Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor. Het Carolus Theater is nu een gemeentelijk monument, waarvan de gevel onder de beschermde stadsgezichten valt, en wordt nog altijd als bioscoop geëexploiteerd. Luxor is gesloten, de toekomst van het gebouw is onzeker.
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Carolus Bioscoop, monument van de wederopbouwarchitectuur, architect van Vreeswijk

1953-1954 Plein 1944 28 Centrum, Gemeentelijk Monument

Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor, september 1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CCO)
Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor, september 1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CCO)

Het was lange tijd een van de trotste gebouwen van Nijmegen: de Carolus Bioscoop. Geopend in 1954, was het een van de belangrijkste voorbeelden van de Nijmeegse wederopbouw. De architect was Henri van Vreeswijk, bekend om zijn akoestische kennis.

De opening van de Carolus Bioscoop vond plaats op 26 augustus 1954. Op 30 juli 2022 sloot hij, als oudste nog bestaande bioscoop van Nijmegen. Bij sluiting had hij 2 zalen met een capaciteit van 561 stoelen.

Opvolger van Chicago Bioscoop

Zaal van de medio 1912 geopende en door het bombardement van 22 februari 1944 verwoeste bioscoop Chicago, Broerstraat 40, 1912-22/2/1944 (GN11189 RAN)
Zaal van de medio 1912 geopende en door het bombardement van 22 februari 1944 verwoeste bioscoop Chicago, Broerstraat 40, 1912-22/2/1944 (GN11189 RAN)

De oprichter was de N.V. Theater Maatschappij van de Nederlandsche Bioscoop Trust. Bij het pannenbier was de naam nog niet bekend, uiteindelijk werd het aanvankelijk het Carolus Theater.

Voor de oorlog had Nijmegen 4 bioscopen. De Chicago bioscoop- , waarvan de Carolus bioscoop de vervanger was – en City gingen verloren tijdens het bombardement op 22 februari 1944. Olympia en Luxor werden tijdens Market Garden (17 tot met 21 september 1944) in brand gestoken. Alleen de Vereeniging bleef als bioscoop, sinds 1927 was zij ook films gaan vertonen. De Trust was eigenaar geweest van de Chicago bioscoop. In 1948 gaf zij aan H. van Vreeswijk opdracht tot het ontwerp van de nieuwe bioscoop.

Lees hier over de Chicago Bioscoop:

Op 26 mei 1953 verleende B en W vergunning om aan de zuidwand van Plein 1944 een bioscoop te bouwen.  Deze ging op vrijdag 27 augustus 1954 open, met de film Roman Holiday. “Bij de aanleg van Plein 1944 werd de bioscoop gezien als een sieraad voor het culturele leven van Nijmegen.”  (Wikipedia)

Plein 1944

De bioscoop kreeg een plek in de aaneengesloten bebouwing aan de zuidkant van Plein 1944.

Tijdens de wederopbouw zou Plein 1944 de nieuwe ontmoetingsplaats moeten worden. Bezoekers konden met de auto komen en deze op het plein parkeren. Rondom het plein waren uitgaangelegenheden gepland – naast Carolus zou ook Luxor (op de hoek van de Bloemerstraat en Doddendaal) en Centrum (Houtstraat) zich hier vestigen.

De bioscoop

Oorspronkelijk was er maar 1 zaal. Deze moest klasse en luxe uitstraling hebben, met bijvoorbeeld comfortabele stoelen. Met een goed beeld en geluid. Voor het beeld beschikte Carolus over het hypermoderne “Variform-systeem” en had het de beschikking over 4 projectoren.

Gevel

De bioscoop is gebouwd in “modernistische wederopbouwarchitectuur”.  Het eerste wat opvalt is de grote glazen gevel, met daartussen betonnen pijlers, welke zijn uitgewassen in Franse kalksteen. Aan beide kanten staat in een halfronde nis een vlaggenmast, waarop oranje-rode neon verlichting was gemonteerd. Het gebruik van moderne materialen als glas, beton, staal en aluminium is een van kenmerken van de modernistische wederopbouwarchitectuur. Ook de transparantie die daarmee wordt bereikt en de hoge vide is kenmerkend voor de bioscooparchitectuur van de jaren 50.

De gevel van het pand is bekleed met geglazuurde gres-tegels. (Gres is net als aardewerk en porselein gemaakt van klei en zit qua eigenschappen tussen beide in. Een bekend voorbeeld zijn de oude, oranje rioolbuizen). Dit moest de glamour van films nabootsen.

Onderaan de nissen waren vitrines met reclame. Op dat moment bestond de ingang uit 6 deuren met daartussen kolommen. De kaartverkoop was binnen.

Boven de ingang was een betonnen luifel en een lichtbak, waarop de films werden aangekondigd. Bovenop het gebouw stond de naam Carolus theater in blauw-gele neonletters. Hierbij had de C een kroontje bovenop, een verwijzing naar de keizer Karel de Grote oftewel Carolus Magnus. ’s Avonds viel de vele verlichting goed op. Daarbij had van Vreeswijk geprobeerd reclame samen te laten gaan met architectuur.

Binnen

Bioscoopzaal Carolus, 1960 (Nico Grijpink via F31813 RAN CC BY-SA)
Bioscoopzaal Carolus, 1960 (Nico Grijpink via F31813 RAN CC BY-SA)

Als de bezoeker binnenkomt, valt meteen de grootte van de foyer op: het was dan ook de bedoeling om de bezoeker te overweldigen. Een aantal kenmerken waren de rode vloerbedekking en de grote vitrines aan de zijkanten, waar filmposters en dergelijke hingen.

Het opvallende aan de zaal was het blauwgeverfde plafond met uitsparingen voor de verlichting in de vorm van sterren. Deze sterren waren naast basisverlichting een verwijzing naar de sterren op het doek. Ook tijdens de voorstelling bleef deze verlichting -zeer zwak- aan.

In het ontwerp was er veel aandacht voor de akoestiek: het plafond was in een zogenaamde “ojief” vorm, oftewel in de vorm van 2 gespiegelde, wat uitgerekte letters S. Ook de betimmering van de wanden met mahoniehout en de bedekking met gecapitonneerd kunststof doek versterkte de akoestiek.

Tijdens de bouw werd het Cinemanscope beeldformaat in Nederland geïntroduceerd. Daardoor moest de bouw van het doek aangepast worden van 6 bij 4,2 meter naar 10 bij 4,2 meter.

Kunstwerk

Een van de kenmerken van de wederopbouwarchitectuur is het samengaan van architectuur met kunst. De glaskunstenaar S. de Graaf heeft 3 gezandstrale glaspanelen voor deze bioscoop ontworpen: in de koepel van de foyer hing een spiegel met tekens van de dierenriem. Bij de ingangen van de zaal waren glaspanelen van de Valkhofburcht en Keizer Karel op jacht.

2e zaal

In 1977 kreeg de Carolus een tweede zaal, onder de grote zaal. Onder andere doordat steeds meer mensen televisie kregen, daalde het bioscoopbezoek vanaf halverwege de jaren ’60. Carolus koos ervoor om als reactie hierop een kleinere zaal bij te bouwen, voor 166 stoelen.

Verbouwing 1991

In 1991 vond een maandenlange verbouwing plaats. Van buiten werd de voorgevel verbouwd. Onder andere kwam in de plaats van de middelste dubbele toegangsdeur een venster. Daarnaast werd de luifel en de lichtreclame boven de entree aangepast en de naam Carolus  op de dakrand werd vernieuwd.

Ook van binnen vond een grote verandering plaats, zowel qua inrichting als aankleding. Waaaronder een compleet nieuwe kassa en een vergrootte bar. De glaskunstwerken zijn verwijderd; alle verwijzingen naar Carolus Magnus zijn verdwenen.

Henri van Vreeswijk

Henri van Vreeswijk (Rotterdam, 30 mei 1906 – Zeist, 21 december 1974) was een Nederlandse architect.

Zijn vader was Adrianus Ægidius Samuel van Vreeswijk, timmerman en bouwkundig tekenaar in Rotterdam, zijn moeder Ottolina Gerarda Pannekoek. Hij studeerde bouwkunde aan Technische Universiteit Delft, waar hij in 1928 zijn diploma haalde. In 1929 vestigde hij zich als architect in Voorburg. In 1931 trouwde hij met Jenny Lowis (overleden 1 april 1983). Zij kregen 1 dochter.

Loopbaan

Zijn eerste grote opdracht was de verbouwing van het Rembrandttheater in Utrecht (opgeleverd in 1933). Daarbij verbreedde hij de zaal van 12 naar 21 meter. Dit was vooral een technisch vraagstuk, waar van Vreeswijk goed in was. Ook besteedde hij veel aandacht aan de akoestiek. De recensent van Architectura was minder blij met de gevel: “De gevel aan de Oude Gracht blijft ver achter bij de sfeer van het interieur. Hij mist bepaald de kwaliteiten daarvan, doet nuchter aan en misstaat totaal in het stadsbeeld, dat er daar aan de Oude Gracht rondom de brug werkelijk vreeselijk begint uit te zien.”.

Hij zal vooral bekend worden om zijn werk als akoestisch adviseur en als architect voor de bouw en verbouw van bioscopen en theaters. Wanneer van Vreeswijk de Carolus ontwerpt, heeft hij daarvoor al meerdere bioscopen gebouwd en verbouwd. Daarnaast ontwierp hij tevens huizen. In 1939 werd hij partner met J. en Th.F. Stuivinga. Hij verhuisde naar Zeist, waar het bureau was gevestigd.

Intussen was hij in 1938 donateur van de NSB geworden, waarvan hij in 1940 officieel lid zou worden. Mede daardoor werd hij in 1943 benoemd tot directeur van de Provinciale Planologische Dienst in Utrecht. Na de oorlog werd in 1945 ontslagen en zat hij 3 jaar vast. Na zijn vrijlating vestigde hij zich als raadgevend ingenieur voor gewapend betonwerken en akoestische vraagstukken in Zeist. Daarop kreeg hij weer grote opdrachten, waaronder die van Nijmegen en in Amsterdam in de Westelijke Tuinsteden.

Werk

Uit de jaren 1930 tot en met de jaren 1950 zijn diverse (ver)bouwplannen van Van Vreeswijk bekend voor Nederlandse bioscopen en theaters. Daartoe behoren:

•              Rembrandt (Utrecht, ca. 1933)

•              een tweede Cineac-theater te Den Haag (ca. 1937)

•              Cineac (Damrak, Amsterdam, ca. 1937)

•              Capitol te Amsterdam (ca. 1937)

•              de Spoorbio (Utrecht, ca. 1942)

•              Bioscoop Carolus (Nijmegen, ca. 1953).

•              Calypso-theater (Amsterdam, 1955)

•              Kurhaus-theater (Scheveningen, 1959)

•              Bioscoop Cinema (Groningen, 1959): : een vrijwel identiek beeld als de Carolus bioscoop van Nijmegen

Vervolg

voormalige Carolus bioscoop, oktober 2023
Voormalige Carolus bioscoop, oktober 2023

Ook na 1991 vonden een aantal moderniseringen plaats.

In 2017 is er sprake om het Calypso theater aan de Tweede Walstraat te verbouwen naar een groot bioscoopcomplex door het Vue-concern. Het Vue-concern is naast het Calypso theater tevens eigenaar van de Carolus bioscoop. De gemeente gaat akkoord, op voorwaarde dat de Carolus bioscoop sluit, om te voorkomen dat er te veel bioscoopstoelen in Nijmegen komen.

De Carolus bioscoop sterft uiteindelijk een vrij stille dood. Allereerst zijn er de corona-jaren, waardoor er anderhalf jaar geen films te zien waren. Daarna heeft het Vue-concern vooral aandacht voor het nieuwe complex, welke in2021 is geopend. Het definitieve einde is eind juli 2022, wanneer het huurcontract afloopt.

Gekraakt en klimhal?

Rond april/mei 2024 is de voormalige bioscoop gekraakt door krakersgroep Jantien. De nieuwste ontwikkeling op het moment van schrijven (juni 2025) zijn de plannen voor aanleg van een boulderbaan (klimhal)

Bron: https://www.rn7.nl/nieuws/artikel/krakersgroep-nijmeegs-jantien-starten-boycot-tegen-klimhal-in-oude-bioscoop-onze-vrije-ruimte-wordt-een-geldmachine

Monument

Het gebouw is een gemeentelijk monument. Als waardering:

“Bioscoop ‘Carolus’ is van algemeen cultuurhistorisch belang als bijzondere uitdrukking van de

herrijzenis van het commerciële hart van Nijmegen na de verwoestingen aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. Meer specifiek is het een uitdrukking van de vroeg naoorlogse vrijetijdsbesteding waarin de filmwereld (bij gebrek aan televisie) sterk tot de verbeelding sprak.

Kenmerkend voor de typologische ontwikkeling van de bioscoop is de afstemming van de architectuur op de beleving van de bezoekers: glanzende materialen, kleurrijke verlichting en een moderne uitstraling met frisse kleuren maakt het bioscoopbezoek tot een feestelijke aangelegenheid. De interieurafwerking van de bioscoop is in de loop der jaren gemoderniseerd. De niet-oorspronkelijke elementen vallen buiten de bescherming.

Het gebouw is van architectuurhistorische waarde als goed en redelijk gaaf voorbeeld van modernistische wederopbouwarchitectuur in Nijmegen. De transparante en hoge hal en het materiaalgebruik zorgen voor een theatraal effect dat kenmerkend is voor de bioscooparchitectuur uit de jaren vijftig. Vooral ’s avonds trekken de kleurrijke lichtreclames langs de gevel en op het dak van ver de aandacht. Binnen is de ruimtelijke indeling gewijzigd maar in hoofdopzet herkenbaar. In de grote zaal is het het gewelfde plafond met ‘sterrenhemel’ bewaard gebleven. Het pand is een representatief voorbeeld van architect H. van Vreeswijk uit Zeist die ook elders in het land bioscopen heeft gebouwd.

De voorbouw van de bioscoop is van stedenbouwkundig belang als beeldbepalend onderdeel van een aaneengesloten vroeg-naoorlogse pleinwand. Als onderdeel van drie (voormalige) bioscopen uit de wederopbouwperiode rond Plein 1944 vormt het een bijzondere uitdrukking van de toenmalige idee om van dit plein hét vermaakcentrum van Nijmegen te maken. De (neon)reclames vervullen een cruciale rol in de visuele beleving van het plein. Het gebouw is bovendien een essentieel onderdeel van een aaneengesloten en op samenhangende wijze tot stand gekomen wederopbouwensemble dat als beschermd stadsbeeld van grote cultuurhistorische waarde is als belangrijk en hoopvol ijkmoment in de Nijmeegse stadsgeschiedenis.”

Krantenartikel PGNC

Eind december 1953 plaatst het PGNC een uitgebreid artikel over de nieuwe bioscoop naar aanleiding van het pannenbier:

Nieuwe bioscoop op het Plein 1944 vermoedelijk in April afgebouwd; Opening kort daarna

Vandaag waait de vlag op het dak van de bioscoop, welke op Plein 1944 in aanbouw is en er wordt pannenbier gedronken op het werk. Naar alle waarschijnlijkheid, wind en weder dienende, zal het Bouwsyndicaat Nederland te Den Haag, de aannemer die deze cinema bouwt, het werk in de loop van de maand April a.s. kunnen opleveren, waarna dan binnen een termijn van een week de opening kan volgen. De nieuwe bioscoop zal zeshonderd plaatsen tellen; het wordt een min of meer luxueus theater, met ruime zetels. De architect Ir. H. van Vreeswijk, die meerdere bioscopen heeft gebouwd in ons land, heeft gestreefd naar een knus, gezellig theater, met warmte en behagelijkheid.

De Nederlandse Bioscoop Trust is de eigenaar van deze nieuwe bioscoop op Plein 1944, welke het vroeger Chicago theater in de Broerstraat zal vervangen. Het staat nog niet vast welke naam de bioscoop zal krijgen, – dit zal van de exploitant afhangen. Het is namelijk zo dat de Ned. Bioscoop Trust, die ook eigenaar is van drie bioscopen in Den Haag, een in Utrecht en een in Groningen, niet zelf de exploitatie verzorgt. Het staat evenwel vast dat de oude naam “Chicago theater” niet zal terugkeren, evenmin als dit met de naam van “Olympia Bioscoop” het geval zal zijn. Er wordt druk gewerkt aan de plannen voor de voorbereiding van deze tweede bioscoop, zonder dat deze al een definitieve vorm hebben aangenomen. Binnenkort zal ook hierin een beslissing komen.

Wat de apparatuur betreft, kan van de nieuwste vindingen in de bioscoop op Plein 1944 worden gebruik gemaakt. Met de inrichting van de cabine, zowel als met het scherm, is daar rekening mee gehouden. Maar bovendien zal men de traditionele film kunnen draaien; het ligt in de bedoeling om bij de opening niet de drie-dimensionele film, maar de gebruikelijke film te vertonen.

Ook wat het geluid aangaat is er in voorzien dat de nieuwste vinding, indien dit wenselijk is, in praktijk kunnen worden gebracht.

De gevel

De rondingen die men aan de gevel ziet aangebracht, zullen worden betegeld door de Porseleinen Fles, Beneden kom een grote vitrine voor de filmreclame; daarop komt in elk van de rondingen een vlaggestok. Aan de binnenkant van deze vlaggestok wordt een neonbuis aangebracht voor de verlichting van de gevel.

Komt men van buiten het bioscoopgebouw binnen, dan komt men via een parterre in een hall terecht, waarna men in een wachthall komt. Hier is ruimte voor een gehele zaalbezetting, die wil wachten op de volgende voorstelling.

De bezoeker komt via een centraal punt de zaal binnen om zich vandaar naar de plaatsen te begeven. De uitgangen zijn aan de zijde van de Piersonstraat, waar ook en gelegenheid zal komen voor fietsenstalling. De zaal van de bioscoop wordt 20 meter breed en 25 meter lang; de voorhall krijgt een afmeting van 12½ bij 10 meter.

Door de lichtwerking van het plafond zal de lengtewerking van de zaal worden versterkt.

Het ligt in de bedoeling om zowel middagvoorstellingen als twee avondvoorstellingen te geven in de nieuwe bioscoop, die uitsluitend als zodanig zal worden ingericht. Bij bijzondere gelegenheden zullen ook cineac-voorstellingen worden gegeven.

De heren D. Siem Sr. En Mr. D. Schuur van de Nederlandse Bioscoop Trust, die vanmorgen bij het “pannenbier”-feest aanwezig waren, zijn zeer te spreken over de wijze waarop de nieuwe bioscoop wordt gebouwd en over de voortgang van de werkzaamheden.” (De Gelderlander 17/12/1953)

Bronnen en verder lezen

Carolus, Wikipedia

Iconische Nijmeegse bioscoop Carolus definitief dicht, megapand verandert in horecazaak, Mitchel Suijkerbuijk in De Stentor, 30-7-22 (link april 2024)

https://www.destentor.nl/nijmegen/iconische-nijmeegse-bioscoop-carolus-definitief-dicht-megapand-verandert-in-horecazaak~a9f61cab/

Concurrentiestrijd om bioscoopstoelen in Nijmegen, De Ondernemer, 3 maart 2017 (link april 2024)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Steengoed

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ojief

Een overzicht van de Spoorbrug, juni 1984 (Rijksdienst voor Monumentenzorg via F56735 RAN CC0)
#Nijmegen, Kunstwerken

Spoorbrug

Een overzicht van de Spoorbrug, juni 1984 (Rijksdienst voor Monumentenzorg via F56735 RAN CC0)
Een overzicht van de Spoorbrug, juni 1984 (Rijksdienst voor Monumentenzorg via F56735 RAN CC0)

Nijmegen kreeg haar eerste moderne brug met de spoorbrug uit 1879. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte deze zwaar beschadigd. In 1983 vond een belangrijke aanpassing plaats: de spoorbrug kreeg 1 boog:de pijlers voor de bogen in de Waal waren een te groot gevaar voor de scheepvaart geworden. In 2004 kwam de voetgangers-/fietsersbrug de Snelbinder.

Sinds 1879 loopt er een spoorbrug over de Waal. Daarmee was het de eerste moderne brug tussen Nijmegen en Over-Betuwe; de Waalbrug stamt uit 1936. De bouw daarvan vond plaats tussen 1876 en 1878, waarbij deze brug bestond uit 3 bogen.

Eerste boog van de spoorbrug in aanbouw, 1875, dr. Jan Brinkhoff via D740 RAN CC0)
Eerste boog van de spoorbrug in aanbouw, 1875, dr. Jan Brinkhoff via D740 RAN CC0)

Het landhoofd van deze brug doet denken aan een middeleeuwse poort met 2 torentjes en is ontworpen door Pierre Cuypers. Deze torentjes dienden tevens als verdediging van de brug.

Dit is overigens niet de eerste brug tussen Nijmegen en de overkant: de Romeinen hadden in de buurt van deze locatie al een brug gebouwd.

Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)
De spoorbrug met 3 bogen en op de voorgrond het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens, 1885 (F56819 RAN)

Oorlog

Tijdens de oorlog raakte de brug een aantal keren beschadigd.

Op 10 mei 1940 blies de Nederlandse genie de middelste boog op, om de opmars van de Duitsers te vertragen. Zie voor een foto onder andere F56710. Na een tijdelijk pontje was de brug op 12 november provisorisch hersteld en weer in gebruik genomen.

Op 28 september 1944 bliezen Duitse kikvorsmannen de middelste boog van de spoorbrug op (zie onder andere de foto F71826). Een deel van het landhoofd was intussen al door de Duitsers afgebroken, zodat op het landhoofd afweergeschut kon worden gezet.

In 1945 begonnen de herstelwerkzaamheden, waarbij een deel van het landhoofd is gesloopt.

De oude (vakwerk)spoorbrug over de Waal uit 1879 met de twee oorspronkelijke boogoverspanningen en het herstelde tijdelijke brugdeel in het midden. Links, het zuidelijk landhoofd van architect P.J.H. (Pierre) Cuypers (16/05/1827 - 03/03/1921) , 1947-1948 (Maatschappij Rembrandt via F91350 RAN)
De oude (vakwerk)spoorbrug over de Waal uit 1879 met de twee oorspronkelijke boogoverspanningen en het herstelde tijdelijke brugdeel in het midden. Links, het zuidelijk landhoofd van architect P.J.H. (Pierre) Cuypers (16/05/1827 – 03/03/1921) , 1947-1948 (Maatschappij Rembrandt via F91350 RAN)

1983: 1 pijler

Bouw/modernisering van de spoorbrug. Vervanging van twee van de drie segmenten van de oude brug door een boog van 235 meter. Invaren van de nieuwe brug. De derde overspanning aan Lentse zijde zal, volgens draaiboek van de NS, in de tweede helft van 1984 vervangen worden door een uit drie delen bestaande betonnen aanloop, 8-5-1983 (J.J. van Ewijk via F88183 RAN CC0)
Bouw/modernisering van de spoorbrug. Vervanging van twee van de drie segmenten van de oude brug door een boog van 235 meter. Invaren van de nieuwe brug. De derde overspanning aan Lentse zijde zal, volgens draaiboek van de NS, in de tweede helft van 1984 vervangen worden door een uit drie delen bestaande betonnen aanloop, 8-5-1983 (J.J. van Ewijk via F88183 RAN CC0)

Sinds 1983 bestaat de brug uit 1 boog: de pijlers voor de bogen in de Waal waren een te groot gevaar voor de scheepvaart geworden.

Aanvankelijk was het plan om het landhoofd te slopen; deze kreeg echter de status van rijksmonument “van belang uit een oogpunt van architectuurgeschiedenis als overblijfsel van een destijds zowel nationaal als internationaal opvallend landhoofd, van belang als een van de laatst overgebleven landhoofden in Nederland en van belang uit een oogpunt van de (technische en architectonische) geschiedenis van de Nederlandse Spoorwegen.”

Herstel

Een van de herstelde wachters op het landhoofd van de spoorbrug van Nijmegen. Ze staan omgekeerd ten opzichte van de oorspronkelijke situatie
Een van de herstelde wachters op het landhoofd van de spoorbrug van Nijmegen. Ze staan omgekeerd ten opzichte van de oorspronkelijke situatie

Sinds 2009 is de laatste hand gelegd aan het herstel: hierbij zijn de torentjes van het landhoofd opnieuw gebouwd, nog steeds is aan de kleur van de stenen te zien waar de nieuwbouw heeft plaatsgevonden. Deze herbouw maakt tevens deel uit van het plan om de oude poorten van de stad weer zichtbaar te maken; dit is ook de reden geweest om de poort bij het Hertogplein weer zichtbaar te maken.

Ook het beeld van de ridder met een windvaan bovenop de toren is opnieuw gebouwd. Hierbij is er echter 1 verschil: oorspronkelijk stonden de beelden als echte bewakers naar de rivier toe.

In een van de pijlers had de kunstenaar Theo Elferink (1923) jarenlang zijn atelier.

Snelbinder

Aan de spoorbrug hangt een tweede brug: de Snelbinder. Dit is een fietsbrug die in 2004 geplaatst is, vooral vanwege de verbinding tussen de stad en de Waalsprong.

Rondleidingen in het landhoofd

Tegenwoordig is het mogelijk om een rondleiding in het landhoofd te krijgen.

Elke zondag: 11:00u ; 12:00u ; 13:00u ; 14:00u ; 15:00u ; 16:00u
In de maanden januari, februari, november en december is dit: 12:00u ; 13:00u ; 14:00u ; 15:00u;

Bron: de eigen website van Het Landhoofd (link en gegevens overgenomen op april 2024), met bovendien veel meer informatie en mogelijkheid tot reserveren.

Spoorbrug Nijmegen bij zonsondergang met de Oversteek op de achtergrond
Spoorbrug Nijmegen bij zonsondergang met de Oversteek op de achtergrond

(Overige) Bronnen en verder lezen

Dit panorama op de stad ziet de reiziger vanuit de richting Arnhem. De St. Stevenskerk en de St. Augustinuskerk torenen boven de huizen uit. Links de Nieuwe Markt, in het midden de Lange Hezelstraat en rechts de Parkweg; de tram draait de Kronenburgersingel op richting station, 2/1923 (Uit Katholiek Illustratie via F9308 RAN)
Dit panorama op de stad ziet de reiziger vanuit de richting Arnhem. De St. Stevenskerk en de St. Augustinuskerk torenen boven de huizen uit. Links de Nieuwe Markt, in het midden de Lange Hezelstraat en rechts de Parkweg; de tram draait de Kronenburgersingel op richting station, 2/1923
(Uit Katholiek Illustratie via F9308 RAN)

Spoorbrug Nijmegen, wikipedia (link april 2024)

Snelbinder, wikipedia (link april 2024)

Spoorcat, Noviomagus (link april 2024)

Tussen wal en schip, Het moeizame brugverleden van Nijmegen, Paul van der Heijden in De Blik, Noviomagus (link april 2024)

http://rijksmonumenten.nl/monument/333577/landhoofd+spoorbrug/nijmegen/

Monumentaal landhoofd gereconstrueerd, Architectenweb, 7 juli 2009 (link april 2024)

Nieuw landhoofd spoorbrug opgeleverd, Henk Baron, 5 juli 2009 (link april 2024)

http://www.henkbaron.nl/website/voorgaand-nieuws-mainmenu-43/2410-nieuw-landhoofd-spoorbrug-opgeleverd

Restauratie Landhoofd Spoorbrug Nijmegen, Industrieel Erfgoed (link naar artikel werkt niet meer, april 2024)

Start renovatie bruggenhoofd, Omroep Gelderland (link werkt niet meer, april 2024)

6912, NAI (link werk niet meer, april 2024)

Een leuk stuk over de gevechten bij de spoorbrug bij Market Garden: http://www.strijdbewijs.nl/market-garden/nijmegen.htm

Een stuk over de uitleg van een landhoofd: http://www.joostdevree.nl/shtmls/landhoofd.shtml

Trappen Snelbinder bij avond (januari 2026)
Trappen Snelbinder bij avond (januari 2026)
De Schommel, Henk Visch op de Raadhuishof
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

De Schommel, Henk Visch

2000, Raadhuishof

De Schommel, Henk Visch op de Raadhuishof
De Schommel, Henk Visch op het Raadhuishof

Bij het bombardement van 22 februari 1944 raakte een voltreffer de kleuterschool “Saint-Louis”. 24 kinderen en 8 zusters kwamen om. De Schommel van kunstenaar Henk Visch herinnert aan deze trieste gebeurtenis.

De Schommel Henk Visch

Deze 4 meter hoge schommel is een monument dat herinnert aan het bombardement van Nijmegen op 22 februari 1944, waarbij 763 mensen omkwamen. Op deze plek stond een Montessori-kleuterschool “Saint-Louis”. Deze was van de Sociëteit J.M.J. (Jezus, Maria, Jozef) en lag aan de Oude Stadsgracht. 24 kinderen en 8 zusters kwamen daarbij om het leven. Waar het monument en de kastanjes staan, was de speelplaats van de school. De kastanjes staan er nu als een soort stille getuigen.

Het monument

Minister Piet-Hein Donner van Sociale Zaken neemt een ogenblik stilte in acht bij het monument De Schommel tijdens de 65e herdenking van het bombardement door de Amerikaanse luchtmacht, 22/2/2009 (Leo Ijsvelt via F22816 RAN CCBYSA)
Minister Piet-Hein Donner van Sociale Zaken neemt een ogenblik stilte in acht bij het monument De Schommel tijdens de 65e herdenking van het bombardement door de Amerikaanse luchtmacht, 22/2/2009 (Leo Ijsvelt via F22816 RAN CCBYSA)

De schommel is een symbool dat aan de (onschuld van de) jeugd doet denken, wat herinnert aan de 24 kleuters die overleden zijn. De schommel staat op een eiland met daar omheen een hek: de wereld van de jeugd is geïsoleerd van de wereld van volwassenen (die van de toeschouwer), de kindertijd verdwijnt. Daarbij beeldt de schommel traagheid uit: de traagheid, het stilstaan daarvan staat steeds verder af van de speelse wereld van een kind.

Herinnering aan de jeugd

Op de eigen website van Henk Visch: ““De Schommel” is in eerste instantie de herinnering aan de jeugd. Door het beeld van de schommel te isoleren, d.m.v. hek en eiland, en het zodoende als voorwerp te presenteren aan de volwassene, dringt zich het besef op dat de tijd van het spel en het onbekommerde spelen voorbij is. De wereld van de volwassene is een radicaal andere dan die van het kind; daarom is de terugblik op de wereld van het kind, een terugblik op iets dat voorbij is. De schommel beweegt langzaam.

Er is een traagheid, er is zelfs gedwongen stilstand op dit eiland, in deze ijzeren wereld die duidelijk van de volwassene is en die door de noodzaak vooruit te kijken, steeds verder los raakt van de wereld van het kind. Zo verdwijnt de lichtheid van dit teken van de kindertijd langzaam maar zeker en net zo langzaam maar zeker groeit het gewicht van de herinnering.”

Tekstplaat en Drieluik

Een tekstplaat vertelt de geschiedenis van het monument. In de gang die toegang geeft tot het Stadhuis staat een drieluik met foto’s van de omgekomen kinderen. Bezoek naast dit drieluik ook de panelen van de overledenen aan de Emaushof (het “gangetje” langs het gemeentehuis)

Emaushof: Panelen van Overledenen Bombardement 1944

Sinds september 2019 staan op 10 panelen de 800 mensen die gestorven zijn bij het bombardement van 22 februari 1944. Waar mogelijk is een portretfoto van de overledene, met daarbij de naam, geboorte- en overlijdensdatum.

Beelden van de school zijn te vinden op de site Oorlogsdoden Nijmegen 1940-1945. Daarnaast staat een lijst opgenomen van alle oorlogsslachtoffers van het bombardement.

M.U.L.O. en de Kleuterschool

Lees hier meer over de M.U.L.O. en de Kleuterschool:

Bronnen en verder lezen:

4en5mei.nl: De Schommel

Wikipedia: De Schommel

Huis van de Nijmeegse Geschiedenis: Monument de Schommel

De Schommel, Henk Visch op de Raadhuishof

Laat hier je bericht achter

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Lees ook:

Emaushof: Panelen van Overledenen Bombardement 1944

Sinds september 2019 staan op 10 panelen de 800 mensen die gestorven zijn bij het bombardement van 22 februari 1944. Waar mogelijk is een portretfoto van de overledene, met daarbij de naam, geboorte- en overlijdensdatum.

Burchtstraat

De Burchtstraat is al eeuwenlang een van de belangrijkste straten van Nijmegen. Eeuwenlang was deze van belang doordat het de…

Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024) Guiseppe Roverso
#Nijmegen, Centrum, Grote Markt, Kunstwerken

Afsluitpaal Vijfringengas: Betekenis en Geschiedenis

Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024) Guiseppe Roverso
Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024)

In 1974 werd een van de afsluitpalen geplaatst in de Vijfringengas, een smal paadje tussen de Grote Markt en de Korenmarkt. het beeld is gemaakt door Guiseppe Roverso. Met zijn 5 ringen en duivelskoppen is het een opvallend paal. Het verwijst zowel naar een huis als naar Mariken van Nieumeghen.

Vijf ringen

Rond 1700 werd de gas vernoemd naar een van de huizen die hieraan stond: “De vijf gulden ringen”, op de hoek van de Vijfringengas en de Grote Markt.

Duivelskoppen

Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)
Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)

De duivelskoppen verwijzen naar Mariken van Nieumeghen.

Zoals Dorsoduro opmerkt: “Maar in die vertelling krijgt Mariken na tot inkeer te zijn gekomen slechts drie ringen om hals en armen gelegd als straf.

Guiseppe Roverso

Restauratie St. Stevenskerk: de Italiaanse beeldhouwer Giuseppe Roverso (11 augustus 1900 - 1 juli 1977), januari 1968 (F39277 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)
Restauratie St. Stevenskerk: de Italiaanse beeldhouwer Giuseppe Roverso (11 augustus 1900 – 1 juli 1977), januari 1968 (F39277 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)

Giuseppe Roverso (Chiampo, 11 augustus 1900 – Nijmegen, 1 juli 1977) was een Italiaans beeldhouwer en monumentaal kunstenaar.

Hij volgde rond 1928 zijn opleiding aan Scuola Superiore d’Arte Applicata Milano. Zijn vrouw was de dochter van een Nederlandse boer die zich in Frankrijk had gevestigd. In 1965 werd hij genaturaliseerd tot Nederlander. Hij heeft in ieder geval op Semmelinkstraat 48 gewoond.

Roverso werkte onder andere mee aan de lantaarnconsoles in de Utrechtse Binnenstad. Hij was in de jaren als beeldhouwer betrokken bij restauraties: de wederopbouw van de Sint-Stevenskerk in Nijmegen, de kloostergang van de Domkerk in Utrecht en het Duivelshuis in Arnhem.

Werken van Guiseppe Roverso

  • Acht lantaarnconsoles in Utrecht
  • Gevelbeelden van vier kerkvaders en de twaalf apostelen, en een reliëf van het wapen van Nijmegen, 1961-1962, voor de Latijnse school, Sint Stevenskerkhof, daarnaast Wapenreliëfs, 1965
  • Medaillons en gevelbeelden met Maximiliaan van Oostenrijk, Filips de Schone, Karel V, Karel van Gelre, Maarten van Rossum en Willem van Kleef, en een beeld van een lansknecht (1965-1967), Walburgstraat, op het Duivelshuis in Arnhem
  • Beeld van Stefanus in de Sint-Stevenskerk, Nijmegen
  • Leeuw, 1971 aan de kerkboog, Grote Marktzijde, Nijmegen
  • Replica wapensteen van kasteel Hernen, 1971/1972, Kasteel Hernen
  • Beeld ‘De vier seizoenen‘ (1974) bij wooncentrum de Meiberg, Nijmegen
Het seniorenflatgebouw De Meiberg (Meijhorst 71ste t/m 73ste straat) ; links het beeld De Vier seizoenen , gemaakt door Giuseppe Roverso, 1992 (Toon Opsteegh via F6092 RAN CCBYSA)
Het seniorenflatgebouw De Meiberg (Meijhorst 71ste t/m 73ste straat) ; links het beeld De Vier seizoenen , gemaakt door Giuseppe Roverso, 1992 (Toon Opsteegh via F6092 RAN CCBYSA)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.noviomagus.nl/vrijkun10.htm

https://nl.wikipedia.org/wiki/Giuseppe_Roverso

Kunst op Straat

Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)

Laat hier je bericht achter

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Lees ook:

Grote Markt

Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Grote Markt zijn verschenen. Eerst echter een korte geschiedenis. Beide zullen van…

Korenmarkt

Waar vroeger parkeerplaatsen waren, is het tegenwoordig in de zomermaanden gezellig picknicken op de Korenmarkt. Het was een van de…

De voormalige school de Klokkenberg, 1969 (Evert F. van der Grinten via F78890 RAN)
#Nijmegen, Benedenstad, Gebouw van de dag, Groen in Nijmegen

De Klokkenberg: de Normaalschool en haar groen

De voormalige school de Klokkenberg, 1969 (Evert F. van der Grinten via F78890 RAN)
De voormalige school de Klokkenberg, 1969 (Evert F. van der Grinten via F78890 RAN)

Op de Klokkenberg werd in 1844 een lagere school geopend, met daarbij de eerste Christelijke Normaalschool (voorloper van de lerarenopleiding). De straat bestaat pas sinds de jaren 80, toen het complex van de Klokkenberg werd gesloopt en er woningen voor in de plaats kwamen.

Herkomst naam Klokkenberg

De herkomst van den naam de Klokkenberg is niet geheel zeker. “”De Clockenberg was reeds bekend in 1420. Op P. 1572 is de ‘berg’ nog een open terrein met tuinen. In de 17e eeuw was die ruimte echter reeds voor een groot deel bebouwd.” (Teunissen 1933, zoals aangehaald in Straatnamenregister van Rob Essers (tevens bron van deze paragraaf)).

Een verklaring is hier de stadsklok heeft gestaan, totdat deze in 1310 werd overgebracht naar de St.-Stevenskerk.

Het gezicht op de Ottengas, vanuit de kruising met de Muchterstraat , met (links) de keermuur van De Klokkenberg, gezien in de richting van de rivier de Waal, een schilderij gemaakt door Hendrik Johannes (Jan Hendrik) Weissenbruch (30 november 1824 - 14 maart 1903), 1850 (Gemeentemuseum Nijmegen via F46474 RAN)
Het gezicht op de Ottengas, vanuit de kruising met de Muchterstraat , met (links) de keermuur van De Klokkenberg, gezien in de richting van de rivier de Waal, een schilderij gemaakt door Hendrik Johannes (Jan Hendrik) Weissenbruch (30 november 1824 – 14 maart 1903), 1850 (Gemeentemuseum Nijmegen via F46474 RAN)

Vooraf: Openbare en Bijzondere scholen

Vanaf het uitroepen van de Bataafse Republiek in 1795 zou er een scheiding tussen kerk en staat blijven. Dit kwam ook tot uiting in het onderwijs: de overheid steunde openbare scholen, waar kinderen van alle gezindten les kregen. Daarnaast waren er bijzondere scholen: scholen opgericht door kerken, weeshuizen en verenigingen, of opgericht vanwege commerciële doeleinden.

De eerste groep van bijzondere scholen werden opgericht, zodat kinderen het juiste godsdienstonderwijs zouden krijgen. De Nijmeegse advocaat Van der Brugghen stichtte de eerste protestants christelijke lagere school: de Klokkenberg.

In de Muchterstraat werd een gebouw gekocht, welke na verbouwing tot school diende. Al gauw had deze school 150 leerlingen. In 1849 werd bovendien de Normaalschool geopend (tegenwoordig zou het een Pedagogische Academie heten)

Bron: https://openmonumentendagnijmegen.nl/wp-content/uploads/2020/08/Scholentocht-def.pdf

Christelijke school en Normaalschool

Bij het 40-jarig jubileum schrijft het PGNC:

“Den 6. Mei 1844 werd alhier door de heeren Mr. J.J.L. Van der Brugghen (later Minister van justitie), W. baron Van Lijnden, J. baron Mackaij en Ds. E. Zubli, Waalsch predikant, de christelijke school op den “Klokkenberg” gesticht, waaraan twee jaar later de normaalscool voor christelijke onderwijzers werd verbonden, welke scholen de eerste van dien aard in ons land waren. Gisteren werd het 40jarig bestaan daarvan feestelijk herdacht. Daartoe waren des voormiddags in de concertzaal van de societeit Harmonie alhier het bestuur, kweekelingen, oudleerlingen, leerlingen en verdere belangstellenden bijeen gekomen. De zaal was keurig gedrapeerd, terwijl de beeltenissen van wijlen Mr. J.J.L. Van der Brugghen, W. baron Van Lijnden en van den eersten onderwijzer der school, den heer Gerretsen, tusschen groen en bloemen op de estrade waren opgehangen. Door de heeren Ds. J.A. Stoop, Waalsch predikant alhier, A.L. Gerretsen, hoofd, en C. van Noppen, eerste onderwijzer dier school, alsmede Ds. Moulijn, hervormd predikant alhier, werd het woord gevoerd, die het ontstaan der school en haren invloed schetsen, afgewisseld door het gezang van toepasselijke liederen door de kinderen en leerlingen van de beide vereenigde scholen.

’s Namiddags namen aan een gastmaal 40 personen deel, terwijl ’s avonds aan de verdere festiviteit ruim 300 personen deelnamen. Van de gebouwen op de Oude Stadsgracht en op den “Klokkenberg”, behoorende tot deze school, wapperde de vaderlandsche driekleur met den Oranjewimpel.” (PGNC 8/5/1884)

De Kweekschool Klokkenberg op de Klokkenberg architect Michielsen

1887 Klokkenberg Bij de opening 6 Mei schrijft het PGNC: “… De Christelijke normaalschool werd in 1846 in het vorige gebouw op den Klokkenberg geopend, terwijl met den bouw van de nieuwe school, naar de plannen van den heer J.W. Michielsen alhier, in 1886 werd begonnen door den aannemer, den heer Buskens. Voor den fraaien…

Het jaarverslag over 1904:

De Klokkenberg.

Het 55e verslag van de Chr. Normaalschool “De Klokkenberg” is verschenen, dit jaar, ten gevolge van ziekte, later dan gewoonlijk. De school, destijds gesticht door Van der Brugghen en door Beets tot aan zijn dood meegedragen en gesteund, blijft onafgebroken aanspraak maken op de belangstelling van velen. In de lange lijst van meer dan 400 mannen die aan deze inrichting worden opgeleid, treft men tal van namen aan, die in ons een goeden klank hebben, o.a. dr. Raabe, dr. Mansvelt (oud-superintendent van onderwijs in Z. Afr.). de heeren H. Lauer. H. v. Eck, oud-directeur van het telegraafkantoor te Amsterdam. Ook tengevolge van zeer aanzienlijke uitbreiding der gebouwen is de financieele toestand niet van dien aard, dat steun overbodig zou zijn. De directie der school bestaat uit de heeren prof. dr. J.H. Gunning, oud-hoogleraar; ds. A. Pijnacker Hordijk, jhr. mr. C.C.G. de Pesters, M. Crommelin, prof. dr. P.D. Chantepie de la Saussaye, ds. J.D. Looijen. ” (PGNC 20/9/1904)

Nieuwbouw

Na afbraak van de school kwam op deze plaats nieuwbouwwoningen. Een mooie foto uit 1985 is te zien op F62196 RAN.

Groen

Bij het wandelen door de Benedenstad loop ik graag door de Klokkenberg. Het is fantastisch om te zien hoe de bewoners hun oorspronkelijke stenige omgeving groen hebben gemaakt.

De voormalige school de Klokkenberg, 1969 (Evert F. van der Grinten via F78890 RAN)

Laat hier je bericht achter

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Lees ook:

St. Anthoniusplaats

Dit prachtige stukje Nijmegen ligt wat verscholen, met de Ridderstraat als de enige ingang. Met de Ottengas is het een…

Bat-Ouwe-Zate/Kasteel Hallo

In 1858/1859 laat Franciscus Johannes (Frans) Hallo Bat-Ouwe-Zate bouwen, welke al binnen 7 maanden gereed is. In de volksmond krijgt het al gauw de naam “Kasteel Hallo”. Hij zal er zelf maar een korte periode wonen. Het kasteel werd vervolgens vooral bekend door de geliefde “Zusters van Hallo”.

Winkelpand Gebrs. A. Canta Amsterdam Nijmegen aan de zuidzijde van de Grote Markt (op deze plek staat tegenwoordig het pand van Vroom & Dreesmann). Links de sigarenzaak van C. van Steensel op de hoek met de Broerstraat, 1900-1902 (F39266 RAN)
#Nijmegen, Broerstraat, Centrum, Gebouw van de dag, Grote Markt

Gebroeders Canta

Winkelpand Gebrs. A. Canta Amsterdam Nijmegen aan de zuidzijde van de Grote Markt (op deze plek staat tegenwoordig het pand van Vroom & Dreesmann). Links de sigarenzaak van C. van Steensel op de hoek met de Broerstraat, 1900-1902 (F39266 RAN)
Winkelpand Gebrs. A. Canta Amsterdam Nijmegen aan de zuidzijde van de Grote Markt (op deze plek staat tegenwoordig het pand, de vroegere Vroom & Dreesmann). Links de sigarenzaak van C. van Steensel op de hoek met de Broerstraat, 1900-1902 (F39266 RAN)

In 1888 openen de Gebroeders Canta hun winkel in schrijfwaren en galanteriën aan de Grote Markt.

Op 6-8-1888 richten Arnoldus Hendricus en Antonius Wilhelmus Albertus Canta de vennootschap “Gebr. A. Canta” op, “tot het uitoefenen van den handel in Kantoor-, Schrijf en Teekenbehoeften”. Daarbij worden ze winkeliers, wonenende te Nijmegen genoemd. De acte wordt gepasseerd bij een notaris, A.C. van Wijngaarden, in Rotterdam. De vennootschap wordt opgericht per 1-8 met de deur van 5 jaar en 5 maanden – dus tot eind december 1893. (PGNC 8/8/1888) Op dat moment hebben ze al een winkel in Rotterdam.

Zij zullen dan het J.B. Möller, Magazijn van Schoenen en Laarzen hebben overgenomen. Möller had voor zijn opening in Nijmegen al winkels in Amsterdam en Arnhem (PGNC 31/5/1885). In De Gelderlander 25/3/1888 kondigt Möller de “Finale verkoop” aan en in De Gelderlander 10/6/1888 staat de advertentie dat de winkel op de Groote Markt 36 op 12 juni wordt gesloten. Daarbij wordt de winkel verplaatst naar “Broerstraat No. 5 bij de Groote Markt”, welke een dag later -13 juni- open gaat.

Opening Gebr. A. Canta: “blijken van vooruitgang”

Advertentie Gebroeders A. Canta (De Gelderlander 11/10/1888)
Advertentie Gebroeders A. Canta (De Gelderlander 11/10/1888)
Advertentie Gebr. Canta (PGNC 31/3/1889)
Advertentie Gebr. Canta (PGNC 31/3/1889)

Wanneer de Gebroeders Canta hun winkel in 1888 in Nijmegen openen, is er juist een aantal jaren daarvoor een grote verandering aan de gang: de opkomst van winkelstraten. Winkels worden groter en een aantal straten ( vooral Grote Markt, Broerstraat, Burchtstraat) die voorheen qua functie gemengd waren, worden echte winkelstraten.

“Hoewel menigeen het denkbeeld was toegedaan, dat onder de groote uitbreiding die onze stad in de laatste jaren onderging, de binnenstad zou moeten lijden en de waarde der huizen daar zeer zou verminderen, blijkt dit hoe langer hoe meer niet het geval te zijn. Integendeel met elken dag ziet me in de hoofdstraten blijken van vooruitgang. Ieder doet zijn best zijn bestaande inrichting te verbeteren of uit te breiden, terwijl telkens nieuwe magazijnen worden geopend, die aan de thans zoo hoog opgedreven eischen des tijds voldoen. Zoo werd weer gisterenavond op de Markt een nieuw magazijn geopend door de heeren Gebr. A. Canta, dat ruim voorzien is van kantoor-, schrijf- en teekenbehoeften, fantasie-papieren, lederwerken, luxe-artikelen, reis- en toiletbenoodigdheden, enz. enz. – Al deze voorwerpen zijn zoowel in de winkelkasten als in het magazijn zoodanig tentoongesteld, dat men spoedig een overzicht van het geheel krijgt en als het ware tot koopen wordt uitgelokt. Daar ook de prijzen niet te hoog zijn gesteld, zullen zekere de heeren Canta zich spoedig alhier, evenals te Rotterdam, in eene gevestigde cliënteele kunnen verheugen.” (PGNC 16/8/1888)

In haar artikel ten behoeve van Sinterklaas noemt PGNC 30/11/1890 “Talrijke eenvoudige, practische en sierlijke zaken zijn er uitgestald, ook op de bovenzaal, waar men een groote keuze fantasiemeubeltjes vindt.”

1891 “Passage-Magazijn”

“Wanneer eene stad vooruitgaat, zooals de onze, gebeurt het bijna zonder ophouden dat er een nieuw magazijn bij komt of dat een reeds bestaand wordt verfraaid en uitgebreid. Wij kunnen daarvan niet voortdurend melding maken, hoewel elke poging door onze neringdoende ingezetenen aangewend om de stad te verfraaien lof verdient. Voor de verbetering door de heeren Gebr. Canta aan hun Magazijn aangebracht mogen wij echter eene uitzondering maken, omdat die een eigenaardig karakter heeft. Dit Magazijn, tot heden toe alléén toegang hebbende aan de Markt, werd in verbinding gebracht met een tweede Magazijn aan de Broerstraat, waar een tweede ingang werd gemaakt en een ruime uitstalkast gelegenheid aanbiedt voor een fraaie etalage. Terecht mag daarom deze practische winkel voortaan den naam van “Passage-Magazijn” voeren.” (PGNC 1/9/1891).

In Paradisum spreekt tevens van een verbouwing in 1897: “De zaken lopen goed en dat resulteerde in een grote verbouwing en vergroting van de winkel annex magazijn. De heropening vond plaats op 27 juni 1897 en gelet op de grote belangstelling hebben de gebroeders Canta een nieuw bewijs geleverd van goede smaak en ondernemingsgeest.”

Vervolg

Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910: Een gedeelte van de zuidgevel van de Grote Markt : V.l.n.r. Grote Markt 1 (sigarenzaak C. van Steensel) , Grote Markt 2 (Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann) en Grote Markt 3 (C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen) ; links de hoek met de Broerstraat, 1910 (F14223 RAN)
Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910

Uit de acte van 16-12-1897 blijkt, dat de vennootschap alleen nog zal verblijven bij Antonius Wilhelmus Albertus. Wel is bij het opnemen van gelden of het verstrekken daarvan en het aangaan van borgtochten de handtekening van beide nodig.

Op 3-12-1900 wordt de vennootschap ontbonden, waarbij bepaald wordt dat Arnoldus Hendricus de zaak onder dezelfde naam zal voortzetten.

De exacte datum wanneer de winkel aan de Groote Markt (hernummerd van 36 naar nummer 2) door Vroom & Dreesmann gekocht wordt om als haar 2e winkel dienen, is nog niet bekend. Wel opent de Zon van Vroom & Dreesmann hier haar winkel in 1900, die dient als mantel- en stoffenzaak.

Ook wanneer de winkel aan de Broerstraat precies sluit is nog niet bekend, wel dat in augustus 1901 boekhandel Wildenbeest opent in het voormalige pand van Canta.

Op 13-8-1903 wordt Arnoldus Hendricus, handelend onder de firma Gebr. A. Canta, failliet verklaard. Op 31-7-1904 wordt het faillissement beëindigd.

(Overige) Bronnen en verder lezen

Gebroeders Canta, ondernemers in galanterieën, In Paradisum, met een uitgebreid verhaal over Canta en het graf

Stedelijk Gymnasium, foto 1890 (Gerard Korfmacher via F21820 RAN) Kronenburgersingel 73, architect Weve
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Stedelijk Gymnasium Architect Weve

1881, Kronenburgersingel 73, gesloopt

Stedelijk Gymnasium, foto 1890 (Gerard Korfmacher via F21820 RAN) Kronenburgersingel 73, architect Weve
Stedelijk Gymnasium, foto 1890 (Gerard Korfmacher via F21820 RAN)

In 1880 ontwerpt architect Weve het Stedelijk Gymnasium aan de Kronenburgersingel, welke in 1881 gereed komt. Het gymnasium zal hier tot 1931 blijven. Op een later tijdstip was hier de Gemeentelijke Sociale Dienst gevestigd. Het pand is in september 1971 afgebroken.

Vooraf

Vanaf 1310 had Nijmegen al een Latijnse School, die vanaf 1545 gevestigd was aan het St. Stevenskerkhof. Zie hiervoor het artikel:

Begin 19e eeuw waren aan de Latijnse Scholen zogenaamde “tweede afdelingen” ontstaan, waarbij leerlingen naast Grieks en Latijn ook onderwijs kregen in vakken als wiskunde, aardrijkskunde, Nederlands en moderne vreemde talen. Dergelijke scholen werden gymnasiën genoemd. In 1842 werd de Nijmeegse Latijnse School een Stedelijk Gymnasium. Daarbij besloot de Gemeenteraad in 1865 tot een vierjarige cursus.

In 1876 werd de inrichting van gymnasia definitief geregeld door de Wet op het Hoger Onderwijs. In 1878 kwam er een nieuw leerplan, waarbij het gymnasium oude en nieuwe stijl naast elkaar bestonden. De nieuwe vorm was een zesklassige school, waarbij er een hogere rijkssubsidie mogelijk was. Dat maakte het voor de gemeente Nijmegen om een nieuwe school met rectorswoning te laten bouwen.

Op 18-8-1880 vindt de aanbesteding plaats van het maken van de gebouwen voor het Gymnasium en de Woning van den Rector dier inrichting. Weve, op dat moment waarnemend Gemeente-Architect, is de architect. (De Gelderlander 30/5/1880).

Bij de opening

Het PGNC schrijft bij de opening in 1881:

Nijmegen, 5 September.

Morgen zal de plechtige opening plaats hebben van het nieuwe Gymnasium aan den Kronenburger Singel, dat volgens de plannen en onder het toezicht van onzen verdienstelijken gemeente-architect, den heer J.J. Weve, gebouwd is. Het gebouw dat een alleraangenaamsten indruk maakt, is opgetrokken in Duitschen renaissance stijl, in baksteen met Udelfanger zandsteen en kan met recht beschouwd worden te behooren tot de fraaiste gebouwen, die in den laatsten tijd in de nieuwe wijken onzer stad zijn verrezen. De heer Weve heeft, wat we zeer in hem prijzen, zoowel uit- als inwendig, getracht zooveel mogelijk alles te vermijden, wat naar kazernachtigheid zweemde, zooals zoo dikwijls bij scholen en dergelijke gebouwen plaats heeft, en dat hij daarin geslaagd is, zal een ieder, die zich een wandeling naar het gebouw wil getroosten, bij den eersten aanblik opvallen. Met voldoening kan de heer Weve op zijn arbeid terug zien; het Gymnasium is een waar sieraad onzer gemeente. Heden morgen waren we in de gelegenheid het gebouw in oogenschouw te nemen en we meenen onzen lezers geen ondienst te doen, door onze ervaringen mede te deelen.

Leraren en leerlingen van het Stedelijk Gymnasium t.g.v. de huldiging van Dr. Sormani, Kronenburgersingel 73, 1924 (L66091 RAN)
Leraren en leerlingen van het Stedelijk Gymnasium t.g.v. de huldiging van Dr. Sormani, Kronenburgersingel 73, 1924 (L66091 RAN)

Men komt het gebouw binnen door een entrée, die met een dubbele glazen deur in de keurige vestibule voert, waarom zich de verschillende vertrekken van de benedenverdieping groepeeren. Recht tegenover de entrée opent zich de trapruimte, met een fraaie trap, naar de eerste verdieping, waarin men wederom een deel der leervertrekken en overige ruimte aantreft. In elke verdieping bevinden zich drie klasse-kamers; daarenboven is beneden, behalve een kamertje voor den claviger en een spreekkamertje, een flinke ruime kamer voor den rector. Onder de hoofdtrap bevindt zich tevens nog een deur naar buiten. Boven heeft men, behalve de genoemde drie klasse-kamers, een kamer voor de docenten, tevens bibliotheek, en, in het midden van den voorgevel, een ruim beschikbaar vertrek voor bijeenkomsten en mogelijke toekomstige uitbreiding der klassen.

Zoowel ouder als boven heeft men garderobes en verdere gemakken, alles even keurig en practisch ingericht.

Verder heeft men een ruimen zolder en een uitmuntenden kelder tot berging van brandstoffen, terwijl het gebouw van gas- en waterleiding als ook van een bliksemafleider voorzien is.

In de klasse-kamers heeft men licht in overvloed, terwijl voor den afvoer der lucht, door bijzondere kanalen, die in de dubbele scheidingsmuur zijn aangebracht en buitendaks uitkomen, uitmuntend is gezorgd. De verwarming der schoollocalen geschiedt door thermoconservateurs, uit de fabriek der firma Geneste & Co. te Parijs. In elk vertrek is zulk een thermoconservateur geplaatst; de luchttoevoer van buiten heeft plaats onder deze kachels, die met mantels zijn omgeven en den geheelen dag doorbranden, na éénmaal te zijn gevuld en aangestoken.

De keurige schoolbanken zijn geleverd door den ingenieur Vogel te Dusseldorf; zij zijn zeer practisch ingericht met verstelbaren tafel en van passende grootten.

Naast het Gymnasium verheft zich de woning van den Rector, een eenvoudig, net en ruim huis, hetgeen vooral nu het bewoond is een zeer vriendelijk aanzien heeft. Dit huis bevat 7 vertrekken, badkamertje, vele gemakken etc. en is mede door den heer Weve gebouwd. Zoowel dit huis, als het Gymnasium met de daarbij behoorende speelplaats zullen nog door een smaakvol ijzeren hek omgeven worden, waardoor de algemeene indruk zeker nog zal winnnen.

Aannemer van beide gebouwen was de heer A.Th. Opzoomer voor f46.700, waaronder echter niet begrepen zijn de kosten van het uitgraven en invullen met zand van het terrein, welke werkzaamheden nog voor de aanbesteding door den heer J. v. Oijen Pz. Werden uitgevoerd.

Ook den aannemer komt alle eer toe voor de wijze waarop hij zijn werk heeft afgeleverd.

Omtrent de feestelijkheden, welke bij gelegenheid van de opening van het nieuwe Gymnasium op morgen alhier zullen plaats hebben, vernemen wij het volgende:

Ten 10½ zullen de leerlingen van het Gymnasium en van de Burgerschool bijeenkomen in het oude Gymnasium onder den Kerkboog. Van daar zullen zij zich in optocht met hunne vaandels en voorafgegaan door het muziekkorps der Schutterij begeven naar het nieuwe gebouw aan den Kronenburger Singel. Hier zal vervolgens door het Dagelijksch Bestuur het gebouw worden overgedragen aan H.H. Curatoren, waarop door den Rector, den heer Dr. J. Meuleman, eene feestrede zal worden gehouden. Na afloop hiervan, vereenigen zich de leeraren van ’t Gymnasium, der Hoogere Burgerschool en verdere genoodigden aan een déjeuner, ten huize van den Rector, terwijl de jongelui in ’t gebouw zullen worden onthaald.“ (PGNC 6/9/1881)

Vervolg

Voormalig Stedelijk Gymnasium (gebouwd 1880/1881, architect Ir. Jan Jacob Weve) later Gemeentelijke Sociale Dienst (afgebroken in september 1971), foto 1969 (Evert van der Grinten via F78354 RAN CC-BY-SA)
Voormalig Stedelijk Gymnasium (gebouwd 1880/1881, architect Ir. Jan Jacob Weve) later Gemeentelijke Sociale Dienst (afgebroken in september 1971), foto 1969 (Evert van der Grinten via F78354 RAN CC-BY-SA)

In 1931 verhuist het Stedelijk Gymnasium naar de Van Schevichavenstraat, het gebouw van de voormalige Rijkskweekschool.

Praktisch Werk voor Werklooze Jeugd, Kronenburgersingel 73 (PGNC 4-3-1935)
Praktisch Werk voor Werklooze Jeugd, Kronenburgersingel 73 (PGNC 4-3-1935)

In 1935 wordt het gebouw gebruikt voor vakcursussen voor de werkloze jeugd: “Vakonderwijs dus, wat straks den jongen man in staat zal stellen, meer kans te hebben om aan den slag te kunnen komen. Want een behoorlijk geschoolde arbeider zal in het algemeen een streep voor hebben bij hen, die geen vakkennis hebben.” In de werkplaats kan een jongere zich bekwamen “als metselaar, timmerman, bankwerker, schilder en nog allerlei andere vakken.” (De Gelderlander 1/3/1935).

In PGNC 16/5/1940 is de Kronenburgersingel het adres van de Gemeentelijke Dienst voor Maatschappelijk Hulpbetoon voor de uitbetaling van de ondersteuningsgelden.

In de jaren 50 is het gebouw het adres voor het Secretariaat voor Huishoudelijke en Gezinsvoorlichting. (De Gelderlander 14/11/1952) Deze commissie organiseert voorlichtingsavonden –“huishoudavonden”- over bijvoorbeeld gezonde voeding, maar geeft bijvoorbeeld ook demonstraties, lezingen, cursussen (waaronder kook-, naai-, handenarbeid-, en lampekapcursussen), enz. in verschillende wijken.

Op een later tijdstip zit de Gemeentelijke Sociale Dienst in het gebouw. Uiteindelijk wordt het in 1971 afgebroken.

Hiervoor in de plaats komt de grote serviceflat, die er nog steeds staat. Een foto uit 1982 van de bouw is te vinden op F19566 RAN.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Stedelijk_Gymnasium_Nijmegen

Zie ook https://nl.wikipedia.org/wiki/Stedelijk_Gymnasium_Nijmegen

Weve architect

Weve was een architect en ingenieur. Hij was stadsarchitect en directeur Gemeentewerken van Nijmegen. Hij ontwierp onder andere 17 scholen,…

Hogere Burgerschool architect Weve

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Kweekschool voor onderwijzeressen

In 1899 wordt de Kweekschool voor onderwijzeressen gebouwd. Architect en aannemer is Nicolaas van Eck. Rond 1936 is het gebouw…

De Sociëteit "Burgerlust", rechts daarvan het Spoorwegmonument, en links de kapel van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo), 1914 (A. Witmond, Wilhelmina Bazar via F34412 RAN)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Burgerlust: Van Elite Vereniging tot Publieke Ontspanning

De Sociëteit "Burgerlust", rechts daarvan het Spoorwegmonument, en links de kapel van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo), 1914 (A. Witmond, Wilhelmina Bazar via F34412 RAN)
De Sociëteit “Burgerlust”, rechts daarvan het Spoorwegmonument, en links de kapel van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo), 1914 (A. Witmond, Wilhelmina Bazar via F34412 RAN)

In 1839 opent Sociëteit Burgerlust aan de Valkhof. Na topjaren in de 19 eeuw zal het uiteindelijk veranderen in een etablissement waar oorlogswinstmakers hun geld verbrassen. In 1920 wordt het in gebruik genomen als gebouw van de Katholieke Werkvereeniging Unitas. De Duitse bezetter geeft het de doodssteek door er een zwaar verdedingswerk van te maken.

Rond het midden van de 19e eeuw komen sociëteiten op. Burgerlust aan de Lindenberg was daarbij een van sociëteiten in Nijmegen. Of zoals Burgerlust zich noemt: “eene vereeniging van deelhebbers uit de fatsoenlijken burgerstand”.

Het begrip sociëteit bestond al in de 18e eeuw, met een sterke politieke inslag. Rond het midden van de 19e eeuw werd het begrip “sociëteit” nieuw leven ingeblazen. Het waren nu gegoede burgers -bijvoorbeeld fabrikanten- die een sociëteit oprichten.

Wikipedia: “Sociëteiten vindt men in Nederland op veel plaatsen. Meestal zijn ze uitsluitend voor mannen bestemd, die in de regel vrij hoog zijn opgeleid, verantwoordelijke/leidinggevende posities bekleden in de publieke of private sector of die zelfstandige beroepen uitoefenen. Zij zijn vaak ondernemend, dit in brede betekenis te verstaan.”

Oprichting Burgerlust

Societeit Burgerlust, Architect Pieter van der Kemp, 1839
Societeit Burgerlust, Architect Pieter van der Kemp, 1839

Ontstaan

Op 1- 8-1800 had een “consortium van twintig heeren uit gegoede Nijmeegsche burgerfamiliën” een huis gekocht boven aan de Grootestraat, met een achteruitgang in het Gapersgasje, “De Diamant Ring”/”het Moorken” genoemd. (Van Schevichaven)

Begin 19e eeuw waren er al plannen voor de bouw van Burgerlust. Er was een plekje grond uitgezocht, waar de bouw zou kunnen plaats vinden als de Burchtpoort zou worden gesloopt. Het zou echter tot 1838 duren voordat de plannen van de grond kwamen, vooral door de moeilijkheden tussen Noord- en Zuid-Nederland. En maart 1838 was het echter zover en “Verrassend snel kwam het benodigde bedrag (f40.000) bijeen.”

Bouw Burgerlust

De toegang tot het Valkhof, gezien vanaf het Kelfkensbos. Links Societeit 'Burgerlust', Julius Schaarwächter, 1858-1865 (F47516 RAN)
De toegang tot het Valkhof, gezien vanaf het Kelfkensbos. Links Societeit ‘Burgerlust’, Julius Schaarwächter, 1858-1865 (F47516 RAN)

23-2-1839 zal de aanbesteding plaats vinden. De advertentie spreekt dan van “Het opbouw van een Nieuw Locaal voor dezelve Societeit”. De bestektekening is te verkrijgen bij de Mede-Directeur J.E.H. Vaalman. (PGNC 20/2/1839)

De eerste steenlegging vindt op 20 april plaats, met het plan dat deze 20 augustus klaar zal zijn. Zodat op 24 augustus, de verjaardag van de koning, het gebouw kan worden ingewijd: “Maandag aanstaande wordt mede de eerste steen gelegd, door een lid der Directie, aan de nieuw op te rigten Societeit Burgerlust, welke door eene vereeniging van deelhebbers uit de fatsoenlijken burgerstand zal daargesteld worden. Deze Societeit, die, gelijk de Stads- Commedie en Concert-Zaal, naar het plan en de teekening van onzen bekwamen stads-architect, den heer van der Kemp, wordt gebouwd, is voor eene som van f11,500 aangenomen, komt juist tegenover de Commedie te staan en zal mede niet weinig tot verfraaijng van dat gedeelte der stad bijdragen. Zij zal, behalve haren sierlijken bouw, vooral uitmunten door heerlijke vergezigten langs den Waalstroom en de tegenoverliggende Betuwe en de Veluwse bergen…” (Algemeen Handelsblad 24-4-1839).

Die dag is er tevens de eerste steenlegging van de nieuwe schouwburg “Comedie, vereenigd met eene Concert- en Teekenzaal.”, eveneens naar het ontwerp van van der Kemp.

Op 11-6-1839 verschijnt er een personeelsadvertentie voor de werving van een kastelein. Hierin staat dat de Societeit bij de oprichting al 141 leden telt, “dit getal, vooral bij de opening der Societeit door derzelver aangename ligging en goed inrigting aanzienlijk zal toenemen; Billard en Tuin, alsmede bijzonder geschikte woning voor den Kastelein heeft.” J.P. Cramer, Hezelstraat is mede-directeur van de Sociëteit.

Van elite naar verburgelijking

De Sociteit na de verbouwing van.... De Societeit "Burgerlust" met rechts het monument ter herinnering aan de opening van de spoorlijn Nijmegen-Kleef, datering 1900 (Vivat Amsterdam via F34731 RAN)
De Societeit “Burgerlust” met rechts het monument ter herinnering aan de opening van de spoorlijn Nijmegen-Kleef, datering 1900 (Vivat Amsterdam via F34731 RAN)

Het bestuur kondigt in PGNC 15-4-1840 de aanbesteding aan van het maken van een kegelbaan, een veranda en een hek op de muur.

In 1842 wordt de Sociëteit weer ter huur aangeboden aan een “geschikten kastelein”. Op dat moment heeft de Vereeniging 230 leden (Opregte Haarlemsche Courant, 8-1-1842)

Vooral het toneel was aanvankelijk belangrijk. Daarnaast werden er ook andere vormen van uitvoeringen gegeven door de beste Nederlandse gezelschappen, maar ook uit Duitsland en Frankrijk.

Ook vinden we in 1846 de oprichting van Handboogschutterij “De Batavier”. (Algemeen Handelsblad, 9-11-1846)

In het begin van de 20ste eeuw vond er echter een omslag plaats: “een verburgelijking” van Burgerlust. De “élite” ging naar uitvoeringen in Concertgebouw de Vereeniging. In Burgerlust bleef de amateurkunst en de variéte. “Tijdens de kermis was Faveur daar favoriet. Het geroezemoes van de ouderwetse kermis op het Kelfkensbosch had al jaren alle oude deftigheid uit de omgeving verjaagd” (Nijmeegsch Dagblad).

Het terras van Sociëteit Burgerlust op het Valkhof, met links de toren van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo) en rechts de Waal; een reproductie, 1900 (F34389 RAN)
Het terras van Sociëteit Burgerlust op het Valkhof, met links de toren van kasteel Bat-Ouwe-Zate (kasteel Hallo) en rechts de Waal; een reproductie, 1900 (F34389 RAN)

1908: Verbouwing Concert- en Toneelzaal van Societeit “Burgerlust”, architect Hoffmann

Er is nog niet volledig onderzocht welke verbouwingen er zijn geweest.

In ieder geval vindt in 1908 vindt een verbouwing van de concert- en toneelzaal van Societeit Burgerlust plaats. De architect daarvan is J.W. Hoffmann.

Societeit “Burgerlust”.

Toen een paar jaar geleden de leden van de societeit “Burgerlust” op voorstel van het bestuur besloten hadden de concertzaal in meer geregelde exploitatie te brengen en een afzonderlijken toegang met vestiaires en koffiekamer ingericht werden, bleek alras die verbetering zeer te voldoen en de ruime zaal wel in trek te komen. Daarmee was evenwel nog niet alles bereikt en juist bij meerder gebruik bleek alras dat de zaal te klein en het tooneel geheel onvoldoende ingericht was. In den afgeloopen zomer is, volgens de plannen en onder toezicht van den architect J.W. Hoffmann alhier tot verbetering overgegaan en nu een en ander gereed is gekomen, mag “Burgerlust” trotsch zijn op zijne mooie concert- en toneelzaal.

Ter inwijding van deze vernieuwde inrichting zal Dinsdagavond voor de leden een feestavond plaats hebben, georganiseerd door eenige der jongere leden, die daarmee tevens hun waardeering willen toonen voor het actieve bestuur, dat niets ongedaan laat om “Burgerlust” tot zijn ouden bloei terug te brengen.

De avond zal worden gevuld met de opvoering van Frederik van Eeden’s geestig blijspel “De Student thuis”, dat wordt opgevoerd door eenige leden, waarna een bal onder leiding van den heer Velthuis plaats heeft.

Wij vertrouwen dat de opkomst van H.H. leden met hunne dames de verwachting verre zal overtreffen en Dinsdagavond in “Burgerlust” weder de oude, gezellige geest zal heerschen.” (PGNC 3/2/1908)

1912: Steenmetzer

Advertentie heropening Burgerlust (PGNC 4/5/1912)
Advertentie heropening Burgerlust (PGNC 4/5/1912)

Begin mei 1912 koopt Steenmetzer het pand van Societeit Burgerlust voor f34.900. Na een restauratie zullen lokalen van de sociëteit ter beschikking van de leden van Burgerlust blijven. De overige gedeeltes zullen voor publiek toegankelijk zijn. (PGNC 3/5/1912 en PGNC 4/5/1912). Hij was daarvoor directeur van Hotel du Soleil.

Oorlogswinstmakers

“De vernietigende klap voor de oude roem werd Burgerlust toegebracht in de oorlogstijd van 1914 tot 1918. Het  werd een vermaakplaats van de oorlogsparvenu’s. Smokkelaars en soldaten verdrongen elkaar. Boven danste men. Beneden was cabaret -en niet van het zuiverste soort”.  (Nijmeegsch Dagblad) Degenen die grof aan de oorlog verdienden, waren in Burgerlust met hun geld aan het smijten. “Burgerlust zakte in reputatie tot prettent, waar wijn vloeid als water door de Waal.” (Nijmeegsch Dagblad)

Verbouwing

Het is mij nog onbekend of deze verbouwing reeds in 1912 plaats heeft gevonden, of dat het de verbouwing in 1916 betreft. In ieder geval vindt in juli 1916 een heropening na een verbouwing plaats.

Bij de heropening

Het PGNC schrijft over deze heropening:

Café-Restaurant “Burgerlust”.

Hedenavond heeft op feestelijke wijze de opening plaats van het gerestaureerde café-restaurant der societeit “Burgerlust”. De directeur, de heer J.F. Steenmetzer, heeft het initiatief tot deze groote verbouwing genomen en het mag gezegd worden, dat hij in het ontwerpen van deze belangrijke verbetering uiterst gelukkig is geweest, terwijl van de uitvoering mede niet anders dan met grooten lof gewaagd kan worden. Aan weerszijden van den ingang van het gebouw, de midden-entrée van vroeger (de voormalige zij-ingang is vervallen) zijn twee mooie restaurants verrezen, met aan alle zijden flinke spiegelruiten en waar licht en lucht in groote volumia kunnen binnentreden. De heer Steenmetzer heeft voor een gezellig interieur gezorgd; in het lokaal ter linkerhand zijn rieten stoelen en tafeltjes geplaatst, een uitgezochte entourage om te “tea-en”, in het grootste lokaal rechts maken de witgelakte meubeltjes een frisschen, gezelligen indruk. Achter in dit zaaltje is, op de plaats waar binnenkort een bullet wordt ingericht op een podium een vleugel geplaatst en hier zal hedenavond het Italiaansche Kunstenaars-Ensemble onder directie van den heer G. Sabatini de gasten met mooie muziek aangenaam bezighouden.

Op de bijzonderheden betreffende deze verbouwing komen wij binnenkort nog wel terug. Reeds nu kunne wij echter een ieder een kijkje in het nieuwe café-restaurant “Burgerlust” aanbevelen. Gedurende deze maand zal er dagelijkse matinée en soirée zijn, Zaterdags en Zondags van 10 uur af gelegenheid tot dansen, bij gunstig weer concerten in den tuin. Mein Liebchen, as willst du noch mehr?” (PGNC 2/7/1916)

1920: Unitas

Het Verenigingsgebouw Unitas, en het Spoorwegmonument; rechts een Quickbus (stadsdienst), 1920 (F34399 RAN)
Het Verenigingsgebouw Unitas, en het Spoorwegmonument; rechts een Quickbus (stadsdienst), 1920 (F34399 RAN)

Burgerlust werd na de Eerste Wereldoorlog opgeheven. In augustus 1920 koopt R.K. Werkliedenvereeniging “Unitas” het gebouw, omdat de behuizing aan de Walstraat te klein was geworden.

“Gelegen in de onmiddellijke nabijheid van het aloude Valkhof, zetelde de R.K. Werkliedenvereeniging. Ook toen kwam kritiek. Te duur! Dat kunnen ze niet vol houden. Binnen korten tijd komt de plank er weer op, en meerdere soortgelijke uitspraken hoorde men, en toch door ’t taaie volhouden van ’t bestuur, waarvan zeker op de eerste plaats de penningmeester mag worden genoemd, bleef de bond, al was ’t vaak met de uiterste moeite, eigenaresse.” Bij de opening had de gehele week elke stand of bond zijn eigen feestavond. (Artikel over het 40-jarig bestaan van de R.K. Werkliedenvereeniging in De Gelderlander 25/8/1934, waarbij het citaat afkomstig is van Oud-voorzitter A.J. Uijen)

Leden van de R.K. Werkliedenvereeniging (RKWV) St. Stephanus, bijeengekomen om het Demonstratief Congres op 17 juni 1927 voor te bereiden. De foto is genomen aan de achterkant van het R.K. Vereenigingsgebouw Unitas, de vroegere sociëteit Burgerlust.
Leden van de R.K. Werkliedenvereeniging (RKWV) St. Stephanus, bijeengekomen om het Demonstratief Congres op 17 juni 1927 voor te bereiden. De foto is genomen aan de achterkant van het R.K. Vereenigingsgebouw Unitas, de vroegere sociëteit Burgerlust. ( inv.nr. 241 / Stichting Vakbondshistorisch Archief Nijmegen en omstreken (SVAN), Cen/NKV/Nijm/1927/2 via f85493 RAN)

Het gebouw was in gebruik als café-restaurant, maar ook voor het houden van bijeenkomsten als congressen en feestavonden. Vanuit het gehele land kwamen mensen -vooral werknemers met hun familieleden- naar deze ontspanningsgelegenheid om te kunnen genieten van het uitzicht vanaf het terras.

Oorlog en Sloop

Het gebouw Unitas (voormalige sociëteit Burgerlust) zwaar gebarricadeerd door de Duitsers als verdediging van Valkhof en Waalbrug, 1944 (F24100 RAN)
Het gebouw Unitas (voormalige sociëteit Burgerlust) zwaar gebarricadeerd door de Duitsers als verdediging van Valkhof en Waalbrug, 1944 (F24100 RAN)

Toch werd er in 1926 al gesproken over afbraak en in 1934 viel het besluit tot sloop van het oude pand. De crisis van de jaren 30 en de oorlog in de jaren 40 voorkwam de uitvoering daarvan. De Duitsers hadden tijdens de Tweede Wereldoorlog de inrichting totaal vernield en het pand omgevormd tot zware bunker. Het Nijmeegsch Dagblad eindigt haar artikel, geschreven in 1955 vanwege de aangekondigde sloop van het pand met: “Voor het oude trotse Burgerlust bestaat geen toekomst meer. De bezetters maakten van de schouwburg een vesting, en ontnamen het daarmee de kans nog ooit iets goeds te worden, het rijke verleden waardig.”

Afgaande op de gevonden foto’s is Unitas/Burgerlust in 1956 gesloopt.

De sloop van het R.K. Verenigingsgebouw Unitas (voorheen Sociëteit Burgerlust), 4/1956 (Fotopersbureau Gelderland via GN17115 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
De sloop van het R.K. Verenigingsgebouw Unitas (voorheen Sociëteit Burgerlust), 4/1956 (Fotopersbureau Gelderland via GN17115 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)

(Overige) Bronnen en verder lezen

Kans op betere toekomst door Duitsers ontnomen, Nijmeegsch dagblad, 6-12-1955

https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Ansichtkaarten/Parken/Valkhofpark/cwdata/avalkhof010.html

Oud-Nijmegen’s straten, markten, pleinen, open ruimten en wandelplaatsen, van Schevichaven, 1896

Lange Hezelstraat 82 en 84 (september 2024)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Hezelstraat

Historie Lange Hezelstraat 84 vanaf 1900

Lange Hezelstraat 82 en 84 (september 2024)
Lange Hezelstraat 82 en 84 (september 2024)

Wie nu (mei 2025) langs de panden van de Lange Hezelstraat 82 en 84 loopt, zal niet direct vermoeden dat de gevels op de begane grond slechts een aantal jaren geleden zijn aangebracht in plaats van 100 jaar oud zijn. Wel zoals het “vroeger” geweest is.

Hoewel de geschiedenis van  het pand veel verder terug gaat (kijk omhoog en let op de trapgevels aan beide zijkanten), gaat dit artikel over de panden vanaf ongeveer 1900 tot vlak na de oorlog.

Ooit was dit 1 groot woonhuis, als laatste in eigendom van mevrouw de wed. Huijbers. In opdracht van E.A. van Dungen verbouwt architect van der Waarden het pand naar 2 winkels. Dan is tevens te zien hoe de huidige voorgevel van de winkels lijken op dat van de verbouwing van 1899:

E.A. van den Dungen

Koek- en banketbakkerij van Dungen

1899, Lange Hezelstraat 84 Centrum

Verbouwing voor Koek- en banketbakkerij van Dungen, datum dossier 5-5-1899 architect van der Waarden Lange Hezelstraat 84 (D12.377738)
Verbouwing voor Koek- en banketbakkerij van Dungen, datum dossier 5-5-1899 architect van der Waarden Lange Hezelstraat 84 (D12.377738)

Op 21-3-1899 (PGNC 12/3/1899) vindt de aanbesteding plaats van: “Het verbouwen van perceel 84 aan de Lange Hezelstraat te Nijmegen, en dit in te richten tot 2 Winkelhuizen en Banketbakkerij, voor rekening van den Heer E.A. van den Dungen, alhier.”

“De koek- en banketbakkerij van den heer E.A. van den Dungen is overgebracht van de Smidstraat naar de Lange Hezelstraat, in het pand, vroeger bewoond door mevrouw de wed. Huijbers. Dit pand is geheel en al verbouwd tot twee winkelhuizen naar het ontwerp van den architect W.J.H. van der Waarden door de aannemers Gielen & Co. te Wijchen. En architect èn aannemers verdienen allen lof voor de keurige wijze, waarop het werk is ontworpen en uitgevoerd. In een van die winkelhuizen- het andere staat nog ledig- heeft dan de heer v.d. Dungen zijne paleis van zoetigheid gevestigd en in de fraaie, door de bekende firma Bruns te Arnhem geleverde etalge-inrichting kan men in tal van sierlijke flacons en flesschen zien uitgestald al die zaken, welk velen eene “streeling zijn van het verhemelte”. Deze winkel is bepaald een aanwinst voor dat gedeelte der benedenstad.“ (PGNC 5/9/1899)

Ontwerp voor de verbouwing perceel Lange Hezelstraat 84 architect van der Waarden opdrachtgever van Dungen, 5-5-1899 (D12 377739)
Ontwerp voor de verbouwing perceel Lange Hezelstraat 84 architect van der Waarden opdrachtgever van Dungen, 5-5-1899 (D12 377739)

De Gelderlander geeft een beschrijving van de winkel:

“Bijzonder fraai is in den eenen afgewerkten winkel de vloer van mozaïektegels, terwijl ook het geëtste glas in de binnendeuren, door den heer Van Crimpen alhier geleverd, vermelding verdient.

Een ruime bakkerij met heete-luchtovens naar het nieuwste systeem biedt allen waarborg dat de voorraad in den ruimen, helderen winkel bestendig ververscht zal worden.” (De Gelderlander 3/9/1899)

Op tekening D12.377739 valt daarbij op dat achter het gebouw nog een zeer grote tuin ligt. De uitstulping boven de tuin (het meest rechts op de afgebeelde, liggende tekening) is de “bakkerij”, welke grenst aan Gulden Wagen. Daarnaast staat er een broeikas en een kippenhok.

Eduardus Alphonsus van den Dungen

Zijn vader, Johannes van Dungen, had reeds een bakkerij in de Smidstraat (Smitstraat D nr. 6) Johannes is op 19 maart 1814 geboren in ’s Hertogenbosch. In het Bevolkingsregister van 1880 komt hij voor als “koekbakker”.  Hij is getrouwd met Anna Maria Goëtte (‘s-Hertogenbosch, 30/5/1821 – door “het blauwe potlood” veranderd in 31 bij het wijzigen in haar weduwestatus. Ook in blauw staat bij Aanmerkingen bij haar Paulstr 23). Johannes is overleden op 14-12-1885.

Eduardus Alphonsus van den Dungen is op 18/9/1855 geboren in ’s-Hertogenbosch. Hij trouwt op 28-4-1885 met Geertruida Hendrina Gerarda van Campen (Nijmegen, 27/6/1864). In het Bevolkingsregister 1880 staat dat hij vertrokken is naar Smidstraat 6, het is echter onduidelijk onduidelijk wat hiermee bedoeld wordt (hij woonde al op nr 6.) en op welk moment dit gebeurd is.

In het Bevolkingsregister 1880 staat huizing Smidstraat 6 doorgehaald door “het blauwe potlood”, die bij Aanmerkingen No 34 heeft geschreven. Daarbij is tevens het geboortejaar vervangen door 1856. Als beroep staat “koekbakker”

Hun kinderen zijn:

Cornelia Geertruida Maria van den Dungen (Nijmegen, 4/6/1890)

Johanna Maria Josephina van den Dungen (Nijmegen, 7/3/1887)

Johannes Antonius Josephus van den Dungen (Nijmegen, 22/4/1888)

In de adresboeken van 1896, 1898 en 1899 komt hij voor op Smidstraat 34. In het adresboek 1901, 1902, 1903, 1907, 1909 komt hij voor op Lange Hezelstraat 84. (Er is geen uitputtend onderzoek gedaan).

F.H. Raijmakers & Zonen

Ongeveer 1901 – 1907

Opening Raijmakers Lange Hezelstraat 84 (PGNC 11/8/1901)
Opening Raijmakers Lange Hezelstraat 84 (PGNC 11/8/1901)

De eerste gebruiker van de rechter winkel is waarschijnlijk F.H. Raijmakers en Zonen. In de gevonden advertenties is het adres van de winkel steeds Lange Hezelstraat 84a. Daarbij is “F.H. Raijmakers” de naam van de winkel. Op 27-7-1901 is Leonardus Cornelus Adrianus Maria (31-7-1881, Eindhoven) vanuit Eindhoven naar Lange Hezelstraat 84 gekomen. Hij is als oudste broer “hoofd” en heeft als beroep “winkelier”. Op die dag komt zijn zus Theodora Philomina Maria (9-11-1877 Eindhoven) mee, maar zal op 21-11-1906 weer naar Eindhoven vertrekken. Hij trouwt op 3-11-1903 (Bevolkingsregister 1900).

Hij zal in de loop van de jaren 0 verhuizen naar “E5 bl 126).

Ook 2 andere zussen en 1 broer komen tijdelijk naar dit adres:

  • Aldegonda Joanna Alogsia(?) Maria (21-12-1885, Eindhoven) van 27-10-1903 vanuit Eindhoven; en vertrek op 27-9-1906 naar Veldhoven
  • Alphonsus Franciscus Maria (21-10-1892, Eindhoven) van 9-9-1905 Eindhoven naar “O bl 292”
  • Joanna Maria (10-9-1876, Eindhoven) van 15-9-1906 Eindhoven, en vertrek naar Eindhoven op 21-11-1906
Tot nu toe eerstgevonden advertentie F.H. Raijmakers & Zonen (PGNC 7/9/1901) Lange Hezelstraat 84a
Tot nu toe eerstgevonden advertentie F.H. Raijmakers & Zonen (PGNC 7/9/1901) Lange Hezelstraat 84a
Raijmakers Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 15/2/1902)
Advertentie voor boter, Raijmakers (De Gelderlander 15/2/1902)

Hij blijkt hij aanvankelijk verhuisd te zijn naar Voorstadslaan 69b, waar zijn beroep “koopman” is. In het Adresboek van 1907 komt hij nog voor op de Lange Hezelstraat, in dat van 1908 niet meer: dit betekent dat hij rond 1907 verhuisd is.

Dan blijkt hij getrouwd te zijn met Anna Poelen (29-5-1882, Nijmegen). In de jaren 0 verhuist hij vervolgens weer naar Lange Burchtstraat 1, zijn beroep is dan “Boterhandelaar”. In het Bevolkingsregister van 1910 komt hij nog op dit adres voor als boterhandelaar.

Henri v.d. Velden & Co.

Rond 1907

H. v.d. Velden (De Gelderlander 23/8/1908) Lange Hezelstraat 84a
advertentie H. v.d. Velden (De Gelderlander 23/8/1908)

Daarna heeft Henri v.d. Velden & Co. een van haar winkels op Lange Hezelstraat 84a. De eerst gevonden advertentie is in De Gelderlander De Gelderlander 26/6/1907. Uit de advertentie De Gelderlander 23/8/1908 blijkt dat v.d. Velden tevens winkels heeft in Tilburg, Oss en Boxtel. Het is een zaak in kruideniers- en grutterswaren, biscuits en comestibles.

Wouter Mots (zie hieronder) is waarschijnlijk de filiaalhouder, die tevens op dit adres woont. Rond 1923 zal hij de winkel rond 1923 overnemen.

1907: Wouter Mots

Advertentie W. de Mots Lange Hezelstraat 84a (De Gelderlander 30/3/1928)
Advertentie W. de Mots Lange Hezelstraat 84a (De Gelderlander 30/3/1928)

W. de Mots volgt rond 1907 H. v.d. Velden & Co op. W. Mots zal jarenlang voorkomen in de Adresboeken op Lange Hezelstraat 84a. (Adresboeken 1908, 1909, 1910, 1912, 1914, 1915, 1916, 1920, 1924, 1928, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940).

Daarbij noemt hij zich geruime tijd W. Mots, v/h v.d. Velden & Co.. Incidenteel komen advertenties van “H. v.d. Velden & Co.” voor, zoals De Gelderlander 25/9/1909 en een nieuwjaarsgroet PGNC 31/12/1917.

Tot in 1937 gebruikt hij (vrijwel altijd) huisnummer 84a. Vanaf 1937/1938, nadat hij het naastgelegen pand heeft bijgetrokken, zal hij adverteren met nummer 84.

Wouter Mots

Wouter Mots (9-4-1877, Harderwijk) komt op 13-8-1904 vanuit Amsterdam naar Nijmegen. Aanvankelijk in het Dienstbodenregister, als  inwonende “winkelbediende” met als huizing Nieuwe Markt 15a.

Om vervolgens als “chef winkelier” te gaan wonen op Lange Hezelstraat 84a. Zijn zus Heintje (18-4-1875, Harderwijk) komt op 2-4-1907 vanuit Ankeveen tevens op dit adres te wonen. (Bevolkingsregister 1900).

(Afgaande op het feit dat Raijmakers rond 1907 zal zijn vertrokken en Heintje Mots op 2-4-1907 tevens op Lange Hezelstraat komt wonen, zal Mots de opvolger zijn van Raijmakers).

Slagerij Hoppe

Nijmeegsche Volksslagerij C.J.Hoppe, Let wel: Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 18/9/1919)
Nijmeegsche Volksslagerij C.J.Hoppe, “Let wel: Lange Hezelstraat 84” was waarschijnlijk geen overbodige luxe met de nodige slagerijen in de Hezelstraat (De Gelderlander 18/9/1919)

Waarschijnlijk is de Nijmeegsche Volksslagerij van C.J.H. Hoppe de opvolger van van den Dungen op nummer 84.

De eerstgevonden vermelding is PGNC 3/1/1919, dus mogelijk is er nog een tussentijdse gebruiker geweest.

Het vlees is op dat moment op de bon. Met “bon no 7 van het vleeschboekje kan worden gekocht 2 ons paardevleesch zonder been tegen 10 cent per ons of 2 ons schapenvleesch met been tegen 10 cent per ons”,  waarbij schapenvleesch uitsluitend verkrijgbaar is bij C. Hoppe. (PGNC 3/1/1919).

29 april 1920 wordt de slagerij verplaatst naar de overkant, Lange Hezelstraat 81 (De Gelderlander 28/4/1920), waar de slagerij nog decennia zal blijven zitten.

1920 Borstelmaker Hermsen

Borstelmaker Hermsen Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 25/5/1920)
Borstelmaker Hermsen Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 25/5/1920)

Op Lange Hezelstraat 84 zit rond 1920 Borstelfabriek Evert Hermsen. De eerstgevonden (enige) advertentie komt voor in De Gelderlander 25/5/1920. Daarnaast staat Hermsen nog in het Adresboek van 1922 als “borstelfabriek en filiaalhouder banketbakkerij”.

1920-1929 (ongeveer): Filiaal banketbakkerij Wennekes

Eerst gevonden advertentie van Chr. Th. Wennekes, Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 9/11/1920)
Eerst gevonden advertentie van Chr. Th. Wennekes, Lange Hezelstraat 84 (De Gelderlander 9/11/1920)

Wanneer Wennekes exact haar filiaal opent is nog niet bekend; in PGNC 24/10/1919 komt nog een advertentie voor waarin Wennekes met alleen St. Jorisstraat 4. De eerstgevonden advertentie van het filiaal van Banketbakkerij Chr. Th. Wennekes op Lange Hezelstraat 84 is van november 1920, voor het Sinterklaassnoep speculaas en boterletters.

De winkel bestaat in ieder geval nog in september 1929, wanneer winkeliers tijdens de “Winkelweek Vereeniging “Hezelstraat Belangen” hun etalage zo aantrekkelijk mogelijk proberen te maken. Het PGNC 24/9/1929: “De firma Chr. Wennekes Banketbakkerijen, St. Jorisstraat 4-Lange Hezelstraat 84, wist de étalages van haar zaak in de Lange Hezelstraat al zeer aantrekkelijk te doen zijn, gelijk dan ook licht te begrijpen valt; en men behoeft niet eens zulk een groote lekkerbek te zijn om zijn blikken eens even te laten weiden over wat hier achter de winkelruit tentoongespreid wordt. Het is het beste wat de firma te bieden wist en dat zegt heel wat, want haar banketbakkerijen leveren een uitstekend product. Gebak en suikerwerken vindt men hier in rijke verscheidenheid, waarbij de honingkoek en nougat van eigen fabricaat een eerste plaats innemen.”

Tijdens deze winkelweek 1929 bevindt W. de Mots zich op 84a en E.A. van den Dungen op 84b.

Verbouwing 1920: splitsing rechter gedeelte in 2 winkels

Bestaande toestand voor de splitsing (D12.385899)
Bestaande toestand voor de splitsing (D12.385899)

In 1920 vindt de splitsing van de rechtse winkel in 2 winkels plaats. De ruimte gaat op de helft doormidden. Aan de voorkant komt,  waar de voordeur zat, een klein portiek met elk een schuine deur als toegang tot de winkel.

De bebouwing daar achter van het woonhuis blijft ongewijzigd.

Plan voor eenig verbouwing a/h perceel Lange Hezelstraat 84 te Nijmegen kad.b. Nijmegen sectie C 4366, datum dossier 4-6-1920  (D12.385899)
Plan voor eenig verbouwing a/h perceel Lange Hezelstraat 84 te Nijmegen kad.b. Nijmegen sectie C 4366, datum dossier 4-6-1920 (D12.385899)

Opvallend is dat de tekening van de bestaande voorgevel D12.385899 afwijkt van de laatst gevonden tekening D12.377738. Dit kan betekenen dat de gevonden tekening de bestaande toestand weergeeft, of dat er tussen 1899 en 1920 nog een verbouwing heeft gezeten.

Daarnaast valt op dat de “bestaande toestand” van de begane grond (vrijwel) overeenkomt met de huidig gebouwde voorgevel. Wel lijkt de dakkapel een andere plaats te hebben.

De eigenaar van het pand is E.A. van Dungen, de architect is vooralsnog niet gevonden (handtekening is moeilijk leesbaar).

Het is tot nu toe onduidelijk wat precies de adressen van deze 3 winkels zijn. Mots heeft (hoogstwaarschijnlijk) zijn winkel in een van de 2 kleinere winkels: hij zal in 1937, dan als eigenaar, de 2 winkels weer samentrekken. Het is echter onduidelijk wat in 1920 de reden van splitsing is door de eigenaar van den Dungen, terwijl Mots dan al een aantal jaren hier zijn winkel heeft.

Ook is de huisnummering in deze periode niet geheel duidelijk.

1921-1922: A. Van den Hoven

In november wordt er een advertentie van A. van den Hoven, Lange Hezelstraat 84a gevonden (PGNC 2/11/1921), waarbij hij kachels verkoopt.  Op 22-5-1922 wordt A. van den Hoven, koopman, Lange Hezelstraat 84a, failliet verklaard (PGNC 10/6/1922)

E.A. van der Dungen Jr.

E.J. van den Dungen Jr, ijzerhandel, die iig in 1924 84b haar adres heeft (Gelderlander 2/10/1924 )
E.J. van den Dungen Jr, ijzerhandel, die iig in 1924 84b haar adres heeft (Gelderlander 2/10/1924 )

Is het toeval dat we vervolgens E.A. v.d. Dungen terugzien met een ijzerhandel? Van den Hoven is immers failliet gegaan, terwijl E.A. v.d. Dungen (al dan niet jr.) de eigenaar was van het pand.

Aanvankelijk komt E.A. v.d Dungen voor op 84a…………………………………………

In het artikel voor de etalageweek in 1929: ”De heer E.A. van den Dungen, no 84b, heeft niet minder dan 200 kachels en 120 fornuizen aan te bieden, zoodat men hier zeker in zijn keuze zal kunnen slagen. Het koopen van zulk een verwarmingsapparaat is niet gemakkelijk: men moet terdege  wikken en wegen alvorens een besluit te nemen, maar het assortiment is bij deze firma zoo groot en de prijzen zijn zoo billijk gesteld, dat men hier zeker moet slagen en een keuze kan doen, die in alle opzichten bevredigen zal.” (PGNC 24/9/1929)

Rond 1925: Uitbreiding met Pakhuis

Plan voor het bouwen van een pakhuis achter het perceel Lange Hezelstraat no 84b te Nijmegen, Kad. bekend gem Nijmegen Sectie C No…, datum dossier 15-12-1925)
Plan voor het bouwen van een pakhuis achter het perceel Lange Hezelstraat no 84b te Nijmegen, Kad. bekend gem Nijmegen Sectie C No…, datum dossier 15-12-1925)

Na 1920 is de eerstvolgende gevonden bouwtekening uit 1925 voor het bouwen van een pakhuis op het linker perceel, de vroegere banketbakkerij van den Dungen. Deze wordt Lange Hezelstraat 84b wordt genoemd. Daarbij is E.A.  van den Dungen de aanvrager. Het pakhuis beslaat een groot gedeelte van de tuin.

Uit de bouwtekening blijkt tevens dat 1 van de kamers op de begane grond als “magazijn” staat ingetekend: het is onbekend of dit de bestaande is, of nieuw gepland.

1929: volledige winkel

Op de begane grond van het linker gedeelte van gesplitste de in 1899 rechter winkel wordt de keuken en berging verbouwd tot bergplaats, waarbij achteraan nog een kleinere keuken is ingetekend. Het schuine dak van de berging wordt een plat dak.

Plan tot verbouwing van perceel No 84 a/d Lange Hezelstraat te Nijmegen, Kad. Nijm. Sectie C 4386
Plan tot verbouwing van perceel No 84 a/d Lange Hezelstraat te Nijmegen, Kad. Nijm. Sectie C 4386

1932 Glasspijlen Lange Hezelstraat 84b

Aanvraag voor 3 spijlen voor iedere ruit aan te brengen, L. Hezelstraat 84B, datum dossier 24-5-1932 (D12.397881)
Aanvraag voor 3 spijlen voor iedere ruit aan te brengen, L. Hezelstraat 84B, datum dossier 24-5-1932 (D12.397881)

Vervolgens is het ontwerp gevonden om aan de voorgevel van 84b glasspijlen aan te brengen.

1937  Verbouwing: bijtrekking naastgelegen pand van Wennekes

Heropening W. de Mots (PGNC 24/11/1937)
Heropening W. de Mots (PGNC 24/11/1937)

Kruidenierszaak W. de Mots

Heropening van den gemoderniseerden winkel

Vanmiddag heeft aan de Hezelstraat no. 84 de heropening plaats gehad van de geheel gemoderniseerde kruidenierszaak van de firma W. de Mots. Inderdaad is er wel een heel groot verschil tusschen de oude en de nieuwe zaak, zulks als gevolg van een belangrijke verbouwing. Door bijtrekking van een naastgelegen pand is de winkelruimte namelijk twee maal zoo groot geworden en daardoor kunnen de diverse artikelen thans heel wat beter tot hun recht komen. Tevens gaf deze uitbreiding gelegenheid om aan de zaak een afdeeling fijne vleeschwaren te verbinden, die er werkelijk smakelijk uit ziet. Tegelijk met de uitbreiding is er een geheel nieuwe winkelinrichting gekomen, die aan het interieur een frisch en fleurig aanzien geeft; de clientèle zal zulks zeker op prijs weten te stellen.

Zoo hebben er bij de firma De Mots aan de Hezelstraat verschillende veranderingen ten goede plaats gehad, die deze reeds 35 jaren bestaande zaak zeker nog meer dan vroeger bij het publiek in den smaak zullen doen vallen.” (PGNC 25/11/1937)

De Gelderlander 25/11/1937 vermeldt daarbij dat de vroegere banketzaak van de fa. Wennekes bij de zaak van de firma de Mots is gevoegd. Er wordt geen architect genoemd. Wel: de aanleg van de electrische installatie door de fa. Alewijnse, verbouwing door de firma v. Broekhuizen en schilderwerk fa. van Dinteren.

1954: Verbouwing voor Woningrichting Kees Draper, architect Treur

1954 Lange Hezelstraat 84

Bestaande toestand: “Voorgevel van het te verbouwen pand van de heer K.Draper te Nijmegen” (D12.418250)
Bestaande toestand: “Voorgevel van het te verbouwen pand van de heer K.Draper te Nijmegen” (D12.418250)
Plan verbouwing van/het winkelpand Lange Hezelstraat No 84 te Nijmegen v/d Hr. K. Draper, datum tekening 30-11-1953 (D12.418252)
Plan verbouwing van/het winkelpand Lange Hezelstraat No 84 te Nijmegen v/d Hr. K. Draper, datum tekening 30-11-1953 (D12.418252)

In maart 1954 opent Kees Draper zijn nieuwe winkel op de Lange Hezelstraat 54. Hiervan was architect G.B. Treur de ontwerper. De winkel van Draper in de Houtstraat was tijdens het bombardement op 22-2-1954 verwoest, waarna hij in een (te) kleine noodwinkel had gezeten.

“Voorbeeld voor Lange Hezelstraat: Woninginrichting Kees Draper in ruim en modern pand”, kopt de De Gelderlander 19/3/1954. “…Ëen mooie grote winkel, twee en veertig diep en acht meter breed, is ontstaan en hierdoor kreeg de woninginrichting voldoende ruimte om evenals vóór de ramp welke haar in de Houtstraat trof, de vleugels uit te slaan.”

Bij de opening is wethouder blij met het initiatief van Draper. De Gelderlander: “Enkele jaren geleden bestond er vrees, dat de Hezelstraat min of meer weg zou zakken, evenals de Grotestraat door verwaarlozing van de panden is weggezakt. De Grotestraat zal in het kader van het saneringsplan weer een goede straat worden en ten aanzien van de Hezelstraat hebben B. en W. welbewust maatregelen willen treffen om aan deze straat zijn oude glorie terug te geven.” Duives hoopt dan ook, dat veel eigenaren het voorbeeld van Draper zullen volgen.

1955 verandering portiek Hezelstraat 84

Wijziging winkelingang perceel Hezelstraat 84, eigenaar W. Mots, Hezelstraat 84, architect B.J. Meerman. Datum tekening oktober 1955 (D12.420611)
Wijziging winkelingang perceel Hezelstraat 84, eigenaar W. Mots, Hezelstraat 84, architect B.J. Meerman. Datum tekening oktober 1955 (D12.420611)

In 1955 laat Mots de ingang van zijn winkel verbouwen, waarbij het portiek verdwijnt.

Dan komen er meldingen van bouwtekeningen voor van enerzijds het plaatsen van een zonnescherm in 1956.

1957 dubbele garage Kees Draper

En daarnaast het bouwen van een dubbele garage in 1957. De bouwtekeningen ontbreken in het dossier, door de bouwtekening bij de bouw van een toonzaal van de “bestaande situatie” (D12.454751) en de “servituden” (D12.454742)  wordt het duidelijk dat het garages voor Kees Draper betreft.

1965: Bouwen van een toonzaal

Toonzaal L. Hezelstraat 84, Opdrachtgever Kees Draper, architect Bert W.A. Goddijn, datum tekening: mei 1963 (D12.454742)
Toonzaal L. Hezelstraat 84, Opdrachtgever Kees Draper, architect Bert W.A. Goddijn, datum tekening: mei 1963 (D12.454742)

In 1965 (datum dossier) laat Kees Draper door architect Bert W.A. Goddijn een toonzaal ontwerpen. De tekening stamt uit mei 1963.

Daarbij wordt deze toonzaal gebouwd op de plaats van de toonzaal, de werkplaats, 1 van de garages en een deel van de open plaats/tuin?

D12.454742 Servituden gang aan de Lange Hezelstraat, 11-1-1963 (Gemeente Nijmegen, Dienst Publieke werken en volkshuisvesting)
D12.454742 Servituden gang aan de Lange Hezelstraat, 11-1-1963 (Gemeente Nijmegen, Dienst Publieke werken en volkshuisvesting)

Uit deze tekening blijkt dat Draper naast het “oude perceel” ook eigenaar is van perceel 7821 en van het terrein waarop de toonzaal moet komen.

Daarnaast blijkt W.E. Mots eigenaar te zijn van perceel 7822.

Kees Draper Lange Hezelstraat 80 82 84 1976F78427
Links is nog net Kees Draper te zien: Lange Hezelstraat 80, 82 en 84, 1976
(Evert F. van der Grinten via F78427 RAN CCBYSA)

Van der Waarden Architect Nijmegen

OVER Wijnandus Johannes Hermanus van der Waarden (Nijmegen, 15 november 1860 – Nijmegen, 25 september 1930) Wijnandus Johannes Hermanus van…

Postkantoor 1910 van Schevichavenstraat architect Peters
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Bouw van het Postkantoor in Nijmegen door Cornelis Peters

1907 Van Schevichavenstraat

Oude postkantoor, hoek van Schevichavenstraat - van Broeckhuysenstraat, ontworpen door C.H. Peters 1908. Tegenwoordig een Albert Heijn (mei 2025)
Oude postkantoor, hoek van Schevichavenstraat – van Broeckhuysenstraat, ontworpen door C.H. Peters 1908. Tegenwoordig een Albert Heijn (mei 2025)

In 1907 gaf de rijksoverheid opdracht tot de bouw van een nieuw hoofdpostkantoor in Nijmegen. Hiervan was Rijksbouwmeester Cornelis Peters de architect.

Voorgeschiedenis

Tot 1848 waren de posterijen particulier initiatief. Dit veranderde met de Grondwetswijziging van 1848: de posterijen zijn gegroeid en de staat heeft hiervoor een dienende taak. Daarom wijst de staat vanaf 1850 ongeveer 90 postkantoren aan: meestal in de vorm van een dienstwoning voor de directeur die dienst doet als postkantoor. Echter: bij een nieuwe directeur was dan meestal een nieuwe locatie nodig. Daarom streeft het Rijk vanaf 1869 naar permanente vestigingen.

In deze periode gaan het post- en telegraafbedrijf steeds meer samen. Tot 1893, de oprichting van de PTT,  blijven het echter aparte afdelingen.

Vooral in de jaren 80 en 90 groeit de dienstverlening sterk, mede door de invoering van nieuwe diensten.

In Nijmegen kwam in 1891 een hoofdpostkantoor in een oud herenhuis, op Lange Hezelstraat 14-16. Het telegraafkantoor dat voorheen in de Waag zat, kwam op het achtererf van een aanpalend nieuw gebouw, aan de Begijnenstraat.

Architect Peters en de bouw van een nieuw postkantoor

Postkantoor 1910 van Schevichavenstraat architect Peters
Postkantoor 1910 van Schevichavenstraat architect Peters

Het bestaande gebouw werd te klein en daarom werd besloten tot de bouw van een nieuw kantoor. Het ontwerp was van Cornelis Peters, Rijksbouwmeester.

“Postkantorengotiek”

F89703 Postkantoor van Schevichavenstraat Nijmegen architect
Postkantoor van Schevichavenstraat Nijmegen architect Peters (F89703 RAN)

Peters zou 108 postkantoren ontwerpen. Hij was een leerling van Cuypers. Omdat veel ontwerpen van postkantoren op elkaar zouden lijken, wordt er regelmatig gesproken over ‘postkantorengotiek’. Terecht? Onder invloed van Cuypers, was zijn stijl neogotiek, met invloeden van de renaissance. Wikipedia noemt dat deze renaissance invloed afneemt, terwijl die van de “romanogotiek” steeds belangrijk wordt. Het PGNC 24/1/1907 over de stijl van het postkantoor: “De stijl -wij meenen Hollandsche renaissance- herinner aan verschillende in den laatsten tijd elders verrezen rijks-gebouwen“. Ook de tekst tot aanwijzing tot Gemeentelijk Monument noemt het “late neorenaissance”

In 2021 zijn 40 van de 108 postkantoren die Peters heeft ontworpen gesloopt. Een overzicht van 33 foto’s van deze gesloopte kantoren staat op “De gesloopte postkantoren van Rijksbouwmeester Peters” (tevens bron).

Indeling

Oude postkantoor, van Schevichavenstraat (mei 2025)
Oude postkantoor, van Schevichavenstraat (mei 2025)

Op de begane grond bevond zich de afdeling ‘Posterijen’, op de bovenverdieping de ‘Technische Telefoondienst’ en de ‘Telefooncentrale’. Zie ook het verslag van de opening hieronder.

Cornelis Peters

Cornelis Hendrik Peters (Groningen, 1 januari 1847 – Den Haag, 19 december 1932), architect en architectuurhistoricus.

Hij is vooral bekend door zijn ontwerpen van 40 postkantoren en daarnaast van andere overheidsgebouwen als rijksbouwmeester. Ook schreef hij belangrijke pulicaties over architectuurgeschiedenis. Bekende gebouwen zijn het Hoofdpostkantoor in Amsterdam 1895-1899)  en het Ministerie van Justitie in Den Haag (1876-1883). Hij trouwt in 1882 met Leentje Knoop, met wie hij 3 kinderen krijgt.

Jeugd en opleiding

Peters werd als enig kind geboren in Groningen. Hij bezocht het Stedelijk Gymnasium om dominee te worden, maar verliet de school voortijdig. Daarop werd hij in 1862 leerling van de architect A. Breunissen Troost in Sneek, die bovendien directeur was van de plaatselijke gasfabriek.

Op voorspraak van Breunissen Troost kon hij in 1867 zijn leertijd vervolgen bij P.J.H. Cuypers in Amsterdam. Daar was hij op dat moment de enige protestant. Hij leerde hier het neo-gotische werk van E.E. Viollet-le-Duc kennen. Al in hetzelfde wordt hij gestuurd als hoofdopzichter van de bouw van de Sint-Vituskerk in Blauwhuis.

In 1869 wordt Peters directeur van de gasfabriek in Bolsward. Daarnaast vestigt hij zich hier als architect. In 1870 is hij bij de bouw van de Sint-Martinuskerk in Sneek weer hoofdopzichter voor Cuypers. In 1873 gaat hij werken als bureauchef in het atelier voor kerkelijke kunst Cuypers & Stoltzenberg. Daar vertrekt hij in 1875, waarschijnlijk vanwege zijn gezondheid, om enkele maanden te gaan werken bij de behangfabriek Zeller & Co.

Post- en Telegraafkantoor gebouwd in 1908 naar een ontwerp van de architect Cornelis Hendrik Peters bekend door zijn vele ontwerpen van postkantoren en overheidsgebouwen; later is het pand bij het gemeentehuis getrokken, Berg en Dal Heerbaan 156 Millingen aan de Rijn, 1908-1920 (H. v.d. Velden, Millingen via F92646 RAN)
Post- en Telegraafkantoor gebouwd in 1908 naar een ontwerp van de architect Cornelis Hendrik Peters bekend door zijn vele ontwerpen van postkantoren en overheidsgebouwen; later is het pand bij het gemeentehuis getrokken, Berg en Dal Heerbaan 156 Millingen aan de Rijn, 1908-1920 (H. v.d. Velden, Millingen via F92646 RAN)

Rijksbouwkundige voor de Gebouwen van Financiën

In 1876 wordt Peters benoemd tot Rijksbouwkundige voor de Gebouwen van Financiën dankzij Cuypers en zijn medestander Victor de Stuers. Zij hoopten daarmee hun positie te versterken in hun streven naar een nationale bouwstijl.  Deze zou een combinatie moeten zijn van neogotiek, met elementen van de neorenaissance.

Door de benoeming van een protestant konden ze daarmee beschuldigingen pareren dat de overheidsbouw beheerst werd door katholieken. De officiële taak van Peters was het ontwerpen van post- en telegraafkantoren. Bij de invoering van Postwet in 1870 was hier grote behoefte aan. Hij zou echter de eerste jaren vooral werken aan de bouw van het nieuwe ministerie van Justitie in Den Haag.

Rijksbouwkundige voor de Landsgebouwen bij het ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid

Vervolgens wordt Peters in 1878 aangesteld als Rijksbouwkundige voor de Landsgebouwen bij het ministerie van Waterstaat, Handel en Nijverheid. Daarbij kreeg hij een bouwkundig bureau met assistenten. Ook zijn werkterrein wordt groter, waaronder dat van restauraties. Een belangrijk voorbeeld is de restauratie van de Ridderzaal in Den Haag. Bij de splitsing in 1884 in noord en zuid Nederland, krijgt Peters het noorden als werkgebied aangewezen. Hij is dan intussen Rijksbouwmeester.

“Zijn bureau was in het laatste kwart van de 19e eeuw verantwoordelijk voor het ontwerp van ongeveer veertig postkantoren, in eerste instantie steeds uitgevoerd in de door Cuypers bedoelde neogotische stijl met renaissance-invloeden. Geleidelijk liet hij zich steeds meer inspireren door de Groningse romanogotiek uit de 13e eeuw, wat vooral tot uiting kwam in met nissen versierde topgevels. De invloed van de renaissance nam af, al verdween deze nooit helemaal uit zijn werk.” (wikipedia, tevens belangrijke bron van deze paragraaf). Daarbij wordt het hoofdpostkantoor in Amsterdam, gebouwd tussen 1895-1899 gezien als zijn belangrijkste en “meest extravagante werk”

Naast zijn werkgebied, nam Peters een aantal andere opdrachten aan. Een daarvan was het station in Nijmegen. In 1915 gaat Peters met pensioen, hoewel hij actief blijft als schrijver, restauratie-architect en het geven van voordrachten. Peters overlijdt in 1932.

Verbouwing

oude postkantoor van Broeckhuysenstraat (mei 2025)
oude postkantoor van Broeckhuysenstraat (mei 2025)

“In de loop der jaren werd het een en ander aan het grootse complex versleuteld. In 1935 viel de directeurswoning onder de slopershamer, later verdwenen de grote dakkapellen en een klokkentorentje op de binnenplaats. De gevel aan de Van Broeckhuysenstraat werd na de Tweede Wereldoorlog in dezelfde stijl verlengd.” (Noviomagus)

Gemeentelijk monument

Het gebouw is een Gemeentelijk monument sinds 16-10-1996. Formele tekst van het besluit tot aanwijzing: “…Markant gelegen monumentaal pand van goede verhoudingen. Interessant als één van de laatste voorbeelden van grote openbare gebouwen, met name postkantoren, in late neorenaissance stijl.”

Herontwikkeling: Albert Heijn en appartementen

Het postkantoor is in 2006 uit het pand vertrokken. Vervolgens is het verbouwd en aan de achterzijde uitgebreid tot appartementen, met winkels daaronder. Het ontwerp was van Van de Looi en Jacobs Architecten https://vandelooivanaken.nl/project/monument-herbestemming-transformatie-verbouw-renovatie-voormalig-postkantoor-nijmegen/

In 2004 kocht woningcorporatie Talis het gebouw aan. Inmiddels hadden de ruimtes op de verdiepingen al 20 jaar leeg gestaan. Talis wilde het pand verbouwen tot 26 huurappartementen n de vrije sector. Daarbij kwamen 14 appartementen in het oude pand en 12 in een nieuw te bouwen deel. En daarnaast tot 2 winkels op de begane grond en in het souterrain. De commerciële was 2000 m2 groot.

De doelstelling was om zo veel mogelijk ruimte te geven voor de nieuwe gebruiksfunctie. Maar tevens met behoud van de cultuurhistorische waarde. Bovendien maakte de reeds bestaande bebouwing qua ruimte en gevoeligheid het project extra complex, waardoor er een zeer zorgvuldige benadering van dit project nodig was.

Na een bezwaarprocedure (over de maximum toegestane verhouding van de oppervlakte winkelruimte) kon uiteindelijk, zonder aanpassingen van het plan, in 2008 begonnen werden met de bouw.

Het ontwerp was afkomstig van Van de Looi en Jacobs architecten. De bouwer was Giesbers-Wijchen Bouw. De bouwkosten bedroegen 4,4 miljoen euro.

De gemeente Nijmegen verleende een subsidie in het kader van de regeling “Wonen boven winkels”. Deze subsidie werd gesaldeerd met het bedrag dat Talis zou moeten betalen aan het parkeerfonds van de gemeente, aangezien er op eigen terein onvoldoende mogelijkheden waren om parkeerplaatsen te maken.

Deze verbouwing werd genomineerd als BNA gebouw van het jaar en de Houtbouwprijs en de Architectuurprijs van Nijmegen 2009.

Overleg Monumentenzorg

Bij de realisatie van het project vond overleg met de afdeling Monumentenzorg van de gemeente Nijmegen plaats: het oude gebouw moest zo veel mogelijk in oude staat worden hersteld. Aanbouwen aan de achterzijde, die een lage monumentale waarde hadden, mochten worden gesloopt om hier nieuwbouw te realiseren. “De nieuwbouw vormt een stijlvolle toevoeging aan het monument en doet recht aan de oorspronkelijke architectonische visie.”

14 appartementen oude gedeelte

In het oude gedeelte kwamen 14 huurappartementen. Zij hebben een stramien van vier meter, welke overeenkomt met het oorspronkelijke stramien. “In de monumentale voorbouw is een extra verdieping gerealiseerd door de bestaande verdiepingsvloer te verwijderen en twee verdiepingsvloeren terug te plaatsen.“ (Croes)

Wel bleef de “sloop van een deel van een gemeentelijk monument blijft een hachelijke onderneming, ook al heeft dat deel geen enkele architectonische, monumentale waarde (in dit project scheelde het weinig of de Commissie Beeldkwaliteit had bepaald dat een grote zaal behouden zou moeten blijven, vanwege de sociaal-culturele waarde).” (Herbestemming.nl)

Trillingen

Uiteindelijk was de bouw wat duurder en lastiger dan aanvankelijk gedacht.

Er moest rekening gehouden worden met het naastgelegen KPN-gbouw. Hier was belangrijke, trillinggevoelige apparatuur geïnstalleerd. Daarom moesten de verbindingen tussen beide gebouwen worden doorgezaagd, zodat deze apparatuur geen last had van contracttrillingen Ook het slopen moest voorzichtig gebeuren. Daarbij was het verzekeringsbedrag van het project, vanwege de hoge kosten van eventuele gevolgschade, zo hoog dat een middelgrote aannemer deze niet kan verzekeren.

Houtskeletbouw

Een andere moeilijkheid was, dat de exacte draagkracht van de fundering niet bekend was. Daarom werd voor de bouw van de 12 nieuwe appartementen op de bestaande fundering voor lichte houtskeletbouw gekozen. Deze moesten echter ter plekke in elkaar gezet worden, vanwege de beperkte grootte van de bouwplaats. De appartementen hebben 2 etages en hebben dezelfde stramienmaat als het oude gedeelte.

“Alle appartementen worden ontsloten vanuit een hofruimte gelegen op de 1e verdieping tussen de oudbouw en de nieuwbouw. In de bestaande wand langs deze hofruimte zijn de entrees naar de woningen ‘uitgesneden’ en zijn de aanhechtingen van het verwijderde deel zichtbaar, als ‘stille getuigen’ van de ingreep.” https://vandelooivanaken.nl/project/monument-herbestemming-transformatie-verbouw-renovatie-voormalig-postkantoor-nijmegen/ Bovendien vormt hout een mooi contrast met het bakstenen postkantoor.

Albert Heijn

Oude postkantoor, nu Albert Heijn, van Schevichavenstraat (mei 2025)
Oude postkantoor, nu Albert Heijn, van Schevichavenstraat (mei 2025)

De winkels op de begane grond waren noodzakelijk om de kosten van de appartementen gedeeltelijk te dekken: de stichtingskosten van de appartementen waren met € 1600/m2 BVO excl. btw aan de hoge kant; zij bedroegen meer dan 8 maal de huur in 50 jaar. Op de begane grond kwam een Albert Heijn en een sportzaak.

Bij de opening van de Albert Heijn in september 2008 schrijft de Gelderlander: “Subtiele AH-belevenis Geen overdaad aan reclame-uitingen op de eerbiedwaardig oude muren. Er is alleen een lichtbakje met het overbekende AH-logo.” 

De winkel is ingericht als een stadssuper, dan (nog) gericht op een snelle doorstroming: met 700 vierkante meter een relatief kleine winkel. “Veel klanten op een dag, geen wagentjes, wel mandjes. Onze klanten hebben wat te besteden en hebben weinig tijd.”

Daarbij was de Albert Heyn in ieder geval in mei 2020 dicht vanwege een verbouwing “tot ‘het nieuwste winkelconcept van Albert Heijn met meer vers en de nieuwste snufjes’, heet het.” (Albert Heijn in centrum van Nijmegen gaat twee weken dicht, Jacqueline van Ginneken in de Gelderlander, 3-5-2020)

Van de Looi en Jacobs Architecten

Het bureau Van de Looi en Jacobs Architecten (tegenwoordig Van de Looi Van Aken Architecten) is in 1987 opgericht door Frans de Looi en Henk Jacobs en gevestigd in Huissen. “Het bureau werkt aan het ontwerpen van gebouwen en interieurs en aan het uitdenken van kleinschalige stedenbouwkundige plannen.” (Architectuur.org) Het bureau heeft tot 2018 bestaan. In 2019 ging van de Looi aanvankelijk verder als van Looi architecten.

Dick van Aken was bij dit bureau als architect werkzaam tussen 1999-2013, waarbij hij lid was van het projectteam bij het oude postkantoor van Nijmegen. In 2014 begon Dick van Aken zijn eigen bureau Dick van Aken Architectuur.  Aanvankelijk bestond de relatie tussen van Looi architecten en van Dick van Aken Architectuur uit 2 afzonderlijke bureaus die veel met elkaar samenwerkten, totdat ze fuseerden tot Van de Looi Van Aken Architecten. Dit bureau is nu (mei 2025) gevestigd in Arnhem.

Wanneer het bureau in 2010 exposeert worden, naast het oude postkantoor de projecten van de nieuwbouw van het “medisch centrum met appartementen te Hatert en de herstructurering van het wijkcentrum Horstacker met nieuwbouw Gezondheidscentrum Lindenholt”.

Prijzen en nominaties

In 2010 worden een aantal prijzen en nominaties genoemd. Daarbij is het overzicht aangevuld met andere gevonden prijzen:

Prijzen

Opname orthodontiepraktijk in de architectuurroute van de Gemeente Ede

Nominaties

  • 2005 Architectuurprijs Achterhoek
  • 2005 Architectuurprijs Almere
  • 2006 Architectuurprijs 30 jaar bouwen in Almere
  • 2008 Architectuurprijs Gemeente Arnhem 2008
  • 2009 Nominatie BNA gebouw van het jaar regio oost
  • 2009 Nominatie Architectuurprijs Nijmegen

(Overige) Bronnen en verder lezen over het project:

https://vandelooivanaken.nl/project/monument-herbestemming-transformatie-verbouw-renovatie-voormalig-postkantoor-n Het project op de site van het Arhitectenbureau

https://vandelooivanaken.nl/architect-architectenbureau-architecten-arnhem/

https://www.architectuur.org/nieuwsitem/1297/Expositie_Van_de_Looi_en_Jacobs_Architecten.html

https://www.herbestemming.nl/projecten/oude-postkantoor-nijmegen

Omlaaghangende W

Een omlaaghangende en een nog hangende W op het postkantoor van Schevichavenstraat (mei 2025)
Een omlaaghangende en een nog hangende W op het postkantoor van Schevichavenstraat (mei 2025)
2 hangende W's aan het oude postkantoor, van Broeckhuysenstraat (mei 2025)
2 hangende W’s aan het oude postkantoor, van Broeckhuysenstraat (mei 2025)

Een van de bijzonderheden aan het gebouw is de al jaren omlaaghangende “W” aan de kant van de van Schevichavenstraat.

De Van Broeckhuysenstraat laat zien dat het óók mogelijk is dat beide recht kunnen hangen.

Wat de betekenis van deze ‘W’s’ is, is mij (RE) nog niet bekend.

Verslag opening in 1908

Het PGNC schrijft bij de opening in 1908:

Het nieuwe Postkantoor

De leden van de Nijmeegsche Handelsvereeniging zullen door de welwillendheid van heeren direceteuren van Posterijen en Telegrafie-Telefonie, morgenmiddag om 2 uur worden toegelaten tot bezichtiging van het nieuwe gebouw aan de van Schevichavenstraat, dat thans geheel gereed is om in gebruik te worden genomen en ten deele, wat betreft de lokalen bestemd voor den Rijkstelefoondienst, reeds in gebruik genomen is. Bij de opening van de Rijkstelefoon-exploitatie, hebben wij reeds eene uitvoerige beschrijving gegeven van het practisch ingerichte, ruime lokalen voor dezen dienst bestemd, die op de eerste etage in den rechtervleugel van het gebouw gelegen zijn. Daarop behoeft thans dus niet te worden teruggekomen. Doch de geheele inrichting van Post- en Telegraafkantoren, die in het beneden-gedeelte zijn gelegen, is wel een extra woord van waardering waard.

Het uitwendige van het uitgebreide gebouw, dat gelegen is op den hoek van Broekhuijzenstraat en de van Schevichavenstraat, met den hoofd-gevel aan deze laatste straat, doet aangenaam aan. Het is niet een van die monumentale paleizen, zooals men die in het buitenland vaak voor den openbaren dienst ziet opgericht, doch een kloek en toch eenvoudig gebouw, opgetrokken in denzelfden stijl als vele elders opgerichte rijksgebouwen, van frissche baksteen en in aangenaam aandoende verhoudingen. De toren, die voor den Telefoondienst bestemd is, geeft aan den indruk van het geheel een gewenschten afwisseling.

De hoofdingang voor het publiek ligt in de van Schevichavenstraat. Treedt men door de ruime deuren binnen, dan komt men in een gang, die met glazen tochtdeuren leidt naar de ruime hal, voor het publiek bestemd, waaraan de linkerzijde de loketten voor den dienst der Posterijen en ter rechterzijde die voor de Telegrafie uitkomen, terwijl de postpakkettendienst aan achter- en rechterzijde zijne loketten heeft. De hal is met bovenlicht uitstekend helder en in het midden daarvan staat een ruime lessenaar met vakken voor correspondentie. De vloer is afwisselend met groote witte en blauwe steenen belegd, terwijl de eikenhouten betimmering aangenaam aandoet. Een goede maatregel voor orde en netheid is de plaatsing van manden, waarin men papier werpen kan. In deze hal zijn ook de nette koperen loketjes aangebracht met nummers er op, voor het afhalen van brieven door hen, die daarvoor het vereischte recht betalen. Dit is dus het gedeelte wat het publiek ziet, doch wat men niet ziet, neemt een veel grootere ruimte in.

De diensten van Posterij en Telegrafie zijn geheel van elkaar gescheiden en hebben elk hun afzonderlijke ingangen voor personeel enz., die op de plaats, welke ter rechterzijde van het gebouw ligt, uitkomen.

De Posterijen-afdeeling bevat, behalve een afzonderlijk gedeelte voor de Postspaarbank met een wachtkamer, die in de hal uitkomt, een fraaie directeurskamer, een ruim lokaal voor de ambtenaren achter de loketten, eene zaal voor het ontvangen en verzenden der posten, een afzonderlijk lokaal met vakken rondom voor den Pakketdienst, een ruim lokaal, waar de bestellers hun loopen uitzoeken, wachtkamer voor de bestellers, garderobes enz. Alles keurig gemeubeld met eikenhouten kasten, schrijftafels, loketten enz, al te gader zaken om een gemakkelijken, vluggen en geregelden gang van zaken te bevorderen.

De afdeeling van de Telegrafie, uit den aard der zaak van kleiner omvang, heeft een directeurskamer, een lokaal voor de telegrafisten, een ander lokaal voor het technische materiaal, een ruime wachtkamer voor de boden enz. enz., alles eveneens op keurigen voet ingericht.

Het geheele gebouw is van electrische verlichting en centrale verwarming voorzien. De stook-inrichting hiervoor bevindt zich in het ruime sousterrain, wat ook de bezichtiging overwaard is, omdat men hier ziet hoe de draden voor Telegrafie en Telefonie zijn binnengeleid en gevoerd naar de verschillende afdeelingen.

Door het geheele gebouw zijn automatische klokken aangebracht.

Als geheel maakt het inwendige van ons nieuwe Postkantoor een flinken indruk en wij gelooven wel, dat het ook bij toename van het verkeer, wat hier niet uitblijven kan, langen tijd in de behoefte zal voorzien. Ook voor h.h. ambtenaren en beambten komt het ons voor een aangenaam werklokaal te zijn.

De dag der opening zal nader bepaald worden. Wij vernemen medio December. Dit houdt verband met de verlichting, waarvoor door de Gemeentelijke Centrale stroom geleverd zal worden.

Deze nieuwe inrichting voor een zoo drukke en in het verkeer diep ingrijpende zaak als Posterij, Telegrafie en Telefonie is een groote aanwinst voor onze stad- waarom wij het totstand komen daarvan met vreugde begroeten.” (PGNC 18/11/1908)

(Overige) Bronnen en verder lezen

Vergaarbak aan het oude postkantoor, van Broeckhuysenstraat (mei 2025)
Vergaarbak aan het oude postkantoor, van Broeckhuysenstraat (mei 2025)

Wikipedia Cornelis Peters: Beschrijving leven en werk van Peters met lijst van zijn werk

Noviomagus Postkantoor

Noviomagus Lange Hezelstraat 14

Noviomagus Gastredactie Vos Postkantoor

Croes herbestemming Postkantoor

Aanwijzing tot Gemeentelijk Monument

De postkantorengotiek van Cornelis Hendrik Peters: Een interessant artikel over Peters en zijn stijl

De gesloopte postkantoren van Rijksbouwmeester Peters Deze site verzamelt foto’s van alle inmiddels gesloopte postkantoren van Rijksbouwmeester Peters