Thread trough time Aaron Li-Hill hoek Industrieweg Vlietstraat (juli 2024)
#Nijmegen, Kunstwerken

Thread trough time van Aaron Li-Hill

Hoek Industrieweg Vlietstraat

Thread trough time Aaron Li-Hill hoek Industrieweg Vlietstraat (juli 2024)
Thread trough time Aaron Li-Hill hoek Industrieweg Vlietstraat (juli 2024)

De Canadese kunstenaar Aaron Li-Hill maakte de muurschildering Thread trough time op de flat op de hoek van de Industrieweg en de Vlietstraat, een herinnering aan het industriele verleden van Nijmegen. Op 8 juli 2024 vond de onthulling plaats.

Op het schilderij is de Nyma watertoren te zien en witte lijnen, die waarschijnlijk verwijzen naar de draden (threads) van viscose die daar gemaakt werden.

De man op de schildering is de kunstenaar zelf.

Meer over dit kunstwerk op: https://streetartcities.com/markers/3f7ecf58-26bb-47a2-94b9-fc9a9dba5b58

Op Instagram is te zien hoe Li-Hill aan het werk is.

Aaron Li-Hill

Li-Hill is geboren in 1986. Hij studeerde aan de Ontario College of Art and Design University. Op zijn website staat onder andere:

“his works range from smaller multiples to enormous murals that explore industrialization, scientific breakthrough, “man versus nature” and information saturation.”

Tegenwoordig woont hij in Brooklyn en Londen.

Zie naast zijn website de wikipedia pagina.

Park Leeuwenstein

Het Park Leeuwenstein was vroeger de tuin van Villa Leeuwenstein. Het lijkt wat verborgen te liggen door de bebouwing van…

Koetshuis Park Leeuwenstein

De woning is oorspronkelijk in 1864 gebouwd als koetshuis door de familie Metz-van Holst.

Villa Rica

Pascal koopt van Verdonck in 1904 twee stukken grond aan de Voorstadslaan. Hij laat daarop een villa ontwerpen door de…

Kerkboog opschriften en leeuw (juli 2024)
#Nijmegen, Centrum, Grote Markt, Kunstwerken

Kerkboog opschriften en leeuw: Historische betekenis en achtergrondverhaal

Kerkboog opschriften en leeuw (juli 2024)
Kerkboog opschriften en leeuw (juli 2024)

Boven de Kerkboog op de Grote Markt zijn een leeuw en twee opschriften aangebracht: “Concordia res parvae crescunt discordia maximae dilabuntur” en “Beata Gens Cuius Dominus Spes Eius”. Wat betekenen deze opschriften?

Toen de Lakenhandel ten einde kwam, werd de Lakenhal verbouwd en opgesplitst, waarbij in 1542-1543 de doorgang van de Grote Markt naar de St Stevenskerk was vergroot. In 1605/1606 kwam daarbij een imposante bovenbouw, naar ontwerp van Thomas Singendonck.

In het midden van de Kerkboog werd boven de middenpijler van de boog een leeuw geplaatst, welke het Nijmeegse stadswapen vasthoudt. Aan weerszijden kwam een cartouche. Links staat een Romeins gezegde: “Concordia res parvae crescunt discordia maximae dilabuntur”. Rechts: “Beata gens cuius dominus spes eius” Wat betekenen deze teksten?

Het is goed om te realiseren dat deze cartouches midden in de 80-jarige oorlog werden geplaatst.

Eendracht maakt macht

Op het linker cartouche staat de tekst: “Concordia res parvae crescunt discordia maximae dilabuntur”. Vertaald is dit: “Door eensgezindheid groeit het kleine. Door tweedracht gaat het grote ten onder”.

Herkomst

Meestal wordt Homerus gezien als bedenker van de spreuk: in de Ilias schrijft hij “macht door eenheid”, maar dan in oud-Grieks. Degene die de Latijnse spreuk introduceerde was Gaius Sallustius Crispus (86-ca.35 v.Chr) in zijn boek Bellum Iugurthinum (De oorlog tegen Jugurtha). Daarin beschrijft hij hoe de Romeinen aanvankelijk door de Berberse koning Jugurtha worden verslagen. Maar door zich te verenigen, weten zij uiteindelijk Jugurtha gevangen te nemen.

1579: Eendracht maakt macht bij Unie van Utrecht

De spreuk Eendracht maakt Macht was erg populair in de Nederlanden. De eerste keer dat deze gevonden wordt, is in een spreekwoordenboek “Gemeene Duytsche Spreekwoorden” uit Kampen van 1550.

De Unie van Utrecht van 23-1-1579 gebruikte “Concordia res parvae crescunt” als haar devies: dit was het moment waarop zeven gewesten besloten een Unie te vormen. Van “eendracht” was op dat moment nauwelijks sprake. De eendracht moet daarom vooral gezien worden als tegen de gemeenschappelijke vijand, het machtige Spanje, dat oprukte. 15 dagen daarvoor hadden de zuidelijke gewesten de Unie van Atrecht gesloten, waarbij ze zich overgaven aan de Spaanse bevelhebber.

Wanneer in 1588 de Republiek der Verenigde Nederlanden (1588-1795) wordt uitgeroepen, is “Eendracht maakt macht” haar wapenspreuk en zal dat blijven tot in 1795.

Deze spreuk komt verder voor op bijvoorbeeld muntstukken.

(Overige) Bronnen en verder lezen:

https://historiek.net/herkomst-eendracht-maakt-macht/69247/: een belangrijke bron en interessant artikel, ook hoe deze spreuk elders wordt gebruikt.

https://overijssel.sgp.nl/actueel/nieuws/technology-base-twente

https://nl.wikipedia.org/wiki/Unie_van_Utrecht_(1579)

Psalm Prijs Gods Almacht

“Beata Gens Cuius Dominus Spes Eius” is afkomstig uit een Psalm. Deze tekst staat in de Statenvertaling als Psalm 33 vertaald als: “Welgelukzalig is het volk welks God de HEERE is”; de psalm vervolgt de regel met “het volk dat Hij Zich ten erve verkoren heeft”. (In het Latijns Vulgaat is het Psalm 32).

Psalm 33 prijst Gods Almacht over de Schepping en Historie (wikipedia), oftewel: “Vermaning tot Gods lof, vanwege Zijn Goddelijke eigenschappen, raad, woord en werken, zo der schepping als der regering, inzonderheid der mensen, tot vernietiging van der goddelozen aanslagen en behoudenis Zijner gelovigen, die zich daarover verblijden en Hem daarom bidden.” (aantekening bij de Statenvertaling; in modern Nederlands geschreven naar de aantekening in de editie van 1657).

De volledige tekst van de Psalm is te vinden op de al genoemde link van de Statenvertaling. Een modern vertaalde versie is te vinden op De Nieuwe Psalm Berijming.

Opvallend is dat de plaquette Psalm 40 lijkt te noemen. Daar komt wel een regel voor “Beatus vir qui posuit Dominum confidentiam suam” (Welgelukzalig is de man, die den HEERE tot zijn vertrouwen stelt…” Statenvertaling). Het is mij nog niet duidelijk waar deze 40 vandaan komt.

Munten

“BEATA GENS CUIUS DOMINUS EIUS” komt ook voor op de munten van Nijmegen die tussen 1602 en 1605 geslagen zijn. Daarvóór was de muntslag van Nijmegen in 1594. In 1605 sloot zij weer, om in 1618-1620 weer tijdelijk open te gaan. Mogelijk werd de tekst ook in die laatste periode gebruikt. Daarna zou Nijmegen rond het einde van de 17e eeuw nog 2 keer voor korte tijd een eigen muntslag hebben (Bron: Nijmeegs Kopergeld, zoals oa vermeld op Noviomagus en duiten.nl).

Belvédere

Het opschrift komt ook terug bij het stadswapen van Nijmegen op de Belvédere. Deze was oorspronkelijk door Gerhard Gröninger gemaakt in 1646. Tegenwoordig hangt er een kopie van Henri Leeuw Jr. en Sr. (Noviomagus).

Leeuw met stadswapen

Een aquarel : In het midden de kerkboog met zonnewijzers; rechts daarvan trapgevels en links gevels met boogafsluiting en achter het dak de toren van de Latijnse school (links) en St. Stevenstoren met kerkdak, collectie dr. Jan Brinkhoff via D136 RAN CC0)
Een aquarel : In het midden de kerkboog met zonnewijzers; rechts daarvan trapgevels en links gevels met boogafsluiting en achter het dak de toren van de Latijnse school (links) en St. Stevenstoren met kerkdak, 1730 (collectie dr. Jan Brinkhoff via D136 RAN CC0)

In het midden staat een leeuw met het Nijmeegs stadswapen. Op een aquarel uit 1730 is te zien dat op deze plaats al een beeld staat.

Mogelijk is bij de restauratie rond 1885 een nieuw beeld geplaatst: het tijdschrift “Architectura” maakt in juli 1900 een rondwandeling onder begeleiding van architect Weve. Over de Kerkboog schrijft zij onder andere over de pijler in het midden: “Deze pijler, door een kapittel bekroond, steekt buiten den eigenlijken boog en was wellicht bestemd tot dracht van een beeld. Nu is er een gebeeldhouwde leeuw op geplaatst, een schild dragende.” (De Gelderlander 27/7/1900)

De huidige leeuw is een kopie uit 1971, gemaakt door Giuseppe Roverso (wikipedia)

De Papaver Het kruispunt Tweede Walstraat en Ziekerstraat , met op de hoek Drogisterij De Papaver, gezien in de richting van het Mariënburg, 1984 (Ber van Haren via kn13381-38 RAN CC0)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Ziekerstraat

Opschrift De Papaver: herinnering aan drogisterij 1927-2000 Ziekerstraat

Ziekerstraat 167 Centrum

Hoek kruispunt Tweede Walstraat en Ziekerstraat met voormalige de Papaver (oktober 2024)
Hoek kruispunt Tweede Walstraat en Ziekerstraat met voormalige de Papaver (oktober 2024)

Op de hoek van de Ziekerstraat en Tweede Walstraat heeft meer dan 70 jaar de Drogisterij de Papaver gezeten. Zij opende haar deuren in 1927 en is in 2000 gesloten. Nog steeds herinnert de schildering “De Papaver” aan deze drogisterij.

Vooraf: Kapsalon van Raaij

Advertentie voor de Dameskapsalon van Raaij (De Gelderlander 22/12/1926)
Advertentie voor de Dameskapsalon van Raaij (De Gelderlander 22/12/1926)

Voordat de Papaver zich vestigt, zat Kapsalon P. van Raaij-Nass in het pand. Deze kapperszaak zat hier vanaf ongeveer 1918: PGNC 15/7/1926 noemt bij de opening van de Papaver 1918; er is een advertentie in PGNC 19/5/1916 dat P. van Raaj, Ziekenstraat 163 een “nette aank. bediende”  vraagt.

Een Kapperszaak.

De heer P. van Raaij, die reeds eenigen tijd zijne Kapperszaak en scheersalon overbracht naar het ruime pand Verl. Ziekenstraat 165, vlak bij de v. Welderenstraat, is door omstandigheden eerst heden met de inwendige inrichting daarvoor gereed gekomen. Een fraai eikenhouten toilettafel voor drie plaatsen kwam de nette inrichting completeeren, zoodat de heer van Raaij thans zijn cliëntèle naar den eisch bedienen kan. Voor deze buurt is deze nette inrichting een aanwinst.” (PGNC 29/7/1920)

In 1927 is de zaak verhuisd naar de St. Annastraat no. 221 (PGNC 4/5/1927). Daarbij is opvallend dat de kapsalon pas een jaar daarvoor intern verbouwd is, om naast de herensalon een dameskapsalon te openen (PGNC 15/7/1926).

1927 Drogisterij de Papaver

De Papaver Het kruispunt Tweede Walstraat en Ziekerstraat , met op de hoek Drogisterij De Papaver, gezien in de richting van het Mariënburg, 1984 (Ber van Haren via kn13381-38 RAN CC0)
De Papaver Het kruispunt Tweede Walstraat en Ziekerstraat , met op de hoek Drogisterij De Papaver, gezien in de richting van het Mariënburg, 1984 (Ber van Haren via kn13381-38 RAN CC0)

In 1927 opent H. Vermeulen zijn drogisterij de Papaver. Bij de opening:

“Drogisterij “De Papaver”

Advertentie de Papaver (PGNC 14/5/1927)
Advertentie de Papaver (PGNC 14/5/1927)

In het perceel Ziekerstraat 165 hoek 2e Walstraat heeft heden de heer H. Vermeulen geopend de Drogisterij “De Papaver”. Frisch en kleurrijk als de bloem, welker naam zij draagt, is de nieuwe zaak. Het pand waarin tot voor kort de kapsalon van den heer P. van Raaij gevestigd was, is door de firma Olthof en van Benthem verbouwd. De firma Alex Pino te Rotterdam heeft voor een keurig winkelinterieur gezorgd. Het is uitgevoerd in Slavonisch eikenhout. De achtergrond van de stofvrije etalagekasten is van grijs laken, wat een fraai effect teweegbrengt. Vermelding verdient voorts een electrisch verlichte vitrine aan den voorkant van een der toonbanken. In de etalages vindt men drogisterij- en bijbehoorende artikelen te kust en te keur. Het geheel maakt een uitstekenden indruk. Het schilderwerk is uitgevoerd door de firma Andries Koster, de electrische verlichting door de firma Jean Jacobs, het kunstsmeedwerk door de firma Meijers-Ruiten.” (PGNC 13/5/1927)

1937 Verbouwing etalage ruimte

Verbouwing etalage ruimte (PGNC 2/3/1937)
Verbouwing etalage ruimte (PGNC 2/3/1937)

In 1937 verbouwt de “Papaver” haar etalage ruimte:

“De bekende drogisterij “De Papaver” aan de Verlengde Ziekerstraat-hoek Walstraat, heeft inwendig een doeltreffende verandering ondergaan. De étalages zijn geheel omgebouwd en dieper gemaakt. De achterwanden van glas zijn nu geheel dicht gemaakt met wanden van fijn hout. De étaleur heeft nu ook alle gelegenheid daarvoor passende artikelen op te hangen aan den étalagewand.

De wanden zijn- dank zij een bijzondere constructie- nu makkelijk uitneembaar en kunnen naar gelang vorm en kleur der te exposeeren artikelen, ook een andere wandbekleding krijgen.

De achterzijde der wanden kan nu ook beter benut worden voor binnen-expositie van direct noodige artikelen.

Het geheel is uitgewerkt en uitgevoerd naar de adviezen van den heer Jannesse, terwijl de firma Ikalyn ( A. Keil), Bloemerstraat 99, de veel zorg vereischende betimmeringen op smaakvolle wijze uitvoerde.

“De Papaver” staat er nu weer als in een nieuwe binnentooi, welke de aantrekkelijkheid van den winkel verhoogt.” (De Gelderlander 5/3/1937)

Abonneren

Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.

1953 Interne verbouwing

Heropening van drogisterij De Papaver, 1953 (J.F.M. Trum via F56440 RAN CCBYSA)
Heropening van drogisterij De Papaver, 1953 (J.F.M. Trum via F56440 RAN CCBYSA)

Ook in 1953 vindt een interne verbouwing plaats.  Bij de heropening adverteert De Papaver met “Ons nieuw interieur geeft een gemakkelijk overzicht in de verschillende afdelingen. Komt U zelf overtuigen!”

Vervolg

Noviomagus noemt dat de drogisterij eind 2000 uit het pand verdwenen is. Daar is tevens een foto te zien rond die tijd/begin jaren 0.

Momenteel (oktober 2024) zit Coef Men in het pand, een kledingwinkel voor mannen, sinds 2014. Dit was hun eerste winkel; momenteel heeft de zaak in 5 andere plaatsen vestigingen: Arnhem, Utrecht, Eindhoven, Leiden en in de Mall of the Netherlands in Leidschendam.

Ziekerstraat 39-43

Waarschijnlijk is de Ziekerstraat 39-43 vanaf 1931 een winkel geworden, van Continentale. Daarvóór komt het voor als pakhuis en lijkt…

Christus monogram Molenstraatkerk (mei 2024)
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken, Molenstraat

Christusmonogram Molenstraatkerk

Christus monogram Molenstraatkerk (mei 2024)
Christus monogram Molenstraatkerk (mei 2024)

Aan de Molenstraatkerk hangt een zogenaamd Christusmonogram: ☧. Het is een ontwerp van Jan Vaes.

Christusmonogram

Het kruis staat voor X (Chi) en daarnaast de P (Rho). Dit is een afkorting voor ΧΡΙΣΤΟΣ (Christus); een andere interpretatie van het Christusmonogram is dat het staat voor het Latijnse Christus Rex (Christus (is) Koning).

Het monogram is bovendien een verwijzing naar het oudere wagenwiel.

Alfa en Omega

Daarnaast zijn de letters Alfa (Α) en Omega (ω) toegevoegd.

Alfa en Omega (Grieks: “το ‘Α’ και το ‘Ω'”) is een uitdrukking uit het christendom die de almacht van God symboliseert. Alfa en Omega zijn de eerste en de laatste letter van het klassieke (Ionische) Griekse alfabet.

In Openbaring zeggen God (in 1:8 en 21:6) en Jezus Christus (in 22:13): “Ik ben de Alfa en de Omega.” En Openbaring 2:8 noemt Jezus “de Eerste en de Laatste”.

Ook de gevel van de Mariakapel is door Vaes ontworpen (KOS).

Daarbij is interessant wat Universiteit Tilburg over een ander werk van Vaes vertelt: “Het muur reliëf is een voorbeeld van de ‘wandkunst’ (ook muurschilderingen en mozaïeken) die populair werd in de periode van wederopbouw in Nederland. Deze relatie tussen kunst en architectuur in de openbare ruimte werd beschouwd als een metafoor voor verbinding: tussen mens en omgeving, maar ook tussen het aardse en het hemelse.”

Jan Vaes

Johannes Cornelis (Jan) Vaes (7-4-1927 Den Bosch – 30-5-1994 Breda)

Jan Vaes maakt samen met Frans Verhaak in 1955 Apostelfiguren voor het Schippersinternaat aan de Weg door Jonkerbos. Zie De Gelderlander 4/3/1955 voor een afbeelding (en Katholiek bouwblad, jrg 22, 1954-1955, no. 13, 26-03-1955).

Een afbeelding van hem als lid van de Kunstvereniging de Zuiderkring is te zien op 19610280 Stadsarchief Breda. Hiervan was hij in 1953 een van de mede-oprichters.

Hij was vooral actief in ‘s-Hertogenbosch en Breda.

Gevonden werken Jan Vaes

  • Kapitelen en gevelkruis, kerk, Philippine, 1954; de kerk is mede-ontworpen door architect Siebers, die ook Molenstraatkerk heeft ontworpen (Katholiek bouwblad, jrg 21, 1953-1954, no. 26, 25-09-1954)
  • Hoofdaltaar, St. Barbarakerk, Breda, (ongeveer 1958); zijn vrouw Willy Vaes maakte het doek voor de achterwand van bisschopszetel (de Stem, 29-12-1958 en 8-1- 1959)
  • Anna-te-Drieën, Het Hoffland Ulvenhout, ongeveer 1960, oorspronkelijke plaats: Mariaschool, Pastoor Vermuntstraat
  • Rustaltaar, St. Laurentiuskerk, Ulvenhout, 1963
  • Hoofdaltaar, St. Laurentiuskerk, Ulvenhout, 1963
  • Binnenplaats Sint Maartenschool, Rijnauwenstraat Breda, 1976

Ook maakte hij de koppen voor de Reinaert optocht in Hulst in 1956, die Willy Vaes beschilderde (De Stem, 23-8-1956 met foto van de koppen in wording). Daarvoor maakt hij voor de optocht van 1961 nog eens 50 koppen (De Stem, 17-6-1961).

Vaes deed mee aan groepstentoonstellingen in het Van Abbemuseum (1957 Eindhoven) en het Stedelijk Museum (1958 Amsterdam). Daarnaast had hij onder ander solo presentaties in galerie Nieuw Perspectief in Amsterdam en Galerie Grafiker in Haarlem (NRC 3-6-1-994).

Daarnaast was Vaes docent modelboetseren aan de Koninklijke Academie voor Kunst en Vormgeving in Den Bosch.

Jan Vaes overlijdt op 3-6-1994 op 67-jarige leeftijd. De dag voor zijn overlijden had burgermeester Nijpels van Breda een tentoonstelling van 15 kunstenaars in en om het huis van Vaes geopend, waaraan Vaes zelf ook meedeed.

(Overige) Bronnen

wikipedia: Christusmonogram, Alfa, Omega, Wagenwiel, Zonnerad, Molenstraatkerk, alfa en omega

Ons Erfdeel, jaargang 39, 1996

https://www.nrc.nl/nieuws/1994/06/03/beeldhouwer-jan-vaes-overleden-7226945-a434072

Molenstraatkerk

De oude Molenstraatkerk werd tijdens het bombardement van 1944 beschadigd. Tussen 1958 en 1960 wordt het achterste deel van de…

Molenstraat

Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Molenstraat zijn verschenen. Geschiedenis van de Molenstraat De weg die tegenwoordig Molenstraat…

Kreymborg architect Kramer

In september 1953 opent Kreymborg haar nieuwe nieuwe winkel op de hoek van de Ziekerstraat en Molenstraat. Deze is herbouwd…

Plaquette Nico Grijpink Korte Nieuwstraat mei 2024
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

Plaquette Nico Grijpink, oprichter van Blauwe Schuit en de Zomerfeesten

Plaquette Nico Grijpink Korte Nieuwstraat mei 2024
Plaquette Nico Grijpink Korte Nieuwstraat (mei 2024)

Bij de winkel van Foto Grijpink hangt een plaquette van grootvader Nico Grijpink. Hij was grondlegger van carnavalsvereniging de De Blauwe Schuit en de Zomerfeesten (sinds 1998 officieel Vierdaagsefeesten).

De Blauwe Schuit, Prins Nico I en Grootvorst

In 1948 had Nico Grijpink met zijn vader en een aantal vrienden carnavalsvereniging de Blauwe Schuit opgericht. Er was carnaval, maar nog geen prins. Kranten drongen aan om net als in het zuiden een Stadsprins te benoemen. In 1952 werd Grijpink benoemd tot Prins Nico van Nijmegen. Hij zou tot 1959 Prins blijven.

In 1958 werd Grijpink benoemd tot Grootvorst.

Een mooi artikel met foto’s is geschreven door Ad Lansink. https://www.adlansink.nl/wp-content/uploads/2013/04/Nico-I-Grijpink-+.pdf

De Lentejool van 1953

In 1953 ging het carnaval in het hele land niet door vanwege de watersnoodramp: in de nacht van 31 januari op 1 februari was een groot deel van Zeeland onder water gekomen, waarbij 1800 personen overleden. Daarop organiseerde Grijpink met de carnavalsvereniging de Lentejool, dat van 18 tot 20 april werd gehouden. Op 19 april trokken praalwagens door de stad. Daarnaast waren etalages ingericht. Ongeveer 150.000 mensen bezochten die dagen de stad. Het zou een uitgangspunt vormen voor de latere Zomerfeesten. (https://www.yumpu.com/nl/document/read/20541316/lentejool-een-stukje-geschiedenis-stichting-jacques-van-mourik)

De eerste Zomerfeesten voor 25.000 gulden

In 1969 was de Vierdaagse vrijwel geruisloos voorbij gegaan. Op 20 juli 1969 zette Neil Armstrong de eerste voetstappen op de maan. Toeschouwers bleven thuis, wandelaars wilden zo vroeg mogelijk binnen zijn.  Winkels sloten die vrijdagmiddag, de dag van de intocht, hun deuren.

Grijpink trok aan de bel dat er het jaar daarop iets moest gebeuren. Hij wilde daarbij de hele binnenstad betrekken. In april 1970 waren de feesten geboren. Daarbij noemt de Vierdaagsfeesten (bron van de paragraaf, met veel mooie foto’s): “En dan verschijnen er nieuwe namen naast Nico Grijpink: Gerard van Groningen, John Bertine, Charles de Mori, Ger Leenders, Herman Bertels, Piet Bruins, Frans Grootaarts. Reuzen op wiens schouders wij staan en voortbouwen aan het evenement. “Een evenement dat niet meer weg te denken is uit Nijmegen” roept Grijpink ergens in dat jaar.”

“”Een evenement dat niet meer weg te denken is uit Nijmegen” roept Grijpink ergens in dat jaar.”

Hij zou 10 jaar voorzitter blijven. De eerste feesten waren georganiseerd voor 25.000 gulden.

Plaquette

 In 2019 wordt, in het kader van de 50ste Zomerfeesten/Vierdaagsefeesten een plaquette onthuld in de gevel van kapsalon Bertine, op de hoek van Augustijnenstraat en Houtstraat. De plaats was logisch, aangezien kapsalon Bertine familie is van John Bertine, die tevens een van de oprichters was.

Het werk is gemaakt door bronsgieterij Bogart in Druten. Het weegt 50 kilo en is 60 x 60 centimeter groot. De bril van Griijpink is daarbij gemaakt en later op de bronsplaat bevestigd.

Verhuizing naar Korte Nieuwstraat

Er ontstond echter onenigheid met de verhuurder van het pand, die zei hier nooit toestemming voor gegeven te hebben. Daarnaast vond hij, dat door de overname van de kapper – in 2020 opende kapper Hair & Looks hier haar vestiging- er geen relatie met Bertine meer was.

Daarop besluit Niek van der Venne, eigenaar van Foto Grijpink en kleinkind van Nico (zijn vader Hans van der Venne is schoonzoon van Nico Grijpink), om de plaquette aan de muur van zijn winkel te hangen.

In oktober 2023 vindt de onthulling plaats.

Bronnen

https://www.gelderlander.nl/vierdaagse/stamvader-zomerfeesten-krijgt-bronzen-plaquette~a9e9aa4bf/

https://www.vierdaagsefeesten.nl/updates/onthulling-plaquette-nico-grijpink/

https://www.intonijmegen.com/blijf-op-de-hoogte/verhaal/open-vanaf-11-mei

Loden Lady Burchtstraat (januari 2020)
#Nijmegen, Burchtstraat, Centrum, Kunstwerken

De Loden Lady: oorsprong, vondst en onderzoek

Loden Lady Burchtstraat (januari 2020)
Loden Lady Burchtstraat (januari 2020)

Tijdens rioolwerkzaamheden in 2001 wordt een bijzonder vondst gedaan: een honderden jaren oud skelet van een vrouw in een grafkist van lood, wat een zeer kostbare metaalsoort was. Daarop kreeg de vrouw de naam Loden Lady.

Opgraving sarcofaag tijdens rioolwerkzaamheden

In 2001 wordt tijdens werkzaamheden aan het riool in de Burchtstraat een loden sarcofaag (een soort grafkist) opgegraven, met daarin het skelet van een vrouw. Wie de vrouw was, is grotendeels onduidelijk.

Het graf is leeggeroofd, maar gezien het feit dat lood een zeer kostbaar materiaal was, welke alleen de allerrijksten konden betalen, werd ervan uitgegaan dat de vrouw zeer rijk moest zijn geweest. Zij was waarschijnlijk 35 en 50 jaar en en heeft minimaal 1 kind gehad.

De kist was 3 meter diep onder de grond begraven, zodat rover s er niet makkelijk bij konden komen. Desondanks is het graf toch geroofd, wel zijn er nog een aantal kleine glazen flesjes gevonden. Hierin heeft waarschijnlijk parfum of gezichtspoeder gezeten. Daarnaast wat bladgoud, waarschijnlijkafkomstig van kleding of schoenen.

Recent onderzoek: ouder, maar waarschijnlijk minder rijk

Momenteel (mei 2024) is er een intensief onderzoek bezig naar de sarcofaag en de resten van de vrouw, waarvan de eerste resultaten bekend zijn gemaakt: waarschijnlijk behoorde de vrouw niet tot de allerrijksten; wel is het graf ouder dan verwacht.

Ouder dan verwacht

Aanvankelijk dacht men dat het graf dateert rond het jaar 300. Uit recent onderzoek blijkt, dat het graf 100 jaar ouder is en dus rond het jaar 200 dateert.

Minder rijk dan verwacht

Aanvankelijk werd, hoewel onbekend was hoe de vrouw aan haar vermogen kwam, ervan uit gegaan dat de vrouw tot de top van de Nijmeegse elite heeft behoord: alleen de allerrijksten konden lood betalen.

De vrouw blijkt minder rijk te zijn geweest dan aanvankelijk verwacht: het  betreft een hergebruikte kist. De kist blijkt binnenste buiten te zijn gevouwen: versieringen die normaal aan de buitenkant zitten, bevinden zich nu aan de binnenkant. Daarnaast is de kist veel te groot: de vrouw is 1,60 meter lang, terwijl de kist 2 meter groot is. Meestal waren de kisten op maat gemaakt, het is dan niet logisch om een zeer kostbaar materiaal te gebruiken voor een te grote kist. Echter: mogelijk is de ruimte gebruikt voor de (gesloten) grafgiften. Daarbij is alleen de afdektegel gevonden en niet het loden deksel, welke bij een complete begraving in een sarcofaag wel zou worden verwacht. Desondanks bleef ook een “tweedehands” loden grafkist maar voor enkelen weggelegd.

Sowieso blijkt de vrouw afgesleten rugwervels en beginnende artrose te hebben, tekenen dat ze zware lichamelijke arbeid moet hebben verricht. Slijtage van haar tanden duidt mogelijk dat ze vaak haar tanden heeft gebruik tijdens het werk.

Kortom: een desondanks kostbare kist voor een vrouw van “lagere” stand?  Mogelijk betrof het een geliefd lid binnen de (hulp) van het huishouden, bijvoorbeeld een kapster.

De sarcofaag en de resten zijn normaliter in het Museum Valkhof te zien.

Kunstwerk door LaSalle

Ontwerpbureau LaSalle (Albert Goederond en Patty Struik) uit Ede kreeg van de gemeente Nijmegen de opdracht om een markering in het straatbeeld te maken van de vindplaats van de Loden Lady, welke zich midden op straat bevindt. In 2005 is het kunstwerk onthuld: een stalen plaat, met daarin de contouren van gevonden delen van het skelet. Daarbij plaatsten logo’s van moderne dure producten, om op die manier de vrouw weer in een welgestelde omgeving te plaatsen.

Zij maakten in Nijmegen ook:

  • Zonder titel, een zonnewijzer in de Joulestraat, 1999
  • Zonnewijzer in de Keplerstraat

https://mijngelderland.nl/inhoud/verhalen/de-loden-lady

https://www.intonijmegen.com/blijf-op-de-hoogte/nieuws/loden-lady-ouder-dan-gedacht

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/De_%27Loden_Lady%27

Kunst Op Straat

Sluitsteen en paardehoofd , Lange Hezelstraat 86 (mei 2024)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Hezelstraat, Kunstwerken

Gevelstenen Lange Hezelstraat 86: van welke slagerij?

Sluitsteen en paardehoofd , Lange Hezelstraat 86 (mei 2024)
Sluitsteen en paardehoofd , Lange Hezelstraat 86 (mei 2024)

Hoewel geen slagerij, zijn op de Lange Hezelstraat 86 een sluitsteen van een hakmes en zaag en een paardenkop te zien. In ieder geval is het een blijvende herinnering dat hier ooit een slagerij heeft gezeten.

Wanneer deze zijn aangebracht, is mij tot toe nog onbekend. Wél is er tussen 1906 tot in de jaren 50 sprake van een slagerij in deze winkel. Het betrof echter rund- en varkensslagerij en géén paardenslagerij.

Slager A. Janssen

Aankondiging opening A. Jansen (De Gelderlander 1/6/1906)
Aankondiging opening A. Jansen (De Gelderlander 1/6/1906)

Op 1 juni 1906 opent A. Janssen zijn slagerij. Daarvoor was Ja. Daems, winkelierster in ieder geval vanaf 1896 de gebruiker van dit adres (afgaande op de Adresboeken; bovendien is op de bouwtekening hieronder Daems doorgehaald).

Uit de bouwtekening (gevonden in het dossier bij de aanleg van de riolering in 1912), blijkt er sprake te zijn van het ontwerp van een nieuwe voorgevel. De aanvrager is A. Janssen, Mr. slager, Hezelstraat No 86. De ontwerper is M. Jansen, Bloemerstraat 118.

Bij dit ontwerp blijkt er een koeiekop te zijn ingetekend, waar op dit moment de sluitsteen van het slagers hakmes en zaag zich bevindt – maar dit kan ook perspectiefwerking zijn.

Wel is in ieder geval de boog te herkennen.

Bij “Perceel Boddelstraat” (Bottelstraat) staat eveneens Janssen. Het is mij nog onbekend of dit A. Janssen betreft, of dat het om een ander persoon gaat. Wel blijkt uit de bouwtekening voor de aanleg van de riolering in 1912 (tekening D12.382704), dat dit perceel geen onderdeel is van het perceel van de slagerij.

Lange Hezelstraat 86, voorgevel: Ontwerp eener pui, ten diensten voor een slagers winkel in het pand gelegen aan de Hezelstraat. Kadastraal bekend gemeente Nijmegen Sectie C No (2012 doorgehaald) 4772 en verde de gevel van genoemd pand, opnieuw cementen (D12.382705)
Lange Hezelstraat 86, voorgevel: Ontwerp eener pui, ten diensten voor een slagers winkel in het pand gelegen aan de Hezelstraat. Kadastraal bekend gemeente Nijmegen Sectie C No (2012 doorgehaald) 4772 en verde de gevel van genoemd pand, opnieuw cementen (D12.382705)
Lange Hezelstraat 86, plattegrond: Ontwerp eener pui, ten diensten voor een slagers winkel in het pand gelegen aan de Hezelstraat. Kadastraal bekend gemeente Nijmegen Sectie C No (2012 doorgehaald) 4772 en verde de gevel van genoemd pand, opnieuw cementen (D12.382705)
Hezelstraat 86, plattegrond: Ontwerp eener pui, ten diensten voor een slagers winkel in het pand gelegen aan de Hezelstraat. Kadastraal bekend gemeente Nijmegen Sectie C No (2012 doorgehaald) 4772 en verde de gevel van genoemd pand, opnieuw cementen (D12.382705)

De slagerij blijft echter maar een jaar bestaan: in juni 1907 gaat A.P.J. Janssen failliet (PGNC 9/6/1907). Op maandag 24 juni worden de vleeswaren verkocht (De Gelderlander 23/6/1907), in de Gelderlander 23/6/1907 staat de aankondiging van de veiling op 3 en 17 juli van “Een winkelhuis en Erf aan de Lange Hezelstraat no. 86, groot 1.48 are, waarin een slagerij is uitgeoefend.”

J.D. Evers

Aankondiging opening slagerij J.D. Evers Lange Hezelstraat 86 (De Gelderlander 2/8/1907)
Aankondiging opening slagerij J.D. Evers Lange Hezelstraat 86 (De Gelderlander 2/8/1907)

Op 2 augustus 1907 verplaatst J.D. Evers zijn “vleeschhouwerij en spekslagerij” van Lange Hezelstraat 98 naar nummer 86 (De Gelderlander 2/8/1907).

Vermeldenswaardig  is hun advertentie dat zij op de paasvee tentoontenstelling 2 ossen hebben aangekocht, die zijn bekroond met eerste en eere-prijs en tweede prijs; zij waren gemest en afkomstig van A.W. Burgers te Weurt (PGNC 15/3/1929).

In PGNC 4/1/1930  staat een advertentie dat die dag de slagerij gesloten is; in 1930 komt D. Evers als slager voor (PGNC 3/10/1930): waarschijnlijk betreft het overlijden J.D. Evers en heeft D. Evers de zaak overgenomen.  

In het Adresboek 1922, 1924, 1926 en 1928 komen zowel “J.D.” als “D.” op dit adres voor als “slager”.

D. Evers

In ieder geval komt D. Evers nog in het Adresboek van 1948 voor als slager. Dan is er ook een regel “Ëvers, D.J. slager”. Waarschijnlijk betreft dit een zetfout voor “J.D.”. Wel opvallend is dat ook in de Adresboeken 1951 en 1955 er weer een “Evers, J.D.” slager is. Of dit een opvolger van D. is of een gewijzigde naam van het bedrijf is onbekend.

Op 4 februari 1949 overlijdt Dirk Evers. (De Gelderlander 5/2/1949).

In de Adresboeken 1951 en 1955 komt op dit adres weer een “Evers, J.D.” slager. Of “J.D.” de initialen van de opvolger betreft of de naam van de firma is onbekend.

In ieder geval komt ook de weduwe D. Evers, geboren P. Steinman. Zij komt in 1955 op dit adres voor.

Hapjesautomaat en koelcel

Vanaf November 1937 is het mogelijk om hapjes uit de automaat te kopen. In PGNC 17/11/1938 verschijnt een artikeltje (en advertentie) dat de slagerij een nieuwe koelcel heeft laten plaatsen. Een deel is ingericht voor de slagerij en een deel voor de hapjes voor de automaat. “Het is het allernieuwste op het gebied wat de Fa. Tadema tot nu toe heeft bereikt. Het is een groote hygiënische aanwinst voor de Fa. D. Evers, zie zeker door de vele cliëntèle van slagerij en automaat op hoogen prijs gesteld zal worden.” (PGNC 17/11/1938)

Vervolg: Zuivelhuis?

Aankondiging opening Zuivelhuis op Lange Hezelstraat 86 (De Gelderlander 28/2/1951)
Aankondiging opening Zuivelhuis op Lange Hezelstraat 86 (De Gelderlander 28/2/1951)

In januari 1951 verschijnt de aankondiging van “Het Zuivelhuis”, die een van de 2 winkels op Lange Hezelstraat opent. Of en welke relatie er met de familie Evers is, is mij onbekend. In ieder geval zijn er een aantal advertenties gevonden, onder andere in De Gelderlander 12/3/1954.

Op F55695 is een foto van een voddenman te zien, met rechts daarachter Het Zuivelhuis, waarvan het zonnescherm naar beneden is.

Er is niet uitputtend onderzocht wat het vervolg is geweest. Hoewel de bouwtekeningen openbaar zijn, wil ik ze verder niet op deze plaats publiceren.

In het gevonden Adresboek 1971 zit Mata Hari op dit adres; In 1998 is een foto (D12.653934) gemaakt van de situatie op dat moment: dan blijkt Mata Hari een plaat voor het gedeelte waar al dan niet de sluitsteen zich bevindt over het gehele breedte van het pand te hebben gemaakt. Daarnaast is de uitsparing waar zich nu het paardenhoofd bevindt leeg.

Wel is opvallend dat op tekening D12.653938 ui 1998 noch de sluitsteen, noch de kop of uitsparing daarvoor zijn ingetekend.

Afgaande op de foto hieronder zit het Mozaïek Atelier in deze winkel.

Lange Hezelstraat 86 met op dat momet het Mozaiek atelier, 2007 (Henk Rullmann via DF3351 RAN CCBYSA)
Lange Hezelstraat 86 met op dat momet het Mozaiek atelier, 2007 (Henk Rullmann via DF3351 RAN CCBYSA)

Bij de verbouwing in 2018 is er expliciet sprake van de sluitsteen en het paardenhoofd in zowel de “bestaande” als de “nieuwe” situatie (D180091617).

In oktober 2021 opende “Make it greener” hier haar fysieke winkel.

In september 2023 is het Atelier Kroost.

Paardenhoofd en sluitsteen?

Momenteel is nog onduidelijk wanneer de sluitsteen en het paardenhoofd precies zijn aangebracht. De sluitsteen is mogelijk aangebracht in de tijd dat het pand daadwerkelijk een slagerij was, ergens tussen 1906 en begin jaren 50.

Het paardenhoofd zal echter juist níet in deze tijd aangebracht: de slagerijen van Janssen en Evers waren runder- en varkensslagers. (In ieder geval was er in de tijd van Mata Hari geen sprake van een dierenkop).

wikipedia: “Vroeger bestond er een strengere scheiding dan tegenwoordig tussen slachterijen voor paarden en slachterijen voor andere dieren”. Bovendien was paardenvlees goedkoper.

Behalve om onduidelijkheid te voorkomen, zou een rund- en varkensslagerij -volgens mij- zich nooit associëren met een paardenslagerij (en vice versa).

Schildering Sigaren, sigarenwinkel Völcker
#Nijmegen, Centrum, Hezelstraat

Schildering Sigaren Lange Hezelstraat 95

Lange Hezelstraat 95

Schildering Sigaren, sigarenwinkel Völcker
Schildering Sigaren, sigarenwinkel Völcker (mei 2024)

Nog juist op de zijkant van het pand Lange Hezelstraat 95 is nog vaag “sigaren” te lezen. Deze schildering had Maximilian Julius Joseph Berthold Völcker (Meppen, 27/3/1866) laten aanbrengen toen hij hier zijn sigarenzaak openende.

De Gelderlander vertelt in hun serie “Merkwaardige huizen” dat huis lang in het bezit van de familie Vink verbleef “het was een heerenhuis met dubbele deur, waartoe eenige stoeptreden toegang gaven.” (De Gelderlander 19/7/1914)

Gezien richting Korte Hezelstraat later( Stikke Hezelstraat). Links de Bottelstraat, 1900-1906 (Collectie J.M.G.M Brinkhoff via D243 RAN)
“Sigaren” duidelijk leesbaar -Gezien richting Korte Hezelstraat (later Stikke Hezelstraat). Links de Bottelstraat, 1900-1906 (Collectie J.M.G.M Brinkhoff via D243 RAN)

Maximilian Julius Joseph Berthold Völcker

Maximilian Julius Joseph Berthold Völcker (Meppen, 27/3/1866, Koopmansleerling) komt op 22-12-1883 te wonen op  Burchtstraat C. 16 als koopmansleerling Bevolkingsregister 1880). Hij is dan afkomstig uit Amsterdam. Bij aanmerking staat “ZDGR”. Ook in het Bevolkingsregster staat “Koopman in sigaren” in Kerkstraat  6 in Hees, later is er met het “blauwe potlood” 243 bijgevoegd.

In het Bevolkingsregister 1890 blijkt hij in deze 10 jaar van Kerkstraat Wijk… no 243 naar Lange Hezelstraat 95 te verhuizen.

Opening sigarenwinkel Völcker Lange Hezelstraat 93 (PGNC 15/11/1890)
Opening sigarenwinkel Völcker Lange Hezelstraat 93 (PGNC 15/11/1890)

Nummer 93?

Opvallend is dat in de advertentie het huisnummer 93 staat. Op Noviomagus staat eveneens hij aanvankelijk in de Lange Hezelstraat 93 zat en later het naastgelegen pand 95 heeft gekocht. In hun overzicht van Merkwaardige huizen lijken nummers 93 en 95 het huidige nummer 95 te zijn. Ook in de adresboeken komt hij in die tijd voor op nummer 93.

Daarbij noemt hij zich tijdelijk Magazijn “De Tabaksplant”.

Huwelijk en kinderen

Hij is op 12-1-1892 getrouwd met Adriana Schoon (16/8/1866, Egmondbinnen). Hij is dan “koopman in sigaren”. In dezelfde maand wordt hij genaturaliseerd tot Nederlander (PGNC 22/1/1892). 

Zij zullen 2 kinderen krijgen:

  • Augusta Johanna Eduarda, geboren op 24-10-1892
  • Eduarda Johanna, geboren op 3-11-1894

Op 21-12-1940 zal Völcker komen te overlijden. Uit de rouwadvertentie blijkt dat de dochters “Gusta” en “Jo” worden genoemd (PGNC 23/12/1940)

Lange Hezelstraat 95

Op 3 mei 1898 koopt hij “Een huis en erf aan de Lange Hezelstraat te Nijmegen, Kadastraal aldaar bekend in Sectie G nummer 4548, als groot een are vijf en dertig centiaren” van Catharina van den Broek. Daarbij krijgt W.J.H. van der Waarden de opdracht deze te verbouwen tot winkelhuis met bovenwoning.

Opening nieuwe magazijn van sigaren Völcker, Lange Hezelstraat 95 (PGNC 31/7/1898)
Opening nieuwe magazijn van sigaren Völcker, Lange Hezelstraat 95 (PGNC 31/7/1898)

Op 6 augustus 1898 opent hij zijn “Nieuwe Magazijn van Sigaren een aanverwante artikelen” (PGNC 31/7/1898). Het huisnummer is dan wel 95.

Daarnaast komt hij ook al in 1900 voor als koopman in sigaren op Lange Hezelstraat 95. In 1910 eveneens als sigarenhandelaar.

Huis Lange Hezelstraat – Parkweg

Daarnaast lijkt hij een investering te doen: in april 1904 koopt hij “een Huis met Plaats, waarin Café, gelegen op den hoek van de Lange Hezelstraat en Parkweg te Nijmegen, groot 197 centiaren, aan M.F.F.B. Völcker te Nijmegen, voor f15600”, waarbij de “f.f.” mogelijk een zetfout is (PGNC 8/4/1904).

Op 15-2-1912 verkoopt Völcker (“koopman”) dit huis weer. Daarbij blijkt Walde Salomonsky (“boterfabrikant”) comparant te zijn. In de acte staat het pand omgeschreven als “het koffiehuis met erf, staande gelegen aan de Hezelstraat, hoek (Parkstraat doorgestreept) Parkweg kadastraal bekend gemeente Nijmegen in Sectie C nummer 4771 als huis, groot een are en zeven en negentig centiaren. De koopster is Alegonda Francisca de Wildt. https://studiezaal.nijmegen.nl/MediaViewer/Imageviewer/2325993695?HighlightQueryParams=2325993695~VsO2bGNrZXI%3D&externalCss=%2F%2Fstudiezaal.nijmegen.nl%2Ffiles%2Fstylesheets%2Fdetail-viewer.css

Vervolg

In 1926 neemt L,J. Meijer de zaak over. Völcker verhuist dan samen met zijn gezin naar Franschestraat 30.

Voor veel meer informatie over de Lange Hezelstraat 95 verwijs ik naar het al genoemde artikel op Noviomagus. Dit artikel vertelt tevens dat de tijdens de verbouwing van 2016 de schildering Tabak-Sigaren en Rookartikelen aan het licht kwam.

Zie tevens voor afbeeldingen hun pagina’s gevelschil30 en ahezel004

Houten bord Glashuis

Boven de ingang naar het Glashuis, tussen Lange Hezelstraat 58 en 60 is een houten bord te zijn. Deze is…

Erven van Daal De Beurs

Op de hoek Lange Hezelstraat – Bottelstraat zijn een muurschilderingen hersteld in de tijd dat café De Beurs nog een…

De Gaper, Linda Arts

2020, Hezelpoort/Lange Hezelstraat Nadat bewoners langere tijd hadden geklaagd over overlast en de smerigheid van de tunnel, besloot de gemeente…

Houten bord Glashuis, bij Lange Hezelstraat (mei 2024)
#Nijmegen, Centrum, Hezelstraat

Houten bord Glashuis

Glashuis

Houten bord Glashuis, bij Lange Hezelstraat (mei 2024)
Houten bord Glashuis, bij Lange Hezelstraat (mei 2024)

Boven de ingang naar het Glashuis, tussen Lange Hezelstraat 58 en 60 is een houten bord te zijn. Deze is inmiddels weer wat vergaan en vaag zijn er nog letters op te vinden. Wat is er over dit bord te vinden?

Stalhouderij Poos

Het was Noviomagus dat mij met “Poos” op het spoor zette.

Op de foto F92095 RAN uit 1955 is duidelijk leesbaar “Stalhou”(derij) en daaronder “Joh.” te lezen. Opvallend daarbij is de bovenkant van het toegangsbord recht is en niet in de vorm van een dakje.

In 1959 heeft de vorm zoals wij ‘m vandaag de dag kennen, zoals op onderstaande foto te zien is.

De toegangspoort met dakje: Slijterij en wijnhandel. Links café De Gouden leeuw, 1959 (F92087 RAN)
De toegangspoort met dakje: Slijterij en wijnhandel. Links café De Gouden leeuw, 1959 (F92087 RAN)
Vanaf de Lange Hezelstraat: stalhouderij van de Gouden Leeuw; achteraan de garage/loods/fabriek in 1976 afgebroken. (Detail (Evert F. van der Grinten via F79289 RAN CCBYSA)
Vanaf de Lange Hezelstraat: stalhouderij van de Gouden Leeuw; achteraan de garage/loods/fabriek in 1976 afgebroken, 1975 (Evert F. van der Grinten via F79289 RAN CCBYSA)

Inzoomend op de foto uit 1975 is rechts nog duidelijk Poos of Roos te lezen (hoogstwaarschijnlijk de P van Poos, waarbij de P met een vlek lijkt op een R). In de genoemde pagina van Noviomagus wordt ook de herinnering aangehaald van een paardenkop die hier zou hebben gezeten: dat verklaart mogelijk het donkere gat in het midden.

Inzoomend: is op de onderste plank ook nog Stalhouderij te lezen? Betreft het mogelijk de plank die al in de foto van 1955 te zien is?

Linker gedeelte: Vanaf de Lange Hezelstraat: stalhouderij van de Gouden Leeuw; achteraan de garage/loods/fabriek in 1976 afgebroken. (Detail (Evert F. van der Grinten via F79289 RAN CCBYSA)
Linker gedeelte: Vanaf de Lange Hezelstraat: stalhouderij van de Gouden Leeuw; achteraan de garage/loods/fabriek in 1976 afgebroken. (Detail (Evert F. van der Grinten via F79289 RAN CCBYSA)
Vanaf de Lange Hezelstraat: stalhouderij van de Gouden Leeuw; achteraan de garage/loods/fabriek in 1976 afgebroken. (Detail (Evert F. van der Grinten via F79289 RAN CCBYSA)
Rechter gedeelte: Vanaf de Lange Hezelstraat: stalhouderij van de Gouden Leeuw; achteraan de garage/loods/fabriek in 1976 afgebroken. (Detail (Evert F. van der Grinten via F79289 RAN CCBYSA)

Poos, het oudste adres ter stede voor trouw- en rouwrijtuigen

Advertentie Poos Stalhouder (De Gelderlander 2/12/1948)
Advertentie Poos Stalhouder (De Gelderlander 2/12/1948)

In ieder geval zijn er voor 1948 vermeldingen gevonden van Stalhouder Poos. “Het oudste adres hier ter stede voor trouw- en rouwrijtuigen”. (Op de bedrijfspagina van het adresboek komt hij op dat moment voor als nog enige “stalhouderij”). Waarschijnlijk zijn zowel Daalseweg 187 als v. Heutzstraat 6 tijdelijke adressen; in PGNC 16/12/1947 staat in ieder geval de v. Heutzstraat expliciet als tijdelijk adres. Elders in het adresboek van 1948 staat er “Poos, J.P.G., stal- en garagehouder” te lezen.

Stalhouderij Poos Adresboek 1948
Stalhouderij Poos, Adresboek 1948

In de adresboeken van 1951 en 1955 wordt J.P.G. (en Joh. P. G.), stal- en garagehouder, op van Heutszstraat 6 gevonden. In het adresboek van 1955 komt op Papengas 8b “Stalling J.G.P. Poos” voor. Het is onduidelijk of dit een schrijffout of een opvolger betreft.

Poos: Glashuis

Het lijkt aanlokkelijk om de relatie met de Gouden Leeuw te leggen, welke een stalhouderij was.

Eerst echter een ander spoor: Maria Petronella Poos is de vrouw van Hendrikus Adrianus Hendriks. Hij is in het Bevolkingsregister 1880 “Winkelier” in Hezelstraat D32; welke op een later tijdstip doorgehaald en vervangen is door “Kantoorbediende”. En het adres is dan Hezelstraat 56. Oftewel, indien er geen sprake is van hernummeringen, het pand dat van de Lange Hezelstraat dat vrijwel op de hoek ligt van het Glashuis (tegenwoordig winkel Het Theezakje).

Poos Bevolkingsregister 1880
Maria Petronella Poos (Bevolkingsregister 1880)

Daarnaast is er in het Bevolkingsregister van 1880 sprake van Geertruida Poos (Nijmegen, 31/5/1853, de echtgenote van slager Hendrikus Antonius Tijssen (Nijmegen, 29/6/1852). Aanvankelijk staat hier Hezelstraat No. 70, welke later gewijzigd is naar 888 -evenals de geboortedata.

Gouden Leeuw

Zoals gezegd lijkt het aanlokkelijk om een relatie te leggen met de Gouden Leeuw. In 1891 koopt J.W. Jansen, eigenaar van het bedrijf van P.J. Poos aan de Molenstraat.

Rechts de Gouden Leeuw met uithangbord en het Glas: De Hezelpoort,  gezien in westelijke richting., 1870, Evert F. van der Grinten via F78436 RAN CCBYSA)
Rechts de Gouden Leeuw met uithangbord en het Glas: De Hezelpoort, gezien in westelijke richting., 1870, Evert F. van der Grinten via F78436 RAN CCBYSA)

Jansen Herberg de Gouden Leeuw Hezelstraat PGNC 5/3/1824
Jansen Herberg de Gouden Leeuw Hezelstraat (PGNC 5/3/1824)

In ieder geval is er in 1824 al sprake van een Herberg de Gouden Leeuw op de hoek van de Hezelstraat en het Glashuis. Deze komt in maart 1824 te huur te staan, met J. Jansen als huidige bewoner.

Het pand lijkt bij de familie Jansen te blijven: in PGNC 5/9/1855 komt weduwe Jansen voor op dit adres en bijvoorbeeld op PGNC 2/3/1873 Logementshouder J.W. Jansen. Op de foto hierboven is rechts de Gouden Leeuw te zien; er is geen sprake van toegangsbord bij het Glashuis.

Ook een soort paard: het ijzeren ros van de omnibus (PGNC 24/9/1879)
Ook een soort paard: het ijzeren ros van de omnibus (PGNC 24/9/1879)
Ook een soort paard: de Omnibus naar Berg en Dal (De Gelderlander 13/5/1869)
De Omnibus naar Berg en Dal (De Gelderlander 13/5/1869)

Poos verkoopt in 1891 zijn bedrijf aan de de Molenstraat, waarbij J.W. Jansen de nieuwe eigenaar wordt.

Verkoop Poos Molenstraat PGNC 5/4/1891
Verkoop Poos Molenstraat (PGNC 5/4/1891)
Rijtuigen Poos te koop PGNC 26/4/1891
Rijtuigen Poos te koop (PGNC 26/4/1891)

P.J. Poos verkoopt zowel zijn onroerend goed Molenstraat Sectie C no. 2907, een huis met stelling en koetshuis, als zijn rijtuigen. Daarbij wil Poos tot 1 juli in de woning blijven wonen.

Advertentie overname Poos door Jansen, PGNC 14/5/1891

Brand

In juli 1893 is er een grote brand door een uitslaande brand bij “lampenfabrikant Levi, wonende op het Glashuis alhier”. Daarbij vatte ook de daarnaast gelegen bergplaats voor rijtuigen van stalhouder J.W. Jansen vlam en brandde geheel af. Wel was “alles” tegen brandschade verzekerd. (De Gelderlander 18/7/1893). Het is mij niet bekend of dit de enige bergplaats was en of deze is herbouwd.

In 1910 is G. Jansen eigenaar van het Hotel de Gouden Leeuw op de Lange Hezelstraat 60, met daarbij een stalhouderij en daarnaast de stalhouderij op Molenstraat 122 (Bron: briefhoofd).

Wat op dit moment nog niet gevonden is (en niet volledig onderzocht) is of en wanneer er een pand naar Poos overgaat. Vooralsnog was de belangrijkste vraag of het houten bord “thuis” te brengen is.

Daarbij lijkt de weg van Poos een logische te zijn. Hij lijkt echter geen relatie met de Gouden Leeuw te hebben, behalve het feit dat de eigenaar van de Gouden Leeuw zijn bedrijf aan de Molenstraat heeft gekocht. (En mogelijk speelt de Lange Hezelstraat 60 een rol).

Relatie met stalhouderij(?)

Via adresboeken lijkt het spoor van Poos te volgen, via:

  • P.J. Poos
  • zijn weduwe
  • J.P.G. Poos

Wel moet worden aangetekend dat de bron van de gegevens gevonden Adresboeken zijn, waarbij er wordt uitgegaan van opvolgende relaties; personen die op hetzelfde adres voorkomen.

P.J. Poos

In PGNC 30/5/1879 staat een advertentie dat P.J. Poos, stalhouder, verhuisd is van de Brouwerstraat naar de Houtstraat Wijk B. 314. In 1878-1881 komt een “Tapper en huurkoetsier” P.J. Poos voor op Houtstraat B 314; in 1887 een “Stalhouder” op Molenstraat 27.

Zoals hierboven staat beschreven, verkoopt hij zijn bedrijf op de Molenstraat in 1891.

In 1893 komt een P.J. Poos voor op Marienburg 2 als “tapper”, in 1895 op “Burghardt vd Berghstraat” 77 en In 1896 komt er een P.J. Poos voor op van Goorstraat 27 als “koetsier”.

Houtstraat 42

Opvallend is dat er in ieder geval in 1902 een Poos op Houtstraat 42 wordt gevonden, met een filiaal op van Goorstraat 27. Betekent dit dat hij alleen het bedrijf aan de Molenstraat heeft verkocht en dat hij de Houtstraat 42 heeft aangehouden; zijn het wellicht 2 verschillende personen?

In 1902, 1903 1905, 1907, 1908, 1909, 1910 komt P.J. Poos voor op Houtstraat 42 en v. Goorstraat 27.

Weduwe P.J. Poos

In 1912, 1913-1914, 1914, 1915 en 1916 komt Wed. P.J. Poos, geb. P.A. Vierboom, stalhouder voor op Prins Hendrikstraat 42. (In 1940 woont zij op Molenstraat 121); daarbij lijkt het waarschijnlijk dat het bedrijf de stalhouderij “Firma P.J. Poos, Waldeck Pyrmontsingel 42” betreft (eveneens in deze adresboeken).

Daarnaast wordt op Glashuis 4 in het adresboek 1914 L. Poos, koetsier, gevonden.

In 1920 komt de stalhouderij Firma P.J. Poos voor op Prins Hendrikstraat 42. In de tot nu toe gevonden adresboek komt in 1932, 1934, 1936 en 1938 “Poos Wed. J., geb. E.W. Aengenent, café-restaurant “Royal” op Prins Hendrikstraat 42, stalhouderij Waldeck Pyrmontsingel 4″ voor.

In 1940 woont Wed. J. Poos, geboren Aengenent al op van Heutzstraat 6. Volgens het Adresboek 1959 woont mw J.C. Poos daar nog steeds.

J.P.G. Poos

J.P.G. Poos, stal- en garagehouder komt in ieder geval in 1934 op Prins Hendrikstraat 38 en daarna in de Adressboeken 1936, 1938 en 1940 op nummer 26. (In 1932 komt hij nog niet voor). Uit het straatnamenregister van Rob Essers wordt duidelijk dat het een hernummering betreft en dat Prins Hendrikstraat 26 in september 1944 tijdens oorlogshandelingen is verwoest.

Zoals hierboven te lezen, komt J.P.G. Poos vervolgens voor op de Heutszstraat 6.

In ieder geval komt J. Poos, Prins Hendrikstraat 20 nog in het Adresboek van 1966 voor.

Sengers

Sengers, toegangspoort Glashuis, 1970-1975 (Toon Opsteegh via F71939 RAN)
Sengers, toegangspoort Glashuis, 1970-1975 (Toon Opsteegh via F71939 RAN)

Op en foto uit 1985 is te zien dat hier nog steeds Sengers staat: F62310 en daarbij is tevens de lichtblauwe kleur te zien. Het is mij onbekend om welke Sengers dit gaat: de Modezaak op de Lange Hezelstraat of de bandenzaak gaat.

In het artikel van Noviomagus (waarschijnlijk uit de jaren 0) is het bord verweerd, maar heeft nog steeds een blauwe kleur. Nu is het al jaren wit geschilderd.

Erven van Daal De Beurs

Op de hoek Lange Hezelstraat – Bottelstraat zijn een muurschilderingen hersteld in de tijd dat café De Beurs nog een…

De Gaper, Linda Arts

2020, Hezelpoort/Lange Hezelstraat Nadat bewoners langere tijd hadden geklaagd over overlast en de smerigheid van de tunnel, besloot de gemeente…

Schildering Erven van Daal Lange Hezelstraat (Mei 2024)
#Nijmegen, Centrum, Hezelstraat, Kunstwerken

Erven van Daal De Beurs

Lange Hezelstraat 94

Schildering Erven van Daal Lange Hezelstraat (Mei 2024)
Schildering Erven van Daal Lange Hezelstraat (Mei 2024)

Op de hoek Lange Hezelstraat – Bottelstraat zijn een muurschilderingen hersteld in de tijd dat café De Beurs nog een stalhouderij was. Dit was een van de stalhouderijen rond de Lange Hezelstraat: hier konden mensen hun paarden/rijtuigen stallen of huren.

Het bovenste opschrift is: Café-Billiard De Erven P. van Daal”, daarna “De Beurs” en het onderste: “Stalling Verhuring van Paarden en Rijtuigen”.

Erven P. van Daal

Aankondiging veiling 12-6-1872 van Hezelstraat Wijk D. No. 106 (PGNC 2/6/1872)
Aankondiging veiling 12-6-1872 van Hezelstraat Wijk D. No. 106 (PGNC 2/6/1872)

De eerste door mij gevonden advertentie de “erven P. van Daal is in PGNC 2/6/1872″: mogelijk hebben ze dan al langer het huis gehad. Het betreft onder andere een bakkerij en uitspanning. Daarnaast hoort bij de koop en blok huizen van 10 woningen aan de Boddelstraat (Bottelstraat).

Advertentie verhuring van Paarden en Rijtuigen bij de Erven P. van Daal (PGNC 6/6/1880)
Advertentie verhuring van Paarden en Rijtuigen bij de Erven P. van Daal (PGNC 6/6/1880)

In 1887 is het briefhoofd J.A.Ph. van Ellekom, voorheen Erven P. van Daal, Hezelstraat No.82  voor een vergunning tot het aanleggen van ijzeren brug voor de stal uitkomend aan de Nieuwe Markt. Van Ellekom was getrouwd met Theodora Grada van Daal (Nijmegen, 13/3/1843), een van de kinderen/erfgenamen van P. van Daal (Bevolkingsregister 1880).

In 1896 en 1899 staat op Lange Hezelstraat 94 het café de Beurs J.A.Ph Ellekom in het Adresboek.

Van Bon

Stalhouderij en Hotel Café Bar 'de Beurs' op de hoek met de Bottelstraat van J.H.W. van Bon. Het pand diende tevens als slijterij en rijwielbergplaats, zoals blijkt uit de opschriften op de voorgevel. De ingang van de stalhouderij met de 'verhuring' van paarden en rijtuigen was gelegen aan de Nieuwe Markt , 1910-1913 (Auteursrechthouder P. van Bon via F26520 RAN Publiek Domein)
Stalhouderij en Hotel Café Bar ‘de Beurs’ op de hoek met de Bottelstraat van J.H.W. van Bon. Het pand diende tevens als slijterij en rijwielbergplaats, zoals blijkt uit de opschriften op de voorgevel. De ingang van de stalhouderij met de ‘verhuring’ van paarden en rijtuigen was gelegen aan de Nieuwe Markt , 1910-1913 (Auteursrechthouder P. van Bon via F26520 RAN Publiek Domein)

Begin 1900 neemt J.H.W. van Bon de zaak over van Ellekom. In april 1900 krijgt van Bon vergunning verkoop van sterkend drank in het klein. Het is “J.H.W. van Bon, te Beuningen” (De Gelderlander 19/4/1900). In De Gelderlander 27/5/1900 staat de vermelding dat van Bon het telefoonnummer van Ellekom heeft overgenomen.

Afgaande op de advertentie 1902 zijn er tevens rijtuigen te huur.

Advertentie rijtuigen te huur, van Bon, Lange Hezelstraat 94 (PGNC 29/8/1902)
Advertentie rijtuigen te huur, van Bon, Lange Hezelstraat 94 (PGNC 29/8/1902)

J.H.W. Van Bon komt met beroep “stalhouder” café “De Beurs” Lange Hezelstraat 94 voor tot en met het adresboek van 1910-1911

Nieuwe Markt 8: Stalhouderij en 'verhuring' van paarden en rijtuigen van J.H.W. van Bon (rechts), tevens eigenaar van Hotel Café Bar 'de Beurs' in de (Lange) Hezelstraat op de hoek met de Bottelstraat. Op en naast het paard (met de stalknecht) de drie zoons van Van Bon: Antoon, Theo en Herman, 1910-1913 (Auteursrechthouder B. van Bon via F26517 RAN Publiek Domein)
Nieuwe Markt 8: Stalhouderij en ‘verhuring’ van paarden en rijtuigen van J.H.W. van Bon (rechts), tevens eigenaar van Hotel Café Bar ‘de Beurs’ in de (Lange) Hezelstraat op de hoek met de Bottelstraat. Op en naast het paard (met de stalknecht) de drie zoons van Van Bon: Antoon, Theo en Herman, 1910-1913 (Auteursrechthouder B. van Bon via F26517 RAN Publiek Domein)

Voor de aanleg van de riolering is de onderstaande bouwtekening uit 1912 gevonden. Het gedeelte rechts van de trap naar de bovenverdieping is het café: deze had 2 ingangen, 1 naar de Tapperij en 1 naar de Koffijkamer. Opvallend is de behoorlijk grote telefoonkamer. Aan de achterkant bevindt zich een keuken.

Detail Bouwtekening, begane grond, datum dossier 20-7-1912 (D12.382756)
Detail Bouwtekening, begane grond; het rechter gedeelte is nummer 94, datum dossier 20-7-1912 (D12.382756)

Jansen & Ederveen

Overname door Jansen & Ederveen PGNC 14/4/1912
Overname door Jansen & Ederveen (PGNC 14/4/1912)

In 1912 neemt Jansen & Ederveen, stalhouders de firma over (PGNC 14/4/1912). Zij gebruiken het pand aan de Lange Hezelstraat als filiaal.

In 1912-1913 en 1913-1914 staat er geen “stalhouder” meer bij; wel is een van de vermelding in het adresboek 19-1914 “Hôtel, Café de Beurs”; dit is wel de enige keer dat er een hotel wordt genoemd welke gevonden is. Tot en met 1916 komt van Bon vervolgens nog voor.

In 1918 heeft stalhouderij en auto-verhuurinrchting Jansen & Ederveen (Waldeck Pyrmontsingel 69) een filiaal J.W.H. van Bon, Café de Beurs, Hezelstraat 94. In 1920 staat van Bon nog in het adresboek van 1920, maar mogelijk is de zaak dan al verkocht aan Bours

Hotel De Beurs van Bours

Advertentie Hotel de Bours Lange Hezelstraat 94 (De Gelderlander 9/7/1921)
Advertentie Hotel de Beurs Lange Hezelstraat 94 (De Gelderlander 9/7/1921)

In 1920 en 1921 zijn er advertenties van R. Bours gevonden. In de advertentie van De Gelderlander 9/7/1921 is het tevens een hotel, naast café-restaurant.

In 1926 wordt N. Bours, fabrikant op dit adres gevonden. J.W.H. van Bon komt dan voor op Nieuwe Markt 8 (dus het adres van de stalhouderij) als Centraal-Garage.

In 1940 komt H.J.A.H. van Bon, garagehouder voor op dit adres; in 1948, 1951 en 1955 is het caféhouder.

Er is nog niet onderzocht of en wat de relatie met Nieuwe Markt 10 (en 20) is, hier komen in 1940 A.F.J. v. Bon, chauffeur-monteur en J.H.W. van Bon, autohandelaar en Th.W.H. van Bon voor. In 1948 is  Th.W.H. van Bon, garagehouder op nummer 20; daarnaast woont in 1948 tevens mej. H.Th. W.M. op nummer 10. Ook in de adresboeken 1955, 1959 en 1963 komt van Bon in ieder geval op nummer 10 voor.

Op F5129 is een foto van het biljarten in “de Beurs van Piet de Haard” te zien uit 1978.

Het opschrift voor restauratie

Op onderstaande is het opschrift vóór restauratie te zien. Hoewl op het bovenste gedeelte J.H.W. van Bon in donkere letters duidelijker te herkennen zijn, zijn daarboven ook nog de lichte letters “Erven” te zien.

Opschrift: "Café Billard en Stalhouderij van Paarden en Rijtuigen ", op de hoek van het pand van Café-Bar De Beurs aan de Lange Hezelstraat, 1993 (Toon Opsteegh via F6381 RAN CCBYSA)
Opschrift: “Café Billard en Stalhouderij van Paarden en Rijtuigen “, op de hoek van het pand van Café-Bar De Beurs aan de Lange Hezelstraat, 1993 (Toon Opsteegh via F6381 RAN CCBYSA)