Badhuis Koolemans Beijnenstraat Daalseweg. Badhuis geopend in 1928 architectuur Dienst Gemeentewerken Nijmegen exploitatie door Woningvereeniging Nijmegen
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Badhuis Koolemans Beijnenstraat Daalseweg

1928, Daalseweg 262, Altrade Dienst Gemeentewerken, Rijksmonument

Voormalige Badhuis, Daalseweg 262 hoek Koolemans Beynenstraat (september 2024)
Voormalige Badhuis, Daalseweg 262 hoek Koolemans Beynenstraat (september 2024)

Het badhuis aan de Koolemans Beynenstraat / Daalseweg was het vierde badhuis van Nijmegen. Deze ging open in juli 1928. Het ontwerp was afkomstig van de Dienst Gemeentewerken. Woningvereniging Nijmegen voerde daarvan de exploitatie. In 1985 sloot het badhuis en werd het verbouwd tot theater.

Vanaf ongeveer 1900 onstonden in Nederland badhuizen: hier konden mensen tegen een (geringe) vergoeding een bad of “stortbad” (een soort douche) nemen. In deze periode was er meer aandacht gekomen voor het belang van hygiëne, gezondheid en levensstijl. De meeste badhuizen werden gebouwd in wijken met arbeiderswoningen, die meestal waren gebouwd zonder sanitair. De wekelijkse wasbeurt vond dan meestal plaats in een wasteil, waarbij een gezin zich achter elkaar in hetzelfde water waste en waarbij het water steeds een beetje grijzer werd.

Badhuis voor nieuwe woonwijk en Spoorbuurt

Het badhuis aan de Koolemans Beynenstraat / Daalseweg was het vierde badhuis van Nijmegen welke in juli 1928 open ging. Tussen 1926 en 1930 ontstond in deze buurt een nieuwe woonwijk. Het badhuis was dan ook bedoeld voor de bewoners van deze nieuwe wijk en voor die van de Spoorbuurt, welke in 1925 gereed was gekomen.

Het gebouw was symmetrisch opgezet, met een gescheiden mannen- en vrouwenvleugel. Daarnaast had het een beheerderswoning op de bovenverdieping van het voorgebouw.

Het ontwerp was afkomstig van de Dienst Gemeentewerken, in een stijl met invloeden van de Amsterdamse School. Woningvereniging Nijmegen voerde daarvan de exploitatie. Naast onderstaande is een omschrijving te vinden op de Rijksmonumentenlijst.

Bij de opening in 1928

Badhuis Koolemans Beijnenstraat Daalseweg. Badhuis geopend in 1928 architectuur Dienst Gemeentewerken Nijmegen exploitatie door Woningvereeniging Nijmegen
Badhuis Koolemans Beijnenstraat Daalseweg. Badhuis geopend in 1928 architectuur Dienst Gemeentewerken Nijmegen exploitatie door Woningvereeniging Nijmegen

De Gelderlander schrijft bij de opening:

Het badhuis aan de Koolemans Beynenstraat – hoek Daalscheweg.

De inrichting.

Op een kruispunt van wegen werd het vierde, openbare badhuis gebouwd.

Het mocht niet te veel uit den band der omgeving springen, te midden van de nieuwstad van middenstandswoningbouw en volkshuisvesting der woningbouwcomplexen van Sant- en Koolemans Beijnenstraat.

Er spreekt zekers welstand uit dezen geheelen woonwijk en deze ligt ook in het nieuwe badhuis uitgedrukt.

Aan het pleintje komt de sobere, breed den hoek afdekkende voorgevel goed voor. Geen onnoodige tooi, maar sobere lijn siert den effen gevel, waarin alleen het gesmeed ijzeren opschrift van badhuis, dat bij avond op bijzondere wijze kan verlicht worden, op de bijzondere bestemming van dat gebouw wijst. Groen omringt den bouw en boomen zullen het achterhuis na verloop van tijd deels aan het oog onttrekken.

Binnen speelde gerief en hygiëne de hoofdrol.

Wat aan andere badhuizen te verbeteren viel is hier gebeurd.

De praktijk was hier een uitstekende raadgeefster.

Na binnenkomst door hoofdtoegang komt men in een kleine hall, vanwaar men dadelijk het controle-kantoortje van den badmeester nadert- deze geeft hier ook de baddoeken uit, welke hij in voorraad heeft,  in een kamertje vlak naast de controle.

Mocht het druk loopen en dus alle beschikbare badgelegenheden bezet, dan vinden de bezoekenden ieder voor hun afdeeling twee prettig ingerichte wachtkamers- zalen zullen wij maar niet zeggen, wijl de ruimten daarvoor te gezellig zijn en toch modern geïnstalleerd.

Hier valt al dadelijk op, dat de bouwmeesters ook gezocht hebben naar harmonie en kleuren, naast die in lijn.

Van donkerrood en leiblauw en groen loopen de kleuren over in rose en lichtblauw en wit. In de vloerbedekking tot lambrizeering en verdere muurbedekking vindt met dezelfde kleurentoon.

En het is werkelijk een fraaie verbetering dat men hier de muren niet betegeld heeft, maar voorzien van rose en blauwige terrazzo wanden, op duurzame wijze smaakvol en vakkundig uitgevoerd door de Nijmeegsche Terrazzowerken Union, van den heer d’Agnolo.

Dan krijgt men de kern van het gebouw: de badhallen.

Het is een frissche, ruime zaal, met licht dak en zonneglas, dat het daglicht in vollen glans doorlaat.

Beide afdeelingen, zoo voor dames als heeren, zijn op gelijke wijze geïnstalleerd.

De badcellen zijn -geheel van elkaar gescheiden, met tot de afdekking doorgetrokken wanden, zijn hygiënisch en tegelijk voor het gemak der badenden ingericht en natuurlijk voorzien van warm- en koudwaterleiding en verder van het gerief, dat men in een model ingerichte volksbadkamer mag verwachten.

De douches zijn af- en steeds goed verwarmd, wijl in iedere afdeeling een kleine radiator der centrale verwarming is aangebracht. Voor zeepbakjes, kleerenkapstok, spiegeltjes, bankje, electrisch licht, doelmatige celafsluiting en waterafvoer, voor tijdklokken, voor alles is uitstekend gezorgd. En wat een heele verbetering mag genoemd worden, is dit, dat de damp niet in de cellen blijft hangen, maar onmiddellijk kan wegtrekken langs de tochtramen in het glazen dak. Deze ramen kunnen van binnen de badhallen heel makkelijk even geopend worden als dat noodig blijkt te zijn.

In de badkamers zijn hier de kuipbaden geheel in granito ingebouwd- wat voor de schoonmaak zeer bevorderlijk is.

De lichtkap is afgezet met celo-tex- een Amerikaansche product van riet- dat geen vocht aanneemt en voorkomt, dat de zoldering er onooglijk gaat uitzien.

De electrische lichtleiding is waterdicht- kan dus niet gaan roesten.

Eenige hygiënisch ingerichte W.C.’s zijn aangebracht.

In het sousterrein, ruim en luchtig, staat de centrale verwarming; twee verwarmingsketels van groot vermogen staan er opgesteld en daarnaast liggen twee groote bowls voor de watervoorziening. Het systeem van stoomverwarming wordt hier toegepast. Bovendien is het badhuis voorzien van eigen waschinrichting voor de benoodigde badhanddoeken, waarvoor een doelmatige electrische waschinstallatie is aangeschaft.

Hoe ingewikkeld het buizennet in een goed geoutilleerde badinrichting is, kan men hier eens goed waarnemen. Dit technische onderdeel, dat van veel beteekenis is, bleek volkomen in orde. Hier in den kelder kan de koud- en warmwater toe- en afvoer geheel genormaliseerd worden. In den kelder is ook de groote kolenbergplaats.

De badhuisbouwmeesters in onze stad houden van nieuwigheden en zoeken steeds het betere en zullen ook in de toekomst niet stilstaan, wanneer er correcties aan badhuizen kunnen worden aangebracht.

Dit vierde badhuis is alweer doelmatiger en prettiger ingericht dan de vorige- ook in dit opzicht toont Nijmegen vooruitgang en een voorbeeld te zijn voor andere plaatsen in soberen, practischen, degelijken bouw.

De directie van Gemeentewerken heeft eer van haar ontwerp, dat vakkundig is uitgevoerd door de Nijmeegsche aannemersfirma W.H. Hoes.

De warm- en koudwaterinstallatie benevens centrale verwarming is aangelegd door de N.V.G.W. Leentvaar’s metaalhandel, St. Annastraat. Het stucadoorwerk werd verzorgd door de firma C.J. Clemens, de electrische installatiedoor de firma H.W. Gest; het verfwerk door de firma H.J. Vrijaldenhoven; het lood- en zinkwerk door de firma W. Engelaar en het gesmeed hekwerk door de firma Gebrs. Jansen.

Om het badhuis ontwierp de afdeeling gemeente-plantsoenen een frissche groen- en plantversiering.

De Woningvereeniging Nijmegen, waaraan door het gemeentebestuur de exploitatie van dit model-badhuis werd overgedragen, zal ongetwijfeld de vele gebruikers van dit badhuis weten te gerieven.

De heer G.M. Bregonje is portier van dit badhuis, dat in een behoefte voorziet.

Heden en morgen is de badinrichting kosteloos te bezichtigen. Maandag wordt zij geopend.” (De Gelderlander 7/7/1928)

Tarieven

Tarieven Badhuis (PGNC 7/7/1928)

In juli 1928 plaatsen “Eenige bewoners, candidaat-baders” een ingezonden brief dat de prijzen van het badhuis te hoog zijn: “Een stortabad à f 0,15 en een kuipbad à f 0,30 is toch wel wat erg aan den hoogen kant, als men tenminste niet alleen voor zich zelf heeft te zorgen en er de weelde op na durft te houden van een middalmatig gezin om van een groot gezien nog niet te spreken. Een gezin van 5 personen zou nu aan ’t badhuis moeten uitgeven b.v. 3 stort + 2 kuipbaden = f 1,05 per week.” Daarbij lijken de goedkope dagen niet aan te sluiten bij de gebruikers: “De 1e helft der week toch is bestemd voor hen voor wie ’t bezwaarlijk is dan te baden, terwijl de 2e helft is gereserveerd voor hun die evengoed in ’t begin der week van ’t badhuis gebruik kunnen maken. Het waarom zullen wij niet nader uiteen behoeven te zetten.” (PGNC 9/7/1928)

In 1930: “In het badhuis aan de Kolemans-Beijnenstraat is in het afgeloopen jaar het gebruik der baden zoowel voor volwassenen als voor kinderen wederom belangrijk toegenomen. Het exploitatie-tekort bedroeg f 2.957,45 (PGNC 25/8/1931)

In het jaar 1931 was het gebruik van het badhuis aan de Koolemans Beijnenstraat wat verminderd, terwijl de overige juist qua bezoekersaantal waren gegroeid. Daarnaast steeg het exploitatie-tekort van f 2.057, 45 in 1930 naar f 3.006,40 in 1931. (Overigens kampten alle badhuizen met een tekort.) (PGNC 25/8/1932)

In 1935 is het bezoek ten opzichte van het jaar ervoor met 2.000 afgenomen. (PGNC 15/1/1936). Op 4-4-1936 worden de tarieven verlaagd, waarbij een 5 dagen per week een stortbad 7,5 cent kost. Eind 1936 blijkt dat “… zoowel wat het meerdere bezoek als wat het verkrijgen van betere financieele resultaten betreft, niet aan de gestelde verwachting beantwoordt.” “Nu het badhuis aan de Nieuwe Markstraat is gelsoten, ligt het in de verwachting dat de terugslag, welke het badhuis aan de Koolemans Beynenstraat ondervond door de vestiging van het Sportfondsenbad, niet verder op het financiele resultaat van invloed zal zijn, daar speciaal de Vrijdagen en Zaterdagen zich weer in een druk bezoek aan dit badhuis mogen verheugen.” (De Gelderlander 14/12/1937)

Abonneren

Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.

De laatste jaren van het Badhuis

Begin jaren 80 is het Badhuisvolgens de Wijkkrant een “van de meest geheimzinnige gebouwen in Oost”. De meeste mensen hebben inmiddels een douche of bad. Het eigendom is nog steeds in handen van de gemeente, waarbij woningbouwvereniging “Nijmegen” het pand beheert.

In mei 1981 is het badhuis het enige in Nijmegen dat nog open is. Dan is het badhuis alleen nog op zaterdag open, waar ongeveer 50 mensen een douche of bad komen nemen: “Bezoekers zijn zowel jongeren, gastarbeiders als ouderen uit de buurt, die thuis nog geen douche of bad hebben.” Het beheer is in handen door een “aantal jongeren, die boven het badhuis wonen en de zaak schoonhouden.” En douche kost 70 cent, een (lig)bad 1 gulden. Een stukje zeep 30 cent. De directeur van woningbouwvereniging Nijmegen, de heer Lieber, is dan al voor sluiting en herbestemming: het gebouw wordt te weinig gebruikt en de (energie) kosten zijn erg hoog. Het zou beter zijn om mensen te laten douchen in het Sportfondsenbad. (Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/5/1981)

Het artikel “Zaterdag – Dus in Bad” van Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/7/1982 geeft een mooie inkijk in de laatste dagen van het badhuis aan de Daalseweg: nog steeds is zaterdag de “topdag”: het is dan namelijk de enige dag dat het badhuis nog open is. Daarbij ben je direct aan de beurt. “Toch is het aantal bezoekers ook weer niet zo laag dat het aan te bevelen is om het badhuis te sluiten.”

Op dat moment is er het idee om de 8 uur dat het badhuis op zaterdag open is te verlagen naar 4 uur en de andere 4 uur gebruiken om een avond in de week open te gaan. Zo kunnen studenten ’s avonds na het sporten het badhuis bezoeken. De Woningvereniging is positief over het voorstel en wachten op het antwoord van de gemeente. “Omdat de Woningvereniging gelijk voorstelde het badhuis aan de Tulpstraat te sluiten en daardoor echt wel een duit in het zakje doet om de verliezen zo klein mogelijk te laten zijn vond ze dat wel gek. Ze hebben daarom het badhuis aan de Tulpstraat maar gesloten.” De Wijkkrant ziet het somber in: Nijmegen is op dat moment “plat zak”. “En dat houdt ook voor het badhuis een risico in. Ook het badhuis is één van die vele Nijmeegse instellingen die hopen het laatst aan de beurt te zijn.” (Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/7/1982)

1985: Sluiting Badhuis en verbouwing tot theater

Voormalige Badhuis, Koolemans Beijnestraat (september 2024)

In 1985 werd het badhuis gesloten. Daarop verbouwden E.A. Hulstein en P. van Hontem tussen 1987 en 1988 het pand tot theater. Het exterieur bleef vrijwel geheel intact. De feitelijke badruimte werd verbouwd tot theaterzaal. De beheerderswoning werd het kantoor van het theater. Het dak van glasplaten van het achterste gedeelte kreeg een zinken dak.

Tussen 2002 en 2022 kwam Jeugdtheater Kwatta in het pand. In 2023 nam Theatergroep de Horde het pand in een gebruik: zij ontwikkelt en vertoont jeugdpodiumkunsten.

Rijksmonument

Het gebouw is sinds 2002 een Rijksmonument, met als waardering:

  • “Van architectuurhistorische waarde als een goed en vrij gaaf voorbeeld van een groot badhuis in een stijl die invloeden vertoont van de Amsterdamse School. Het badhuis heeft esthetische kwaliteiten in het ontwerp zoals goede verhoudingen en een bijzonder materiaalgebruik en ornamentering. Het badhuis heeft bovendien architectuurhistorische waarde omdat het als bouwtype zeldzaam is geworden.
  • Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van een in dezelfde periode tot stand gekomen woonwijk en vanwege de markante ligging op een wigvormig terrein aan een plein waar vijf wegen samenkomen.
  • Van cultuurhistorische waarde vanwege de bestemming, welke verbonden is met een historische ontwikkeling nl. het van gemeentewege oprichten van openbare badhuizen in uitbreidingswijken.”

Altrade

Deze pagina verzamelt reeds gemaakte artikelen over de wijk Altrade. Romeins amfitheater hoek Rembrandtstraat-Mesdagstraat In de buurt van Romeinse legerkampen…

Badhuis Maasplein

Het Badhuis is gebouwd in opdracht van Woningvereeniging Nijmegen, naar een ontwerp van de architect J.C. Hermans (1921-22). Daarbij was…

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Badhuis_(Nijmegen)

Rijksmonumentenlijst

https://nl.wikipedia.org/wiki/Badhuis

Links het Centraalgebouw van Christelijke Belangen, op de hoek van de Hendrik Hoogersstraat, 1923 (Uitg. J.H. Schaefer via F15812 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Kerkzaal Bijleveldsingel

1923-1924 Bijleveldsingel 44 (huidig)

Links het Centraalgebouw van Christelijke Belangen, op de hoek van de Hendrik Hoogersstraat, 1923 (Uitg. J.H. Schaefer via F15812 RAN)
Links het Centraalgebouw van Christelijke Belangen, op de hoek van de Hendrik Hoogersstraat, 1923
(Uitg. J.H. Schaefer via F15812 RAN)

Veel Nijmegenaren zullen dit gebouw kennen als de plaats waar ze hun eerste danspassen hebben geoefend bij Danscentrum Vermeulen. Daarvoor was het gebouw in gebruik bij het Jeugdhuis de Wedren. Oorspronkelijk is het pand echter gebouwd als “Kerkzaal” van de Nederlandse Hervormde Kerk.

Het gebouw bestaat uit een grote zaal voor predikdiensten en grote vergaderingen. En daarnaast kleinere lokalen voor verenigingen en is er ene woning voor de godsdienstonderwijzer.

De eerste-steenlegging

Eerste steen hoek Bijleveldsingel (oktober 2025)
Eerste steen hoek Bijleveldsingel (oktober 2025)

In januari 1923 besluit heeft het bestuur van de Vereeniging voor Evangeliatie “in samenwerking met een daartoe opgericht comité uit de Ned. Herv. Gemeente alhier besloten grond aan te koopen voor een te stichten kerkzaal aan den Bijleveldsingel. Het plan is deze zaal nog dit jaar te bouwen.” (PGNC 30/1/1923)

De “eerste-steenlegging” vond daadwerkelijk dat jaar plaats: op 12 September 1923. Daarbij werd een gedenksteen geplaatst door een dochtertje van ds. Posthumus Meijjes en een zoontje van ds. van Selms.

Bij deze plechtigheid namen een aantal personen het woord, onder andere: “de heer van Valkenburg, ds. Couvée, die indertijd den stoot had gegeven voor de oprichting van het dit gebouw, ds. Posthumus Meijjes als wijkpredikant en ds. van Selms als voorzitter der Evangelisatie-vereeniging.” (PGNC 13/9/1923)

Bij de opening

De Kerkzaal aan den Bijleveldsingel.

Aan den Bijleveldsingel, hoek Hendrik Hoogersstraat, is verrezen een Kerkzaal van de Vereeniging voor Evangelisatie alhier. Het gebouw ligt daar op een fraai punt en zal, wanneer het uitwendig geheel voltooid zal zijn, daar wel een vriendelijken indruk maken. Inwendig is men met den bouw gereed gekomen en Vrijdagavond a.s zal de opening plaats hebben met een feestelijk samenzijn, waarin ds. Couvée en ds. van Selms het woord zullen voeren en een zangkoor zich zal doen hooren. De eerste godsdienstoefening wordt a.s. Zondag om 10 uur geleid door ds. Pothumus Meyjes; het zal, gelijk alle kerkdiensten, in het nieuw gebouw te houden, zijn een Lithurgische dienst.

De totstandkoming van deze Kerkzaal en de wijze waarop zij, met enorme offervaardigheid van velen, is geschied, is een verheugende uiting van protestantsch leven in onze stad. Zij is de bekroning van het streven, sinds vele jaren, van de Vereeniging voor Evangelisatie naar een eigen centraal gebouw. Bij den penningmeester, den heer Haspels, kwam op een inderdaad goeden dag een gift van f 2,50 binnen “voor een nieuwe Kerkzaal” en dit was feitelijk het begin van het grootse werk, dat met vereende krachten en met zoo verblijdend resultaat tot het einddoel heeft geleid. Nadien werd het bestuur geregeld verheugd met vrijwillige giften voor genoemd doel. Toen in 1908 de godsdienstoefeningen niet meer, zooals voordien het gebruik was, konden plaats vinden in de Harmoniezaal, werd besloten tot stichting van een eigen Kerkzaa. Van dat ogenblik af vermeerderden de bijdragen: ze beliepen van 1908-1920 f 1200 en in 1920, nadat de magere oorlogsjaren achter den rug waren, alleen f 12.000. Thans is het totaal der vrijwillige giften gestegen tot f 55.000, zoodat nog slechts een bedrag van f 25.000, verkregen door een 4 pct. Obligatieleening, noodig was om de kosten van den bouw, verwarming en meubileering, zijnde f 80.000, bijeen te krijgen.

Er werd een commissie benoemd, bestaande uit de heeren D.J. Haspels, J.J. Kok en D. Monshouwer, die de plannen voor het te stichten gebouw ontwierp en toezicht hield op den bouw, welke op zeer te loven wijze is verricht door den heer W.J.G. Knoops, aannemer alhier, die zich ’t vertrouwen, door de commissie in hem gesteld, in alle opzichten heeft waardig gemaakt. De eerste steen-legging geschiedde op 12 September 1923 door Harry Posthumus Meyes en Karel van Selms en thans is de Kerkzaal gereed voor hare bestemming, de versterking van het protestantsch geloofsleven te Nijmegen.

Wie door den hoofdingang op den hoek van den Bijleveldsingel en de Hendrik Hoogerstraat het gebouw binnentreedt, wordt in de royale vestibule reeds dadelijk getroffen door de frisschen tinten, den overvloed van licht en de gerieflijken, welke deze “Kerkzaal” zoo gunstig onderscheiden van de meesten kerken van ouden datum. Men vindt er o.a. garderobes en toiletten. In de zaal zelve wordt die prettige indruk nog versterkt. Wat den bezoeker het eerst opvalt is het woord uit Genesis 32: 26 “Ik zal u niet laten gaan, tenzij dat gij mij zegent”, dat in fraaie letters boven het spreekgestoelte is aangebracht. En tegelijkertijd komt een gevoel van warmte over hem door het kleurige en gezellige van ’t interieur met de tegel-lambrizeering, het mooie schilderwerk, glas-in-lood vensters en al hetgeen verder er toe bijdraagt dat hier binnentreedt zich aanstonds thuis en op zijn gemak gevoelt.

De Kerkzaal bestaat uit een hoofd- en twee nevenzalen, die evenwel kunnen worden vereenigd tot één groote zaal, welke dan 900 personen kan bevatten. Van elke plaats af heeft men uitzicht op het spreekgestoelte, waarboven de orgel- en koor-galerij gelegen is. Aan de overzijde van het spreekgestoelte bevindt zich, boven den ingang van de zaal, eene tribune, plaats biedende voor nog 40 personen. Het spreekgestoelte kan naar behoefte worden vergroot. Voorts is eene inrichting aangebracht voor het projecteeren van lichtbeelden.

Boven elken vleugel van de Kerkzaal zijn op de eerste verdieping twee zalen voor vergaderingen e.d. aangebracht, die eveneens tot één groote zaal kunnen worden samengevoegd. Een dezer vier zalen zal doorloopend in gebruik zijn bij de Chr. Jongemannen-Vereeniging. De toegang naar de boven-zalen zoomede naar de woning van den Evangelist, den heer J.C. van Gaalen, uit Gasselt, is in de vestibule.

De tweede toegangsdeur tot het gebouw is aan den rechterkant op den Bijleveldsingel. Hierdoor komt men in een bergplaats voor rijwielen, vervolgens in de leskamer voor het houden van catechisatie en, na een tuintje te zijn overgewandeld, in de achter het spreekgestoelte gelegen kamer voor het bestuur, waar de opgangen zijn naar dit gestoelte, de orgel- en zanggalerij en de daaraan verbonden Koorkamer met ruimte voor 40 zangers.

In het sousterrain bevinden zich een brandvrije archiefkamer, een kelder en de meters voor de gasverwarming. In alle zalen zijn n.l. groote gaskachels geplaatst, daar deze wijze van verwarming het voordeeligste werd bevonden en ook doeltreffender bleek te zijn dan centrale verwarming in verband met de behoefte om in elke lokaal apart te kunnen stoken. Onder den vloer van de groote zaal is er ruimte voor het opbergen van stoelen op de manier als dit in “De Vereeniging” onder het amphitheater geschiedt.

Bij den bouw is gerekend op een minimum van onderhoud. Er zit aan de ramen geen stukje hout, de drempels en trappen zijn van graniet, kortom, behoudens de vloeren en de verf op de muren kan men zeggen, dat het gebouw menschelijkerwijs gesproken niet te verslijten is. Het geheel getuigt dan ook van den praktischen zin van de ontwerpers van het bouwplan, die daarbij toch op zeer gelukkige wijze hebben voldaan aan de eischen van aesthetica.

Ook bij de godsdienstoefeningen zal in dit gebouw worden gebroken met de zoo vaak bekritiseerde wijze van collecteeren, in vrijwel alle kerken thans nog in zwang. Er zal n.l. worden gecollecteerd met een klein zakje, dat de kerkganger zelf doorgeeft aan die naast hem zit. Tenslotte vermelden wij nog, dat de volgende firma’s aan den bouw hebben medegewerkt: schilderwerk firma Frowein en Mom, electrische verlichting fa. L.A. Moll, verwarmingsinrichting fa.. Leentvaar, hardsteen fa. Godschalk, gebrand glas fa. Bilderbeek. Zij allen hebben keurig werk geleverd.” (PGNC 6/3/1924)

Vervolg

Hoek Bijleveldsingel, tegenwoordig Danscentrum Vermeulen (oktober 2025)
Hoek Bijleveldsingel, tegenwoordig Danscentrum Vermeulen (oktober 2025)

Een mooie foto van binnen uit 1959 is te zien op GN9729 RAN: “Zondagsschool in het Centraalgebouw voor Christelijke Belangen, in dit gebouw waar ook catechisatie werd gegeven, was ook de jeugdsoos Tetra gevestigd en had het Christelijk Nederlands Jongerenverbond er zijn vaste stek. Het gebouw werd ook wel jeugdhuis de Wedren genoemd. Nu in gebruik als danscentrum Vermeulen”

Een foto uit 1981 als Jeugdhuis de Wedren is te zien op F20141 RAN.

Emmalaan 10 Nijmegen voorheen Emmalaan 5. Achitect is Oscar Leeuw, gebouwd in 1902 1903
#Nijmegen

Emmalaan

Emmalaan 10 Nijmegen voorheen Emmalaan 5. Achitect is Oscar Leeuw, gebouwd in 1902 1903
Emmalaan 10 Nijmegen voorheen Emmalaan 5. Achitect is Oscar Leeuw, gebouwd in 1902 1903

De aanleg van de Emmalaan houdt verband met de stichting van de het Villapark Hees, welke uiteindelijk nauwelijks van de grond is gekomen: uiteindelijk zijn er tussen 1903 en 1904 slechts 3 villa’s gebouwd. De eerstvolgende bouw was in 1924.

Naam Emmalaan

De straat is vernoemd naar “Koningin Emma” oftewel Adelheid Emma Wilhelmine Therese van Waldeck Pyrmont (Arolsen, Duitsland 2 augustus 1858 – ‘s-Gravenhage 30 maart 1934). De naam is in de Raadsvergadering van 5-3-1904 vastgesteld.

1904: Jubileum Emma

Hoewel er geen reden wordt gegeven bij de vaststelling van deze naam, is het waarschijnlijk dat er een verband is met het 25-jarig jubileum van de zeer populaire Emma.

In 1904 waren er in het hele land grote feesten ter herdenking van het 25-jarig jubileum dat Emma naar Nederland was gekomen. Zij was op 1-1-1879 getrouwd met koning Willem III. Op 14-11-1890 wordt zij benoemd tot Regentes. Willem III is niet meer in staat te regeren en zal op 23-11-1890 overlijden. Op 8-1-1890 wordt zij als Regentes beedigd om de regeringstaak waar te nemen, totdat prinses Wilhelmina meerderjarig wordt. Op 31-8-1898 volgt Wilhelmina Emma op. In Nijmegen zijn er op 20 en 21 april 1904 2 grote feestavonden in Sociëteit de Vereeniging. Een verslag van de “Eerste Emma-avond” is te lezen in PGNC 22/4/1904

Emmalaan 10 Nijmegen voorheen Emmalaan 5. Achitect is Oscar Leeuw, gebouwd in 1902 1903

Emmalaan 10 (villa 2) architect Oscar Leeuw

Rond 1908 verkoopt M. Verdonck  het pand Emmalaan 10 (dan Emmalaan 5) aan Ph.A Knijff (spoorwegbeamte), die er gaat wonen. Architect is Oscar Leeuw en het pand is gebouwd in 1902/1903

Lees verder
Dubbel woonhuis van architect C.J. Ebing (Guido Gezellestraat 63), gebouwd in 1932 in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen), Emmalaan 7, 1955 (F88069 RAN)

Emmalaan 5 en 7, architect Ebing

In 1932 ontwerpt de architect C.J. Ebing Dubbel (Guido Gezellestraat 63) een dubbel woonhuis, Emmalaan 5 en 7. Dit in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen). Horstink zal zelf op nummer 5 gaan wonen. Lamers is makelaar van beroep en verkoopt nummer 7 aan B. Kistemaker.

Lees verder

Emmalaan 2 4 6 en 8, architect Hoffmann

In 1928 vragen J. F. Sieben en Ph. A. Knijff vergunning aan voor het bouwen van 4 Woonhuizen (Gemeenteverslag 1928). Dit zijn oude bekenden, namelijk de buren in het Villapark Hees, Villa 1 en Villa 2. De architect is Hoffmann.

Lees verder

Emmalaan 9

Waarschijnlijk is de bouw van dit dubbel woonhuis de eerste bouwactiviteit nadat Villa Rica uit 1904, welke de laatste van de 3 gebouwde villa’s was in het kader van Villapark Hees.

Lees verder
The Corner, Villa 1 van Villapark Hees, Tweede Oude Heselaan 522

The Corner

1903, Huidig adres: Tweede Oude Heselaan 522 Het huis dat tegenwoordig The Corner heet was 1 van de eerste 2 villa’s van het Villapark Hees. De architect was Oscar Leeuw. In dit artikel wordt nader ingegaan op dit villapark. Verkoop Villa Leeuwenstein Op 8 en 22 juli 1897 zal de villa “Leeuwenstein” onder Hees met…

Lees verder

2021 Herinrichting Emmalaan

Emmalaan (augustus 2025)
Emmalaan (augustus 2025)

In 2021 vond de herinrichting van de Emmalaan plaats.

De aanleiding hiervan was de vernieuwing van de riolering, waardoor de hele straat sowieso zou worden opgebroken. De gedachte was toen dat alles weer op zijn oude plaats zou kunnen worden gezet, maar dat het misschien beter was om de straat dan in te richten naar de wensen van de bewoners. Daarbij werd aan de bewoners gevraagd intensief mee te denken. Ook de Plutostraat en Perzikstraat waren onderdeel van deze testaanpak.

Vergroening Emmalaan (augustus 2025)
Vergroening Emmalaan (augustus 2025)

De voornaamste wensen die daaruit voort kwamen lijken vooral:

  • meer groen: hoewel de Emmalaan gekenmerkt wordt door de kastanjebomen, was de straat zelf vrij stenig; “het mooiste bomenlaantje”
  • rustiger wegdek, maar wel een klinkerweg
  • meer parkeerplaatsen en minder sluipverkeer

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://gaypnt.home.xs4all.nl/straatnamen/E.html

https://www.heijmans.nl/nl/verhalen/in-co-creatie-naar-klimaatadaptatie-nijmegen/

EMMALAAN SAMENVATTING RESULTATEN …

herinrichting emmalaan – Nijmegen

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/nieuwe-riolering-dan-gelijk-een-nieuwe-straat-naar-de-wens-van-de-bewoners~a1084952/

https://nl.wikipedia.org/wiki/Emma_van_Waldeck-Pyrmont

De gereformeerde Noorderkerk, gebouwd in 1911/1912 naar ontwerp van architect Tjeerd Kuipers (21/12/1857 - 13/11/1942), Bijleveldsingel 1914 (F88885 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Gereformeerde kerk Bijleveldsingel

1912 Bijleveldsingel, architect Tjeerd Kuipers, gesloopt

De gereformeerde Noorderkerk, gebouwd in 1911/1912 naar ontwerp van architect Tjeerd Kuipers (21/12/1857 - 13/11/1942), Bijleveldsingel 1914 (F88885 RAN)
De gereformeerde Noorderkerk, gebouwd in 1911/1912 naar ontwerp van architect Tjeerd Kuipers (21/12/1857 – 13/11/1942), Bijleveldsingel 1914 (F88885 RAN)

In 1911-1912 liet de Gereformeerde Kerk een nieuwe kerk bouwen op de hoek van de Bijleveldsingel en Staringstraat. Het gebouw aan de Begijnenstraat was inmiddels te klein geworden. Het initiatief was afkomstig van Ds. R. Smeding, die sinds 1910 hier predikant was. De kerk werd gebouwd als de Noorderkerk naar ontwerp van Tjeerd Kuipers. In 1974 is de kerk gesloopt.

Vooraf

Lees hier het artikel over de kerk

Tjeerd Kuipers

Als architect werd Tjeerd Kuipers aangetrokken, die op dat moment al meer dan 50 kerken had ontworpen. Een overzicht van deze kerken is te vinden op wikipedia.

Wikipedia: ” Architect Tjeerd Kuipers ontwierp een grote kruiskerk in rationalistische stijl, met een klokkentoren.” Wel had hij een stompe klokkentoren ontworpen, waar mogelijk op termijn, op het moment dat er voldoende geld beschikbaar zou zijn, daadwerkelijk een klokkenspel zou kunnen worden ingehangen. Ook het orgel ontbrak nog.

Bij de opening

Wedren en Noorderkerk aan de Bijleveldsingel: Adriana Diderika van Houweninge (28/05/1890 - 19/09/1953), tweede dochter van Joachimus (Chiem) van Houweninge (24/03/1859 - 22/02/1936), steenkolenhandelaar, grootgrondbezitter van het gebied op en grenzend aan de Kwakkenberg en oprichter van het gelijknamige villapark, en echtgenote Sophia Frederika Hamerslag (05/02/1862 - 07/10/1936), te paard in het Julianaplantsoen. Op de achtergrond de Wedren, links de hoek Bijleveldsingel/Van Schevichavenstraat (nu Prins Bernhardstraat) en rechts, op de hoek met de Staringstraat, de gereformeerde Noorderkerk uit 1912 (Immanuelkerk), 1914 (F39650 RAN)
Wedren en Noorderkerk aan de Bijleveldsingel: Adriana Diderika van Houweninge (28/05/1890 – 19/09/1953), tweede dochter van Joachimus (Chiem) van Houweninge (24/03/1859 – 22/02/1936), steenkolenhandelaar, grootgrondbezitter van het gebied op en grenzend aan de Kwakkenberg en oprichter van het gelijknamige villapark, en echtgenote Sophia Frederika Hamerslag (05/02/1862 – 07/10/1936), te paard in het Julianaplantsoen. Op de achtergrond de Wedren, links de hoek Bijleveldsingel/Van Schevichavenstraat (nu Prins Bernhardstraat) en rechts, op de hoek met de Staringstraat, de gereformeerde Noorderkerk uit 1912 (Immanuelkerk), 1914 (F39650 RAN)

Een nieuw Kerkgebouw.

Het nieuwe kerkgebouw voor de Gereformeerde Gemeente alhier, dat aan den Bijleveldsingel is opgetrokken, is inwendig zoo goed als voltooid. Genoemde gemeente, welke tot dusver hare godsdienstoefeningen in eene kerk in de Bagijnenstraat hield, zag zich door de uitbreiding van het ledental genoodzaakt een ruimer en meer aan de eischen van den tegenwoordigen tijd beantwoord gebouw te stichten. Dat zij hierin ten volle geslaagd is blijkt ten duidelijkste uit eene bezichtiging van het gebouw, waartoe ons hedenmiddag de gelegenheid werd geboden.

Een drietal deuren is den frontgevel, één hoofd- en twee zij-ingangen, geven toegang tot het schip der kerk, dat evenals het geheele gebouw in breeden, royaal-gedachten stijl is opgetrokken. Ruimte, lucht en licht, de drie hoofdfactoren van den hedendaagschen huizenbouw, zijn hier aanwezig. Groote van gekleurd glas voorziene vensters doen het licht van alle zijden naar binnen stroomen, terwijl ’s avonds electrische lampen een zee van kunstlicht produceren. Voorts is er centrale verwarming, waardoor de kerk in het koude jaargetijde op aangename temperatuur gehouden kan worden.

Het preekgestoelte is opgericht in een uitgebouwde nis in den tegenover de ingangen van de kerk gelegen muur. De voorganger der gemeente heeft dus, als een spreker in de vergaderzaal, zijn auditorium voor zich en niet, gelijk in de oorspronkelijk Roomsch-Kath. kerken, rondom zich, welke laatste voor den Protestantschen eredienst minder geschikt is. Boven den preekstoel is het orgel daarmede door een electrische bel verbonden.

De kerk bevat momenteel 500 zitplaatsen. Mocht de gemeente zich door den tijd echter uitbreiden, dan kunnen door het aanbrengen van 3 galerijen, waarop bij den bouw gerekend is, nog 250 zitplaatsen worden aangebracht.

Rechts van den hoofdingang is de pastorie, aan de achterzijde van het gebouw de kosterswoning, de consistoriekamer en de cathechiseer-zaal. Bij het geheele gebouw is de Romaansche stijl gevolgd, welke vooral in de kerk zelve

Sterk tot den toeschouwer spreekt. Doch ook in de groote ronde vensters boven de ingangen, in den stompen toren, kortom in heel den massalen, breeden bouwtrant treedt genoemde stijl naar voren.

Gelijk de bouwmeester er op gerekend heeft, dat eenmaal, wanneer de gemeente over voldoende fondsen zal kunnen beschikken, een mooi nieuw orgel voor het oude in de plaats zal komen, is ook bij den bouw van den toren aan de mogelijkheid gedacht om er eenmaal een uurwerk en klokkenspel in aan te brengen.

De Gereformeerde Gemeente kan met haar nieuwe gebouw worden gelukgewenscht, terwijl de ontwerper en de aannemer met dit belangrijke werk alle eer inleggen.

Wij laten thans een opgaaf volgen van de personen en firma’s, die aan den bouw van de kerk hebben medegewerkt. Architect is de heer Tjeerd Kuipers, de bekende Amsterdamsche bouwmeester, die reeds 52 kerken heeft gebouwd. Aannemer is de heer J. van Genderen, Amersfoort; de centrale verwarming is geleverd door Stokvis en Cie. Te Arnhem, die electrische installatie door Tasche en Co. te Nijmegen, het gekleurd glas door de firma Bilderbeek en het schilderwerk door den heer A. Mom, alhier.

Begin september werd met den bouw van den kerk begonnen en thans is deze reeds zoover gevorderd, dat het gebouw hedenavond plechtig in gebruik kan worden genomen. Om half acht wordt, zooals wij reeds meldden, een godsdienstoefening gehouden, welke door ds. R. Smeding, den voorganger der Gereformeerde Gemeente, zal worden geleide en waarin nog andere sprekers het woord zullen voeren.” (PGNC 13/1/1912)

Orgel

In 1920 kreeg de Noorderkerk haar kerkorgel. Deze was gebouwd door de firma J.J. Elbertse & Zn. In 1960 volgde een restauratie en vergroting door Van den Berg & Wendt.

Market Garden

De beschadigde Immanuelkerk met links de Staringstraat, september-december 1944 (F28328 RAN)
De beschadigde Immanuelkerk met links de Staringstraat, september-december 1944 (F28328 RAN)

Tijdens de gevechten rond Market Garden raakte de Noorderkerk zwaar beschadigd. Meteen na de bevrijding werd begonnen met het herstel, welke 220.000 gulden kostte. In 1946 kon de herbouwde kerk weer in gebruik worden gesteld.

De restauratie van de gereformeerde Noorderkerk (later Immanuelkerk), Bijleveldsingel, 1945-1947 (F27601 RAN)
De restauratie van de gereformeerde Noorderkerk (later Immanuelkerk), Bijleveldsingel, 1945-1947 (F27601 RAN)

Vervolg: Immanuelkerk en sloop

De Gereformeerde Immanuëlkerk ; op de achtergrond de (voormalige) Gemeentelijke Meisjes Hogere Burgerschool (HBS) aan het Julianaplein (thans Vierdaagseplein); op de voorgrond de Staringstraat, 1949-1951 (Fotopersbureau Gelderland via F15813 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
De Gereformeerde Immanuëlkerk ; op de achtergrond de (voormalige) Gemeentelijke Meisjes Hogere Burgerschool (HBS) aan het Julianaplein (thans Vierdaagseplein); op de voorgrond de Staringstraat, 1949-1951 (Fotopersbureau Gelderland via F15813 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)

Op het moment dat in 1963 de nieuwbouw van de Maranathakerk aan de Steenbokstraat in gebruik werd genomen, kreeg de Noorderkerk een nieuwe naam: de Immanuëlkerk.

In 1972 of 1973 werd de kerk echter gesloten en een jaar later volgde sloop. Een foto uit maart 1974 vlak voor de afbraak is te zien op F15820 RAN.

Tegenwoordig staat er een appartementencomplex.

(Overige) Bronnen en verder lezen

Noorderkerk, wikipedia https://nl.wikipedia.org/wiki/Noorderkerk_(Nijmegen)

https://resources.huygens.knaw.nl/bwn1880-2000/lemmata/bwn3/kuipers

https://nl.wikipedia.org/wiki/Tjeerd_Kuipers

Emmalaan 10 Nijmegen voorheen Emmalaan 5. Achitect is Oscar Leeuw, gebouwd in 1902 1903
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Emmalaan 10 (villa 2) architect Oscar Leeuw

1903, Villapark Leeuwenstein Villa 2 Oud adres: Emmalaan 5

Emmalaan 10 Nijmegen voorheen Emmalaan 5. Achitect is Oscar Leeuw, gebouwd in 1902 1903
Emmalaan 10 Nijmegen voorheen Emmalaan 5. Achitect is Oscar Leeuw, gebouwd in 1902 1903

Wat tegenwoordig Emmalaan 10 is, is gebouwd als ‘Villa 2’ in het project Villapark Leeuwenstein. De voorgeschiedenis van Villa 1 en 2 staat weergegeven in het artikel over The Corner:

Kort samengevat: Op 31-12-1902 vindt aanbesteding plaats voor beide villa’s. De architect is Oscar Leeuw. De namen van de eerste bewoners zijn vooralsnog niet bekend. Op veiling van 16 en 30 juli 1907 vindt de veiling van het pand plaats: “De VILLA met TUIN, groot 6.09 A., aan de Emmalaan No. 5 hoek Prinsenlaan, bevattende benden: 2 Kamers (en Suite), Veranda, Keuken en Kelder; boven: 4 Kamers, Balcon, beschoten Zolder en Dienstbodenkamer.” (PGNC 8/7/1907).

Rond die tijd verkoopt M. Verdonck  het pand aan Ph.A Knijff (spoorwegbeamte), die er gaat wonen.

Phillippus Antonius Knijff

Bevolkingsregister 1900

Phillippus Antonius Knijff (22-2-1860 Veenendaal).  Hij is op 25-5-1893 in Nijmegen komen wonen, hij is dan afkomstig van Gouda. Hij komt te wonen in Lange Hezelstraat no 106. Zijn beroep is ‘Spoorbeambte SS’. Hierbij staat SS voor Staatsspoorwegen.

Hij is getrouwd met Lammigje Hellema (9-12-1864 Franeker, 13-1-1941 Nijmegen). Zij hebben 2 zonen:

  • Tjepke Siebern Ariën (8-12-1891 Gouda). Tjepke verhuist mee. Van 12-9-1914 tot 17?-11-1918 is hij naar Zierikzee gegaan. Bij zijn terugkeer staat als beroep onderwijzer. Op 2-5-1919 vertrekt hij naar Batavia, Nederlands Indië.
  • Phillippus Antonius Carolus Theodorus (13-2-1894 Nijmegen). Phillippus is dus geboren in de Lange Hezelstraat. Hij zal maar een paar jaar wonen op de Emmalaan: op 2-9-1910 vertrekt hij naar Amsterdam. Op 8-12-1920 komt hij weer te wonen op Emmalaan 5. Hij is dan afkomstig uit Batavia. Zijn beroep is “1e officier gouvernements Marine N. I.”

(Daarnaast woont van 2-3-1899 tot 23-4-1902 woont een nicht, Wilhelmina Knijff  (15-12-1880) bij hen op de Lange Hezelstraat).

In het Bevolkingsregister 1900 is zijn beroep “1n stations assistent`Spoorbeambte te SS”. De ‘1n’  stations assistent is er bij gevoegd wanneer het adres Lange Hezelstraat no 106 is vervangen door Emmalaan 5. De ‘1n’ is nauwelijks leesbaar en een benadering; in het register van 1910 staat “1e“.  In de opmerkingen staat E.C. 114, waarbij de 4 een vervanging lijkt te zijn. In het register van 1910 staat bovendien de datum 1-1-21: waarschijnlijk is de verandering naar Emmalaan 5 in het register 1900 ook van deze datum.

Emmalaan 10 (dan nog Emmalaan 50, Woningkaart 1920)
Emmalaan 10 (dan nog Emmalaan 50, Woningkaart 1920)

In de adresboeken 1908 t/m 1920 komt Knijff op Emmalaan 5 voor als spoorambtenaar. In het adresboek 1922 t/m 1928 is zijn beroep 1e stationsassistent N.S.. Soms komt hij in kranten voor. Zo is hij in 1918 is hij adjunct stationschef (PGNC 7/8/1918) en onderstationschef De Gelderlander 6/9/1921).

In het adresboek 1932 t/m 1938 staat geen beroep meer vermeld.

Zijn zoon Phillippus komt in 1922 tevens voor op Emmalaan 5, als 1e off. gouv. Marine N. Ind. (Algemeen adresboek van de stad Nijmegen en omliggende dorpen 1922). In de boeken 1924 en 1926 niet, maar in 1928 weer wel. Hij is dan “gezagh. gouv. mar. N.S.

In het Adresboek 1938 komt tevens P.G.H. Ritzer, machinist op dit adres voor.

Lammigje Knijff-Hellema overlijdt op 13-1-1941. Zij is dan 76 jaar (PGNC 14/1/1941).

Philippus Anthonius Knijff overlijdt op 23-8-1942. Hij is dan 82 jaar. (PGNC 29/8/1942)

Na de oorlog

Emmalaan 10, architect Oscar Leeuw, 1972 (Evert F. van der Grinten via F78194 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Emmalaan 10, architect Oscar Leeuw, 1972 (Evert F. van der Grinten via F78194 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

In de adresboeken 1948 t/m 1963 zijn de volgende bewoners gevonden. Na 1963 is niet meer onderzocht:

mej. A.M. Hootsmanonderwijzeres1948, 1951, 1955, 1959 (dan mw ipv mj), 1963
mej. C.B.J. Hootsman1948, 1951, 1955, 1959  (dan mw ipv mj), 1963
C.N.J. Hootsman1948, 1951, 1955
mej. M.J.Fr. Hootsmanonderwijzeres1948
P. Diendergepensioneerd1948, 1951, 1955
E. Doetstijd. Hulpkommies belasting1948
A.A. de Rooskellner1951, 1955, 1959, 1963

Buren-borrel: ”

1942 – De 2 zonen Philippe & Tjepke worden mede-eigenaar ( zaten beide sinds 1920 in Indië, de één als marine officier de andere als leraar). Tjepke keert in1930 terug en koopt diverse grondpercelen in Hees en laat er woningen op bouwen.

1948 – verhuurd aan C.N. Bootsman

1966 – De Knijff’s verkopen aan Niesten die er gaat wonen 1985 – Niesten verkoopt aan Frans Aarts/Nellie Breed, die er gaan wonen. Hr Aarts is enkele jaren geleden overleden. Familie Knijff is dus van 1908 tot 1966 dus maar liefst 56 jaar eigenaar geweest! De nazaten Knijff vertrokken naar Den Haag en bezaten tot voor enkele jaren nog diverse panden in Hees.”

Lees ook:

Dubbel woonhuis van architect C.J. Ebing (Guido Gezellestraat 63), gebouwd in 1932 in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen), Emmalaan 7, 1955 (F88069 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Emmalaan 5 en 7, architect Ebing

1932

Dubbel woonhuis van architect C.J. Ebing (Guido Gezellestraat 63), gebouwd in 1932 in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen), Emmalaan 7, 1955 (F88069 RAN)
Dubbel woonhuis van architect C.J. Ebing (Guido Gezellestraat 63), gebouwd in 1932 in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen), Emmalaan 7, 1955 (F88069 RAN)

In 1932 ontwerpt de architect C.J. Ebing Dubbel (Guido Gezellestraat 63) een dubbel woonhuis, Emmalaan 5 en 7. Dit in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen). Horstink zal zelf op nummer 5 gaan wonen. Lamers is makelaar van beroep en verkoopt nummer 7 aan B. Kistemaker.

Bij het RAN is hier een foto uit 1955.

Plan v/e dubbel landhuis a/d Emmalaan te Nijmegen Kad bek Neerbosch B3650, datum tekening 12-5-1932 (D12.398217 Detail)
Plan v/e dubbel landhuis a/d Emmalaan te Nijmegen Kad bek Neerbosch B3650, datum tekening 12-5-1932 (D12.398217 Detail)

Emmalaan 5

NaamBeroepAdresboeken
W.J.M. HorstinkOnderwijzer1934, 1936, 1938, 1940
Wed. Th.E.A. Horstink geb. M. Hermsen 1936, 1938
Wed. M.W. Lamers, geb. J.J. Thijssen 1948, 1951, 1955
Horstink, wed. F.Th.J. geb. M.J.H. Lamers 1948, 1951, 1955, 1959, 1963, 1966, 1968
J.R.A. Lamers 1959
M.W.I.M. Horstink 1966
Gevonden namen en jaartallen in Adresboeken

Merk bij 1948 de weduwe Horstink-Lamers op. Mogelijk/waarschijnlijk waren de aanvragers Horstink en Lamers voor de bouwvergunning familie? Dit is nog niet verder onderzocht.

Emmalaan 7

Op 11-2-1933 plaatst Lamers de advertentie voor het in aanbouw zijnd Heerenhuis gelegen in de Emmastraat

advertentie 11/2/1933

Op 11-2-1933 plaatst Lamers de advertentie voor het in aanbouw zijnd Heerenhuis gelegen in de Emmastraat

Hieronder staan de gevonden bewoners weergegeven. Een aantal advertenties/krantenartikelen bieden daarbij verdere aanknopingspunten:

B. Kistemaker zal het huis tussen februari en juni 1933 hebben gekocht: Vanaf 3-6-1933 wordt mevrouw Kistemaker op Emmalaan 7 in advertenties van de “R.K. vereniging ter bescherming van meisjes, in Nederland”. (De Gelderlander 3/6/1933)

Diepenbroek, wed. F.B. geb. A.R.J. Vinke, oftewel Anna Regnera Joanna Vinke, weduwe van Ferdinand Bernard Diepenbroek, overlijdt op 23-7-1938 (rouwadvertentie De Gelderlander 23/7/1938)

In ieder geval is er ten aanzien van A.Th.A.K. Lange op 1-4-1939 een advertentie gevonden met Emmalaan 7 als adres (hij blijkt daarbij secretaris van de Nijmeegsche Zwemclub 1921 te zijn) (De Gelderlander 1/4/1939)

Gevonden in Adresboeken:

B. KistemakerHoofd R.K. bijz. school1934, 1936, 1938
Diepenbroek, wed. F.B. geb. A.R.J. Vinke 1934, 1936, 1938
A.Th.A.K. LangeScheik. Ing.1940
KI.D. de GrootReiziger1948
A.Ph. KrijffChemicus1951, 1955
J.P. TazelaarArb. Analist1959, 1963
Wed. P.J. van Bortel, geb. A.E. Weijkman 1959, 1963
P.J.H.M. Heijndaalpsycholoog1968


Familie Krijff

Op het terras achtertuin familie Krijff, van links naar rechts: Luco, Nienke, Jan, ma en pa, 5-8-1955 (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff, copyright: J. Krijff)
Op het terras achtertuin familie Krijff, van links naar rechts: Luco, Nienke, Jan, ma en pa, 5-8-1955 (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff, copyright: J. Krijff)

Jan Krijff stuurde de volgende reactie:

“Vanuit Delft komende heb ik op dit adres gewoond van 1951 tot en met 1956. Dit samen met mijn ouders , broer Luco en zusje Nienke. Mijn vader werkte bij Smit, Transfomatoren. In 1956 zijn wij vertrokken naar Bloemendaal. In Nijmegen zat ik op de freubel school bij Mej Boot op de Oranje Singel. Daarna op de3 Nutschool. In het begin met de tram naar school het laatste jaar met de fiets. Het was een rustig buurtje waar weinig op straat werd gespeeld. Erg veel kan ik mij niet herhinneren maar wel dat soldaten langs kwamen met grote melkbussen met snert. ook weet ik nog dat er geschaatst werd in de haven. Ik ben nog een paar keer teruggeweest in Nijmegen.”

En in een brief: “Wij hebben daar maar een korte periode gewoond en ik kan mij van het interieur niet veel herinneren. Volgens mij was er geen centrale verwarming en weet ik ook niet meer of er een badkamer was.

Een wandeling op de Prinsenlaan, die rechts afbuigt. Op de hoek is Prinsenlaan 18 (huidig nummer) te zien en nog een klein stukje Prinsenlaan 12 rechts daarvan. De weg links is de Patrijsstraat: daar is 1 van de nieuwbouwwoningen te zien (en vaag links daarvan een aantal andere nieuwbouwwoningen), 1955/1956; Foto beschikbaar gesteld door J. Krijff, copyright J. Krijff
Een wandeling op de Prinsenlaan, die rechts afbuigt. Op de hoek is Prinsenlaan 18 (huidig nummer) te zien en nog een klein stukje Prinsenlaan 12 rechts daarvan. De weg links is de Patrijsstraat: daar is 1 van de nieuwbouwwoningen te zien (en vaag links daarvan een aantal andere nieuwbouwwoningen), 1955/1956
(Foto beschikbaar gesteld door J. Krijff, copyright J. Krijff)

Er was nagenoeg geen contact met de buren, die naar ik herinner zeer Christelijk waren. Voor mijn vader was Nijmegen na Delft een soort thuis komen. Hij heeft zijn heel HBS tijd in Nijmegen gewoond en is daarna naar Utrecht vertrokken. Mijn moeder was een Arnhemse en vond Nijmegen maar niks. Zij was blij naar Bloemendaal te kunnen gaan.

Verder kan ik mij nog een paar namen van de Nut School (Lagere School) herinneren. Han Meijbergen van de margarine fabriek, Eric Nuver, zoon van de huisarts, Hansje Blokland die zijn vader fruitteler was (appels). De school was gelegen tegenover de winkel die Marklin treinen verkocht waar met Kerst een groot aantal mensen voor de ramen stonden. Wij hebben recent genoten van de documentaire over de Nijmeegse jongens van Lymborch in mijn tijd in Nijmegen nooit van gehoord.”

Klik op onderstaande foto’s voor een vergroting:

Achtertuin familie Krijff Emmalaan 7: grootvader Jan Joosten met kleinkinderen Krijff, 1955/1956 (ter beschikking gesteld door J. Krijff; copyright: J. Krijff)
Op het terras achtertuin familie Krijff, 5-8-1955 (ter beschikking gesteld door J. Krijff, copyright: J. Krijff)
1956: Mevr. Krijff-Joosten (links) en Mevr Bussemaker-Joosten (rechts); zussen van elkaar (ter beschikking gesteld door J. Krijff; Copyright: J. Krijff)
1956: Mevr. Krijff-Joosten (links) en Mevr Bussemaker-Joosten (rechts); zussen van elkaar (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff; Copyright: J. Krijff)
Emmalaan 6: kinderen familie Krijff, zij woonden op Emmalaan 7. Op 6 woonde Mej. van Grondelle, akela bij Keizer Karel Padvinders, 1955 (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff; Copyright: J. Krijff)
Emmalaan 6: kinderen familie Krijff, zij woonden op Emmalaan 7. Op 6 woonde Mej. van Grondelle, akela bij Keizer Karel Padvinders, 1955 (foto beschikbaar gesteld door J. Krijff; Copyright: J. Krijff)
Emmalaan 5 en 7 (September 2022, Google Streetview) architect Ebing
Emmalaan 5 en 7 (September 2022, Google Streetview) architect Ebing
Dubbel woonhuis van architect C.J. Ebing (Guido Gezellestraat 63), gebouwd in 1932 in opdracht van M.W. Lamers (Haps) en W.J.M. Horstink (Nijmegen), Emmalaan 7, 1955 (F88069 RAN)

Herinneringen aan Emmalaan 5 en 7?

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Emmalaan 9

Waarschijnlijk is de bouw van dit dubbel woonhuis de eerste bouwactiviteit nadat Villa Rica uit 1904, welke de laatste van…

Dickmann's Parapluiefabriek, van Oldenbarneveltstraat (het linker pand dat nog juist te zien is) (Evert F. van der Grinten via F78502 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Dickmann’s Parapluiefabriek

Dickmann's Parapluiefabriek, van Oldenbarneveltstraat (het linker pand dat nog juist te zien is) (Evert F. van der Grinten via F78502 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Dickmann’s Parapluiefabriek, van Oldenbarneveltstraat (het linker pand dat nog juist te zien is) (Evert F. van der Grinten via F78502 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Een tekening van een terrein aan de Bottendaal, verkocht aan F.W. Dickmann, van Oldenbarneveltstraat, 	1/1/1890-31/12/1890 (KPU-454 RAN)
Een tekening van een terrein aan de Bottendaal, verkocht aan F.W. Dickmann, van Oldenbarneveltstraat, 1/1/1890-31/12/1890 (KPU-454 RAN)
Advertentie Parapluiefabriek "Bottendaal" (De Gelderlander 22/3/1898)
Advertentie Parapluiefabriek “Bottendaal” (De Gelderlander 22/3/1898)

28-2-1889 vindt de aanbesteding plaats van “Het bouwen van een Woonhuis met afzonderlijke Parapluiefabriek op een terrein gelegen aan den Bottendaal aldaar. Een en ander voor rekening van den heer F.W. Dickmann. De architect is J.J. Weve. (De Gelderlander 10/2/1889). In november 1889 krijgt Dickmann telefoon (nummer 131, De Gelderlander 3/11/1889)

In de personeelsadvertentie van PGNC 27/9/1891 -voor een “Jongmensch van nette familie”, oftewel een leerling voor magazijn en kantoor- is het Dickmann-Schnitzler, Parapluiefabriek. Zij hebben een winkel op de Broerstraat No. 61.

In 1894 mogen zij zich Hofleverancier noemen (advertentie De Gelderlander 22/11/1894)

Parapluiefabriek Bottendaal van Dickmann-Schnitzler (PGNC 4/12/1892)
Parapluiefabriek Bottendaal van Dickmann-Schnitzler (PGNC 4/12/1892)

In maart 1909 vraagt Dickmann een hinderwetvergunning aan voor het plaatsen van electro-motoren in het perceel aan de Bottendaal No. 71, kadastraal bekend Nijmegen sectie B, No. 3774 (PGNC 20/3/1909), die ze op 20-4 verkrijgt (PGNC 25/4/1909).

Uitbreiding percelen Gerritzen

Koopacte van Oldenbarneveldtstraat Gerritzen door Dickmann, 1912 (Archiefnr 442, Inventarisnr 242, Actenr 6981)
Koopacte van Oldenbarneveldtstraat Gerritzen door Dickmann, 1912 (Archiefnr 442, Inventarisnr 242, Actenr 6981)

Parapluie-fabriek Dickmann-Schnitzler.

De parapluiefabriek der firma Dickmann-Schnitzler aan de van Oldenbarneveldtstraat heeft dezer dagen 40 jaren bestaan. Dit jubileum is gisteren herdacht door een uitstapje van het personeel onder geleide van den directeur, den heer F.W. Dickmann, met de electr. tram naar Kleef, waarbij zeer veel genoten is en het personeel een aangenamen dag heeft gehad.

De fabriek is opgericht door wijlen den heer F.W. Dickmann, den vader van den tegenwoordigen eigenaar, eveneens F.W. Schitzler genaamd. De parapluies worden niet alleen voor ons land gefabriceerd, doch de firma exporteert naar Oos- en West-Indië en andere vreemde gewesten. De zaak neem dan ook steeds in omvang toe en nadat in de laatste jaren de fabriek vergroot was, konden de vleugels niet verder worden uitgeslagen, omdat de fabriek ingebouwd was. Dit jaar evenwel werd de heer Dickmann, door aankoop, eigenaar van de rijwielfabriek, eveneens gelegen aan de van Oldenbarneveldtstraat en toebehoorende aan den heer M. Gerritzen. Dat pand grenst gedeeltelijk aan de fabriek der firma Dickmann-Schnitzler en door een der muren uit te breken heeft men reeds een paar lokalen in gebruik kunnen nemen. Dit alles is een bewijs, dat deze tak der nijverheid hier te Nijmegen steeds vooruitgaat. De verhouding tusschen het personeel en den patroon is van bijzonder goeden aard. Ook bovengenoemd feesttochtje heeft daarvan getuigenis afgelegd. Verschillende onder hen zijn reeds circa 25 jaar aldaar in betrekking.” (PGNC 22/8/1912)

In 1914:

“…Wat de productie onzer artikelen betreft, zoo deelt de firma Dickmann-Schnitzler mede, konden de eerste 7 maanden , “normaal” worden genoemd, ofschoon parasols hoe langer hoe minder worden verkocht.

Met het uitbreken van den oorlog kwam plotseling verandering: in de laatste 5 maanden stond de uitvoer naar overzeesche landen bijna geheel stil.

De verkoop in het binnenland had in de eerste maanden van den oorlog veel te lijden en verminderde belangrijk; mede ook tengevolge van het droge weder was er toen weinig behoefte aan parapluies.

Doordat er in het laatst van het jaar meer regen viel, kwam er wel verandering in voor het bedrijf gunstige richting, maar niet in die mate, dat de eenmaal geleden schade werd ingehaald.

Vermindering van personeel had niet plaats, dan tengevolge van de mobilisatie. Nieuw personeel werd niet aangenomen, wat andere jaren in den herfst, het regenseizoen, wel het geval was.

Ook de machines dezer fabriek worden door electrische kracht in beweging gebracht.” (Gemeenteverslag 1914)

Bij het 50-jarig jubileum

Parapluiefabriek Dickmann-Schnitzler.

1872 – 16 mei – 1922.

Dinsdag 16 Mei a.s. herdenkt de firma Dickmann-Schnitzler, parapluiefabriek, van Oldenbarneveldtstraat 63a, alhier, haar 50-jarig bestaan. De firma werd in 1872 opgericht door den heer F.W. Dickmann Sr., die op 6 Mei 1907 overleed en in Nijmeegsche handelskringen zeer gezien was, hetgeen gebleken was uit zijne benoeming tot voorzitter van de Kamer van Koophandel en Fabrieken en van de Nijmeegsche Handelsvereeniging.

Na het overlijden van den oprichter ging de zaak over in handen van diens zoon, den heer F.W. Dickmann Jr., die thans de eenige firmant is.

De fabriek, welke oorspronkelijk gevestigd was in de Broerstraat, werd in 1889 overgebracht naar de van Oldenbarneveldtstraat, waarna in 1912 uitbreiding volgde door aankoop van een complex gebouwen onmiddellijk grenzende aan de bestaande fabriek, zoodat de gezamenlijke ruimten thans eene oppervlakte van circa 2000M2 beslaan.

Behalve dat de firma Dickmann-Schnitzler hier te lande met haar gerenommeerd fabricaat een belangrijk afzetgebied heeft, vinden haar producten hun weg over nagenoeg de geheele wereld.

De firma heeft zich van hare oprichting af steeds in een krachtigen bloei mogen verheugen, al zijn ook haar de gevolgen van den oorlog niet bespaard gebleven.

Aan tal van Nijmeegsche gezinnen heeft de firma Dickmann-Schnitzler in den loop der jaren een arbeidsveld opgeleverd en naar ons van de zijde van het personeel wordt medegedeeld, is de verhouding tusschen directie en personeel steeds van bijzonder goede aard geweest. De firma kan dan ook wijzen op een groot aantal employés dat reeds meer dan 25 jaar bij haar in betrekking is of is geweest.

Moge de firma Dickmann-Schnitzler hare belangrijke plaats in de rij der Nijmeegsche industrieele ondernemingen nog lange jaren met eere blijven innenmen.

Naar wij vernemen zal het gouden jubileum op Dinsdag 16 Mei a.s. feestelijk worden herdacht en zal derwegen de zaak op dien dag den geheelen dag gesloten zijn, in verband waarmede wij nog verwijzen naar de advertentie, welke elders in dit blad voorkomt.” (PGNC 13/5/1922)

Bottendaal

Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…

Weve architect

Weve was een architect en ingenieur. Hij was stadsarchitect en directeur Gemeentewerken van Nijmegen. Hij ontwierp onder andere 17 scholen,…

Het voormalige St. Jozefklooster, Kerkstraat 65. In 1930 gebouwd naar ontwerp van architect Deur op het terrein van villa Andelshof voor de Priesters van het H. Hart. Hees Nijmegen
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Studiehuis St Jozef

1930, Kerkstraat 65-67, Gemeentelijk monument

Het voormalige St. Jozefklooster, Kerkstraat. In 1930 gebouwd naar ontwerp van architect Deur op het terrein van villa Andelshof voor de Priesters van het H. Hart.

Het voormalige St. Jozefklooster, Kerkstraat is oorspronkelijk gebouwd als Studiehuis voor de Priesters van het H. Hart. Het is In 1930 gebouwd naar ontwerp van architect Deur op het terrein van villa Andelshof. Rond 1970 is van het studiehuis een bejaardenoord voor kloosterlingen gemaakt, waarbij het de naam St. Jozefklooster kreeg.

Op 14-9-1929 vond de aanbesteding plaats. De laagste inschrijver, C.H.M. Arts te Nijmegen was de laagste inschrijver (f264.800). (PGNC 16/9/1929)

Priesters van het H. Hart

Leon Dehon

De oprichter van de Priesters van het H. Hart, oorspronkelijk Oblaten van het Hart van Jezus, was Leon Dehon (La Capelle, 14 maart 1843 — Brussel, 12 augustus 1925).

“De congregatie van de Priesters van het H. Hart werd in 1878 gesticht door kanunnik Leon Dehon, een man, die er een carrière en vermogen voor over had zijn roeping te volgen en die het klooster boven kerkelijke ereambten verkoos. “Jammer; hij had kardinaal kunnen worden”, aldus uitte er een Frans priester-socioloog zijn spijt over, dat Pater J.L. Dehon ooit zijn H.  Geloften had afgelegd. Een geleerde, zo mag hij gerust heten om zijn verschillende doctoraten, en toch toont hij zich soms oppervlakkig; innige vroomheid kenmerkte zijn leven, maar het hield hem niet terug van vergaderlokalen en verstrooiende reizen. Hij reisde de hele wereld rond; publiceerde daarbij boeken en artikelen; was paedagoog. Een veelzijdig iemand met honderd interessen, maar tenslotte slechts een enkel levensbelang: de vestiging van het Rijk van het H. Hart. Daar ligt het eenheidgevende princiep van dit overvolle leven. Uit dit ideaal kwamen ook zijn stichtingsplannen voort.” (De Gelderlander 25/5/1950)

Nederlandse provincie

In 1911 werd de afzonderlijke Nederlandse provincie van de Priesters van het H. Hart opgericht. In 1912 vond de oprichting van het Groot-Seminarie in Liesbosch plaats. Deze locatie is al gauw te klein. In 1922 werd als noodoplossing nog een vleugel aangebouwd. Daarom besloot de orde tot de oprichting van een 2e Groot Seminarie.

Nijmegen had daarbij de voorkeur: een klooster daar zou tevens woongelegenheid geven aan paters die aan de universiteit hun opleiding kregen. De aanbiedingen die de orde kreeg, voldeden echter niet. Daarom betrok de “Hoogeerwaarde Pater Provinciaal toch met enige universiteits-studenten een huis aan de “Berg-en-Dalseweg, vlakbij de St. Stephanuskerk. Achteraf lijkt het, alsof hij niet langer heeft willen wachten, al was niet alles naar wens”

Villa Andelshof

Villa Andelshof. Vóór 1930: deze foto is nog zonder het studiehuis, maar met het mooie park (F21623 RAN)
Villa Andelshof. Vóór 1930: deze foto is nog zonder het studiehuis, maar met het mooie park (F21623 RAN)

De kans kwam toen In 1928 mevrouw Rijckevorsel-van Kessel-Bonnike de villa Andelshof met grond en bijbehorende gebouwen wilde verkopen. Aanvankelijk betrokken de paters, broeders en theologiestudenten de villa en het koetshuis. Deze villa was rond 1885 gebouwd, het koetshuis rond 1889. Vooral het park moet erg mooi zijn geweest: “Oudere bewoners van Hees, die het oorspronkelijke “Andelshof” gekend hebben roemen er nog over. Trouwens, de kopers zelf wisten het te waarderen: zo drong een van hen er bij zijn eerste bezoek in het pasgekochte huis op aan, dat de nieuwe bouw, die gezet moest worden, zover mogelijk van de straat af zou komen: het park moet intact blijven.” Op grond van technische bezwaren heeft men deze raad niet opgevolgd: in het park werd grondig gerooid en einde 1929 begon men met de bouw van het tegenwoordige huis, dat op de villa aansloot.” (De Gelderlander 25/5/1950)

Het nieuwe Studiehuis

Het Studiehuis St. Jozef, rechts Huize Andelshof (van 1927 tot 1944 het klooster van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus), 1935 (F18910 RAN)
Het Studiehuis St. Jozef, rechts Huize Andelshof (van 1927 tot 1944 het klooster van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus), 1935 (F18910 RAN)

Priesters van het H. Hart.

… Dit missiehuis, dat gebouwd is naar de plannen van onzen stadgenoot den heer Ir. J.G. Deur, is reeds eenige maanden uitwendig voltooid, en is bestemd voor studiehuis (theologie) der E.E.P.P. priesters van het H. Hart (Liesbosch-Princenhage). De toekomstige missionarissen voltooien hier hun laatste studies voor het priesterschap. Deze missie congregatie heeft haar juvenaten te Bergen op Zoom en te Bakel bij Helmond- dat laatste studiehuis is toegewijd aan Christus-Koning.

Het nieuw missie-studiehuis te Hees is gebouwd op het vroegere goed Andelshof van de familie van Rijckevorsel van Kessel “ (De Gelderlander 24/2/1931)

“Na een jaar konden de theologie-studenten met hun paters professoren het nieuwe klooster betrekken, en liep dus het aantal bewoners van het Groot-Seminarie te Liesbosch naar wens in voldoende mate terug. De zes jaren hogere studie, die de toekomstige priester moet maken, waren voortaan zo gesplitst, dat de tweejarige philosophie-cursus en het eerste jaar theologie in Lieshout gevolgd werden en de resterende drie jaar in Nijmegen.

Hier ontleende het oude “Andelshof” voortaan zijn sfeer en karakter van regelmaat van het Scholasticaatsleven. Een leven, dat door de buitenstaander gewaardeerd mag worden naar wandelende fraters of een feestelijk klinkende bel, maar dat voor de insider is opgebouwd uit een harmonisch geheel van gebed, studie en ontspanning, totaal ingesteld op het feitelijk berieken van het bestreefde doel: het H. Priesterschap.” (De Gelderlander 25/5/1950)”

Oorlog

Het door wegtrekkende Duitsers in brand gestoken Huize Andelshof rechts, en links het Studiehuis St. Jozef, van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus, 1944 (F19110 RAN)
Het door wegtrekkende Duitsers in brand gestoken Huize Andelshof rechts, en links het Studiehuis St. Jozef, van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus, 1944 (F19110 RAN)
Het door wegtrekkende Duitsers in brand gestoken Huize Andelshof rechts, en links het Studiehuis St. Jozef, van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus, 1944 (F19110 RAN) Het door wegtrekkende Duitsers in brand gestoken Huize Andelshof rechts, en links het Studiehuis St. Jozef, van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus, 1944 (F19110 RAN)

In 1942 vorderden de Duitsers het studiehuis, inclusief inventaris. De paters ging verder met haar opleiding in 5 “fililiaal-huizen”, meestal uitgewoonde villa’s. Toen de Duitsers zich in september 1944 terugtrokken, staken zij het hoofdgebouw en de villa in brand. Het hoofdgebouw kon behouden blijven, de villa niet. De inventaris was door de Duitsers meegenomen.

Na de bevrijding was het studiehuis gevorderderd door Engelse en Canadese militairen. “…Veel goeds is er niet van te zeggen. Het gebouw is sinds de bevrijding meer uitgewoond dan anders in een zeer groot aantal jaren.” (De Gelderlander 11/7/1945)

Herstel

Na de oorlog begon de congregatie met het herstel. Daarbij werd tevens besloten een nieuwe kapel te laten bouwen: er was behoefte aan een grotere kapel, zodat plechtige gelegenheden beter kon worden opgeluisterd. Daarnaast kon de oude kapel worden ingericht als woonruimte. Deze kapel uit 1950 is eveneens van de hand van architect Deur (Architectenbureau Ir. Deur- Ir. Pouderoyen).

St. Jozefklooster

Door ontkerkelijking daalde het aantal studenten en kloosterlingen. Daarop besloot de congregatie rond 1970 om van het studiehuis een bejaardenoord voor kloosterlingen te maken. Deze was bestemd voor de Priesters van het Heilig Hart en voor de Zusters van de H. Carolus Borromeus. De naam werd veranderd in St. Jozefklooster.

Verder

Het in renovatie zijnde Klooster van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus, voorheen het Studiehuis St. Jozef. Hier een gedeelte van de achterzijde, rechts is zichtbaar de nieuwbouw van het Klooster, 1987 (foto Anton van Roekel, CC-BY-SA via F18913 RAN)
Het in renovatie zijnde Klooster van de Priesters van het Heilig Hart van Jezus, voorheen het Studiehuis St. Jozef. Hier een gedeelte van de achterzijde, rechts is zichtbaar de nieuwbouw van het Klooster, 1987 (foto Anton van Roekel, CC-BY-SA via F18913 RAN)

Het koetshuis is vanaf 1968 in gebruik als peuterspeelzaal. Aanvankelijk als de Kleuterhof, later als de Vlindertuin.

De renovatie eind jaren 80 werd uitgevoerd door Pouderoyen, de opvolger van architectenbureau Deur-Pouderoyen. Daarbij vond herindeling van het hoofdgebouw plaats en werd de interieurafwerking vernieuwd. De kapel uit de jaren 50 is in 1986 gesloopt . Hier staan nu een gebouw met kapelruimte en ontvangstzaal en daarnaast een aantal wooneenheden.

De kapel van Studiehuis St. Jozef, 1935 (F50619 RAN)
De kapel van Studiehuis St. Jozef, 1935 (F50619 RAN)
Duitse militair op wacht voor wachthuisje voor studiehuis St. Jozef, 1942 (F56079 RAN)
Duitse militair op wacht voor wachthuisje voor studiehuis St. Jozef, 1942 (F56079 RAN)

Bronnen en meer lezen:

Kapel studiehuis “St. Jozef” te Hees wordt geconsacreerd, De Gelderlander 25/5/1950

Ambitiedocument St. Jozefklooster 21 september 2021


Historie van Hotel Heeslust

Waar tegenwoordig woningen staan, aan de Korte Bredestraat tegenover de kerk, was jarenlang een belangrijk middelpunt van het dorpsleven van…

Stieltjesstraat 16-18 (april 2025)
#Nijmegen, Centrum

Stieltjesstraat

Stieltjesstraat 16-18 (april 2025)
Stieltjesstraat 16-18 (april 2025)

Deze pagina verzamelt reeds verschenen over de Stieltjesstraat.

Belastingkantoor

Rond 1972, Stieltjesstraat 2

	Links het (voormalige) postkantoor, rechts van het Belastingkantoor het (voormalige) Arbeidsbureau en het Kolpinghuis, Architect J.H. ten Have, Stieltjesstraat 2, 1973-1975 (F39129 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: Hans en Tijs ten Have)
Links het (voormalige) postkantoor, rechts van het Belastingkantoor het (voormalige) Arbeidsbureau en het Kolpinghuis, Architect J.H. ten Have, Stieltjesstraat 2, 1973-1975 (F39129 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: Hans en Tijs ten Have)

Het voormalige Belastingkantoor heeft 9 etages. “Het object dateert uit 1972 en is in 1995 voor de laatste maal gerenoveerd.” (https://www.biedboek.nl/gebouw/nijmegen/stieltjesstraat-2/cKx1Wvme?img=0). Het is gebouwd in de stijl van het “Brutalisme”.

Trouw kondigt in 1970 de bouw aan en noemt dan de architecten F.M. Oswald en J.H. ten Have. De opdrachtgever is de Rijksgebouwendienst. De aannemer is N.V. Aannemingsbedrijf v.h. G. Tiemstra en Zonen. Verwacht wordt dat de bouwkosten, inclusief technische installaties, acht miljoen gulden zullen bedragen en dat de bouw midden 1973 gereed is. (Trouw,29-06-1970 )

2016 COA

Halverwege 2016 wordt het gebouw ingericht als tijdelijke locatie voor de noodopvang van asielzoekers (het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA)). Dan zal er 2 jaar lang plaats zijn voor de tijdelijke opvang van maximaal 500 asielzoekers. Daarbij is de gemeente van plan het pand geschikt te maken voor ruimte voor maximaal 150 mensen met een verblijfsvergunning.

2019 Binder en asielzoekerscentrum

Vervolgens wordt het pand inderdaad aangepast door Talis, in samenwerking met de gemeente. In de hoogbouw zijn 117 onzelfstandige woonruimtes. 60% is bedoeld voor zogenaamde spoedzoekers: bijvoorbeeld mensen die gescheiden zijn, op straat zijn komen te staan of die na hun studie hun studentenflat moesten verlaten. De andere 40% is bestemd voor mensen met een “ondersteuningsvraag”: bijvoorbeeld mensen die uit maatschappelijke opvang komen en statushouders. Het gebouw kan 9 jaar op deze manier worden gebruikt.

De laagbouw wordt verhuurd als asielzoekerscentrum, waar plaats is voor 120 personen.

Bron en zie verder:

Lelijkste gebouw van Nijmegen 2024

In 2024 werd het pand uitgeroepen tot het lelijkste gebouw van Nijmegen.

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/dit-is-het-lelijkste-gebouw-van-nijmegen-is-het-nog-te-redden-van-de-sloopkogel~a6b06d5a/

2025: Koop door Gemeente Nijmegen: slopen of opknappen?

Eind juni/begin juli 2025 koopt de Gemeente Nijmegen het gebouw van het Rijksvastgoedbedrijf. De gemeente had veel interesse om het pand te kopen vanwege de plannen voor de herinrichting van de omgeving van het station.

De definitieve koop zal in september van 2025 plaatsvinden; tot en met september 2027 zullen de huidige huurcontracten nog doorlopen.

Noël Vergunst, de Nijmeegse wethouder van Ruimtelijke Ordening, noemt in de Gelderlander twee opties: ,,Kopen en slopen, en op de lege plek een nieuwe woontoren bouwen van zo’n 70 meter hoog, ongeveer hetzelfde formaat als de Nimbus-toren en het nieuwe Metterswane. Of anders grondig renoveren en duurzaam maken, en de uitstraling aan de buitenkant flink verbeteren.”

Oude Belastingkantoor ingepakt met NEC sjalen (mei 2026)
Oude Belastingkantoor ingepakt met NEC sjalen (mei 2026)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.biedboek.nl/gebouw/nijmegen/stieltjesstraat-2/cKx1Wvme?img=0

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/nijmegen-koopt-belastingkantoor-weg-vrij-voor-sloop-en-nieuwbouw~a8d14f82/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F

https://www.gelderlander.nl/nijmegen-e-o/voormalig-belastingkantoor-weer-helemaal-bewoond-binder-en-asielzoekers-vullen-ieder-een-deel~acc64b1a/

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/dit-is-het-lelijkste-gebouw-van-nijmegen-is-het-nog-te-redden-van-de-sloopkogel~a6b06d5a/

Gasfabriek en doortrekken Stieltjesstraat

Nadat de Gasfabriek was gesloopt, werd de Stieltjesstraat doorgetrokken naar de Stationsstraat. Een mooie foto uit 1960 van dit deel van de Stieltjesstraat is te zien op GN8205 RAN.

Hoek Vredestraat – Stieltjesstraat

Hoek Vredestraat - Stieltjesstraat (april 2025)
Hoek Vredestraat – Stieltjesstraat (april 2025)

Op de hoek van de Stieltjesstraat en Vredestraat (vroeger Vredestraat en Nieuwe Marktstraat) staat de villa die bewoond werd door de directeuren van de gasfabriek en waterleiding respectievelijk W.F. Payens en C.L. Philips. Het pand in 1905 is ontworpen door Jan Jacob Weve (Bijschriften F90778 en F22206 RAN)

Eind jaren 50 was de firma Adriaan van der Kuip in medische instrumenten er gevestigd. Deze had ook vestigingen in Utrecht en Alkmaar.

Hoek Stieltjesstraat-Vredestraat (april 2025)
Hoek Stieltjesstraat-Vredestraat (april 2025)

Blik vanaf de gashouder op de markante (nog bestaande) villa hoek Vredestraat en de Nieuwe Marktstraat; nu ligt de villa op de hoek met de Stieltjesstraat. De villa werd bewoond door de directeuren van de gasfabriek en waterleiding respectievelijk W.F. Payens en C.L. Philips. Eind jaren 50 was er gevestigd de firma Adriaan van der Kuip in medische instrumenten met ook vestigingen in Utrecht en Alkmaar. De foto toont ook nog een fraai beeld van het door het bombardement verwoeste stadsgedeelte tussen Kolpinghuis links boven en de Nieuwe Marktstraat rechts schuin weglopend, 1910-1920 (F90778 RAN)
Blik vanaf de gashouder op de markante (nog bestaande) villa hoek Vredestraat en de Nieuwe Marktstraat; nu ligt de villa op de hoek met de Stieltjesstraat. De villa werd bewoond door de directeuren van de gasfabriek en waterleiding respectievelijk W.F. Payens en C.L. Philips. Eind jaren 50 was er gevestigd de firma Adriaan van der Kuip in medische instrumenten met ook vestigingen in Utrecht en Alkmaar. De foto toont ook nog een fraai beeld van het door het bombardement verwoeste stadsgedeelte tussen Kolpinghuis links boven en de Nieuwe Marktstraat rechts schuin weglopend, 1910-1920 (F90778 RAN)

Willibrordusschool

Nijmeegse School MEAO (ca. 1893), voorheen de St. Willibrordusschool, Stieltjesstraat, 1970 (Evert F. van der Grinten via F78775 RAN CCBYSA)
Nijmeegse School MEAO (ca. 1893), voorheen de St. Willibrordusschool, Stieltjesstraat, 1970 (Evert F. van der Grinten via F78775 RAN CCBYSA)

“De voormalige Sint Willibrordusschool, gesloopt in oktober 1989 ten behoeve van de nieuwbouw van 148 etagewoningen. In het pand waren, naast de kapel van de Russisch-Byzantijnse gemeenschap, in de laatste jaren voor de afbraak, kunstenaarsateliers van de stichting DAK gevestigd” (Bijschrift F38493 RAN)

Zie ook het artikel op Noviomagus.nl en Noviomagus.nl.

Stieltjesstraat 12-14

Drukkerij Bloembergen Santee, Stieltjesstraat 12-10, 1925 (F33992 RAN)
Drukkerij Bloembergen Santee, Stieltjesstraat 12-10, 1925 (F33992 RAN)

Gebouwd rond 1900-1910

Het pand is een Gemeentelijk Monument met als waardering: “Karakteristieke gevel in nieuwe-stijl vormen, van belang in de straatwand.”

Advertentie Drukkerij Bloembergen Santee & Co, dan nog Stieltjesstraat 14 (De Gelderlander 25/1/1917)
Advertentie Drukkerij Bloembergen Santee & Co, dan nog Stieltjesstraat 14 (De Gelderlander 25/1/1917)

Stieltjesstraat 16-18

Stieltjesstraat 16-18 (april 2025)
Stieltjesstraat 16-18 (april 2025)

Drukkerij Bloembergen Santee & Co

Drukkerij Bloembergen Santee, Stieltjesstraat 12-20, 1925 (F33991 RAN)
Drukkerij Bloembergen Santee, Stieltjesstraat 12-20, 1925 (F33991 RAN)

In september 1912 verhuist firma Bloembergen Santee & Co naar de Stieltjesstraat. Tussen 1938 en 1942 verhuist ze van nummer 14 naar nummer 18.

In het adresboek van 1968  is D.H. Kuiken de eigenaar. Het bedrijf werd rond 1975 veranderd naar een besloten vennootschap.

Rond 1981 verhuisde ze naar de Ambachtsweg. Meer over deze drukkerij op Huis van de Nijmeegse Geschiedenis (tevens bron).

Gevonden gebruikers Stieltjesstraat 16

Johan Broek

De Gelderlander 25/2/1906

In PGNC 12/6/1907 vraagt Mevrouw Broek-Landré een nette dienstbode (“die uitstekend koken en netjes werken kan. Mutsje dragen vereischte”).

In de advertentie van de Gelderlander 16/6/1907 heeft Johan Broek ook een inrichting in Den Haag (Houtweg 15).

Johan Broek en Jeanne Broek-Landré lijken in ieder geval in 1912 een gezamenlijke praktijk te hebben: in de adresboeken staan ze als: “leeraren in solozang en spraakgebreken.” Ook komen ze in 1913-1914 voor onder de kop “Muziekonderwijs’.

In oktober 1916 komt zeer tijdelijk de Marie Sophie Fromberg, Weduwe van George Nicolas inwonen. Zij is dan afkomstig uit Haarlem. Zij overlijdt op 16-4-1920 op 82-jarige leeftijd (PGNC 15/10/1916 en Adresboek 1916, PGNC 17/4/1920).

Rond 1914 is het Mej. J.A.S. Landré, muziekleraares of  “Mevrouw Jeanne Landré”. Waarschijnlijk betreft het de dochter van Broek en Broek-Landré (maar mogelijk mevrouw Broek-Landré zelf). In ieder geval komt ze nog in 1940 in het Adresboek en op PGNC 20/7/1940.

PGNC 14/2/1922

Gevonden gebruikers Stieltjesstraat 16

NaamOmschrijvingAdresAdresboekOpmerking
J. den BreejenIn grind en ballast; Verhuisd van Waalkade No. 38 (PGNC 13/4/1901)Stieltjesstraat 161901 (waarschijnlijk dezelfde als J.D.) 
T. de Breejen van den BoutIn brandstoffen 1901 
H.G. BurgersTeekenaar 1902, 1903, 1905 
J.F.C.W. (Johan) Broekleeraar in solozang en spraakgebreken; In ieder geval advertentie De Gelderlander 25/2/1906 1907, 1908, 1909, 1912-1913   
Mej. J.A.S. LandréMuziekleerares 1914-1915, 1915-1916, 1916, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940 
J.W. Wijnandsoverste der mariniers uit Velsen (PGNC 26/4/1919)     
Th.E. Monroijzonder beroep, verhuist naar Rotterdam (PGNC 21/1/1939)   
E. MonroijBoekdrukker 1940 
J.F. MonrooijBoekdrukker 1940 
L. van HaalenWagenbestuurder gem. tram 1948, 1951. 1955, 1959, 1963 
 Administratie en Belastingsadviesbureau M.H. van Halen (De Gelderlander 20/3/1952)   

Gevonden gebruikers Stieltjesstraat 18

NaamOmschrijvingAdresAdresboekOpmerking
Wed. Dr. D.C. NijhoffGeb F. PiekemaStieltjesstraat 181903, 1905 
Guido AnselmiLeeraar in het Italiaansch, verhuisd van Stijnbuisstraat 76 De Gelderlander 20/12/1905   
C.A. Steurassuradeur 1908, 1909, 1910-1911 
P. Servaas Smits  Inspecteur en agent Haagsche Assurantie Compagnie voor Brand enz. Van 1805, per 1 mei van St. Annastraat 103 PGNC 10/4/1908, 1908, 1909 
P.C. GugelotNaar Haarlem PGNC 16/11/1909   
W.F. PaijensGasfitter; op 1912-1913 koopman   Op 17-9-1911 Marie Paijens-Donders bevallen van een zoon; op 5-12-1914 eveneens van een zoon (PGNC 8/12/1914); Op 6-7-1917       1910-1911, PGNC 19/9/1911 1912-1913, 1913-1914, 1914-1915   
A. Bongaards Th. Bongaards-PetersNette Naaimeisjes en leerlingen  gevraagd, Robes et Manteaux; geboorte Everardus Johannes (PGNC 7/9/1917), die na 3 maanden overlijdt (PGNC 3/11/1917)(Th. Bongaards, Adresboek 1916: Stieltjesstraat 18a)De Gelderlander 9/3/1916 
A. BongaardsKantoorbediende 1922, 1924, 1926 
W.P. BoerboomMatroos 1922 
     
Mej. E.J.M. Lieshout  1928, 1932 
G.F.A. v. Lieshouthandelsreiziger 1928, 1932 
H.A.F. v. Lieshout banketbakkerbanketbakker 1928 
Mej. J.E.M. v. Lieshout1928: Kantoorbediende; 1932: onderwijzeres 1928, 1932 
H. v. Lieshout (zelfde als H.A.F.?)Kok, vanuit Arnhem PGNC 24/9/1932 
Mej. C.A.M. v. Lieshout  1932 
Bakovenbouw “Noviomagum” ook De Genestetlaan 53 (De Gelderlander 30/12/1933); Rond november 1934 verplaatst naar St. Jacobslaan 380 (De Gelderlander 17/11/1934)     
F.J.M. Savi  1934 
B.J. ErkensAannemer-timmerman, naar Johannesburg (PGNC 13/6/1936) 1936 
A.J. ErkensKantoorbediende 1936 
A.W. Erkens en gezinNaar Johannesburg De Gelderlander 23/2/1938 
A.C.A. v. HoutKoopman 1938 
Drukkerij Bloembergen Santee & Co.  PGNC 28/12/1940, 1968, 1971 

Gebruikers Stieltjesstraat 20

Advertentie Mevr. Jeanne Landré (PGNC 22/11/1938)
Advertentie Mevr. Jeanne Landré (PGNC 22/11/1938)

Jarenlang woonde muzieklerares Jeanne Landré op Stieltjesstraat 20 “Leerares zang declamatie, talen).

In ieder geval is er nog een advertentie in De Gelderlander 18/2/1948 gevonden. Op De Gelderlander 14/6/1952 plaatst ze een advertentie voor de vinder van “een mij toebehorend groot zwart boek bevattende Franse liederen, de meeste uit de vorige eeuw.” (De Gelderlander 14/6/1952)

Landré overlijdt op 31-7-1952 op 84-jarige leeftijd (De Gelderlander 1/8/1952)

NaamOmschrijvingAdresAdresboekOpmerking
Wed. L.A. de la HaijzeGeb van MarleStieltjesstraat 201899, 1901 
K. DuffhausFirma C W D, magazijn en kantoor Stieltjesstraat 20 en 22, part adres Kronenburgersingel 25 1909 
C.J.H.B.F. DuffhaussFirma C.W., magazijn en kantoor Stieltjesstraat 20 en 22, part. Adres Kronenburgersingel 25 1912-1913, 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916, 1916   
Wed. H. v.d. SteenGeb. A.J.J. van Vugt 1922 
A.A.J. van VugtReiziger 1926 
H.M.H. ScheenKoopman 1932 
J.A.W. Storij  1932, 1934, 1936, 1938 
H.M.H. ScheenKoopman 1934, 1938, 1940 
D.H.Th. ScheenKantoorbediende 1938, 1940 
Mej. J.C. Callaars  1948, 1951 
Mevr. J.A.S. LandréMuzieklerares 1951 
W.J. TheunissenDirecteur drukkerij 1955, 1959, 1963 
W.H. Theunissen  1963 

Gemeentelijk Monument

Stieltjesstraat 16/18/20 is een Gemeentelijk Monument met als waardering: “Karakteristiek pand in sobere nieuw-stijl vormen, van belang in de straatwand.”

Stieltjesstraat 22-24

Bouwjaar: 1901

Het gebouw is een Gemeentelijk Monument met als waardering: “Zeer karakteristiek pand in nieuwe-stijl vormen met rijke decoratie. Van belang in de straatwand.”

Stieltjesstraat 26-28

Gebouwd rond 1900

Het pand is een Gemeentelijk Monument met als waardering: “Karakteristiek pand in nieuwe-stijl vormen, van fraaie verhoudingen. Van groot belang in de straatwand.”

Stieltjesstraat 22-24, 2013 (Henk van Gaal via DF4269 RAN CC0)

Stieltjesstraat 22-24

In oktober 1901 verkoopt de firma Van der Pluijm en Gielen te Rotterdam aan J.H. Meulenberg. Dit betreft de huidige Stieltjesstraat 22 en 24.

Lees verder
Stieltjesstraat 30, september 2013 (Havang(nl), CC0, via Wikimedia Commons)

Stieltjesstraat 30

Op 10 mei 1897 verkoopt de gemeente Nijmegen een strook bouwterrein aan de Stieltjesstraat, te bebouwen met 1 woonhuis, het huidige Stieltjesstraat 30

Lees verder
De Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) met links de Stieltjesstraat, 1900 (F19580 RAN)

Hogere Burgerschool architect Weve

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Lees verder
Vredestraat gezien vanaf het Belastingkantoor. Rechts de Kronenburgersingel en het Kronenburgerpark; linksboven de St. Willibrordusschool aan de Stieltjesstraat, 12/10/1977 (Theo Hendriks via F1432 RAN CC0)
Vredestraat gezien vanaf het Belastingkantoor. Rechts de Kronenburgersingel en het Kronenburgerpark; linksboven de St. Willibrordusschool aan de Stieltjesstraat, 12/10/1977 (Theo Hendriks via F1432 RAN CC0)
In 1915 nam de afdeling Nijmegen van de Nederlandse Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde het initiatief tot oprichting van een winterschool voor jonge tuinders. In 1920 werd deze Rijks Winter Tuinbouwschool in gebruik genomen. Het gebouw werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw afgebroken, Voorstadslaan 327, afgbroken, 1920-1930 (GN9490 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Tuinbouw-Winterschool, later Rijks Middelbare Tuinbouwschool architect Weve

1920 Voorstadslaan 327 – afgebroken, Hees

In 1915 nam de afdeling Nijmegen van de Nederlandse Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde het initiatief tot oprichting van een winterschool voor jonge tuinders. In 1920 werd deze Rijks Winter Tuinbouwschool in gebruik genomen. Het gebouw werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw afgebroken, Voorstadslaan 327, afgbroken, 1920-1930 (GN9490 RAN)
In 1915 nam de afdeling Nijmegen van de Nederlandse Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde het initiatief tot oprichting van een winterschool voor jonge tuinders. In 1920 werd deze Rijks Winter Tuinbouwschool in gebruik genomen. Het gebouw werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw afgebroken, Voorstadslaan 327, afgbroken, 1920-1930 (GN9490 RAN)

“Tuinbouw-Winterschool.

Men kan een inrichting van algemeen nut, b.v. een school, waaraan behoefte is gevoeld en waarvan het onderwijs velen den weg zal wijzen naar hun plaats in de maatschappijk, op verschillende wijzen openen. De nuchterste is, dat men in den besloten kring van leeraren, leerlingen en schooltoezicht letterlijk de deur opent en haar direct daarna weer potdicht sluit; dat men dan de wijsheidskraan opendraait en… dan is de zaak in orde. Het groote publiek zal wel bemerken, dat de machine draait.

Men kan ook anders doen en in zijn vreugde, dat er iets tot stand is gekomen, waarnaar al lang verlangend werd uitgezien en dat een zegen voor velen zal zijn, het publiek, welks belang hier behartigd zal worden deelgenoot maken van zijn voldoening over het bereikte.

De eerste weg is, meenen wij, gevolgd bij de opening der Handelsdagschool, maar de Commissie van Toezicht en de Directeur van de Rijks-Tuinbouwwinterschool aan de Voorstadslaan onder Heers, hebben aan de laatstbedoelde methode voorkeur gegeven.

Wij althans werden uitgenoodigd tot “bijwoning der officiëele overdracht van de Tuinbouw-Winterschool te Nijmegen door de Gemeente aan het Rijk”.

Met graagte hebben wij aan die uitnoodiging voldaan, omdat wij overtuigd zijn van het groote belang van deze nieuwe inrichting voor een streek, waarin de tuinbouw in al zijn onderdeelen telkens meer beoefenaars vindt en een welvaartsbron belooft te worden voor honderden in deze gemeente en haar wijden omtrek.

De plechtigheid, die gisteren plaats had, was in den grond der zaak niet de opening der school als inrichting van onderwijs. Immers de lessen zijn reeds in 1919 begonnen, maar werden, zoolang de school, het gebouw, niet gereed was, gegeven in een lokaal van de Kweekschool voor Onderwijzers.

Nu echter de nieuwe school aan de Voorstadslaan gereed is, moest de overdracht van het door de gemeente opgerichte gebouw met de daarbij behoordende 2 H.A. tuingrond aan het Rijk worden overgedragen en het was de wensch van den Minister van L., N. en H., dat dit met zekere plechtigheid gebeurde.

Een uitgezocht gezelschap kwam dan ook op het aangegeven uur in de school bijeen: de Directeur-Generaal van Landbouw, de heer v. Heek, als vertegenwoordiger van den Minister; de Commissaris der Koningin in Gelderland met leden van Gedeputeerde Staten; de Burgemeester en Wethouders van Nijmegen met den Secretaris en eenige raadsleden; de Inspecteur van het Landbouwonderwijs, Dr. v.d. Zande; Directeur en leeraren van de school; de Commissie van Toezicht, waarvan echter de voorzitter buitenlands was; vertegenwoordigers van de Vereeniging Proef- en Schooltuin en van de Verschillende takken van tuinbouw uit dezen omtrek; en een groot aantal genoodigden die geacht werden de nieuwe inrichting een goed hart toe te dragen.

Na een vriendelijk en hartelijk welkomstwoord van den heer J.A.H. Steinweg, secretaris van de Commissie van Toezicht, die bij afwezigheid van den voorzitter, den heer K. de Jong Mzn., de genoodigden ontving, voerde allereerst de Burgemeester van Nijmegen het woord. Spr. gaf in ’t kort een overzicht van de besprekingen en onderhandelingen, die aan de aanwijzing van Nijmegen als plaats van vestiging eener Rijkstuinbouwwinterschool en de oprichting van het nu voltooide gebouw zijn voorafgegaan en getuigde daarbij van de groote belangstelling van B. en W. en van den Gemeenteraad voor een inrichting als deze, die, naar spr. hoopte, veel zal kunnen bijdragen tot de ontwikkeling van het tuinbouwbedrijf, dat in deze gemeente en haar omtrek reeds zulk een vlucht heeft genomen. Spr. verzekerde, dat al het mogelijke was gedaan om het gebouw aan het doel der oprichting te doen beantwoorden, waartoe de Wethouder v.d. Waarden en de Directeur van Gemeentewerken verschillende plaatsen hadden bezocht. Het resultaat van dat onderzoek is neergelegd in tekening en bestek van den heer Weve en de uitvoering daarvan is opgedragen aan den heer Offermans als aannemer. Spr. verzocht den heer Directeur-Generaal van Landbouw als vertegenwoodiger der Regeering het gebouw over te nemen, dat de gemeente in bruikleen aanbiedt.

Gaarne voldoet de heer Van Hoek aan dit verzoek namens den Minister van L., N. en H. waar de wetenschappelijke grondslagen zullen worden gelegd voor een verbeterde beoefening dezen tak van nijverheid. In den oorlogstijd hebben land- en tuinbouw evenals vele andere takken van bestaan geleden en de toekomst is nog verre van helder. Om vergrooting en verbetering der productie te verkrijgen en oude afzetgebieden te herwinnen en nieuwe daarbij te verwerven, is groote inspanning noodig en moet er hard gewerkt worden. De reeds lang bestaande Wintertuinbouwcursussen hebben al veel goeds gedaan, maar wat de toekomstige bedrijfsleiders noodig hebben, konden deze niet geven. De Nijmeegsche afdeeling van de Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde heeft dat ingezien. Zij heeft aangeklopt bij de gemeente Nijmegen en daar een open oor gevonden, want ook zij besefte het belang van een Middelbare onderwijsinrichting op tuinbouwgebied, en de gemeente vond op haar beurt gehoor bij den Minister. Sedert de school te Tiel tot een Landbouwschool was veranderd hadden alleen de beide Hollanden tuinbouwwinterscholen en bij uitbreiding van dat aantal, was Nijmegen de aangewezen plaats. De kweekers hadden het bedrijf reeds door eigen kracht op een hoog peil gebracht en de ontwikkeling van den tuinbouw in dezen omtrek was heel sterk. Had de omtrek van Nijmegen in 1895 reeds 4500 H.A. voor fruitteelt in gebruik, in 1919 was dat gestegen tot 6900 H.A., terwijl zoo goed als overal onderplanting was ingevoerd. In 1895 werd voor de groenteteelt zoo goed als geen plat glas gebruikt; in 1906 besloeg het platte glas een oppervlakte van 45100 vierk. Meter en in 1912 (het laatste jaar waarvan officiciëele cijfers bekend zijn) besloeg het platte glas 95200 vierk. Meters; zeker is het na dien tijd nog toegenomen. Wat de bloemisterij aangaat kan deze streek met Aalsmeer en Boskoop wedijveren, al heeft ook elk van deze drie centra zijn bijzondere cultures. Uit alles blijkt, dat een middelbare tuinbouwschool hier op haar plaats is.

In 1919 is de school begonnen in de Kweekschool voor Onderwijzers. Aanvankelijk werd alleen aandacht geschonken aan fruitteelt, groenteteelt en bloemisterij, maar toen bij de Regeering gewezen werd op het belang van onderwijs in bloembinden en -schikken en tuinarchitectuur werd er besloten deze vakken aan het programma van deze school als proef toe te voegen en zoo is Nijmegen de eerste plaats, waar daarin onderwijs wordt gegeven. Van groot belang voor de school en voor de omgeving is de proef- en schooltuin, die onder toezicht staat van de Vereeniging “Proef- en Schooltuin voor Nijmegen en Omstreken”. Die tuin, waarvoor de gemeente 2 H.A. beschikbaar stelde, is allereerst schooltuin voor de leerlingen, verder het terrein voor practische werkzaamheid en zoo ook leerschool voor de kweekers, ten slotte is hij een gelegenheid voor het nemen van proeven met minder bekende gewassen, nieuwe behandelingswijzen en onderzoekingen of eenig gewas hier gedijt. Natuurlijk werkt zulk een tuin met verlies, het Rijk zal door subsidie het tekort helpen aanvullen en het is te verwachten, dat ook de Provincie, die reeds van haar belangstelling getuigde, ook hierin niet zal achterblijven: het geldt hier ook een provinciaal belang.

Achtereenvolgens brengt spr. aan de gemeente Nijmegen voor de offers, die zij bracht en de ruime opvatting van het belang der school; aan den bouwmeester voor de plannen voor het gebouw en de uitwerking daarvan; aan de Commissie van Toezicht, waarvan velen in andere functie reeds zooveel deden en van wie nog zooveel verwacht wordt; aan de Vereeniging Proef- en Schooltuin en vooral aan haar Voorzitter, den heer K. de Jong Mzn. Spr. richt nog een woord tot den Inspecteur van het Landbouwonderwijs, den heer van der Zande, tot Directeur en leeraren en tot de leerlingen. Met de beste wenschen voor den bloei der school en haar zegenrijke werking, aanvaardt spr. het nieuwe gebouw.

De Commissaris der Koningin in Gelderland, Jhr. Mr. v. Citters, verzekert de aanwezigen van de groote belangstelling van het provinciaal bestuur in deze school, getuige o.a. de aanwezigheid van heeren Gedeputeerde Staten. Spr. is overtuigd, dat dit en gelukkige dag moest zijn voor den heer Directeur-Generaal van Landbouw, voor de gemeente Nijmegen, maar vooral ook voor den Burgemeester van Nijmegen, onder wiens veeljarig bestuur al zóóveel goeds tot stand is gekomen, dat Nijmegen een bijzondere plaats inneemt onder de steden van ons vaderland. Wel doorleeft de tuinbouw een moeilijken tijd en er is wat optimisme noodig om aan de moeilijkheden het hoofd te kunnen bieden, want de tuinbouw moet leven van export en de export vindt overal hinderpalen. Er is heel wat zorg noodig om den tuinbouw op de been te houden en dat kan naar sprekers meening geschieden, als land- en tuinbouw elkaar steunen en samenwerken. Spr. besluit met de hoop, dat de nieuwe onderwijsinrichting een goeden naam zal krijgen en houden, maar vooral, dat de leerlingen dien naam zullen steunen. Als het een eer wordt te zijn opgeleid aan deze school, dan zal dat een zegen zijn voor Nijmegen en voor het heele gewest.

De heer Valeton, secretaris van de Tuinbouwraad, getuigt van zijn belangstelling voor hetgeen hier bereikt is. Spr. weet, dat de geschiedenis van den tuinbouw, hier vooral, is een aaneenschakeling van pogen en proberen; ondanks tegenslagen heeft men ’t hier niet opgegeven; deze omtrek telt stoere werkers en mannen van volharding en spr. vertrouwt, dat de praktische tuinbouwers dankbaar zullen zijn, dat deze inrichting hier is verrezen en dat zij het hunne zullen doen om Directeur en leeraaren en daardoor de school te steunen, die ook voor hen een steun kan zijn.

Namens de afdeeling Nijmegen van de Maatschappij van Tuinbouw en Plantkunde spreekt de heer Lodder. Spr. gaat de voorgeschiedenis van de oprichting na en memoreert, dat reeds in 1915 door den heer Monhemius het denkbeeld van de oprichting eener school als deze werd opgeworpen; hoe een Commissie uit de afdeeling, bestaande uit de heer Monhemius, Leenders en spr., met den heer v.d. Veen (nu Directeur) en met het gemeentebestuur van Nijmegen overlegde en hoe van alle zijden het denkbeeeld met ingenomenheid werd begroet. Spr. brengt dank en hulde aan allen, die tot de oprichting hebben meegewerkt en uit de beste wenschen voor de school en haar personeel.

De heer R. v.d. Veen, Directeur der School en Rijkstuinbouwconsulent voor het zuidelijk gedeelte van ons land, wijst op de verschillende vormen van tuinbouwondewij: het hooger onderwijs van Wageningen, het lagere van de wintercursussen en het tusschenliggende middelbare, dat nu ook hier gegeven staat te worden. De wintercursussen zijn al een kleine 20 jaar oud en hebben veel nut gesticht, maar voor patroons, bedrijfsleiders en buitenlandsche handelaren is meer noodig dan zulk een cursus kan geven. De Middelbare School bepaalt zich niet tot avondlessen, maar geeft het onderwijs overdag en breidt de lijst van onderwijsvakken uit. Maar dat onderwijs regelt zich naar de streek, waar de school gevestigd is; zoo staat te Aalsmeer de bloemisterij, te Lisse de bloembollenteelt, te Boskoop de boomkweekerij voorop. Hier echter kan de zaak veelzijdiger worden opgevat, dank zij de veelvuldigheid der onderdeelen van het tuinbouwvak. Want den streek is een belangrijk centrum, waar fruitteelt en groenteteelt extensief en intensief worden beoefend ook naar de meest moderne methoden. Spr. brengt op zijn beurt hulde aan allen, die tot de totstandkoming der school hebben meegewerkt, vooral ook aan het gemeentebestuur van Nijmegen en geeft ook namen de leeraren de verzekering, dat allen, die aan de school verbonden zijn, het hunne zullen doen om haar tot bloei te brengen.

De plechtigheid was hiermee ten einde en namens den heer K. de Jong Mzn. Bood de heer Steinweg den genoodigden den eerewijn aan, waarna de Directeur de aanwezigen uitnoodigde tot een rondwandeling door de school en over de terreinen.

Het gebouw mag er zijn; de lokalen zien er keurig uit, de inrichting er van bewijst dat er advies is gegeven door mannen van de praktijk. Voorloopig is er zeker ruimte genoeg, maar mocht, zooals ook wij hopen, de toeloop van leerlingen sterker, zeer sterk zelfs, worden, dan zou het kunnen zijn, dat de behoefte werd gevoeld aan een ruimer lokaal dat- om een dik woord te gebruiken- als aula dienst zou kunnen doen. De ontvangst van gisterenmiddag had plaats in de met planten getooide hal.

In den tuin keur van planten en kruiden en bloemen en struiken en platte bakken en een ruime flinke kweekkas voor druiven, perziken en wat de tijd en de cultuur eischen.

Voor volledigheid vermelden wij ten slotte nog, dat de bouw plaats had onder leiding van den heer Offermans; dat voor de centrale verwarming en ventilatie werd gezorgd door P.H. Lamers te Hees; voor het schilderwerk door B. Fooy te Hees; voor de electrische installatie door P. Megens te Nijmegen; voor het stucadoorswerk door Otten te Nijmegen en dat de keurig afgewerkte schoolbanken werden geleverd door de fabriek van schoolbanken van den heer Kooymans te Wijchen.” (PGNC 6/10/1920)

Park Leeuwenstein

Het Park Leeuwenstein was vroeger de tuin van Villa Leeuwenstein. Het lijkt wat verborgen te liggen door de bebouwing van de Marialaan en de Bosduifstraat. Dat het park mogelijk wat onbekend is, is onterecht: er staan veel verschillende bomen, waaronder bijzondere soorten.

Koetshuis Park Leeuwenstein

De woning is oorspronkelijk in 1864 gebouwd als koetshuis door de familie Metz-van Holst.