architect Hoffmann Gebr. Lampe Grote Markt 17 later Bata en Rabobank
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Grote Markt

Grote Markt 17: Lampe architect Willem Hoffmann en Bata

architect Hoffmann Gebr. Lampe Grote Markt 17 later Bata en Rabobank
Gebrs. Lampe: Rechts het pand van de Gebroeders Lampe, herkenbaar aan het ronde bord bovenop het gebouw de groentemarkt gezien in de richting van de Stikke Hezelstraat, links de gevels van Bahlmann en de HEMA, 1920-1925 (RAN ZN24878)

In 1919 ontwierp de architect Willem Hoffmann op de plaats waar voorheen een koperslagerij had gezeten de winkel voor de Gebroeders Lampe. Deze zaten slechts enkele jaren in dit pand. Vervolgens kwam hier Bata, die het ontwerp van het pand grotendeels intact heeft gelaten. Het gebouw is in 1967 gesloopt om plaats te maken voor de Raiffeisenbank.

Vooraf: Koperslagerij en Verlichtingsartikelen J.L.A. Goette

De winkel in huishoudelijke artikelen van J.L.A. Goette, Gedateerd 1898-1900, er is niet nagegaan of er een tussentijdse verbouwing heeft gevonden (Detail van Ernst Max Kiesel via F38655 RAN)
De winkel in huishoudelijke artikelen van J.L.A. Goette, Gedateerd 1898-1900, er is niet nagegaan of er een tussentijdse verbouwing heeft gevonden (Detail van Ernst Max Kiesel via F38655 RAN)

Voor Lampe zat op het adres Groote Markt 17 J.L.A. Goette, Koperslagerij en Verlichtingsartikelen (Adresboek 1918). Lees hier het artikel:

1919: Gebr. Lampe

“Groote Markt, hoek Stikke Hezelstraat”, Groote Markt 17, 1919

Personeelsadvertentie Gebr. Lampe (De Gelderlander 9/4/1921)
Personeelsadvertentie Gebr. Lampe (De Gelderlander 9/4/1921)

” Magazijnen Gebrs. Lampe.

Gebrs. Lampe hebben een vermaardheid in Nederland en bezitten in menige plaats van ons land prachtige, moderne ingerichte magazijnen. En Nijmegen heeft thans ook zijn Gebrs. Lampe-magazijn gekregen en wel op de Groote Markt, hoek Stikke Hezelstraat.

De architect, de heer Willem Hoffman, heeft van ‘teerst wat ouderwetsche winkelhuis een moderne modepaleis gemaakt, dat in zijn lichtende kleuren groote levendigheid geeft aan de oude Markt, welke door haar keurige winkelreeksen als tot een nieuw leven ontwaakt. Het magazijn Lampe ontsiert onze Groote Markt niet en biedt reeds vanaf de Burchtstraat een vrolijken en frisschen aanblik door zijn lenige lijnen en heldere tinten.

En reeds van verre vestigt het eenvoudige medaillevormige naambord, dat geheel in de stijl van het modehuis gehouden is en het goed doet in zijn hooge verhevenheid de aandacht op de firma, welke hier haar mode-artikelen voor dames en kinderen te koop en te kijk stelt. En binnen zien de magazijnen er al even keurig en fraai uit als buiten.

Treedt men den winkel binnen, dan wordt het oog gestreeld door de rustige, lichte witte tinten, welke aan den geheelen winkel een deftig uiterlijk geven. De costuum- en blousenkasten staan er bij de hand opgesteld; een gerieflijke paskamer en een practische cassa vergemakkelijken de taak der winkeljuffrouwen en der koopende cliëntèle.

Geslepen en matgehouden glasruiten laten een gematigd licht door, terwijl lichtkroontjes een getemperden glans van electrisch licht bij avond over den witten winkel uitschieten.

De vitrines, eenigzins lager gelegen dan de winkel, bieden ruimschoots gelegenheid om de nouveautés op het gebied van dames- en kinderkleeding in rijke verscheidenheid en in aangename afwisseling te doen bewonderen.

De étaleur kan hier wonderen doen van chic en elegance.

Langs een makkelijken, breeden en rijken trap komt men op de eerste verdieping.

Hier vindt men de costumes- en japonnenafdeeling en zijn tevens drie gezellige paskamertjes ingericht, waar de dames op haar gemak keuze kunnen doen uit de rijke sorteering kleedingstukken.

Een tweede verdieping is ook nog deels voor magazijn ingericht, bevat een ruim privé-kantoor, dat men beneden in kleiner omvang ook treft, en bood tevens gelegenheid tot de inrichting van de ateliers en van een ontspanningslokaal voor het personeel.

De zolderverdieping bevat ook nog groote bergruimten voor confectiegoederen, terwijl het sousterrein ook al benut bleek te zijn om de rijke voorraden goederen der firma een voorloopige plaats te bezorgen.

Met dezen winkel van Gebrs. Lampe is Nijmegen ongetwijfeld een modern magazijn rijker geworden.

De Nijmeegsche aannemer de heer M Koppings heeft de architectonische plannen van den heer J.W. Hoffmann zaakkundig uitgevoerd de heeren Gebr. Koning verzorgden fraai het schilderwerk, terwijl het stucadoorswerk van den heer H. Clemens zeker ook vermelding verdient.

De electrische licht-installatie is aangebracht door de firma Reuser-v. Alphen.” (De Gelderlander 9/4/1919)

1926: Wisburn en Liffmann

Lampe heeft hier slechts enkele jaren ingezeten. Op 24 april 1925 viert Lampe nog een jubileum (De heer W. Laagland is 25 jaar bij Lampe in dienst, De Gelderlander 18/4/1925).

In juli 1926 openen Wisburn en Liffmann hier echter hun tijdelijke vestiging tijdens de verbouwing van hun pand aan de Broerstraat (PGNC 6/7/1926). Bij de heropening van hun pand aan de Broerstraat 35-37 in maart 1927 verlaten zij weer het pand aan de Grote Markt (PGNC 29/3/1927). Daarna lijkt het een tijdlang leeg te staan.

1930: Bata

De Bata 1939 Grote Markt 17 Nijmegen tegenwoordig Citystore
Links de Stikke Hezelstraat, en de Winkel van de Bata, 1939 (foto ir. J.G. Deur via F13997 RAN CC-BY-SA)

In januari 1930 vestigt Bata zich in het pand. Bata heeft haar schoenfabriek in Tjecho-Slowakije, waar op dat moment 12.000 arbeiders werken. Zij verkoopt daarbij haar schoenen in eigen winkels in Europa, waarbij Nijmegen de 11e winkel in Nederland is. De Bata hanteert een standaard type ontwerp voor haar winkels. Dit ontwerp is gemaakt door de Gebrs. Slee uit Rotterdam (De Gelderlander 17/1/1930). De verbouwing lijkt van binnen te hebben plaats gevonden: er is tot nu toe geen bouwvergunning gevonden.

Het PGNC bij de opening januari 1930 over de veranderingen:

“De meest grondige verandering is wel aangebracht met betrekking tot de verkoopruimte, gelijkvloersch gelegen, die vele malen grooter is geworden dan eerst het geval was; zij beslaat thans een oppervlakte van ongeveer 100M². De toekomstige koopers vinden dus ruimte te over om zich op hun gemak van nieuw schoeisel te kunnen voorzien; het aangename interieur en de gemakkelijke, moderne zetels, zullen het keus maken in deze zaak tot een waar genoegen doen zijn. Voor de dames is een aparte kousen-vitrine ingericht; men brengt immers zoo gaarne harmonie in kleur, tusschen schoeisel en kous? Voor de heeren der schepping is op dezelfde wijze gezorgd; zij kunnen hun keus doen uit een aparte sokken-vitrine.

Etalage-ruimte te over is er in de nieuwe zaak, zoodat men zich een goede voorstelling kan vormen van hetgeen binnen aanwezig moet zijn liefst zeven moderne vitrines, met smaakvol interieur, bevatten een keur-collectie van het fraaiste schoenwerk, dat ook des avond, door de vernuftig aangebracht verlichting, uitstekend tot zijn recht komt.”

Op dat moment is alleen de begane grond als verkoopruimte ingericht. De 2e en 3e verdiepingen doen dienst als magazijn. En mocht daar behoefte aan zijn, dan kan ook de 2e verdieping als verkoopruimte ingericht worden.

“Van de firma’s die aan het totstandkomen van de nieuwe zaak meewerkten, noemen wij in de eerste plaats de aannemersfirma Brandts, die de verbouwing voor haar rekening nam. Het schilderwerk werd verzorgd door de firma Bökkerink, terwijl de firma Heertjens haar zorgen besteedde aan de electrische verlichting. De markiezen tenslotte, worden geleverd en aangebracht door de firma Tesser.” (PGNC 17/1/1930)

Verbouwing 1939

Wel is er een verbouwing aan de voorgevel in 1939. Op de bouwtekening staat Bouwbureau Bata.

D12.404697 Plan tot het wegnemen van een vitrine (gewijzigde versie)

Uiteindelijk wordt het pand in 1967 afgebroken om plaats te maken voor de Raiffeisenbank (tegenwoordig Rabobank). De laatste gebruiker is de kunsthandel B. Pollman geweest.

Het pand van kunsthandel B. Pollmann, vlak voor de afbraak. Op die plek is de Raiffeisenbank gebouwd, 1967 (F86446 RAN)
Het pand van kunsthandel B. Pollmann, vlak voor de afbraak. Op die plek is de Raiffeisenbank gebouwd, 1967 (F86446 RAN)

Grote Markt

Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Grote Markt zijn verschenen. Eerst echter een korte geschiedenis. Beide zullen van…

Willem Hoffmann, architect

Architect Hoffmann is vooral bekend vanwege zijn villa’s. Zijn grootste werk is mogelijk ’t Slotje van de Baron. Ook de…

De hoofdingang van het St. Canisius-Ziekenhuis, gebouwd in 1922-1926 naar ontwerp van architect Eduard Henricus Gerardus Hubertus (Eduard) Cuypers (Roermond 18/04/4859 - 01/06/1927 Den Haag), met rechts het klassepaviljoen en geheel links het gemeentepaviljoen. Na fusering in 1977 met het protestantse Wilhelminaziekenhuis werd in 1992 het nieuwe huidige Canisius Wilhemina Ziekenhuis (CWZ) aan de Weg door Jonkerbosch betrokken, 192-1928 (A.A. v.d. Borg via F91388 RAN CCBYSA)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Canisius ziekenhuis

De hoofdingang van het St. Canisius-Ziekenhuis, gebouwd in 1922-1926 naar ontwerp van architect Eduard Henricus Gerardus Hubertus (Eduard) Cuypers (Roermond 18/04/4859 - 01/06/1927 Den Haag), met rechts het klassepaviljoen en geheel links het gemeentepaviljoen. Na fusering in 1977 met het protestantse Wilhelminaziekenhuis werd in 1992 het nieuwe huidige Canisius Wilhemina Ziekenhuis (CWZ) aan de Weg door Jonkerbosch betrokken, 192-1928 (A.A. v.d. Borg via F91388 RAN CCBYSA)
De hoofdingang van het St. Canisius-Ziekenhuis, gebouwd in 1922-1926 naar ontwerp van architect Eduard Henricus Gerardus Hubertus (Eduard) Cuypers (Roermond 18/04/4859 – 01/06/1927 Den Haag), met rechts het klassepaviljoen en geheel links het gemeentepaviljoen. Na fusering in 1977 met het protestantse Wilhelminaziekenhuis werd in 1992 het nieuwe huidige Canisius Wilhemina Ziekenhuis (CWZ) aan de Weg door Jonkerbosch betrokken, 192-1928 (A.A. v.d. Borg via F91388 RAN CCBYSA)

In 1926 zou het nieuwe R.-K. Canisius Ziekenhuis aan de (huidige) St. Annastraat en Groenestraat worden geopend. In 1920 plaatst de Gelderlander een uitvoerig artikel over de plannen daarvoor.

Vooraf

Lees voor het Canisius Ziekenhuis aan de Houtstraat en de verbouwing door architect van der Waarden:

Afgaande op het krantenartikel uit 1920 (zie hieronder) was op dat moment de locatie aan de Groenestraat/St. Annastraat bekend voor het nieuwe ziekenhuis.

Op die plek werd gedurende de volgende paar jaar een voor die tijd uiterst modern en groot ziekenhuis gebouwd. Het ontwerp hiervoor was van Eduard Cuypers (die ook onder meer het sanatorium van Dekkerswald had ontworpen).

Eind 1922 werd begonnen met de bouw, waarbij de eerstesteenlegging op 25-10-1923 plaatsvond. (Noviomagus.nl). Er kwam een voor “die tijd uiterst modern en groot ziekenhuis” (wikipedia).

Het ontwerp was afkomstig van architect Eduard Cuypers. Hij had ook het sanatorium van Dekkerswald ontworpen. Pierre Cuypers was een oom van hem (en de zoon van Pierre, Joseph, een neef).

Stichting R.-K. Canisius-Ziekenhuis.

Nijmegen, steeds vooruit strevende en gaande op ieder gebied, ziet al jaren uit naar een nieuw Canisius-Ziekenhuis.

Het huidige Canisius-Ziekenhuis in de Houtstraat, hoewel een modelinrichting, is niet meer in overeenstemming met de groote uitbreiding, welke de gemeente Nijmegen de laatste jaren heeft gekregen. Men moet daar woekeren met de ruimte, heeft er uitgebreid, zoolang dat doenlijk was, maar kwam ten slotte toch tot de conclusie, dat er uitgezien moest worden naar een grooter, ruimer, meer modern ziekenhuis, meer gelegen uit het gedruisch van de oude city en nog meer beantwoordend aan de nieuwste eiscchen, welke tegenwoordig gesteld worden aan de ziekenverzorging, welke met de beste medische en hygiënische middelen den strijd aanbindt tegen de lichamelijke ziekten, welke de menschheid kwellen.

Energieke mannen lieten het hier niet bij woorden, maar kwamen weldra tot kloeke daden, welke leiden moesten tot den bouw van het grootsche nieuwe Canisius-Ziekenhuis, waarvoor de gronden reeds zijn aangekocht en gunstig gelegen aan de Groenestraat en de St. Annalaan. Betuursleden, regenten van de stichting R.K. Canisius-Ziekenhuis hebben onverdroten jarenlang voortgewerkt aan de totstandkoming van het nieuwe katholieke ziekenhuis en blijken thans zoover gevorderd te zijn, dat zij gisteren de reeds in teekening gebrachte bouwplannen ter bezichtiging konden stellen van autoriteiten, gemeentebestuurderen enz.

Gisterenavond dan in den foyer van den Stadsschouwburg hadden de regenten der stichting, burgemeester, wethouders, raadsleden, leden van de gezondheidscommissie, bestuursleden van het Wilhelmina-Ziekenhuis en andere belangstellenden uitgenoodigd om kennis te neemen van de bouwplannen, welke op uitvoering wachten.

Vele der genoodigde autoriteiten waren aanwezig toen de voorzitter de heer C.M.V. Roothaan de genoodigden, waaronder B. en W., gemeentesecretaris, hoofden van gemeentebedrijven, verschillende raadsleden enz. waren, welkom heette en allereerst hun aandacht vestigde op een uitmuntend uitgevoerde maquette, dat een beeld gaf van de groepeering der verschillende gebouwen, den aanleg der tuinen en wegen, welks de verschillende gebouwen zouden verbinden.

Dit bouwmodel gaf wel een grootschen indruk van het nieuwe Canisius-Ziekenhuis- en ongetwijfeld zullen nog talrijke belangstellenden bij nog nader te houden voordrachten over het nieuwe ziekenhuis met genoegen en zeker ook met bewondering kennis nemen van deze prachtige ziekenhuisbouwplannen van den architect den heer Eduard Cuypers te Amsterdam.

In zijn welkomst- en inleidingswoord wees de heer C.M.V. Roothaan op het groote belang dat Nijmegen heeft bij den bouw van een nieuw, aan moderne eischen beantwoordend ziekenhuis.

De ziekenverzorging is een groot algemeen belang dat samengaat met ziektebestrijding in haar besten vorm. En het ligt dus op den weg van de overheid zulks te bevorderen en alles te steunen wat ten doel heeft verpleging en verzorging van zieken.

Overtuigd van de groote beteekenis van dit Ziekenhuisplan, hadden de oprichters dan ook gebouwd op den steun van den gemeenteraad, welke zich hierin niet onbetuigd liet. Tweemaal gaf de raad op gedaan verzoek der commissie geldelijken steun voor de bouwplannen, natuurlijk op voorwaarde, dat de commissie ook rekening zou houden met de verpleging van de zieken die op gemeentekosten verzorgd worden. -Dat heeft de commissie inderdaad gedaan. En nu meende zij, dat zoodra de bouwplannen vasten vorm hadden aangenomen, op de eerste plaats toch ook de leden van den raad der gemeente Nijmegen hiervan kennis te moeten doen nemen om hen hierdoor nog meer te overtuigen van het nut en de noodzakelijkheid van dit uitbreidingsplan. En wat de bouwfondsen betreft, kon spr. den aanwezigen nog niet mededeelen, dat deze in zooverre verzekerd waren, dat met de uitvoering der plannen binnenkort een aanvang gemaakt kan worden. De bouwkosten zijn dan ook- vooral door stijging der loonen en der bouwmaterialen en door de uitgebreidheid der stichting zoo groot, dat zulks wel verklaarbaar is. De bouw van een volledig ziekenhuis met polikliniek, voorzien van de noodige gelegenheden voor specialistische behandelingen, met barakken voor besmettelijke ziekten, met kloosterbouw en groote kapel eischt immers een zeer groote som. Al steunden de ingezetenen van Nijmegen dan ook op krachtige wijze, toch is het geheel onmogelijk uit eigen krachten en met particuliere giften de bouwkosten van zoo’n inrichting te dragen. Het cijfer voor den bouw is dan ook op lange na nog niet bereikt.

Is ’t daarom misschien dan niet voorbarig reeds nu de bouwplannen van den bekwamen architect Eduard Cuypers uit Amsterdam bloot te leggen?

Spr. meende van niet.

De commissie koestert de verwachting, dat ook nog provincie en rijk zouden steunen. Bij de wet op de Ziekenverzorging heeft de minister immers nog pas zes miljoen in uitzicht gesteld ook voor den bouw van nieuwe ziekeninrichtingen, buiten de vier millioen nog voor de tegemoetkoming in de ziekenfondsen.

En dan, als de overtuiging eenmaal algemeen is, dat er in Nijmegen noodzakelijk een nieuw ziekenhuis moet komen, dan zal die wetenschap voorstuwend werken en over vele moeilijkheden heenhelpen- temeer waar het hier geldt een zoo algemeene en zoo sympathieke zaak als de oprichting van een noodzakelijk geworden nieuw ziekenhuis.

Welke plannen bestaan er nu?

Spr. gaf eerst een stuk wordingsgeschiedenis van de actie voor een nieuw katholiek ziekenhuis, welke actie reeds dateert van voor vijftig jaar terug en ontstond in den kring van het R.K. Parochiaal Armbestuur, dat voornamelijk ook de ziekenverzorging tot een voornaam onderdeel van zijn werk beschouwde en de noodzakelijkheid van een nieuw katholiek ziekenhuis inzag.

Immers, het huidige Canisius-Ziekenhuis, gelegen tusschen Houtstraat en Doddendaal, dat reeds jaren tuigde van de groote werkzaamheid van het R.K. Parochiaal Armbestuur, werd allengskens te klein. Het in den loop der jaren uitgewerkte plan om het huidige ziekenhuis nog meer uit te breiden, bracht eenige ingezetenen buiten het R.K. Parochiaal Armbestuur de gedachte bij, of er niet naar grootere, meer moderne plannen moest worden uitgezien.

In 1903 werd die nieuwe commissie gevormd, welke in 1914 tot practische werk kwam door den aankoop van een groot terrein op St. Anna- dat was het werk van de in 1911 opgerichte vereeniging R.K. Ziekenhuisfonds.

Toen kwam de oorlog tusschenbeide en deze verlamde de actie eenigermate tot in 1917 de onderhandelingen met de gemeente werden hervat, welke leidde tot subsidie der gemeente tot ¼ der bouwkosten, tot een maximum van f 100.000 subsidie.

Dit aanmoedigend gebeuren deed besluiten om genoemd Ziekenhuisfonds- dankzij welwillende medewerking van zijn leden- in een zelfstandig lichaam om te zetten, n.l. de Vereeniging tot stichting van het R.K. Canisius-Ziekenhuis.

Het bestuur deze vereeniging bemoeide zich nu met het bijeenbrengen van gelden en de voorbereiding der bouwplannen. De keuze van bouwmeester viel met algemeene stemmen op den heer Ed. Cuypers uit Amsterdam, die de bouwplannen, geleerd door eigen ervaring en voorlichting van binnen- en buitenlandsche deskundigen ontwierp.

Het terrein

St. Canisius Ziekenhuis, 1926 (F94971 RAN)
St. Canisius Ziekenhuis, 1926 (F94971 RAN)

van het te bouwen ziekenhuis is gelegen aan de Groenestraat dicht bij den St. Annaweg, ongeveer twintig minuten gaans van het Keizer Karelplein.

Men moest wel zoover buiten de stad terrein zoeken omdat in de onmiddellijke omgeving der city nergens zoo’n groot terrein als noodig was beschikbaar was, de koopprijs anders ook veel te hoog zou zijn geworden.

Het terrein is ongeveer 450 meter lang en 200 meter breed en heeft dus een oppervlakte van 9 H.A. De smalle zijde is gelegen aan de Groenestraat: in de lengte loopt het achter de huizen van de St. Annalaan door. In het midden is het terrein door een breed perceel van ongeveer 80 meter diepte en 45 M. breedte met de St. Annastraat verbonden; op dit punt zal dan ook de hoofdingang komen, in de vorm van een dubbele oprijweg. Het hoofdgebouw komst minstens tachtig meter van de St. Annalaan te liggen, zoodat het gedruisch van het verkeer en de stof der wegen niet tot het ziekenhuis zal kunnen doordringen,

Een voordeel, dat dit ziekenhuis zal voor hebben op dezelfde inrichtingen in andere steden, waar de ziekenhuizen vaak in het midden van het verkeer liggen. Om eenig denkbeeld te geven van de grootte van het 9 H.A. metende terrein, toonde spr. aan dat de oude binnenstad van Nijmegen slechts viermaal grooter is dan het toekomstige Canisius-Ziekenhuis met bijgebouwen, tuinen, enz.

Het deel der oude stad, gelegen tusschen Verlengde en Stikke Hezelstraat, Markt, Grootestraat en Waalkade komt in grootte ongeveer overeen met het nieuwe ziekenhuisterrein.

Het terrein wordt in het westen en het zuiden omgeven door groote villatuinen- het grenst o.m. onmiddellijk aan Heijendaal. De dichtbij liggende lijn Nijmegen-Venlo, Nijmegen-Kleef, zal door de diepe ligging van de rails en snel voorbijstoomen der treinen weinig hinder veroorzaken aan de stilte van het ziekenhuis.

Wat de ligging der

Gebouwen

Het Gemeente Paviljoen van het St. Canisius Ziekenhuis. Ziekenhuis (bouw 1923-1926) ontworpen door Eduard Cuypers. In 1974 gefuseerd met het Wilhelmina Ziekenhuis. Sinds 1992 gehuisvest aan de Weg door Jonkerbos, 1926-1928 (Uitg. Brinio, Rotterdam via F12181 RAN)
Het Gemeente Paviljoen van het St. Canisius Ziekenhuis. Ziekenhuis (bouw 1923-1926) ontworpen door Eduard Cuypers. In 1974 gefuseerd met het Wilhelmina Ziekenhuis. Sinds 1992 gehuisvest aan de Weg door Jonkerbos, 1926-1928 (Uitg. Brinio, Rotterdam via F12181 RAN)

betreft, de groepeering der gebouwen werd beheerscht door den eisch, dat de gemeente patiënten in een afzonderlijken vleugel moesten worden ondergebracht. Di gemeentepaviljoen werd evenwel weer zoo geplaatst, dat men gemakkelijk verbinding heeft met de hoofd- en dienstgebouwen. Volgens het in de zaal tentoongestelde maquette wordt de groepeering aldus: Het middengedeelte, met uitzicht naar St. Anna, zal alles bevatten wat voor den dienst van een ziekenhuis direct noodig is; aan beide kanten sluiten zich daarbij twee groote vleugelgebouwen aan, n.l. het gemeentepaviljoen, het klasse-paviljoen- dat laatste is dan de afdeeling van de betalenden 1e, 2e en 3e klasse patiënten.

De afdeling verloskunde van het St. Canisius-Ziekenhuis, gebouwd in 1922-1926 naar ontwerp van architect Eduard Henricus Gerardus Hubertus (Eduard) Cuypers (Roermond 18/04/4859 - 01/06/1927 Den Haag). Na fusering in 1977 met het protestantse Wilhelminaziekenhuis werd in 1992 het nieuwe huidige Canisius Wilhemina Ziekenhuis (CWZ) aan de Weg door Jonkerbosch betrokken, 1926-1928 (Uitg. Brinio, Rotterdam via F91392 RAN)
De afdeling verloskunde van het St. Canisius-Ziekenhuis, gebouwd in 1922-1926 naar ontwerp van architect Eduard Henricus Gerardus Hubertus (Eduard) Cuypers (Roermond 18/04/4859 – 01/06/1927 Den Haag). Na fusering in 1977 met het protestantse Wilhelminaziekenhuis werd in 1992 het nieuwe huidige Canisius Wilhemina Ziekenhuis (CWZ) aan de Weg door Jonkerbosch betrokken, 1926-1928 (Uitg. Brinio, Rotterdam via F91392 RAN)

Onmiddellijk achter het hoofdgebouw rijst dan de kapel op en bevinden zich de keukens, de verblijven der zusters, voor de leekenverpleegsters, dienstboden, enz. Een afzonderlijk klooster voor de Eerw. Zusters- ongeveer honderd in tal- wordt gebouwd achter het klassepaviljoen en zal grenzen aan een afzonderlijken tuin.

De barak voor besmettelijke ziekten als roodvonk, diphteritus, typhus enz. komt natuurlijk geheel afzonderlijk te staan- waarvoor trouwens plaats genoeg is op het uitgestrekte veld, waar ook het lijkenhuisje is geprojecteerd.

De architect heeft de eischen van doelmatigheid en gezondheid heel practisch opgelost. Er wordt zoo gebouwd, dat in alle zalen licht en lucht in voldoende mate kunnen doordringen en dat de verbinding tusschen de gebouwen onderling door een practisch gangenstelsel zoo gemakkelijk mogelijk gemaakt wordt. De architect heeft zoodoende gezorgd dat er komt een afzonderlijk, rustig gelegen zusterhuis met eigen tuin, een in het midden gelegen keukenafdeeling, welke toch geheel afgescheiden is van de ziekenafdeelingen; een in het midden gelegen kapel, gemakkelijk toegankelijk voor alle patiënten, en een niet te ver afgelegen wasscherij en linnenafdeeling.

De

grootte

van het ziekenhuis heeft lang een punt van overweging uitgemaakt.

De gemeente had voor haar patiënten honderd plaatsen gevraagd. De commissie kwam door ervaring en kijk op de toekomst aldra tot grooter uitbreiding dan voor honderd, vooral met het oog op de splitsing der patienten naar hun geslacht en zeer gewenscht ook naar hun ziekte.

Chirurgische en tuberculeuse en interne zieken eischen in een modern ziekenhuis immers afzonderlijke ligging.

Een ziekenzaal in het St. Canisius Ziekenhuis ; het Ziekenhuis (bouw 1923-1926) ontworpen door Eduard Cuypers ; in 1974 gefuseerd met Wilhelmina Ziekenhuis ; sinds 1992 gehuisvest aan de Weg door Jonkerbos, 1926-1928 (Uitg. Brinio, Rotterdam via F12173 RAN)
Een ziekenzaal in het St. Canisius Ziekenhuis ; het Ziekenhuis (bouw 1923-1926) ontworpen door Eduard Cuypers ; in 1974 gefuseerd met Wilhelmina Ziekenhuis ; sinds 1992 gehuisvest aan de Weg door Jonkerbos, 1926-1928 (Uitg. Brinio, Rotterdam via F12173 RAN)

De grootte der ziekenzalen werden geprojecteed voor de opname van twaalf patiënten. Met de noodige kleinere vertrekken voor ernstige patiënten en de insolatiekamer biedt de gemeentevleugel plaats voor ongeveer 180 bedden, terwijl er bovendien dan nog aparte verpleging is voor kraamvrouwen.

De afdeeling klassepatiënten zal voorloopig plaats bieden voor een 100-tal zieken, verdeeld in drie klassen, terwijl er natuurlijk aan uitbreiding dezer afdeeling reeds de noodige aandacht is gewijd.

De besmettelijke zieken worden in een afzonderlijk gebouw opgenomen, geheel afgelegen van het andere gedeelte, in deze afdeeling kunnen ongeveer 50 zieken verpleeging vinden.

Het middengedeelte van het ziekenhuis zal beneden bevatten de polikliniek, het laboratorium, de apotheek, de administratiebureau’s, woonvertrekken voor den rector en een aantal lokalen voor de opname van patiënten.

Boven vindt men de operatiezalen, de kamers voor specialistische handelingen, een cursuszaal, kamers voor de assistenten, regentenkamers enz.

Een gang aan de linkerzijde van het hoofdgebouw leidt tot een kleinere afdeeling met gelegenheden voor medicinale baden en orthopaedische behandelingen, terwijl daarboven gelegen zijn eenige isolatiekamers en een afdeeling voor de kraamvrouwen.

Na een korte pauze werden lichtbeelden vertoond, waarop wij morgen nader terugkomen.

De burgemeester dankte den heer Roothaan namens allen voor zijn duidelijke uiteenzetting en sprak de beste wenschen voor de totstandkoming van het ziekenhuis uit.” (De Gelderlander 28/5/1920)

Op 18-5-1926 ging het nieuwe ziekenhuis open. De Zusters onder de Bogen zullen daarbij de zorg op zich nemen.

Tweede Wereldoorlog

wikipedia: “Direct na ditzelfde bombardement belandden er 789 zwaargewonden in het Canisiusziekenhuis aan de St. Annastraat, dat eigenlijk was gebouwd om maximaal 600 mensen op te vangen. Alle beschikbare bloeddonoren in de stad werden direct opgeroepen en sommige mensen werden min of meer gedwongen om ook bloed te doneren.”

In de loop der tijd werd het ziekenhuis een aantal keren uitgebreid.

Fusie en verhuizing

In 1974 fuseeerden het Canisiusziekenhuis en het Wilhelminaziekenhuis tot het huidige CWZ. Aanvankelijk bleven de ziekenhuizen nog in dezelfde locatie, maar, maar de ziekenhuizen bleven in eerste instantie elk nog op hun eigen locatie. Op 16-4-1992 ging de nieuwbouw aan de Weg door Jonkerbos open.
Het gebouw aan de St.Annastraat werd gesloopt. Hier kwam een nieuwe woonwijk.

(Overige) bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Canisiusziekenhuis

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Ansichtkaarten/Zorginstellingen/Canisius/CanisiusCat.html

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Ziekenhuis_van_het_R.K._Parochiaal_Armbestuur

https://nl.wikipedia.org/wiki/Eduard_Cuypers_(architect)

Madoerastraat 13 t/m 17 en Borneostraat 24 (van links naar rechts), september 2022 (Google Streetview), architect van der Kloot
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Hoek Borneostraat Madoerastraat architect van der Kloot

1937 Borneostraat 24 en Madoerastraat 13, 15 en 17 Galgenveld

Madoerastraat 13 t/m 17 en Borneostraat 24 (van links naar rechts), september 2022 (Google Streetview), architect van der Kloot
Madoerastraat 13 t/m 17 en Borneostraat 24 (van links naar rechts), september 2022 (Google Streetview), architect van der Kloot

Architect van der Kloot ontwerpt 4 eengezinswoningen op de hoek van de Madoerastraat en Borneostraat.

In juni 1937 verkoopt de gemeente een perceel bouwterrein aan de Madoerastraat en de Borneostraat, kadastraal Hatert , Sectie G no. 726 aan F.J. Sutmuller. Het stuk grond is 9.14 c.A. groot, de prijs is f9 per c.A.  Voorwaarde is dat de grond vóór 31 december 1937 bebouwd is met 4 eengezinswoningen met garage en 4 schuurtjes. (PGNC 3/6/1937).

De architect van deze woningen is Arie van der Kloot.

Plan voor 4 woningen aan de Madoera-straat - hoek Borneostraat te Nijmegen… v.d. Weled. Heren P. en J. Sutmuller Bachstraat 40, architect van der Kloot D12.403497
Plan voor 4 woningen aan de Madoera-straat – hoek Borneostraat te Nijmegen… v.d. Weled. Heren P. en J. Sutmuller Bachstraat 40, architect van der Kloot D12.403497
Plan tot aanpassing nummer 17 D12.403496
Plan tot aanpassing nummer 17 D12.403496

In het PGNC 2/2/1939 staat een advertentie voor nummer 15: “Ruim heerenhuis te huur met parterre, kamer en suite met zijkamer, ingebouwd bad, 3 vaste waschtafels, zeer goed ingericht, huurprijs f600,-, te aanvaarden per 1 Maart”

Galgenveld

Deze pagina verzamelt de artikelen die reeds over Galgenveld zijn verschenen.

Madoerastraat 2 (rechts) t/m 24 (Google Streetview) architecten Meerman en van der Pijl uit 1934
#Nijmegen, Gebouw van de dag

12 woningen Madoerastraat architecten Meerman der Pijl

1934 Madoerastraat 2 24 Galgenveld

Madoerastraat 2 (rechts) t/m 24 (Google Streetview) architecten Meerman en van der Pijl uit 1934
Madoerastraat 2 (rechts) t/m 24 (Google Streetview) architecten Meerman en van der Pijl uit 1934

Op 12 februari 1934 besluit de Gemeenteraad om grond aan J.G. Dekkers te verkopen: ongeveer 2620 c.A. van het aan de Celebesstraat gelegen perceel, kadastraal bekend gemeente Hatert, Sectie G, no. 674. De prijs is f 9 c.A.. Daarbij heeft de voorwaarde dat de 12 herenhuizen en 2 garages vóór 1 januari 1935 gebouwd zijn. (PGNC 13/2/1934). In mei 1934 krijgt de Madoerastraat (“de straat, welke de Celebesstraat met de Borneostraat zal verbinden”) haar naam (PGNC 8/5/1934)

Ontwerp 12 middenstandswoningen aan de Celebesstraat en geprojecteerde straat te Nijmegen, voor den heer J.G. Dekkers te Nijmegen, bouwaanvraag januari 1934 (D12.400737 Detail)
Ontwerp 12 middenstandswoningen aan de Celebesstraat en geprojecteerde straat te Nijmegen, voor den heer J.G. Dekkers te Nijmegen, bouwaanvraag januari 1934 (D12.400737 Detail)

De architecten Meerman en van de Pijl maakte het ontwerp voor deze 12 woningen, op de bouwtekening ‘middenstandswoningen’ genoemd.

Advertentie: de 12 woningen aan de Madoerastraat staan te koop (De Gelderlander 8/9/1934)
Advertentie: de 12 woningen aan de Madoerastraat staan te koop (De Gelderlander 8/9/1934)

In september staan deze woningen te koop, eventueel kunnen deze gehuurd worden.

De Gelderlander schrijft in september:

Nijmegen als woonstad.

Nieuwe woonwijk, Centrum Stad.

Vóór enkele weken maakten wij melding van den nieuwen woonwijk in het z.g. “Galgenveld” aan Celebesstraat en Madoerastraat, welke in een behoefte vooorziet voor hen, die in het Centrum der Stad een rustig en voornaam woonverblijf zoeken.

Genoemde bebouwing is thans geheel gereed. Een dezer dagen hebben wij genoemde bebouwing bezichtigd en moeten zeggen, dat het geheel met zijn mooie gele gevelstenen, in speciaal dun formaat, voornaam aandoet.

Door een ruime betegelde vestibule, waar op practische wijze de gas- en eletrische meters geheel aan het oog zijn onttrokken, kwamen wij in de hal met trappenhuis, welke een voornaam aanzien geeft, daar hier een eiken halbetimmering is aangebracht ter hoogte van 2.25M., waarbij de eiken kapstok en parapluiebak in deze betimmering is opgenomen. Een aardige, aan de  hoofdbaluster bevestigde lantaarn in opaalglas schept hier des avonds een gezellige sfeer. Wat ons bijzonder opvalt, is het mooie glas in lood. Dit glas in lood, in antiek glas uitgevoerd, geeft tinteling en zon.

Vanuit de hal kwamen wij in de voor- en achtersuite, waarvan het geheel een intiem karakter draagt door een aangrenzende zithoek met verlaagd plafond, waarin eigen bank en eiken betimmering tot aan het plafond. Een overstekend luifeltje kan als borden- of pottenplank dienst doen. Ook hier weer fonkelend glas in lood, in aardig gevormde raampjes, welke de gezelligheid verhoogen.

De geheel betegelde keuken is practisch ingericht; van de gebruikelijke keukenkast is hier een “meubel” gemaakt met laden, vakken enz.

Op de bovenverdiepingen zijn de ruime slaapkamers met vaste waschtafels en betegelde badkamer met ingetegeld bad geprojecteerd, voorts balcons ter volle breedte van elk perceel.

Elk huis is voorzien van een flinke zolder, kelder, schuur (event. garage) en achteruitgang.

Inbouwschakelaars en stopcontacten, schelleiding door het geheele huis, bijzonder fraaie teakhouten voordeuren geven hier het stempel van practisch, goeden smaak en soliditeit.

De bouwonderneming J.G. Dekkers, zal met deze werkwijz zeer zeker succes oogsten, temeer, daar de koop- of huurprijs zich geheel aanpast met de tidsomstandigheden.

Rest ons nog te vermelden, dat het geheel is ontworpen door het Architectenbureau B.J. Meerman en J. v.d. Pyll, Driehuizerweg 80 te Njimegen.” (De Gelderlander 8/9/1934)

Te huur eind jaren 30

Het is mij onbekend (en nog niet verder onderzocht) welke woningen uiteindelijk verkocht of verhuurd zijn. In ieder geval zijn 2 advertenties om een woning te huren gevonden:

  • Heerenhuis, Madoerastraat 18, zeer modern, f550,- p.j. (PGNC 29/5/1937)
  • Modern Heerenhuis met garage, Madoerastraat 24, f550,- p.j. (PGNC 2/6/1939)

In beide gevallen is de advertentie afkomstig van Woning-bureau H. Janssen in de Van Welderenstraat 66.

Een foto van de hoek Celebesstraat – Madoerastraat uit 1976 is te vinden op F14923 RAN.

Galgenveld

Deze pagina verzamelt de artikelen die reeds over Galgenveld zijn verschenen.

Architectenbureau Meerman en van der Pijll

Architectenbureau Meerman en van der Pijll is waarschijnlijk het bekendst vanwege hun ontwerp voor Auto Palace. Daarnaast ontwierpen zij onder…

Graafseweg 84 en 86 (oktober 2024)
#Nijmegen, Gebouw van de dag, Geen categorie

Graafseweg 84 en 86

Graafseweg 84 en 86 (oktober 2024)
Graafseweg 84 en 86 (oktober 2024)

Oorspronkelijk zijn de woningen rond 1902 gebouwd als 3 woonhuizen. Hiervan is de linker echter vervangen door een nieuw gebouw.

Plan voor drie Woonhuizen aan de Graafsche Straat, datum dossier 1-4-1902 (D12.378356)
Plan voor drie Woonhuizen aan de Graafsche Straat, datum dossier 1-4-1902 (D12.378356)

Levi Mozes (Louis) de Wijze en gezin

Een bijzondere vermelding is nodig voor Levi de Wijze en zijn gezin: de Kitty de Wijzeplaats is vernoemd naar zijn dochter.

De familie de Wijze waren al generaties actief in de vleeshandel geweest, voornamelijk in de omgeving van Beugen en Boxmeer. In 1928 was Levi, samen met zijn broers Jacob en Simon, hun eigen slachterij begonnen: “Gebroeders de Wijze”, tegenover het station van Cuijk.

De drie broers zouden elk met hun gezin naar Nijmegen verhuizen: daar waren meer mogelijkheden voor de middelbare school voor de kinderen van Levi en Jacob. Het gezin van Levi ging huren op de Graafseweg 84.

In april 1932 vestigt L.M. de Wijze en gezin, koopman, zich op Graafsche weg 84. Zij zijn dan afkomstig van Boxmeer, Spoorstraat 60. (PGNC 23/4/1932)

In oktober 1942 wordt het huis gevorderd door de Duitsers. Het gezin moet hals over kop de woning verlaten en vestigt zich op de Johannes Vijghstraat 60 (tegenwoordig nummer 70). Daarbij moeten ze een groot deel van de inboedel achterlaten, die de Duitsers ook zullen vorderen. In het hierboven genoemde artikel staat tevens een complete lijst van deze inboedel.

Lang zal het gezin niet wonen op de Johannes Vijghstraat. Bij een razzia op 17 november 1942 worden alle vier de zussen opgepakt. Vanwege ziekte van (waarschijnlijk) Levi worden hij en zijn vrouw Lea Groenewoudt nog niet opgepakt. Dochters Kitty en Joke zullen al op 15 december 1942 worden vergast, Elly op 12 februari 1943. Dochter Tini zal op 17 september 1943 worden vergast, dezelfde dag als Levi en Lea.

Gevonden bronnen en verder lezen

Een groot deel van dit artikel heeft https://oorloginnijmegen.nl/images/PDF/Drie%20families%20De%20Wijze%20-%20documenten%20v0300.pdf als bron, een uitvoerig artikel over de 3 broers de Wijze.

https://www.oorlogsdodennijmegen.nl/persoon/wijze/c13a7484-8757-4b1a-b51f-14a19b76fa73: met een mooie foto van de familie de Wijze.

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Kitty_en_Joke_de_Wijze

https://www.oorlogsdodennijmegen.nl/persoon/wijze/3e3d706f-2118-498e-bdc5-3495d3f31e6a

Gevonden gebruikers Graafseweg 84

In deze tabel staan hieronder de tot nu toe gevonden gebruikers weergegeven. Wel dient er een slag om de arm te worden gehouden vanwege eventuele hernummeringen.

In september 1925 komt O.(?) Schulz, echtge van G. Engler, zonder beroep, naar Graafscheweg 84, dan afkomstig van Borken (Duitsland) (De Gelderlander 26/9/1925)

Van De Gelderlander 30/10/1928 tot De Gelderlander 13/11/1929 zijn advertenties gevonden waarbij mevrouw Tjalsma huishoudelijk personeel zoekt: een dagmeisje, of een dienstbode of noodhulp.

Na de oorlog is het waarschijnlijk langere tijd een pension geweest. Aanvankelijk van G. Lamers, in ieder geval in de periode 1955 t/m 1971. Hoewel niet weergegeven, steeds meerdere, verschillende gebruikers gevonden.

Tegenwoordig (november) zit hier sociaal pension Arcade.

NaamOmschrijvingAdresAdresboekOpmerking
D.G.J. BeijensGep. Serg. O.-I. legerGraafsche weg 841924 
G. EnglerIngenieurGraafscheweg 841926 
L.M. de WijzeKoopmanGraafscheweg 841932, 1934, 1936, 1938, 1940 
Mej. M.Th. Lintsen Graafseweg 841948, 1951 
D. BootTechnicusGraafseweg 841955 
P.H.B.J. van Basten BatenburgProcuratiehouderGraafseweg 841955 
G. LamersPensionhouderGraafseweg 841955, 1959, 1963, 1968, 1971In 1966 onder “pensions”

Bottendaal

Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…

Graafseweg 56 58

Graafseweg 56 en 58 is ontworpen in 1900 door P.G. Buskens. De aannemer en bouwmeester Gerardus Buskens, oom van P.G.…

Joods Monument, Paul de Swaaf

Op 4 mei 1995 vindt de onthulling van het Joods Monument plaats, een werk van Paul de Swaaf. Daarbij werd…

De R.K. H. Antonius van Padua-St. Annakerk (Groenestraatkerk) 1910-1912, (E.F. van der Grinten via F78683 RAN CC-BY-SA)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

De Bouw en Inwijding van de Groenestraatkerk in 1910

1910 Groenestraat 229-231 Hazenkamp/Willemskwartier

De R.K. H. Antonius van Padua-St. Annakerk (Groenestraatkerk) 1910-1912, (E.F. van der Grinten via F78683 RAN CC-BY-SA)
De R.K. H. Antonius van Padua-St. Annakerk (Groenestraatkerk) 1910-1912, (E.F. van der Grinten via F78683 RAN CC-BY-SA)

Op het moment dat de Groenestraatkerk in 1909-1910 gebouwd werd, lag het in vrijwel landelijk gebied. Hij was dan ook “op de groei” gebouwd voor de arbeiders die in onder andere de Willemskwartier en Hazenkamp zouden komen te wonen. Het is gebouwd naar het ontwerp van architect Albert Margry. De kerk werd bekostigd door een schenking van de Kerkbouw-stichting.

Een van de opvallende kenmerken van deze kerk zijn de twee ongelijke torens. De linker toren is 56 meter en is daarmee na de Sint Stevenstoren de hoogste kerktoren van Nijmegen. Het is een neogotische kruisbasiliek: daarbij heeft het middenschip twee lagere zijbeuken. Een dwarsbeuk maakt dat de kerk de vorm van een kruis krijgt.

Een voorpost in landelijk gebied

Op het moment van bouwen lag het nog in landelijk gebied, bij het buurtschap St. Anna. De processie vanwege de inwijding (zie het artikel hieronder) maakt de grenzen van de parochie duidelijk: Willemskwartier (of in ieder geval de driehoek Willemsweg-Graafsweg-Groenestraat) en St. Anna (of in ieder geval de driehoek St. Annastraat- Oude Molenweg (waarbij uitgegaan is dat in het artikel genoemde Molenweg slaat op de oude naam van deze weg)-St. Jacobslaan-Hatertse weg).

De arbeiderswerk dateert vanaf 1917, Smit is enkele jaren na de inhuldiging van de Antoniuskerk begonnen. Waarom zo’n grote kerk?

De pastoor van Antonius Abt in Hatert noemde 3 redenen, welke hij in een brief aan de bisschop mgr. v.d. Ven schreef:

  • De verwachte stadsuitbreiding van Nijmegen,
  • de parochiekerk in Hatert was te klein geworden
  • de parochianen te St.Anna wonen op meer dan een uur van hun kerk. Hierdoor kunnen zij, maar ook de pastoor, soms moeilijk hun kerkelijke plichten vervullen.

Het bisdom ging akkoord. Als bouwpastoor werd Nicolaas van Erp uit Tilburg benoemd. De Fraters van Tilburg zijn vooral bekende vanwege hun rol in het onderwijs, waarbij zij meerdere scholen hebben gesticht en een eigen onderwijsmethode hadden. Bij het 25-jarig jubileum noemt de Gelderlander de “langdurige ongesteldheid” van van Erp.

De eerste steenlegging vond plaats op 24 mei 1909, waarbij de “eerste steen” legging plaats vond op 10 juli 1910. Bij het 25-jarig jubileum noemt de Gelderland de kerk een “voorpost” (De Gelderlander 20/7/1935).

F17475 Antoniuskerk Annakerk Groenestraatkerk Groenestraat architect Margry; Een ansichtkaart van de Heilige Antonius van Padua / St. Annakerk (Groenestraatskerk) , met links de pastorie , gezien vanuit de Dobbelmannweg, 1910 (P.A. Geurts via 	F17475 RAN)
Een ansichtkaart van de Heilige Antonius van Padua / St. Annakerk (Groenestraatskerk), architect Margry, met links de pastorie , gezien vanuit de Dobbelmannweg, 1910 (P.A. Geurts via F17475 RAN)

Schenking van Grewen

De kerk is gewijd aan Antonius van Padua. Dit heeft te maken met het feit dat de bouw is gefinancierd door een schenking van Joannes Petrus Grewen (Rotterdam, 5 januari 1839 – 17 november 1910), een effectenmakelaar die Antonius bijzonder vereerde. Zijn Grewenfonds schonk f175.750 voor de bouw van de kerk.

Hij had reeds een kerk aan Bisschop ’s-Hertogenbosch geschonken: aanvankelijk wilde hij een ziekenhuis aan het bisschop Haarlem schenken als dank voor de goede zorgen die zijn overleden vrouw gedurende haar ziekte had gekregen. In 1906 richtte hij het Grewenfonds op, waarin hij 1 miljoen gulden stortte. Aangezien het bisdom Haarlem zeer inhalig bleek, werd het bisdom ’s Hertogenbosch benaderd of zij een kerk ten geschenke wilde krijgen. Voorwaarde was dat de kerk vernoemd werd naar Antonius van Padua. Albert Margy was degene die contact opnam met het bisschop, hij was een aangetrouwde neef van Grewen.

Bij het overlijden van Grewen kwam zijn nalatenschap in de Kerkbouw-stichting. Ook bij de schenkingen vanuit de Kerkbouw-stichting was de voorwaarde dat deze vernoemd werden naar Antonius.

Veel van deze kerken zijn ontworpen door leden van de familie Margry. In Nijmegen kennen we naast de Groenestraatkerk ook de Antonius van Paduakerk. Deze kerk is ontworpen door Jos Margry, de zoon van Albert.

Het Ontwerp van de Groenestraatkerk

Een van de opvallende kenmerken van deze kerk zijn de twee ongelijke torens. De linker toren is 56 meter en is daarmee na de Sint Stevenstoren de hoogste kerktoren van Nijmegen.

Het is een neogotische kruisbasiliek: daarbij heeft het middenschip twee lagere zijbeuken. Een dwarsbeuk maakt dat de kerk de vorm van een kruis krijgt.

Het krantenartikel met een uitgebreide beschrijving van de kerk en de inwijding is vanwege de lengte in dit artikel achteraan opgenomen.

Vervolg

Bij de kerk, de pastorie met leslokalen ontstond naar goed katholiek gebruik een complex van rooms-katholieke gebouwen met een klooster en scholen. In 1937 kwam er een kapel naar ontwerp van C. Pouderoyen.

Tegenwoordig is het een van acht kerken van de Heilige Drie-Eenheid parochie.

De kerk is gebouwd in neogotische stijl. Het heeft 2 torens, van ongelijke hoogte. De hoogste toren is 56 meter. De glas-in-lood ramen van het koor zijn gemaakt door Frans Nicola & Zonen uit Roermond.

Rijksmonument

Zowel de kerk als de pastorie zijn Rijksmonument. Met als waardering voor de kerk:

“- Van architectuurhistorische waarde als typisch voorbeeld van een in navolging van Cuypers gebouwde neogotische kerk van het type kruisbasiliek. Bij het ontwerp heeft Margry consequent met maten en verhoudingen gespeeld. Ondanks de vele aan- en uitbouwen en hun grote gevarieerdheid heeft dit toch een zeer harmonieus en evenwichtig beeld opgeleverd. Hoewel de stad Nijmegen in de late negentiende en vroeg twintigste eeuw een hoge concentratie aan religieuze gebouwen en complexen kende en daar zelfs landelijke bekendheid aan ontleende, is dit aantal inmiddels sterk gedaald. In feite is deze kerk met bijbehorende gebouwen de enige neogotische kerk welke niet alleen compleet bewaard is gebleven, maar ook als onderdeel van een heel ensemble is ontworpen. Van belang zijn ook de genoemde onderdelen in het interieur.

– Van stedenbouwkundige- en ensemblewaarde als krachtig herkenningspunt in het silhouet van de Groenestraat. Het maakt deel uit van een, ondanks de sloop van enkele bouwdelen, omvangrijk complex aan de Groenestraat/Dobbelmannweg.

– Van cultuurhistorische waarden voor de religieuze en algemene ontwikkeling van de stad Nijmegen. De kerk vormt een nog intact en functioneel onderdeel uit deze geschiedenis. Door de situering vormt de kerk een duidelijk herkenbaar en oorspronkelijk onderdeel van een groot religieus complex aan de Groenestraat/Dobbelmannweg. De kerk heeft eveneens een cultuurhistorische waarde door de wijding aan St. Antonius van Padua, een vermoedelijk opgelegde wijding als gevolg van een schenking uit het St. Antonius- of Grewenfonds, gesticht door de Rotterdamse mecenas Grewen. Deze had goede contacten met Margry.”

Albert Margry

Albertus Arnoldus Johannes (Albert) Margry (Harderwijk, 30 april 1857 – Rotterdam, 27 oktober 1911).

Naast de kerk en pastorie ontwierp hij ook de achter de kerk gelegen klooster de Filles de Marie en de school aan de Dobbelmannweg.

Albert Margry ging aanvankelijk bij zijn oudere broer Evert Margry werken. Tevens associeerde architect J.M. Snickers zich met hun architectenbureau. In 1909 werd de samenwerking met Snickers weer ontbonden.

Zijn zoon Jos Margry ontwierp de Antonius van Paduakerk uit 1917. Deze werd gebouwd met een schenking van de Kerkbouw-stichting.

In de tweede helft van de 20e eeuw is het bureau samengegaan met andere architecten, waarbij de naam van de architect werd toegevoegd: Jacobs, Turns en Hostings; tegenwoordig is het MAS architecten.

Een lijst van zijn werken is te vinden op wikipedia

Bij de inwijding

Het PGNC plaatst bij de inwijding in augustus 1910 het volgende artikel:

De Nieuwe St. Antoniusk-kerk.

Interieur van de Heilige Antonius van Padua / St. Annakerk, 1910, (P.A. Geurts via F17427 RAN) architect Margry, ook Groenestraatkerk genoemd, Groenestraat 229-231
Interieur van de Heilige Antonius van Padua / St. Annakerk, 1910, (P.A. Geurts via F17427 RAN)

Onder groote belangstelling, in tegenwoordigheid van een talkrijk en geestdriftig publiek, deed gisternnamiddag Z.D.H. Mgr. W. v.d. Ven, bisschop van ’s Hertogenbosch, zijn plechtigen intocht in de nieuwe parochie St. Anna ter inwijding der voltooide St. Antoniuskerk aan de Groenestraat.

Bij aankomst in de kom van ’t dorp ten ongeveer 6 uur, werd de kerkvorst door de feest-commissie ontvangen en bij monde van haar voorzitter, den heer W. van Eyndhoven, verwelkomd, terwijl het dochtertje van baron van Hövell tot Westerflier Mgr. een bloemstuk aanbood. Het zangkoor der kerk, versterkt met de beste krachten uit ’t kerkkoor der kerk aan de Kraaijenhofflaan, voerde onder leiding van den heer G.W. Jansen, een door dezen laatste gecomponeerd “Ecce Sacerdos” voortreffelijk uit, waarna zich de stoet in beweging zette. Deze nam de volgende route: beginpunt Kerk, vandoor tot de St-Annastraat, Molenweg, St. Jacobslaan, Hatertsche weg, St. Annastr.; Groenestraat, Willemsweg, Graafsche weg, Groenestraat, Pastorie. De stoet, geëxorteerd door een afdeeling marechaussée’s te paard, was zeer mooi en bestond uit eene eerewacht van ruiters, een 40-tal berijders van smaakvol versierde fietsen, ruim 100 bruidjes, allen in rijtuigen en de in vier districten gerangschikte parochianen. Het glanspunt in den stoet was een groote met levende bloemen en planten versierde praalwagen, waarop een Franschen steen- marchanchie- ververvaardigd beeld van St. Antonius van Padua, den schutspatroon der kerk, een prachtig werkstuk van den Rotterdamschen architect A.A.J. Margry, die tevens ook de bouwmeester is der nieuwe kerk. Voor den stoet uit ging een heraut, en de fanfare “Canisisus” der Kath. Gezellenvereeniging voerde op den langen tocht door de met eerebogen en vlaggen getooide parochie hare schoonste nummers uit.

Na een kleine halte in de nabijheid van ’t klooster van Brakkestein, waar Z.D.H. werd toegesproken door de geestelijkheid en studenten, bij monde van hun directeur, en de zangers een “Jublilate” zongen, arriveerde men te ongeveer 8 uur aan de pastorie, waar de bisschop werd ontvangen door den pastoor der kerk, den Z.Ew. heer van Erp, een brede schare van geestelijken, onder wie wij den H.Ew. heer Deken, mgr. Bronsgeest, opmerkten, en de zangers weer een mooi nummer uitvoerden. Hierop richtte de bisschop het woord tot de voor de rijk versierde kerk en pastorie verzamelde menigte om dank te brengen voor de zoo schitterende ontvangst en de parochianen geluk te wenshen met hun nieuw tempelgebouw, waarna de stoet werd ontbonden.

Vermelding verdient dat de bloemen- en plantenversiering en het vele en fraaie schilderwerk geheel belangeloos werd uitgevoerd door de firma Jansen-Miggels en den heer G.Th. v. Marwijk.

Hedenmorgen ten 7½ uur had de plechtige inwijding van het nieuwe kerkgebouw plaats, waarvan wij de volgende beknopte beschrijving geven:

De statige St. Antoniuskerk vormt het middelpunt van een uitgebreid complex gebouwen, dat op grootsche wijze belooft het centrum te worden van een nieuw stadsgedeelte van Nijmegen. Zij is geplaatst op pl.m. 15 Meter van de straat en met de façade daarheen gekeerd, waarvan de monumentale hoofdtoren, oprijzende naast de middenbeuk, indruk maaakt tegenover den van Nijmegen komende Willemsweg, aldus èn het gebouwensamenstel èn den weg beheerschend.

De kerkbouw is een rijk opgevat ontwerp in vroeg middeleeuwsch karakter. Het driebeukig plan heeft den kruisvorm en verkrijgt in die kruisarmen eene binnenbreedte van bijna 28M., doordien het 10 M. breede middenschip daar ter wederzijden met twee hoofdbeukvakken wordt uitgebreid; bovendien gaat daar de achterzijdebeuk nog met een vak om, zoodat eene grootsche ruimte-ontwikkeling is verkregen, die het oog op de altaren vrij laat. De groote toren verheft zich voor de linkerzijbeuk, zoodat het middenschip tot de façade is doorgetrokken en daar de volle breedte in drie portalen met kolonnade en frontalen ingeddeld, ingang geeft tot de kerkruim, terwijl daarboven ook over de volle breedte zich het zangkoor ontwikkelen kon.

Het eerstvolgend hoofdbeukvak is buiten de zijbeuken nog met twee hoog opgaande kapellen uitgebreid, waarvan de linker- ten deele gedekt door den toren- de doopkapel en de rechter- vrij uitgaande-  de afzonderlijke kapel voor den Patroon der Kerk, om aan devotie tot dezen Heilige ruimer gelegenheid te geven.

Hoofd- en zijbeuken zijn aan de koorzijde veelhoekig omsloten en de sluitwand der absis zelve is een open kolonnade, rustend op slanke pijlers, waarachter een omgang, die in verband staat met de Sacristie aan de eene zijde en aan de andere met een Oratoire der Zusters, die haar in de onmiddelijke nabijheid gelegen Gesticht daarmede door een kloostergang verbonden zien. De toren gaat in massale vormen op tot den nok van het middenschip, vanwaar hij, door beëindiging der steunbeerin in steenen spitsen, overgaat in een ongelijkzijdig achtkant, waarvan de groote zijden in open kolonnades en sectiel-wijzerplaten de klokkenverdieping teekenen.

Voor het rechterzijschip stamt de kleinere traptoren, bekroond met zadeldak en spits en die, evenals de kapellen in het priesterkoor, door een galerijversiering onder de gootlijst, bij die bekroning een feine detailleering van den breeden hoofdvorm toont. Op de viering der daken van middenschip en kruisarmen rijst bovendien de slanke, hoogopgaade Angelustoren.

Aan de linkerzijde leunen zich, tusschen kruisarm en doopkapel, twee ruime Catechismuskamers tegen de zijbeuk aan. De geheele bouw is met steenen kruisgewelven overspannen, waarvan de druk aan de buitenzijde door slanke luchtbogen wordt geschoord.

Draagt het uiterlijk door zijn krachtige vormen en degelijk materiaal, waarbij in ruime mate van hardsteen voor afdekkingen werd gebruik gemakt, een solied karakter, aan het inwendige is door onderdeeling en intonatie een intiem karakter gegeven, dat tot ernstige steuning wekt. Daarbij is een zachtgele lichttempering verkregen, die aangenaam aandoet, vooreerst door toepassing van gelen verblendsteen voor alle pilasters, lijsten, kolonneindeeling en gewelfribben alsook door een rondgaande lambriseering van deze steen, gestoken door een lijst van fijngetinte Bricorna en verder door de beglazing der vensters met lichtgetint Cathedraalglas, in lood gezet in rustig dessin.

De hoofdbeuk rust op 4 groote en 10 kleine kolommen, allen van Reffroysteen en de afsluiting der absis op kolommen van gepolijst rood Saksisch graniet, welke allen door karaktervol gebeeldhouwde kapiteelen zijn gedekt.

Het geheele beeldhouwwerk der kerk prijkt in het priesterkoor met zinnebeeldige voorstellingen van het H. Sacrement. Naast de kerk en in verbinding daarmede staat op ongeveer gelijken afstand van de straat de ruime Pastorie met haar silhoutte-vol spel, die zich geheel aansluit bij de vormen van den kerkbouw en toch haar zelfstandig woningtype behoudt.

Het uitgebreide terrein wordt omsloten door een karaktervol gesmeed ijzeren hekwerk aan de Groenestraat en ter zijde, waarin de noodige breede inrijpoorten en toegangen, of verderop door een muurwerk, dat zich ook voortzet langs den bouw van het aan de zijstraat- den Dobbelmannweg- liggende gesticht met scholen der Fransche Zusters (Filles de Nôtre Dame), die daar onder den naam van haar Patronesse, de gelukzalige Jeanne de Lestonac, onderwijs geven aan de vrouwelijke jeugd der Parochie.

Architect van dezen bouw is de heer A.A.J. Margy te Rotterdam; aannemer de heer N.J.H. van Groenendaal, te Breda; hoofdopzichter van de kerk de heer A.B. Nuyten en tweede opzichter de heer C. Roffelsen, terwijl het toezicht op den bouw van klooster en scholen was opgedragen aan den heer van Lieshout.” (PGNC 9/8/1910)

Kerkhof

Een mooie plek binnen de Hazenkamp is het kerkhof achter de kerk. In 1909 vroeg pastoor N.J. van Erp van de parochie H. Antonius en St. Anna toestemming om een begraafplaats aan te leggen bij kerk. Daarop verleende het gemeentebestuur toestemming en in 1910 was de eerste begrafenis. Daarna is het kerkhof twee keer uitgebreid.

Bronnen

h3eenheid, de site van de huidige parochie

https://nl.wikipedia.org/wiki/Groenestraatkerk

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kerkbouw-stichting

https://nl.wikipedia.org/wiki/Fraters_van_Tilburg

https://nl.wikipedia.org/wiki/Albert_Margry

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kruisbasiliek

https://www.noviomagus.nl/Vrij/Groenestraatkerk/GroenestraatkerkCat.html, met veel foto’s

Willemskwartier

De Willemsstraat wordt in 1895 al genoemd, waarbij de naam in maart 1904 wordt gewijzigd naar Willemsweg. Het is niet…

Van Welderenstraat 75 (oktober 2024)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Van Welderenstraat

Van Welderenstraat 75

1887, Rijksmonument

Van Welderenstraat 75 (oktober 2024)
Van Welderenstraat 75 (oktober 2024)

Op Van Welderenstraat 75 bevindt zicht het voormalig eigen woonhuis annex werkplaats van Maurits. Het pand is gebouwd in neorenaissancestijl.

Het Gezin Maurits

Wilhelmus Johannes Maurits Bevolkingsregister 1880 (Invnr 33039 archiefnr 679 RAN)
Wilhelmus Johannes Maurits Bevolkingsregister 1880 (Invnr 33039 archiefnr 679 RAN)

Wanneer hij in zijn eigen ontworpen huis gaat wonen, is het adres Van Welderenstraat 41; Het “blauwe potlood” heeft op een later tijdstip “van Welderenstraat 25” bij de Aanmerkingen geschreven. Zijn beroep is “aannemer”. Hij is dan afkomstig van Bloemerstraat 77. Op 18-5-1888 is Maurits getrouwd met Adѐle Baumgartner (31-1-1865 Corcelles, Zwitserland).

Kinderen (op de kaart van het Bevolkingsregister 1880):

  • Carel Hendrik Reinier 21-7-1889 Nijmegen
  • Anna Bartholda 11-7-1890 Nijmegen

Daarnaast woont Carel Hendrik Reinier Maurits (13?-7-1825 Nijmegen), “verwant” en “weduwnaar” bij het gezin in.

Lees hier verder over architect Maurits:

Wilhelmus Johannes Maurits: architect van monumenten in Nijmegen

Architect Wilhelmus Johannes Maurits ontwierp veel gebouwen in de eerste uitbreiding van Nijmegen. Deze vond plaats op terreinen waar voorheen vestingwerken hadden gestaan of de aanpalende terreinen. Veel van zijn gebouwen zijn een monument of maken in ieder geval onderdeel uit van een beschermd stadsdeel.

Lees verder

Vervolg: Werkplaats en “Fabriek”

Er is nog niet volledig onderzocht wat het vervolg is geweest, mede vanwege het feit dat er sprake is geweest van hernummeringen.

In ieder geval zit Aannemer J.J. de Groot er in 1934. In de Adresboeken 1963, 1968 en 1971 is het J.J. de Groot en Zoon.

NaamOmschrijvingAdresboekOpmerking
A Frankenz.b.1898, 1899 
H.O. WeijlerGep. Stuurman geouv mar Ned. Indië1902, 1903, 1905 
M.J. Biederlack 1908, 1910-1911 
W.C.M. Rahder 1909 
C. v.d. StadIjzerhandel, Hersteeg 114, particulier adres: van Welderenstraat 75; in 1926 is Stad, Kzn., Fa. C. v.d., (Gebr. Hendriks) nog wel op Hertogstraat 114, maar schijnbaar niet meer verbonden met C. v.d. Stad1912-1913, 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916, 1916, 1920, 1922, 1924, 1926, , 1928In 1920 en 1922: Stad, Firma C. v.d. (W.B. Hendriks) Hersteeg 114;  Ijzerwaren, Huishoudelijke Artikelen, Gereedschappen enz. Kachels, Haarden en Fornuizen; in 1924 Gebr. Hendriks
N.J. v.d. StadMusicus 1922, 1924, 1926, 1928, 1932
Wed. C. v.d. StadGeb. H.E. Dijkman 1932
Mevr. M.C. v.d. Stad  1932
Th.A. de GrootUitvoerder1934 
J.J. de GrootAannemer1936, 1938, 1940 
P.G. de GrootIngenieur1936, 1938, 1940, 1948, 1963In 1963 onder “Aannemers” J.J. de Groot & Zn.
N.V. Aannemings mij J.J. de Groot en Zn.Utiliteitsbouw, verbouwingen1966, 1968, 1971Mogelijk al eerder
H.M. KlompIn 1936 Journalist1936, 1948, 1951 
Mej. J.A.M. de GrootKantoorbediende1948 
Theunissen, echtg. J.F.W.Geb A.P.H.M. de Groot1948 
Echt. W.A.T. TheunissenGeb. M.H.J. van der Sponk1963 

Ten tijde van de lampenwinkel de Glazen Kater in de van Welderenstraat, had deze winkel hier haar werkplaats.

Het huidige horecabedrijf is naar deze “lampenfabriek” vernoemd: de Fabriek. Zie hiervoor ook het interview met Claire Kaal, de eigenaresse van de Fabriek op Indebuurt.nl.

Rijksmonument

Als Rijksmonument is het van architectonische waarde vanwege: “Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf bewaard voorbeeld van een herenhuis met ornamentiek beïnvloed door de neorenaissance. Het pand valt op door hoogwaardige esthetische kwaliteiten, zoals het geavanceerde materiaalgebruik en de rijke ornamentiek. Karakteristiek zijn onder meer de ornamentiek in de voorgevel en de onderdelen in het interieur. Er is sprake van een ensemblewerking als onderdeel van de bebouwing langs de Van Welderenstraat, waarbinnen het pand behoort tot de omstreeks 1900 gangbare herenhuizen, welke samen met de oudere en latere typen en stijlen goed de ontwikkeling van de bouw van herenhuizen weergeven.” Daarnaast is het momument vanwege haar stedebouwkundige en cultuurhistorische waarde.

(Overige) bronnen en verder lezen:

Rijksmonumenten

Zie ook: https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Monumenten/monument_0183.html

C&A Burchtstraat (november 2025)
#Nijmegen, Burchtstraat, Centrum, Gebouw van de dag

C&A Burchtstraat

C&A Burchtstraat (november 2025)
C&A Burchtstraat (november 2025)

In Juli 1929 opent C. en A. haar winkel in Nijmegen, in wat dan de Lange Burchtstraat heet. In november 2025 zit zij nog steeds in dit pand.

In januari 1929 blijkt C. en A. vier winkelhuizen te hebben aangekocht:

Een belangrijke verkoop van panden aan de L. Burchtstraat.

De bekende firma C. en A. Brenninkmeijer, die in vele steden des lands hare zaken in heerenkleeding gevestigd heeft en reeds sinds geruimen tijd naar geschikte panden uitzag om zich ook alhier te vestigen, heeft van de familie Mulder een gedeelte van de panden, behoorende tot het Hotel “Boggia” alhier aangekocht. Het zijn de vier winkelhuizen aan de L. Burchtstraat, gemerkt nos. 35,37.39 en 41, met uitgang in de Stockumstraat. Ze zullen worden geamoveerd om daarop een modern gebouw te kunnen bouwen.

Het Hotel “Boggia” dat het gebouw no. 43 aan de Burchtstraat met de daarbij behoorende garage en de daarachter gelegen panden uitkomend aan Hoogstraatje en Ridderstraat behoudt, zal daarin de zaak op dezelfde wijze als voorheen voortzetten.

Deze verkoop is geschied door bemiddeling van den heer N.S. Verbeek, makelaar, alhier.

Wij hebben op verzoek van partijen niet vroeger van deze zaak melding gemaakt, omdat zij eerst gisteren definitief haar beslag heeft gekregen.” (PGNC 29/1/1929)

Advertentie Aanbesteding C & A (De Gelderlander 27/3/1929)
Advertentie Aanbesteding C & A (De Gelderlander 27/3/1929)

Vervolgens vindt op 8 april de aanbesteding plaats door K. Sickler, architect te Amsterdam, voor “Het afbreken van de bestaande panden, o.a. op het daardoor verkregen terrein het opnieuw bouwen van een gebouw o.a. plaatselijk genummerd Lange Burchtstraat 35-37-39-41 en Stokkumstraat 5-13-15, kad. bekend onder Sectie C. No. 312-311-6447-6448, 348 en ten deels 6446 te Nijmegen.” Bestektekeningen zijn te verkrijgen bij de N.V. Wed. J. Arend & Zoon, Singel 22-24 te Amsterdam.

Opdrachtgever is de N.V. Algemeene Confectiehandel van C. & A. Brenninkmeijer te Amsterdam.

Bij de Opening

Straatbeeld Lange Burchtstraat (de huidige Burchtstraat), eerste helft jaren dertig, gezien vanuit Kelfkensbos. Het laatste pand rechts is de C&A, 1932-1933(Uitg. Weenenk & Snel, Den Haag via F88025 RAN)
Straatbeeld Lange Burchtstraat (de huidige Burchtstraat), eerste helft jaren dertig, gezien vanuit Kelfkensbos. Het laatste pand rechts is de C&A, 1932-1933(Uitg. Weenenk & Snel, Den Haag via F88025 RAN)

Zie ook F12997 RAN, een foto uit 1932, dan nog met grote ruiten. En met de slogan: “C&A is toch voordeeliger”.

En F15507 RAN, een foto uit 1959, waar de C&A rechts te zien is.

Opening filiaal fa. C. en A. Brenninkmeyer.

Ontzaggelijke belangstelling.

Onder ontzaggelijke belangstelling van de zijde van het publiek, heeft hedenmiddag de opening plaats gevonden van de zaak der firma Brenninkmeyer in de Burchtstraat, een feit dat, we zouden haast zeggen, den 27sten September tot een historischen datum voor Nijmegen gemaakt heeft.

Reeds lang vóór de opening toch, die op 3 uur bepaald was, groepten honderden voor het gebouw samen, wier aantal echter spoedig tot een waren menschenmenigte was aangegroeid. Op het trottoir stonden de belangstellenden dicht opeen gepakt om toch maar het eerst den blik te kunnen werpen op wat zoo lang voor het oog verborgen was geweest: slechts met de uiterste moeite kon de politie erin slagen de trambaan vrij te houden, en het verkeer doorgang te verleenen, daar in dit deel der Burchtstraat vele honderden nieuwsgierigen samendrongen. Zelden zal dan ook in Nijmegen een zaak geopend zijn onder zoo overweldigende belangstelling van het publiek.

Even voor het tijdstip van de opening waren wij in de gelegenheid een uiteraard vluchtigen blik te werpen op het inwendige van het gebouw en wij kunnen onzen indruk niet beter weergeven dan door de woorden: grootsch, kostbaar en toch sober. En wat bij het binnenkomen onmiddellijk treft is de groote ruimte, want alle lokaliteiten zijn groot van afmetingen en zijn zalen gelijk.

Daar is in de eerste plaats de ruime entrée die leidt naar de winkelruimte gelijkvloersch, waar men links vindt het z.g. kindervak, recht voor het kinderleggoed en achterin het z.g. groote vak, met de costuum-afdeeling; hier zijn ook een aantal paskamers ondergebracht.

Een breede, indrukwekkende trappenopgang, vervaardigd van kostbaar mahonie-hout, maar desondanks een eenvoudigen indruk makend, leidt naar de tweede verdieping, die bijna het evenbeeld is van de eerste, even groot van afmetingen. Hier zijn o.a. de manterafdeeling en de kinderafdeeling ondergebracht.

Op de derde verdieping zullen de ateliers en zalen voor het personeel worden ingericht: gereed was men hiermede nog niet. Want terwijl beneden het publiek reeds begon binnen te stroomen, was het boven nog een chaos van velerlei bouwmaterialen, die hier nog verwerkt moesten worden. Men zal hier echter zijn tijd over kunnen doen, de verkoop toch, kan reeds een aanvang nemen.

In de winkelzalen zijn de pilaren zonder uitzondering aan alle zijden bekleed met spiegelglas, hetgeen den schitterenden indruk van het geheel nog verhoogd.

Hoewel niet voor ’t publiek toegankelijk, mogen we toch een zeer belangrijke lokaliteit in het gebouw niet vergeten en dat is de enorme, bijna onafzienbare kelder, die zich onder het geheele pand uitstrekt en één groote ruimte vormt, die geheel met goederenvoorraden gevuld is.

Een apart onderdeel van den winkel vormen als het ware de talrijke luxuees ingerichte etalages geheel met teak-hout betimmerd, terwijl hieraan door een staf van bekwame etaleurs de uiterste zorg werd besteed. Zij leggen met hun werk alle eer in; men zal met genoegen zijn blikken hierover laten weiden.

We mogen hier wel constateren dat Nijmegen met de vestiging van dezen winkel van C. en A. -welk een bekendheid verwierven zich deze beide letters- een fraaie, moderne en groote winkelzaak rijker is geworden, die niet zal nalaten het aanzien van onze stad als zaken-centrum te verhoogen en die zeker zal bijdragen tot verfraaiing van dit deel der Burchtstraat.

C. en A. opent met dezen winkel haar achtste zaak in dit jaar; want reeds werden in 1929 ook in het buitenland een zevental filialen gesticht. Zoo o.a. één in Maagdenburg, anderhalf maal zoo groot als het filiaal te Nijmegen, maar dat desondanks in 71 dagen gereed kwam. Toch zal menigeen reeds respect hebben voor de Amerikaansche wijze van bouwen die hier gevolgd is, maar die groot oponthoud ondervond door het feit dat aan de voorzijde van het pand geen materialen mochten worden aangevoerd. De aanvoer geschiedde door het smalle Stockumstraatje, dat dit voor snel werken niet bevorderlijk was spreekt van zelf.

De man volgens wiens plannen dit gebouw werd opgetrokken, was de architect K. Sicker uit Amsterdam; hij heeft voldoening van zijn werk, waarmee hij zich een meester toonde.

Van de firma’s die aan de totstandkoming medewerkten en hiermede een mooi stuk arbeid hebben verricht, noemen wij in de eerste plaats de aannemersfirma v.d. Wal en Woudenberg uit Utrecht-Vlaardingen.

Aannemer van het stucadoorwerk was de firma gebrs. v.d. Bol te Utrecht; het schilderwerk werd verzorgd door P. Zanen te Alblasserdam, terwijl de Utrechtsche Loodgieterscombinatie het lood- en zinkwerk voor haar rekening nam. Het behangsel en linoleum werden geleverd door de firma Wolting te Amsterdam, het glas in lood door Lenoble te Haarlem, terwijl tenslotte de firma Merx en Beerboom alhier de centrale verwarming aanlegde.

Tot slot moge hier nog een overzicht van de totstandkoming van het gebouw volgen:

  • 11 Mei 1929. Telefonische opdracht gegeven door den Architect.
  • 11 Mei. Aangevangen met het sloopen der perceelen Lange Burchtstraat 35037039041 en Stockumstraat 13-15.
  • 14 Juli. Inmiddels begonnen met het ontgraven der achterterreinen voor den kelder, welke onder het geheele gebouw komt met een oppervlak van 1000 vierk. Meter en 3.10 M. diepte onder den beganen grond.
  • 12 Juni. Om des middags 1 uur de eerste steen gelegd der keldermuren.
  • 15 Juni. Bovengenoemde gebouwen zijn gesloopt tot den beganen grond.
  • 22 Juni. Aangevangen met het storten der gewapend-beton kolommen in den kelder.
  • 5 Juli. Begonnen met het sorten van 1000 vierk. M. grooten gewapend-betonvloer op den beganen grond.
  • 18 Juli. Begonnen met het stellen der ijzeren kolommen.
  • 20 Juli. Leggen der balklaag 1e verdieping.
  • 25 Juli. Leggen der balklaag 2e verdieping.
  • 5 Augustus. Aanvang stucadoorswerk.
  • 6 Augustus. De helft van het gebouw (noodbedekking) is waterdicht.
  • 14 Augustus. Stellen der kapspanten.
  • 21 Augustus. Tweede helft van het gebouw (noodbedekking) is waterdicht.
  • 13 September. Keldervloer en wanden gereed en in gebruik genomen en pl.m. 6000 karren met uitgegraven grond vervoerd.
  • 24 September. Inzetten spiegelglas in étalages.
  • 25 September. Stucadoorswerk gereed.
  • 27 September. Opening der zaak.

Bij de opening der zaak op hedenmiddag, had het inwendige van den winkel een bij uitstek feestelijk aanzien, door de talrijke bloemstukken, die van vele zijden ter felicitatie gezonden waren. In den loop van den middag kwamen nog vele schriftelijke gelukwenschen en telegrammen binnen.” (PGNC 27/9/1929)

Metselwerk C&A, Burchtstraat (november 2025)
Metselwerk C&A, Burchtstraat (november 2025)

Clemens & August Brenninkmeijer

C&A is vernoemd naar de broers Clemens & August Brenninkmerijer. Zij waren zogenaamde textielteuten (of todden of tuötten) uit Mettingen, Westfalen. In 1841 openden zij een opslag in Sneek, zodat ze minder vaak naar Westfalen hoefden te reizen. Ook openden zij in 1841 een winkel in confectiekleding aan de Oosterdijk in Sneek. Daarna volgde uitbreiding: in 1881 in Leeuwarden en in 1893 een winkel in Amsterdam. Daarna zouden vele winkels volgen. Ook opende C&A in 1911 haar eerste buitenlandse winkel i Duitsland. (Wikipedia).

Kasper Sickler

Kasper Sickler (Blitar, 16-11-1877 – Amsterdam, 01-07-1945) was de huisarchitect van C&A. Daarnaast was hij de Daarbij was hij huisarchitect van het Protestants Weduwen- en Wezenfonds in Amsterdam.

Hij “was destijds ook de vaste architect van kledingwinkelketen C&A. Hij ontwierp diverse nieuwe C&A-panden in den lande en leidde in 1930 de verbouwing van het door Berlage ontworpen complex aan het Damrak, dat later door brand verloren ging.” https://amsterdamopdekaart.nl/1850-1940/Tweede_Hugo_de_Grootstraat/3-17

Gevonden werken:

Vervolg

Er is nog niet uitgebreid onderzocht wat het vervolg is geweest. In ieder geval in 1975 Burchtstraat 65 bij de winkel getrokken. “traat 67 was gevestigd. Onder de binnenplaats van nr. 65 kwam een roltrapput te zitten. Op begane grondniveau en de eerste verdieping werden de gehele rechter zijgevel en achtergevel verwijderd, zodat er samen met nr. 67 een grote winkelruimte ontstond. Ook de balklagen van deze verdiepingen werden geheel vernieuwd.” (Gemeentelijke Monumentenlijst)

Beeldbepalend

“Het pand is vanwege de voorgevel beeldbepalend in het rijksbeschermde Stadsgezicht.” Daarnaast is de kelder van nummer 65 “bouwhistorische waarde vanwege de hoge kelder met tongewelf uit de late middeleeuwen. De bescherming heeft betrekking op de bouwhistorische verwachting van de kelder. De overige verdiepingen vallen buiten de bescherming.”

Overige bron:

Burchtstraat

De Burchtstraat is al eeuwenlang een van de belangrijkste straten van Nijmegen. Eeuwenlang was deze van belang doordat het de…

Het Arsenaal, de Mariënburgkapel, de Israëlische begraafplaats en het kruitmagazijn, Mariënburg 95 (huidig),1880 (Gerard Korfmacher via F46123 RAN)
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken, Marienburg

Het Arsenaal en de sluitsteen herinnering aan Willem I

Het Arsenaal, de Mariënburgkapel, de Israëlische begraafplaats en het kruitmagazijn, Mariënburg 95 (huidig),1880 (Gerard Korfmacher via F46123 RAN)
Het Arsenaal, de Mariënburgkapel, de Israëlische begraafplaats en het kruitmagazijn, Mariënburg 95 (huidig),1880 (Gerard Korfmacher via F46123 RAN)

Het Arsenaal op de Mariënburg is gebouwd tussen 1820 en 1824 als artillerie- of tuighuis. Daarna heeft het meerdere functies gehad, waaronder het gemeentearchief van Nijmegen. Tegenwoordig heeft een functie voor horeca en cultuur. Opvallend is de sluitsteen: een herinnering aan het bezoek van Willem I.

Mariënburgklooster en bouw

Het staat op de plek van het voormalige kloostercomplex Mariënburg, waar ook de nog bestaande Mariënburgkapel deel van uitmaakte. Nadat het klooster in 1591 was opgeheven nadat Maurits Nijmegen had ingenomen, werd het kloostergedeelte verbouwd tot woonruimtes. Vanaf 1683 was het Munthuis hier gevestigd. In 1778 verkocht de staat het gebouw voor particuliere bewoning. In 1808 kocht de staat echter het gebouw weer terug, zodat deze gedeeltelijk gesloopt kon worden. Vervolgens werd een artillerie- of tuighuis gebouwd. Dit gebouw kwam in 1824 gereed. Het arsenaal was tot 1908 onderdeel van de Mariënburgkazerne.

Archief en andere functies

Op 10 maart 1909 werd het gebouw eigendom van de gemeente Nijmegen, die het gebruikte voor een stadwerkplaats. In 1938 verhuisde deze werkplaats. Vervolgens was het bedoeling om hier het gemeentearchief in te vestigen. Door de Tweede Oorlog ging dit plan niet door. Na de oorlog kwam de stadswerkplaats weer terug: haar pand aan de Dominicanenstraat was zwaar beschadigd geraakt. Ook werk het een werkplaats voor het politiebureau, die tegenover het Arsenaal lag. Vanaf 1968 zat hier tevens het bureau gevonden voorwerpen en rijwielen. In 1978 werd het Arsenaal na een verbouwing in gebruik genomen als gemeentearchief, welke op dat moment in de Mariënburgkapel had gezeten.

Horeca en Cultuur

Doorbraak Arsenaal met zicht op Moenenstraat (november 2025)
Doorbraak Arsenaal met zicht op Moenenstraat (november 2025)

Het archief verhuisde in 2001 echter naar de nieuwbouw aan de Mariënburg, de huidige locatie. Daar maakt het met de naastgelegen bibliotheek en de Lux onderdeel uit van het “cultureel kwartier”. De gemeente had in 1999 al besloten dat het Arsenaal een gedeeltelijk commerciële en een gedeeltelijk culturele bestemming moest krijgen.

In 2003 vestigde zich aan de ene kant het horecabedrijf het Vlaams Arsenaal. Aan de andere kant kwamen een aantal culturele instellingen, verenigd in vereniging Het Arsenaal. In het midden van het pand werd een grote doorgang gemaakt als verbinding met de Moenenstraat met de Marikenstraat.

Zie ook: https://web.archive.org/web/20130820212821/http:/www.ivens.nl/hetarsenaal/

In het Arsenaal is tegenwoordig (november 2025) Arsenaal 1824 gevestigd.

Het Arsenaal is een Rijksmonument.

Sluitsteen: herinnering bezoek Koning Willem I

Sluitsteen bij Arsenaal: herinnering aan Willem I  (mei 2024)
Sluitsteen bij Arsenaal: herinnering aan Willem I (mei 2024)

Deze sluitsteen hangt boven de (doorgebroken) toegangspoort tot het Arsenaal en is een herinnering aan Koning Willem I, die het gebouw in 1824 bezocht. Het Arsenaal is rond 1820 gebouwd en is een Rijksmonument.

Van Schevichaven over dit bezoek: “Op 11 October kwam Z.M. Willem I hier nogmaals, bezichtigde het nog niet voltooide fort aan de Waal, waaraan hij ter eere van den ontwerper den naam van Kraijenhoff gaf, inspecteerde weder de wallen en de Sterreschans op den Hunnerberg, alsook het nieuw arsenaal op Mariënburg. Z.M. logeerde ten huize van luit.-generaal baron Van Kraijenhoff, de tegenwoordige St. Josefsschool aan het Bosch; gaf audiëntie en vertrok den volgenden dag naar Maastricht.” (PGNC 15/5/1895)

Bezoek Frederik der Nederlanden in juli 1824

Het krantenartikel over het bezoek van Willem I is nog niet gevonden, wel dat van Prins Frederik der Nederlander, de tweede zoon van Koning Willem I (en de broer van de latere koning Willem II). “Door zijn vader, koning Willem I, werd hij daarna benoemd tot ‘grand-maître de l’artillerie’ en bezocht in die functie jaarlijks de vestingen in het Nederland en België.” (wikipedia)

Bezoek Prins Frederik der Nederlanden aan Nijmegen (PGNC 27/7/1824)
Bezoek Prins Frederik der Nederlanden aan Nijmegen (PGNC 27/7/1824)

Een krantenartikel over een bezoek in 1818 is te lezen in PGNC 21/8/1818.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Arsenaal_(Nijmegen)

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Arsenaal

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Stadswandeling/noviowandeling2.htm

Mariënburg

Met een slingerende straat én tevens een soort van plein is de Mariënburg misschien wel een van de straten met…

Voormalige Rotterdamsche Bankvereeniging en Cinemarienburg, tegenwoordig Humphrey's (november 2025)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Marienburg

Rotterdamsche Bankvereeniging architect Deur

1930 Mariënburg

Voormalige Rotterdamsche Bankvereeniging en Cinemarienburg, tegenwoordig Humphrey's (november 2025)
Voormalige Rotterdamsche Bankvereeniging en Cinemarienburg, tegenwoordig Humphrey’s (november 2025)

Rond het begin van de 20ste eeuw ontstond bij de Mariënburg het financiële centrum van Nijmegen. Een van de banken die zich er vestigden was de Rotterdamsche Bankvereening. Het huidige beeld van de voorgevel van het gebouw is voornamelijk afkomstig van de verbouwing tot bank van de Rotterdamsche Bankvereeniging door architect Deur.

W. E. P. Monhemius en Co.’s Bank

Ontwerp voor het maken van een huisriool voor een perceel aan het Marienburgplein te Nijmegen. Dorlas en Semmelink, architecten en aannemers, Datum Bouwdossier 8-8-1911  (D12.382055)
Ontwerp voor het maken van een huisriool voor een perceel aan het Marienburgplein te Nijmegen. Dorlas en Semmelink, architecten en aannemers, Datum Bouwdossier 8-8-1911 (D12.382055)

De eerstgevonden bouwtekening is uit 1911 voor de aanleg van het riool (“perceel aan het Marienburgplein D12.382055). Het gebouw bestaat dan uit 2 verdiepingen. Met op de begane grond elk 1 kantoor, met daarboven een bovenwoning. En dan heeft pand als bank natuurlijk een kelder met de zeer belangrijke kluis.

W. E. P. Monhemius en Co.’s Bank.

Het Mariënburg wordt meer en meer een der centra van ’t Nijmeegsch handelsverkeer. De Nederlandsche Bank deed er haar nieuwe gebouw optrekken, de kantoren van „de Nederlanden van 1845” naderen hun voltooiing en thans kunnen wij eenige bijzonderheden mededeelen aangaande het nieuwe gebouw der W. E. P. Monhemius en Co.’s Bank, dat naast eerstgenoemd pand verrezen is en met den in dezelfde kleur gehouden gevel daarbij goed aanpast.

De W. E. P. Monhemius en Co.’s Bank, welke onder directie van de heeren W. E. P. Monhemius en J. N. Krudop verscheidene jaren gevestigd was in het perceel Oude Stadsgracht 12, heeft de uitbreiding harer zaken op hoogst gelukkige wijze bekroond door het betrekken van dit nieuwe gebouw, dat aan alle eischen van het moderne handelswezen voldoet. De voorgevel is opgetrokken in Romaanschen stijl, vooral tot uiting komend in den monumentalen hoofdingang en de loggia’s met massieve pilasters aan de boven-verdieping. Is men het gebouw binnengedreden, dan geeft de eerste deur rechts toegang tot het vertrek voor het publiek bestemd.

Een keurig, stijlvol interieur doet hier het oogen aangenaam aan. Door de gedeeltelijk matgelazen ruiten stroomt het daglicht naar binnen en des avonds neemt de lichtbron der electrische centrale hier de taak van de natuur over. Een portière leidt naar het bureau der directie, dat ook een keurig­­en indruk maakt. Hier sieren o.a. groote foto’s van de kluis en de bij de vervaardiging daarvan gebezigde pantserstangen de muren.

Achter in den corridor, waar toiletgelegenheden niet ontbreken, bevindt zich de trap welke naar den kluis­kelder voert. Ook hier heeft men het zeer comfortabel weten te maken. In de hoeken zijn kleine kamertjes aangebracht voor hen die zich met het hoogst aangename werk van coupon­knippen plegen te occupeeren. Electrische schellen verbinden deze kamertjes met de kantoren boven. Het voornaamste van den kelder is evenwel de kluis, waarbij de nieuwste vindingen op dit gebied in toepassing zijn gebracht.

De kluis zelf is gebouwd met dikke betonmuren, dus een op zichzelf reeds zeer hard materiaal. Ter meerdere beveiliging is in het beton nog een netwerk van zware compound panterstangen opgesteld en wel in drie rijen, zoodat bij inbraakpogingen de werktuigen steeds stuiten op dit speciaal voor dit doel gefabriceerd materiaal en een doorbreken van den kluismuur wel tot de onmogelijkheden gerekend kan worden. Zoowel de vloer en zolder alsook de staande wander der kluis zijn van deze bescherming voorzien. Met deze reeds zeer groote zekerheid stelde de directie zich nog niet tevreden. Zij wilde zich dagelijks van den onbeschadigden toestand van de kluiswanden kunnen overtuigen en daartoe werd rondom de kluis een z.g. controlegang ontworpen. De kluis staat dus langs alle wanden vrij en de minste beschadiging der kluiswanden door inbrekers wordt bij de dagelijksche inspectie direct opgemerkt.

Natuurlijk mogen ook de ingangen tot de kluis geen zwak punt vormen, daar deze nu als het ware de aangewezen punten zijn voor inbrekers om hunne krachten te beproeven. Een zware kluisdeur en een kleinere nooddeur in dezelfde massieve constructie zorgen hier, dat alle gevaar is afgewend. De blanke kanten van deur en raam sluiten zuiver in elkander, terwijl zware massieve rondstaalschoten de deur gesloten houden. Dit sluitwerk wordt weder vastgezet door een prima kwaliteit sleutelslot alsmede door een geheimslot, dat alleen geopend kan worden indien men met de gestelde combinatie bekend is. Daar deze combinatie elk oogenblik veranderd kan worden en een verscheidenheid van 100 milioen combinaties bereikt is, kan deze afsluiting ook alleszins voldoende geacht worden.

Ter bescherming ten aanvullen met den acetyleen- en zuurstofbrander zijn in deze zwaar gepantserde legeeringen aangebracht, welke de eigenschap bezitten bij bewerking met den brander giftige gassen te ontwikkelen, ontploffingen te veroorzaken, waardoor de branders defect raken en meer dergelijke zaken, die den inbreker minder aangenaam zullen zijn, daar zij gewoonlijk van rust en stilte houden. Zou de inbreker evenwel niettegenstaande deze verrassingen toch verder willen „werken”, dan zouden de zware giftige gassen hem alras noodzaken het veld te ruimen indien hij prijs op zijn leven stelt. De deur heeft dus niet alleen een defensief maar ook een offensief karakter.

Na opening der massieve kluisdeur treden we den burcht van pantserstaal binnen en zien tegen den achterwand der kluis een safeblok opgesteld, waarin de klanten der Bank tegen billijke vergoeding hunne waarden kunnen bergen. Een dergelijk safeblok bevat verschillende loketten in diverse afmetingen. Elk loket is afgesloten met een stalen deurtje, welk laatste door een speciaal slot, dat onder controle van den huurder en de Bank geopend moet worden, tegen opening door onbevoegden is voorzien. Een gedeelte der loketten is voorzien van sloten, welke verwisselbaar zijn met de andere sloten der installatie, waardoor fraude met sleutels voorkomen is, terwijl een ander gedeelte voorzien is van combinatiesluitingen, die door den huurder op een willekeurig woord ingesteld kunnen worden.

De directie der W. E. P. Monhemius en Co.’s Bank biedt met deze nieuwe kluis haar cliënteele een zekerheid, die gewaarborgd wordt door de jongste toepassingen der wetenschap en vindingen der techniek. Beter waarborgen zullen bezwaarlijk gevonden kunnen worden. Deze kluisinrichting doet dan ook haar, zoowel als de N. V. Lips’ brandkasten- en slotenfabrieken te Dordrecht alle eer aan.

In een gedeelte van het gebouw zijn de kantoren gevestigd der Hollandsche Sociëteit van Levensverzekeringen 1807. Boven de kantoren zijn twee woningen gebouwd, zeer comfortabel ingerichte bovenhuizen, welke reeds verhuurd zijn.

Architecten van het gebouw zijn de heeren Dorlas en Semmelink alhier, onder wier leiding der plannen tevens zijn uitgevoerd. In beide opzichten, zonwel wat het ontwerp als de uitvoering betreft, hebben zij alle eer met hun werk ingelegd.

Blijkens eene advertentie in dit nummer clientèle en verdere belangstellenden uitgenodigd het nieuwe bankgebouw met kluis te bezichtigen.” (PGNC 23/2/1912)

Verbouwing 1918/1919 voor Nationale Bankvereeniging

Vanuit de Van Broeckhuysenstraat via het Mariënburg, in de richting van de Mariënburgsestraat, rechts de Nationale Bankvereeniging en Hotel Café "De Karseboom" met kegelbaan, 1926 (F29714 RAN)
Vanuit de Van Broeckhuysenstraat via het Mariënburg, in de richting van de Mariënburgsestraat, rechts de Nationale Bankvereeniging en Hotel Café “De Karseboom” met kegelbaan, 1926 (F29714 RAN)

1 juli 1918 (“heden”, dus mogelijk de dag ervoor) opent de Nationale Bankvereeniging in het pand. Dan is het haar 65tste vestiging sinds haar oprichting in 1916. Deze bank was opgezet door Rotterdamsche Bankvereeniging die tevens grootaandeelhouder van deze bank was. In 1929 werd de Nationale Bankvereeniging geintegreerd in de Rotterdamsche Bankvereeniging. (wikipedia)

Bijzonder is, dat vanaf dat moment een aantal verbouwingen zullen plaatsvinden, terwijl de bank geopend blijft. (PGNC 1/7/1918)

Nationale Bankvereeniging Bestaande Toestand in februari 1929 (D12.393768)
Nationale Bankvereeniging Bestaande Toestand in februari 1929 (D12.393768)

In januari 1919 is de verbouwing voltooid, waarbij de kantoren zijn samengevoegd. Opvallend is vooral de grote uitbreiding van het kantoor voor 20 beambten in de voormalige tuin, de ruime entrée en de effectenhal. De architect is de “huis-architect” H.F. Mertens:

Verbouwing Perceel Marienburg 64-65-66 te Nijmegen tot Kantoor der Nationale Bankvereeniging , datum Bouwdossier 25-6-1918 (D12.385395)
Verbouwing Perceel Marienburg 64-65-66 te Nijmegen tot Kantoor der Nationale Bankvereeniging , datum Bouwdossier 25-6-1918 (D12.385395)

Architect H.F. Mertens

Hermann Friedrich Mertens (Batavia, 15 augustus 1885 – Loosdrecht, 27 januari 1960) was een Nederlandse architect. Hij studeerde aan de Technische Hogeschool Delft. Hij werkte aanvankelijk onder andere als meubelontwerper en een korte tijd in Nederlands-Indië. Hij was adjunct-directeur gemeentewerken in Arnhem. Daarnaast was hij in dienst voor het ontwerpen van bankgebouwen voor de Nationale Bankvereniging. Uiteindelijk vestigt hij zich in 1922 als zelfstandig architect in Bilthoven.

Belangrijke ontwerpen van hem zijn:

  • Betondorp, Amsterdam
  • Toenmalige Unilever hoofdkantoor, Rotterdam
  • Sanatorium Zonnegloren, Soestduinen
  • Watertorens Soest, Stadskanaal, Oude-Pekela en Bilthoven.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Mertens aangesteld als supervisor van de wederopbouw van de Rotterdamse binnenstad (Wikipedia).

Advertentie van de Nationale Bankvereeniging (PGNC 20/7/1918)
Advertentie van de Nationale Bankvereeniging (PGNC 20/7/1918)

Rotterdamsche Bankvereeniging

Gebouw van de vroegere Rotterdamsche Bankvereeniging, Mariënburg 60, 1979 (Fotopersbureau Gelderland via F29589 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
Gebouw van de vroegere Rotterdamsche Bankvereeniging, Mariënburg 60, 1979 (Fotopersbureau Gelderland via F29589 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)

De Rotterdamsche Bankvereeniging (Rova) was de benaming van de Rotterdamsche Bank tussen 1911 en 1947. Het was een van de voorlopers van de AMRO Bank, welke een fusie was van de Rotterdamsche met de Amsterdamsche Bank. En daarmee een voorloper van de ABN AMRO.

In 1929 vroeg de Rotterdamsche Bankvereeniging aan architect Deur om een ontwerp te maken. Daarbij zijn er in het Digitaal Archief 2 ontwerpen: waarschijnlijk is het eerste plan nooit uitgevoerd en het “Gewijzigd ontwerp” wel. Uit de plattegrond van de bouwtekening (zie hieronder) wordt duidelijk dat het pand met ongeveer 1/3 is vergroot: het linkergedeelte met onder andere het portiek.

Bij de Opening

Het nieuwe gebouw van de Rotterdamsche Bankvereeniging.

De nieuwe kantoren en de kluisinrichting der Rotterdamsche Bankvereeniging aan het Mariënburgplein te Nijmegen, met den bouw waarvan eenigen tijd gemoeid was, zijn thans gereed.

Hoewel de voorgevel van de vroegere Nationale Bankvereeniging nog in zeer goeden toestand verkeerde, heeft de directie niet geschroomd tot slooping van dien gevel over te gaan ten einde een behoorlijk bouwkunstig geheel te verkrijgen.

De nieuwe gevel, met de heldere kleur van den daarin verwerkten metselsteen en de hooge met donker geglasuurde Deester pannen gedekte kap, vormt een goeden achtergrond voor de, het plein overheerschende kapel.

Gewijzigd plan Rotterdamsche Bankvereening architect Deur (D12.395205)
Gewijzigd plan Rotterdamsche Bankvereening architect Deur (D12.395205)

De architect ir. J.G. Deur, te Nijmegen, zag zich voor de moeilijkheid geplaatst de vroeger zeer verbrokkeld aandoende pleinwand te sluiten. Hij vond een zeer goede oplossing door het aanbrengen van een gootlijst juist midden tusschen de op zeer verschillende hoogten liggende kroonlijsten der belendende perceelen, waardoor een trapsgewijs omhoog springen van de bouwdeelen van den pleinwand werd verkregen.

De raamvorm, de betrekkelijke geslotenheid van den gevel en het ontbreken van alle overbodige versiering helpen tenslotte een massieven, degelijken indruk vestigen.

Gewijzigd plan Uitbreidingsplan aan het Mariënburg, december 1929 IRr. J. George Deur (D12.395204)
Gewijzigd plan Uitbreidingsplan aan het Mariënburg, december 1929 IRr. J. George Deur (D12.395204)

Het inwendige van het gebouw voldoet aan de eischen die men aan een modern bankgebouw kan stellen.

Aan de bestaande kluisinrichting, die in verband met de expansie van het bedrijf dringend om uitbreiding vroeg, werd een andere bestemming gegeven. Onder het nieuwe gedeelte werd een geheel naar de eischen des tijds ingerichte Lips kluisinrichting ingebouwd, met de noodige accommodatie-ruimten en annexen ten gerieve van het beleggend publiek.

Ten dienste van het bankbedrijf werd een ruime, fraai ingerichte en overzichtelijke kassahal geprojecteerd, waarvan een doelmatig afgescheiden gedeelte voor de effectencliëntèle is gereserveerd. Een rustig gehouden leeskamer, flinke spreek- en wachtkamer met telefoon, benevens rijwielbergplaats zijn voor de relaties beschikbaar.

Aannemer van het werk was de firma H. van Gemert en Zonen te Nijmegen; de stalen ramen werden geleverd door de firma de Vries en Robbé te Gorinchem; het kunstsmeedwerk werd vervaardigd door den heer H. Winkelman b.i. te Amsterdam en het glas in lood door de firma Bilderbeek te Nijmegen.

De natuursteenwerken waren van de Rotterdamsche Steenhouwerij te Rotterdam en van de firma Rengers te Nijmegen; de gewapend betonwerken van de N.V. Nederland te Nijmegen.

De schilderwerken werden verzorgd door de Gebr. Koning, de stoffeering en meubileering door de firma’s Draper van den Broek en M. Jansen, de parketvloeren door de firma M. Drukker en de electrische installatie door de firma Jean Jacobs, allen te Nijmegen, terwijl een geheel in staal uitgevoerd archief werd geleverd door de N.V. Martens Brandkastenfabriek te Doetinchem.

Opzichter was de heer W. van der Waart alhier.” (PGNC 15/2/1930)

Zie ook het verhaal van het oorlogsdagboek:

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Dagboek_Rotterdamsche_Bankvereeniging_N.V.,_kantoor_Nijmegen

Vervolg

Vooraanzicht van Café De Foyer en bioscoop Cinemariënburg, Mariënburg, 27/4/1995 (Ger Loeffen via F36781 RAN CCBYSA)
Vooraanzicht van Café De Foyer en bioscoop Cinemariënburg, Mariënburg, 27/4/1995 (Ger Loeffen via F36781 RAN CCBYSA)

Het vervolg is nog niet geheel onderzocht.

Vanaf 1984 zat filmhuis Cinemariënburg hier in het pand: zoals op de foto uit 1995 hierboven te zien is deze in 1974 begonnen en vierde het in 1994 haar 20-jarig jubileum. De achterbouw is gesloopt en vervangen door nieuwbouw. In ieder zit in 2023 Humphrey’s in het pand.

Voormalige Rotterdamsche Bankvereeniging en Cinemarienburg, in november 2025 Humphrey's; de achterbouw is vervangen door nieuwbouw (november 2025)
Voormalige Rotterdamsche Bankvereeniging en Cinemarienburg, in november 2025 Humphrey’s; de achterbouw is vervangen door nieuwbouw (november 2025)

Gemeentelijk Monument

Het gebouw is een gemeentelijk monument met als tekst bij aanwijzing (tevens is hier een uitgebreide beschrijving te vinden:

“WAARDERING
Architectuurhistorische waarde
Mariënburg 59-60-61 is een goed voorbeeld van een bankgebouw in de expressieve architectuur van rond 1930, die gezien kan worden als een de regionale variant op de Amsterdamse Schoolstijl. Het gebouw is van architectuurhistorisch belang vanwege zijn de expressief vormgegeven voorgevel en kap met de bijzondere en gaaf bewaard gebleven detaillering in de trant van de Amsterdamse School. In het interieur zijn onder meer van belang de centrale bankhal met het pseudo-gewelf en de monumentale keldertrap alsmede de sierbetegeling en de smeedijzeren hekwerken en in iets mindere mate de betegelde keldervloeren en de Lipskluizen.
Het object heeft architectuurhistorische waarde als onderdeel van het oeuvre van de Nijmeegse architect J.G. Deur (1892-1964), landelijk bekend als restauratiearchitect en ontwerper van vele kloosters en kerken. Na aanvankelijk gewerkt te hebben in de trant van de regionale Amsterdamse School werd Deur, zoals veel van zijn collega’s, in de loop van de dertiger jaren van de 20ste eeuw een fervent aanhanger van de ideologie van Delftse School. Mariënburg 59-60-61 is vergelijkbaar met zijn ontwerp voor het Jozefklooster aan de uit 1930.


Stedenbouwkundige waarde
Het pand heeft een situationele waarde vanwege de ligging in een markante reeks historische
gebouwen die in de oorspronkelijke rooilijn aan de oostzijde van het Mariënburg liggen. Het pand vormt binnen deze monumentale gebogen gevelwand door zijn expressief vormgegeven bouwmassa en verschijningsvorm een sterk beeldbepalend element.


Cultuurhistorische waarde
Het object heeft cultuurhistorische waarde vanwege de verschijningsvorm en de voormalige functie, die een uitdrukking vormen van een maatschappelijke ontwikkeling namelijk de concentratie van bankgebouwen rondom het Mariënburg in het begin van de 20ste eeuw, waardoor dit plein het financiële hart van Nijmegen werd.”

Typerende tegelwand (november 2025)
Typerende tegelwand (november 2025)

Mariënburg

Met een slingerende straat én tevens een soort van plein is de Mariënburg misschien wel een van de straten met…

Bijbank Nederlandsche Bank

De bijbank van de Nederlandsche bank aan de Mariënburg, welke later de spaarbank werd. Architect Salm ontwierp het gebouw in…