Villa Rica Voorstadslaan 351 in de sneeuw architect Hoffmann
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Villa Rica

1904, Voorstadslaan 351

Villa Rica, Voorstadslaan, architect Hoffmann, juli 2024
Villa Rica in het zonnetje, Voorstadslaan, architect Hoffmann, juli 2024

Pascal koopt van Verdonck in 1904 twee stukken grond aan de Voorstadslaan. Hij laat daarop een villa ontwerpen door de architect Hoffmann: Villa Rica. Het gebouw op de hoek van de Voorstadslaan en Prinsenlaan stamt uit 1904.

Vooraf

“Het pand verrees op een kavel waar ook voorheen al bebouwing had gestaan. Uit de kadastrale kaart van 1832 blijkt namelijk dat ter hoogte van de huidige aansluiting van de Prinsenlaan op de Voorstadslaan – in het verlengde van de Bredestraat – een fors huis met erf en tuin stond. Eigenaar was de landbouwer Derk Kloosterman. Later is hier dus de Prinsenlaan aangelegd en het onderhavige pand bevindt zich direct ten zuiden van deze straat,” (Gemeentelijke monumentenlijst).

In deze buurt stonden meerdere villa’s. Zelf maakte Villa Rica onderdeel uit van het nooit volledig gerealiseerde Villapark Hees.

The Corner, Villa 1 van Villapark Hees, Tweede Oude Heselaan 522

Villapark Hees

1902 “Villapark onder Hees. Wij hebben indertijd reeds gesproken van het villapark, dat onder leiding van den architect den heer Oscar Leeuw zal worden aangelegd tusschen den straatweg naar Hees, de oude Heesche laan en den nieuwen weg, van wege de Gemeente aan te leggen als verbinding van den Heeschen straatweg met de Krayenhofflaan. Binnen…

Lees verder

Pascal koopt van Verdonck in 1904 twee stukken grond:

Architect Willem Hoffmann

Plan tot het bouwen van een Villatje in Hees voor rekening van den Wel. Ed. geb. Heer Pascal te Hees, datum tekening februari 1904 (D12.378822-1. Detail) door architect Hoffmann
Plan tot het bouwen van een Villatje in Hees voor rekening van den Wel. Ed. geb. Heer Pascal te Hees, datum tekening februari 1904 (D12.378822-1. Detail)

Villa Rica is ontworpen door architect Willem Hoffmann. Lees hier verder over deze architect:

Willem Hoffmann, architect

Architect Hoffmann is vooral bekend vanwege zijn villa’s. Zijn grootste werk is mogelijk ’t Slotje van de Baron. Ook de uitbreiding/verbouwing van het Wilhelminaziekenhuis is…

Arnoldus Josephus Jacobus Pascal

Arnoldus Josephus Jacobus Pascal (17-7-1870 Doesburg) vestigt zich op 10-5-1901 in de  gemeente. Hij is dan afkomstig uit Venlo. Hij gaat wonen in de Voorstadslaan 212, wat later is doorgehaald en vervangen door 351. Bij de opmerking staat E.J. 237.: het is onduidelijk of dit een verhuizing of een hernummering is. (Bevolkingsregister 1900). In het Register van 1910 staat Voorstadslaan 351, wat op een later tijdstip (‘1-1-21’) is vervangen door Lange Hezelstraat 123. Daarop is bij beroep ‘zonder’ doorgehaald en vervangen door agent in wijnen. In de Gemeentelijke Monumentenlijst staat een verdere uitleg: “In de bekende publicatie van Dr. J.J. de Blécourt over het Schependom van Nijmegen (1912) staat het pand vermeld als de Villa Rica van de heer A.J.J. Pascal. Deze Pascal had de woning laten bouwen. Tot aan de voltooiing woonde hij aan de Voorstadslaan 212, waarna hij in 1916 naar de Lange Hezelstraat 123 verhuisd.”

Hij is getrouwd met Joséphine (later vervangen door a) Sibilla Maria Hutgens (22-8-1879 Doesburg). Ze zijn getrouwd op 10-10-1899. (Inventarisnr 102, Aktennr 66 archief Venlo) Hij is dan 29 en heeft als beroep “koopman”.

Ze hebben 5 kinderen, waarvan er 1 jong is overleden:

  • Hendrika Maria (10-4-1901 Venlo); Bij de opmerking staat I2-285. En op een gegeven moment komt ze van dit adres weer bij het gezin te wonen. Zij is dan onderwijzeres bijz. school.
  • Petrus Josephus Arnoldus (25-10-1903 Hees); hij overlijdt op 4-12-1912
  • Josephus Jacobus (2-4-1909 Hees)
  • Maria Johanna Hendrika (23-6-1911 Hees).
  • Louis Pierre Leon (7-10-1914 Hees)

Daarnaast zijn moeder Hendrika Wilhelmina ten Oever, wed. Pascal (8-2- 1837). Op 11-10-1911 overlijdt ze te ’s Gravenhage (de verhuizing daar naar toe staat niet vermeld). De laatste 3 kinderen zijn in Villa Rica geboren.

Winkel Venlo

In 1890 opent Pascal zijn winkel in “wijn, likeuren, sterke dranken, tabak en sigaren”. Daarna zullen vele advertenties in het Venloosch weekblad volgen.

Advertentie opening A.J.J. Pascal op de Grote Markt in Venlo ( Venloosch weekblad,   3-5-1890)
Advertentie opening A.J.J. Pascal op de Grote Markt in Venlo (Venloosch weekblad, 3-5-1890)
Verkoop winkelhuis in Venlo door Pascal (PGNC 6/4/1910)
Verkoop winkelhuis in Venlo door Pascal (PGNC 6/4/1910)

In de loop der jaren biedt “A. Pascal, Hees” een aantal malen een winkelhuis aan de Grote Markt aan. Gevonden zijn:

•            Winkelhuis te koop of te huur in 1903 (Venloosche courant, in ieder geval 26-9-1903 en 30-08-1903)

•            Groot Winkelhuis te koop (PGNC 6/4/1910)

Welk winkelhuis en of dit dezelfde zijn, is niet bekend: In augustus 1900 wordt het winkelhuis met erf aan de Groote Markt te Venlo geveild namens J.J. Pascal, de vader van A.J.J. Pascal. (Venloosche courant, 04-08-1900). Zijn vader overlijdt vervolgens op 22 december (Venloosche courant, 23-12-1900).

In 1890 heeft A.J.J. zijn winkel op de Grote Markt geopend. Het is nog niet bekend of het hetzelfde pand was als dat van zijn vader (of dat A.J.J. op een later tijdstip zijn eigen winkel daar naartoe heeft verplaatst), of dat er dus 2 leden van de familie Pascal een eigen winkel hadden.

Waarschijnlijk vertrekt Pascal in 1919 uit Hees: in de bestuursvergadering rond 2 april blijkt hij niet langer bestuurslid van Dorpsbelang Hees te willen zijn, wegens vertrek uit Hees. (De Gelderlander 2/4/1919)

Naam Villa Rica

Wie de villa Villa Rica heeft genoemd is niet bekend. Is de villa vernoemd naar 1 van de Hendrika’s? Of betreft het de Spaanse vertaling voor “Rijke/welvarende Villa/dorp” ?

Andere bewoners op basis Adresboeken:

Villa Rica Voorstadslaan 351 in de sneeuw architect Hoffmann
Villa Rica Voorstadslaan 351 in de sneeuw; architect Hoffmann
A.J.J. PascalEn wed. J Pascal (t/m boek 1910-1911)1908, 1909, 1910-1911, 1912-1913, 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916, 1916
   
Dr. C.J. v. Barneveldarts1920, 1922, 1926, 1928, 1932, 1936, 1938, 1940, 1948
Mej. A.C. v. Barneveld 1928, 1932
H.A. v. Barneveld 1938, 1940
J.A. JanssenOpsporingsambtenaar1951
R.O. van der Werfscheepskundige1955
R.F. Tophovenperschef1963
   

Pascal verkoopt de woning rond eind 1916/begin 1917 aan C.J. van Barneveld, een arts. Van Barneveld had op dit adres ook zijn praktijk. (Gemeentelijke monumentenlijst)

Van Barneveld laat (waarschijnlijk staat er) R. Offerman een kleine verbouwing doen en een schuurtje bouwen (datum dossier: VERBOUWEN WOONHUIS (26-01-1917). De verbouwing houdt uiterlijk in dat een balkon van de zijgevel bij de woning zelf wordt getrokken.

Plan tot het bouwen van een schuurtje een een kleine verbouwing. D12.385339

Dan koopt in 1951 de N.V. Scheepswerf Gebr. van der Werf uit Deest het pand. Zij laten door architect R. G. Rodenburg een verbouwing ontwerpen. De tekening daarvan is gedateerd op  9-9-1951. Uiterlijk betreft dit het plaatsen van 1 groot raam centraal boven de deur en het plaatsen van een nieuwe deur naast de reeds bestaande.

Oud D12.412713
Nieuw (D12.412714 detail)

In 1996 brandt de woning deels af en wordt vervolgens herbouwd.

Villa Rica was het derde en tevens laatste pand dat van de grond kwam voor het Villapark Hees. Daarna zou er pas in 1924 weer gebouwd worden.

Gemeentelijk Monument

Villa Rica is een Gemeentelijk monument met als waardering (tevens staat hier een uitgebreide omschrijving): “

Architectuurhistorische waarde
In het authentieke karakter zowel in de hoofdvorm als de detaillering gaaf bewaard gebleven voorbeeld van villabouw uit de vroege twintigste eeuw, naar een ontwerp van de Nijmeegse architect Willem Hoffmann die onder meer bekend is van kasteel Het Slotje aan de Neerbosscheweg. Het onderhavige, uit 1904 daterende pand, voerde hij uit in een op de vernieuwende landhuisbouw stoelende stijl. Karakteristiek is onder meer de schilderachtige en asymmetrische opzet, met in elkaar grijpende dakpartijen, vensters met luiken en veelruits
bovenlichten, alsmede decoratief houtbeschot. Alhoewel de woning door brand werd aangetast geeft het bouwwerk zowel uit- als inwendig nog immer een goed herkenbare indruk van de oorspronkelijke opzet. Het rondom een hal met trappenhuis ingedeelde interieur werd in nauwe aansluiting bij de authentieke situatie gereconstrueerd.


Stedenbouwkundige waarde
Het pand heeft door zijn markante verschijningsvorm met een asymmetrische bouwmassa, ‘ingewikkeld’ in elkaar stekende dakpartijen, een hoog oprijzend dakhuis en diverse opvallende details waaronder een rijkbewerkte timpaan, alsmede door zijn prominente vrijstaande ligging in een bijbehorende tuin belangrijke situationele waarde. De stedenbouwkundige waarde wordt versterkt door de ligging op de hoek van een kruispunt waar het pand alleen al door de wat forsere opzet dan de belendende panden een belangrijke blikvanger vormt. Komende vanuit de tegenoverliggende Bredestraat valt het bouwwerk mede door zijn opzet en vormgeving al op grote afstand in het oog.

Cultuurhistorische waarde
Er is bijzondere cultuurhistorische waarde door de verwijzing naar de historie van de vroegere dorpen Hees en Neerbosch. Behalve boerderijtjes, bloemkwekerijen en religieuze instellingen werd de bebouwing van Hees en Neerbosch vooral bepaald door forse en voorname woonhuizen. Het onderhavige pand is hiervan een goed voorbeeld. Ondanks de teistering door brand weerspiegelt dit woonhuis nog immer op een heldere manier de historische ontwikkelingen in het betreffende gebied. Deze waarde wordt versterkt doordat de grote villa’s en landhuizen die zich in de onmiddellijke nabijheid bevonden voor het merendeel zijn verdwenen danwel slechts als min of meer aangetaste relicten bewaard bleven.”

Willem Hoffmann, architect

Architect Hoffmann is vooral bekend vanwege zijn villa’s. Zijn grootste werk is mogelijk ’t Slotje van de Baron. Ook de uitbreiding/verbouwing van het Wilhelminaziekenhuis is…

Een luchtfoto van de Papierfabriek "Gelderland" ; P.S. op dit terrein tussen de Oude Weurtseweg (boven) , de Krayenhofflaan (rechtsboven) , de Voorstadslaan (rechts onderin) en de Eerste Oude Heselaan (links onderin) worden in 1985 woningen gebouwd aan de Aalscholverplaats , de Meerkoetplaats , de Reigerplaats , de Uiverplaats en de Waterhoenplaats. Geheel rechts onderin woningen aan de Kop van de Weurtseweg, Voorstadslaan, 1932 (F58411 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Papierfabriek Gelderland

Een luchtfoto van de Papierfabriek "Gelderland" ; P.S. op dit terrein tussen de Oude Weurtseweg (boven) , de Krayenhofflaan (rechtsboven) , de Voorstadslaan (rechts onderin) en de Eerste Oude Heselaan (links onderin) worden in 1985 woningen gebouwd aan de Aalscholverplaats , de Meerkoetplaats , de Reigerplaats , de Uiverplaats en de Waterhoenplaats. Geheel rechts onderin woningen aan de Kop van de Weurtseweg, Voorstadslaan, 1932 (F58411 RAN)
Een luchtfoto van de Papierfabriek “Gelderland” ; P.S. op dit terrein tussen de Oude Weurtseweg (boven) , de Krayenhofflaan (rechtsboven) , de Voorstadslaan (rechts onderin) en de Eerste Oude Heselaan (links onderin) worden in 1985 woningen gebouwd aan de Aalscholverplaats , de Meerkoetplaats , de Reigerplaats , de Uiverplaats en de Waterhoenplaats. Geheel rechts onderin woningen aan de Kop van de Weurtseweg, Voorstadslaan, 1932 (F58411 RAN)

In 1908 besloten de studievrienden Selleger en Hoyer samen met Kortschilgen een papierfabriek te beginnen. Ze kozen daarbij voor Nijmegen vanwege de goede spoor-, water- en scheepvaartverbindingen. De fabriek kwam op de hoek van de Voorstadslaan en Krayenhofflaan. Deze was tot 1963 in gebruik, waarna het zich in een nieuwe fabriek aan de Ambachtsweg vestigde. Nadat het gebouw 13 jaar leeg had gestaan, ging het gebouw in 1976 in vlammen op.

Oprichting Papierfabriek Gelderland

Ernst Selleger, Carol Hoyer en J.P. Kortschilgen richtten de Papierfabriek Gelderland aan de Voorstadslaan op, welke in 1908 in productie ging. Het idee was echter ontstaan in Maastricht: Selleger en Hoyer waren twee oude studievrienden die elkaar toevallig in 1907 bij de kapper tegenkwamen. Daar ontstond het idee om samen met Kortschilgen een papierfabriek te beginnen. Selleger was een Zwitser die in Delft had gestudeerd. Hij is erg belangrijk geweest voor de Nederlandse papierindustrie vanwege zijn onderzoek naar papiervezels.

Ze kozen voor Nijmegen vanwege de goede spoor-, water- en scheepvaartverbindingen. Hun merk was de Ibis, omdat deze vogel tussen het papyrusriet leeft. Het logo komt overigens terug in de muurschildering die onlangs op de doorgang naar de Uiverplaats is aangebracht. In 1910, 1922 en 1929 kwam er in die jaren een extra papiermachine. Kortschilgen overleed in 1921, waarna zijn zoon Heinrich H.L. Kortschilgen hem zou opvolgen. Heinrich zou tot 1948 aan de fabriek verbonden blijven.

Daarna kwamen er moeilijke jaren vanwege de crisis in de jaren 30 en de Tweede Wereldoorlog.

Fabriek aan Maas-Waalkanaal

In 1955 werd een tweede fabriek geopend aan de Ambachtsweg, aan het Maas-Waalkanaal; in 1956 en 1962 nam de fabriek een 5e en 6e machine in gebruik. Daarnaast begon Gelderland in 1958 twee fabrieken in Indonesië, welke in 1963 echter werden genationaliseerd.

Einde Papierfabriek Voorstadslaan

Papierfabriek Gelderland fuseerde in 1963 met Papierfabriek Tielens: de nieuwe naam werd Gelderland-Tielens Papierfabrieken. In 1971 kwam een 7e papiermachine. Daarbij werd de productie met de 4 oude machines aan de Voorstadslaan stopgezet. Er werd in 1976 3 keer brand gesticht; de 3e brand zorgde ervoor dat de fabriek tot de grond toe afbrandde.

Meer over deze fabriek met een foto van de brand in 1976 is te lezen in de Gelderlander.

Vervolg

In 1970 was er sprake van een groot verlies:

  • De markt was verslechterd: internationaal was er sprake van een structurele overproductie
  • Voor de bouw van de nieuwe fabriek was een grote lening op de kapitaalmarkt nodig geweest
  • De papiermachine werd te laat geleverd en had in het begin veel problemen
  • Gebreken in de bedrijfsorganisatie en de leiding

Er volgde een reorganisatie. Dit leverde echter te weinig resultaat op en daarop werd het bedrijf overgenomen door Koninklijke Nederlandsche Papierfabriek N.V. uit Maastricht. In 1978 werd de naam veranderd in Koninklijke Nederlandsche Papierfabrieken N.V., vestiging Nijmegen en weer later KNP Nijmegen B.V.. De productie nam wel weer toe; echter niet genoeg zodat de 6e machine moest worden stopgezet.

Doordat ze in 1993 een belang had genomen in het Oostenrijkse bedrijf Leykam-Murztaler ontstond KNP-Leykam. Een nieuwe fusie volgde, met Bührmann-Tetterode en handelshuis VRG (Van Reekum-Gepacy Papier. De nieuwe naam was KNP-BT. Dit bedrijf werd in 1997 overgenomen door Sappi, waarbij Papierfabriek Gelderland verder ging als Sappi Nijmegen. Op haar beurt werd Sappi in 2008 overgenomen door het Amerikaanse Innoviopapers. In 2015 ging het bedrijf failliet.

Nieuwbouw

Op het terrein van de Papierfabriek kwam nieuwbouw. Wel is de directeurswoning op de hoek van de Voorstadslaan-Krayenhofflaan blijven staan (zie hieronder).

Een mooie luchtfoto van de nieuwbouw is te vinden op F58423 RAN.

Mural Uiverplaats

Muurschildering Uiverplaats
Muurschildering Uiverplaats

Dosa (Sander Dolstra) en Moris (Maurice Broekhoff, 1971 Amsterdam) maakten in maart 2024 in de doorgang tussen de Voorstadslaan en Uiverplaats 2 murals: een met een ooievaar (uiver) en aan de andere kant een reiger. De laatste verwijst naar de Reigerplaats. De papierblaadjes verwijzen naar de papierfabriek. Op deze blaadjes is een ibis te zien: een verwijzing naar het logo van de betreffende fabriek. (Bronnen: instagram en LinkedIn).

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.noviomagus.nl/Gastredactie/Hendriks/Papier/Papier.htm: een uitgebreid artikel met veel foto’s

https://nl.wikipedia.org/wiki/Papierfabriek_Gelderland

Biezen/Waterkwartier

Hoewel Biezen de officiële naam is, noemen veel Nijmegenaren de wijk het Waterkwartier. Het is een van oudst bewoonde gedeelten…

Krayenhofflaan

Deze pagina verzamelt reeds verschenen artikelen over de Krayenhofflaan. Villa Salomonski 1883 (Hoek Krayenhofflaan Voorstadslaan) gesloopt rond 1974 Op 15-5-1883…

Bakkerij Niersstraat 2, augustus 2023 (Google Streetview)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Bakkerij Niersstraat 2

architect W.Th. Reynen (Jr.), 1929-1930 Biezen

Bakkerij Niersstraat 2, augustus 2023 (Google Streetview)
Bakkerij Niersstraat 2, augustus 2023 (Google Streetview)

In 1930 opent de bakkerij van J.H. Francissen op Niersstraat 2, op de hoek van de Biezendwarsstraat en Voorstadslaan. Het pand is een ontwerp van architect W. Th. Reynen. Vanaf dat moment is het altijd een bakkerij gebleven.

Eind 1929 ontwerpt W. Th. Reynen (Jr.) “een woonhuis, winkelhuis met bakkerij en bovenhuis”. De bakkerij is voor J.H. Francissen, die op 6 juni 1930 zijn hinderwetvergunning krijgt voor “het oprichten van een door elektriciteit gedreven brood- en banketbakkerij”. (PGNC 11/6/1930).

Ontwerp voor het bouwen v/e woonhuis, winkelhuis met bakkerij en bovenhuis op een terrein hoek Niersstraat en Beizendwarsstraat, tekening december 1929,(D12.395994 detail).

In april 1930 tekent Reynen het ontwerp voor 85 woningen in de Niersstraat.

advertentie Francissen bij opening (De Gelderlander 4/7/1930)

De Gelderlander schrijft over de opening van deze nieuwe bakkerij:

Nieuwe zaak.

Heden opent de heer J.H. Francissen aan de Niersstraat 2, een nieuwe brood-, koek- en banketbakkerij. In dit nieuwe stadsgedeelte van de Voorstadslaan, dat zich in den laatsten tijd geweldig uitbreidt is de vestiging van een dergelijke zaak zeker op z’n plaats tot gerief van de vele omwonenden in deze volkrijke buurt.

Aan de zaak is verbonden een chocelaterie-afdeeling, waar de meest bekende soorten in voorraad worden gehouden.

De bakkerij is modern en hygiënisch ingericht door de aanwezigheid van de nieuwste machines, o.a. een heetwateroven volgens het nieuwste systeem firma Werner en Pfleiderer.

De schilder, de heer Veltman, verzorgde het uit- en inwendige schilderwerk, terwijl de heeren Bach en Friebel zorgden resp. voor de electrische installatie en het sanitair.” (De Gelderlander 5/7/1930)

Vervolg: Niersstraat 2 altijd bakkerij geweest

Het RAN heeft nog een mooie foto gedateerd op 1960. Op deze foto is het linkerpand op de foto Niersstraat 2.

In de onderstaande tabel staan de gevonden gebruikers van Niersstraat 2 weergegeven: vanaf de bouw is het altijd een bakkerij gebleven.

NaamBeroepAdresboekOpmerkingen
J.H. Francissen 1932 
F.J. WillemsBakker1934 
L.H.A. de BruijnBanketbakker1936 
J.G.M. BrouwerVanaf 1948: bakker1940, 1948, 1951, 1955, 1959 
T. HerfkensBakker1963Onder “bakkerijen” als “De Niers”- Th Herfkens

In de Wester van 2018 vertelt een bewoonster van de Voorstadslaan: “Aan de overkant op de hoek met de Niersstraat heeft altijd een bakker gezeten. Eerst Brouwer, daarna Herfkens, toen bakkerij Niers met Angelina en nu dan het Kraayennest.’” https://dewester.info/voorstadslaan/

Het is mij nog niet bekend waarom Herfkens aanvankelijk als “Herfkens” lijkt te staan, terwijl het op een later tijdstip, in ieder geval 1963 (ook) De Niers heet, afgaande op de Adresboeken. En waarom de bewoonster deze 2 namen afzonderlijk noemt. Mogelijk is Herfkens (of een familielid) later overgegaan op De Niers, waarbij deze als afzonderlijke is blijven hangen.

In ieder geval heeft nog jarenlang De Niers op de hoek gezeten; het artikel van De Wester dateert uit 2018. Enige jaren geleden is de bakkerij een van de panden van Bakkerij ’t Kraayennest geworden.

Biezen/Waterkwartier

Hoewel Biezen de officiële naam is, noemen veel Nijmegenaren de wijk het Waterkwartier. Het is een van oudst bewoonde gedeelten…

Niersstraat Blok B Reynen

In 1930 bouwde de Woningvereeniging “Nijmegen”een groep van 85 woningen aan de Niersstraat en Waterproject.

Boven de nieuwbouw van de Zwaluwstraat Brocades en de ijzergieterij: Luchtfoto van het voormalig terrein van de Nijmeegse Veiling (afgebroken in 1976) ; Hier worden huizen gebouwd aan de Zwaluwstraat ; Linksonder op dit terrein , op de hoek met de Koekoekstraat, staat de (thans nog bestaande) voormalige directeurswoning van de Veiling ; onderin loopt v.l.n.r. de Marialaan ; onderin in het midden de Pluvierstraat ; bovenin loopt v.l.n.r. de Voorstadslaan, met daaronder v.l.n.r. de Sperwerstraat ; rechtsboven (tussen Voorstadslaan en Sperwerstraat) liggen de bedrijfscomplexen van de pleisterfabriek Brocades (later worden hier appartementencomplexen gebouwd aan de Graspieperhof) en de Nijmeegse IJzergieterij (na afbraak zouden hier later woningen gebouwd worden aan de Boomvalkstraat , de Scholeksterstraat en de Torenuilstraat), 1980 (J.F.M. Trum via F21046 RAN CCBYSA)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Geschiedenis van de Nederlandsche Verbandwattenfabriek: Brocades, Hartmann en sloop

Boven de nieuwbouw van de Zwaluwstraat Brocades en de ijzergieterij: Luchtfoto van het voormalig terrein van de Nijmeegse Veiling (afgebroken in 1976) ; Hier worden huizen gebouwd aan de Zwaluwstraat ; Linksonder op dit terrein , op de hoek met de Koekoekstraat, staat de (thans nog bestaande) voormalige directeurswoning van de Veiling ; onderin loopt v.l.n.r. de Marialaan ; onderin in het midden de Pluvierstraat ; bovenin loopt v.l.n.r. de Voorstadslaan, met daaronder v.l.n.r. de Sperwerstraat ; rechtsboven (tussen Voorstadslaan en Sperwerstraat) liggen de bedrijfscomplexen van de pleisterfabriek Brocades (later worden hier appartementencomplexen gebouwd aan de Graspieperhof) en de Nijmeegse IJzergieterij (na afbraak zouden hier later woningen gebouwd worden aan de Boomvalkstraat , de Scholeksterstraat en de Torenuilstraat), 1980 (J.F.M. Trum via F21046 RAN CCBYSA)
Boven de nieuwbouw van de Zwaluwstraat Brocades en de ijzergieterij: Luchtfoto van het voormalig terrein van de Nijmeegse Veiling (afgebroken in 1976) ; Hier worden huizen gebouwd aan de Zwaluwstraat ; Linksonder op dit terrein , op de hoek met de Koekoekstraat, staat de (thans nog bestaande) voormalige directeurswoning van de Veiling ; onderin loopt v.l.n.r. de Marialaan ; onderin in het midden de Pluvierstraat ; bovenin loopt v.l.n.r. de Voorstadslaan, met daaronder v.l.n.r. de Sperwerstraat ; rechtsboven (tussen Voorstadslaan en Sperwerstraat) liggen de bedrijfscomplexen van de pleisterfabriek Brocades (later worden hier appartementencomplexen gebouwd aan de Graspieperhof) en de Nijmeegse IJzergieterij (na afbraak zouden hier later woningen gebouwd worden aan de Boomvalkstraat , de Scholeksterstraat en de Torenuilstraat), 1980 (J.F.M. Trum via F21046 RAN CCBYSA)

In 1915 opent de Nederlandsche Verbandwattenfabriek aan de Voorstadslaan. In 1932 vindt een fusie plaats met voorheen Brocades. De meeste mensen zullen het nog kennen als het Hartmann-terrein. Na sloop staan tegenwoordig Orion en Terra op dit terrein.

Een afbeelding van de fabriek is te vinden op F86526.

Oprichting

Op 2-4-1915 richten Jacob van Schouwenburg, particulier en Herman Menalda van Schouwenburg, fabrikant de Naamloze Vennootschap “Nederlandsche Verbandwattenfabriek” op. Deze heeft als doel “het bewerken vezelstoffen in het algemeen en in het bijzonder het vervaardigen van verband en andere watten, zoomede het drijven van handel in die artikelen, met alles daartoe in der ruimsten zin behoort”. Hiervoor heeft ze op 10-3-1915 koninklijke goedkeuring op haar statuten gekregen. (Actenummer 2337, Archiefnummer 569, Inventarisnummer 94).

In 1915 kwam de bouw van de fabriek gereed (PGNC 27/7/1916). De eerst gevonden melding is het verzoek van de Directie der Nederlandsche Verbandwattenfabriek voor een hinderwetvergunning tot uitbreiding van “hare door elektriciteit gedreven inrichting tot het zuiveren en kaarden van katoen, in het perceel aan de Voorstadslaan No. 75d, kadastraal bekend Neerbosch, Sectie B, No. 1807.” Deze wordt op 9-3-1915 verkregen. (De Gelderlander 11/3/1915). Merk daarbij op dat de naam Sperwerstraat uberhaupt nog niet bestond en pas vanaf 1948 voor dit gedeelte van de straat. (Straatnamenregister)

Advertentie Verbandwattenfabriek Voorstadslaan (PGNC 20/12/1919)
Advertentie Verbandwattenfabriek Voorstadslaan (PGNC 20/12/1919)

1932 Fusie

In 1932 fuseerde het bedrijf met de N.V. Koninklijke Pharmaceutische fabrieken v.h. Brocades, Shteeman.

1934 Pleisterfabriek

Het bedrijf blijkt hinder te ondervinden van de “Tariefwet”, waarbij buitenlandse bedrijven wel makkelijk verbandwatten naar Nederland kunnen importeren, maar het voor Nederlandse bedrijven moeilijk is hun producten te exporteren. Daarop besluit het fabriek een nieuw product te gaan produceren: pleisters. (PGNC 27/4/1934). “Men” had zich reeds in Amsterdam wel op kleine schaal op de pleister-fabricage toegelegd. Maar om te kunnen concurreren met het buitenland, was een grotere, goed geoutilleerde fabriek nodig. Het is onduidelijk of het PGNC met “Men” Brocades zelf bedoeld of een van haar concurrenten: Brocades (dat gevestigd was in Amsterdam) had in 1916 een fabriek opgericht waar “tabletten en hechtpleisters” werden vervaardigd. Echter: de moderne pleisters zijn uitgevonden door Beiersdorf in 1922 (de Hansaplast) ; althans in Europa, in Amerika is het Johnson & Johnson (Band Aid).

Zoals het PGNC uitlegt: “Het is nog niet zoo heel lang geleden, dat men als pleister in het huisgezien slechts een dunne zijde-achtige rose stof aan één zijde met gom bedekt en in kleine vakjes door perforatie ingedeeld. Een afgescheurd stukje werd met moeders tong bevochtigd en op de gewonde vinger van haar kind geplakt.” De nieuwe witte caoutchouc (rubber) hechtpleister, die zonder bevochtiging op de huid kleeft en die alleen bedoeld is om verbandstof op de huid vast te houden. Daarnaast is de elastische hechtpleister, die rekbaar is en dus bij het buigen van gewrichten meegeeft. De namen van de pleisters zijn Brocaplast en Brocaplast Elastiek. (PGNC 27/4/1934).

In 1934 gaat de pleisterfabriek open. Daarbij schrijven zowel het PGNC als de Gelderlander een uitgebreid artikel.

Bij de opening

De Gelderlander schrijft bij de opening:

Uitbreiding Nederlandsche Verbandwattenfabriek

Belangrijke nationale industrie.

De keuze viel op Nijmegen.

Ruim twee jaren geleden, in 1932, had een fusie plaats gevonden tusschen de toen reeds meer dan twee eeuwenoude firma Brocades en Shteman, een der belangrijkste subjecten der Nederl. Pharmaceutische industrie en de Nederl. Verbandwattenfabriek, eenige tientallen jaren geleden door den heer Menalda van Schouwenburg te Nijmegen opgericht.

Van deze fusie, af juister aandelenovername, kwam bij wijze van uitzondering geen ruzie. Integendeel: de samensmelting geschiedde tot beider partijen bevrediging en de vereenigde krachten hadden tengevolge dat de moeilijkheden, die reeds spoedig kwamen opdagen, in den vorm van malaise en zware buitenlandsche concurrentie, die door een lacune in de tariefwet niet konden worden geweerd, beter konden worden bestreden.

Doch de malaise duurt voort en de tariefwet wordt niet gewijzigd. Tegen ruïneus-lage prijzen spuiten buitenlandsche producenten hun goederen op de Nederl. markt en de de Nederl. producent staat machteloos. Het behoeft geen betoog dat vele fabrikanten, dank zij deze eenzijdige vrijhandelswoede onzer bestuurderen, òf reeds het loodje erbij hebben moeten neerleggen, òf op den rand van een afgrond staan.

De gecombineerde Brocafarm echter wil den strijd met nieuwe wapenen doorzetten. Zij heeft besloten een nieuwe bedrijfsafdeeling op te richten n.l. een caoutchouc-hechtpleisters en cellonawindsels, waarop wij hieronder uitvoeriger zullen terugkomen.

Een dergelijk besluit getuigt niet slechts van moed, doch ook van nationaal verantwoordelijkheidsbesef.

Voor Nijmegen, alwaar na eenige beraadslaging besloten werd het nieuwe bedrijf te vestigen, heeft het besluit daarenboven nog bijzondere beteekenis. Iedere vooruitgang, iedere uitbreiding van industrie beteekent voor Nijmegen dat nu reeds en nog meer wanneer eenmaal de nieuwe Waalbrug gereed zal zijn, een belangrijk verkeerscentrum is, zoowel te water als te land, een schrede vooruit naar den weg van nieuwe welvaart.

Wat de inrichting van, en de werkzaamheid in de nieuwe afdeeling betreft, zij het volgende opgemerkt:

Het fabriceeren der Brocaplast.

Advertentie Brocaplast (PGNC 4/7/1936)
Advertentie Brocaplast (PGNC 4/7/1936)

In de fabriek treft men na het laboratorium gepasseerd te zijn, waarin zooveel grondstoffen als fabricaat aan strenge keuring worden onderworpen, het eerst een localiteit aan, waarin het pleisterdoek wordt verwerkt. Het wordt op een machine in zwaar gespannen toestand gelijkmatig opgerold tot zeer harde rollen van 75M. lengte en 80 cM. Breedte. Deze harde rollen worden dan op een snijmachine tot schijven gesneden van diverse breedten, de pleisterbreedte, welke schijven bij afwikkelen dus band opleveren.

In de beide volgende lokaliteiten wordt de pleistermassa vervaardigd d.i. de kleefstof, welke bestemd is om op het band te worden aangebracht. Door smelten onder verwarming van stoom wordt uit verschillende ingrediënten de harsmassa bereid in het eerste lokaal, terwijl in het tweede lokaal kneedmachines staan opgesteld, waarin rubber wordt opgelost in benzine een vrij langdurig proces; ten slotte wordt de harsmassa ook in de kneedmachines toegevoegd en zoo vormt zich volgens bijzondere recepten pleistermassa voor verschillende soorten pleister.

Het aanbrengen van deze klevende massa op het band en op rekbaar pleisterdoek geschiedt in een volgend lokaal, waar op 4 plaatsen luchtafzuigingen plaats vinden. Immers de rubber was opgelost in benzine, welke na het uitstrijken op het doek weer moet verdampen en daarna door een zwaren ventilator wordt weggezogen.

Aangezien deze benzinedamp explosiegevaar medebrengt, is in de geheele fabriek de installatie van electrische kracht en licht geheel explosievrij uitgevoerd, een kostbare aanleg.

Tevens treft men aan elastische pleister in den vorm van zwachtels en ook pleister op zeildoek van rekverband, al of niet geperforeerd. Bijzondere aandacht verdient aldaar de streepsgewijze bestreken pleister tusschen stroken kleefmassa zijn strepen pleisterdoek onbestreken gelaten, waardoor uitwaseming van de huid ondanks de pleisterbedekking kan blijven plaats vinden.

Zooals in het begin opgemerkt heeft men bij pleister ter afdekking van de wond verbandstof noodig, men legt geen pleister op een open wond. Nu wordt in een der zalen ook het artikel vervaardigd, dat een zeer groote toekomst heeft, n.l. het Brocaplast Wondverband, waarbij de pleister is voorzien van een wondkussentje uit anti-septisch verbandgaas bestaande, wat het door de wond afgescheiden vocht opneemt. Dit wondverband uitgevoerd in Brocaplast elastisch vormt een ideale wondbedekking.

Cellona windsels

Een aparte afdeeling van het nieuwe gebouw vormt de vervaardiging van de Cellona windsels.

Deze worden gebruikt ter vervanging van de gispswindsels, dus om beenfracturen in gipsverband vast te leggen.

Het groote voordeel van het gebruik van Cellona is dat men met een veel dunnere gipslaag hetzelfde bereikt; de patiënt krijgt dus een veel lichter dus minder hinderlijk verband en omdat Röntgenstralen nu veel beter kunnen doordringen, is de goede zetting en genezing van de fractuur veel beter te controleeren.

In de eerste afdeeling wordt de massa bereid, welke in de tweede zaal wordt aangebracht op gaas, waarmede na droging één geheel wordt gevormd, in tegenstelling met gipswindsels, welke sterk strooien. De windsels worden om geperforeerde kernen gewikkeld en vervolgens verpakt.

De verbandwattenfabriek.

Na een kijkje in het grondstoffenmagazijn, waar een honderdduizend Kg. Katoen in zwaar geperste balen op verwerking ligt te wachten, volgt eerst het gebouw der bleekerij.

Hier wordt de katoen in ijzeren autoclaven afgekookt en ontvet, vervolgens gebleekt in een zeer groote kuip, daarna gewasschen en gedroogd.

In het tweede gebouw, de wattenfabriek wordt de gebleekte katoen geopend en vervolgens gekaard op de kaardmachines, welke in een lange rij in drie kaardzalen staan opgesteld.

De verkregen watten in allerlei soorten en kleuren voor pharmaceutische en technische doeleinden worden in de volgende zalen verder afgewerkt en verpakt.

Bijzonder interessant is de zig-zag-verpakking, waarvan het gebruik nog steeds toeneemt. De bekende Brocapharm Zigzagverpakking is de eerste geweest, welke in Nederland de ouderwetsche cartonverpakkingen heeft vervangen en haar klein formaat praktische pakjes zijn nog niet overtroffen.

Door een leemte in de Tariefwet en het door de Duitsche Regeering in toepassing brengen van den zusätzliche Export wordt op het oogenblik de afzet van verbandwatten van Nederlandsch Fabricaat vrijwel onmogelijk gemaaktt in eigen land, terwijl het Nederlandsch product in Duitschland door invoerrecht en weigering van deviezen voor de betaling wordt geweerd. Deze wantoestand is onze Regeering bekend, een technische herziening van de Tariefwet is sedert lang in bewerking maar kost wegens het groote aantal herzieningen die aangebracht moeten worden veel tijd. Intusschen profiteeren de buitenlandsche wattenfabrikanten van de mooie gelegenheid welke Holland biedt om zonder invoerrecht te importeeren, een unicum in Europa zoover ons bekend.

De pleisterfabriek is ten deele bedoeld als een middel om het lange wachten op de herziening van het tarief van invoerrechten beter te kunnen uithouden.

Wij wenschen de Brocafarm geluk niet slechts met het dappere initiatief tot deze voor de Nederlandsche industrie ongetwijfeld belangrijke uitbreiding, doch tevens met de voortreffelijke technische verwezenlijking van dit initiatief dat in alle opzichten aan de modernste eischen van een dergelijk bedrijf voldoet.” (De Gelderlander 27/4/1934)

Brand

Op de verbandwattenfabriek bevinden zich grote veelheden makkelijk brandbare materialen. In ieder geval is er twee keer brand bij de fabriek geweest:

  • Een loods in 1915, doordat een werkjongen een brandende lucifer weggooide bij het “huiswaarts keeren voor de middagschaft”.  Daardoor snel al gauw de loods en het dak van de fabriek in brand. De brandweer kon de brand blussen: de loods brandde af, de fabriek bleef behouden (PGNC 5/5/1915)
  • Blikseminslag: Een van de arbeiders, Mackaay geheten, ziet rookwolken uit de stofkoker van de kaarderij opkomen. Hij waarschuwt een college die in de buurt woont, Wijnen en beiden spoeden zich naar de fabriek. Zij slagen met een ladder naar binnen te komen en zien de brand in de blekerij. Zij proberen de brand te blussen. Intussen hadden buurtbewoners de brandweer gewaarschuwd. Vanwege de grote hoeveelheid brandbaar materiaal als watten dat vlakbij de plaats waar de brand was uitgebroken, was het een wonder dat de brand uiteindelijk meeviel. “De brand in dit dichtbevolkte stadsdeel trok de belangstelling van duizenden.”(PGNC 22/7/1935)

Gevonden verzoeken tot uitbreiding zijn:

  • 21-11-1919 vraagt de N.V. een hinderwetvergunning aan tot uitbreiding van haar fabriek in het perceel Voorstadslaan 75d., kad. bekend gemeente Neerbosch, sectie B, nos. 2(?)782 en 2795 (PGNC 22/11/1919).
  • Aanvraag hinderwetvergunning voor het uitbreiden van haar fabrieken, Gemeente Neerbosch, percelen Sectie B, nos. 2782 en 2795 (PGNC 8/6/1920)
  • Vergunning tot uitbreiding van hare door stoom en elektriciteit gedreven inrichting, Voorstadslaan no. 171, Gemeente Neerbosch, Sectie B, no. 2795 (PGNC 14/2/1921)
  • Uitbreiding van hare fabriek, Voorstadslaan 75d, gemeente Neerbosch, sectie B, Nos. 2795 en 3294 (PGNC 12/11/1924)
  • Aanvraag hinderwetvergunning voor het uitbreiden van haar fabrieken, Voorstadslaan 75D, Gemeente Neerbosch, percelen Sectie B, nos. 3422 (PGNC 28/12/1927)
  • Aanvraag hinderwetvergunning tot het uitbreiden van haar door elektriciteit gedreven verbandwattenfabriek, Voorstadslaan 75d, Gemeente Neerbosch Sectie B No. 3357; op 2-8 verleend (PGNC 1/6/1933, De Gelderlander 2/8/1933)
  • Aanvraag hinderwetvergunning voor het oprichten van een ondergrondse bewaarplaats met aftappomp, Gemeente Neerbosch, Sectie B, No. 3357 (PGNC 6/10/1933)
  • Het uitbreiden van hare door electriciteit gedreven verbandwattenfabriek, Voorstadslaan 75D, gemeente Neerbosch Sectie B nos 3997,3239 en gedeeltelijk nos. 3234/3238 (PGNC 22/6/1935 en PGNC 13/8/1935)
  • Op 30-8-1938 krijgt de N.V. Koninklijke Pharmaceutische Fabrieken v/h. Brocades-Shteeman en Pharmacia, gevestigd te Meppel, vergunning tot het uitbreiden van hare door elektriciteit gedreven inrichting voor het fabriceeren en tras… verbandwaten, verbandstoffen, … in de perceelen aan de Voorstadslaan Nos. 75d, 77 en 173, kadastraal bekend gemeente Neerbosch, Sectie B, Nos. 3997, 3999, 3239 en gedeeltelijk 3234/3238 (PGNC 5/9/1938)
  • Rond januari 1949 krijgt de fabriek vergunning aan tot het uitbreiden van haar fabriek en ondergrondse benzinebewaarplaats aan de Voorstadslaan No 75d-77 en 173, kadastraal bekend gemeente Neerbosch, Sectie B, No. 4468-4474 (De Gelderlander 22/11/1948 en De Gelderlander 29/1/1949)

Overige gevonden meldingen

  • Op 26-1-1928 koopt de N.V. 13 woning met Uitweg aan de Voorstadslaan, pl. gem. 79, 81, 83, 85, 87, 89, 91, 93, 95, 99, 101, 103 en 107, groot 25, 71A voor f20.700 (PGNC 28/1/1928)
  • Rond 1937 heeft de gemeente een nieuwe weg gepland “tusschen de Voorstadslaan en Krayenhofflaan”.

In September 1937 komt de directie en de Gemeente Nijmegen overeen dat de fabriek een strook grond mag aankopen van ongeveer 48 centiare voor f2 per centiare, een gedeelte van Gemeente Neerbosch, Sectie B, no. 3505. Bovendien zal de fabriek de helft van de kosten van de aanleg en verharding van de nieuwe straat betalen en een kwart van de kosten voor riolering. Bovendien zal de N.V. een stuk grond afstaan van ongeveer 62 c.A. van perceel Gemeente Neerbosch, Sectie, no 3386, wanneer de gemeente wil overgaan tot de aanleg van de nieuwe weg (PGNC 6/9/1937).

In 1939 wil de gemeente daadwerkelijk overgegaan tot de aanleg van de weg “Teneinde het in exploitatie brengen der in de nabijheid van de Krayenhofflaan en de Marialaan gelegen gemeenteterreinen. Het stuk welke de N.V. wil afstaan lijkt echter groter dan aanvankelijk genoemd: 1872 cA. Daarbij draagt ze f3432 bij in de kosten.  (PGNC 4/5/1939, PGNC 10/5/1939, De Gelderlander 27/7/1939).

Het is mij nog onbekend welke weg dit betreft, waarschijnlijk de Sperwerstraat, ook al heeft deze straat in 1929 haar naam gekregen. En of op dat moment de gemeente daadwerkelijk is overgegaan tot werkzaamheden.

Rond 1952 lijkt de ingang van de fabriek verplaatst te zijn naar de Sperwerstraat 90. Dan kunnen “nette meisjes” zich bij de portier aldaar aanmelden om te komen werken op de afdeling Verbandstoffen (De Gelderlander 22/11/1952)

Vervolg: Hartmann en sloop/nieuwbouw

In 1981 werd Brocades overgenomen door Hartmann BV. (https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Ansichtkaarten/Diversen/cwdata/adiversen043.html)

Hartmann sloot de fabriek en verkocht deze in 2002 aan een projectontwikkelaar. Nadat het niet was gelukt om een goede invulling te bedenken, verkocht deze het terrein aan Giesbers-Wijchen. De ontwikkelde vervolgens in samenwerking met haar “afnemers” een project met Orion en Terra rond de Graspieperhof. Zie hiervoor:

Graspieperhof: Wadi, Orion en Terra

Op het voormalige terrein van de Verbandwattenfabriek (Het Hartmann-terrein) aan de Sperwerstraat kwam het studentencomplex Orion en appartementen voor ouderen…

Zie ook:

Een overzicht van Brocades producten op Noviomagus

Biezen/Waterkwartier

Hoewel Biezen de officiële naam is, noemen veel Nijmegenaren de wijk het Waterkwartier. Het is een van oudst bewoonde gedeelten…

Park bij Spechtstraat

Op deze locatie stond tot 2014 de school de Aquamarijn, welke in de jaren 70 was gebouwd. Bij de verplaatsing…

Voorstadslaan 18 en 20 (augustus 2023)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Voorstadslaan 18 en 20

1912

Voorstadslaan 18 en 20, augustus 2023
Voorstadslaan 18 en 20, augustus 2023

Pand uit 1912 in Art Deco stijl (Wikipedia). Vooral de blauwe tegels zijn prachtig. Het pand staat op de “Aandachtslijst Cultureel erfgoed”.

Oorspronkelijk was het linkergedeelte met serre de benedenwoning. Daarnaast lag links de opgang naar een bovenwoning. De eerste deur rechts van de serre was de opgang naar het bovenhuis van het pakhuis, de tweede deur de ingang tot het kantoor.

Plan tot het bouwen van een beneden, drie bovenhuizen en een pakhuis Op een perceel a.d. Voorstadslaan en Biezenstraat Kad. bek. gem. Neerbosch Sectie a No 592, datum bouwdossier 2-8-1912 (D12.382859)
Plan tot het bouwen van een beneden, drie bovenhuizen en een pakhuis Op een perceel a.d. Voorstadslaan en Biezenstraat Kad. bek. gem. Neerbosch Sectie a No 592, datum bouwdossier 2-8-1912 (D12.382859)

Rechts was de ingang tot het pakhuis. Deze liep helemaal door tot aan de Biezenstraat, waar het haar achteruitgangen uit. Tevens liep het pakhuis door achter de hierboven genoemde opgang en het kantoor.

De derde bovenwoning lag boven het pakhuisgedeelte aan de Biezenstraat.

Gevel Biezenlaan: Plan tot het bouwen van een beneden, drie bovenhuizen en een pakhuis Op een perceel a.d. Voorstadslaan en Biezenstraat Kad. bek. gem. Neerbosch Sectie a No 592, datum bouwdossier 2-8-1912 (D12.382859)
Gevel Biezenlaan: Plan tot het bouwen van een beneden, drie bovenhuizen en een pakhuis Op een perceel a.d. Voorstadslaan en Biezenstraat Kad. bek. gem. Neerbosch Sectie a No 592, datum bouwdossier 2-8-1912 (D12.382859)

De ondertekenaars lijken “De eigenaar” “J. Puijn” te zijn en daarnaast H.F.(?) de Reus. Of de Reus hier optrad als aannemer en/of architect, is nog niet bekend.

Brandstoffen-Handel J. Puijn

Opening Brandstoffen-Handel Joh. Puijn & Zn. (De Gelderlander 3/9/1921)
Opening Brandstoffen-Handel Joh. Puijn & Zn. (De Gelderlander 3/9/1921)

In september 1921 kondigt Joh. Puijn & Zn. haar nieuwe Brandstoffen-Handel aan. Het adres van dit pand is dan nog Voorstadslaan 12-14-16. Zij zal hier jarenlang haar brandstoffenbedrijf hebben.

Overlijdensadvertentie Johannes Puijn (De Gelderlander 7/1/1933)
Overlijdensadvertentie Johannes Puijn (De Gelderlander 7/1/1933)

Johannes Peter Matthijs Puijn overlijdt 6 januari 1933 (op De Gelderlander 7/1/1933; op dezelfde pagina van de overlijdensadvertentie staat nog een kleinere, dat het brandstoffenbedrijf de gehele gesloten zal zijn).

In De Gelderlander 22/8/1933 staat de huwelijksaankondiging van Antoon Puijn met Dina van Druten. Het adres van Antoon is Voorstadslaan 20 en van Dina Gorisstraat 20. Ook het toekomstig adres is Voorstadslaan 20.

Advertentie Joh. Puijn & Zn.: "Zomerprijzen" (De Gelderlander 9/5/1933)
Advertentie Joh. Puijn & Zn.: “Zomerprijzen” (De Gelderlander 9/5/1933)

Er is nog niet nagegaan wanneer de naam van het bedrijf precies veranderd is: in PGNC 28/1/1935 is het nog Joh. Puijn & Zn. In PGNC 21/11/1935 is het echter A. Puijn.

Antonius Puijn overlijdt op 21 november 1954 op 49-jarige leeftijd. A.M. Puijn – van Druten laat de rouwadvertentie plaatsen “mijn inniggeliefde Echtgenoot”. Dan is het adres nog steeds Voorstadslaan 20. (De Gelderlander 22/11/1954)

In De Gelderlander 23/10/1956 wordt nog een personeelsadvertentie gevonden voor een “flinke kracht” bij A. Puijn. In het Adresboek 1971 komt het nog steeds voor als brandstoffenbedrijf van de weduwe A.M. Puijn van Druten.

Voorstadslaan 18 en 20, maart 2025 (Google Streetview)
Voorstadslaan 18 en 20, maart 2025 (Google Streetview)

Biezen/Waterkwartier

Hoewel Biezen de officiële naam is, noemen veel Nijmegenaren de wijk het Waterkwartier. Het is een van oudst bewoonde gedeelten…

Voormalige Borstelfabriek Hoek Voorstadslaan - Biezenstraat (augustus 2024)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Voormalige Verenigde Borstelfabriek

Voormalige Borstelfabriek Hoek Voorstadslaan - Biezenstraat (augustus 2024)
Voormalige Borstelfabriek Hoek Voorstadslaan – Biezenstraat (augustus 2024)

Op de hoek van de Voorstadslaan met de Biezenstraat ligt de voormalige Verenigde borstelfabriek. Deze was in 1919 begonnen, met electrisch aangedreven machines. De fabriek was daarvoor in de Broerstraat gevestigd geweest en maakt borstels en kwasten.

De Gelderlander van 1919:

Ver. Borstelfabriek Voorstadslaan 10

Achter het viaduct, aan de westzijde onzer stad, ontwikkelt zich een nijverheidswijk! Daar zal over ettelijke jaren de polsslag slaan van het nijvere Nijmegen, dat langen tijd alleen luxestad heeft willen zijn, maar welke vroede vaderen gelukkig bijtijds hebben ingezien dat luxe alleen geen gemeenschap staande houdt.

Daar aan de zijde van Hees, daar waar binnenkort “vloeibare” Maas en Waalkanaal zijn wateren zal loozen in onze statige Waal, daar in de onmiddelijke omgeving van water-, spoor- en tramwegen, komt de eene nijverheidsvorm naast den anderen naar voren, om nu al een klein complex van fabrieken te doen ontstaan.

En onder die vele veelbelovende eerstelingen neemt de vereen. Borstelfabriek der Industrieele Handelsonderneming G.F.A. Driessen een waardige plaats in.

Zoo op het eerste oog lijkt een borstelfabriek, waaraan touwslagerij verbonden is, niet veel te beteekenen.

Maar weldra komt de buitenstaander tot heel andere gedachten, wanneer hij een borstelfabriek betreedt, welke in handen is van jonge, energieke vaklieden als de heeren A.A.J. Driessen en R. Hermsen, die de nieuwste machines op hun werkplaatsen in gebruik nemen en er het electrisch bedrijf invoeren.

De fabriek, gelegen op den lommerrijken hoek: Voorstadslaan-Biezen leent zich uitstekend voor dit bedrijf, waar de werklieden- voorloopig een kleine dertig man- weinig merken van den onaangenamen, soms stoffigen kant van hun werkkring, door de luchtige, ruime lokalen, waar zij hun dagelijkschen arbeid verrichten.

Beneden heeft de fabriek haar wachtruimte, expeditiezalen en bergruimte.

De eerste verdieping zal de electrische snij-, stans-, meng- en afsnijmachines bevatten.

Hier zijn ook de werkplaatsen voor de jeugdige “trekkers”, die de eenvoudigste borstels, voor ruw huiswerk bestemd, vervaardigen: in de andere afdeeling zitten de bankwerkers en kwastenmakers, de mannen van het vak, die met groote vingervaardigheid het betere borstelwerk in elkaar zetten.

Komt men in de afdeeling pikkers, dan aanschouwt men de vlugge vaklieden, die de stoffers, handvegers enz met een zekerheid klaar maken, welke alleen de routine kan geven.

Maar dit alles is nog slechts ’t handwerk. Zijn eenmaal de machines in werking, welke tengevolge van den Europeeschen “overgangstoestand” niet zoo vlug ter beschikking van de bedrijfsleiders kwamen als deze gaarne wilden, dan zal de productie vertien-, vertwintigdubbeld worden.

Naast de flink ingerichte werkplaatsen is er ook voldoende ruimte overgehouden voor kantoor en ontvangkamer, welke een gezelligen induk maken.

Een lift verbindt de verschillende verdiepingen.

De zolderverdieping is “voorraadschuur”. Daar liggen de grondstoffen, welke gelukkig weer geïmporteerd worden, opgeslagen. Het houtwerk voor de borstels, vegers enz. is allemaal Nederlandsch fabricaat. Een deel van het benoodigde varkenshaar is van Nederlandsche knorren, maar komt men in de bijzondere grondstoffen als fiber, cokos, chiendert (rijstewortel), bassine dan is de fabrikant op het buitenland aangewezen en zijn daarvoor Mexico, de Indiën enz. de uitvoerlanden; zelfs de ietwat langere varkenshaar, dat bovendien zwart gekleurd is, moet nog van buitenlandsche “spekdragers” geraspt worden.

Alle deze grondstoffen ondergaan in de fabriek alle bewerkingen, welke ze geschikt moeten maken voor het borstelgerei en zulks geschiedt natuurlijk ook machinaal.

Zoo ligt er dus onder de schaduw der hooge eiken een levendig bedrijf verscholen aan de Voorstadslaan, een jong bedrijf, dat zich steeds verder ontwikkelend, een steen bijdraagt aan den bouw der Nijmeegsche Nijverheid in ons fabriekskwartier.

De vroegere kantoren der heeren A. Driessen en E. Hermsen zijn nu tevens verplaatst van Broerstraat 19-21 en Grootestraat 38 naar Voorstadslaan 10.” (De Gelderlander 28/5/1919)

Advertentie Borstelfabriek (De Gelderlander 24/5/1919)
Advertentie Borstelfabriek (De Gelderlander 24/5/1919)

Een foto uit 1985 is te zien op F48387 RAN

Biezen/Waterkwartier

Hoewel Biezen de officiële naam is, noemen veel Nijmegenaren de wijk het Waterkwartier. Het is een van oudst bewoonde gedeelten…

In 1915 nam de afdeling Nijmegen van de Nederlandse Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde het initiatief tot oprichting van een winterschool voor jonge tuinders. In 1920 werd deze Rijks Winter Tuinbouwschool in gebruik genomen. Het gebouw werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw afgebroken, Voorstadslaan 327, afgbroken, 1920-1930 (GN9490 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Tuinbouw-Winterschool, later Rijks Middelbare Tuinbouwschool architect Weve

1920 Voorstadslaan 327 – afgebroken, Hees

In 1915 nam de afdeling Nijmegen van de Nederlandse Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde het initiatief tot oprichting van een winterschool voor jonge tuinders. In 1920 werd deze Rijks Winter Tuinbouwschool in gebruik genomen. Het gebouw werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw afgebroken, Voorstadslaan 327, afgbroken, 1920-1930 (GN9490 RAN)
In 1915 nam de afdeling Nijmegen van de Nederlandse Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde het initiatief tot oprichting van een winterschool voor jonge tuinders. In 1920 werd deze Rijks Winter Tuinbouwschool in gebruik genomen. Het gebouw werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw afgebroken, Voorstadslaan 327, afgbroken, 1920-1930 (GN9490 RAN)

“Tuinbouw-Winterschool.

Men kan een inrichting van algemeen nut, b.v. een school, waaraan behoefte is gevoeld en waarvan het onderwijs velen den weg zal wijzen naar hun plaats in de maatschappijk, op verschillende wijzen openen. De nuchterste is, dat men in den besloten kring van leeraren, leerlingen en schooltoezicht letterlijk de deur opent en haar direct daarna weer potdicht sluit; dat men dan de wijsheidskraan opendraait en… dan is de zaak in orde. Het groote publiek zal wel bemerken, dat de machine draait.

Men kan ook anders doen en in zijn vreugde, dat er iets tot stand is gekomen, waarnaar al lang verlangend werd uitgezien en dat een zegen voor velen zal zijn, het publiek, welks belang hier behartigd zal worden deelgenoot maken van zijn voldoening over het bereikte.

De eerste weg is, meenen wij, gevolgd bij de opening der Handelsdagschool, maar de Commissie van Toezicht en de Directeur van de Rijks-Tuinbouwwinterschool aan de Voorstadslaan onder Heers, hebben aan de laatstbedoelde methode voorkeur gegeven.

Wij althans werden uitgenoodigd tot “bijwoning der officiëele overdracht van de Tuinbouw-Winterschool te Nijmegen door de Gemeente aan het Rijk”.

Met graagte hebben wij aan die uitnoodiging voldaan, omdat wij overtuigd zijn van het groote belang van deze nieuwe inrichting voor een streek, waarin de tuinbouw in al zijn onderdeelen telkens meer beoefenaars vindt en een welvaartsbron belooft te worden voor honderden in deze gemeente en haar wijden omtrek.

De plechtigheid, die gisteren plaats had, was in den grond der zaak niet de opening der school als inrichting van onderwijs. Immers de lessen zijn reeds in 1919 begonnen, maar werden, zoolang de school, het gebouw, niet gereed was, gegeven in een lokaal van de Kweekschool voor Onderwijzers.

Nu echter de nieuwe school aan de Voorstadslaan gereed is, moest de overdracht van het door de gemeente opgerichte gebouw met de daarbij behoordende 2 H.A. tuingrond aan het Rijk worden overgedragen en het was de wensch van den Minister van L., N. en H., dat dit met zekere plechtigheid gebeurde.

Een uitgezocht gezelschap kwam dan ook op het aangegeven uur in de school bijeen: de Directeur-Generaal van Landbouw, de heer v. Heek, als vertegenwoordiger van den Minister; de Commissaris der Koningin in Gelderland met leden van Gedeputeerde Staten; de Burgemeester en Wethouders van Nijmegen met den Secretaris en eenige raadsleden; de Inspecteur van het Landbouwonderwijs, Dr. v.d. Zande; Directeur en leeraren van de school; de Commissie van Toezicht, waarvan echter de voorzitter buitenlands was; vertegenwoordigers van de Vereeniging Proef- en Schooltuin en van de Verschillende takken van tuinbouw uit dezen omtrek; en een groot aantal genoodigden die geacht werden de nieuwe inrichting een goed hart toe te dragen.

Na een vriendelijk en hartelijk welkomstwoord van den heer J.A.H. Steinweg, secretaris van de Commissie van Toezicht, die bij afwezigheid van den voorzitter, den heer K. de Jong Mzn., de genoodigden ontving, voerde allereerst de Burgemeester van Nijmegen het woord. Spr. gaf in ’t kort een overzicht van de besprekingen en onderhandelingen, die aan de aanwijzing van Nijmegen als plaats van vestiging eener Rijkstuinbouwwinterschool en de oprichting van het nu voltooide gebouw zijn voorafgegaan en getuigde daarbij van de groote belangstelling van B. en W. en van den Gemeenteraad voor een inrichting als deze, die, naar spr. hoopte, veel zal kunnen bijdragen tot de ontwikkeling van het tuinbouwbedrijf, dat in deze gemeente en haar omtrek reeds zulk een vlucht heeft genomen. Spr. verzekerde, dat al het mogelijke was gedaan om het gebouw aan het doel der oprichting te doen beantwoorden, waartoe de Wethouder v.d. Waarden en de Directeur van Gemeentewerken verschillende plaatsen hadden bezocht. Het resultaat van dat onderzoek is neergelegd in tekening en bestek van den heer Weve en de uitvoering daarvan is opgedragen aan den heer Offermans als aannemer. Spr. verzocht den heer Directeur-Generaal van Landbouw als vertegenwoodiger der Regeering het gebouw over te nemen, dat de gemeente in bruikleen aanbiedt.

Gaarne voldoet de heer Van Hoek aan dit verzoek namens den Minister van L., N. en H. waar de wetenschappelijke grondslagen zullen worden gelegd voor een verbeterde beoefening dezen tak van nijverheid. In den oorlogstijd hebben land- en tuinbouw evenals vele andere takken van bestaan geleden en de toekomst is nog verre van helder. Om vergrooting en verbetering der productie te verkrijgen en oude afzetgebieden te herwinnen en nieuwe daarbij te verwerven, is groote inspanning noodig en moet er hard gewerkt worden. De reeds lang bestaande Wintertuinbouwcursussen hebben al veel goeds gedaan, maar wat de toekomstige bedrijfsleiders noodig hebben, konden deze niet geven. De Nijmeegsche afdeeling van de Maatschappij voor Tuinbouw en Plantkunde heeft dat ingezien. Zij heeft aangeklopt bij de gemeente Nijmegen en daar een open oor gevonden, want ook zij besefte het belang van een Middelbare onderwijsinrichting op tuinbouwgebied, en de gemeente vond op haar beurt gehoor bij den Minister. Sedert de school te Tiel tot een Landbouwschool was veranderd hadden alleen de beide Hollanden tuinbouwwinterscholen en bij uitbreiding van dat aantal, was Nijmegen de aangewezen plaats. De kweekers hadden het bedrijf reeds door eigen kracht op een hoog peil gebracht en de ontwikkeling van den tuinbouw in dezen omtrek was heel sterk. Had de omtrek van Nijmegen in 1895 reeds 4500 H.A. voor fruitteelt in gebruik, in 1919 was dat gestegen tot 6900 H.A., terwijl zoo goed als overal onderplanting was ingevoerd. In 1895 werd voor de groenteteelt zoo goed als geen plat glas gebruikt; in 1906 besloeg het platte glas een oppervlakte van 45100 vierk. Meter en in 1912 (het laatste jaar waarvan officiciëele cijfers bekend zijn) besloeg het platte glas 95200 vierk. Meters; zeker is het na dien tijd nog toegenomen. Wat de bloemisterij aangaat kan deze streek met Aalsmeer en Boskoop wedijveren, al heeft ook elk van deze drie centra zijn bijzondere cultures. Uit alles blijkt, dat een middelbare tuinbouwschool hier op haar plaats is.

In 1919 is de school begonnen in de Kweekschool voor Onderwijzers. Aanvankelijk werd alleen aandacht geschonken aan fruitteelt, groenteteelt en bloemisterij, maar toen bij de Regeering gewezen werd op het belang van onderwijs in bloembinden en -schikken en tuinarchitectuur werd er besloten deze vakken aan het programma van deze school als proef toe te voegen en zoo is Nijmegen de eerste plaats, waar daarin onderwijs wordt gegeven. Van groot belang voor de school en voor de omgeving is de proef- en schooltuin, die onder toezicht staat van de Vereeniging “Proef- en Schooltuin voor Nijmegen en Omstreken”. Die tuin, waarvoor de gemeente 2 H.A. beschikbaar stelde, is allereerst schooltuin voor de leerlingen, verder het terrein voor practische werkzaamheid en zoo ook leerschool voor de kweekers, ten slotte is hij een gelegenheid voor het nemen van proeven met minder bekende gewassen, nieuwe behandelingswijzen en onderzoekingen of eenig gewas hier gedijt. Natuurlijk werkt zulk een tuin met verlies, het Rijk zal door subsidie het tekort helpen aanvullen en het is te verwachten, dat ook de Provincie, die reeds van haar belangstelling getuigde, ook hierin niet zal achterblijven: het geldt hier ook een provinciaal belang.

Achtereenvolgens brengt spr. aan de gemeente Nijmegen voor de offers, die zij bracht en de ruime opvatting van het belang der school; aan den bouwmeester voor de plannen voor het gebouw en de uitwerking daarvan; aan de Commissie van Toezicht, waarvan velen in andere functie reeds zooveel deden en van wie nog zooveel verwacht wordt; aan de Vereeniging Proef- en Schooltuin en vooral aan haar Voorzitter, den heer K. de Jong Mzn. Spr. richt nog een woord tot den Inspecteur van het Landbouwonderwijs, den heer van der Zande, tot Directeur en leeraren en tot de leerlingen. Met de beste wenschen voor den bloei der school en haar zegenrijke werking, aanvaardt spr. het nieuwe gebouw.

De Commissaris der Koningin in Gelderland, Jhr. Mr. v. Citters, verzekert de aanwezigen van de groote belangstelling van het provinciaal bestuur in deze school, getuige o.a. de aanwezigheid van heeren Gedeputeerde Staten. Spr. is overtuigd, dat dit en gelukkige dag moest zijn voor den heer Directeur-Generaal van Landbouw, voor de gemeente Nijmegen, maar vooral ook voor den Burgemeester van Nijmegen, onder wiens veeljarig bestuur al zóóveel goeds tot stand is gekomen, dat Nijmegen een bijzondere plaats inneemt onder de steden van ons vaderland. Wel doorleeft de tuinbouw een moeilijken tijd en er is wat optimisme noodig om aan de moeilijkheden het hoofd te kunnen bieden, want de tuinbouw moet leven van export en de export vindt overal hinderpalen. Er is heel wat zorg noodig om den tuinbouw op de been te houden en dat kan naar sprekers meening geschieden, als land- en tuinbouw elkaar steunen en samenwerken. Spr. besluit met de hoop, dat de nieuwe onderwijsinrichting een goeden naam zal krijgen en houden, maar vooral, dat de leerlingen dien naam zullen steunen. Als het een eer wordt te zijn opgeleid aan deze school, dan zal dat een zegen zijn voor Nijmegen en voor het heele gewest.

De heer Valeton, secretaris van de Tuinbouwraad, getuigt van zijn belangstelling voor hetgeen hier bereikt is. Spr. weet, dat de geschiedenis van den tuinbouw, hier vooral, is een aaneenschakeling van pogen en proberen; ondanks tegenslagen heeft men ’t hier niet opgegeven; deze omtrek telt stoere werkers en mannen van volharding en spr. vertrouwt, dat de praktische tuinbouwers dankbaar zullen zijn, dat deze inrichting hier is verrezen en dat zij het hunne zullen doen om Directeur en leeraaren en daardoor de school te steunen, die ook voor hen een steun kan zijn.

Namens de afdeeling Nijmegen van de Maatschappij van Tuinbouw en Plantkunde spreekt de heer Lodder. Spr. gaat de voorgeschiedenis van de oprichting na en memoreert, dat reeds in 1915 door den heer Monhemius het denkbeeld van de oprichting eener school als deze werd opgeworpen; hoe een Commissie uit de afdeeling, bestaande uit de heer Monhemius, Leenders en spr., met den heer v.d. Veen (nu Directeur) en met het gemeentebestuur van Nijmegen overlegde en hoe van alle zijden het denkbeeeld met ingenomenheid werd begroet. Spr. brengt dank en hulde aan allen, die tot de oprichting hebben meegewerkt en uit de beste wenschen voor de school en haar personeel.

De heer R. v.d. Veen, Directeur der School en Rijkstuinbouwconsulent voor het zuidelijk gedeelte van ons land, wijst op de verschillende vormen van tuinbouwondewij: het hooger onderwijs van Wageningen, het lagere van de wintercursussen en het tusschenliggende middelbare, dat nu ook hier gegeven staat te worden. De wintercursussen zijn al een kleine 20 jaar oud en hebben veel nut gesticht, maar voor patroons, bedrijfsleiders en buitenlandsche handelaren is meer noodig dan zulk een cursus kan geven. De Middelbare School bepaalt zich niet tot avondlessen, maar geeft het onderwijs overdag en breidt de lijst van onderwijsvakken uit. Maar dat onderwijs regelt zich naar de streek, waar de school gevestigd is; zoo staat te Aalsmeer de bloemisterij, te Lisse de bloembollenteelt, te Boskoop de boomkweekerij voorop. Hier echter kan de zaak veelzijdiger worden opgevat, dank zij de veelvuldigheid der onderdeelen van het tuinbouwvak. Want den streek is een belangrijk centrum, waar fruitteelt en groenteteelt extensief en intensief worden beoefend ook naar de meest moderne methoden. Spr. brengt op zijn beurt hulde aan allen, die tot de totstandkoming der school hebben meegewerkt, vooral ook aan het gemeentebestuur van Nijmegen en geeft ook namen de leeraren de verzekering, dat allen, die aan de school verbonden zijn, het hunne zullen doen om haar tot bloei te brengen.

De plechtigheid was hiermee ten einde en namens den heer K. de Jong Mzn. Bood de heer Steinweg den genoodigden den eerewijn aan, waarna de Directeur de aanwezigen uitnoodigde tot een rondwandeling door de school en over de terreinen.

Het gebouw mag er zijn; de lokalen zien er keurig uit, de inrichting er van bewijst dat er advies is gegeven door mannen van de praktijk. Voorloopig is er zeker ruimte genoeg, maar mocht, zooals ook wij hopen, de toeloop van leerlingen sterker, zeer sterk zelfs, worden, dan zou het kunnen zijn, dat de behoefte werd gevoeld aan een ruimer lokaal dat- om een dik woord te gebruiken- als aula dienst zou kunnen doen. De ontvangst van gisterenmiddag had plaats in de met planten getooide hal.

In den tuin keur van planten en kruiden en bloemen en struiken en platte bakken en een ruime flinke kweekkas voor druiven, perziken en wat de tijd en de cultuur eischen.

Voor volledigheid vermelden wij ten slotte nog, dat de bouw plaats had onder leiding van den heer Offermans; dat voor de centrale verwarming en ventilatie werd gezorgd door P.H. Lamers te Hees; voor het schilderwerk door B. Fooy te Hees; voor de electrische installatie door P. Megens te Nijmegen; voor het stucadoorswerk door Otten te Nijmegen en dat de keurig afgewerkte schoolbanken werden geleverd door de fabriek van schoolbanken van den heer Kooymans te Wijchen.” (PGNC 6/10/1920)

Park Leeuwenstein

Het Park Leeuwenstein was vroeger de tuin van Villa Leeuwenstein. Het lijkt wat verborgen te liggen door de bebouwing van de Marialaan en de Bosduifstraat. Dat het park mogelijk wat onbekend is, is onterecht: er staan veel verschillende bomen, waaronder bijzondere soorten.

Koetshuis Park Leeuwenstein

De woning is oorspronkelijk in 1864 gebouwd als koetshuis door de familie Metz-van Holst.

Krayenhoffpark met sequoia april 2025
#Nijmegen, Groen in Nijmegen, GroenInNijmegen

Krayenhoffpark

Krayenhoffpark met sequoia  april 2025
Krayenhoffpark met sequoia (april 2025)

Het Krayenhoffpark was al vroeg ingetekend, in 1879, in de plannen voor na de ontmanteling. Het werd vernoemd naar Cornelis Krayenhoff, waarvan het graf aanvankelijk was overgebracht naar dit park; de originele grafsteen is er nog te vinden. Daarnaast staan er een aantal bijzondere bomen.

Het Krayenhoffpark staat vanaf 1879 op kaarten getekend. In 1896 kreeg het haar naam, vernoemd naar baron Cornelis Rudolphus Theodorus Krayenhoff. Daarbij werd Krayenhoff nog als Kraijenhoff geschreven. Het park heeft een driekhoekige vorm, welke verwijst naar de driehoeksmeting (of triangulatie): een van de activiteiten van Krayenhoff was dat van cartograaf.

Grafsteen Krayenhoff

Grafsteen Krayenhoff in Krayenhoffpark (april 2025)
Grafsteen Krayenhoff in Krayenhoffpark (april 2025)

Toen in 1914 het Fort Krayenhoff werd gesloopt, is het graf van Krayenhoff overgebracht naar Rustoord. In 1916 is de originele grafsteen verplaatst naar het Krayenhoffpark. Tijdens een reconstructie van het park is de grafsteen in 2008 180 graden gedraaid. Op de foto zijn de spijlen rondom de grafsteen te zien.

Eenige versiering

Het park is ontworpen door Bert Brouwer, die ook de 19e eeuwse stadsuitleg heeft ontworpen.

In de bespreking van de Gemeente begroting voor 1904 komt ook het Krayenhoffpark aan de orde. “…in de afdeelingen werd het behoud van het Krayenhoffpark onnoodig geacht en in overweging gegeven het plantsoen op te ruimen en het te bestemmen tot speelplaats.” B. en W. zien echter “in het tegenwoordige plantsoen van het Krayenhoffpark eenige versiering van dit bijna geheel uit fabrieken en werkplaatsen bestaande stadsgedeelte, en willen het daarom behouden.” De heer Quack merkt op, dat dit plantsoen oorspronkelijk als villa-terrein werd uitgezet en met die wetenschap is daaromheen de grond verkocht. (PGNC 25/10/1903)

Tegels

Tegel Krayenhoff Krayenhoffpark
Tegel Krayenhoff Krayenhoffpark (foto april 2023)

Vóór de grafsteen ligt een stoeptegel met zijn portret. In het park en op meerdere plekken in het Waterkwartier zijn dergelijke stoeptegels te vinden, die verwijzen naar straatnamen van de wijk. Dit was een project van Carla Dijs: ‘Zo ontstond het ‘tegelproject’. In een middag tijd konden bewoners uit alle 64 straten van het Waterkwartier een eigen reliëftegel maken. Dijs: “Die heb ik daarna in beton gegoten en de gemeente Nijmegen heeft deze stoeptegels in de paden van het Krayenhoffpark gelegd.”‘ (SP.nl, juli 2009)

Sequoia (mammoetboom) en andere bomen

Sequoia in het Krayenhoffpark Nijmegen
Krayenhoffpark met sequoia en op voorgrond graf Krayenhoff

De meest opvallende boom in het park is de mammoetboom, de sequoia. Monumental trees schat de lengte van deze boom in 2020 in op ongeveer 25 meter. Deze site geeft aan dat deze boom gezien haar grootte mogelijk in de jaren 20 is aangeplant.

Andere bijzondere bomen zijn de ginkgo (Japanse notenboom), met een lengte van 16 meter die rond 1890 is aangeplant. En de haagbeuk, die ongeveer 20 meter hoog is en waarschijnlijk rond 1900 is aangeplant.

Herdenkingsboom kroning Willem-Alexander

Kroningsboom Willem Alexander Krayenhoffpark (27 april 2025)
Kroningsboom Willem Alexander Krayenhoffpark (gemaakt op zijn verjaardag, 27 april 2025)

Herdenkingsboom aangeplant ter herinnering aan de kroning van Willem-Alexander in 2013. Dit is de enige boom van het park met een hekje.

Hek herdenkingsboom kroning Willem-Alexander (27-4-2025)
Hek herdenkingsboom kroning Willem-Alexander (gemaakt op zijn verjaardag, 27-4-2025)
Herdenkingsboom Willem Alexander koning 2013, september 2023, Krayenhoffpark
Herdenkingsboom Willem Alexander koning 2013 (september 2023)

Jeu de Boules baan

In 2023 is een jeu de boules baan aangelegd in het park. Deze baan is aangelegd naar aanleiding van een idee op MijnWijkplan, welke was ingestuurd in mei 2022. Na gesprekken en mede vanwege het aantal likes heeft de gemeente dit idee gehonoreerd.

Reconstructiewerkzaamheden, gezien in de richting van het Krayenhoffpark (links). Links van het midden het begin van de Weurtseweg. Rechts panden aan de Waalbandijk. Op de achtergrond de witte graansilo van de Handel in bakkerijgrondstoffen Van Lith en Zonen (Weurtseweg 32), 5/12/1959 (Fotopersbureau Gelderland via F20030 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
Reconstructiewerkzaamheden, gezien in de richting van het Krayenhoffpark (links). Links van het midden het begin van de Weurtseweg. Rechts panden aan de Waalbandijk. Op de achtergrond de witte graansilo van de Handel in bakkerijgrondstoffen Van Lith en Zonen (Weurtseweg 32), 5/12/1959 (Fotopersbureau Gelderland via F20030 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)

Bronnen

Huis van de Nijmeegse geschiedenis

Wikipedia

Bijlage: cultuurhistorische waarden

Biezen/Waterkwartier

Hoewel Biezen de officiële naam is, noemen veel Nijmegenaren de wijk het Waterkwartier. Het is een van oudst bewoonde gedeelten…

Voorstadslaan 18 en 20

Voorstadslaan 18 en 29. Pand uit 1912 in Art Deco stijl. Vooral de blauwe tegels zijn prachtig.

Huize Insulinde met tuin, Voorstadslaan, 1935-1940 (F5537 RAN) Hees
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Van Welgelegen en Villa Carré naar Huize Insulinde

Villa Carré, Voorstadslaan, 1910 (F5532 RAN)
Villa Carré, Voorstadslaan, 1910 (F5532 RAN)

Waar tegenwoordig het ouderencomplex Insulinde op de hoek van de Voorstadslaan en Schependom staat, stond daarvoor Huize Insulinde, oorspronkelijk opgericht als opvanghuis voor oud-Indië gangers. Daarvóór had het een beroemde bewoner: circusdirecteur Oscar Carré.

Welgelegen/Villa Carré

Rond 1860 werd in de buurt van de hoek Voorstadslaan en Schependomlaan de Villa Welgelegen gebouwd (Bron: Noviomagus). Op 21/9/1870 koopt Conraad van Erpers Rooijaards de villa Welgegelen van Cornelis van Sonsbeek: ““Het buitenverblijf, genaamd “Welgelegen” te Hees, gemeente Nijmegen gelegen, bestaande ene(?) heerenhuis, koetshuis en stal, erf en tuin, voorkomende op den perceelsgewijze kadastralen legger van Neerbosch in Sectie B Nommers 58(?) huis en erf, groot vier aren drie en dertig centiaren/43 tuin, groot een hectare negen aren zeven en zestig centiaren.” Hij betaalt hiervoor 16.000 gulden. Van Erpers Rooijaard is dan “zonder beroep”.

De verkoper Cornelis van Sonsbeek had zelf de villa het jaar daarvoor, op 1 september 1869, gekocht. (Actenr 1386, Archiefnr 440, Inventarisnr 67).

De familie Rooyaards woonde hier 40 jaar (Noviomagus. Daarna woonde er een gepensioneerd kolonel Roloff (Noviomagus en Hees bij Nijmegen.).

Villa Carré

Een replica met foto's van de verschillende onderdelen van het Koninklijk Nederlands Circus O.Carré: Villa Carré Hees, Farm in Hees, Magazijn en werkstellen Hees en het Circus Amsterdam met interieur dat in 1887 werd gebouwd, 1887-1900 (1000.2539 RAN)
Een replica met foto’s van de verschillende onderdelen van het Koninklijk Nederlands Circus O.Carré: Villa Carré Hees, Farm in Hees, Magazijn en werkstellen Hees en het Circus Amsterdam met interieur dat in 1887 werd gebouwd, 1887-1900 (1000.2539 RAN)

Daarna kocht de beroemde circusdirecteur Oscar Carré het landgoed op 2-9-1901. Wilhelm Roloff was intussen, op 23-11-1900, overleden (Archiefnr 450, Inventarisnr 182, Actenr 7107).

Hij gebruikt het landgoed als winterverblijf. In ieder geval wordt er begin 1903 al gerefereerd naar Villa “Carré” (of Nero terug is gevonden, is niet bekend). Voorstellingen worden er echter niet gegeven, blijkt uit een artikel uit 1904:

Villa "Carre", advertentie verdwenen hond (De Gelderlander 1-1-1903)
Villa “Carre”, advertentie verdwenen hond (De Gelderlander 1-1-1903)

Kon. Nederl. Circus Oscar Carré.

De heer Oscar Carré, die zooals men weet eigenaar is van eene fraaie villa te Hees, heeft na een verblijf vol succes te Bremen, alhier zijn winterkwartieren betrokken. Tengevolge van een veranderde wijze van exploitatie- er is n.l. dit jaar niet meer gereisd met de houten tenten, doch met de in enkele uren verplaatsbare linnen dito’s, waarmee veel meer plaatsen kunnen worden bezocht dan vroeger het geval was – rust het circus gedurende den winter uit om in het voorjaar opnieuw zijne reizen door Europa te hervatten. Met het oog hierop is te Hees door den heer Carré een uitgebreid terrein gekocht, waarop een groot houten gebouw is verrezen, dat dient tot stalling der paarden en tot berging van het materiaal. Daaraan is verbonden een manége voor de dresseur der paarden, welk vermoeiend werk geen enkelen dag mag stilstaan. Slechts het stalpersoneel is in dienst gebleven, alle artiesten zijn thans elders werkzaam. De heer Albert Carré, de als schoolrijder en dressuur zoo terecht hoog geroemde zoon van den directeur, treedt deze winter op in het circus Schumann te Berlijn.

Men heeft het gerucht verspreid dat de heer Carré gedurende den winter te Hees voorstellingen zou geven. Niets is minder waar, hetgeen uit bovenstaande duidelijk blijkt.” (PGNC 19/11/1904)

Hij zou er zijn laatste levensjaren doorbrengen, om in 1911 te overlijden. Daarna bleef zijn vrouw Elisa Maud Adams samen met zijn dochter Wilhelmina tot 1919 in de villa wonen.

Huize Insulinde

Huize Insulinde.
Tehuis voor oud-indisch militairen, Voorstadslaan 274, 1935 (F5557 RAN)
Huize Insulinde. Tehuis voor oud-indisch militairen, Voorstadslaan 274, 1935 (F5557 RAN)

In 1918 kocht de ‘Stichting Verblijf van de Oud-Indische Militairen’ de villa aan. De stichting had als doel het “oprichten en het exploiteeren van een verblijf voor den Oud-Indische Militair, tevens een Doorgangs- tevens Kosthuis, waarin gevestigd een Arbeidsbeurs en een Voorschotbank, daarmede hoofdzakelijk beoogde van een algemeen maatschappelijk belang.”

Arie van Boxtel

Registratie van Arie van Boxtel, Nationaal Archief, Stamboek
Stamboeken Bronbeek, Den Haag, folio 117; 549
Registratie van Arie van Boxtel, Nationaal Archief, Stamboek Stamboeken Bronbeek, Den Haag, folio 117; 549

De oprichter was Arie van Boxtel (1876-1954). Hij was als 13-jarige het Indische ingegaan en was op dat moment onderluitenant. (IndischHistorisch.nl). Aanvankelijk opende de Stichting het voormalige Hotel de Doelen op de Varkensmarkt. Er was voor Nijmegen gekozen, omdat hier het opleidingscentrum van de KNIL was. Daarbij was de Varkensmarkt geschikt, omdat deze niet al te ver van de kazerne af lag. Hier ving de stichting gerepatrieerde en gepensioneerde KNIL-militairen en hun gezinnen op. Veel oud-soldaten en lagere officieren hadden slechts een beperkt pensioen opgebouwd. Voor vrijgezellen of degenen die invalide waren geraakt was Huize Bronbeek opgericht. Huize Insulinde bood echter plaats voor militairen met hun gezin.

1931 opening Huize Insulinde

In 1931 werd het tehuis na een verbouwing geopend. Daarbij kreeg de villa de naam Huize Insulinde. Er was plaats voor vijfenvijftig inwoners. Duizenden bewoners hebben hier kortere of langere tijd gewoond.

Bouwtekening van Huize Insulinde, gebouwd op de plek van de voormalige villa Welgelegen. Deze villa werd rond 1860 gebouwd voor de oud kolonel Rooijaards. In 1900 werd het pand aangekocht door circuseigenaar Oscar Carré, die de villa omdoopte in Villa Carré. In 1931 verwierf de Stichting Verblijf Oud-Indisch Militairen het pand en werd het Huize Insulinde tot in 1973 de sloop volgde, 1930-1940 (F63555 RAN)
Bouwtekening van Huize Insulinde, gebouwd op de plek van de voormalige villa Welgelegen. Deze villa werd rond 1860 gebouwd voor de oud kolonel Rooijaards. In 1900 werd het pand aangekocht door circuseigenaar Oscar Carré, die de villa omdoopte in Villa Carré. In 1931 verwierf de Stichting Verblijf Oud-Indisch Militairen het pand en werd het Huize Insulinde tot in 1973 de sloop volgde, 1930-1940 (F63555 RAN)

In de Tweede Wereldoorlog vorderden de Duitsers Insulinde. Van 1944 tot 1946 verbleven hier daarna geallieerde soldaten. “Van de inventaris was niet veel overgebleven en het interieur was danig beschadigd” (bijschrift F92929 RAN).

Na de oorlog en de Indonesische onafhankelijkheid kwamen ook burgers in Insulinde terecht. In de loop der jaren kwamen steeds meer “gewone” burgers in het Huis: er kwamen immers geen repatrianten meer en er was sprake van vergrijzing.

“De stichting bleef lange tijd afhankelijk van giften en pensiongelden totdat de komst van AOW en de bejaardenzorg gestalte kreeg.” (bijschrift F92929 RAN); de AOW ging in 1956 in (wikipedia).

In 1969 ging Insulinde op in de Stichting bejaardenhuizen Nijmegen.

Op de foto staat een groep bewoners op het bordes voor de villa Insulinde, 1948 (F92929 RAN)
Op de foto staat een groep bewoners op het bordes voor de villa Insulinde, 1948 (F92929 RAN)

Zie hieronder voor een uitgebreid verslag van de opening in oktober 1931.

1970: Sloop en Bejaardencomplex

In 1970 werd de gesloopt en op deze plek kwam het bejaardencomplex Insulinde. Daarbij waren de laatste bewoners van Insulinde ondergebracht in Nieuw Maldenborgh in Hatert.  Het hek rond de tuin bleef echter behouden en hier is ook de naam Insulinde te lezen.

Bij de opening van het Huis voor Oud-Indisch Militairen

De Gelderlander bij de opening in oktober 1931: “Huis voor oud indisch militairen

“Voor Oud-Indisch Militairen.

De Opening der Nieuwe Stichting.

Een rustig, gezond verblijf te Hees bij Nijmegen.

Hedenmiddag werd officieel geopend de nieuwe stichting: Verblijf voor den Oud-Indisch Militair, gevestigd in de voormalige villa Carré aan de Voorstadslaan onder Hees, tegenover het pleintje waar vroeger de traditionele “Dikke Boom” in den weg stond.

Wie zich Hees nog denkt als voor vijftien jaar terug, stelt zich de stichting voor te midden van een landelijke omgeving van tuinen en boomgaarden, van stadsboerderijtjes en lange landelijke wegen.

Hees is hier stadskwartier geworden, dank zij een lange lintbouw, welke voorstad met middenstad verbindt.

Huize Insulinde met tuin, Voorstadslaan, 1935-1940 (F5537 RAN) Hees
Huize Insulinde met tuin, Voorstadslaan, 1935-1940 (F5537 RAN)

En het nieuwe Verblijf voor de Oud-Indisch Militair, op den driesprong Breedestraat-Heeschelaan, zou ook inderdaad in het voortadsbedrijf gestaan hebben als het niet zóó landelijk weggelegen was in een grooten, schaduwrijken tuin, welke door de tuinarchitecten der firma Gerretsen en Valeton (Martin en Zonen) nog voornamer aanzien kreeg door den aanleg van een uitgestrekt gazon voor het grijze gebouw.

Dat rijst er nu kloek en strak op den achtergrond- een afbeelding op onze fotopagina geeft eenige indruk van dit massieve huis, dat binnen een gezellig home is voor de honderden Oud-Indische gasten, die uit den Oost of den West naar het vaderland terugkeeren en in afwachting van een vast tehuis het Verblijf in Hees als eerste en op-hun-gemak stemmende Doorgang waardeeren naar vaste huisvesting.

Het verblijf is een uitstekende uitkijkpost voor hen, die uit de tropen komen, eigenlijk wildvreemd staan tegenover een milieu van andere levensgewoonten en opvattingen dan in Indië en die eerst willen acclimatiseeren, voor zich voor vast nergens neer te zetten.

En om dan de Stichting werkelijk aan haar doel te doen beantwoorden, moet zij het comfort bieden van goede huisvesting, gezellig verkeer en gezondheidsbevorderende verzorging van den inwendigen mensch, die zich physiek geheel moet kunnen restaureeren.

Aan dit alles is gedacht.

Trouwens den overgang van stad naar buiten van Oude Varkensmarkt naar Hees, was zoo wijd en zoo groot, dat er veel aan in- en uitwendige reorganisatie kon gedaan worden.

En met stuwkrachten als de heeren van Boxtel en Lucas en anderen daar achter- werd er ook veel gedaan en bereikt.

Wie den toestand van het oude Tehuis in het Vroegere Oude Doelen op de Oude Varkensmarkt kent en nu de nieuwe stichting betreedt, staat verbaasd en is vol bewonderende waardeering voor de mannen van het initiatief en de daad.

De gasten vinden er een goed home- met uitzicht naar alle kanten op een verfrisschende natuur.

De ingang tot het huis is- zoo op den eersten indruk- aan de achterzijde van het gebouw. Dat heeft het groote voordeel, dat de kamers en zalen beneden naar den kant van den hoofdweg een ongehinderd uitzicht hebben.

De entree is eenvoudig. Men komt door de rustige vestibule langs portiersloge, wachtkamer voor de arbeidsbeurs voor Oud-Indische militairen, vor wier rechten en belangen de heer A. van Boxtel steeds op de bres staat, in de kern van het Verblijf.

Een rustige, gezellige sfeer hangt er in leeszaal, ontspanningszaal en eetkamer. In soberen toon en toch harmonisch is iedere hoofdzaal gehouden.

De Oud-Indische gasten moeten zich hier thuis gevoelen in deze gezellige zalen, welke ook stemmig zijn ingericht met de parketvloeren, de cellotex plafonds en in warmen toon geschilderde wanden. De meubileering is niet luxueus, maar comfortabel. De drie hoofdzalen eet-, lees- en ontspanningszalen loopen als in elkaar en sluiten onmiddellijk aan op het restauratiebuffet, op de frissche keukens en provisiekamer. Tevens is hier nog een kantoor voor den directeur der Stichting, den heer Lucas, geprojecteerd.

Op de eerste verdieping, bereikbaar langs een makkelijken trap, zijn ingericht negen dubbele zit-slaapkamers voor gezinnen met of zonder kinderen.

Hygiënisch en comfortabel is ieder gezinsverblijf op zich zelf.

Het woonvertrek is eenvoudig maar aantrekkelijk gemeubileerd. De slaapkamer met opklapbare bedden en voorzien van vaste waschtafels met koud- en warmstroomend water, kan zoonoodig, wanneer de opgeklapte bedden als weggescholen staan achter de gordijnen, nog dienen als zitkamer.

Het tuigt van zuiver sociaal gevoel van de leiders der stichting, dat hier ook gedacht is aan de belangen van groote gezinnen, welke natuurlijk ook hier opname vinden.

De  Oost-Indische gasten vinden op hun étage een droogkamer, een strijkkamer, badkamers en douches en ook een waschgelegenheid, waar de Indische vrouwtjes, die gewoon zijn iederen dag haar waschje te doen, de gewoonte van eigen land niet vaarwel behoeven te zeggen.

De opzet was- en de leiding is naar best vermogen geslaagd- om de Indische gasten, in hun vaak moeilijke overgangstijd, in het nieuwe Tehuis geheel op hun gemak te stellen en hen niet te veel te laten gevoelen het gemis van zon en van gemak, dat de Tropen biedt.

Gaan wij nog een verdieping hooger, dan komen wij in het nieuw aangebouwd gedeelte van het oorspronkelijk buiten.

Deze bijbouw is economisch benut voor vrijgezellenverblijf. Hier zijn drie en twintig kamers ingericht voor alleenstaande personen. Deze kamers bieden hetzelfde comfort als die van de eerste verdieping. Ook hier zijn badkamers, bergkamers, droogkamers, enze doen, de gewoonte van eigen land niet vaarwel behoeven te zeggen.

De opzet was- en de leiding is naar best vermogen geslaagd- om de Indische gasten, in hun vaak moeilijke overgangstijd, in het nieuwe Tehuis geheel op hun gemak te stellen en hen niet te veel te laten gevoelen het gemis van zon en van gemak, dat de Tropen biedt.

Gaan wij nog een verdieping hooger, dan komen wij in het nieuw aangebouwd gedeelte van het oorspronkelijk buiten.

Deze bijbouw is economisch benut voor vrijgezellenverblijf. Hier zijn drie en twintig kamers ingericht voor alleenstaande personen. Deze kamers bieden hetzelfde comfort als die van de eerste verdieping. Ook hier zijn badkamers, bergkamers, droogkamers, enz.

De geheele indeeling is zoo, dat ieder op eigen kamer volkomen vrij is- een breede gang loopt langs alle afdeelingen boven en beneden, waar in het gebouw nog gezellige rusthoekjes zijn, bij wijze van kleine vestibule. Op de eerste verdieping is een overdekt balcon, waar herstellenden kunnen genieten van de frissche lucht.

Aan veiligheid is ook zorg besteed- door het aanbrengen van nooduitgangen in het groote gebouw, dat in ieder opzicht hygiënisch is ingericht.

Zoo is er o.m. een koker in huis van boven naar beneden, waardoor alle gebruikte goederen en ook wasch naar beneden gestransporteerd kan worden.

Naast het hoofdgebouw staat aan den rechtervleugel de directeurswoning van den heer Lucas, die langs een overdekte gang in de stichting kan komen.

Het geheel Verblijf is naar alle zijden door groen omgeven, op een eigendom van ruim een H.A. tuin en boschage, terwijl men van alle kamers op eerste en tweede verdieping een vrij uitzicht heeft op omringende tuinen en akkers, met op de achtergrond de stad Nijmegen.

Wij zeiden het reeds, dat dat meubileering van het huis eenvoudig is en toch gezellig. Meerdere vereenigingen en firma’s schonken hun aandeel aan de aankleeding van het home der Oud-Indische gasten.

Zoo trof het ons, dat de gangen een aangename afwisseling bieden door fraaie foto’s van Ned-Indië en zijn bevolking. Deze tweehonderd ingelijste Indische foto’s zijn een geschenk van de Vereeniging van Oud-Korporaals en Soldaten “Voorwaarts”.

Verder werden geschenken ontvangen van het korps der Koloniale Reserve een staande klok; van de vereeniging van oud- en actief diendende O.O. “Madjoe” een schrijfbureau met kantoorstoel voor directeurskamer; van de O.O.-vereeniging “Ons Aller Belang” een hangklok; van v. Bendegoms bouwbureau een hangklok; van den Bond van Ridders der Mil Willemsorde beneden den rang van officier een portret van wijlen Z. Exc. luit.-generaal J.B. van Heutsz; van de firma Pollmann een collectie muurborden; van het electronisch bureau de Hing twee electrische strijkijzers en 23 aschbakken; van de firma Vroom & Dreesman drie teekeningen Oud-Nijmegen; van de cartonnagefabriek J.P.A. Kilsdonk een partij stapeldoozen; van het advertentie- en reclamebureau “De Atlas” een brievenweg; van het Vreemdelingenverkeer Nijmegen Vooruit muurborden; van de firma Eekhoff aschbakken, kalender en een stapel houtblokken voor de haard, welke het zoo sierlijk en gezellig doet in de ontspanningszaal.

Verschillende firma’s werkten met den bekwamen architect, den heer Willem Gerretsen uit Arnhem, mede aan de verbouwing en voltooiing van dit nieuwe gebouw.

Bendegoms Bouwbureau te Nijmegen voerde de verbouwing uitstekend uit.

Het geheele gebouw is natuurlijk centraal verwarmd- de centrale verwarming werd aangelegd door de firma Lamers te Hees, de electrische installatie door de firma Derksen te Nijmegen, terwijl de firma Reijers te Nijmegen kamers, gangen en vestibules in harmonieerende en warmaandoende kleuren zette. Het meubilair werd geleverd door de firma Vroom en Dreesmann te Nijmegen en het glaswerk door de firma Polmann te Nijmegen.

Vanmiddag om twee uur werd het gebouw officieel geopend in tegenwoordigheid van regeerings-, gemeentelijke- en militaire autoriteiten.

Daar werd gesproken door den voorzitter der Stichting, den heer F. Dieleman gepensioneerd kapitein van het O.I. Leger, door den heer De Jongh als vertegenwoordiger van den minister van Koloniën en door den heer A. van Boxtel, de ziel der stichting, die hulde bracht aan den voorzitter, den heer F. Dieleman, den penningmeester, den heer A.J. Slabbekoorn en Overste Barendsen, commandant der Koloniale Reserve.

Nog meerdere autoriteiten en vertegenwoordigers van vereenigingen, welke verband houden met het Indisch Leger, voerden het woord- allen prezen als om strijd het werk hier tot stand gebracht.

Het is een stichting, de verwezenlijking van de ideëele plannen van den gep. 2e luitenant-titulair O.I. L. de heer A. van Boxtel, waarop de leiders en ook de gemeente trotsch mag gaan.” (De Gelderlander 31/10/1931)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.noviomagus.nl/vrijkun27.htm

https://www.dorpsbelanghees.nl/wp-content/uploads/2020/10/2011-Hees-bij-Nijmegen-22x22_compressed.pdf

https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMKB24:061931000:pdf

Indische Sporen in Nijmegen en Hees, scriptie

Dikke Boom van Hees

De “nieuwe” Dikke Boom van Hees is op 21 november 2003 geplant. Dat is precies 100 jaar nadat de oude…

Villa Rica

Pascal koopt van Verdonck in 1904 twee stukken grond aan de Voorstadslaan. Hij laat daarop een villa ontwerpen door de…

Dikke Boom van Hees, Schependomlaan, Voorstadslaan, Tweede Oude Heselaan, Dikkeboomweg
Groen in Nijmegen

Dikke Boom van Hees

Hoek Voorstadslaan-Schependomlaan

Dikke Boom van Hees, Schependomlaan, Voorstadslaan, Tweede Oude Heselaan, Dikkeboomweg
Dikke Boom van Hees,
Kruispunt Schependomlaan, Voorstadslaan, Tweede Oude Heselaan en Dikkeboomweg (mei 2023)

De “nieuwe” Dikke Boom van Hees is op 21 november 2003 geplant. Dat is precies 100 jaar nadat de oude Dikke Boom van Hees door blikseminslag was omgegaan.

De oude Dikke Boom van Hees

De oude boom was een eeuwenoude linde, bekend in de wijde omgeving.

Romantiek en Hartzeer onder de Dikke Boom

Dr. J.J. de Blécourt schreef eens het volgende: „Menig hups dienstmeisje, des Zondags zo blij uitgetogen, kwam ‘s avonds met betraand gezichtje de wanhoop nabij weer thuis. Veelal kwam dan die stereotype bekentenis: „bie den dikken boom zeet ie tegen mien: gij kunt eiges best naor huus gaon en, veur mien Part ver…” . Meestal kwam zo’n verbroken verbintenis na een of ander zoenoffer wel weer in orde en daar ging dan in de regel een ontmoeting onder het brede bladerdak van de dikke boom aan vooraf. (Nijmeegsch dagblad, 26-11-1955, die de boom een eik noemt)

1903 Verwoesting door onweer

De originele Dikke Boom van Hees, 1900-1904 (GN11090 RAN)
De originele Dikke Boom van Hees, 1900-1904 (GN11090 RAN)

Die zaterdagavond in november 1903 rond half zes brak een kort maar hevig onweer uit, gepaard gaand met een felle storm uit het westen en hevige regen- en hagelslag. Bij de blikseminslag wordt de boom omvergeworpen, “Ongeveer 2 Meter van den grond werd de boom als het ware afgesneden.” (PGNC 24/11/1903)

Bij het omgaan van de boom raakte nog een jongetje in het gezicht gewond door een van de takken. Dezelfde avond is de omgevallen boom door de gemeente in stukken gezaagd en afgevoerd.

“Met den “Dikken Boom” verdwijnt nu wel niet een der groote kolossen op dit gebied in Nederland, – want wel bezien was hij zoo dik niet,- doch voor onze streek was die boom toch een bijzonderheid. Ten Stadhuize bevindt zich eene gravure van 1750, waarop reeds de “dikke boom” te Hees wordt voorgesteld. Hij moet dus een eerbiedwaardige ouderdom bereikt hebben, als hij toen reeds een dikke boom was.” (PGNC 24/11/1903)

“De rondloopende bank, die in den laatsten tijd toch al bouwvallig begon te worden, is aan ééne kant ‘ geheel tegen den grond gedrukt.” (Delftsche courant, 26-11-1903).

Daarna herinnerde alleen de Dikkeboomweg en tot 1955 een tramhalte aan de gevelde linde.

Het idee voor een nieuwe Dikke Boom

In juli 1999 werd een stichting opgericht om precies 100 jaar na de Dikke Boom een nieuwe boom aan te kunnen planten. Daarbij was er eerst in kleine kring gepolst: de bewoners van Insulinde zijn enthousiast en Vereniging Dorpsbelang Hees ondersteunt het initiatief.

De boom moet een herkenningspunt zijn bij de toegang naar het “oude” Hees. Daarom wil de stichting een “fors exemplaar dat elders moet wijken” verkrijgen. De kosten komen bij een eerste begroting uit op F 47.500 (Stenen Bank).

2003: het plaatsen van de Nieuwe Dikke Boom

Op 21 november 2003 wordt een nieuwe linde geplaatst. Bij het planten is de boom 8 a 10 meter hoog (Nijmeegse Stadskrant respectievelijk Hees bij Nijmegen). Daarbij is hij ongeveer dertig centimeter in doorsnede. Hoewel dus niet het forse exemplaar dat aanvankelijk lijkt beoogd, is de feestelijkheid en blijschap er niet minder om.

De kosten bedragen 22.500 euro (we zijn inmiddels in het euro tijdperk aanbeland). Een kwart daarvan bedraagt de kosten voor de boom. Het overige voor de bankjes en de weergave van de jaarringen van de oude boom. Met de bankjes -die “op de groei” zijn gemaakt- moet de boom dan weer een echte ontmoetingsplek worden.

De Dikke Boom komt terug in het logo van Vereniging Dorpsbelang Hees, samen met de Stenen Bank en de Petruskerk.

(Overige) Bronnen en verder lezen

Steendruk van Pieter Wilhelmus Marinus Trap (20-04-1821 Leiden aldaar 20-10-1905) voorstellende de dikke boom in Hees. Op de achtergrond is de St. Stevenstoren afgebeeld (uit het door A. Cranendoncq en zoon rond 1850 uitgegeven "Gezigten van Nijmegen" via GN15613 RAN) Voorstadslaan Hees
Steendruk van Pieter Wilhelmus Marinus Trap (20-04-1821 Leiden aldaar 20-10-1905) voorstellende de dikke boom in Hees. Op de achtergrond is de St. Stevenstoren afgebeeld (uit het door A. Cranendoncq en zoon rond 1850 uitgegeven “Gezigten van Nijmegen” via GN15613 RAN)

Tweede Oude Heselaan

De Heeschelaan was eeuwenlang de gangbare weg tussen Nijmegen en Hees, totdat de Voorstadslaan werd aangelegd. Bij de aanleg van…