 1750 gebouwd als boerderij. Eind 19de eeuw is het omgebouwd tot villa.
Karakteristiek en voor Nijmegen zeldzaam voorbeeld van een door verbouwing van boerenbedrijf tot landhuis geworden pand van goede verhoudingen en detaillering.
Inmiddels heeft de villa een opknapbeurt gehad, Valkenburgseweg, 1986 (Gemeente Nijmegen, afd. Reprografie via KN12864-15 RAN CC0)
Het gebouw is sinds 1988 een gemeentelijk monument. De tekst bij aanwijzing: “Landhuisje. Onderdeel van een uit twee gedeelten bestaand boerderij-woonhuis samen met Valkenburgseweg 1. Geheel gepleisterd en gewit blokvormig pand van éénbouwlaag met pannengedekt schilddak. Voorgevel drie-assig met gelijkvormige brede vensters en in het midden openslaande tuindeuren, alle met de oorspronkelijke persiennes. Middendeel geflankeerd door vlakke pilasters met verdiepte vakken. Bovendorpel vensters en deur licht gewelfd. Geprofileerde stuclijsten en stucornament als bovenbekroning. Gevel gedekt door geprofileerde lijst waarboven bekroning van metselwerk: hoog middengedeelte met dakvenster van twee gekoppelde rondboogramen, geflankeerd door pilasters. Gebogen bekroning met daarop een stucornament. Ter weerszijden lage gemetselde balustrade met hoekbekroningen. Dakkapel geflankeerd door voluutvormige ornamenten van stuc. In rechter zijgevel smalle voordeur met rechts daarvan raam met persiennes. Bouwtijd: ontstaan door toevoeging van een voorgevel ca. 1870-1875 aan een boerderij uit de 18de of het begin van de 19de eeuw. Karakteristiek en voor Nijmegen zeldzaam voorbeeld van een door verbouwing van boerenbedrijf tot landhuis geworden pand van goede verhoudingen en detaillering.”
Tijdens het bombardement op 22 februari 1944 was de Krayenhofflaan een van de hardst getroffen straten. Het werd in 2013 onthuld aan de gevel van bakkerij de Bie.
Rond 18-8-1949 vond de aanbesteding plaats van het eerste gedeelte va een bloemen-, groenten- en fruitveilingcomplex aan de Marialaan plaats. De architect was W.Th. Reynen. De laagste inschrijvers waren Fa. Smulders en Graft te Oisterwijk: f 649.000. Zij verkregen daarmee de opdracht.
Op de locatie van een voormalig bedrijventerrein in Nijmegen ontstaat in de jaren 0 het stedenbouwkundige project “De Nieuwe Voorstad”, bedoeld als verdichting en herontwikkeling van een verouderd stadsgebied. Het meest controversiële onderdeel wordt het wooncomplex De Paladijn, een 15 verdiepingen hoge woontoren die al vóór oplevering tot juridische en maatschappelijke discussie leidt.
Het Park Leeuwenstein was vroeger de tuin van Villa Leeuwenstein. Het lijkt wat verborgen te liggen door de bebouwing van de Marialaan en de Bosduifstraat. Dat het park mogelijk wat onbekend is, is onterecht: er staan veel verschillende bomen, waaronder bijzondere soorten.
Nijmegen 13 Juli -Architect J. Coumans te Nijmegen heeft gistermiddag de bouw aanbesteed van een nieuwe fabriek aan de Marialaan naast de groentenveiling. De N.V. Nederlandse Ampullenfabriek, de NAF N.V., thans gevestigd aan de Weurtseweg te Nijmegen, zal daar voor de nieuwe gebouwen en kantoren over een terrein van ongeveer 1500 vierkante meter kunnen beschikken.
De heer H. van Stokkum, die het initiatief nam tot de oprichting van de Ned. Ampullenfabriek wordt sedert 2 December 1950 door de heer J.H. Ijkenboom als mede-directeur geassisteeerd; laatstgenoemde heeft de volledige technische leiding van het bedrijf in handen.
De ampullen, die vroeger meestal uit het buitenland moesten worden ingevoerd, zijn uitsluitend bestemd voor laboratoria zowel in het binnenland als voor de export.”
De laagste inschrijving voor de nieuwe fabriek met kantoren en woning was van A.J. van Alfen te Boxel en zonder kantoren en woning, grondvlak ongeveer 1345 vierkante meter N.V. Bouwonderneming v.h. van Amerongen uit Arnhem voor f228.475. De gunning moet dan plaats vinden. (De Gelderlander 13/7/1951)
Plan voor 3 Beneden & Bovenhuizen a/d Marialaan te Nijmegen Kad Neerbosch Sectie B No 1949, Eigenaar en Uitvoerder A. Koster, datum bouwdossier 7-11-1905 (D12.379007)
De huidige Marialaan 12 en 14 zijn rond 1905 gebouwd als onderdeel van 3 beneden- en bovenwoningen. Hiervan was A. Koster de “eigenaar en uitvoerder”. Waarschijnlijk heeft onderstaande advertentie voor de prijsopgave van arbeidsloon betrekking op deze woningen. Daarbij is de advertentie ondertekend met A. Koster, Ziekenstraat (Ziekerstraat).
Advertentie metselwerk voor 3 Beneden- en Bovenhuizen aan de Marialaan (PGNC 27/9/1905)
Marialaan 16 t/m 22
Op de bouwtekening van Marialaan 32 t/m 38 staat de locatie van de huidige Marialaan 16 t/m 30 nog ingetekend als “Erf van Elk”.
Erf van Ellk te koop, Marialaan (De Gelderlander 10/11/1907)
Of timmerman/aannemer W.A. Kellendonk de koper van dit kavel is, is nog niet bekend. Wel zal hij er twee keer twee beneden- en bovenwoningen neerzetten.
Plan tot het Bouwen van twee Benede en Bovenhiusen aan de Mariealaan Kad Gem Neerbosch sectie B No 2182, Eigenaar en Uitvoerder W.A. Kellendonk, datum bouwdossier 16-8-1910 (D12.383492)
De tekening van Marialaan 16 t/m 22 is afkomstig uit het bouwdossier van augustus 1910. Daarbij is W.A. Kellendonk de “Eigenaar en Uivoerder”. Kadastraal wordt daarbij de helft gebruikt van de open ruimte. In 1911 volgt dan Marialaan 24 t/m 30.
Hierbij heeft hij zo te zien de bouwtekening letterlijk gekopieerd, waarbij de “ie” in de Marialaan is doorgehaald. En daarnaast ondertekent hij nu met W. Kellendonk.
W.A. Kellendonk
In De Gelderlander 31/12/1911 doet W.A. Kellendonk een nieuwjaarsgroet. Daarbij is hij Timmerman en Aannemer, Marialaan 5-7. Eveneens op PGNC 1/1/1913.
W.A. Kellendonk komt in de adresboeken 1912-1913, 1913-1914 voor als “metselaar” op Marialaan 7.
(Marialaan 5 is een werkplaats.) In het Adresboek 1922 W.A. Kellendonk, aannemer, voor op Breedestraat 21. In 1932 is het aannemer en timmerman op Breedestraat 29. Bij een gevonden brievenhoofd uit 1929 is het “W.A. Kellendonk & Zn., Aannemers, Machinale Timmerfabriek, Hees bij Nijmegen. Dan is bij Breedestraat de bedrukte 21 met pen doorgehaald en met pen 29-31-35 geschreven. (Inventarisnummer 1187)
Marialaan 24 t/m 30
Plan tot het Bouwen van Twee Benede en Boven Hiusen aan de Marialaan Kad Gem Neerbosch sectie B No 2182, Eigenaar en Uitvoerder W. Kellendonk, datum bouwdossier 7-2-1911 (D12.382387)
Zie hierboven.
Flats Marialaan
“Eerste steen Flats Marialaan
Vanmiddag tussen 12 uur en half één heeft mejuffrouw Mien van Erp, dochter van het Pensioenfonds van het Vliegend Personeel van de K.L.M., de eerste steen gelegd voor het grote complex woningen, winkels en garages, dat aan de Marialaan wordt gebouwd door het aannemersbedrijf firma Penders en Gerritsen. Het betreft hier een complex van 48 woningen, tien winkels en drie garages, die door de makelaars A. Strijbosch en Th. Thunnissen aan het Pensioenfonds van het Vliegend Personeel van de K.L.M. zijn verkocht. Het plan voor het complex is ontworpen door architect J.H. ten Have.
De voorzitter van genoemd pensioenfonds, de heer van Erp, heeft in een korte toespraak vóór de eerste steenlegging dank gebracht aan allen, die aan de totstandkoming van deze bouw hebben medegewerkt, in het bijzonder het gemeentebestuur van Nijmegen, dat een grote activiteit aan de dag legde voor deze bouw. In het K.L.M. pensioenfonds is thans een bedrag van 100 miljoen gulden belegd en het spreekt vanzelf, aldus de heer Van Erp dat het bestuur in hoge mate bezorg is voor de belegging van de bedragen en de rente welke deze opbrengsten. Nadat jhr. de Graaff, directeur van het pensioenfonds de tekst van de ooorkonde had voorgelezen en deze door verschillende bij de plechtige aanwezige genodigden was getekend metselde Mien van Erp de “eerste steen” in, waarna zij uit handen van de heer Gerritsen een mooi zilveren vaasje als aandenken aan dit plechtige ogenblik in ontvangst mocht nemen. Door het bestuur van het pensioenfonds werden alle werkers van deze bouw met een extraatje hoera’s op de K.L.M. uitgebracht. Bij de plechtigheid waren o.m. tegenwoordig de loco-burgemeester van Nijmegen, wethouder W. Beukema en drs. v.d. Borg van de Stedebouwkundige Dienst, bestuurders van het K.L.M. Pensioenfonds, de makelaars Strijbosch en Thunnissen, alsmede de opzichters de Rooy en Mulder.
De tekst op de steen luidt: “Eerste steen gelegd op 7 mei 1956 door Mien van Erp, namens het pensioenfonds van het Vliegend Personeel der K.L.M.” (De Gelderlander 7/5/1956)
Voorgevel van de St. Jozefkerk, architect Claase (F14567RAN)
De architect B.J. Claase ontwierp de St. Josephkerk (of St. Jozefkerk). De kerk werd gebouwd in 1908-1909 in neo-romaanse stijl, met haar voorgevel naar het nieuwe Keizer Karelplein. Vanaf 1 maart 2004 heet het de Titus Brandsma Gedachteniskerk.
Noodkerk
Voor deze kerk ging een noodkerk vooraf. Oorspronkelijk had architect Nicolaas Molenaar sr. een grote neogotische kerk voor deze locatie ontworpen. Op dat moment was het Keizer Karelplein slechts een aantal jaren oud. Deze kwam er niet, wel een door hem ontworpen kleine noodkerk, gebouwd in 1888. Molenaar was ook de architect van de Igantiuskerk in de Molenstraat uit 1897 (Deze is waarschijnlijk beter bekend als Canisiuskerk, zoals deze vanaf 1925 heette). Claase was voor Molenaar opzichter geweest bij onder andere het Canisius College. In 1907 ontwierp Claase de St. Jozefkerk, welke een bijkerk was voor de St. Ignatius-parochie. De noodkerk werd in 1923 verbouwd tot parochiehuis en staat er eveneens nog steeds. Evenals de Ignatiuskerk was Jozefkerk een Jezuïetenkerk.
Bouw kerk
Jozefkerk met omliggende panden aan het Keizer Karelplantsoen, 1913 (F14443 RAN)
In tegenstelling tot veel kerken die in neogotische stijl gebouwd worden is dit een neo-Romaanse kerk. De Gelderlander refereert dan ook dat dit gebouw aan de “Romaansche bouwvormen aan het Valkhof herinnert’. (De Gelderlander 27/5/1909) . Het artikel vergelijkt de kerk met “Aan het Keizer-Karelplein beurt nu al sinds een paar maanden de nieuwe St.-Jozefkerk, bestemd om het kleine hulpkerkje te vervangen, haar trotschen, met het gulden kruis bekroonden koepel en haar beide voortorens ten hemel, als een zinnebeeld van het oude en nog steeds jeugdige geloof van Karel de Groote. Stichtte de machtige keizer op zijn Valkhof, naar het model van Akens dom de kapel, wier eerbiedwaardig overblijfsel wij nog met piëteit bewaren, thans, meer dan duizend jaren later verrees aan het plein, dat zijn grooten naam draagt, een trotsche tempel, die in zijn Romaansche bouwvormen aan het heiligdom op het Valkhof herinnert.
Gelukkige gedachte van den bouwmeester, waardoor ongezocht zoowel de onveranderlijkheid van he geloof als de machtige kampioen van het geloof wordt gehuldigd.”
Onderaan dit artikel staat een uitgebreid stuk van PGNC naar aanleiding van de opening.
Bezienswaardigheden
Glas-in-loodramen in het koor door Joep Nicolas (1926-1928).
Apostelvenster (1915), oostelijke transept, door Jan Toorop. Op het bovenste venster, een rozetvenster, staat Jezus Christus zittend op een troon. Daaronder 6 vensters met elk 2 apostelen. Een mooie site hierover is die van Paul Verheijen http://www.paulverheijen.nl/toorop-apostelraam.php
Jezuïetenraam, tegenover het apostelvenster, Wilhelm Derix
Het tabernakel door de Utrechtse Edelsmidse Brom (ca. 1930).
Titus Brandsma Gedachteniskerk
In 1985 is Titus Brandsma zalig verklaard. Dan wordt de Titus Brandsma Gedachteniskapel uit 1960, bij het klooster Doddendaal, een centrum van verering.
Na renovatie van de Jozefkerk in 1997 wordt deze cultus overgebracht naar deze kerk. Vanaf 1998 heeft Titus Brandsma hier een kapel. Hierbij is de expositie in de rechterzijbeuk gewijd aan de nagedachtenis van Titus Brandsma en daarbij zijn levensweg en spiritualiteit onder de aandacht brengen.
In 2004 wordt de Jozefkerk hernoemd naar de Titus Brandsma Gedachteniskerk. Daarbij werd het een kerk van de (geschoeide) karmelieten is in plaats van de Jezuïeten.
Rijksmonument
De kerk is een Rijksmonument met als waardering (teven staat hier een uitgebreide beschrijving): “
Architectuurhistorische waarden: de St. Josephkerk is een creatie van de verder vrij onbekende architect B.J. Claase. Van hem zijn in Nijmegen slechts enkele woonhuisontwerpen bekend. In het overwegend door neogotische kerken gedomineerde hart van de stad is deze neoromaanse kerk een uitzondering. De kerk valt op door esthetische kwaliteiten, heeft gave verhoudingen en een bijzondere detaillering in vormgeving en materiaalgebruik. Het exterieur van de kerk is geheel gaaf. De kerk bevat bijzondere onderdelen in het interieur, dat ondanks de wijzigingen van hoge architectuur- en kunsthistorische waarde is.
Hoewel de stad Nijmegen in de late negentiende en vroeg twintigste eeuw een hoge concentratie aan religieuze gebouwen en complexen kende, waaronder kerken, en daar zelfs landelijke bekendheid aan ontleende, is dit aantal inmiddels sterk gedaald. Met name geldt dit de in en direct rond de binnenstad gelegen kerken als gevolg van het bombardement in de Tweede Wereldoorlog. Deze kerk vormt een van de zeer weinige, zeker voor wat betreft het exterieur, gaaf bewaarde kerken rond de binnenstad. Architectuurhistorisch is de toegepaste bouwstijl in Nijmegen eveneens een zeldzaamheid.
Cultuurhistorische waarden: de St. Josephkerk is van grote waarde voor de religieuze en algemene ontwikkeling van de stad Nijmegen en vormt nog een intact en functioneel onderdeel uit deze geschiedenis. Door de situering vormt de kerk een duidelijk herkenbaar en oorspronkelijk onderdeel van de 19de eeuwse stadsuitbreiding.”
– Stedenbouwkundige- en ensemblewaarden: hoewel de situering niet meer geheel gaaf is, de entree is door nieuwbouw ingeklemd en wat achteraf komen te liggen, is de aanleg nog wel aanwezig. De kerk is ondanks die wat afgelegen ligging nog steeds een van de gebouwen die het sterkst de ronde vorm van het plein ondersteunt. De kerk vormt een ensemble met de naastgelegen, tot wijkgebouw omgebouwde, voormalige kapel.
PGNC bij de opening
Luchtfoto van het Keizer Karelplein: onderin links de St. Jozefkerk, in het midden de St. Annastraat en rechts Concertgebouw De Vereeniging; bovenin links de Van Schaeck Mathonsingel, in het midden de Nassausingel en rechts de Bisschop Hamerstraat, 1920-1925 (F58045 RAN)
Het PGNC schrijft naar aanleiding van de opening:
“De nieuwe St. Jozefskerk,
In tegenwoordigheid van vele belangstellengden had hedenmorgen ten 8½ uur de plechtige inzegening plaats van de nieuwe St. Jozefskerk aan ’t Keizer Karelplein, eene hulp- of bijkerk der St. Ignatius-parochie.
De inzegening geschiedde door den Z.Ew. heer G.M.
Bouw kerk Bonnike S.J., pastoor van genoemde parochie, geassisteerd door de verschillende geestelijken der vier parochiekerken. Na afloop werd een plechtige Hoogmis opgedragen door den rector der nieuwe kerk, den Z.Ew. pater P.F.H. van Hooff, geassisteerd door de Eerw. paters Verhoeven en de Greeve S.J. Na de Mis hield pater v. Hooff een treffende toespraak naar aanleiding van Psalm 121, ‘Laetate sum’ (ik ben verheugd) waarin koning David’s vreugdevolle opgang naar den nieuwen tempel van Jeruzalem vermeld wordt. Onmiddellijk hierna werd het Allerheiligste van uit het oude hulpkerkje in plechtige processie, onder het spelen der muziek van de Kath. Gezellenvereeniging, omringd van een dicht opeen gedrongen knielende menigte, naar de nieuwe kerk overgebracht.
Wij laten hier een beknopte beschrijving van de nieuwe kerk, die 1500 bezoekers kan bevatten, volgen:
De kerk is gekeerd met haar voorgevel naar het Keizer Karelplein en met haar zij- en achtergevels naar de van Triest- en Stijn Buijsstraten, terwijl aan de zijde van Trieststraat de sacristiën zijn aangebouwd; het geheel ligt op een vrij en ruim terrein, zoodat het massief bouwwerk in zijn geheel is te overzien.
Het uitwendige van dezen bouw, welke geheel in Romaansche vormen is doorgevoerd, treft door zijn eenvoud, daar zij geheel is uitgevoerd in baksteen met een spaarzame toepassing van natuursteen, waar dit noodig en wenschelijk was.
Verschillende versieringen moeten nog worden aangebracht, zooals beelden in enkele nissen en mozaïek-tableaux boven de hoofdingangen, waarin een beeld zal worden geplaatst van den kerkpatroon, geflankeerd door de Nijmeegsche geloofshelden Petrus Canisius en Bisschop Hamer.
Een forsche massieve koepel rijst vierkant uit het dak op en gaat in achtkantigen vorm over; haar spits is bekroond met een zwaar koper verguld kruis.
Aan den voorgevel bevinden zich twee traptorens, die toegang geven naar het zangkoor, naar de kapwerken en klokkenzolders; de klokken zullen binnenkort worden ingehangen.
Wanneer men de kerk, die ruim voorzien is van ingangen met voorportalen, aan den voorgevel binnentreedt, ontwaart men direct den centraalbouw aan zijn vorm: weinig kolommen, kort en breed, zoodat er in de kerk slechts zes kolommen geplaatst zijn; op vier dezer kolommen is de koepel opgetrokken. De binnenwerksche afmetingen zijn tusschen de transseptgevels 29.50 M. De hoogte der zijbeukgewelven bedraagt 8.40 M., van den hoofdbeuk 16.80 M., van het koepelgewelf 27 M. (de buitenwerksche tot aan den dwarsarm van het kruis 37.85 M.). Inwendig vindt men denzelfden eenvoud en vormen, die men buiten opmerkt, met uitzondering evenwel, dat men voor de hoofdbogen de spitsboog bemerkt; deze is berekend op de groote overspanningen en de daarop rustende zware drukking. De constructiedeelen als van pijlers, pilasters en bogen zijn alle in gelen steen gemetseld, de overige muur- en gewelfvlakken zijn gepleisterd, met het oog op later aan te brengen polychromie. Het priesterkoor is uit den aard der hooge betekenis een weinig rijker door zijn twee hooge omgangen, waarvan de benedenpijlers gepolijst graniet zijn en hier eenige afwisseling is aangebracht door beeldhouwwerken en zandsteen. Verder bevinden zich naast het priesterkoor twee halfronde altaar-kapellen, terwijl bij den voorgevel aan de zijgevels eveneens twee halfronde kapellen zijn aangebouwd, die als devotie-kapellen worden ingericht.
Inwendig blijft de koepel met zijn zacht getemperde glasramen een der attracties van dezen bouw; een aangename lichtverspreiding is verkregen. Het gewelf van dezen koepel is 29M. boven den kerkvloer gelegen.
Onder de sacristiën en de daaraangrenzende altaar-kapel bevinden zich kelders, waarin de toestellen zijn geplaatst voor centrale verwarming en electrisch licht. Deze laatste voldoen aan de hoogst gestelde eischen; de centrale verwarming is aangebracht door den heer Lafeuillade te Brussel, die van ’t electrisch licht door de Allgemeine Elektricitäts Gesellschaft.
De kerk is nog bijna ongemeubileerd, het thans aanwezige weinige meubilair is, behalve stoelen en eenige banken, uit het oude hulpkerkje afkomstig. Wanneer echter meer waardige- in overeenstemming met ’t geheel- er voor in de plaats komen, zal men eerst kunnen zien wat men ook met een eenvoudig romaansch bouwwerk verkrijgen kan.
Architecten van deze kerk- waarvan goedgeslaagde ansichtkaarten in den boekhandel van den heer De Wit te verkrijgen zijn- is de heer B.J. Claase, terwijl de aanneming is geschied door den heer N.J.H. Groenendaal te Breda.
Een woord van lof verdienen de heeren Nuijten en Van der Pluijm, welke respect. als opzichter en uitvoerder fungeerden en onder wier leiding de bouw dezer kerk- waarvan op 6 Mei 1908 door Mgr. Bronsgeest de eerste steen werd gelegd- geheel zonder stoornis of ongelukken is tot stand gebracht.” (PGNC 27/5/1909)
Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…
In 1931 bouwt architect J. Coumans het pand voor Fotozaak Steenmeyer. Deze fotozaak zat op 89 en liet Lange Hezelstraat 91 afbreken om er een nieuw pand neer te zetten.
Wilhelmus Gerhardus Steenmeyer
Wilhelmus Gerhardus Steenmeyer (1884-1944) vestigde zich in 1919 met zijn gezin op Lange Hezelstraat 89.
Hij was fotograaf en kwam uit een echte fotografenfamilie: zijn vader Adrianus Steenmeijer werkte vanaf 1903 in Groningen en Uithuizen als fotograaf. Wilhelmus en twee andere zonen worden tevens fotograaf. Hiervoor volgens ze de opleiding aan de Academie Minerva.
Aanvankelijk werkte Wilhelmus in Winterswijk als fotograaf. In 1918 ging hij echter failliet. Daarop vertrok hij naar Nijmegen, naar Lange Hezelstraat 89. Hier opende hij op 26 april 1919 de “Electr. Fotografische Ateliers J.A. Steenmeijer & Zonen”.
In 1931 vond de verhuizing plaats van 89 naar 91. Het oude gebouw op nummer 89 werd afgebroken en op nieuwe fundamenten kwam een nieuw woonwinkelhuis, naar ontwerp van architect J. Coumans.
De vestiging verhuisde in 1931 van nummer 89 naar 91. In de Provinciale Geldersche en Nijmeegsche Courant van 9 juli 1931 staat een berichtje over de opening van de ‘Firma Steenmeyer’ op het adres Lange Hezelstraat 91 Nijmegen: “Dit pand nu werd grondig afgebroken en op nieuwe fundamenten is thans deze moderne winkelzaak verrezen.” De architect was J. Coumans, die vanaf 1925 werkzaam was in Nijmegen.
Aan de achterzijde is een gevelsteen ingemetseld. Hierop staat de naam ‘LENIE’ en daaronder: ‘FEB.’31’. Mogelijk is de steen in februari 1931 ingemetseld bij het begin van de verbouwing. Waarbij Lenie mogelijk verwijst naar Helene Agnes Olga Peters, die op dat moment 28 jaar as. Zij was de tweede echtgenote van Steenmeyer sinds 12 februari 1929.
Ieder zal het met ons eens zijn, dat de nieuwe zaak van de firma Steenmeyer aan de Hezelstraat No. 91 van de firma Steenmeyer zich wel heel gunstig onderscheidt van haar vroegere huisvesting in het daarnaast gelegen pand. Maar voor en aleer de zaak haar tegenwoordige aanzien had, is er dan ook heel wat werk verzet moeten worden. Men weet, dat op No. 91 eertijds een groentenwinkel gevestigd was. Dit pand nu werd grondig afgebroken en op nieuwe fundamenten is thans deze moderne winkelzaak verrezen. Want niet alleen, dat de inrichting geheel naar de nieuwste eischen is, ook alle toestellen, machines e.d. zijn van het modernste fabricaat. De eigenlijke winkel heeft een zeer smaakvol interieur, waarin de donker eiken betimmering stemmig aandoet. Achter den winkel is het kantoor gelegen, terwijl aan de achterzijde van het pand de werkplaatsen zijn ondergebracht, waarin o.a. een electrische droogkast, een vergrootingsinrichting en een enorme spoelbak worden aangetroffen. Boven zijn de ateliers gevestigd. Er is hier een kapkamer met groote spiegels, waar eventueel de finishing touch aan toilet of kapsel kan worden aangebracht, en een aardig ingerichte ontvangkamer. Het eigenlijke atelier is met de nieuwste vindingen toegerust en negen electrische lampen, elk van 1000 kaars, zetten het inwendige in een zee van licht. Wij vestigen er nog de aandacht op, dat door de firma Steenmeyer ook een foto-handel gedreven wordt, waarin alle mogelijke fotografische artikelen ten verkoop worden aangeboden. De nieuwe zaak maakt een keurigen indruk en zal door de cliëntèle wel op prijs worden gesteld. Tenslotte mogen hier nog volgen de namen der firma’s, die aan de totstandkoming haar medewerking verleenden: Aannemer was de firma Van Gemer & Zn.; het glas in lood is afkomstig van de firma Kronenbitter uit Berg-en-Dal, het behang werd geleverd door de “Papiermolen”, het schilderwerk werd verzorgd door de firma Zijlvaart, de electrische installatie werd aangelegd door de firma van Nek, terwijl de firma Smarius voor de stoffeering zorg droeg. De architect, onder wiens leiding de verbouwing geschiedde, de heer J. Coumans, Wilhelminasingel, heeft alle eer van zijn werk.” (PGNC 9/7/1931)
Lange Hezelstraat 91 met op dat moment Luccello Living (februari 2023)
Lange Hezelstraat is sinds 1988 een Gemeentelijk Monument met al tekst bij aanwijzing:
“Winkelpand met bovenwoning. Smal bakstenen pand in drie bouwlagen. Op de begane grond betegelde winkelpui met portiek en ter weerszijden twee etalages met staalconstructie. Op de eerste etage in de gevel uitgewerkt erker-achtig breed raam. Op de tweede etage vier hoge smalle vensters, gescheiden door uitstekende muurdammen. Links en rechts daarvan eveneens een muurdam, de rechter met smeedijzeren vlaggestokhouder. Plat dak. Bouwjaar: ca. 1930. Voor Nijmegen zeer zeldzaam voorbeeld van de moderne, Hollands- georienteerde bouwkunst van tussen de wereldoorlogen. Gaaf bewaard”
Het gebouw van de Nijmeegse Veiling, Marialaan 104, 19/8/1974 (Jan Cloosterman via F29575 RAN CCBYSA)
Rond 18-8-1949 vond de aanbesteding plaats van het eerste gedeelte va een bloemen-, groenten- en fruitveilingcomplex aan de Marialaan plaats. De architect was W.Th. Reynen. De laagste inschrijvers waren Fa. Smulders en Graft te Oisterwijk: f 649.000. Zij verkregen daarmee de opdracht. (Nijmeegsch dagblad, 18-8-1949)
Luchtfoto van de Vogelbuurt in de wijk Wolfskuil : bovenin v.l.n.r. de Marialaan met daarboven de bouw van de Nijmeegse Veiling ; daar onder woningen aan o.a. de Pluvierstraat, de Fuutstraat, de Korhoenstraat, de Patrijsstraat, de Bosduifstraat , de Meerkolstraat en de Roerdompstraat ; rechts onderin een stukje van de Molenweg; daarboven de Tweede Oude Heselaan ; onderin in het midden de Emmalaan en de Prinsenlaan, 1949 (F58504 RAN)
Bij de opening schrijft het Nijmeegsch Dagblad:
“De Nijmeegse veiling in nieuwe uitrusting
Het nieuwe gebouw der Nijmeegse veiling van fruit, groenten en bloemen aan de Marialaan is bijna voltooid. De veiling was meer dan uitgegroeid uit haar oude hallen aan de Arend Noorduynstraat en kan nu tot volle ontplooiing komen op het vier hectare uitgestrekte eigen terrein aan de Marialaan, waar zij over 10.000 vierkante meter overkapping beschikt, waaronder een hal van 6000 m² met twee veilingklokken.
De heer van Reenen uit Den Haag, die de heer M. Prins, voorzitter van het Centraal Bureau van Tuinbouwveilingen in Nederland verving, deelde mede dat de Nijmeegse veiling met haar omzet van f5.000.000 per jaar behoort tot de grootste van de 180 veilingen in Nederland. En deze Nijmeegse veiling, welke f1.000.000 heeft gekost aan opbouw, zal nu Zaterdag 30 September a.s. officieel geopend worden door Z. Exc. Minister van Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening de heer S.J. Mansholt.
De heer J.W. Gramser voorzitter van het Veilingbestuur en de heer L. Pijnenburg, directeur van de veiling konden gistermiddag bij de voorbesprekingen over de officiële opening der veiling en de daarmede gepaard gaande, breed opgezette tuinbouwtentoonstelling terecht trots zijn op de vooruitgang der Nijmeegse veiling, welke in 1918 begon in een klein loodsje en sindsdien vijf maal verbouwd en uitgebreid moest worden en thans zó uitgedijd is, dat vier hectare grond nodig was voor de opbouw der nodige loodsen, hallen en kantoren. De aannemers Smulders en Graft te Oisterwijk hebben naar ontwerp van de architect Reijnen dit millioenwerk binnen een jaar uitgevoerd.
Het aanvoergebied van de Nijmeegse veiling is zeer groot. Uit 50 dorpen van de Betuwe, het Rijk van Nijmegen, de Duffelt, Maas en Waal, en het Land van Cuyk worden de producten aangevoerd. Het getal der aanvoerders loopt in de 5000! De heer L. Pijnenborg sinds 1931 administrateur en sinds 1938 directeur, telt gemiddeld 2500 aanvoerders per week op de veiling.
In allerlei toonaarden werd gistermiddag de Nijmeegse veiling bezongen. De burgemeester mr. Hustinx schetste het interne belang van de veiling voor telers en handel, maar wees tegelijk op de voordelen voor Nijmegen als groeiende stad, welke door de veiling weder bemiddelaar kan zijn tussen stad en platteland. Het contact tussen Nijmegen en Betuwe en vooral Noord-Oost Brabant, dat voor de oorlog sterk op Nijmegen was georiënteerd, wordt door de veiling versterkt en hernieuwd. Vooral als Nijmegen aan de aanvoerders steeds meer comfort kan aanbieden.
Ook voor de telers gaat de zich voortdurend uitbreidende veiling hoe langer hoe meer betekenen. Het gemeentebestuur ziet zeer goed het belang der veiling in, ook in verband met eventuële verplaatsing van de cultuurgronden van Zuid-West- naar Oost-Nijmegen in de Ooy, in verband met de steeds toenemende woningbouw in de richting van Hees-Neerbosch met zijn kwekerijen. De heer van Reenen uit Den Haag wees op de economische betekenis der veilingen, als instellingen van kwekers zelf. In 1949 werd via het Centraal Bureau van de Tuinbouwveilingen omgezet voor een totaal van 329.205,951 gulden.
120.000 personen vinden er hun bestaan in.
De agrarische sector leverde in 1949 f327.000.000 op, daarvan kwam 26 pCt voor rekening van de Tuinbouw. Nijmegen was met zijn omzet van f5.000.000 één der grootste van de 180 veilingen. De huidige uitbreiding is dan ook zeer begrijpelijk en belooft nog meer voor de toekomst.
De Rijkstuinbouwconsulent ir. J.H.M. van Stuivenberg te Kesteren sprak over de tuinbouwvoorlichtingsdienst in dit gebied en welke op de a.s. tuinbouwtentoonstelling in de Nijmeegse veiling in woord en beeld zijn nut- en noodzakelijkheid nog duidelijker zal demonstreren. Nederland verstaat de kunst de wetenschap in de tuinbouw in de practijk tot volle ontplooiïng te brengen, Nijmegen was in dit opzicht een uitstekende medewerker, tot eigen voordeel en in het algemeen belang.
De heer Pijnenborg dankte de sprekers op hartelijke wijze en verheugde zich over de prettige samenwerking en zegde voor de toekomst van de zijde der Nijmeegse veiling nog meer samenwerking toe. Geprezen werd de hoofd-assistent de heer Smit uit Weurt voor de medewerking en de uitmuntende werking van de proeftuin te Lent, waarvoor de gemeente Nijmegen ook zijn subsidie schonk. Steeds zal de bedoeling blijven het beste kwaliteitsproduct te brengen tegen de laagst mogelijke kostprijs.” (Nijmeegsch dagblad, 16-9-1950)
Het Veilinggebouw van de Nijmeegse Veiling tijdens een veiling, Marialaan 104, 1951 (GN5213 RAN)
“Min. Mansholt opende de nieuwe veilinggebouwen
Hele tuinbouwwereld uit de omgeving te Nijmegen
Onder zeer grote belangstelling uit vakkringen heeft de minister van Landbouw, Visserij en Voedselvoorziening, de heer S.L. Mansholt, Zaterdagmiddag de officiële opening verricht van de nieuwe gebouwen der Nijmeegse Veiling aan de Marialaan en van de grote tuinbouwtentoonstelling. Daarvóór had in de bestuurskamer de onthulling plaats van de drie muurschilderijen, die door de handel, de Kring van de Tuinbouwbond en het personeel van de veiling waren aangeboden, en hadden bestuur en directie op de receptie in de met tientallen fraaie bloemenmanden versierde hal van het hoofdgebouw een uur lang de handen moeten drukken van hen, die bij de officiële opening van hun belangstelling getuigden en hier in de gelegenheid waren persoonlijk hun gelukwensen aan te bieden.
Reeds lang voordat het tijdstip van de opening aangebroken was, waren velen de door de buurtbewoners versierde route naar de nieuwe veilinggebouwen gepasseerd en hadden zij de smaakvol door de Nijmeegse hoveniers aangelegde tuin betreden om vervolgens getuige te zijn van de onthulling der muurschilderingen in de bestuurskamer, onderscheidenlijk voorstellende moeder aarde, herfst en winter en lente en zomer, die daar Wim van Woerkom waren aangebracht, en van het door de aanvoerders aangeboden meubilair.
Bij deze gelegenheid werd het woord gevoerd door de heer H. Donkelaar uit Werkendam namens de kopers, door de heer H. de Bruin namens de Kring van de Tuinbouwbond, door de heer W. Fontein namens het veiling-personeel en door de heer J. Blokland uit Hees namens de aanvoerders. Na de receptie, die hierop volgde begaven de talrijke belangstellenden zich voor het bijwonen van de openingsplechtigheid naar de grote veilinghal, waar zij een plaatsje vonden op de stoelen, die daar vóór ’t podium, waarop de bestuurstafel was geplaatst, waren neergezet. Onder de aanwezigen bevonden zich de Comissaris der Koningin in de provincie Gelderland, jhr. C.G.C. Quarles van Ufford, Ged. Staten van Gelderland, B. en W. van Nijmegen burgemeesters en andere vertegenwoordigers van diverse gemeenten uit het werkgebied van de Nijmeegse Veiling, afgevaardigden van veilingbesturen uit Nederland en België, vertegenwoordigers van tuinbouw- en handelsorganisaties en vele autoriteiten op tuinbouwgebied.
Nadat minister Mansholt om half drie was gearriveerd, werden de aanwezigen door de heer G. W. Moonen, lid van ’t veilingbestuur, verwelkomd. Het woord was hierna aan de heer J.W. Gramser, voorzitter van het veilingbestuur, die in een historisch overzicht om uiteenzetting gaf van de ontwikkeling van de veiling. Hij verklaarde voorts, dat de veiling thans commercieel in goede omstandigheden verkeert en vestigde er de aandacht op dat tot de afnemers niet alleen de kleinhandel maar ook de groothandel, de exporteurs en de industrie behoren. Verder herinnerde de heer Gramser aan de moeilijkheden, waarmee men op de oude veiling had te kampen, alsmede aan de omzetting van de N.V. in ’n coöperatie, die nu circa 5000 aanvoerders telt. Dat de Nijmeegse Veling in hoofdzaak een fruitveiling is, blijkt wel uit het feit, dat aanvoer van fruit in ’49 75pCt. Van de totale aanvoer bedroeg, zo tekende hij aan. Tenslotte richtte de heer Gramser een woord van dank tot de architect, de heer Reijnen, en de aannemers Smulders en Graft uit Oosterbeek voor de wijze waarop zij het bouwproject hebben uitgevoerd, tot het gemeentebestuur voor de in deze verleende medewerking tot de architecten Beunder en Doggenaar voor de wijze waarop zij de tuinbouwtentoonstelling tot ’n smaakvol geheel hebben weten op te bouwen, tot de schenkers van de muurschilderingen en het meubilair, tot prijsinzenders en de standhouders en tot de directeur, de heer L. Pijnenborg voor diens onvermoeide activiteit.
Minister Mansholt: zeer binnenkort een plan voor de landbouw
Minister Mansholt, die hierna aan het woord kwam, begon met vast te stellen dat de drang naar vooruitgang, die als resultaat van gestadige groei de laatste jaren in het gehele gebied van de grote rivieren te constateren valt, bij de bezichtiging van de nieuwe veilinggebouwen sterk naar voern treedt. Hij memoreerde voorts hoe de veiling sinds de oprichting van de N.V. vijfmaal “uit haar jasje is gegroeid”, doch thans eindelijk in staat is geweest zich een “degelijk pak aan te meten, dat ruimte laat voor een toename in omvang”. Wat de toekomst betreft achtte hij geen absolute waarborgen zeker. Het enige wat we kunnen doen is het bedrijf zo goed mogelijk uit te rusten, alsdus de minister. In de eerste plaats richtte hij deze woorden tot de kwekers Hij gaf hen daarom de raad, zoveel mogelijk van voorlichting en onderwijs te profiteren. Het is verheugend, zo vervolgde hij, dat er op dit gebied de laatste jaren zo’n grote vooruitgang valt te constateren.
Ten aanzien van de verpakking en de afzetmethoden valt er echter nog veel te verbeteren. Producten van goede kwaliteit, en de juiste wijze aangeboden, zullen altijd een afzetgebied vinden, ook in moeilijke jaren. Een regelmatige prijsontwikkeling moedigt voorts de consumptie aan, hetgeen niet alleen voor de consument, maar ook voor de tuinbouw en de handel van groot belang is. Een volledige stabiliteit in de prijsontwikkeling zal echter wel nooit te bereiken zijn, maar een goede bewaring waarborgt toch een regelmatige voorziening en tevreden consumenten. In verband met de grote investeringen in het tuinbouwbedrijf, die ten enenmale een groot risico meebrengen, achtte de minister het van evident belang op een regelmatige export te kunnen steunen. Hoewel er ook het laatste jaar weer een aanzienlijke toename van de export viel waar te nemen, bestaat er toch reden van bezorgdheid, aldus de minister. Het oude protectionisme steekt n.l. de kop weer op. De hierdoor ontstane beperkingen veroorzaken een terugkeer naar een niveau, dat onaanvaardbaar is. De regering schenkt alle aandacht aan een werkelijke economische samenwerking, die evenwel onmogelijk is zonder integratie van de land- en tuinbouw. Gelukkig is er in deze tijd een sterker streven naar samenwerking waar te nemen. De minister herinnerde hierbij aan het plan-Schuman en het plan-Stikker. Nederland zal zeer binnenkort in staat zijn een plan voor de landbouw bekend te maken. Tenslotte zeide de heer Mansholt het houden van een tuinbouwtentoonstelling als een bijzonder gelukkige gedachte te beschouwen, die er toe leidt, dat het publiek een indruk krijgt van hetgeen waartoe de tuinbouw in staat is. Hij sprak de hoop uit, dat de veiling zich in de toekomst op dezelfde wijze zal ontplooien als in het verleden is geschied en verklaarde de veiling en de tentoonstelling voor geopende.
Toespraak van de burgemeester
Burgemeester Ch. Hustinx, die vervolgens het woord voerde, heeft nogmaals de aandacht gevestigd op de uitbreiding van de stad en het daarmee samenhangende probleem van de verdringing van de tuinbouw uit het Westen. In dit verband achtte hij het mogelijk een gelukkig verschijnsel, dat de tuinbouwgronden in Hees minder geschikt zijn bevonden. Als mogelijkheid van vervanging van deze gronden noemde hij verplaatsing van de tuinbouw naar de Ooij. Voorts sprak de burgemeester als zijn stellige verwachting uit, dat met de uitbreiding van de stad ook de veiling in belang zal toenemen. Namens het gemeentebestuur richtte hij tenslotte een woord van dank aan hen, die onder leiding van het bestuur de nieuwe veiling hebben gebouwd. De heer Pijnenborg wenste hij in het bijzonder geluk met de bereikte resultaten.
Hierna werd nog gesproken door de heren M. Prins, voorzitter van het Centraal Bureau Tuinbouwveilingen in Nederland, W.M. Driessen, voorzitter van het Bedrijfschap voor Tuinbouwproducten en van het Bedrijfschap voor Groente en Fruit, dr. A.J. Verhage, voorzitter van het Bedrijfschap voor Sierteelt producten, en R. Mol, voorzitter van de Groothandel Groente en Fruit, waarop de minister Mansholt de toegang tot de tentoonstelling openstelde door het doorknippen van een lint met een speciaal voor deze gelegenheid vervaardigde, met druiventrosjes bewerkte schaar, die hem door Annie Pijnenburg werd aangeboden.” Vervolgens wordt ingegaan op de tentoonstelling (Nijmeegsch dagblad, 2-10-1950)
Sloop
De afbraak van het veilinggebouw van de Nijmeegse Veiling ; hier zouden in 1980 huizen gebouwd worden aan de Zwaluwstraat, Marialaan 104 Biezen, 6/1/1976 (Jan Cloosterman via F29578 RAN CCBYSA)
“In de jaren zestig ontstaat het streven naar grotere veilingen.” (MijnGelderland) Net als bij de melkfabrieken speelde de zogenaamde ruimtelijke schaalvergroting. Voorheen hadden veel plaatsen een eigen veiling (en melkfabriek). Dergelijke verse producten waren slechts beperkt houdbaar en moesten dus dicht bij hun markt zijn. Door nieuwe vervoersmethoden en koeling was die noodzaak steeds minder nodig. Deze ontwikkeling leidde tot schaalvergroting. (EigentijdsNijmegen)
De veilingen van Elst, Nijmegen en Ressen gaan samenwerken in de Veiling Vereniging ’70, waarbij bij Ressen een nieuw veilinggebouw moet worden gebouwd. Wanneer ook de veiling Huissen aansluit, besluit men een groot veilinggebouw op de grens van Angeren, Huissen en Bemmel neer te zetten. De eerste steen wordt in 1973 gelegd en op 8 november 1974 gaat de veiling open.
Op de locatie van de gesloopte veiling kwam de Zwaluwstraat.
Luchtfoto van de bouw van woningen aan de Zwaluwstraat, op het terrein van de voormalige veiling : onderin de Marialaan, links de Koekoekstraat en de Kievitstraat, linksboven de Voorstadslaan en bovenin de Sperwerstraat ; rechtsboven het terrein van de Nijmeegse IJzergieterij en een stukje van de Krayenhofflaan, 1979-1908 (Fotopersbureau Gelderland via F58510 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
W.Th. Reynen ontwierp veel sociale huurwoningprojecten voor de Woningvereeniging Nijmegen. Daarnaast komen we hem regelmatig tegen als ontwerper van woon-winkelpanden…