Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat Bottendaal (januari 2026)
Deze pagina verzamelt artikelen over de Van Oldenbarneveltstraat, een van de bekendste straten van de wijk Bottendaal. Waarschijnlijk is het bekendste gebouw het voormalige Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie. Of anders de voormalige Parapluiefabriek.
Bottendaal
Aanvankelijk wordt de straat Bottendaal genoemd. Deze naam wordt in de Gemeenteraad van 16 juni 1882 vastgesteld, samen met onder andere de Van Diemerbroekstraat. (PGNC 18/6/1882)
De naam Bottendaal
Vesting Nijmegen 1714 KPA-II-21; NIMEGUE/ G.Brakel ; del 1714 ; [rechtsonder in kader] / Ville forte dans la province | de Gueldre, avec les nouvelles |Fortifications | de Monsieur Coehoorn, 1714 (KPA-II-21 RAN bewerkt)
De naam Bottendaal verwijst naar een lunet, welke in de 17e eeuw was geplaatst. Op de kaart uit 1714 is het lunet rechtsboven te zien, dan geschreven, hier geschreven als Bottendael.
Voor die tijd is de naam niet bekend. Bovendien is niet vast te stellen waar Bottendaal naar verwijst. In de overlevering wordt de verklaring genoemd dat het verwijst naar de kuilen waar de botten van terechtgestelden werden begraven. Dit lijkt echter niet waarschijnlijk.
De Gemeenteraad bespreekt op 22 februari 1896 31 nieuwe straatnamen. Tegelijkertijd is er een adres van de bewoners van de Bottendaal binnengekomen, om de naam te wijzigen in Rembrandtstraat. (PGNC 25/2/1896) (In maart 1896 komt echter juist het verzoek van Van Houweninge en Co. om de naam níet te veranderen (De Gelderlander 10/3/1896))
De Gemeenteraad gaat hier niet mee akkoord. “Ter geruststelling” plaats van Schevichaven in PGNC 1/3/1896 een artikel waarin hij verklaart dat de naam Bottendaal niet afkomstig is van de begraven beenderen van misdadigers.
Van Oldenbarneveldtstraat
Op 8 mei 1909 neemt de Gemeenteraad het besluit om per 1 januari 1910 de naam te veranderen in “van Oldenbarneveldtstraat”. Dit om verwarring met de naam Doddendaal te voorkomen.
In het Raadsbesluit van 9 juli 1924 wordt de naam “van Oldenbarneveltstraat”, dus zonder d, vastgesteld. De naam heeft de straat nog steeds.
Overigens is het mij nog niet duidelijk waarom er gekozen is voor de naam van deze Nederlandse staatsman (en idem dito wat betreft de Vondelstraat), te midden van straten vernoemd naar Nijmeegse notabelen.
Tussen 1896 en 1898 zijn huisnummers van Bottendaal aangepast. Daarbij wijst Rob Essers op de Adressenboeken van 1896 en 1898, waar de aanpassingen te zien zijn:
1896
1898
Huisnummer
Adres van
Huisnummer
Adres van
Opmerking
11
J.J. Groes
13
W.C. Kokke
1
wed. W.d. Worff
15a
wed. W. v.d. Worff
1a
W.J.H. Adriaens
17
Ha. J. Tours
Dit is een aanname: zowel 1a, 2a en 3 als 17, 19 en 23 hebben 3 adressen. Én ervan uitgaande dat noch de weduwe W. v.d. Worff, noch B.W. de Blécourt verhuisd is
2a
19
G. Blokhuis
3
23
H. Duijs
4
B.W. de Blécourt
25
B.W. de Blécourt
5
G.J. Hofstedse Crull
Het is op dit moment nog onduidelijk hoe 5 zich verhoudt tot 65,67 en 69 (mogelijk is er nieuwbouw geweest)
65
M. Gerritsen
67
J.G. Huese
J.A. Tours
69
kantoor Marck Spier & Co
7
F.W. Dickmann
71
F.W. Dickmann
9
A.C. Cambier
73
A.C. Cambier
Firma v. Houwingen & Co.
Firma v. Houwingen & Co.
Dames Japikse
wed. Jhr. Mr. W.C. de Jonge
11
Dr. M.J.H. Houba
75
J. Scheltema
13
C. Post
77
C. Post
15
W. van Doorn
79
W. van Doorn
17
H.H. Coolen
81
H.H. Coolen
H.Kat
H. Kat
Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat Bottendaal (januari 2026)
Het voormalige klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie is gebouwd in de jaren 1900-1901. Deze orde was naar Nijmegen gekomen voor het verlenen van ziekenzorg. Het gebouw is ontworpen door M. van der Pluijm en J. Gielen. In 1987 vertrekken de zusters naar Tilburg.
Dickmann’s Parapluiefabriek, van Oldenbarneveltstraat (het linker pand dat nog juist te zien is) (Evert F. van der Grinten via F78502 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
28-2-1889 vindt de aanbesteding plaats van “Het bouwen van een Woonhuis met afzonderlijke Parapluiefabriek op een terrein gelegen aan den Bottendaal aldaar. Een en ander voor rekening van den heer F.W. Dickmann. De architect is J.J. Weve. (De Gelderlander 10/2/1889). In november 1889 krijgt Dickmann telefoon (nummer 131, De Gelderlander 3/11/1889) In de personeelsadvertentie van…
In De Gelderlander 1/1/1897 plaatst Chr.W. Kokke, in kaarsen, een nieuwjaarsadvertentie.
Van Oldebarneveltstraat 27-33
Woonhuis in een serie van vier op de van Oldebarneveltstraat 27-33 van architect Nic. Molenaar uit 1900 (Bijschrift bij F39686 RAN, een foto uit 1983 van huisnummer 31. Zie ook foto F39687 RAN). Funda noemt als bouwjaar van Van Oldenbarneveltstraat 29 het jaar 1899.
Bottendaal 65/Van Oldenbarneveltstraat 65
In PGNC 2/7/1899 plaatst N.P.C. van Meerbeeck, Bottendaal No. 65 een advertentie voor zijn “Generaal-Agentschap der Fransche Levensverz.-Maatschappij “La Nationale”.
In juni 1899 vraagt Mevrouw van Meerbeeck, Bottendaal 65 een “dagjmeisje”
Op 15 december 1888 besluit de Gemeenteraad tot de verkoop van een bouwterrein gelegen aan de Bottendaal van 950 M² aan F.W. Dickmann, alhier voor f5 per M² (PGNC 18/12/1888).
Op 10 februari 1889 staat de aanbesteding op 28 februari aangekondigd van “Het bouwen van een woonhuis met afzonderlijke Parapluiefabriek op een terrein gelegen aan den Bottendaal aldaar. Een en ander voor rekening van den heer F.W. Dickmann. De architect is J.J. Weve. (De Gelderlander 10/2/1889)
Bouwvergunningen noemt 2 woonhuizen:
“-In 1889 wordt aan F.W. Dickmann vergunning verleend tot het bouwen van 2 woonhuizen en een fabrieksgebouw aan de Bottendaal.”
In mei 1889 is de fabriek en het kantoor overgeplaatst (PGNC 26/5/1889). Hij heeft zijn winkel aan de Broerstraat dan laten verbouwen.
Uitstel?
Rond 1 november 1891 krijgt Dickmann, “eigenaar van een perceel bouwterrein aan den Bottendaal”, uitstel voor de bouw van het woonhuis, dat volgens de overeenkomst op 1 januari 1894 voltooid moet worden. (PGNC 1/11/1891) Het is nog niet bekend of dit het “woonhuis” bij de fabriek betreft of een later woonhuis.
In de Gemeenteraad van 12 augustus 1893 krijgt Dickmann op zijn verzoek opnieuw uitstel tot 1 mei 1895. Hiermee gaat de Raad akkoord, omdat hij al uitstel tot 1 januari 1894 had gekregen.
Bottendaal 9/Van Oldenbarneveltstraat 73
Advertentie verhuizing Van Houweninge & Co naar Bottendaal 9 (De Gelderlander 4/5/1893)
Per 1 mei 1993 verhuist van Houweninge & Co. van de Molenstraat 62 naar Bottendaal 9 (PGNC 16/4/1893).
Afgaande op de advertenties “voor” en “na”, is zij zich vanaf dat moment naast verzekeringen en hypotheken ook nadrukkelijker op de makelaardij gaan richten (PGNC 28/5/1893)
PGNC 28/5/1893
Overige gebruikers Bottendaal 9
Zoals hierboven is te zien, zijn er zowel in 1896 als 1898 3 gebruikers op het adres Bottendaal 9.
In PGNC 1/5/1895 plaatst Mejuffrous Statius-Muller een verhuisbericht naar nummer 9. Daarnaast is een advertentie gevonden dat zij op 2 september 1896 de teken- en schilderlessen weer hervat. (PGNC 30/8/1896)
Huidig van Oldenbarneveltstraat 75
In maart 1898 krijgt J. Scheltema telefoon (nummer 75; De Gelderlander 13/3/1898)
In PGNC 13/12/1899 vraagt mevrouw Scheltema een Dienstbode.
De tot nu eerstgevonden advertentie van F.H. von Boddien is gevonden in PGNC 8/5/1890. Van Bodden zal daarna regelmatig adverteren voor verschillende levens- en brandverzekeringen.
In april 1895 krijgt C. Post telefoon. (PGNC 28/4/1895). Hij komt in het Adresboek 1896 voor op nummer 13 en in 1898 op nummer 77.
Bottendaal 15 en 17/ Van Oldenbarneveltstraat 79 en 81
Van Oldenbarneveltstraat 2oa 79 en 81, afgaande op het uiterlijk dezelfde ontwerper(?) (Google Streetview)
“n het overzicht van Verleende bouw- en hinderwetvergunningen tussen 1850 – 1900 te Nijmegen van Hans Giesbertz staat dat in 1889 aan C. Verburgh vergunning wordt verleend tot het bouwen van 3 huizen aan de Bottendaal. Eén hiervan is waarschijnlijk van Oldenbarneveltstraat 79 en 81. Aannemer en timmerman Coenraad Verburgh (Nijmegen 11 december. 1844 – Zutphen 9 augustus 1919) heeft de panden niet alleen gebouwd, maar was tot 1915 ook de eigenaar van nummer 79 en 81.” Zie verder het artikel https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Gemeentearchief/Cat03/cwdata/30.html
Een tekening van een terrein aan de Bottendaal, verkocht aan F.W. Dickmann, van Oldenbarneveltstraat, het terrein daar onder is “Eigendom van de heer Verburgh”, 1/1/1890-31/12/1890 (KPU-454 RAN)
Op 23 februari keurt de Gemeenteraad het verzoek van C. Verburgh goed om 4 in plaats van 2 woningen te bouwen: hij heeft grond gekocht op de hoek “van Bottendaal en van Diemerbroekstraat”, met als voorwaarde dat hij daarop 2 woningen bouwt. De Gemeenteraad keurt het voorstel goed op voorwaarde:
Dat de woningen worden gebouwd volgens de overgelegde tekening
Dat tussen de straat en de gevels aan de Bottendaal een ruimte van 5 meter overblijft, welke als tuin moet worden aangelegd en waarop niet gebouwd mag worden. (PGNC 27/2/1889)
Zoals hierboven staat aangegeven, noemt Bouwvergunningen 3 huizen:
“-In 1889 wordt aan C. Verburgh vergunning verleend tot het bouwen van 3 huizen aan de Bottendaal.”
Bottendaal 15/ Van Oldenbarneveltstraat 77
In De Gelderlander 27/6/1896 vraagt Mevr. van Doorn, Bottendaal 15, een Dienstbode.
Verkoop stukken grond
In de kranten staan regelmatig berichten over de toestemming van de Gemeenteraad tot verkoop van bouwterrein. Hieronder staan de tot nu toe gevonden besluiten weergegeven. Daarbij is wel belangrijk te onderkennen:
Dat de toestemming niet zondermeer betekent dat de verkoop is doorgegaan
Dat de koper van het bouwterrein de uiteindelijke bouwer is
Een onderstaande bespreking kan betrekking hebben op een van de reeds genoemde panden.
1894: Verkoop stuk grond aan de Haan
Sectie B no. 1491
In oktober 1894 discussieert de Gemeenteraad over de verkoop van een stuk grond aan de heer Jansen of de Haan:
J. Jansen wil een bouwterrein kopen van 200 m² aan de Graafsche Straat en de Bottendaal voor f6,- per m²
H.H. de Haan wil een stuk grond kopen van 3960 m², Sectie B no. 1491 voor f5,75
Daarbij discussieert de Raad of de Haan wist van de besprekingen met Jansen. En Jansen is weliswaar de eerste met een schriftelijk bod, maar ook de gesprekken met de Haan liepen al. Daarnaast is er een groot verschil tussen de twee voorgenomen aankopen. De Gemeenteraad besluit in te gaan op het bod van Jansen.
Voorwaarden zijn onder andere:
Vóór 1 november 1899 moet de grond bebouwd zijn met:
7 herenhuizen aan de Graafsche straat, met 1 herenhuis aan de langs de noordzijde van het terrein lopende straat
En met ten hoogste 8 en ten minste 6 herenhuizen aan de Bottendaal’
Elk huis heeft minimaal de huurwaarde van f500,- per jaar
De voorgevels moeten 9,5 meter van de Graafsche straat afliggen, 5 meter vanaf de Bottendaal en 2,5 meter van de langs de noordzijde van het terrein lopende straat
(PGNC 16/10/1894 en De Gelderlander 17/10/1894)
Van Oldenbarneveltstraat 2
Perceel aan de Graafsestraat hoek Bottendaal, verkocht aan Wiegerink Linksboven op achterzijde met potlood geschreven: 453, 1/1/1888-31/12/1888 (KPU-453 RAN)
Van Oldenbarneveltstraat 24 en 26
Ontwerp van twee Heerenhuizan aan den Bottendaal, De Uitvoerder is G. Buskens, Datum op tekening 7 Februari 1899 (D12.377882)
Muurschildering Raaf
Muurschildering van een raaf in de van OldenbarneveltstraatStationsplein, Vanaf het station gezien, kijkend in zuidoostelijke richting zien we het Stationsplein met links het pand op de hoek met de van Oldenbarneveltstraat, rechts de loods van Van Gend en Loos, en in het midden het wachthuisje van de stoomtram, 1893-1898 (J.H. Schaefer’s via F93498 RAN)Van Oldenbarneveltstraat, gezien in de richting van de Stijn Buysstraat, 1905 (Vivat, Amsterdam via F29028 RAN)Van Oldenbarneveltstraat, links en rechts de Vondelstraat, 1900-1905 (F7678 RAN)
Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…
Hotel “Victoria”, verwoest bij het bombardement van 22 februari 1944, 1930 (F32629 RAN)
In 1924 ontwerpt architect Charles Estourgie de verbouwing van Hotel Café-Restaurant Victoria. Een aantal verbouwingen zullen volgen, totdat het in 1944 tijdens het bombardement wordt verwoest.
“Hotel Café-Restaurant “Victoria”.
Sinds eenige dagen is in exploitatie het Hotel “Victoria”, gelegen aan den Burgemeester van Schaeck Mathon-singel, tegenover het Station. En hedenavond zal ook het daarbij aangebouwde café-restaurant in gebruik worden genomen. De eigenaar, de heer Th. Drevers, heeft èn wat ligging èn wat de geschiktheid van de voormalige patricische behuizing voor hoteldoeleinden betreft, een goeden kijk op de zaak gehad. Ons althans lijkt het punt uitermate geschikt, terwijl het hotel, wat inrichting betreft, in één woord keurig is. Men krijgt den indruk een eerste rangs hotel te betreden en die indruk wordt in de fraaie logeerkamers met vaste waschtafels (warm en koud water) volkomen bevestigd. Toch is het de bedoeling van den heer Drevers om zijn zaak als een prima z.g. reizigershotel te exploteeren. Aan een dergelijk hotel in de onmiddellijke nabijheid van het station was, naar zijn meening, behoefte en wij gelooven, dat hij inderdaad niet verkeerd heeft gezien.
Van buiten af gezien doet het gebouw, zooals het na zijn uitbreiding nu geworden is, wel eenigzins eigenaardig aan. De heer Ch. Estourgie, niet de eerste de beste onder de bouwmeesters, heeft zich van zijn opdracht om het oude hoofdgebouw te voorzien van een nieuwe entrée en daarnaast een modern café te doen verrijzen, zoo goed mogelijk gekweten. Een zeker anachronisme kon nochtans niet vermeden worden en wie eenigen kijk heeft op architectuur zal met welgevallen het hoofd beurtelings links en rechts wenden, doch bij het aanschouwen van het gebouw, zooals het nu geworden is, in zijn geheel stellig het hoofd schudden.
Wat Hotel Café-Restaurant “Victoria” echter aan uitwendige schoonheid mist, wordt van binnen ruimschoots vergoed. Daar is allereerst de stijlvolle hal van het gebouw, waarin groen het Leitmotiv in ’t fraaie kleurenspel is. Een bronzen beeld staat op de betegelde balustrade van de trap, die achter in deze hal leidt naar het sous-terrain. Een goed afsluitende telefooncel zoekt men niet tevergeefs en het daartegenover gelegen pendant is de cel voor den portier.
Flinke deuren met glas-in-lood vensters geven ter rechterzijde toegang tot het hotel en ter linkerzijde tot het café-restaurant.
Wat het hotel betreft zullen wij den lezer eene opsomming van de groote en kleine vertrekken besparen. Maar even moesten wij toch stilstaan bij de eetzaal en de conversatiezaal met hare prachtige plafonds, meesterstukken van stucadoors- en schilderkunst, en hare schitterende interieurs in stijlen Louis XV en XVI. Op de mooie hotelkamers van het hotel dat geheel voorzien is van stroomend water en vaste waschtafels, op de eerste etage zelfs met warm en koud water, hebben wij reeds gewezen. Aparte vermelding verdient voorts de badkamer, waarin door Herman van der Waarden, Graafscheweg, het nieuwste geyser-systeem is aangebracht, de Gaggenaure Druck-automaat, waarbij het gas onder het waterreservoir wordt ontstoken resp. afgedraaid door het openen, resp. sluiten van de waterkraan aan het bad, terwijl het gas ook automatisch wordt uitgedraaid wanneer het water een zekere temperatuur heeft bereikt. Het is een schitterend geyser-systeem, dat de grootste waarborgen voor veiligheid biedt. Het gebouw- ’t behoeft nauwelijks gezegd- is voorts centraal verwarmd en men vindt er al datgene wat een goed, hedendaagsch hotel behoort te bieden.
Het café-restaurant, alhoewel vandaag in gebruik genomen, is nog niet voltooid, wat de inrichting betreft. Uit hetgeen echter wel af is blijkt, dat het een mooi, licht en vroolijk café belooft te worden, waar de bezoekers een prettig zitje zullen hebben, des zomers ook op het terras aan den singel. Hierbij worde opgemerkt, dat zich ook voor het hotel een flink terras bevindt.
In het sous-terrain is onder meer de bierkelder en een vergaderzaal. Links van het café leidt een gang naar een overdekte bewaarplaats voor rijwielen. Bezoekers, die met hun auto naar Hotel “Victoria” komen, vinden in de van Oldenbarneveldtstraat een aparte auto-garage met vier boxen. Ook in dit opzicht is dus rekening gehouden met de eischen van dezen tijd. Het café is één verdieping van het hotel met twee etages boven den thans verrezen aanbouw. Een mooie tuin omgeeft ten slotte het geheele pand.
De heer Drevers is gedurende de laatste jaren, als familielid van de eigenaresse, gérant geweest van Hotel “Pays Bas” te Utrecht en het behoeft dus niet te worden gezegd, dat geen geheim van het hotelbedrijf hem vreemd is. Hij belooft zijn bezoekers een prettig tijdelijk tehuis, waarheen zij gaarne zullen terugkeeren. De volgende firma’s hebben aan den bouw medegewerkt: Uitvoering: G.H. Ditters, aannemer; schildwerk: A. de Vries; electrisch licht, centrale verwarming, warm- en koudwater-installatie: Jos. Kwakkernaat; badinstallatie: Herman v.d. Waarden; vaste waschtafels: Herman v.d. Waarden en Nannings; glas-in-lood: Bilderbeek; meubileering: Meubelmagazijn “Modern”, fa. Franck, Molenstraat.” (PGNC 27/9/1924)
Vervolg
Aankondiging veiling Hotel Victoria (De Gelderlander 24/10/1925)
In november 1925 blijkt het hotel te koop te staan.
In 1926 is er een aanvraag voor uitbreiden van Hotel Victoria, Van Schaeck Mathonsingel 15. De architect is C. Verbeeten. (Archiefnummer 1335, Inventarisnummer 12785). Of deze verbouwing is doorgegaan is niet bekend.
Wel is er een aankondiging van het “Hotel Victoria van den heer van der Heijden aan het Stationsplein” gevonden voor een vergroting. Daarvan is Offermans de architect. “De bedoeling is, nog een verdieping boven op het kapitale gebouw te zetten.” Het werk is gegund aan N.V. Aannemersbedrijf voorheen Tiemstra en Zn., alhier, voor f15.700. (De Gelderlander 3/11/1926)
De verbouwing is in ieder geval in mei 1927 gereed: dan vindt in de nieuwe bovenzaal een clubavond met prijsuitreiking plaats, van de motorclub M.C.N.O.. Daarbij wordt aangekondigd dat de heer v.d. Heijden, de eigenaar van het hotel, jaarlijks een nieuwe wisselbeker heeft uitgeloofd. (PGNC 30/5/1927)
Het hotel komt in het Adresboek 1928 nog voor onder dezelfde naam.
Hotel Café Restaurant ‘Victoria’ van hotelier Hubertus (Bart) van der Heijden, op de hoek Stationsplein/Burgemeester van Schaeck Mathonsingel, na de uitbreiding van 1927. Het hotel werd bij het bombardement op 22 februari 1944, mogelijk ten gevolge van een gaslek, geheel door brand verwoest. Na de oorlog werd het, op kleinere schaal, onder dezelfde naam als café restaurant herbouwd, Van Schaeck Mathonsingel, 1928-1930 (Brainich & Leusink (Brainich en Leusink) via F32236 RAN)
Adresboek 1928: Hotel Victoria
1944 Verwoest
Het Victoriahotel op de hoek van de Van Schaeck Mathonsingel, het Stationsplein en de Van Oldenbarneveltstraat werd getroffen door het bombardement (22 februari 1944) en brandde helemaal uit, Stationsplein, 22/2/1944-15/3/1944 (GN1129-A RAN)
Ook het hotel werd tijdens het bombardement op 22 februari 1944 getroffen. Daarbij brandde het helemaal uit, mogelijk als gevolg van een gaslek.
Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat Bottendaal (januari 2026)
Het voormalige klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie is gebouwd in de jaren 1900-1901. Deze orde was naar Nijmegen gekomen voor het verlenen van ziekenzorg. Het gebouw is ontworpen door M. van der Pluijm en J. Gielen. In 1987 vertrekken de zusters naar Tilburg.
De Franciscanessen van de H. Familie
Beeld St Franciscus, Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat Bottendaal (januari 2026)
De congregatie van de Franciscanessen van de H. Familie werd gesticht in 1856/1857 in Eupen (tot 1918 Duitsland, daarna België) door Anna Maria Josephine Katharina Koch (Moeder Elisabeth van Jezus, 1815-1899). In 1837 was ze ingetreden in het klooster der recollectinnen en leidde vanaf 1842 daar de verpleging in het ziekenhuis.
Samen met Franziska Schervier richtte ze de congregatie van de Franciscanessen van de H. Familie op. Daarvan werd ze in 1858 de eerste algemeen overste onder de naam moeder Elisabeth van Jezus. De congregatie behoorde tot de derde orde van Franciscus: actieve religieuzen die leefden volgens de franciscaanse spiritualiteit en zich richtten op werken van christelijke naastenliefde. De zusters legden de geloften van gehoorzaamheid, armoede en zuiverheid af en zetten zich vooral in voor gezondheidszorg, ziekenverpleging en missiewerk.
Het moederhuis werd daarbij in 1875 verplaatst naar Leuven als gevolg van de “Kulturkampf” van Bismarck. Later zou het weer naar Mayen (Duitsland) worden verplaatst.
De zusters legden de geloften van gehoorzaamheid, armoede en zuiverheid af en streefden naar zelfheiliging door zich in te zetten voor christelijke naastenliefde (caritas). Christelijke naastenliefde kwam vooral tot uiting in gezondheidszorg, en dan met name verpleging, en missiewerk.
Groepsfoto van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat 4, 1953 (GN44182 RAN)
1884 – Vestiging in Nijmegen
Sociale omstandigheden Nijmegen
Rond 1880 zijn er nog geen sociale voorzieningen. Langdurig zieken, ongeneselijk zieken en bejaarden leven vaak in zeer slechte omstandigheden. Twee vooraanstaande katholieken wilden hierin verandering brengen:
I. Holthaus: raadslid en president van het Parochiaal Armbestuur en
G.A. Hamer: broer van bisschop Hamer en voorzitter van de Vincentiusvereniging
Zoals vaker in die tijd werd daarvoor de hulp ingeroepen van vrouwelijke religieuzen, voor wie caritas — christelijke naastenliefde — een belangrijke roeping vormde.
Komst naar Nijmegen
In 1884 vestigen de Zusters zich in Nijmegen, aanvankelijk op de Lange Hezelstraat 46B. Ook moeder Elisabeth, de stichtster van de congregatie, zou naar Nijmegen komen. Zij komt met vijf zusters op 28 april aan: Conradine, Lydia, Scraphia, I’ulcheria en Gudula aan en vestigen zich op de Lange Hezelstraat. “Een week later behandelen zij de eerste patiënte, die helaas echter na veertien dagen sterft.” (De Gelderlander)
Overigens hadden, als gevolg van de “Kulturkampf” de zusters al een “filiaal” in Nederland gehad. “Hoewel de activiteiten van de zusters in het Zuidlimburgse Wauback onder een kwaad gesternte blijken te staan, is het Moederhuis niet ongenegen op het Nijmeegse verzoek in te gaan. Maar in Nijmegen valt dan ook geen tegenwerking van wereldheren te verwachten. De vier pastoors van de Waal stad en hun bisschop staan zelfs vierkant achter het initiatief van Holthaus en Hamer.” (De Gelderlander)
De zusters hielden zich vooral bezig met (wijk)verpleging: het verplegen van zieken in hun eigen woning. Zij zouden echter maar tot 1886 blijven. Het pand aan de Lange Hezelstraat was al snel te klein. Door het vele werk waren er meer zusters nodig, die onderkomen nodig hadden.
Jodenberg
Omdat het pand op de Lange Hezelstraat te klein was geworden, verhuisden ze naar de Jodenberg 6. Dit gebouw kon gekocht worden vanuit liefdadigheid.
Ook dit gebouw werd al gauw te klein: inmiddels zijn er op de Jodenberg 17 zusters, terwijl het gebouw berekend is op 10. En dat, terwijl er meer zusters bij zouden moeten komen vanwege de nood in Nijmegen: de zusters zijn continu in de zorg aan de slag. In een brief aan de Nijmegenaren spreekt G.A. Hamer in februari 1899 zijn zorgen uit met een roep om giften. Dit levert een groot aantal giften op. De zusters die bij de verpleging geen onderscheid maken naar geloof, ontvangen vanuit alle gezindten bijdragen.
Van Oldenbarneveltstraat
Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, 1935 (RAN F29024)
Zuster Elisabeth maakt de bouw van het nieuwe klooster zelf niet meer mee. Wel keurt ze de nieuwe locatie van het klooster goed. Zij overlijdt echter op 3 juni 1899 in Leuven, 3 maanden nadat het kerkbestuur van de Augustinusparochie de grond “aan de Bottendaal” heeft gekocht. Ook de bisschop in Den Bosch geeft zijn goedkeuring.
In maart 1900 wordt begonnen met de bouw, gefinancierd vanuit de collecte en een obligatielening van f35000,-. De architecten J. Gielen en M. van der Pluim ontwierpen een nieuw klooster aan de Van Oldenbarneveltstraat, die in 1901 werd ingewijd en in gebruik genomen. Hier komen 60 zusters te wonen.
Vanaf 1919 uitbreidingen
Schip en koor in de Kapel van het Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat 4, 1953 (Fotopersbureau Gelderland via F67406 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
Voor haar uitbreiding werd in 1919 de panden Van Oldenbarneveltstraat 2 en Graafseweg 34 aangekocht. In 1925 kwam er een kapel. In 1931 werd ook van Oldenbarneveltstraat 6 gekocht, welke als noviciaat in gebruik kwam. Dit noviciaat had daarvoor op Graafseweg 27 gezeten.
Door maatschappelijke en kerkelijke veranderingen treden er vanaf 1964 geen zusters meer in. Ook is het werk in de gezondheidszorg overgenomen. Daardoor verschoof de aandacht, om trouw te blijven aan de regel van de Derde Orde, naar het contemplatieve en de onderlinge zorg.
In 1987 vertrekken de laatste 24 zusters uit de Van Oldenbarneveltstraat; op 27 december (derde kerstdag) houden zij als afscheid een open huis. De congregatie vertrekt naar het nieuw gebouwde klooster “Nazareth” in Tilburg.
De Van Oldenbarneveltstraat is verkocht aan de Stichting Centrale Kamerbewoning.
Van der Pluijm en Gielen
Lees hier over de aannemers/architecten van der Pluijm en Gielen:
Kronenburgersingel 223 en 225 (vroeger 23 en 25) met tableau JHM gebouwd in 1897 architect Gielen
Architecten Van der Pluijm en Gielen Van der Pluijm en Gielen waren aannemers en architecten Graafseweg 3 1891 Rijksmonumenten: “Het HERENHUIS is gebouwd in 1891 in neorenaissance-stijl door de architecten Van der Pluijm en J. Gielen in opdracht van een zekere Jansen, wiens monogram in de topgevel prijkt. In het vergulde smeedijzeren deurrooster is een…
Het artikel in de Gelderlander bij de opening in 1901
“Het gesticht der Eerw. Pleegzusters Franciscanessen aan den Bottendaal
Overeenkomstig onze belofte, bieden wij onzen lezers in dit nummer een afbeelding aan van dit fraaie gebouw, dat 11. Dinsdag plechtig is ingewijd.
Een blik op den voorgevel, door onze plaat weergegeven, bewijst onmiddellijk dat de bouwmeesters, de heeren Van der Pluymen en Gielen, zoo zij al niet in streng gothischen stijl hebben willen bouwen, zich toch op dien stijl hebben geïnspireerd.
Ingang, Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat Bottendaal (januari 2026)
Overeenkomstig de bestemming van het huis, dat tot woning moet dienen voor de Eerw. Pleegzusters, maakte een ernstigen en toch vriendelijken indruk. De hooge portiek van den ingang, waarboven als opschrift in gulden letters de evangeliewoorden gebijteld zijn: ‘Ik was ziek en gij hebt mij bezocht,’ geeft aan het huis, dat zonder opzettelijke versiering toch zeer sierlijk van bouw is, het monumentale karakter van een godsdienstig gesticht. Die portiek vormt een voortuitspringenden uitbouw, hoogopstrevend in het midden van den voorgevel tot een trapsgewijs toelopenden top, met het kruis bekroond. Dat trapgeveltje in het midden, aan weerszijden geflankeerd door vier zoldervensters, geeft aan den anders massieven bouw iets rijzigs en ranks, aangenaam aandoet.
In een nis hoog boven den ingang prijkt het beeld van de beschermheilige St. Franciscus.
Treden wij thans het gebouw binnen, dan komen wij door een breede gang in de vestibule of eigenlijk het trappenhuis, dat het middelpunt uitmaakt van het gebouw. Rondom dit trappenhuis, dat zijn licht ontvangt uit een groote lantaren van gekleurd glas en door een viertal boven het dak uitkomende ventilators steeds goed gelucht kan worden, zijn op verschillende verdiepingen de onderscheiden zalen en vertrekken gegroepeerd.
Door bijgaande plattegrond te raadplegen zal de lezer zich een goed denkbeeld kunnen maken van de inrichting van het gebouw, dat is berekend op het huisvesten van 60 zusters, waarvan er op het oogenblik een groote dertig aanwezig zijn.
Links van den ingang ligt de refter, een mooie ruime zaal van ongeveer 12 bij 8 meter; daarachter de keuken groot 8½ meter, van waar men weer toegang heeft tot bijkeuken, waschhuis en bergplaats, alsmede naar de binnenplaats, die ook door een open gang van de straat te bereiken is.
Rechts van den ingang liggen een paar spreekkamers en de ontvangkamer. Deze kamers voor de ontvangst van vreemde bestemd, zijn gelegen buiten het zoogenaamde ‘slot’of de afsluiting der eigenlijke kloosterruimten, die alleen door de eerw. zusters mogen betreden worden.
Een zijgang, ook buiten het slot geeft toegang tot een afzonderlijke trap, waarlangs men de kamers bereikt, bestemd tot logies van vreemde gasten.
Het ‘slot’ binnentredends, heeft men aan de rechterzijde de recreatiezaal, een ruim vertrek, dat op een plaats uitziet, en daarachter een werkkamer, van de eerste gescheiden door een gang, die later naar de kapel zal voeren. Die kapel, met aangrenzende sacristie, op onze afbeelding nog maar uitgestippeld, zal eerst later gebouwd worden.
Voor het oogenblik doet als kapel dienst een zaal op de eerste verdieping, gelegen boven den refter en even zoo groot als deze.
Een langwerpig vertrek, boven de gang gelegen, maar is bestemd om de woonkamer te worden van de eerw. Moeder Overste. Daaraan grenst, ook aan de voorzijde van het gebouw eerste de slaapkamer der Overste, een kleine en een groote logeerkamer.
Aan weerszijden van het trappenhuis heeft men op de eerste verdieping een slaapboven boven de keuken met acht slaapcellen en een boven de recreatiezaal met zes cellen.
Aan de achterzijde van het gebouw liggen op deze verdieping nog een slaapzaal met acht cellen, een afzonderlijke slaapkamer, een waschlokaal een een ziekekamer.
Gaan wij, na deze vertrekken bezichtigd te hebben, weer de trap op, dan bereiken wij de zolderverdieping, die, dank aan de hooge kap, bijna geheel tot vertrekken is kunnen ingericht worden.
Het vertrek boven de gang, om dit weer tot uitgangspunt te nemen, is hier een bergkamer. Links daarvan, boven de tegenwoordige kapel, is weer een groote slaapzaal, voorlopig in gebruik als zolder; recht heeft men de strijkkamer en de mangelkamer; dit alles aan de straatzijde.
Aan de achter- of tuinzijde heeft men de linnenkamer, aan weerszijden geflankeerd door rijen kasten. Nog bevinden zich op deze zolderverdieping twee slaapzalen, terwijl de overschietende ruimte als eigenlijke zolder dienst doet.
Stippen wij ten slotte nog aan, dat onder het gebouw een drietal ruime kelders gelegen zijn, dan zal de lezer met ons instemmen dat het aan alle eischen der bestemming voldoet.
Daar het dan den 19den Maart 1900 werd aanbesteed, is er zoo wat een jaar over gebouwd. Hebben de architecten alle eer van hun doelmatig en fraai ontwerp, den aannemer H. Seegers komt alle lof toe voor de onberispelijke oplevering en opzichter H.G. Burgers voor de waakzaamheid en de toewijding, waarmee hij zich hier van zijn taak heeft gekweten. Het metselwerk, de vloeren e verdere betimmering, vooral de prachtige breede trap is degelijk en mooi werk.
Het stukadoorwerk is aangenomen door den heer H.J. Ott; het schilderwerk door den heer I.H. Eenennaam; het lood- en zinkwerk en houtmastiek-dak door den heer A. Arts.
Mogen de eerw. Pleegzusters Franciscanessen, die zich zoodanig in de bekrompen woning aan de Jodenberg hebben moeten behelpen, tot in lengte van dagen gezond en genoeglijk gehuisvest blijven in den gastvrije nieuwe woning, haar door het milddadige Nijmegen gesticht.”(De Gelderlander 28/4/1901)
Klooster van de Zusters Franciscanessen van de Heilige Familie, Van Oldenbarneveltstraat Bottendaal (januari 2026)
Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…
De Petruskerk en de zijgevel van de Lagere Land- en Tuinbouwschool, 1930 (Keijzer via F33265 RAN) Schependomlaan Hees
Deze pagina verzamelt berichten over de Schependomlaan in de wijk Hees
De Schependomlaan is een van de straten die het oude dorp Hees vormde. Het meest herkenbare gebouw is de Petruskerk. Aan de straat staan een aantal prachtige villa’s. Ook kende deze weg een rijk kwekerij verleden.
Bombardement 22 juli 1942
In de nacht van 21 op 22 juli 1942 vielen 2 zware bommen van een Engelse bommenwerper op Dorpsstraat 122. Naast dit huis werden ook de nummers 118 en 124 totaal verwoest. Andere panden in de omgeving, waaronder de Petruskerk, raakten zwaar tot licht beschadigd. Een groot deel daarvan is uiteindelijk afgebroken.
Van huisnummer 118 (Villa Marie) kwamen beide bewoners om het leven: de gepensioneerde belastingambtenaar en weduwnaar Helmer Harmannus Jansen en zijn zoon Helmer Geert. Op nummer 122 (Villa Frisia) overleed hoofdonderwijzer Andreas van Loon.
De Schependomlaan kreeg in november 1957 haar huidige naam. Daarvoor heette het de Dorpstraat. Het eerste deel van de Dorpsstraat werd daarbij Schependomlaan genoemd, het verlengde daarvan Korte Bredestraat. In 1924 had de Dorpsstraat officieel deze naam gekregen. In het Straatnamenregister staat verder dat in het Adresboek 1892 de namen Hees kerkstr, Hees dorpsstr, Hees dorpsstr b/d kerk voorkomen. Op de Wegenlegger 1858 is het de “Grooteweg van Nijmegen door Hees en Neerbosch naar den Teersdijk” en in 1822 “De Nijmegensche Laan”.
Een prachtige foto van de Schependomlaan tussen 1950 en 1960 is te vinden op F33239 RAN.
Waar tegenwoordig het ouderencomplex Insulinde op de hoek van de Voorstadslaan en Schependom staat, stond daarvoor Huize Insulinde, oorspronkelijk opgericht als opvanghuis voor oud-Indië gangers. Daarvóór had het een beroemde bewoner: circusdirecteur Oscar Carré.
De “nieuwe” Dikke Boom van Hees is op 21 november 2003 geplant. Dat is precies 100 jaar nadat de oude Dikke Boom van Hees door blikseminslag was omgegaan.
In 1903 laten de eigenaressen Delgijer en van Swelm hun café-restaurant “Buitenlust” herbouwen tot Hotel-pension met café “Buitenlust”. Architect Hoffmann ontwerpt een gebouw, dat “met zijn overhangende daken, balkons op alle verdiepingen en ruime veranda enigzins denken aan een groot Zwitsers chalet”.
Het Distelpark is in de jaren 60 aangelegd. Als onderdeel van Park West is het park in 2005 in samenspraak met de bewoners opnieuw ingericht. Het Distelpark is naast de Spoorbuurt en Oud West aangewezen als een van de hitteprojecten in Nijmegen. Deze projecten moeten zorgen voor meer groene en koele plekken, welke bijdragen aan…
Dit dubbele woonhuis op Schependomlaan 23 en 25 is gebouwd rond 1895. Het is gebouwd in een eclectische stijl, met invloeden van de Chaletstijl en de neo-renaissance.
Over de villa Jannetje en Johanna staat een mooi artikel op Noviomagus.
Rijksmonument
Links Villa Jannetje (was voorheen Villa Wilhelmina) en rechts Villa Johanna (was voorheen Villa Emma), gebouwd in 1898, Schependomlaan 23-25, 1972 (Evert F. van der Grinten via F78883 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Het is een Rijksmonument met als waardering (tevens staat hier een uitgebreide beschrijving):
“Dubbel Woonhuis met Hekwerken gebouwd ca. 1895.
Van architectuurhistorisch belang als voorbeeld van een redelijk gaaf bewaarde dubbelwoning rond 1900 in eclectische stijl met duidelijke neorenaissance-kenmerken en invloeden van de chaletstijl.
Van stedenbouwkundig belang vanwege zijn ligging aan een hoofdstraat van het voormalige dorp Hees, dat door de stadsuitbreiding van Nijmegen in deze gemeente is opgegaan.
Van cultuurhistorisch belang als voorbeeld van een vroege vorm van agglomeratie, waarbij het dorp Hees nog overwegend zijn landelijk karakter heeft weten te behouden.”
Postkantoor
Postkantoor, vanaf 1977 jarenlang het Bondskantoor van de K.N.V.B. geweest, Schependomlaan 16, 1930 (F33245 RAN)
Van 1899 tot 1930 had Hees een eigen postkantoor.
Van 1931 to 1950 was het een woning-bedrijfspand. Tussen 1950 en 1975 was het een showroom voor Novum schoolmeubilair. En van 1977-1998 KNVB kantoor. Daarna volgde leegstand of was het een kraakpand. In 2014 werd het gebouw gesloopt en tegenwoordig staan er appartementen.
Voor de oorlog waren er 2 “Gerretsen & Valeton”‘s, die oorspronkelijk met elkaar te maken hadden:
Oorspronkelijk hadden Gerretsen en Valeton een winkel in de Hertogstraat, die zij verplaatsten naar nummer 27. Daarbij gaat Gerretsen na het overlijden van Valeton een N.V. aan met P.F. Marttin
In de jaren 20 lijkt P.F. Marttin de eigenaar te zijn geworden van de winkel, die Gerretsen & Valeton blijft heten. De kwekerij aan de Dorpsstraat (nu Schependomlaan) wordt geen eigendom van Marttin en gaat eveneens als Gerretsen & Valeton alleen als kwekerij verder. Marttin zal zelf een kwekerij beginnen aan de Wolfkuilseweg.
Koop van een kwekerij en huis Sweet Home
Op 10-1-1899 hebben Hubertus Adrianus Gerretsen, bloemist, wonende te Hees en Hermanus Cornelis Valeton, bloemist, wonende te Utrecht de v.o.f. “Gerretsen en Valenton” opgericht. Gerretsen brengt zijn kwekerij in: “de kassen, bloemen, planten, heesters, jonge bomen, gereedschappen, in het kort alles wat zich bevindt op en in het stuk grond, liggende te Hees achter het huis “Sweet Home”” en daarbij alle relaties. Valeton brengt 10.000 gulden in en daarnaast maximaal 6.000 gulden voor het aanleggen van een nieuwe kwekerij.
Daarnaast een aantal andere bepalingen, zoals de verdeling van opbrengsten. (Actenummer 1295, archiefnummer 449, inventarisnummer 58).
Enkele maanden kopen zij het huis Sweet Home: Hubertes Adrianus Gerretsen en Hermanus Cornelis Valeton kopen op 1-3-1899 als firmanten van de V.O.F. “Gerretsen en Valeton” van Herman Hendrik Schomaker (via Herman Schomaker) het huis “Sweet Home”, kadastrale gemeente Neerbosch Sectie B nummer 1419 als huis en tuin ter grootte van negen en twintige aren vijf en zeventig centiaren- waarvan de laatste eigendomtitels en overschrijvingen zijn de acten van koop, verleden den Notaris Klaassen te Nijmegen, respectievelijk, den vijden november achttienhonderd een en negentig, overgeschreven ten kantore van hypotheken te Nijmegen, den zesden November daaraanvolgende, deel …, nummer H, en den veertienden februari achttienhonderd drie en negentig, overgeschreven denzelfden hypotheekkantoor den achttienden februari daaraanvolgende, deel 408, nummer 44. De prijs is 6.200 gulden. Beide zijn “bloemisten, “te Hees bij Nijmegen woonachtig”. (acte 1349, archiefnummer 449, inventarisnummer 60).
Dezelfde dag, 1-3-1899, kopen zij een stuk bouwland van de landbouwer Theodurus Reijntjes, te Hees wonend. Zowel Gerretsen als Valeton zijn dan “bloemisten”, te Hees woonachtig. Het betreft “Het perceel bouwland te Hees achter de bloemisterij van de koopers en daarmede reeds een geheel uitmakende, bekend op den legger der kadastrale gemeente Neerbosch, Sectie B, kennelijk op het terrein afgedeeld (?) zuidelijk deel ter grootte van ongeveer vijfendertig aren van nummer 1418. Zij betalen 3.500 gulden. (Actenummer 1351, Archiefnummer 449, Inventarisnummer 60).
Hubertus Adrianus Gerretsen
In het Bevolkingsregister van 1880 staat Hubertus Adrianus Gerretsen (soms als Gerritsen geschreven) (29-9-1864 Nijmegen) met als beroep “Tuinman Bloemist”. Zijn huizing is “Hees 80, waarbij later “Breestraat”? is gezet en het “blauwe potlood” heeft 80 doorgehaald en veranderd in 122. Hij is op 14-8-1889 getrouwd met Johanna Elisabeth Jansen (Rhenen, 11/5/1865).
Gerretsen is momenteel nog niet verder uitputtend onderzocht.
Hermanus Cornelis Valeton
Hermanus Cornelis Valeton is geboren op 23-1-1875 te Varik. Hij schrijft zich op 5-1-1899 in, aanvankelijk woont hij bij v.d. Pol, Dorpstraat 201 Hees in, volgens het Dienstbodenregister. Als aanmerking staat er “naar E. 7(?) Bld 125). Hij is dan afkomtsig uit Zeist. (Bevolkingsregister 1900).
Op 3-7-1901 trouwt hij met Geertruida Elisabeth de Jonge (22-1-1876 Brussel; op 15-8-1901 komt zij vanuit Utrecht; zij scheiden op 4-12-1907); op 6-5-1910 staat een toevoeging: overlijden of scheiding? Op 5-1-1899 vestigt hij zich te Hees in Dorpsstraat 201, welke doorgehaald is en vervangen door 46. Bij de Aanmerkingen staat “van D.B.R.” (Dienstboden Register).
Ook Margaretha Magdalena Jolles (7-9-1883? Noordwijkerhout) staat als “vrouw”. Zij overlijdt op 17-6-1910. Op de aanmerking staat “van fol. 45”)
Schependomlaan 36 j(uli 2024)Plan tot het Bouwen van een Heerenhuis a/d Dorpsstraat te Hees, Datum Dossier 4-12-1903 (D12.378499)
Op de bouwtekening van 1903 staan Gerritsen (Gerretsen) en Valeton als eigenaaars weergegeven. De aannemers zijn de Gebr. Haspels, die mogelijk/waarschijnlijk ook de ontwerpers zijn van deze woning.
Gevonden gebruikers zijn:
Naam
Beroep
Adres
Adresboek
Opmerking
A. v. Thiel
Koopman in granen
Dorpstraat 36 Hees
1910
C.J. van Barneveld
Arts
Dorpstraat 36 Hees
1912, 1913-1914, 1914, 1915
Firma Gerretsen & Valeton
handelskweekerij (en daarbij: Bloemensalon, Hersteeg 33)
Dorpstraat 36 Hees
1912, 1914
In 1914 staat op een andere regel de N.V.
Gerretsen & Valtenton
Onder warmoezeniers en kweekerijen
Dorpstraat 36 Hees
1915, 1916
G.L.J. van Haren
accountant
Dorpstraat 36 Hees
1920, 1922, 1924, 1926, 1932
In gebruik als accountantskantoor
G.E. Wagner
Kunstschilder
Dorpstraat 36 Hees
1936
A.J. Beukers
Kweeker
Dorpsstraat 36 Hees
1938, 1940
Geurts & Co.
Kweekwerij
Dorpsstraat 36 Hees
1938, 1940
J.M. Giessen
fabrieksarbeider
Dorpsstraat 36 Hees
1938
C. Geurts
Kweeker
Dorpsstraat 36 Hees
1940
H. Giesen
schoenmaker
Dorpsstraat 36 Hees
1940
P.J.A. van Berkel
Modelleur schoenfabr.
Dorpsstraat 36 Hees
1948
P.J.A. van Berkel
Techn. bedrijfsleider
Dorpsstraat 36 Hees
1951
H.J. Roelofs
Dorpsstraat 36 Hees
1955
Wed. J.J. Makaaij
Geb. M.W. van Uden
Dorpsstraat 36 Hees
1955
Schependomlaan 46
Schependomlaan 46 (juli 2024)
Volgens de Adresboeken:
Fa. Gerretsen & Valeton, Handelskweekerij is in 1926 gevestigd op Dorpsstraat 46 (de huidige Schependomlaan). (1926, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940). Ook in de gevonden advertenties PGNC 8/2/1940, PGNC 31/5/1941, PGNC 7/9/1942, PGNC 18/9/1942 wordt deze Firma nog steeds zo genoemd.
Gerhardus Albertus van der Lugt, “chef bloemisterij” heeft tevens zijn adres op Dorpsstraat 46 (1926, 1928, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940). Vanaf 1936 staat er tevens H. v.d. Lugt, bloemist (1936, 1938, 1940). G.A. van der Lugt overlijdt op 71-jarige leeftijd op 24-10-1946. Hij is dan weduwnaar van Renske de Vries (Overlijdensadvertentie De Gelderlander 25/10/1946). H. van der Lugt, bloemist blijft nog voorkomen in de Adresboeken 1948, 1951, 1955.
In De Gelderlander 3/3/1947 staat een advertentie waarin men zich kan aanmelden voor een cursus in tuinarchitectuur. Hier is dan het Secretariaat van de Kon. Ned. Mij. voor Tuinbouw en Plantkunde afdeling Nijmegen en omgeving gevestigd. Ook kan men zich een aantal jaren aanmelden voor een cursus (De Gelderlander 15/10/1952 -dan als G.A. vermeldt- en De Gelderlander 25/6/1955), of voor een tuinenwedstrijd (De Gelderlander 10/3/1953, De Gelderlander 24/4/1956)
In het Adresboek 1948 komt A. Pol voor. In De Gelderlander 16/9/1950 plaatst hij de “Mededeling” dat het “Boekhoud- en Belasting-Adviesbureau A. Pol is verplaatst van Dorpsstraat 46 naar Dorpsstraat 5”. En tevens echtgenote W.J. Zonnenberg, geboren J. Janssen (1948)
Gevonden gebruikers van Schependomlaan 46:
Naam
Omschrijving
Adres
Adresboeken
Aantekening
H.C. Valeton
Firma Gerretsen & Valeton, bloemist
Dorpstraat 46 Hees
1910-1911
H.C. Valeton
Dorpstraat 46, Hees
1914
Firma Gerretsen & Valeton
Bloemenmagazijn
Hertogstraat 27
1910-1911
Gerretsen & Valeton
Hersteeg 33
1914
H.C.S. Wanting
Commies der Telegrafie
Dopstraat 46 Hees
1916
Ook advertentie PGNC 13/6/1919
E. Hieber
Verpleegster
Dorpstraat 46 Hees
1920
Wed. P. Hieber/ Huber
Geb. H. Regge
Dorpstraat 46 Hees
1920, 1922
N.V. Gerretsen & Valeton’s Bloemenmagazijn
P.F. Marttin
Hertogstraat No. 33
1926
Gerretsen & Valeton’s
Bloemenmag. Kweekerij
Wolfkuilscheweg 189
1926
Fa. Gerretsen & Valeton’s
Handelskweekerij
Dorpsstraat 46
1926, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940
G.A. v.d. Lugt
Chef bloemisterij
Dorpsstraat 46 Hees
1926, 1928, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940
Gerretsen & Valeton’s Bloemenmagazijn en Kweekerij
Hertogstraat 27
1932, 1934, 1936, 1938, 1940
H. v.d. Lugt
Bloemist
Dorpsstraat 46 Hees
1936, 1938, 1940, 1948, 1951, 1955
A. Pol
Dorpsstraat 46 Hees
1948
echtg. W.J. Zonnenberg
geb. J. Janssen
Dorpsstraat 46 Hees
1948
“Gerretsen & Valeton” van P.F. Marttin
Deze “Gerretsen & Valeton” moet niet verward worden met de N.V. Gerretsen & Valeton’s Bloemenmagazijn van P.F. Marttin, welke is gevestigd op Hertogstraat 33, waarbij hij zijn kwekerij heeft op de Wolfkuilscheweg 189. (1926) In ieder geval is het in 1934: Gerretsen & Valeton’s Bloemenmagazijn en Kweekerij 27 in 1934.
Kwekerij Marttin
Op 13-12-1924 verkoopt de Naamlooze Vennootschap tot Exploitatie van Onroerende Goederen aan Petrus Franciscus Marttin, bloemist, wonende te Nijmegen, Hertogstraat 33: “Den moestuin met plantenkas, druivenkas, varkens?, hok, een schuurtje benevens garage en tuinmanswoning aan den Wolfkuilscheweg te Hees, grootte van ongeveer vier en veertig are en dertig centiaren uitmakende een zuidelijk gedeelte van het kadastrale perceel der gemeente Neerbosch sectie B nummer 3080, zoomede het kadastrale perceel der gemeente Neerbosch sectie B nummer 3082 groot vier en zeventig centiaren, in welk laatstgemelde perceel de Heer J.M? Vier..eul? bij het kadaster als mede eigenaar bekend staat van een kamer (uitbouw) in de bovenverdieping”. De vennootschap had dit terrein zelf op 1-6-1923 gekocht. Zij verkoopt het aan Marttin voor 10.000 gulden. (Achiefnr 55, Inventarisnr 232, Actenr 6710)
Villa Jachtlust Schependomlaan
Het gebouw aan Schependomlaan 51 wordt in de volksmond De Witte Villa genoemd. De oorspronkelijke naam was villa Jachtlust, in 1861 gebouwd door bankier L.C en I. van Engelenburg. Een gevelsteen herinnert hieraan.
Volgende bewoners waren dhr. H.J. Koper van Amsterdam.
Dumoulin-Koster
En G. Dumoulin-Koster, die in het Adresboek 1909 Villa Jachtlust Dorpsstraat 160 als adres heeft, terwijl het in het Adresboek 1910-1911 nummer 49 is.
In 1906 wordt Dumoulin-Koster door de bliksem getroffen: “die zich juist in den tuin bevond, werd door het hemelvuur getroffen en tegen een muur geslingerd, waartegen hij met het achterhoofd terecht kwam.
Bewusteloos opgenomen, werd hij in huis gebracht, waar spoedig geneeskundige hulp werd ingeroepen. Hedenmiddag was de toestand niet onbedenkelijk en verkeerde de getroffene afwisselend nog in toestanden van bewusteloosheid.” (Een halve eeuw geleden, De Gelderlander 13/8/1956)
Tandjong Tirto
Vanaf 1911 kwam L. Wieseman hier te wonen. Hij was kapitein van het Koninklijk Nederlands Indisch Leger en noemde het huis Tandjong Tirto, naar een plaats op midden Java.. Wieseman was bovendien de eerste autobezitter van Hees.
Paters Kapucijnen
In 1934 vestigden de Paters Kapucijnen hier een studiehuis annex klooster.
Van 1958 tot 1969 was het in gebruik als broedersjuvenaat.
Eind werd het eind jaren ’60 verhuurd aan Philips voor het huisvesten van Spaanse gastarbeiders. In 1972 werd het vervolgens verkocht.
Bijschrift F22099 RAN, een foto uit 1970 noemt dat “Weer later was het een “Blijf van mijn Lijf””; waarschijnlijk was het “later” in de periode jaren 70 of 80.
Vanaf 1990 heeft de Vereniging Dorpsbelang Hees zich fel verzet tegen sloop. Na een verbouwing kwamen hier appartementen.
Schependomlaan 53 is een Gemeentelijk Monument met als formele tekst bij aanwijzing (tevens staat hier een uitgebreide beschrijving):
“Architectuurhistorische waarde Het pand is een uitwendig goed herkenbaar gebleven voorbeeld van een karakteristieke dorpswoning uit het midden van de tweede helft van de negentiende eeuw. In zijn opzet en vormgeving wordt dit huis gekenmerkt door een voor dit bouwtype karakteristieke eenvoudige opzet, met een symmetrische voorgevel met getoogde vensters met luiken en een in het midden gelegen Vlaamse gevel. In zijn verschijningsvorm weerspiegelt het pand dan ook de ideeën over dorpswoningbouw zoals die vooral in de tweede helft van de negentiende eeuw kunnen worden gezien. Alhoewel het object in de loop van de tijd diverse verbouwingen onderging bleven deze in hoofdzaak beperkt tot het interieur en de achtergevel en bleef het straataanzicht goed behouden. Inwendig behield de woning een uit de bouwperiode daterende kelder met tongewelf en estrikenvloer.
Stedenbouwkundige waarde Het pand heeft door zijn markante verschijningsvorm met een dominant aanwezige kap met pannendekking en Vlaamse gevel, een symmetrische voorgevel met in het midden een ingangsportiek, en getoogde vensters met persienne-luiken, alsmede door zijn prominente vrijstaande ligging in een bijbehorende tuin belangrijke situationele waarde. Deze betekenis wordt versterkt door de ligging op een wigvormige kavel bij het raakvlak van de Schependomlaan en het Kerkpad. Hier is het pand vanuit verschillende standpunten een sterk in het oog vallende blikvanger en kan zelfs worden gesproken van een oriëntatiepunt. Het pand markeert de toegang tot het Kerkpad en maakt tezamen met nabijgelegen historische bebouwing deel uit van een waardevol ensemble.
Cultuurhistorische waarde Door de opzet als een eenvoudige symmetrische dorpswoning met Vlaamse gevel is het pand karakteristiek voor de historische bebouwing in het vroegere dorp Hees. Door het overwegend gaaf bewaard gebleven aanzicht vanaf de straat is het onderhavige pand een cultuurhistorisch waardevolle representant van deze bebouwing. Deze betekenis wordt versterkt door de markante ligging op het raakvlak van twee oude verbindingswegen uit het dorp Hees: het Kerkpad en de in het verleden als de Dorpsstraat bekend staande Schependomlaan.”
Schependomlaan 76
Beeldbepalend pand
Op de Gemeentelijke monumentelijst is Schependomlaan 76 een “Beeldbepalend pand” met als waardering:
“Zowel in de detaillering als de hoofdvorm vrij goed intact gebleven kleine dorpsvilla. Als geheel vormt het gebouw nog een duidelijke verwijzing naar het oorspronkelijke dorpse karakter van het gebied, dat behoort tot het vroegere dorp Hees en dat zeer geliefd was voor de bouw van buitens en villa’s. Door zijn prominente, schuinsgewijze ligging in een bijbehorende tuin en de opzet met een erker en sierspant, neemt het bouwwerk in zijn omgeving een markante positie in.”
Schependomlaan 88
Garage van Beek, Schependomlaan 88 Hees, 12/1962 (F92150 RAN CC0)
Op foto F5042 RAN uit 1962-1965 is de garage te zien als Tankstation en Renault-Garage Reij.
Hotel Café Juliana
Hotel Café Restaurant “Juliana”, 1986 Heel lang had zaal Juliana een horecabestemming Sinds een aantal jaren is er een schoonheidssalon gevestigd, Schependomlaan 94, 1986 (KN11552-31 RAN CC0)
Op F22164 RAN uit 1991 is Tony Peters te zien, die dan 50 eigenaar is van Juliana.
Schependomlaan 108
Gemeentelijk Monument met als waardering (tevens staat hier een uitgebreide beschrijving):
“Architectuur- en kunsthistorische waarde
Het uit omstreeks 1905 daterende pand is vooral wat betreft het exterieur (straataanzicht) zowel in de detaillering als de hoofdvorm vrij gaaf behouden gebleven en is daardoor nog altijd een goed herkenbaar voorbeeld van villabouw uit de vroege twintigste eeuw. Karakteristiek is onder meer de asymmetrische opzet, met verblendstenen speklagen en dito siermetselwerk, alsmede een van houtbeschot voorziene topgevel. Van een bijzondere betekenis is de grotendeels gave serre met houtgesneden sierstijlen en bovenlichten met roedenverdeling. Ook het houten sierhek van het hierboven gelegen balkon bleef opmerkelijk gaaf behouden. In de loop van de tijd onderging het pand enkele ingrijpende wijzigingen maar die bleven vooral beperkt tot de achterkant en het interieur. Mede omdat de villa aan de Schependomlaan tot de door een beperkt aantal voorbeelden vertegenwoordigde vroeg twintigste-eeuwse bebouwing van Hees behoort, is het object dan ook nog altijd een belangrijke representant van woningbouw uit deze periode. In het pand bevindt zich een pas later geplaatst glas-in-loodraam met een Aesculaapvoorstelling dat kunsthistorische waarde heeft als een voorbeeld van glazenierskunst uit de eerste decennia na de oorlog.
Stedenbouwkundige waarde
Het pand heeft door zijn markante verschijningsvorm met een asymmetrische bouwmassa met oranjeverblendstenen sierdetails, een oorspronkelijke serre met een balkon met sierbalustrade, en een topgevel met houtbeschot, alsmede door zijn prominente vrijstaande ligging aan de noordzijde van de Schependomlaan belangrijke situationele waarde. Hier maakt het object deel uit van de deels nog uit historische panden bestaande lintbebouwing die karakteristiek is voor het nog immer dorpsachtige karakter van Hees. Tezamen met enkele nabijgelegen historische panden, waaronder de forse villa op de nrs. 71-73, maakt de onderhavige woning deel uit van een waardevol en in het oog vallend ensemble.
Cultuurhistorische waarde
Er is bijzondere cultuurhistorische waarde door de verwijzing naar het groei- en ontwikkelingsproces van de vroegere dorpen Hees en Neerbosch. Als onderdeel van de door grote en middelgrote woonhuizen uit diverse periodes bepaalde bebouwing langs de Schependomlaan en in combinatie met de op de hoek van deze straat en de Korte Bredestraat gelegen oude dorpskerk van Hees weerspiegelt de onderhavige villa dan ook de historische ontwikkelingen in het betreffende deel van de gemeente Nijmegen.”
Schependomlaan 118
Deze villa is een ontwerp van de architecten Kleine villa uit 1949, in het kader van de wederopbouw gebouwd naar een ontwerp van de architecten ir. J.G. Deur en Kl. Van Ommen. Opdrachtgever was R.J. van der Tuuk die toen aan de Korte Bredestraat woonde.
Gemeentelijk Monument met als waardering (tevens staat hier een uitgebreide beschrijving):
“Architectuurhistorische waarde
Vooral wat betreft het exterieur in een overwegend gave staat behouden gebleven voorbeeld van villabouw uit de wederopbouwperiode, vormgegeven in Delftse Schoolstijl door de Nijmeegse architecten Kl. van Ommen en J.G. Deur. Het gebouw is kenmerkend voor de villa- en woonhuisbouw in genoemde periode. Karakteristiek is de ambachtelijke en op de klassieke Hollandse woonhuisbouw gebaseerde vormgeving, met zorgvuldig uitgevoerd metselwerk, een zadeldak met keramische dekking, en tuitgevels. Markante elementen vormen de met koper gedekte erker en dakkapellen. In tegenstelling tot andere voorbeelden uit de wederopbouwperiode behield de woning de originele stalen ramen die van wezenlijk belang zijn voor het authentieke karakter. Alhoewel het pand inwendig enige wijzigingen onderging bleef de oorspronkelijke indeling goed herkenbaar. Bovendien zijn er nog diverse uit de bouwperiode daterende elementen waaronder granitovloeren en betegelde lambriseringen.
Stedenbouwkundige waarde
Het pand heeft door zijn markante verschijningsvorm met een asymmetrische bouwmassa, een opvallende hangende erker, en een dominant aanwezige kap met dakkapel, alsmede door zijn prominente vrijstaande ligging aan de noordzijde van de Schependomlaan belangrijke situationele waarde. Hier maakt het object deel uit van een ensemble met gevarieerd vormgegeven en uit diverse periodes daterende objecten die alle vrijstaand zijn gelegen en deel uitmaken van de omkadering van de oude dorpskerk van Hees. Tezamen met deze kerk zijn de diverse woningen karakteristiek voor de historische en dorpsachtige kern van Hees. Hier dient dan ook te worden gesproken van een waardevol en in het oog vallend historisch ensemble waarvan het onderhavige pand een wezenlijk onderdeel vormt.
Cultuurhistorische waarde
Er is bijzondere cultuurhistorische waarde door de verwijzing naar de historie van de vroegere dorpen Hees en Neerbosch. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de tegenover het onderhavige object gelegen dorpskerk zwaar getroffen en ook de nabijgelegen bebouwing liep zware schade op. Het onderhavige pand vormt de opvolger van één van de tijdens de oorlog verloren gegane panden en illustreert de ideeën omtrent het herstel van oorlogsschade waarbij werd uitgegaan van de instandhouding van het dorpse karakter van Hees. Door zijn opzet als een kleine villa sluit het onderhavige object aan bij de al vanaf de achttiende eeuw te constateren betekenis van Hees en Neerbosch als een vestigingsplaats voor welgestelden.”
Land- en Tuinbouwschool
De R.K. Lagere Land- en Tuinbouwschool, Schependomlaan 83 Hees, 1935 (F33250 RAN)
Ook de school raakte tijdens het bombardement van juli 1942 zwaar beschadigd. Een foto daarvan is te zien op F33264 RAN.
De rk lagere Tuinbouwschool (een initiatief van de Noord-Brabantse Christelijke Boerenbond), die op 18 maart 1933 werd geopend in de door de gemeente beschikbaar gestelde voormalige openbare school gebouwd in 1892, samen met de naastliggende onderwijzerswoning, gelegen aan wat toen de Dorpsstraat heette. In 1955 werd de school grondig verbouwd. Rechts een gedeelte van de Petruskerk. Door een bominslag op 22 juli 1942 werd een groot gedeelte van de school verwoest, Schependomlaan 81, 1953 (GN9636 RAN)
De Petruskerk, Schependomlaan Hees, 1911 (F33246 RAN)
Waarschijnlijk is de Petruskerk een van de bekendste gebouwen in Hees.
Bij de restauratie van deze kerk na de Tweede Wereldoorlog zijn er op deze plek fundamenten gevonden: waarschijnlijk was er in de 13e eeuw al een kapel op deze locatie
15e eeuw
De huidige kerk is vermoedelijk in de 15e eeuw gebouwd, waarbij de toren rond 1550 werd gebouwd. Net als alle kerken in Nijmegen kwam bij de reductie van Nijmegen in 1591 ook deze kerk in handen van de gereformeerde kerk. De katholieken bouwden als vervanging een schuurkerk aan de Dennenstraat. Na de kerk uit 1828 zou daarna op die locatie de huidige Antonius Abtkerk in 1880 worden gebouwd.
Doordat de protestantse bevolking in Hees relatief klein was, was de kerk te groot. In 1835 tot 1860 werd een groot deel bestemd als school. In 1861 vond een verbouwing van het schip plaats tot een woonhuis met vier kamers. De toren fungeerde als gevangenis en als brandspuit- en begrafenishuisje.
Wikipedia noemt: ” Bij de restauratie in 1882 is het witte pleisterwerk verwijderd.” Het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis: “In de negentiende eeuw groeide de Petruskerk uit tot het centrum van de hervormden in hetSchependom. In 1920 werd de kerk opnieuw verbouwd tot een gebedsruimte.”
In de Tweede Oorlog raakte de kerk vooral bij het middenschip zwaar beschadigd bij een bombardement op 22 juli 1942.
Na de Tweede Wereldoorlog vond tussen 1947 en 1951 een restauratie en verbouwing plaats. Daarbij kreeg het haar huidige vorm met twee zijbeuken en een consistorie. Vanaf dat moment ligt de ingang van de kerk in de toren. Én de kerk kreeg haar huidige naam: de Petruskerk.
2013 Einde protestantse diensten en verkoop
Vanaf 2013 vinden er niet langer protestantse diensten plaats. De kerk werd verhuurd aan de Bethel Tempel Nijmegen van de Volle Evangelie Gemeenten Nederland.
In 2020 besloot de Protestantse Gemeente de kerk te verkopen (in plaats van de Maranathakerk). De kerk is particulier eigendom, de toren valt onder het beheer van de gemeente.
Gedenksteen
In de zijmuur bevindt zich een gedenksteen met opschrift: ” 1798 8-I stont het waater aan deze steen “
Rijksmonument
De kerk en toren zijn sinds april 1973 Rijksmonument.
(Overige) Bronnen en verder lezen over de Petruskerk
Aan de Schependomlaan staan en stonden prachtige villa’s. Een aantal zijn intussen verdwenen.
Villa Edith
Villa “Edith”, Dorpsstraat Hees, 29/4/1910 (F21309 RAN)
Klambir-Lima
De villa Klambir-Lima (5 klapperbomen) zo genoemd door de toenmalige eigenaar J.A. van Zijp. Daarvoor droeg de villa de naam Bloemendaal; het buiten met grote tuin en vijver werd in 1833 gekocht door de moeder van de eerste Nijmeegse gemeentearchivaris, Diederik van Schevickhaven die er enige jaren van zijn jeugd doorbracht. In 1931 werd de villa verkocht ter afbraak en herinnert slechts een straatnaam aan het buiten. In het adresboek werd Kerkstraat 81 opgevoerd, Dikkeboomweg, 1910-1912 (F78684 RAN)De Rijwielzaak & Smederij van de gebroeders Nieuwenhuis, 1986 (KN11551-4 RAN CC0)
(Overige) Bronnen en verder lezen over de Schependomlaan
Deze pagina verzamelt reeds verschenen artikelen over de Krayenhofflaan.
Kijkend naar de Kauwstraat in de richting van Vissers Meubelen aan de Eerste Oude Heselaan, het pand links is de Woningstoffering winkel van G.J. van den Ing, Krayenhofflaan 287, 1978-1980 (Gemeente Nijmegen via KN11412-6 RAN CC00)De voormalige Fa. H. Wijnen & Zonen Timmerfabriek, rechts de afslag naar de Sperwerstraat, Gemeente Nijmegen, 1978-1980 (KN11123-19 RAN CC0) Krayenhofflaan 132
1955 Priesterkoor H. Hartkerk 1955 Krayenhofflaan “H. Hartkerk Krayenhofflaan kreeg een nieuw priesterkoor “Jubilate: Juicht Gode toe, dient de Heer in vreugde”. Met deze cantate woorden beëindigde in veelstemmige verklanking het koor van de H. Hartkerk een zinrijke en vreugdevolle plechtigheid. Op 22 Februari 1944 werd de Parochie Krayenhofflaan getroffen, zij het niet zó omvangrijk…
Het door de Nijmeegse architect Charles Estourgie ontworpen R.K. Verenigingsgebouw dat na na grote inspanning van pater P.Fr.P. Cremer O.P. tot stand kwam. Pastoor Jansen repte in zijn openingstoespraak dat de buurt van een rode buurt in een roomse buurt was veranderd. Later werd het gebouw een bioscoop, Asta (1946) en Metro (1969-1972) om uiteindelijk…
Bredero’s Bouwbedrijf bouwt in 1932 de woningen aan de Havikstraat. In het plan behoren tevens een aantal woningen op de hoek van de Krayenhofflaan en de Oude Heessche Laan. De tekenaar hiervan is H. Ryksen Jr. Daarvoor heeft ze een perceel in het bezit van het Oude Burgergasthuis aangekocht.
Tijdens het bombardement op 22 februari 1944 was de Krayenhofflaan een van de hardst getroffen straten. Buurtbewoners namen het initiatief voor een monument, welke in 2013 werd onthuld aan de gevel van bakkerij de Bie.
1883 (Hoek Krayenhofflaan Voorstadslaan) gesloopt rond 1974
De voormalige margarinefabriek Batava, gesloopt in 1974; op die plaats is het magazijn van de Technische Unie gebouwd (27-06-1974), Krayenhofflaan, 1974 (Jan Cloosterman via F29247 CCBYSA)
Op 15-5-1883 vindt de aanbesteding plaats van “Het bouwen van eene Villa met leverantie van alle materialen en arbeidsloonen” voor W. Salomonski (PGNC 6/5/1883).
Gelderse Papierfabriek
Op de hoek van de Voorstadslaan en de Krayenhofflaan stond de Papierfabriek Gelderland Tielens. Deze was tot 1963 in gebruik, waarna het zich in een nieuwe fabriek aan de Ambachtsweg vestigde. Nadat het gebouw 13 jaar leeg had gestaan, brak op 22-6-1976 brand uit, waarbij de hele fabriek in vlammen opging. Tegenwoordig zijn er eengezinswoningen en appartementen op het terrein.
Meer over deze fabriek met een foto van de brand in 1976 is te lezen in de Gelderlander.
Maria Immaculataschool aan de Krayenhofflaan werd geopend
De prachtige, nieuwe school aan de Krayenhofflaan, waarvan men een afbeelding ziet, is vanmorgen onder grote belangstelling geopend. In hetzelfde gebouw is op verlangen van de Zusters Dominicanessen zowel het VGLO als het ULO-onderwijs ondergebracht.
Pastoor Brenninkmeijer O.P. smeekte Gods zegen af in de kerk en daarna trok een lange stoet van genodigden en onderwijskrachten naar het imposante nieuwe gebouw aan welks gevel de beeltenis van de H. Maagd is aangebracht. “Maria Immaculataschool” zal dit belangrijk gebouw voor de opvoeding van de kinderen in de parochie van het H. Hart dan ook heten.
Nadat de Pastoor de inzegening had verricht, sprak hij een woord van gelukwens tot West Nijmegen, dat zich op dit ogenblijk nu deze school tot stand is gekomen gelijkwaardig mag achten aan andere stadswijken.
Dank bracht de pastoor aan het bestuur van de Rosa-Stichting voor zijn initiatief; dank aan de hoofden van de school Zr. Donata en Zr. Thoma en aan alle onderwijzeressen, die zich tot nog toe met inwoning hadden moeten behelpen. En de kinderen drukte spr. op het hart animo te tonen en door hun medewerking te waarderen wat voor hen tot stand is gebracht.
De Hoogeerw. heer Deken sprak vervolgens een woord van waardering en van gelukwens. Hij wees op de verheven bestemming van dit schoolgebouw in dienst van het huisgezien en van de Kerk en sprak een aanmoedigend woord tot de docenten, die na zeven jaar van voorbereiding hun ideaal bereikt zagen.
De inspecteur van het L.O. de heer Ackermans sprak zijn bijzondere vreugde uit over de opening van deze school, welke hier zozeer op haar plaats is. Spr. uitte zijn bewondering voor de offergezindheid van ons volk, dat zware offers brengt om zijn onderwijs te kunnen verzorgen. Spr. dankte in dit verband het bestuur van de school, dat ook uit eigen middelen financiële offers heeft gebracht om de school te verwezenlijken naar de plannen van het Ing. en Arch. Bureau de Jongh, Taen, Nix met als medewerkend architect de heer J.H.A. Giesbers. Spr. had bewondering voor deze bouw, welke door de aannemer De Graaf uit Berg en Dal was tot stand gebracht. Dank bracht sprl. Aan de Zusters Donata en Thoma en aan allen die hun medewerking hebben verleend.
Namens de gemeente sprak wethouder J. Tilman een woord van gelukwens. Gaarna had het college van B. en W. zijn financiële steun verleend om de school te doen bouwen, waar deze vorm van onderwijs kon worden gegeven. Wellicht dat door dit voorbeeld ook in andere wijken van Nijmgen V.G.L.O.-scholen tot stand zullen komen, aldus de wethouder.
Namens de afdeling Nijmegen van de Katholieke Onderwijzersond sprak de heer Kuipers een woord van gelukwens. Mej. Maas bood onder een toepasselijk woord de Zusters een geschenk aan. Zr. Donata sprak het slotwoord waarin zij dank bracht aan het bestuur van de Rosa Stichting, aan architecten en aannemer, aan inspecteur Ackermans, aan de gemeente en aan allen, die het werk hadden gesteund en bevorderd.” (De Gelderlander 6/9/1952)
Krayenhofflaan 98 en 100
In 1952 besteedt architect B.W.A. Goddijn het “Het herbouwen van twee eengezinswoningen aan de Krayenhofflaan 98 en 100 te Nijmegen” namens “opdrachtgeefster Mevr. de Wed. C.J. Langenhof-Berendts te Nijmegen” aan (De Gelderlander 5/4/1952)
1937 Bredero’s Bouwbedrijf “Werk 26”: 10 woningen aan de Krayenhofflaan
Woningen Bredero in Krayenhofflaan, september 2022 (Google StreetView)Bredero Werk No. 26 10 woningen aan de Krayenhofflaan, tekening 26-5-1937, tekenaar: paraaf of onleesbaar (D12.403461)
Slagerij Brinkhoff en schoenenwinkel Raemakers
1953 Krayenhofflaan
In mei 1953 heropent slagerij Brinkhoff op de Krayenhofflaan. Bij het bombardement van februari 1944 werd het gebouw samen met dat van anderen op de hoek van de Krayenhofflaan verwoest. In de afgelopen 6 jaar had Brinkhoff bij andere bedrijven ingewinkeld. Nu is er een pand gebouwd met 2 zaken. “Architect Kuipers uit Nijmegen heeft hier een door zijn grote eenvoud opvallend fraai geheel geschapen, dat uitstekend past in deze omgeving. De slagerij is zeer modern ingericht en voldoet aan de allerhoogste eisen… In hetzelfde pand opende gistermiddag het schoenenmagazijn Gebr. Raemakers uit de Molenstraat een filiaal, waarmede West-Nijmegen zijn eerste schoenenzaak gekregen heeft. Deze nieuwe zaak is in grote lijnen een copie van die in de Molenstraat; zij is sober doch practisch en smaakvol ingericht en is een aanwinst voor deze grote wijk.” ( De Gelderlander 8/5/1953)
Het artikel noemt schoenenzaak Raemakers, terwijl in het oorspronkelijk bijschrift van het RAN “Brinckhoff’s schoenenzaak” staat. Het is nog onduidelijk of het een en dezelfde naam betreft, of dat Brinkhoff in de loop der tijd de zaak heeft overgenomen, of dat er sprake is van een vergissing.
Maison Schuijers
Links slagerij Brinkhoff, rechts schoenenzaak Krayenhofflaan, 1958 (F92083 RAN CC0)
Papierfabriek Gelderland
Een luchtfoto van de Papierfabriek “Gelderland” ; P.S. op dit terrein tussen de Oude Weurtseweg (boven) , de Krayenhofflaan (rechtsboven) , de Voorstadslaan (rechts onderin) en de Eerste Oude Heselaan (links onderin) worden in 1985 woningen gebouwd aan de Aalscholverplaats , de Meerkoetplaats , de Reigerplaats , de Uiverplaats en de Waterhoenplaats. Geheel rechts onderin woningen aan de Kop van de Weurtseweg, Voorstadslaan, 1932 (F58411 RAN)
De Kerk van het Heilig Hart, Krayenhofflaan Biezen, 1905 (F67010 RAN)
Kerk van ’t Heilig Hart met klooster en de Rooms Katholieke Meisjesschool en bewaarschool van de Zusters Dominicanessen van Neerbosch, Krayenhofflaan 275 Biezen, 1910-1912 (F78682 RAN)
1955 Priesterkoor H. Hartkerk
1955 Krayenhofflaan
“H. Hartkerk Krayenhofflaan kreeg een nieuw priesterkoor
“Jubilate: Juicht Gode toe, dient de Heer in vreugde”.
Met deze cantate woorden beëindigde in veelstemmige verklanking het koor van de H. Hartkerk een zinrijke en vreugdevolle plechtigheid.
Op 22 Februari 1944 werd de Parochie Krayenhofflaan getroffen, zij het niet zó omvangrijk als sommige andere parochies van Nijmegen, door het brute oorlogsgeweld.
Na het verlies van vele dierbaren moesten de parochianen tevens de ontluistering van hun Godshuis betreuren: Het priesterkoor werd door granaten weggeslagen, de ramen werden vernield.
Elf jaren lang behielp men zich door het weggeslagen koor met een nood.. te dichten, tegen welk onaesthe… geval het grote gebeuren van het gezamenlijke offer wel devoot maar niet tot voldoening stemmend en passend zich kon vertrekken.
Op 22 Februari beleefde de parochie de vreugde een nieuw priesterkoor te hebben. Nu wordt de eredienst een grotere vreugde.
Een plechtige H. mis, opgedragen met alle luister van de solemne Dominicaanse liturgie was de inwijdingsplechtigheid.
Het H. Offer werd opgedragen door de Hoogeerw. Pater Dr. C. Vijverberg O.P. Vicaris Provincialis. Presbyter assistent was pastoor G. Brenninkmeijer O.P. door wiens activiteit dit herstel tot stand kwam.
Als diaken fungeerde de Z.E. Pastoor Beckman O.P. uit Neerbosch, terwijl p. Stevens O.P. Kapelaan der parochie Subdiaken was. De acolythen-functies werden waargenomen door fraters studenten uit het Albertinum. Het versterkte zangkoor van de H. Hart-parochie voerde onder leiding van de heer Theissing op verdienstelijke wijze de vier-stemmige Mis van Perosi uit.
Vele parochianen en menige weldoener woonden de plechtigheid bij terwijl de Hoogeerw. Heer Keken C. van Dijk ook door zijn tegenwoordigheid blijk gaf dit gebeuren in de Krayenhofflaan vreugdevol mee te wilen vieren.
Na het H. Offer, dat de dank aan God vertolkte voor het totstandkomen van deze vernieuwing had in de cantine van het Veilingsgebouw aan de Marialaan een bijeenkomst plaats.
Pastoor Brenninkmeijer bracht eerst in een warm gestemde rede in herinnering de velen, die op 22 Februari 1944 bij het tragische bombardement het leven lieten. Vervolgens bracht hij dank aan zijn voorgangers pater H. Meyer O.P. die gezorgd had, gesecundeerd door wijlen de heer G. Braam, dat de Dienst dank zij een noodvoorziening in het Kerkgebouw kon blijven doorgaan.
Dank bracht spreker eveneens aan de regeringsinstanties, aan de bisschoppelijke bouw-inspectie, aan de begunstigers en weldoeners van de parochie en last but not least bijzonder aan de parochianen, die door hun offervaardigheid medegewerkt hebben dit schone werk tot stand te brengen.
Ook moesten de architect, de heer van Veen, de aannemer, de heer v. Gemert en alle andere uitvoerders en arbeiders een hartelijk woord van dank accepteren.
Een verrassing bracht het moment toen de Hoogeerw. p. Vicarius provincialis een telegram van Z.H. de Paus voorlas, die aan de geestelijkheid, het kerkbestuur, de zusters en alle parochianen en weldoeners Zijn gelukwensen en Zijn Apostolische Zegen schonk.
Na een gezellig samenzijn met de vele gasten werd dit feest besloten.
De architect en de aannemer hebben een fraai werk geschapen.
Het nieuwe priesterkoor heeft in de Absiswand blinde muren om te voorkomen dat gelovigen recht in het licht zien. Het hoofdaltaar komt des te beter uit tegen deze achtergrond in sober neo-gotische, aan de kerk aangepaste stijl.
Het hoofdaltaar, kort voor 1944 tot stand gekomen, heeft het geweld overleefd. In prachtig wit caracatta marmer voldoet het zowel door proporties als door de rijkdom van het materiaal.
Een mooie vloer van traverlijn marmer completeert het geheel. Aan de epistelzijde ligt een nieuwe ruime zusterskapel die door sierlijke, op hardstenen kolommen rustende bogen met het priesterkoor is verbonden. Het geheel hoger gelegen als eertijd, imponeert door zijn nobele stemming waartoe ook het goudgele licht, van opzij vallend door de vensters, veel bijdraagt.
Moge de rustige, forse achterwand binnen een niet al te lange tijd door een geproportioneerd crucifix de verfraaiing krijgen, die ze vraagt. De parochianen van de H. Hartkerk kunnen wij met deze dag gelukwensen.” (De Gelderlander 23/2/1955)
Het door de Nijmeegse architect Charles Estourgie ontworpen R.K. Verenigingsgebouw dat na na grote inspanning van pater P.Fr.P. Cremer O.P. tot stand kwam. Pastoor Jansen repte in zijn openingstoespraak dat de buurt van een rode buurt in een roomse buurt was veranderd. Later werd het gebouw een bioscoop, Asta (1946) en Metro (1969-1972) om uiteindelijk te eindigen als filiaal van de bekende meubelhandel Vissers, waarna de sloop volgde (na 1980)
Inwijding
Grote zaal R.K. Verenigingsgebouw (RAN)
“Gistermiddag” (PGNC 16/8/1908, dus waarschijnlijk zaterdag 15 augustus 1908) vindt de inwijding plaats:
“De Inwijding van het R.K. Vereenigingsgebouw in de Krayenhofflaan.
In tegenwoordigheid van een zeer groot aantal belangstellenden, waarbij wij opmerkten vele paters Dominicanen en andere geestelijken, benevens eenige burgelijke autoriteiten, waaronder de Katholieke Wethouders, de heeren Busser en Vrancken, had gistermiddag de plechtige inwijding plaats van ’t nieuwe naar de plannen van den architect, den heer Estourgie gestichte R.K. Vereenigingsgebouw in de Krayenhofflaan, door den hoogeerw. heer Deken E.A. van Son.
Terstond na afloop van het solemneel Lof, met Veni Creator, in de parochiekerk van ’t H. Hart, had tegen half vijf de inwijding plaats, waarna de zeereerw. pastoor L. Jansen het met bloemen versierden podium betrad, waar het bestuur van ’t nieuwe gebouw reeds plaats had genomen.
Na een kort welkomstwoord dankte Z.eerw. in een kernachtige toespraak den hoogeerw. heer Deken voor den afgebeden zegen op ’t gebouw, waarin ongetwijdeld de geheele parochie zal deelen. Spreker herinnert aan de jarenlange financieele moeilijkheden, die de totstandkoming van dit vereenigingsgebouw en aan het doorzettingsvermogen in deze van zijn voorgangers.
Hij brengt op de eerste plaats dank aan deze stichting, aan Hem toegewijd. Maar naast God dient dank en hulde gebracht te worden aan den onvergetelijken, algemeen bekenden en beminden pater P. Cremer O.P., die -vertrouwende op Gods belofte: “vraagt en ge zult verkrijgen”,- rusteloos heeft gewerkt aan de verwezenlijking van zijn ideaal: een Roomsch Vereenigingsgebouw in de Krayenhofflaan.
Herdenkingssteen R.K. Verenigingsgebouw (RAN)
Jammer, zegt spreker, dat hij thans zijn werk niet kan zien. De gedenksteen door het bestuur in de voorhal van ’t gebouw aangebracht, zal echter aan het verre nageslacht vermelden wat pater Cremer voor zijn vroegere parochianen heeft verricht.
Doch ook aan den tegenwoordigen pastoor van Neerbosch, den Z.E. pater H. Geveling O.P. -den vroegeren rector in deze parochie- wenscht spreker, ook namens het bestuur en de parochianen, een welverdiend woord van dank te brengen, want de grootste giften voor den bouw zijn in hoofdzaak door de handen van pastoor Geveling bijeengebracht. Zij beiden, zegt spreker, hebben de fundamenten gelegd, waarop wij hebben voortgebouwd. (Daverend applaus).
Een woord van dankbare hulde ook aan den bekwamen architect, den heer Estourgi(e), die dor zijn practische plannen, met een betrekkel. Kapitaal ’n even groot als sierlijk en doelmatig gebouw wist daar te stellen, en aan de aannemers, de h.h. Bakker en Beker, die onder harmonische samenwerking met den ijverigen opzichter, den heer C. Verbeeten, op zeer verdienstelijke wijze die plannen uitvoerden.
Spreker wijst vervolgens op den grooten aanwinst met dit parochiaal Vereenigingsgebouw, en brengt in herinnering de minder gunstige reputatie, waarin de Kraaijenhofflaan, 25 jaar geleden, verkeerde.
Zoo ergens, dan was voor deze volkrijke en dikwijls zeer gevaarlijke buitenwijk, naast de in den loop der laatste jaren reeds gestichte Katholieke instellingen voor de jeugd enz., zulk een gebouw zeer noodig. En, Gode zij dank! het is er thans, zoodat men in plaats van een “roode buurt, nu van een “Roomsche buurt” mag spreken. (Daverend applaus).
Men heeft wel eens gezegd, aldus spr., “Pastoor Jansen is te optimistisch”, ook met betrekking tot den bouw van dit Katholieke Tehuis. Spreker heeft dien bouw, met weinig kapitaal aangedurfd, omdat hij rekende op de Goddelijke Voorzienigheid en op den moreele en financ. steun zijner parochianen. Spreker is er vast van overtuigd, dat Gods zegen rusten zal op een werk, dat begonnen is in ’t godsdienstig en materieel belang der parochianen en hun nageslacht. Daarom vertrouwt spr., dat, naast de leden dezer parochie, ook niet-parochianen hun schouders zullen zetten onder de nog op ’t gebouw rustende schuldenlast en daarom zullen inteekenbiljetten voor het donateur- en lidmaatschap van het Vereenigingsgebouw worden uitgegeven. Allen moeten samenwerken om dit gebouw te maken tot een gezellig tehuis, tot een centraal punt voor ’t houden van vergaderingen, feestelijke bijeenkomsten enz.
Onder daverende bijvalsbetuigingen eindigt spr. zijn toespraak, waarna alle aanwezigen het lied “Roomsche Blijdschap” gezongen werd.
Na afloop hiervan richtte de Hoogeerw. Heer Deken een hartelijken gelukwensch tot pastoor Jansen, het bestuur en de parochianen, met de opening van dit mooie gebouw, waarvan spreker de inzegening gaarne heeft verricht. Spr. wijdt vervolgens een sympathiek woord aan den Weleerw. Pater Cremer voor diens taaie werkkracht, in ’t belang der oprichting van ’t gebouw, en spoorde de parochianen aan hun geestelijken herder te steunen en steeds te blijven katholieken van de daad, onder de schutse van ’t H. Hart. (Applaus).
Na een dankwoord van den ZeerEerw. Pastoor op deze toespraak, werd een schrijven voorgelezen van Pater Cremer, die door ongesteldheid verhinderd was, de openingsplechtigheid bij te wonen, maar zijn bijzonderen dank bracht aan de propagandisten der parochie, met den wensch dat zij steeds mogen blijven een flinken steun voor de toekomst.
Spreker eindigt met een woord van dank daan de beide aanwezige heeren Wethouders voor hunne belangstelling en tevens voor alles wat zij, met het gemeentebestuur, in ’t maatschappelijk belang der bewoners van de Kraaijenhofflaan hebben verricht, waarna deze even eenvoudige als treffende plechtigheid met den Christengroet en het zingen van het lied “Aan U, o Koning der Eeuwen” gesloten werd.
We komen deze week op een nadere beschrijving van dit Parochiaal Vereenigingsgebouw terug.” (PGNC 16/8/1908)
43 Woonhuizen en 2 Winkelhuizen Neerbosch Sectie B 925
Overzicht woningen Havikstraat, datum tekening 2-1-1932, tekenaar H. Ryksen (D12.398201)
MEEST RECENTE VERHALEN
Bredero’s Bouwbedrijf bouwt in 1932 de woningen aan de Havikstraat. In het plan behoren tevens een aantal woningen op de hoek van de Krayenhofflaan en de Oude Heessche Laan. De tekenaar hiervan is H. Ryksen Jr. Daarvoor heeft ze een perceel in het bezit van het Oude Burgergasthuis aangekocht.
Daarbij stelt de Bredero voor om een stuk grond aan de gemeente over te dragen, zodat de gemeente hier een openbare weg (de Haviksstraat) kan aanleggen. In ruil daarvoor krijgt zij ongeveer 10 c.A. van de gemeente en f3,25 voor elke c.A die zij in de ruil meer heeft afgestaan dan zij terug kreeg (ongeveer 75 c.A.) Tevens is zij bereid de helft van de kosten voor de aanleg van riolering voor haar rekening te nemen. (PGNC 26/2/1932)
Advertentie Bredero’s Bouwbedrijf voor woningen “complex Krayenhofflaan” (De Gelderlander 10/3/1932)
Winkelhuis Type B, Perceel No 31 (adres: Havikstraat 24) (D12.398184)
Gewijzigd plan Perceel no 21, 22 en 23; er is een bakkerij gepland, datum tekening 8-9-1932, tekenaar H. Ryksen Jr. (D12.398191)Gewijzigd plan Oude Heesschelaan percelen 1,2,3,43,44,45 Types A, datum tekening 24-6-1932, tekenaar onleesbaar (niet Ryksen) (D12.398194)Perceel 1,2,3 en 43,44,45, tekening 11-12-1931, tekenaar H. Ryksen (D12.398197)Perceel 21 t/m 27, datum tekening 14-1-1932, tekenaar H. Ryksen (D12.398200)
In oktober 1932 verschijnen advertenties dat de woningen in de Havikstraat te bezichtigen zijn.
PGNC 12/10/1932, soortgelijk in de Gelderlander 11-10-1932 (ander lettertype)
De Gelderlander 27/9/1932
De Gelderlander 29/10/1932
Gevonden vermeldingen vestiging vertrek t/m 1934
Naam
Beroep
Adres
Afkomstig van
Krant
Vertrokken naar
J. Moesker en Gezin
O. machinist N.S.
Havikstraat 14
Uithoorn
PGNC 17/12/1932
Zie ook Wellens!
J. Jansen en gezin
Gep. N.S.
Havikstraat 31
Elst
PGNC 17/9/1932
Zie ook A.G. Jansen!
J. Kunst en gez.
Reiziger
Havikstraat 19
Wisch
PGNC 15/10/1932
P. de Lang en gez.
Baggermeester
Havikstraat 4
Wedau, Dl
PGNC 5/11/1932
C. du Croix
Havikstraat 25
De Gelderlander 2/11/1932
Oprichting toneel
H. Stens en gez.
Incasseerder
Havikstraat 11
Rotterdam
PGNC 19/11/1932
F.H. Neutelings en gezin
Handelsreiziger
Havikstraat 2
Venlo
PGNC 26/11/1932
J.J.J. Weevers en gezin
z.b.
Havikstraat 18
Bandjermassin
PGNC 27/5/1933
Naar Ned. Indie, als onderluit. (PGNC 20/1/1934)
F.A. Savi
bankwerker
Naar Heerlen (PGNC 17/6/1933)
A.G. Jansen
Bakker
Havikstraat 31
Beuningen
PGNC 16/9/1933
L.J. Eichelsheim
Oliereiziger
Havikstraat 28
failliet
W. Brouwer en echtgenoot
Grondwerker
Lochem
PGNC 2/12/1933
G. Nagelhout en gezin
Wagenmeester
Havikstraat 17
Oldenzaal
PGNC 9/12/1933
H. Lefeber
Klerk
Havikstraat 20
Wisch
PGNC 31/3/1934
Jac. Faber
Eigenaar garage Faber
Havikstraat 35
De Gelderlander 7/9/1934
advertentie
H. Duijs
Bakkersknecht
Havikstraat 18
Wijchen
PGNC 28/7/1934
Wellens
Havikstraat 14
De Gelderlander 6/10/1934
J.A. Croonen
Overname sigarenmagazijn de Havik
Havikstraat 9
De Gelderlander 15/12/1934
L.A. Rösel en gezin
Insp. Panorama
Havikstraat 22
PGNC 12/1/1935
Sigarenmagazijn
Sigarenmagazijn de Havik, Havikstraat 9 (De Gelderlander 28/11/1933_
Advertentie Sigarenmagazijn de Havik, Havikstraat 9, voortgezet door J.A. Croonen (De Gelderlander 15/12/1934)
Bakkerij
Th.G.J. Verheijen krijgt op 20-1-1933 een hinderwetvergunning voor de oprichting van een door elektriciteit gedreven brood- en banketbakkerij in het perceel Havikstraat no. 37 (PGNC 24/1/1933)
Bredero’s Bouwbedrijf staat tegenwoordig vooral bekend om haar grote naoorlogse projecten en het uiteindelijke faillissement. Het bedrijf was echter vóór…
Bredero’s Bouwbedrijf staat tegenwoordig vooral bekend om haar grote naoorlogse projecten en het uiteindelijke faillissement. Het bedrijf was echter vóór…
Brans, Krayenhofflaan 337-339-341,-1985 (Ber van Haren via RAN)
In 1931 ontwerpt architect Arie van der Kloot de verbouwing van de hoek Krayenhofflaan/1e Oude Heselaan voor G. Brans.
Brans Krayenhofflaan 337 339 341 Nieuwe toestand (detail D12.396874)
Nieuwe toestand (D12.396874)
Krayenhofflaan 337 339 341 Oude toestand (detail D12.396873)
Oude toestand (Detail D12.396873)
“Verbouwing Firma G. Brans.
Heden is de slijterij annex sigarenmagazijn der Firma G. Brans aan de Krayenhofflaan 337-341 heropend. De zaak ziet er keurig uit. Een woord van hulde moet gebracht worden aan de architect den heer A. v.d. Kloot, die iets moois tot stand heeft weten te brengen. Noemen wij alleen maar de betegeling van de pui, welke doet denken aan een Perzische wandbekleeding. Verder werkten aan de totstandkoming der zaak mede de firma Gebr. Sutmulder, aannemers, firma Brans, schilders, firma v. Veen, elektriciteit, firma Bilderbeek, glas in lood, firma A. Tielemans, behangerij. Wij wenschen den heer Brans veel succes met zijn nieuwe zaak. “ (PGNC 18/12/1931)
Op de locatie van een voormalig bedrijventerrein in Nijmegen ontstaat in de jaren 0 het stedenbouwkundige project “De Nieuwe Voorstad”, bedoeld als verdichting en herontwikkeling van een verouderd stadsgebied. Het meest controversiële onderdeel wordt het wooncomplex De Paladijn, een 15 verdiepingen hoge woontoren die al vóór oplevering tot juridische en maatschappelijke discussie leidt.
De Paladijn is de naam van het complex waarvan de hoogste toren 14 verdiepingen telt. Deze toren is in totaal 48 meter hoog. Er zijn 122 appartementen bovenop commerciële ruimten en een parkeergarage voor ongeveer 116 auto’s.
Het ontwerp is afkomstig van Architectenbureau Weeda van der Weijden. De opdrachtgever hiervan was Novio Sector Vastgoed. De bouw was van November 2010 – september 2012, waarbij Bouwbedrijf van de Ven (tevens bron van dit artikel) de aannemer was.
De Nieuwe Voorstad
De Paladijn is onderdeel van het plan “De Nieuwe Voorstad”. Naast de Paladijn bestaat deze grofweg uit de Feniks en de Griffioen. Daarbij profileert Talis, de verhuurder van 45 appartementen, de Paladijn zowel als “strategische” ligging, aangezien alles (centrum, openbaar vervoer) goed bereikbaar is. En daarnaast als “stad in een stad”, waar alle voorzieningen aanwezig zijn. https://www.yumpu.com/nl/document/read/19908154/huren-met-nijmegen-in-het-vizier-nieuwevoorstad/1
Naast de genoemde 45 appartementen staat in het Jaarverslag over 2011 ook 35 koopwoningen als “achtervang” (https://talis.nl/wp-content/uploads/2019/09/jaarverslag-2011.pdf). Ook wordt Talis binnen de Nieuwe Voorstad in ieder geval eigenaar van in totaal 135 appartementen in de Griffioen en de Feniks. Daarnaast noemt ze 16 huurwoningen in de Sperwerstraat, welke mogelijk ook de woningen van het plan Nieuwe Voorstad zijn.
Te hoog en te onveilig?
De Paladijn (april 2026)
“Omwonenden” vechten de bouw van de Paladijn aan. De procedure rond de Paladijn in Nijmegen begint in 2009, wanneer de gemeente op grond van artikel 19 WRO (oud) een vrijstelling en bouwvergunning verleent voor een appartementencomplex dat afwijkt van het bestemmingsplan. Omdat het plan aanzienlijk groter en anders is dan planologisch toegestaan, ontstaat er bezwaar vanuit de omgeving.
Omwonenden (appellant A) en een nabijgelegen bedrijf (appellant B) starten daarop een procedure. Appellant A voert vooral algemene woon- en leefbelangen aan, zoals aantasting van uitzicht, schaduwwerking, privacy en extra verkeersdruk. Appellant B richt zich op de planologische en milieutechnische gevolgen van de ontwikkeling, met name dat de afstand tussen het bedrijf en de nieuwe bebouwing slechts circa 15 meter bedraagt, terwijl volgens de VNG-richtafstand een grotere afstand nodig is om milieuhinder te voorkomen. Daarbij wordt ook aangevoerd dat er geen concrete maatregelen zijn getroffen of onderbouwd waaruit blijkt dat de situatie ondanks die korte afstand toch veilig en aanvaardbaar is, bijvoorbeeld via technische voorzieningen of een uitgewerkte risicoanalyse.
De rechtbank geeft de bezwaarmakers gelijk en vernietigt de vrijstelling en bouwvergunning. De kern daarvan is dat de gemeente niet heeft voldaan aan de eis van een goede ruimtelijke onderbouwing onder artikel 19 WRO: er is onvoldoende inzichtelijk gemaakt waarom de afwijking van het bestemmingsplan, met name in relatie tot de korte afstand tot het bedrijf en de ontbrekende veiligheids- en milieumaatregelen, toch aanvaardbaar zou zijn.
In hoger beroep bevestigt de Raad van State dit oordeel in ECLI:NL:RVS:2012:BV6524. De Afdeling benadrukt dat de algemene bezwaren van appellant A (zoals uitzicht en schaduw) niet doorslaggevend zijn, maar dat de bezwaren van appellant B wel gewicht hebben: de korte afstand van ongeveer 15 meter tot het bedrijf is niet voldoende onderbouwd als veilig, juist omdat ontbreekt hoe eventuele milieuhinder of veiligheidsrisico’s zouden worden ondervangen. Er zijn geen overtuigende maatregelen of analyses vastgelegd die aantonen dat de situatie ondanks de afwijking van de VNG-richtafstand verantwoord is.
Het gevolg is dat de vrijstelling juridisch niet in stand blijft. In de praktijk blijft het gebouw echter bestaan, omdat na de uitspraak alsnog maatregelen worden getroffen en de milieusituatie via latere regulering (onder meer via het Activiteitenbesluit en bedrijfsaanpassingen in 2012, met controle in 2013) wordt genormaliseerd, waardoor de situatie alsnog als aanvaardbaar wordt vastgelegd.
In 2011 gaat Rietbergen Concept Vastgoed bv failliet. Dit bedrijf was onderdeel van moederbedrijf Rietbergen Holding. Deze Rietbergen Holding was ook eigenaar van de Novio Sector, de ontwikkelaar van de Paladijn.
“Rietbergen Concept Vastgoed was ontwikkelaar en bouwer van de Kwitfit-garage, eveneens aan de Marialaan. Rietbergen heeft de locatie jaren geleden te duur gekocht, zegt hij nu.
“Vijf, zes jaar geleden was er een andere marktsituatie.” De schuldenlast is meer dan vier miljoen euro. Opgelegde bouwstops en juridische procedures zorgden ook voor forse tegenslagen. Omwonenden liepen te hoop tegen de bouwhoogte en parkeeroverlast. Zij stapten naar de rechter en uiteindelijk naar de Raad van State. “Een deel van de schulden, twee ton, is veroorzaakt door bouwstops en procedures.”” (https://www.gelderlander.nl/nijmegen/faillissement-bouw-flat-de-paladijn-niet-in-gevaar~a8e937f9/)
De verkoop van appartementen is niet succesvol: in oktober 2012 was er 1 penthouse verkocht en zaten er nog 3 in de pijplijn. Daarop koopt Talis naast de 45 appartementen die zij al had nog eens 35, eveneens om te verhuren. Ook de andere appartementen gaan de verhuur in. “. „En als huurwoning zijn ze dan binnen tweeënhalve maand allemaal weg”, constateert Van Rumund. „Dat is de markt. Het zegt iets over de situatie op de woningmarkt, en over de kwaliteit van het complex. ” “
In 2017 verkoopt Bouwbedrijf van de Ven via ABC Capital een deel van het complex een “particuliere belegger”. Het gaat om 53 meergezinswoningen, 71 parkeerplaatsen en 3 commerciële ruimten. Het blijkt dat van de Ven deze appartementen na de bouw in 2012 had verhuurd. Het gaat om appartementen met een oppervlakte van 85 tot 120 m².
Ook blijkt uit het artikel van ABC Capital, dat een deel van de commerciële ruimtes worden verbouwd naar 6 appartementen; het is mij nog niet bekend of het daarbij al dan niet om de te verkopen ruimtes gaat.
Verkoop door Talis
Talis verkoopt per 17 december 2018 80 appartementen in de aan het Panta Rhei Dutch Residential Fund (Panta Rhei). https://vastgoedjournaal.nl/news/38725/panta-rhei-koopt-huurappartementen-paladijn-nijmegen-nbsp. Afgaande op het Jaarverslag van Talis uit 2011, is zij (in de loop der tijd) eigenaar geworden van de 35 woningen voor de “achtervang), naast de 45 appartementen waarvan ze al eigenaar was.
Aan de Ijsvogelpassage staan twee grote beelden van Romeinse soldaten. Een verwijzing van het Romeinse verleden van de locatie van het gebouw: een paladijn was een keizerlijke lijfwacht (het huis van de keizer stond in Rome op de Palatijn).
De brochure van Talis vergelijkt ook de uitstraling van het complex als “robuust, bijna als het Romeinse fort dat hier ooit heeft gestaan.” En: “Moderne architectuur ontmoet hier het verleden:
met z’n twee woontorens heeft het gebouw wel iets van een poortwachter die waakt over de stad! …“Dat ‘oud’ en ‘nieuw’ hier harmonieus samen gaan, is goed te zien. De vormgeving van het gebouw is typisch van nu, met z’n stoere, hoekige uitstraling. Het verschil in hoogte tussen de twee torens geeft de architectuur een eigenzinnig accent.
Den door de zorgvuldige keus voor twee soorten baksteen, is De Paladijn meteen een gebouw dat hóort op deze plek, midden in een van de oudste wijken van de stad.”