Het voormalige Huize Pater Dehon, van 1951 tot 1974 een doorgangshuis voor voogdijjongens (een soort observatiehuis). (Leon Gustave Dehon was stichter in 1877 van de orde van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus). Huize Pater Dehon sloot in 1974 zijn deuren en werd een jaar later verkocht aan de Stichting Jeugd en Gezin, een fusie van twee Nijmeegse voogdijverenigingen. De BLO-school ging onder de naam ’t Driespan verder als ZMOK-school Het oorspronkelijke pand Villa 'Field View' werd gebouwd in 1913 en werd ingrijpend verbouwd en aangepast naar een ontwerp van architect E. F. Estourgie in 1950, Dennenstraat, 1987 (Anton van Roekel via KN11655-84 RAN CCBYSA)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Doorgangshuis Pater Dehon

Dennenstraat 10 Heseveld

Het voormalige Huize Pater Dehon, van 1951 tot 1974 een doorgangshuis voor voogdijjongens (een soort observatiehuis). (Leon Gustave Dehon was stichter in 1877 van de orde van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus). Huize Pater Dehon sloot in 1974 zijn deuren en werd een jaar later verkocht aan de Stichting Jeugd en Gezin, een fusie van twee Nijmeegse voogdijverenigingen. De BLO-school ging onder de naam ’t Driespan verder als ZMOK-school
Het oorspronkelijke pand Villa 'Field View' werd gebouwd in 1913 en werd ingrijpend verbouwd en aangepast naar een ontwerp van architect E. F. Estourgie in 1950, Dennenstraat, 1987 (Anton van Roekel via KN11655-84 RAN CCBYSA)
Het voormalige Huize Pater Dehon, van 1951 tot 1974 een doorgangshuis voor voogdijjongens (een soort observatiehuis). (Leon Gustave Dehon was stichter in 1877 van de orde van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus). Huize Pater Dehon sloot in 1974 zijn deuren en werd een jaar later verkocht aan de Stichting Jeugd en Gezin, een fusie van twee Nijmeegse voogdijverenigingen. De BLO-school ging onder de naam ’t Driespan verder als ZMOK-school Het oorspronkelijke pand Villa ‘Field View’ werd gebouwd in 1913 en werd ingrijpend verbouwd en aangepast naar een ontwerp van architect E. F. Estourgie in 1950, Dennenstraat, 1987 (Anton van Roekel via KN11655-84 RAN CCBYSA)

Vooraf

Het bombardement van februari 1944 had het Vincentius Kindertehuis aan de Jodengas verwoest. Dit was een observatie- en doorgangshuis. Na medisch en psychologisch onderzoek werd voor deze kinderen vervolgens een passende omgeving gezocht, waarbij geprobeerd werd kinderen zoveel mogelijk in pleeggezinnen onder te brengen.

De Rooms Katholieke Vereniging voor Kinderbescherming was in 1935 opgericht. Deze was opgericht omdat er behoefte was aan een zelfstandige organisatie voor voogdijkinderen, onder andere om subsidies en verantwoordelijkheden gescheiden te kunnen houden. Voorheen had de voogdij onderdeel uitgemaakt van de Vereeniging Liefdewerk.

Na de oorlog werd op 30 mei 1947 de villa Field View aangekocht, een gebouw van de bankier Pierson. Om als opvang voor kinderen te kunnen dienen, is eerst een verbouwing nodig. Vervolgens wordt Huize Pater Dehon in gebruik genomen. Het pand alleen is niet groot genoeg. Daarop koopt de congregatie een naastgelegen boerderij met haar grond aan. In 1950 wordt begonnen met de nieuwbouw. Hiervan is het ontwerp gemaakt door architect Emile Estourgie.

1951: Opvanghuis aan de Dennenstraat

Op 14 november 1951 vindt de opening van de nieuwbouw plaats, voorafgegaan door een inzegening van het gebouw. De opening begint met een mis, waarna toespraken volgen. In het complex is tevens een kleine kapel aanwezig en er is een lagere school: de jongensschool Pater Dehon.

Er is plaats voor 50 jongens, die tussen de 7 en 15 jaar oud zijn. Daarbij is het de bedoeling, dat zij maximaal 3 maanden geobserveerd worden. Daarna volgt advies over het vervolg van de opvoeding. De kinderen komen uit het hele land, omdat er een tekort is aan observatiehuizen.

Vervolg

De jongensschool wordt in 1956 een BLO-school.

Voor de BLO-school wordt in 1960 een nieuwe school gebouwd, waarvoor een perceel van de buren is aangekocht.

Jaren 60

BLO School, Kaaplandstraat 53, 17/7/1961 (Fotopersbureau Gelderland via F7540 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
BLO School, Kaaplandstraat 53, 17/7/1961 (Fotopersbureau Gelderland via F7540 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)

In 1962 werd besloten om de vereniging om te zetten in een stichting: de Nijmeegse Rooms Katholieke Stichting voor Kinderbescherming (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis) en een steunstichting.

In de jaren 60 was er een terugloop in het aantal kinderen in de voogdij (Rooms Katholieke Vereniging voor Kinderbescherming) als in de gezinsvoogdij (Stichting Katholieke Gezinsvoogdij en Patronage) terug.

Vanuit efficiency werd het verstandig geacht beide organisaties samen te voegen. Dit werd vergemakkelijkt, omdat Pater Theodorus al vanaf 1951 in beide besturen zat. In 1971 vond de integratie van beide besturen plaats. Vervolgens gingen de organisaties in 1971 een samenwerkingsverband aan met de voogdij afdeling van het protestantse Van ’t Lindenhoutstichting.

Jaren 70: de paters vertrekken, Stichting voor Jeugd en Gezin

Dennenstraat 10, april 2025 (Google Streetview)
Dennenstraat 10, april 2025 (Google Streetview)

In 1974 vindt de fusie tussen voogdij en gezinsvoogdij plaats en de nieuwe organisatie is de Stichting voor Jeugd en Gezin. Zij kocht Huize Pater Dehon op 18 november 1975. Daarbij kwam er een dagcentrum en de school voor zeer moeilijk opvoedbare kinderen (zmok-school).

Begin jaren tachtig komen aan de rand van het terrein woonhuizen.

Rond 2005 vindt de verbouwing van de villa en het aangebouwde gedeelte van de jaren 50 plaats om het pand geschikt te maken voor kamerbewoning. De ZMOK-school, welke vanaf 1991 onder de Rosa-stichting valt, verhuist naar Lindenholt. Op deze plek komen nieuwbouwwoningen.

Bij de opening in 1951

Bij de opening besteedt De Gelderlander 14/11/1951 besteedt uitvoerig aandacht aan de opening: “het nieuwe doorgangshuis met observatie voor voogdij- en regeringsjongens Huize “Pater Dehon”, dat omgeven door een fraaie tuin aan de Dennenstraat no. 10 is gelegen”.

Aan de officiële opening ging de inzegening door pater L. Leblanc, Provinciaal Overste van de Priesters van het H. Hart vooraf. Deze orde is tevens bestuurder van het huis.

Het huis heeft tot doel kinderen te observeren en ze vervolgens zo veel mogelijk door te plaatsen naar pleeggezinnen.

Het is in deze interessant de openingsrede van prof. dr. P. Calon te volgen, zoals weergegeven in De Gelderlander 14/11/1951. Daarin zijn duidelijk de opvoedingswaarden van de jaren 50 terug te vinden. Zoals Kinderrechten https://www.kinderrechten.nl/geschiedenis/ ze verwoordt: “De opvoeding van kinderen wordt in de jaren ’50 beheerst door de drie R’s van rust, reinheid en regelmaat. Vrouwen en moeders werken in het huishouden en zorgen voor de kinderen. Vaders en mannen verdienen de kost voor het gezin.”

Calon “constateerde aan het begin van zijn rede dat zich de laatste jaren hoe meer tekenen beginnen voor te doen, die het vermoeden wekken dat in een toenemend aantal gevallen het gezin in zijn eerste en overvreemde taak als opvoedingsmilieu van het opvoedingsmilieu van het opgroeiende kind te kort gaat schieten. Het is geen toeval- aldus spr. – dat in deze periode van toenemende ontreddering van het gezin de psychologie en met name de kinderpsychologie ons in staat stelt ons te bezinnen op de waarde van het gezin voor de opvoeding en ons een inzicht kan geven in de factoren, die de ontreddering in de hand werken.”

Er zijn veel factoren voor deze ontreddering, waarvan Calon er enkele noemt:

  • Vroeger was het gezin tevens een economische productie-gemeenschap waarin men elkaar nodig had. Deze noodzaak is weggevallen
  • Ontspanning vond vroeger vooral in huiselijke kring plaats. Door “specialisering van het amusement, met name in de grootstad”, wordt het amusement meer buitenhuis gezocht, waardoor het gezinsleven een dimensie armer is geworden.

Deze ontwikkelingen in gezichtsontwrichting hebben effecten op de psychologie van het kind. Deze heeft om zich psychologisch goed te kunnen ontwikkelen, behoefte aan een liefdevolle zorgende instelling van de ouders, die zich in concrete en tastbare gegevens uit. Daarnaast of daarbij heeft het behoefte aan een eigen levensruimte, waarin het zich vrij en zorgeloos bewegen kan, welke het zelf, met behulp van de ouders, uitbreiden en bevestigen moet, om van daaruit veilig de wereld te veroveren.

Wanneer dat niet gebeurt, zal het kind gefrustreerd raken. Kinderen komen met iedereen in botsing en gaan alles om zich heen als vijandig beschouwen.

Het is duidelijk, aldus spr., dat zowel de kinderen die in hun emotionele ontwikkeling ernstig worden bedreigd of reeds gehandicapt zijn, recht hebben op hulp. Waar de natuurlijke ouders niet kunnen geven wat tot de noodzakelijke voorwaarden voor de emotionele ontwikkeling ban het kind behoort, daar zal een pleeggezin deze taak moeten kunnen overnemen. De niet zelden gehoorde bewering dat natuurlijke ouders, al zijn deze nog zo deficiënt, steeds beter zijn dan pleegouders, wordt volstrekt gelogenstraft door de uitkomsten van de nieuwste kinderpsychologie.

Het is gebleken dat een kind emotioneel verkommert wanneer er een ongunstige verhouding is van moeder tot kind en dat het kind zich herstelt wanneer het in een liefderijk pleeggezin wordt opgenomen. Want wat het kind nodig heeft is liefde en zorg voor zijn zich ontwikkelende persoonlijkheid, ontmoeting met medemens, wiens genegenheid het ervaren kan door de concrete daden heen.”

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Nijmeegse_Rooms_Katholieke_Stichting_voor_Kinderbescherming

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Stichting_voor_Jeugd_en_Gezin

Heseveld

Deze pagina verzamelt reeds verzamelde artikelen over Heseveld. Augustijner klooster 1925 Graafseweg 274 De Gelderlander schrijft in 1950 bij het…

Oude Graafseweg

Opvallend aan de Oude Graafseweg is dat de kant van de Graafseweg voornamelijk groen is: tussen deze wegen liggen veelal…

Graafseweg

De Graafseweg is een van de drukste wegen van Nijmegen. Hij loopt van het Keizer Karelplein tot aan de Graafsebrug.…

Molenstraat 99, hoek Molenstraat-Tweede Walstraat (mei 2024)
#Nijmegen, Centrum

Molenstraat

Molenstraat 99, hoek Molenstraat-Tweede Walstraat (mei 2024)
Molenstraat 99, hoek Molenstraat-Tweede Walstraat (mei 2024)

Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Molenstraat zijn verschenen.

Geschiedenis van de Molenstraat

De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860 (GN10960 RAN)
De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860 (GN10960 RAN)

De weg die tegenwoordig Molenstraat heet, bestond al in de middeleeuwen. Dit was vanuit Nijmegen de weg richting zuiden. Na de Windmolenpoort oftewel Wiemelpoort te zijn gepasseerd, die gebouwd is in de 14 eeuw als onderdeel van de eerste stadsomwalling. In de 17e eeuw komt deze straat voor als Muele Straet en Meulenstraet.

Vlak buiten de poort werd een armengasthuis gebouwd, welke zou uitgroeien tot het complex van kerk en het latere Oud Burgeren Gasthuis. In 1436 werd de tweede stadsmuur gebouwd, waardoor de weg nu voor het grootste deel binnen de stadsmuren kwamen te liggen.  Daarbij werd de Molenpoort aangelegd. Voor de wallen kwam een gracht te liggen.

De Wiemelpoort zou nog een tijdlang dienen als gevangenis, totdat het in 1860 werd afgebroken.

De Molenpoort met de droge gracht en de eerste houten brug buiten de Poort (hier ligt tegenwoordig de In de Betouwstraat en de Van Welderenstraat), 1875 (Gerard Korfmacher via F23036 RAN)
De Molenpoort met de droge gracht en de eerste houten brug buiten de Poort (hier ligt tegenwoordig de In de Betouwstraat en de Van Welderenstraat), 1875 (Gerard Korfmacher via F23036 RAN)
Molenstraat gezien richting het Noorden met op de achtergrond het huis op de plek van de in 1860 afgebroken Windmolenpoort of Wiemelpoort, 1860 (dr. Jan Brinkhoff via D400 RAN CC0 Auteursrechthouder: RAN)
Molenstraat gezien richting het Noorden met op de achtergrond het huis op de plek van de in 1860 afgebroken Windmolenpoort of Wiemelpoort, 1860 (dr. Jan Brinkhoff via D400 RAN CC0 Auteursrechthouder: RAN)

Eind 19e eeuw: van woonstraat naar winkelstraat

Na de sloop van de stadwallen veranderde de Molenstraat van karakter: waar het voorheen voornamelijk een woonstraat was geweest, werd het net als een aantal andere straten steeds meer een winkelstraat.

In 1902 werd een gedeelte van de Molenstraat hernoemd tot Bisschop Hamerstraat

Tweede Wereldoorlog

Tijdens het bombardement van februari 1944 werd een gedeelte van de straat verwoest. Ook de voorgevel van de Molenstraatkerk werd getroffen. Tijdens de wederopbouw kwam hiervoor nieuwbouw, waarin het koor van de oude kerk werd opgenomen.

Jaren 90 tot nu

Vanaf de jaren 90 veranderde de straat van karakter: vooral aan de noordzijde kwam veel horeca. In 1967 verhuisde het Oud Burgeren Gasthuis uiteindelijk naar de Professor Cornelissenstraat. Hiervoor kwam in de jaren 70 de Molenpoortpassage voor in de plaats.

Regulierenklooster, Oud Burgeren Gasthuis en Molenstraatkerk

Het Oud Burgeren Gasthuis met de St. Petrus Canisiuskerk, Molenstraat, 1910 (F67337 RAN)
Het Oud Burgeren Gasthuis met de St. Petrus Canisiuskerk, Molenstraat, 1910 (F67337 RAN)

Nog steeds maakt de Molenstraatkerk en haar voormalige pastorie een belangrijk onderdeel uit van de Molenstraat. Eind 19e eeuw domineerde een aantal katholieke gebouwen de noordkant van deze straat.

Middeleeuwen

Het begin van deze gebouwen ligt in de middeleeuwen: de rijke Ludeken de Meij van Wezel stichtte een armengasthuis, net buiten de stadsmuren, bij de Windmolenpoort. In 1366 was deze de Meij van Wezel burger van Nijmegen geworden. Hij schonk in 1402 het gasthuis aan frater Johan de Waal, prior van het regulierenklooster Bethlehem in Zwolle. De Waal richtte hier een Windesheimer observantie in. De reguliere kanunniken leefden in dit convent volgens de regel van Sint Augustinus. Deze fraters bouwden het huis uit tot een zeer groot klooster, gewijd aan Sint Catharina. Door de verlegging van de stadsmuur, kwam het klooster tegen de zin van de monniken, binnen de stadsmuren te liggen.

Reductie van Nijmegen

Wanneer prins Maurits in 1591 Nijmegen inneemt, wordt het kloostercomplex een huis voor oude mannen en vrouwen. Sinds 1681 heet het gebouw het Oud Burgeren Gasthuis.

Een 18e-eeuwse tekening in Oost-Indisch inkt, van een gedeelte van het Oud Burgeren Gasthuis, 1790-1795 (F19823 RAN)
Een 18e-eeuwse tekening in Oost-Indisch inkt, van een gedeelte van het Oud Burgeren Gasthuis, 1790-1795 (F19823 RAN)

De kerk werd bij de inname door Maurits protestants. Bij de Franse overheersing, in 1808, bepaalt Lodewijk Napoleon dat de kerk samen met de Broerskerk, aan de katholieken moet worden teruggegeven. In 1818 nemen de Jezuïeten, die tot dan een schuilkerk aan de Lage markt hadden gebruikt, de Regulierenkerk in gebruik. Dan krijgt het de naam Ignatiuskerk, vernoemd naar de oprichter van de Jezuïetenorde Ignatius van Loyola.

1848 – 1969 Nieuwbouw en sloop gasthuis

Oud Burgeren Gasthuis, van der Kemp (RAN)
Oud Burgeren Gasthuis, van der Kemp (RAN)

In 1848 werd het klooster afgebroken en vervangen door een nieuw gebouw. Stadsarchitect Pieter van der Kemp ontwierp deze in een zogenaamde neoclassicistische stijl. In 1969 werd het gebouw afgebroken.

Lees hier het artikel:

Oud Burgeren Gasthuis (gebouwd 1849), 1969 (Evert F. van der Grinten via F78209 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Oud Burgeren Gasthuis (gebouwd 1849), 1969 (Evert F. van der Grinten via F78209 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

Eind 19e eeuw: sloop kerk

Eind 19e eeuw was de kerk inmiddels te klein geworden en verkeerde het in slechte staat. Daarop wer het gebouw gesloopt en in 1894-1896 vervangen door de monumentale, neogotische Sint Ignatiuskerk met een pastorie, naar het ontwerp van architect Nicolaas Molenaar Sr. In 1898 werd dit gebouw geconsacreerd.

Bij de heiligverklaring van Petrus Canisius in 1925 werd de kerk naar hem vernoemd: de Petrus Canisiuskerk.

1944 Oorlog en nieuwbouw

Door het bombardement van 22 februari 1944 raakt de kerk zwaar beschadigd. Er kwamen daarbij in ieder geval 7 vrouwen om het leven; vanwege de carnaval was het veertigurengebed aan de gang.

Tussen 1958 volgde nieuwbouw. Het ontwerp was van de architecten J. Coumans, W. van Dael en A. Siebers. Daarbij werd het oude, neogotische, koor en trancept opgenomen in de bouw van deze Molenstraatkerk.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Regulierenklooster_en_Regulierenkerkhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Molenstraatkerk

Jaegerhuis, architect Okhuysen

Rond 1932 heeft W. Scholte-Derks de winkel van H. Brunninkhuis op de Molenstraat 23 overgenomen. Een van haar specialiteiten is het Jaeger ondergoed. Een verbouwing van ’t Jaegerhuis volgt in 1940, waarvan Okhuysen de architect was. Nadat de winkel tijdens het bombardement was verwoest, volgt uiteindelijk in 1952 de herbouw aan de Broerstraat. Ook hier…

Lees verder

Molenstraatkerk

De oude Molenstraatkerk werd tijdens het bombardement van 1944 beschadigd. Tussen 1958 en 1960 wordt het achterste deel van de kerk gebouwd naar de plannen van Siebers en Van Dael uit Breda en J. Coumans. Daarbij blijft het oude, neo-gotische koor behouden.

Lees verder

Gevelsteen geboortehuis Bisschop Hamer

In juli 1949 werd op het geboortehuis van Bisschop Hamer een gedenksteen onthuld. Het ontwerp hiervan was van ir. B. Fokkinga. Het was op dezelfde dag, dat het beeld van Bisschop Hamer op het Keizer Karelplein was verplaatst.

Lees verder

De vooroorlogse Kreymborg

Jarenlang was Kreymborg een bekende winkelketen in Nederland. In 1930 opent Kreymborg haar winkel in Nijmegen, op de hoek van de Molenstraat en Ziekerstraat. Het is dan haar 29ste filiaal.

Lees verder

Kruidenierswinkel van Haaren, architect van der Waarden

Na de afbraak van de wallen, wordt de Molenstraat via het nieuwe Keizer Karelplein de belangrijkste toegang tot het oude centrum. Naast de nodige horeca, verandert zij bovendien in winkelstraat. De stijl is de op dat moment moderne Art Nouveau, net als zo veel panden aan de Molenstraat.

Lees verder

Winkel A. Hillen

1910

Een nieuw magazijn.

In het zeer doelmatig verbouwde perceel Molenstraat no. 40 opent hedenavond de sigarenfabriek van A. Hillen te Delft (The Red Anchor Cigar Works) haar 32ste filiaal. Dit nieuwe magazijn- de in 1870 opgerichte fabriek heeft in talrijke plaatsen hare filialen gevestigd- staat onder leiding van den heer J.P.A.C. Weimar Schultz. Het ligt in het voornemen der firma uitsluiten eigen fabricaat sigaren te verkoopen benevens geïmporteerde havana’s en sigaretten.

De nieuwe winkle maakt een uitstekenden indruk, hetgeen voornamelijk te danken is aan den heer Hoffman alhier, die voor het schilderwerk zorgde en het interieur van het magazijn een zoogen. Imitatie Engelsch cachet gaf, hetgeen geschied is op een wijze, een vakman ten volle waardig. Fraai koperwerk, mooie modern electrische lampen, keurige spiegelkasten, dit alles wijst er op, dat tot in bijzonderheden aan de inrichting de meeste zorg is besteed.

De verbouwing had plaats onder leiding van den heer Haspels, aannemer alhier, terwijl de firma Tasche de electrische installatie heeft aangelegd.

De Molenstraat is door dit magazijn een fraai pand rijker geworden.” (PGNC 26/1/1910)

Optiekzaak P. Römer

Molenstraat 110

Op Molenstraat 110 zat jarenlang de opticien P. Römer.

Optiekzaak P. Römer, Molenstraat 110, 1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
Optiekzaak P. Römer, Molenstraat 110, 1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)

Chirurgisch-Mechanische Inrichting.

Wij waren heden in staat een kijkje te nemen in de chirurgisch-mechanische inrichting van den heer P. Römer aan de Molenstraat 110 alhier. Het ruime, helder verlichte winkelmagazijn maakt een hoogst aangenamen indruk bij het binnentreden, wanneer men de talrijke glazen vitrines met de verschillende chirurgische, orthopaedische en optische instrumenten, fijne staalwaren, verbandstoffen, brillen en pince-nez langs ziet. Achter het magazijn zijn de practische kamers voor de patiënten, wie verbanden moeten worden aangepast, ingericht met alle mogeljke gemakken. En ten slotte komt men in de fabriek, waar de noodige reparaties kunnen worden verricht en waar de installatie met motor en slijpbanken er wel op wijst, dat dit op de beste wijze en met den noodigen spoed geschiedt. Het geheel mag dan ook een inrichting worden genoemd, naar alle eischen des tijds verzorgd en waar men er op kan rekenen degelijk, solied werk te verkrijgen.” (PGNC 3/3/1903)

In ieder geval komt Römer nog voor in het adresboek van 1968.

Karel de Grote medaillon

Op de gevel is rechtsboven een opvallend goudkleurig medaillon van Karel de Grote te zijn: Studentenvereniging Carolus Magnus verkocht deze in 1923 aan winkeliers die kortingen aan studenten gaven. Meer over dit medaillon op Noviomagus (tevens bron).

De Banket & Koekbakkerij A.C. van Ooijen

Molenstraat 112

De Banket & Koekbakkerij A.C. van Ooijen, Molenstraat 112, 29/5/1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
De Banket & Koekbakkerij A.C. van Ooijen, Molenstraat 112, 29/5/1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Molenstraat_(Nijmegen)

De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0) vd Werff architecten Pouderoyen Deur Molenstraat Plein 1944
#Nijmegen, Centrum, Plein 1944

Plein 1944

De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0) vd Werff architecten Pouderoyen Deur Molenstraat Plein 1944
De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0)

Deze pagina verzamelt reeds gepubliceerde artikelen over Plein 1944 en zal van tijd van tijd worden aangevuld.

Tijdens het bombardement van 22 februari 1944 werd een groot deel van het centrum van Nijmegen verwoest. Zo ook de Houtstraat, de Oude Varkensmarkt en de Zeigelbaan. In 1947 keurde de gemeenteraad het plan voor de wederopbouw van B. Fokkinga goed. Zijn plan was gericht op het autoverkeer; het oude stratenpatroon zou vervangen worden door een plein met rechte straten, onder andere van de Grote Markt naar het station. Het nieuwe plein zou daarbij een ontmoetingsplek worden, met winkels en recreatie, waarbij het plein zelf als parkeerplaats diende.

Daarbij is het verschil in architectuur opvallend: aanvankelijk werd er vooral aan de zuidkant gebouwd in een meer traditionele architectuur, veelal voor oude, bekende Nijmeegse zaken die tijdens de oorlog waren verwoest. Wél kwam er 2 grote, moderne gebouwen in de vorm van bioscopen Carolus en de Luxor. Beide bioscopen bestaan inmiddels niet meer: Carolus wacht al een aantal jaren op een invulling en is momenteel (november 2024/juni 2025) gekraakt. 

Bloeiend begin

Aanvankelijk was het Plein 1944 een succes. De nieuwe lunchrooms waren populair, zoals bijvoorbeeld Rutecks of American. En natuurlijk de bioscopen: maar liefst 3 bioscopen vestigden zich rond het plein.

Verbouwing

Vanaf de jaren ’70 werden auto’s steeds meer uit het centrum geweerd.

Bovendien volgde een verbouwing: onder andere doordat het plein niet meer kon worden gebruikt als parkeerplaats, werd het een kaal, leeg plein. Ook de trappen hielpen daarbij niet: het plein leek een leeg zwembad; bezoekers liepen langs de winkels en een oversteek van het plein werd nauwelijks gemaakt. Wel had het plein een belangrijke functie voor evenementen, zoals bijvoorbeeld een belangrijk plein voor de kermis, de Zomerfeesten (tegenwoordig Vierdaagsefeesten) en de wekelijkse boekenmarkt.

Afgescheiden van het plein door kiosken, lag het busstation.

Verbouwing: Een Plein voor iedereen

Rond 2010 is de architectuur van het plein aangepast: het plein moest meer besloten worden door hoogbouw en knusser worden gemaakt door het te verkleinen. Er werden appartementen gebouwd in neo-wederopbouwstijl: let op de vele balkons met het ijzeren hekwerk, de betonnen omlijstingen om de smalle kozijnen, en natuurlijk het fraaie metselwerk. Een mooi detail is dat na de vierde etage ander materiaal wordt gebruikt omdat de oorspronkelijke winkels allemaal vier etages zijn.

De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860 (GN10960 RAN)
De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860
(GN10960 RAN)
Beeld Jac Maris, Plein 1944 (september 2024)

Monument Gevallen Soldaten uit Nijmegen van Jac Maris Plein 1944

In 1951 vindt de onthulling van het voorlopige beeld voor de gevallen soldaten afkomstig uit Nijmegen plaats. Oorspronkelijk was dit monument een initiatief van de Nijmeegse afdeling van “Het Mobilisatiekruis” en, na de landelijke fusie, ook van de Nederlandse Bond van Oud-Strijders. Zij had behoefte had aan een monument, dat (tevens) diende als locatie om…

De winkel van Neoform/M. vd Ven: Panden aan de noordzijde: v.l.n.r. Schoenenzaak Neoform (Plein 1944 nr. 119), Cafe Restaurant Royal (Plein 1944 nr. 128) , Hotel Cafe Lunchroom American (Plein 1944 nr. 129-131) en Lunchroom Pleinzicht (Plein 1944 nr. 135), 1958 (Foto Grijpink via F32460 RAN CCBYSA)

Ontwerp van woningen en winkels hoek Augustijnenstraat Plein 1944 architect Rodenburg

Architect Rodenburg ontwerpt het complex woningen en winkels op de hoek van Augustijnenstraat en Plein 1944, welke in 1955 wordt opgeleverd.

Lucnhroom American temidden van de noordzijde van Plein 1944: Panden aan de noordzijde: v.l.n.r. Schoenenzaak Neoform (Plein 1944 nr. 119), Cafe Restaurant Royal (Plein 1944 nr. 128) , Hotel Cafe Lunchroom American (Plein 1944 nr. 129-131) en Lunchroom Pleinzicht (Plein 1944 nr. 135), 1958 (Foto Grijpink via F32460 RAN CCBYSA)

Lunchroom American Ruteck’s later Dekker van de Vegt Plein 1944 architect Rodenburg

Eind 1957 is het gat aan de noordkant van Plein 1944 opgevuld: dan opent Lunchroom American, welke veel Nijmegenaren nog zullen kennen als Ruteck’s American Lunchroom. Het ontwerp was van architect Rodenburg. In de jaren vestigde Dekker van de Vegt zich in dit pand.

Winkel in werkkleding van de firma Holla, 1961 (Nico Grijpink via F92138 RAN CCBYSA)

Holla’s Kledingmagazijn Plein 1944 architect Okhuysen

In 1952 vindt de heropening van Holla’s kledingmagazijn op Plein 1944 plaats. Het pand is gebouwd naar ontwerp van architect Okhysen. In 1921 was Holla zijn winkel, gespecialiseerd in bedrijfskleding, begonnen in de Zeigelbaan. Dit pand ging echter tijdens het bombardement van februari 1944 verloren.

De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0)

Van der Werff architecten Pouderoyen Deur Plein 1944

In 1951 heropende Van der Werff zijn winkel op de hoek van de Molenstraat en Plein 1944.

Lunchroom Pleinzicht geheel links, Architect Cornelissen: De noordwand van het plein met de winkelpanden van (v.l.n.r.) Lunchroom annex Banketbakkerij Pleinzicht (van W.P.H.A. Cornelissen, Plein 1944 nr. 135), Sigarenmagazijn H.W.R. Brans (nr. 136), Juwelier en Horloger A.J. Janssen (nr. 137), P. Jacobs Textiel en Tricotage (nr. 140), Cafetaria Centrum Expresse (van Albert en Piet Cloosterman, nr. 141), A.J. Holland Schoenenmagazijn (nr. 143), Foto A.M. Verweij (nr. 145) en Parfumerie en Bijouterie J.E. Albers (nr. 146) ; geheel rechts Boekhandel Kloosterman (op de hoek met de Broerstraat), 1954 (D955 RAN CC0)

Lunchroom Pleinzicht, later Groenen Plein 1944 architect Cornelissen

In september 1952 opent W. Cornelissen, voorheen Piet Joosten, zijn lunchroom Pleinzicht op Plein 1944 135. Het ontwerp was afkomstig van architect J.P. Cornelissen. De zaak was vrijwel op dezelfde plek herbouwt waar ongeveer 100 jaar geleden de bakkerij begon. Veel mensen zullen het pand vooral kennen van automatiek/snackbar Groenen.

Het restaurant Tai-Tong met daarnaast Bioscoop Carolus en Luxor, 9/1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CC0)

Geschiedenis Plein 1944: Herbouw Chocolaterie Biesthorst, vooral bekend als restaurant Tai-Tong, architect Veen en Braam

In 1951-1952 laat de Fa. Biesthorst haar cholaterie op Plein 1944 herbouwen op dezelfde locatie als waar ze 74 jaar voor de oorlog op de Zeigelbaan had gezeten. De architect is W. Braam van het Architectenbureau G. v. Veen en W. Braam. Veel Nijmegenaren zullen het pand vooral kennen als Tai-Tong, het tweede Chinese restaurant…

Het in aanbouw zijnde woon-winkelcomplex (opening was op 29 juni 1951) aan de westzijde van Plein 1944 met links de Doddendaal en rechts de Houtstraat, 1951 (Commissariaat van Politie afd. Fotografie via F31941 RAN CC0)

Flat Plein 1944 architect Rodenburg

Eind juni 1944 vindt een belangrijke opening voor de wederopbouw plaats: de flat aan de westzijde van Plein 1944, een gebouw voor 12 winkels en 36 woningen. Dit plein moet een belangrijk centrum voor Nijmegen worden. Rond deze dag gaan 6 van deze 12 winkels open. “Het hart van Nijmegen klopt weer!” Het gebouw is…

Plein 1944 16-17 in Juli 2019 (Google Streetview)

Plein 1944: Herbouw van Boekhandel Berkhout

In juni 1953 opent L.J.G. Krüger de nieuwe winkel van de bekende boekhandel Berkhout op Plein 1944. De boekenwinkel op de Oude Stadsgracht was tijdens de Tweede Wereldoorlog verwoest. De architect van het gebouw was G.B. Treur, die meerdere panden op Plein 1944 heeft ontworpen.

Plan tot herbouw van een slagerij met 2 bovenwoningen aan het Plein 1944 te Nijmegen voor den heer P.W. Boukes, datum tekening 14-6-1951

Geschiedenis van Paardenslagerij Boukes Plein 1944 architect Treur

In 1951 ontwerpt architect Treur de paardenslagerij Boukes, met daarboven bovenwoningen. Zijn winkel aan de Bloemerstraat werd tijdens het bombardement van 22 februari 1944 verwoest.

De panden van Cafétaria Centrum Expresse; de Schoenhandel Holland; Fotohandel Verwey; de Parfumeriezaak Albers, en een gedeelte van Boekhandel Kloosterman, 1952 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31792 RAN)

Parfumerie Albers Plein 1944 architect Rodenburg

In 1952 komt het pand van parfumerie Albers gereed. De architect hiervan was Rodenburg. Het pand van Albers aan de Houtstraat was verwoest als gevolg van het bombardement van februari 1944. Het pand welke zij vervolgens aan de Burchtstraat had betrokken ging in september 1944 in vlammen op.

Juwelier Courbois is geopend, andere panden zijn op Plein 1944 nog in aanbouw, foto 1951-1952 (J.F.M. Trum via GN15656 RAN CCBYSA)

Plein 1944: Courbois Herbouwt in 1951

Tijdens het bombardement van februari 1944 werd de winkel van juwelier Courbois verwoest. In 1951 opent hij zijn nieuwe winkel op Plein 1944 naar ontwerp van architect Goddijn

Levensmiddelenbedrijf Jansen-Hendriks

1952 Plein 1944 1

Jansen-Hendriks: De westzijde van deze straat gezien vanaf de hoek met Plein 1944. Gezien in de richting van de Bisschop Hamerstraat, 1957 (Foto Grijpink via F19687 RAN CCBYSA Auteursrechthouder N. Grijpink)

Levensmiddelen Jansen-Hendriks, architect Okhuysen

In 1952 opent de levensmiddelenwinkel Jansen-Hendriks op de hoek van Plein 1944 en de Molenstraat. De oversteek van de eerste verdieping vormt een soort galerij, een entree naar Plein 1944.

Lees verder

Drogisterij Nickel en Au bon Marche

1953 Hoek Broerstraat Plein 1944 Centrum, gesloopt

Nickel en Au Bon Marché, architect Okhuysen, 1953-1955 (JFM Trum via F42033 RAN CCBYSA)

Drogisterij Nickel en Au bon marche architect Okhuijsen

In 1953 heeft architect Okhuijsen het nieuwe pand voor drogisterij Nickel en textielzaak Au bon marché ontworpen. Daarbij is opvallend, dat de panden op het kruispunt van Plein 1944/Broerstraat/Ziekerstaat/Molenstraat min of meer een eenheid lijkt te vormen door hun hoogte, indeling en licht overhangende daken, terwijl het 4 verschillende architecten betreft.

Lees verder

Hoek Houtstraat Augustijnenstraat

Hoek Houtstraat Augustijnenstraat, 1960 ( Fa. H. ten Hoet, Nijmegen / L.R. Gerritsen via f64216 RAN CCBYSA)

Hoek Houtstraat Augustijnenstraat

In 1955 ontwerpt Okhuijsen het pand aan Plein 1944, op de hoek Houtstraat-Augustijnenstraat. De opdrachtgever is J. van Veggel sr., waarbij de aannemer de firma van der Velden en Sleenhof uit Wijchen is

Lees verder

Hoek Plein 1944 -Bloemerstraat

1956-1957 Hoek Bloemerstraat- Plein 1944 (Plein 1944 29-37)

De hoek Bloemerstraat-Plein 1944 in aanbouw: Gezien in de richting van het Luxortheater op de hoek met de Bloemerstraat en Doddendaal. Links de zuidzijde van Plein 1944 met o.a. Chinees Restaurant Tai Tong ; in het midden de bouw in 1957 van de woon-winkelflat op de hoek van Plein 1944 en de Bloemerstraat ; rechts het woon-winkelcomplex aan de westzijde van Plein 1944 met o.a. de winkel van Heijmans. 1957-1958 (J.F.M. Trum via f20209 RAN CCBYSA)
De hoek Bloemerstraat-Plein 1944 in aanbouw: Gezien in de richting van het Luxortheater op de hoek met de Bloemerstraat en Doddendaal. Links de zuidzijde van Plein 1944 met o.a. Chinees Restaurant Tai Tong ; in het midden de bouw in 1957 van de woon-winkelflat op de hoek van Plein 1944 en de Bloemerstraat ; rechts het woon-winkelcomplex aan de westzijde van Plein 1944 met o.a. de winkel van Heijmans. 1957-1958 (J.F.M. Trum via f20209 RAN CCBYSA)

Architect Okhuysen ism Vermeer en Herwaarden. Lees hier het artikel:

Verloren Toren

De vondst van de 'Verloren Toren' aan de zuidzijde, voor de Bioscoop Carolus, tijdens de vernieuwing en herinrichting van het plein, Plein 1944, 2010-2013 (Nico van Hoorn via DF5481 RAN CC0)
De vondst van de ‘Verloren Toren’ aan de zuidzijde, voor de Bioscoop Carolus, tijdens de vernieuwing en herinrichting van het plein, Plein 1944, 2010-2013 (Nico van Hoorn via DF5481 RAN CC0)
Markering Verloren Toren, Plein 1944 (juni 2025)
Markering Verloren Toren, Plein 1944 (juni 2025)

Bij rioolwerkzaamheden van 2011 kwam vlak voor het Carolus pand een verrassing aan het licht: een middeleeuwse toren die nog niet bekend was. Waarschijnlijk maakte deze toren onderdeel uit van de stadsmuur die tussen 1400 en 1425 is gebouwd.

De vondst is enkele meters verplaatst, waarbij ze nu te zien in de huidige fietsenkelder. Daarnaast is er een markering aangebracht waar de toren oorspronkelijk heeft gelegen.

Bron: https://architectenweb.nl/nieuws/artikel.aspx?id=25276

De verloren toren in de fietsenstalling onder het plein, Plein 1944, 2014 (Jan Eichelsheim via DF2251 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
De verloren toren in de fietsenstalling onder het plein, Plein 1944, 2014 (Jan Eichelsheim via DF2251 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Plein_1944

https://www.intonijmegen.com/locaties/4008528790/plein-1944

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Plein_1944

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/boulevard-van-verdwenen-zaken-geen-autos-chinees-en-telefooncel-meer-op-plein-44~ac76868e/

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/romeinse-weg-en-voorpoort-gevonden-centrum-nijmegen~ac102c01/

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/weer-verrassende-vondsten-rond-plein-1944~a2cb7e85/

http://www.jacsplinter.nl/woordenboek.asp?letter=p#173

https://nijmegen.nieuws.nl/knipsels/misschien-wordt-plein-1944-dit-jaar-nog-veilig

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Opgravingen_Plein_1944

Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor. Het Carolus Theater is nu een gemeentelijk monument, waarvan de gevel onder de beschermde stadsgezichten valt, en wordt nog altijd als bioscoop geëexploiteerd. Luxor is gesloten, de toekomst van het gebouw is onzeker.
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Carolus Bioscoop, monument van de wederopbouwarchitectuur, architect van Vreeswijk

1953-1954 Plein 1944 28 Centrum, Gemeentelijk Monument

Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor, september 1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CCO)
Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor, september 1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CCO)

Het was lange tijd een van de trotste gebouwen van Nijmegen: de Carolus Bioscoop. Geopend in 1954, was het een van de belangrijkste voorbeelden van de Nijmeegse wederopbouw. De architect was Henri van Vreeswijk, bekend om zijn akoestische kennis.

De opening van de Carolus Bioscoop vond plaats op 26 augustus 1954. Op 30 juli 2022 sloot hij, als oudste nog bestaande bioscoop van Nijmegen. Bij sluiting had hij 2 zalen met een capaciteit van 561 stoelen.

Opvolger van Chicago Bioscoop

Zaal van de medio 1912 geopende en door het bombardement van 22 februari 1944 verwoeste bioscoop Chicago, Broerstraat 40, 1912-22/2/1944 (GN11189 RAN)
Zaal van de medio 1912 geopende en door het bombardement van 22 februari 1944 verwoeste bioscoop Chicago, Broerstraat 40, 1912-22/2/1944 (GN11189 RAN)

De oprichter was de N.V. Theater Maatschappij van de Nederlandsche Bioscoop Trust. Bij het pannenbier was de naam nog niet bekend, uiteindelijk werd het aanvankelijk het Carolus Theater.

Voor de oorlog had Nijmegen 4 bioscopen. De Chicago bioscoop, waarvan de Carolus bioscoop de vervanger was, en City gingen verloren tijdens het bombardement op 22 februari 1944. Olympia en Luxor werden tijdens Market Garden (17 tot met 21 september 1944) in brand gestoken. Alleen de Vereeniging bleef als bioscoop, sinds 1927 was zij ook films gaan vertonen. De Trust was eigenaar geweest van de Chicago bioscoop. In 1948 gaf zij aan H. van Vreeswijk opdracht tot het ontwerp van de nieuwe bioscoop.

Lees hier over de Chicago Bioscoop:

Het interieur in de Chicago Bioscoop, Broerstraat, 1932 (F15285)

Chicago Bioscoop

In 1912 opent de Chicago-Bioscope aan de Broerstraat. Het werd tijdens het bombardement in februari 1944 verwoest.

Lees verder

Vergunning

Op 26 mei 1953 verleende B en W vergunning om aan de zuidwand van Plein 1944 een bioscoop te bouwen.  Deze ging op vrijdag 27 augustus 1954 open, met de film Roman Holiday. “Bij de aanleg van Plein 1944 werd de bioscoop gezien als een sieraad voor het culturele leven van Nijmegen.”  (Wikipedia)

Plein 1944

De bioscoop kreeg een plek in de aaneengesloten bebouwing aan de zuidkant van Plein 1944.

Tijdens de wederopbouw zou Plein 1944 de nieuwe ontmoetingsplaats moeten worden. Bezoekers konden met de auto komen en deze op het plein parkeren. Rondom het plein waren uitgaangelegenheden gepland – naast Carolus zou ook Luxor (op de hoek van de Bloemerstraat en Doddendaal) en Centrum (Houtstraat) zich hier vestigen.

De bioscoop

Oorspronkelijk was er maar 1 zaal. Deze moest klasse en luxe uitstraling hebben, met bijvoorbeeld comfortabele stoelen. Met een goed beeld en geluid. Voor het beeld beschikte Carolus over het hypermoderne “Variform-systeem” en had het de beschikking over 4 projectoren.

Gevel

De bioscoop is gebouwd in “modernistische wederopbouwarchitectuur”.  Het eerste wat opvalt is de grote glazen gevel, met daartussen betonnen pijlers, welke zijn uitgewassen in Franse kalksteen. Aan beide kanten staat in een halfronde nis een vlaggenmast, waarop oranje-rode neon verlichting was gemonteerd. Het gebruik van moderne materialen als glas, beton, staal en aluminium is een van kenmerken van de modernistische wederopbouwarchitectuur. Ook de transparantie die daarmee wordt bereikt en de hoge vide is kenmerkend voor de bioscooparchitectuur van de jaren 50.

De gevel van het pand is bekleed met geglazuurde gres-tegels. (Gres is net als aardewerk en porselein gemaakt van klei en zit qua eigenschappen tussen beide in. Een bekend voorbeeld zijn de oude, oranje rioolbuizen). Dit moest de glamour van films nabootsen.

Onderaan de nissen waren vitrines met reclame. Op dat moment bestond de ingang uit 6 deuren met daartussen kolommen. De kaartverkoop was binnen.

Boven de ingang was een betonnen luifel en een lichtbak, waarop de films werden aangekondigd. Bovenop het gebouw stond de naam Carolus theater in blauw-gele neonletters. Hierbij had de C een kroontje bovenop, een verwijzing naar de keizer Karel de Grote oftewel Carolus Magnus. ’s Avonds viel de vele verlichting goed op. Daarbij had van Vreeswijk geprobeerd reclame samen te laten gaan met architectuur.

Binnen

Bioscoopzaal Carolus, 1960 (Nico Grijpink via F31813 RAN CC BY-SA)
Bioscoopzaal Carolus, 1960 (Nico Grijpink via F31813 RAN CC BY-SA)

Als de bezoeker binnenkomt, valt meteen de grootte van de foyer op: het was dan ook de bedoeling om de bezoeker te overweldigen. Een aantal kenmerken waren de rode vloerbedekking en de grote vitrines aan de zijkanten, waar filmposters en dergelijke hingen.

Het opvallende aan de zaal was het blauwgeverfde plafond met uitsparingen voor de verlichting in de vorm van sterren. Deze sterren waren naast basisverlichting een verwijzing naar de sterren op het doek. Ook tijdens de voorstelling bleef deze verlichting -zeer zwak- aan.

In het ontwerp was er veel aandacht voor de akoestiek: het plafond was in een zogenaamde “ojief” vorm, oftewel in de vorm van 2 gespiegelde, wat uitgerekte letters S. Ook de betimmering van de wanden met mahoniehout en de bedekking met gecapitonneerd kunststof doek versterkte de akoestiek.

Tijdens de bouw werd het Cinemanscope beeldformaat in Nederland geïntroduceerd. Daardoor moest de bouw van het doek aangepast worden van 6 bij 4,2 meter naar 10 bij 4,2 meter.

Kunstwerk

Een van de kenmerken van de wederopbouwarchitectuur is het samengaan van architectuur met kunst. De glaskunstenaar S. de Graaf heeft 3 gezandstrale glaspanelen voor deze bioscoop ontworpen: in de koepel van de foyer hing een spiegel met tekens van de dierenriem. Bij de ingangen van de zaal waren glaspanelen van de Valkhofburcht en Keizer Karel op jacht.

2e zaal

In 1977 kreeg de Carolus een tweede zaal, onder de grote zaal. Onder andere doordat steeds meer mensen televisie kregen, daalde het bioscoopbezoek vanaf halverwege de jaren ’60. Carolus koos ervoor om als reactie hierop een kleinere zaal bij te bouwen, voor 166 stoelen.

Verbouwing 1991

In 1991 vond een maandenlange verbouwing plaats. Van buiten werd de voorgevel verbouwd. Onder andere kwam in de plaats van de middelste dubbele toegangsdeur een venster. Daarnaast werd de luifel en de lichtreclame boven de entree aangepast en de naam Carolus  op de dakrand werd vernieuwd.

Ook van binnen vond een grote verandering plaats, zowel qua inrichting als aankleding. Waaaronder een compleet nieuwe kassa en een vergrootte bar. De glaskunstwerken zijn verwijderd; alle verwijzingen naar Carolus Magnus zijn verdwenen.

Henri van Vreeswijk

Henri van Vreeswijk (Rotterdam, 30 mei 1906 – Zeist, 21 december 1974) was een Nederlandse architect.

Zijn vader was Adrianus Ægidius Samuel van Vreeswijk, timmerman en bouwkundig tekenaar in Rotterdam, zijn moeder Ottolina Gerarda Pannekoek. Hij studeerde bouwkunde aan Technische Universiteit Delft, waar hij in 1928 zijn diploma haalde. In 1929 vestigde hij zich als architect in Voorburg. In 1931 trouwde hij met Jenny Lowis (overleden 1 april 1983). Zij kregen 1 dochter.

Loopbaan

Zijn eerste grote opdracht was de verbouwing van het Rembrandttheater in Utrecht (opgeleverd in 1933). Daarbij verbreedde hij de zaal van 12 naar 21 meter. Dit was vooral een technisch vraagstuk, waar van Vreeswijk goed in was. Ook besteedde hij veel aandacht aan de akoestiek. De recensent van Architectura was minder blij met de gevel: “De gevel aan de Oude Gracht blijft ver achter bij de sfeer van het interieur. Hij mist bepaald de kwaliteiten daarvan, doet nuchter aan en misstaat totaal in het stadsbeeld, dat er daar aan de Oude Gracht rondom de brug werkelijk vreeselijk begint uit te zien.”.

Hij zal vooral bekend worden om zijn werk als akoestisch adviseur en als architect voor de bouw en verbouw van bioscopen en theaters. Wanneer van Vreeswijk de Carolus ontwerpt, heeft hij daarvoor al meerdere bioscopen gebouwd en verbouwd. Daarnaast ontwierp hij tevens huizen. In 1939 werd hij partner met J. en Th.F. Stuivinga. Hij verhuisde naar Zeist, waar het bureau was gevestigd.

Intussen was hij in 1938 donateur van de NSB geworden, waarvan hij in 1940 officieel lid zou worden. Mede daardoor werd hij in 1943 benoemd tot directeur van de Provinciale Planologische Dienst in Utrecht. Na de oorlog werd in 1945 ontslagen en zat hij 3 jaar vast. Na zijn vrijlating vestigde hij zich als raadgevend ingenieur voor gewapend betonwerken en akoestische vraagstukken in Zeist. Daarop kreeg hij weer grote opdrachten, waaronder die van Nijmegen en in Amsterdam in de Westelijke Tuinsteden.

Werk

Uit de jaren 1930 tot en met de jaren 1950 zijn diverse (ver)bouwplannen van Van Vreeswijk bekend voor Nederlandse bioscopen en theaters. Daartoe behoren:

•              Rembrandt (Utrecht, ca. 1933)

•              een tweede Cineac-theater te Den Haag (ca. 1937)

•              Cineac (Damrak, Amsterdam, ca. 1937)

•              Capitol te Amsterdam (ca. 1937)

•              de Spoorbio (Utrecht, ca. 1942)

•              Bioscoop Carolus (Nijmegen, ca. 1953).

•              Calypso-theater (Amsterdam, 1955)

•              Kurhaus-theater (Scheveningen, 1959)

•              Bioscoop Cinema (Groningen, 1959): : een vrijwel identiek beeld als de Carolus bioscoop van Nijmegen

Vervolg

voormalige Carolus bioscoop, oktober 2023
Voormalige Carolus bioscoop, oktober 2023

Ook na 1991 vonden een aantal moderniseringen plaats.

In 2017 is er sprake om het Calypso theater aan de Tweede Walstraat te verbouwen naar een groot bioscoopcomplex door het Vue-concern. Het Vue-concern is naast het Calypso theater tevens eigenaar van de Carolus bioscoop. De gemeente gaat akkoord, op voorwaarde dat de Carolus bioscoop sluit, om te voorkomen dat er te veel bioscoopstoelen in Nijmegen komen.

De Carolus bioscoop sterft uiteindelijk een vrij stille dood. Allereerst zijn er de corona-jaren, waardoor er anderhalf jaar geen films te zien waren. Daarna heeft het Vue-concern vooral aandacht voor het nieuwe complex, welke in2021 is geopend. Het definitieve einde is eind juli 2022, wanneer het huurcontract afloopt.

Gekraakt en klimhal?

Rond april/mei 2024 is de voormalige bioscoop gekraakt door krakersgroep Jantien. De nieuwste ontwikkeling op het moment van schrijven (juni 2025) zijn de plannen voor aanleg van een boulderbaan (klimhal)

Bron: https://www.rn7.nl/nieuws/artikel/krakersgroep-nijmeegs-jantien-starten-boycot-tegen-klimhal-in-oude-bioscoop-onze-vrije-ruimte-wordt-een-geldmachine

Monument

Het gebouw is een gemeentelijk monument. Als waardering:

“Bioscoop ‘Carolus’ is van algemeen cultuurhistorisch belang als bijzondere uitdrukking van de

herrijzenis van het commerciële hart van Nijmegen na de verwoestingen aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Meer specifiek is het een uitdrukking van de vroeg naoorlogse vrijetijdsbesteding waarin de filmwereld (bij gebrek aan televisie) sterk tot de verbeelding sprak.

Kenmerkend voor de typologische ontwikkeling van de bioscoop is de afstemming van de architectuur op de beleving van de bezoekers: glanzende materialen, kleurrijke verlichting en een moderne uitstraling met frisse kleuren maakt het bioscoopbezoek tot een feestelijke aangelegenheid. De interieurafwerking van de bioscoop is in de loop der jaren gemoderniseerd. De niet-oorspronkelijke elementen vallen buiten de bescherming.

Het gebouw is van architectuurhistorische waarde als goed en redelijk gaaf voorbeeld van modernistische wederopbouwarchitectuur in Nijmegen. De transparante en hoge hal en het materiaalgebruik zorgen voor een theatraal effect dat kenmerkend is voor de bioscooparchitectuur uit de jaren vijftig. Vooral ’s avonds trekken de kleurrijke lichtreclames langs de gevel en op het dak van ver de aandacht. Binnen is de ruimtelijke indeling gewijzigd maar in hoofdopzet herkenbaar. In de grote zaal is het het gewelfde plafond met ‘sterrenhemel’ bewaard gebleven. Het pand is een representatief voorbeeld van architect H. van Vreeswijk uit Zeist die ook elders in het land bioscopen heeft gebouwd.

De voorbouw van de bioscoop is van stedenbouwkundig belang als beeldbepalend onderdeel van een aaneengesloten vroeg-naoorlogse pleinwand. Als onderdeel van drie (voormalige) bioscopen uit de wederopbouwperiode rond Plein 1944 vormt het een bijzondere uitdrukking van de toenmalige idee om van dit plein hét vermaakcentrum van Nijmegen te maken. De (neon)reclames vervullen een cruciale rol in de visuele beleving van het plein. Het gebouw is bovendien een essentieel onderdeel van een aaneengesloten en op samenhangende wijze tot stand gekomen wederopbouwensemble dat als beschermd stadsbeeld van grote cultuurhistorische waarde is als belangrijk en hoopvol ijkmoment in de Nijmeegse stadsgeschiedenis.”

Krantenartikel PGNC

Eind december 1953 plaatst het PGNC een uitgebreid artikel over de nieuwe bioscoop naar aanleiding van het pannenbier:

Nieuwe bioscoop op het Plein 1944 vermoedelijk in April afgebouwd; Opening kort daarna

Vandaag waait de vlag op het dak van de bioscoop, welke op Plein 1944 in aanbouw is en er wordt pannenbier gedronken op het werk. Naar alle waarschijnlijkheid, wind en weder dienende, zal het Bouwsyndicaat Nederland te Den Haag, de aannemer die deze cinema bouwt, het werk in de loop van de maand April a.s. kunnen opleveren, waarna dan binnen een termijn van een week de opening kan volgen. De nieuwe bioscoop zal zeshonderd plaatsen tellen; het wordt een min of meer luxueus theater, met ruime zetels. De architect Ir. H. van Vreeswijk, die meerdere bioscopen heeft gebouwd in ons land, heeft gestreefd naar een knus, gezellig theater, met warmte en behagelijkheid.

De Nederlandse Bioscoop Trust is de eigenaar van deze nieuwe bioscoop op Plein 1944, welke het vroeger Chicago theater in de Broerstraat zal vervangen. Het staat nog niet vast welke naam de bioscoop zal krijgen, – dit zal van de exploitant afhangen. Het is namelijk zo dat de Ned. Bioscoop Trust, die ook eigenaar is van drie bioscopen in Den Haag, een in Utrecht en een in Groningen, niet zelf de exploitatie verzorgt. Het staat evenwel vast dat de oude naam “Chicago theater” niet zal terugkeren, evenmin als dit met de naam van “Olympia Bioscoop” het geval zal zijn. Er wordt druk gewerkt aan de plannen voor de voorbereiding van deze tweede bioscoop, zonder dat deze al een definitieve vorm hebben aangenomen. Binnenkort zal ook hierin een beslissing komen.

Wat de apparatuur betreft, kan van de nieuwste vindingen in de bioscoop op Plein 1944 worden gebruik gemaakt. Met de inrichting van de cabine, zowel als met het scherm, is daar rekening mee gehouden. Maar bovendien zal men de traditionele film kunnen draaien; het ligt in de bedoeling om bij de opening niet de drie-dimensionele film, maar de gebruikelijke film te vertonen.

Ook wat het geluid aangaat is er in voorzien dat de nieuwste vinding, indien dit wenselijk is, in praktijk kunnen worden gebracht.

De gevel

De rondingen die men aan de gevel ziet aangebracht, zullen worden betegeld door de Porseleinen Fles, Beneden kom een grote vitrine voor de filmreclame; daarop komt in elk van de rondingen een vlaggestok. Aan de binnenkant van deze vlaggestok wordt een neonbuis aangebracht voor de verlichting van de gevel.

Komt men van buiten het bioscoopgebouw binnen, dan komt men via een parterre in een hall terecht, waarna men in een wachthall komt. Hier is ruimte voor een gehele zaalbezetting, die wil wachten op de volgende voorstelling.

De bezoeker komt via een centraal punt de zaal binnen om zich vandaar naar de plaatsen te begeven. De uitgangen zijn aan de zijde van de Piersonstraat, waar ook en gelegenheid zal komen voor fietsenstalling. De zaal van de bioscoop wordt 20 meter breed en 25 meter lang; de voorhall krijgt een afmeting van 12½ bij 10 meter.

Door de lichtwerking van het plafond zal de lengtewerking van de zaal worden versterkt.

Het ligt in de bedoeling om zowel middagvoorstellingen als twee avondvoorstellingen te geven in de nieuwe bioscoop, die uitsluitend als zodanig zal worden ingericht. Bij bijzondere gelegenheden zullen ook cineac-voorstellingen worden gegeven.

De heren D. Siem Sr. En Mr. D. Schuur van de Nederlandse Bioscoop Trust, die vanmorgen bij het “pannenbier”-feest aanwezig waren, zijn zeer te spreken over de wijze waarop de nieuwe bioscoop wordt gebouwd en over de voortgang van de werkzaamheden.” (De Gelderlander 17/12/1953)

Chicago Bioscoop

In 1912 opent de Chicago-Bioscope aan de Broerstraat. Het werd tijdens het bombardement in februari 1944 verwoest.

Bronnen en verder lezen

Carolus, Wikipedia

Iconische Nijmeegse bioscoop Carolus definitief dicht, megapand verandert in horecazaak, Mitchel Suijkerbuijk in De Stentor, 30-7-22 (link april 2024)

https://www.destentor.nl/nijmegen/iconische-nijmeegse-bioscoop-carolus-definitief-dicht-megapand-verandert-in-horecazaak~a9f61cab/

Concurrentiestrijd om bioscoopstoelen in Nijmegen, De Ondernemer, 3 maart 2017 (link april 2024)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Steengoed

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ojief

Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024) Guiseppe Roverso
#Nijmegen, Centrum, Grote Markt, Kunstwerken

Afsluitpaal Vijfringengas: Betekenis en Geschiedenis

Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024) Guiseppe Roverso
Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024)

In 1974 werd een van de afsluitpalen geplaatst in de Vijfringengas, een smal paadje tussen de Grote Markt en de Korenmarkt. het beeld is gemaakt door Guiseppe Roverso. Met zijn 5 ringen en duivelskoppen is het een opvallend paal. Het verwijst zowel naar een huis als naar Mariken van Nieumeghen.

Vijf ringen

Rond 1700 werd de gas vernoemd naar een van de huizen die hieraan stond: “De vijf gulden ringen”, op de hoek van de Vijfringengas en de Grote Markt.

Duivelskoppen

Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)
Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)

De duivelskoppen verwijzen naar Mariken van Nieumeghen.

Zoals Dorsoduro opmerkt: “Maar in die vertelling krijgt Mariken na tot inkeer te zijn gekomen slechts drie ringen om hals en armen gelegd als straf.

Guiseppe Roverso

Restauratie St. Stevenskerk: de Italiaanse beeldhouwer Giuseppe Roverso (11 augustus 1900 - 1 juli 1977), januari 1968 (F39277 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)
Restauratie St. Stevenskerk: de Italiaanse beeldhouwer Giuseppe Roverso (11 augustus 1900 – 1 juli 1977), januari 1968 (F39277 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)

Giuseppe Roverso (Chiampo, 11 augustus 1900 – Nijmegen, 1 juli 1977) was een Italiaans beeldhouwer en monumentaal kunstenaar.

Hij volgde rond 1928 zijn opleiding aan Scuola Superiore d’Arte Applicata Milano. Zijn vrouw was de dochter van een Nederlandse boer die zich in Frankrijk had gevestigd. In 1965 werd hij genaturaliseerd tot Nederlander. Hij heeft in ieder geval op Semmelinkstraat 48 gewoond.

Roverso werkte onder andere mee aan de lantaarnconsoles in de Utrechtse Binnenstad. Hij was in de jaren als beeldhouwer betrokken bij restauraties: de wederopbouw van de Sint-Stevenskerk in Nijmegen, de kloostergang van de Domkerk in Utrecht en het Duivelshuis in Arnhem.

Werken van Guiseppe Roverso

  • Acht lantaarnconsoles in Utrecht
  • Gevelbeelden van vier kerkvaders en de twaalf apostelen, en een reliëf van het wapen van Nijmegen, 1961-1962, voor de Latijnse school, Sint Stevenskerkhof, daarnaast Wapenreliëfs, 1965
  • Medaillons en gevelbeelden met Maximiliaan van Oostenrijk, Filips de Schone, Karel V, Karel van Gelre, Maarten van Rossum en Willem van Kleef, en een beeld van een lansknecht (1965-1967), Walburgstraat, op het Duivelshuis in Arnhem
  • Beeld van Stefanus in de Sint-Stevenskerk, Nijmegen
  • Leeuw, 1971 aan de kerkboog, Grote Marktzijde, Nijmegen
  • Replica wapensteen van kasteel Hernen, 1971/1972, Kasteel Hernen
  • Beeld ‘De vier seizoenen‘ (1974) bij wooncentrum de Meiberg, Nijmegen
Het seniorenflatgebouw De Meiberg (Meijhorst 71ste t/m 73ste straat) ; links het beeld De Vier seizoenen , gemaakt door Giuseppe Roverso, 1992 (Toon Opsteegh via F6092 RAN CCBYSA)
Het seniorenflatgebouw De Meiberg (Meijhorst 71ste t/m 73ste straat) ; links het beeld De Vier seizoenen , gemaakt door Giuseppe Roverso, 1992 (Toon Opsteegh via F6092 RAN CCBYSA)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.noviomagus.nl/vrijkun10.htm

https://nl.wikipedia.org/wiki/Giuseppe_Roverso

Kunst op Straat

Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)

Laat hier je bericht achter

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Lees ook:

Grote Markt

Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Grote Markt zijn verschenen. Eerst echter een korte geschiedenis. Beide zullen van…

Korenmarkt

Waar vroeger parkeerplaatsen waren, is het tegenwoordig in de zomermaanden gezellig picknicken op de Korenmarkt. Het was een van de…

De ULO-School, later het Karel de Grote College, op de hoek met de Wedren (Rechts), 18-3-1963 (Fotopersbureau Gelderland via F20143 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

U.L.O. bij Wedren, architect Charles Estourgie jr.

1956 Wilhelminasingel 15 Galgenveld

	De ULO-School, later het Karel de Grote College, op de hoek met de Wedren (Rechts), 18-3-1963 (Fotopersbureau Gelderland via F20143 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
De ULO-School, later het Karel de Grote College, op de hoek met de Wedren (Rechts), 18-3-1963 (Fotopersbureau Gelderland via F20143 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)

In september 1956 opent de U.L.O. aan de Wilhelminasingel. Het is een ontwerp van Charles Estourgie (jr.). Tegenwoordig is het gebouw onderdeel van het Karel de Grote College.

“Op de Wedren is geleidelijk-aan een uiterst belangrijk scholencentrum van de Zusters J.M.J. ontstaan” schrijft de Gelderlander bij de opening van de U.L.O. op de Wedren, welk op 11 september 1956 officieel wordt geopend. De Zuster J.M.J. zijn de “Zusters Sociëteit van JMJ, van Jezus, Maria en Jozef”, ook “Het zedelijk lichaam Vereniging van Vrouwen tot het geven van onderwijs” geheten. Foto’s uit 1956 zijn onder andere te vinden op:

  • GN9535 RAN, de buitenkant van het gebouw
  • GN6636 RAN, het reliëf van Marius van Beek

In september 1956 (“vanmorgen”) zegende de Deken van Nijmegen, Mgr. C.J.E.N. van Dijck de nieuwe school aan de Wilhelminasingel in. Het is de nieuwe r.-k. ulo voor meisjes van de zusters van JMJ.

De school is bestemd voor 260 leerlingen. De architect is Charles Estourgie (Jr.) en de bouwer Gebr. Oosterhout uit Wijchen. Het is een zogenaamde gangschool in de stijl van de “shake hands” architectuur. Deze “ bestaat uit een lange gang met toiletten en garderobes aan de noordzijde, en een reeks leslokalen met grote ramen op het zonnige zuiden met links invallend daglicht. Een doelmatige maar ook kostbare opzet want relatief veel vierkante meters verkeersruimte.” Daarbij is het gebouwd in de stijl van de “shake hands” architectuur. (Schoolgebouwen 1945-1968)

De school kwam binnen een jaar tot stand. Ook zal hier het avondlyceum worden gevestigd. Op dat moment wachten de Zusters J.M.J. op de bouwvergunning om ook een kleuter- en Montessorischool te bouwen. Uiteindelijke zou het RK complex bestaan uit een klooster, kleuter-, lagere en U.L.O. school.

De U.L.O. zat nog op de Oude Stadsgracht, waar de kleuterschool en Montessorischool voorlopig nog gevestigd is. Bovendien is de opleiding voor Montessori-onderwijs en de school voor de Sint-Jorisstichting voor meisjes met leermoeilijkheden naar dit pand gegaan. De bedoeling is om het pand te slopen nadat het verlaten is.

Bouw

Boven de entree bevindt zich een beeldhouwwerk van Marius van Beek. Dit stelt de boom der wijsheid voor. Hier tegenaan staan leerlingen op een ladder, die door een leraar wordt ondersteund.  Daarbij hoort de spreuk: “vervult u met de vruchten die ik draag’.

“Komt men het gebouw binnen, dan valt op hoe ruim en mooi alles is ingericht. Aan de trappenhal grenst een ruimte welke voor ouderavonden, voor recreatie en voor bijzondere gelegenheden wordt bestemd. Behalve de begane grond heeft het gebouw twee bovenverdiepingen, met in totaal zes klaslokalen en meerdere bijzondere lokalen. Op de eerste verdieping rechts is het natuurkundelokaal, dat uiterst modern en praktisch is ingericht. De leerlingen kunnen hier, dank zij de outillage, zelf proeven nemen. Dit lokaal zal ook voor het vertonen van films dienst doen.

Op de tweede verdieping is een groot, ruim lokaal voor handwerk en handenarbeid. Verder zijn er meerdere vertrekken voor de leerkrachten in het gebouw en een spreekkamer, welke tegelijk voor het hoofd van de school bestemd is.” (De Gelderlander 29/8/1956, tevens bron)

Bij de Opening

Van Dijck wijst er op, dat het belang van de school niet alleen ligt dat de meisjes hier “meer kennis op zouden doen, maar dat ook hun ziel er gevormd zou worden.”

De wethouder van onderwijs mr. J.J. de Haas noemt het grote tekort aan scholen. En hoopt dan ook, dat de plannen voor het complex van scholen op de Wedren snel gerealiseerd zullen worden. En niet langer hoeven de zusters “Zusters van de Oude Stadsgracht” genoemd te worden.

De inspecteur van onderwijs drs. J.G.L. Ackermans hoopt dat hij de warme en menselijke sfeer die hij op de school aan de Oude Stadsgracht zo prettig vond, ook in de nieuwe school zal vinden. Ook hij wijst op de ontwikkeling van de kinderen: “Het behalen van het diploma is niet langer het voornaamste, maar het brengen van de cultuur bij de kinderen, die uit alle lagen van de bevolking naar de ulo stromen, is een eerste taak van deze school geworden.” (De Gelderlander 11/9/1956)

De Sociëteit van Jezus, Maria en Jozef (kortweg de Zusters van J.M.J.) is een kloosteorde, welke in 1823 in Amersfoort is gesticht. Aanvankelijk hielden deze zusters zich bezig met ondewijs, voor ‘meisjes uit het volk’. Later kwam daar bejaarden- en gezondheidszorg bij.

Vervolg

Tegenwoordig is de school onderdeel van het Karel de Grote college. Zij breidde in 1993 en 2005-2006 uit en liet de school intern verbouwen. Naast de genoemde boom is er binnen een kunstwerk van een zaaiende boer.

Waardering

De Quickscan: “Van groot cultuurhistorisch belang vanwege de belevings- en herinneringswaarde voor grote groepen kinderen die hier zijn gevormd en vervolgonderwijs hebben genoten; als herinnering aan de verzuilde vroeg-naoorlogse samenleving (RK meisjes (M)ULO) en het werk van de Vereniging van Vrouwen tot het geven van Onderwijs; als toonbeeld van de verzorgingsstaat in opbouw waarin voorzieningen voor vervolgonderwijs gelijke tred moesten houden met de ongekende groei van de bevolking en sterke uitbreiding van de stad.

Van architectuurhistorisch belang als gangbaar voorbeeld van het type gangschool, uitgevoerd in een sobere maar verzorgde architectuur van Estourgie met geïntegreerde kunstuitingen; echter de uitbouw aan de achterzijde en de interne verbouw van de aula doen sterk afbreuk aan de gaafheid.

Van stedenbouwkundig belang vanwege de ligging binnen de beschermde 19de eeuwse stadsuitleg, als onderdeel van een scholencluster met voormalig klooster en als beeldbepalende straatwand”.

(Overige) Bronnen en verder lezen

Schoolgebouwen 1945-1968, Waardestellende Quickscan, Leon van Meijel, 12-7-2017 (met foto’s)

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/ULO_Saint_Louis

Charles Estourgie en Charles Estourgie Jr

Charles Marie Francois Henri Estourgie (23 juni 1884 Amsterdam, 26 augustus 1950 Nijmegen) Charles Marie François Henri Estourgie (Amsterdam, 23…

Galgenveld

Deze pagina verzamelt de artikelen die reeds over Galgenveld zijn verschenen.

Estel (oktober 2024)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Estelgebouw

Estel (oktober 2024)
Estel (oktober 2024)

Niet alleen een van de qua uiterlijk markanste gebouwen van Nijmegen, maar ook qua ligging: het Estel gebouw.

Het Estel gebouw is een ontwerp van architect Alexander Bodon (1906-1993) uit 1972. Het is ontworpen als het hoofdkantoor van Estel, het Duits-Nederlandse fusieconcern Hoesch Hoogovens. Dit is een fusie vvan Nederlandse Hoogovens (nu: Tata Steel) in IJmuiden en Hoesch in Dortmund. Er is dan een nieuw hoofdkantoor nodig en aangezien Nijmegen ongeveer halverwege Ijmuiden en Dortmund ligt, is dit een logische locatie.

Ontwerp

“Kenmerkend zijn onder meer de getrapte terrassen en doorzichten. In het ontwerp zijn invloeden zichtbaar van de Amerikaanse architect Frank Lloyd Wright, zoals de uitgestrekte gelaagdheid in acht verdiepingen. Het transparante gebouw kenmerkt zich door hoge en lichte binnenruimten, riante terrassen, daktuinen en balkons.

Het gebouw is grotendeels opgetrokken uit duurzame en stoere materialen, zoals staal, beton, glas en marmer.” (https://nl.wikipedia.org/wiki/Estel-gebouw)

Het ontwerp heeft 1 hoofdgebouw met 4 kantoorvleugels. Bij elke verdieping laat hij het gebouw verder inspringen, waardoor terrassen en dakoverstekken ontstaan. De kantoorgevels worden zo veel mogelijk open gehouden. “Door deze opzet zijn exterieur en interieur van het gebouw met elkaar in dialoog. Bovendien vormt het gebouw als geheel een even treffende als vanzelfsprekende bekroning van zijn locatie: een stuwwal met uitzicht op de Waal en De Ooypolder.” (Bouwen met staal)

In 1974 begint de bouw. Aangezien de eigenaar en toekomstig gebruiker van het pand een staalfabrikant is, is het logisch dat staal een belangrijke rol speelt. “De hoofddraagconstructie van het achtlaagse gebouw is een innovatie binnen de Nederlandse bouw van dat moment: een staalskelet, gecombineerd met stabiliteitskernen van gestort beton. Het staalskelet rust op twee ondergrondse parkeerlagen van gewapend beton. De parapluvormige staalkolommen op de begane grondvloer zorgen voor reductie van het aantal dragende constructiedelen en daarmee voor openheid en transparantie.” (Bouwen met staal)

Estel (oktober 2024)
Estel (oktober 2024)

Daarnaast is er nog een innovatie: het is het eerste gebouw in Nederland met een geïntegreerd gevelsysteem van Josef Gartner & Co. Dit systeem bestaat al 9 jaar in Duitsland. De stijlen van de stalen kozijnen worden daarbij gebruikt voor het transport van warm water voor het energiebesparend verwarmen van het kantoor.

Staalprijs

In 1977 werd het pand in gebruik genomen. Het gebouw ontving de Nationale Staalprijs (1977) en de Europese Staalprijs (1979).

5 jaar later, in 1982, viel het bedrijf echter uiteen. Daarop kwam het gebouw leeg te staan.

Haskoning

Nadat de Provincie Gelderland nog enige tijd hier een kantoor had, vestigde in 1990 Royal Haskoning in het gebouw, waarbij het gebouw Haskoning-gebouw werd genoemd.

Eind 2014 verliet Haskoning (Royal HaskoningDHV) het gebouw.

Estel Residence

Daarop werd het pand verbouwd tot het appartementencomplex Estel Residence. Teake Bouma architectuur/stedenbouw en Weusten Liedenbaum Architecten maakten hiervoor het ontwerp. Daarvoor werd het hele gebouw gestript. Alleen de karakteristieke elementen als bouwlagen, liftkoker en de staalconstructie bleven behouden.

Vervolgens volgde de verbouwing tot 62 appartementen, waarvan de eerste in 2016 in gebruik werden genomen. Het gehele pand werd in 2018 opgeleverd.

Nijmeegse Architectuurprijs 2019

De verbouwing ontving de Nijmeegse Architectuur 2019. Dat jaar kostte het de jury weinig moeite om een winnaar te kiezen: “‘Architect Teake Bouma heeft van een druilerig gebouw een gewaardeerd, fris appartementencomplex gemaakt’, staat in het juryrapport over Estel Residence. ‘Het gebouw straalt een vanzelfsprekendheid uit die te danken is aan de perfectionistische transformatie en het respect voor het originele ontwerp. Bewonderenswaardig en een voorbeeld van hoe we met jonge monumenten moeten omgaan.’” https://www.gelderlander.nl/nijmegen/bijzondere-transformatie-estel-beloond-met-architectuurprijs~a1e401e8/

Gemeentelijk Monument

Het gebouw heeft de status van Gemeentelijk Monument.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Estel-gebouw

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Vrij/Haskoning/HaskoningCat.html

https://www.bouwenmetstaal.nl/publicaties/nieuwsbrief-architect-staal/architectstaal-april-2019/estel-residence-nijmegen

Oranjesingel, gezien vanaf het Keizer Karelplein richting St. Canisiussingel, circa 1900 (Vivat Amsterdam via F2892 RAN)
#Nijmegen, Centrum, Geen categorie

Oranjesingel

Oranjesingel, gezien vanaf het Keizer Karelplein richting St. Canisiussingel, circa 1900 (Vivat Amsterdam via F2892 RAN)
Oranjesingel, gezien vanaf het Keizer Karelplein richting St. Canisiussingel, circa 1900 (Vivat Amsterdam via F2892 RAN)

Deze pagina verzamelt artikelen die over de Oranjesingel zijn verschenen.

De Oranjesingel is vernoemd naar het Bolwerk Oranje, dat aan het eind van de Molenstraat lag. De aanleg van deze straat begon in 1880, na de sloop van de vestingwerken.

Het bolwerk Oranje, 1875 (Gerard Korfmacher via F68578 RAN)
Het bolwerk Oranje, 1875 (Gerard Korfmacher via F68578 RAN)

Lommerijke singel

De Oranjesingel had bij de aanleg een ander karakter dan wij tegenwoordig kennen: aanvankelijk was het een brede, lommerijke straat, waartussen Nijmegenaren in het midden van de straat konden flaneren. Aan weerszijden lag daarnaast een weg. Op dat moment bestond de Waalbrug nog niet.

Lindes

Oorspronkelijk waren er kastanjes aangeplant. Omdat deze niet groeien wilden, werden ze vervangen door lindebomen. (PGNC 2/11/1890). In 2007 waren veel lindes intussen al verdwenen: “Deze singel oogt in eerste aanblik als een coherent straatdeel zeer verschillend en de oorspronkelijke beplanting met linden is deels verdwenen. Er zijn aan het eind van de vorige eeuw zelfs ook populieren aan de singel toegevoegd. In 1990 is de binnenste rij linden vervangen door moeraseiken. De visie uit die tijd was dat deze bomen beter bestand waren tegen verontreiniging zoals uitlaatgassen en strooizout. Het probleem van deze bomen is dat de moeraseik breder uitgroeit dan de linde waardoor de rij linden naast de eiken in de verdrukking komt.” (Groene allure)

Bebouwing

De Renbaan liep langs de Oranjesingel tot aan de Berg en Dalseweg (Berg en Dalsche straat), Detail plattegrond Nijmegen in 1888 (RAN KPD-16)
De Renbaan liep langs de Oranjesingel tot aan de Berg en Dalseweg (Berg en Dalsche straat), Detail plattegrond Nijmegen in 1888 (RAN KPD-16)

Als bebouwing kwamen er aan de centrumkant grote herenhuizen, die tegenwoordig veelal zijn verbouwd tot kantoorpanden. Aan de andere zijde kwam Sociëteit de Vereeniging en de renbaan de Wedren. “Langs de straten en singels die tot de schil behoren verschenen royale huizen, kantoren en winkels in de stijl van eclecticisme, neo-renaissance en art nouveau/jugendstil.” (Bijschrift KN10984-14 RAN, een foto uit 1902)

In de omgeving van de Ziekerstraat was een terrein gereserveerd voor militaire doeleinden. Hierop kwam later onder andere het Stedelijk Gymnasium en de Rechtbank te staan.

Oranjesingel 3, 5, 7 en 9 (oktober 2024)

Oranjesingel 3-9 en 1

In 1890 ontwerpt architect Maurits dit complex van 4 woningen: Oranjesingel 3, 5, 7 en 9. En wat is dat kleine gebouwtje van Oranjesingel 1 nu eigenlijk?

Lees verder
Oranjesingel 8 en 10, september 2022 (Google Streetview)

Oranjesingel 8 en 10, architect G. Buskens

Oranjesingel 8 en 10 Gemeentelijk Monument Het pand is een Gemeentelijk Monument. De tekst bij aanwijzing: “Complex van twee elkaars spiegelbeeld vormende woonhuizen.Bakstenen pand van tweebouwlagen met souterrain, plat dak en schild aan de voorzijde. Links en rechts vooruitspringende bouwmassa van een as breed,die een rondbogig portiek met trappen en deuren bevat; op de etage…

Lees verder
Oranjesingel 2c, 4, 6 en 6a (oktober 2024)

Oranjesingel 2c, 4, 6 en 6a

Het linker hoekpand was voorheen in gebruik door De Kerk van de Nazarener, welke huisnummer 2a had. Tegenwoordig zit Manna op nummer 2c.

Lees verder

Villa voor N. Dreesmann

rond 1909, Oranjesingel 41 (huidig)

Ontwerp villa voor den Weled. Heer N. Dreesmann a/d Oranjesingel, Oranjesingel 41, architect W.G. Welsing, datum bouwtekening: November 1909 (D12.381522)
Ontwerp villa voor den Weled. Heer N. Dreesmann a/d Oranjesingel, Oranjesingel 41, architect W.G. Welsing, datum bouwtekening: November 1909 (D12.381522)

In november 1909 ontwerpt architect W.G. Welsing de villa aan de Oranjesingel voor N. Dreesmann.

Ontwerp villa voor den Weled. Heer N. Dreesmann a/d Oranjesingel, datum op bouwtekening D12.381520: November 1909 (D12.381522)
Ontwerp villa voor den Weled. Heer N. Dreesmann a/d Oranjesingel, datum op bouwtekening D12.381520: November 1909 (D12.381522)

Gevonden gebruikers

Oranjesingel 41, 1951 (GN5561 RAN)
Oranjesingel 41, 1951 (GN5561 RAN)

Net als bij de andere panden dient hier een slag om de arm te worden gehouden, aangezien er een hernummering kan hebben plaats gevonden.

Dr. Ch.A.L. Zegers is een keel-, neus- en oorarts. In april 1912 plaatst hij een advertentie dat hij verhuist is naar Oranjesingel 41, “bij de Schevichavenstraat” (PGNC 19/4/1912).

De volgende gevonden gebruiker is B. Zikel, koopman. In PGNC 4/3/1919 vraagt mevr. Zickel per 1 mei een keukenmeisje. Daarbij valt op dat in PGNC 19/5/1919 staat dat B. Zikel in mei is vertrokken naar Indië. Het is nog onbekend of mevrouw Zickel is meegegaan en of het een permanent vertrek was.

In 1926 woont A.J. v. Noordwijk in het pand, waarbij J.W. Ginsheumer waarschijnlijk een inwonend “huisbewaarder” is. in 1928 wordt mr. K.J. Weve gevonden op dit adres.

Dan staat in de Adresboeken 1932 t/m 1938 N.R.A. Dreesmann op dit adres. Het is nog onbekend of dit te maken heeft met een hernummering, waarbij de voorgaande bewoners een ander adres betreft. Of dat Dreesmann de woning heeft laten bouwen en er vervolgens rond 1932 of eerder er zelf in is gaan wonen. Mevrouw Dreesmann, Oranjesingel 41, vraagt in De Gelderlander 7/7/1931 een “net R.K. 2e meisje” voor mevrouw Vroom-Dreesmann in Amsterdam.

Nicolaas Rudolph Alexander Dreesmann is getrouwd met Elisabeth Maria Josephine von Hülst en weduwnaar van zijn eerste vrouw Antoinette Clara Johanna Velthuys (PGNC 4/8/1939)

Bij zijn overlijden op 2-8-1939 is hij 72 jaar (overlijdensadvertentie PGNC 4/8/1939)

N. Dreesmann blijkt overigens ook een fokker van vogels te zijn. Op de internationale tentoonstelling wint hij een aantal prijzen: “De heer N. Dreesmann, Oranjesingel 41, is altijd een gevreesde concurrent op onze beste shows”. (De Gelderlander 17/12/1932)

Na de oorlog volgen een aantal weduwen en “mejuffrouws”.

In Adresboek 1948 komt Jacoba Arnolda Catharina van Wijck, weduwe van Petrus Alphonsus Terwindt voor. Zij overlijdt op 2-7-1949. (De Gelderlander 5/7/1949). Mej. M.E.A. Terwindt komt voor in het Adresboek van 1951.

In De Gelderlander 3/11/1951 vraagt Mevr. v.d. Lande, Oranjesingel 41 een “Keukenmeisje In gezin van oude dame, waar meerdere hulp aanwezig is.”  Deze mevrouw v.d. Lande is nog niet gevonden in een Adresboek. In 1953 wordt een dienstmeisje gevraagd (De Gelderlander 14/8/1953).

Midden jaren 50 lijkt de laatste keer dat het pand gebruikt wordt als woning. Daarna komen er allerlei instellingen in.

Catechetisch Centrum komt naar Nijmegen

Het Catechetisch Centrum, een stichting van de Nederlandse provincie der Paters Jezuïeten met het doel een bijdrage te leveren voor de verbetering van het godsdienstonderwijs in al zijn geledingen, sinds 1948 gevestigd in het klooster Canisianum te Maastricht, komt naar Nijmegen. Naar wij vernemen is voor de huisvesting van dit Centrum het pand Oranjesingel 41 aangekocht, de woning van de verleden jaar overleden Mevr. van de Lande. Zoals bekend worden door het Catechetisch Centrum twee periodieken uitgegeven, te weten Verbum, bestemd voor priesters en “School en Godsdienst”, bestemd voor onderwijzers en onderwijzeressen. Het ligt in de bedoeling de vestiging in onze stad in de loop van de zomer te doen plaats hebben.” (De Gelderlander 7/3/1955)

Of dit Catechetisch Centrum er daadwerkelijk is gekomen, is nog niet bekend.

In september 1955 is in ieder geval Het Gemeenschappelijk Instituut voor Toegepaste Psychologie (G.I.T.P.) afd. Research hier gevestigd, wanneer er in een personeelsadvertentie een Jongedame wordt gevraagd. (De Gelderlander 24/9/1955)

De R.K. Universiteit kondigt in De Gelderlander 28/1/1956 aan dat de Verpleegstersschool, verbonden aan de Sint Radboudklinieken van de R.K. Universiteit op 1 mei wordt geopend.  Degenen die voor verpleegster willen leren, kunnen zich schriftelijk melden bij de Directrice op de Oranjesingel. Bij het RAN zijn de nodige foto’s van deze opleiding te zien, waaronder een docerende verpleegster van de Verpleegstersschool GN44179 RAN.

In 1971 is het in gebruik als Instituut voor middeleeuwse, nieuwe en sociale en economische geschiedenis.

In 1992 en 1994 geeft het RIAGG aan de Oranjesingel 41 een cursussen aan jongeren (Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/9/1992, een dergelijke cursus ook in 1994: Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/1/1994)

NaamOmschrijvingAdresboek
C.A.L. ZegersGeneesheer, keel- neus- en oorarts1912-1913, 1913-1914, 1914-1915
B. Zikelkoopman1915-1916, 1916
J.W. GinsheumerHuisbewaarder (waarschijnlijk inwonend)1926
A.J. v. NoordwijkDirecteur marg. Fabriek1926
Mr. K.J. WeveAls penningmeester van Woningvereeniging Nijmegen1928
N.R.A. Dreesmannkoopman1932, 1934, 1936, 1938
Mej. H. Bleeck 1948
Wed. J.Ch.L. van der LandeGeb. W.E.M. Jansen1948, 1951
Mej. Th.F. Bosch 1948
Mej. J.R. Eggenhuizen 1948
Mej. H.G.M. LengletOnderwijzeres St. Maartenskliniek1948, 1951
Wed. A.P.A. TerwindtGeb. J.A.C. van Wijck1948
Mej. M.E.A. Terwindt 1951
Mej. M.A. Jansen 1951
Mej. N.R.J. Elbers 1955
Instituut voor middeleuwse, nieuwe en sociale en economische geschiedenis 1971

Oranjesingel 43

(voorheen Oranjesingel 45?)

Oranjesingel 43, augustus 2023 (Google Streetview)
Oranjesingel 43, augustus 2023 (Google Streetview)
Ontwerp v/e Heerenhuis a/d Oranjesingel Gem. Nijmegen. Kad. Sectie B 3881, bouwmeester Haspels, datum bouwtekening juli 1909 (D12.380706)
Ontwerp v/e Heerenhuis a/d Oranjesingel Gem. Nijmegen. Kad. Sectie B 3881, bouwmeester Haspels, datum bouwtekening juli 1909 (D12.380706)

Bij de bouw van een tuinhuisje is het Oranjesingel 43 (datum bouwdossier 5-4-1935, D12.401828)

Lees hier het artikel:

Prick: 43 of 45?

Rond 1953 vindt een verbouwing plaats van de 2e verdieping en het souterrain. Dit souterrain wordt daarbij verbouwd tot dokterspraktijk. Dan heeft het gebouw huisnummer 45, terwijl het huidige nummer 43 is; Kad. Bekend Gem. Nijmegen Sectie B No 3881 (Datum Bouwdossier 17-3-1953, D12.417114).

Afgaande op het huisnummer zou het dan 45 zijn, echter: de vermelding op de bouwtekeningen is het kadastrale nummer B No 3881. Deze staat zowel vermeld op die van 1909 als op die van 1953. De bouwtekening van 1953 is echter opgeslagen onder Oranjesingel 45.

Herenhuis met 16 kamers ontworpen en gebouwd door de gebroeders Haspels. In 1953 kocht de bekende neuroloog J.J.G. Prick het pand, Oranjesingel 45, foto 1910 (F29089 RAN)
Herenhuis met 16 kamers ontworpen en gebouwd door de gebroeders Haspels; op de gevel staat nog huisnummer 45. Volgens RAN kocht in 1953 kocht de bekende neuroloog J.J.G. Prick het pand, maar waarschijnlijk is het de buurman, het huidige Oranjesingel 45, foto 1910 (F29089 RAN)

Oranjesingel 45

1910

Ontwerp voor een Heerenhuis aan de Oranjesingel te Nijmegen, Kad: Sectie B No 3943, Eigenaars Gebr. Haspels, Datum Bouwtekening juni 1910 (D12.381537)
Ontwerp voor een Heerenhuis aan de Oranjesingel te Nijmegen, Kad: Sectie B No 3943, Eigenaars Gebr. Haspels, Datum Bouwtekening juni 1910 (D12.381537)

Oranjesingel 45 is in 1910 gebouwd als Heerenhuis. Hierbij staan eigenaar de Gebr. Haspels op bouwtekening (Datum Bouwtekening juni 1910, D12.381537)

Advertentie afwezigheid Prof. Dr. J.J.G. Prick, Oranjesingel 45 (De Gelderlander 16/5/1953)
Advertentie afwezigheid Prof. Dr. J.J.G. Prick, Oranjesingel 45 (De Gelderlander 16/5/1953)

In 1951 komt prof. zenuwarts J.J.G. Prick nog voor op Canisiussingel 25 (Adresboek 1951).

In 1955, 1959, 1963 en 1966 op Oranjesingel 45 (op 1 plaats ook op nummer 5, maar dit zal een zetfout zijn).

Oranjesingel 2a (nu 2c)

De Openbare Leeszaal en Boekerij; statuten en reglementen, Oranjesingel 2a, 1918 (F46570 RAN)
De Openbare Leeszaal en Boekerij; statuten en reglementen, Oranjesingel 2a, 1918 (F46570 RAN)

Lees over de verbouwing door Willem Hoffmann:

Oranjesingel 42

De studentenvereniging Carolus Magnus betrok op 9 mei een eigen gebouw aan de Oranjesingel. Ter ere van de opening werd het gebouw versierd en een 3 dagen durend feest gevierd, 9/5/1925-9/ /1925 (F9532 RAN)
De studentenvereniging Carolus Magnus betrok op 9 mei een eigen gebouw aan de Oranjesingel. Ter ere van de opening werd het gebouw versierd en een 3 dagen durend feest gevierd, 9/5/1925-9/ /1925 (F9532 RAN)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Oranjesingel

https://nl.wikipedia.org/wiki/Oranjesingel_(Nijmegen)

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Ansichtkaarten/straten/Oranjesingel/OranjeCat.html

Gezicht op de oostzijde van de Broerstraat met de winkelpanden van o.a. (v.r.n.l.) Slagerij Brinke (op de hoek met het Kerkegasje), Parfumerie Au Printemps, Schoenenzaak Gebrs. Raemakers, Herenmodezaak Oostvogel en de bouw van de panden van Jamin en Schoenenzaak BATA ; bovenaan het nieuwbouwpand van de Herenmodezaak Van Dijk & Witte (Burchtstraat 2, geopend op 21 september 1955), 1955 (GN3877 RAN)
#Nijmegen, Broerstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Herbouw van Schoenenmagazijn Gebr. Raemakers, architect Treur

1954 Broerstraat 19 -19a

Gezicht op de oostzijde van de Broerstraat met de winkelpanden van o.a. (v.r.n.l.) Slagerij Brinke (op de hoek met het Kerkegasje), Parfumerie Au Printemps, Schoenenzaak Gebrs. Raemakers, Herenmodezaak Oostvogel en de bouw van de panden van Jamin en Schoenenzaak BATA ; bovenaan het nieuwbouwpand van de Herenmodezaak Van Dijk & Witte (Burchtstraat 2, geopend op 21 september 1955), 1955 (GN3877 RAN)
Gezicht op de oostzijde van de Broerstraat met de winkelpanden van o.a. (v.r.n.l.) Slagerij Brinke (op de hoek met het Kerkegasje), Parfumerie Au Printemps, Schoenenzaak Gebrs. Raemakers, Herenmodezaak Oostvogel en de bouw van de panden van Jamin en Schoenenzaak BATA ; bovenaan het nieuwbouwpand van de Herenmodezaak Van Dijk & Witte (Burchtstraat 2, geopend op 21 september 1955), 1955 (GN3877 RAN)

In 1954 heropent schoenenzaak Raemakers haar pand aan de Broerstraat. Het ontwerp is van architect Treur in een combinatie van modern beton en traditioneel rode baksteen.

Vooraf

In september 1944 was de winkel van Gebr. Raemakers in vlammen opgegaan. Zie voor het artikel over de oude winkel:

Het nieuwe pand van Raemakers

Opvallend bij het pand zijn de 4 uitstulpende betonnen vensters van de eerste verdieping. De bovenste verdiepingen zijn in rood baksteen. De begane grond is verbouwd: uit de foto uit 1955 lijkt de etalage bestaat uit 2 etalage kasten op een verhoging te bestaan, met boven de een van kasten de tekst “Raemakers”. Tegenwoordig zijn deze “kasten” vervangen door grote ramen.

Hiervan had de aanbesteding in september 1953 plaatsgevonden in opdracht van de N.V. Gebr. Raemakers voor het bouwen van een winkel met magazijnen en bovenwoning. Daarbij was J.M. Berens de laagste inschrijver met f71.924 (De Gelderlander 3/9/1953), aan wie de aanbesteding werd gegund.

Meer dan honderdjarig bedrijf herbouwd

Schoenenmagazijn Gebr. Raemakers werd nieuw sieraad voor de Broerstraat

De opening van het nieuwe pand van de Schoenwinkel van de Gebr. Raemakers, 1954 (GN3858 RAN)
De opening van het nieuwe pand van de Schoenwinkel van de Gebr. Raemakers, 1954 (GN3858 RAN)

Gisteren hadden de zakenlieden in de Broerstraat de vlag uitgestoken en dat was heus niet zonder reden. Op deze wijze riepen ze een welkom toe aan een nieuw lid van de langzaam-aan voltallig wordende Broerstraatfamilie. Het Schoenenmagazijn van de Gebr. Raemakers is op no. 19 herbouwd en in de middag om drie uur werd het heropend, nadat Nanja Raemakers dezer dagen de laatste steen had gelegd.

Om deze herbouw mocht niet alleen de Broerstraat zich verheugen, maar heel Nijmegen kon blij zijn. Een magnifiek zakenpand zet nieuwe luister bij aan de herrijzende binnenstad. En de N.V. Gebr. Raemakers zetten de kroon op het werk dat na de verwoesting in de oorlog, toen hun pand aan de Grote Markt no. 7 in vlammen opging, van voren af aan moesten begonnen. Een grote steun daarbij lag in het verleden. De fa. Raemakers toch is niet vandaag of gisteren, maar bestaat al meer dan honderd jaar in onze binnenstad.

Ze dateert nog uit de tijd dat schoenen in manden werden aangevoerd; daaruit werd los verkocht. Dozen waren nog onbekend. Verder werden de schoenen aan latten tegen de zolder opgehangen. Er was maar uit enkele soorten keus te maken. Dat is vandaag anders.

De keuze is zo groot dat het de vraag werd of de honderden en honderden schoenen nog wel in de zaak zichtbaar moesten worden opgeslagen, of dat deze voorraad soms niet beter rustig op de achtergrond kon worden gehouden. De Gebr. Raemakers beantwoordden deze laatste vraag in bevestigende zin. Ze voerden als nouveauté voor onze stad het zogenaamde blinde (?) voorraadsysteem in. In de zaak zelf zijn geen schoenendozen zichtbaar; deze zijn uiteraard wel onmiddellijk bij de hand, zodat de client naar wens- en zeer snel naar wens- kan worden bediend. Door toepassing van deze nieuwe gedachte is het verkoopgedeelte van de zo intiem ingerichte zaak er veel rustiger op geworden.

Uit tientallen fraaie bloemstukken bleek gistermiddag hoezeer de Gebr Raemakers zich in de belangstelling van fabrikanten, vrienden, kennissen en zakenrelaties mogen verheugen. Het schoenenmagazijn had veel van een bloemenmagazijn weg, toen de heer G. Raemakers, de zoon van de heer A.H. Raemakers, die al meer dan een halve eeuw directeur van het bedrijf is, het woord nam om de vele aanwezigen, onder wie de wethouder de heer M. Duives, te begroeten. De wethouder sprak een gelukwens uit namens het gemeentebestuur, dat zich over de herbouw van dit meer dan honderdjarig Nijmeegs bedrijf ten zeerste verheugde. Spreker herinnerde aan de voorgeschiedenis van het Schoenenmagazijn Gebr. Raemakers en aan de ramp welke dit bedrijf trof, waarna evenwel niet bij de pakken werden neergezeten. Het nieuwe pand noemde de wethouder een sieraad voor de Broerstraat en in de heren Raemakers huldigde hij de Nijmeegse middenstand, die zulk een aanzienlijke bijdrage levert tot de herbouw van een mooie stadskern. De architect en daarnaast de aannemers die Nijmegen volbouwen, verdienen lof voor hun werk.

De heer G. Raemakers dankte hierna de wethouder en in hem het Nijmeegs gemeentebestuur en de gemeente-instanties die zo volop haar medewerking tot de herbouw hebben verleend. Spr. sprak zijn waardering uit voor de architect de heer G.B. Treur, het aannemersbedrijf J.J.M. Berens en voor alle onderaannemers, die de bouw naar volle tevredenheid hebben tot stand gebracht.” (De Gelderlander 29/4/1954)

Vervolg

Manfield, Broerstraat 19 in 1985 (Wim Michels via KN14486-7 RAN CC0)

Er is nog niet uitgebreid onderzocht wat het vervolg is geweest. In ieder geval komt de zaak nog voor in het Adresboek 1971. Tegenwoordig zit in het pand schoenenzaak Manfield.

Juli 2019 (Google Streetview)
Juli 2019 (Google Streetview)

Architect G.B. Treur

Architect G.B. Treur zullen wij waarschijnlijk vooral tegenkomen bij de wederopbouw van Nijmegen, waarvoor hij veel winkels in het centrum…

Hotel Metropole in de Bisschop Hamerstraat ten tijde van de 40e Vierdaagse, Bisschop Hamerstraat 14, 22/7/1956 (J. v. Doorn via F41338 RAN CCBYSA Auteursrechthouder KNBLO-NL)
#Nijmegen, Bisschop Hamerstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Hotel Metropole

1956 Bisschop Hamerstraat Centrum

Hotel Metropole in de Bisschop Hamerstraat ten tijde van de 40e Vierdaagse, Bisschop Hamerstraat 14, 22/7/1956 (J. v. Doorn via F41338 RAN CCBYSA Auteursrechthouder KNBLO-NL)
Hotel Metropole in de Bisschop Hamerstraat ten tijde van de 40e Vierdaagse, Bisschop Hamerstraat 14, 22/7/1956 (J. v. Doorn via F41338 RAN CCBYSA Auteursrechthouder KNBLO-NL)

In juli 1956 vindt de opening plaats van het nieuwe hotel-café-restaurant Métropole aan de Bisschop Hamerstraat. De architect is G.D. Jansen, van het Bouwbureau van de brouwerij “De drie Hoefijzers” uit Breda.

Vooraf: de in de oorlog verwoeste de Meet

Panden aan de zuidzijde van de Lange Burchtstraat met o.a. Hotel Metropole, 1939 (ir. J.G. Deur via F12991 RAN CCBYSA)
Panden aan de zuidzijde van de Lange Burchtstraat met o.a. Hotel Metropole, 1939 (ir. J.G. Deur via F12991 RAN CCBYSA)

Métropole was in 1900 geopend in de Lange Burchtstraat en werd in 1944 verwoest. Daarna moest men zich 10 jaar “behelpen”: eerst werd het bedrijf voortgezet in de eigen huiskamer, later in een noodrestaurant aan het Keizer Karelplein dat de bijnaam “Wachtkamer” kreeg. Wel bleven een aantal vaste klanten trouw, die dan ook door Meijboom worden bedankt: in het bijzonder majoor Breunese (die namens de N.B. v. L.O. – Nederlandse Bond van Leger Officieren ook een toespraak hield) en zijn staf, het curatorium van de Radbouduniversiteit en de studenten.

Deze staat op de plaats van het vroegere gebouw van Smarius, waarin Vroom en Dreesmann na de Tweede Wereldoorlog haar tijdelijke winkel had.

Het hotel heeft een bed voor 20 gasten; op de hoek van de Bisschop Hamerstraat en het Keizer Karelplein is er een café met een aangrenzend restaurant. Het terras bevindt zich aan de kant van het Keizer Karelplein, waar bovendien de toegang tot de bierkelder is. Boven het restaurant is er een zaal voor feesten en vergaderingen.

Voor de Vierdaagse klaar

De bouw was in februari begonnen. Er werd snel gebouwd, met als doel om voor de Vierdaagse het bouwwerk gereed te hebben. “Het resultaat is zeer bevredigend, niet alleen voor de heer Jac. Meijboom, die zich nu over een definitief home mag verheugen, maar voor heel Nijmegen waarmee de “Meet” al sinds generaties was samengroeid.

Bij de opening noemt burgemeester Hustinx dat hij verheugd is dat met deze herbouw tegemoet wordt gekomen aan het tekort van hotelkamers in de stad. Hij hoopt dat er steeds meer congressen zullen worden gehouden. En hij verwacht dat ook door de groei van de industrie en de universiteit de vraag naar hotelruimte zal toenemen.

(Overige) Bronnen en verder lezen

De Gelderlander 19/7/1956