Op Begijnenstraat 20 staat de voormalig gereformeerde kerk van Nijmegen. Daarna was het jarenlang een bedrijfsruimte: als amandelfabriek, fietsverhuur, timmerfabriek en snookercentrum. Vanaf 1999 is het een woning. Het gebouw is een gemeentelijk monument.
Korte geschiedenis Gereformeerde kerk Nijmegen
Bij de “Afscheiding van 1834” hadden in Nederland verschillende groepen de Hervomde Kerk verlaten. In 1869 verenigden deze groepen zich tot 1 kerkverband: de Christelijke Gereformeerde Kerk. Meer hierover is te lezen op wikipedia: Christelijke Gereformeerde Kerken en Gereformeerde kerken in Nederland
In mei 1885 was de Christelijke Gereformeerde Gemeente in Nijmegen geïnstitueerd (oftewel: opgericht). Daarop wilde de gemeente graag een eigen kerk krijgen. Tot dan hoe had de gemeente gebruik gemaakt van een gehuurde zaal.
Financiële steun
Aangezien de gemeente zelf weinig financiële mogelijkheden had, verzocht ze de landelijke Synodale Commissie (het dagelijks bestuur van de kerk op dat moment) om toestemming om bij de kerken in het land om een bijdrage te vragen. Deze gaat akkoord, na aanvankelijk huiverig te zijn geweest: was Nijmegen niet te onbekend om brede steun te krijgen voor hun bouw? Uiteindelijk kwam bij de Synodale Commissie en bij de kerkenraad van Nijmegen zelf samen f 2.426,38 binnen, waardoor in 1887 met de bouw kon worden begonnen.
Kenmerken van de kerk
Een tekening van de Gereformeerde kerk, Begijnenstraat, 1885 (F61116 RAN)
De kerk was ontworpen door B. Bouman uit Pernis, waarbij H.L. Esmeijer de aannemer was.
“In zeer korten tijd is in de Bagijnenstraat alhier een nieuw kerkgebouw verrezen van de Christelijke gereformeerde Gemeente, dat Donderdag e.kl. zal worden in gebruik genomen. Naar de plannen van den heer B. Bouman te Pernis is deze kerk door den heer H.L. Esmeijer te Nijmegen gebouwd. Zij is 11 meter hoog en 8 meter breed en kan beneden op de galerijen ruim 400 personen bevatten. Bij dag ontvangt het gebouw flink licht door de drie groote in den gevel aangebrachte ramen, terwijl het des avonds door Wanham lampen zal verlicht worden. Het geheel is zeer doelmatig ingericht.” (PGNC 5/9/1888)
Gereformeerde Kerken: “De kerk staat er trouwens nog steeds en is als kerkgebouw aan de grote vensters in de voor- en de achtergevel nog duidelijk te herkennen. Het was een eenvoudige zaalkerk, niet al te groots en protserig, maar het gebouw sloot goed aan bij de overige huizen in de straat. Het had een sobere neo-renaissancegevel. De kleine torenspits die bovenop de voorgevel stond, verdween nog vóór de Tweede Wereldoorlog.” De kerk bood plaats aan 250 gelovigen (waarom het PGNC 400 personen noemt en Gereformeerde kerken 250 is mij niet bekend). De eerste predikant in deze kerk was Ds. Gezelle Meerburg van 1888 – 1890.
Een mooi en uitgebreid verhaal staat op Gereformeeerde kerken, welke tevens een belangrijke bron was voor de bovenstaande paragrafen.
Abonneren
Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.
1918: Eerste Nederlandsche Amandelfabriek
Eerste Ned. Amandelproductenfabr. “E.N.A.” Chreijghton en Seveke, plan voor het inrichten van een perceel aan de Begijnenstraat 20 tot fabriek, datum tekening december 1918 (D12.385369)
Op 5-11-1918 verkoopt de “Hersteld Apostolische Zendingsgemeente in de de Eenheid der Apostelen in Nederland en Koloniën” te Enkhuizen “het kerkgebouw met daaraan grenzend blok woningen aan de Bagijnenstraat op de hoek der Lompenkramersgas te Nijmegen, kadestraal aldaar bekend in sectie C nummers 2099 en 5022 samen groot vier are dertien centiare” voor 17.000 gulden. De koper is de Vennootschap onder firma “Eerste Nederlandsche Amandelproductenfabriek E.N.A. Creighton & Seveke” (Inventarisnr 46, Archiefnr 560, Aktenr 1966).
De firmanten daarvan zijn Nicolaas Jacobus Creighton en Johannes Josephus Maria Seveke, beiden “fabrikant” te Nijmegen.
Zij laat de voormalige kerk verbouwen. Opvallend daarbij is dat de toren op de bouwtekening D12.385369 een andere spits heeft dan op de bouwtekening van 1885.
Op de begane grond komt het paklokaal en het machinelokaal. Daarnaast krijgt het gebouw een ingang vanuit de Lompenkramersgas en kantoorruimte.
Onder het machinelokaal komt een kelder. Boven het Paklokaal komt een tussenverdieping met een balustrade, zoals de foto uit 1935 hieronder goed te zien is.
Op 4-2-1919 krijgt de Eerste Nederlandsche Amandelproductenfabriek E.N.A. een hinderwetvergunning voor “het oprichten van een inrichting voor het bereiden van amandelproducten in het perceel Bagijnenstraat no. 20, kad. Bekend gemeente Nijmegen, sectie C. nos. 5022 en 2000.” (PGNC 5/2/1919)
In 1920 staan de gebouwen echter weer te koop (PGNC 18/9/1920): zij zullen op 30 september en 14 oktober geveild worden. Of deze gebouwen daadwerkelijk verkocht zijn en wie de koper is, is mij nog niet bekend.
TW rijwielen van Rijwielhandel Quick
TW Rijwielen gevestigd op Begijnenstraat 20 (PGNC 15/4/1924)
In ieder geval wordt in 1924 een volgende gebruiker gevonden: Rijwielhandel “Quick” op de Korte Burchtstraat 11. Zij verplaatst haar “transport-afdeeling” van de Daalsche dwarsweg 4 naar de Bagijnenstraat. Haar belangrijkste activiteit lijkt gezien de advertenties de verhuur van T.W. rijwielen te zijn, waarbij rijwielen via een abonnement worden verhuurd. De T.W. rijwielen zijn “gemakkelijk te herkennen, niet alleen aan de massieve bagagedrager, en de bekende driehoek op het achterspatbord, doch ook vooral aan het feit, dat ze er steeds zoo goed onderhouden uitzien” (advertentie De Gelderlander 4/6/1924)
Eind 1926 staat het gebouw weer te koop. Op 6 en 20 januari 1927 vindt de veiling plaats van “Het fabrieksgebouw met erf te Nijmegen a.d. Bagijnenstraat 20, kad. Sectie C No. 50122, groot 1.73 A. aangesloten a.d. rioleering en voorzien van gas- en waterleiding en electrisch licht, verhuurd tot 1 Mei 1927 voor f 1000,- p.j.” (PGNC 24/12/1926)
Of het gebouw daadwerkelijk is verkocht, is nog niet bekend. In ieder geval zal Quick pas een jaar later zijn rijwielhandel op dit adres opheffen. In De Gelderlander 18/4/1928 verschijnen advertenties voor de verkoop van de invantaris:
“Te koop wegens opheffing der zaak: een Werkbank, Bankschroef en diverse Gereedschappen, Standaard, Haken enz….”
“Te koop tegen elk aanneemlijk bod een partij zeer sterke gebruikte Transportrijwielen en Frames…”
Houtbewerking Verburg
Het interieur van de Gereformeerde kerk, 1935 (F12446 RAN CC0)
In augustus 1928 wordt het pand weer(?) verkocht. 30 augustus 1928 vindt de veiling plaats van “het flink en solied gebouwde pand met groote droge kelders, zeer geschikt voor Fabriek, Werkplaats of Pakhuis gelegen aan de Bagijnenstraat No. 20 te Nijmegen, kad. C No. 5022….” (PGNC 18/8/1928)
De koper is G.A.L. v. Gemert, voor het bedrag van f 5000. (PGNC 31/8/1928)
Vervolgens krijgt J.A.A. Verburg een hinderwetvergunning voor “het oprichten van eene door elektriciteit gedreven inrichting voor het machinaal bewerken van hout” op 9-11-1928 (PGNC 15/11/1928). Vervolgens lijkt hij/de familie Verburg hier jarenlang haar timmerfabriek te hebben.
Een foto uit 1955 waarbij het gebouw in gebruik is door J.J.A. Verburg Machinale Houtbewerking is te vinden op F12505.
1988 Chapel Snooker Centre
Het snooker-centrum, voorheen de timmerwerkplaats van J. Verburg, aan de Begijnenstraat., 7/1987 (Ber van Haren via KN14117-23 RAN CC0)
In 1988 is de voormalige kerk verbouwd tot snookercentrum “Chapel Snooker Centre”.
Afgaande op de “begane grond bestaand” tekening uit 1988 (Bestektekening 19—11-1987, D12.566474) lijkt het gebouw nog een verbouwing gehad te hebben vóór die van 1988: aan de voorkant zit een hal en daarnaast een aparte kamer, welke bij de verbouwing in 1988 tot keuken wordt bestemd. De hal krijgt dan een opgang naar boven; het luik van de kelder wordt afgesloten. Daarnaast komt de eerste verdieping over het gehele gebouw, welke 1 grote ruimte is.
Het NRC constateert dat de snookersport steeds populairder wordt en bezoekt in september 1992 een aantal bijzondere locaties, waaronder het Chapel Snooker Centre: “. Om van het centrum twee verdiepingen te maken, is een staalconstructiebedrijf ingeschakeld, dat het berekend heeft op een bedrijfsvloer. Geen overbodige luxe als we weten dat vier tafels bijna 5.000 kilo wegen. Omdat alle warmte naar de bovenste verdieping trok, is er in zes schachten in het plafond een luchtverversingssysteem aangebracht. Een druk op de knop zorgt er nu voor dat koele lucht vanuit de kelders naar boven komt. Eén wand bestaat geheel uit fraaie authentieke kerkramen.”
1999 Verbouwing tot woonhuis
In 1999 vindt de verbouwing tot een woonhuis plaats, wat het tegenwoordig (september 2024) nog steeds is.
Duurste koophuis in oktober 2022
In oktober 2022 was deze woning het duurste koophuis dat te koop stond. “De vraagprijs van dit bijzondere pand bedraagt maar liefst € 2.200.000. Maar je hebt dan een zeer bijzonder historisch gebouw met een woonoppervlak van 388 m² op een perceel van 174 m². De kerk is omgebouwd tot een woning met een grote woon- en eetkamer, een open keuken, vijf slaapkamers, drie badkamers en een dakterras.” (Gereformeerdekerken)
Gemeentelijk Monument
De voormalige Gereformeerde Kerk is sinds 1988 een gemeentelijk monument:
“Voormalig Gereformeerde Kerk.” Rechthoekig bakstenen pand met pannengedekt zadeldak loodrecht op de straat. De gevel, onderbroken door een middenrisaliet, bestaat uit drie etages: gestucte, van natuursteenblokkenversiering voorziene benedenetage waarin secundair twee vensters aangebracht zijn; bovenetage met twee hoge rondboogvensters met eveneens rondbogige roedenindeling; topgevel met gestuct rondboogbries onder de gootlijst, gedragen door overhoeks geplaatste vierkante zuiltjes aan weerszijden uitlopend in achthoekig arkeltorentje. De middenrisaliet als toren uitgewerkt: gestucte ingangspartij met rondbogige dubbele deur met lunetvormig bovenlicht; raametage met venster gelijk aan de zijvensters, reikend tot in de topgevel; bovenetage die de voorzijde van het verdwenen torentje vormt, geheel gestuct met verdiept middengedeelte waarin medaillon voor een verdwenen wijzerplaat, met daaronder een fries van tegels met polychrome ornamenten. Interieur met houten tongewelf. Binnenindeling geheel gewijzigd. Onder het gebouw overwelfde kelders behorend tot een laatmiddeleeuwse of vroeg-17de eeuwse voorgangerbouw. Bouwjaar: 1888. Architect: Bouman (Pernis) en aannemer H.L. Esmeijer (Nijmegen). Enig overgebleven, afgezien van de torenbekroningen nog betrekkelijk gaaf voorbeeld van in de straatbebouwing opgenomen kleine 19de eeuwse kerkjes.”
(Overige) Bronnen en verder lezen
Gereformeerde kerken: een mooi artikel over de geschiedenis van de gereformeerde kerk in Nijmegen
De Lentloper loopt over de Spiegelwaal, tussen de nieuwe noordoever van de Waal en het eiland Veur-Lent. De brug wordt ook Promenadebrug genoemd. De architecten zijn Laurent Ney en Chris Poulissen. De brug is in 2012/203 ontworpen en in 2016 opgeleverd.
De as van de Lentloper is gericht op de Stevenskerk (September 2024)
De brug is in totaal 220 meter lang en staat op 8 kolommen die schuin staan. Haar as is gericht op de Stevenskerk.
De brug zelf is een geknikte betonplaat, met een helling van 27 graden. Bij de landhoofden heeft de brug een breedte van 13 meter. Het midden is 25 meter breed en heeft 2 niveau’s. Het middelste, hoge wegdek is gemaakt voor (auto)verkeer, aan de zijkanten zijn er paden voor voetgangers en zitplaatsen. Onder de weg voor de auto’s lopen 2 doorgangen die de 2 paden voor voetgangers met elkaar verbinden. Deze verbindingen dienen tevens als “spankabels” voor het brugdek.
De Lentloper (september 2024)
Een van de opvallende kenmerken is hoe slank deze brug is. Het beton is bij het voetgangersgedeelte slechts 30 centimeter dik en bij het wegdek voor het verkeer 30 centimeter.
Om de brug het gevoel van een “promenade” te geven zijn klinkers voor het wegdek gebruikt. Daarnaast zijn bij het loopgedeelte grote zonnebaad stoelen aangebracht.
Huiszwaluw
De Lentloper heeft intussen de grootste kolonie huiszwaluwen van Gelderland: in augustus 2023 werden er 244 nesten geteld (Nieuws uit Nijmegen). Zij bouwen hun nest op de verbinding tussen de pijlers en brugdek, oftewel de kleine negatieve voeg tussen de kop en de onderkant van de kolommen. Ney + partners op hun site (vertaald): “De negatieve voeg heeft een zeer pragmatische oorsprong. De kolomkop is een geometrisch complexe vorm, geoptimaliseerd om de grote buigkrachten tussen pijler en brug op te vangen. Het was de bedoeling om deze unieke stalen bekisting voor alle acht pijlers te gebruiken, maar de verbindingshoek tussen pijler en betonnen onderkant is steeds anders. De negatieve voeg is bedoeld om dit op te vangen.”
Onderdoorgang Lentloper (september 2024)
Zonnebaad stoelen op de Lentloper (september 2024)
Lange Hezelstraat 10, “De Nieuwe Winkel”, architect van de verbouwing Oscar Leeuw, juli 2019 (Google Streetview)
Het uiterlijk zoals we de Lange Hezelstraat 10 nu (weer) kennen, is dat van de verbouwing tot “De Nieuwe Winkel” in 1902 door Oscar Leeuw.
Rijksmonumenten noemt de Lange Hezelstraat 10 “Pand met twee verdiepingen en hoog zadeldak, evenwijdig aan de straat. Waarschijnlijk 17e eeuw. Gepleisterde voorgevel van karakter derde kwart 19e eeuw. Links fragment van een zijtrapgevel.”
De Nieuwe Winkel
Opening de Nieuwe Winkel De Gelderlander 31/1/1902
De Gelderlander schrijft bij de opening in 1902:
“De Lange Hezelstraat ondergaat zachtjes aan een totale vernieuwing. Het eene winkelhuis na het andere wordt naar de nieuwst eischen des tijds vertimmerd en de enkele gesloten huizen, die er nog overblijven, worden tot magazijnen verbouwd.
Dit is nu ook het geval geweest met het breede pand tegenover ons bureau, dat volgens ontwerp van den archiect, den heer Oscar Leeuw, door den aannemer, den heer L. Beuming is verbouwd tot een kapitaal magazijn, waarheen de heer A. Keyser zijn reeds sinds zes en dertig jaren bestaande zaak (vroeger Lange Hezelstraat 35) in porselein, glas- en aardewerk heeft overgebracht.
De onderscheiden artikelen komen in de twee kolossale vitrines met etalage-inrichting van de firma Flament & Co. te Amsterdam (vertegenwoordiger de heer P.W. Henneveld, café “Het Veerhuis”, Waalkade alhier) uitstekend tot hun recht.
Voor het eene raam zijn de luxe-voorwerpen, als vazen, beelden enz, voor het andere de meer huishoudelijke artikelen als eet- en thee-serviezen, waschstellen, glaswerk enz. uitgestald.
In het ruime magazijn vindt men in rijke keuze voorhanden al wat tot dit gebied behoort, zoodat jonge lieden, die een huishouden opzetten, er zich van alles kunnen inspannen. Niet alleen Japansch en Saksisch porselein, fijn kristal en lakwerk, maar ook het grove aardewerk tot de eenvoudigste potten en pannen toe zijn hier naar iedere behoeften te bekomen.
Het fraaie, breede magazijn is een waar sieraad voor de straat en draagt vooral ’s avonds door de rijke verlichting veel bij tot verlevendiging van dit drukke punt der stad.” (De Gelderlander 2/2/1902)
Eerste keer speelgoed afdeling?
In 1923 biedt de Nieuwe Winkel ook speelgoed aan. In 1930 zal Keijser ook adverteren dat er “thans de volmaakte sorteering speelgoed” is. Of het speelgoed in november 1923 wordt aangeboden met Sinterklaas op komst of dat het op dat moment nog een bepert assortiment betrof, is niet bekend.
“Speelgoed-afdeeling Ant. P. Keijser.
Blijkens eene advertentie in dit nummer heeft de heer Ant. P. Keijser aan zijn magazijn “De Nieuwe Winkel”, Lange Hezelstraat 10, een afdeeling voor kinderspeelgoed verbonden. Een fraai collectie is in genoemd magazijn bijeengebrach, waaruit de bezoeker ongetwijfeld een keuze zullen weten te doen. Voor nadere bijzonderheden zie men de bedoelde advertentie.” (PGNC 28/11/1923)
2e Vestiging: De Bijenkorf
Advertentie Keijser met 2 vestigingen (PGNC 11/9/1931)
Keijser opent in 1926 een tweede vestiging die hij De Bijenkorf noemt. Deze zal tijdens de Tweede Wereldoorlog worden verwoest. Zie het artikel:
Advertentie voor speelgoed door Keijser (PGNC 8/11/1930)
Advertentie van de Poppendokter Keijser (PGNC 13/11/1936)
Keijser stond bekend als de “Poppendokter”. Afgaande op de advertentie, begon hij in 1930 met een (uitgebreid) aanbod aan speelgoed. In ieder geval is vóór Sinterklaas 1936 een advertentie gevonden waarin Keijser zich de Poppendokter noemt.
Vestiging Druten
Advertentie opening filiaal in Druten (De Gelderlander 8/6/1934)
In 1934 opent Keijser ook een filiaal in Druten.
Overlijden Keijser
Bij de begrafenis van de heer A.P. Keijser wordt een tocht gemaakt langs zijn winkels: Antonius Petrus Keijser (de poppendokter van de Lange Hezelstraat 10) was de oprichter van de N.V. De Bijenkorf (Hertogstraat 27) en de N.V. Handelsmij. TEPA (Molenstraat 52), 1/9/1952 (Fotopersbureau Gelderland via GN18748 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
Er is tot nu toe niet verder onderzocht wat de verdere geschiedenis van dit filiaal is.
In 2008 is de gevel weer teruggebracht naar de staat van 1902. (Bron: Noviomagus, met foto’s)
Willem van der Roest, Bouwkundige en/of Timmerman en Aannemer
In het Bevolkingsregister van 1880 staat Willem van der Roest (10-6-1843 Oudewater) aanvankelijk weergegeven als “Bouwkundige”. Het “blauwe potlood” heeft dit doorgehaald en vervangen met “aannemer timmerman”. Hij komt op 14-2-1883 in de Snijderstraat C21 te wonen en is afkomstig van Utrecht.
Zijn werk moet nog nader worden geinventariseerd. In een aantal gevonden notariële actes noemt van der Roest zich “timmerman” of “aannemer”:
“Aannemer” bij een koopacte 18/8/1893 (Archiefnr 446, Inventarisnr 130, Actenr 256)
In September 1895 blijkt dat zijn Wllem van der Roest, timmerman, dat hij onder curatele staat en dat hij een aanbod heeft gedaan aan zijn schuldeisers, welke de Arrondissements Rechtbank in Arnhem op 24 september 1885 heeft gehomologeerd (oftewel: wanneer niet alle schuldeisers akkoord zijn gaan met een voorstel, besluit de rechtbank alsnog dat het voorstel voor alle schuldeisers betreft).
Gevonden verhuizingen
Hieronder staan de tot nu toe gevonden verhuizingen weergegeven:
W. van der Roest, Timmerman, firma J.Th. Woonink, Van Snijderstraat 21 naar Ganzenheuvel 5 (PGNC 23/10/1885)
Van Ganzenheuvel naar Grootestraat 45. W. van der Roest, timmerman (PGNC 16/5/1889)
In Adresboeken 1893 en 1899: W. v.d. Roest, firma J.P. Woonink, aannemer en timmerman, Munterstraat 5
Wanneer hij op de Ganzenheuvel woont, blijkt hij (ook) taxateur te zijn van de Onderlinge Brand-Waarborg-Maatschappij (PGNC 11/5/1886)
Gemeentelijk Monument
De panden zijn een Gemeentelijk Monument , met als aanwijzing: “Twee woonhuizen waarvan een met twee woningen.
Bouwblok in twee bouwlagen met souterrain, schilddaken parallel aan de straat. Natuurstenen souterrainzone. De benedenverdieping is gepleisterd met imitatie-natuursteenblokken. De etage heeft een baksteengevel met gepleisterde sokkel en brede kroonlijst met gootlijstconsoles. Elke gevel is drie-assig met in de zij-as, de toegangsportieken. In de vlakke gevels wordt een van de middenassen aangeduid door een balkon van het pand nr. 25. Van het pand 21/23 is het balkon verwijderd. De dakkapel van pand 21/23 is nog origineel, dit heeft een gebogen fronton. De vensters hebben een geprofileerde gestucte omlijsting en kleine ornamentale bovenbekroning op de gewelfde bovendorpel. De T-kozijnen zijn grotendeels gewijzigd.”
Gevonden gebruikers In de Betouwstraat 23
Naam
Omschrijving
Jaar Adresbroek/krant
opmerking
P.J. Muller
Predikant
1887
G.J. Wolters
Zonder beroep
1893
J.C. Laterveer
Kassier en commissaris in effecten
1903, PGNC 5/5/1903
M. Bouwman
1905, 1907
J. Capelle
Modiste
1905
J. Hilhorst
Reiziger
1905, 1907
Maison Hilhorst
Mode-magazijn
1905, 1907
C.J. v. Niftrik
Modiste
1905
M.B.E. en B.W.G. v.d. Poel
Modistes
1905
Th.J.A. Croon
1908 (Noviomgus), vertrokken naar Rijswijk (PGNC 17/3/1909)
“de Blauwe Hand”
Stoomververij, Chemische Wasserij van E.F.J. Schreij
Advertentie verplaatst naar In de Betouwstraat (De Gelderlander 27/6/1909)
M.J. Heule
Dames modes
1909
Y. v. Nooten
1909
H.H.J. Heule
Dames modes
1910
A. Meckmann
Theehandelaar
1912-1913
Op Arksteestraat 8 is Meckmann & Co. Theehandelaren, mogelijk zijn bedrijf
L.H.G. van Dijk
Salon de coiffure
PGNC 28/12/1910, 1912, 1912-1913, 1913-1914, 1914-1915, De Gelderlander 7/5/1915
L. v. Berkum
Café-Restaurant
1916
Geh.-Onth.-Hôtel
PGNC 30/4/1916
Is dit v. Berkum en/of ’t Groene Kruis?
Hotel “’t Groene Kruis”
1916
Hotel “’t Blauwe Kruis”
1920
Mart. Payens
Reparatie-inrichting
De Gelderlander 18/7/1921
A. Feenstra
Piano-onderwijzeres
Advertentie “verhuisd naar” De Gelderlander 6/9/1920, PGNC 5/9/1921, 1922
Frans van Duuren
Advertentie voor varkensdarmen; advertentie rookworst
De Gelderlander 11/11/1922, De Gelderlander 9/12/1922
A.Th. v. Gendt
Huisknecht
1928
H.C.M. van Son
Student
Naar Waspik (PGNC 14/1/1933)
G.B. Ernst
kleermaker
van Doetinchem, Hamb.straat 25 (PGNC 25/2/1933), 1934
A.Th. v. Gendt
Pensionhouder
1932, 1934
Th.P.J.L. Heijster
Artist
1936; Vertrek naar Amsterdam, Falckstraat 13 (De Gelderlander 24/2/1936)
D. Kromjong
Vertegenwoordiger
van Schiedam, Lorentzlaan 37c (PGNC 15/2/1936); 1936; Vertrek naar Den Haag, Z. Parklaan 395 (De Gelderlander 22/3/1937)
Ritsema
Stofzuigerfiliaal
1936; telefoonaansluiting (PGNC 15/2/1936)
G.A. Verburg
Etaleur
1938
E.H.F. Koelhuis
en gezin, brigadier Indisch Leger
van Velsen, Meerweidenlaan 10 (PGNC 11/3/1939)
Wed. C.J. Haagen
geb. A.H. Swuste
1959
In December 1935 is het “Sousterrain, 5 Kamers, groote Tuin met vruchtboomen, groote keueken” met “spoed” te huur (De Gelderlander 3/12/1935). In augustus 1939 is het Benedenhuis met Tuin te heer, “Zéér geschikt v. kantoor” (PGNC 2/8/1
Gevonden gebruikers In de Betouwstraat 25
Naam
Omschrijving
Adresboek
L. v. Berkum
Koffiehuishouder
1916
Mej. A.H. te Gronde
1922, 1924, 1926, 1928
Mej. L. Biggelaar
Dienstbode
1926, 1928
W.F. van Gelder
volontair
1930
G.A. v.d. Heijde
Chef Gebr. Spier
1932, 1934
H.J. v. ’t Lindenhout
Bedrijfsleider
1932, 1934
G.C. Geelen
banketbakker
1948
Mej. J. van Geelen
banketbakker
1948
C.W. van Geelen
banketbakker
1948
E.H. Eekhoff
Verloofd Herman (PGNC 5/9/1935), Ondertrouw Piet advertentie (PGNC 27/4/1936), Ondertrouw Herman (PGNC 29/6/1936 ) Dagdienstbode gevraagd (PGNC 2/3/1942), Dienstmeisje gevraagd (De Gelderlander 9/3/1945), dagmeisje (De Gelderlander 21/8/1948), 1948, 1951, 1955
Hoewel van Schevichaven haar beschrijft als een figuur met de “stijfheid van den stokvisch”, is het pand de Zeemeermin uit eind 18e eeuw een Rijksmonument. In ieder geval hebben er in de 20ste eeuw jarenlang smederijen in het pand gezeten. Na een grondige restauratie in de jaren 80 is het pand verbouwd tot appartementen.
De Zeemeermin is gebouwd eind 18e eeuw en is een Rijksmonument. De Rijksmonumentenlijst geeft als omschrijving: “Monumentaal rechthoekig pand van parterre met drie verdiepingen en schilddak. Bakstenen lijstgevel, derde kwart 18e eeuw, met rond het middenvenster van de eerste verdieping een rijke versiering in Lodewijk XV-vormen. Vensters met getoogde raamkozijnen en zesruitsschuiframen.”
Van Schevichaven schrijft over de Zeemeermin: “In een prot. Van 25 april 1617 wordt het huis de Mermyn opgegeven als staande “op de Legemerckt, op den hoeck naest St Stevensportgen”. Een ander huis dat dien naam droeg in 1774, is waarschijnlijk datzelfde gebouw dat thans nog een meermin in het snijwerk van den gevel vertoont, een figuur dat meer de stijfheid van den stokvisch, dan het slappe, buigzame op de rollende golven dartelende lichaam van de zeenimf voor den geest roept. De erfgenamen van den rijken brouwer Dirk van Brummelen verkochten dit huis 15 Jan. 1774 voor 4110 gld. aan Steven Scheers. Op 3 Nov. 1796 werd het met annex koetshuis, voor 3700 gl. Gekocht door den mr. bakker W. van Roggen.” (Oud-Nijmegen’s straten, markten, pleinen, open ruimten en wandelplaatsen, 1896)
Abonneren
Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.
Hoefsmederij Verplanke
Het pand de Zeemeermin met smederij Verplanke, 1920-1930 (GN5590 RAN)
In de 20ste eeuw heeft er jarenlang een smederij in het pand gezeten.
Rond 1918 is P.C. (of P.Ch.) Verplanke begonnen met zijn smederij aan de Lage Markt: hij doet dan een nieuwjaarsgroet met adres Lage Markt 24 (De Gelderlander 31/12/1918). In het Adresboek 1920 komt er een smederij Verplanken (dus met een “n”) voor op nummer 24, waarbij P.Ch. Verplanke en Wed. J. Verplanke woont op nummer 24a, samen met W.A.P.F.L. v. Hedel (Adresboek 1920). Dit geldt ook voor het Adresboek 1922, hoewel Wed. J. Verplanke er dan niet meer woont.
Rond 4-8-1922 verkrijgt hij een hinderwetvergunning tot het oprichten van eene smederij in het perceel Lage Markt 14, kad. bekend gemeente Nijmegen, sectie C, No. 3882” (PGNC 8/8/1922). Het is nog onbekend wat de relatie is tussen nummer 14 (of 12, wat zijn adres is, zie hieronder) en nummer 24.
Het was overigens niet de eerste smederij van Verplanke: in PGNC 19/11/1914 adverteert P.Ch. Verplanke, Hoefsmederij Hertogstr. 66 dat hij “Wegens militieverplichtingen van af 21 dezer tot nader aankondinging gesloten” is.
Rond 11-4-1924 krijgen A.J. Roes en P.Ch. Verplanke een vergunning tot “het uitbreiden van hunne smederij in het perceel Lagemarkt No. 24, kad. bekend gemeente Nijmegen, Sectie C. No. 5153 (PGNC 14/4/1924).
In het Adresboeken 1924, 1926 en 1928 komt P.C. Verplanke voor op nummer 12, terwijl de smederij huisnummer 24 heeft. Nu woont A.J. Roes op nummer 24a.
Idem voor 1932, dan komt A. J. Roes echter niet meer voor op nummer 24a.
Hoefsmid A.J. Roes
Wel komt A.J. Roes in de jaren 30 voor als smid: eind December 1931, 1932 en 1933 plaatst “A.J. Roes -Smederij” een nieuwjaarsadvertentie (De Gelderlander 31/12/1931, 31/12/1932 en 30/12/1933).
In 1934 adverteert hij naast “Rijks Gediplomeerd Hoefsmid” als “Autog. Metaalbewerking (speciaal Aluminium)” en “Constructiewerken” (onder andere De Gelderlander 25/5/1934).
In De Gelderlander 20/6/1940 wordt een smidsknecht gevraagd.
Hoefsmid de Valk
Een mooie foto uit 1956 van de smid aan het werk is te vinden op ZN35263, gewoon op straat. Een andere mooie foto is F87838 uit begin jaren 60.
Het pand van hoefsmid gebroeders Valk gezien vanaf de Waalkade, voorheen de Hoefsmederij P. Chr. Verplanke (adres toentertijd Lage Markt 12-14), links de St. Stevenstoren, 1970 (Frans Kup via F314661 RAN CCBYSA)
Restauratie
In de jaren 80 is het pand gerenoveerd. Daarbij zijn de deuren van de werkplaats vervangen door 2 ramen en is de ingangspartij weer centraal in het midden. Tegenwoordig zijn er appartementen in het pand gevestigd.
In 1980/1981 werd aan de Waalkade, tussen de Grotestraat en Nieuwe Markt, een nieuwe waterkeringmuur gebouwd. Daarbij werd aan een aantal kunstenaars gevraagd een object te ontwerpen. Peter van de Locht maakte daarop “Architectuur der natuur”, een van de zuilen die hij in deze periode maakte.
In de Betouwstraat, gezien vanuit de Smetiusstraat, 1902 (Uitg. A.T. van Hooijdonk via F12731 RAN)
In de Betouwstraat 29 en 29a is rond 1882 gebouwd, mogelijk een ontwerp van architect A. van den Boogaard. De winkel is in gebruik geweest als winkel voor prentbriefkaarten en speelgoed van van Eenennaam en electrotechnische (groot)handel van Gelenha. Nu (september 2024) is het alweer jarenlang bekend als stomerij.
De gemeentelijke monumentenlijst noemt als bouwjaar circa 1882. De mogelijke architect is A. van den Boogaard (gemeentelijk monument).
De door mij eerstgevonden vermelding In de Betouwstraat 29 is van Mevr. v.d. Dungen, die vanwege haar huwelijk een net Werkmeisje zoekt. Maar waarschijnlijk betreft die een zetfout en moest dit adres nummer 19 zijn. (De Gelderlander 10/9/1920). Meer informatie is tot nu toe gevonden vanaf 1922.
van Eenennaam
Willem van Eenennaam, koopman te Nijmegen, sluit op 12-6-1922 een obligatiehypotheek af. Zijn onderpand is “Het heerenhuis, met erf en tuin aan de In de Betouwstraat nummer 29 te Nijmegen, kadastraal bekend gemeente Nijmegen Sectie B. nummer 1039, groot twee aren, drie en dertig centiaren, door den schuldenaar in eigendom verkregen bij koopakte, tien Juni jongstleden.” (Archiefnr 446, Inventarisnr 525, Actenr 291).
Willem van Eenennaam is geboren op 29-12-1888. Zijn moeder is Petronella Maria van Eenennaam (28-3-1866 Nijmegen – 29-2-1948 Nijmegen); het is onbekend wie de vader is. Voordat hij zich op In de Betouwstraat 29 vestigt, is hij afkomstig van Bloemerstraat 38a.
Goedkoope Bazar, Bloemerstraat in de richting van de Smetiusstraat, 1910-1915 (F12876 RAN)
Na het overlijden van haar moeder Johanna Christina Hendriks rond 1911 is Petronella waarschijnlijk het hoofd van het gezin geworden (haar vader Willem is overleden op 23-11-1880) (Bevolkingsregister). In ieder geval is Petronella in 1914 eigenaresse van de “Goedkoope Bazar” (PGNC 9/6/1914).
Fa. P.M. v. Eenennaam, In de Betouwstraat 29 (De Gelderlander 30/11/1926)
In de komende jaren zijn een aantal advertenties gevonden van P.M. van Eennennaam, waarin zowel het adres In de Betou(w)straat 29 als Bloemerstraat 39 staan. De begane grond van In de Betouwstraat is dan (waarschijnlijk) in gebruik als “monsterkamers” voor de Fa. P.M. v. Eenennaam, die haar adres op Bloemerstraat no. 39 heeft. Naast de advertentie hier naast in ieder geval:
Prentbriefkaartenhandel. Kantoor- en Schrijfbehoeften. Speelgoederen, Galanterieën enz (Nieuwjaarsadvertentie PGNC 31/12/1923, PGNC 31/12/1925 en PGNC 31/12/1927)
Voor Sint Nicolaas! Reuzen sorteering in speelgoederen (PGNC 28/11/1925)
Rond december 1928 is het enige adres van “P.M. van Eenennaam” In de Betouwstraat 29. Zij noemt zich “Prentbriefkaartenhandel: kantoor- en schrijfbehoeften, speelgoederen, galanterieën, enz.” (PGNC 31/12/1928).
Abonneren
Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.
1931: Faillissement en verkoop?
Verkoop
In november 1931 staat het pand te koop: “Een zeer solied gebouwd en goed onderhouden Heerenhuis, thans ingericht tot winkel, gunstig gelegen aan de In de Betouwstraat 29, in het centrum van Nijmegen, met flinken Tuin, kad. Nijmegen B. No. 1039, groot 2.33A., bevattende beneden: Winkel met daarachter gelegen Magazijn, Keuken, Kelder; 1e étage: 2 Kamers en suite en Zijkamer; 2e étage: 3 Kamers met Badkamer en 3e étage: 3 Kamers en Zolder, voorzien van gas, waterleiding en electr. licht en aangesloten aan de rioleering.” (PGNC 21/11/1931)
Faillissement
In De Gelderlander 14/12/1931 verschijnt het bericht dat W. v. Eenennaam, In de Betouwstraat 29, failliet is gegaan.
Het is nog niet bekend of wat de verhouding tussen deze 2 berichten is, bijvoorbeeld of het pand daadwerkelijk is verkocht. Bovendien noemt de advertentie het failliet van W. van Eenennaam.
En wat is de verhouding tussen Eenennaam en deze advertentie, aangezien Eenennaam ook na 1931 hier haar zaak heeft: mogelijk huurt Eenennaam de zaak. Een andere mogelijkheid is dat Eenennaam (Petronella?) het pand in 1931 heeft gekocht.
Daarbij komt, dat Mej. P.M. Eenennaam in de Adresboeken 1932 en 1934 voorkomt op in de Betouwstraat, waar ze voorheen haar adres op de Bloemerstraat had. Bovendien is het in de Adresboeken nu Fa. van Eenennaam, waar het voor die tijd W. van Eenennaam was.
Eenennaam na 1931
In de Adresboeken 1934, 1936, 1938 en 1940 komt W. v. Eennennaam nog voor op In de Betouwstraat. Hij is dan “koopman” van beroep. Zijn moeder P.M. is in de Adresboeken voor deze jaren nog niet gevonden, wat de reden daarvan is is onbekend (mogelijkheden zijn onder andere: de manier waarop de Adresboeken haar gegevens samenstellen, P.M. woont op dat moment niet in Nijmegen of is getrouwd, of haar adres is eenvoudigweg nog niet gevonden).
Daarbij is ze vanaf 1933 een depot voor “ververij en chemische wasscherij “De Pauw”, die bij haar oprichting op Thijmstraat 53 zit (PGNC 8/2/1933).
Vervolg: Lange Hezelstraat
In ieder geval heeft “W. van Eennennaam & Zonen”, Luxe Papier – Prentbriefkaarten – Galanterieën – Speelgoederen, En gros – Import op 4-10-1946 een zaak op de Lange Hezelstraat 83 en 83a (Collectie Brievenhoofden Inventarisnr 1473 RAN).
De tot nu eerstvolgende vermelding is vervolgens in het Adresboek 1948 in de Lange Hezelstraat 83-83a:
J.A. van Eenennaam, koopman, papierwaren en galanterieën, nummer 83
Mej. P.M. van Eenennaam, nummer 83a
W. van Eenennaam, grossier papier en galanterieën, nummer 83a
Fa. W. van Eenennaam en Zonen: Huishoudelijke- en Luxe Artikelen – Galanterieën – Speelgoederen – Papier en Prentbriefkaarten – Engros en Detail, nummer 83-83a
W. van Eenennaam, grossier papier en galanterieën, nummer 83a
Op 29 februari 1948 overlijdt Petronella (overlijdensadvertentie De Gelderlander 2/3/1948).
In het Adresboek van 1951 komen J.A. en de beide W.’s nog voor op nummer 83(a). De firma is nog niet gevonden.
De volgende gevonden vermelding is Adresboek 1955; dan woont ook een Mej. W. van Eenennaam op het adres Pauwelstraat:
J.A., vertegenwoordiger, Hengstdalseweg 32
W. van Eennennaam, grossier papier en galanterieën, Pauwelstraat 6 rd
W. van Eennennaam, grossier papier en galanterieën, Pauwelstraat 6 rd
Mej. W. van Eennennaam, Pauwelstraat 6
Er is niet onderzocht wat verder het vervolg is geweest.
Verkoop 1941
Op 8 en 21 mei zal het pand: “Het Heerenhuis- thans dienende voor winkelhuis- met erf en tuin” geveild worden. Dan volgt een nadere omschrijving. (De Gelderlander 3/5/1941). In de onderstaande tabel wordt deze vergeleken met het moment van verkoop in 1931.
1931
1941
Begane grond
Winkel met daarachter gelegen Magazijn, Keuken, Kelder
Kamer en suite, Keuken, Kelder
1e etage
2 Kamers en suite en zijkamer
Kamer en suite en 2 Kamers
2e etage
3 Kamers en badkamer
2 groote en 2 kleine kamers
3e etage
3 Kamers en zolder
3 kleine Kamers met Zolder
Makelaar A.J. Strijbosch koopt het pand voor f8500,- (23/5/1941).
Gelenha
Van ongeveer eind 1941 tot in ieder geval 1956 betrekt groothandel Gelenha de winkel.
In november 1941 staat de oprichting van de N.V. in de Staatscourant. De tot nu toe laatst gevonden advertentie is voor een magazijnbediende is van november 1956.
Advertentie Gelenha (PGNC 16/5/1942)
De volgende gevonden advertenties en brievenhoofden geven een beeld van de activiteiten van Gelenha:
Gramofoons en platenwisselaars (PGNC 16/5/1942)
Geldersche engroshandel “Gelenha” n.v., Lid van Ned. Org. Radio-grossiers; Lid Centraal Bureau Rijwielhandel; Import en Groothandel van Rijwielen, Electrotechnische en aanverwante artikelen” (Brievenhoofd 7-8-1945)
“Rijwielen zonder vergunning” (De Gelderlander 23/5/1947)
Basile koelkasten en wasmachines (De Gelderlander 6/7/1950)
Geldersche Engroshandel “Gelenha” n.v.: Groothandel in electrotechnische en aanverwante artikelen: Philips grossier voor Radio, Verlichtingsgroepen, Philipsshave-app., Koelkasten enz.; Siera grossier; Alle installatiematerialen Draad en Kabel; Electrische Huish. Artikelen Daalderop, Inventum, Ruton; Wasmachines, Centrifuges, Strijkmachines; Stofzuigers Holland-Electro, Ruton, Fridor (Brievenhoofd, 25-1-1956)
Bureau voor het Rijksbureau voor Huiden en Leder
In November 1944 blijkt het adres (tevens?) in gebruik te zijn als een bureau voor het Rijksbureau voor Huiden en Leder. Dan kunnen schoenmakers van Nijmegen hun “tweede serie toewzijzingen” aldaar in ontvangst nemen (De Gelderlander 4/11/1944).
Baby Wascentrale
Noviomagus: “In het jaar 1962 heeft de hr. Bilschofsky sr. het pand in de In de Betouwstraat 29 betrokken. Hij heeft toen de Baby Wascentrale daar gevestigd.” https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=var149.htm
Bilschofsky was eigenaar van de Pauw, waarvan Eennennaam depothouder was geweest (zie hierboven). In hoeverre er tussen Bilschofsky en Gelenha (en mogelijk andere gebruikers) een relatie is geweest, is mij nog niet bekend. De reacties in het artikel van Noviomagus geeft een mooi beeld van Bilschofsky/de Pauw.
In 1968 komt het nog het bedrijf in ieder geval nog voor als “Overhemden-sneldienst en Babywascentrale Briljant” (Adresboek 1968) en in 1971 als “Brillant” (Adresboek 1971)
Huidig
In de Betouwstraat 29, augustus 2023 (Google Streetview)
Er is nog niet onderzocht wat het verdere vervolg is geweest. Momenteel (september 2024) is het winkelgedeelte (nog steeds?) in gebruik als stomerij: Quick Service Stomerij. Daarbij is het pand te huur: “De commerciële ruimte is verhuurd aan Quick Service Stomerij omslaat in totaal ca. 188 m² (exclusief kelder van ca. 20 m²) en de bovenliggende kamers omslaat in totaal ca. 185 m².“ (Keizer Karel Makelaars)
(Overige) tot nu gevonden gebruikers
De meeste van de volgende gevonden personen die nog niet genoemd zijn, zijn waarschijnlijk bewoners van het pand, terwijl de begane grond als winkelgedeelte in gebruik was.
De eerst gevonden naam is H. de Haas, Steenfabrikant op In de Betouwstraat, 29 in het Adresboek van 1887. Mogelijk/waarschijnlijk heeft er echter een hernummering plaats gevonden en de kans is groot dat dit niet het huidige gebouw In de Betouwstraat 29 is.
Naam
Omschrijving
Adresboek/overig
Vertrokken
Bron
C. Harte
procuratiehouder
Adresboek 1922
W. v. Eenennaam
Koopman
1924, 1926, 1928, 1932
W. v. Eenennaam
Luxe Papierwaren en Galanterieën en gros
1924, 1926, 1928, 1934
Mej. P.M. Eenennaam
1932 (zij had als “winkelierster iig in 1924, 1926 en 1928 nog Bloemerstraat 39a als adres), 1934
Firma v. Eenennaam
Luxe Papierwaren en Galanterieën en gros
1932
C.M. Strauss
1932
H. Rothschild en vrouw
antiquair
Vertrokken naar Amsterdam, O.Z. Voorburgwal 243 (PGNC 6/1/1934)
PGNC 6/1/1934
P. v.d. Houten
Handelsvertegenwoordiger
1932
A.Th. Brand en echtg.
Arbeider
Van Amsterdam, Pienemanstraat 1 (PGNC 20/1/1934), Adresboek 1934
PGNC 20/1/1934
Wed. J. Lubaj Janosné
geb. R. Richveisz
1934
P. Verdonk en gezin
Machinist
Van Heerlen, Passartweg 43 (PGNC 2/6/1934 )
Naar Zwaluwe, D222 (PGNC 8/9/1934 )
A. Willems
Horlogemaker
Van Beuningen (PGNC 22/10/1938 )
E.H.F. Koelhuis en gezin
Van Ambon (N.-I.) (PGNC 19/11/1938)
Naar Velsen, Meervelderlaan 10 (PGNC 24/12/1938)
L. Horvath en gezin
Musicus
Naar Breda, Prinsenkade 9 (PGNC 8/7/1939)
Gemeentelijk monument
Het pand is een gemeentelijk monument. Bij de aanwijzing: “Zeer monumentaal, ongewoon rijk geornamenteerd karakteristiek pand, bepalend voor de
straatwand.” En:
“Oorspronkelijk woonhuis in drie bouwlagen met pannengedekt schilddak, loodrecht op de straat. Drie-assige bovengevel van baksteen. Eerste etage met halfcirkelvormig gesloten boogvensters, omlijst door gekoppelde geprofileerde stucbanden. Links en rechts pilasters in stuc, uitlopend in het basement van de tweede etage, die bestaat uit balustrades voor de vensters links en rechts en een vlakke vulling voor het middenvenster, dat waarschijnlijk oorspronkelijk een balkon is geweest. Vensters met gestucte pilasteromlijsting en rechte kroonlijst, bekroond door afwisselend halfrond en driehoekig fronton. Kroonlijst met paarsgewijs geplaatste consoles. Dakkapel met fronton midden boven de gevel.”
Bisschop Hamerstraat, 1959 (Fotopersbureau Gelderland via F11632 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
In 1920 vestigt de bekende bontwinkel Hendriksen zich op hoek van de Bisschop Hamerstraat en de In de Betouwstraat, naar een ontwerp van de architecten Zoetmulder en van den Bogaard. In de oorlog wordt het pand van Hendriksen samen met een aantal andere gebouwen verwoest, terwijl veel panden in deze hoek van het centrum de oorlog (relatief) ongeschonden doorkomen.
Vooraf: Broerstraat
Bontwerker Hendriksen in de Broerstraat (PGNC 27/8/1912)
In 1912 vestigt bontwerker Theo A. Hendriksen in de Broerstraat. Bovenstaande advertentie uit augustus 1912 is de eerste tot nu toe door mij gevonden vermelding; het jaartal 1912 staat ook vermeld op het herbouwbord uit 1957, zie VN21376 RAN.
In ieder geval is hij in 1913 hofleverancier (De Gelderlander 26/9/1913); hij adverteert dan als bontwerker, atelier voor veranderen en herstellen.
Advertentie Hendriksen voor hoeden (De Gelderlander 16/3/1915)
Of een hoedenafdeling vanaf het beging heeft uitgemaakt van zijn zaak is nog niet bekend; in ieder geval adverteert Hendriksen in 1915 ook met hoeden.
In het Adresboek 1914-1915 heeft Hendriksen een advertentie laten plaatsen waaruit blijkt dat hij op dat moment ook een vestiging in Zwolle heeft. Tevens vermeldt hij: “Hoogste Onderscheiding Wereldtentoonstelling 1895”.
Bisschop Hamerstraat 2 vóór de verbouwing
Bisschop Hamerstraat Gezien vanaf de hoek met de In de Betouwstraat in de richting van het Keizer Karelplein, 1920 (F18754 RAN)
In september 1920 verschijnt de aankondiging dat Hendriksen gaat verhuizen naar Bisschop Hamerstraat 2. (In maart is een advertentie, PGNC 2/3/1920, gevonden waarin Hendriksen vanwege de verplaatsing van zijn winkel een grote opruiming houdt).
Bovenstaande foto is gedateerd op 1920. In ieder geval is deze foto van vóór de verbouwing door Zoetmulder en “van de Bogaart” (waarmee M.A.M. van den Boogaard wordt bedoeld, die ondertekende met A. van den Boogaard): ook de foto F12727 gedateerd op 1900 geeft dit pand met 1 verdieping weer. Afgaande op de adresboeken woonden in ieder geval van 1903 t/m 1918 leden van de familie Hamer in dit pand, waarschijnlijk in gebruik als woonhuis.
Abonneren
Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.
Pand hoek Hamerstraat – In de Betouwstraat, architecten Zoetmulder en van den Bogaard
Koningin Wilhelmina en prins Hendrik in Nijmegen (hoek In de Betouwstraat / Molenstraat) bij de opening van het Maas-Waalkanaal; links achter de koets is de hoek Bisschop Hamerstraat/In de Betouwstraat te zien, 27/10/1927 (F66873 RAN)
In september opent Hendriksen zijn nieuwe winkel op de hoek van de Bisschop Hamerstraat en In de Betouwstraat. De aanbesteding daarvan vond in december 1919 plaats, waarbij H.M. Zoetmulder en M.A.M. van den Boogaard de architecten zijn en G. Tiemstra en Zonen de aanbesteding verkrijgt. (PGNC 24/12/1919)
Wanneer foto’s met elkaar worden vergeleken (en er van uitgaande dat er geen nieuwe verbouwing tussen 1920 en 1927 is geweest), blijkt dat de door de architecten Zoetmulder en van den Bogaard ontworpen verbouwing in ieder geval bestond uit het bouwen van een extra verdieping: de foto’s gedateerd op 1900 en 1920 laten 1 verdieping zien; wanneer Wilhelmina met haar koets langs het gebouw rijdt (zie hierboven, F66873), bestaat het pand uit 2 verdiepingen, evenals het verwoeste gebouw in 1944 (zie foto, F68523). Bij Noviomagus is een afbeelding te vinden van het pand in de vorm van een Delfts blauwe tegel.
In het Adresboek 1922 is het adres Bisschop Hamerstraat 2 en In de Betouwstraat 1-3-7. Onder andere in 1932 zijn de adressen:
Winkel (“Magazijnen”): Bisschop Hamerstraat 2
Woning: In de Betouwstraat 3
Atelier: in de Betouwstraat 7
Opening magazijnen Hendriksen aan Hamerstraat (De Gelderlander 14/9/1920)
Zowel de Gelderlander als het PGNC plaatsen een groot artikel over de nieuwe winkel. Hieronder is die van de Gelderlander weergegeven:
Een der prachtige punten van mooi Nijmegen is verfraaid met een winkelbouw, welk van dat deel der stad het aanzien geeft van grootstad.
Het Magazijn-Hendriksen, pareert daar namelijk op den hoek Bisschop Hamerstraat-In de Betouwstraat als een hoog handelshuis, waarin de architecten de heeren van de Bogaart en Zoetmulder de luxe aan de practische doelmatigheid, hebben weten te paren.
Het hoekhuis met zijn opwaartsstrevende slanke lijn, welke al haar bekroning vindt in den bevlagden koepel, doet in zijn lichte kleurentinten van het kunstrijk zandsteen, levendig aan. De stijl van den bouw welke bij eersten oogopslag herinnert aan empire of Louis XVI is de realiseering van een renaissance opvatting der beide architecten, die voor de moeilijkheid stonden op dezen vooruitspringenden hoek een gevel te scheppen welke een handelshuis dekte en toch tevens aandachttrekkend sieraad der straat moest zijn.
En in deze poging zijn de bouwkunstenaars wel geslaagd- temeer waar zij er over moesten waken dat de bontwinkel beneden niet den indruk zou vestigen van wijdschen modewinkel maar eerder iets zou behouden van de intimiteit van een exquise zaak, waarin de clientѐle zich op haar gemak zou gevoelen.
Boven den winkel met zijn fraaie bolle spiegelruit-étalages, stijgt de lijn van een ranken bouw harmonisch op, en doen de randversieringen boven en beneden de kokette ramen, met nog kokettere vitrage achter de intieme ruitjes, hel stemnig(?)
De aannemers de heeren Tiemstra en Zonen hebben de architectonische plannen keurig uitgevoerd, terwijl de zandsteenwerkers de heeren Clemens en Otten aan den gevel een aspect gegeven hebben, zoo zacht en toch wѐѐr sprekend van tint, dat de sierlijke momenten goed gereleveerd worden, tot in de hoogste verdiepingen toe, welk als gedragen worden door relief zuilen.
Binnen is de indeeling even luxueus als practisch.
Het interieur van den winkel is geheel in stijl Louis XVI gehouden. Fijn glansgrijs is de lambrizeering, terwijl de tusschenvakken met zacht, bebloemd lila-paars zijn bedekt. Het geheele interieur met rijke tapijtbedekking achter de schitterende vitrines, welke schatten van bontwerken vertoonen, en kunstige toiletten bevatten, draagt een gezellig karakter en biedt den bezoekenden alle gelegenheid rustig de bontwerken in oogenschouw te nemen en de mannequins, die de sierlijke vaak artistieken en smaakvollen kleedij aan den lijve zullen demonstreeren, te volgen. Een Louis XVI-salonnetje en exquise-paskamertje zijn prachtig-practische toonzaaltjes.
Achter den winkel bevindt zich het atelier voor den detailhandel, terwijl boven de afdeelingen voor den engroshandel zijn ingericht. Op de hoogste verdieping bevinden zich ruime werkgelegenheden voor de bont- en pelswerkers, die voornamelijk nog buitenlanders zijn terwijl de heer Hendriksen er zich op toelegt, Nederlandsche werkkrachten op te kweeken, die de oud-vaderlandsche nijverheid der bontbewerking kunnen doen herleven.
Het woonhuis is practisch ingebouwd tusschen winkel en werk-ateliers, zoodat de eigenaar gemakkelijk van zijn woning in de ateliers kan komen.
Het geheele huis wordt niet door den heer Hendriksen alleen voor zijn zaak benut, daar voorloopig nog een deel der winkelruimte is verhuurd aan een Soerabajasche firma Beckers, welke er haar kantoren aan de zijde der In de Betouwstraat inricht.
Men meene nu niet dat deze luxueuse winkelinrichting alleen bontwerken bevat voor breede beursen.
Zeker kostbare collecties bontwerken zijn er hier te bewonderen, maar de heer Th.A. Hendriksen stelt prijs op de mededeeling, dat hij in zijn magazijnen voorraden heeft, welke elck wat wils bieden, zoodat de bezitter van de smalle beurs niet hoeft te schromen dit bontbedrijf te betreden.
Evenals in de Broerstraat, waar de heer Th. Hendriksen, de energieke middenstander en knappe vakman klein begon, blijft hij in zijn nieuwe ruime omgeving ook zijn eenvoudigste cliënteele bedienen.
Verschillende Nijmeegsche nijveren hebben hun aandeel gehad in de aankleeding van het huisinterieur; zoo zorgde de firma Verpoorten en Zoon voor het sanitair en de electrische verlichting, de firma Stemker Koster voor het behang en het Smyrna, de heer Beerenbroeck voor het stoffeerderswerk, de heer Fooys voor het schilderwerk, de heer Lamkamp voor het meubilair, de heer Langenhuizen voor het glaswerk en de heer Reichgelt voor het ijzer en constructiewerk.
De opening der magazijnen, welke Zaterdag een bloementuin geleken, was tevens een huldigingsgelegenheid van den heer Hendriksen, aan wien door den heer Folkerst werd dank gebracht voor alles wat deze in den loop der jaren gedaan had voor de bevordering van dezen tak van vaderlandsche nijverheid.
Deze huldiging had plaats namens de vereeniging van Nederlandsche Bontwerkersbedrijven.
In den loop van den avond werd de heer Hendriksen, die zelf voorzitter is van de Technische Commissie van bovengenoemde Vereeniging, nog verschillende malen gehuldigd.
De heer Folkerts wees er in zijne rede op, hoe de heer Hendriksen een baanbreker is in zijn vak; iemand, die door het opzetten van een dergelijk “Spezialgeschäft” in de provincie, toonde, dat hij aan het vak het oude aanzien wil hergeven. Spr. wees er op hoe de heer Hendriksen is een der hoofdfiguren in de vereeniging en schetste de prachtige verstandhouding tusschen patroon en werknemer in het bedrijf van den heer Hendriksen.
De werknemers hadden van deze goede samenwerking ook ondubbelzinnig blijk gegeven. Gedurende den avond verdrongen zich honderden kijkers met provinciale nieuwsgierigheid voor de nieuwe magazijnen.” (De Gelderlander 27/9/1920)
Uit de advertentie in De Gelderlander 17/9/1921, PGNC 27/9/1923 en De Gelderlander 16/6/1926 blijkt Hendriksen naast Nijmegen ook een vestiging te hebben in Arnhem. Hendriksen zal, behalve in 1926 en 1928 nog vaker adverteren met de strijd tegen motten.
Advertentie Hendriksen herstel bont in de zomermaanden (De Gelderlander 16/6/1926)
Advertentie Hendriksen herstel bont in de zomermaanden (De Gelderlander PGNC 1/5/1928)
Verwoesting Tweede Wereldoorlog
Het tijdens de bevrijding verwoeste winkelpand van Hofbontwerkerij Theo A. Hendriksen. Alleen de gevel van dit grote hoekpand staat nog overeind. Links de Bisschop Hamerstraat, 9/1944-12/1944 (F68523 RAN)
In de oorlog wordt het pand van Hendriksen samen met een aantal andere gebouwen verwoest, terwijl veel panden in deze hoek van het centrum de oorlog (relatief) ongeschonden doorkomen. Op 18 september 1944, bij Operatie Market Garden, staat het pand in brand (Noviomagus).
Nijmeegsch Dagblad, 19-5-1945
De hiernaast staande advertentie van een bont-veiling uit 1945 werd aangetroffen. Het is mij nog niet bekend wat onder de “N.S.B.-boedel” wordt verstaan; in ieder geval was Hendriksen lid van de N.S.B. (Interview met Henri van Heusden en Oorlog in Nijmegen)
Hendriksen heeft vanaf 1946 zijn noodwinkel op Bisschop Hamerstraat. Een foto hiervan uit 1956 is te vinden op GN3564 RAN. In het midden van de Bisschop Hamerstraat zullen meerdere winkels komen, die elk maximaal 10 jaar mogen blijven zitten.
In januari 1956 verschijnt een artikel dat Hendriksen zijn pand gaat laten herbouwen: “De grond is zijn eigendom gebleven en naar wij thans vernemen, is het zijn bedoeling hier weer een eigen bedrijf te stichten. Ook het nieuwe pand zal worden opgetrokken in oud-Franse stijl” (Nijmeegsch dagblad, 17-1-1956).
Deze herbouw lijkt echter niet plaats te vinden: Hendriksen en Pollmann zijn de laatste winkeliers die nog in hun noodwinkel zitten, ook nadat de contracten op 1 januari 1957 waren afgelopen en de contracten nog eens met 3 maanden waren verlengd. Aangezien de gemeente de grond wil gaan gebruiken spant ze een proces aan. Daarbij wordt overeengekomen dat Hendriksen voor 1 april de noodwinkel zal verlaten (Nijmeegsch dagblad, 19-5-1956 en 12-3-1957).
Herbouw
Het nieuw gebouwde pand op de hoek Bisschop Hamerstraat – In de Betouwstraat, 1959 (Fotopersbureau Gelderland via F11632 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
Op 3 december 1957 vindt de aanbesteding plaats voor “het bouwen van een bedrijfspand met 4 woningen (inhoud ±3176 m³). De architect is Ir. C.B. van der Tak uit Amersfoort. (Nijmeegsch dagblad, 8-11-1957)
Rond 1957 wordt aan de herbouw van het pand op de hoek Bisschop Hamerstraat- In de Betouwstraat begonnen. Het gebouw bestaat uit winkelruimte op de begane grond en 6 appartementen verdeeld over 3 verdiepingen.
Het wordt niet de oud-Franse, maar de modern-Amerikaanse stijl, het Nijmeegsch dagblad 31-7-1958: “Het winkelgedeelte zal zeer modern, op Amerikaanse wijze worden ingericht en ook het exterieur wordt aangepast aan de eisen des tijds. De heer Hendriksen hoopt in mei van het volgende jaar zijn intrek te kunnen nemen in dit nieuwe winkel-flatpand.”
In september 1959 gaat de winkel open. “De heer Hendriksen hoopt nu ook zijn in Arnhem verloren gegane zaak te kunnen herbouwen” (Nijmeegsch dagblad, 21-9-1959).
Architect van der Tak
De architect van de nieuwbouw was Christiaan Bonifacius van der Tak (Rotterdam, 17 augustus 1900 – Oosterbeek, 7 maart 1977). Van der Tak was van 1929 tot 1945 stadsarchitect van Amersfoort. Aan het eind van de oorlog werd hij vanwege zijn lidmaatschap van het N.S.B. en een aantal andere organisaties ontslagen en een aantal jaren gevangen gezet in Kamp Amersfoort. Daarna vestigt hij zich als zelfstandig architect. In ieder geval zijn vier van zijn Amersfoortse werken Rijksmonument.
Architect H.M. Zoetmulder ontwierp veel gebouwen in Nijmegen en daarbuiten. Hij ontwierp onder andere winkels en religieuze gebouwen. Bekende gebouwen…
Het Holland Casino, Waalkade 68, 1989 (Ber van Haren via KN14693-24 CC0)
In 1989 ging het Holland Casino op de Waalkade open. Holland Casino’s wilde graag een casino in het oosten van het land, mede vanwege de Duitse markt; Nijmegen een eye-catcher voor de Waalkade. Wel ging een Romeinse muur verloren, wat tegenwoordig als drama wordt gezien.
Steevast komt het Holland Casino, “Het marmeren fort aan de Waalkade” voor in het rijtje voor de verkiezing van het lelijkste gebouw van Nijmegen; in 2024 bereikte het de tweede plaats. In 2024 heeft het casino haar huurcontract voor 5 jaar verlengd bij de eigenaar van het gebouw, Nedstede BV.
Het Holland Casino gaat op 10 augustus 1989 open. Het is dan het 8ste casino in Nederland.
Plannen voor een nieuw casino
De directie van Holland Casino’s besluit in 1983 dat er een nieuw casino moet komen in het oosten van het land. Op dat moment heeft ze 3 vestigingen: Scheveningen, Valkenburg en Zandvoort. Daarbij heeft ze de ambitie om in heel Nederland vestigingen te openen, waardoor vrijwel alle Nederlanders binnen 1 uur rijden afwonen van een locatie waar legaal kan worden gegokt. In Gelderland is Nijmegen het meest interessant.
Nijmegen: vernieuwing Waalkade
Reconstructiewerkzaamheden nabij de voormalige Zeilmakerij van Jaap Post, 3/7/1985 (Ber van Haren via KN14420-1 RAN CC0)
Mr. Casino: “De gemeente Nijmegen wil de wat verlopen en saaie Waalkade oppimpen tot een van de grootste trekpleisters in de regio, met winkels, ateliers, musea, cafés, restaurants, terrassen, twee parken en als klapstuk het casino. De vernieuwde Waalkade moet zo’n half miljoen mensen extra naar de Keizer Karelstad trekken.
Wat betreft de Duitse gasten: Holland Casino verwacht dat van de 350.000 jaarlijkse bezoekers in Nijmegen zo’n 30 procent uit Duitsland afkomstig zal zijn.”
Ook Arnhem heeft interesse in een casino (en later bovendien Renkum en Rheden):
Een casino trekt dagjesmensen aan, die geld besteden aan horeca en de middenstand
Het casino betaalt 1,50 gulden aan de gemeente. (Mr. Casino)
Mr. Casino, die de Telegraaf uit 1984 aanhaalt: ““In de keuze tussen Arnhem en Nijmegen, kreeg Nijmegen van de casinodirectie de voorkeur omdat daar meer Duitsers komen en Nijmegen bezig is haar stad voor toeristen aantrekkelijk te maken, waarbij een casino aanzienlijk kan helpen.”“
Eind 1984 kiest Holland Casino definitief voor Nijmegen.
Holland Casino
Holland Casino(voluit Holland Casino N.V., opgericht als de Nationale stichting tot exploitatie van casinospelen in Nederland) is de enige legale aanbieder van speelcasino’s in Nederland. Dat betekent bijvoorbeeld dat dit de enige speelgelegenheid is waarbij spellen als roulette en blackjack croupiers aanwezig zijn. In andere gelegenheden die casino worden genoemd staan alleen speelautomaten (en/of wordt bijvoorbeeld roulette eveneens via een automaat gespeeld). Holland Casino is eigendom van de Nederlandse Staat, waarbij staatssecretaris van Financiën optreedt als aandeelhouder.
In 1976 opende Holland Casino haar eerste vestiging in Zandvoort. Deze werd overigens in februari 2025 als oudste en kleinste casino gesloten. Momenteel (mei 2025) heeft Holland Casino 13 vestigingen. Met 1989 is Nijmegen qua ouderdom het 7e casino van Nederland. En met 4695 m² is Nijmegen qua oppervlakte het 10de casino.
Romeinse resten
Archeologische opgravingen, 8/10/1986 (Ber van Haren via KN14246-25 RAN CC0)
Voor de bouw van het casino moet een oude Romeinse muur gesloopt worden: deze sloop wordt als noodzakelijk gezien om te zorgen dat het casino een eigen, veilige parkeergarage krijgt. Goede parkeergelegenheid is zeer belangrijk voor het casino. Een deel van de muur is verwerkt in het casino.
Tegenwoordig wordt de sloop van deze muur gezien als een drama. Een direct gevolg was wel, dat Nijmegen de eerste stadsarcheoloog heeft aangesteld.
Verwerking van Romeinse resten in Holland Casino (augustus 2024)
Ontwerp Mans Hofhuis
De pilaren aan de voorgevel van het Holland Casino zijn bedekt met platen van rose graniet en bruine syeniet, 24/6/2007 (Jeroen van Lith via F9148 RAN CCBYSA)
De architect van het nieuwe casino is Mans Hofhuis (5-7-1942 Rotterdam – 22-4-2020 Maastricht). Wanneer het casino in augustus 1989 open gaat, heeft de bouw en inrichting 19,2 miljoen gulden gekost.
3 niveau’s
Hoog water Waalkade, 1995 (Jacques van Dinteren via DF5000 RAN CCBYSA)
Een van de uitdagingen was het omgaan met het feit dat de Waalkade kan overstromen. Daarom zijn er ingangen ontworpen:
De ingang aan de Waalkade, welke bij hoogwater niet meer te gebruiken is
Een tweede ingang boven de eerste, bereikbaar via een helling
Een derde ingang aan de achterzijde
Romeins thema
Als eerste casino van Nederland krijgt het casino een thema, naar het voorbeeld van de grote casino’s aan de Strip in Las Vegas. Het is een Romeins thema, welke bijvoorbeeld terugkomt in:
Romeinse zuilen in de hal
Grote Romeinse munten als omlijsting van de kassa’s
De bar krijgt een driehoekige kroonlijst, afgeleid van een Romeinse tempel
Naamgeving: de zaal met speelautomaten heeft Bingo Atrium, een ander deel heet Jackpot Empire. De eerste speelautomaat die bezoekers zien, is Circus Maximus: bezoekers kunnen hier gokken met 5 elektronisch bestuurde speelgoedpaarden
Een van de doelen van dit thema is om hiermee laagdrempeliger voor bezoekers te worden.
Vervolg
Stijgende bezoekersaantallen in de jaren 90
Interieur van het Holland Casino, 1990-1995 (Quinta Buma via F23177 RAN CCBYSA)
Tot 2002 stijgen de bezoekersaantallen:
Het eerste volle jaar, 1990, heeft het casino 302.757 bezoekers
1991: 362.798
1999: meer dan 500.000
2001: 541.000
Jaren 0: Concurrentie van Venlo (en Enschede)
In 2002 gaat echter de vestiging in Enschede open en in 2006 in Venlo. Veel klanten bezoeken vanaf 2002 de vestiging in Enschede; daarnaast vindt er dat jaar een verbouwing plaats en in het algemeen is er sprake van een slechte conjunctuur. Het bezoekersaantal in Nijmegen daalt onder de 500.000.
Het is echter de opening van de vestiging van Venlo in 2006 die een nog grotere impact heeft: vanwege de gunstiger ligging gaan veel Duitsers afkomstig uit het Ruhrgebied gaan vanaf dat moment naar Venlo in plaats van Nijmegen. Daarop voert het casino bezuinigingen door, zowel in het personeel als het aantal speeltafels. In 2019 is er weer sprake winst; het casino heeft dan 350.000 bezoekers.
Jaren 10: weer stijging, nadenken over toekomst aan de Waalkade
Holland Casino bij avond, Waalkade (maart 2024)
In september 2012 ontvangt het casino haar 10 miljoenste bezoeker; op 23 november 2018 verwelkomt het casino de 12 miljoenste bezoeker.
In 2019 denkt het casino na over haar toekomst aan de Waalkade, wanneer in 2024 haar contract zal aflopen. “Problemen zijn de slechte bereikbaarheid van de Waalkade en het gebrek aan parkeergelegenheid.” (Gelderlander, 15-8-2019). In een interview in augustus 2019 met Meneer Casino vertelt Arno Bongers: “Als ik dan vooruit kijk naar de toekomst, dan denk ik aan een Experience Zone, zoals in Utrecht. Die zou ik graag hebben, maar daarvoor hebben we de ruimte hier niet.
Dan kom ik op dit gebouw. Het is net verbouwd, we hebben een hele nieuwe bar, kom kijken! Toch blijft er nog wel wat te wensen over.
Zo zijn de plafonds te laag voor de nieuwste generatie speelautomaten met veel toeters en bellen. Speelautomaten worden steeds hoger.
De parkeergarage is aan de krappe kant. We hebben plek voor maximaal 60 auto’s.
We hebben een huurovereenkomst die loopt tot en met 2024. Dat biedt mogelijkheden. Bijvoorbeeld verhuizen naar de rand van de stad.
Steden worden steeds groener. Autorijden wordt er steeds lastiger. Kijk naar de schitterende, nieuwe casino’s die in Utrecht en Venlo worden gebouwd. Die komen aan de buitenkant van de stad. Goed bereikbaar.”
In februari 2021 citeert Casino Nieuws de woordvoerder van Holland Casino:
“We hebben geen concrete plannen om uit Nijmegen te vertrekken. We hebben ook afgelopen periode juist geïnvesteerd in deze vestiging. Zo hebben we recent o.a. buitenruimtes gemaakt waarin gasten even afstand kunnen nemen van het spel en deze gelegenheid aangegrepen om te zorgen dat er extra licht van buiten het casino naar binnen kan komen. Zo bouwen we verder aan het casino van de toekomst. Daarnaast hebben we in de herstructurering ook nieuwe plannen voor de vestiging gemaakt die op een later moment bekend zullen worden. De bereikbaarheid van onze Nijmeegse locatie is wel een steeds groter wordende zorg.”
Na corona en verlenging contract
Casino Waalkade (augustus 2024)
Daarbij kwamen de Covid-jaren. In 2023 kwamen er echter weer 264.000 bezoekers; de verwachting is echter dat het bezoekersaantal vóór 2019 niet meer gehaald zal worden.
In 2024 verlengt Holland Casino haar contract met 5 jaar, tot 2029.
De Voorstadslaan is een zeer lange straat die tegenwoordig loopt vanaf de spoorbrug tot aan de Tweede Oude Heselaan. En het is een laan vol geschiedenis: van de Romeinse tijd naar het moment dat het in de 19e eeuw een van de eerste industriegebieden van Nijmegen werd en tevens villa’s werden neergezet. Bovendien kwamen er voor de oorlog andere woningen: veel zijn er gebouwd in rijtje van enkele woningen met op de hoek van de straat oorspronkelijk een winkel. De laatste jaren wordt er volop gebouwd in de omgevind van de Voorstadslaan, onder andere de nieuwbouw op het terrein van de voormalige Batava fabriek/ de gebouwen van de Technische Unie.
En: een van de mooiste momenten is het moment waarop de zon ondergaat, waarbij de zon loodrecht op laan staat en zorgt voor prachtige, lange schaduwen.
Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Voorstadslaan geschreven zijn. Zowel deze pagina als de artikelen zullen in de loop der tijd worden aangevuld.
Romeinse Tijd
Grafinventaris uit de Romeinse tijd, gevonden in Nijmegen (Voorstadslaan), 100 – 130 (Collectie Valkhof Museum objectnr Graf.Koster.2013.30 via Collectiegelderland.nl Publiek Domein)
Bij de Voorstadslaan zijn vondsten uit de Romeinse tijd opgegraven, zoals de inventaris op de bovenstaande afbeelding. Collectie Gelderland: “Inhoud van een Romeins crematiegraf uit het begin van de 2e eeuw na Chr. Het crematiegraf is gevonden op het terrein tussen de Voorstadslaan en de Sperwerstraat in Nijmegen; het Romeinse grafveld behorende bij de stad Ulpia Noviomagus. Het graf (graf 30) bestond uit een rechthoekige grafkuil met daarin een grote beker van geverfde waar waar de crematieresten in waren geborgen. Rondom deze beker waren de overige grafgiften geplaatst: een tera sigillatat bord, een kleinere beker, een kleine kookpot, een kruik en een glazen kom.”
Wandeling Craandijk
Villa Scotia. In dit pand woonden de grootouders van de bekende Nijmeegse boekhandelaar en antiquaar Olaf van Hoorn. In de tuin van deze villa verrees later het verzorgingstehuis Sonnehaert, 1920 (Th.A. Sanders via F5559 RAN)
“Dat de stad niet meer als vesting ten oorlog bereid behoeft te zijn, laat alom in den omtrek zijn’ invloed gevoelen. Nu kan zij den gordel harer huizen uitbreiden, zoover zij wil; nu kon in de onmiddellijke nabijheid van dit stuksken eener oude lunet een parkje worden aangelegd; nu kon die industriële wijk daar nevens den weg verrijzen; en de fabriekschoorsteenen mogen onbelemmerd hun rookwolken uitzenden, en vriendelijke villa’s worden gebouwd aan de laan van iepen, aan wier voet niet meer de sappeursbijl ligt.
Meer dan één weg leidt naar Hees en dwalen kunnen wij niet, als wij ons maar niet laten afleiden door den grintweg naar Weurt, die ter regterzijde afbuigt. Wij houden de Voorstadslaan beneden den Hunerberg, wiens zacht glooijende helling met bouwlanden zijn bedekt. Thans wisselt het zachte, frissche groen van het winterkoren af met de donkere vakken, waarin het zaad nog pas is uitgestrooid. Eerst later prijkt hier het landschap in zijn volle schoonheid, maar ook nu reeds ziet het er vrolijk en opwekkend uit. Aan den anderen kant ontbreken ook de akkers niet geheel, maar ’t zijn daar toch meer weilanden en boschjes, die wij in de uitgestrekte vlakte overzien.
Die groote bloemisterij en de daaraan grenzende villa liggen en de daaraan grenzende villa liggen nog binnen den voormaligen ‘verboden kring’ en zijn dus nog gansch nieuw, terwijl de volgende huizen en buitenverblijven ten deele reeds van tamelijk oude dagteekening zijn. Reeds sedert jaren was Hees vermaard om zijn talrijke lustplaatsen, deels door deftige ingezetenen bewoond, deels in den zomer door Nijmeegsche families betrokken, deels aan vreemdelingen verhuurd, en het gansche dorp heeft daardoor een vrolijk en welvarend voorkomen, gelijk het er een niet onbelangrijke uitgestrektheid aan dankt.
Villa “Leeuwenstein”, Voorstadslaan, 1900-1905 (F5560 RAN)
Langs den grooten weg vinden wij de tuinen en plantsoenen van Vredeburg, Leeuwenstein, Scotia Villa, Gerda, Rust en Vrede en nog eenige andere zomerhuizen en optrekjes, en aan de zijlanen en dwarswegen bespeuren wij nog meer boomgroepen en bloeijende heesters, die de plaats van heerenhuizingen aanwijzen, afgewisseld door akkers en moesgronden, burgerwoningen en boerenhofsteden. En dit alles behoort nog maar tot wat wij het eerste gedeelte van het dorp zouden kunnen noemen. Bij die prachtige zware linde, waar verschillende wegen zich splitsen, staan wij een oogenblik stil. Wij hebben er een fraai gezigt op de stad met haar spoorwegbrug. …”
Het Autoverhuurbedrijf Heijmans, Voorstadslaan 15, 24/12/1960 (Fotopersbureau Gelderland; Auteursrechthouder J.F.M. Trum via F11420 RAN CCBYSA)
Heijmans Autoverhuur zat vanaf 1955 in de Voorstadslaan. Rond 2009 verhuist zij naar de Cargadoorweg: de gemeente heeft het pand gekocht om op deze plaats een parkeergarage en woontoren te realiseren. Anderhalf jaar daarvoor had de gemeente een aantal woningen op de hoek Eerste Oude “Heselaan-Voorstadslaan) gekocht en vervolgens gesloopt. Ook zal de weg aangepast gaan worden (De Gelderlander, 31-7-2009/update 30-3-2017)
Op de foto zie ik personenauto’s staan; zo lang ik mij kan herinneren (eind jaren 80) en ook -afgaande op haar site– is het bedrijf bekend van haar verhuur van personen- en bestelbussen.
Merk op de foto bovendien het industriespoor naar de Noord- en Oostkanaalhaven op, dat er in ieder geval nog in 2006 (F88657 RAN) nog lag. Tegenwoordig is hier een snelfietspad aangelegd. Op de Facebookpagina NijmegenToen blijkt, dat in 2013 het snelfietspad er inmiddels al ligt.
Vooroorlogse woningen met aansluitend, rechts, Autobedijf Heijmans uit 1955, nu volledig gesloopt. Rechts de HAT-wooneenheden op de hoek met de Waterhoenplaats, 1998 (Hans Giesbertz via F88397 RAN tevens Auteursrechthouder)
Woontoren Duet
Op deze plaats zal de woontoren Duet komen. November/december 2024 is de verwachting dat de bouw in 2026 zal beginnen. Met 120 meter zal het het hoogste gebouw van Nijmegen worden. Het telt 383 woningen, een combinatie van studenten, sociale huur en duurdere appartementen en tevens een parkeergarage. (De Gelderlander).
In oktober/november 2024 vonden voorbereidingen plaats, waaronder archeologisch onderzoek en het zoeken naar eventuele munitie uit de Tweede Wereldoorlog. Daarbij is er opvallend genoeg niets gevonden; waarschijnlijk is er in de 19e eeuw al veel gegraven.
Een luchtfoto van de Papierfabriek “Gelderland” ; P.S. op dit terrein tussen de Oude Weurtseweg (boven) , de Krayenhofflaan (rechtsboven) , de Voorstadslaan (rechts onderin) en de Eerste Oude Heselaan (links onderin) worden in 1985 woningen gebouwd aan de Aalscholverplaats , de Meerkoetplaats , de Reigerplaats , de Uiverplaats en de Waterhoenplaats. Geheel rechts onderin woningen aan de Kop van de Weurtseweg, Voorstadslaan, 1932 (F58411 RAN)
In 1908 besloten de studievrienden Selleger en Hoyer samen met Kortschilgen een papierfabriek te beginnen. Ze kozen daarbij voor Nijmegen vanwege de goede spoor-, water- en scheepvaartverbindingen. De fabriek kwam op de hoek van de Voorstadslaan en Krayenhofflaan. Uiteindelijk zou het gebouw in 1976 in vlammen opgaan.
Bewoners ervaarden overlast bij de doorgang bij de Aalscholverplaats. Zij wilden met een kunstwerk de sfeer onder de poort verbeteren en tevens een mooie verbinding tussen de Voorstadslaan en het plein creëren. Tamar Frank maakt kunstwerken waarin licht de ervaring van ruimte doet veranderen. Voor de Aalscholverplaats maakte ze Licht Gewelf.
Dubbel woonhuis, gebouwd voor Laurens Jan ten Horn (1855-1919), eigenaar van de Patria Kinderwagenfabriek, foto gedateerd 1910-1915 (RAN F87828)
Willem Hoffmann ontwierp tussen 1908-1909 voor Laurens Jan ten Horn de eigenaar van de Patria Kinderwagenfabriek het dubbele woonhuis op de hoek van de Voorstadslaan en de Krayenhofflaan.
Ten Horn had in 1907 de kinderwagenfabriek overgenomen van zijn zwager Carel van Rosendael, welke aan de Nieuwe Haven stond. Daarvoor had ten Horn een winkel in ijzerwaren en huishoudelijke artikel in Wageningen gehad (Bijschrift F87831).
Gemeentelijk Monument
Dit is een Gemeentelijk Monument: “Twee villa’s onder één dak. Blokvormig gebouw van twee bouwlagen op onregelmatig grondplan dat aan de straatzijde de grondvorm suggereert van twee rechthoeken met een wigvormig verbindingsdeel. Uitgevoerd in kalkzandsteen met een band van gekleurde baksteen op de begane grond en een breed fries van hetzelfde materiaal langs de bovenzijde; pannengedekt. Beide blokken hebben aan de straatzijde een eigen tentdak van geringe diepte, dat verloopt in een breed dak over het achtergedeelte, met de nok parallel aan de straat. Beide panden hebben op de straat- en achterhoek twee erkers, afwisselend driezijdig en halfrond. Alle vensters met bovenlichten van acht ruiten, bij het rechter pand nog met persiennes. De voordeur van het linker pand rechts in de gevel; die van het rechter pand in het wigvormige tussengedeelte, dus links, iets terugliggend ten opzichte van een houten etage-erker in het gevelvlak. Bouwjaar: ca. 1920. Boeiend complex van forse verhoudingen, karakteristiek gelegen in een flauwe bocht op de hoek van twee straten en daardoor zeer beeldbepalend.”
De Nieuwe Haven (Waalhaven) met de lage loswal, tweede decennium. Links het bedrijfspand van de Patria kinderwagenfabriek, v/h C. van Rosendael & Co. Op de achtergrond, rechts, nog net zichtbaar, het gemeentelijk slachthuis, 1910-1915 (F88957 RAN)Het havenplantsoen in aanleg, gezien vanaf de Weurtseweg. Op de voorgrond de goederenspoorlijn naar het havengebied, rechts, de Voorstadslaan met de spoorwegovergang en het pand van steenkolen- en brandstoffenhandel J.J. Giesbertz NV. Op de achtergrond, achter de spoordijk in het midden, papierfabriek Schuller aan de Nieuwe Markt, links boven de oude havenkraan op de loswal van de Nieuwe Haven (Waalhaven), 1953 (Foto Grijpink via F88668 RAN CCBYSA)
Het Krayenhoffpark was al vroeg ingetekend, in 1879, in de plannen voor na de ontmanteling. Het werd vernoemd naar Cornelis Krayenhoff, waarvan het graf aanvankelijk was overgebracht naar dit park; de originele grafsteen is er nog te vinden. Daarnaast staan er een aantal bijzondere bomen.
De voormalige Batava Margarinefabriek met woningen, hoek Weurtseweg (1870/1975), 1969 (Evert F. van der Grinten via F78720 RAN, tevens Auteursrechthouder)
Op Noviomagus staat een uitgebreid artikel over de Batava fabriek.
Fabriek Batava Margarine (afgebroken 1974/1975), 2972 (Evert F. van der Grinten via F78885 RAN tevens Auteursrechthouder)De voormalige margarinefabriek Batava, gesloopt in 1974; op die plaats is het magazijn van de Technische Unie gebouwd (27-06-1974), 1974 (Jan Cloosterman via F29247 RAN CCBYSA)
Technische Unie
Links de Technische Unie, rechts het overgebleven gedeelte van de Batava fabriek. Daarvoor het Krayenhoffpark, links de Voorstadslaan en rechts de Weurtseweg, die nog niet verlegd, 18 maart 1985 (Wim Michels via KN14450-26 RAN CC0)
Nieuwbouw
Nieuwbouw Voorstadslaan (april 2025)
De Technische Unie is inmiddels afgebroken. Op deze plaats wordt momenteel de nieuwbouw gerealiseerd van appartementen als het project Boterfabriek (zie haar eigen site).
Op de hoek van de Voorstadslaan met de Biezenstraat ligt de voormalige Verenigde borstelfabriek. Deze was in 1919 begonnen, met electrisch aangedreven machines. De fabriek was daarvoor in de Broerstraat gevestigd geweest en maakt borstels en kwasten.
Krayenhofflaan 14, september 2022 (Google Streetview)
Is momenteel een Aandachtspand
Voorstadslaan 51-53
De woningen van Voorstadslaan 51-53 zijn momenteel Aandachtspanden op de Gemeentelijke Monumentenlijst.
Een foto uit 1980 is te vinden op F10067. Dan staan de voortuinen nog niet vol met planten, maar eigenlijk zijn de tuinen een van de grote charmes van deze huizen.
Minibieb Voorstadslaan (augustus 2024)
Vóór deze panden staat een van de mooiste minibiebs van Nijmegen, de derde versie:
De eerste, eigenlijk de allermooiste, is gestolen.
De tweede is vervangen, waarschijnlijk omdat er te veel onderhoud nodig was
De derde, huidige, is in de vorm van een oude koelkast
Voorstadslaan 55: oa café de Voorstad
Voormalig cafe de Voorstad, Voorstadslaan (augustus 2023)
Een leuk artikel over dit voormalige café de Voorstad is te lezen in de Wester uit 2018 (een herpublicatie van 2013).
Prima Villa
Voorstadslaan 57
Prima Villa Voorstadslaan, augustus 2023 (Google Streetview)
“Prima Villa” betekent eerste villa, verwijzend naar de eerste bebouwing buiten de voormalige vestigingwerken van Nijmegen die men tegenkwam als men van Nijmegen naar Hees ging. Het is gebouwd in 1878. Over dit Rijksmonument is al het nodige geschreven op Noviomagus: https://www.noviomagus.nl/Monumenten/monument_0188.html
Rijksmonument
De woning is een Rijksmonument met als waardering:
” VILLA uit 1878 met rijk uitgevoerd INTERIEUR en HEK.
– Van architectuurhistorische waarde als typologisch goed voorbeeld van een wit gepleisterde blokvormige villa met stijlinvloeden van het neoclassicisme. Het exterieur is qua hoofdvorm en gevelindeling goed bewaard gebleven. Op onderdelen zijn er ook wijzigingen doorgevoerd, zoals de sloop van het balkon aan de voorzijde en de vernieuwing van de serre aan de achterzijde. Bijzonder waardevol is het goeddeels intact gebleven interieur. Zeldzaamheidswaarde hebben de geschilderde plafonds in de vertrekken op de verdieping. – Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van een historisch gegroeid stedelijk gebied tussen het centrum van Nijmegen en het voormalige dorp Hees. Getuige de naam “prima villa” maakte onderhavig pand onderdeel uit van de eerste bebouwing buiten de voormalige vestingwerken van Nijmegen in de richting van Hees ten tijde van de ontmanteling.”
Voorstadslaan 238
Voorstadslaan 238, augustus 2023 (Google Streetview)
Voorstadslaan 238 is een Gemeentelijk Monument: “Villa. Blokvormig pand van twee bouwlagen met pannengedekt tentdak. De gevels zijn gepleisterd, op een brede ornamentale baksteenfries langs de gootrand na. Gootlijst kwartcirkelvormig uitgekraagd. Voorgevel verdeeld in twee assen: de rechter helft bestaande uit een houten erker met balkon en dubbele balkondeuren; in de linker helft twee dicht naast elkaar geplaatste ramen, op de begane grond gekoppeld onder een vlakke ontlastingsboog. Alle ramen met glas-in-lood in de bovenlichten. De voordeur in de linker zijgevel. Zeer opvallende dakkapel met drie ramen, waarvan het pannendak een verlenging vormt van de nok van het hoofddak. Bouwtijd: ca. 1900-1915. Eenvoudig buitenhuis van fraaie verhoudigen, van belang als voorbeeld van de overgang van historiserende naar meer functionele, sobere villabouw.”
Nijmeegsche Machinefabriek
De Nijmeegsche Machinefabriek, 1915-1920 (F10053 RAN)
Vooraf: overname door de N.T.M.
De Nijmeegse Tramweg Maatschappij (N.T.M.) had in 1897 de machinefabriek van de erven van van Westrhenen overgenomen. welke op het Waalplein stond. Inmiddels had dit bedrijf al 40 jaar bestaan. Vanaf dat moment heet het bedrijf de NTM Nijmeegsche Machinefabriek, IJzer en Metaalgieterij.
In de zomer van 1899 bouwt N.T.M. een nieuwe fabriek aan de Voorstadslaan. Deze bestaat uit een ijzergieterij, kantoren, magazijnen en een aansluiting aan de tramlijn naar Neerbosch. Daarbij heeft de fabriek een herstelplaats voor rollend materieel. Niet alleen voor het materieel van de NTM zelf, maar ook voor de Stoomtram Maas & Waal. Daarnaast maakte ze zelf tramrijtuigen, goederenwagons en wissels voor meerdere tramwegmaatschappijen in Nederland (gemeentetramnijmegen.nl).
In de eerste jaren behaalt het bedrijf goede resultaten.
1918 Verkoop tot opheffing 1939
Op 15 juli 1918 wordt de fabriek verkocht aan Wed. J. Numan’s blikfabrieken. De machinefabriek en ijzergieterij wordt daarin een aparte N.V.: N.V. Nijmeegsche IJzergieterij en Machinefabriek. Tot 1933 vonden er uitbreidingen plaats. “De N.V. Nijmeegsche IJzergieterij en Machinefabriek wordt als gevolg van de beurskrach ambtelijk opgeheven.” (Nijg).
1947: Hernieuwde inschrijving
In 1947 vindt er een hernieuwde inschrijving van de Nijmeegsche IJzergieterij N.V. in de Kamer van Koophandel plaats. Hierbij staat H.G.Th. Salemink ingeschreven als eigenaar en toekomstig directeur en D.A. Salemink als procuratiehouder. De laatste wordt in 1962 benoemd tot mede-directeur. In 1968 treedt J. Thoonsen in dienst bij de Nijmeegsche IJzergieterij N.V.. Hij is op het moment dat de NIJG haar site heeft geschreven de huidige directeur, dus in ieder geval al jarenlang werkzaam bij het bedrijf. In 1972 wordt de N.V. omgezet in een B.V..
In 1981 neemt de ijzergieterij haar nieuwe fabriek aan de Lindenhoutseweg in gebruik: “Na verschillende uitbreidingen bleek voortzetten van het bedrijf daar (aan de Voorstadslaan) niet meer houdbaar, mede wegens overlast” (Numaga)
1981 Sloop gieterij Voorstadslaan
In 1981 werd begonnen met de sloop van de ijzergieterij. De Wester: “‘In 1981 begonnen ze met de sloop van die ijzergieterij,’ gaat Bernard verder. ‘Dat ging niet zo vlot. Het gaf veel stof- en lawaaioverlast. De grond was sterk verontreinigd met allerlei stoffen en zware metalen zoals lood. De schoonmaak heeft een vermogen gekost, miljoenen. Daarna lag het terrein braak en zijn er opgravingen geweest. Dat vond ik toentertijd erg interessant om te volgen. Er was begreep ik niet genoeg tijd en geld om het écht goed te doen.’” (De Wester). Vanaf 1984 werd begonnen met de nieuwbouw, de huidige Boomvalk-, Torenuil- en Scholeksterstraat (noviomagus).
Vervolg NIJG
In 1989 neemt J. Thoonsen de aandelen van de heer D. Salemink en de Fam. Martens over. In 1990 en 1991 volgen er uitbreidingen. Ook koopt NIJG in 1997 een 2e gieterij in Frankrijk aan, welke in 2007 weer wordt afgestoten. Momenteel (augustus 2024) bestaat NIJG nog steeds, zie haar site.
Modderlaantje
Aan beide kanten van de ijzergieterij liep vroeger een laantje. Het waren naamloze straten, waarbij de linker het Modderlaantje werd genoemd. Ze hoorden bij de Voorstadslaan en hadden huisnummers 73 t/m 113 en 149 t/m 161, vandaar dat deze ontbreken in de huidige nummering van de straat. Aan de Modderlaantje stonden kleine arbeidswoningen, waarvan de meeste bewoners bij de ijzergieterij werkten. Tegenwoordig is hier de Scholeksterstraat (De Wester).
Op de hoek tussen de Voorstadslaan en de Biezendwarsstraat zit het huidige (augustus 2024) café de Wijck. Voorheen zat hier de Gruyter, welke in de jaren 70 failliet ging.
De Wester: “Sylvia kan nog moeiteloos de vele winkels in de straat voor de geest halen. ‘Waar nu Wijck zit, had je eerst de Gruyter. Een winkel met veel koper. Het rook er altijd naar versgemalen koffie en er stonden veel koekjestrommels.” (https://dewester.info/voorstadslaan/)
In 1930 opent de bakkerij van J.H. Francissen op Niersstraat 2, op de hoek van de Biezendwarsstraat en Voorstadslaan. Het pand is een ontwerp van architect W. Th. Reynen. Vanaf dat moment is het altijd een bakkerij gebleven.
Het Park Leeuwenstein was vroeger de tuin van Villa Leeuwenstein. Het lijkt wat verborgen te liggen door de bebouwing van de Marialaan en de Bosduifstraat. Dat het park mogelijk wat onbekend is, is onterecht: er staan veel verschillende bomen, waaronder bijzondere soorten.
De Rijks Tuinbouw & Winterschool, Voorstadslaan, 1920 (F5542 RAN)
Villa Welgelegen/Villa Carré
Villa Carré, Voorstadslaan, 1910 (F5532 RAN)
Rond 1860 werd in de buurt van de hoek Voorstadslaan en Schependomlaan de Villa Welgelegen gebouwd (Bron: Noviomagus). Op 21/9/1870 koopt Conraad van Erpers Rooijaards de villa Welgegelen van Cornelis van Sonsbeek: ““Het buitenverblijf, genaamd “Welgelegen” te Hees, gemeente Nijmegen gelegen, bestaande ene(?) heerenhuis, koetshuis en stal, erf en tuin, voorkomende op den perceelsgewijze kadastralen legger van Neerbosch in Sectie B Nommers 58(?) huis en erf, groot vier aren drie en dertig centiaren/43 tuin, groot een hectare negen aren zeven en zestig centiaren.” Hij betaalt hiervoor 16.000 gulden. Van Erpers Rooijaard is dan “zonder beroep”.
Het jaar daarvoor, op 1 september 1869, had de verkoper Cornelis van Sonsbeek de villa gekocht. (Actenr 1386, Archiefnr 440, Inventarisnr 67).
De familie Rooyaards woonde hier 40 jaar (Noviomagus. Daarna woonde er een gepensioneerd kolonel Roloff (Noviomagus en Hees bij Nijmegen.).
Villa Carré
Daarna kocht de beroemde circusdirecteur Oscar Carré het landgoed. Hij zou er zijn laatste levensjaren doorbrengen, om in 1911 te overlijden. Daarna bleef zijn vrouw Elisa Maud Adams samen met zijn dochter Wilhelmina tot 1919 in de villa wonen. De bronnen zijn niet tot nu toe niet eenduidig of Carré zelf of zijn nabestaanden de Villa “Carré” hebben genoemd.
Huize Insulinde
Bouwtekening van Huize Insulinde, gebouwd op de plek van de voormalige villa Welgelegen. Deze villa werd rond 1860 gebouwd voor de oud kolonel Rooijaards. In 1900 werd het pand aangekocht door circuseigenaar Oscar Carré, die de villa omdoopte in Villa Carré. In 1931 verwierf de Stichting Verblijf Oud-Indisch Militairen het pand en werd het Huize Insulinde tot in 1973 de sloop volgde, 1930-1940 (F63555 RAN)
In 1918 was de ‘Stichting Verblijf van de Oud-Indische Militairen’ de villa aan. De stichting had als doel het “oprichten en het exploiteeren van een verblijf voor den Oud-Indische Militair, tevens een Doorgangs- tevens Kosthuis, waarin gevestigd een Arbeidsbeurs en een Voorschotbank, daarmede hoofdzakelijk beoogde van een algemeen maatschappelijk belang.” De oprichter was Arie van Boxtel (1876-1954). Hij was als 13-jarige het Indische ingegaan en was op dat moment onderluitenant. (IndischHistorisch.nl). Aanvankelijk opende de Stichting het voormalige Hotel de Doelen op de Varkensmarkt. Er was voor Nijmegen gekozen, omdat hier het opleidingscentrum van de KNIL was. Daarbij was de Varkensmarkt geschikt, omdat deze niet al te ver van de kazerne af lag. Hier ving de stichting gerepatrieerde en gepensioneerde KNIL-militairen en hun gezinnen op. Veel oud-soldaten en lagere officieren hadden slechts een beperkt pensioen opgebouwd. Voor vrijgezellen of degenen die invalide waren geraakt was Huize Bronbeek opgericht. Deze bood echter plaats voor militairen met hun gezin.
In 1931 werd Huize Insulinde na een verbouwing geopend. Daarbij kreeg de villa de naam Huize Insulinde. Er was plaats voor vijfenvijftig inwoners. Duizenden bewoners hebben hier kortere of langere tijd gewoond.
Na de oorlog en de Indonesische onafhankelijkheid kwamen ook burgers in Insulinde terecht. In de loop der jaren kwamen steeds meer “gewone” burgers in het Huis terecht: er kwamen immers geen repatrianten meer en er was sprake van vergrijzing. In 1969 ging Insulinde op in de Stichting bejaardenhuizen Nijmegen.
1970: Bejaardencomplex
In 1970 werd de gesloopt en op deze plek kwam het bejaardencomplex Insulinde. Daarbij waren de laatste bewoners van Insulinde ondergebracht in Nieuw Maldenborgh in Hatert. Het hek rond de tuin bleef echter behouden en hier is ook de naam Insulinde te lezen.
Pascal koopt van Verdonck in 1904 twee stukken grond aan de Voorstadslaan. Hij laat daarop een villa ontwerpen door de architect Hoffmann: Villa Rica. het gebouw stamt ui 1904.
De “nieuwe” Dikke Boom van Hees is op 21 november 2003 geplant. Dat is precies 100 jaar nadat de oude Dikke Boom van Hees door blikseminslag was omgegaan.
Villa Gerda staat te koop (De Gelderlander 20/7/1902)
Een van de villa’s die Craandijk noemt is Villa Gerda. Rond 1875 had C.B. Hiebendaal (1830-1902) Villa Gerda laten bouwen. Hiebendaal was burgemeester van Horssen geweest. Zowel zijn geboren dochter, geboren in 1867 als zijn moeder, die in 1872 was overleden heetten Geertruida. Mogelijk is de villa vernoemd naar een van beide. Hiebendaal overlijdt in 1902; in dat jaar komt de villa te koop te staan. De buurman, fruitkweker M.G.F. Verdonck, koopt deze villa. Hij wil op deze grond een villapark ontwikkelen. (Bron: https://dewester.info/westerarchief/de%20Wester%202014%202%20laag.pdf)
Villa Scotia
In het Adresboek 1895 wonen
Weduwe C.H d Villeneuve geboren M.L. Pringle, zonder beroep
V.H. de Villeneuve, zonder beroep
In Villa Scotia, welke dan het adres Voorstadslaan 100 heeft. Daarnaast woont Weduwe V.W. de Villeneuve, geboren C.L. Serres in Villa “Rust en vrede”, Voorstadslaan 93.
In juli 1910 staat de Buitenplaats Rust en Vrede te koop (De Gelderlander 24/7/1910)
Villa Vredenburg
Rob Essers heeft al een uitgebreid artikel geschreven, vanaf pagina 5.
Villa Vredenburg te koop (De Gelderlander 1/5/1879)
In mei 1879 staat de Villa Vredenburg te koop.
Advertentie Hofstede Vredenburg voor verkoop van haver (PGNC 5/8/1888)
Het is mij nog onbekend of met de Hofstede Vredenburg de Villa Vredenburg wordt bedoeld: Weduwe Nielen wil haver verkopen.
Voor de “erven van den heer S.W. den Hertoch” staat op PGNC 27/11/1898 villa Vredenburg te koop.
Villa Rust en Vrede
Aangeboden: Villa Rust en Vrede welke zal moeten worden gesloopt (PGNC 4/8/1912)
Weduwe V.W. de Villeneuve, geboren C.L. Serres komt in het Adresboek 1895 voor op Villa “Rust en vrede”, Voorstadslaan 93 (zie tevens Villa Scotia hierboven). Op 2 oktober 1895 zal echter de inboedel verkocht worden “ten sterfhuize van mevr. de wed. de Villeneuve” (PGNC 29/9/1895); waarschijnlijk wordt ook de villa verkocht, maar deze advertentie is nog niet gevonden.
In ieder geval krijgt augustus 1896 Jhr. M.A. van Andringa de Kempenaer op dit adres een telefoonaansluiting (De Gelderlander 2/8/1896)
In 1901 en 1902 woont jhr M.A. v. Andringa de Kempenaer op dit adres (Adresboek 1901,1902).
In 1912 staat de villa Rust en Vrede te koop, met als voorwaarde dat deze binnen 6 weken wordt afgebroken.
Voorstadslaan in de sneeuw ’s avonds (januari 2026)Voorstadslaan in de sneeuw ’s avonds (januari 2026)
Herinneringen
Heeft u herinneringen aan de Voorstadslaan? Of andere informatie die u graag wil delen? Laat dan hieronder uw reactie achter.
Een blauwe ruithoek staand op betonnen zuilen met daarop glazen piramides: het politiebureau van Nijmegen. Deze is gebouwd als het hoofdgebouw voor het regionale korps Gelderland-Zuid. Het is in 1994 ontworpen door Jeanne Dekkers. In de volksmond kreeg het de bijnaam ‘Wiebertje’. In 1998 is het opgeleverd.
Bovenop deze ruithoek staan glazen piramides. Naast daglicht symboliseren deze “de plaats waar de lucht een verbinding aangaat met de aarde. Het gebouw is met zijn stevige verschijning in zilver en blauw een duidelijk boegbeeld voor de politie”. Ook de kleur blauw is bepalend: Het blauw van de politie, “meer blauw op straat” en de gedachte van een blauwe pet op een sokkel.
Een van de redenen om dit gebouw in de vorm van de driehoek te bouwen was de beschikbare ruimte, afgegrensd door station, spoor en de watercentrale. En daarnaast moest het gebouw in de Spoorkuil komen. Deze heeft ze in haar ‘waarde gelaten’ door het gebouw op poten te zetten. In een Trouw interview in 1998 vertelt Dekkers over haar werkwijze: ‘Dromen en landen. Ieder project opnieuw ondergaat de architecte Jeanne Dekkers (1953) dit ritueel. “Mijn gebouwen landen op een plek, gaan daar een dialoog aan met de omgeving, maar behouden ook een zekere zelfstandigheid. Vaak zorg ik voor een ondergrond die de plek definieert en als sokkel voor het gebouw dient. Op die plek kan het gebouw vervolgens eigenzinnig en eigentijds zijn.”
Vertrek van de Mariënburg
Het voormalige politiebureau op de Mari:enburg, 27/4/1995 (Ger Loeffen via F37949 RAN)
In 1994 is het politiebureau verhuisd van de Mariënburg naar deze locatie. Dit was onderdeel van het plan Centrum2000, waarbij het oude politiebureau is verbouwd tot huisvesting voor het Archief, de Bibliotheek Gelderland Zuid en het Centrum Werk en Inkomen (CWI).
Ontstaan Spoorkuil
Politiebureau vanaf de Snelbinder
De Spoorkuil is ontstaan tijdens de aanleg van het spoorviaduct, waarbij op deze plek het zand hiervoor werd afgegraven. Het station zelf staat op de Hoedberg.
De bouw van het politiebureau en de daarnaast staande appartementen zijn de eerste resultaten van de vernieuwing van de stationsomgeving. De appartementen zijn in 1991 opgeleverd en staan op de plek van de in 1981 afgebrande HBS.
Gepland vertrek
De politie zal uit het pand vertrekken. In 2019 kocht ze het pand van Pro Persona op de Tarweweg aan. Door een reorganisatie was het het bureau aan de Stieltjesstraat te groot geworden: waar voorheen 500 mensen werkten, waren dat er na de reorganisatie nog maar 200. .Bij de reorganisatie was de politie Nijmegen opgedeeld in een team Zuid en Noord. Noord werkt vanuit de Stieltjesstraat, Zuid vanuit de Muntweg. Sinds 2019 was het bureau in de weekenden al gesloten
In 2012 hadden onderdelen van de politie het voormalige Marechaussee pand aan de Coehoornstraat, na een verbouwing, in gebruik genomen. Dit pand is in 2023 gesloopt om plaats te maken voor een geheel nieuw pand. De verwachting is dat deze in 2025 gereed is. Eind juni 2024 was er een inloopavond voor de presentatie van de plannen.
Wanneer de politie in het Pro Persona pand zal kunnen intrekken, zal een deel van de bezetting van de Coehoornstraat verhuizen naar dit kantoor. Het is de bedoeling dat het blauwe kantoor verkocht wordt.
Jeanne Dekkers
Jeannne Dekkers is in 1953 geboren in Venlo. In 1978 behaalde ze het diploma aan de Technische Hogeschool Eindhoven. Daarna ging ze werken bij EGM Archticten, waarvan zij in 1988 lid van de directie werd. In 1998 richt ze haar eigen bureau Jeanne Dekkers Architectuur in Delft op. In 2010 is ze benoemd tot hoogleraar aan de Technische Universiteit Eindhoven.
Projecten Jeanne Dekkers
Naast het politiebureau ontwierp Jeanne Dekkers onder andere ook het Voorzieningenhart in Oosterhout in 2004 en een boomkwekerij in Cuijk in 2008.
Belangrijke projecten zijn verder:
Brandweerkazerne Apeldoorn
Limburgs Museum (2000)
Minkema College te Woerden (2003)
WZI, Dienst Werk, Zorg en Inkomen te Eindhoven (2004)
OZW, Opleidingsinstituut voor Zorg en Welzijn van de Vrije Universiteit te Amsterdam (2006).
Monument in Politiebureau
In het bureau hangt een monument ter herinnering aan vier politiefunctionarissen die tijdens de Tweede Wereldoorlog onderdeel waren van het verzet. Zij werden op 6 juni 1944 in de duinen bij Overveen gefusilleerd. De namen van de slachtoffers luiden: W. Beerman; B. Hendriks; A. Marcusse en H. Oolbekkink.