Relief van Charles Hammes. Het symboliseert het herstel en de vernieuwing van het Nijmeegse Station, in de Stationstoren (maart 2024)
Charles Pieter Hammes (Hees, 9 augustus 1915 – aldaar, 16 april 1991) was een Nederlandse beeldhouwer. Hij was de zoon van de landschapschilder Chris Hammes en Rudolphina Wagner.
Charles Hammes werkend aan “Moeder’s Madonna”, Bredestraat 160 Hees, 1941 (Fotopersbureau Gelderland via F85229 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: J.F.M. Trum)
Hij kreeg zijn opleiding bij het Genootschap Kunstoefening, welke onder leiding stond van Gijs Jacobs van den Hof. Daarnaast volgde hij lessen in Brussel bij Marcel Wolfers. Hammes woonde in zijn ouderlijk huis de “Laarhoek” aan de Bredestraat (Hees). Hij is nooit gehuwd geweest.
Huize ‘De Laarhoek’ van de familie C.A. Wagner; Het toenmalige adres van de woning was Breedestraat 217, vanaf 1912 wordt het huis bewoond door de familie Hammes-Wagner, Bredestraat 160 Hees, 1907-1908 (F88886 RAN)
Veel van zijn beelden zijn te vinden in de openbare ruimte. Daarnaast maakte hij een kerstgroep, welke uit 80 onderdelen bestaat.
Deze pagina verzamelt werken van en reeds publiceerde artikelen over Charles Hammes en zal van tijd tot tijd worden aangevuld.
Een reliëf van Charles Hammes, voorstellende een parachutist van de all American Division, Nijmegen en de belangrijke Waalbrug veroverend; aangeboden door het gemeentebestuur van Nijmegen aan Hotel Sionshof aan de Nijmeegsebaan, hoofdkwartier bij de bevrijding van Nijmegen, foto uit 1970 (Frans Kup via F46599 RAN CCBYSA)
Aan de Sionshof hangt een monument van Charles Hammes om de luchtlanding van de para’s van de 82ste Airborne Division (All American) te herdenken. Tijdens Market Garden was het Sionshof een belangrijk punt voor de Geallieerden geweest: als verbindingspunt tussen het geallieerde leger en de binnenlandse strijdkrachten en het verzet. En als de plaats van…
Nadat het kantoor tijdens de gevechten van september 1944 was afgebrand en Gelderse Spaarbank het pand wilde kopen, besloot de Nederlandsche Bank een nieuw pand voor haar agentschap te laten bouwen aan de Mariënburg. Architect Zwiers ontwierp een sober, solide gebouw, waarbij Hammes met een aantal kunstwerken zorgde voor de nodige frivoliteit.
Kunstwerk van de Nijmeegse beeldhouwer Charles Hammes. Het werd geplaatst in het plantsoen van het gemeentehuis Nijmegen, 1957 (Fotopersbureau Gelderland via F85261 RAN CCBYSA)Metaalplastiek voorstellende de heilige Maria van Altijddurende Bijstand, vervaardigd door de Nijmeegse beeldhouwer Charles Hammes, aangebracht aan een woning, 5/1962 (Fotopersbureau Gelderland via F85264 RAN CCBYSA)In het kantoor van Willem Smit en Co’s Transformatorenfabriek is een groot metaalplastiek geplaatst, dat het personeel heeft aangeboden bij het 50-jarig jubileum. Tweede van links de beeldhouwer Charles Hammes, 20/11/1963 (Fotopersbureau Gelderland via F85253 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum) Bijen : een koperplastiek vervaardigd door kunstenaar Charles Hammes in 1964, aangeboden door het personeel van de Honig fabriek aan haar directie ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van het bedrijf ; het kunstwerk is spoorloos verdwenen, 5/1964 (Fotopersbureau Gelderland via F85266 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)Bank van natuursteen, vervaardigd door Charles Hammes, opgesteld in de tuin van De Vereeniging, ter ere van Majoor J.N. Breunese. Opschrift: Majoor J.N. Breunese, leider der Vierdaagse – 1936-1963, 1/7/1966-24/7/1966 (Frans Kup via F29112 RAN CCBYSA)Een gevelversiering vervaardigd door Charles Hammes in 1964, bevestigd tegen de muur van de Rijkswerkplaats. Dit kunstwerk is verloren gegaan, 1975 (Frans Kup via F16544 RAN CCBYSA)Een klimpaard van hout, vervaardigd door Charles Hammes in 1966 , opgesteld voor de School van de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen ( de Nutsschool) ; het kunstwerk is spoorloos verdwenen, Palembangstraat 11, 1975 (Frans Kup via F31634 RAN CCBYSA)Beeld Trajanus op Trajanusplein (september 2024)
Op de gedenkplaat staat zowel in het Engels als Nederlands de tekst: ““Deze gedenkplaat werd onthuld op 18 september 1994 ter gelegenheid van de 60-ste verjaardag van de slag om Nijmegen en de verovering van de verkeersbrug door de 1st en 2nd Bataillions Grenadier Guards in september 1944”.
Links staat het wapenschild van de Grenadier Guards, rechts dat van de Guards Armoured Division. Zie de beide wikipedia pagina’s voor een beschrijving van deze divisie en hun rol bij Market Garden.
Britse tanks hebben de Waal-Verkeersbrug bij Nijmegen veroverd en zijn aan de Lentse zijde aangekomen. Op de voorgrond gesneuvelde Duitse soldaten, 1944 (F75374 RAN)
Jac Maris maakte het beeld van Jan van Hoof (1922-1944) in opdracht van zijn medestrijders. Op 18 september 1945 werd het beeld onthuld. Het stelt Jan van Hoof voor, die de explosieven een jaar eerder onder de Waalbrug onklaar zou hebben gemaakt.
Jan van Hoof monument Waalbrug, beeldhouwer Jac Maris (september 2024)
Jac Maris maakte het beeld van Jan van Hoof (1922-1944) in opdracht van zijn medestrijders. Op 18 september 1945 werd het beeld onthuld. Het stelt Jan van Hoof voor, die de explosieven een jaar eerder onder de Waalbrug onklaar zou hebben gemaakt.
Een dag later werd van Hoof op een verkenningstocht in de buurt van de Nieuwe Markt/Hezelstraat beschoten, vervolgens mishandeld en om het leven gebracht.
“Redder der Waalbrug”(?)
Twee militairen bij de onthulde gedenksteen voor Jan van Hoof, gemaakt door Jac Maris, op de Waal-Verkeersbrug aan de Lentse zijd, 18/9/1945 (GN6336 RAN)
Mijn Gelderland: “Er is geen hard bewijs, maar men gaat ervan uit dat Van Hoof op 18 september explosieven onschadelijk maakte die aan de Waalbrug waren aangebracht door de Duitsers. Volgens het rapport, uitgebracht in 1951 door een commissie, ingesteld door het Ministerie van Oorlog, was een deel van de springladingen nog intact toen de Britten de brug innamen. Niettemin gaf men Van Hoof het voordeel van de twijfel, omdat de Duitsers wel degelijk springladingen hadden hersteld na sabotage, echter hij kan volgens het oordeel van deze commissie niet als redder van de brug worden aangemerkt. Tevens vermoedde de commissie dat de Duitsers de brug niet wilden vernielen, omdat ze deze nodig hadden voor een eventueel tegenoffensief”
(Overige) Bronnen en verder lezen
Kaarsje bij Jan van Hoof monument op Waalbrug; onbekend of het kaarsje voor de herdenking van Market Garden of voor eerder was (21 september 2024)
1966 Nassausingel, plein voor de Stadsschouwburg Centrum
Dame met stola beeld voor de schouwburg van Pieter d’Hont (oktober 2024)
Met haar handtasje in de hand, haar opgestoken haar en mantel en stola staat de dame klaar om de schouwburg te bezoeken. Het beeld is dan ook de opdracht van de Nijmeegse Stadsschouwburg ter gelegenheid van haar eerste lustrum. Het beeld moest daarbij het uitgaande publiek symboliseren. Pieter d’Hont maakte het beeld in 1966 en is uitgevoerd in brons. Een foto uit 1970-1975 is te vinden op F92589 RAN.
Oorspronkelijk was het idee om onder de foyer van de schouwburg een beeldengalerij te plaatsen, maar dit is nooit uitgevoerd. Op oudere foto’s bij KOS is te zien, hoe de dame, weinig uitnodigend, op dat moment gezelschap heeft van een fietsenrek.
Zijn eigen vrouw
Waarschijnlijk heeft hij zijn eigen, tweede, echtgenote Silvie Kögl als model gebruikt. Soms wordt echter ook een jaargenote van de de opleiding van d’Hont als model verondersteld.
Meerdere dame’s met stola
Dit beeld is echter niet de eerste dame met stola van d’Hont. In 1957 maakte hij een kleinere voorstudie van 59 centimeter, welke 6 keer is uitgevoerd.
Dit beeld is uit 1966 en is het eerste beeld uitgevoerd in brons en op deze grootte. Zie voor afbeeldingen de site van TWM van Berkel en zijn tweede artikel over de Vrouw met stola (2 leuke artikelen, tevens een belangrijke bron).
Wikipedia, waar een omvangrijke biografie en lijst van werk is te vinden: “…kwam Pieter onder invloed te staan van een nieuw gezichtspunt in de beeldhouwkunst: het vrijstaande beeld dat niet per se opging in zijn omgeving.”
Vijver in Buurt Natuurtuin aan Trompstraat/dr Jan Berendsstraat (oktober 2024)
De Buurt Natuurtuin is een klein parkje tussen de Dr. Jan Berendsstraat en het spoor in. Hier stond aanvankelijk Cartonnagefabriek van J.P.A. Kilsdonk.
Oorspronkelijk waren hier woningen gepland. Omdat de buurt echter behoefte aan grond, werd er een plantsoen gepland. Bewoners namen daarop het initiatief om in plaats van dit plantsoen een natuurtuin aan te leggen. Het ontwerp, aanleg en beheer is uitgevoerd door vrijwilligers
Het park bestaat uit een grasveld, waar bijvoorbeeld kinderen kunnen spelen. Daarnaast heeft het een moerasvijver. Rondom dit grasveld en de vijver is een wat hoger gedeelte aangebracht, bereikbaar met trapjes.
Huisraad
1994 Hans Vos
Op het grasveld staat het kunstwerk “Huisraad” van Hans Vos uit 1994, wat tevens kan worden gebruikt om te spelen. Hans Vos omschrijft het kunstwerk zelf als: “”Huisraad’ bestaat uit een opstelling van dansende meubels in een formaat waar je je klein bij gaat voelen. Het werk appelleert aan onbevangen spelen en bouwen, aan vrolijke huiselijkheid in de open lucht. Het is een plek waar ruimte is voor verbeelding.'” (Kunst op Straat).
1986 – Speelplastiek, Speeltuin Tam Tam Symfoniestraat Nijmegen
1992 – Prieel, Tunnelweg Wijchen
1994 – De Verzegelde Tijd Beuningen
Buurt Natuurtuin Bottendaal (oktober 2024)
Buurt Natuurtuin Bottendaal (oktober 2024)
Buurt Natuurtuin Bottendaal (oktober 2024)
Buurt Natuurtuin Bottendaal (oktober 2024)
De Cartonnagefabriek van J.P.A. Kilsdonk, aan de Dr. Jan Berendsstraat op de hoek met de De Ruyterstraat ; links de Dobbelman Zeepfabriek, 27/6/1983 (Ber van Haren via ZN34654 RAN CC0) De afbraak van de voormalige Cartonnagefabriek van J.P.A. Kilsdonk. Het voormalige fabrieksgebouw moet plaats maken voor de hier geplande natuurtuin. Op de achtergrond de door architect Paul van Hontem ontworpen nieuwbouwwoningen aan de Trompstraat, 12/3/1991 (Ger Loeffen via F36490 RAN CCBYSA)
In 1951 vindt de onthulling van het voorlopige beeld voor de gevallen soldaten afkomstig uit Nijmegen plaats. Oorspronkelijk was dit monument een initiatief van de Nijmeegse afdeling van “Het Mobilisatiekruis” en, na de landelijke fusie, ook van de Nederlandse Bond van Oud-Strijders. Zij had behoefte had aan een monument, dat (tevens) diende als locatie om de de gevallen soldaten jaarlijks te herdenken. De maker was Jac. Maris. Tegenwoordig (en net op een andere plek) staat er een kopie in brons.
De plaatselijke afdeling van het Mobilisatiekruis had het initiatief genomen om een monument voor de gevallen Nederlandse strijders op te richten.
Bond “Het Mobilisatiekruis”
De plaatselijke afdeling van het Mobilisatiekruis had het initiatief genomen om een monument voor de gevallen Nederlandse strijders op te richten. De Nationale Bond “Het Mobilisatiekruis” was opgericht voor het beheren en uitreiken van het Mobilisatiekruis 1914-1918 en het Witte Mobilisatiekruis 1914-1918. Deze Bond was op 19 september 1925 opgericht en kreeg 7 oktober de Koninklijke goedkeuring. De onderscheidingen waren ingesteld door het “Nationaal Comité Herdenking Mobilisatie 1914”, bedoeld om in 1924 de 10e verjaardag van de mobilisatie van 1914 ter herdenken, “om de tienduizenden gemobiliseerde soldaten te bedanken voor de vier jaren die zij hadden moeten opofferen voor het behoud van de Nederlandse neutraliteit. Het Comité wilde het weinig krijgshaftige Nederlandse volk er ook op wijzen dat vrede, zo meende zij, “altijd kwam ná oorlog”.” (wikipedia)
Wens beeld in 1951 gereed
De Nijmeegse afdeling van het “Mobilisatiekruis” hoopt op haar jaarvergadering in januari 1950 dat het monument voor de gesneuvelde Nijmeegse soldaten voor augustus 1951 gereed zal zijn: rond die tijd zal de Nationale Bond in Nijmegen haar zilveren bestaansfeest willen vieren. (De Gelderlander 13/1/1950)
Ontwerp beeld
Ontwerp voor het Oorlogsmonument voor de omgekomen militairen uit het Rijk van Nijmegen tijdens de Tweede Wereldoorlog, vervaardigd door de beeldhouwer Jac Maris, 1950-1952, mij onbekend welke versie (F46236 RAN)
Het ontwerp van het beeld lijkt redelijk overeenkomstig het uiteindelijke beeld. In de kranten over het monument staat dat er over het ontwerp discussie is geweest, maar tot nu toe heb ik nog niet kunnen vinden waarover deze discussie ging.
Het “stelt voor een ’n stervend krijgsman, nog de pijn van het sterven in zijn lichaam. Naast hem zijn kameraad die hem gaarne zou willen helpen of om in de laatste seconde de hand ten afscheid te drukken, maar plicht en krijgstucht weerhouden hem. Op zijn post, op zijn hoede. Het krijgsgewoel om hem heen wordt uitgevoerd onder een ander rhythme. Dit concept is niet alleen psychologische gedachtenis, maar ook een compositie van meerdere ordeningen. Het is in principe gedacht tot een hoogte van circa 3.20 meter boven de grond en met een grootste breedte van ongeveer 2 meter.”
Wens Grote Markt
De gewenste locatie is de Grote Markt: “Uiteraard is met het monument zelf en de plaats waar het geprojecteerd is rekening gehouden met de grote veranderingen, welke de directe omgeving van de Grote Markt zal ondergaan.” Het monument zal in Ettringer tufsteen worden uitgevoerd.
Ook aan het “Centrumplein” (Plein 1944) wordt gedacht, maar de “ontwerper acht het ’t best op zijn plaats op de Grote Markt.” Het Mobilisatiekruis, gefuseerd met de Nederlandse Bond van Oud-Strijders, hoopt dan ook vanaf het jaar daarop (1951) op 10 Mei de Nederlandse gevallenen te kunnen herdenken. (De Gelderlander 17/8/1950)
… maar toch Plein 1944
In 1951 wijzigt de gemeente haar plannen voor de Grote Markt: het oorspronkelijke plan van een plateau met trapjes gaat niet door. Daardoor wordt ook naar een andere locatie voor het monument uitgezien. Daarbij valt het oog op Plein 1944. De Gelderlander: “In deze omgeving zou het monument tegelijkertijd de herinnering levendig houden aan de talrijke slachtoffers uit de burgerij, die in de binnenstad bij de ramp van 22 Februari 1944 en daarna het leven lieten.” (De Gelderlander 31/3/1951)
1951: onthulling voorlopig beeld
Het Oorlogsmonument ter herinnering aan de omgekomen militairen uit het Rijk van Nijmegen tijdens de Tweede Wereldoorlog, vervaardigd door Jac Maris, 5/5/1951 (Fotopersbureau Gelderland via F60313 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
“Zaterdagmiddag” vond in mei 1951 de onthulling plaats, waarbij duizenden Nijmegenaren aanwezig waren. Het ging daarbij nog om een model van het beeld; daarbij wordt verwacht het uiteindelijke beeld in augustus of september te kunnen plaatsen. “Zij allen willen zich een indruk vorm van het kunstwerk van Jacques Maris, die de niet gemakkelijke opdracht kreeg om de verschrikkingen van de laatste oorlog in een enkel moment vast te leggen. Maris heeft zich op voortreffelijke wijze van zijn taak gekweten. Hij is er in geslaagd een monument te ontwerpen dat de gevallen militairen eert een tegelijkertijd, in de uitbeeldingen op de rand, de inspanningen en offers van mensenlevens en bezit van de burgerij voor de komende tijden vastlegt”. Het beeld was bekostigd door de Nijmegenaren. Bij de onthulling wordt daarnaast genoemd dat de militairen van het commando Luchtvaarttroepen een groot bedrag hadden geschonken.
Bij zijn toespraak benadrukt de burgemeester het belang van de locatie. De Gelderlander daar over: “Op deze plaats, Plein 1944, waar de binnenstad uit zijn puinhopen herrijst, is de symboliek van het beeld wel bijzonder op zijn plaats. Het jonge monument houdt in het hart van de oude stad de herinnering levendig aan de stadsgenoten, die vielen opdat wij thans in vrijheid kunnen leven.” (De Gelderlander 7/5/1951)
Het was belangrijk dat het beeld (op 5 mei) 1951 onthuld zou worden: dan viert de landelijke vereniging “Ereschuld en dankbaarheid” haar tweede lustrum in Nijmegen (De Gelderlander 31/3/1951). Dit militaire fonds was in 1940 als stichting opgericht als steun voor de veteranen en slachtoffers van mei 1940. In 1946 werd het een vereniging en uiteindelijk in 2021 opgeheven (Defensie).
Uit de takel gevallen
De onthulling van het voorlopige monument van Jac. Maris was echter bijna niet doorgegaan. De avond voor de onthulling zou het transport vanuit het huis van Maris in Heumen naar Plein 1944 worden overgebracht. Vlak bij zijn huis viel het echter uit de takel. Maris en zijn assistenten werkten daarop de hele nacht door om het beeld te herstellen, waarop het beeld uiteindelijk toch die middag om 2 uur kon worden onthuld (De Gelderlander 5/5/1951).
Discussie opschrift
Het Ministerie van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen had het beeld goedgekeurd, maar niet het beoogde opschrift “Voor hen, die in ons midden leefden”, omdat zij dit opschrift te algemeen vindt. Daarop kwam de Commissie voor Oorlogs- en Vredesgedenktekens uit Amsterdam met de tekst: “Trouw tot in de dood. Ter nagedachtenis van de gesneuvelde militairen te Nijmegen”. In oktober 1951 zijn er intussen 12 weken verlopen en is er “taal noch teken” gehoord. Daarbij schrijft de Gelderlander dat Maris spoedig een begin zal maken met het originele monument. (De Gelderlander 31/10/1951)
1952: Onthulling definitief beeld
In augustus 1952 werd het uiteindelijke beeld geplaatst, welke na twee weken “gistermiddag” (De Gelderlander 25/8/1952) aan de gemeente werd overgedragen. De jeugd had intussen al vernielingen aan het voetstuk aangebracht, waarbij tevens de tekst op het voetstuk moet worden vervangen. “En maandagmorgen nog moesten tientallen rotte appels van het beeld verwijderd worden.”
Op foto GN8922 RAN is overigens te zien dat het opschrift op dat moment toch “Voor hen, die in ons midden leefden” is geworden.
Zie voor een foto van de plaatsing GN9020 RAN. Een mooie foto over het onthulde beeld met de St. Stevenstoren in aanbouw is te vinden op F32479 RAN.
Vernielingen en nogmaals: geschikte locatie?
Een jaar later zijn er nog steeds problemen met vernielingen: “Het plan bestaat nu, het voetstuk te verhogen tot ongeveer 3.15 meter vanaf de grond”. Om het beeld komt een schuin aflopend gedeelte met kinderkopjes en op 4 punten een paaltje. Bovendien schrijft de Gelderlander over de plaats: “… en toen het besluit viel het monument op het Plein te plaatsen, kon niemand vermoeden, dat de groente- en fruitmarkt daar definitief gehouden zou worden en evenmin, dat op het verhoogde gedeelte van het Plein en juist in de onmiddellijke omgeving van het monument een bushalte zou worden gemaakt, die overigens in het belang van een veilig en geordend verkeer te zijner tijd wel weer verdwijnen zal.”
Daarna vraagt de Gelderlander zich af of het Plein in de toekomst wel een goede locatie is: “Wanneer evenwel uitvoering zal worden gegeven aan de oorspronkelijke plannen met het Plein 1944, namelijk een verkeers- en parkeerplein, zal het de vraag zijn of het monument dan wel op het Plein op zijn plaats is.” (De Gelderlander 21/11/1953)
2009/2014: Vervanging door brons
In 2009 werd het beeld weggehaald om gerestaureerd te worden. Daarbij bleek dat het beeld inmiddels broos en poreus was geworden. Ook na een restauratie zou het beeld niet geschikt meer zijn om in de buitenlucht te staan. Daarop besloot gemeente Nijmegen een bronzen exemplaar te laten maken (https://kos.nijmegen.nl/overzicht-kunstwerken/). Daarbij vervangt het huidige voetstuk van Belgisch hardsteen het originele van basalt (4en5mei).
Op 4 mei 2019 is een plaquette onthuld met de namen van de slachtoffers die gevallen zijn in het Rijk van Nijmegen. Daarbij staat de tekst: “Ter nagedachtenis aan de Nijmeegse militairen die vielen voor de vrijheid tijdens de Tweede Wereldoorlog 1940-1945” en “Namenlijst onthuld op 4 mei 2019”. Deze plaquette vervangt een naamplaatje dat in 2007 was aangebracht (4en5mei).
Afsluitpaal Habakuk, beeld Klaus van de Locht (september 2024)
In 1987 maakte de beeldhouwer Klaus van de Locht de afsluitpaal “Habakuk” als grenswachter die is opgesteld tussen de sacrale ruimte van het hooggelegen kerkhof en de profane wereld daaronder.
In de jaren 70 had de gemeente Nijmegen in navolging van Maastricht een aantal kunstenaars gevraagd om een afsluitpaal te maken: een kunstvoorwerp is immers mooier dan een standaard, kale betonpaal. In die jaren werden er 5 afsluitpalen geplaatst. In 1987, 10 jaar later, volgden 3 andere. Habakuk van Klaus van de Locht was daar een van.
Grenswachter
Kunst op Straat: “Habakuk is een bijbels geschrift dat onderdeel uitmaakt van het Oude Testament. De betekenis van Habakuks naam is niet met zekerheid te zeggen. Misschien betekent zijn naam ‘de zeer geliefde’. Anderen denken dat zijn naam ‘omarmer’ of ‘omhelzer’ betekent. Het boek is waarschijnlijk geschreven door Habakuk rond 650-627 (of enkele jaren later) voor de gangbare jaartelling. De kunstenaar ziet in de vorm van Habakuk een grenswachter die is opgesteld tussen de sacrale ruimte van het hooggelegen kerkhof en de profane wereld daaronder. Voor de vormgeving van het beeld is hij geïnspireerd door de beelden op Paaseiland.”
Noorderkerktrappen
Zoals Dorsoduro al opmerkt: “Habakuk staat onder aan de Noorderkerktrappen, enigszins verdekt opgesteld en eigenlijk ook zinloos. Geen automobilist zou het ooit in zijn hersens halen dit smaller wordende steegje met zijn steile trap in te rijden.”
Abonneren
Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.
De profeet Habakuk
Een mooie uitleg over de profeet en het boek Habakuk is te vinden bij het Nederlands Bijbel Genootschap en de KRO-NRCV. Om kort te gaan: Habakuk ziet de dreigingg van de Chaldeeën of Babyloniërs met hun wreedheden als een straf van God voor Juda. Habakuk heeft zijn twijfels: Juda verdient bestraft te worden, maar waarom heeft God, die goed is, voor zo’n wreed instrument gekozen? Habakuk wacht op antwoord.
Dat antwoord komt er twee maal: God zal de rechtvaardigen niet in de steek laten. Daarna volgt een loflief van Habakuk op God.
In (vrijwel) alle gevallen richten profeten zich tot andere mensen. Opvallend aan Habakuk is, dat hij zich tot God richt en het grootste deel een dialoog is tussen hem en God.
Hoewel ik geen theoloog of kunsthistoricus ben, valt mij in het licht van bovenstaande, de (bekende) eerste regels uit het tweede boek op:
“Ik ga staan op mijn wachttoren
betrek mijn post op het bolwerk,
kijk uit om te zien wat de Heer mij zal zeggen,
wat Hij mij antwoordt op mijn verwijt”. (vertaling volgens NBG)
Overigens: voordat Klaus van de Locht net als zijn broer Peter voor de kunst koos, was hij drie jaar lang student theologie geweest (wikipedia).
Labyrint en zadelhoofd
Labyrint op Habakuk (september 2024)
Zoals hierboven staat weergegeven, is het beeld geïnspireerd op de beelden van Paaseiland.
Opvallend zijn bovendien dat het hoofd bovenop eindigt als een soort zadel.
En onderaan Habakuk is een labyrint gebeeldhouwd; Van de Locht is ook de maker van het grote labyrint op de Waalkade.
Studio Hartebeest (Gerco Hiddink) maakte in 2023 de muurschildering van de gevechten rond Market Garden in Nijmegen. Daarbij was het de uitdaging om een gigantische muurschildering te maken van een heftige veldslag in Nijmegen, maar zonder bloederige taferelen.
Studio Hartebeest (Gerco Hiddink) in De Gelderlander: “De kleuren en de grafische stijl maken het niet té gruwelijk. Operatie Market Garden was natuurlijk ellendig voor Nijmegen.”
Dagboeken
Studio Hartebeest baseerde zich op dagboeken. Studio Hartebeest op zijn site: “Het beeld dat uit de dagboeken oprijst is dat van een apocalyptische wereld: terwijl boven de grond geallieerden en nazi’s in een verbitterde strijd verwikkeld waren te midden van een enorme vuurzee, zaten de meeste Nijmegenaren onder de grond in schuilkelders in angstige afwachting van de uitkomst van de strijd. Tijdens deze verschrikkelijke dagen kwam het mooiste en het akeligste in de mensen naar boven, zowel bij de soldaten aan beide zijden als bij de Nijmegenaren zelf. De muurschildering is een verbeelding van deze complexiteit en is aangebracht op een centrale locatie tijdens de gevechten: de Lindenberg.”
De schildering leest als een soort stripverhaal. Van bovenaf landen de para’s, vervolgens de groene omgeving en daarna Nijmegen. Onderaan is de blauwe Waal (met rechts de Waal crossing). Daarboven links en rechts de twee bruggen en daar tussen in de Benedenstad en daarboven de omgeving van het Valkhof.
Geboorte in een schuilkelder, verplegende non
Op de muurschildering staan daarom niet alleen de verschrikkelijke gevechten en de brand afgebeeld. De dagboeken vertellen ook over meer hoopgevende situaties, welke in die dagen óók gebeurden. Zoals de geboorte van baby’s in de schuilkelder, kinderen die de Amerikaanse soldaten na de bevrijding appels uitdelen of een non die op haar fiets rondging om gewonden te helpen.
Een mooie uitleg van het schilderij is te vinden op Waal Paintings.
Gebaseerd op schilderij Sint-Elisabethvloed
Muurschildering Theophanu op Holland Casino, Studio Hartebeest (september 2024)
Grijpink had al de muurschildering van Theophanu gemaakt, op het Holland Casino. De reden dat hij gevraagd werd voor de muurschildering van Market Garden is dat hij grafische vormgeving en strakke lijnen weet te combineren met het kunnen uitbeelden van een heel complex verhaal.
De Sint-Elisabethsvloed, Meester van de Heilige Elisabeth-Panelen, ca. 1490 – ca. 1495, locatie: Rijksmuseum (Foto: wikipedia)
In de video op de site van Studio Hartebeest vertelt Hiddink dat hij de indeling heeft gebaseerd op een middeleeuws schilderij van de St. Elisabethvloed, dat hangt in het Rijksmuseum. De video laat het linkerpaneel zien, hiernaast staat het rechter paneel afgebeeld.
Voordat Hiddink op de video verder gaat met vertellen, breekt bij hem een kleine zondvloed uit. Wanneer het schilderij van de Sint-Elisabethsvloed wordt vergeleken met zijn mural, is duidelijk te zien hoe hij zich door de indeling en het kleurgebruik heeft laten beïnvloeden.
In gesprek gaan
Een belangrijke functies van de historische muurschilderingen is om gebeurtenissen uit het verleden een gezicht te geven, juist ook omdat veel tijdens de Tweede Wereldoorlog verloren is gegaan. En om daarover vervolgens in gesprek te gaan.
Al een aantal maanden valt een soort van masker op, dat bij de Hezelpoort is opgehangen. Het is werk van Tiktoy. Maar wie hij is, blijft zoals streetart betaamt een zorgvuldig bewaard geheim.
Toen ik afgelopen week in Amersfoort wandelde, kwam ik langs Kunsthuis Glue. Daar voorbij viel mij ineens werk op dat aan het masker deed denken en liep naar binnen. Het werk waarvan ik dacht dat het mogelijk van deze maker was, bleek van oxalien te zijn.
Maar gelukkig, ze hadden ook werk van de maker van het werk aan de Hezelpoort: Tiktoy.
Zoals streetart betaamt wordt er gewerkt met een bijnaam. Op zijn website schrijft hij: “Als je de tijd neemt om om je heen te kijken; bewust bent van je omgeving, kan je soms ineens op een onverwachte plek iets moois tegen komen.”
Werk van Tiktoy op de Waalbrug (oktober 2024)
Wie dus Tiktoy is, is niet bekend. Wel is een mooi interview gevonden op Sourharvest.
En daarnaast een artikel in de Gelderlander, waaruit blijkt dat hij al meerdere maskers in Nijmegen heeft opgehangen. En dat Tiktoy uit de omgeving van Nijmegen zou komen.
Daarbij blijkt hij in ieder geval al vanaf 2015 bezig te zijn met het plaatsen van deze maskers. Zie Omroep Gelderland
Sander Dolstra schilderde deze lepelaar in de Molenpoort, bij de ingang van de Ziekerstraat. Op de Facebook pagina van de Molenpoort staat een kort filmpje van Sander Dolstra aan het werk met de muurschildering.
Symboliek
De Molenpoort gaat op haar Instagram in op de symboliek: “Die sluit namelijk perfect aan bij de veranderingen die in de Molenpoort op komst zijn.
De Eekhoorn: Staat voor flexibiliteit, aanpassingsvermogen en vindingrijkheid. Net als de eekhoorn, die vooruitdenkt en voedsel verzamelt voor de toekomst, bereiden wij ons voor op een nieuwe, bruisende toekomst voor de Molenpoort.
De Roze Lepelaar: Bekend om haar aanpassingsvermogen, vindt zij haar weg in diverse omgevingen. Dit symboliseert de transformatie van de Molenpoort van een overdekt winkelcentrum naar een levendig stadsdeel, vol nieuw leven en energie.”
Winkeltas: De lepelaar draagt winkeltassen, waarvan één met het logo van ons nieuwe project ‘FIER’. Dit benadrukt het commerciële aspect van de Molenpoort, dat behouden blijft in de nieuwe visie.
In de Achtergrond: Een afbeelding van de Molenpoort zoals het er voor 1879 uitzag, verwijst naar de historische stadspoort die hier ooit stond.
Op de theepot: deze vliegt uit een winkeltas met daarop het stadswapen van Nijmegen, een eerbetoon aan onze rijke geschiedenis.”