Molenstraat 99, hoek Molenstraat-Tweede Walstraat (mei 2024)
#Nijmegen, Centrum

Molenstraat

Molenstraat 99, hoek Molenstraat-Tweede Walstraat (mei 2024)
Molenstraat 99, hoek Molenstraat-Tweede Walstraat (mei 2024)

Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Molenstraat zijn verschenen.

Geschiedenis van de Molenstraat

De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860 (GN10960 RAN)
De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860 (GN10960 RAN)

De weg die tegenwoordig Molenstraat heet, bestond al in de middeleeuwen. Dit was vanuit Nijmegen de weg richting zuiden. Na de Windmolenpoort oftewel Wiemelpoort te zijn gepasseerd, die gebouwd is in de 14 eeuw als onderdeel van de eerste stadsomwalling. In de 17e eeuw komt deze straat voor als Muele Straet en Meulenstraet.

Vlak buiten de poort werd een armengasthuis gebouwd, welke zou uitgroeien tot het complex van kerk en het latere Oud Burgeren Gasthuis. In 1436 werd de tweede stadsmuur gebouwd, waardoor de weg nu voor het grootste deel binnen de stadsmuren kwamen te liggen.  Daarbij werd de Molenpoort aangelegd. Voor de wallen kwam een gracht te liggen.

De Wiemelpoort zou nog een tijdlang dienen als gevangenis, totdat het in 1860 werd afgebroken.

De Molenpoort met de droge gracht en de eerste houten brug buiten de Poort (hier ligt tegenwoordig de In de Betouwstraat en de Van Welderenstraat), 1875 (Gerard Korfmacher via F23036 RAN)
De Molenpoort met de droge gracht en de eerste houten brug buiten de Poort (hier ligt tegenwoordig de In de Betouwstraat en de Van Welderenstraat), 1875 (Gerard Korfmacher via F23036 RAN)
Molenstraat gezien richting het Noorden met op de achtergrond het huis op de plek van de in 1860 afgebroken Windmolenpoort of Wiemelpoort, 1860 (dr. Jan Brinkhoff via D400 RAN CC0 Auteursrechthouder: RAN)
Molenstraat gezien richting het Noorden met op de achtergrond het huis op de plek van de in 1860 afgebroken Windmolenpoort of Wiemelpoort, 1860 (dr. Jan Brinkhoff via D400 RAN CC0 Auteursrechthouder: RAN)

Eind 19e eeuw: van woonstraat naar winkelstraat

Na de sloop van de stadwallen veranderde de Molenstraat van karakter: waar het voorheen voornamelijk een woonstraat was geweest, werd het net als een aantal andere straten steeds meer een winkelstraat.

In 1902 werd een gedeelte van de Molenstraat hernoemd tot Bisschop Hamerstraat

Tweede Wereldoorlog

Tijdens het bombardement van februari 1944 werd een gedeelte van de straat verwoest. Ook de voorgevel van de Molenstraatkerk werd getroffen. Tijdens de wederopbouw kwam hiervoor nieuwbouw, waarin het koor van de oude kerk werd opgenomen.

Jaren 90 tot nu

Vanaf de jaren 90 veranderde de straat van karakter: vooral aan de noordzijde kwam veel horeca. In 1967 verhuisde het Oud Burgeren Gasthuis uiteindelijk naar de Professor Cornelissenstraat. Hiervoor kwam in de jaren 70 de Molenpoortpassage voor in de plaats.

Regulierenklooster, Oud Burgeren Gasthuis en Molenstraatkerk

Het Oud Burgeren Gasthuis met de St. Petrus Canisiuskerk, Molenstraat, 1910 (F67337 RAN)
Het Oud Burgeren Gasthuis met de St. Petrus Canisiuskerk, Molenstraat, 1910 (F67337 RAN)

Nog steeds maakt de Molenstraatkerk en haar voormalige pastorie een belangrijk onderdeel uit van de Molenstraat. Eind 19e eeuw domineerde een aantal katholieke gebouwen de noordkant van deze straat.

Middeleeuwen

Het begin van deze gebouwen ligt in de middeleeuwen: de rijke Ludeken de Meij van Wezel stichtte een armengasthuis, net buiten de stadsmuren, bij de Windmolenpoort. In 1366 was deze de Meij van Wezel burger van Nijmegen geworden. Hij schonk in 1402 het gasthuis aan frater Johan de Waal, prior van het regulierenklooster Bethlehem in Zwolle. De Waal richtte hier een Windesheimer observantie in. De reguliere kanunniken leefden in dit convent volgens de regel van Sint Augustinus. Deze fraters bouwden het huis uit tot een zeer groot klooster, gewijd aan Sint Catharina. Door de verlegging van de stadsmuur, kwam het klooster tegen de zin van de monniken, binnen de stadsmuren te liggen.

Reductie van Nijmegen

Wanneer prins Maurits in 1591 Nijmegen inneemt, wordt het kloostercomplex een huis voor oude mannen en vrouwen. Sinds 1681 heet het gebouw het Oud Burgeren Gasthuis.

Een 18e-eeuwse tekening in Oost-Indisch inkt, van een gedeelte van het Oud Burgeren Gasthuis, 1790-1795 (F19823 RAN)
Een 18e-eeuwse tekening in Oost-Indisch inkt, van een gedeelte van het Oud Burgeren Gasthuis, 1790-1795 (F19823 RAN)

De kerk werd bij de inname door Maurits protestants. Bij de Franse overheersing, in 1808, bepaalt Lodewijk Napoleon dat de kerk samen met de Broerskerk, aan de katholieken moet worden teruggegeven. In 1818 nemen de Jezuïeten, die tot dan een schuilkerk aan de Lage markt hadden gebruikt, de Regulierenkerk in gebruik. Dan krijgt het de naam Ignatiuskerk, vernoemd naar de oprichter van de Jezuïetenorde Ignatius van Loyola.

1848 – 1969 Nieuwbouw en sloop gasthuis

Oud Burgeren Gasthuis, van der Kemp (RAN)
Oud Burgeren Gasthuis, van der Kemp (RAN)

In 1848 werd het klooster afgebroken en vervangen door een nieuw gebouw. Stadsarchitect Pieter van der Kemp ontwierp deze in een zogenaamde neoclassicistische stijl. In 1969 werd het gebouw afgebroken.

Lees hier het artikel:

Oud Burgeren Gasthuis (gebouwd 1849), 1969 (Evert F. van der Grinten via F78209 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Oud Burgeren Gasthuis (gebouwd 1849), 1969 (Evert F. van der Grinten via F78209 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

Eind 19e eeuw: sloop kerk

Eind 19e eeuw was de kerk inmiddels te klein geworden en verkeerde het in slechte staat. Daarop wer het gebouw gesloopt en in 1894-1896 vervangen door de monumentale, neogotische Sint Ignatiuskerk met een pastorie, naar het ontwerp van architect Nicolaas Molenaar Sr. In 1898 werd dit gebouw geconsacreerd.

Bij de heiligverklaring van Petrus Canisius in 1925 werd de kerk naar hem vernoemd: de Petrus Canisiuskerk.

1944 Oorlog en nieuwbouw

Door het bombardement van 22 februari 1944 raakt de kerk zwaar beschadigd. Er kwamen daarbij in ieder geval 7 vrouwen om het leven; vanwege de carnaval was het veertigurengebed aan de gang.

Tussen 1958 volgde nieuwbouw. Het ontwerp was van de architecten J. Coumans, W. van Dael en A. Siebers. Daarbij werd het oude, neogotische, koor en trancept opgenomen in de bouw van deze Molenstraatkerk.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Regulierenklooster_en_Regulierenkerkhttps://nl.wikipedia.org/wiki/Molenstraatkerk

Jaegerhuis, architect Okhuysen

Rond 1932 heeft W. Scholte-Derks de winkel van H. Brunninkhuis op de Molenstraat 23 overgenomen. Een van haar specialiteiten is het Jaeger ondergoed. Een verbouwing van ’t Jaegerhuis volgt in 1940, waarvan Okhuysen de architect was. Nadat de winkel tijdens het bombardement was verwoest, volgt uiteindelijk in 1952 de herbouw aan de Broerstraat. Ook hier…

Lees verder

Molenstraatkerk

De oude Molenstraatkerk werd tijdens het bombardement van 1944 beschadigd. Tussen 1958 en 1960 wordt het achterste deel van de kerk gebouwd naar de plannen van Siebers en Van Dael uit Breda en J. Coumans. Daarbij blijft het oude, neo-gotische koor behouden.

Lees verder

Gevelsteen geboortehuis Bisschop Hamer

In juli 1949 werd op het geboortehuis van Bisschop Hamer een gedenksteen onthuld. Het ontwerp hiervan was van ir. B. Fokkinga. Het was op dezelfde dag, dat het beeld van Bisschop Hamer op het Keizer Karelplein was verplaatst.

Lees verder

De vooroorlogse Kreymborg

Jarenlang was Kreymborg een bekende winkelketen in Nederland. In 1930 opent Kreymborg haar winkel in Nijmegen, op de hoek van de Molenstraat en Ziekerstraat. Het is dan haar 29ste filiaal.

Lees verder

Kruidenierswinkel van Haaren, architect van der Waarden

Na de afbraak van de wallen, wordt de Molenstraat via het nieuwe Keizer Karelplein de belangrijkste toegang tot het oude centrum. Naast de nodige horeca, verandert zij bovendien in winkelstraat. De stijl is de op dat moment moderne Art Nouveau, net als zo veel panden aan de Molenstraat.

Lees verder

Winkel A. Hillen

1910

Een nieuw magazijn.

In het zeer doelmatig verbouwde perceel Molenstraat no. 40 opent hedenavond de sigarenfabriek van A. Hillen te Delft (The Red Anchor Cigar Works) haar 32ste filiaal. Dit nieuwe magazijn- de in 1870 opgerichte fabriek heeft in talrijke plaatsen hare filialen gevestigd- staat onder leiding van den heer J.P.A.C. Weimar Schultz. Het ligt in het voornemen der firma uitsluiten eigen fabricaat sigaren te verkoopen benevens geïmporteerde havana’s en sigaretten.

De nieuwe winkle maakt een uitstekenden indruk, hetgeen voornamelijk te danken is aan den heer Hoffman alhier, die voor het schilderwerk zorgde en het interieur van het magazijn een zoogen. Imitatie Engelsch cachet gaf, hetgeen geschied is op een wijze, een vakman ten volle waardig. Fraai koperwerk, mooie modern electrische lampen, keurige spiegelkasten, dit alles wijst er op, dat tot in bijzonderheden aan de inrichting de meeste zorg is besteed.

De verbouwing had plaats onder leiding van den heer Haspels, aannemer alhier, terwijl de firma Tasche de electrische installatie heeft aangelegd.

De Molenstraat is door dit magazijn een fraai pand rijker geworden.” (PGNC 26/1/1910)

Optiekzaak P. Römer

Molenstraat 110

Op Molenstraat 110 zat jarenlang de opticien P. Römer.

Optiekzaak P. Römer, Molenstraat 110, 1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
Optiekzaak P. Römer, Molenstraat 110, 1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)

Chirurgisch-Mechanische Inrichting.

Wij waren heden in staat een kijkje te nemen in de chirurgisch-mechanische inrichting van den heer P. Römer aan de Molenstraat 110 alhier. Het ruime, helder verlichte winkelmagazijn maakt een hoogst aangenamen indruk bij het binnentreden, wanneer men de talrijke glazen vitrines met de verschillende chirurgische, orthopaedische en optische instrumenten, fijne staalwaren, verbandstoffen, brillen en pince-nez langs ziet. Achter het magazijn zijn de practische kamers voor de patiënten, wie verbanden moeten worden aangepast, ingericht met alle mogeljke gemakken. En ten slotte komt men in de fabriek, waar de noodige reparaties kunnen worden verricht en waar de installatie met motor en slijpbanken er wel op wijst, dat dit op de beste wijze en met den noodigen spoed geschiedt. Het geheel mag dan ook een inrichting worden genoemd, naar alle eischen des tijds verzorgd en waar men er op kan rekenen degelijk, solied werk te verkrijgen.” (PGNC 3/3/1903)

In ieder geval komt Römer nog voor in het adresboek van 1968.

Karel de Grote medaillon

Op de gevel is rechtsboven een opvallend goudkleurig medaillon van Karel de Grote te zijn: Studentenvereniging Carolus Magnus verkocht deze in 1923 aan winkeliers die kortingen aan studenten gaven. Meer over dit medaillon op Noviomagus (tevens bron).

De Banket & Koekbakkerij A.C. van Ooijen

Molenstraat 112

De Banket & Koekbakkerij A.C. van Ooijen, Molenstraat 112, 29/5/1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
De Banket & Koekbakkerij A.C. van Ooijen, Molenstraat 112, 29/5/1952 (Fotopersbureau Gelderland via F67349 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Molenstraat_(Nijmegen)

De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0) vd Werff architecten Pouderoyen Deur Molenstraat Plein 1944
#Nijmegen, Centrum, Plein 1944

Plein 1944

De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0) vd Werff architecten Pouderoyen Deur Molenstraat Plein 1944
De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0)

Deze pagina verzamelt reeds gepubliceerde artikelen over Plein 1944 en zal van tijd van tijd worden aangevuld.

Tijdens het bombardement van 22 februari 1944 werd een groot deel van het centrum van Nijmegen verwoest. Zo ook de Houtstraat, de Oude Varkensmarkt en de Zeigelbaan. In 1947 keurde de gemeenteraad het plan voor de wederopbouw van B. Fokkinga goed. Zijn plan was gericht op het autoverkeer; het oude stratenpatroon zou vervangen worden door een plein met rechte straten, onder andere van de Grote Markt naar het station. Het nieuwe plein zou daarbij een ontmoetingsplek worden, met winkels en recreatie, waarbij het plein zelf als parkeerplaats diende.

Daarbij is het verschil in architectuur opvallend: aanvankelijk werd er vooral aan de zuidkant gebouwd in een meer traditionele architectuur, veelal voor oude, bekende Nijmeegse zaken die tijdens de oorlog waren verwoest. Wél kwam er 2 grote, moderne gebouwen in de vorm van bioscopen Carolus en de Luxor. Beide bioscopen bestaan inmiddels niet meer: Carolus wacht al een aantal jaren op een invulling en is momenteel (november 2024/juni 2025) gekraakt. 

Bloeiend begin

Aanvankelijk was het Plein 1944 een succes. De nieuwe lunchrooms waren populair, zoals bijvoorbeeld Rutecks of American. En natuurlijk de bioscopen: maar liefst 3 bioscopen vestigden zich rond het plein.

Verbouwing

Vanaf de jaren ’70 werden auto’s steeds meer uit het centrum geweerd.

Bovendien volgde een verbouwing: onder andere doordat het plein niet meer kon worden gebruikt als parkeerplaats, werd het een kaal, leeg plein. Ook de trappen hielpen daarbij niet: het plein leek een leeg zwembad; bezoekers liepen langs de winkels en een oversteek van het plein werd nauwelijks gemaakt. Wel had het plein een belangrijke functie voor evenementen, zoals bijvoorbeeld een belangrijk plein voor de kermis, de Zomerfeesten (tegenwoordig Vierdaagsefeesten) en de wekelijkse boekenmarkt.

Afgescheiden van het plein door kiosken, lag het busstation.

Verbouwing: Een Plein voor iedereen

Rond 2010 is de architectuur van het plein aangepast: het plein moest meer besloten worden door hoogbouw en knusser worden gemaakt door het te verkleinen. Er werden appartementen gebouwd in neo-wederopbouwstijl: let op de vele balkons met het ijzeren hekwerk, de betonnen omlijstingen om de smalle kozijnen, en natuurlijk het fraaie metselwerk. Een mooi detail is dat na de vierde etage ander materiaal wordt gebruikt omdat de oorspronkelijke winkels allemaal vier etages zijn.

De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860 (GN10960 RAN)
De Windmolenpoort of Wiemelpoort (14e eeuw) , de grootste middeleeuwse stadspoort , gezien vanuit de Molenstraat in de richting van de Broerstraat ; afgebroken in 1860, 1860
(GN10960 RAN)
Beeld Jac Maris, Plein 1944 (september 2024)

Monument Gevallen Soldaten uit Nijmegen van Jac Maris Plein 1944

In 1951 vindt de onthulling van het voorlopige beeld voor de gevallen soldaten afkomstig uit Nijmegen plaats. Oorspronkelijk was dit monument een initiatief van de Nijmeegse afdeling van “Het Mobilisatiekruis” en, na de landelijke fusie, ook van de Nederlandse Bond van Oud-Strijders. Zij had behoefte had aan een monument, dat (tevens) diende als locatie om…

De winkel van Neoform/M. vd Ven: Panden aan de noordzijde: v.l.n.r. Schoenenzaak Neoform (Plein 1944 nr. 119), Cafe Restaurant Royal (Plein 1944 nr. 128) , Hotel Cafe Lunchroom American (Plein 1944 nr. 129-131) en Lunchroom Pleinzicht (Plein 1944 nr. 135), 1958 (Foto Grijpink via F32460 RAN CCBYSA)

Ontwerp van woningen en winkels hoek Augustijnenstraat Plein 1944 architect Rodenburg

Architect Rodenburg ontwerpt het complex woningen en winkels op de hoek van Augustijnenstraat en Plein 1944, welke in 1955 wordt opgeleverd.

Lucnhroom American temidden van de noordzijde van Plein 1944: Panden aan de noordzijde: v.l.n.r. Schoenenzaak Neoform (Plein 1944 nr. 119), Cafe Restaurant Royal (Plein 1944 nr. 128) , Hotel Cafe Lunchroom American (Plein 1944 nr. 129-131) en Lunchroom Pleinzicht (Plein 1944 nr. 135), 1958 (Foto Grijpink via F32460 RAN CCBYSA)

Lunchroom American Ruteck’s later Dekker van de Vegt Plein 1944 architect Rodenburg

Eind 1957 is het gat aan de noordkant van Plein 1944 opgevuld: dan opent Lunchroom American, welke veel Nijmegenaren nog zullen kennen als Ruteck’s American Lunchroom. Het ontwerp was van architect Rodenburg. In de jaren vestigde Dekker van de Vegt zich in dit pand.

Winkel in werkkleding van de firma Holla, 1961 (Nico Grijpink via F92138 RAN CCBYSA)

Holla’s Kledingmagazijn Plein 1944 architect Okhuysen

In 1952 vindt de heropening van Holla’s kledingmagazijn op Plein 1944 plaats. Het pand is gebouwd naar ontwerp van architect Okhysen. In 1921 was Holla zijn winkel, gespecialiseerd in bedrijfskleding, begonnen in de Zeigelbaan. Dit pand ging echter tijdens het bombardement van februari 1944 verloren.

De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0)

Van der Werff architecten Pouderoyen Deur Plein 1944

In 1951 heropende Van der Werff zijn winkel op de hoek van de Molenstraat en Plein 1944.

Lunchroom Pleinzicht geheel links, Architect Cornelissen: De noordwand van het plein met de winkelpanden van (v.l.n.r.) Lunchroom annex Banketbakkerij Pleinzicht (van W.P.H.A. Cornelissen, Plein 1944 nr. 135), Sigarenmagazijn H.W.R. Brans (nr. 136), Juwelier en Horloger A.J. Janssen (nr. 137), P. Jacobs Textiel en Tricotage (nr. 140), Cafetaria Centrum Expresse (van Albert en Piet Cloosterman, nr. 141), A.J. Holland Schoenenmagazijn (nr. 143), Foto A.M. Verweij (nr. 145) en Parfumerie en Bijouterie J.E. Albers (nr. 146) ; geheel rechts Boekhandel Kloosterman (op de hoek met de Broerstraat), 1954 (D955 RAN CC0)

Lunchroom Pleinzicht, later Groenen Plein 1944 architect Cornelissen

In september 1952 opent W. Cornelissen, voorheen Piet Joosten, zijn lunchroom Pleinzicht op Plein 1944 135. Het ontwerp was afkomstig van architect J.P. Cornelissen. De zaak was vrijwel op dezelfde plek herbouwt waar ongeveer 100 jaar geleden de bakkerij begon. Veel mensen zullen het pand vooral kennen van automatiek/snackbar Groenen.

Het restaurant Tai-Tong met daarnaast Bioscoop Carolus en Luxor, 9/1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CC0)

Geschiedenis Plein 1944: Herbouw Chocolaterie Biesthorst, vooral bekend als restaurant Tai-Tong, architect Veen en Braam

In 1951-1952 laat de Fa. Biesthorst haar cholaterie op Plein 1944 herbouwen op dezelfde locatie als waar ze 74 jaar voor de oorlog op de Zeigelbaan had gezeten. De architect is W. Braam van het Architectenbureau G. v. Veen en W. Braam. Veel Nijmegenaren zullen het pand vooral kennen als Tai-Tong, het tweede Chinese restaurant…

Het in aanbouw zijnde woon-winkelcomplex (opening was op 29 juni 1951) aan de westzijde van Plein 1944 met links de Doddendaal en rechts de Houtstraat, 1951 (Commissariaat van Politie afd. Fotografie via F31941 RAN CC0)

Flat Plein 1944 architect Rodenburg

Eind juni 1944 vindt een belangrijke opening voor de wederopbouw plaats: de flat aan de westzijde van Plein 1944, een gebouw voor 12 winkels en 36 woningen. Dit plein moet een belangrijk centrum voor Nijmegen worden. Rond deze dag gaan 6 van deze 12 winkels open. “Het hart van Nijmegen klopt weer!” Het gebouw is…

Plein 1944 16-17 in Juli 2019 (Google Streetview)

Plein 1944: Herbouw van Boekhandel Berkhout

In juni 1953 opent L.J.G. Krüger de nieuwe winkel van de bekende boekhandel Berkhout op Plein 1944. De boekenwinkel op de Oude Stadsgracht was tijdens de Tweede Wereldoorlog verwoest. De architect van het gebouw was G.B. Treur, die meerdere panden op Plein 1944 heeft ontworpen.

Plan tot herbouw van een slagerij met 2 bovenwoningen aan het Plein 1944 te Nijmegen voor den heer P.W. Boukes, datum tekening 14-6-1951

Geschiedenis van Paardenslagerij Boukes Plein 1944 architect Treur

In 1951 ontwerpt architect Treur de paardenslagerij Boukes, met daarboven bovenwoningen. Zijn winkel aan de Bloemerstraat werd tijdens het bombardement van 22 februari 1944 verwoest.

De panden van Cafétaria Centrum Expresse; de Schoenhandel Holland; Fotohandel Verwey; de Parfumeriezaak Albers, en een gedeelte van Boekhandel Kloosterman, 1952 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31792 RAN)

Parfumerie Albers Plein 1944 architect Rodenburg

In 1952 komt het pand van parfumerie Albers gereed. De architect hiervan was Rodenburg. Het pand van Albers aan de Houtstraat was verwoest als gevolg van het bombardement van februari 1944. Het pand welke zij vervolgens aan de Burchtstraat had betrokken ging in september 1944 in vlammen op.

Juwelier Courbois is geopend, andere panden zijn op Plein 1944 nog in aanbouw, foto 1951-1952 (J.F.M. Trum via GN15656 RAN CCBYSA)

Plein 1944: Courbois Herbouwt in 1951

Tijdens het bombardement van februari 1944 werd de winkel van juwelier Courbois verwoest. In 1951 opent hij zijn nieuwe winkel op Plein 1944 naar ontwerp van architect Goddijn

Levensmiddelenbedrijf Jansen-Hendriks

1952 Plein 1944 1

Jansen-Hendriks: De westzijde van deze straat gezien vanaf de hoek met Plein 1944. Gezien in de richting van de Bisschop Hamerstraat, 1957 (Foto Grijpink via F19687 RAN CCBYSA Auteursrechthouder N. Grijpink)

Levensmiddelen Jansen-Hendriks, architect Okhuysen

In 1952 opent de levensmiddelenwinkel Jansen-Hendriks op de hoek van Plein 1944 en de Molenstraat. De oversteek van de eerste verdieping vormt een soort galerij, een entree naar Plein 1944.

Lees verder

Drogisterij Nickel en Au bon Marche

1953 Hoek Broerstraat Plein 1944 Centrum, gesloopt

Nickel en Au Bon Marché, architect Okhuysen, 1953-1955 (JFM Trum via F42033 RAN CCBYSA)

Drogisterij Nickel en Au bon marche architect Okhuijsen

In 1953 heeft architect Okhuijsen het nieuwe pand voor drogisterij Nickel en textielzaak Au bon marché ontworpen. Daarbij is opvallend, dat de panden op het kruispunt van Plein 1944/Broerstraat/Ziekerstaat/Molenstraat min of meer een eenheid lijkt te vormen door hun hoogte, indeling en licht overhangende daken, terwijl het 4 verschillende architecten betreft.

Lees verder

Hoek Houtstraat Augustijnenstraat

Hoek Houtstraat Augustijnenstraat, 1960 ( Fa. H. ten Hoet, Nijmegen / L.R. Gerritsen via f64216 RAN CCBYSA)

Hoek Houtstraat Augustijnenstraat

In 1955 ontwerpt Okhuijsen het pand aan Plein 1944, op de hoek Houtstraat-Augustijnenstraat. De opdrachtgever is J. van Veggel sr., waarbij de aannemer de firma van der Velden en Sleenhof uit Wijchen is

Lees verder

Hoek Plein 1944 -Bloemerstraat

1956-1957 Hoek Bloemerstraat- Plein 1944 (Plein 1944 29-37)

De hoek Bloemerstraat-Plein 1944 in aanbouw: Gezien in de richting van het Luxortheater op de hoek met de Bloemerstraat en Doddendaal. Links de zuidzijde van Plein 1944 met o.a. Chinees Restaurant Tai Tong ; in het midden de bouw in 1957 van de woon-winkelflat op de hoek van Plein 1944 en de Bloemerstraat ; rechts het woon-winkelcomplex aan de westzijde van Plein 1944 met o.a. de winkel van Heijmans. 1957-1958 (J.F.M. Trum via f20209 RAN CCBYSA)
De hoek Bloemerstraat-Plein 1944 in aanbouw: Gezien in de richting van het Luxortheater op de hoek met de Bloemerstraat en Doddendaal. Links de zuidzijde van Plein 1944 met o.a. Chinees Restaurant Tai Tong ; in het midden de bouw in 1957 van de woon-winkelflat op de hoek van Plein 1944 en de Bloemerstraat ; rechts het woon-winkelcomplex aan de westzijde van Plein 1944 met o.a. de winkel van Heijmans. 1957-1958 (J.F.M. Trum via f20209 RAN CCBYSA)

Architect Okhuysen ism Vermeer en Herwaarden. Lees hier het artikel:

Verloren Toren

De vondst van de 'Verloren Toren' aan de zuidzijde, voor de Bioscoop Carolus, tijdens de vernieuwing en herinrichting van het plein, Plein 1944, 2010-2013 (Nico van Hoorn via DF5481 RAN CC0)
De vondst van de ‘Verloren Toren’ aan de zuidzijde, voor de Bioscoop Carolus, tijdens de vernieuwing en herinrichting van het plein, Plein 1944, 2010-2013 (Nico van Hoorn via DF5481 RAN CC0)
Markering Verloren Toren, Plein 1944 (juni 2025)
Markering Verloren Toren, Plein 1944 (juni 2025)

Bij rioolwerkzaamheden van 2011 kwam vlak voor het Carolus pand een verrassing aan het licht: een middeleeuwse toren die nog niet bekend was. Waarschijnlijk maakte deze toren onderdeel uit van de stadsmuur die tussen 1400 en 1425 is gebouwd.

De vondst is enkele meters verplaatst, waarbij ze nu te zien in de huidige fietsenkelder. Daarnaast is er een markering aangebracht waar de toren oorspronkelijk heeft gelegen.

Bron: https://architectenweb.nl/nieuws/artikel.aspx?id=25276

De verloren toren in de fietsenstalling onder het plein, Plein 1944, 2014 (Jan Eichelsheim via DF2251 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
De verloren toren in de fietsenstalling onder het plein, Plein 1944, 2014 (Jan Eichelsheim via DF2251 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Plein_1944

https://www.intonijmegen.com/locaties/4008528790/plein-1944

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Plein_1944

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/boulevard-van-verdwenen-zaken-geen-autos-chinees-en-telefooncel-meer-op-plein-44~ac76868e/

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/romeinse-weg-en-voorpoort-gevonden-centrum-nijmegen~ac102c01/

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/weer-verrassende-vondsten-rond-plein-1944~a2cb7e85/

http://www.jacsplinter.nl/woordenboek.asp?letter=p#173

https://nijmegen.nieuws.nl/knipsels/misschien-wordt-plein-1944-dit-jaar-nog-veilig

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Opgravingen_Plein_1944

Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor. Het Carolus Theater is nu een gemeentelijk monument, waarvan de gevel onder de beschermde stadsgezichten valt, en wordt nog altijd als bioscoop geëexploiteerd. Luxor is gesloten, de toekomst van het gebouw is onzeker.
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Carolus Bioscoop, monument van de wederopbouwarchitectuur, architect van Vreeswijk

1953-1954 Plein 1944 28 Centrum, Gemeentelijk Monument

Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor, september 1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CCO)
Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor, september 1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CCO)

Het was lange tijd een van de trotste gebouwen van Nijmegen: de Carolus Bioscoop. Geopend in 1954, was het een van de belangrijkste voorbeelden van de Nijmeegse wederopbouw. De architect was Henri van Vreeswijk, bekend om zijn akoestische kennis.

De opening van de Carolus Bioscoop vond plaats op 26 augustus 1954. Op 30 juli 2022 sloot hij, als oudste nog bestaande bioscoop van Nijmegen. Bij sluiting had hij 2 zalen met een capaciteit van 561 stoelen.

Opvolger van Chicago Bioscoop

Zaal van de medio 1912 geopende en door het bombardement van 22 februari 1944 verwoeste bioscoop Chicago, Broerstraat 40, 1912-22/2/1944 (GN11189 RAN)
Zaal van de medio 1912 geopende en door het bombardement van 22 februari 1944 verwoeste bioscoop Chicago, Broerstraat 40, 1912-22/2/1944 (GN11189 RAN)

De oprichter was de N.V. Theater Maatschappij van de Nederlandsche Bioscoop Trust. Bij het pannenbier was de naam nog niet bekend, uiteindelijk werd het aanvankelijk het Carolus Theater.

Voor de oorlog had Nijmegen 4 bioscopen. De Chicago bioscoop- , waarvan de Carolus bioscoop de vervanger was – en City gingen verloren tijdens het bombardement op 22 februari 1944. Olympia en Luxor werden tijdens Market Garden (17 tot met 21 september 1944) in brand gestoken. Alleen de Vereeniging bleef als bioscoop, sinds 1927 was zij ook films gaan vertonen. De Trust was eigenaar geweest van de Chicago bioscoop. In 1948 gaf zij aan H. van Vreeswijk opdracht tot het ontwerp van de nieuwe bioscoop.

Lees hier over de Chicago Bioscoop:

Op 26 mei 1953 verleende B en W vergunning om aan de zuidwand van Plein 1944 een bioscoop te bouwen.  Deze ging op vrijdag 27 augustus 1954 open, met de film Roman Holiday. “Bij de aanleg van Plein 1944 werd de bioscoop gezien als een sieraad voor het culturele leven van Nijmegen.”  (Wikipedia)

Plein 1944

De bioscoop kreeg een plek in de aaneengesloten bebouwing aan de zuidkant van Plein 1944.

Tijdens de wederopbouw zou Plein 1944 de nieuwe ontmoetingsplaats moeten worden. Bezoekers konden met de auto komen en deze op het plein parkeren. Rondom het plein waren uitgaangelegenheden gepland – naast Carolus zou ook Luxor (op de hoek van de Bloemerstraat en Doddendaal) en Centrum (Houtstraat) zich hier vestigen.

De bioscoop

Oorspronkelijk was er maar 1 zaal. Deze moest klasse en luxe uitstraling hebben, met bijvoorbeeld comfortabele stoelen. Met een goed beeld en geluid. Voor het beeld beschikte Carolus over het hypermoderne “Variform-systeem” en had het de beschikking over 4 projectoren.

Gevel

De bioscoop is gebouwd in “modernistische wederopbouwarchitectuur”.  Het eerste wat opvalt is de grote glazen gevel, met daartussen betonnen pijlers, welke zijn uitgewassen in Franse kalksteen. Aan beide kanten staat in een halfronde nis een vlaggenmast, waarop oranje-rode neon verlichting was gemonteerd. Het gebruik van moderne materialen als glas, beton, staal en aluminium is een van kenmerken van de modernistische wederopbouwarchitectuur. Ook de transparantie die daarmee wordt bereikt en de hoge vide is kenmerkend voor de bioscooparchitectuur van de jaren 50.

De gevel van het pand is bekleed met geglazuurde gres-tegels. (Gres is net als aardewerk en porselein gemaakt van klei en zit qua eigenschappen tussen beide in. Een bekend voorbeeld zijn de oude, oranje rioolbuizen). Dit moest de glamour van films nabootsen.

Onderaan de nissen waren vitrines met reclame. Op dat moment bestond de ingang uit 6 deuren met daartussen kolommen. De kaartverkoop was binnen.

Boven de ingang was een betonnen luifel en een lichtbak, waarop de films werden aangekondigd. Bovenop het gebouw stond de naam Carolus theater in blauw-gele neonletters. Hierbij had de C een kroontje bovenop, een verwijzing naar de keizer Karel de Grote oftewel Carolus Magnus. ’s Avonds viel de vele verlichting goed op. Daarbij had van Vreeswijk geprobeerd reclame samen te laten gaan met architectuur.

Binnen

Bioscoopzaal Carolus, 1960 (Nico Grijpink via F31813 RAN CC BY-SA)
Bioscoopzaal Carolus, 1960 (Nico Grijpink via F31813 RAN CC BY-SA)

Als de bezoeker binnenkomt, valt meteen de grootte van de foyer op: het was dan ook de bedoeling om de bezoeker te overweldigen. Een aantal kenmerken waren de rode vloerbedekking en de grote vitrines aan de zijkanten, waar filmposters en dergelijke hingen.

Het opvallende aan de zaal was het blauwgeverfde plafond met uitsparingen voor de verlichting in de vorm van sterren. Deze sterren waren naast basisverlichting een verwijzing naar de sterren op het doek. Ook tijdens de voorstelling bleef deze verlichting -zeer zwak- aan.

In het ontwerp was er veel aandacht voor de akoestiek: het plafond was in een zogenaamde “ojief” vorm, oftewel in de vorm van 2 gespiegelde, wat uitgerekte letters S. Ook de betimmering van de wanden met mahoniehout en de bedekking met gecapitonneerd kunststof doek versterkte de akoestiek.

Tijdens de bouw werd het Cinemanscope beeldformaat in Nederland geïntroduceerd. Daardoor moest de bouw van het doek aangepast worden van 6 bij 4,2 meter naar 10 bij 4,2 meter.

Kunstwerk

Een van de kenmerken van de wederopbouwarchitectuur is het samengaan van architectuur met kunst. De glaskunstenaar S. de Graaf heeft 3 gezandstrale glaspanelen voor deze bioscoop ontworpen: in de koepel van de foyer hing een spiegel met tekens van de dierenriem. Bij de ingangen van de zaal waren glaspanelen van de Valkhofburcht en Keizer Karel op jacht.

2e zaal

In 1977 kreeg de Carolus een tweede zaal, onder de grote zaal. Onder andere doordat steeds meer mensen televisie kregen, daalde het bioscoopbezoek vanaf halverwege de jaren ’60. Carolus koos ervoor om als reactie hierop een kleinere zaal bij te bouwen, voor 166 stoelen.

Verbouwing 1991

In 1991 vond een maandenlange verbouwing plaats. Van buiten werd de voorgevel verbouwd. Onder andere kwam in de plaats van de middelste dubbele toegangsdeur een venster. Daarnaast werd de luifel en de lichtreclame boven de entree aangepast en de naam Carolus  op de dakrand werd vernieuwd.

Ook van binnen vond een grote verandering plaats, zowel qua inrichting als aankleding. Waaaronder een compleet nieuwe kassa en een vergrootte bar. De glaskunstwerken zijn verwijderd; alle verwijzingen naar Carolus Magnus zijn verdwenen.

Henri van Vreeswijk

Henri van Vreeswijk (Rotterdam, 30 mei 1906 – Zeist, 21 december 1974) was een Nederlandse architect.

Zijn vader was Adrianus Ægidius Samuel van Vreeswijk, timmerman en bouwkundig tekenaar in Rotterdam, zijn moeder Ottolina Gerarda Pannekoek. Hij studeerde bouwkunde aan Technische Universiteit Delft, waar hij in 1928 zijn diploma haalde. In 1929 vestigde hij zich als architect in Voorburg. In 1931 trouwde hij met Jenny Lowis (overleden 1 april 1983). Zij kregen 1 dochter.

Loopbaan

Zijn eerste grote opdracht was de verbouwing van het Rembrandttheater in Utrecht (opgeleverd in 1933). Daarbij verbreedde hij de zaal van 12 naar 21 meter. Dit was vooral een technisch vraagstuk, waar van Vreeswijk goed in was. Ook besteedde hij veel aandacht aan de akoestiek. De recensent van Architectura was minder blij met de gevel: “De gevel aan de Oude Gracht blijft ver achter bij de sfeer van het interieur. Hij mist bepaald de kwaliteiten daarvan, doet nuchter aan en misstaat totaal in het stadsbeeld, dat er daar aan de Oude Gracht rondom de brug werkelijk vreeselijk begint uit te zien.”.

Hij zal vooral bekend worden om zijn werk als akoestisch adviseur en als architect voor de bouw en verbouw van bioscopen en theaters. Wanneer van Vreeswijk de Carolus ontwerpt, heeft hij daarvoor al meerdere bioscopen gebouwd en verbouwd. Daarnaast ontwierp hij tevens huizen. In 1939 werd hij partner met J. en Th.F. Stuivinga. Hij verhuisde naar Zeist, waar het bureau was gevestigd.

Intussen was hij in 1938 donateur van de NSB geworden, waarvan hij in 1940 officieel lid zou worden. Mede daardoor werd hij in 1943 benoemd tot directeur van de Provinciale Planologische Dienst in Utrecht. Na de oorlog werd in 1945 ontslagen en zat hij 3 jaar vast. Na zijn vrijlating vestigde hij zich als raadgevend ingenieur voor gewapend betonwerken en akoestische vraagstukken in Zeist. Daarop kreeg hij weer grote opdrachten, waaronder die van Nijmegen en in Amsterdam in de Westelijke Tuinsteden.

Werk

Uit de jaren 1930 tot en met de jaren 1950 zijn diverse (ver)bouwplannen van Van Vreeswijk bekend voor Nederlandse bioscopen en theaters. Daartoe behoren:

•              Rembrandt (Utrecht, ca. 1933)

•              een tweede Cineac-theater te Den Haag (ca. 1937)

•              Cineac (Damrak, Amsterdam, ca. 1937)

•              Capitol te Amsterdam (ca. 1937)

•              de Spoorbio (Utrecht, ca. 1942)

•              Bioscoop Carolus (Nijmegen, ca. 1953).

•              Calypso-theater (Amsterdam, 1955)

•              Kurhaus-theater (Scheveningen, 1959)

•              Bioscoop Cinema (Groningen, 1959): : een vrijwel identiek beeld als de Carolus bioscoop van Nijmegen

Vervolg

voormalige Carolus bioscoop, oktober 2023
Voormalige Carolus bioscoop, oktober 2023

Ook na 1991 vonden een aantal moderniseringen plaats.

In 2017 is er sprake om het Calypso theater aan de Tweede Walstraat te verbouwen naar een groot bioscoopcomplex door het Vue-concern. Het Vue-concern is naast het Calypso theater tevens eigenaar van de Carolus bioscoop. De gemeente gaat akkoord, op voorwaarde dat de Carolus bioscoop sluit, om te voorkomen dat er te veel bioscoopstoelen in Nijmegen komen.

De Carolus bioscoop sterft uiteindelijk een vrij stille dood. Allereerst zijn er de corona-jaren, waardoor er anderhalf jaar geen films te zien waren. Daarna heeft het Vue-concern vooral aandacht voor het nieuwe complex, welke in2021 is geopend. Het definitieve einde is eind juli 2022, wanneer het huurcontract afloopt.

Gekraakt en klimhal?

Rond april/mei 2024 is de voormalige bioscoop gekraakt door krakersgroep Jantien. De nieuwste ontwikkeling op het moment van schrijven (juni 2025) zijn de plannen voor aanleg van een boulderbaan (klimhal)

Bron: https://www.rn7.nl/nieuws/artikel/krakersgroep-nijmeegs-jantien-starten-boycot-tegen-klimhal-in-oude-bioscoop-onze-vrije-ruimte-wordt-een-geldmachine

Monument

Het gebouw is een gemeentelijk monument. Als waardering:

“Bioscoop ‘Carolus’ is van algemeen cultuurhistorisch belang als bijzondere uitdrukking van de

herrijzenis van het commerciële hart van Nijmegen na de verwoestingen aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Meer specifiek is het een uitdrukking van de vroeg naoorlogse vrijetijdsbesteding waarin de filmwereld (bij gebrek aan televisie) sterk tot de verbeelding sprak.

Kenmerkend voor de typologische ontwikkeling van de bioscoop is de afstemming van de architectuur op de beleving van de bezoekers: glanzende materialen, kleurrijke verlichting en een moderne uitstraling met frisse kleuren maakt het bioscoopbezoek tot een feestelijke aangelegenheid. De interieurafwerking van de bioscoop is in de loop der jaren gemoderniseerd. De niet-oorspronkelijke elementen vallen buiten de bescherming.

Het gebouw is van architectuurhistorische waarde als goed en redelijk gaaf voorbeeld van modernistische wederopbouwarchitectuur in Nijmegen. De transparante en hoge hal en het materiaalgebruik zorgen voor een theatraal effect dat kenmerkend is voor de bioscooparchitectuur uit de jaren vijftig. Vooral ’s avonds trekken de kleurrijke lichtreclames langs de gevel en op het dak van ver de aandacht. Binnen is de ruimtelijke indeling gewijzigd maar in hoofdopzet herkenbaar. In de grote zaal is het het gewelfde plafond met ‘sterrenhemel’ bewaard gebleven. Het pand is een representatief voorbeeld van architect H. van Vreeswijk uit Zeist die ook elders in het land bioscopen heeft gebouwd.

De voorbouw van de bioscoop is van stedenbouwkundig belang als beeldbepalend onderdeel van een aaneengesloten vroeg-naoorlogse pleinwand. Als onderdeel van drie (voormalige) bioscopen uit de wederopbouwperiode rond Plein 1944 vormt het een bijzondere uitdrukking van de toenmalige idee om van dit plein hét vermaakcentrum van Nijmegen te maken. De (neon)reclames vervullen een cruciale rol in de visuele beleving van het plein. Het gebouw is bovendien een essentieel onderdeel van een aaneengesloten en op samenhangende wijze tot stand gekomen wederopbouwensemble dat als beschermd stadsbeeld van grote cultuurhistorische waarde is als belangrijk en hoopvol ijkmoment in de Nijmeegse stadsgeschiedenis.”

Krantenartikel PGNC

Eind december 1953 plaatst het PGNC een uitgebreid artikel over de nieuwe bioscoop naar aanleiding van het pannenbier:

Nieuwe bioscoop op het Plein 1944 vermoedelijk in April afgebouwd; Opening kort daarna

Vandaag waait de vlag op het dak van de bioscoop, welke op Plein 1944 in aanbouw is en er wordt pannenbier gedronken op het werk. Naar alle waarschijnlijkheid, wind en weder dienende, zal het Bouwsyndicaat Nederland te Den Haag, de aannemer die deze cinema bouwt, het werk in de loop van de maand April a.s. kunnen opleveren, waarna dan binnen een termijn van een week de opening kan volgen. De nieuwe bioscoop zal zeshonderd plaatsen tellen; het wordt een min of meer luxueus theater, met ruime zetels. De architect Ir. H. van Vreeswijk, die meerdere bioscopen heeft gebouwd in ons land, heeft gestreefd naar een knus, gezellig theater, met warmte en behagelijkheid.

De Nederlandse Bioscoop Trust is de eigenaar van deze nieuwe bioscoop op Plein 1944, welke het vroeger Chicago theater in de Broerstraat zal vervangen. Het staat nog niet vast welke naam de bioscoop zal krijgen, – dit zal van de exploitant afhangen. Het is namelijk zo dat de Ned. Bioscoop Trust, die ook eigenaar is van drie bioscopen in Den Haag, een in Utrecht en een in Groningen, niet zelf de exploitatie verzorgt. Het staat evenwel vast dat de oude naam “Chicago theater” niet zal terugkeren, evenmin als dit met de naam van “Olympia Bioscoop” het geval zal zijn. Er wordt druk gewerkt aan de plannen voor de voorbereiding van deze tweede bioscoop, zonder dat deze al een definitieve vorm hebben aangenomen. Binnenkort zal ook hierin een beslissing komen.

Wat de apparatuur betreft, kan van de nieuwste vindingen in de bioscoop op Plein 1944 worden gebruik gemaakt. Met de inrichting van de cabine, zowel als met het scherm, is daar rekening mee gehouden. Maar bovendien zal men de traditionele film kunnen draaien; het ligt in de bedoeling om bij de opening niet de drie-dimensionele film, maar de gebruikelijke film te vertonen.

Ook wat het geluid aangaat is er in voorzien dat de nieuwste vinding, indien dit wenselijk is, in praktijk kunnen worden gebracht.

De gevel

De rondingen die men aan de gevel ziet aangebracht, zullen worden betegeld door de Porseleinen Fles, Beneden kom een grote vitrine voor de filmreclame; daarop komt in elk van de rondingen een vlaggestok. Aan de binnenkant van deze vlaggestok wordt een neonbuis aangebracht voor de verlichting van de gevel.

Komt men van buiten het bioscoopgebouw binnen, dan komt men via een parterre in een hall terecht, waarna men in een wachthall komt. Hier is ruimte voor een gehele zaalbezetting, die wil wachten op de volgende voorstelling.

De bezoeker komt via een centraal punt de zaal binnen om zich vandaar naar de plaatsen te begeven. De uitgangen zijn aan de zijde van de Piersonstraat, waar ook en gelegenheid zal komen voor fietsenstalling. De zaal van de bioscoop wordt 20 meter breed en 25 meter lang; de voorhall krijgt een afmeting van 12½ bij 10 meter.

Door de lichtwerking van het plafond zal de lengtewerking van de zaal worden versterkt.

Het ligt in de bedoeling om zowel middagvoorstellingen als twee avondvoorstellingen te geven in de nieuwe bioscoop, die uitsluitend als zodanig zal worden ingericht. Bij bijzondere gelegenheden zullen ook cineac-voorstellingen worden gegeven.

De heren D. Siem Sr. En Mr. D. Schuur van de Nederlandse Bioscoop Trust, die vanmorgen bij het “pannenbier”-feest aanwezig waren, zijn zeer te spreken over de wijze waarop de nieuwe bioscoop wordt gebouwd en over de voortgang van de werkzaamheden.” (De Gelderlander 17/12/1953)

Bronnen en verder lezen

Carolus, Wikipedia

Iconische Nijmeegse bioscoop Carolus definitief dicht, megapand verandert in horecazaak, Mitchel Suijkerbuijk in De Stentor, 30-7-22 (link april 2024)

https://www.destentor.nl/nijmegen/iconische-nijmeegse-bioscoop-carolus-definitief-dicht-megapand-verandert-in-horecazaak~a9f61cab/

Concurrentiestrijd om bioscoopstoelen in Nijmegen, De Ondernemer, 3 maart 2017 (link april 2024)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Steengoed

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ojief

Winkelpand Gebrs. A. Canta Amsterdam Nijmegen aan de zuidzijde van de Grote Markt (op deze plek staat tegenwoordig het pand van Vroom & Dreesmann). Links de sigarenzaak van C. van Steensel op de hoek met de Broerstraat, 1900-1902 (F39266 RAN)
#Nijmegen, Broerstraat, Centrum, Gebouw van de dag, Grote Markt

Gebroeders Canta

Winkelpand Gebrs. A. Canta Amsterdam Nijmegen aan de zuidzijde van de Grote Markt (op deze plek staat tegenwoordig het pand van Vroom & Dreesmann). Links de sigarenzaak van C. van Steensel op de hoek met de Broerstraat, 1900-1902 (F39266 RAN)
Winkelpand Gebrs. A. Canta Amsterdam Nijmegen aan de zuidzijde van de Grote Markt (op deze plek staat tegenwoordig het pand, de vroegere Vroom & Dreesmann). Links de sigarenzaak van C. van Steensel op de hoek met de Broerstraat, 1900-1902 (F39266 RAN)

In 1888 openen de Gebroeders Canta hun winkel in schrijfwaren en galanteriën aan de Grote Markt.

Op 6-8-1888 richten Arnoldus Hendricus en Antonius Wilhelmus Albertus Canta de vennootschap “Gebr. A. Canta” op, “tot het uitoefenen van den handel in Kantoor-, Schrijf en Teekenbehoeften”. Daarbij worden ze winkeliers, wonenende te Nijmegen genoemd. De acte wordt gepasseerd bij een notaris, A.C. van Wijngaarden, in Rotterdam. De vennootschap wordt opgericht per 1-8 met de deur van 5 jaar en 5 maanden – dus tot eind december 1893. (PGNC 8/8/1888) Op dat moment hebben ze al een winkel in Rotterdam.

Zij zullen dan het J.B. Möller, Magazijn van Schoenen en Laarzen hebben overgenomen. Möller had voor zijn opening in Nijmegen al winkels in Amsterdam en Arnhem (PGNC 31/5/1885). In De Gelderlander 25/3/1888 kondigt Möller de “Finale verkoop” aan en in De Gelderlander 10/6/1888 staat de advertentie dat de winkel op de Groote Markt 36 op 12 juni wordt gesloten. Daarbij wordt de winkel verplaatst naar “Broerstraat No. 5 bij de Groote Markt”, welke een dag later -13 juni- open gaat.

Opening Gebr. A. Canta: “blijken van vooruitgang”

Advertentie Gebroeders A. Canta (De Gelderlander 11/10/1888)
Advertentie Gebroeders A. Canta (De Gelderlander 11/10/1888)
Advertentie Gebr. Canta (PGNC 31/3/1889)
Advertentie Gebr. Canta (PGNC 31/3/1889)

Wanneer de Gebroeders Canta hun winkel in 1888 in Nijmegen openen, is er juist een aantal jaren daarvoor een grote verandering aan de gang: de opkomst van winkelstraten. Winkels worden groter en een aantal straten ( vooral Grote Markt, Broerstraat, Burchtstraat) die voorheen qua functie gemengd waren, worden echte winkelstraten.

“Hoewel menigeen het denkbeeld was toegedaan, dat onder de groote uitbreiding die onze stad in de laatste jaren onderging, de binnenstad zou moeten lijden en de waarde der huizen daar zeer zou verminderen, blijkt dit hoe langer hoe meer niet het geval te zijn. Integendeel met elken dag ziet me in de hoofdstraten blijken van vooruitgang. Ieder doet zijn best zijn bestaande inrichting te verbeteren of uit te breiden, terwijl telkens nieuwe magazijnen worden geopend, die aan de thans zoo hoog opgedreven eischen des tijds voldoen. Zoo werd weer gisterenavond op de Markt een nieuw magazijn geopend door de heeren Gebr. A. Canta, dat ruim voorzien is van kantoor-, schrijf- en teekenbehoeften, fantasie-papieren, lederwerken, luxe-artikelen, reis- en toiletbenoodigdheden, enz. enz. – Al deze voorwerpen zijn zoowel in de winkelkasten als in het magazijn zoodanig tentoongesteld, dat men spoedig een overzicht van het geheel krijgt en als het ware tot koopen wordt uitgelokt. Daar ook de prijzen niet te hoog zijn gesteld, zullen zekere de heeren Canta zich spoedig alhier, evenals te Rotterdam, in eene gevestigde cliënteele kunnen verheugen.” (PGNC 16/8/1888)

In haar artikel ten behoeve van Sinterklaas noemt PGNC 30/11/1890 “Talrijke eenvoudige, practische en sierlijke zaken zijn er uitgestald, ook op de bovenzaal, waar men een groote keuze fantasiemeubeltjes vindt.”

1891 “Passage-Magazijn”

“Wanneer eene stad vooruitgaat, zooals de onze, gebeurt het bijna zonder ophouden dat er een nieuw magazijn bij komt of dat een reeds bestaand wordt verfraaid en uitgebreid. Wij kunnen daarvan niet voortdurend melding maken, hoewel elke poging door onze neringdoende ingezetenen aangewend om de stad te verfraaien lof verdient. Voor de verbetering door de heeren Gebr. Canta aan hun Magazijn aangebracht mogen wij echter eene uitzondering maken, omdat die een eigenaardig karakter heeft. Dit Magazijn, tot heden toe alléén toegang hebbende aan de Markt, werd in verbinding gebracht met een tweede Magazijn aan de Broerstraat, waar een tweede ingang werd gemaakt en een ruime uitstalkast gelegenheid aanbiedt voor een fraaie etalage. Terecht mag daarom deze practische winkel voortaan den naam van “Passage-Magazijn” voeren.” (PGNC 1/9/1891).

In Paradisum spreekt tevens van een verbouwing in 1897: “De zaken lopen goed en dat resulteerde in een grote verbouwing en vergroting van de winkel annex magazijn. De heropening vond plaats op 27 juni 1897 en gelet op de grote belangstelling hebben de gebroeders Canta een nieuw bewijs geleverd van goede smaak en ondernemingsgeest.”

Vervolg

Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910: Een gedeelte van de zuidgevel van de Grote Markt : V.l.n.r. Grote Markt 1 (sigarenzaak C. van Steensel) , Grote Markt 2 (Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann) en Grote Markt 3 (C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen) ; links de hoek met de Broerstraat, 1910 (F14223 RAN)
Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910

Uit de acte van 16-12-1897 blijkt, dat de vennootschap alleen nog zal verblijven bij Antonius Wilhelmus Albertus. Wel is bij het opnemen van gelden of het verstrekken daarvan en het aangaan van borgtochten de handtekening van beide nodig.

Op 3-12-1900 wordt de vennootschap ontbonden, waarbij bepaald wordt dat Arnoldus Hendricus de zaak onder dezelfde naam zal voortzetten.

De exacte datum wanneer de winkel aan de Groote Markt (hernummerd van 36 naar nummer 2) door Vroom & Dreesmann gekocht wordt om als haar 2e winkel dienen, is nog niet bekend. Wel opent de Zon van Vroom & Dreesmann hier haar winkel in 1900, die dient als mantel- en stoffenzaak.

Ook wanneer de winkel aan de Broerstraat precies sluit is nog niet bekend, wel dat in augustus 1901 boekhandel Wildenbeest opent in het voormalige pand van Canta.

Op 13-8-1903 wordt Arnoldus Hendricus, handelend onder de firma Gebr. A. Canta, failliet verklaard. Op 31-7-1904 wordt het faillissement beëindigd.

(Overige) Bronnen en verder lezen

Gebroeders Canta, ondernemers in galanterieën, In Paradisum, met een uitgebreid verhaal over Canta en het graf

Gezicht op hotel Hof van Brabant, Korenmarkt, 1906-1912 (F2890)
#Nijmegen, Benedenstad, Gebouw van de dag

Hof van Brabant

Korenmarkt 8 (gesloopt)

Gezicht op hotel Hof van Brabant, Korenmarkt, 1906-1912 (F2890)
Gezicht op hotel Hof van Brabant, Korenmarkt, 1906-1912 (F2890)

Op de Korenmarkt zaten de nodige horecagelegenheden, waarvan het Hof van Brabant mogelijk de bekendste was. Na verloop van tijd was er een terras, met een prachtig uitzicht op de Waal. En er waren kegelwedstrijden, rond 1900 zeer populair.

In augustus 1855 heeft J. Hendriks het Hof van Brabant geopend, “voortijds de drie Brabanders, op de Koornmarkt” door het huis de Korenbeurs bij zijn logement te betrekken.

Advertentie Hof van Brabant, Korenmarkt (PGNC 25/8/1855)
Advertentie Hof van Brabant, Korenmarkt (PGNC 25/8/1855)

In het Adresboek 1878-1881 staat nog een “J. Hendriks, Logementhouder, Korenmarkt D. 320” vermeldt.

Advertentie Hof van Brabant (De Gelderlander 29/4/1888)
Advertentie Hof van Brabant (De Gelderlander 29/4/1888)

Tot hoe lang Hendriks eigenaar is geweest, is nog niet bekend. In ieder geval wordt in De Gelderlander 29/4/1888 de advertentie van G.A. den Toom gevonden als eigenaar.

Een soortgelijke advertentie is tevens te vinden in De Gelderlander 31/3/1889.

J.L. Godschalk

Hotel Godschalk van ouds Hof van Brabant (PGNC 14/6/1892)
Hotel Godschalk van ouds Hof van Brabant (PGNC 14/6/1892)

Een aantal jaren later is J.L. Godschalk de eigenaar: dan noemt hij zich Hotel Godschalk, van ouds Hof van Brabant (PGNC 14/6/1892).

In februari 1895 wordt het kegelconcours op zijn baan gehouden. Godschalk looft daarbij de medaille uit voor degene die in de korpswedstrijd het hoogst aantal punten heeft behaald. Uit het artikel blijkt bovendien dat “De lokaliteiten van het Hof van Brabant, onlangs door verbouwing, op practische en smaakvolle wijze uitgevoerd”. (PGNC 22/2/1895).

Eind 1895 is er weer sprake van een verbouwing: “Het hotel Hof van Holland, Korenmarkt alhier, heeft onder zijn nieuwen eigenaar, den heer Godschalk, reeds vele inwendige verbeteringen ondergaan, welke getuigen van het streven van den eigenaar, om het zijnen bezoekers zoo aangenaam mogelijk te maken. Thans zijn de lokaliteiten weder vernieuwd, waarvoor de heer G. geen kosten gespaard heeft. In een der lokalen vindt men een flinke kegelbaan, waarop morgen en overmorgen wedstrijden zullen plaats hebben, waarvan de bijzonderheden in eene advertentie in dit nummer vermeld zijn. Wij gelooven wel, dat menigeen eens een kijkje zal gaan nemen in het hotel, waar de consumptie niets te wenschen overlaat.” (PGNC 14/12/1895)

In de loop der jaren zullen nog geregeld kegelwedstrijden voorbijkomen (bijvoorbeeld PGNC 16/2/1898).

Verbouwing

Hotel "Hof van Brabant"; gezicht vanuit het Hotel op de rivier de Waal. Hierbij een gedicht van B. ter Haar, Korenmarkt, 1900-1904 (F29225 RAN)
Hotel “Hof van Brabant”; gezicht vanuit het Hotel op de rivier de Waal. Hierbij een gedicht van B. ter Haar, Korenmarkt, 1900-1904 (F29225 RAN)

“Wij hebben het al eens meer opgemerkt, dat de eigenaar van het Hôtel en Café-Restaurant de heer J.L. Godschalk een ondernemend man is, die zijne inrichting op de hoogte van zijn tijd houdt. Met het oog op het steeds drukker worden vreemdelingenverkeer in onze stad wordt hier, misschien meer dan elders, de aandacht gewijd aan het hôtel-wezen. Er kunnen heel wat vreemden in het drukke seizoen op behoorlijke wijze onderdak worden gebracht. De toeloop van het van ouds-bekende Hof van Brabant maakte uitbreiding gewenscht en de heer Godschalk heeft van den kalmen wintertijd geprofiteerd om zijn hôtel aanmerkelijk uit te breiden en te verfraaien. Op de eerste étage werd een groote, gezellig ingerichte zaal gebouwd, die zich uitstekend voor feestelijkheden van allerlei aard zal leenen; zij komt uit aan een groot balcon, langs de geheele breedte van het pand, waar men een aardig zitje heeft.

Gezicht op benedenstad van Nijmegen, op rivier de Waal en Ooypolder vanaf het terras van Hotel Hof van Brabant aan de Korenmarkt, 1900 (R. Mulder Mzn via F52131 RAN)
Gezicht op benedenstad van Nijmegen, op rivier de Waal en Ooypolder vanaf het terras van Hotel Hof van Brabant aan de Korenmarkt, 1900 (R. Mulder Mzn via F52131 RAN)

Daarboven en daarachter heeft men de logeerkamers, frisch en luchtig en zeer net gemeubileerd. Ook is voor de veiligheid der logés uitstekend zorg gedragen; elke corridor voert naar een groot plat, aan de achterzijde van het gebouw, van waar men met brandladders naar beneden komt. Een prachtig panorama geniet men hier over de Waal en de Betuwe. Het geheele gebouw is voorzien van electrische schellen -aanleg van den heer Bunte alhier- en van die gemakken, welke men in een hôtel van den tegenwoordigen tijd mag eischen. De verbouwing geschiedde door den heer W.H. Thunnissen alhier, die eer van zijn werk heeft.

Morgen wordt, bij de prijsuitdeeling van de dezer maand in het Hof van Brabant gehouden kegelconcoursen, de nieuwe zaal ingewijd en zullen velen zeker met ons de flinke inrichting prijzen.

Het terras van Hotel Café Restaurant "Hof van Brabant" met vergezicht, 1910 (F29265 RAN)
Het terras van Hotel Café Restaurant “Hof van Brabant” met vergezicht, 1910 (F29265 RAN)

Iets wat bijna eene Nijmeegsche bijzonderheid zouden noemen, zagen wij in de benedenzaal, die als café dienst doet. Daar toch heeft onze talentvolle stadgenoot, de heer G. Frohwein, in den vorm van tegeltjes, een groot aantal gezichten op oud- en nieuw Nijmegen aangebracht. Het is als ’t ware een stukje geschiedenis in beeld van onze stad- dat menig vergeten stadsgedeelte in herinnering brengt en alléén reeds een bezoek aan het café waard is.” (PGNC 23/4/1899) Het schilderwerk blijkt echter niet van Frohwein, maar van W.C.J. Hofman te zijn (PGNC 25/4/1899)

Komende jaren zullen er regelmatig advertenties verschijnen van vergaderingen bijeenkomsten. In december 1900 (PGNC 5/12/1900) wordt na een kegelconcours een “weêr een andere wedstrijd gehouden, en een flobert-wedstrijd”; oftewel een schietwedstrijd, een flobert is een soort karabijn.

Ook vinden er repetities en vergaderingen plaats, bijvoorbeeld van:

  • Repetitie Het Nijmeeg’s Mannenkoor (De Gelderlander 24/3/1904)
  • Repetitie Mannenkoor “Noviomagum (PGNC 23/8/1905, De Gelderlander 22/11/1906)
  • Repetitie Mannenzangvereeniging “St. Ceacilia (De Gelderlander 18/3/1906)
  • Vergadering Frysk Selschip (PGNC 23/9/1906)

J. Mulder

In PGNC 23/9/1906 wordt daarbij “In ‘t Hof van Brabant bij den heer J. Mulder” genoemd. Wanneer hij het hotel heeft overgenomen, is mij nog niet bekend. In het brievenhoofd van een notitie uit 1907 is het: “Familie- en Reizigers-Hotel Mulder (voorheen Godschalk) “Hof van Brabant”

In ieder geval opent J.L. Godschalk samen met zijn in 1910 de Karseboom (wederom met kegelbaan).

Vergaderingen en repetities blijven (onder andere De Gelderlander 14/4/1907, De Gelderlander 1/10/1907, PGNC 5/4/1908, PGNC 19/11/1908). En is er in ieder geval begin 1909 een kegelconcours (De Gelderlander 3/1/1909) en een biljart- en schietconcours (PGNC 5/12/1909).

En: in mei 1908 wordt in een vergadering besloten tot de oprichting van voetbalvereenining “Nijmegen”. Al een paar jaar later, april 1910 zou deze Nijmeegsche Voetbal-vereeniging Nijmegen fuseren met de Eendracht tot het huidige N.E.C.. Over de oprichting van Nijmegen: “Staande de vergadering traden 26 personen als lid toe. De nieuwe vereeniging, welke nu reeds eenige goede krachten onder hare leden telt, zal trachten door zomer-oefening in het najaar een paar flinke elftallen in het veld te brengen.”  (PGNC 26/5/1908)

Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/NVV_Nijmegen

Brandschade J. Mulder Hof van Brabant (De Gelderlander 20/9/1912)
Brandschade J. Mulder Hof van Brabant (De Gelderlander 20/9/1912)

In 1912 staat een advertentei me een dankbetuiging aan 2 verzekeraars voor de vergoeding van geleden brandschade (De Gelderlander 20/9/1912). Het is mij nog niet bekend welke brand dit is geweest.

Hotel Central

In 1912/1913 vindt de verbouwing plaats, waarbij het Hotel Central wordt. Lees het artikel hierover op de pagina van architect B.J.C. Claase:

Vervolg

Opvallend is, dat in de advertentie in 1925 voor een vergadering van Coöperatie “Vooruitgang”, de locatie “in de groote zaal van “Lekas”, Korenmarkt (voorheen “Hof van Brabant”)” wordt genoemd. (De Gelderlander 11/2/1925)

Het voormalige Hotel-Café-Restaurant 'Hof van Brabant', gezien vanuit de Vijfringengas, 1936 (Evert F. van der Grinten via F78328 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Het voormalige Hotel-Café-Restaurant ‘Hof van Brabant’, gezien vanuit de Vijfringengas, 1936 (Evert F. van der Grinten via F78328 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

Afgaande op de foto is het gebouw ieder geval in 1936 geen hotel meer en lijken er schotten voor de voorgevel te staan.

Op foto GN2627 – B uit 1941 lijkt het pand nog verder te zijn dichtgetimmerd.

Een van de laatste gevonden foto’s is uit 1960: F39720.

Uiteindelijk zal het pand gesloopt worden bij de renovatie van de Benedenstad.

Korenmarkt

Waar vroeger parkeerplaatsen waren, is het tegenwoordig in de zomermaanden gezellig picknicken op de Korenmarkt. Het was een van de…

Hollandsche Spoorweg, Kannenmarkt

Op 1 februari 1904 opent de Hollandsche Ijzeren Spoorweg-Maatschappij met een bestelkantoor en een reiskantoor op Kannenmarkt No. 6. Hiervoor…

De Olifant (juni 2024)
#Nijmegen, Benedenstad, Gebouw van de dag

De Olifant Priemstraat

De Olifant (juni 2024)
De Olifant (juni 2024)

Op de hoek van de Priemstraat en de Lage Markt is een beeldje van een Olifant te zien. Een herinnerg aan de tijd dat hier een winkel in koloniale waren zat. Het beeld is overigens niet het origineel: deze is van hout en te vinden in de collectie van het Valkhof museum. In 1979 maakte Oscar Goedhart een kopie in brons, welke nu te zien is.

Van Roggen

Arend van Roggen (1771-1810) koopt op 12-12-1795 het op de
hoek van de Priemstraat en Lage Markt (Dan nog als Lagemarkt geschreven) “van
oudts genaamd de Olifant, met een daarbij behoorend pakhuis in de Priem-
straat”*, voor 7500 gld. van de koopman, tevens burgemeester J. W. Hoo-
gers” (Smit) “In dit pand dreef Arend van Roggen als enig firmant de zaak in koffie,
thee, koloniale en kruidenierswaren onder de naam ,,In den Olifant”, van
179.5 tot zijn overlijden in 1810.” Vervolgens zullen een enkele generaties van Roggen/Graadt van Roggen eigenaar zijn van deze winkel in koloniale waren.

N.F. Smit heeft over deze panden al een mooi artikel geschreven: ,,In den Olifant” de zaak in koffie, thee, koloniale- en kruidenierswaren van de firma ,,Wed. A. Van Roggen & Zoon” te Nijmegen (1795-1908), bladzijde 218 t/m 222 op Gens Nostra (mogelijk moet u eerst het jaar van publicatie invullen, dat is 1986).

Wat zijn koloniale waren?

Straatbeeld, omstreeks de eeuwwisseling, gezien vanaf de Lage Markt in de richting van de Ganzenheuvel. Op de achtergrond Likeurstokerij en Distilleerderij van Rijssenbeek & Nass aan de Smidstraat en de toren van de St. Stevenskerk, rechts vooraan, op de hoek, de kruidenierswinkel 'In den Olifant', 1898-1902 (F89834 RAN)
Straatbeeld, omstreeks de eeuwwisseling, gezien vanaf de Lage Markt in de richting van de Ganzenheuvel. Op de achtergrond Likeurstokerij en Distilleerderij van Rijssenbeek & Nass aan de Smidstraat en de toren van de St. Stevenskerk, rechts vooraan, op de hoek, de kruidenierswinkel ‘In den Olifant’, 1898-1902 (F89834 RAN)

Koloniale waren zijn goederen die uit de voormalige koloniën afkomstig waren. Het waren voornamelijk voedingsmiddelen, bijvoorbeeld koffie, thee, cacao, tabak, rijst en specerijen. Daarnaast kon er ook uit de koloniën afkomstig textiel en ander handwerk verkocht worden. Het begrip “koloniale waren” werd in ieder geval al in de 18e eeuw gebruikt.

In eerste instantie kon alleen de elite deze artikelen betalen. Aanvankelijk bestonden er groothandels, waarna later ook detailhandel opkwam. Ook werden deze producten voor een steeds grotere groep bereikbaar.

Doordat transportmiddelen goedkoper werden, verdween ook het “avontuurlijke” karakter en daarmee de noodzaak van specialisatie. Veel winkeliers breidden daarop hun assortiment uit met kruidenierswaren, waardoor de voorloper van de huidige supermarkt ontstond. Anderen gingen zich specialiseren in 1 product.

Vervolg

Op 27-12-1907 wordt de vennootschap onder firma Wed. A. van Roggen en Zoon opgericht door de heren C.A.S. Deenen en A.H.P. Kamerbeek. (Nederlandsche staatscourant, 7-1-1908). Deze vennootschap wordt na enkele maanden op 1-10-1908 weer ontbonden, waarbij Kamerbeek het bedrijf zal voortzetten onder de naam Wed. A. van Roggen en Zonen. (Nederlandsche staatscourant, 7-10-1908).

Vreemd genoeg is onderstaande afbeelding van het handelsmerk, een tekening van een olifant, de enige die ik tot nu toe gevonden heb.

Het olifantje als beeldmerk, Wed. A. van Roggen & Zoon (De Tijd : godsdienstig-staatkundig dagblad, 11-12-1909)
Het olifantje als beeldmerk, Wed. A. van Roggen & Zoon (De Tijd : godsdienstig-staatkundig dagblad, 11-12-1909)

Op 27-12-1909 wordt de firma weer gewijzigd: “Handel in Koloniale Waren, voorheen Firma Wed. A. van Roggen & Zoon is nu eigendom van de weduwe van A.H.P. Kamerbeek, geboren als A.B.H.M. Hendriks en H.M.H.J. Vranken. Het kapitaal bedraagt f60.000,-, waarvan f40.000,- is geplaatst (Het nieuws van den dag : kleine courant, 15-1-1910 en PGNC 23-1-1910), Zij blijkt in mei ook een filiaal in Gennep te hebben (De Gelderlander 28/5/1910)

Bij de nieuwjaarsgroet van 1911 blijken er inmiddels in 4 plaatsen te worden genoemd: Nijmegen, Grave, Gennep en Zeddam (PGNC 31-12-1911)

In juni 1922 staat het pand te koop (24/6/1922)

Rijksmonument

Lage Markt 38, 40, 42 en 44 is sinds 1973 een Rijksmonument met als omschrijving:

“Rijzig HOEKPAND van begane-grond, drie verdiepingen en schilddak met dakkapellen.

Waarschijnlijk 17e eeuw, doch met de gepleisterde muren, cordonbanden en deuromlijsting van vroeg-19e eeuws karakter.”

Links de Priemstraat. Het huis In de Olifant. Rechts daarvan het Jezuietenhuis (Hof van Xanten); merk op dat de olifant is verdwenen, 1969, Lage Markt 36-32 (Dr. Jan Brinkhoff via D563 RAN CC0)
Links de Priemstraat. Het huis In de Olifant. Rechts daarvan het Jezuietenhuis (Hof van Xanten); merk op dat de olifant is verdwenen, 1969, Lage Markt 36-32 (Dr. Jan Brinkhoff via D563 RAN CC0)

Ook op foto D565, gedateerd 1974, is het beeld verdwenen.

Restauratie jaren 70 en kunstenaarscentrum

Na een restauratie was het pand in 1979 officieel in gebruik als kunstenaarscentrum. De Grafische Werkplaats vertelt zelf haar geschiedenis:

Sinds enkele jaren zijn de panden verbouwd tot appartementen.

Hermon laat op haar site de eerste resultaten van de oplevering zien.

Olifant van Oscar Goedhart

Oscar Goedhart maakte een kopie van brons (de originele is van hout) voor Bronsgieterij de Olifant, die vandaag de dag nog te zien is. Een foto van hem uit 1979, waarbij hij aan het werk is aan de olifant is te zien op F20950.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Monumenten/monument_0079.html

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Gevels/Gevelstenen/Priemstraat57/1817.htm

https://nl.wikipedia.org/wiki/Koloniale_waren

https://www.ensie.nl/betekenis/koloniale-waren

Benedenstad

Deze pagina verzamelt reeds verschenen berichten over de Benedenstad. De wijk ligt tussen de Waal en het Stadscentrum, waarbij Waalbrug…

Lage Markt 47

Op de Lage Markt 47 zijn alweer jarenlang horeca zaken gevestigd. In dit pand heeft vele jaren de Firma F.J.…

Stedelijk Gymnasium, foto 1890 (Gerard Korfmacher via F21820 RAN) Kronenburgersingel 73, architect Weve
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Stedelijk Gymnasium Architect Weve

1881, Kronenburgersingel 73, gesloopt

Stedelijk Gymnasium, foto 1890 (Gerard Korfmacher via F21820 RAN) Kronenburgersingel 73, architect Weve
Stedelijk Gymnasium, foto 1890 (Gerard Korfmacher via F21820 RAN)

In 1880 ontwerpt architect Weve het Stedelijk Gymnasium aan de Kronenburgersingel, welke in 1881 gereed komt. Het gymnasium zal hier tot 1931 blijven. Op een later tijdstip was hier de Gemeentelijke Sociale Dienst gevestigd. Het pand is in september 1971 afgebroken.

Vooraf

Vanaf 1310 had Nijmegen al een Latijnse School, die vanaf 1545 gevestigd was aan het St. Stevenskerkhof. Zie hiervoor het artikel:

Begin 19e eeuw waren aan de Latijnse Scholen zogenaamde “tweede afdelingen” ontstaan, waarbij leerlingen naast Grieks en Latijn ook onderwijs kregen in vakken als wiskunde, aardrijkskunde, Nederlands en moderne vreemde talen. Dergelijke scholen werden gymnasiën genoemd. In 1842 werd de Nijmeegse Latijnse School een Stedelijk Gymnasium. Daarbij besloot de Gemeenteraad in 1865 tot een vierjarige cursus.

In 1876 werd de inrichting van gymnasia definitief geregeld door de Wet op het Hoger Onderwijs. In 1878 kwam er een nieuw leerplan, waarbij het gymnasium oude en nieuwe stijl naast elkaar bestonden. De nieuwe vorm was een zesklassige school, waarbij er een hogere rijkssubsidie mogelijk was. Dat maakte het voor de gemeente Nijmegen om een nieuwe school met rectorswoning te laten bouwen.

Op 18-8-1880 vindt de aanbesteding plaats van het maken van de gebouwen voor het Gymnasium en de Woning van den Rector dier inrichting. Weve, op dat moment waarnemend Gemeente-Architect, is de architect. (De Gelderlander 30/5/1880).

Bij de opening

Het PGNC schrijft bij de opening in 1881:

Nijmegen, 5 September.

Morgen zal de plechtige opening plaats hebben van het nieuwe Gymnasium aan den Kronenburger Singel, dat volgens de plannen en onder het toezicht van onzen verdienstelijken gemeente-architect, den heer J.J. Weve, gebouwd is. Het gebouw dat een alleraangenaamsten indruk maakt, is opgetrokken in Duitschen renaissance stijl, in baksteen met Udelfanger zandsteen en kan met recht beschouwd worden te behooren tot de fraaiste gebouwen, die in den laatsten tijd in de nieuwe wijken onzer stad zijn verrezen. De heer Weve heeft, wat we zeer in hem prijzen, zoowel uit- als inwendig, getracht zooveel mogelijk alles te vermijden, wat naar kazernachtigheid zweemde, zooals zoo dikwijls bij scholen en dergelijke gebouwen plaats heeft, en dat hij daarin geslaagd is, zal een ieder, die zich een wandeling naar het gebouw wil getroosten, bij den eersten aanblik opvallen. Met voldoening kan de heer Weve op zijn arbeid terug zien; het Gymnasium is een waar sieraad onzer gemeente. Heden morgen waren we in de gelegenheid het gebouw in oogenschouw te nemen en we meenen onzen lezers geen ondienst te doen, door onze ervaringen mede te deelen.

Leraren en leerlingen van het Stedelijk Gymnasium t.g.v. de huldiging van Dr. Sormani, Kronenburgersingel 73, 1924 (L66091 RAN)
Leraren en leerlingen van het Stedelijk Gymnasium t.g.v. de huldiging van Dr. Sormani, Kronenburgersingel 73, 1924 (L66091 RAN)

Men komt het gebouw binnen door een entrée, die met een dubbele glazen deur in de keurige vestibule voert, waarom zich de verschillende vertrekken van de benedenverdieping groepeeren. Recht tegenover de entrée opent zich de trapruimte, met een fraaie trap, naar de eerste verdieping, waarin men wederom een deel der leervertrekken en overige ruimte aantreft. In elke verdieping bevinden zich drie klasse-kamers; daarenboven is beneden, behalve een kamertje voor den claviger en een spreekkamertje, een flinke ruime kamer voor den rector. Onder de hoofdtrap bevindt zich tevens nog een deur naar buiten. Boven heeft men, behalve de genoemde drie klasse-kamers, een kamer voor de docenten, tevens bibliotheek, en, in het midden van den voorgevel, een ruim beschikbaar vertrek voor bijeenkomsten en mogelijke toekomstige uitbreiding der klassen.

Zoowel ouder als boven heeft men garderobes en verdere gemakken, alles even keurig en practisch ingericht.

Verder heeft men een ruimen zolder en een uitmuntenden kelder tot berging van brandstoffen, terwijl het gebouw van gas- en waterleiding als ook van een bliksemafleider voorzien is.

In de klasse-kamers heeft men licht in overvloed, terwijl voor den afvoer der lucht, door bijzondere kanalen, die in de dubbele scheidingsmuur zijn aangebracht en buitendaks uitkomen, uitmuntend is gezorgd. De verwarming der schoollocalen geschiedt door thermoconservateurs, uit de fabriek der firma Geneste & Co. te Parijs. In elk vertrek is zulk een thermoconservateur geplaatst; de luchttoevoer van buiten heeft plaats onder deze kachels, die met mantels zijn omgeven en den geheelen dag doorbranden, na éénmaal te zijn gevuld en aangestoken.

De keurige schoolbanken zijn geleverd door den ingenieur Vogel te Dusseldorf; zij zijn zeer practisch ingericht met verstelbaren tafel en van passende grootten.

Naast het Gymnasium verheft zich de woning van den Rector, een eenvoudig, net en ruim huis, hetgeen vooral nu het bewoond is een zeer vriendelijk aanzien heeft. Dit huis bevat 7 vertrekken, badkamertje, vele gemakken etc. en is mede door den heer Weve gebouwd. Zoowel dit huis, als het Gymnasium met de daarbij behoorende speelplaats zullen nog door een smaakvol ijzeren hek omgeven worden, waardoor de algemeene indruk zeker nog zal winnnen.

Aannemer van beide gebouwen was de heer A.Th. Opzoomer voor f46.700, waaronder echter niet begrepen zijn de kosten van het uitgraven en invullen met zand van het terrein, welke werkzaamheden nog voor de aanbesteding door den heer J. v. Oijen Pz. Werden uitgevoerd.

Ook den aannemer komt alle eer toe voor de wijze waarop hij zijn werk heeft afgeleverd.

Omtrent de feestelijkheden, welke bij gelegenheid van de opening van het nieuwe Gymnasium op morgen alhier zullen plaats hebben, vernemen wij het volgende:

Ten 10½ zullen de leerlingen van het Gymnasium en van de Burgerschool bijeenkomen in het oude Gymnasium onder den Kerkboog. Van daar zullen zij zich in optocht met hunne vaandels en voorafgegaan door het muziekkorps der Schutterij begeven naar het nieuwe gebouw aan den Kronenburger Singel. Hier zal vervolgens door het Dagelijksch Bestuur het gebouw worden overgedragen aan H.H. Curatoren, waarop door den Rector, den heer Dr. J. Meuleman, eene feestrede zal worden gehouden. Na afloop hiervan, vereenigen zich de leeraren van ’t Gymnasium, der Hoogere Burgerschool en verdere genoodigden aan een déjeuner, ten huize van den Rector, terwijl de jongelui in ’t gebouw zullen worden onthaald.“ (PGNC 6/9/1881)

Vervolg

Voormalig Stedelijk Gymnasium (gebouwd 1880/1881, architect Ir. Jan Jacob Weve) later Gemeentelijke Sociale Dienst (afgebroken in september 1971), foto 1969 (Evert van der Grinten via F78354 RAN CC-BY-SA)
Voormalig Stedelijk Gymnasium (gebouwd 1880/1881, architect Ir. Jan Jacob Weve) later Gemeentelijke Sociale Dienst (afgebroken in september 1971), foto 1969 (Evert van der Grinten via F78354 RAN CC-BY-SA)

In 1931 verhuist het Stedelijk Gymnasium naar de Van Schevichavenstraat, het gebouw van de voormalige Rijkskweekschool.

Praktisch Werk voor Werklooze Jeugd, Kronenburgersingel 73 (PGNC 4-3-1935)
Praktisch Werk voor Werklooze Jeugd, Kronenburgersingel 73 (PGNC 4-3-1935)

In 1935 wordt het gebouw gebruikt voor vakcursussen voor de werkloze jeugd: “Vakonderwijs dus, wat straks den jongen man in staat zal stellen, meer kans te hebben om aan den slag te kunnen komen. Want een behoorlijk geschoolde arbeider zal in het algemeen een streep voor hebben bij hen, die geen vakkennis hebben.” In de werkplaats kan een jongere zich bekwamen “als metselaar, timmerman, bankwerker, schilder en nog allerlei andere vakken.” (De Gelderlander 1/3/1935).

In PGNC 16/5/1940 is de Kronenburgersingel het adres van de Gemeentelijke Dienst voor Maatschappelijk Hulpbetoon voor de uitbetaling van de ondersteuningsgelden.

In de jaren 50 is het gebouw het adres voor het Secretariaat voor Huishoudelijke en Gezinsvoorlichting. (De Gelderlander 14/11/1952) Deze commissie organiseert voorlichtingsavonden –“huishoudavonden”- over bijvoorbeeld gezonde voeding, maar geeft bijvoorbeeld ook demonstraties, lezingen, cursussen (waaronder kook-, naai-, handenarbeid-, en lampekapcursussen), enz. in verschillende wijken.

Op een later tijdstip zit de Gemeentelijke Sociale Dienst in het gebouw. Uiteindelijk wordt het in 1971 afgebroken.

Hiervoor in de plaats komt de grote serviceflat, die er nog steeds staat. Een foto uit 1982 van de bouw is te vinden op F19566 RAN.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Stedelijk_Gymnasium_Nijmegen

Zie ook https://nl.wikipedia.org/wiki/Stedelijk_Gymnasium_Nijmegen

Weve architect

Weve was een architect en ingenieur. Hij was stadsarchitect en directeur Gemeentewerken van Nijmegen. Hij ontwierp onder andere 17 scholen,…

Hogere Burgerschool architect Weve

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Kweekschool voor onderwijzeressen

In 1899 wordt de Kweekschool voor onderwijzeressen gebouwd. Architect en aannemer is Nicolaas van Eck. Rond 1936 is het gebouw…

De Sociëteit "Burgerlust", rechts daarvan het Spoorwegmonument, en links de kapel van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo), 1914 (A. Witmond, Wilhelmina Bazar via F34412 RAN)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Burgerlust: Van Elite Vereniging tot Publieke Ontspanning

De Sociëteit "Burgerlust", rechts daarvan het Spoorwegmonument, en links de kapel van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo), 1914 (A. Witmond, Wilhelmina Bazar via F34412 RAN)
De Sociëteit “Burgerlust”, rechts daarvan het Spoorwegmonument, en links de kapel van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo), 1914 (A. Witmond, Wilhelmina Bazar via F34412 RAN)

In 1839 opent Sociëteit Burgerlust aan de Valkhof. Na topjaren in de 19 eeuw zal het uiteindelijk veranderen in een etablissement waar oorlogswinstmakers hun geld verbrassen. In 1920 wordt het in gebruik genomen als gebouw van de Katholieke Werkvereeniging Unitas. De Duitse bezetter geeft het de doodssteek door er een zwaar verdedingswerk van te maken.

Rond het midden van de 19e eeuw komen sociëteiten op. Burgerlust aan de Lindenberg was daarbij een van sociëteiten in Nijmegen. Of zoals Burgerlust zich noemt: “eene vereeniging van deelhebbers uit de fatsoenlijken burgerstand”.

Het begrip sociëteit bestond al in de 18e eeuw, met een sterke politieke inslag. Rond het midden van de 19e eeuw werd het begrip “sociëteit” nieuw leven ingeblazen. Het waren nu gegoede burgers -bijvoorbeeld fabrikanten- die een sociëteit oprichten.

Wikipedia: “Sociëteiten vindt men in Nederland op veel plaatsen. Meestal zijn ze uitsluitend voor mannen bestemd, die in de regel vrij hoog zijn opgeleid, verantwoordelijke/leidinggevende posities bekleden in de publieke of private sector of die zelfstandige beroepen uitoefenen. Zij zijn vaak ondernemend, dit in brede betekenis te verstaan.”

Oprichting Burgerlust

Societeit Burgerlust, Architect Pieter van der Kemp, 1839
Societeit Burgerlust, Architect Pieter van der Kemp, 1839

Ontstaan

Op 1- 8-1800 had een “consortium van twintig heeren uit gegoede Nijmeegsche burgerfamiliën” een huis gekocht boven aan de Grootestraat, met een achteruitgang in het Gapersgasje, “De Diamant Ring”/”het Moorken” genoemd. (Van Schevichaven)

Begin 19e eeuw waren er al plannen voor de bouw van Burgerlust. Er was een plekje grond uitgezocht, waar de bouw zou kunnen plaats vinden als de Burchtpoort zou worden gesloopt. Het zou echter tot 1838 duren voordat de plannen van de grond kwamen, vooral door de moeilijkheden tussen Noord- en Zuid-Nederland. En maart 1838 was het echter zover en “Verrassend snel kwam het benodigde bedrag (f40.000) bijeen.”

Bouw Burgerlust

De toegang tot het Valkhof, gezien vanaf het Kelfkensbos. Links Societeit 'Burgerlust', Julius Schaarwächter, 1858-1865 (F47516 RAN)
De toegang tot het Valkhof, gezien vanaf het Kelfkensbos. Links Societeit ‘Burgerlust’, Julius Schaarwächter, 1858-1865 (F47516 RAN)

23-2-1839 zal de aanbesteding plaats vinden. De advertentie spreekt dan van “Het opbouw van een Nieuw Locaal voor dezelve Societeit”. De bestektekening is te verkrijgen bij de Mede-Directeur J.E.H. Vaalman. (PGNC 20/2/1839)

De eerste steenlegging vindt op 20 april plaats, met het plan dat deze 20 augustus klaar zal zijn. Zodat op 24 augustus, de verjaardag van de koning, het gebouw kan worden ingewijd: “Maandag aanstaande wordt mede de eerste steen gelegd, door een lid der Directie, aan de nieuw op te rigten Societeit Burgerlust, welke door eene vereeniging van deelhebbers uit de fatsoenlijken burgerstand zal daargesteld worden. Deze Societeit, die, gelijk de Stads- Commedie en Concert-Zaal, naar het plan en de teekening van onzen bekwamen stads-architect, den heer van der Kemp, wordt gebouwd, is voor eene som van f11,500 aangenomen, komt juist tegenover de Commedie te staan en zal mede niet weinig tot verfraaijng van dat gedeelte der stad bijdragen. Zij zal, behalve haren sierlijken bouw, vooral uitmunten door heerlijke vergezigten langs den Waalstroom en de tegenoverliggende Betuwe en de Veluwse bergen…” (Algemeen Handelsblad 24-4-1839).

Die dag is er tevens de eerste steenlegging van de nieuwe schouwburg “Comedie, vereenigd met eene Concert- en Teekenzaal.”, eveneens naar het ontwerp van van der Kemp.

Op 11-6-1839 verschijnt er een personeelsadvertentie voor de werving van een kastelein. Hierin staat dat de Societeit bij de oprichting al 141 leden telt, “dit getal, vooral bij de opening der Societeit door derzelver aangename ligging en goed inrigting aanzienlijk zal toenemen; Billard en Tuin, alsmede bijzonder geschikte woning voor den Kastelein heeft.” J.P. Cramer, Hezelstraat is mede-directeur van de Sociëteit.

Van elite naar verburgelijking

De Sociteit na de verbouwing van.... De Societeit "Burgerlust" met rechts het monument ter herinnering aan de opening van de spoorlijn Nijmegen-Kleef, datering 1900 (Vivat Amsterdam via F34731 RAN)
De Societeit “Burgerlust” met rechts het monument ter herinnering aan de opening van de spoorlijn Nijmegen-Kleef, datering 1900 (Vivat Amsterdam via F34731 RAN)

Het bestuur kondigt in PGNC 15-4-1840 de aanbesteding aan van het maken van een kegelbaan, een veranda en een hek op de muur.

In 1842 wordt de Sociëteit weer ter huur aangeboden aan een “geschikten kastelein”. Op dat moment heeft de Vereeniging 230 leden (Opregte Haarlemsche Courant, 8-1-1842)

Vooral het toneel was aanvankelijk belangrijk. Daarnaast werden er ook andere vormen van uitvoeringen gegeven door de beste Nederlandse gezelschappen, maar ook uit Duitsland en Frankrijk.

Ook vinden we in 1846 de oprichting van Handboogschutterij “De Batavier”. (Algemeen Handelsblad, 9-11-1846)

In het begin van de 20ste eeuw vond er echter een omslag plaats: “een verburgelijking” van Burgerlust. De “élite” ging naar uitvoeringen in Concertgebouw de Vereeniging. In Burgerlust bleef de amateurkunst en de variéte. “Tijdens de kermis was Faveur daar favoriet. Het geroezemoes van de ouderwetse kermis op het Kelfkensbosch had al jaren alle oude deftigheid uit de omgeving verjaagd” (Nijmeegsch Dagblad).

Het terras van Sociëteit Burgerlust op het Valkhof, met links de toren van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo) en rechts de Waal; een reproductie, 1900 (F34389 RAN)
Het terras van Sociëteit Burgerlust op het Valkhof, met links de toren van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo) en rechts de Waal; een reproductie, 1900 (F34389 RAN)

1908: Verbouwing Concert- en Toneelzaal van Societeit “Burgerlust”, architect Hoffmann

Er is nog niet volledig onderzocht welke verbouwingen er zijn geweest.

In ieder geval vindt in 1908 vindt een verbouwing van de concert- en toneelzaal van Societeit Burgerlust plaats. De architect daarvan is J.W. Hoffmann.

Societeit “Burgerlust”.

Toen een paar jaar geleden de leden van de societeit “Burgerlust” op voorstel van het bestuur besloten hadden de concertzaal in meer geregelde exploitatie te brengen en een afzonderlijken toegang met vestiaires en koffiekamer ingericht werden, bleek alras die verbetering zeer te voldoen en de ruime zaal wel in trek te komen. Daarmee was evenwel nog niet alles bereikt en juist bij meerder gebruik bleek alras dat de zaal te klein en het tooneel geheel onvoldoende ingericht was. In den afgeloopen zomer is, volgens de plannen en onder toezicht van den architect J.W. Hoffmann alhier tot verbetering overgegaan en nu een en ander gereed is gekomen, mag “Burgerlust” trotsch zijn op zijne mooie concert- en toneelzaal.

Ter inwijding van deze vernieuwde inrichting zal Dinsdagavond voor de leden een feestavond plaats hebben, georganiseerd door eenige der jongere leden, die daarmee tevens hun waardeering willen toonen voor het actieve bestuur, dat niets ongedaan laat om “Burgerlust” tot zijn ouden bloei terug te brengen.

De avond zal worden gevuld met de opvoering van Frederik van Eeden’s geestig blijspel “De Student thuis”, dat wordt opgevoerd door eenige leden, waarna een bal onder leiding van den heer Velthuis plaats heeft.

Wij vertrouwen dat de opkomst van H.H. leden met hunne dames de verwachting verre zal overtreffen en Dinsdagavond in “Burgerlust” weder de oude, gezellige geest zal heerschen.” (PGNC 3/2/1908)

1912: Steenmetzer

Advertentie heropening Burgerlust (PGNC 4/5/1912)
Advertentie heropening Burgerlust (PGNC 4/5/1912)

Begin mei 1912 koopt Steenmetzer het pand van Societeit Burgerlust voor f34.900. Na een restauratie zullen lokalen van de sociëteit ter beschikking van de leden van Burgerlust blijven. De overige gedeeltes zullen voor publiek toegankelijk zijn. (PGNC 3/5/1912 en PGNC 4/5/1912). Hij was daarvoor directeur van Hotel du Soleil.

Oorlogswinstmakers

“De vernietigende klap voor de oude roem werd Burgerlust toegebracht in de oorlogstijd van 1914 tot 1918. Het  werd een vermaakplaats van de oorlogsparvenu’s. Smokkelaars en soldaten verdrongen elkaar. Boven danste men. Beneden was cabaret -en niet van het zuiverste soort”.  (Nijmeegsch Dagblad) Degenen die grof aan de oorlog verdienden, waren in Burgerlust met hun geld aan het smijten. “Burgerlust zakte in reputatie tot prettent, waar wijn vloeid als water door de Waal.” (Nijmeegsch Dagblad)

Verbouwing

Het is mij nog onbekend of deze verbouwing reeds in 1912 plaats heeft gevonden, of dat het de verbouwing in 1916 betreft. In ieder geval vindt in juli 1916 een heropening na een verbouwing plaats.

Bij de heropening

Het PGNC schrijft over deze heropening:

Café-Restaurant “Burgerlust”.

Hedenavond heeft op feestelijke wijze de opening plaats van het gerestaureerde café-restaurant der societeit “Burgerlust”. De directeur, de heer J.F. Steenmetzer, heeft het initiatief tot deze groote verbouwing genomen en het mag gezegd worden, dat hij in het ontwerpen van deze belangrijke verbetering uiterst gelukkig is geweest, terwijl van de uitvoering mede niet anders dan met grooten lof gewaagd kan worden. Aan weerszijden van den ingang van het gebouw, de midden-entrée van vroeger (de voormalige zij-ingang is vervallen) zijn twee mooie restaurants verrezen, met aan alle zijden flinke spiegelruiten en waar licht en lucht in groote volumia kunnen binnentreden. De heer Steenmetzer heeft voor een gezellig interieur gezorgd; in het lokaal ter linkerhand zijn rieten stoelen en tafeltjes geplaatst, een uitgezochte entourage om te “tea-en”, in het grootste lokaal rechts maken de witgelakte meubeltjes een frisschen, gezelligen indruk. Achter in dit zaaltje is, op de plaats waar binnenkort een bullet wordt ingericht op een podium een vleugel geplaatst en hier zal hedenavond het Italiaansche Kunstenaars-Ensemble onder directie van den heer G. Sabatini de gasten met mooie muziek aangenaam bezighouden.

Op de bijzonderheden betreffende deze verbouwing komen wij binnenkort nog wel terug. Reeds nu kunne wij echter een ieder een kijkje in het nieuwe café-restaurant “Burgerlust” aanbevelen. Gedurende deze maand zal er dagelijkse matinée en soirée zijn, Zaterdags en Zondags van 10 uur af gelegenheid tot dansen, bij gunstig weer concerten in den tuin. Mein Liebchen, as willst du noch mehr?” (PGNC 2/7/1916)

1920: Unitas

Het Verenigingsgebouw Unitas, en het Spoorwegmonument; rechts een Quickbus (stadsdienst), 1920 (F34399 RAN)
Het Verenigingsgebouw Unitas, en het Spoorwegmonument; rechts een Quickbus (stadsdienst), 1920 (F34399 RAN)

Burgerlust werd na de Eerste Wereldoorlog opgeheven. In augustus 1920 koopt R.K. Werkliedenvereeniging “Unitas” het gebouw, omdat de behuizing aan de Walstraat te klein was geworden.

“Gelegen in de onmiddellijke nabijheid van het aloude Valkhof, zetelde de R.K. Werkliedenvereeniging. Ook toen kwam kritiek. Te duur! Dat kunnen ze niet vol houden. Binnen korten tijd komt de plank er weer op, en meerdere soortgelijke uitspraken hoorde men, en toch door ’t taaie volhouden van ’t bestuur, waarvan zeker op de eerste plaats de penningmeester mag worden genoemd, bleef de bond, al was ’t vaak met de uiterste moeite, eigenaresse.” Bij de opening had de gehele week elke stand of bond zijn eigen feestavond. (Artikel over het 40-jarig bestaan van de R.K. Werkliedenvereeniging in De Gelderlander 25/8/1934, waarbij het citaat afkomstig is van Oud-voorzitter A.J. Uijen)

Leden van de R.K. Werkliedenvereeniging (RKWV) St. Stephanus, bijeengekomen om het Demonstratief Congres op 17 juni 1927 voor te bereiden. De foto is genomen aan de achterkant van het R.K. Vereenigingsgebouw Unitas, de vroegere sociëteit Burgerlust.
Leden van de R.K. Werkliedenvereeniging (RKWV) St. Stephanus, bijeengekomen om het Demonstratief Congres op 17 juni 1927 voor te bereiden. De foto is genomen aan de achterkant van het R.K. Vereenigingsgebouw Unitas, de vroegere sociëteit Burgerlust. ( inv.nr. 241 / Stichting Vakbondshistorisch Archief Nijmegen en omstreken (SVAN), Cen/NKV/Nijm/1927/2 via f85493 RAN)

Het gebouw was in gebruik als café-restaurant, maar ook voor het houden van bijeenkomsten als congressen en feestavonden. Vanuit het gehele land kwamen mensen -vooral werknemers met hun familieleden- naar deze ontspanningsgelegenheid om te kunnen genieten van het uitzicht vanaf het terras.

Oorlog en Sloop

Het gebouw Unitas (voormalige sociëteit Burgerlust) zwaar gebarricadeerd door de Duitsers als verdediging van Valkhof en Waalbrug, 1944 (F24100 RAN)
Het gebouw Unitas (voormalige sociëteit Burgerlust) zwaar gebarricadeerd door de Duitsers als verdediging van Valkhof en Waalbrug, 1944 (F24100 RAN)

Toch werd er in 1926 al gesproken over afbraak en in 1934 viel het besluit tot sloop van het oude pand. De crisis van de jaren 30 en de oorlog in de jaren 40 voorkwam de uitvoering daarvan. De Duitsers hadden tijdens de Tweede Wereldoorlog de inrichting totaal vernield en het pand omgevormd tot zware bunker. Het Nijmeegsch Dagblad eindigt haar artikel, geschreven in 1955 vanwege de aangekondigde sloop van het pand met: “Voor het oude trotse Burgerlust bestaat geen toekomst meer. De bezetters maakten van de schouwburg een vesting, en ontnamen het daarmee de kans nog ooit iets goeds te worden, het rijke verleden waardig.”

Afgaande op de gevonden foto’s is Unitas/Burgerlust in 1956 gesloopt.

De sloop van het R.K. Verenigingsgebouw Unitas (voorheen Sociëteit Burgerlust), 4/1956 (Fotopersbureau Gelderland via GN17115 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
De sloop van het R.K. Verenigingsgebouw Unitas (voorheen Sociëteit Burgerlust), 4/1956 (Fotopersbureau Gelderland via GN17115 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)

(Overige) Bronnen en verder lezen

Kans op betere toekomst door Duitsers ontnomen, Nijmeegsch dagblad, 6-12-1955

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Ansichtkaarten/Parken/Valkhofpark/cwdata/avalkhof010.html

Oud-Nijmegen’s straten, markten, pleinen, open ruimten en wandelplaatsen, van Schevichaven, 1896

Lange Hezelstraat 82 en 84 (september 2024)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Hezelstraat

Historie Lange Hezelstraat 84 vanaf 1900

Lange Hezelstraat 82 en 84 (september 2024)
Lange Hezelstraat 82 en 84 (september 2024)

Wie nu (mei 2025) langs de panden van de Lange Hezelstraat 82 en 84 loopt, zal niet direct vermoeden dat de gevels op de begane grond slechts een aantal jaren geleden zijn aangebracht in plaats van 100 jaar oud zijn. Wel zoals het “vroeger” geweest is.

Hoewel de geschiedenis van  het pand veel verder terug gaat (kijk omhoog en let op de trapgevels aan beide zijkanten), gaat dit artikel over de panden vanaf ongeveer 1900 tot vlak na de oorlog.

Ooit was dit 1 groot woonhuis, als laatste in eigendom van mevrouw de wed. Huijbers. In opdracht van E.A. van Dungen verbouwt architect van der Waarden het pand naar 2 winkels. Dan is tevens te zien hoe de huidige voorgevel van de winkels lijken op dat van de verbouwing van 1899:

E.A. van den Dungen

Koek- en banketbakkerij van Dungen

1899, Lange Hezelstraat 84 Centrum

Verbouwing voor Koek- en banketbakkerij van Dungen, datum dossier 5-5-1899 architect van der Waarden Lange Hezelstraat 84 (D12.377738)
Verbouwing voor Koek- en banketbakkerij van Dungen, datum dossier 5-5-1899 architect van der Waarden Lange Hezelstraat 84 (D12.377738)

Op 21-3-1899 (PGNC 12/3/1899) vindt de aanbesteding plaats van: “Het verbouwen van perceel 84 aan de Lange Hezelstraat te Nijmegen, en dit in te richten tot 2 Winkelhuizen en Banketbakkerij, voor rekening van den Heer E.A. van den Dungen, alhier.”

“De koek- en banketbakkerij van den heer E.A. van den Dungen is overgebracht van de Smidstraat naar de Lange Hezelstraat, in het pand, vroeger bewoond door mevrouw de wed. Huijbers. Dit pand is geheel en al verbouwd tot twee winkelhuizen naar het ontwerp van den architect W.J.H. van der Waarden door de aannemers Gielen & Co. te Wijchen. En architect èn aannemers verdienen allen lof voor de keurige wijze, waarop het werk is ontworpen en uitgevoerd. In een van die winkelhuizen- het andere staat nog ledig- heeft dan de heer v.d. Dungen zijne paleis van zoetigheid gevestigd en in de fraaie, door de bekende firma Bruns te Arnhem geleverde etalge-inrichting kan men in tal van sierlijke flacons en flesschen zien uitgestald al die zaken, welk velen eene “streeling zijn van het verhemelte”. Deze winkel is bepaald een aanwinst voor dat gedeelte der benedenstad.“ (PGNC 5/9/1899)

Ontwerp voor de verbouwing perceel Lange Hezelstraat 84 architect van der Waarden opdrachtgever van Dungen, 5-5-1899 (D12 377739)
Ontwerp voor de verbouwing perceel Lange Hezelstraat 84 architect van der Waarden opdrachtgever van Dungen, 5-5-1899 (D12 377739)

De Gelderlander geeft een beschrijving van de winkel:

“Bijzonder fraai is in den eenen afgewerkten winkel de vloer van mozaïektegels, terwijl ook het geëtste glas in de binnendeuren, door den heer Van Crimpen alhier geleverd, vermelding verdient.

Een ruime bakkerij met heete-luchtovens naar het nieuwste systeem biedt allen waarborg dat de voorraad in den ruimen, helderen winkel bestendig ververscht zal worden.” (De Gelderlander 3/9/1899)

Op tekening D12.377739 valt daarbij op dat achter het gebouw nog een zeer grote tuin ligt. De uitstulping boven de tuin (het meest rechts op de afgebeelde, liggende tekening) is de “bakkerij”, welke grenst aan Gulden Wagen. Daarnaast staat er een broeikas en een kippenhok.

Eduardus Alphonsus van den Dungen

Zijn vader, Johannes van Dungen, had reeds een bakkerij in de Smidstraat (Smitstraat D nr. 6) Johannes is op 19 maart 1814 geboren in ’s Hertogenbosch. In het Bevolkingsregister van 1880 komt hij voor als “koekbakker”.  Hij is getrouwd met Anna Maria Goëtte (‘s-Hertogenbosch, 30/5/1821 – door “het blauwe potlood” veranderd in 31 bij het wijzigen in haar weduwestatus. Ook in blauw staat bij Aanmerkingen bij haar Paulstr 23). Johannes is overleden op 14-12-1885.

Eduardus Alphonsus van den Dungen is op 18/9/1855 geboren in ’s-Hertogenbosch. Hij trouwt op 28-4-1885 met Geertruida Hendrina Gerarda van Campen (Nijmegen, 27/6/1864). In het Bevolkingsregister 1880 staat dat hij vertrokken is naar Smidstraat 6, het is echter onduidelijk onduidelijk wat hiermee bedoeld wordt (hij woonde al op nr 6.) en op welk moment dit gebeurd is.

In het Bevolkingsregister 1880 staat huizing Smidstraat 6 doorgehaald door “het blauwe potlood”, die bij Aanmerkingen No 34 heeft geschreven. Daarbij is tevens het geboortejaar vervangen door 1856. Als beroep staat “koekbakker”

Hun kinderen zijn:

Cornelia Geertruida Maria van den Dungen (Nijmegen, 4/6/1890)

Johanna Maria Josephina van den Dungen (Nijmegen, 7/3/1887)

Johannes Antonius Josephus van den Dungen (Nijmegen, 22/4/1888)

In de adresboeken van 1896, 1898 en 1899 komt hij voor op Smidstraat 34. In het adresboek 1901, 1902, 1903, 1907, 1909 komt hij voor op Lange Hezelstraat 84. (Er is geen uitputtend onderzoek gedaan).

F.H. Raijmakers & Zonen

Ongeveer 1901 – 1907

Opening Raijmakers Lange Hezelstraat 84 (PGNC 11/8/1901)
Opening Raijmakers Lange Hezelstraat 84 (PGNC 11/8/1901)

De eerste gebruiker van de rechter winkel is waarschijnlijk F.H. Raijmakers en Zonen. In de gevonden advertenties is het adres van de winkel steeds Lange Hezelstraat 84a. Daarbij is “F.H. Raijmakers” de naam van de winkel. Op 27-7-1901 is Leonardus Cornelus Adrianus Maria (31-7-1881, Eindhoven) vanuit Eindhoven naar Lange Hezelstraat 84 gekomen. Hij is als oudste broer “hoofd” en heeft als beroep “winkelier”. Op die dag komt zijn zus Theodora Philomina Maria (9-11-1877 Eindhoven) mee, maar zal op 21-11-1906 weer naar Eindhoven vertrekken. Hij trouwt op 3-11-1903 (Bevolkingsregister 1900).

Hij zal in de loop van de jaren 0 verhuizen naar “E5 bl 126).

Ook 2 andere zussen en 1 broer komen tijdelijk naar dit adres:

  • Aldegonda Joanna Alogsia(?) Maria (21-12-1885, Eindhoven) van 27-10-1903 vanuit Eindhoven; en vertrek op 27-9-1906 naar Veldhoven
  • Alphonsus Franciscus Maria (21-10-1892, Eindhoven) van 9-9-1905 Eindhoven naar “O bl 292”
  • Joanna Maria (10-9-1876, Eindhoven) van 15-9-1906 Eindhoven, en vertrek naar Eindhoven op 21-11-1906
Tot nu toe eerstgevonden advertentie F.H. Raijmakers & Zonen (PGNC 7/9/1901) Lange Hezelstraat 84a
Tot nu toe eerstgevonden advertentie F.H. Raijmakers & Zonen (PGNC 7/9/1901) Lange Hezelstraat 84a
Raijmakers Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 15/2/1902)
Advertentie voor boter, Raijmakers (De Gelderlander 15/2/1902)

Hij blijkt hij aanvankelijk verhuisd te zijn naar Voorstadslaan 69b, waar zijn beroep “koopman” is. In het Adresboek van 1907 komt hij nog voor op de Lange Hezelstraat, in dat van 1908 niet meer: dit betekent dat hij rond 1907 verhuisd is.

Dan blijkt hij getrouwd te zijn met Anna Poelen (29-5-1882, Nijmegen). In de jaren 0 verhuist hij vervolgens weer naar Lange Burchtstraat 1, zijn beroep is dan “Boterhandelaar”. In het Bevolkingsregister van 1910 komt hij nog op dit adres voor als boterhandelaar.

Henri v.d. Velden & Co.

Rond 1907

H. v.d. Velden (De Gelderlander 23/8/1908) Lange Hezelstraat 84a
advertentie H. v.d. Velden (De Gelderlander 23/8/1908)

Daarna heeft Henri v.d. Velden & Co. een van haar winkels op Lange Hezelstraat 84a. De eerst gevonden advertentie is in De Gelderlander De Gelderlander 26/6/1907. Uit de advertentie De Gelderlander 23/8/1908 blijkt dat v.d. Velden tevens winkels heeft in Tilburg, Oss en Boxtel. Het is een zaak in kruideniers- en grutterswaren, biscuits en comestibles.

Wouter Mots (zie hieronder) is waarschijnlijk de filiaalhouder, die tevens op dit adres woont. Rond 1923 zal hij de winkel rond 1923 overnemen.

1907: Wouter Mots

Advertentie W. de Mots Lange Hezelstraat 84a (De Gelderlander 30/3/1928)
Advertentie W. de Mots Lange Hezelstraat 84a (De Gelderlander 30/3/1928)

W. de Mots volgt rond 1907 H. v.d. Velden & Co op. W. Mots zal jarenlang voorkomen in de Adresboeken op Lange Hezelstraat 84a. (Adresboeken 1908, 1909, 1910, 1912, 1914, 1915, 1916, 1920, 1924, 1928, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940).

Daarbij noemt hij zich geruime tijd W. Mots, v/h v.d. Velden & Co.. Incidenteel komen advertenties van “H. v.d. Velden & Co.” voor, zoals De Gelderlander 25/9/1909 en een nieuwjaarsgroet PGNC 31/12/1917.

Tot in 1937 gebruikt hij (vrijwel altijd) huisnummer 84a. Vanaf 1937/1938, nadat hij het naastgelegen pand heeft bijgetrokken, zal hij adverteren met nummer 84.

Wouter Mots

Wouter Mots (9-4-1877, Harderwijk) komt op 13-8-1904 vanuit Amsterdam naar Nijmegen. Aanvankelijk in het Dienstbodenregister, als  inwonende “winkelbediende” met als huizing Nieuwe Markt 15a.

Om vervolgens als “chef winkelier” te gaan wonen op Lange Hezelstraat 84a. Zijn zus Heintje (18-4-1875, Harderwijk) komt op 2-4-1907 vanuit Ankeveen tevens op dit adres te wonen. (Bevolkingsregister 1900).

(Afgaande op het feit dat Raijmakers rond 1907 zal zijn vertrokken en Heintje Mots op 2-4-1907 tevens op Lange Hezelstraat komt wonen, zal Mots de opvolger zijn van Raijmakers).

Slagerij Hoppe

Nijmeegsche Volksslagerij C.J.Hoppe, Let wel: Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 18/9/1919)
Nijmeegsche Volksslagerij C.J.Hoppe, “Let wel: Lange Hezelstraat 84” was waarschijnlijk geen overbodige luxe met de nodige slagerijen in de Hezelstraat (De Gelderlander 18/9/1919)

Waarschijnlijk is de Nijmeegsche Volksslagerij van C.J.H. Hoppe de opvolger van van den Dungen op nummer 84.

De eerstgevonden vermelding is PGNC 3/1/1919, dus mogelijk is er nog een tussentijdse gebruiker geweest.

Het vlees is op dat moment op de bon. Met “bon no 7 van het vleeschboekje kan worden gekocht 2 ons paardevleesch zonder been tegen 10 cent per ons of 2 ons schapenvleesch met been tegen 10 cent per ons”,  waarbij schapenvleesch uitsluitend verkrijgbaar is bij C. Hoppe. (PGNC 3/1/1919).

29 april 1920 wordt de slagerij verplaatst naar de overkant, Lange Hezelstraat 81 (De Gelderlander 28/4/1920), waar de slagerij nog decennia zal blijven zitten.

1920 Borstelmaker Hermsen

Borstelmaker Hermsen Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 25/5/1920)
Borstelmaker Hermsen Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 25/5/1920)

Op Lange Hezelstraat 84 zit rond 1920 Borstelfabriek Evert Hermsen. De eerstgevonden (enige) advertentie komt voor in De Gelderlander 25/5/1920. Daarnaast staat Hermsen nog in het Adresboek van 1922 als “borstelfabriek en filiaalhouder banketbakkerij”.

1920-1929 (ongeveer): Filiaal banketbakkerij Wennekes

Eerst gevonden advertentie van Chr. Th. Wennekes, Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 9/11/1920)
Eerst gevonden advertentie van Chr. Th. Wennekes, Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 9/11/1920)

Wanneer Wennekes exact haar filiaal opent is nog niet bekend; in PGNC 24/10/1919 komt nog een advertentie voor waarin Wennekes met alleen St. Jorisstraat 4. De eerstgevonden advertentie van het filiaal van Banketbakkerij Chr. Th. Wennekes op Lange Hezelstraat 84 is van november 1920, voor het Sinterklaassnoep speculaas en boterletters.

De winkel bestaat in ieder geval nog in september 1929, wanneer winkeliers tijdens de “Winkelweek Vereeniging “Hezelstraat Belangen” hun etalage zo aantrekkelijk mogelijk proberen te maken. Het PGNC 24/9/1929: “De firma Chr. Wennekes Banketbakkerijen, St. Jorisstraat 4-Lange Hezelstraat 84, wist de étalages van haar zaak in de Lange Hezelstraat al zeer aantrekkelijk te doen zijn, gelijk dan ook licht te begrijpen valt; en men behoeft niet eens zulk een groote lekkerbek te zijn om zijn blikken eens even te laten weiden over wat hier achter de winkelruit tentoongespreid wordt. Het is het beste wat de firma te bieden wist en dat zegt heel wat, want haar banketbakkerijen leveren een uitstekend product. Gebak en suikerwerken vindt men hier in rijke verscheidenheid, waarbij de honingkoek en nougat van eigen fabricaat een eerste plaats innemen.”

Tijdens deze winkelweek 1929 bevindt W. de Mots zich op 84a en E.A. van den Dungen op 84b.

Verbouwing 1920: splitsing rechter gedeelte in 2 winkels

Bestaande toestand voor de splitsing (D12.385899)
Bestaande toestand voor de splitsing (D12.385899)

In 1920 vindt de splitsing van de rechtse winkel in 2 winkels plaats. De ruimte gaat op de helft doormidden. Aan de voorkant komt,  waar de voordeur zat, een klein portiek met elk een schuine deur als toegang tot de winkel.

De bebouwing daar achter van het woonhuis blijft ongewijzigd.

Plan voor eenig verbouwing a/h perceel Lange Hezelstraat 84 te Nijmegen kad.b. Nijmegen sectie C 4366, datum dossier 4-6-1920  (D12.385899)
Plan voor eenig verbouwing a/h perceel Lange Hezelstraat 84 te Nijmegen kad.b. Nijmegen sectie C 4366, datum dossier 4-6-1920 (D12.385899)

Opvallend is dat de tekening van de bestaande voorgevel D12.385899 afwijkt van de laatst gevonden tekening D12.377738. Dit kan betekenen dat de gevonden tekening de bestaande toestand weergeeft, of dat er tussen 1899 en 1920 nog een verbouwing heeft gezeten.

Daarnaast valt op dat de “bestaande toestand” van de begane grond (vrijwel) overeenkomt met de huidig gebouwde voorgevel. Wel lijkt de dakkapel een andere plaats te hebben.

De eigenaar van het pand is E.A. van Dungen, de architect is vooralsnog niet gevonden (handtekening is moeilijk leesbaar).

Het is tot nu toe onduidelijk wat precies de adressen van deze 3 winkels zijn. Mots heeft (hoogstwaarschijnlijk) zijn winkel in een van de 2 kleinere winkels: hij zal in 1937, dan als eigenaar, de 2 winkels weer samentrekken. Het is echter onduidelijk wat in 1920 de reden van splitsing is door de eigenaar van den Dungen, terwijl Mots dan al een aantal jaren hier zijn winkel heeft.

Ook is de huisnummering in deze periode niet geheel duidelijk.

1921-1922: A. Van den Hoven

In november wordt er een advertentie van A. van den Hoven, Lange Hezelstraat 84a gevonden (PGNC 2/11/1921), waarbij hij kachels verkoopt.  Op 22-5-1922 wordt A. van den Hoven, koopman, Lange Hezelstraat 84a, failliet verklaard (PGNC 10/6/1922)

E.A. van der Dungen Jr.

E.J. van den Dungen Jr, ijzerhandel, die iig in 1924 84b haar adres heeft (Gelderlander 2/10/1924 )
E.J. van den Dungen Jr, ijzerhandel, die iig in 1924 84b haar adres heeft (Gelderlander 2/10/1924 )

Is het toeval dat we vervolgens E.A. v.d. Dungen terugzien met een ijzerhandel? Van den Hoven is immers failliet gegaan, terwijl E.A. v.d. Dungen (al dan niet jr.) de eigenaar was van het pand.

Aanvankelijk komt E.A. v.d Dungen voor op 84a…………………………………………

In het artikel voor de etalageweek in 1929: ”De heer E.A. van den Dungen, no 84b, heeft niet minder dan 200 kachels en 120 fornuizen aan te bieden, zoodat men hier zeker in zijn keuze zal kunnen slagen. Het koopen van zulk een verwarmingsapparaat is niet gemakkelijk: men moet terdege  wikken en wegen alvorens een besluit te nemen, maar het assortiment is bij deze firma zoo groot en de prijzen zijn zoo billijk gesteld, dat men hier zeker moet slagen en een keuze kan doen, die in alle opzichten bevredigen zal.” (PGNC 24/9/1929)

Rond 1925: Uitbreiding met Pakhuis

Plan voor het bouwen van een pakhuis achter het perceel Lange Hezelstraat no 84b te Nijmegen, Kad. bekend gem Nijmegen Sectie C No…, datum dossier 15-12-1925)
Plan voor het bouwen van een pakhuis achter het perceel Lange Hezelstraat no 84b te Nijmegen, Kad. bekend gem Nijmegen Sectie C No…, datum dossier 15-12-1925)

Na 1920 is de eerstvolgende gevonden bouwtekening uit 1925 voor het bouwen van een pakhuis op het linker perceel, de vroegere banketbakkerij van den Dungen. Deze wordt Lange Hezelstraat 84b wordt genoemd. Daarbij is E.A.  van den Dungen de aanvrager. Het pakhuis beslaat een groot gedeelte van de tuin.

Uit de bouwtekening blijkt tevens dat 1 van de kamers op de begane grond als “magazijn” staat ingetekend: het is onbekend of dit de bestaande is, of nieuw gepland.

1929: volledige winkel

Op de begane grond van het linker gedeelte van gesplitste de in 1899 rechter winkel wordt de keuken en berging verbouwd tot bergplaats, waarbij achteraan nog een kleinere keuken is ingetekend. Het schuine dak van de berging wordt een plat dak.

Plan tot verbouwing van perceel No 84 a/d Lange Hezelstraat te Nijmegen, Kad. Nijm. Sectie C 4386
Plan tot verbouwing van perceel No 84 a/d Lange Hezelstraat te Nijmegen, Kad. Nijm. Sectie C 4386

1932 Glasspijlen Lange Hezelstraat 84b

Aanvraag voor 3 spijlen voor iedere ruit aan te brengen, L. Hezelstraat 84B, datum dossier 24-5-1932 (D12.397881)
Aanvraag voor 3 spijlen voor iedere ruit aan te brengen, L. Hezelstraat 84B, datum dossier 24-5-1932 (D12.397881)

Vervolgens is het ontwerp gevonden om aan de voorgevel van 84b glasspijlen aan te brengen.

1937  Verbouwing: bijtrekking naastgelegen pand van Wennekes

Heropening W. de Mots (PGNC 24/11/1937)
Heropening W. de Mots (PGNC 24/11/1937)

Kruidenierszaak W. de Mots

Heropening van den gemoderniseerden winkel

Vanmiddag heeft aan de Hezelstraat no. 84 de heropening plaats gehad van de geheel gemoderniseerde kruidenierszaak van de firma W. de Mots. Inderdaad is er wel een heel groot verschil tusschen de oude en de nieuwe zaak, zulks als gevolg van een belangrijke verbouwing. Door bijtrekking van een naastgelegen pand is de winkelruimte namelijk twee maal zoo groot geworden en daardoor kunnen de diverse artikelen thans heel wat beter tot hun recht komen. Tevens gaf deze uitbreiding gelegenheid om aan de zaak een afdeeling fijne vleeschwaren te verbinden, die er werkelijk smakelijk uit ziet. Tegelijk met de uitbreiding is er een geheel nieuwe winkelinrichting gekomen, die aan het interieur een frisch en fleurig aanzien geeft; de clientèle zal zulks zeker op prijs weten te stellen.

Zoo hebben er bij de firma De Mots aan de Hezelstraat verschillende veranderingen ten goede plaats gehad, die deze reeds 35 jaren bestaande zaak zeker nog meer dan vroeger bij het publiek in den smaak zullen doen vallen.” (PGNC 25/11/1937)

De Gelderlander 25/11/1937 vermeldt daarbij dat de vroegere banketzaak van de fa. Wennekes bij de zaak van de firma de Mots is gevoegd. Er wordt geen architect genoemd. Wel: de aanleg van de electrische installatie door de fa. Alewijnse, verbouwing door de firma v. Broekhuizen en schilderwerk fa. van Dinteren.

1954: Verbouwing voor Woningrichting Kees Draper, architect Treur

1954 Lange Hezelstraat 84

Bestaande toestand: “Voorgevel van het te verbouwen pand van de heer K.Draper te Nijmegen” (D12.418250)
Bestaande toestand: “Voorgevel van het te verbouwen pand van de heer K.Draper te Nijmegen” (D12.418250)
Plan verbouwing van/het winkelpand Lange Hezelstraat No 84 te Nijmegen v/d Hr. K. Draper, datum tekening 30-11-1953 (D12.418252)
Plan verbouwing van/het winkelpand Lange Hezelstraat No 84 te Nijmegen v/d Hr. K. Draper, datum tekening 30-11-1953 (D12.418252)

In maart 1954 opent Kees Draper zijn nieuwe winkel op de Lange Hezelstraat 54. Hiervan was architect G.B. Treur de ontwerper. De winkel van Draper in de Houtstraat was tijdens het bombardement op 22-2-1954 verwoest, waarna hij in een (te) kleine noodwinkel had gezeten.

“Voorbeeld voor Lange Hezelstraat: Woninginrichting Kees Draper in ruim en modern pand”, kopt de De Gelderlander 19/3/1954. “…Ëen mooie grote winkel, twee en veertig diep en acht meter breed, is ontstaan en hierdoor kreeg de woninginrichting voldoende ruimte om evenals vóór de ramp welke haar in de Houtstraat trof, de vleugels uit te slaan.”

Bij de opening is wethouder blij met het initiatief van Draper. De Gelderlander: “Enkele jaren geleden bestond er vrees, dat de Hezelstraat min of meer weg zou zakken, evenals de Grotestraat door verwaarlozing van de panden is weggezakt. De Grotestraat zal in het kader van het saneringsplan weer een goede straat worden en ten aanzien van de Hezelstraat hebben B. en W. welbewust maatregelen willen treffen om aan deze straat zijn oude glorie terug te geven.” Duives hoopt dan ook, dat veel eigenaren het voorbeeld van Draper zullen volgen.

1955 verandering portiek Hezelstraat 84

Wijziging winkelingang perceel Hezelstraat 84, eigenaar W. Mots, Hezelstraat 84, architect B.J. Meerman. Datum tekening oktober 1955 (D12.420611)
Wijziging winkelingang perceel Hezelstraat 84, eigenaar W. Mots, Hezelstraat 84, architect B.J. Meerman. Datum tekening oktober 1955 (D12.420611)

In 1955 laat Mots de ingang van zijn winkel verbouwen, waarbij het portiek verdwijnt.

Dan komen er meldingen van bouwtekeningen voor van enerzijds het plaatsen van een zonnescherm in 1956.

1957 dubbele garage Kees Draper

En daarnaast het bouwen van een dubbele garage in 1957. De bouwtekeningen ontbreken in het dossier, door de bouwtekening bij de bouw van een toonzaal van de “bestaande situatie” (D12.454751) en de “servituden” (D12.454742)  wordt het duidelijk dat het garages voor Kees Draper betreft.

1965: Bouwen van een toonzaal

Toonzaal L. Hezelstraat 84, Opdrachtgever Kees Draper, architect Bert W.A. Goddijn, datum tekening: mei 1963 (D12.454742)
Toonzaal L. Hezelstraat 84, Opdrachtgever Kees Draper, architect Bert W.A. Goddijn, datum tekening: mei 1963 (D12.454742)

In 1965 (datum dossier) laat Kees Draper door architect Bert W.A. Goddijn een toonzaal ontwerpen. De tekening stamt uit mei 1963.

Daarbij wordt deze toonzaal gebouwd op de plaats van de toonzaal, de werkplaats, 1 van de garages en een deel van de open plaats/tuin?

D12.454742 Servituden gang aan de Lange Hezelstraat, 11-1-1963 (Gemeente Nijmegen, Dienst Publieke werken en volkshuisvesting)
D12.454742 Servituden gang aan de Lange Hezelstraat, 11-1-1963 (Gemeente Nijmegen, Dienst Publieke werken en volkshuisvesting)

Uit deze tekening blijkt dat Draper naast het “oude perceel” ook eigenaar is van perceel 7821 en van het terrein waarop de toonzaal moet komen.

Daarnaast blijkt W.E. Mots eigenaar te zijn van perceel 7822.

Kees Draper Lange Hezelstraat 80 82 84 1976F78427
Links is nog net Kees Draper te zien: Lange Hezelstraat 80, 82 en 84, 1976
(Evert F. van der Grinten via F78427 RAN CCBYSA)

Van der Waarden Architect Nijmegen

OVER Wijnandus Johannes Hermanus van der Waarden (Nijmegen, 15 november 1860 – Nijmegen, 25 september 1930) Wijnandus Johannes Hermanus van…

Bouw 2 boven- en 2 benedenwoningen, Dominicanenstraat 143-147a (huidig), F. van Broeckhuijsen, datum bouwdossier 24-03-1903 (D12.378472)
#Nijmegen

Franciscus van Broeckhuijsen, aannemer “timmerman”

Franciscus van Broeckhuijsen was een aannemer, die daarnaast ook zelf panden heeft ontwikkeld. Waaronder een aantal panden aan de Dominicanenstraat, op de percelen naast zijn eigen huis.

Een lezer schreef: “Heb je toevallig meer informatie over de F van Broeckhuijsen. Ik weet verder niet heel veel over deze architect alleen dat hij naar mijn mening 3 mooie werken heeft geleverd.

Voorstadslaan 51-53
Dominicanenstraat 143-147A
Groesbeeksedwarsweg 175-183″

Uit de tot nu toe gevonden gegevens lijkt van Broeckhuijsen vooral aannemer te zijn geweest. Wel zijn inmiddels een aantal bouwtekeningen gevonden, waarbij van Broeckhuijsen (waarschijnlijk) de architect is geweest: zijn naam staat althans op de tekening.

Deze pagina zal in de loop der tijd worden aangevuld, waarbij gefocust zal worden op de panden die van Broeckhuijsen zelf heeft ontworpen.

Franciscus van Broeckhuijsen

Franciscus van Broeckhuijsen Dominicanenstraat 153 (Bevolkingsregister 1910)
Franciscus van Broeckhuijsen Dominicanenstraat 153 (Bevolkingsregister 1910)

Franciscus van Broeckhuijsen is geboren op 2-7-1854 te Winssen. Zijn ouders zijn Michiel Franciscus van Broeckhuijsen, zonder beroep en Petronella Croonen (OpenArchieven)

Op basis van de bouwtekening D12.377958 (voor Dominicanenstraat 137, zie hieronder) blijkt van Broeckhuijsen in ieder geval in 1901 al op de hoek van de Dominicanenstraat en de van Nispenstraat te wonen. Ter rechterzijde is er alleen een verwijzing naar het “R.K. Kerkhoff”.

Op 19 juli krijgt Broeckhuijsen een voorwaardelijke hinderwetvergunning voor: “ 19 Juli, voorwaardeliik aan F. van Broeckhuijsen, ten behoeve zijner timmerinricbting in het perceel Dominicanenstraat no. 153, kad. bek. Hatert, sectie A, no. 3874” (Gemeenteverslag 1910) … “eene door elektriciteit gedreven inrichting voor houtbewerking” (PGNC 23/7/1910)

Het gezin bestaat dan uit:

  • Franciscus van Broeckhuijsen (2-7-1854 Winssen – 13-3-1917), zijn beroep is dan “timmerman”
  • Antonetta Bernulij (11-5-1852 Druten), zijn vrouw
  • Petronella Helena (20-4-1887), dochter. Zij komt op 28-7-1900 naar Nijmegen vanuit Vlijmen en zal op 18-6-1919 vertrekken naar Druten
  • Egilius Petrus (2-6-1888), zoon. Hij heeft als beroep “timmerman” en trouwt op 29-7-1919

Dominicanenstraat

Van Broeckhuijsen zal in de beginjaren van 1900 een aantal panden bouwen op de nog lege ruimte tussen de panden van Lamers en zijn eigen huis op Domicanenstraat 153:

  • Dominicanenstraat 137
  • Dominicanenstraat 141
  • Dominicanenstraat 143-147a

Daarbij lijkt in ieder geval voor nummer 137 een “eigenaar” in de vorm van bakkerij Bernards; Domicanenstraat 139 is niet door van Broeckhuijsen uitgevoerd. Mogelijk zijn de nummers 141 en 143-147a voor eigen rekening gebouwd.

Dominicanenstraat 137 Bakkerij Bernards

Bouw van een winkel bakkerij en woonhuis Dominicanenstraat 137 (D12.377958)
Bouw van een winkel bakkerij en woonhuis Dominicanenstraat 137 (D12.377958)

Op 2-2-1900 heeft de gemeente het verzoek ontvangen voor de “vergunning tot het oprichten van eene bakkerij op het perceel aan de Domicanenstraat, kadastraal bekend Hatert, Sectie B, no. 23?6”.

De eigenaar is dan J.A. Bernards, de “uitvoerder” F. van Broeckhuijsen.

De deur links is de opgang naar een bovenwoning (zie hieronder). Daarnaast bevindt zich de winkel van de bakkerij, met de ingang in het midden. De winkel beslaat slechts een klein deel van de oppervlakte. Daarachter bevindt zich het woongedeelte en een open plaats.

Weer daar achter is de feitelijke bakkerij met bakkerij oven en tenslotte een kleine tuin.

Bouw van een winkel bakkerij en woonhuis, Dominicanenstraat 137, Eigenaar J.A. Bernards, uitvoerder F. van Broeckhuijsen, datum bouwdossier 26-1-1900 (D12.377958)
Bouw van een winkel bakkerij en woonhuis, Dominicanenstraat 137, Eigenaar J.A. Bernards, uitvoerder F. van Broeckhuijsen, datum bouwdossier 26-1-1900 (D12.377958)

In het Adresboek van 1901 komt J.A. Bernards, broodbakker, voor op Dominicanenstraat 137. Afgaande op het Bevolkingsregister van 1910 had Bernards een groot gezin. Daarbij blijkt uit bouwtekening dat D12.377958 zowel de begane grond als de eerste verdieping een keuken heeft: was de bovenwoning in gebruik door een (deel)gezin van Bernards?

Familie Bernards, Dominicanenstraat 137, Bevolkingsregister 1910
Familie Bernards, Dominicanenstraat 137, Bevolkingsregister 1910

In een advertentie van 1924 is het nog “Electr. Brood- en Beschuitbakkerij J. A. Bernards” (De Gelderlander 30/1/1924); in 1932 woont J.A. Bernards inmiddels op Hobbemastraat 28 en komt L.J.G. Bernards, bakker, voor op de Domincianenstraat. In De Gelderlander 26/7/1946 (advertentie voor de aankondiging van de vakantie voor bakkers) is het L. Bernards.

Dominicanenstraat 141

Bouwen van benedenwoning en bovenwoning, Dominicanenstraat 141, eigenaar F. van Broeckhuijsen, datum bouwdossier 29-6-1900 (D12.377956)
Bouwen van benedenwoning en bovenwoning, Dominicanenstraat 141, eigenaar F. van Broeckhuijsen, datum bouwdossier 29-6-1900 (D12.377956)

Dominicanenstraat 143-147A

Bouw 2 boven- en 2 benedenwoningen, Dominicanenstraat 143-147a (huidig), F. van Broeckhuijsen, datum bouwdossier 24-03-1903 (D12.378472)
Bouw 2 boven- en 2 benedenwoningen, Dominicanenstraat 143-147a (huidig), F. van Broeckhuijsen, datum bouwdossier 24-03-1903 (D12.378472)

Het blijkt dan om de percelen Sectie A No 2399 en 2400 te gaan (D12.382135)

“Op 24 maart 1903 werd aan F. van Broeckhuijsen vergunning verleend voor de 2 Boven- en 2 Benedenwoningen in de Dominicanenstraat” (huisnummers 143 t/m 147A) (Rob Essers op Noviomagus).

Postkantoor

1899 Dorpsstraat 16/18 Hees

Op Noviomagus.nl staat de bouwtekening weergegeven van de “Dorpsstraat 16/18” in Hees, welke in 1899 is gebouwd. Hetzij direct gebouwd als postkantoor, hetzij dat het pand al spoedig in gebruik is genomen als postkantoor. Op Noviomagus staat veel informatie over dit gebouw met daarbij een aantal foto’s.

Groesbeeksedwarsweg 175-183

Op de bouwtekening staat F. van Broeckhuijsen weergegeven. (D12.378526, Datum bouwdossier 14-7-1903, datum tevens in verso weergegeven op de tekening).

Bij de aanleg van de huisriolering (D12.383214, datum bouwdossier 12-11-1912) staat op bouwtekening “De Eigenaar F. van Broeckhuijsen” weergegeven. Het betreft “Gemeente Hatert, Sectie A 3266-3267-3268-3269-3460-3461-3462”

Voorstadslaan 51-53

Een mooie foto uit 1980 is te zien op F10067 RAN.

Overig gevonden werken

Daarnaast zijn een aantal vermeldingen gevonden, waarbij nog niet duidelijk is welke panden het betreft en welke rol van Broekhuijsen heeft gehad:

  • Aanvraag Bouwvergunning voor Dommer v. Poldersveldtweg- 4 Arbeiderswoningen (Gemeenteverslag 1901)
  • St. Geertruidastraat. 1 Met pakh en werkpl. (Gemeenteverslag 1902)
  • In april 1902 heeft van Broeckhuijsen de Bloemkwekerij “Koninginnelaan” gelegen onder Nijmegen en Hees aan de Voorstadslaan groot 54.84 A” voor f6400 gekocht (PGNC 23/4/1902). Waarschijnlijk/mogelijk relateert deze koop aan de bouw van de woningen op Voorstadslaan 51-53