Lindenberghaven met Waalbrug (oktober 2024)
#Nijmegen, Benedenstad, Centrum, Kunstwerken

Waalkade Nijmegen: Van Eeuwenoude Bedrijvigheid naar Hedendaagse Recreatie

Lindenberghaven met Waalbrug (oktober 2024)
Lindenberghaven met Waalbrug (oktober 2024)

De Waalkade was eeuwenlang vol bedrijvigheid. Vervoer over water was een van de belangrijkste transportmiddelen. Aan de Waalkade en de Benedenstad waren er veel bedrijven. Daarnaast was de eerste electriciteitscentrale gelegen aan de Waalkade.

Vanaf 1900 wordt de naam Waalkade gebruikt. Daarvoor werd het gebied ‘Aan ’t Water’, ‘Op den Werf’ of ‘Aan den Waal’ genoemd.

In de jaren 80 heeft een herstructurering plaats gevonden, waarbij de Waalkade een belangrijke recreatieve functie kreeg.

In 2013-2014 is de damwand tussen de Grotestraat en de Spoorbrug na een inzakking vervangen.

Het gedeelte ter hoogte van de horeca en het Casino is in 2018-2019 vernieuwd. Daarbij is een stenen trap gemaakt en een groot grasveld aangelegd. Bovendien zijn is het kunstwerk de Waterwolf en de Aquanaut geplaatst.

Van tijd tot tijd zal deze pagina worden aangevuld met de bijzonderheden van de Waalkade.

Belangrijkste bezienswaardigheden Waalkade

  • De Waal en Waalkade zelf
  • Romeinse resten
  • Het Besiendershuis
  • Anthonispoort
  • Labyrint

Romeinse tijd

In ieder geval is de Waalkade vanaf de Romeinse tijd bewoond geweest. Deze huizen waren gemaakt van hout en sloten aan bij de stad op het plateau. Nadat deze stad na de Bataafse opstand was verlaten, kreeg deze nederzetting een meer monumentaal karakter. Waarschijnlijk was het aanvankelijk een kleine (handels) nederzetting, gericht op het handelsverkeer over water. Daarbij lag (de voorloper) van de Waal wat meer naar het noorden dan nu het geval is. Deze stad hoorde waarschijnlijk bij het legerkamp dat de Romeinen op het Valkhof in de 3e eeuw hadden opgericht en liep tegen de helling op.

Romeinse muur

Voordat het Casino werd gebouwd, vonden hier opgravingen plaats, waarbij een Romeinse muur van 80 meter lang werd gevonden, die op sommige plekken nog een paar meter hoog was. Deze muur stamde uit de 3e of 4e eeuw, de zuidelijke muur van deze nederzetting.

Waarschijnlijk breidde de nederzetting zich via de helling uit. De muur diende aanvankelijk alleen voor verdediging, maar op een later tijdstip ook als onderdeel van gebouwen.

Het grootste deel van de muur is gesloopt en werd overgebracht naar de tuin van het toenmalige Museum Kam. De sloop van deze muur wordt, zeker in de huidige tijd, gezien als een drama. Wel werd als gevolg daarvan de eerste stadsarcheoloog aangesteld. Een deel van de muur is te zien bij het Hollands Casino.

Romeinse luxe: centrale vloerverwarming

Bovendien is daar een hypocaustum (centralevloerverwarming) uit de Romeinse tijd gevonden, die eveneens bij het Casino is te zien. “Een hypocaustum is een ondiepe kelder waarboven de vloer ligt op zuiltjes van gestapelde tegels. Vanuit een stookruimte stroomde warme lucht in deze kelder. De lucht verwarmt niet alleen de vloer, maar ook de wanden door middel van ingebouwde kanalen. In onze streken was dit soort centrale verwarming voorbehouden aan de rijken en kwam het meestal maar in één vertrek van het huis voor.” (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis)

Een andere belangrijke vondst  van de opgravingen uit de jaren 80 was daarnaast een kalkoven bij de Steenstraat.

Peiling terugbrengen Romeins verleden

Uit een peiling uit 2016 onder 1.280 Nijmegenaren werden een 19 nieuwe ideeën voorgelegd:

  • 38% van de respondenten vindt “Romeinse geschiedenis in centrum beter zichtbaar maken” een goed idee en had daarmee de hoogste score.
  • 24% van de respondenten vindt de “resten van Romeinse muur terugbrengen op Waalkade” een goed idee en was daarmee plaats 5

Bronnen en verder lezen:

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Opgravingen_aan_de_Waalkade

https://huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Romeinse_muur_en_vloerverwarmingssysteem

Novio Magus

Arie Berkulin

Romeins tellen IV
Romeins tellen IV (mei 2024)
Romeins tellen VI (mei 2024)
Romeins tellen VI (mei 2024)
Romeins tellen IX (mei 2024)
Romeins tellen IX (mei 2024)
Romeins tellen XI (mei 2024)
Romeins tellen XI (mei 2024)

Sommige beelden gaan pas echt wat zeggen als je “door” hebt: Arie Berkulin maakte dit kunstwerk in 1995. Hij wilde iets doen met het Romeinse verleden en maakte het beeld met 3 metalen buizen. Als je eromheen loopt, zijn de cijfers IV (4), VI (6), IX (9) en XI (11) te herkennen.

Een mooie uitleg is te vinden bij Omroep Gelderland

Over Arie Berkulin: wikipedia

Middeleeuwen

Vanaf de 12e eeuw groeide de nederzetting aan de Waal in westelijke richting uit. Door de verschuiving in de loop van de Waal ging een deel van deze nederzetting in de 13 eeuw verloren. Vanaf dat moment werden de huizen op een wat hogere plaatsen gebouwd, waaronder de Steenstraat.

Hanzestad

Door de ligging aan de Waal was Nijmegen in de late middeleeuwen een belangrijke handelsstad. in 1402 wordt Nijmegen onderdeel van de Hanze. Ook daarvoor, vanaf het begin van de 14e eeuw, waren er al contacten met de Hanze. Onder andere met Antwerpen en Londen. Daarbij waren laken en Duitse wijn uit de Rijnstreek belangrijke handelsproducten. Een mooie site hierover is https://www.antependium.nl/figuren/het-koggeschip/nijmegen-en-de-hanze/. Door problemen met de bevaarbaarheid van de rivier begon Nijmegen echter in betekenis in te boeten.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://mijngelderland.nl/inhoud/verhalen/tolvrijheden-in-hanzestad-nijmegen

Stadsmuur met torens en poorten aan de Waalkade

In de late middeleeuwen werd een stadsmuur aan de Waalkade gebouwd. Deze kreeg daarbij 8 poorten. Daarvan is een deel van Stratemakerstoren, de Besienderspoort en de St. Anthonispoort nog te zien.

De poorten waren: de Veerpoort, de Besienderspoort, de Kraanpoort, de St. Jacobspoort, de Meipoort, de St. Anthonispoort, de St. Stevenspoort en de Boddelpoort.

Daarbij kreeg de muur een aantal torens: aan de oostkant de Melaten- of Lappentoren. De Stratemakerstoren aan de voet van het Valkhof en de St. Hubertus- of Rode Toren.

Stratemakerstoren

Stratemakerstoren, 1987 (Hans Giesbertz via D1724_18_01-21 RAN CC0)
Stratemakerstoren, 1987 (Hans Giesbertz via D1724_18_01-21 RAN CC0)

De Stratemakerstoren dateert uit 1512-1526, waarvan de funderingen stammen van een oudere toren. In 1526 komt de toren voor als het ‘roendeel bij der Veerpoirten’. De Veerpoort was daarbij de poort, waar het veer over de Waal aanlegde.

De huidige naam Stratemakerstoren komt in het archief voor op een stadsrekening uit 1569. De herkomst van de naam is onbekend: in andere plaatsen bestaan er torens die vernoemd zijn naar het gilde dat was toegewezen om de betreffende toren in tijden van oorlog te verdedigen. Nijmegen heeft echter geen stratenmakersgilde gekend.

Wat is een bastei?

Gezicht op de Valkhofburcht (links op de heuvel) en de Stratemakerstoren (rechts van het midden), gezien vanaf de Lappentoren ofwel Melatentoren; een tekening van Dr. Jan Herman Adriaen Scheers (13-4-1823 - 18-9-1978) (naar een aquarel van Pieter Caspar Christ); Opschrift: 1530 "Nijmegen met het Valkhof (1530) of den Melaten of Lappentoren". In verso: Naar eene tekening van den jare 1530 gezien van den Melaten of Lappentoren, die gestaan heeft tegen de uiterste punt van den Wal achter den 1530, 1870-1878 (GN1395 RAN)
Gezicht op de Valkhofburcht (links op de heuvel) en de Stratemakerstoren (rechts van het midden), gezien vanaf de Lappentoren ofwel Melatentoren; een tekening van Dr. Jan Herman Adriaen Scheers (13-4-1823 – 18-9-1978) (naar een aquarel van Pieter Caspar Christ); Opschrift: 1530 “Nijmegen met het Valkhof (1530) of den Melaten of Lappentoren”. In verso: Naar eene tekening van den jare 1530 gezien van den Melaten of Lappentoren, die gestaan heeft tegen de uiterste punt van den Wal achter den 1530, 1870-1878 (GN1395 RAN)

Hoewel het in 1526 een “roendeel” (rondeel) wordt genoemd, is het feitelijk een bastei. Een bastei is een grote, halfronde, hoefijzervormige toren die naar buiten uitspringt naar ontwerp van Albrecht Dürer. Daarbij zijn ze van binnen overwelfd met daarin kazematten. In deze ruimten kon het geschut beschermd worden opgesteld. De bastei wordt gezien als een voorloper van het bastion. Door de grote afmetingen en de hoge kosten om deze maken zijn basteien slechts op beperkte taal toegepast. Rond 2011 werd bekend dat ook de Stratemakerstoren een bastei is (https://nl.wikipedia.org/wiki/Bastei_(vesting)). Daarvoor werd gedacht dat een zogenaamd was; het is de enige bastei in Nederland die nog min meer intact is gebleven.

De Stratemakerstoren door huizen ingebouwd

Gezicht op de Waalkade ter hoogte van de Valkhofheuvel met de tot huizen verbouwde Stratemakerstoren. Midden boven is de Belvédère te zien met rechts daarvan het Valkhof. Links vaart een schip op het Meertje, het riviertje dat vanuit de Ooy tot aan de oostelijke stadsmuur stroomde. Schilderij van de Nijmeegse schilder Peter Martinus Post (1819 - 1860), 1853 (F5630 RAN)
Gezicht op de Waalkade ter hoogte van de Valkhofheuvel met de tot huizen verbouwde Stratemakerstoren. Midden boven is de Belvédère te zien met rechts daarvan het Valkhof. Links vaart een schip op het Meertje, het riviertje dat vanuit de Ooy tot aan de oostelijke stadsmuur stroomde. Schilderij van de Nijmeegse schilder Peter Martinus Post (1819 – 1860), 1853 (F5630 RAN)

Vanaf 1789 werd het rondeel door huizen ingebouwd. Bij de sloop van Alewijnse kwam het verlaagde bastei weer aan het licht en werd vervolgens gerestaureerd. Aanvankelijk werd het daarbij vanaf 1995 onderdeel van het museum de Stratemakerstoren.

Detail opname van de voorgevel van de Alewijnsepanden, oktober 1970 (P. Arts, Dienst Publieke Werken en Volkshuisvesting Gemeente Nijmegen via F88731 RAN CC0)
Detail opname van de voorgevel van de Alewijnsepanden, oktober 1970 (P. Arts, Dienst Publieke Werken en Volkshuisvesting Gemeente Nijmegen via F88731 RAN CC0)

Om de kwetsbare, uit mergel bestaande toren te beschermen werd in 2017 een nieuwe schil gebouwd rondom de toren.

De Bastei, museum voor natuur en cultuurhistorie

De Stratemakerstoren maakt tegenwoordig onderdeel uit De Bastei, museum voor natuur en cultuurhistorie”, welke sinds 2018 geopend is. Het was daarbij een fusie van het Museum de Stratemakerstoren en het Natuurmuseum Nijmegen. Het museum vertelt het verhaal van “de Waal”: zowel vanuit historisch als natuurlijk oogpunt.

Opgravingen

Bij de opgravingen voorafgaand aan de bouw van het nieuwe museum zijn veel archeologische resten gevonden: Romeinse en middeleeuwse stadsmuren en funderingen van veertiende-eeuwse stadskastelen. Deze zijn vervolgens opgenomen in het museum.

Architectuur

Het museum is ontworpen door Van Roosmalen van Gessel Architecten uit Delft. Het ontwerp kreeg in 2019 de Schreudersprijs voor ondergronds bouwen en de Publieksprijs van de Architectuurprijs Nijmegen.

Besienderspoortje of Lossertpoort

Steenstraat 57-59

Besienderspoortje of Lossertpoort of Onze Lieve Vrouwepoortje , naast de Zeilmakerij (het Zeilmakershuis), gezien vanaf de Waalkade , eveneens met een uitgang aan de Steenstraat.In 1915 werd het poortje dichtgemetseld in opdracht van de gemeenteraad. Er vond herhaaldelijk prostitutie plaats, 1890 (F68667 RAN)
Besienderspoortje of Lossertpoort of Onze Lieve Vrouwepoortje , naast de Zeilmakerij (het Zeilmakershuis), gezien vanaf de Waalkade , eveneens met een uitgang aan de Steenstraat.In 1915 werd het poortje dichtgemetseld in opdracht van de gemeenteraad. Er vond herhaaldelijk prostitutie plaats, 1890 (F68667 RAN)
Het Besienderspoortje of Lossertpoort of Onze Lieve Vrouwepoortje , naast de Zeilmakerij (het Zeilmakershuis) , gezien vanuit de Steenstraat , met eveneens een uitgang aan de Waalkade. In 1915 werd het poortje dichtgemetseld in opdracht van de gemeenteraad. Er vond herhaaldelijk prostitutie plaats, 1890 (F68666 RAN)
Het Besienderspoortje of Lossertpoort of Onze Lieve Vrouwepoortje , naast de Zeilmakerij (het Zeilmakershuis) , gezien vanuit de Steenstraat , met eveneens een uitgang aan de Waalkade. In 1915 werd het poortje dichtgemetseld in opdracht van de gemeenteraad. Er vond herhaaldelijk prostitutie plaats, 1890 (F68666 RAN)

Een van de overgebleven poorten is het Besienderspoortje of Lossertpoortje. In de loop der eeuwen komt deze onder verschillende voor:

  • 1420-29 Geertruid Boyenpoortje
  • 1511 O.L. Vrouwenpoortje
  • 1542 Sybert Lossertspoortje; in 1659 Slosserspoortje genoemd
  • 1552 Bezienderspoortje

Sybert Losser was vanaf 1538 beziender van de Rijkstol. En bovendien was hij taveernehouder. Van Schevichaven: “Menige goede dronk werd te zijnen huize door onze heeren van den raad en hun gasten tot heil en op kosten van de Stad genoten, getuigen de Rekenboeken van het midden der 16de eeuw.” Waarschijnlijk is van Schevichaven de bron geweest dat het Besiendershuis, tegenover het Bezienderspoortje, foutief haar naam heeft gekregen.

Zoals op de linker foto hierboven te zien is, kwam door de verhoging van de Waalkade in 1885 een groot deel van de poort onder het wegdekniveau te liggen.

Behalve een leuke pagina heeft Noviomagus tevens een mooie foto uit 2010 hoe deze poort vanuit de Waalkade gezien tegenwoordig vrijwel verborgen is.

Een interessant artikel uit 1980 is te vinden op Numaga (tevens bron van dit artikel).

Anthonispoort

Anthonispoort
Anthonispoort (mei 2024)
Anthonispoort 4M KR (mei 2024)
Anthonispoort 4M KR (mei 2024)

Waarom op de sluitsteen 4M + KR staat gegraveerd, is niet duidelijk. Op Noviomagus staat hierover een leuke discussie.

Maarten Schenk

Op de Antonispoort is een gedenksteen te zien van de mislukte aanslag van Maarten Schenk op Nijmegen op 12 augustus 1589. Hierbij verdrinkt in de Waal.

afbeelding te zien uit 1599/1600 hoe Maarten Schenk verdrinkt in de Waal. (Annotatie: NOVIOMAGUM belli DUX SCHENCKIUS impiger instat | evomit undis / Sub Philipo Secundo, Gubernante Parma & Principe Mauritio / Frans Hogenberg ; del 1599/1600)
afbeelding te zien uit 1599/1600 hoe Maarten Schenk verdrinkt in de Waal. (Annotatie: NOVIOMAGUM belli DUX SCHENCKIUS impiger instat | evomit undis / Sub Philipo Secundo, Gubernante Parma & Principe Mauritio / Frans Hogenberg ; del 1599/1600) (KPA-I-13 RAN)

Op 10 augustus 1589 doet Maarten Schenk (op dat moment vechtend aan Staatse zijde) een poging Nijmegen te veroveren. Hij heeft die dag een troepenmacht van 300 man verzameld bij Schenkenschans. Met 70 boten laten zij zich die nacht de Waal over de Waal naar Nijmegen vervoeren.

Anthonispoort aanslag Maarten Schenk Waalkade 20240508
Anthonispoort: Gedenksteen aanslag Maarten Schenk Waalkade (mei 2024)

Verdronken in harnas

Zij proberen bij de St. Antonispoort en de huizen aldaar binnen te dringen. Met een lier weten ze het traliewerk uit raam te trekken. Waarschijnlijk is de tegenstand groter dan verwacht en breekt er paniek uit. De mannen proberen weer in boten te komen en te vluchten. Sommigen raken overvol en kantelen, zo ook de boot van Schenk. Met zijn zware harnas aan verdrinkt hij in de Waal.

Gevierendeeld en herbegraven

De volgende ochtend vissen Nijmegenaren de verdronken soldaten op, op zoek naar buit. Daarbij vinden ze het lichaam van Schenk. Zijn hoofd wordt bij de St. Antonispoort opgespiest, andere lichaamsdelen komen bij andere poorten te hangen. Na 8 dagen worden zijn lichaamsdelen in een kist gedaan en naar de Kronenburger toren gebracht.

Wanneer de Staatse Troepen Nijmegen in 1591 veroverd hebben, wordt hij met pracht en praal bijgezet in de St. Stevenskerk. Zijn harnas wordt naar Kleef gebracht en op een zuil in een park gezet. In 1795 hebben de Fransen dit harnas vernield.

Anthonispoort bij avond (januari 2026)
Anthonispoort bij avond (januari 2026)

Een uitgebreid verhaal over Maarten Schenk, die meerdere keren van kamp wisselde is te lezen op (tevens bronnen):

https://www.biografischwoordenboekgelderland.nl/bio/5_Maarten_Schenk_van_Nydeggen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Maarten_Schenk_van_Nydeggen

https://mijngelderland.nl/inhoud/verhalen/de-aanslag-van-maarten-schenk-op-nijmegen

Besiendershuis

1525, Steenstraat 26, Rijksmonument

Besiendershuis vanuit het tuintje (Monumentendag 10-9-2024)
Besiendershuis vanuit het tuintje (Monumentendag 10-9-2024)

Een van de markantste gebouwen aan de Waalkade (of eigenlijk Steenstraat) is het Besiendershuis. Een besiender was een soort opzichter, die tolgelden inde. Zoals Noviomagus (met veel foto’s) aangeeft: “In werkelijkheid blijkt in het dubbele woonhuis echter nooit een besiender te hebben gewoond. Voor de duidelijkheid moet hierbij worden opgemerkt dat het vrije uitzicht vanuit het Besiendershuis op de Waal pas ontstond bij de verwoesting van twee panden aan de Waalkade, eind 1944 of begin 1945.”

Tekening vogel in de kelder van het Besiendershuis (10-9-2024)
Tekening vogel in de kelder van het Besiendershuis (10-9-2024)
Kelder Besiendershuis (10-9-2024)
Kelder Besiendershuis (10-9-2024)
Uitzicht op de Waal vanuit het Besiendershuis (10-9-2024)
Uitzicht op de Waal vanuit het Besiendershuis (10-9-2024)

Rijksmonument

Het Besiendershuis is sinds 1973 een Rijksmonument. Met als omschrijving: “”Besiendershuis”. Laat-gotisch woonhuis van het Nederrijnse type met zadeldak, evenwijdig aan de straat, tussen trapgevels aan de korte zijden. Geprofileerde waterlijsten, vensters met kruiskozijnen, gevat binnen korfbogige nissen of met ontlastingsbogen; vorkankers. Gerestaureerd 1941-’44.” De restaurateur was ir. Deur. Daarbij werd van het naastgelegen krot een tuintje gemaakt (Noviomagus). Op het moment van schrijven (waarschijnlijk rond 2005-2010) van haar artikel noemt Noviomagus dat de huidige functie een woonhuis is.

Artist in Residence

Besiendershuis, waarschijnlijk grapje van een van de gasten? (10-9-2024)
Besiendershuis, waarschijnlijk grapje van een van de gasten? (10-9-2024)
Poort en tuintje van het Besiendershuis (10-9-2024)
Poort en tuintje van het Besiendershuis (10-9-2024)
Besiendershuis (10-9-2024)
Besiendershuis (10-9-2024)

Sinds 2010 is het Besiendershuis “een huis van verbeelding: het pand en de organisatie zijn ingericht op het ontwikkelen van culturele residenties en het presenteren van publieksgerichte artistieke programma’s ten behoeve van de stad.”

Daarbij verblijft regelmatig een kunstenaar tijdelijk in het pand. “Tijdens hun verblijf dompelen zij zich onder in Nijmegen, maken contacten, doen ze er inspiratie op en brengen de stad verbeelding, nieuwe ideeën en kunst.” Een van de etages is dan ook modern ingericht. Daarbij herinneren verschillende voorwerpen aan de tijd dat de betreffende kunstenaar artist is in residence was. Meer over het Huis der verbeelding (en tevens bron), zie haar eigen website.

Overige bron: Besiendershuis, wikipedia

Kraan en Kraanpoort

Een reproductie van een schilderij met daarop de Kraanpoort en de Kraan , onderaan de Grotestraat, 1620-1630 (Fa H. ten Hoet/L.R. Gerritsen via F1708 RAN CCBYSA)
Een reproductie van een schilderij met daarop de Kraanpoort en de Kraan , onderaan de Grotestraat, 1620-1630 (Fa H. ten Hoet/L.R. Gerritsen via F1708 RAN CCBYSA)

In 1420 is de eerste vermelding van de Kraan op de Waalkade, maar aangenomen wordt dat deze kraan ouder is. Deze stond ter hoogte van de Grotestraat.

Deze kraan is eeuwen lang in gebruik geweest voor het laden en lossen van schepen. De kraan werd daarbij in beweging gezet door een tredmolen. In 1881 werd hij afgebroken, op het moment waarop tevens de Oude Haven werd gedempt. (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis)

De galerij , de Kraan (bij de Kraanpoort) en de veerpont ; een aquarel van Jan van Leeuwen, 1820 (F65198 RAN)
De galerij , de Kraan (bij de Kraanpoort) en de veerpont ; een aquarel van Jan van Leeuwen, 1820 (F65198 RAN)

Gierpont

De gierpont aan de Waalkade, 1933 (F57976 RAN)
De gierpont aan de Waalkade, 1933 (F57976 RAN)

Voordat de Waalbrug gebouwd werd, kwam men naar de overkant door een zogenaamde gierpont “Zeldenrust”, die tussen de oever bij Lent en de Waalkade vaarde. Doordat in 1936 de Waalbrug werd geopend, verviel de functie van deze gierpont. Maar eigenlijk was deze ook voor die tijd al lang niet snel genoeg meer.

Alewijnse

Hoog water in de Waal en op de kade tussen Voerweg en Lindenberg ter hoogte van de bedrijfspanden van de firma Alewijnse, 19/2/1920 (F9019 RAN)
Hoog water in de Waal en op de kade tussen Voerweg en Lindenberg ter hoogte van de bedrijfspanden van de firma Alewijnse, 19/2/1920 (F9019 RAN)

Cornelus Alewijnse richtte in 1900 zijn installatiebedrijf en elektrotechnisch bureau op aan de Waalkade, nadat hij uit de gloeilampenfabriek was getreden die hij samen met Roothaan had opgericht. In 1908 richtte hij samen met Gerhardus ten Hoopen C. Alewijnse & Co op. Het bedrijf zou tot 1980 aan de Waalkade gevestigd blijven, om daarna te verhuizen naar de Energieweg.

Meer over Alewijnse op wikipedia (teven bron).

Een mooi interview met Cees Alewijnse uit 2019 is te lezen op de Bastei.

Vihamij

Vihamij-pand (1e steen 1874), Waalkade, 1968 (Prof. Evert F. van der Grinten via F78847 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Vihamij-pand (1e steen 1874), Waalkade, 1968 (Prof. Evert F. van der Grinten via F78847 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

De Oude Haven

Waar nu het Labyrint ligt (zie hieronder), lag vroeger de haven van Nijmegen.

De Oude Haven met Bottelpoort (Boddelpoort) en St. Hubertusmolen (Havenmolen) , die stond op de St. Hubertustoren (Rode Toren), 1858-1865 (Julius Schaarwächter via F47518 RAN)
De Oude Haven met Bottelpoort (Boddelpoort) en St. Hubertusmolen (Havenmolen) , die stond op de St. Hubertustoren (Rode Toren), 1858-1865 (Julius Schaarwächter via F47518 RAN)

Met de aanleg van deze haven werd in 1601 begonnen. Na de Reductie van 1591 werd van Nijmegen een vesting gemaakt. Daarbij moest de haven worden verlegd, zodat deze binnen de wallen zou komen te liggen. Tot dan toe had een stuk stadsgracht aan de westzijde van de stad als haven gefungeerd.

In 1852-1853 werd de nieuwe haven tussen de Hezelpoort en Fort Krayenhoff aangelegd. De naam “Oude Haven” leeft nog voort als straatnaam.

Bron: https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Oude_haven

Elektriciteitscentrale en tramremise Waalkade

De Elektriciteitscentrale aan de Waalkade, 1910 (F1677 RAN)
De Elektriciteitscentrale aan de Waalkade, 1910 (F1677 RAN)

Nijmegen had in 1886 al een elektriteitscentrale, de eerste gemeentelijke elektriciteitscentrale van Nederland. Voor de plannen om een elektrische tram aan te leggen, was er een grotere centrale nodig. Daarbij zou die centrale ook een groter deel van de stad elektrisch kunnen verlichten. De centrale ging in 1908 in werking, de tramremise was in 1911 gereed.

In 1936 werd de nieuwe centrale aan het Maas-Waal kanaal gebouwd, die inmiddels gesloopt is. Tot 1955 zouden er trams in Nijmegen blijven rijden.

Bron: https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Tramremise_en_elektriciteitscentrale

Het gezicht vanaf de spoorbrug op de stad, met op de voorgrond de elektriciteitscentrale en de tramremise aan de Waalkade en op de achtergrond de St. Stevenskerk en de St. Augustinuskerk, 1920-1925 (Eenennaam, uitg. P.M. van Eenennaam via F1678 RAN)
Het gezicht vanaf de spoorbrug op de stad, met op de voorgrond de elektriciteitscentrale en de tramremise aan de Waalkade en op de achtergrond de St. Stevenskerk en de St. Augustinuskerk, 1920-1925 (Eenennaam, uitg. P.M. van Eenennaam via F1678 RAN)
Schepen Waalhaven met Waalbrug op de achtergrond (september 2023)
Schepen Waalhaven met Waalbrug op de achtergrond (september 2023)
Steun de historische haven Waalkade 20240508
Steun de historische haven Waalkade (mei 2024)

Holland Casino

Het Holland Casino, Waalkade 68, 1989 (Ber van Haren via KN14693-24 CC0)

Geschiedenis en Ontwerp van Holland Casino Nijmegen in 1989

In 1989 ging het Holland Casino op de Waalkade open. Holland Casino’s wilde graag een casino in het oosten van het land, mede vanwege de Duitse markt; Nijmegen een eye-catcher voor de Waalkade. Wel ging een Romeinse muur verloren, wat tegenwoordig als drama wordt gezien.

Lees Meer

Velorama

Velorama (mei 2024) Waalkade
Velorama (mei 2024)

In 1981 werd Fietsmuseum Velorama geopend, waar aanvankelijk de fietsverzameling van G.J. Moed Jr. en de oldtimers van Moed Sr. waren tentoongesteld. Na de verbouwing in 1996-1998 zijn er echter auto’s meer te zien.

Het museum heeft meer dan 500 fietsen in haar bezit, waarvan een deel in depot is opgeslagen. Het is de grootste en belangrijkste fietscollectie ter wereld, waarbij het museum is gespecialiseerd in fietsen van voor 1900.

https://nl.wikipedia.org/wiki/Nationaal_Fietsmuseum_Velorama

Vloedsteen

Waalkade 65

Vloedsteen Waalkade (augustus 2024)
Vloedsteen Waalkade (augustus 2024)

In het café, aan de voorgevel, zit een steen die herinnert aan het hoge water van 1861. Deze is te zien in de serre, rechts van de ingang. Een uitgebreid verhaal staat op: https://www.noviomagus.nl/Monumenten/monument_0175.html. Zie ook https://www.noviomagus.nl/gevsten17.htm.

Escape Room Quirin’s

Escape room de Quirins (november 2023)
Escape room de Quirins (november 2023)

Een van de boten die al jarenlang aan de Waalkade ligt, is de Quirin’s. Afgaande op een interview, bestaat de boot sinds 1968 als restaurantboot, Quirin’s genaamd. In dat interview vertelt Ed Tonissen: ““Ik kwam van school, het was economische crisis. Ik was technisch opgeleid, maar er was geen baan te vinden. Mijn vader verhuurde Quirin’s en de huurder was net vertrokken. Ik had toch niks te doen, dus ik dacht: ‘Ik ga dat maar eens proberen.’ Al was ik het helemaal niet van plan, ik heb altijd wel een bedrijf met iets van water willen hebben.””

In 2013 is de boot omgebouwd tot café-restaurant annex bezoekerscentrum de Nijmeegse Boot. De naam verwees naar de transportboot/maatschappij die tussen Nijmegen en Rotterdam voer. Daarna was het nog een tijdlang pop-up restaurant de Portier.

Nu is het alweer een hele tijd een boot met 4 escape rooms. “Can you escape the boat?”, vraagt ze. Maar met zo’n uitzicht, waarom zou je dat eigenlijk willen?

Bronnen

de Stentor

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/drijvend-cafe-restaurant-info-centrum-stadsbrug~a0ad4406/

https://www.ad.nl/nijmegen/eindelijk-weer-horecaboot-aan-waalkade~a22ce6eb/

De Pannenkoekenboot

Pannenkoekenboot met spoorbrug (oktober 2023)
Pannenkoekenboot met spoorbrug (oktober 2023)

Een van de vertrouwde gezichten van de Waalkade en de Waal bij Nijmegen: de Pannenkoekenboot. De boot is door Ed Tonissen (zie ook Quirin’s) zelf ontworpen. Er varen daarnaast exemplaren in Amsterdam en Rotterdam.

Zie voor hun site:

https://nijmegen.pannenkoekenboot.nl

Waterwolf en de Aquanaut

Space Cowboys

Waterwolf en de Aquanaut Waalkade beeld Waalkade Space Cowboys 20240106
Waterwolf en de Aquanaut Waalkade beeld Space Cowboys (Januari 2024)

Muursculptuur

Een groot aantal zijn in de jaren tachtig geplaatst ter gelegenheid van de waterkeringsmuur.

Grotestraat

Muursculptuur Waalkade/Grotestraat
Muursculptuur Waalkade/Grotestraat

Op de muursculptuur bij de afsluiting Waalkade/Grotestraat is het gemeentewapen van Nijmegen in abstracte vorm te herkennen: een dubbele adelaar met een wapenschild (waar normaliter een leeuw op staat)

Dubbele adelaar Muursculptuur Waalkade Grotestraat (mei 2024)
Dubbele adelaar Muursculptuur Waalkade Grotestraat (mei 2024)
Sculptuur bij doorgang Waalkade (september 2024)
Sculptuur bij doorgang Waalkade (september 2024)

Plaquette Hulp Albany

Plaquette Hulp Albany (mei 2024)
Plaquette Hulp Albany (mei 2024)

“Deze plaquette herinnert aan de hulp die de bevolking van Nijmegen na de oorlog kreeg van de Amerikaanse stad Albany. De plaquette is een initiatief van Stichting FAN Friendship Albany-Nijmegen”, zo begint het bord. Rechts staan de geschonken hulpgoederen: veel levensmiddelenpakketten, zeep en kleding. Wilhelmina stuurde in 1948 op haar beurt 2000 tulpenbollen als dank. Albany organiseert daarop een jaarlijks “Tulip Festival”. Nijmegen en Albany werden “sister cities”, gesymboliseerd door oranje tulpen. Voor deze plaquette staat een grote schaal oranje tulpen nu (mei 2024) in bloei.

Tulpen Albany Waalkade (mei 2024)
Tulpen Albany Waalkade (mei 2024)
Groene lijnwandeling Waalkade 20240504
Groene lijnwandeling Waalkade (mei 2024)

Gevelsteen Den Witten Arent

Achter de Vismarkt

Gevelsteen den Witten Arent, Achter de Vismarkt 18 en 20 (augustus 2025) Benedenstad
Gevelsteen den Witten Arent, Achter de Vismarkt 18 en 20 (augustus 2025)

“Dit huis staet in Godts haent, het is in den Witten Arent ghenaemt, anno 1621”: Dit is de gevelsteen van de herberg ‘De Witte Arend’, welke ca.1930 – 1940 is afgebroken. Hij werd door schilder/heraldicus Jakob Berendzn Bronsema vanwege de voltooiing van de sociale woningbouw in de benedenstad in 1985. (Bron: Noviomagus en RAN)

Achter de Vismarkt heette “vroeger” Achter het Gasthuis, zo genoemd omdat de steeg achter het St. Nicolaas Gasthuis omliep. In een artikel over de aankomende sloop van de Rozengas schrijft het PGNC 21/6/1939:

“In vroeger eeuwen heerschte hier groote bedrijvigheid. Men vond er brouwerijen, een suikerrafinaarderij, die in 1745 afbrandde, verscheidende herbergen en een schippersgildehuis. Ook woonden er gezetenen burgers, o.a. wijnkoopers. Een bekend gebouw was: “In den Witten Arend”, waarvan men in een protocol van 2 Mei 1760 de volgende omschrijving vindt: “zijnde een neringryke herberg, voorzien van verscheide beneden- en bovenkamers, openen plaats, een groote kolfbaan, staande en gelegen achter het Gasthuis, genaamd den Witten Adelaar, de Groote gas ter eenre, het Rooze gasje ter andere zijde”. Een steen boven de poort van den stal droeg het opschrift: “dit huys is in Godts haent, Anno 1621, Het is in den Witten Arent ghenaemt”.

Den Witten Adelaar staat te huur in 1814 (PGNC 9/9/1814)
Den Witten Adelaar staat te huur in 1814 (PGNC 9/9/1814)

Het is mij nog onduidelijk of de Witte Arend in 1939 al gesloopt was of onderdeel van het sloopplan van de Rozengas was (en of deze daadwerkelijk is uitgevoerd).

Het volledige artikel geeft een mooi beeld van de eerste sloop en volgende sloopplannen in de Benedenstad. Dit artikel staat onderaan de pagina weergegeven.

Vrouw uitkijkend over water, Ed van Teeseling

1982 Waalkade

Vrouw uitkijkend over water, Ed van Teeseling, Waalkade, 1982 (mei 2024)
Vrouw uitkijkend over water, Ed van Teeseling, Waalkade, 1982 (mei 2024)
Vrouw uitkijkend over water, Ed van Teeseling, Waalkade, 1982 (April 2024)
Vrouw uitkijkend over water, Ed van Teeseling, Waalkade, 1982 (April 2024)

Drie Muursculpturen, Ben van Pinxteren

1982 Waalkade/Achter de Vismarkt

Drie muursculpturen, Ben van Pinxteren, Waalkade/ Achter de Vismarkt (mei 2024)
Drie muursculpturen, Ben van Pinxteren, Waalkade/ Achter de Vismarkt (mei 2024)

Deze sculpturen van Ben van Pinxteren bevinden zich op de doorgang naar de Waalkade. Deze doorgang kan met grote stalen deuren worden afgesloten bij hoogwater. (Bron: Kunst op Straat)

De twee muursculpturen op het plateau zijn ook van zijn hand.

Twee Muursculpturen, Ben van Pinxteren

Twee muursculpturen Ben van Pinxteren Waalkade Achter de Vismarkt 20240504
Twee muursculpturen Ben van Pinxteren Waalkade/ Achter de Vismarkt (mei 2024)

Oude Huizen aan Waalkade

Witte huizen aan Waalkade (mei 2024)
Witte huizen aan Waalkade (mei 2024)

Gedicht Oude Huizen aan de Kade

Gedicht Oude huizen aan de kade (mei 2024)
Gedicht Oude huizen aan de kade (mei 2024)

Wachteres, Paul de Swaaf

1983

Wachterers Paul de Swaaf Waalkade
Wachterers, Paul de Swaaf, Waalkade, 1983 (mei 2024)

De bedoeling is dat dit beeld bij hoog water contact maakt met het water; daarom is dit 2,85 meter lange beeld horizontaal geplaatst.

De naam “De Wachteres” is gebaseerd op een misverstand. Aanvankelijk had de Swaaf een staand beeld van een vrouw ontworpen, die met de rokken omhoog op het hoogwater stond te wachten. Omdat hij ontevreden was over het resultaat, ontwierp hij een nieuw beeld. Door een misverstand is de naam van het eerste beeld echter blijven hangen. (Bron: Kunst op Straat)

Schaakborden

Schaakborden Waalkade (mei 2024)
Schaakborden Waalkade (mei 2024)

Muursculpturen Gerard Bruning

1983

Muursculpturen, Gerard Bruning, Waalkade 1982 (mei 2024)
Muursculpturen, Gerard Bruning, Waalkade 1982 (mei 2024)

Deze muursculpturen van Gerard Bruning maken onderdeel uit van een aantal opdrachten van de gemeente Nijmegen om de nieuwe waterkeringsmuur aan te kleden. (Bron: Kunst Op Straat)

Muursculpturen, Gerard Bruning, Waalkade 1982 (mei 2024)
Muursculpturen, Gerard Bruning, Waalkade 1982 (mei 2024)

Klimmuur

Klimmuur op keermuur Waalkade (mei 2024)
Klimmuur op keermuur Waalkade (mei 2024)

Sinds 2018 is er op een deel van de keermuur een klimmuur aangebracht. Tot 2014 stond hier een waterkunstwerk, een watergordijn dat echter zelden functioneerde. Bron: De Gelderlander)

Labyrinth KLaus van de Locht en Jaap van Lunen

Architectuur der Natuur, Peter van de Locht

Twee Reliëfs, Peter van de Locht, Waalkade,1983 (mei 2024)
Twee Reliëfs, Peter van de Locht, Waalkade,1983 (mei 2024)

Januskop, Ben van Pinxteren

Wandelend Park: Sit with a Scientist pop-up park

Het sit with a Scientist park is aanvankelijk (juli-augustus 2024) verplaatst naar de Broerstraat en inmiddels (november 2024) verplaatst naar de Burchtstraat

Sit with a scientist pop up park Waalkade 20240504
Sit with a scientis, pop-up park Waalkade (mei 2024)

https://www.ru.nl/over-ons/nieuws/wetenschapsfilmpjes-van-radboud-onderzoekers-te-zien-in-pop-up-park-in-centrum-nijmegen

Sit with a scientist, bordje QR code (mei 2024)
Sit with a scientist, bordje QR code (mei 2024)
Sit with a scientist, pop up park Waalkade (mei 2024)
Sit with a scientist, pop up park Waalkade (mei 2024)

Plaquette Belgische Krijgsgevangenen

Een schip met Belgische krijgsgevangenen passeert Nijmegen; op achtergrond de opgeblazen spoorbrug, 1940 (F69672 RAN) Waalkade
Een schip met Belgische krijgsgevangenen passeert Nijmegen; op achtergrond de opgeblazen spoorbrug, 1940 (F69672 RAN)
Waalkade plaquette Belgische krijgsgevangenen
Waalkade plaquette Belgische krijgsgevangenen (mei 2024)

Op de plaquette staat: “Mei – Juni 1940 hielp de Nijmeegse bevolking spontaan tienduizenden Belgische krijgsgevangenen in mudvolle rijnaken op weg naar de Nazikampen (Nationaal verbond der oud-krijgsgevangen van België)”

Na de Duitse inval capituleert België op 28 mei 1940. Vanaf dat moment worden eind mei en begin juni Belgische en Franse krijgsgevangen na een mars te voet ingescheept op rijnaken, die in Walsoorden bij Terneuzen voor anker lagen. Een kwart miljoen soldaten zou op die manier via het Hollands Diep, Waal en Rijn op overvolle schepen op transport worden gesteld naar krijgsgevangenenkampen in Duitsland. Onderweg werd som toe aangelegd, onder andere om water in te slaan.

Ongeveer 90 rijnaken meerden in Nijmegen aan. De soldaten hadden op dat moment er dus al zware reis opzitten. Omdat delen van de verwoeste bruggen die in het water lagen een groot obstakel vormden, was Nijmegen een onvermijdelijke plaats om een stop te maken. Nijmegenaren uit het Waterkwartier en de Benedenstad trokken zich het lot van de hongerige en dorstige Belgen aan. Zij kwamen massaal in actie met voedsel en medische verzorging.

De plaquette uit 1992, geplaatst door het Nationaal Verbond der oud-krijgsgevangen van België, is een herinnering aan dit toonbeeld van menslievendheid.

Nijmegenaren betrokken bij de verstrekking van brood aan franse en belgische krijgsgevangenen, die Nijmegen passeerden eind mei 1940 (F52436 RAN)
Nijmegenaren betrokken bij de verstrekking van brood aan franse en belgische krijgsgevangenen, die Nijmegen passeerden eind mei 1940 (F52436 RAN)
Brood uitdelen aan Belgische krijgsgevangenen die Nijmegen passeren, mei 1940 (GN11043 RAN)
Brood uitdelen aan Belgische krijgsgevangenen die Nijmegen passeren, mei 1940 (GN11043 RAN)

(Overige) Bronnen en verder lezen

Bijschrift foto GN11043 RAN

Bijschrift foto F64453 RAN, een foto van de bijeenkomst van de ex-krijgsgevangenen in de burgerzaal in het Stadhuis

https://www.gld.nl/nieuws/2135375/nijmegen-helpt-belgische-krijgsgevangenen-op-de-waal

Anker

Anker Waalkade (mei 2024)
Anker Waalkade (mei 2024)

Dit anker is een herinnering aan het levendige havenverleden van de Waalkade. De plaatsing van dit scheepsanker is (mede) ingegeven om dit deel van de Waalkade wat vrij leeg is, aan te kleden. (Bron: Noviomagus)

NAP paal Waalkade (mei 2024)
NAP paal Waalkade (mei 2024)

In de buurt van het anker staat deze NAP paal. Dit gedeelte ligt iets minder dan 12,5 meter NAP boven de zeespiegel. Het gedeelte bij het Casino ligt lager.

Blok 26, architect Paul van Hontem en Verschoor

1979-1982 Groen binnenplein Kromme Elleboog aan de Waalkadearchitect van Hontem

Blok 26 architect van Hontem en Verschoor

 Blok 26 is een samenwerking tussen architect Paul van Hontem en Ir. W.H. Verschoor. Het heeft 2 groene binnenterreinen. Een belangrijk onderdeel van het ontwerp was het contact met de Waal.

Lees Meer

Muursculptuur Oscar Goedhart aan de Veemarkt, ongeveer 1980-1981 (mei 2024)

Twee muursculpturen Oscar Goedhart

Twee muursculpturen Oscar Goedhart, 1980-1981 Veemarkt. Dit kunstwerk is geplaatst als een van de opdrachten om de nieuwe waterkeringsmuur “aan…

Lees Meer
De houten Snackbar van Alex en Karin de Kok, januari 1991 (Ber van Haren via KN14930-13 RAN CC0 Auteursrechthouder Gemeente Nijmegen)
De houten Snackbar van Alex en Karin de Kok, januari 1991 (Ber van Haren via KN14930-13 RAN CC0 Auteursrechthouder Gemeente Nijmegen)
De Hendrik Heucksteiger op een winterse dag met sneeuw op de Waalkade, januari 1995 (Hans Giesbertz via D1724_18_05-16 RAN CC0 Auteursrechthouder RAN)
De Hendrik Heucksteiger op een winterse dag met sneeuw op de Waalkade, januari 1995 (Hans Giesbertz via D1724_18_05-16 RAN CC0 Auteursrechthouder RAN)

De hoogwater- of Hendrik Heucksteiger: dit was steiger met een loopbrug tussen de Waal en de Grotestraat. Hierdoor zouden passagiers van cruiseschepen zonder natte voeten aan land kunnen komen. De loopbrug was 28 meter lang, woog 7 ton en lag 4.30 meter boven de rijweg ontworpen door de Nijmeegse architect Antoon Croonen. Bij een herinrichting van de Waalkade is de steiger gesloopt. (Bron: bijschrift F88721, een foto uit 1994 tijden de Zomerfeesten)

De Kaaij

De Kaaij (augustus 2025)
De Kaaij (augustus 2025)

Inmiddels niet meer weer te denken: de Kaaij. Begonnen in 2011 als een zeer kleinschalig evenement, is het niet meer weg te denken als terras en festival: “In 2011 begon het met een klein rood vrachtwagentje en een uitklapbar. Met liedjes en koffie, wat mensen die bleven staan. Onder de brug en aan het water groeide het uit tot een bruisende plek. Muzikanten, schilders en kunstenaars sloten zich aan met creatieve ideeën. Hier, in de stad aan de Waal, creëren we een unieke ervaring – ons eigen cultureel terras.” (https://dekaaij.nl/)

Naast de foto’s op hun eigen site, is een mooi fotoverslag van 2024 te zien op IntoNijmegen.

Zie ook “De Kaaij vanuit de lucht” uit 2014 op https://www.nijmegenmijnstad.nl/de-kaaij/; inmiddels is de Kaaij al een aardig festival geworden; waarschijnlijk lopen de mensen op de krib van en naar het pontje dat ze naar “Havana aan de Waal” brengt.

Een artikel uit 1939: Sloop in de Benedenstad

Grootegas gezien vanuit de Nonnenstraat in de richting van de Achter de Vismarkt. Rechts op de achtergrond panden aan de Rozengas, 1938 (Fotopersbureau Gelderland via F13572 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
Grootegas gezien vanuit de Nonnenstraat in de richting van de Achter de Vismarkt. Rechts op de achtergrond panden aan de Rozengas, 1938 (Fotopersbureau Gelderland via F13572 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)

Een belangrijke doorbraak in de oude stad

De Rozengas verdwijnt – Nieuwe straat van 10 Meter breedte

Wordt de Waalkade watervrij?

Na de belangrijke krotopruimingen aan de Steenstraat en de Vleeschouwerstraat, die eenige maanden geleden hun beslag gekregen hebben en waardoor in het Oostelijk gedeelte van de oude stad het vraagstuk van de saneering een belangrijke schrede is gevorderd, is nu een omvangrijke afbraak begonnen in een ander deel van de oude stad, waar verscheidende panden den laatsten in het bezit van de gemeente zijn gekomen en waar ook door particulieren medewerking wordt verleend, om tot opruiming van de bouwvallen te komen. Het betreft hier n.l de totale opruiming van de Rozengas, de gedeeltelijke afbraak van de Grootegas en het sloopen van eenige panden aan de Praast- of Proosthof. Door deze afbraak komt een uitgestrekt terrein vrij, dat in de toekomst bestemd zal worden voor woningenbouw en nieuwen straataanleg, waarop wij zoo aanstaande nog nader terug komen.

Historisch plekje verdwijnt

Wie nu tusschen de bouwvallen rondloopt en de enorme puinhoopen, die door het sloopwerk daar thans ontstaan zijn, gadeslaat, zal moeilijk kunnen vermoeden, dat het hier een der oudste gedeelten van Nijmegen betreft, dat in vroeger tijden- wij spreken nu van ongeveer vijf eeuwen geleden- door gegoede ingezetenen van onze stad werd bewoond. Het Rozengasje b.v., dat binnen enkele dagen nog slechts in de herinnering zal voortleven, loopende van de Nonnenstraat naar Achter de Vischmarkt, heette vroeger: Achter het Gasthuis, zoo genaamd, omdat de steeg achter het St. Nicolaas Gasthuis omliep. Dat Gasthuis bevond zich ter plaatse, waar zich thans de oude Luthersche kerk in de Grootestraat bevindt. In vroeger eeuwen heerschte hier groote bedrijvigheid. Men vond er brouwerijen, een suikerraffinaarderij, die in 1745 afbrandde, verscheidende herbergen en een schippersgildehuis. Ook woonden er gezetenen burgers, o.a. wijnkoopers. Een bekend gebouw was: “In den Witten Arend”, waarvan men in een protocol van 2 Mei 1760 de volgende omschrijving vindt: “zijnde een neringryke herberg, voorzien van verscheide beneden- en bovenkamers, openen plaats, een groote kolfbaan, staande en gelegen achter het Gasthuis, genaamd den Witten Adelaar, de Groote gas ter eenre, het Rooze gasje ter andere zijde”. Een steen boven de poort van den stal droeg het opschrift: “dit huys is in Godts haent, Anno 1621, Het is in den Witten Arent ghenaemt”.

Het Rozengasje zelf bestond uitsluitend uit woonhuizen, waarin in 1438 een zekere Coenraed Schutt kwam te wonen en daar een “stoof”, dat is een warm bad en verwarmd vertrek, liet inrichten. Ook uit talrijke protocollen uit de vijftiende eeuw, blijkt, dat er vroeger gegoede families woonden. Ondanks alle verval zijn sommige muren nog van een respectabele kracht en afmetingen. Men bouwde vroeger uiterst solide! De baksteenen in de oudste panden hebben een lengte van 30 en een dikte van 9 cm.

Het Rozengas gezien vanuit de Achter de Vismarkt; album Bouw- en Woningtoezicht, 1935 (GN665 RAN)
Het Rozengas gezien vanuit de Achter de Vismarkt; album Bouw- en Woningtoezicht, 1935 (GN665 RAN)

Ook de Grootegas is van een respectabele ouderdom. De naam komt reeds in 1427 voor en aan talrijke, thans wel zeer schamele huizen, ontdekt men nog de sporen van vroegere deftigheid.

De vergelijking met de andere gassen is de Grootegas tamelijk breed n.l. drie en een halve meter, maar in de naaste toekomst zal dat aanmerkelijk veranderen. Bij de plannen voor de saneering van de oude stad, is n.l. voor de Grootegas een nieuwe rooilijn vastgesteld en het doel van de thans aangevangen afbraak is o.m, om tot verbreeding van de Grootegas te komen. Dit wordt in de toekomst een belangrijke verbindingsweg van de Waalkade naar het centrum van de stad en de breedte er van zal op niet minder dan tien meter worden gebracht.

Tenslotte verrichten op het oogenblijk de sloopers hun werk op ’t z.g. Praast- of Proosthof. Dit is een terrein tusschen Achter de Vischmarkt en de Nonnenstraat. De naam is ontleend aan de woning van den Proost van het vroegere nonnenklooster, dat in de vijftiende eeuw in de Nonnenstraat gevonden werd. Een bewijs, dat deze omgeving vroeger betere dagen gekend heeft, is wel, dat dit klooster er een voor adelijke vrouwen was. Men vond in deze omgeving ook huizen bewoond door familie als Collart van Lynden, van Welderen, van Redichaven enz. Tot de woning van den zooeven genoemden Proost behoorde ook het nu nog bestaande poortje- dat intusschen voorshands nog niet gesloopt wordt- met bovenkamer, waar de Proost zich met voorliefde ophield. In een protocol van 1462- waar waren die gewichtige documenten al niet goed voor!- vertelt een zekere Dirck Hack, dat hij “een tyt geleden heeft sitten eten met den praest, jan van Bueren, en joffer Neza (’s proosten zuster) opter poorten, dat sy daermit woerden krigenden” enz. Waarna het relaas volgt van een “pittig onderhoud”, over een familiegeschil, dat overigens niet ter zake doet. Het Proostenhuis schijnt vroeger een toren te hebben gehad. In het laatst van de achttiende eeuw behoorde het in eigendom aan de Maillard de Pleinchamp, gewezen Waalsch predikant en later schijnt het als militaire barak te zijn ingericht geweest. In een cohier van 1649 vinden wij nog vermeld, dat op het Proosthof acht huizen stonden.

Een gedeelte van deze omgeving, dat ook nog niet aan de beurt is om onder sloopershanden te vallen, is de Schapengas, een doodloopend steegje, het nauwste van Nijmegen, dat vroeger op het Proosthof schijnt uitgekomen te zijn. Ook hier woonden vroeger aanzienlijke families, o.a. een notaris, de gemeensman Dibbets en, zooals het Hopmanboek van 1743 vemeldt: de Hoog Welgeb. Maximillaen Renesse.

Plannen voor de toekomst

Zooals wij daar straks reeds opmerkten, komen door deze afbraak belangrijke complexen vrij, die voor woningbouw benut kunnen worden. De plannen daarvoor staan echter nog geenszins vast. Men zal in de eerste plaats rekening moeten houden met de toekomstige bestemming van de oude stad, n.l. met een saneeringsplan, dat het geheel omvat. Zooals men weet, bestaan tegen partieele saneeringen groote bezwaren en alvorens daartoe een besluit wordt genomen, zal men de zaak van elke kanten moeten wikken en wegen, opdat men later niet tot de ontdekking komt, dat uitvoering van andere werken, door reeds tot stand gekomen bouwwerken, in sterke mate belemmerd wordt, dan wel dat men geen architectonisch juist geheel meer kan krijgen.

De bij het vraagstuk van de oude stad allesbeheerschende vraag is, of de Waalkade al dan niet watervrij zal worden gemaakt. Zooals wij al eens eerder uiteengezet hebben, berust de beslissing hieromtrent bij het departement van Waterstaat, dat aanvankelijk volstrekt afwijzend hiertegenover stond. Men weet, dat de Waalkade behoort tot het winterbed van de rivier, en zou men, hetzij door ophooging, dan wel door het maken van een waterkeerenden muur, dit gedeelte van het winterbed doen verdwijen, dan zou de consequentie daarvan vormen, dat men aan de Lentsche zijde het winterbed zoozeer verruimt, dat het afvoervermogen van de rivier even groot blijft, als thans het geval is. Dat daarmede belangrijke kosten gemoeid zijn, spreekt wel vanzelf.

Jarenlang heeft de gemeente na reeds pogingen in het werk gesteld om de Waalkade watervrij te krijgen. In zekeren zin staat of valt het vraagstuk van de saneering van de oude stad er mede. Nu het vraagstuk van oud-Nijmegen niet alleen ter plaatse als van groote beteekenis wordt aangeduid, maar in het geheele land er bestelling voor is gewekt, schijnt men bij den Rijkswaterstaat meer begrip voor deze voor Nijmegen zoo buitengewoon belangrijke aangelegenheid te hebben gekregen. Wij hebben n.l. in waterstaatskringen hooren verluiden, dat men niet meer volstrekt afwijzend tegenover de onttrekking van de Waalkade aan het winterbed van de rivier staat en op het ogenblik wordt onderzocht, op welke wijze aan de verlangens van het gemeentebestuur kan worden tegemoet gekomen.

Ofschoon deze aangelegenheid nog slechts in het stadium van overweging verkeert, mag deze gang van zaken toch in hooge mate met vreugde begroet worden. Immers, zoowel de stedenbouwkundige ir. Siebers, de betrokken gemeentediensten en de Commissie S.O.S. zijn het er volkomen over eens, dat slechts door watervrijmaking van de Waalkade een afdoende oplossing kan worden verkregen.” (PGNC 21/6/1939)

(Overige) Bronnen en verder lezen:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Waalkade_(Nijmegen)

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Stadsmuur,_torens_en_poorten_aan_de_Waalkade

https://www.dbnl.org/tekst/sten009monu05_01/sten009monu05_01_0157.php

https://nl.wikipedia.org/wiki/Stratemakerstoren

Noviomagus, met veel foto’s

https://www.spannendegeschiedenis.nl/locatie/nijmegen-stratemakerstoren/

Witte huizen aan de Waalkade (mei 2025)
Witte huizen aan de Waalkade, licht oranje door de zonsondergang (mei 2025)
Een gedicht op de Waalkade: "De namen zijn blauw" van K. Michels, december 2025
Een gedicht op de Waalkade: “De namen zijn blauw” van K. Michels, december 2025

Een gedicht op de Waalkade: “De namen zijn blauw” van K. Michels
Verschenen in Ja! Naakt als de stenen. Op basis van https://www.atlascontact.nl/wp-content/uploads/2023/09/9789046705797_fragm.pdf is de tekst licht gewijzigd met het “adem, adem, adem”

Albert Heijn; Gezien ter hoogte van de Stockumstraat. Links op de achtergrond de Platenmakersstraat, 1939 (ir. J.G. Deur via F15383 RAN CCBYSA)
#Nijmegen, Burchtstraat, Centrum

Albert Heijn Burchtstraat

1934 Burchtstraat 53 (huidig)

Albert Heijn; Gezien ter hoogte van de Stockumstraat. Links op de achtergrond de Platenmakersstraat, 1939 (ir. J.G. Deur via F15383 RAN CCBYSA)
Albert Heijn; Gezien ter hoogte van de Stockumstraat. Links op de achtergrond de Platenmakersstraat, 1939 (ir. J.G. Deur via F15383 RAN CCBYSA)

In 1934 verhuist Albert Heijn van de winkel op de “hoek Burchtstraat-Stokkumsestraat” naar het verbouwde pand op de Burchtstraat, met huidig nummer 53. De winkel werd tijdens het bombardement verwoest en zou een nieuwe, moderne voorgevel krijgen. Het gebouw is echter al veel ouder dan de 20e eeuw: het is in ieder geval bekend in de 14e eeuw en zal vanwege de aanwezigheid van middeleeuwse resten op de monumentenlijst worden geplaatst.

Vooraf, 1895: Muziekhandel Polak

"Bestaande toestand", bouwtekening in verband met de verbouwing 1934 (D12.400358)
“Bestaande toestand”, bouwtekening in verband met de verbouwing 1934 (D12.400358)

Voordat Albert Heijn zich in dit pand vestigde, was het de muziekhandel van Philip Polak. Hij  had vanaf 1895 hier zijn winkel gehad, nadat hij uit de Augustijnenstraat was verhuisd.

Nijmegen, 19. November.

Al weder is in de Burchtstraat een nieuw magazijn geopend en wel dat van den heer Philip Polak, die zijn uitgebreiden muziekhandel van de Augustijnenstraat naar de Burchtstraat No. 35 heeft overgebracht. Behalve een groot assortiment piano’s, orgels en strijkinstrumenten vindt men in dit magazijn een groote collectie muziek, verder speeldoozen in alle genres, snaren, enz. Ook voor de St.-Nicolaas zijn een aantal fantasie-artikelen met muziek voorhanden, die zeker vele koopers zullen vinden. De heer Polak had stellig geen beteren stand voor zijn handel kunnen vinden. Wij hopen, dat spoedig alle muziekbeoefenaars uit Nijmegen en de omstreken den weg naar zijn magazijn zullen weten te vinden.” (PGNC 20/11/1895)

1934: verbouwing en verhuizing van Albert Heijn

Filiaal: Nijmegen Verbouwing perceel Lange Burghstraat Winkelpui, Zaandam N.V. Alb. Heijn, datum tekening 8 juni 1934 (D12.400359)
Filiaal: Nijmegen Verbouwing perceel Lange Burghstraat Winkelpui, Zaandam N.V. Alb. Heijn, datum tekening 8 juni 1934 (D12.400359)
Verbouwing perceel Lange Burghstraat te Nijmegen Kad. Sectie C. No 5293 voor de N.V. Alb. Heijn Z/dam, datum tekening mei 1934 (D12.400358)
Verbouwing perceel Lange Burghstraat te Nijmegen Kad. Sectie C. No 5293 voor de N.V. Alb. Heijn Z/dam, datum tekening mei 1934 (D12.400358)
Verbouwing perceel Lange Burghstraat te Nijmegen Kad. Sectie C. No 5293 voor de N.V. Alb. Heijn Z/dam, datum tekening mei 1934 (D12.400358)
Verbouwing perceel Lange Burghstraat te Nijmegen Kad. Sectie C. No 5293 voor de N.V. Alb. Heijn Z/dam, datum tekening mei 1934 (D12.400358)

De verbouwing is ontworpen door de eigen architecten van Albert Heijn. De belangrijkste verbouwing lijkt de voorkant te betreffen, waar van 2 winkels 1 winkel is gemaakt.

Daarbij lijkt het pannendak vervangen te zijn door een plat dak.

De opening

De Gelderlander over de opening in oktober 1934:

Albert Heijn.

Hedenmiddag werd de nieuwe winkel Albert Heijn in de Lange Burchtstraat 21 geopend.

Het is een opvallende overgang van een eenvoudigen winkel op den hoek Lange Burchtstraat-Stokkumstraatje, nu naar het kapitale pand, waarin eerst de muziekhandel der firma Polak was gevestigd.

De architect der firma Albert Heijn heeft de pui grondig veranderd en er zoo’n frisch uitzicht aan gegeven, dat de Lange Burchtstraat er op vooruitgegaan is.

Advertentie Heropenin0g; Albert Heijn noemt zowel de adressen Lange Burchtstraat 21 als 27 (PGNC 30/10/1934)
Advertentie Heropenin0g; Albert Heijn noemt zowel de adressen Lange Burchtstraat 21 als 27 (PGNC 30/10/1934)

De nieuwe winkel van Albert Heijn is geheel naar de eischen des tijds ingericht- zoo hygiënisch als bouwkundig.

Er kwamen (twee groote winkelramen, waarvoor de kwaliteitsartikelen tot volle recht kunnen komen.

Binnen is de winkel geheel betegeld in lichte tinten. Marmeren toonbanken met ingebouwde vitrines, welke een weelde aan waren toonen, sluiten de winkel af van de wanden met de tallooze vakken en bakken. Alle winkelbakken zijn afgedekt.

Bij de nieuwen winkel is nu ook een vleeschafdeeling gevoegd.

In deze afdeeling is een speciale koelinrichting aangebracht, waarin de fijnste vleeschwaren frisch gehouden worden.

Het is een lust in den nieuwen winkel rond te kijken- eerst nu komen de A.H.-artikelen tot volle recht.

Het doel der firma Albert Heijn is de beste kwaliteiten te leveren tegen langst mogelijken prijs.

Zij wordt daartoe in staat gesteld doordat de meeste artikelen in eigen fabrieken klaar gemaakt en verpakt worden te Zaandam, waar ook de contrôle is op alle artikelen, welke naar de A. Heijn-winkels- ongeveer tweehonderd in het land- gaan.

In Zaandam is gevestigd een koek- en banketfabriek, een cacao-chocoladefabriek, een biscuitfabriek en een voor suikerwerken.

Verder zijn in Zaandam ingericht eigen koffiebranderijen, een theemeleerinrichting en eigen afdeelingen voor het reinigen en sorteeren van peulvruchten en zaden.

In totaal werken er in Zaandam ongeveer 600 arbeiders in de A. Heijn-fabrieken.

De eerste A. Heijn-winkel werd te Oostzaan geopend: nu bijna een halve eeuw geleden- thans bezit Albert Heijn over het geheele land 200 winkels. De eerste fabriek der uitgebreide A. Heijn-industrie werd 40 jaar geleden gebouwd.

Wij zijn hier voor een industriëele onderneming van groot formaa.

De verbouwing te Nijmegen werd uitgevoerd naar eigen A. Heijn-architectonisch ontwerp door de firma Brand alhier.

De firma Ruikes verzorgde de electriciteitsvoorziening en de firma Bökkerink het frissche schilderwerk.

Door bemiddeling van de heer N.S. Verbeek, makelaar, werd indertijd het pand van de firma Polak aangekocht voor de firma Albert Heijn.” (De Gelderlander 31/10/1934)

Bombardement februari 1944

De verwoeste Albert Heijn; Opruimingswerkzaamheden na de verwoestingen van het bombardement 22 februari 1944. Rechts Albert Heijn met links daarvan de Urquelle Stube, na de oorlog Old Dutch geheten, met links daarvan Ockhuizen Lunchroom. Op de achtergrond zichtbaar de splitsing van de Platenmakersstraat (rechts) en de Korte Burchtstraat (links), 22-2-1944 (Gn114 RAN)
De verwoeste Albert Heijn; Opruimingswerkzaamheden na de verwoestingen van het bombardement 22 februari 1944. Rechts Albert Heijn met links daarvan de Urquelle Stube, na de oorlog Old Dutch geheten, met links daarvan Ockhuizen Lunchroom. Op de achtergrond zichtbaar de splitsing van de Platenmakersstraat (rechts) en de Korte Burchtstraat (links), 22-2-1944 (Gn114 RAN)

Tijdens het bombardement van 22 februari 1944 raakte Albert Heijn en de panden daaromheen beschadigd. Maar niet totaal verwoest, zoals zoveel panden. In 1944 vindt de heropening van de winkel plaats.

Heropening Albert Heijn Lange Burchtstraat 1944  (PGNC 4-3-1944)
Heropening Albert Heijn Lange Burchtstraat 1944 (PGNC 4-3-1944)

Een foto uit 1953 is te zien op GN1786.

"Bestaande toestand" Albert Heijn Burchtstraat, datum tekening 22-3-1956 (D12.427103)
“Bestaande toestand” Albert Heijn Burchtstraat, datum tekening 22-3-1956 (D12.427103)

1957: Verbouwing Albert Heijn naar 1 open ruimte

In het Bouwdossier zijn 2 dossiers te vinden uit 1957: een met “Veranderen winkelpand” met datum 3-4-1957 en 1 met “Wijzigen bouwen winkelpand” met datum 11-12-1957. Afgaande op dit dossier lijkt dat het pand na 1934 niet meer is gewijzigd (een andere mogelijkheid is echter dat Albert Heijn in 1944 een noodverbouwing heeft laten uitvoeren). Ook de weergegeven indeling is die van 1934. Wanneer de bestaande toestand wordt vergeleken met de foto uit 1953, GN1786, zijn er toch afwijkingen te zien. De meest opvallende is dat de bogen boven de ramen op de eerste verdieping zijn verdwenen.

De wijziging in het bouwdossier van 1957 lijkt vooral technische uitwerkingen te betreffen. Ook hier is het Bouwbureau van Albert Heijn N.V. Zaandam de architect.

Voorgevel  verbouwing Albert Hein Burchtstraat, Datum tekening 21-2-1957 (D12.427104)
Voorgevel verbouwing Albert Hein Burchtstraat, Datum tekening 21-2-1957

Bij de voorgevel is de gevel van de begane grond gewijzigd. Op basis van de “bestaande toestand” bij de verbouwing in 1983 is voor D12.427109 gekozen als tekening om de indeling weer te geven (zie hieronder. Het verschil met D12.427104 lijkt vooral te bestaan in de plaatsen van de zuilen).

Opvallend is dat het nu gaat om een grote, open winkel. Een deel van het magazijn is naar de 2e verdieping verplaatst,

Voorgevel verbouwing Albert Hein Burchtstraat, Datum tekening 22-3-1956  (D12.427109)
Voorgevel verbouwing Albert Hein Burchtstraat, Datum tekening 22-3-1956 (D12.427109)

In ieder geval is het pand in 1960 nog een Albert Heijn, zie de foto: F15447.

Vervolg

Burchtstraat 53, juli 2019 (Google Streetview)
Burchtstraat 53, juli 2019 (Google Streetview)

Er is verder niet uitputtend onderzocht wat de geschiedenis van het pand daarna is geweest.

In 1983 vindt de verbouwing van het pand plaats voor Gebr. Voss naar ontwerp van Keijsers interieurs en timmerwerken b.v. Daarbij is het opvallend dat ook bij de “bestaande toestand” de verdiepingen lijken op de huidige situatie met strakke, rechthoekige ramen; terwijl op de bouwtekening uit 1957 nog ramen met bogen waren ingetekend.

Daarnaast heeft in ieder geval in 1994 en 2009 een verbouwing aan de voorgevel plaats gevonden (die -ook al betreft het openbare documenten- hier vanwege privacy niet verder zullen worden behandeld).

Middeleeuws pand, gemeentelijke monumentenlijst

Tegenwoordig (april 2024) zit het Kruidvat in pand. De geschiedenis van dit gebouw gaat echter veel verder terug dan de 20e eeuw. Het huis is al bekend in de 14e eeuw.

Middeleeuws huis

Omroep Gelderland: “een groot 14e eeuws huis, mogelijk in de vorm van een stadskasteel, dat later onder meer de roemruchte 16e-eeuwse taveerne Rodeburcht huisvestte. Later bood het pand onderdak aan de verzameling Romeinse oudheden van Mr. Johan In de Betouw. In het tot in den treure verbouwde pand bevinden zich nog bouwkundige resten uit vele eeuwen, aldus de gemeente Nijmegen.”

Op gemeentelijke monumentenlijst

In 2015 is het een van de 10 gebouwen die op de gemeentelijke monumentenlijst zullen worden geplaatst. De procedure om het gebouw op de monumentenlijst te krijgen is het gevolg van de in 2010 vastgestelde bouwhistorische waardenkaart van Nijmegen. Hierop is alle belangrike hsitorische bebouwing ingetekend. Het gaat dan niet alleen om de voorgevel, maar ook om bouwkundige resten in de rest van het pand.

Manufacturenmagazijn Duives met op de de achtergrond het nieuwe complex; Straatbeeld zonder stadsschouwburg. Na veel gesteggel in de gemeenteraad werd op 14 april 1935 begonnen met de afbraak van de schouwburg. Een klein deel van het vrijkomende terrein werd benut om de Burchtstaat te verbreden. Het lukte pas geruime tijd later het terrein te verkopen aan de NV Handel en Exploitatie Mij. Zeekant uit Den Haag, die er naar een ontwerp van de architect L.D. Kuipers een complex met 7 winkels en 9 afzonderlijke bovenwoningen realiseerde. Links de Incasso Bank en rechts op de hoek met de Oude Stadsgracht de herenmode zaak van Duives. Het nieuwe complex was overigens geen lang leven beschoren, het werd verwoest tijdens gevechten in september 1944 door terugtrekkende en brandstichtende Duitsers. 1938-1939 (GN11015 RAN)
#Nijmegen, Burchtstraat, Gebouw van de dag

Manufacturenmagazijn Duives architect Veugelers

1935 Lange Burchtstraat 40 (oud)

Manufacturenmagazijn Duives met op de de achtergrond het nieuwe complex; Straatbeeld zonder stadsschouwburg. Na veel gesteggel in de gemeenteraad werd op 14 april 1935 begonnen met de afbraak van de schouwburg. Een klein deel van het vrijkomende terrein werd benut om de Burchtstaat te verbreden. Het lukte pas geruime tijd later het terrein te verkopen aan de NV Handel en Exploitatie Mij. Zeekant uit Den Haag, die er naar een ontwerp van de architect L.D. Kuipers een complex met 7 winkels en 9 afzonderlijke bovenwoningen realiseerde. Links de Incasso Bank en rechts op de hoek met de Oude Stadsgracht de herenmode zaak van Duives. Het nieuwe complex was overigens geen lang leven beschoren, het werd verwoest tijdens gevechten in september 1944 door terugtrekkende en brandstichtende Duitsers. 1938-1939 (GN11015 RAN)
Manufacturenmagazijn Duives met op de de achtergrond het nieuwe complex op de plaats van de oude schouwburg, 1938 -1939 (GN11015 RAN)

In 1935 ontwerpt architect Veugelers de verbouwing voor Manufacturenmagazijn J.H. Duives.

Op bovenstaande foto is dit pand te zien op de hoek met de Oude Stadsgracht.

Onderaan het artikel is een foto te zien van de het pand vóór de verbouwing. Voor Duives zat modezaak Dames en Beermann in het pand:

Overigens zal Veugelers ook de verbouwing voor het pand daarnaast, de bloemenzaak Bloemenmagazijn van Groningen (Lange Burchtstraat 38) ontwerpen.

In september 1944 worden de panden verwoest doordat deze door de Duitsers in brand worden gestoken.

Manufacturenmagazijn J.H. Duives.

Advertentie Duives Lange Burchtstraat 40 (PGNC 3-9-1935)
Advertentie Duives Lange Burchtstraat 40 (PGNC 3-9-1935)

Aan de Lange Burchtstraat No. 40 is vanmiddag geopend het manufacturen-magazijn van de firma J.H. Duives. Vroeger was dit pand annex met het aangrenzende winkelhuis, doch alleen de étalage-ruimte ervan benut. Thans echter is hiervoor, dank zij een grondige verbouwing, waarbij de geheele beganegrondverdieping werd weggebroken en opnieuw gebouwd, een keurig, modern winkelhuis in de plaats gekomen. Met zijn teakhouten gevel en de ruime vitrines met de bronzen spijlen, maakt het pand een uitstekenden indruk; knus en gezellig is het interieur. Alle waardeering dan ook voor het werk van den architect, den heer Veugelers.

Vestigen wij er nog de aandacht op, dat firma Duives ook een afdeeling heeren-mode in haar zaak heeft opgenomen.”  (PGNC 28/6/1935)

De Schouwburg aan de Oude Stadsgracht 1, kort voor de afbraak; gezien vanuit de Lange Burchtstraat in de richting van het Kelfkensbos. Rechts, op de hoek, uitverkoop van de Damesmodewinkel van Banens en Beermann (waar in 1935 de Manufacturenzaak van J.H. Duives zou worden gevestigd), 1935 (GN8078 RAN)
Rechts, op de hoek, uitverkoop van de Damesmodewinkel van Banens en Beermann (waar in 1935 de Manufacturenzaak van J.H. Duives zou worden gevestigd); De Schouwburg aan de Oude Stadsgracht 1, kort voor de afbraak; gezien vanuit de Lange Burchtstraat in de richting van het Kelfkensbos, 1935 (GN8078 RAN)

Martinus Eduardus Veugelers, architect

Architect Martinus Eduardus Veugelers (Nijmegen,19-8-1878 – 16-12-1956) Het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis heeft reeds een uitgebreid artikel geschreven over…

Vishandel Overmeer architect Veugelers

Vishal Overmeer opent in februari 1955 zijn nieuwe vishal op Augustijnenstraat 29, nadat zijn oude zaak bij bombardement van februari…

Nieuwjaarswens (De Gelderlander 31/12/1927)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Nijs en Vale architect Deur

1953 Nijverheidsweg 19

Ir. Deur ontwerpt de nieuwe fabriek voor Nijs en Vale op het industrieterrein aan het Maas-Waalkanaal. Nijs en Vale was in 25 jaar uitgegroeid van een klein smederij tot een belangrijke fabriek van stalen ramen en constructiewerken. In 1994 sloot het haar deuren.

Een foto uit 1974 is te vinden op F11362 RAN

Vooraf

Nieuwjaarswens (De Gelderlander 31/12/1927)
Nieuwjaarswens (De Gelderlander 31/12/1927)

In 1926 vestigt F.J. Nijs zich aan de Graafseweg, op de hoek met de van Hezewijkstraat. Hij verkoopt fietsen en richt een smederij in voor klein ijzerwerk voor de woningbouw. De oppervlakte is 10 vierkante meter.

Verhuizing Groenestraat

Verhuizing Nijs naar de Groenestraat 62 (De Gelderlander 17/12/1931)
Verhuizing Nijs naar de Groenestraat 62 (De Gelderlander 17/12/1931)

Eind 1931 verhuist hij vanwege ruimtegebrek naar hij een woning aan de Groenestraat, met een smederij. Hij krijgt op 8-12-1931 een hinderwetvergunning  voor : het oprichten van een door electriciteit gedreven smederij achter perceel Groenestraat no. 62, op het terrein, kad. bekend gemeente Hatert Sectie C, no. 6166”. Deze verkrijgt hij op  (PGNC 11/12/1931).

“De ruime werkplaats, begrensd door een flink open terrein, is voorzien van de meest moderne machines, waar alle soorten smeed-, hek- en rastwerken vervaardigd kunnen worden. Voor de bouwvakken is deze uitstekend geoutilleerde inrichting dan ook een zeer goed adres, temeer daar desgenscht alles volgens tekening kan worden geleverd.” (De Gelderlander 17/12/1931)

Nijs en Vale

Advertentie Nijs en Vale PGNC 12/9/1939
Advertentie Nijs en Vale PGNC 12/9/1939

De oppervlakte bedraagt 200 vierkante meter. H.H. Vale treedt rond 1938 aan als compagnon toe. In 1938 werken 40 man bij Nijs en Vale.

Oorlog, bevrijding en brand

Er wordt een begin gemaakt met de bouw van een nieuwe fabriek: de oppervlakte wordt 450 vierkante meter en een jaar later vergroot tot 900 vierkante meter.

Waarschijnlijk heeft de aanvraag voor een hinderwetvergunning tot “het uitbreiden en wijzigen van haar door elektriciteit gedreven smederij in het perceel Groenestraat no. 62, kad. bekend, gemeente Hatert, Sectie C, no. 6166” (PGNC 2/1/1940) te maken met deze uitbreiding. Omdat het onderzoek langer duurt, kan de gemeente haar beslissing nog niet nemen in de daarvoor reguliere termijn (PGNC 15/2/1940). Uiteindelijk krijgt ze haar vergunning (PGNC 8/5/1940) onder een aantal voorwaarden die te maken hebben met het voorkomen van geluidsoverlast (ramen gesloten, enz).  

Maar dan begint de Tweede Wereldoorlog in 1940. Personeelsleden moeten in Duitsland werken, het bedrijf komt stil te liggen en de gebouwen worden verhuurd. Bij de bevrijding vorderen de geallieerden de gebouwen als opslagplaats en garage. Tijdens 2e Kerstdag breekt er brand uit tijdens een feestavond en brandt het gebouw geheel af.

Na de bevrijding: uitbreiding

Nijs en Vale: een advertentie na de oorlog (De Gelderlander 25/4/1946)
Nijs en Vale: een advertentie na de oorlog (De Gelderlander 25/4/1946)

Hoewel na de bevrijding er orders binnenkwamen, had Nijs en Vale geen gebouw, noch machines. Toch werd er in de open lucht gewerkt en maakte het stalen ramen. In 1945 werd het gebouw weer opgetrokken. In de bovenstaande advertentie staat als kantoor Hazenkampscheweg 9 genoemd. Dit is het huisadres van F.J. Nijs (Adresboek 1951)

In 1947 kreeg de fabriek een uitbreiding.  Daarvoor kocht Nijs en Vale het naastgelegen terrein aan de Groenestraat aan, waarbij het een uitweg naar de Thijmstraat had. Dan is de oppervlakte 2700 vierkante meter.

Afgaande op de advertentie hieronder, was er nog een andere uitdaging: woningen voor haar werknemers.

Gevraagd: kosthuizen of pensionnen (De Gelderlander 8/8/1950)
Gevraagd: kosthuizen of pensions (De Gelderlander 8/8/1950)

In 1951 viert het bedrijf haar 25 jarig bestaan en tevens het 12,5 jarig bestaan van het bedrijf Nijs en Vale. In die tijd is het bedrijf uitgegroeid van kleine smederij naar een van de belangrijkste bedrijven van dat moment.

Een fabriek in een woonwijk

In 1951 blijkt de fabriek (te) groot te zijn geworden, terwijl het midden in de woonwijk staat. Er was niet voorzien dat de fabriek na de oorlog zo hard zou groeien. Voor de oorlog was de fabriek, net als andere fabrieken en werkplaatsen in wijken, “klein” geweest.

Het betreft dan vooral de zandstraalmachine die overlast veroorzaakt. Deze “veroorzaakt niet alleen een hels kabaal, maar, zo vroeg spr. (Van Yperen, P.v.dA. in de raadsvergadering), kan deze machine niet behoorlijk worden afgeschermd zodat de wijde omgeving geen of weinig last meer heeft van het stof?”

De fabriek blijkt dan inmiddels al een aantal maatregelen te hebben genomen. Een verdere afscherming is technisch mogelijk, maar is zeer kostbaar. Nijs heeft intussen beloofd dat de machine ’s nachts niet meer zal werken en overdag alles dicht te houden, zodat het stof zich zo min mogelijk verspreid. Dan zijn er al gesprekken over overplaatsing aan de gang: “De directie wil graag de fabriek overplaatsen naar het industrieterrein, maar zo heeft zij gezegd, dan moet de gemeente wat soepeler zijn.” (De Gelderlander 4/10/1951)

Plannen verplaatsing fabriek

Op 9-1-1952 overlijdt J.F. Nijs. Hij heeft al de plannen voorbereid om de fabriek naar het industrieterrein aan het Maas-Waalkanaal te verplaatsen. Daarbij zal de gemeente de fabriek aan de Thijmstraat overnemen, waarin de brandweer wordt gevestigd.

De fabriek aan de Nijverheidsweg

December 1953 opent Nijs en Vale haar fabriek voor ramen en constructiewerken aan het Maas-Waalkanaal. Op dat moment werken er 170 man personeel. Ir Deur was de architect van deze bouw, fa. Smits en zn. De aannemer. Architect Jan Jansen zal voor de inrichting van de kantoorlokalen zorg dragen.

Het voordeel van de nieuwe fabriek is dat bewerkingen makkelijker kunnen worden uitgevoerd: er zijn minder handelingen nodig om de stalen ramen en constructiewerk naar de plaats van bestemming te krijgen. Als het werk de constructiewerkplaats verlaat, gaat het naar de zandstraal of schopeerinrichting. Hiervoor zijn aparte ruimtes ingericht. Voor de fabriek zijn 2 woningen gebouwd: 1 voor de bedrijfsleider en 1 voor de portier.

Pfell, een vriend van de inmiddels overleden Nijs bij de opening: “De stichter, die toen hij begon niets bezat, heeft de grondslag gelegd voor een moderne industrie, die voor Nijmegen grote betekenis heeft.”

De nieuwe fabriekshal is 90 bij 25 meter groot. In zijn toespraak bij de opening vertelt burgemeester Hustinx verheugd te zijn hoe de industrie zich heeft uitgebreid. Deze is voor groot belang voor ons land en Nijmegen in het bijzonder, omdat Nijmegen over de nodige werkkrachten bezit. Sedert 1950 hebben 11 nieuwe industrieën zich gevestigd op het haven industrieterrein en meerdere, kleinere, zijn op dat moment in aanbouw.

Vervolg

Er is nog niet verder onderzocht wat het vervolg is geweest. In ieder geval sluit de fabriek in 1994.

Op dat moment heet het bedrijf Nijva Nijmegen, gespecialiseerd in gevelbouw. Het is eigendom van het Britse Yule Catto.  Algemeen directeur Kakebeen noemt de markt voor kantorenbouw “desastreus”: er is een enorme overcapaciteit in Europa. Hij verwacht daarbij verbetering in 1996. Maar deze zal te laat komen: in 1992 was de situatie al behoorlijk verslechterd en draait al 2 jaar met verlies. In 1993 bedroeg het verlies 2,7 miljoen gulden op een omzet van 30 miljoen.

De houdstermaatschappij van Nyva Nijmegen, Nijs en Vale Holding, en het zusterbedrijf Nijs en Vale Zonwering zullen blijven bestaan. Bij Nijs en Vale Zonwering werken 16 medewerkers. Voor Nijva Nijmegen zullen de dan 70 medewerkers hun baan verliezen.

(Overige) Bronnen

De Gelderlander 12/12/1953

De Gelderlander 21/12/1953

Gevelspecialist Nijva moet poorten sluiten, Cobouw, 10-1-1994

Verbouwing Harting architect Deur

In 1939 ontwierp architect Deur de verbouwing van een woonhuis naar de opticien Harting, Hertogstraat 128. In het pand zit…

Jachtslot 'Mookerheide' met de uitzichttoren, op het gelijknamige landgoed, gebouwd in opdracht van Jan Jacob Luden naar ontwerp van Oscar en Henri Leeuw in de jaren 1902-1905 in de stijl van de Art Nouveau. Luden verkocht het in 1910 aan de heer Vroeg, die de kassen bouwde. In 1928 kwam het leeg te staan en na een kortdurig gebruik door de Duitsers in de oorlog kochten in 1947 de zusters Dominicanessen van Bethanië het landgoed om er een observatiehuis voor meisjes te vestigen. In 1987 kocht Natuurmonumenten het landgoed en werd het Jachtslot hotel restaurant (Bijschrift)
#Nijmegen

Jachtslot Mookerheide Oscar Leeuw

1902-1905 Huidig adres: Heumensebaan 2 Molenhoek, Samen met Henri Leeuw Jr

Jachtslot 'Mookerheide' met de uitzichttoren, op het gelijknamige landgoed, gebouwd in opdracht van Jan Jacob Luden naar ontwerp van Oscar en Henri Leeuw in de jaren 1902-1905 in de stijl van de Art Nouveau. Luden verkocht het in 1910 aan de heer Vroeg, die de kassen bouwde. In 1928 kwam het leeg te staan en na een kortdurig gebruik door de Duitsers in de oorlog kochten in 1947 de zusters Dominicanessen van Bethanië het landgoed om er een observatiehuis voor meisjes te vestigen. In 1987 kocht Natuurmonumenten het landgoed en werd het Jachtslot hotel restaurant (Bijschrift)
Jachtslot de Mookerheide,1905 (F73784)

Vooraf

Oscar en Henri Leeuw ontwierpen het jachtslot De Mookerheide in opdracht van Jan J. Luden van Heumen, een rijke bankierszoon. Dit is art nouveau stijl gebouwde pand is een van de hoogtepunten van hun werk. Luden zelf heeft het gebouw nauwelijks gebruikt. Sins 1985 is Natuurmonumenten eigenaar van het landgoed, inclusief het gebouw. Afgelopen jaren is er een uitgebreide restauratie geweest van het landgoed en het jachtslot. Een van de onmiddellijk in het oog springende veranderingen is het lichtroze pleisterwerk.

Kenmerken

Het slot is in art nouveau stijl ontworpen. Het is, kenmerkend voor de art nouveau/Jugendstil een echt “Gesamtkunstwerk” waarbij architectuur, beeldhouw- en schilderkunst samengaan.

Exterieur

De Architectuurgids Nederland 1900-2000: “Het witgpleisterde exterieur is een abstract-geometrische variant van de art nouveau”. Sinds de restauratie, welke in 2024 is afgerond, is de pleistering teruggebracht naar de oorspronkelijke, lichtroze kleur.

Tegenwoordig is nog veel van het exterieur aanwezig. De grootste veranderingen hebben aan de achterzijde plaats gevonden.

Interieur

Vooral aan het interieur is zeer veel zorg besteed. In de hal bevindt zich het trappenhuis en en glas-in-lood raam met Sint Hubertus. Hij is de patroonheilige van de jacht. Op het plafond zijn tekens van de dierenriem aangebracht.

Stuc, Kunst en Techniek: “…schatrijke Jan Luden van Heumen (1877-1935) van wie bekend is dat hij de ideeën van de theosofie aanhing. Tekenend hiervoor zijn de afbeeldingen in het jachtslot van astrologische symbolen, zoals dierenriemtekens, en sterrenhemels op de plafonds van de ‘hall’ en de badkamer.”

Daarnaast zijn er consoles van leeuwen te zien. Jan Schouten werkte mee als beeldend kunstenaar

Daarbij beschikte het jachtslot over moderne middelen: elektriciteit, centrale verwarming en een huistelefoon.

Landgoed

Jachtslot de Mookerheide staat op een landgoed van 160 hectare met niet alleen het omliggende park en tuin, maar ook bos.

Luden liet de heide ontginnen en de grond herbossen. Daarbij ging het vaak om de grove den en de Amerikaanse eik, later ook de douglas. Ook liet hij op zijn landgoed lanbouwgrond aanleggen.

Toen Natuurmonumenten het Landgoed in 1985 kocht, was van dit landgoed weinig meer over. Vandaar dat Natuurmonumenten vóór de restauratie van het Jachtslot eerst het omliggende landgoed wilde herstellen.

Het parkbos telt veel verschillende boomsoorten. Daarnaast zijn de kassen in de tuin opvallend.

Jan Jacob Luden van Heumen?

Een uitgebreid en zeer vermakelijk artikel is te vinden in de Grenssteen, welke tevens een belangrijke bron was voor het gedeelte over Luden.

Bericht finaal verkopen de vrije Heerlijkheid Heumen (PGNC 21/9/1877); de veiling daarvan was op 19 september begonnen.
Bericht finaal verkopen de vrije Heerlijkheid Heumen (PGNC 21/9/1877); de veiling daarvan was op 19 september begonnen.

Op 3 oktober 1877 koopt Jacob Hendrik Luden, de vader van Jan Jacob, het vervallen kasteel van Heumen. Daarvoor was deze het eigendom van jonkheer Boreel de Mauregnault en zijn vrouw Jacoba Craan. Zij waren 47 en 25 jaar daarvoor overleden.

Een andere gegadigde was Frans van den Broek, bierbrouwer en burgemeester van Heumen. Zij en later hun beide zonen, zullen nog regelmatig met elkaar botsen.

Bij het kasteel hoort een tuinmanswoning, tuinen, boomgaard, grachten en weiland, jacht- en visrecht en een deel van de Maas en uiterwaarden. Hij koopt in totaal 13,5 hectare voor 64.900 gulden. Aangezien het krantenartikel 17 hectare noemt, betekent dit dat hij het overgrote deel van de aangeboden stukken grond heeft gekocht.

Op 4-9-1878 breidt hij zijn bezittingen verder uit, door 25,5 van de 48,5 hectare hooiland en een deel van de Maas welke de Gemeente Nijmegen laat veilen aan te kopen. Ook hier was burgemeester van den Broek met zijn zoon een gegadigde.

Omdat hij eigenaar van de grond van de voormalige “Heerlijkheid Heumen” is geworden, wil Jacob de titel “Heer van Heumen” kopen van de gemeente Nijmegen. De Gemeenteraad besluit op 26 oktober 1878 de titel met graanrechten te verkopen voor 20.000 gulden. Volgens het verslag van de vergadering van de Gemeenteraad (zie hieronder) ging het daarbij vooral om de prijs van de graan- of koornrechten, “terwijl voor den titel van Heer niets zou betaald worden”.

Verslag vergadering Gemeenteraad 26-10-1878: verkoop van titel en graanrechten (PGNC 1/11/1878)
Verslag vergadering Gemeenteraad 26-10-1878: verkoop van titel en graanrechten (PGNC 1/11/1878)

Heerlijkheid en heerlijke rechten

Een heerlijkheid was een stuk grond waarop de heer eeuwenlang een aantal rechten had gehad, onder andere dat van rechtspraak. Aan het eind van de 18e eeuw waren heerlijkheden afgeschaft, maar na afloop van de Franse tijd weer gedeeltelijk hersteld, waaronder dat van jacht- en visrechten. Deze laatste rechten staan vermeld bij de advertentie voor de veiling hierboven. Voor Jan Luden en de burgemeester zou dit een bron van conflicten worden.

Waarom Jacob Hendrik de titel wil kopen is niet bekend: of dat vanwege de titel zelf of dat vooral de daar aan verbonden rechten van belang waren.

Jacob Hendrik Luden

Jacob Hendrik Luden is in 1841 geboren in Amsterdam. Hij stamt af van een Noorse familie, die in de 17 eeuw van Bergen naar Amsterdam was verhuisd. Ze had haar fortuin gemaakt in het verzekerings- en bankwezen, onder andere bij Hope & Co en Van Loon & Co.  

In de 19e eeuw waren verschillende landgoederen en buitenplaatsen in de omgeving van Doorn en Overveen gekocht. In 1864 trouwt hij met Tetia Moll. In 1875 wordt hij vader van Georgine Maria. Op 11 -8-1877 wordt Jan Jacob geboren, dus 2 maanden voor de aankoop van het kasteel. De zeer rijke Jacob Hendrik lijkt op dat moment nog geen band met de omgeving te hebben…

In april 1878 verhuist het gezin naar “De Wildbaan” in Driebergen. Tetia overlijdt op 30-8-1879, op 35 jarige leeftijd. Tien jaar overlijdt Jacob Hendrik.

Jeugd Jan Jacob Luden en erfenissen

Een jaar voor zijn overlijden had Jacob Hendrik aangegeven dat zijn neef Mr. Johannes Luden voogd over de 2 kinderen zou worden. Eind 1889 gaan de kinderen naar een kostschool: Jan Jacob naar Utrecht, waar tevens zijn oom Anthonie Moll woont. Hij is intelligent, maar lastig. Na 2 jaar wordt Jan Jacob overgeplaatst naar Stuttgart.

In 1890 vindt de verdeling van de erfenis plaats. Jan Jacob krijgt de bezittingen in Heumen en Maasbommel. Daarnaast erft hij een grote hoeveelheid obligaties en aandelen. Meer erfenissen volgen: van zijn moeder en oom. Dan is zijn vermogen tot 1,5 miljoen gegroeid, waar in 1894 nog eens een erfenis van 112.000 gulden bovenop komt. Let wel: Jan Jacob is op dat moment 16 of 17 jaar. Hij kan echter pas vanaf zijn 23ste verjaardag (in 1890 de grens voor volwassenheid) over deze erfenis beschikken.

Luden zoekt het hogerop

Op 23-jarige leeftijd verlaat hij zijn laatste pleeggezin om in Heumen te gaan wonen. Daarbij krijgt hij zelf ook meteen met burgermeester Albèrt van den Broek ruzie: als Heer van Heumen mag Luden -en niet de burgemeester- de jachtrechten verdelen.

Vanwege deze ruzie besluit Luden om de de hooggelegen bos-en heidegronden ten oosten van Heumen op Molenhoeks grondgebied aan te willen kopen. Hij geeft zijn rentmeester Montenberg opdracht om deze grond van de verschillende eigenaren aan te kopen: geld speelt daarbij geen rol. In 1900 koopt hij in totaal 14,5 hectare voor 25.694 gulden aan. Een jaar later koopt hij 17,5 hectare Mookerhei.

Hij wil het land kunnen overzien en gaan jagen. En van hogerop de loef afsteken naar zijn rivaal Van den Broek. Ook wil Luden een jachtslot laten bouwen, welke het mooiste gebouw van de omgeving moet worden.

De bouw van het Jachtslot

Jachtslot 'Mookerheide' met de uitzichttoren, op het gelijknamige landgoed, gebouwd in opdracht van Jan Jacob Luden naar ontwerp van Oscar en Henri Leeuw in de jaren 1902-1905 in de stijl van de Art Nouveau
Jachtslot ‘Mookerheide’ met de uitzichttoren, op het gelijknamige landgoed, gebouwd in opdracht van Jan Jacob Luden naar ontwerp van Oscar en Henri Leeuw in de jaren 1902-1905 in de stijl van de Art Nouveau, 1905-1910 (F73780 RAN)

Daarvoor krijgen de broers Oscar en Henri Leeuw de opdracht. De broers hebben in Nijmegen al de nodige bekendheid. Waaronder de Melkerij van Lent, die ook buiten Nijmegen de nodige aandacht heeft gekregen. En de Villa Dennenheuvel. Voor de bouw van het jachtslot speelt geld geen rol.

De aannemer is S. Grandjean Perinot Comtesse uit Nijmegen.

Op 31-10-1903 vindt de zogenaamde “eerste steen” legging plaats.

Daarbij wordt het voorzien van voor die tijd zeer moderne voorzieningen: elektriciteit, centrale verwarming, een huistelefoon, een lift van de keuken naar de eetzaal en warm en koud stromend water. Bovendien had het een inrichting voor het uitbroeden van eieren. Dat laatste hangt waarschijnlijk samen met het feit dat Luden op de tweede verdieping waarschijnlijk een vogellaboratorium wilde laten bouwen. Het gebouw had een eigen electrische intallatie, aangelegd door L.A. Moll . In de toren bevond zich een waterreservoir van 26M².

In 1905 is het grootste deel gereed. Bij de verkoop in 1909 blijkt dat de eetzaal nog niet is voltooid.

Gebruik door Luden en jachtrechten

Luden zelf heeft het jachtslot weinig gebruikt. In 1904 woont hij officieel in Parijs, de omgeving van Heumen en Nijmegen was voor hem te “bekrompen”. Enkele keren was hij op het jachtslot voor jachtpartijen of -feesten.

1910 – 1947:  Anthonie Vroeg

In september 1909 zet hij het landgoed te koop, waarbij het jachthuis met het omliggende park en de bos- en heidegronden in verschillende delen worden ingebracht. De bouw had f300.000 gekost. De inzet was echter op f150.000 bepaald; het hoogste bod was echter f90.500. Daarop ging de verkoop niet door.

Uiteindelijk vindt op 4-5-1910 toch verkoop plaats, voor een nog lagere prijs: f65.500 voor het gehele complex van 133 ha.

De nieuwe eigenaar was Anthonie Vroeg. Hij zou met zijn zus het jachtslot gaan bewonen. Hij liet het landgoed verder uitbreiden, met onder andere een tuinmanswoning. In 1928 ging Vroeg in Montreux wonen; het landgoed bleef echter tot 1947 in zijn bezit.

1947-1985 Klooster

In de Tweede Wereldoorlog was het in gebruik als een hoofdkwartier voor de Wehrmacht. Op 4-2-1947 vekocht Vroeg zijn bezit aan de Zusters van Sint Dominicus van Bethanië.

Verbouwing

Het jachtslot werd verbouwd tot klooster. Daarbij werd het dienstgebouw tot kapel verbouwd. Op de 2e verdieping en een deel van de 3e van het slot zelf kwamen slaapruimtes. De oude serre werd vervangen door een rechthoekige.

In 1950 vond een grote uitbreiding plaats om een meisjesinternaat te vestigen. Het klooster kreeg een lange achtervleugel, waarvan architect Frans Verwoerd uit Breda de ontwerper was. Deze vleugel had 2 bouwlagen. Daarnaast kreeg de oostvleugel, die in voorgaande jaren als was verhoogd, tevens 2 bouwlagen. Op de begane grond kwam een extra kapel. Er kwamen leslokalen en een praktijk voor een arts en psycholoog op de verdieping van de achtervleugel.

In 1971 vond een verbouwing plaats om het aantal slaapkamers te vergroten. In 1975 was er eveneens een verbouwing, waarbij de slaapkamers werden vergroot en de slaapzalen opgedeeld in afzonderlijke kamers.

1985-2017 Natuurmonumenten  en Hotel-restaurant Jachtslot de Mookerheide

In 1985 wordt Natuurmonumenten eigenaar van het landgoed en daarbij mede van het Jachtslot. Zij verpacht het gebouw, welke na een verbouwing dienst doet als restaurant. Op 27 november 1986 vindt de opening daarvan plaats.

In januari 2017 sloot hotel-restaurant Jachtslot de Mookerheide haar deuren. De eigenaar was op dat moment de heer Van Hout, die het pand in erfpacht had.

De Restauratie

Natuurmonumenten ging zich daarop beraden over het vervolg. Zij wilde herstel, niet alleen van het Jachtslot, maar van gehele landgoed.

Afgelopen jaren is er hard gewerkt aan de restauratie, welke in 2024 is afgerond.

Een aantal mooie bronnen over de restauratie:

https://res.cloudinary.com/natuurmonumenten/raw/upload/v1600783075/2020-09/brochure%20renovatie%20jachtslot.pdf Een mooie gids over de plannen van de restauratie

Volg hier het laatste bouwnieuws, blogs en vlogs

Rijksmonument

Het gebouw is een Rijksmonument, met als waardering:

“Jachtslot de Mookerheide is van algemeen, cultuurhistorisch en architectuurhistorisch belang als hoofdonderdeel van het aan het begin van de twintigste eeuw ontstane landgoed Mookerheide. Het jachtslot heeft architectuurhistorische waarde als zeldzaam voorbeeld van een landhuis in Art Nouveaustijl dat opvalt door de een zwierige lijnvoering in de gevelbehandeling en een forse, naar de functie verwijzende toren. Het pand is van belang vanwege de goed bewaard gebleven en zeldzame Art Nouveau-interieuronderdelen en de ruimtelijke opzet waardoor het een belangrijk voorbeeld is van opvattingen omtrent villabouw en van de ontwikkeling van de kunstnijverheid in het eerste decennium van deze eeuw. Er is sprake van een bijzondere eenheid in exterieurbehandeling en interieurafwerking en het pand is daarmee ook een van de belangrijkste voorbeelden van villabouw in het oeuvre van de broers Oscar en Henri Leeuw, die in Nijmegen en omgeving onder meer een groot aantal woonhuizen hebben gebouwd. Het jachtslot bezit in samenhang met de overige complexonderdelen hoge ensemblewaarden en speelt een belangrijke beeldbepalende rol door de prominente ligging aan de rand van het plateau van de Mookerheide, waarbij de toren een markerend element in het landschap vormt.”

Spoorbrug Nijmegen bij zonsondergang met de Oversteek op de achtergrond

Geheel gratis. Het e-mail adres wordt alleen gebruikt voor het sturen van de blog.


Bronnen

https://www.historiemolenhoek.nl/de-bewoners-van-het-jachtslot-de-mookerheide: een zeer uitgebreid artikel over de bewoners van het Jachtslot.

http://www.architectuurgids.nl/project/list_projects_of_architect/arc_id/133/prj_id/34

https://mijngelderland.nl/inhoud/canons/nijmegen/gebouwen-van-oscar-leeuw

Oscar Leeuw, architect

Oscar Leeuw is een van de belangrijkste architecten van Nijmegen. Bekende werken van hem zijn onder de synagoge, museum Kam…

Melkerij Lent

In 1899 opent Wildenbeest een stoomzuivelfabriek en melksalon. Vooral het laatste trekt veel aandacht. Dit gebouw is ontworpen door de…

Villa Dennenheuvel architect Leeuw

1900 Rijksstraatweg 46 Ubbergen, Rijksmonument De Rotterdammer Suermondt liet in 1900 zijn villa bouwen aan de Rijksstraatweg in Ubbergen. Het…

Voormalig Bijkantoor Nederlandse Bank, Klein Marienburg 22-24
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken, Marienburg

Bijkantoor Nederlandsche Bank architect Zwiers

1954 Klein Mariënburg 22-24 Centrum Gemeentelijk Monument

Voormalig Bijkantoor Nederlandse Bank, Klein Marienburg 22-24
Voormalig Bijkantoor Nederlandse Bank, Klein Marienburg 22-24

Nadat het kantoor tijdens de gevechten van september 1944 was afgebrand en Gelderse Spaarbank het pand wilde kopen, besloot de Nederlandsche Bank een nieuw pand voor haar agentschap te laten bouwen aan de Mariënburg. Architect Zwiers ontwierp een sober, solide gebouw, waarbij Hammes met een aantal kunstwerken zorgde voor de nodige frivoliteit.

Vooraf

Op 21 september 1944 was het vroegere bankgebouw afgebrand door een ontploffing van een munitiewagen, welke door een Duits projectiel was geraakt. Een andere bank wilde het gebouw graag kopen: zij had niet zo veel ruimte nodig als de Nederlandsche Bank en bovendien kon zij gebruik maken van de kluizen, die intact waren gebleven. Daarop besloot de Directie van de Nederlandsche Bank tot verkoop en een nieuw, ruimer gebouw te laten bouwen.

De bouw begon op 12-1—1951. De locatie was gekozen vanwege:

  • De representatieve plaats, waarbij tegelijk ongeveer de plaats van het vroegere gebouw kon worden benaderd
  • De mogelijkheid van een rondom vrije ligging, vanwege de veiligheid

Feitelijk had de Nederlandsche Bank voldoende aan de ruimte op deze plek met slechts 1 verdieping voor haar agentschap. Vanuit stedebouwkundig oogpunt en vanwege het representatieve karakter, besloot de Bank een verdieping extra te laten bouwen. Deze verdieping kon daarbij verhuurd worden en, mocht daar op een gegeven moment behoefte aan zijn, dienen tot uitbreiding van het agentschap.

Stijl

Het voormalig kantoor van het agentschap van de Nederlandsche Bank N.V., gelegen op de hoek met de Mariënburgsestraat. Het werd gebouwd in 1949/1950 en werd ontworpen door architect door H.T. Zwiers, 27/4/1995 (Ger Loeffen via F38310 RAN CCBYSA) Klein Marienburg 22-24 Nijmegen
Het voormalig kantoor van het agentschap van de Nederlandsche Bank N.V., gelegen op de hoek met de Mariënburgsestraat. Het werd gebouwd in 1949/1950 en werd ontworpen door architect door H.T. Zwiers, 27/4/1995 (Ger Loeffen via F38310 RAN CCBYSA)

Het Nieuwe Instituut: “Het bankgebouw is uitgevoerd in de traditionalistische stijl van de Delftse School. Kenmerkend is de sobere, solide uitstraling van het gebouw dat paste bij het imago van het bankwezen. De hoofdvorm is van een monumentale eenvoud. Het karakter wordt bepaald door de geslotenheid van de baksteen gevels en de accentuering van ramen en ingangen door natuurstenen omlijstingen”

Indeling

Op de begane grond ligt de publieke hal, “die groot is genomen, omdat het op topdagen zeer druk kan zijn en een op elkaar gepakte menigte een hoogst onveilig gevoel geeft, aldus spr.

Aan die hal grens het kantoor voor kas, rekening-courant, enz. Voorts liggen hier twee spreekkamers (waarvan één voor de Agent) en de portiersloge.

De kamer van de Agent ligt verder naar achteren en staat in rechtstreeks contact met de Kas-afdeling en met de toegang tot de kluizen.

Op de eerste verdieping ligt een publieke ruimte met aangrenzende kantoorruimte voor belening, bewaarneming en deviezen. Daar is ook een vergaderkamer en een reserve-kantoor.” (De Gelderlander 6/5/1954)

Het achterterrein is bereikbaar via de poort aan de zijde van Klein Mariënburg. Deze is bestemd voor het transport van waarden. Daardoor moest de terrein zo veilig mogelijk van de straat en de aanliggende erven worden gescheiden. Dit gebeurd door hoge muren aan de Spaarpotsteeg en langs de oostkant van het achterterrein.

Bijzonder is dat in de kelder gebouwd is als brandkluis, maar dat zich hier tevens een atoomkelder bevindt. In een aantal bijruimtes zijn nog installaties te vinden, die er onder ander voor moesten zorgen dat atoomdeeltjes uit de lucht werden gefilterd. De Gemeentelijke Monumentenlijst  geeft een uitvoerige beschrijving van het gebouw. Hierbij zijn tevens veel foto’s opgenomen.

Kunstwerken voor representatie én humor

Spaarvarkens, beelden van Hammes (september 2024)
Spaarvarkens, beelden van Hammes (september 2024)

“Voor het sterker aanzetten van het representatieve karakter van de toegang tot de Spaarpotsteeg èn van de hoofdingang zocht Zwiers naar een beeldhouwer, “die zijn suggesties kon volgen” (De Gelderlander 6/5/1954). 

De beeldhouwer Hammes maakte op de stenen pylonen bij de toegang tot de Spaarpotsteeg 2 spaarvarkens. De één tevreden met een geldstuk in zijn gleuf, de ander sip, zonder muntstuk. “bij zoveel ernst immers past wel een glimlach, vooral als die buiten de deur blijft, aldus spr.” (De Gelderlander 6/5/1954)

In de hoofdingangspartij kwamen vogelmotieven, aanvliegend op een centraal geplaatst wapenschild. Zij staan symbool voor de Agentschappen, als boodschappers van de centrale Amsterdamse Hoofdbank.

Het Geldverkeer, beeld van Hammes (september 2024)
Het Geldverkeer, beeld van Hammes (september 2024)

Boven de ingang is een plastiek van metaal geplaatst, “Het Geldverkeer”. Hierbij werpen twee zittende figuren elkaar geldschijven toe, welke de geldcirculatie rond de wereldbol voorstelt.

Het Nieuwe Instituut noemt binnen de wanden van geglazuurde gebakken steen. Aan een van deze wanden is een voorstelling van keramiek aangebracht, welke verwijst naar de ondergang en de belofte van de herrijzenis van de stadskern van Nijmegen. Daarbij zijn de jaartallen 1944 en 1954 aangebracht. Het kunstwerk, eveneens een werk van Hammmes, is te zien op F30036 RAN.

Ook ontwierp hij een houtreliëf van 4 figuren: 2 middenfiguren houden zakken met geld vast die de 2 buitenfiguren proberen te stelen, te zien op F85260.

Architect Zwiers

Henry Timo Zwiers (Amsterdam, 10 februari 1900 – Haarlem, 2 juni 1992) was een Nederlandse architect. Hij ontwierp de nieuwe Bijbank van de Nederlandse Bank aan de Boompjes in Rotterdam, welke van 1950-1955 gebouwd werd. Ook deed hij mee aan een prijsvraag voor het ontwerp van het kantoor van de Nederlandse Bank in 1954. Zijn ontwerp werd echter niet gekozen en uiteindelijk zouden geen van de ontwerpen die architecten voor de prijsvraag hadden aangeleverd, worden gerealiseerd. Ook ontwierp hij voor andere banken -in andere plaatsen dan Nijmegen-. onder andere voor de Twentsche Bank. Het Nieuwe Instituut heeft een uitgebreid overzicht van de ontwerpen van Zwiers.

In Arnhem ontwierp hij de Grote Enk, het kantoorgebouw van de AKU/Akzo.

Ook ontwierp hij woningbouw. Daarbij is het belangrijk dat hij een de 3 architecten was, die vrijwel alle airey-woningen (een type systeembouw) in Nederland heeft ontworpen. Daarvan is Sloterhof in Amsterdam zijn belangrijkste werk.

Gemeentelijk Monument

Het gebouw is een Gemeentelijk Monument met als waardering:

“Het voormalige agentschap van de Nederlandse Bank heeft cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van degelijke soberheid tijdens de wederopbouwperiode in het algemeen en als betrouwbare en solide uitstraling van de Nederlandse Bank in het bijzonder. Een veilige geldafhandeling en gedegen voorbereiding op een mogelijke atoomaanval gedurende de Koude Oorlog zijn in het gebouw nog duidelijk afleesbaar.


Architectuurhistorische waarde als goed en gaaf voorbeeld van traditionalistische
wederopbouwarchitectuur van H.T. Zwiers. Zwiers was een bekende architect die tegelijkertijd de nieuwe Bijbank van de Nederlandse Bank in Rotterdam ontwierp (1949-1955) en later de uitbreiding van de Amsterdamsche Bank (1966-1972). Ook ontwierp hij woningbouw. In het voormalige agentschap van de Nederlandse Bank heeft Zwiers op geslaagde wijze monumentale strengheid gecombineerd met frivole decoratie.
Wat betreft het interieur zijn de volgende bewaard gebleven onderdelen van waarde: de kluiskelder met sluis en kluisdeuren, de atoomkelder met bijruimten waarin oorspronkelijke technische installaties, het trappenhuis aan de zuidzijde met de met travertin beklede traptreden en stalen balustrades met houten relingen. Voor het overige zijn er in het interieur op de begane grond en de verdiepingen geen onderdelen van waarde meer.


Stedenbouwkundige waarde als onderdeel van een reeks (voormalige) bankgebouwen rond het Mariënburg en vanwege de hoekoriëntatie die verbonden is met de nieuwe doorbraak tussen Mariënburg en Hertogplein.
Het plastiek Het Geldverkeer boven de entree is van hoge waarde. De licht abstracte en figuratieve voorstelling is speels en tegelijk gewichtig door de symmetrie en de uitvoering in koper. Deze combinatie maakt het bijzonder. Het past uitstekend bij de architectuur en is daar vanwege de frivoliteit een waardevolle aanvulling op. De twee varkentjes hebben de betekenis van humoristische relativering van de waarde van geld. Beeldend gezien vormen de varkens een op maat gemaakt, frivool accent
tegen de functionele en strenge achtergrond van de architectuur. Daarom vormen ze een toegevoegde waarde op de architectuur.”

Bronnen

De Gelderlander 6/5/1954

Gemeentelijke Monumentenlijst

https://zoeken.nieuweinstituut.nl/nl/projecten/detail/0ceee780-cae6-51c5-a5a1-67aed3749933

Henry Zwiers, wikipedia

http://www.architectuurgids.nl/project/list_projects_of_typeofbuilding/typ_id/16/prj_id/1496

https://www.architectuur.org/bouwwerk/658/De_Nederlandsche_Bank.html

Bijbank Nederlandsche Bank

De bijbank van de Nederlandsche bank aan de Mariënburg, welke later de spaarbank werd. Architect Salm ontwierp het gebouw in…

Middenstandsbank

In 1938 betrekt de Nederlandsche Middenstandsbank haar kantoor op de van Welderenstraat. Daarvoor laat ze het Effectenkantoor van Leeuwenberg samen…

Witte Kerkje, Dorpsstraat 112 Neerbosch-Oost (februari 2021)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Witte Kerkje en kerkhof Neerbosch-Oost

Eind 14e/begin 15e eeuw Kerk en kerktoren Dorpsstraat 112, Begraafplaats, Gemeentelijk monument Neerbosch-Oost

Witte Kerkje, Dorpsstraat 112 Neerbosch-Oost (februari 2021)
Witte Kerkje, Dorpsstraat 112 (februari 2021)

De meeste mensen kennen het kerkje aan zijn kleur: het Witte kerkje van Neerbosch. Het is eind 14e/begin 15e eeuw gebouw als een kerk gewijd aan St. Antonius Abt. In 1591 werd het een hervormde kerk. In 1975 en 2014 volgden er restauraties.

Vooraf

Eind 13e eeuw vond drooglegging plaats van het moerassige gebied ten westen van Nijmegen, de “Nederen Bossche”. Deze bossen maakten onderdeel uit van het Reichswald. In 1410 wordt “Die capelle in den Nederen Bossche genoemd” in een scheepsprotocol: waarschijnlijk hadden zich op dat moment al zoveel mensen in het gebied gevestigd dat er een kapel was. De kapel was gewijd aan St. Antonius, zoals veel kapellen in bosrijke gebieden (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis).

Van St. Antonius Abt naar Hervormde kerk

Witte kerkje Neerbosch Hendrik Hoogers GN701
Witte kerkje Neerbosch, ets van Hendrik Hoogers, 1788 (GN701 RAN)

De kerk zelf is eind 14e/begin 15e eeuw gebouwd en eveneens gewijd aan St. Antonius Abt. De toren is later gebouwd, in 1438. Daarbij is deze toren In 1456 vernieuwd. De lage zijbeuken zijn van latere datum.

Architectuur en inrichting

Wikipedia: “De kerk is gebouwd als gotische dorpskerk met pseudo-basilicaal schip op pijlers en een driezijdig gesloten koor met sacristie aan de zuidzijde. Aan de zuidzijde van het schip bevindt zich een overwelfd portaal. Het interieur heeft kruisribgewelven op gebeeldhouwde kraagstenen. Het schip met ingangsportaal en het koor met sacristie zijn waarschijnlijk 15e-eeuws.

De toren is een eenvoudig gotisch bouwwerk met slanke ingesnoerde naaldspits. De klokkenstoel heeft een klok van Adriaen Steylaert en dateert uit 1574. De klok heeft een diameter van 73,5 cm. Het mechanische torenuurwerk is aanwezig, maar niet in gebruik.“

Hervormde kerk

De Nederlands Hervormde St. Antoniuskerk (het witte kerkje van Neerbosch), met omgevende bebouwing, 1900 (GN45013 RAN)
De Nederlands Hervormde St. Antoniuskerk (het witte kerkje van Neerbosch), met omgevende bebouwing, 1900 (GN45013 RAN)

Vanaf 1591, op het moment dat Maurits Nijmegen op de Spanjaarden tijdens de Tachtigjarige Oorlog had veroverd, ging de kerk over naar de Nederduits Gereformeerde Kerk (de “hervormden”).

Daarbij is het bijzonder dat de grijze stenen vloer afkomstig is uit de St. Stevenskerk. Toen rond 1800 de vloer van de Sint Steven aan vervanging toe was, zijn de tegels in het Witte kerkje terecht gekomen. Daarvoor had de vloer van het Witte kerkje bestaan uit aarde.

Naast de begraafplaats, werden ook in de kerk zelf mensen begraven. Dit waren 6 graven, waarbij er 1 bewaard is gebleven. Afgaande op de foto’s, staat de grafsteen hiervan tegenwoordig in de ruimte opgesteld.

Van centrum van het dorp naar rand

De Dorpsstraat met Witte Kerkje, 1922-1926 (GN11036 RAN)
De Dorpsstraat met Witte Kerkje, 1922-1926 (GN11036 RAN)

Oorspronkelijk vormde de kerk en pastorie samen met de jongensschool de kern van het dorp Neerbosch. Het dorpje raakte echter doormidden gesneden bij de aanleg van het Maas-Waalkanaal in 1927. Daarbij kwam de kerk door uitbreidingen van Neerbosch-Oost aan de rand van de wijk te liggen.

Sinds de laatste eredienst raakte het in onbruik.

Het Nederlands Hervormde kerkje - tot de Reformatie gewijd aan St. Antonius Abt - of Witte kerkje van Neerbosch voor de restauratie, 1969 (F.J.G. Schemkes via 88775 RAN CC0)
Het Nederlands Hervormde kerkje – tot de Reformatie gewijd aan St. Antonius Abt – of Witte kerkje van Neerbosch voor de restauratie, 1969 (F.J.G. Schemkes via 88775 RAN CC0)

In 1975 volgde een restauratie. Vanaf dat moment was de kerk weer af en toe in gebruik, meestal als trouwlocatie.

Verkoop

Aart Stadelmaier, kleermaker van de paus

Van 2004 tot 2010 had Aart Stadelmaier zijn atelier en winkel in het schip. De toren (en kerkhof) bleef eigendom van de gemeente.

Hij stond bekend als “kleermaker van de paus”. Zijn bedrijf maakte kazuifels, habijten en andere religieuze gewaden en voorwerpen. Aart, die zijn vader in 1997 had opgevolgd, specialiseerde zich in moderne, sobere gewaden voor grote plechtigheden, vooral voor de Amerikaanse markt. Onder andere door het leveren van 1500 gewaden voor het bezoek van paus Johannes Paulus II aan Saint Louis (Missouri) in 1999 en 800 bij de opening van de kathedraal in Los Angeles. In 2004 was het bedrijf failliet gegaan vanwege afnemende markt en slechte bedrijfsresultaten.

In Nijmegen werd een doorstart gemaakt, met het atelier en winkel in het Witte Kerkje. De gehele productie werd naar Roemenië verhuisd. In 2010 ging hij echter alsnog failliet.

Daarop werd het pand te koop gezet. Wanneer het schip “al een tijdje” te koop staat (vraagprijs 295.000 euro), is het mogelijk om vanaf maart 2013 om ook de toren (vraagprijs 25.000 euro) van de gemeente te kopen. Dit, vanuit de gedachte dat het waarschijnlijk makkelijker is om het gehele gebouw -mét toren- te verkopen. De gemeente stelt bovendien een voorlopig koopcontract met Stadelmaier. Daarnaast is het ook mogelijk om in het pand te mogen gaan wonen.

Ton Brouwers

De nieuwe eigenaar wordt Ton Brouwers met zijn bedrijf Because (Noviomagus). Hij laat een glazen pui in staal bouwen door Staal in Stijl, waarbij de foto’s nog op zijn site zijn te zien. Brouwers had echter geen interesse in de toren (Erfgoedstem); de toren en begraafplaats zijn tegenwoordig (april 2024) nog steeds eigendom van de gemeente.

Rob en Janneke Haukes

In 2017 is er een nieuwe eigenaar: Rob en Janneke Haukes. Aanvankelijk was het idee om het gebouw als kantoorruimte te gebruiken. Al snel kwam het idee dat het gebouw een breder publiek verdient dan alleen als kantoor dienen, De ruimte kan gehuurd worden voor onder andere trouwen, rouwen, vergaderingen en concerten. (Behalve de eigen website, heeft IndeBuurt een mooi artikel over de verbouwing en het kerkje geschreven).

Begraafplaats

Ten noorden van het kerkje ligt een begraafplaats. Deze deed van ongeveer de 15e eeuw tot 1890 dienst als kerkhof. Na de reductie werden zowel katholieken als protestanten op het kerkhof begraven, elk op hun eigen gedeelte. (In Paradisum), ondanks dat er een verbod op het katholicisme was. Waarschijnlijk op de manier waarop Cultureel Erfgoed de situatie in het algemeen beschrijft: “Met de Reformatie eind zestiende eeuw raakten nagenoeg alle katholieke kerkhoven in handen van burgerlijke of hervormde gemeenten. Katholieken konden er nog gewoon begraven worden, maar zonder religieuze verwijzingen bij uitvaart of op een eventuele gedenksteen.”

De gemeentelijke monumentenlijst noemt: “Ondanks het verbod op het katholicisme werden op de begraafplaats vanaf 1810 zowel katholieken als Nederlands-hervormden begraven.” Waarschijnlijk bedoelt ze met “1810” dat vanaf dat moment het katholicisme niet meer verboden is en dat ze haar overledenen openlijk volgens hun gewenste riten kunnen begraven.

Het einde

De hervormden werden hier tot 1829 begraven. Vanaf 1848 werden de katholieken vooral begraven op de katholieke begraafplaats aan de Dennenstraat. In 1890 ging het kerkhof dicht, aangezien sinds de opening van de algemene begraafplaats aan de Graafseweg in 1881 geen nieuwe begrafenissen waren geweest.

Vervolg

Daarna zette het verval in: overwoekering van graven, geopende grafkelders en hekken waren omver getrokken. Tussen 2012 en 2017 heeft de gemeente samen met stichting in Paradisum de begraafplaats gerestaureerd. Tot nu toe konden 47 graven zichtbaar worden gemaakt en beschreven. Een mooi artikel over de restauratie is te vinden op de site van In Paradisum, beheerder van deze en andere begraafplaatsen van Nijmegen

Bronnen

Gemeentelijke Monumentenlijst

https://nl.wikipedia.org/wiki/Nederlands_Hervormde_kerk_(Neerbosch)

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Parochie_Neerbosch

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Kerkdorpen_Hees_en_Neerbosch

https://indebuurt.nl/nijmegen/woning-van-de-week/binnenkijken-bij-het-nijmeegse-witte-kerkje-de-oude-vloer-van-de-stevenskerk~164417/: met mooie foto’s van het pand van binnen

Binnenkijken bij het Nijmeegse Witte Kerkje: ‘De oude vloer van de Stevenskerk’, Sam de Bondt in IndeBuurt, 15 jan ’22

https://www.gelderlander.nl/nijmegen-e-o/witte-kerkje-van-neerbosch-is-nu-een-officiele-trouwbestemming-het-schreeuwt-om-bruiloften~acbfbabb

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/kerk-te-koop-in-neerbosch-nu-met-toren~ade0282d

Historische Begraafplaats Daalseweg

Aan de Daalseweg ligt een van de bekendste begraafplaatsen van Nijmegen, ontworpen door architect Weve. In 1885 vindt de inzegening…

Julianapark en begraafplaats

In het Julianapark staan een aantal prachtige, oude bomen en daarnaast veel moderne beelden. Oorspronkelijk lag hier Fort Kijk in…

Limonadefabriek Onstenk Eerste Walstraat 64- 74, architect vd Boogaard (april 2024)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Firma G.J. Onstenk Eerste Walstraat architect vd Boogaard

Limonadefabriek Onstenk Eerste Walstraat 64- 74, architect vd Boogaard (april 2024)
Limonadefabriek Onstenk Eerste Walstraat 64 – 74, architect vd Boogaard (april 2024)

In 1930 ontwerpt architect M. van den Boogaard (die ondertekent met A. van den Boogaard) de limonadefabriek voor Onstenk in de Eerste Walstraat 64-74. Daarvoor heeft hij al de uitbreiding van Onstenk in 1929 in de Regulierstraat ontworpen.

Vooraf: Begin Regulierstraat en uitbreiding

De Firma Onstenk was klein begonnen in de Regulierstraat, waar “op bescheiden voet een bierhandel en limonade-fabriek werd geëxploiteerd”. (De Gelderlander 1/8/1939) Gerhardus Jozephus Onstenk (24-7-1901 Baak, gemeente Steenderen) was op 23 juni 1926 van Zutphen naar Parkweg 76 in Nijmegen verhuisd. Op 21 september 1926 trouwt hij met Hendrika Theodora Brink (28-3-1900, Vorden). In 1928 komt Onstenk voor op de Regulierstraat 33: waarschijnlijk betreft dit zijn woning en een klein bedrijf; een andere mogelijkheid is dat het “pakhuis” op 33a al bij Onstenk hoort.

Deze ruimte bleek te klein te zijn. Daarop wordt het naastgelegen pand bijgetrokken, naar ontwerp van architect Van den Boogaard. Mogelijk betreft dit het “pakhuis” op Regulierstraat 33a. De Gelderlander:

Uitbreidng firma G.J. Onstenk.

Bovengenoemde firma sinds eenige jaren gevestigd aan de Regulierstraat, zag zich door uitbreiding van relaties genoodzaakt haar bekende electrische limonadefabriek en bierbottelarij eene belangrijke uitbreiding te doen ondergaan, waarvoor het naastgelegen pand werd aangetrokken. Hierdoor werd een ruimte verkregen van 30 bij 9 meter, een afmeting die noodig bleek om plaats te geven aan de verschillende moderne machines waarmede het bedrijf werd verrijkt. De eigenaar is nu meer dan ooit in de gelegenheid de bestellingen, en vooral de grootere kwantums vlug en op tijd te leveren, waarvoor een speciale autobesteldienst in bedrijf werd gesteld.

De heer Onstenk is hoofdagent van de bekende Hengelosche bieren en fabriceert bovendien verschillende limonade gazeuses met koolzuur.

De verbouwing, zoomede ’t aanbrengen der nieuwe pui, geschiedde door den architect den heer v.d. Boogaard.” (De Gelderlander 22/6/1929).

Opvallend is, dat het artikel in De Gelderlander 1/8/1939 niets over de uitbreiding van
1929 noemt, terwijl het bij het pand op de hoek Regulierstraat-Eerste Walstraat
om nieuwbouw gaat. Het pand van Regulierstraat 33 (en 33a) zal overigens tijdens het bombardement van februari 1944 worden verwoest.

Nieuwbouw hoek Regulierstraat – 1e Walstraat

Bouwplan v/e Limonadefabriek met Winkelhuis en Bovenwoningen, Arch A. v.d. Boogaard, Datum Dossier 25-2-1930 (D12.395368)
Bouwplan v/e Limonadefabriek met Winkelhuis en Bovenwoningen, Arch A. v.d. Boogaard, Datum Dossier 25-2-1930 (D12.395368)

“Na eenige jaren bleek, dat de voortdurende groei van het bedrijf, het noodzakelijk maakte naar een grootere ruimte om te zien, welke werd gevonden door nieuwbouw op een terrein hoek 1e Walstraat en Regulierstraat, waar de firma thans nog is gevestigd.” (De Gelderlander 1/8/1939)

Op 12-2-1930 besteedt A. v.d. Boogaard “Het afbreken van de perceelen 64-88 aan de Eerste Walstraat hoek Regulierstraat te Nijmegen en het daar weder opbouwen van een Winkelhuis met Limonadefabriek en drie Bovenwoningen” aan. (PGNC 5/2/1930)

Links is een woning, rechts de fabriek, welke nog verder doorloopt (D12.395368). Daarbij rechts 2 grote deuren, waarschijnlijk bedoeld voor het in- en uitrijden. De gehele begane grond bij de nummers 64 t/m 72 was de limonadefabriek (de 2 grote deuren en het raam links naast de linker grote deur; de deuren bij nummer 64, 68 en 72 zijn opgangen naar de bovenwoning). Deze fabriek liep vervolgens door, achter de panden van de Regulierstraat. Afgaande op de tekening, zijn hetzelfde deuren als tegenwoordig.

Bouwplan v/e Limonadefabriek met Winkelhuis en Bovenwoningen, Arch A. v.d. Boogaard, Datum Dossier 25-2-1930 (D12.395368)
Bouwplan v/e Limonadefabriek met Winkelhuis en Bovenwoningen, Arch A. v.d. Boogaard, Datum Dossier 25-2-1930 (D12.395368)

Op 12-9-1933 krijgt Onstenk een hinderwetvergunning voor het uitbreiden van zijn fabriek (PGNC 12-9-1933).

Uitbreiding 1939: destilleren en vervaardigen van alcohol

Advertentie Onstenk De Gelderlander 29/7/1939
Advertentie Onstenk De Gelderlander 29/7/1939

“Ook de nieuwe zaken floreerde er wel zoodanig, dat de heer Onstenk met het plan rondliep aan de zaak te verbinden een disteleerderij 1e klasse likeurfabriek en advocatenfabriek. Deze plannen zijn thans verwezenlijkt”,  vervolgt het artikel van 1 augustus 1939.

Hiervoor had Onstenk op 5 mei een hinderwetvergunning verkregen “tot het oprichten van een inrichten en distilleeren en vervaardigen van alcoholica” (PGNC 9/5/1939). Het betreft Eerste Walstraat no. 66 (Sectie C. No 6804), waar de architect Cornelissen een (interne) verbouwing voor ontwerpt (zie het bouwdossier D12.404610).

“Plaatselijke zaken kunnen nu het door hun benoodigde betrekken van een stadgenoot en zijn niet meer afhankelijk van buiten Nijmegen gevestigde firma’s.

Nijmegen heeft nu zijn eerste plaatselijk gevestigde distelleerderij en waar de firma Onstenk reeds een reputatie verwierf op ’t gebied van bier en limonade, zal zij deze reputatie hoog weten te houden door ook het gedistilleerd, likeuren, enz. te rangschikken in eerste klas kwaliteit en service.”

Ook is er een bouwtekening D12.405278 waarbij Cornelissen in april 1940 een kleine uitbreiding heeft ontworpen door een deel van de open plaats achter bij de fabriek te trekken.

Verhuizing Onstenk naar Biezenstraat

Onstenk zal echter verhuizen naar de Biezenstraat: in januari 1949 verkrijgt firma G.J. Onstenk in januari 1949 een hinderwetvergunning “tot het oprichten van een door elektriciteit gedreven inrichting tot het vervaardigen van gedistilleerde dranken, likeuren en limonades in perceel Biezenstraat 44-46, kadastraal bekend gemeente Neerbosch, sectie A no. 1910”. (De Gelderlander 17/1/1949).

Op een later tijdstip, in ieder geval in 1963 hoort ook nummer 48 bij de “Distilleerderij & Handel Maatschappij NV Firma Onstenk”.

Foto’s daarvan zijn te vinden op:

  • F26752 RAN, een foto uit 1950-1952
  • F62576 RAN, een foto uit 1990

Gemeentelijk Monument

Deur Eerste Walstraat 20240412
Deur Eerste Walstraat (april 2024)

Het pand is een Gemeentelijk Monument met als waardering:

“Het pand is een goed en gaaf bewaard gebleven voorbeeld van een klein fabrieksgebouw met woningen in late Amsterdamse schoolstijl van architectenbureau A. v.d. Boogaard uit het jaar 1930. Daarnaast is het fabrieksgebouw van stedenbouwkundig belang, vanwege de beeldbepalende ligging op de hoek van de kruising van de Eerste Walstraat en de Regulierstraat.”

(Overige) Bronnen en verder lezen

Onstenk distilleerderij, Noviomagus: een uitgebreid artikel, ook over het vervolg in de Biezenstraat, met daarnaast foto’s van etiketten.

Sans Souci, hoek Parkweg - van Berchenstraat (april 2024)
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

Van Berchenstraat architect van der Waarden

1889 Van Berchenstraat 31-35 Parkweg 1 (en Van Berchenstraat 21-29)

Hoek Parkweg en Van Berchenstraat (april 2024)
Hoek Parkweg en Van Berchenstraat (april 2024)

2 wandtekens herinneren aan de panden op de hoek van de Parkweg en Van Berchenstraat aan de molen Sans Souci. Deze woningen zijn gebouwd voor de weduwe van der Waarden door de bouwdkundige van der Waarden.

In 1880 werden bouwterreinen uitgegeven na de sloop van de vestingwerken. De daadwerkelijke bouw liep vertraging op, omdat de molen op de St. Jacobsmolen niet gesloopt kon worden. Voor het verhaal van de molen zie het artikel hieronder.

De St. Jacobsmolen, ook Polmolen "Sans Souci" genoemd, met handgeschreven verklarende tekst: “Molen op de wal der vesting. Berucht omdat de molenaar hem niet wilde laten onteigenen. Gekocht op speculatie door tante Sien, die er huizen bouwden aan de Walstraat. Een molentje staat nog op een der huizen” (Tante Sien, Clasina Barbara Philomena Felet, was de vrouw van Lambertus Theodorus van der Waarden), 1882-1885 (Gerard Korfmacher via F475531 RAN)
De St. Jacobsmolen, ook Polmolen “Sans Souci” genoemd, met handgeschreven verklarende tekst: “Molen op de wal der vesting. Berucht omdat de molenaar hem niet wilde laten onteigenen. Gekocht op speculatie door tante Sien, die er huizen bouwden aan de Walstraat. Een molentje staat nog op een der huizen” (Tante Sien, Clasina Barbara Philomena Felet, was de vrouw van Lambertus Theodorus van der Waarden), 1882-1885 (Gerard Korfmacher via F475531 RAN)

In 1887 vindt de veiling van de molen alsnog plaats. Hij wordt dan op 16 mei verkocht voor f.4900 aan “Tante Sien”, de weduwe Van der Waarden. De kopers zijn bereid de molen met de gemeente te ruilen tegen een bouwterrein van ongeveer 800 c.A., met 30M. gevelbreedte aan de van Berchenstraat. Daarop wordt de molen op 18 juni voor f50,- verkocht.

In 1888 krijgt Christina Barbara Philomina Felet, voormalige koopvrouw en weduwe van winkelier Lambertus Theodorus van der Waarden vergunning tot het bouwen van 3 huizen aan de Van Berchenstraat. Deze woningen zijn gebouwd door de bouwkundige Van der Waarden, een achterneef van Lambertus.

De Gemeentelijke Monumentenlijst “De woningen zijn uitgevoerd in een eclectische bouwstijl waarin verschillende historische bouwmotieven zijn gecombineerd en toegepast.” Hierbij wordt verder een uitvoerige beschrijving van het pand gegeven.

Tegenwoordig zijn de panden als kamers verhuurd.

Ook de naastgelegen panden Van Berchenstraat 21 -29 zijn gebouwd in opdracht van de weduwe met Van der Waarden als architect.

St Jacobstoren en St Jacobsmolen

De St. Jacobstoren is in de 16e eeuw gebouwd, het meeste zuidelijke restant van de stadsmuur. Daarop stond de St. Jacobsmolen, die de bijnaam Sans Souci kreeg vanwege het conflict tussen de gemeente en de molenaar. Het torentje uit de jaren 70 is een herinnering aan deze molen.

Gemeentelijk Monument

Het pand is een gemeentelijk monument. Als waardering:

“Architectuurhistorische waarde vanwege het nog gave exterieur en het grotendeels nog aanwezige interieur (op basis van het locatiebezoek aan de Van Berchenstraat 35 en Parkweg 1) met diverse oorspronkelijke interieurelementen zoals deurlijsten, stucplafonds, schouwen en raamkozijnen.
Stedenbouwkundige waarde vanwege de beeldbepalende ligging op de kruising van de Van Berchenstraat, Parkweg, Regulierstraat en Eerste Walstraat; als onderdeel van de eerste stadsuitbreidingen van Nijmegen na de sloop van de vestingwerken en de ligging aan het Kronenburgerpark. Cultuurhistorische waarde vanwege de connectie tussen het pand en de historische St. Jacobsmolen die op deze locatie heeft gestaan, waaraan de gevelstenen herinneren.”

Wandtekens Sans Souci

Sans Souci, hoek Parkweg - van Berchenstraat (april 2024)
Sans Souci, hoek Parkweg – van Berchenstraat (april 2024)
Sine Cura, Van Berchenstraat (april 2024)
Sine Cura, Van Berchenstraat (april 2024)

2 gevelstenen herinneren aan de voormalige molen.

Gevelsteen hoek Parkweg-Van Berchenstraat

Op de hoek van de Parkweg- Van Berchenstraat is boven de deur een gevelsteen ingemetseld van de molen Sans Souci, waarbij het nog maar 2 wieken heeft. Dit is een herinnering aan de molen die op de St. Jacobstoren stond.

Gevelsteen Sine Cura van Jac. Maris

Van Berchenstraat 31

Maris ontwierp voor Jan Brinkhoff de gevelsteen op Van Berchenstraat 31. Het hangt naast de voordeur van de woning, waar hij in 1958 (MCMLVIII) ging wonen. Brinkhoff was hoofdredacteur van historische vereniging Numaga en schrijver van boeken over de geschiedenis van Nijmegen. Hij vernoemde zijn woning naar de molen, waarbij hij het Franse Sans Souci vertaalde naar het Latijnse Sine Cure (beide betekenen: “zonder zorg”).

(Overige) Bronnen en Verder Lezen

Herinnering aan een walmolen, Noviomagus en dan vooral de bijdrage van Rob Essers. Hierin ook een link naar de winkel van Van der Waarden.

https://www.marishuis.nl/jac-maris/werken-jm/openbare-werken/nijmegen/sine-cura

Van der Waarden Architect Nijmegen

OVER Wijnandus Johannes Hermanus van der Waarden (Nijmegen, 15 november 1860 – Nijmegen, 25 september 1930) Wijnandus Johannes Hermanus van…

Vereniging Eigen Hulp Marienburg Verburgh april 2024
#Nijmegen, Centrum, Marienburg

Vereniging Eigen Hulp Marienburg architect Verburgh

Vereniging Eigen Hulp Marienburg Verburgh april 2024
Gebouw Vereniging Eigen Hulp, hoek Marienburg- Tweede Walstraat, architect Verburgh (april 2024)

In 1908 liet de Vereeniging Eigen Hulp een pand bouwen aan de Staringstraat, tegenwoordig Mariënburg en op de hoeken van de Van Broeckhuysenstraat en Tweede Walstraat. De architect was Coenraad Verburgh. Het bestond uit winkels, 3 bovenwoningen, kantoor en bestuurskamer en in de kelder een drank- en bierbottelarij met flessen- en pottenspoeler. Wat was deze Vereeniging Eigen Hulp?

De hoge kosten van levensonderhoud: oprichting Eigen Hulp in Den Haag

Het voornemen om de vereniging “Eigen Hulp” op te richten, lijkt rond 1877 te zijn genomen in Den Haag. Dan bespreekt het Dagblad van Zuid-Holland en ‘s Gravenhage de circulaire van “Eigen Hulp”, waarbij het PGNC 23/5/1877 vervolgens  dit artikel bespreekt.

Vaste beloning en de kosten van levensonderhoud

Verlicht magazijn van de Winkelvereniging "Eigen Hulp" bij avond (Installatie Alewijnse & Co.). Reproductie uit: Gebruikt Electriciteit! Reclame uitgave der Gemeente-Electriciteitswerken te Nijmegen, eerste serie no. 3 'Onze Winkels', Nijmegen, 1910 (P.H. Kouw via F47591 RAN)
Verlicht magazijn van de Winkelvereniging “Eigen Hulp” bij avond (Installatie Alewijnse & Co.). Reproductie uit: Gebruikt Electriciteit! Reclame uitgave der Gemeente-Electriciteitswerken te Nijmegen, eerste serie no. 3 ‘Onze Winkels’, Nijmegen, 1910 (P.H. Kouw via F47591 RAN)

“Wij leven in een tijd, die aan zeer velen zorg en kommer baart, in de eerste plaats aan hen, die door arbeid met de pen of anderen persoonlijken arbeid een vaste belooning genieten, – bedienden van handelshuizen, bankiers en fabrikanten, de geëmploijeerden van spoorwegmaatschappijen en reederijen, de militairen, godsdienstleeraren, onderwijzers, letterkundigen en ambtenaren in dienst van Staat, provincie, gemeente of waterschap, actieven zoowel als gepensionneerden”. Oftewel: ambtenaren en beambten, de niet-arbeiders.

De aanleiding was de kosten van alle levensbehoeften, waarbij loonsverhogingen voor degenen die een vaste beloning krijgen geen gelijke tred hield met de gestegen kosten. Bovendien een verhoging van beloningen niet te verwachten. “Het eenige middel daartegen is, zich zooveel mogelijk zelf hulp te verschaffen en dat kan alleen geschieden door de handen inéén te slaan”. Dit naar het voorbeeld van Oostenrijk, waar inmiddels 47.000 ambtenaren en beambten waren verenigd.

“Eigen Hulp”: Vereniging met districten en 1 hoofdbestuur

Voor Nederland zouden verschillende districten moeten worden opgericht met 1 hoofdbestuur. Aangezien het districtsbestuur het beste op de hoogte is van lokale behoeftes en belangen, zit “Eigen Hulp” een belangrijke rol voor deze districtsbesturen, met een beperkte rol voor het hoofdbestuur.

De districtsbesturen moeten het initiatief nemen tot coöperatieve:

  • Coöperatieve spaar- een voorschotkassen en winkelverenigingen
  • Zieken- en begrafenisbussen

Oostenrijk als voorbeeld

Het artikel noemt Oostenrijk als voorbeeld. Het zal dan (vooral) gaan om de “Erster Wiener Consum-Verein” die zich vooral richtte op de hogerbetaalde ambtenaren en de hogere middenklasse. Dit in tegenstelling tot de verenigingen die zich richtten op de arbeiders, waarvan Erster Niederösterreichischer Arbeiter-Konsumverein de belangrijkste was. Beide waren opgericht in de jaren 60. En zeker in tegenstelling tot het sterk gepolitiseerde, socialistische Konsumverein Vorwärts

De “Erster Wiener Consum-Verein”  was niet-politiek, had de zogenaamde “Rochdale-Neutralität” hadden. Want op haar beurt was zij geïnspireerd op de Engelse voorbeelden, waarbij Rochdale, opgericht in 1844, de belangrijkste was.

District Nijmegen

Gewijzigde geveltekening Aanzicht Eigen Hulp gevel Staringstraat (tegenwoordig Mariënburg) (D12.379775)
Gewijzigde geveltekening Aanzicht Eigen Hulp gevel Staringstraat (tegenwoordig Mariënburg) (D12.379775)

De eerst gevonden melding in Nijmegen is het PGNC 22/6/1877, waarbij op zaterdag 23 juni een bijeenkomst wordt georganiseerd in de van ’t Nut van het Algemeen voor leden en degenen die alsnog wensen toe te treden. (PGNC 22/6/1877)

Op deze vergadering wordt besloten tot de oprichting van een districtsvereniging “Nijmegen en Omstreken”. Op deze avond waren er “een honderdtal leden en belangstellenden, terwijl door het op dien avond nog later toetreden van nieuwe leden het getal tot ongeveer 200 gestegen is.” Het nieuwe  voorlopige bestuur zal daarbij contact opnemen met Den Haag. (PGNC 27/6/1877)

In het PGNC 10/6/1877 blijkt dat de Vereniging over statuten beschikt.

In het artikel van PGNC 13/1/1878 blijkt dat District Nijmegen inmiddels (“reeds vroeger”) contracten heeft gesloten voor het goedkoper leveren van steenkool en brandstoffen. “Thans” is er een reglement vastgesteld, dat door het Hoofdbestuur in Den Haag is bekrachtigd. Het district heeft volgens dat reglement de zorg voor:

  1. Het oprichten van spaar- en voorschotbanken
  2. Bevordering van onderwijs door oprichting van scholen ondersteuning van bestaande inrichtingen of vereeniging van belanghebbenden tot dat doel;
  3. Bevordering van winkelvereeniging en contracten tot aankoop
  4. Vereenigingen en contracten tot het verkrijgen van geneeskundige hulp en zieken- en begrafenisgelden;
  5. Geschikte woningen zoo de middelen en omstandigheden dit wenschelijk en mogelijk maken.

Daarbij zal het district worden opgeheven als ze minder dan 25 leden zal tellen. (PGNC 13/1/1878)

Bij het artikel over de opening staat echter “De Coöperatieve Winkelvereeniging dateert van 1881, zijnde bij acte opgenomen in het Staatsblad van 16 Aug. 1881 hare statuten vastgesteld.”

Hetzelfde artikel noemt haar voorgeschiedenis: “Zeer kleintjes begonnen in een lokaal van een huis aan de Nieuwe Markt, werd er dra verhuisd naar een huisje op den Ganzenheuvel, dat spoedig ook bleek te klein te wezen, waarom weer verhuisd werd, toen naar een grooter pand, er zoowat tegenover.

In 1893 was het ledental zoo gestegen, dat men het pand aan de Platenmakerstraat kocht.

En sedert steeg het weer zoo- tot ’n kleine 500- dat men wel verplicht was het gebouw, dat nu daargesteld is, te bouwen.” Het genoemde pand aan de Platenmakerstraat was nummer 7 (wanneer de Gebr. Frank in 1911 hier hun meubelmagazijn hebben).

Het gebouw aan de Mariënburg

Op 17-9-1908 besteedt architect K. Verburgh “het bouwen van een complex Winkelhuizen enz. op een terrein, gelegen hoek Van Broekhuijzen-, Staring- en Walstraat” aan namens der Coöperatieve Winkelvereeniging van het District Nijmegen van “Eigen Hulp”. (De Gelderlander 6/9/1908).

De laagste inschrijver was M.C. Konings met f48.970. In het artikel over de opening blijkt dat niet hij, maar W.J. Knoops de bouwer is geweest. Opvallend, aangezien Knoops met f52.790 de 6 na laagste inschrijver was (De Gelderlander 19/9/1908).

Aankondiging opening Eigen Hulp (PGNC 29/9/1909) Mariënburg 71-72-74 en Tweede Walstraat 1-3
Aankondiging opening Eigen Hulp (PGNC 29/9/1909)

In het Ingezonden artikel in het PGNC:

Het nieuwe gebouw van de Coöperatieve Winkelvereeniging “Eigen Hulp” te Nijmegen.

Aan de uitnoodiging van het Bestuur tot de leden van de Coöperatieve Winkelvereeniging van “Eigen Hulp” alhier gericht, om op 30 deze hun nieuwe winkelgebouw in oogenschouw te nemen, is ruimschoots gevolg gegeven.

Geen, die daartoe opging, die niet hoogst tevreden was, die zich niet dankbaar gestemd voelde jegens het Bestuur, wegens zijne groote toewijding, waardoor het mogelijk is geweest zoo’n degelijk, tevens smaakvol en in alle opzichten aan de behoeften beantwoordend gebouw daar te stellen.

Door zijn ligging aan Staringstraat- met zijn front daar naartoe gekeerd- Van Broekchuijsen- en 2de Walstraat, trekt z’n monumentaal uiterlijk dadelijk de aandacht, komt ’t door die ligging zoo geheel tot zijn recht.

Ontworpen door den architect C. Verburgh, werd de bouw aangenomen door den heer W.J. Knoops en beiden hebben zij dus alle eer van hun werk.

Een gedetailleerde beschrijving van het gebouw te geven, zou te wijdloopig zijn, daarom wordt maar met het volgende volstaan.

Plan Begane Grond (D12.379777) Eigen Hulp Marienburg
Plan Begane Grond (D12.379777)

Op den beganen grond bevinden zich de bureaux en zes van elkander afgescheiden vertrekken voor de verschillende winkelneringen (huishoudelijke artikelen, garen en band, sigaren, kruidenierswaren, boter en kaas, sterke-dranken). De 1ste en 2de verdieping bevatten twee uitmuntende bovenhuizen, die dadelijk goed verhuurd werden, één bovenhuis voor het hoofd van het winkelpersoneel en magazijnen. De kelders loopen door onder al de vertrekken, zijn kurkdroog, en bieden de gelegenheid tot het aftappen van dranken. Voor het personeel bestaat een schaft- en een waschlokaal.

	Verlichte toonbanken in de Winkelvereniging "Eigen Hulp" bij avond, met behulp van zijwaarts aangebrachte wandarmen (Installatie Alewijnse & Co.). Reproductie uit: Gebruikt Electriciteit! Reclame uitgave der Gemeente-Electriciteitswerken te Nijmegen, eerste serie no. 3 'Onze Winkels', Nijmegen, 1910 (P.H. Kouw via F47590 RAN)
Verlichte toonbanken in de Winkelvereniging “Eigen Hulp” bij avond, met behulp van zijwaarts aangebrachte wandarmen (Installatie Alewijnse & Co.). Reproductie uit: Gebruikt Electriciteit! Reclame uitgave der Gemeente-Electriciteitswerken te Nijmegen, eerste serie no. 3 ‘Onze Winkels’, Nijmegen, 1910 (P.H. Kouw via F47590 RAN)

De Coöperatieve Winkelvereeniging dateert van 1881, zijnde bij acte opgenomen in het Staatsblad van 16 Aug. 1881 hare statuten vastgesteld.

Zeer kleintjes begonnen in een lokaal van een huis aan de Nieuwe Markt, werd er dra verhuisd naar een huisje op den Ganzenheuvel, dat spoedig ook bleek te klein te wezen, waarom weer verhuisd werd, toen naar een grooter pand, er zoowat tegenover.

In 1893 was het ledental zoo gestegen, dat men het pand aan de Platenmakerstraat kocht.

En sedert steeg het weer zoo- tot ’n kleine 500- dat men wel verplicht was het gebouw, dat nu daargesteld is, te bouwen.

Dat dit alles niet gegaan is zonder “Sturm und Drang” daarvan weten te getuigen de Bestuursleden ’s Graeuwen en Stollé en het naar elders verhuisd oud-Bestuurslid A.J. Cochius.

Dank zij hun energie, natuurlijk ook gesteund door de trouwgebleven leden- de ratten waren toch al druk bezig om het zinkende schip te verlaten- ging de winkel “niet verloren”.

Konden hunne namen in gulden letters, voor een ieder zichtbaar, in den winkel aan de vergetelheid onttrokken worden!

Maar……

Es wär’zu schön gewesen!

……

Es hat nicht sollen sein!

                                K.F. Caspersz.

                                Een der medeoprichters van den Winkel in 1881.”

(PGNC 1/10/1909)

De architect Verburgh

C(K)oenraad Verburgh (11-12-1844 Nijmegen – 09-08-1919 Zutphen)

Coenraad (Koenraad) Verburgh was aannemer en architect. Een uitgebreide omschrijving geeft Rob Essers op Noviomagus.

Verburgh heeft naast het pand op de Mariënburg ook een pand in de Gorisstraat (38-42) voor Eigen Hulp ontworpen. Dit zal, afgaande op de advertentie PGNC 9/11/1912 voor de Afdeeling Brandstoffen zijn geweest, dan met huisnummers 40-42.

Vervolg

De Univé op de hoek Mariënburg en de 2e Walstraat 2013 (Henk van Gaal via Df3568 RAN CC0)
De Univé op de hoek Mariënburg en de 2e Walstraat 2013 (Henk van Gaal via Df3568 RAN CC0)

Er is nog niet onderzocht wat het vervolg van Eigen Hulp is geweest, nog wat precies het vervolg is geweest.

In 1964 en 1966 liet Fa. H. Hoogenboom en Zn. de winkel en de pui op nummers 72-73 verbouwen. Het ontwerp was van F.B. Tromp. In 1985 werden Mariënburg 74 en Van Broeckhuijsenstraat 18 verbouwd naar ontwerp van architectenburo Veugelers BV.

Jarenlang zat op de hoek de Van Broeckhuijsenstraat en Mariënburg de Kunstuitleen, waarbij een foto rond 1990 is te zien op F90743. Op de hoek van Mariënburg en Tweede Walstraat zat jarenlang de Lundia. Ook de Univé heeft er gezeten, in ieder geval in 2013 (zie bovenstaande foto).

Gemeentelijke Monument

Het pand is een gemeentelijk monument. In haar besluit tot aanwijzing staat een uitvoerige omschrijving.

Als waardering:

Architectuurhistorische waarde

Mariënburg 71-74 / Van Broeckhuijsenstraat 16-18-20-22-24 / Tweede Walstraat 1-3 is een bijzonder complex van winkels en woningen dat in zijn uiterlijke verschijningsvorm redelijk gaaf bewaard is gebleven sinds de vroege 20ste eeuw. Het pand is in de gevels met zorg ontworpen, met zowel duidelijk traditionele 19de-eeuwse elementen, als vooruitstrevende invloeden van het rationalisme. Het is hiermee een vertegenwoordiger van de zogenaamde ‘overgangsarchitectuur’.

Het is in zijn detaillering en ornamentatie (o.a. het gebruik van Bricorna-stenen) een typisch voorbeeld van vroeg 20ste-eeuwse architectuur met invloeden van het 19de-eeuwse eclecticisme, jugendstil en rationalisme. Omdat het om een heel complex gaat, dat oorspronkelijk voor verschillende functies binnen het “Eigen Hulp” programma is ontworpen heeft het gebouw typologische betekenis. Binnen de Nijmeegse binnenstad is het een uniek voorbeeld van een dergelijk complex.

Het interieur bevat nog enige waardevolle details, die ook typisch zijn voor de periode waarin het gebouw is ontworpen.

Over K. Verburg, de architect van het gebouw, is niets bekend.

Stedenbouwkundige waarde

De zuid-westelijke rooilijn van het Mariënburg, dat hier de vorm van een plein aanneemt, wordt bepaald door het complex, dat daarmee dus dit plein domineert. Met zijn waardevolle historische architectuur en markante omvang vormt het pand een sterk beeldbepalend element, dat van stedenbouwkundig belang is voor zowel het Mariënburg, de Tweede Walstraat, als voor de aaneengesloten historische gevelwand van de Van Broeckhuijsenstraat. Op beide hoeken springt vooral de hoekoplossing sterk in het oog.”

(Overige) Bronnen en verder lezen

Coöperatieve Winkelvereeniging “Eigen Hulp”, Noviomagus

Eigen Hulp, Amsterdam op de Kaart

Bijschrift DF3568

wikipedia:

Erster Wiener Consum-Verein

Erster Niederösterreichischer Arbeiter-Konsumverein

Rochdale-Neutralität

Rochdale Society of Equitable Pioneers