Blog

Berchmanianum van de paters Jezuïeten. Ontworpen in 1928 door Jos Cuypers (1861-1949) en Pierre Cuypers Jr. (1891-1982), Houtlaan 4, 1930 (Uitg. Brinio Rotterdam via F18053 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Berchmanianum, Studiehuis der Jezuiten, architecten Joseph en Pierre Cuypers Jr.

1929 Houtlaan 4 Brakkenstein

Berchmanianum van de paters Jezuïeten. Ontworpen in 1928 door Jos Cuypers (1861-1949) en Pierre Cuypers Jr. (1891-1982), Houtlaan 4, 1930 (Uitg. Brinio Rotterdam via F18053 RAN)
Berchmanianum van de paters Jezuïeten. Ontworpen in 1928 door Jos Cuypers (1861-1949) en Pierre Cuypers Jr. (1891-1982), Houtlaan 4, 1930 (Uitg. Brinio Rotterdam via F18053 RAN)

In 1929 opende het Collegium Berchmanianum oftewel het Berchmanianum aan de Houtlaan in Brakkenstein. Het ontwerp was afkomstig van Jos. en Pierre Cuypers Jr. in opdracht van de Sociëteit van Jezus (de Jezuïten). De bouw daarvan was in 1927 begonnen.

Hun Collegium Berchmanianum in Oudenbosch voldeed intussen niet meer. Daarbij was in 1923 in Nijmegen de Katholieke Universiteit geopend: veel kloosterordes openden daarop een studiehuis, zodat religieuzen konden lesgeven of studeren aan de universtaat.

Philosophicum

Het Berchmanianum was een zogenaamde “philosophicum”, de wijsgerig-theologische vooropleiding voor aspirant-geestelijken. De Jezuïten hadden geen grootsemanarie. Na het kleinseminarie was er een driejarige opleiding aan het Theologicum in het Canisainum te Maastricht en een driejarige filosofiestudie aan het Filosoficum aan het Berchmanianum: “Zoo voor paaters als studenten, welke laatste hier hun philosofische studiën afmaken en tevens lessen ontvangen in natuur- en scheikunde en biologie. Sommige volgen nog lessen aan de R.-K. Universiteit. Deze studie duurt drie jaar. Van het Berchmanianum te Nijmegen gaan de studenten meestal eenige jaren naar een college als leeraar of surveillant, om dan nog vier jaar theologie te volgen in Maastricht.“ (De Gelderlander)

De glas-in-lood ramen waren ontworpen door Joep Nicolas.

De naam Berchmanianum

Het Berchmanianum is vernoemd naar de patroonheilige van de studerende jeugd Jan Berchmans (1599, Diest, België).

Jos. en Pierre Cuypers Jr.

De ontwerpen waren Joseph (Jos.)  en Pierre Cuypers Jr. Zij waren zoon en kleinzoon van Pierre Cuypers, die onder andere het Centraal Station in Amsterdam ontwierp en in Nijmegen onder andere de Augustinuskerk.

Krantenartikel 1929

Berchmanianum, Studiehuis der E.E.P.P. Jezuiten aan de Houtlaan te Nijmegen.

Brakkenstein ontwikkelt zich tot een buitenplaats van beteekenis voor Nijmegen, als oud kleine gemeente op zich zelf, verscholen achter het geboomte en grenzend aan de uitgestrekte heide.

Het karakter van Brakkenstein bleef landelijk, als dat van een ruistoord. En in deze streek verrees nu het nieuwe studiehuis, het Berchmanianum der E.E.P.P. Jezuiten, die een halve eeuw hun philosofisch college hadden bestuurd in Oudenbosch.

De architecten, de heeren Joseph en Pierre Cuypers kregen opdracht tot het ontwerpen van een kloek, ruim gebouw, dat langs den weg, aan de Houtlaan een gevelbreedte zou hebben van bijna honderd meter.

Zou zoo’n bouw passen in dit milieu van mooie natuur?

Wie nu de Houtlaan opwandelt, wordt getroffen door de rust, welke er uitgaat van dit stemmige huis van studie en gebed, dat hoort in het landschap, waarin de bouwmeesters het geplaatst hebben.

De toren steekt statig op uit den breeden, vlakken gevel van zachtgelen baksteen- de spits, welke van verre in het vlakke land te zien is, met zijn uurwerk en klok, en als een wachter, welke wijst op den tijd, welke iedere mensch goed te besteden heeft, in navolging van de ijverige studerenden, die hier de philosophie volgen.

***

Het is een aan zijn doel volkomen beanwoordend studiehuis eenvoudig afgewerkt.

De architecten, de heeren Joseph en Pierre Cuypers hadden de taak een nuttig studiehuis met kapel en studiekamers als hoofdcentra te ontwerpen- alle overtolligen franje, iedere onnoodige fraaiigheid moest achterwege blijven.

De inwendige bouw werd mede ontworpen naar inzichten der professoren, die jarenlang Oudenbosch bewoond hadden.

Oudenbosch bleef dan ook voor een deel vormbeeld, maar werd moderner, geriefelijkere, ruimer uitgebouwd.

Sober zou de voorgevel zijn- en deze werd in strakke lijn opgetrokken van gele baksteen, welk door kunstig voegwerk nog levendiger werkt. Geen groote ramen breken de lijn, maar uiterlijk laat de bouwmeester zien hoe inwendig de constructie en de inrichting is.

Ongeveer in het midden van den bouw aan de Houtlaan is het hoofdgangportaal met portiersloge. Hier binnen nadert men spoedig de hardsteenen hoofdtrap, rechts welke leidt naar de verschillende verdiepingen en middellijk verbinding heeft met de verschillende hardsteenen trappen, over den helen bouw verdeeld, en wel zoodanige, dat zij telkens op de vier verbindingspunten van de vier vleugels waaruit de bouw bestaat, als verbindende gewrichten vormen.

Aan den linkerkant van den ingang bereikt men langs een gewelfden kloostergang, waarin het licht vriendelijk valt door lage vensters vijf ruime spreekkamers. Over die verdiepingen zijn in dezen linkervleugel verdeeld de kamers van de professoren bijeengebracht, westelijk afgesloten door de recreatiezaal en leeszaal voor de paters, benevens een eigen bibliotheek en tijdschriftenleeskamer, welke ook openstaat voor professoren en heeren studenten der R.K. Universiteit.

Hier sluit zich aan de Westzijde aan een korte vleugelbouw, waarin over vier verdiepingen de rijke bibliotheek met haar 30.000 boeken, waaronder belangrijke wiegedrukken zijn, is ondergebracht.

De geheele bibliotheek-inrichting is practisch en degelijk- overal worden de ijzeren Lips-boekenrekken gezet, welke makkelijk verplaatsbaar zijn. Langs een wenteltrap komt men van de eene bibliotheek-verdieping op de andere. Overal valt ruim licht binnen. Hier klopt wel het hart van het philosophicum.

Aan de andere zijde van het gebouw in den Zuid-oosthoek, ligt de keuken, het middenpunt der huishoudelijke afdeeling. Doelmatig zonder overdreven lux is deze economie-afdeeling ingericht.

Hier achter, in Noordelijke richting is de onderwijsvleugel geprojecteerd, welke zich uitstrekt over tachtig meter lengte.

Hier liggen op den beganen grond langs een drie meter breeden wandelgang, waarin de morgenzon haar stralen kan werpen, de vier klassen-lokalen.

Deze gang, in warme kleur gehouden een met gewelf van geel-zacht-getinte steen, biedt een geschikte gelegenheid tot wandelen en mediteeren, wanneer het weder niet noodt naar buiten, in den tuin of het bosch.

Tusschen de klasselokalen ligt hier de ontspanningszaal der studenten, welke uitziet op den in Engelsche stijl gehouden binnentuin.

Dezelfde vleugel bevat drie verdiepingen, hier zijn de kamers voor de ongeveer zestig scholastieken die hier hun studie- en slaapkamers hebben. Heel sober en zeer zindelijk is hier alles ingericht. Licht, lucht en zon kunnen overvloedig binnenkomen- zoo goed als alle studiekamers worden bijna den halven dag door de zon beschenen.

Het noord-oostelijk paviljoen bevat over de drie verdiepingen verdeeld, de speciaal ingerichte klasselokalen voor natuurkunde, scheikunde en natuurlijke historie als ook de daarbij behoorende laboratoria en het amanuensis-vertrek. Zalen zijn hier breed en hoog en verlicht ingericht voor de goede opstelling van de natuurkundige instrumenten en de tentoonstelling van natuurlijke historie, waaronder een kostbare vlindercollectie en collecties van geologischen en eufomologischen aard.

De groote zolder gaf nog gelegenheid tot inrichting van eenige slaapvertrekken en verder tot bergplaats voor meubels en koffers en zoovele andere voorwerpen, welke in een groote stichting nodig kunnen zijn.

***

Het lag niet in ’t karakter der stichting om een monumentale, decoratieve hoofdtrap te maken, met dubbele vleugels. Wel is de belangrijkste trap, die de hoofdvleugel, waarin de kapel, flankeert, en dan ook een eenvoudige dienstlift heeft, als toren uitwendig doorgebouwd.

De traptoren ontwikkelt zich naast den verwamingskelder zes meter onder de hoofdverdieping, voert dan langs den refter naar de kapel, naar de zangerstribune, naar den zolder van ’t Patershuis, waarnaast aansluit een reeks slaapkamers van de Broeders; hooger op worden de granieten treden door houten vervangen voor de bediening van de ruimten voor liftmechaniek, uurwerkkamer en de luiklokken. Deze hoofdvleugel bevat in den oostelijken buitenhoek van onder naar boven: de provisiekelders, de keuken. Hooger op volgt de tusschenverdieping met woning voor de Broeders een daarboven voor enkele knechts.

In den hoofdvleugel, rechts van den ingang, aan de hoofdtrap is de kapel- in sobere stijl en vromen toon gehouden. Ook hier is iedere overdadige decoratie vermeden. Het is een devoot-stemmende bidkapel, waarin het zonlicht speelt door fijn-kleurige vensters van Joep Nicolas. Het altaar, middenpunt der kapel, past in den fijnen toon van dit bedehuis, al is het ook opgebouwd van edel marmer-materiaal en met mozaiek verlevendigd.

Voor de kapel ligt de sacristie, waarop vier kleine kapelletjes uitkomen, waarin de in het huis verblijvende priesters de H. Mis kunnen lezen.

Beneden in dezen hoofdvleugel is de groote refter- een zaal van voornamen en toch eenvoudigen bouw.

Degelijkheid en eenvoud en smaak kenmerken dezen kloosterbouw. Soberheid lag immers in den opzet en de uitvoering der plannen. Ook in materiaalkeuze en bewerking daarvan werd luxe vermeden. De baksteen bleef evenwel geen dood materiaal aan dezen bouw. Door kleurkeuze en vermenging van verschillende fabrikaten werd uit- en inwendig één harmonische kleuren-combinatie verkregen.

Vestibulen en gangen met elkaar naar de verschillende verdiepingen door de breede hardsteenen trappen verbonden, kregen een kleurige lambrizeering van verglaasde Waalsteen.

De gewelfde wanden spreken naar buitne, door daar aansluitende lange reeksen van halfcirkelvormige vensters, waarin stalen ramen en glas in lood in strakke geometrische verdeeling.

De bovenste patersgang, niet met steen overwelf, maar afgesloten met een licht gebogen plafond, heeft drieledige vensters geheel rechtlijnig als fries boven al die spannende bogen.

Zoowel de motieven als de kleuren van ’t glas werden op verschillende verdiepingen afgewisseld, teneinde aan de verschillende deelen van ’t groote huis een eigen karakter te geven in verband met plaatselijke bestemming.

Als natuursteen voor trappen en drempels werd gestokt grijs graniet toegepast.

De dakbedekking is van verbeterde Hollandsche pannen.

In stichtingen van dit karakter worden aan de houten vloeren zeer zware eischen gesteld in lokalen van allerhande karakter. Toegepast werd hier het systeem der lift-vloeren, die vooraf machinaal zijn gedroogd, zoodat zij ook bij de centrale verwarming in de wintermaanden geen open naden vertoonen.

De muren en plafonds zijn in hoofdzaak wit gehouden.

In zalen en kamers is een lint met keimsche mineraalverf op de wanden aangebracht. In de groote zalen werd meer rust verkregen door zeer eenvoudige vlakke houten lambrizeering tegen de wanden, wat vooral b.v. in sacristie en refter opvalt.

De entourage van het Studiehuis is landelijk en blijft in stijl met Brakkenstein door nog meer boomen-aanplant.

Tusschen de drie uiterlijke vleugels, waarin de vijf blokken van den bouw liggen, wordt een eenvoudige tuin aangelegd met een vijver tusschen verlaagde wandelpaden als midden-motief. Deze tuinaanleg sluit dadelijk aan bij de frissche dennenbosschen, welke het geheel omgeven. Zoo kreeg men een rustgevend  geheel.

Zoo voor paaters als studenten, welke laatste hier hun philosofische studiën afmaken en tevens lessen ontvangen in natuur- en scheikunde en biologie.

Sommige volgen nog lessen aan de R.-K. Universiteit.

Deze studie duurt drie jaar. Van het Berchmanianum te Nijmegen gaan de studenten meestal eenige jaren naar een college als leeraar of surveillant, om dan nog vier jaar theologie te volgen in Maastricht.

Rector van het Berchmanianum is de bekende pater G. Lamers S.J., leider van het tijdschrift “Dux” en minister is de Zeereerw. Pater Spijker S.J.

***

Architecten van dezen studiehuisbouw zijn, gelijk wij reeds schreven, de heeren Jos. en Pierre Cuijpers; aannemer was de heer H. van Kessel, uit Nijmegen, die de bouwwerken flink en vlot uitvoerde.

De verschillende technische installaties werden uitgevoerd naar de plannen en onder leiding van ir. J.W. Engelengen, te Amsterdam.

De verwarmingsinstallatie werd aangelegd door de Firma Hunek (of Hunec?) te Amsterdam; de electrische installatie door de Firma Paassens, te Amsterdam. Als hoofd-opzichter fungeerde de heer Van Berkel, bijgestaan door den heer Bottelier, die beiden hun taak met toewijding vervulden.” (De Gelderlander 9/2/1929 met veel foto’s)

Rijksmonument

Het pand is een Rijksmonument sinds 2002 met als waardering (hier is tevens een uitgebreide beschrijving te vinden): “

  • Van architectuurhistorische waarde als een goed, vrij gaaf en zeldzaam voorbeeld in ex- en interieur van een studiehuis voor jezuïeten in een stijl die invloeden vertoont van de Amsterdamse school en de Art Deco. Het studie huis heeft esthetische kwaliteiten in het ontwerp zoals een markante hoofdvorm, goede verhoudingen en een bijzondere detaillering, ornamentering en materiaalgebruik.
  • Van stedenbouwkundige waarde vanwege de afmetingen en de markante ligging aan de Houtlaan.
  • Van cultuurhistorische waarde vanwege de bestemming, welke verbonden is met een culturele ontwikkeling namelijk de stichting van de Katholieke Universiteit en vanwege de verschijningsvorm, welke verbonden is met de bouwtypologie van de orde der jezuïeten die geen kloosters bouwt, maar “huizen”.”

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Pierre_Cuypers_jr.

Graafseweg 39 (januari 2026)
#Nijmegen

Garage Mestrom, architect van der Kloot

Graafseweg 39, 1933

Graafseweg 39 (januari 2026)
Graafseweg 39 (januari 2026)

Graafseweg 39 is al jarenlang House of Billiards. Het is echter gebouwd als Garage Mestrom, oorspronkelijk vertegenwoordiger van Singer Automobielen. Hiervan was van der Kloot de architect.

Singer Automobielen

In augustus 1933 opent Garage Mestrom op de Graafseweg 33. Hij heeft daarbij plaats voor de stalling van 50 auto’s, tevens is er een reparatie-inrichting.

Mestrom is vertegenwoordige van Singer, een Brits automerkbedrijf. Dit bedrijf uit 1875, opgericht als Singer & Co, was in 1901 begonnen met het maken van auto’s.

De in de advertentie genoemde N.V. H. Engelbert’s Automobielenhandel is de importeur. Dit bedrijf is in 1949 ook de importeur van de Minor (De Gelderlander 19/4/1949; zie hieronder).

Wikipedia: ‘De depressie van de jaren dertig en een groot race-ongeluk betekende een flinke financiële achteruitgang waardoor het bedrijf genoodzaakt was fabrieken te sluiten. In 1936 werd het bedrijf gereorganiseerd als Singer Motors Ltd. Tot aan de oorlog werden nog enkele minder succesvolle modellen geïntroduceerd.”

.

In de Tweede Wereldoorlog produceerde Singer onderdelen ten behoeve van de oorlogvoering. Na de oorlog begon het bedrijf weer met het produceren van auto’s, maar op dat moment zonder veel succes.

Bij de opening in 1933

De Gelderlander schrijft over de opening in 1933:

Garage ‘Mestrom’.

Het moderne snelverkeer eischt steeds nieuwe gelegenheden om het steeds toenemend aantal automobielen op eveneens moderne wijze onderdak te brengen en het valt dan ook niet te verwonderen, dat ook onze stad niet achterblijft, wanneer het er om gaat grootsche inrichtingen te openen, daarbij geleid door het initiatief van ondernemende zakenlieden. Naast het belastingkantoor aan den Graafschen weg, waar tot voor kort zich twee heerenhuizen bevonden, is heden geopend de garage ‘Mestrom’, welke onder leiding van den heer W.H. Mestrom hare deuren voor de toekomstige cliëntèle heeft opengezet.

Garage ‘Mestrom’ heeft het agentschap van de bekende ‘Singer’ wagens voor het Rijk van Nijmegen, Maas en Waal en Betuwe.

De garage kan bovengronds circa 30 wagens bergen, doch door een ingenieuse vinding bestaat de mogelijkheid dat onder deze bovenverdieping nog een even groote ruimte beschikbaar is, welke op zeer gemakkelijke manier is te bereiken. De reparatie-afdeeling, voorzien van de modernste gereedschappen, staat onder leiding van den heer Vermeer. Aan de voorzijde bevindt zich de show-room, waar de Singer wagens in onderscheidende modellen zijn opgesteld. Daarnaast bevindt zich het privé-kantoor waar de heeren Mestrom Sr. en Jr. als leiders zetelen.

Ook van buiten gezien, maakt deze nieuwe garage een voornamen indruk door den strak gehouden gevel, waarbij de teak houten pui het goed doet.

De architect, de heer v.d. Kloot, heeft hier een mooi geheel geschapen, de inrichting kan wedijveren met de mooiste hier te lande.

Meerdere Nijmeesche firma’s hadden hun aandeel in de tot-stand-koming van dit autopaleis.  Wij noemen o.a. de aannemersfirma Jansen, Hatertsche weg, de firma Merx en Boerboom voor de centrale verwarming, de schildersfirma C. Ham en Zn., de firma Lamers uit Hees voor de electrische installatie, en de firma Bildesbeek voor het glas in lood. Ook aan eventueel brandgevaar is gedacht door het aanbrengen van een schuimapparaat Excelsior.” (De Gelderlander 16/9/1933)

Mestrom na de Tweede Wereldoorlog

Advertentie Garage Mestrom, dan dealer van andere automerken (De Gelderlander 20/3/1948)
Advertentie Garage Mestrom, dan dealer van andere automerken (De Gelderlander 20/3/1948)

In 1948 heeft “Kantoren, Magazijnen, Werkplaatsen” het adres de Ruyterstraat 53-57 (Adresboek). Op Graafscheweg 39 is het “Garage en Servicestation”. Afgaande op advertenties is de garage dan al geen Singer vertegenwoordiger meer. Bovenstaande advertentie uit maart 1948 noemt een aantal Britse en Amerikaanse merken. Ook is een advertentie De Gelderlander 2/10/1948 gevonden voor een (Morris) Minor. Mogelijk/waarschijnlijk zijn de ontwikkelingen ten aanzien van de Singer-fabrieken mede aanleiding geweest om over te stappen op andere merken.

In 1949 voegt zij een smeerstation aan de Graafseweg 39 toe (De Gelderlander 2/2/1949)

Familie Mestrom

In Adresboek 1934 komt G.H. Mestrom voor op Graafscheweg 68 en W.H. Mestrom, garage, op nummer 39. In 1936 komen beiden voor op Graafscheweg 68.

De familie zelf woont in ieder geval in 1948 (Adresboek 1948) op de Graafseweg 41. Nog in 1956 (De Gelderlander 19/9/1956) vraagt mevrouw Mestrom een dagmeisje.

1949 Fusie met Terwindt & Hekking

Advertentie fusie garage Terwindt en Hekking met Mestrom (De Gelderlander 1/8/1949)
Advertentie fusie garage Terwindt en Hekking met Mestrom (De Gelderlander 1/8/1949)

In 1949 fuseert Mestrom met garage Terwindt & Hekking op de Tooropstraat. In de advertentie van deze fusie staat ook een Benzinestation en Quick-Service aan de Rijksweg in Lent. Het is nog niet bekend van welke garagehouder deze oorspronkelijk was.

Ook blijkt op deze advertentie dat de Graafseweg net als de Tooropstraat dan een Ford-dealer is.

In 1958 is het nog Garage Terwindt & Hekking Mestrom. In het Adresboek 1966 is het alleen N.V. Terwindt & Hekking Automobielmaatschappij. Zij heeft dan naast de Tooropstraat 9 en Graafseweg 39 en daarnaast op de Rijksweg van Lent ook een adres op Kronenburgersingel 7 (Adresboek 1966). In ieder geval komt de garage nog voor in het Adresboek van 1971.

Meubelzaak en woninginrichting Wals en links Garage Terwindt & Hekking Mestrom, Graafseweg 39-43 Bottendaal, 1958 (F86415 RAN CC0)
Meubelzaak en woninginrichting Wals en links Garage Terwindt & Hekking Mestrom, Graafseweg 39-43 Bottendaal, 1958 (F86415 RAN CC0)

Vervolg

Het vervolg is nog niet uitgebreid onderzocht.

“Later is hier inderdaad Roelofs autoverhuur vanuit de Gerard Noodtstraat ingetrokken. Nu zitten zij al jaren op de Tooropstraat. “(noviomagus.nl in 2018, met foto en herinneringen).

Intussen zit in het pand alweer jarenlang House of Billiards. Op haar site noemt ze dat ze inmiddels 25 jaar bestaat.

Herinneringen?

Heeft u herinneringen aan de garage, het autoverhuurbedrijf of aan het poolcafé? Laat het hieronder weten!

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Graafseweg 39 (januari 2026)
Graafseweg 39 (januari 2026)

Graafseweg

De Graafseweg is een van de drukste wegen van Nijmegen. Hij loopt van het Keizer Karelplein tot aan de Graafsebrug.…

Hier is Wally! (Ergens bij de Waalkade was hij er in augustus 2022 nog steeds)
#Nijmegen, Kunstwerken

Op zoek naar Wally: muurschilderingen van Els Keutel

2013 (en later?), meerdere locaties

Hier is Wally! (Ergens bij de Waalkade was hij augustus 2022 nog te vinden)
Hier is Wally! (Ergens bij de Waalkade was hij augustus 2022 nog te vinden)

In 2013 maakte Els Keutel op 25 plekken een “Waar is Wally?” muurschildering. Mensen konden op zoek gaan en deze op Facebook melden. Inmiddels heeft de gemeente de nodige Wally’s verwijderd, maar sommige zijn nu (december 2024) nog steeds zichtbaar.

Waterijsje voor de speurder

In 2013 maakte Els Keutel op 25 plekken een “Waar is Wally?” IntoNijmegen: “Ze werden in 2 nachten door 2 vrienden aangebracht, via sjablonen uit pizzadozen.”

Daar zat tevens een Facebook pagina aan verbonden: degene die het eerste een van de Wally’s had gevonden, kreeg een waterijsje. Bezoekers van de pagina konden vervolgens meekijken op welke locaties al een Wally gevonden was.

Boeken Martin Handford

De Wally’s zijn gebaseerd op de boeken van Martin Handford. Hierin staan tekeningen waar van alles gebeurd en waarop je Wally moet zoeken, een mannetje met rode muts, wit/rode trui en blauwe broek.

Geel/zwarte Wally’s

De gemeente heeft inmiddels de meeste Wally’s verwijderd, maar soms kom je er nog een tegen. Sommige Wally’s zijn geel/zwart: ik weet niet of Els Keutel alle Wally’s gemaakt heeft of dat anderen -op een later tijdstip- andere Wally’s hebben gemaakt. In ieder geval vind ik het persoonlijk leuk om nog steeds af en toe een Wally tegen te komen. Vooral op plekken waar ik al regelmatig was langs gekomen, zonder dat ik de Wally ontdekt had.

(Overige) Bronnen en verder lezen

Street Art in Nijmegen, WilmaTakesABreak: een leuk artikel over de streetart van Nijmegen uit 2017; veel van de streetart is nu (december 2024) nog te zien

Waar is Wally Roerstraat met een pinguin 202306
Wally in de Roerstraat in het gezelschap van een pinguïn (juni 2023)
Wally in de Benedenstad (augustus 2025)
Wally in de Benedenstad (augustus 2025)

The Imker, Remco Visser

meerdere plaatsen Op meerdere plekken in Nijmegen zijn afbeeldingen van “The Imker” te vinden. The Imker is een pseudoniem van…

Buurtmoestuin Bottendaal (foto oktober 2022) Nijmegen
#Nijmegen, Groen in Nijmegen

Buurtmoestuin Bottendaal

Langs Ir. Wevestraat

Buurtmoestuin Bottendaal (foto oktober 2022)
Buurtmoestuin Bottendaal (foto oktober 2022)

Deze volkstuinen waren ooit voor NS personeel aangelegd; de tuinen liggen dan ook naast het spoor. Aangezien de animo onder de medwerkers afnam, werden niet meer alle stukken verhuurd. Sinds 2015 huurt de gemeente Nijmegen de moestuinen voor wijkbewoners. Zij huurt vanaf dat moment tevens de groenzone in de spoorkuil. Sinds 2020 heeft de gemeente heeft de grond van de volkstuinen en de groenzone in de spoorkuil verkregen in eeuwigdurend erfpacht. Het doel van de moestuinen is om, naast het tuinieren zelf, bewoners in contact met elkaar te laten komen.

Gebruikers kunnen kiezen uit:

  • een eigen moestuintje van ongeveer 20m²
  • verzorgen van een gezamenlijke stuk moestuin. Daarnaast is er een gezamenlijke kruidentuin en staan er fruitbomen
  • als ‘vriend’, zonder vaste verplichtingen

Bronnen

Eetbaar Nijmegen

Bottendaal.nl

Een moestuin in Bottendaal in het hart van de stad middenin de natuur, De Stentor

Buurtmoestuin Bottendaal (januari 2026)
Buurtmoestuin Bottendaal (januari 2026)
Buurtmoestuin Bottendaal (januari 2026)
Buurtmoestuin Bottendaal (januari 2026)
Buurtmoestuin Bottendaal (januari 2026)
Buurtmoestuin Bottendaal (januari 2026)

Bottendaal

Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…

Thiemepark

Het Thiemepark is voor veel mensen uit Bottendaal hun tuin: wanneer het zonnetje schijnt is dit een van dé ontmoetingsplekken.…

Kronenburgerpark in de lente met van de zon genietende mensen april 2025
#Nijmegen

Kronenburgerpark

Kronenburgerpark in de lente met van de zon genietende mensen april 2025
Kronenburgerpark in de lente (april 2025)

Het Kronenburgerpark is vooral mooi vanwege een van de weinige restanten van de vestingmuur die heel Nijmegen ooit omsloot. Vooral de Kruittoren torent hoog boven de omgeving uit. Daarnaast maakt onder de hoogteverschillen het pand erg aantrekkelijk. Het is een van de plekken waar Nijmegenaren tijdens mooi weer op het gras gaan zitten.

Het park heeft ook een keerzijde: vooral in de jaren ’80 straatprostitutie, bekend geworden van het liedje van Frank Boeijen. Vooral een aantal jaren geleden was het ook plek van drugsoverlast.

Bij de sloop van de vestingmuren

Herfst in het Kronenburgerpark (oktober 2024)
Herfst in het Kronenburgerpark (oktober 2024)

Hoewel Bert Brouwer op de plaats van het Kronenburgerpark een park had voorzien, was dit niet de voornaamste reden voor aanleg. De commissie voor de uitleg van de stad merkte, dat Nijmegen door de sloop van de vestingwerken ineens een overvloed aan bouwterreinen had. De plek van het huidige Kronenburgerpark was daarbij niet de meest gunstige: hier zouden eerst grote grondverplaatsingen moeten worden uitgevoerd om de grond meer gelijk te maken voordat het geschikt zou zijn voor bouwterrein. Daardoor kwam het plan om hier een park aan te leggen meer in zicht. Daarbij speelden een aantal andere factoren.

Kronenburgertoren en muren

Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)
Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)

Een van deze factoren was de Kronenburgertoren en de relatief hoge walmuur. De commissie hoopte dat beiden zouden verdwijnen. De wallen, muren en torens waren eigendom van het Rijk geweest. Alle terreinen droeg het Rijk over aan de gemeente, behalve de Kruittoren. Overigens is het toevallig dat deze stadsmuur naast het stukje muur in het Hunnerpark de enige echt middeleeuwse muren waren.

Bouwmeester Cuypers was door het Rijk aangesteld als Rijksadviseur voor monumenten. Hij vond het belangrijk dat de kruittoren en de muur behouden zouden blijven. Uiteindelijk werd er overeenstemming bereikt: de muur werd iets verlaagd, maar niet zoveel als de commissie eigenlijk gewild had: de commissie wilde achter de muur de Parkweg aanleggen.

Toen het Rijk merkte, dat de gemeente akkoord zou gaan met het behoud van de walmuur, werd besloten de omgeving van de Kronenburgertoren over te dragen aan de gemeente. Om de toren te beschermen, bleef deze eigendom van het Rijk (Regelgeving over Monumentenzorg bestond in die tijd nog niet). In 1883 mocht de gemeente de toren huren voor het stallen van tuingereedschap voor f1,- per jaar. In ieder tot zover ik heb kunnen nagaan, is er in ieder geval tot in de jaren 50 jaarlijks 1 gulden betaald. De Kruittoren is ook nu nog (september 2023) eigendom van het Rijk.

Kruittoren of Kronenburgertoren

Toen Nijmegen haar vestingstatus verloor, was het blij dat ze nu eindelijk lucht kon krijgen door haar vestingwerken te slopen. De Kruittoren of Kronenburgtoren is samen met de rest van de muur met torens in het Kronenburgerpark een van de weinige overblijfselen van de middeleeuwse verdedigingwerken. Het was vooral van Rijkswege dat de toren en…

Lees Meer
Roomse Voet in Kronenburgerpark, maart 2021

Roomse Voet in Kronenburgerpark

Het rondeel de Roomse Voet is een verdedigingswerk dat samen met de muur en twee andere torens een van de weinige overblijfselen is van de stadsmuur van Nijmegen. Het is onderdeel van het Kronenburgerpark. Tegenwoordig is de toren bij gelegenheid opengesteld.

Lees Meer

St Jacobstoren en St Jacobsmolen

De St. Jacobstoren is in de 16e eeuw gebouwd, het meeste zuidelijke restant van de stadsmuur. Daarop stond de St. Jacobsmolen, die de bijnaam Sans Souci kreeg vanwege het conflict tussen de gemeente en de molenaar. Het torentje uit de jaren 70 is een herinnering aan deze molen.

Lees Meer

Rosseels

Plan voor de aanleg van het Kronenburgerpark Schaalaanduiding en schaalstok onder links van het midden Linksboven buiten het kader de vermelding: Bijlage 10 Januari 1881 No.: 113, Kw, Liévin Rosseels, 1881 (KPU-290 RAN)
Plan voor de aanleg van het Kronenburgerpark Schaalaanduiding en schaalstok onder links van het midden Linksboven buiten het kader de vermelding: Bijlage 10 Januari 1881 No.: 113, Kw, Liévin Rosseels, 1881 (KPU-290 RAN)

Een aantal architecten hebben een plan voor het park ontworpen, waaronder Cuypers zelf.

Het uiteindelijke plan is afkomstig van de gebroeders Rosseels. De gemeente kwam met de Belgische broers Rosseels in contact via Brender à Brandis. Hij was betrokken bij de uitleg van de stad en bovendien de gemeente-architect van Maastricht. Een van de broers stierf in 1881, hij was vooral verantwoordelijk voor het ontwerp van het nieuwe park. De andere broer Liévin Rosseels, voerde het plan uit en zou daarna meerdere parken ontwerpen, waaronder het Hunnerpark en het Keizer Karelplantsoen. Het plan werd op 24 december 1880 aanvaard, met goedkeuring van zowel Cuypers als de commissie. Het plan was begroot op f15000,-, maar kwam op f25000,- uit.

Merk daarbij op dat in het bovenstaande plan de St.-Jacobstoren en de wal tussen de Roomsche Voet en de St.-Jacobstoren ontbreekt. Ook eindigt het park ter hoogte van de St. Jacobstoren, de heuvel waarop de Leeuw staat. Het achterliggende gedeelte is in 1887 aangelegd

Heuvel en stijl

Kronenburgerpark met Roomsche Voet en heuvel met de Leeuw van Leeuw, maart 2021
Kronenburgerpark met Roomsche Voet en heuvel met de Leeuw van Leeuw, maart 2021

Rosseels kon bij zijn ontwerp dankbaar gebruik maken van het al aanwezige heuvelachtige terrein. Op de kop lag het Bastion Pesthuis, dat moest verdwijnen. De grondwerkzaamheden bestonden vooral uit het graven van de vijver en het meer geleidelijk maken van de hellingen.

Daarnaast werden er 4700 bomen aangeplant: doordat voorheen het terrein vóór de wallen/muren vrij moesten zijn vanwege het schootsveld, was deze omgeving nu een kale vlakte.

Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)
Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)

Engelse Landschapsstijl

Het park is ingericht in de zogenaamde Engelse Landschapsstijl. Wikipedia: “Het concept leunt op een voorstelling van romantische, parkachtige landschappen met verrassende doorkijkjes, gestalte gegeven door de aanleg van grasvelden, liefst op heuvelachtig terrein, omgeven en afgewisseld met boomgroepen. Ook water vormt een belangrijk onderdeel van deze populaire vorm van landschapsaanleg. Er worden vaak kunstmatige meertjes aangelegd. Veel mensen vinden de Engelse tuin natuurlijker overkomen. In werkelijkheid groeien er vaak veel exoten, zoals coniferen.”

Grot

grot en waterval Kronenburgerpark, Wilhelm Ivens, 1895 (F65800 RAN)
grot en waterval Kronenburgerpark, Wilhelm Ivens, 1895 (F65800 RAN)

Het idee voor een grot ontstond tijdens de aanleg van het park. Rosseels deed in februari 1882 een voorstel hiervoor. Probleem hierbij was, dat de bovenlaag van het park hier inmiddels klaar was. Daarop groeven mijnwerkers een gang vanaf de Kronenburgersingel.

Grot in Kronenburgerpark (april 2025)
Grot in Kronenburgerpark (april 2025)

De Leeuw van Leeuw

de Leeuw van beeldhouwers Henri Leeuw Jr. en Sr. in Kronenburgerpark (oktober 2023)

Kronenburgerpark: Geschiedenis van het Leeuwenstandbeeld

Op de heuvel in het Kronenburgerpark staat een trots standbeeld van een leeuw. De makers zijn vader en zoon Henri Leeuw; de overeenkomst in naam is puur toeval. Het beeld is geschenk van de Verfraaiingsvereniging.

Lees Meer
Stallen in Kronenburgerpark (april 2024)
Stallen in Kronenburgerpark (april 2024)

Vijver

Vijver met fontein Kronenburgerpark (april 2025)
Vijver met fontein Kronenburgerpark (april 2025)

De Kruittoren wordt gedeeltelijk omsloten door een vijver. Hierin staat een fontein en is een eilandje aangelegd. In de vernauwing van de vijver is een bruggetje geplaatst.

Vijver Kronenburgerpark (april 2025)
Vijver Kronenburgerpark (april 2025)

Rijksmonument

Het Kronenburgerpark is een Rijksmonument:

Vijver en Kruittoren Kronenburgerpark vanaf Roomsche Voet, maart 2021
Vijver en Kruittoren Kronenburgerpark vanaf Roomsche Voet, maart 2021

“Waardering

– Van historische waarde voor de Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur als goed voorbeeld van een stadspark uit het laatste kwart van de 19de eeuw in Engelse landschapsstijl. De parkaanleg ontleent haar kwaliteiten aan het behoud van bestaande karakteristieken van de voormalige vestingwerken (hoogteverschillen, historische muur met torens als romantisch element) en aan de toevoeging van nieuwe elementen (gevarieerde en bijzondere beplanting, waterval met kunstmatige grot en vijver).

– Van stedenbouwkundige waarde vanwege de markante ligging op de voormalige vestingwerken tussen de historische binnenstad en de zogenaamde 19de -eeuwse gordel. Het Kronenburgerpark vormt een essentieel onderdeel van het stedenbouwkundig concept van de Nijmeegse 19de -eeuwse uitleg. Door de markante situering vormt het park een belangrijk geledings- en verbindingselement in het stedenbouwkundig weefsel. Tevens geeft het park uitdrukking aan de wens van de gemeente om van Nijmegen een ruime en groene stad te maken; ruimtegebrek was na het slechten van de wallen verleden tijd.

– Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een sociaal-maatschappelijke en stedelijke ontwikkeling, in casu het ontstaan van een visie op de stad die schoon, gezond en mooi dient te zijn; het in de stedelijke structuur opnemen van parken als verfraaiing en stedelijke voorziening.”

Verslag wandeling

De heer F. Hubscher , schrijvend over een wandeling in Nijmegen en omgeving in het “Dagblad van Zuid-Holland” is in 1893 meer onder de indruk van de bloemen dan de Kruittoren in het park: “onze wandeling voortzettende, zijn wij het lustoord Kronenburgerpark genaderd en ontdekten wij rondom heerlijke bloemen, waarvan de geur ons verkwikte. Wij zien beplante heuveltjes, vijvers met eenden, beekjes met zilverblank water, waarin de geschubde goudkleurige bewoners lustig rondzwemmen, rotsen en grotwerken.

In een van de grotten dalen wij af en nemen daar even plaats op een der van rotswerken vervaardigde rustbanken, om den schoonen waterval en de springende fonteinen meer van nabij te zien. De grot verlatende, richten wij onze blikken naar den eenvoudigen kruittoren en wandelen dan naar..” (De Gelderlander 31/5/1893)

Uitbreiding

In 1887 vond uitbreiding van het park plaats: oorspronkelijk liep het tot en met het perk waar de leeuw staat. In 1887 wist de gemeente eindelijk de St. Jacobsmolen te kopen. Daarmee kwam tevens het terrein vrij te liggen welke voorheen voor de opgang van de molen in gebruik was.

Hier was de aanleg veel strakker dan het lagergelegen deel. Ook dit deel is door Rosseels ontworpen. Hij had hier minder mogelijkheden, omdat er minder grote hoogteverschillen waren.

Naam

Oorspronkelijk had het park geen naam. Gedacht werd aan de naam Westerpark, waarbij het Hunnerpark het Oosterpark zou zijn gaan heten. Geleidelijk aan raakte de naam Kronenburgerpark in gebruik, vanwege de plaats die de Kronenburgertoren inneemt in het park.

Wat honden kunnen aanrichten

De naam Kronenburgerpark is in juni 1882 officieel vastgesteld. De aanleiding waren benodigde wijzigingen in de politieverordening, bijvoorbeeld de bepaling dat kinderen onder 10 jaar niet zonder begeleiding mochten zijn. Daarin spreekt het voorstel van “aanleg bij den Kronenburgertoren”. Vooral het verbod op het loslopen van honden, die grote schade kunnen aanrichten aan het plantsoen, is problematisch: voor een strafbepaling is de aanduiding “aanleg rond de Kronenburgertoren” niet specifiek genoeg. Daarop is het beter de naam Kronenburgerpark te noemen. Echter: deze en een aantal andere namen waren nog niet officieel vastgesteld, omdat B en W “door bizondere omstandigheden werden verhinderd”. Om eventuele overtredingen succesvol voor de rechtbank te kunnen laten verschijnen, is een naam nodig: anders zal de rechter elke overtreding in het Kronenburgerpark kunnen afwijzen, omdat hij geen Kronenburgerpark kent. Daarop besluit de Gemeenteraad de naam Kronenburgerpark officieel vast te stellen. (PGNC 3/6/1882 en PGNC 20/6/1882).

Rob Essers in de Straatnamengids: “Deze naam was bij de algemeene herziening der straatnamen bij R.B. van 9 Juli 1924 vergeten. Het verzuim is thans [14 maart 1939 /RE] hersteld. De naam is door B. en W. nu vastgesteld. Het Kronenburgerpark is ingesloten door achtereenvolgens aan elkander sluitende deelen van den Kronenburgersingel – Lange Hezelstraat – Parkweg en van Berchenstraat. De naam geldt niet voor de in dat terrein gelegen particuliere eigendommen.” (Dienstarchief G.A.N., nr. 195:29)

Kronenburgpark

Veel Nederlanders kennen het Kronenburgerpark vanwege het lied “Kronenburgpark” van Frank Boeijen. Zonder “-er”, omdat dat minder in het ritme paste. In het kader van de 20ste Zomerfeesten (nu Vierdaagsefeesten) gaf hij in 1989 een legendarisch concert in dit park.

Meubilair

"Monumentale" afvalbak (november 2024)
“Monumentale” afvalbak (november 2024)

Deze hiernaast afgebeelde monumentale afvalbak staat boven bij de sprookjesgrot. En is feitelijk een een moderne, metalen vuilcontainer.

Annie Hellewaard

Bordje Annie Hellewaard Kronenburgerpark (november 2024)
Bordje Annie Hellewaard Kronenburgerpark (november 2024)

Bij haar overlijden liet Annie Hellewaard een grote erfenis na op voorwaarde dat deze besteed zou worden aan “goede doelen die bij het gedachtegoed van de familie pasten: de persoonlijke ontwikkeling van vrouwen in de zorgsector, kinderfeesten en een groenproject in de openbare ruimte waar haar naam blijvend aan verbonden zou worden”. Daarop werd een deel van de erfenis gebruikt voor het opknappen van het Kronenburgerpark in 2003-2005 (Gemeente Nijmegen, met een heel artikel over Annie Hellewaard).

Waar ligt Kronenburgerpark?

Bronnen

Kronenburgerpark in herfstzon (november 2024)
Kronenburgerpark in herfstzon (november 2024)

Kronenburgerpark gaat zijn vijfenzeventigste verjaardag vieren: juweel aan Nijmeegse Keizerskroon, A. Delahaye,  De Gelderlander 24/9/1955

https://www.kronenburgerparknijmegen.nl/

Leeuw https://nl.wikipedia.org/wiki/Leeuw_(Kronenburgerpark) wikipedia

Frank Boeijen gaf in jaren ‘80 magisch optreden in Kronenburgerpark, De Gelderlander 13-07-19 https://www.gelderlander.nl/vierdaagse/frank-boeijen-gaf-in-jaren-80-magisch-optreden-in-kronenburgerpark~a25ea0b0/

Kronenburgerpark in de sneeuw anno 2026 (januari 2026)
Kronenburgerpark in de sneeuw anno 2026 (januari 2026)
Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)
Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)
De St. Stephanuskerk met rechts de pastorie : ontworpen in 1922 door Pierre Cuypers Jr. ; 1e steenlegging op 29-11-1922 ; consecratie door Mgr. A.F. Diepen op 19-11-1923, Berrg en Dalseweg 205 Hunnerberg, 25/8/1987 (Ber van Haren via ZN35770 - C RAN CC0 Auteursrechthouder: Gemeente Nijmegen)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Sint-Stephanuskerk, architect Pierre Cuypers Jr.

Berg en Dalseweg 203, Gemeentelijk monument

De St. Stephanuskerk met rechts de pastorie : ontworpen in 1922 door Pierre Cuypers Jr. ; 1e steenlegging op 29-11-1922 ; consecratie door Mgr. A.F. Diepen op 19-11-1923, Berrg en Dalseweg 205 Hunnerberg, 25/8/1987 (Ber van Haren via ZN35770 - C RAN CC0 Auteursrechthouder: Gemeente Nijmegen)
De St. Stephanuskerk met rechts de pastorie : ontworpen in 1922 door Pierre Cuypers Jr. ; 1e steenlegging op 29-11-1922 ; consecratie door Mgr. A.F. Diepen op 19-11-1923, Berrg en Dalseweg 205 Hunnerberg, 25/8/1987 (Ber van Haren via ZN35770 – C RAN CC0 Auteursrechthouder: Gemeente Nijmegen)

In 1922 werd begonnen met de bouw en de kerk werd op 19-11-1923 ingewijd.

De kerk is gewijd aan de heilige Stefanus, martelaar en patroonheilige van Nijmegen. “Het gebouw in neo-Byzantijnse stijl werd door Pierre Cuypers jr. ontworpen.” (wikipedia) Kenmerkend aan het gebouw zijn de twaalfhoekige “vieringkoepel” en het front met de twee torens.

November 1922: Eerste Steenlegging

November 1922 (“Heden”, De Gelderlander 29/11/1922) vond de eerste steenlegging plaats voor de kerk van St. Stephanusparochie, “welke zich uitstrekt van Berg en Dalschen weg naar Hengstdal en tot de H. Landstichting.”

De nieuwe kerk is een bijzonder moment voor katholiek Nijmegen, aangezien zij haar kerk vernoemd naar de patroonheilige  -de Stevenskerk- tijdens de reformatie protestants was geworden.

“Nijmegen krijgt zijn kerk weer, welke steeds herinnert aan den patroonheilige der stad; in nieuwe omgeving van nieuw Nijmegen, gaat oude Nijmeegsche roem in Roomsche sfeer herleven.

Gezien in dit licht kreeg deze plechtige eerste steenlegging nog hoogere beteekenis als voor het Katholiek Nijmegen, dat zich steeds innerlijk en uiterlijk sterk uitbreidt.” (De Gelderlander 29/11/1922)

November 1923 Inwijding

Op 19-11-1923 volgt de inwijding. Ïn het PGNC 19/11/1923 staat hierover een uitvoerig verslag, met als afsluiting: “De fraaie kerk- die wat stijl betreft veel overeenkomst heeft met de kerk op de H. Landstichting- is gebouwd naar de plannen van den architect Pierre Cuypers en voorziet in dit volksrijke stadsgedeelte in een groote behoefte.”

Glas-in-lood ramen

De oorspronkelijke glas-in-lood ramen waren gemaakt door Joep Nicolas. Deze zijn echter door een granaatinslag in de Tweede Wereldoorlog verloren gegaan.

De huidige glas-in-lood ramen zijn gemaakt door Joan Collette. Hij maakte bovendien de mozaïeken in de apsis, het Maria-altaar en het Joseph-Altaar.

De St. Stephanuskerk; de absis met een gedeelte van een mozaïek, voorstellende het leven van de H. Stephanus (o.a. de steniging en de kroning in de hemel) in de periode 1935-1940 vervaardigd door Joan Collette, Berg en Dalseweg, 1939 (F12588 RAN)
De St. Stephanuskerk; de absis met een gedeelte van een mozaïek, voorstellende het leven van de H. Stephanus (o.a. de steniging en de kroning in de hemel) in de periode 1935-1940 vervaardigd door Joan Collette, Berg en Dalseweg, 1939 (F12588 RAN)

Daarnaast is van hem een kruisweg: deze is bij de sloop van het Canisius ziekenhuis in 1992 verplaatst naar de Sint-Stephanuskerk.

Beeld heilige Stefanus, Albert Termote

Een beeld van brons, voorstellende de H. Stephanus, staande in het plantsoen voor de St. Stephanuskerk, vervaardigd door Albert Termote in 1951. Rechts het schoolgebouw van Mater Dei (uit 1930), Berg en Dalseweg, 1975 (Frans Kup via F12613 RAN CCBYSA)
Een beeld van brons, voorstellende de H. Stephanus, staande in het plantsoen voor de St. Stephanuskerk, vervaardigd door Albert Termote in 1951. Rechts het schoolgebouw van Mater Dei (uit 1930), Berg en Dalseweg, 1975 (Frans Kup via F12613 RAN CCBYSA)

Voor de kerk staat sinds 1951 een standbeeld van de heilige Stefanus, gemaakt door Albert Termote.

1993 Fusie met Christus Koningparochie

In 1993 vond de fusie plaats met de Christus Koningparochie. Daarbij werd de Christus Koningkerk gesloopt. De doopvont en een aantal beelden van Jac. Maris werden verplaatst naar de Sint-Stephanuskerk.

2007 Laatste viering

De laatste mis vond plaats op 30-12-2007. De Stephanus-Christus Koning parochie fuseerde met de Domincusparochie tot de Effatataparochie, die haar diensten in de Dominicuskerk houdt. Het “werd in 2011 onttrokken aan de eredienst.” (Omroep Gelderland  https://www.gld.nl/nieuws/2135304/stephanuskerk-berg-en-dalseweg-verbouwd-tot-bedrijfspand)

2017 Verbouwing

In mei 2017 bericht Omroep Gelderland dat de kerk en de pastorie voor 1,3 miljoen euro is aangekocht door Ingenieursbureau Spierings Orthopaedics https://www.spierings.biz/, gespecialiseerd in chirurgische implantaten.

“Om de kerk voor sloop te behoeden is besloten om deze te herbestemmen tot kantoorgebouw.
Dit tot de verbeelding sprekende gebouw zal in de toekomst als huisvesting gaan dienen voor ca. 2000 m2 kantoorruimte.” Daarbij krijgt het 6 vloerlagen met kantoorruimte. Daarbij blijft het gedeelte van het altaar met rondom de mozaïeken op alle verdiepingen open. “Start bouw: 2021” (https://www.studiodewit.nl/projecten/herbestemming-kerk-nijmegen/, met tevens mooie ontwerptekeningen)

(Overige) Bronnen en verder lezen

Een uitgebreide geschiedenis is reeds geschreven op Noviomagus.nl. https://www.noviomagus.nl/Gastredactie/Pelser/Pelser1.htm

https://nl.wikipedia.org/wiki/Sint-Stephanuskerk_(Nijmegen)

Stephanuskerk Berg en Dalseweg verbouwd tot bedrijfspand

Hunnerberg

De Hunnerberg is een wijk en stuwwal aan de oever van de Waal in Nijmegen. Deze positie van een lage…

Binnentuin met palmboom en sneeuw Begijnenstraat Nijmegen (januari 2026)
#Nijmegen, Benedenstad, Groen in Nijmegen, GroenInNijmegen

Binnentuin Begijnenstraat

Bij Begijnenstraat 13

Binnentuin met palmboom en sneeuw Begijnenstraat Nijmegen (januari 2026)
Een beetje tropen in de binnentuin: palmboom en sneeuw (januari 2026)

Je loopt er zo aan voorbij en het is klein. Dit is echter een leuk plekje, om even bij een wandeling door de Benedenstad onder het poortje bij Begijnenstraat 13 door te wandelen. Is het de palmboom die het ‘m doet?

Binnentuin bij Begijnenstraat 13
Binnentuin bij Begijnenstraat 13 (februari 2023)
Binnentuin Begijnenstraat 13 voorste deel
Begin van de binnentuin (februari 2023)
MULO Prins Hendrikstraat 7 Architect Weve 1910-1920 Altrade (F27307 )
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Openbare School No.2 voor U.L.O. architect Weve

1905-1906 Prins Hendrikstraat 7 Altrade Rijksmonument

F27307 MULO Prins Hendrikstraat 7 Architect Weve 1910-1920 Altrade
MULO Prins Hendrikstraat 7, Architect Weve 1910-1920 (F27307 RAN)

Het pand op Prins Hendrikstraat 7 is in 1905-1906 gebouwd als openbare school voor Uitgebreid Lager Onderwijs (U.L.O.) door stadsarchitect Weve. Rijksmonumenten omschrijft het gebouw als “de stijl van het rationalisme met invloeden van de Art Nouveau in de ornamentering.” Een van deze ornamenten is het opschrift “OPENBARE-SCHOOL / No2 / VOOR – 1906 – U.L.O.” Het is een van de laatste van de 17 scholen die Weve heeft gebouwd.

(M.) U.L.O.

De U.L.O of M.U.L.O. betekent (Meer) uitgebreid lager onderwijs. Dit schooltype was in 1857 ontstaan en was een vervolg op de lagere school. Sinds 1920 werd dit schooltype bij wet U.L.O. genoemd, maar veel scholen bleven zichzelf M.U.L.O. noemen. Dit schooltype heeft bestaan tot de invoering van de Mammoetwet in 1968, waarbij de M.U.L.O een van de schooltypes was dat werd omgezet naar de mavo, wat weer later het vmbo is geworden.

Bij de opening

U.L.O. Tegeltableau Prins Hendrikstraat 7 Augustus 2021 (Google Streetview)
U.L.O. Tegeltableau Prins Hendrikstraat 7 Augustus 2021 (Google Streetview)

Het PGNC schrijft bij de opening in 1906:

De school aan den Bijleveldsingel.

Zorg voor het kind! Dat is het wachtwoord geworden. En niet het minst spiegelt zich dat af in de scholen en het onderwijs.

“Schoolpaleizen” heeft men spottend gezegd. Zeker si, dat de tegenwoordige scholen, ook die waarbij de eenvoud op den voorgrond stond, paleizen mochten heeten in vergelijking met de meer dan een voudige ruimten, waarin in vroeger jaren een aantal kinderen werden opgeborgen en waar “meester” oud werd door of ondanks de beruchte “onschuldige asempjes” der even onschuldige kinderen. Hokken waren het in vroeger dagen, waar de ventilatie ontbrak of hoogst onvolkomen was; waar de verwarming alles te wenschen overliet; waar de lucht verpest werd onder de vereenigde werking van de menschelijke ademhaling en de uitwaseming der vaak natte kleeren, die in het kleerlokaal werden opgehangen en die bezwangerd waren met allerlei kwalijk riekende geuren.

“Schoolpaleizen”, zei men spottend; maar was degene, die het woord op de lippen nam, wel overtuigd van de waarheid: “Voor het kind is het beste nog niet goed genoeg”. Zet het kind in een vriendelijke omgeving en ge voedt op zonder schijnbaar op de opvoeding in te werken. Leer het kind respect voor het gebouw, dat hij binnentreedt en ge leert het eerbied te hebben voor eigen huis of althans te trachten ook dat vriendelijk te helpen maken. Het leeren gaat in een aangename omgeving gemakkelijker dan in een lokaliteit, die neerdrukt. Licht, lucht en schoone vormen zijn de eerste voorwaarden voor opgewektheid en zucht naar orde.

Het doet den bezoeker weldadig aan eene inrichting binnen te treden, als aan de Bijleveldsingel is verrezen. “Je zou zelf weer lust krijgen om school te gaan,” zei een der werklieden, die er bezig was.

Reeds meermalen hadden we met welgevallen een blik geslagen op het uitwendige. Het geheel is een monumentaal gebouw, goed gedacht door den kundigen directeur van gemeentewerken, den heer Weve, flink uitgevoerd door den aannemer, den heer H. Bartels, opgegroeid onder toezicht van den opzichter, den heer Th.A. Middendorp. “Goed gedacht” zeiden we: een flink gebouw zich aanpassende aan de eerste-klasse omgeving, waarin het werd gesticht, met een front, een gevel aan twee straten, die uit architectonisch oogpunt schoon mag heeten, een kunstwerk.

Den heer Weve zal het misschien weinig treffen, dat een leek deze lofspraak uit, welnu, deskundigen, vakmannen, spraken evenzeer met lof over de inrichting als bouwwerk en dat zal hem niet onververschillig zijn.

Hoog verheft zich het gebouw aan de grens van wat nu nog de groote vlakte van ’t exercitieveld is, trotsch zal ’t er staan, als eenmaal de omgeving bebouwd is, en de breede wegen en straten in de naaste omgeving zijn een waarborg, dat het schoone geheel niet weggemoffeld zal worden.

Wij waren in de gelegenheid ook het inwendige te bezien. Twaalf ruime, frissche, lichte leerlokalen, zes beneden, zes boven; elk tweetal door een flinke ruimte gescheiden van een ander paar vertrekken en deze twee onderling verbonden of gescheiden door schuifdeuren; vier dezer lokalen telkens langs den Daalschen weg, twee langs den Bijleveldsingel. Tusschen de twee en de vier bevinden zich flinke ruimten, ter plaatse van de half torenvormige uitbouwsels, voor de berging van kleedingstukken. Het viertal aan den Daalschen weg wordt beneden door een gang, boven door de kamer voor het Hoofd der school in twee tweetallen verdeeld.

Een breede gemakkelijke steenen trap leidt van de beneden- naar de bovenverdieping, en er is gezorgd, dat de leuningen niet in een onbewaakt oogenblik gebruikt kunnen worden om er langs af te glijden. Aan den achterkant beneden is een groot ruim lokaal voor gymnastiek (vrije- en ordeoefeningen) met een keurig net geschilderd plafond in zachte tinten. Verder heeft het Hoofd der School in den toegang tot zijn lokaal drie groote ruime kasten en aan het einde der bovengang is een ruimte, bestemd tot magazijn van leer- en hulpmiddelen.

Urinoirs en bestekamers zijn in groot aantal aanwezig, eenvoudig maar netjes en praktisch ingericht, zoodat ook daar de kinderen niet aan toezicht behoeven onttrokken te zijn; hier een daar zijn fonteintjes en waterleidingkranen aangebracht.

De speelplaats ziet er op dit oogenblik nog wat onooglijk uit; ’t kan niet anders; maar één zaak is nu al te constateeren: de flinke overdekte speelplaats naar de zijde van de daarnaast gelegen bewaarschool. Bijzonder groot, dunkt ons evenwel de overige ruimte op de speelplaats niet, vooral niet, als daarvan nog hier of daar een plekje werd afgenomen om als schooltuintje dienst te doen, iets, dat bij zulk een modern ingerichte school eigenlijk niet mocht ontbreken. Maar- er blijft altijd iets te wenschen over.

Alles ziet er degelijk uit, overal dringt de frissche lucht door. “Geen raam, dat niet open kan”, zei de werkman van zooeven. Of het nu wel zoo erg is, durven wij niet zeggen. Maar frisch is het er en ruim en helder en licht. Bovendien zijn overal nog luchtkokers aangebracht.

De verwarming zal geschieden door kachels, welker warmte tevens voor den rechtstreekschen toevoer van zuivere lucht zal zorgen, die door de kachel verwarmd in de lokalen zal stroomen: m.a.w. in elk lokaal een pompstation voor frissche lucht, ook in den kouden wintertijd.

Wij noemden den school een monumentaal gebouw; een monument zal zij ook zijn voor ontwerper en bouwmeester. Moge zij de plaats worden, waar een goed deel van ’t toekomstig Nijmeegsch geslacht, meer bepaaldelijk de Middenstand, die zoo zeer verdient gesteund te worden, de kracht en de kennis zal opdoen, die hem in staat zal stellen het hoofd te bieden aan den steeds moeilijker wordenden strijd om ’t bestaan en den bloei van onze stad te bevorderen. Dan zullen de kosten aan de school besteed een kapitaal blijken, dat hooge rente opbrengt”. ( PGNC 11/5/1906)

Rijksmonument

Zowel het schoolgebouw als hek zijn Rijksmonument. Waardering”

– Van architectuurhistorische waarde als typologisch goed voorbeeld van een schoolgebouw uit het begin van de twintigste eeuw van het gangtype. Het object is gaaf bewaard gebleven qua gevelindeling, detaillering en in iets minder mate wat betreft de interieurindeling (sommige hoekjes zijn dichtgezet om extra kamers te verkrijgen) en hoofdvorm (kleine wijzigingen, toevoegingen aan de achterzijde). Het object is, als een voorbeeld van een schoolgebouw in de stijl van het rationalisme met invloeden van de Art Nouveau, van belang voor het oeuvre van de Nijmeegse stadsarchitect J.J. Weve. Na de sloop van meerdere belangrijke schoolgebouwen van zijn hand, is dit object van groot belang voor diens oeuvre. – Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van de als stadsgezicht beschermde 19de eeuwse gordel van Nijmegen, waarin het schoolgebouw als markant hoekpand een beeldbepalende rol speelt.

– Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een sociaal-culturele ontwikkeling, in casu het op peil brengen van de openbare onderwijsvoorzieningen in Nijmegen èn de in deze tijd gangbare pedagogische opvatting dat het schoolgebouw een aansprekende omgeving moest vormen voor de leerlingen.”

https://monumentenregister.cultureelerfgoed.nl/monumenten/523038

Vervolg

Voormalige U.L.O. Prins Hendrikstraat 7 als PH 7, Augustus 2021 (Google Streetview)
Voormalige U.L.O. Prins Hendrikstraat 7 als PH 7, Augustus 2021 (Google Streetview)

In 1907 is de gymzaal verhoogd. Daarnaast hebben tussen 1917 en 1968 meerdere vergrotingen van het gebouw plaatsgevonden.

Tot en met 2005 is het gebouw in gebruik geweest als school:

  • 1906 – 1946: Uitgebreid Lager Onderwijs.
  • 1941 – 1944: Duitse School.
  • 1946 – 1975: Maarten Trompschool.
  • 1975 – 1981: in gebruik als MAVO.
  • 1981 – 2005: Sint Jorisschool

In 1946 werd de ‘Openbare school voor Gewoon Lager Onderwijs nr. 2’ gesticht. Deze school was bedoeld voor moeilijk lerende kinderen. Aan het eind van de jaren 50 besluit de gemeente af te stappen van nummering van scholen. Vanaf het schooljaar 1958-1959 is het Maarten Trompschool. Vanaf ongeveer 1970 zet een daling van het leerlingaantal in en daarop wordt de school op 1 augustus 1975 opgeheven.

In 2007 is het gebouw een bedrijfsverzamelgebouw geworden, welke in ieder geval in 2014 PH 7 heette en waarop op dat moment 10 organisaties gehuisvest waren, onder andere: de Circusschool, Theater Grote Broer, Colourfull City en Music Meeting.

Vanaf ongeveer september 2022 werd het plan voor de verbouwing van het gebouw opgesteld, zodat het kan dienen als noodopvang voor 130 Oekraïense vluchtingen, waarvoor 32 worden gebouwd.

Weve architect

Weve was een architect en ingenieur. Hij was stadsarchitect en directeur Gemeentewerken van Nijmegen. Hij ontwierp onder andere 17 scholen,…

Hogere Burgerschool architect Weve

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Altrade

Deze pagina verzamelt reeds gemaakte artikelen over de wijk Altrade. Romeins amfitheater hoek Rembrandtstraat-Mesdagstraat In de buurt van Romeinse legerkampen…

(Overige) Bronnen

Meer uitgebreid lager onderwijs, wikipedia

Wet op het voortgezet onderwijs, wikipedia

Openbare School nr. 2 Prins Hendrikstaat 7, Wijkcomité Oost

Peter op den Brouw transformeert schoolgebouw Prins Hendrikstraat 7 te Nijmegen, ViS Detachering

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/nieuwe-opvangplek-voor-150-oekraieners-aan-prins-hendrikstraat-in-nijmegen~a054de72/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F

https://vandeklok.nl/projecten/opvanglocatie-prins-hendrikstraat-7

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Maarten_Trompschool_Nijmegen

Groesbeekseweg 1,3,5, links de Sloetstraat, 2010 (Henk van Gaal via DF918 RAN CC0)
#Nijmegen

Groesbeekseweg

Groesbeekseweg 1,3,5, links de Sloetstraat, 2010 (Henk van Gaal via DF918 RAN CC0)
Groesbeekseweg 1,3,5, links de Sloetstraat, 2010 (Henk van Gaal via DF918 RAN CC0)

Deze pagina verzamelt reeds verschenen over de Groesbeekseweg

Hoek St. Annastraat/Groesbeekseweg vanaf het Keizer Karelplein, 1885 (Gerard Korfmacher via F11947 RAN)
Hoek St. Annastraat/Groesbeekseweg vanaf het Keizer Karelplein, 1885 (Gerard Korfmacher via F11947 RAN)
Begin Groesbeekseweg vanaf St. Annastraat, oktober 2024 (Google Streetview)
Begin Groesbeekseweg vanaf St. Annastraat, oktober 2024 (Google Streetview)
De (voormalige) Kweekschool voor onderwijzeressen. Links de Guyotstraat, ontworpen en gebouwd door N. van Eck, foto gedateerd 1905 (F14159)

Kweekschool voor onderwijzeressen

In 1899 wordt de Kweekschool voor onderwijzeressen gebouwd. Architect en aannemer is Nicolaas van Eck. Rond 1936 is het gebouw in gebruik door de R.K. Kweekschool afdeling Onderwijzers. In 1958 wordt het gebouw tot 1983 een bibliotheek.

Lees verder
Mussenhaghe Groesbeekseweg 404 (juli 2024)

Villa Mussenhaghe

De villa Mussenhaghe aan de Groesbeekseweg is rond 1750 gebouwd als boerderij. Eind 19e eeuw is deze omgebouwd tot villa.

Lees verder
Marienboom, Groesbeekseweg (juli 2024)

Hotel-Pension Mariënboom: Geschiedenis, Architect en Gebruikers

Ditmar Jansen, eigenaar van het goed lopende hotel Mariënboom (tegenwoordig Oud-Mariënboom) laat in 1910-1911 een nieuw, groter pand bouwen als hotel-pension Mariënburg. De architect was Jan Baanders (Sr.), die later van invloed zou zijn op de Amsterdamse School. Nadat het jaren een hotel is geweest, was het onder andere in gebruik voor gerepatrieerde Indië-gangers en de…

Lees verder
De voorgevel van de Kook en Huishoudschool, architect Semmelink, 1899 (F58731 RAN)

Kook- en Huishoudschool architect Semmelink

1899 Kook- en Huishoudschool, Groesbeekseweg 15 Galgenveld In januari 1899 gaat de kook- en huishoudschool aan de Groesbeeksche straat open. Het ontwerp was van architect Semmelink. In 1893 hadden een aantal vooraanstaande Nijmeegse vrouwen het initiatief genomen tot de oprichting van een kookschool. Dit naar aanleiding van een lezing van freule Jeltje de Bosch Kemper.…

Lees verder
Groesbeekseweg 23 Hoek Guyotstraat, Architect Claase, augustus 2023 (Google Streetview)

Groesbeekseweg 23 architect Claase

IN 1897/1898 ontwerpt architect Claase 2 woonhuizen op de hoek Groesbeekseweg en Guyotstraat voor de heer Burgers.

Lees verder
Klooster en kweekschool voor meisjes, architect Joseph Seelen (Uit Katholieke Illustratie via RAN F9292)

Klooster annex normaalschool en lagere school

Op 1 mei 1923 vond de inwijding plaats van het klooster en kweekschool voor meisjes aan de Groesbeekseweg plaats. Dit klooster en deze school was van de orde Filles de la Sagesse (Dochters der Wijsheid). Het was een orde die oorspronkelijk afkomstig uit Frankrijk. Vanwege religieuze moeilijkheden aldaar was Nijmegen een van de plaatsen waar…

Lees verder

Hoek Groesbeekseweg en Sloetstraat

Groesbeekseweg 1,3,5, Sloetstraat 5, Nijhoffstraat 6, Rijksmonument

Groesbeekseweg 1,3,5, links de Sloetstraat, 2010 (Henk van Gaal via DF918 RAN CC0)
Groesbeekseweg 1,3,5, links de Sloetstraat, 2010 (Henk van Gaal via DF918 RAN CC0)

Deze panden zijn een Rijksmonument, “Alleen van Groesbeekseweg 1 is met zekerheid te melden, dat dit is gebouwd door architect Anthonie Wijers (ook Weijers) E. Jzn. in 1895.”

Waardering (met uitgebreide beschrijving):

“Aaneengesloten rij van vijf Herenhuizen met hekwerken, gebouwd rond 1895.

Van cultuurhistorisch belang als herkenbaar element uit een maatschappelijke ontwikkeling. De panden zijn gebouwd als huisvesting voor de nieuwe en kapitaalkrachtige stedelijke elite, die zich bij voorkeur vestigde in kapitale herenhuizen aan de grote uitvalswegen rond de oude stad; een uitleg die met het verwijderen van de vestingwerken aan het einde van de 19de eeuw mogelijk was geworden.

Van architectuurhistorisch belang als goed en redelijk gaaf voorbeeld van een laat 19de-eeuws woonblok in neo-renaissancestijl. De zorgvuldig vormgegeven voorgevels zijn van een evenwichtig ontwerp en bieden in de onderdelen een staalkaart van de neo-renaissance vormentaal.

Van stedenbouwkundig belang vanwege zijn ligging aan de Groesbeekseweg, een van de uitvalswegen van Nijmegen binnen het beschermd stadsgezicht.”

Groesbeekseweg 13

Groesbeekseweg 13  Bouw Woonhuis datum dossier 10-8-1897 (D12.377718)
Groesbeekseweg 13 Bouw Woonhuis datum dossier 10-8-1897 (D12.377718)
Groesbeekseweg 13 maart 2025 (Google Streetview)
Groesbeekseweg 13, maart 2025 (Google Streetview)
Op de hoek Pontanusstraat 2, met daarachter 14 t/m 24, waarbij nr 24 het eerste huis rechts van Pontanusstraat 2 is, foto gedateerd 1900 (F17246 RAN) Architect Maurits, 1895 Alltrade
Op de hoek Pontanusstraat 2, met daarachter 14 t/m 24, waarbij nr 24 het eerste huis rechts van Pontanusstraat 2 is, foto gedateerd 1900 (F17246 RAN)
Hoek Groesbeekseweg Pontanusstraat, maart 2025 (Google Streetview)
Hoek Groesbeekseweg Pontanusstraat, maart 2025 (Google Streetview)

Deze woningen zijn ontworpen door architect Wilhelmus Johannes Maurits en zijn een Rijksmonument.

Atjehstraat vanaf Sumatraplein (december 2024)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Atjehstraat en Delistraat, architect Rodenburg

Atjehstraat vanaf Sumatraplein (december 2024)
Atjehstraat vanaf Sumatraplein (december 2024)

Architect Rodenburg ontwierp in 1947/1948 de woningen aan de Atjehstraat en Delistraat in de wijk Galgenveld.

Bouwplan 104 woningen aan de Delistraat, Opdrachtgever is W.F.H. Meijer, Datum tekening 25-10-1947, gewijzigd 4-2-48 (D12.408160)
Bouwplan 104 woningen aan de Delistraat, Opdrachtgever is W.F.H. Meijer, Datum tekening 25-10-1947, gewijzigd 4-2-48 (D12.408160)

Opvallend: hier wordt 104 woningen genoemd, terwijl op andere tekening 82. (Blokken III, IV en V zijn 82 woningen -> I en ll betreft waarschijnlijk de overkant van de straat)

Een blokje nieuw gebouwde huizen aan de Archipelstraat tussen de Atjehstraat (links niet zichtbaar) en (op de achtergrond) rechts de Delistraat, Galgenveld, 19/7/1950 (Joh. Grijpink via F69276 CCBYSA)
Een blokje nieuw gebouwde huizen aan de Archipelstraat tussen de Atjehstraat (links niet zichtbaar) en (op de achtergrond) rechts de Delistraat, Galgenveld, 19/7/1950 (Joh. Grijpink via F69276 CCBYSA)

“Beide architecten konden toen nog niet bevroeden, dat korte tijd later, na de ravage van de laatste oorlogsjaren, de kwalitatieve ambities aanzienlijk zouden worden teruggeschroefd. In de eerste jaren van de wederopbouw stonden bouweconomie en woningnood noodgedwongen boven aan de agenda. Dat blijkt uit de complexen die architect R.D. Rodenburg realiseerde in 1948 aan de Delistraat en de Atjehstraat, in plaats van de door Meerman en Van der Pijll geschetste bebouwing. Rodenburg realiseerde een complex portiek-etagewoningen van twee lagen met kap. Dit voor die tijd nieuwe type werd architectonisch gearticuleerd door hoge en transparante entreepuien toe te passen, waardoor de portieken zich lijken te openen naar de openbare ruimte. De grote lengte van de bouwblokken trachtte Rodenburg op te delen door een zaagtandsge-wijze verspringing van de rooilijn, die tevens samenvalt met een hoogtesprong. Daarnaast zijn de verspringingen gearticuleerd door ter plaatse een bijzondere kopgevel toe te passen: een rechthoekig gevelvlak, voorzien van een topgevel in de vorm van een klein fronton” (Indische buurt Galgenveld – Nijmegen
Atlas beschermd stadsbeeld, Rein Geurtsen & partners, januari 2014)

Het gezicht op de nieuwe gebouwde huizen in het woonblok tussen Delistraat - Atjehstraat - Archipelstraat, Galgenveld, 1952 (GN3802 RAN)
Het gezicht op de nieuwe gebouwde huizen in het woonblok tussen Delistraat – Atjehstraat – Archipelstraat, Galgenveld, 1952 (GN3802 RAN)
Ingang Delistraat 64 en 66, september 2022 (Google Streetview)
Ingang Delistraat 64 en 66, september 2022 (Google Streetview)
Delistraat, vanaf kop Archipelstraat gezien, september 2022 (Google Streetview)
Delistraat, vanaf kop Archipelstraat gezien, september 2022 (Google Streetview)
Atjehstraat 47 t/m 53, september 2022 (Google Streetview)
Atjehstraat 47 t/m 53, september 2022 (Google Streetview)
Atjehstraat vanaf Archipelstraat, september 2022 (Google Streetview)
Atjehstraat vanaf Archipelstraat, september 2022 (Google Streetview)
Medanstraat 2 en 4, September 2022 (Google Streetview)
Medanstraat 2 en 4, September 2022 (Google Streetview)
Bouwplan 82 woningen aan de Delistraat, datum tekening 25-10-1947, gewijzigd 4-2-1948, D12.408163
Bouwplan 82 woningen aan de Delistraat, datum tekening 25-10-1947, gewijzigd 4-2-1948, D12.408163
Transformatorruimte t/b van wooncomplex Delistraat (D12.408161)
Transformatorruimte t/b van wooncomplex Delistraat (D12.408161)
Bouwplan 82 woningen aan de Delistraat, D12.408162
Bouwplan 82 woningen aan de Delistraat, D12.408162

Galgenveld

Deze pagina verzamelt de artikelen die reeds over Galgenveld zijn verschenen.