Rechts Kronenburgersingel 221, gebouwd als spiegelbeeld van 215, maart 2025 (Google Streetview)
T. van de Poel, R. Eekelder
Op 19 november 1895 verkoopt de gemeente Nijmegen (raadsbesluit 21-9-1895 ) aan J.H. Meulenberg een perceel bouwterrein aan de Kronenburgersingel te Nijmegen groot 3a 61ca, (ter breedte aan de Kronenburgersingel van 13 m.), deel uitmakend van perceel Sectie B nr 1927 (geheel groot 86a 64ca), gelegen ten N., van het reeds op 8 oktober 1895 door J.H. Meulenberg aangekochte gedeelte van dit perceel. Het gekochte te bebouwen met een dubbel woonhuis. (Bron: Notariële akte (koopakte) d.d. 19 november 1895 (waarin opgenomen een situatieschets).
Huisnummer 221 is gebouwd als spiegelbeeld van nummer 215.
Gemeentelijk Monument
Nummer 221 is een gemeentelijk monument met als waardering:
“Voorbeeld van laat-negentiende-eeuwse huizenbouw, vooral van betekenis in samenhang met de overige huizen in de straatwand”
Lees hier verder over het huizenbezit van de Meulenbergs, of ga verder met de bewoners:
Op 17 februari 1897 koopt J.E. Meulenberg van de gemeente Nijmegen het perceel Kronenburgersingel hoek Stieltjesstraat te bebouwen met 3…
Bijlage: Gevonden gebruikers
Op 20 en 21 april zal de veiling van de inboedel plaats vinden (PGNC 17/4/1920)
Naam
Omschr
Adresboek
D. v. ’t Lindenhout
Papierfabrikant
1901, 1902, 1903, 1905, 1907
H.J.P. v. Alfen
Leeraar H. en M.O.; in oktober 1909 vertrekt hij naar Maastricht (PGNC 21/10/1909)
1908, 1909
B. Nachenius
Benjamin Nachenius Benjaminszoon, weduwnaar van A.C. Pronck) overlijdt op 31-10-1915 (PGNC 2/11/1915); afgaande op O.G. Roelofs was A.C. Pronck zijn eerste vrouw
1910-1911, 1912-1913, 1913-1914, 1914-1915
Wed. B. Nachenius
Geb. O.G. Roelofs
1915-1916
H. Lezer
Koopman; in ieder geval woont H. Lezer in december 1918 op dit adres (overlijdensadvertentie Betsy van Zand PGNC 13/12/1918)
1916
E.A. Geidel
Dekenstikster
1922
R.I. v. Gelder
Arts; huidarts met praktijk aan huis; hij vestigt zich rond oktober 1920 (PGNC 9/10/1920)
Kronenburgersingel 217 en 219, september 2013 (Havang(nl), CC0, via Wikimedia Commons) Jacobus H. Meulenberg (24/8/1855), Kronenburgersingel 17, Bevolkingsregister 1890
Op 8 oktober 1895 verkoopt de Gemeente Nijmegen aan J.H. Meulenberg een perceel bouwterrein aan de Kronenburgersingel: groot circa 10a 65ca, (ter breedte aan de Kronenburgersingel van 28 m.) deel uitmakend van perceel Sectie B nr. 1927 (geheel groot 86a 64ca), en wel dat gedeelte van perceel 1927 grenzende aan en gelegen ten Noorden van het gedeelte van gemeld perceel 1927 reeds verkocht aan dokter Mertens bij akte van 20 september 1895. De huisnummers 215, 217 en 219 zijn later via de nalatenschap van J.H. Meulenberg in de nalatenschap van zijn (enige) dochter, Maria Hendrina Meulenberg, terecht gekomen.
Kronenburgersingel 217 is van 1896 tot 1903 bewoond geweest door J.H. Meulenberg.
Daarnaast heeft de jongste dochter van J.E. Meulenberg, Mathilda Maria Francisca (1896-1976) op Kronenburgersingel 27 gewoond heeft. Zie bovenstaande overlijdensadvertentie van haar man Jos Arntz d.d. 11-11-1918. Een droevige affaire: zij waren pas getrouwd op 6-8-1918. Zij hebben daar dus maar heel kort gewoond. Volgens het adresboek 1920 was zij toen alweer bij haar vader op Kronenburgersingel 6 ingetrokken.
Detail: ondertekening van een bericht in De Gelderlander 9/1/1901
In 1901 is Meulenberg onder-voorzitter van De Commissie tot Steun van Werkloozen. Buurman J.J. Hoogenboom is lid van de commissie. Maar daarnaast ook N. van Haaren van Kronenburgersingel 7.
In 1968 ontwerpt architectenbureau Benning de wijziging van de voorgevels, waarbij de panden dan nog de adressen Kronenburgersingel 15, 17 en 19 hebben (D12.470658).
Gemeentelijk Monument
Kronenburgersingel 215, 217 en 219 (en 221) zijn gemeentelijke monumenten met als waardering:
nummer 215:
“Voorbeeld van laat-negentiende-eeuwse huizenbouw, vooral van betekenis in samenhang met de overige huizen in de straatwand.”
Op 19 november 1895 verkoopt de gemeente Nijmegen aan J.H. Meulenberg een perceel bouwterrein aan de Kronenburgersingel. Hierop wordt Kronenburgersingel…
Bijlage: Bewoners
Gebruikers Kronenburgersingel 215
(Deel) van inventaris te koop (De Gelderlander 25/10/1922)
(Deel) van inventaris te koop (De Gelderlander 28/10/1922)
Rond 1931 staat mevrouw S. de Jong regelmatig in advertenties als verkooppunt van loten ten bate van de “Joodsche invalide” (De Gelderlander 16/10/1930, De Gelderlander 2/1/1931, De Gelderlander 18/7/1932)
Kronenburgersingel 15
Naam
Omschr
Adresboek
J.J. Hoogenboom
S.S.; hij kondigt in PGNC 16/9/1902 zijn vertrek aan
1898, 1899, 1901, 1902
B.J.G.W. Beumer
Techniker
1903
B.J. Beumer Jr.
Techniker; Internationaal Technisch Bureau; Hij kondigt zijn vertrek in december 1905 aan in PGNC 29/11/1905
1905
S.M. Beckeringh
1907
H.E. Antink
Gep. Rijksontvanger; Hij vertrekt naar Rheden (PGNC 18/10/1911)
1908, 1909, 1910
J.J. v. Beuningen
Gep. Inspecteur S.S.; dienstbode gevraagd in PGNC 25/9/1912
1912-1913
Y. v. Nooten
1915-1916
Mej. M.E. Jong
1926
Mej. P.C. Mom
1926, 1928
H.S. de Jong
Reiziger
1928
S.H. de Jong
Koopman; H.S. de Jong “koopman” vestigt zich in september 1932 vanuit Eindhoven; in november 1932 vertrek S.H. de Jong en zijn vrouw naar Den Haag (PGNC 12/11/1932)
1932; PGNC 10/9/1932
R. de Graaff en vrouw
z.b., afkomstig uit Groesbeek
PGNC 7/2/1931
H.J.E.M. Tervooren
Procuratiehouder
1934, 1936, 1938, 1940
B.J. Moonen
Afd. chef electr. bedrijf; in 1963 filiaalhouder; in 1968 bedrijfsleider
1948, 1963, 1968
Wed. G.L. Pilger
Geb. W.J.M. Berger
1951, 1955, 1959
H.A. Gudde
1963, 1966, 1968, 1971
Tolhuisen geb Cusiel W
1968
Gebruikers Kronenburgersingel 217
Een bekende bewoner in de jaren 50 en 60 is Dr. L.J. Rogier, Vaderlandse en algemene geschiedenis der nieuwere tijden; zie ook de foto bij het RAN.
Ambt. ter Secretarie van Ubbergen; in februari 1915 gevestigd, hij is dan afkomstig uit Ubbergen (PGNC 14/2/1915)
1915-1916, 1916
Mej. A.Th. de Bruin
Apothekeres
1922
Herder & Geertsma, N.V., aann. En Beton-Mij v.h. de
1934
A.A. v. Leeuwen
Correspondent
1934
Woningvereeniging Zuid Nederland
Advertentie De Gelderlander 21/12/1932; 1934
Th. Baalman
Zonder beroep; Hij komt in februari 1939 hier te wonen, hij is dan afkomstig uit Groningen (PGNC 25/2/1939); Hij overlijdt op 3-2-1941 op 75-jarige leeftijd (De Gelderlander 4/2/1941)
1940
Mej. E.Th.M. v. Romondt
Onderwijzeres, Th. Baalman was haar oom (De Gelderlander 4/2/1941)
Het zogenoemde Doodgravershuisje bij Begraafplaats Daalseweg; gebouwd in 1880 (volgens De Gelderlander 12-7-1972; kerkhof werd ingezegend 24-6-1885), afgebroken juni/juli 1972 (Evert F. van der Grinten via F79170 RAN CC-BY-SA)
Aan de Daalseweg ligt een van de bekendste begraafplaatsen van Nijmegen, ontworpen door architect Weve. In 1885 vindt de inzegening plaats. Vanaf 1948 werd deze grotendeels buiten gebruik gesteld, inmiddels lag hij al midden in de stad. Op de begraafplaats zijn veel bekende Nijmegenaren en oorlogsslachtoffers begraven.
Begraafplaats Daalseweg
De kerkbesturen van de 4 Nijmeegse parochies verzochten B en W op 6-9-1884 om een nieuwe begraafplaats te mogen aanleggen. Daarvoor waren 2 percelen bouwland gekozen, welke buiten de bebouwde kom lagen. Dit was sinds de invoering van de Begraafwet van 10 april 1869 een voorschrift voor nieuwe begraafplaatsen geworden.
Gemeentearchitect Weve heeft de begraafplaats ontworpen. Het eerste ontwerp werd echter door bisschop Godschalk afgewezen, daar deze te ‘frivool’ was. Op 11 februari 1885 schrijft hij dat “Deze teekeningen met hare sierlijke gebouwen en veelvuldige beplantingen al te prachtig en te weelderig” zijn. “Eene kerkhof behoort geen lusthof, maar eene heilige godsdienst ademende plaats te wezen […] alsmede eene sterile of onvruchtbare plaats te zijn”. Ook geeft hij aan dat “de uitvoering […] daarenboven veel te kostbaar geacht wordt”.
Op 24 juni 1885 vindt de inzegening door Mgr. A. Godschalk, bisschop van ’s-Hertogenbosch, plaats. De dag daarop vindt de eerste begrafenis plaats.
Ontwerp Begraafplaats
Een groep doodgravers (suisses en kosters) bij de begraafplaats aan de Daalseweg; de bovenste rij, tweede van links: Jozef Schippersheijn; meest links op de hoek Rijn Schippersheijn; rechts op de hoek Jan van Wijk; links naast Van Wijk de suisse van de St. Petrus Canisiuskerk (Molenstraatkerk) Th. Janssen en P.van Oosterhout van de St. Dominicuskerk ; voor suisse Th. Janssen staat Stal, suisse van de St. Augustinuskerk en daarnaast links Geertsen van de St. Franciscuskerk aan de Doddendaal.
Het ontwerp bestaat uit een geometrisch patroon, waarbij twee grote paden een kruis vormen. Op het kruispunt van deze paden staat een sokkel met een kruis, welke uit 1868 dateert. Langs de twee paden staan rode beuken, die dateren uit de jaren van de aanleg. Deze bloedbeuken verwijzen naar het vergoten bloed van Christus. Parallel aan de dit kruis lopen de andere, rechte paden.
Rijksmonument 522945 begraafplaats, kruiswegstatie V (Simon van Cyrene helpt Jezus het kruis dragen), Daalseweg 198, 2010 (Henk van Gaal via DF833 RAN CC0)
Tegen de westmuur staan vijf neogotische staties van een onvoltooide kruisweg.
Van rechts naar links:
eerste statie: “I STATIE/ JESUS WORDT TER DOOD/ VEROORDEELD”;
tweede statie: “II STATIE/ JESUS NEEMT HET KRUIS/ OP ZIJNE SCHOUDERS” en in de plint: “IN MEMORIAM/ Fam. FELET”;
derde statie: “III STATIE/ JESUS VALT TEN EERSTEN/ MALE ONDER HET KRUIS”;
de vierde statie: “IV STATIE/ JESUS ONTMOET ZIJNE/ LIEVE MOEDER” en in de plint: “IN MEMORIAM/ Fam. HAMER”;
op de vijfde statie: “V STATIE/ SIMON v. CYRENE HELPT/ JESUS HET KRUIS DRAGEN” en in de plint: “IN MEMORIAM/ Fam. F.Th.J.H. Dobbelmann”.
Op het hekwerk staan twee korte teksten: ”Zalig zijn de dooden die in den heer sterven” en ”het is eene heilzame gedachte voor de overledenen te bidden”.
Begraven personen
Bijeenkomst bij het door Oscar Leeuw ontworpen graf van toonkunstenaar Petrus Wilhelmus Jacobus Heydt (13/10/1858 – 28/5/1928) op de Rooms Katholieke begraafplaats, foto gedateerd 1929 (Fotopersbureau Gelderdlander via
F52910 RAN, auteursrechthouder J.F.M. Trum CC-BY_SA)
In totaal zijn er op deze begraafplaats 25.000 personen begraven. Ook liggen 300 slachtoffers van het oorlogsbombardement hier begraven.
De begraafplaats is daarbij “hiërarchisch” van opzet: Langs de paden van het kruispunt liggen de personen uit de “hoogste” klassen begraven. Hier zijn familiegraven te vinden van ondermeer Van Nispen tot Sevenaer, Van Nispen tot Pannerden, Dobbelmann, Terwindt, Veerkamp, Smulders, Randag, Van Rosendael, Bahlmann, Vroom, Dreesmann en Jurgens. Daarnaast liggen er kunstenaars, architecten en andere bekende personen begraven: Weve zelf, Willem Bijlard, Gerard Bruning, Gerardus Buskens, Willem Heijdt, Bernardus Joannes Claase, Cornelis Adrianus Ivens, Henri Leeuw Sr., Oscar en Henri Leeuw, H.A. Euwens, H.M.E. Huijbers, Lidi van Mourik Broekman, Wijnandus Johannes Hermanus van der Waarden en J.R. van der Lans.
Nijmegenaren uit lagere “klassen” werden aan de randen begraven.
Ruiming van de begraafplaats?
In de loop der tijd vond uitbreiding plaats door aankoop van een naastgelegen terrein en door ruiling van een strook grond. Daarnaast werd een aula gebouwd. In 1937 had de begraafplaats een oppervlakte van 31.310 m2. Intussen was de begraafplaats al omringd door de bebouwing van de inmidddels gegroeide stad. De begraafplaats zou in 1940 al gesloten worden, maar bleef tijdens de bezetting in gebruik. Vanaf 1948 werd de begraafplaats grotendeels buiten gebruik gesteld: door de oorlog was de begraafplaats zwaar beschadigd en bovendien waren er geen uitbreidingsmogelijkheden. Veel graven werden geruimd. Alleen in de familiegraven met eeuwigdurend recht konden nog overledenen worden bijgezet. In dat jaar werd het kerkhof aan de Winkelsteegseweg in gebruik genomen.
De aula met beheerderswoning werd in 1972 afgebroken. In de jaren 70 was de begraafplaats sterk verwaarloosd en waren er plannen voor nieuwbouw. Hierop kwamen ‘Stichting ter Behartiging der Belangen van Nabestaanden van Overledenen’ en de nieuwe ‘Werkgroep ‘t (te) behouden kerkhof’ in actie en met succes. In 1994 werd bepaald dat de begraafplaats niet geruimd mocht worden en vanaf 1995 is de begraafplaats weer in gebruik. De stichting en werkgroep zijn verder gegaan als stichting In Paradisum.
Rijksmonument
Beeld van treurende vrouw in de grafkapel van Carolus B.E. Veerkamp (1850-1902), Juliana F.B. Veerkamp- Dees (1818-1891) en Elisabeth A.M. Veerkamp – Terwindt (1853-1904) op de begraafplaats Daalseweg, augustus 2000 (Nico van Hoorn via D855 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)
Het complex is een Rijksmonument. Het begraafplaats bestaat uit: de aanleg, het hekwerk en de muur, de kruiswegstaties en de grafmonumenten van Heukelum, Veerkamp, Smulders, Randag en van Rosendael. De genoemde onderdelen zijn bovendien afzonderlijk een Rijksmonument.
Vanwege de funerair-historische en genealogische waarde van de graftekens (op lokaal/regionaal niveau);
Vanwege het kenmerkende laat 19de-eeuwse karakter van de aanleg en de graftekens;
Vanwege de gevarieerde collectie bomen en heesters deels van hoge ouderdom en/of zeldzaamheid;
Als goede afspiegeling van de Nederlandse Rooms-Katholieke grafcultuur uit de laatste decennia van de 19de eeuw en de eerste helft van de 20ste eeuw;
Als herinnering aan de slachtoffers van het bombardement van Nijmegen op 22 februari 1944 en aan de andere oorlogsslachtoffers die hier liggen begraven.”
Deze pagina verzamelt reeds gemaakte artikelen over de wijk Altrade. Romeins amfitheater hoek Rembrandtstraat-Mesdagstraat In de buurt van Romeinse legerkampen…
Nijmeegse Radio Centrale Van Gentstraat 56-58 (maart 2024)
Architecten Meerman en van der Pijll ontwierpen de verbouwing en uitbreiding van een werkplaats van Gentstraat no 56 voor de Radio Centrale Nijmegen (N.R.C.). En tevens om de bestaande woningen Sweersstraat No 27 en 31 in te richten voor 3 woningen met de hoofdingang der benedenwoning aan de van Gentstraat
Oorspronkelijk gebouw van Gentstraat 56
Plan voor een Houtbewerkingsfabriek a/d Van Gentstraat te Nijmegen (D12.386315)
Het pand is in 1920 gebouwd als Houtbewerkingsfabriek a/d Van Gentstraat te Nijmegen. De adressanten zijn Hofman en Arts (D12.386315). Het dossier is van 7-12-1920. In 1921 wordt er een transformatorhuisje op het terrein gebouwd (D12.386805)
De verbouwing door Meerman en van der Pijll
Plan tot verbouwing van een werkplaats van Gentstraat no 56 in te richten voor Radio Centrale (D12.40037)
In de bovenstaande tekening tot het “Plan tot verbouwing van een werkplaats van Gentstraat no 56 in te richten voor Radio Centrale tevens de bestaande woningen Sweersstraat No 27 & 31 in te richten voor 3 woningen met de hoofdingang der benedenwoning aan de van Gentstraat” (D12.40037). Deze behoort bij bouwaanvraag 30 aug 1933. Waarschijnlijk is deze aanvraag een wijziging op aanvragen voor mei (en januari?) 1933.
De Gelderlander in juli 1931:
“De N.R.C. Uitbreiding. Het Derde Station. Een Model-inrichting.
Naar wij vernemen, vordert de technische uitbreiding van de Nijmeegsche Radiocentrale best. De directie gaat met de vergrooting van haar kantoren en technischen dienst veel verder dan aaanvankelijk in haar bedoeling gelegen heeft. Aan het Architectenbureau Meerman & Co. werd zelfs opgedragen het ontwerp voor een nieuwbouw naast het bestaande gebouw der fa. Hofman, dat indertijd door de directie der Nijmeegsche Radiocentrale werd aangekocht aan de Van Gendtstraat.
De nieuwe technische installatie van de Nijm. Radiocentrale werd een model-inrichting voor Nijmegen. Op initiatief der N.R.C.-directie, welke hier een uitmuntende medewerking kreeg van de N.V. Philips te Eindhoven, wordt hier de meest volmaakte radio-centrale van Nederland opgebouwd.
De N.R.C., welke reeds aan de spits ging der uitzendcentrales in Nederland, troeft zoo de andere met haar nieuw installatie een wonder van technisch kunnen, dat geen centrale de Nijmeegsch vooreerst zal overvleugelen.
Advertentie N.R.C. ( Nijmeegse Radio Centrale) (PGNC 23-10-1937)
Men deelde ons nog mede, dat van haar duizenden abonné’s er nu bijna duizend zijn aangesloten aan het nieuwe net, waarlangs de muziek van drie stations kan worden doorgezonden. De reeds genomen proeven slaagden perfect. Het zal nog eenigen tijd duren voor de N.R.C. kant en klaar is met haar nieuwe installatie.” (De Gelderlander 4/7/1933)
Het is opvallend dat de huidige toestand september 2022 en de “bestaande toestand” bij de verbouwing in 1957 meer lijkt op tekening D12.40036 (zie hieronder). In de tekening voor de bouwaanvraag van 9 mei 1933 was de Sweersstraat nog niet betrokken?
D12.40036 hoort bij bouwaanvraag 9 mei 1933
Sweerssstraat No 27 & 31 (Nu 25-27-29)
N.V. Nymeegsche Radio Central Verbouwing Dienstwoningen in een Beneden en 2 Bovenwoningen thans Gemerkt Sweerssstraat No 27 & 31… Plan van Wijziging”, Datum tekening 30-8-1933 (D12.400038)
Huidige situatie Sweersstraat 25-27-29, september 2022 (Google Streetview)
Verbouwing 1957 (tekening noemt 1-2-1957)
Op basis van “bestaande toestand” lijkt D12.40036 toch de juiste wijziging te zijn.
Verbouwing Nijmeegsche Radio Centrale (N.R.C.) Van Gentstraat 58, September 2022 (Google Streetview) door architecten Meerman en van der Pijll
Aandachtspand
Van Gentstraat 56 en 58 is een “Aandachtspand” op de Gemeentelijke monumentenlijst.
(Overige) Bronnen en Verder lezen
Zie ook het artikel op Noviomagus, met een paar mooie oude foto’s
De Protestants Christelijke Agnes Reiniera-school (voormalige Fröbelschool uit 1920), Groenestraat 210, 1987 (Anton van Roekel via F17767 RAN CCBYSA)
Uit dankbaarheid voor de geboorte van zijn tweeling schenkt Rutgers van Rozenbrug 1.000 gulden aan de vereniging voor het bouwen van de Agnes Reiniera Fröbelschool. Het ontwerp was afkomstig van de kunststeenfabriek “Nederland” van J. Vingerhoets & co.
Vingerhoets
Architect F.J.G. Vingerhoets (1890-1947), die de Agnes en Reiniera Fröbelschool voor kleuteronderwijs in 1920 bouwde, 1942-1947 (F92626 RAN)
Vingerhoets is een Belg en komt het eerst voor als Jos Frans Gustav Vingerhoets in het Vluchtelingenregister 1914-1918. Hij is geboren in Deurne-Zuid (bij Antwerpen; Borsbeek ligt daar vlak in de buurt) op 3 augustus 1890. Als beroep staat dan handelsvertegenwoordiger. Zijn vrouw Maria Fida Dora Ehlers is geboren op 31 juli 1887 te Barsinghausen (in de buurt van Hannover, Duitsland). Hun kinderen Lidia Maria Vingerhoets (12-9-1914) en Karel Ludovicus Franciscus Vingerhoets (22/9/1901) zijn geboren in Borsbeek. Ze vestigen zich op 3-10-1914 in Nijmegen op St. Annastraat 301(?) Ze zijn dan afkomstig uit Fromwaijstraat 136, waar ze sinds 1912 hebben gewoond. Hun dochter Lidia is dus net een paar weken oud; Karel komt op 10-10 zeer kort naar Nijmegen en vertrekt op 2-11-1914 weer naar Deurne-Zuid. Opvallend daarbij is dat hij afkomstig is van de Herenthalschebaan 478(?), waar hij sinds 1908 woont.
Uit het Gemeenteverslag over 1917: “De directie der kunststeenfabriek “Nederland” J. Vingerhoets en Co. alhier meldt:
Het bedrijf bestaat in het vervaardigen van alle soorten kunstmatige natuursteen, zooals hardsteen, graniet, marmer, zandsteen en in het uitvoeren van gewapend betonwerken, welke aan bijzonder eischen moeten voldoen.
In het afgeloopen jaar werd door onze firma voor vele aanzienlijke bouwwerken hier te lande de kunstmatige natuursteen geleverd, onder meer voor den kazernebouw te Maastricht onder Directie van de Genie, voor de M.U.L.O. school en de Electrische Centrale alhier.
De productie was 100% grooter dan in 1916. De laatste drie maanden van het jaar verminderden de opdrachten, daar er bijna geen bouwwerken konden worden aangevangen wegens schaarschte aan bouwmaterialen en duurte der prijzen.
Het aantal onzer werklieden bedroeg in de maanden Juli-Augustus 30, om de laatste maanden te verminderen tot 17.
De benoodigde grondstoffen voor ons bedrijf hebben wij steeds kunnen betrekken. “
Het Gemeenteverslag over 1918 meldt dat de fabriek werkt met 30 man en dat haar productie steeg met 80%. “Slapte in het bouwbedrijf en moeilijkheden bij het verkrijgen van grondstoffen verhinderen de ontwikkeling van het bedrijf”.
Advertentie PGNC 4/5/1918
Op 2-9-1919 richten 4 personen de vennootschap Kunststeenfabriek “Nederland” op:
Franciscus Josephus Gustave Vingerhoets, fabrikant te Nijmegen
Ewout Hoogendijk v. Cappelen, koopman te Gouda
Gerard Theodore Etienne Marie van Veen, architect ‘s-Gravenhage
Cornelis Adriaan Hoogterp, ingenieur te ’s-Gravenhage
Het doel is de door Vingerhoets gedreven Kunststeenfabriek voort te zetten. (De Gelderlander 4/9/1919)
Cornelis Adriaan Hoogterp
Ingenieur Cornelis Adrianus Hoogterp (Leeuwarden 17 oktober 1893 – Amsterdam 1 juni 1962) woonde rond 1921 op Dorpstraat 3 in Hees (villa Klambir Lima) (Noviomagus).
Wanneer Vingerhoets in 1920 naar Duitsland vertrekt, zal Hoogterp het bedrijf nog tot 1924 voortzetten. Daarbij is de Stenen Bank uit 1922 een van de belangrijke ontwerpen. Daarna werden de loodsen gebruikt voor opslag- en garageactiviteiten om in 2008 te worden afgebroken. Hiervoor kwamen woningen in de plaats.
De Stenen Bank noemt Dorpsstraat 88, de voormalige stallen van Oscar Carré, als plaats van de fabriek, waarbij ze kantoor hield aan de Mariënburg. Hoe deze adressen zich verhouden tot de door mij (RE) gevonden advertenties is nog niet bekend. Een van de ontwerpen is verder de monumentale trap in Concertgebouw ‘De Vereeniging’.
Agnes Reiniera Bewaarschool
Bouwtekening Fröbelschool (Kleuterschool) D12.386090; de berekening voor de betonconstructie vindt plaats op papier van de Kunststeenfabriek “Nederland” Vingerhoets & co (D12.386089)
Jonkheer Rutgers van Rozenburg gaat in 1915 wonen op huis Dukenburg, waarbij hij dan uit Zeist afkomstig is. In 1916 trouwt hij met Agatha Schlingemann. Zij krijgen op 13 januari 1918 een tweeling: Agnes en Reiniera. Uit dankbaarheid geeft Rutgers van Rozenbrug 1.000 gulden aan de vereniging voor het bouwen van een “goede Christelijk school” (Rijksmonumenten). De school zal vernoemd worden naar deze tweeling.
De voorzitter van deze vereniging was de dominee Creutzberg, wonend op de Oude Wehme aan het Kerkpad, vlakbij de steenfabriek. Een uitgebreid artikel over de dominee staat in de Stenen Bank van december 2013, tevens bron van onderstaande paragraaf.
Dominee Creutzberg
Jelis Jan Creutzerg (Arnhem 9 juli 1879 – Den Haag 5 februari 1951)
In 1918 werd hij geroepen naar Hees-Neerbosch. Daarbij bediende hij aanvankelijk een protestantse gemeenschap van enkele honderden leden. Zijn belangrijkste werkterrein zouden echter de wijken Willemskwartier en Hazenkamp vormen. Deze wijken kwamen vanaf 1900 volop tot groei, doordat er duizenden huizen werden gebouwd voor de (fabrieks)arbeiders van nieuwe bedrijven.
Creutzberg moest daarbij toezien hoe de Rooms-katholieke kerk zich hier manifesteerde, er was al een grote nieuwe kerk op de groei gebouwd (de Groenestraatkerk), scholen werden opgericht en geestelijken brachten huisbezoeken.
Vooral het oprichten van scholen vindt hij belangrijk: ““God wil het – dat ook in de school het zuurdeeg van het Evangelie doorwerken zal.” Het oprichten van de Agnes-Reiniera Bewaarschool zou zijn eerste “wapenfeit” worden.
Op 17-7-1920 meldt het PGNC: “Het bestuur der Agnes-Reiniera-bewaarschool te Hees heeft aan het Architecten- en Ingenieursbureau Vingerhoets en Hoogterp te Hees opgedragen den bouw van een bewaarschool, gelegen aan de Groenestraat.
De school zal vier lokalen bevatten en zeer velen uit de omgeving aldaar zullen van dezen bouw met blijdschap kennis nemen, daar het een zaak is, waarnaar reeds lang met groot verlangen werd uitgezien.” (PGNC 17/7/1920)
Zowel de bouwtekening (zie hierboven) als het verzoek voor het plaatsen van 2 tijdelijke loodsen voor de bouw van de school gebeurd op briefpapier van de Kunststeenfabriek “Nederland”.
Bij de opening van de Bewaarschool
Groepsfoto kleuters van de Agnes en Reiniera Fröbelschool. Midden achter (met bril) het hoofd A. van Bohemen, Groenestraat 210, 1929 (F92624 RAN)
Het PGNC publiceert een uitvoerig artikel naar aanleiding van de opening. Zij noemt Reiniera dan echter Reiniers; in het onderstaande stuk heb ik (RE) de naam veranderd tot Reiniera:
“De nieuwe Bewaarschool aan de Groenestraat.
Aan de Groenestraat is verrezen en eenige weken geleden in gebruik genomen een bewaarschool, die daar een sieraad is voor de omgeving en bovendien in een sinds lang gevoelde behoefte voorziet. Het is de Protestantsche Agnes Reiniera-Bewaarschool en had het bestuur niet zelf in den naam der school de ouderwetsche aanduiding gekozen, wij zouden in den titel dezen liever van Fröbelschool of School voor Voorbereidend Onderwijs gesproken hebben. Immers, de taak die deze inrichtingen tegenwoordig hebben gaat veel verder dan het uitsluitend ‘bewaren’ van de kinderen, en ook de eischen, welke aan hen worden gesteld die zich onderwerpen aan het examen ter verkrijging van de bevoegdheid tot het geven van fröbel-onderricht bewijzen dit. Over de vraag of het al dan niet gewenscht is dat elk kind vóór het zijn intrede doet in de lagere school minstens een jaar leert stil zitten en knutselen zijn de deskundigen het niet eens en waar het individu van het kind in kwestie in dezen een woord meespreekt zal de vraag in haar algemeenheid wel nimmer met ja of neen kunnen worden beantwoord. Maar in elk geval zijn de omstandigheden in menig gezin van dien aard dat de moeder de aanwezigheid in den omtrek van hare woning van een goede bewaarschool als een uitkomst beschouwt en zich niet het hoofd breken met de vraag of haar kleine straks met of zonder fröbelonderricht zijn eersten stap in het leven moet doen, gaarne de praktische zijde een groot gedeelte van den dag aan anderen zorg te kunnen toevertrouwen.
Voor het Willemswegkwartier was een protestantsche bewaarschool, gelijk hierboven reeds gezegd, een sinds lang gevoelde behoefte. Er zijn daar reeds nu 400 protestantsche gezinnen, een aantal, dat zich over eenigen tijd, wanneer de nieuwe woninggroep daar gereed is, nog aanmerkelijk gaat uitbreiden. De nieuwe school nu staat in het volle leven van genoemd kwartier, zoodat daarmede de moeilijkheid van het halen en brengen der kleinen meteen is opgelost. Bovendien is de school nieuw gebouwd en voortreffelijk ingericht, zonder dat nochtans van luxe of iets wat naar overdaad zweemt kan worden gesproken. In hygiënisch opzicht is wel aan hooge eischen voldaan en de eerste eigenschap van een inrichting als deze is dus een goede.
De school is gebouwd door den heer C.H. Hoogterp, ingenieur te Hees. Bij het ontwerpen van de school heeft als grondgedachte gegolden, dat de architectuur zich aan moet passen aan de aard van het gebouw en getracht moete worden aan het gebouw een eenigzins landelijk, voor kinderen aantrekkelijk karakter te geven. De kap is daarom en ook om economische redenen laag gehouden, waaruit, in verband met de wettelijk gestelde eischen voor hoogte van schoollokalen, de lokalen een gewelfd plafond kregen, hetgeen aan deze meer huiselijkheid verleenen. Om het interieur voor kinderen meer aantrekkelijk te maken is eenig decoratief schilder- en beeldhouwwerk aangebracht.
Van buiten zoowel als van binnen gezien maakt de school een keurigen indruk en et komt ons voor, dat de architect volkomen geslaagd is in de vervulling van zijn opdracht. Het gebouw met zijn ruim terras vóór, waarop een betonvloer voor spelen, en zijn groot grasveld achter, alles afgesloten door een frisch, wit hek, doet eer denken aan een vriendelijk landhuis dan aan een school. Er zijn, behalve eenige kleinere vertrekken, vier schoollokalen, tezamen plaats biedend aan 160 kinderen. Thans bedraagt het aantal leerlingen reeds ruim 100.
De Protestantsche Agnes Reiniera Bewaarschool bedoelt te zijn een neutrale school, toegankelijk voor kinderen van alle gezindten. Het dagelijksch bestuur van de vereeniging, waartoe de school behoort, wordt gevormd door mevr. Hoyer, mevr. Krudop en mevr. Rutgers van Rozenburg. Als directrice treedt op mej. E. van Bohemen. Tot den bouw van de school heeft ds. Creutzberg te Hees den stoot gegeven en het bereikte resultaat zal hem ongetwijfeld tot een groote voldoening zijn.
Intusschen is voor het totstand komen van deze school een groot kapitaal noodig geweest. De vereeniging is er in geslaagd het benoodigde bedrag met een leening en hypotheek op het gebouw bijeen te krijgen. Intusschen zal zij zonder hulp van Rijk en Gemeente op den duur niet kunnen voorzien in de hooge exploitatiekosten der school. Er zijn hier ter stede geene openbare bewaarscholen; de gemeente subsidieert de bijzondere bewaarscholen met f7,50 per leerling. Het zal zelfs een leek op dit gebied duidelijk zijn, dat dit te eenenmale onvoldoende isom daaruit de kosten aan onderwijzend personeel, leermiddelen, onderhoud van het gebouw enz. zelfs slechts ten deele te bestrijden. Aan Rotterdam b.v. kosten de openbare bewaarscholen f86 per leerling, terwijl het den bijzondereren bewaarscholen f84 (8 of 3: moeilijk leesbaar, gezien de context is het waarschijnlijk 8) subsidie per leerling verstrekt. Vandaar dat alle hoop gevestigd is op de aanneming door de Staten-Generaal van het wetsontwerp inzake het Voorbereidend Onderwijs, dat een financieele regeling in het vooruitzicht stelt, welke vereenigingen als de hierbedoelde in staat stelt haar werk voort te zetten. Voor de bewoners van het Willemswegkwartier, die buitengewoon ingenomen zijn met hun bewaarschool en deze feitelijk niet meer zouden kunnen missen, hopen wij van harte dat spoedig het voortbestaan gedurende een lange reeks van jaren voor de Agnes Reiniera Bewaarschool verzekerd zij.
Het bestuur der school is voornemens op een ander te bepalen dag in de maand Mei eene receptie te houden voor de plaatselijke autoriteiten en allen die aan de totstandkoming van de school hebben mede gewerkt. Het zal verder in genoemde maand gaarne iederen belangstellende gelegenheid geven de school te bezichtigen, mits tevoren even het verlangen daartoe is kenbaar gemaakt aan de directrice, mej. van Bohemen, of bij mevr. Krudop, Dennenstraat 8 te Hees.” (PGNC 19/4/1921)
In 1925 is er een tweedaags bazar in de Wijkzaal aan den Hazenkampschenweg ten bate van de school. “Deze bewaarschool is bijkans overbevolkt, maar door het ontbreken van voldoenden steun van overheidswege houdt de stand der geldmiddelen geen gelijken tred met den bloei der school ten opzichte van het leerlingengetal. Vandaar, dat versterking der inkomsten uit de opbrengst van deze bazar zeer wenselijk is. Nu, de oproep om steun daarvoor is niet onverhoord gebleven.” (PGNC 25/3/1925)
Vervolg
Personeelsadvertentie: Gevraagd een ontwikkelde meisje (PGNC,16-2-1924)
De Hazenkamp
Van 1934 tot 1944 huurt de sportvereniging de Hazenkamp ruimte in de Bewaarschool. Deze vereniging was overigens in 1928 mede door Creutzberg opgericht. (Een huuroverenkomst is te vinden op site van de Hazenkamp, daarin staat overigens het jaartal 1936). In 1944 was de school dusdanig overbezet geweest, dat de Hazenkamp op zoek moest naar een nieuw gebouw (De Hazenkamp, 1965).
Verbouwing Oswald
In 1960 is het pand in onder meer de gevels gewijzigd naar ontwerp van F.M. Oswald.
Einde school, leegstand en kinderopvang
De school blijft tot in 1988 in gebruik, daarna verhuizen de kinderen naar de school in de Tollensstraat. Het gebouw komt dan leeg te staan.
In juli 1998 vestigt Kinderopvang de Tweeling zich in het gebouw.
Rijksmonument
Het gebouw is een Rijksmonument met als waardering:
“Voormalige fröbelschool uit 1920 in een stijl beïnvloed door het expressionisme.
– Van architectuurhistorische waarde als zeldzaam voorbeeld van een school, gebouwd in de vorm van een winkelhaak. Tevens van waarde vanwege de toegepaste bouwstijl en materialen.
– Van stedebouwkundige waarde vanwege de teruggelegen ligging op een zeer ruim perceel aan de overigens dichtbebouwde Groenestraat.
– Van cultuurhistorische waarde als voorbeeld van een school gesticht met privé-kapitaal naar aanleiding van – in dit geval – de geboorte van een tweeling.”
In 1890 ontwerpt architect Maurits dit complex van 4 woningen.
Gemeentelijk Monument
Ingang Oranjesingel 9 (oktober 2024)
Het complex is sinds 1988 een Gemeentelijk Monument, met als tekst bij aanwijzing: “Complex van vier woningen. Als 1 blok ontworpen gebouw met drie bouwlagen van baksteen en geschilderde banden en blokken. Gedekt met zadeldaken met verschillende bedekking. In de gevel zijn vier risalieten aangebracht, die eindigen in een getrapte topgevel, met zadeldaken loodrecht op de gevel.Op de eerste etage hebben de eerste en de derde risaliet een houten erker op natuurstenen consoles: die bij nr. 7 is gewijzigd, die van nr. 3 heeft nog de oorspronkelijke bedaking, ver uitstekend op houten sporen. Ramen op de begane grond zijn laag, met boogvormige bovendorpel. Op de eerste etage zijn rechte kozijnen met daarboven boogvormige velden waarin afwisselend decoratieve tegelpanelen en cementen ornament. Ramen op de tweede verdieping hebben segmentbogen boven rechte kozijnen. Op de hoek links bevindt zich een overhoeks geplaatst torenachtig element, overkragend vanaf de eerste verdieping, eindigend in een houten dakkapel tegen een torenspits. De dakkapellen hebben een uitstekend leien dak naast de topgevels; bij nr.3 en 7 bevinden zich later toegevoegde brede dakkapellen. Voordeuren met gepleisterde omlijsting; bovenlichten met balusters; frontons. Bouwjaar 1890. Architect: W.J. Maurits. Interessant voorbeeld van als 1 geheel ontworpen straatwand die meerdere woningen bevat. Van groot belang voor het straatbeeld van de singel.”
Oranjesingel 3
Het Bureau voor Werkende Studenten, 5 maart 1951, Oranjesingel 3 (GN5541 RAN)
Hieronder staan de tot nu gevonden gebruikers weergegeven. Er is echter wel een slag om de arm nodig, aangezien er veranderingen in huisnummer kunnen zijn geweest:
Advertentie Rotterdamsche Hypotheek Bank, met als adres F.J.A. van Vollenhoven, Oranjesingel 3 (PGNC 26/2/1901)
Oranjesingel 3 (Bron: Google Streetview, September 2022)
Tegen een grote rij huizen staat nog kleine gebouwtje: Oranjesingel 1. Wat is dat kleine gebouwtje nu eigenlijk? (Spoiler alert: een berging)
Ook op de bouwtekening van 1926 was het pand al aangeduid als “schuur”: Zie de tekening hieronder. https://app4.nijmegen.nl/DGD2/BouwArchief/Documenten/0268200000033636?zaakDossierId=B12.005512 Dit is het bouwarchief van Oranjesingel 3, het grote huis ernaast van welke het de berging was. Ook komt dit gebouwtje voor op een bouwtekening van 1909 ten aanzien van de aanleg van riolering, er wordt dan niet bij vermeld wat het is.
Bouwtekening 1926
Ook bij de verbouwing van 1977 was het gebouwtje een berging.
Dit pand kwam een aantal malen voorbij op Twitter en op Facebook:
Twitter: Hans van Meteren had al uitgevonden dat het een berging is geweest bij de verbouwing van 1977. Daarbij noemde een persoon in een reactie dat dit de personeelsingang was. De combinatie van “berging” en “personeelsingang” is natuurlijk mogelijk, aangezien dit deel met de spreekkamer in verbinding stond
Facebook (Nijmegen Toen en Nu), Thea Kersten: “In dat enorme huis heb ik een aantal jaren gewerkt bij een notaris….in de 70 jaren…de benedenverdieping en op de 3de verdieping…enorme trappenhuis…prachtig!…maar niet in dat kleine opberghuis. Ik denk dat daar de kachel instond voor cv”, Het betreft hier notaris Hoge.
Op Facebook “Nijmegen toen en nu” wordt het door iemand genoemd als : “het was een slaapkamer grenzend aan de andere kamer en deels opslaghok voor de klusjesmannen”
Het voormalig Evangelisatiegebouw van de Gereformeerde Kerk (voorheen het Sliedrechter Kerkje) voor de Hervormde werknemers van Smit Transformatoren, architect van der Pijll, datering foto 1987 (Anton van Roekel via F17775 RAN CC-BY-SA)
Het voormalig Evangelisatiegebouw van de Gereformeerde Kerk (voorheen het Sliedrechter Kerkje) is ontworpen door architect van der Pijll. Het was als dusdanig in gebruik van 1929-1964.
Willemsmithistorie.nl: “In 1913 kwamen er een aantal gereformeerde medewerkers van Smit Slikkerveer naar Nijmegen om daar mee te helpen de transformatorenfabriek op te starten. Een aantal medewerkers bleef Smit Transformatoren trouw en ging niet meer terug naar Slikkerveer.”
Dit gebouw was vanaf 1929 in gebruik (Relikwi). Het gebouw is buiten gebruik gesteld in 1964: de Gereformeerde Maranathakerk aan de Steenbokstraat werd toen in gebruik genomen. Het heeft ook gediend als bioscoop.
Nadat het buiten gebruik was gesteld, zaten bedrijven in het gebouw. Het gebouw is rond juli 2008 gesloopt (Noviomagus).
Straatbeeld, beginjaren zestig, gezien in de richting van de St. Annastraat, met rechts, op nummer 263, het Evangelisatiegebouw van de Gereformeerde Kerk uit 1929 van architect J. van der Pijll, gesloopt rond 2008, 1960-1961 (Gemeentepolitie Nijmegen via F88406 RAN CC0)
Plan tot het verbouwen van een woonhuis tot winkelhuis van een perceel gelegen aan de Weurtscheweg Kad. Bekend Gem. Neerbosch Sectie A No 808, Eigenaar J.P. Jansen, datum bouwdossier 7-10-1924 (D12.389161)
Wanneer de Weurtseweg 83-85 is gebouwd, is nog niet bekend. Dan bestaat het gebouw uit een beneden- en bovenwoning (83 respectievelijk 85).
In ieder geval vindt in 1913 de aanleg van de riolering plaats. Dan is de eigenaar J.P. Jansen (D12.384512) en de bouwkundige J.H. van Benthem.
Indeling Plan tot het verbouwen van een woonhuis tot winkelhuis van een perceel gelegen aan de Weurtscheweg Kad. Bekend Gem. Neerbosch Sectie A No 808, Eigenaar J.P. Jansen (?), datum bouwdossier 7-10-1924 (D12.389161)
In 1924 volgt de verbouwing tot winkelhuis. Dan is J.P Jansen nog steeds de eigenaar; de handtekening van de bouwkundige is moeilijk leesbaar. Hierbij wordt de voorkamer en een deel van de gang verbouwd naar een winkel. De 2 ramen aan de voorkant wordt 1 groot raam.
Advertentie opening Kruidenierszaak ’t Witte Paard van A.A. Jansen, Weurtseweg (De Gelderlander 7/11/1924)
Advertentie “In ’t Witte Paard”, Weurtseweg (De Gelderlander 4/12/1924)
In november 1924 volgt de opening van Kruidenierswinkel “’t Witte Paard” van A.A. Jansen, soms ook met 2 s-en geschreven. Ook in 21/1/1925 komt nog een advertentie voor.
G. Rebel
In het Adresboek 1928 komt op de Weurtsche weg 83 G. Rebel voor, met als beroep “schilder”. Gerbert Rebel, schilder. Hij wordt in 1928 failliet verklaard (PGNC 10/4/1928). Of de “schilder” G. Rebel dezelfde is als degene die een kaashandel begint (of mogelijk een familielid, bijvoorbeeld vader-zoon), is nog niet bekend. In 1929 verhuist “De Hollandsche Kaasboer” van G. Rebel naar Bloemerstraat 84.
In het Adresboek van 1928 staat, wanneer G. Rebel voor komt op nummer 83, J.P. Jansen op nummer 85 (oftewel de bovenwoning).
(Het is mogelijk dat Rebel juist in de tussengelegen jaren hier zijn kaashandel heeft gehad. Een moeilijkheid is dat Jansen soms geschreven wordt met 1 of 2 ss’en. En zo komt er ook een C. van Willigen, bedrijfsleider, voor op nummer 83 in het Adresboek 1922.)
In ieder geval zal “De Hollandsche Kaasboer” van G. Rebel in 1929 verhuizen naar de Bloemerstraat 84.
Advertentie De Hollandsche Kaasboer G. Rebel opening Bloemerstraat 84 (De Gelderlander 8/1/1929)
A. Janssen
Daarna worden er weer meldingen in Adresboeken en advertenties van Jans(s)en voor.
Onder andere in een nieuwjaarswens A. Janssen van “’t Kaashuis” in De Gelderlander 31/12/1931, De Gelderlander 31/12/1932.
Ook zijn er meldingen gevonden in De Gelderlander 15/12/1934, PGNC 5/1/1935, PGNC 31/12/1936, melkslijter (Adresboek 1932, 1934, 1936, 1938). Ook na de Tweede Wereldoorlog komt A. Janssen voor: in de Adresboeken 1948, 1951, 1955 als melkslijter-winkelieder levensmiddelen; als winkelier in 1959 en 1963 en onder de kop “Levensmiddelen” in 1966.
Vervolg
Weurtseweg 83-85, augustus 2023 (Google Streetview)
Wanneer de winkel opgehouden heeft te bestaan, is nog niet bekend. Na de oorlog zijn in ieder geval de volgende gebruikers gevonden (dus ook ten tijde van Janssen):
Mw. B. Cornelissen 1959
Mw. H.F.M. Mooren, dienstbode 1963
H.M.T. Pols 1971
Tegenwoordig (juli 2025) is ook het benedengedeelte weer een woning.
Het pand van F.J. van Pelt, oliën en vetten (nr. 47), gezien vanaf de Priemstraat. Links naar de Oude Haven, 1952 (Fotopersbureau Gelderland via F19047 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
Op de Lage Markt 47 zijn alweer jarenlang horeca zaken gevestigd. In dit pand heeft vele jaren de Firma F.J. van Pelt gezeten, welke machine-onderdelen, gas en lasbenodigheden verkocht. Het bedrijf werd echter in 1785 opgericht als apotheek.
Advertentie Emser pastilles, verkrijgbaar bij F.J. van Pelt (PGNC 8/2/1871)
F.J. van Pelt werd in 1785 als apotheek opgericht. “In die tijd verkocht Van Pelt ook al oliën en vetten, drijfriemen, appendages, carbid, teerproducten, pakkingen en rubber.” (Turntech)
Ferdinand Jan vn Pelt, apotheker, op Lage Markt D No. 18, Bevolkingregister 1880
Welke F.J. dit is, is mij (RE) nog onbekend. Wel is er een Ferdinand Jan van Pelt op Nijmegen D224 Lage Markt in het Bevolkingsregister van 1820. Of dit het huidige Lage Markt 47 is, is mij eveneens niet bekend. Van Pelt is “apothecar” van beroep en 24 jaar oud. Ook is er in het Bevolkingsregister van 1880 een Ferdinand Jan van Pelt, geboren op 29-8-1815 met als beroep “Apotheker”, dan op Lage Markt D. Nr. 18. Hier heeft het “blauwe potlood” op een later tijdstip in de Aanmerkingen “47” geschreven.
In ieder geval is het in een advertentie in De Gelderlander 12/2/1897 Firma F.J. van Pelt.
Op 28-1-1908 krijgt Firma T.J. van Pelt, vergunning voor het ”oprichten van eene door gaskracht gedreven inrichting voor het bereiden van verf en het maken van specerijen in het perceel aan de Lage Markt No. 47, Kadastraal bekend Nijmegen, Sectie C, No. 5878”. (PGNC 4/2/1908)
Drogisterij Firma F.J. van Pelt
Advertentie Firma F.J. van Pelt, Lage Markt No. 47 en K. Hezelstraat No. 21 (De Gelderlander 26/11/1911)
De Firma F.J. van Pelt plaatst in De Gelderlander 26/11/1911 een advertentie. In ieder geval is het op dat moment een drogist. Met naast de Lage Markt No. 47 de K. Hezelstraat No. 21 als adres.
In ieder geval lijkt rond 1912 alleen de naam Firma F.J. van Pelt naar de familie van Pelt te verwijzen: dan staat W.A. v. Koolwijk, Drogist op dit adres, in ieder geval tot en met Adresboek 1920. Daarnaast komt Firma F.J. van Pelt voor op Stikke Hezelstraat 28.
Wilhelm Antoon van Koolwijk
W.A. v. Koolwijk betreft Wilhelm (soms Wilhelmus) Antoon van Koolwijk (17-4–1877 Ewijk). Hij is de zoon van Henricus van Koolwijk Hendrikzoon (1826 Ewijk – 26-7-1899) en Hendrica Bonaventura Hubertina van Pelt (14-7-1841 Nijmegen – 1922). Zijn vader was van 1879-1898 burgemeester van Koolwijk en daarnaast rentmeester van Doddendaal. Van Koolwijk en van Pelt zouden 6 kinderen krijgen (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis; overlijdensadvertentie van Koolwijk De Gelderlander 27/9/1899). (Hoewel nog niet verder onderzocht welke familieleden van Koolwijks het exact betreft, zullen de van Koolwijks die in het Bevolkingsregister in 1880 bij de van Pelts voorkomen waarschijnlijk geen “dienstbode” zijn uit armoede).
Zijn moeder komt als weduwe tijdelijk inwonen: van 21-11-1917 wanneer ze afkomstig is uit Appeltern, tot 25-2-1918 wanneer ze verhuist naar Elisabeth’s Rustoord in Grave. Zij zal in 1922 komen te overlijden.
In het Bevolkingsregister komt hij van Koolwijk voor met als beroep “drogist”. Het adres is L. Hezelstraat 113, welke op een later tijdstip (1-1-1921) is doorgehaald en vervangen door v. Oldenbarneveldtstraat 24. Van Koolwijk is getrouwd met Louis Francisca Johanna Terwindt (29-4-1877 Pannerden)
Het particulier adres van van Koolwijk is volgens de Adresboeken tot 1916 Kerkstraat 80, daarna tot 1920 Oldenbarneveldtstraat 24; waarschijnlijk is een verhuizing naar de Kerkstraat niet in het Bevolkingsregister doorgekomen.
Drogisterij
Een mooie, oude pui van een winkel die onder andere Persil verkoopt. Het pand bestaat anno 2022 nog maar de houten pui is verdwenen. Links zien we nog een deel van de winkel van van Pelt die op reclame-uitingen zijn winkel de aanduiding meegaf: “Drogerij, specerijen en verfwaren”, Lage Markt 49 -53, 1915- 1925 (F19020 RAN)
Ook in De Gelderlander 24/4/1920 is het nog een drogisterij op dezelfde 2 adressen, wanneer het Van Pelt’s Haarwater aanprijst: “Geen grijze haren meer!”
In het Adresboek 1914-1915 staan meerdere advertenties van de Nijmeegsche Oliehandel “WEKA”, firma F.J. van Pelt, Lage Markt 47. Onder andere:
Collingspatentas-olie
Drijfriemen, Kernleder, Chroomleder, Kameelhaar, Balata en Katoen
Machinepakking “Asbest”, Gummi- en Klingerith-plaat, enz.
Centrifuge-oliën
Consistentvet, Wagenvet, Vaseline, Leder- en Hoefsmeer
Diverse Auto-oliën
Diverse Russische machine-oliën
Rond 1922 is er mogelijk “iets” gebeurd:
Dan komt op de Lage Markt de Nijmeegsche Oliehandel “WEKA” Firma F.J. van Pelt voor (1922); en tevens als “drijfriemenfabriek” (in ieder geval van 1922- 1938). Daarnaast Machine-onderdeelen-depôt N.V. G. Dikkers & Co., Hengelo (1928, 1932) en Machinekamer-behoeften (1932, 1947)
Op Stikke Hezelstraat 30 is vanaf 1922 J.H.L.H. van Pelt, apotheker te vinden. Wat de relatie tot van Koolwijk of de Firma is, is niet bekend.
advertentie Dikkers afsluiters Firma van Pelt (De Gelderlander 17/11/1928)
Op de opslagplaats is op F19020 nog te lezen: “Auto-oliën”. Waarschijnlijk staat er op de gevel een verwijzing naar: “Machine-onderdeelen-depôt N.V. G. Dikkers & Co., Hengelo. Fa. F.J. v. Pelt, Lage Markt” (Adresboek 1928).
De laatste tot nu toe gevonden vermelding van de Lage Markt als (tevens) een “drogerij” is in Adresboek 1924. Echter: Firma F.J. v. Pelt komt met een advertentie voor “Glansverf” zowel voor op Lage Markt No. 47 als Korte Hezelstraat 28 in De Gelderlander 16/7/1927.
In 1948 en 1966 komt de Firma voor als lasbenodigdheden en gasverkoper.
Gas
De opslagplaats van de firma F.J. van Pelt, Lage Markt 49, 1955 (F19561 RAN)
Het binnenplaatsje van de Oliehandel Van Pelt , met de verborgen St. Antonispoort, Lage Markt, 1960 (Fotopersbureau Gelderland via F19044 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
“Gevestigd aan de Lage Markt 47 in Nijmegen werden rond 1930 de eerste gasflessen verkocht met o.a. zuurstof van Hoek’s Oxigenium en Shell Propaan gasflessen. Later kwamen daar andere technische en medische gassen bij.” (Turntech)
Een foto “Firma van der Pelt (zaak in butagas flessen)” uit 1970 is te zien op F63939 RAN
Naam
Omschrijving
Adres
Gevonden Adresboeken
F.J. van Pelt
Apotheker
Lage Markt, 18
1887
W.A. v. Koolwijk
Drogist, firma F.J. van Pelt
Lage Markt 47, part. Adres: Kerkstraat 80, Hees; ook onder “Drogerijen en ververijen”
1912-1913, 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916
Firma F.J. van Pelt
Lage Markt 47 en Stikke Hezelstraat 28
1913-1914, 1914-1915, 1915-1916, 1916
W.A. v. Koolwijk
Drogist, firma F. J. van Pelt
Lage Markt 47, part. Adres. V. Oldenbarneveldstraat 24
1916, 1920
Firma F.J. van Pelt
Drogerijen
Lage markt 47
1922, 1924
Nijmeegsche Oliehandel “WEKA” Firma F.J. van Pelt
Importeurs en Fabrikanten van Machine Oliën en Vetten -Machinepakking en Appendage
Lage Markt
1922
J.H.L.H. van Pelt
Apotheker
Stikke Hezelstraat 30
1922, 1924, 1930, 1932
Fa. F.J. v. Pelt
Drijfriemenfabriek; 1928: (Chroom en Kern)
Lage markt 47
1926, 1928 (ook 47a), 1932, 1934, 1936, 1938
Fa. F.J. v. Pelt
Machine-onderdeelen-depôt N.V. G. Dikkers & Co., Hengelo
Lage Markt
1928, 1932
Fa. F.J. v. Pelt
Machinekamer-behoeften
Lage Markt 47
1932, 1947
Firma F.J. van Pelt
Lasbenodigdheden Zuurstof-Gas-Carbid Reduceerventielen Slangen; 1966: Specialisten op Lasgebied, Hoofddepot: Shell-Propagas-Zuurstof en Gas
Lage Markt 47
1948, 1966
Verhuizing
“Van Pelt verhuisde in 1974 naar de Hogelandseweg 3 te Nijmegen waar het gassenassortiment fors uitgebreid kon worden. Van Pelt was in de jaren erna Hoekloos gasdealer. Hoekloos werd overgenomen door Linde Gas en vanaf dat moment was Van Pelt Gas verkooppunt van Linde Gas.
In 2010 werd de firma overgenomen door H. Post Nijmegen en verhuisde naar de Hogelandseweg 25 in Nijmegen. Op de Hogelandsweg 25 heeft van Pelt in 2011 een nieuw gasdepot geopend met meer ruimte voor de technische gassen. Daarnaast kreeg het een eigen propaan gasvulstation zodat eigen gasflessen ge- en hervuld konden worden.”
Per 1-1-2024 is Van Pelt Gas overgenomen door TurnTech BV. (Turntech)
Vervolg: horeca de Firma en Ultimo
Het vervolg is nog niet uitputtende onderzocht. Wel hebben er na de verhuizing van van Pelt een aantal horeca zaken in het pand gezeten. Een bekende was de “Firma”, die hier vanaf 2012 zat. De eigenaar was Bas Hoebink. “We pionierden, serveerden kleine gerechtjes om samen te delen, dat was nieuw voor Nijmegen.” In 2019 geeft hij aan dat hij met deze zaak zal stoppen (De Gelderlander, met een mooi interview).
Dan wordt de zaak overgenomen door zijn broer Pepijn, die hier Ultimo Restaurant & Wijnbar vestigt. Deze horeca zaak bestaat nog steeds (juli 2025).
Rijksmonument
Achterzijde van woningen en bedrijfspanden aan de Lage Markt met links Touwslagerij Reijnen, gezien vanaf de kade. Op de voorgrond de vroegere Waalwal met de opslag van vaten met afgewerkte olie van de firma van Pelt, 1955 (Jeroen van Lith via D975 RAN CC0 vens Auteursrechthouder)
Lage Markt 47 is een Rijksmonument met als omschrijving:
“Pand met twee verdiepingen en schilddak, dat aan de achterzijde aansluit tegen een puntgevel. In de gepleisterde muren vorkankers. 17e eeuw. Achterhuis onder schilddak aan de Waalkade.”
De Maria Geboortekerk is in opdracht van de Dominicanen gebouwd. Dit gebeurde in 3 fases:
1893-1894: een hulpkerk
1900-1901: vergroting met het huidige middenschip en zijbeuken
1921: vervanging hulpkerk door een transept, koor met zijkapellen en een sacristie. Daarnaast een nieuwe voorgevel met traptorens.
Zowel van het hulpkerkje als de vergroting van 1900-1901 was Johannes Kaijser (1842-1917) de architect. De derde fase werd gebouwd door zijn zoon.
Dit stuk gaat vooral over de bouw van 1900-1901. Daarbij was deze kerk bedoeld als ‘tussenkerk’. De vergroting moet de hoofdbeuk of het zogenaamde langschip gaan vormen van de definitieve kerk. Dan zal er een transept met priesterkoor gebouwd worden. Daarnaast zal de voorgevel nog “versterkt” moeten worden, met een toren van 14M. breedte en 80M. hoogte.
Deze verbouwing vond uiteindelijk plaats in 1921, door de zoon van Kaijser. De toren is er echter niet gekomen.
1894: Hulpkerk
De achterzijde van de Maria Geboortekerk, 1894 (F87883 RAN)
“De Inzegening der Bijkerk van Onze Lieve Vrouw te Nijmegen
Sinds geruimen tijd trekt de nieuwe bijkerk der Sint-Dominicusparochie de aandacht der talrijke wandelaars, die in deze zeldzaam schoone dagen langs het Hunerpark en de Singels genieten van de frissche lentelucht en het heerlijk natuurtafereel, dat zich dagelijks verder voor hun oog ontrolt. Inderdaad, het kerkgebouw is zulk een aandacht dubbel waard. Deels schilderachtig tusschen het groen verscholen, verheft het zijne hoogstijgende lijnen en streeft met een sierlijk, slank torentje ten hemel. Vooral van den Kerkhofweg gezien is de aanblik verrassend en bewijst, hoe dankbaar de XIV eeuwsche gothiek, in nationale grondstof uitgevoerd, zich leent voor onze kerkgebouwen. Het gedeelte, dat thans is afgeleverd, bestaat uit een achthoekig priesterkoor, twee achthoekig gesloten transepten en twee travées van de groote beuk. Eventueel kan dit middenschip met nog vijf travées worden verlengd en daarbij gesloten met een rijken voorgevel, door twee traptorens geflankeerd; de kerk zal den eene lengte hebben van 48 meters.
Treedt men het gebouw binnen, dan ontwaart men terstond, dat de decoratie zeer constructief is opgevat. Alle constructieve elementen, zooals colonnetten, pilasters, bogen, enz. zijn in schoonen baksteen gemetseld en gevoegd; terwijl de vlakken, welke geene constructieve functie hebben, witgepleisterd zijn. Dit rood en wit, gevoegd bij het zachtgroene licht, dat door het kathedraalglas naar binnenstroomt, geeft aan het geheel eene aangename, als het ware, kerkelijke tint. Het gewelf verheft zich tot eene hoogte van 15 meters, maar schijnt door de witte schildering nog hooger te streven; slechts enkele motieven daarvan zijn voorloopig sober in kleuren georneerd. Ieder bezoeker zal instemmen, dat de architect Kaiser uit Maastricht in de opvatting en uitvoering van zijn plan uitstekend geslaagd is, en tevens de nauwkeurige afwerking roemen van den heer W. van der Waarden, die als aannemer hier weder getoond heeft, waartoe Nijmegen in staat is.
Volgens afkondiging had hedenmorgen ten 9 ure de plechtige inzegening plaats van het nieuwe bedehuis; de plechtigheid werd verricht door den Weleerw. Pater A.P. van der Geest, pastoor der parochie, daarin bijgestaan door de geestelijken des kloosters. Tegen 10 ure zag men langs verschillende dreven de geloovigen samenkomen om het eerste H. Misoffer in het nieuwe heiligdom bij te wonen. De herder der parochie celebreerde, geassisteerd door de beide kapelaans, de Weleerw. Paters S. Grapel en H. van E.p. Na het Evangelie hield de Zeereerw. Pater J.V. de Groot, prior des kloosters, eene treffende toespraak tot de vergaderd menigte. Naar aanleiding van de woorden des psalms: In donum Domini ibinus, Wij zullen ingaan in het Huis des Heeren, verklaarde de gewijde redenaar, wat de Kerk is voor de Katholieken: zij is de woonstede Gods, zij is de zetel der zegeningen Gods. In weinige krachtige trekken schetste hij de verhevenheid van het Huis Gods tijdens het Oude Testament, om vervolgens langs Bethlehem en Nazareth te wijzen op den tempel van het Nieuwe Testament, die vooral hare grootheid ontleent aan het onbloedig Offer daar opgedragen, aan de tegenwoordigheid van Christus in het H. Sacrament. Dit verklaart de ware grootheid onzer christentempels, hetzij deze verborgen zijn in de catacomben, verscholen in schuren en zolders, of als heerlijke, prachtvolle kathedralen met hemelhooge spits luide aan de wereld verkonden den Emmanuel, den God met ons. Hierna zette de gevierde spreker uit een, dat de kerk de zetel is der zegeningen Gods, omdat de Verlosser der wereld, de Bron der genade, daar woont in de H. Eucheraristie, omdat de H.H. Sacramenten daar worden toegediend, omdat de mensch daar licht vindt in de duisternis, vrede in de onrust des gemoeds. Hartelijk wenschte hij den pastoor en de geloovigen geluk met dit nieuwe Huis Gods en bracht den edelmoedigen weldoeners zijn innigen dank. – Zooals men weet, is de bijkerk gebouwd van de giften, welke het katholiek Nijmegen vóór twee jaren, bij het zesde eeuwfeest van het Predikheeren-klooster, aan de Paters heeft aangeboden. Der kerk herinnert dus tevens aan den band, welke zes eeuwen van arbeid en strijd tusschen de kloosterlingen van Sint Dominicus en Nijmegen’s burgerij gelegd hebben.” (De Gelderlander 14/4/1894)
1900-1901: Lancet Style
Achterkant Maria Geboortekerk (door Havang (nl) – Eigen werk via Wiki commons CC0)
Waar zijn zoon Jules Kaijser met het voorportaal refereert naar de Franse vroeggotiek (reliwiki), lijkt Johannes Kaijser te refereren naar een vroegere periode: zoals in het krantenartikel staat weergegeven, is het gebouw geïnspireerd op de “lancet style”. Deze komt vooral voor in Engeland? Deze vorm is goed te zien aan de achterkant van het gebouw. De lancet style houdt in dat gebruik wordt gemaakt van spitsbogen en een verhoogde, slanke vensters, zonder maaswerk (joostdevree).
1901 Hulpkerk voor de Parochie van de H. Dominicus (D12.377927)
De Gelderlander schrijft bij de opening in 1901 een artikel. Vooralsnog weet ik (RE) nog niet waarom de kerk in dit artikel Onze-lieve-Vrouwekerk wordt genoemd:
“De Onze-lieve-Vrouwekerk te Nijmegen.
Tot niet geringe vreugde der katholieken die zich buiten de St.-Jorispoort gevestigd hebben, breekt weldra de langverbeide dag aan, waarop de nieuwe kerk haar deuren voor de geloovigen ontsluiten zal. Menigeen zal bij het binnentreden des heiligdoms verwonderd staan over het verrassend effect, dat de verbinding van den eersten bouw thans tot presbyterium bestemd, met het nieuwe gedeelte teweeg brengt. Er moest hier een niet te onderschatten moeilijkheid worden overwonnen, doch het vindingrijk genie van den bekwamen bouwmeester, den heer J. Kaiser, heeft glansrijk gezegevierd.
Schenken wij echter onze opmerkzaamheid den nieuwen aanbouw, die de hoofdbeuk of het zoogenaamde langschip zal vormen der definitieve kerk. Het plan immers bestaat om later een transept met priesterkoor, van grooter verhouding dan het thans bestaande, te bouwen en den voorgevel te versterken en te verfraaien met een toren van 14M. breedte en 80M. hoogte. Het nieuwe gedeelte is in zuiver dertiende-eeuwschen stijl (style Lancet) opgetrokken, in materialen grootendeels aan den vaderlandschen bodem ontleend. Vandaar is de kleurige baksteen, der roem onzer Waal-oevers, in allerlei verscheidenheid, op de meest sprekende punten gebezigd. Voor de handhaving van dit echt rationeel en traditioneel beginsel, kan men den architect niet anders dan lof toezwaaien.
Twee rijen slanke kolommen met sierlijke kapiteelen dragen het 10M. breede middenschip, dat krachtig omhoog streeft en zich ter hoogte van 22M., in stoute bogen, welft. De zijbeuken trekken de aandacht door hunne ruimte, welke vooral verkregen werd door de conterforten naar binnen te plaatsen. Deze laatste, als pilasters behandeld, breken tevens de muurvlakten, verhoogen door hunne rijke profileering het perspectief en bekoren het oog door hun wisselend spel van lijnen. Om de polychromie, die in zoovele kerken zwaar tegen de vochtigheid te kampen heeft, tot een klein gebied te beperken, d.w.z. gevoegd; slechts de gewelfvlakken zijn wit gepleisterd. Overigens is er, vooral buiten, niet naar versiering gezocht; de constructieve deelen van den bouw vormen de voornaamste ornamentatie. Blijkbaar is de architect van het denkbeeld uitgegaan, om een kerk te bouwen, die door soliede constructie, duurzame materialen en sobere versiering in de naaste toekomst geen zorg voor onderhoud of herstelling mag geven.
Met dit doel voor oogen is hij er tevens in geslaagd aan het geheele gebouw een werkelijk monumentaal karakter te geven.
Den heeren Gielen en Van der Pluim, de wakkere aannemers, wier namen reeds te Nijmegen gevestigd zijn, komt voor de uitvoering alle lof toe.
Moge het ondernemend Kerkbestuur der Sint-Dominicusparochie door de liefdadigheid der geloovigen weldra in staat gesteld worden om den bouw te voltooien; dit zal voorzeker de wensch en de bede zijn van alle geloovigen, die zich morgen (Vrijdag) naar de Onze-Lieve-Vrouwekerk zullen begeven, wanneer het heiligdom door den zeereerw. Pastoor A.P. van der Geest plechtig wordt ingezegend.
De plechtige Mis wordt opgedragen om 10 uur, waaronder de predikatie gehouden wordt door den zeereerw. pater Van Hassel.” (De Gelderlander 5/7/1901)
Glas-in-lood ramen Maria Geboortekerk (oktober 2024)
Beeld Dominicus Maria Geboortekerk (oktober 2024)
Beeld Albertus Magnus door Jac Maris, 1948 Maria Geboortekerk (oktober 2024)
Mariabeeld van Albert Meertens
Een Mariabeeld , geplaatst op het pleintje voor de Maria Geboortekerk, gemaakt in 1949 door Albert Meertens (14-12-1904 – 30-11-1971) uit Berg en Dal ; op de gevel van de kerk links het beeld Dominicus uit 1923 en rechts Albertus Magnus , gemaakt in 1948 door Jac Maris, 1949 (GN5272 RAN)
Beeld bij Maria Geboortekerk (september 2024)
Jezus zonder hand (oktober 2024)
Sokkel Mariabeeld voor Maria Geboortekerk (oktober 2024)
Inscriptie “aan Pastoor Dickmann 15 aug 1908-1948” (oktober 2024)
Sokkel Mariabeeld voor Maria Geboortekerk (oktober 2024)
Deze pagina verzamelt reeds gemaakte artikelen over de wijk Altrade. Romeins amfitheater hoek Rembrandtstraat-Mesdagstraat In de buurt van Romeinse legerkampen…