Van Schaeck Mathonsingel (mei 2026)
#Nijmegen, Centrum

Van Schaeck Mathonsingel

Van Schaeck Mathonsingel (mei 2026)
Van Schaeck Mathonsingel (mei 2026)

Deze pagina verzamelt reeds verschenen artikelen over de Van Schaeck Mathonsingel.

Stadsuitleg

Uitleg van de stad: Nijmegen in 1888 ( KPD-16 detail Bottendaal)
Uitleg van de stad: Nijmegen in 1888 ( KPD-16 detail Bottendaal)

Na afbraak van de vestingwerken wordt er rond het centrum een ring van singels gepland. Aan deze singels komen grote woningen voor rijke inwoners te liggen. Op de kaart van 1888 is te zien hoe het Keizer Karelplein het centrum is waar de radiale wegen van Nijmegen op uit komen. De St. Annastraat en de Graafseweg bestaan al eeuwen. Nieuw is onder andere de groene singel van de Stationsweg, de huidige van Schaeck Mathonsingel.

De Stationsweg was de breedste van deze wegen: de afstand tussen de huizen bedroeg 70 meter. Daarnaast werden alleen vrijstaande villa’s gebouwd, waarvan een aantal op een later moment andere functies kregen. Daarbij kwam er in het midden een 20 meter lange groenstrook.

Maar ook: in ieder geval vinden er in ieder geval nog in 1889, 1891 en 1896 een verpachting plaats van het terrein “tusschen de Graafschestraat, Stationsweg en Van Diemerbroekstraat”. (PGNC 28/4/1889, PGNC 10/5/1891 en PGNC 26/4/1896)

Burgemeester Van Schaeck Mathon Singel

Beeld van de Stationsweg (vanaf 1923 Van Schaeck Mathonsingel), gezien in de richting van het station, met in het midden het plantsoen met de fontein, ontworpen en uitgevoerd in terracotta in 1915 door beeldhouwer en keramist Willem Coenraad Brouwer (Leiden, 19/10/1877 – Zoeterwoude, 23/05/1933), 1917-1919 (Jacob Krapohl via F91530 RAN)
Beeld van de Stationsweg (vanaf 1923 Van Schaeck Mathonsingel), gezien in de richting van het station, met in het midden het plantsoen met de fontein, ontworpen en uitgevoerd in terracotta in 1915 door beeldhouwer en keramist Willem Coenraad Brouwer (Leiden, 19/10/1877 – Zoeterwoude, 23/05/1933), 1917-1919 (Jacob Krapohl via F91530 RAN)

Vanaf 1923 vindt een naamverandering plaats: aanvankelijk Burgemeester Van Schaeck Mathon Singel. En vanaf 1950 zonder “Burgemeester”. De naamswijziging vond plaats vanwege het 25-jarig jubileum dat Van Schaeck Mathon burgemeester was. Op 15 december 1923 vindt de viering daarvan plaats (PGNC 12/12/1923)

Market Garden

Bij de gevechten rondom Market Garden staken de Duitsers de gebouwen aan de zuidzijde in brand. Hier kwamen de flatgebouwen voor in de plaats.

Bloemenvazen

Bloemenschaal Straalmanfonds Schaeck Mathonsingel (april 2025)

De bloemenvazen aan de Van Schaeck Mathonsingel en het Straalmanfonds

In 1915 schonk het Straalmansfonds een fontein voor het plantsoen aan de de Van Schaeck Mathonsingel en in 1916 twee bloemenschalen. Bij de vernieuwing van het park in 2002 bleek de fontein niet meer te redden. Daarvoor in de plaats kwam de fontein met de glazen koepel. De twee schalen konden nog wel worden gerestaureerd.…

Lees verder

Verbouwing tot Hotel Esplanade

De voor- en zuidgevel van Hotel Esplanade; geopend in december 1949, 1/1950 (Commissariaat van Politie Afd. Fotografie via F32520 RAN CC0).
De voor- en zuidgevel van Hotel Esplanade; geopend in december 1949, 1/1950 (Commissariaat van Politie Afd. Fotografie via F32520 RAN CC0).

Het architectenbureau ‘De Jongh, Taen & Nix’  maakte het ontwerp voor het samenvoegen van 2 villa’s aan de Van Schaeck Mathonsingel tot Hotel Esplanade. De opening van dit hotel vond in 1950 plaats.

Chinees-Indisch restaurant “Fong-Shou”

Na het faillissement van het Leupen Concern werd het gebouw in 1975 verkocht. Hierbij was Onroerend Goed en Assurantiekantoor Jetten en Sieverding de koper. Chinees-Indisch restaurant ‘Fong-Shou’ werd in juni 1976 geopend en veel Nijmegenaren zullen het gebouw vooral als dit restaurant herkennen. Op een gegeven moment is het restaurant naar Ewijk verhuisd, waar het in 2014 nog steeds bestaat. De bovenverdiepingen waren verhuurd aan studenten.

Brand en sloop

In 2008 brak er brand uit; op dat moment stond het pand al leeg.  De restanten werden gesloopt, waarna de plek jarenlang gebruikt werd om fietsen te stallen.

https://www.nieuwsuitnijmegen.nl/Nieuws/1981/Nijmegen-Toen-en-Nu.html

F91543 RAN, een foto uit 1957-1959

Van Schaeck Mathonsingel 10

De Van Schaeck Mathonsingel 10 is oorspronkelijk gebouwd als villa. Sinds de jaren 20 was het pand eigendom van de Katholieke Universiteit Nijmegen, die het voor onderwijsdoeleinden gebruikte.

Diogenes

Veel Nijmegenaren zullen het echter kennen als “Diogenes”, de studentenvereniging die er vanaf de jaren 50 zat. Deze vereniging was opgericht om een alternatief te bieden “De vereniging werd in de jaren vijftig opgericht als alternatief “voor de traditionele sociëteit-cultuur. Mede door Diogenes ‘verlinkst’ het studentenleven en komt dichterbij de burger te staan.” (https://www.nieuwsuitnijmegen.nl/Nieuws/1291/Nijmegen-Toen-en-Nu.html) The Police, The Cure, Herman Brood en Frank Boeijen hebben er opgetreden. Ook zal Diogenes bij veel Nijmegenaren bekend zijn van de late uurtjes, waar zij (min of meer) een monopoliepositie in de nachthoreca. “Maar tijden veranderen, door veranderingen van patronen in het studentenleven en versoepeling van de sluitingstijden van de reguliere horeca, moet Diogenes door financiële problemen in 2005 haar deuren sluiten.”

In 2005 ging Diogenes faillet. Daarop gaat vanaf 2006 het pand verder als “Villa van Schaeck”, waar verschillende studentenverenigingen zijn gehuisvest.

https://nl.wikipedia.org/wiki/Van_Schaeck_Mathonsingel_10

Van Schaeck Mathonsingel 12

Het pand van de Diaconie van de Nederlands Hervormde Gemeente, 1972 (Evert F. van der Grinten via F78782 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Het pand van de Diaconie van de Nederlands Hervormde Gemeente, 1972 (Evert F. van der Grinten via F78782 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

Villa dames van Voorthuijssen, architect Semmelink

1882

Stationsweg 3 (tot 1890)

Stationsweg 2/van Schaeck Mathonsingel 2 (na 1890) Ook als bron:

Levensverzekeringsmaatschappij Vitalis, architect Semmelink (RAN) Links het kantoorpand van de N.V. Levensverzekeringsmij. Vitalis en de N.V. Verzekeringsmij. Fiducia (het voormalige woonhuis van S. van Zwanenberg) (adres van Schaeck Mathonsingel 2) (en een elektrische tram van tramlijn 1 (van St. Anna naar Hengstdal en v.v.), 1936-1940 (RAN)
Links het kantoorpand van de N.V. Levensverzekeringsmij. Vitalis en de N.V. Verzekeringsmij. Fiducia (het voormalige woonhuis van S. van Zwanenberg) (adres van Schaeck Mathonsingel 2) (en een elektrische tram van tramlijn 1 (van St. Anna naar Hengstdal en v.v.), 1936-1940 (RAN)

Villa Stella Maris, architect Semmelink

De in 1888 in neo-renaissance stijl gebouwde villa naar een ontwerp van de Nijmeegse architect Dirk Semmelink. In 1924 werd de villa aangekocht door de zusters van Onze Lieve Vrouw van Amersfoort die er een pension voor meisjesstudenten onder de naam Stella Maris in vestigden. In 1945 kocht de Katholieke Universiteit het gebouw als noodlocatie voor in de oorlog verwoeste instituutsgebouwen en in 1947 werd het tevens leeszaal van de bibliotheek (boekentransport per bakfiets tussen depot in de Snijdersstraat en de leeszaal); in 1985 brandde de villa tot de grond toe af, 1950 (F32382 RAN)
De in 1888 in neo-renaissance stijl gebouwde villa naar een ontwerp van de Nijmeegse architect Dirk Semmelink. In 1924 werd de villa aangekocht door de zusters van Onze Lieve Vrouw van Amersfoort die er een pension voor meisjesstudenten onder de naam Stella Maris in vestigden. In 1945 kocht de Katholieke Universiteit het gebouw als noodlocatie voor in de oorlog verwoeste instituutsgebouwen en in 1947 werd het tevens leeszaal van de bibliotheek (boekentransport per bakfiets tussen depot in de Snijdersstraat en de leeszaal); in 1985 brandde de villa tot de grond toe af, 1950 (F32382 RAN)

Hoek Van Schaeck Mathonsingel en Vondelstraat

(Vondelstraat 1, verwoest)

Vondelstraat 1, hoek Van Schaeck Mathonsingel, Vondelstraat 1, 1939 (F10036 RAN)
Vondelstraat 1, hoek Van Schaeck Mathonsingel, Vondelstraat 1, 1939 (F10036 RAN)
De ruïne van het Psychologisch Instituut van de universiteit op de hoek met de Van Schaeck Mathonsingel dat tijdens de periode dat Nijmegen frontstad was, totaal werd verwoest, 9/1944-3/1945 (Anna Huybers via F52144 RAN)
De ruïne van het Psychologisch Instituut van de universiteit op de hoek met de Van Schaeck Mathonsingel dat tijdens de periode dat Nijmegen frontstad was, totaal werd verwoest, 9/1944-3/1945 (Anna Huybers via F52144 RAN)

Ook het pand op de hoek van de Van Schaeck Mathonsingel en de Vondelstraat werd verwoest. Bij de wederopbouw werd verbinding met de Vondelstraat verbroken.

Villa familie Abram van den Bergh-Knurr

Chaletachtig Landhuis, dat tot 1942 bewoond is geweest door de familie Abram van den Bergh-Knurr, directeur Bergoss Oss, 1930 (F21628 RAN)
Chaletachtig Landhuis, dat tot 1942 bewoond is geweest door de familie Abram van den Bergh-Knurr, directeur Bergoss Oss, 1930 (F21628 RAN)

Oorlog en wederopbouw

Van Schaeck Mathonsingel, gezien vanaf het Keizer Karelplein in de richting van het NS-Station, 1939 (ZN24460 RAN)
Van Schaeck Mathonsingel, gezien vanaf het Keizer Karelplein in de richting van het NS-Station, 1939
(ZN24460 RAN)

Op bovenstaande foto is de Van Schaeck Mathonsingel in 1939 te zien. In de Tweede Wereldoorlog werden de villa’s links (de zuidzijde) verwoest.

Het eerste pand links op de foto is Burgemeester Van Schaeck Mathonsingel 5: Villa Hollyden. In 1899 hadden A.W. Weissmann en P.H. van Niftrik vergunning verkregen voor het bouwen van een huis aan de Stationsweg. Voor meer informatie over dit pand en architect Weismann: Noviomagus.nl (tevens bron).

In 1918 kunnen mensen zich aanmelden voor de Cursus in Liturgie bij Mevrouw Jurgens-Prinsen op Stationsweg 5 (De Gelderlander 23/9/1918)

De Barmhartige Samaritaan

1949 Van Schaeck Mathonsingel 12 Centrum

'De barmhartige Samaritaan', reliëf van Pieter d'Hont (1917-1997) uit 1949. Op de voormalige diaconie van de Ned. Herv. Gemeente. Tekst: Doe Gij Desgelijks. Op de bronzen plaquette staat: Ter herinnering aan de hulp van de Ned. Herv. gemeenten Haarlem, Bloemendaal, Heemstede, Haarlem-Noord en Bennebroek, in de oprichting van dit gebouw. 7 Juli 1949 Ned. Herv. Gemeente, 1990-2000 (Martine Ridderbos via F24695 RAN CCBYSA)
‘De barmhartige Samaritaan’, reliëf van Pieter d’Hont (1917-1997) uit 1949. Op de voormalige diaconie van de Ned. Herv. Gemeente. Tekst: Doe Gij Desgelijks. Op de bronzen plaquette staat: Ter herinnering aan de hulp van de Ned. Herv. gemeenten Haarlem, Bloemendaal, Heemstede, Haarlem-Noord en Bennebroek, in de oprichting van dit gebouw. 7 Juli 1949 Ned. Herv. Gemeente, 1990-2000 (Martine Ridderbos via F24695 RAN CCBYSA)

Haarlem hielp Nijmegen.

In de bevrijdingsdagen van Nijmegen in 1944 gingen bij de verwoesting van de Nijmeegse binnenstad ook de kapitale gebouwen van de NHG aan de Oude Stadsgracht in vlammen op.

Dat was een zwaar verlies, dat voor een groot deel hersteld werd door de NHG gemeenten van Haarlem, Bloemendaal, Heemstede, Schoten en Bennekom die de belangrijke som van f300.000 bijeen brachten voor de door hen geadopteerde NHG-gemeente Nijmegen Stad en Land.

De Nijmeegse NHG kon dank zij wijlen notaris Nieuwenhuis, voorzitter van de Diaconie, beslag leggen op een grote villa aan de Burgemeester van Schaeck Mathonsingel, welke na de restauratie kon worden ingericht tot centraal gebouw van de NHG Stad en Land.

Donderdagmorgen werd dit fraaie en officieel in gebruik genomen. Dat ging gepaard met enige feestelijkheden.

Ds. J. van Dijk Djz., sprak als voorzitter van de Kerkeraad het wijdingsgebed. De heer G.J. Jansen, voorzitter van de Diaconie, herinnerde aan het verlies der vroegere gebouwen aan de Oude Stadsgracht, en dankte Haarlem en ommelanden voor de gulle giften van drie ton aan de Diaconie en Kerkeraad.

Mr. Beets uit Haarlem onthulde vervolgens de gedenksteen in de hall van het gebouw. De beeldhouwer Pieter D’Hont heeft daar in relief een prachtige afbeelding gemaakt van de Barmhartige Samaritaan, het blijk van dankbaar Nijmegen aan Haarlem en Ommelanden. Mr. Beest aanvaardde deze gedenksteen namens het adoptiecomité.

….” (Provinciale Noord-Brabantsche courant Het huisgezin, 12-07-1949)

Flats van Schaeck Mathonsingel, architect ten Have

Appartementen aan de Van Schaeck Mathonsingel, architect J.H. ten Have. Gezien in de richting van het Keizer Karelplein, 1960-1965 (Uitg. A.A. van der Borg, Nijmegen via F32513 RAN CCBYSA)
Appartementen aan de Van Schaeck Mathonsingel, architect J.H. ten Have. Gezien in de richting van het Keizer Karelplein, 1960-1965 (Uitg. A.A. van der Borg, Nijmegen via F32513 RAN CCBYSA)

“Een begin is gemaakt met het grondwerk voor de bouw van vijftig flats aan de Van Schaeck Mathonsingel waarover wij onlangs schreven. De Vondelstraat is definitief afgesloten en vrijwel het gehel terrein aan het Stationsplein en de Raad van Arbeid is afgepaald door de bouw van vijf blokken flatwoningen: drie kleine en twee grote woningcomplexen. Aan het Stationsplein blijft dan nog één perceel grond over dat gereserveerd is voor hotelbouw. De drie kleine flatgebouwen worden opgetrokken in drie bouwlagen. Ze zullen ongeveer zeven meter van de weg af liggen, zodat een flink gazon kan worden aangelegd. De twee andere blokken bestaan uit vier bouwlagen. In het bouwplan van architect J. ten Have liggen deze complexen iets teruggetrokken, waardoor hier een voorgazon van twaalf meter kan worden aangelegd. Tussen de verschillende flatgebouwen zal telkens een vrije ruimte van acht meter worden uitgespaard. De flats, die worden gebouwd in opdracht van het Mijnwerkers Pensioenfonds te Heerlen, krijgen in totaal vier en zestig garages, waarvan er twee en dertig vrijstaand achter de woningen zijn gepland en twee en dertig worden ondergebracht in de verschillende souterrains. Daar er meer garages dan flats komen, zal er gelegenheid zijn afzonderlijk voor autostalling te huren. De voorgevels van de huizen worden opgetrokken in grijs-rode baksteen, die wordt afgezet met lichte banden. Verwacht wordt dat de bouw volgend voorjaar zal zijn voltooid.” (Nijmeegsch dagblad, 11-04-1957, met foto werkzaamheden)

Herinrichting

In 2011/2012 wordt de straat opnieuw ingericht. Daarbij werd het plantsoen drastisch veranderd. Onder de singel kwam een parkeergarage voor 680 auto’s. Voor de aanleg van deze garage moesten wel de oude bomen worden gekapt. In oktober 2010 krijgt de gemeente toestemming voor het kappen van 84 bomen (54 haagbeuken en 30 paardenkastanjes).

Daarvoor in de plaats kwamen 112 lindes met een vergelijkbare stamomtrek van 30 centimeter. Deze zijn dusdanig gekweekt dat de wortels horizontaal groeien, zodat zij geen belemmering vormen voor de garage.

In juni 2011 is het diepste punt van de bouw van de parkeergarage bereikt: 8 meter. Wanneer de parkeergarage in 2012 opengaat, vervalt de parkeergelegenheid op de Nassausingel, die op haar beurt weer opnieuw is ingericht.

Reeds verschenen artikelen

Hotel “Victoria”, verwoest bij het bombardement van 22 februari 1944, 1930 (F32629 RAN)

Hotel Victoria

In 1924 ontwerpt architect Charles Estourgie de verbouwing van Hotel Café-Restaurant Victoria. Een aantal verbouwingen zullen volgen, totdat het in 1944 tijdens het bombardement wordt verwoest.

Lees verder
Het Hotel Keizer Karel 1909 architect Maurits F17877

Architectuur van Kneipp instituut/ Hotel Keizer Karel: architecten Knoops en Maurits

Het Hotel Keizer Karel is als uitbreiding van een villa gebouwd in 1893, tussen de toenmalige Graafsche Straat (nu Graafseweg) en Stationsstraat (nu Van Schaeck Mathonsingel). De aanleiding was de oprichting van een Kneipp Instituut, vooral (kortstondig) beroemd door haar warm- en koud water opgietingen. Architecten waren Knoops en Maurits.

Lees verder

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Van_Schaeck_Mathonsingel

https://nl.wikipedia.org/wiki/Van_Schaeck_Mathonsingel_10

https://www.noviomagus.nl/Ansichtkaarten/straten/Vanschaeckmathonsingel/VanschaeckmathonCat.html, met veel foto’s

https://gaypnt.home.xs4all.nl/straatnamen/V.html

https://www.nieuwsuitnijmegen.nl/Nieuws/1291/Nijmegen-Toen-en-Nu.html

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/zaag-in-bomen-van-schaeck-mathonsingel~ac5d6c56/

https://www.straatbeeld.nl/nieuws/ontwerp-van-schaeck-mathonsingel

De gebombardeerde zaak van P. de Gruyter & Zn, gezien in de richting van de Grote Markt, 1944 (GN3819 RAN)
#Nijmegen, Broerstraat, Gebouw van de dag

Vestiging, verwoesting en herbouw De Gruyter in de Broerstraat

De gebombardeerde zaak van P. de Gruyter & Zn, gezien in de richting van de Grote Markt, 1944 (GN3819 RAN)
De gebombardeerde zaak van P. de Gruyter & Zn, gezien in de richting van de Grote Markt, 1944 (GN3819 RAN)

P. de Gruijter & Zoon

Morgen wordt in de Broerstraat No. 62 de nieuwe winkel van de N.V.P. de Gruyter geopend.

Na verbouwing van het vroegere pand heeft men thans een modern winkelpand gekregen, dat de massa… En dat is toch allereerst de bedoeling van de moderne winkelbedrijven.

De architect der firma, de heer Wildschut, heeft voor het De Gruyter-bedrijf een voorname pui en nog attractioneeler interieur geschapen, dat tegelijk doelmatig en decoratief is.

De pui, in forsche lijn gehouden, is aantrekkelijk tegelijk en voert oogenblikkelijk den voorbijganger door de twee breede en schitterende vitrines welke tegelijk een schitterenden doorkijk geven op het interieur, dat er prachtig verzorgd uitziet.

Men kent de stijl der De Gruyter-winkels, waarvan men er tientallen door heel het land aantreft.

Maar iedere nieuwe winkel- mits deze op stand staat- is alweer sierlijker en fijner ingericcht dan de voorganger.

De bouwmeesters der De Gruyter-winkels verstaan de kunst met kleuren en lijnen te werken, en zoo noodig tegenstellingen te scheppen, welke aandacht vragen.

Zoo is de bovenrand van den winkel ingenomen door illustratieve voorstellingen van binnen- en buitenlandsche gebruiken in de gezinnen, waar de huiselijkheid den boventoon voert bij de thee of bij de koffie. Men bewondert oud-vaderlandsche winkelbedrijven en moderne bedrijven. Deze folkloristische beelden, veervaardigd op de plateelbakkerij Zuid-Holland vormen een rijke randversiering boven de zakelijkheid van den modernen winkel.

Boven de winkelvakken, waarin de verschillende artikelen worden bewaard, zijn sierlijke lichtbakken geplaatst, welke bij avond rood of wit aangeven de artikelen, welke in dat bepaalde vak geborgen zijn.

In tegenstelling met vroeger zijn de winkelbakken niet meer van hout maar van staal vervaardigd, welke geheel uitneembaar zijn.

De winkelinrichting, welke uit koper, staal, marmer en glazuursteen is opgetrokken is geheel ingesteld op de uiterste zindelijkheid en op behoud van de kwaliteiten der artikelen. Zoo wordt de bekende De Gruyter’s koffie in haar beste hoedanigheden en variëteiten uit luchtdichte silo’s verkocht, waardoor het heerlijke aroma volkomen behouden blijft.

De margarine wordt in ijskasten bewaard.

Vanuit eigen fabrieken in ’s Hertogenbosch worden dagelijks De Gruyter’s koffie, thee, cacao en grutterswaren naar de filialen verzonden, echter niet dan na een zorgvuldige controle in proeflokaal en laboratorium.

De winkel welke een aanwinst is voor de Broerstraat als bedrijfsstraat, is een der fraaiste winkels van het land, dat volgens een propagandistisch lichtbeeld in den winkel, bijna in iedere stad zijn De Gruyter’s winkels heeft.

Bij de opening van de nieuwe zaak bij de firma De Gruyter biedt zij haar cliëntѐle bijzondere attracties. Wij verwijzen daarvoor naar de advertentie in dit blad.

In het bijzonder moet nog vermeld worden de cassa, die in De Gruyter’s winkel zoo’n voorname rol speelt. Deze cassa immers geeft aan de huisvrouw de waardevolle 10% bons. Voor elke f10 van deze bons ontvangt de klant f1 terug.

De verbouwing van het nieuwe pand is uitgevoerd door de Nijmeegsche aannemersfirma Kloosterman & Detmers. De lichtinstallatie is aangebracht door het electronische bureau J. van Kleef.

De bovenverdieping van het kapitale pand in de Broerstraat No. 62 is niet veel veranderd. De groote kamers zijn ingericht tot berglokalen van de verpakte artikelen. Het sousterrain wordt deels ingenomen als opslagplaats van losse goederen in balen.

De firma De Gruyter heeft hier ter stede nog zaken op het Mariaplein en aan de St. Annastraat en een verzendkantoor in de Pontanusstraat.” (De Gelderlander 18/9/1935)

De gebombardeerde zaak van P. de Gruyter & Zn, gezien in de richting van de Grote Markt, 1944 (GN3819 RAN)
De gebombardeerde zaak van P. de Gruyter & Zn, gezien in de richting van de Grote Markt, 1944 (GN3819 RAN)

Noodwinkel

De Mariënburg in de richting van de Lange Koningstraat, links het Arsenaalgebouw, rechts de noodwinkel van de Gruyter, 1950 (F29844 RAN)
De Mariënburg in de richting van de Lange Koningstraat, links het Arsenaalgebouw, rechts de noodwinkel van de Gruyter, 1950 (F29844 RAN)

Herbouw De Gruyter in de Broerstraat, architect Wilschut

1950 Broerstraat 62

Nieuwe glorie in de Broerstraat

P. de Gruyter en Zn. geopend

Weer een nieuwe winkel geopend. De uitwerking van dit bericht wordt steeds minder. Bijna iedere dag kunnen wij melding maken van een herrezen pand, van een stukje Nijmegen, dat in nieuwe luister is verschenen. Gisteren werd in de Broerstraat het nieuwe filiaal van de firma P. de Gruyter & Zn geopend op de plek waar het oude werd verwoest.

Ook deze firma verloor tijdens het bombardement van Februari 1944 haar winkel. Het werd geruïneerd door de brand die veroorzaakt werd door het bombardement. Na de oorlog richtte men een noodfiliaal op Mariënburg op. Toen echter in Februari van dit jaar de gemeentelijke goedkeuring kwam om te bouwen, ging men zo snel als maar enigszins mogelijk aan de gang. Met het gevolg dat- en ongeveer een half jaar later- het prachtige nieuwe pand staan aan wat straks ongetwijfeld de Kalverstraat van Nijmegen zal worden. De fa. Hiemstra ondervond tijdens het bouwen geen moeilijkheden zo verklaarde men ons. De materialen waren aanwezig en alleen de kelder veroorzaakte enige vertraging, doordat men drie meter dieper moest graven dan men aanvankelijk had gedacht. Dat De Gruyter er vaart achter zet blijkt uit het feit, dat Maandag reeds wordt begonnen met de bouw van een nieuw filiaal, het zevende, aan de Voorstadslaan hoek Biezenstr.

Het door architect T. Wilschut uit Den Bosch gemaakte ontwerp mag er zijn, zowel bezien uit zakelijke overwegingen als uit een oogpunt van interieur-verzorging. De winkel is uitgevoerd in notenhout, marmer en plateel. De marmeren toonbanken zijn van een nieuwe uitvoering, die haar doeltreffendheid in de praktijk wel zal bewijzen. Zij bestaan n.l. uit drie trappen, als wij dat zo mogen noemen. De koper vindt vooraan de toonbank een brede richel, waarop hij een boodschappentas kan plaatsen, dan volgt een verhoging met biskwie-bakken en daarachter de ruimte voor de verkoopsters, om de waar in te pakken. De wanden zijn versierd met Oud-Hollandse prenten, die op plateel zijn uitgevoerd. Beneden de winkel is een ruime droge en hygiënische opslagkelder met een losbak naar de achteruitgang, die uitkomt op de achterweg, bereikbaar door de grote achterpoort in het pand van Kloosterman. Boven de winkel zijn twee ruime flats, zodat ook weer de nodige woonruimte is gewonnen. Een nieuwe aanwinst voor de Broerstraat, voor Nijmegen, die zich langzaam maar zeker hersteld van oude wonden en krachtig de toekomst tegemoet treedt.” (Nijmeegsch dagblad, 29-9-1950)

Broerstraat 39 (maart 2026)
#Nijmegen, Broerstraat, Centrum, Gebouw van de dag, Molenstraat

Jaegerhuis, architect Okhuysen

1952 Broerstraat 37-39

Broerstraat 39 (maart 2026)
Broerstraat 39 (maart 2026)

Rond 1932 heeft W. Scholte-Derks de winkel van H. Brunninkhuis op de Molenstraat 23 overgenomen. Een van haar specialiteiten is het Jaeger ondergoed. Een verbouwing van ’t Jaegerhuis volgt in 1940, waarvan Okhuysen de architect was. Nadat de winkel tijdens het bombardement was verwoest, volgt uiteindelijk in 1952 de herbouw aan de Broerstraat. Ook hier leverde Okhuysen het ontwerp.

Vooraf

In PGNC 20/9/1929 is nog een advertentie van Bruninkhuis zelf gevonden, waarin ook met Jaeger ondergoed wordt geadverteerd. Jaeger is een soort gebreid, wollen ondergoed.

Brunninkhuis zat vanaf 1912 op dit adres. Lees hier hier artikel over de opening en de verbouwing door van den Boogaard:

In ieder geval komt de naam ’t Jaegerhuis voor in een advertentie in De Gelderlander 21/10/1933 voor (als afgiftepunt voor stomerij/ververij “Het Firmament”).

Advertentie Scholte-Derks Molenstraat (PGNC 23-9-1932)
Advertentie Scholte-Derks Molenstraat (PGNC 23-9-1932)

1940 Verbouwing Jaegerhuis, architect Ockuysen

De Molenstraat , gezien in zuidelijke richting , met links 't Jaegerhuis Damesmode en daarnaast de (oude) Petrus Canisiuskerk , de pastorie en het Oud Burger Gasthuis, 1934-1944 -afgaande op de verbouwing is de foto van na 1940 (GN5431 RAN)
De Molenstraat , gezien in zuidelijke richting , met links ’t Jaegerhuis Damesmode en daarnaast de (oude) Petrus Canisiuskerk , de pastorie en het Oud Burger Gasthuis, 1934-1944 -afgaande op de verbouwing is de foto van na 1940 (GN5431 RAN)

Het Jaegerhuis: Ingrijpende moderniseering

De firma W. Scholte-Derks, die bovengenoemde zaak in tricotages sinds jaren gevestigd heeft aan de Molenstraat 23, naast de kerk, heeft haar pand verbouwd en uitgebreid. De geheel gemoderniseerde winkel is hedennamiddag geopend. De verbouwing is geschied onder architectuur van bouwbureau Ockhuizen en is uitgevoerd door het aannemersbedrijf De Groot. Het moderne interieur vormt met de pui een mooi geheel. De eiken betimmering, die aan weerszijden de zaak verfraait, wordt afgewisseld door geslepen glazen kasten, waarin sjaals, fijne zakdoeken, corsages, handschoenen, enz. op smaakvolle wijze zijn geëtaleerd. Ook het glas in loodwerk, geleverd door de firma Ockhuizen is op kunstige manier aangebracht en in lichte kleuren gehouden; het brengt warmte aan het geheel. Het schilderwerk van de firma Tesser past zich goed bij deze moderne zaak aan en geeft haar cachet. Het Jaegerhuis is er zeer op vooruit gegaan.” (PGNC 18/12/1940)

‘t Jaegerhuis plaatst in 1941 de nodige kleine advertenties voor kousen reparatie, zoals in PGNC 25/8/1941. Ook in de jaren daarna, in de noodwinkel op de Bisschop Hamerstraat (onder ander De Gelderlander 28/1/1952) en de nieuwe winkel in de Broerstraat (onder andere De Gelderlander 8/11/1952), zal ze regelmatig met kousen-reparatie adverteren.

Tijdens het bombardement van februari 1944 werd ook dit pand verwoest.

Noodwinkel

De etalage van de noodwinkel van W. Scholte - Derks: "het Jaegerhuis", Bisschop Hamerstraat 23, 1950 (GN3558 RAN)
De etalage van de noodwinkel van W. Scholte – Derks: “het Jaegerhuis”, Bisschop Hamerstraat 23, 1950 (GN3558 RAN)

Afgaande op het nieuwbouwartikel uit 1952, heeft ’t Jaegerhuis daarna haar winkel gehad op het Mariënburgplein. Hierover zijn nog geen verdere gegevens gevonden. Wél een aankondiging “Wij zijn weer geopend!” in De Gelderlander 15/11/1944. Dan is haar adres van 9.30-12.00 Oranjesingel 36 en na 12.00 Bisschop Hamerstraat 3 (De Gelderlander 15/11/1944).

Uiteindelijk zal de ’t Jaegerhuis een van de noodwinkels op de Bisschop Hamerstraat betrekken, zie de bovenstaande foto.

Let op de foto op het 4-Daagse doek. In 1953 heeft ’t Jaegerhuis ook de alleenverkoop van het St. Steven-doek: “In opdracht van “’Jaegerhuis”, vervaardigd op Neêrlands beste weefgetouwen, een bij uitstek geschikt aandenken voor u en uw kennissen. De St. Steven-doek zal evenals onze bekende 4-daagse doek bestemd zijn om de faam van Nijmegen vér uit te dragen.” (De Gelderlander 6/7/1953)

1952 Nieuwbouw Broerstraat

Broerstraat 37-39

Het Jaegerhuis, de etalages van het nieuw gebouwde pand aan de Broerstraat 37; 1952 (GN3835 RAN)
Het Jaegerhuis, de etalages van het nieuw gebouwde pand aan de Broerstraat 37; 1952 (GN3835 RAN)

In het weekend van 1952 (“gisteren”, Nijmeegsch dagblad, 7-11-1952) gingen 3 winkels in de Broerstraat open. Een van de winkels was ’t Jaegerhuis, de andere 2 Bakkerij Strik en de Society Shop. Het Nijmeegsch Dagblad:

“In de morgenuren werd op de nummers 37-39 geopend “’t Jaegerhuis”, dat zich heeft gevestigd in een fraai pand, door de architect J.D.A. Okuijsen en de aannemer De Groot gebouwd. Er is een zeer fraaie winkelruimte geschapen, met daarachter paskamers en kantoor, waarin de meubelfabrikant Wageningen een smaakvolle betimmering aanbracht. In een der wanden trekt de bijzondere aandacht het prachtige gebrandschilderde raam dat door de kinderen van de heer en mevrouw Scholte-Derks gistermorgen ter gelegenheid van de opening van de zaak werd aangeboden. Het is vervaardigd door pater de Visser van de Van Eyck-academie uit Maastricht. Vanzelfsprekend werden bij de opening vele hartelijke woorden gesproken, onder meer door wethouder Beukema namens het gemeentebestuur. Deze roemde de spirit en de geestkracht welke nodig waren om deze herbouw tot stand te brengen nadat ’t Jaegerhuis tot tweemaal toe (eert op de Molenstraat, daarna op het Mariënburgplein) werd getroffen.”

Het Jaegerhuis aan de Broerstraat 37, in verband met de opening van het nieuwe pand; 1952 (GN3842 RAN)
Het Jaegerhuis aan de Broerstraat 37, in verband met de opening van het nieuwe pand; 1952 (GN3842 RAN)

In 1956 houdt zij 2 dagen een modeshow van bad- en strandmode (De Gelderlander 12/5/1956).

In ieder geval komt ’t Jaegerhuis nog voor in het Adresboek 1971.

Vervolg

Broerstraat 39 (maart 2026)
Broerstraat 39 (maart 2026)

In ieder geval zit in maart 2026 het Italiaanse lingerie bedrijf Intimissimi in de winkel.

Daarvoor was het een Levi’s winkel, welke in februari 2024 te huur is (Oozo.nl). Levi’s zelf zat er vanaf ongeveer 2016/2017 (aanvraag omgevingsvergunning en Noviomagus.nl) en daarvoor Invito.

Zie voor foto’s en een verder artikel Noviomagus.nl.

J.D.A. Okhuysen, architect

Johannes Damianus Antonius Okhuysen (of Okhuijsen, Nijmegen, 11-10-1905 – 15-9-1983) lijkt vooral als architect van de wederopbouw veel gebouwen in…

Vonckstraat: Woningen, gebouwd door de Stichting Volksbelang van 1895, gezien vanuit de Prins Bernhardstraat in de richting van de Groesbeeksedwarsweg, 1983 (Frank Eliëns via F10030 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Volksbelang

Vonckstraat: Woningen, gebouwd door de Stichting Volksbelang van 1895, gezien vanuit de Prins Bernhardstraat in de richting van de Groesbeeksedwarsweg, 1983 (Frank Eliëns via F10030 RAN)
Vonckstraat: Woningen, gebouwd door de Stichting Volksbelang van 1895, gezien vanuit de Prins Bernhardstraat in de richting van de Groesbeeksedwarsweg, 1983 (Frank Eliëns via F10030 RAN)

Oprichting Volksbelang

Op 9 januari 1895 richten een aantal (veelal gegoede) Nijmegenaren de Vereeniging Volksbelang op, met als doel “de verbetering der arbeidende klasse en verdere minvermogenden te Nijmegen”. De oprichters zijn:

Acte van stichting Vereeniging Volksbelang, 9/1/1895 (Inventarisnr 146, archiefnr 446, actenr 16 RAN)
Acte van stichting Vereeniging Volksbelang, 9/1/1895 (Inventarisnr 146, archiefnr 446, actenr 16 RAN)
  • G.J. (Gerrit Jan) van Gendt, rentenier, wonende te (Neerbosch doorgehaald) Hees
  • P.H. (Pieter Hendrik) Noorduijn, dijkgraaf van het polderdistrict Rijk van Nijmegen
  • Mr. A. (Aert) van der Goes, advocaat en procureur
  • L.C. (Lambertus Cornelis) van Engelenburg, bankier, kassier en commissaris in effecten
  • F.P. (Franciscus Philippus) Thijssen, koopman
  • Doctor J.W.C.M. (Johannes Willem Carel Marie) van der Sijp, arts
  • P.F. (Phiiip Frank) Laging Tobias, zonder beroep, Lent
  • G.H. (Geert Hendrik) Geertsema, ijker
  • C.A. (Constant Atrische ?) Steur, zonder beroep
  • Doctor. W.J. (Wouter Johannes) Kolff, medicinae doctor
  • A.M. (Adriaan Marius) van Voorthuijsen, schoolopziener
  • B.A. (Benjamin Leonard) Ornstein, zonder beroep
  • C.A.E. (Christiaan Antonius Edmundus Courbois, notaris
  • W.E. (Wander Elibertus) Hijink, notaris
  • Jonkheer Meester F.X.G.M. (Franciscus Xaverius Gerhardus Maria) van Nispen tot Sevenaer, zonder beroep
  • Jonkheer Meester C.C.G. (Carel Cijprioioen? Gerard) de Pesters, zonder beroep
  • Aeg. (Aëgidius) Timmerman, zonder beroep

Het PGNC vermeldt Geertsema pas de volgende dag. Aangezien hij de gemeente gaat verlaten, is hij geen bestuurslid (Acte, PGNC 29/1/1895 en PGNC 30/1/1895).

“Ter bereiking van het beoogde doel zullen ten

1e. goede en goedkope arbeiderswoningen worden gebouw en

2e woningen, die bij uitstek als ongezond bekend staan, bij voorkomende gelegenheden worden opgkocht om hetzij verbeterd, hetzij gesloopt te worden, dit laatste echter slechts uit de overwinsten der stichting.

Voor het bereiken van haar doel wil de stichting een geldlening van in totaal 125.000 gulden aangaan, waar intussen 53.000 gulden is geplaatst in de vorm van aandelen, waarover 3% rente zal worden uitgekeerd.

“Wij vertrouwen, dat niet ten onrechte de mannen, die dit inderdaad goed werk hebben aangevat, op den steun hunner stadgenooten rekenen. Zeer terecht merken zij op, dat men daardoor medewerkt tot het bereiken van een doel, dat van overwegend maatschappelijk belang moet worden geacht, niet alleen door de beoogde bevordering van de moreele en materieele welvaart der volksklasse, maar ook door de daarmede gepaard gaande verbetering van den algemeenen gezondheidstoestand in deze stad.” (PGNC 29/1/1895)

Aankoop grond

Op 1 februari 1895 koopt van de landbouwer Cornelis Derks “Een perceel bouwland nabij het gemeente Kerkhof te Nijmegen, kadastraal bekend Gemeente Hatert Sectie A Nummer 175 bouwland groot veertig aren tachtig centiaren” voor 2.800 gulden (Inventarisnr 112, archiefnr 450, Actennr 4501)

Geldlening

Singendonckstraat 12 - 18, september 1988 (Ber van Haren via KN12989-13 CC0)
Singendonckstraat 12 – 18, september 1988 (Ber van Haren via KN12989-13 CC0)

Het verkrijgen van de benodigde leningen gaat mogelijk wat moeilijker dan verwacht. Het PGNC plaatst op 12 februari 1895 een herinnering, dat de inschrijvingstermijn op 15 februari zal verstrijken: “Naar hetgeen wij vernemen, wekt deze nieuwe stichting wel veel sympathie, doch schijnen velen de deelneming toch van uit een onzes inziens verkeerd standpunt te beschouwen; zij achten dit eenigzins eene gift, en dit is het volstrekt niet.” Het bestuur benadrukt dat het daadwerkelijk om een lening gaat, zij het niet vrij verhandelbaar. En ze onderbouwt de rente van “slechts” 3%: veel soliede beleggingen zouden sowieso niet meer dan 4% opleveren. Daarbij is “het ook eigenlijk de eenige opoffering, “die voor het goede doel wordt gevraagd”. Bovendien hebben de bestuursleden gezamenlijk al f50.000,- ingelegd.

Aanleg 3 straten?

Interessant daarbij is de Gemeenteraadsvergadering van 28-6-1895: Volksbelang heeft daarbij aan de gemeente gevraagd op haart terrein “gelegen tusschen de Groesbeekschn dwarsweg en de Algemeene Begraafplaats” 3 wegen aan te leggen met een breedte van 12 meter. B en W stelt voor afwijzend te reageren, maar dat de gemeente bereid is om de 3 wegen op kosten van Volksbelang aan te leggen, waarbij Volksbelang de grond afstaat.

De gehele gemeenteraad vindt dat Volksbelang belangrijk werk wil verrichten om voor betere woningen voor de arbeidende klasse zorg te dragen. Zij is echter bang dat zij niet weet welk “nieuw pad” de gemeente in zal gaan wanneer men dit voorstel mee gaat wanneer men het voorstel van Volksbelang ten volle zou steunen. Daarop wordt besloten om de vooralsnog eerst de aanleg van de middenweg aan te leggen en voorlopig de andere 2 niet. Uit de besprekiing blijkt bovendien dat Volksbelang daarvóór reeds een voorstel had ingediend welke was afgekeurd door de gemeente: daarbij ging  het om 3 wegen waarbij alleen de middelste weg 12 meter breed zou zijn en de andere 2 10 meter. Daarbij zouden deze wegen doorlopen tot de begraafplaats. (PGNC 30/6/1895).

Volksbelang vraagt daarop de aanleg van een weg aan, zodat zij de eerste 55 woningen kan bouwen. Dit voorstel neemt de Gemeenteraad de volgende vergadering, op 13 juli 1895, aan (PGNC 14/7/1895 en Verslag der Gemeente 1895).

In 1897 verzoekt Volksbelang tot de verharding van de 3e straat. Deze wordt gehonoreerd (Gemeenteverslag 1897). Daarbij lijkt de 2e straat ook in 1895 te zijn gerealiseerd.

In 1898 neemt gemeente Nijmegen de 3 straten van Volksbelang over (Gemeenteverslag 1898)

18995/1896: Eerste 55 woningen: Volksbelang I

Singendonckstraat (maart 2026)
Singendonckstraat (maart 2026)

Het betreft de huidige Singendonckstraat en zuidzijde van Lyndenstraat

Op 20 augustus 1895 besteedt architect W.J. Maurits de bouw van 55 woningen “op een terrein, gelegen aan de Groesbeeksche Dwarsstraat te Nijmegen” aan. Hiervan was Verheij met f72.000 de laagste inschrijver (PGNC 8/8/1895 en PGNC 21/8/1895). Het werk werd die avond nog niet gegund en waarschijnlijk is deze gunning niet doorgegaan: het PGNC schrijft een aantal maanden later, op 22/12/1895 dat er “gisteren” een onderhandse aanbesteding is geweest. Daarbij is het werk gegund aan de laagste inschrijvers, Smit en Opsomer voor f72.685,-.

Het PGNC over de eerste 55 opgeleverde woningen:

“Sinde eenigen tijd zijn op het ruime en reeds door twee breede wegen doorsneden terrein ten oosten van de Gemeentelijke Begraafplaatsen een aantal eenvoudige woningen verrezen. Het zijn de arbeiderswoningen, vijf-en-vijftig in getal, van de stichting Volksbelang, welke voor eenigen tijd alhier werd opgericht door eenige gegoede stadgenooten, die tegen matige rentevergoeding hun geld voor dit van practisch philantropischen zin getuigend plan beschikbaar stelden.

Nauwelijks gereed, waren nagenoeg alle huisjes verhuurd, wel een bewijs, dat zij aan eene groote behoefte voldeden. En het loont waarlijk wel de moeite eens te gaan zien, hoe flink en degelijk Volksbelang haar taak heeft uitgevoerd. Ieder huurder heeft een afzonderlijk huisje- er zijn er in twee grootten- benevens een niet onaardig stukje tuin. De huisjes zijn geriefelijk ingericht, van verschillende gemakken voorzien en, behalve de benedenvertrekken, is op de zolders ook nog voor een ruime kamer gezorgd, wat gezinnen met meerdere kinderen zeker zeer welkom is. Ook laat de afwerking niets te wenschen over.

Waar aanvankelijk deze stichting reeds op een zóó groot succes mag bogen, vertrouwen wij, dat zij niet zal dralen verder op dezen weg voort te gaan, daarbij gesteund door velen, die op deze wijze hunne medewerking willen verleenen, om aan den arbeider een aangename, ruime en gezonde woning tegen een niet te hoogen prijs te bezorgen.” (PGNC 21/10/1896)

Bij de 2e jaarvergadering van Volksbelang worden 2 nieuwe bestuursleden gekozen:

  • Louis Terwindt
  • O.J.G. van Wageningen

Zij vervangen C.A. Steur die is overleden en Aeg. Timmerman, die gestopt is als bestuurslid.

“De tot dusver gebouwde woningen, 55 in aantal, welke allen zijn verhuurd, voldoen uitstekend, en blijken in groote behoefte te voorzien. Voortdurend melden zich nieuwe huurders aan. Het bestuur heeft dan ook besloten tot den bouw van nieuwe woningen over te gaan, voorloopig tot een aantal van 24.” Daarna volgt een oproep om een obligatielening af te sluiten. (PGNC 11/3/1897)

1897 24 woningen Volksbelang II

Het betreft de noordzijde van huidige van Lyndenstraat en 6 woningen aan Groesbeeksedwarsweg (Behuisd in ’t Volksbelang)

1898: 37 woningen Volksbelang III

Het betreft de huidige Vonckstraat.

Qua nieuwbouw is Volksbelang III het laatste van dit bouwproject.

2008: Vernieuwbouw

Van Lyndenstraat: 'Vernieuwbouw' en renovatie van de Volksbelang buurt, 2008 (Jan Eichelsheim via DF124 RAN CCBYSA)
Van Lyndenstraat: ‘Vernieuwbouw’ en renovatie van de Volksbelang buurt, 2008 (Jan Eichelsheim via DF124 RAN CCBYSA)
Van Lyndenstraat: 'Vernieuwbouw' en renovatie van de Volksbelang buurt, 2008 (Jan Eichelsheim via DF123 RAN CCBYSA)
Van Lyndenstraat: ‘Vernieuwbouw’ en renovatie van de Volksbelang buurt, 2008 (Jan Eichelsheim via DF123 RAN CCBYSA)
Het Kolpinghuis (Katholieke Gezellen Vereeniging) gezien in de richting van de Bloemerstraat, 1930 (F32559 RAN)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Het Kolpinghuis (Katholieke Gezellen Vereeniging)

Smetiusstraat 1

Het Kolpinghuis (Katholieke Gezellen Vereeniging) gezien in de richting van de Bloemerstraat, 1930 (F32559 RAN)
Het Kolpinghuis (Katholieke Gezellen Vereeniging) gezien in de richting van de Bloemerstraat, 1930 (F32559 RAN)

Het Kolpinghuis is gebouwd als verenigingsgebouw voor de Katholieke Gezellenvereeniging, ook wel St. Jozef Gezellenvereniging genoemd. De architect was Pierre Cuypers. Doordat de vereniging hard groeide, was het gebouw al gauw te klein. In 1890 ontwierp architect A. van de Boogaard de verbouwing, waarbij het gebouw fors werd uitgebreid. Daarna volgden meerdere verbouwingen.

Kolpinghuis Jozefshof Katholieke Gezellenvereeniging

Het pand van de Katholieke Gezellenvereeniging (de St. Josephshof, later het Kolpinghuis) is in 1882 ontworpen door P.J.H.(Pierre) Cuypers ; gezien vanuit de Nassausingel ; links de Van Berchenstraat, Smetiusstraat, 1882 (F68520 RAN)
Het pand van de Katholieke Gezellenvereeniging (de St. Josephshof, later het Kolpinghuis) is in 1882 ontworpen door P.J.H.(Pierre) Cuypers ; gezien vanuit de Nassausingel ; links de Van Berchenstraat, Smetiusstraat, 1882 (F68520 RAN)

Het Kolpinghuis is gebouwd als verenigingsgebouw voor de Katholieke Gezellenvereeniging, ook wel St. Jozef Gezellenvereniging genoemd. De architect was Pierre Cuypers.

Mei 1881 inwijding

Jozef in de steigers (maart 2026)
Jozef in de steigers (maart 2026)

In mei 1881 vond de inwijding plaats van de Jozefshof plaats., hoewel het gebouw nog niet volledig was afgewerkt.

Hieronder de tekst, die echter moeilijk leesbaar was. Tussen aanhalingstekens staat de vermoedelijke, ontbrekende tekst:

Jozefshof

(…) is Jozefshof, het gebouw (van de Ge)zellen-Vereeniging ingewijd. Ofschoon (het niet) geheel afgewerkt, spreekt het reeds dui(delijk ee)n eenvoudig, ernstig woord in gevelvorm (…). Voor de geheele voltooiing zullen (wij on)ze lezers niet met den vinger wijzen (op d)e sierlijke lijnen, het natuurlijk kleuren(spel de)r oud hollandsche baksteenen, de opwek(kende) tinten en verven, het doelmatige van (het bou)wplan enz. Later zullen wij de gele(genheid) vinden, te beschrijven wat de stift van (…) aan Nijmegen geschonken heeft.

(…) het dak wapperde de vaderlandsche drie(kleur,…) de zaal, smaakvol met vlaggen, groen (… bloemen) getooid, had naast het beeld van (de be)schermheilige, de beeltenis van den Paus (en van) onzen Koning. Toepasselijke kernspreu(ken …) schilden met de stedelijke kleuren de (…) der steden van Nederland die de Ge(zellen-)Vereeniging bezitten, het geheel met met (den Paus)elijke en Oranjekleuren, dit alles drukte (…) feestelijkheid uit van het samenzijn.

(…)eerstelingen onder de gezellen die zich (uit deze?) stad naar de voorschriften der Gods(dienst to)t brave, kundige, werkzame ambachts(lieden en) tot nuttige burgers willen ontwikkelen, (… eer)waarde geestelijken zoo van elders als (van hie)r, tal van eereleden en belangstellenden (…)e ruime zaal.

(De opr)ichter van onzen Jozefshof, de Eerw. (Hoc)tin, sprak hij zijne openingsrede een har(telijk wel)komstwoord tot allen, stapte bescheiden over (…)legging van alles, zijn eigen werk, heen, om (…)ren voor te stellen, die uit den aard der (…)n het groote doel, verbeteren, vere(delen? va)n den werkmansstand, dien steun der (maatsch)appij, in den weg staan.

(…)dit groote doel aan aller belangstelling (kan worde)n aanbevolen, ging hij onder psalm(…)ot het naar kerkelijke ritus ingezegenen (van het) gebouw over. Hierna trad de centrale (…) der Vereeniging in Nederland, de Eerw. (heer van) Nispen op, die na gelukwenschen (van het t)ot stand brengen der edele stichting (… st)ad, oorsprong, doel en werking der (…)Vereeniging uiteenzette.

(…) iemand over eene zaak spreekt, die (vanuit?) het bloed, in de ziel gedrongen om (…) te leven en te sterven, zoo sprak hij (over de?) geliefde vereeniging.

… Kolping, den eenvoudigen, deugdzamen (…)ersgezel en priester, Gods leiding (…)vader der Gezellen-Vereening, hare (geschieden)is en bloei in Duitschland, in gansch (…) America, schetste hij in breeden (…)r toch zoo met feiten en (?…), om van het dagelijksch leven en streven van den ambachtsstand licht en schaduw te doen zien, en het hooge nut der vereeniging aan te toonen.

Zucht naar genieten, bandeloosheid onder den naam van vrij zijn, aanmatiging van oordeel over hetgeen men niet kent noch kan kennen- deze drie kankersoorten onzer hedendaagschen maatschappij, voortwoekerend onder alle klassen en niet het minst onder den ambachtsstand, waren zijn tweede doel.

Dat de Goddelijke openbaring tegen hoogmoed en genotzucht onderwerping en zelfbeheersching voorschrijft, en uit het opvolgen hiervan onder godsdienstzin, ijver en spaarzaamheid, het waarachtig geluk van den werkman en zijn gezin ontspruit- werd helder door den Eerw. spreker betoogd.

Als verslaggevers leggen wij onze pen neder, maar wij doen het niet voor onze medeburgers tot het helpen bereiken van het doel der Jozefsstichting te hebben aangespoord.

Jozefbeeld Jozefshof Kolping
Jozefbeeld. Onder de plaquette van de Katholieke Gezellenvereeniging zijn nog de letters Jozefshof te lezen, Kolpinghuis (januari 2026)

De werkman vormt een zeer voornaam deel der maatschappij. Met zijne verbastering en verdierlijking, waarvan wij, helaas, vaak de bewijzen voor oogen zien, daalt zijn eervolle stand en bederft de maatschappij;met zijn verbeterin, zijne veredeling stijgt zijn welvaart en geluk, schenkt hij aan de maatschappij een machtige steun. Het geluk der samenleving en een harer voornaamste onderdeelen dient ieder die het kan ter harte te nemen.

Deze vereeniging in haar streven te helpen, hare werking niet alleen zedelijk maar ook met geldelijke offers te steunen, bevelen wij ernstig aan den goeden zin van onzen lezers.” (De Gelderlander 18/5/1881)

Plaquette Kolpinghuis 1882 (maart 2026)
Plaquette Kolpinghuis 1882 (maart 2026)

Kolpingvereniging

De Nijmeegse afdeling van deze vereniging was op 25 maart 1880 opgericht. Aan de gevel kwam een groot beeld van Sint Jozef en het gebouw werd St-Josephshof genoemd.

Avondtekenschool

Vlak na de oprichting van de Gezellenvereeniging werd een avondtekenschool opgericht in de Sint Josephshof.

1890 Verbouwing en vergroting

Het pand van de Katholieke Gezellenvereeniging (de St. Josephshof, later het Kolpinghuis) is in 1882 ontworpen door P.J.H.(Pierre) Cuypers. De uitbreiding is in 1890 gerealiseerd door architect A.v.d. Boogaard. Gezien vanuit de Spoorstraat. Links de Van Berchenstraat, in het midden de Gezellen-Vereniging en rechts de Smetiusstraat. Links op de achtergrond de Augustinuskerk, 1890 (Collectie Brinkhoff, J.M.G.M. 1920-1986 via RAN D429)
Het pand van de Katholieke Gezellenvereeniging (de St. Josephshof, later het Kolpinghuis) is in 1882 ontworpen door P.J.H.(Pierre) Cuypers. De uitbreiding is in 1890 gerealiseerd door architect A.v.d. Boogaard. Gezien vanuit de Spoorstraat. Links de Van Berchenstraat, in het midden de Gezellen-Vereniging en rechts de Smetiusstraat. Links op de achtergrond de Augustinuskerk, 1890 (Collectie Brinkhoff, J.M.G.M. 1920-1986 via RAN D429)

Doordat de vereniging hard groeide, was het gebouw al gauw te klein. In 1890 ontwierp architect A. van de Boogaard de verbouwing, waarbij het gebouw fors werd uitgebreid.

1925 Verbouwing Estourgie

Het Kolpinghuis (Katholieke Gezellen Vereeniging) gezien in de richting van de Bloemerstraat, 1930 (F32559 RAN)
Het Kolpinghuis (Katholieke Gezellen Vereeniging) gezien in de richting van de Bloemerstraat, 1930 (F32559 RAN)

De verbouw van St. Jozefshof.

Zooals wij reeds meldden, is de verbouw gereed gekomen van het home der Nijmeegsche Kolpingszonen, het vanouds bekende St. Jozefshof aan de Smetiusstraat, dat Zondag a.s. in gebruik genomen en plechtig zal ingezegend worden.

En wij kunnen er dadelijk bijvoegen: de indruk dien wij van het hernieuwde Gezellenhuis gekregen hebben, is een zeer gunstige.

De aannemersfirma Hofman en Arts heeft onder deskundige leiding van den heer Charles Estourgie- die eveneens de plannen ontwierp- met dezen verbouw metterdaad getoond een vooraanstaande plaats in de rij der Nijmeegsche bouwwereld. Het geheel ziet er keurig uit en maakt een voornamen indruk.

Boven den ingang van het gebouw prijkt in forsche letters: R.K. Gezellenvereeniging, waarachter electrische verlichting is aangebracht. Nu kan tenminste de vreemdeling weten, die vroeger zich tevergeefs afvroeg wat dat toch voor een gebouw was, dat hier de Stichting van Vader Kolping haar tenten heeft opgeslagen.

Breede toegangsdeuren brengen den bezoeker in een ruime vestibule, waar tevens een loket is aangebracht ten dienste van uitvoeringen. Tevens kan men van hieruit de bestuurskamer bereiken.

Vanuit de vestibule treedt men eveneens door ferme deuren in de hal, die een grootschen indruk maakt. Hier vindt men een garderobe enz.

Links hiervan betreedt men de groote en ruime konversatiezaal, die een juweeltje mag genoemd worden op dat gebied. De Nijmeegsche kleuren, rood en zwart, die in de geheele zaal domineeren, maken een gezelligen indruk, die nog verhoogd wordt door de frisch-groen geschilderde stoelen en tafeltjes. Het buffet is in den rechterhoek der zaal aangebracht.

Breede ramen geven uitzicht naar alle kanten, waardoor tevens voor lucht en licht in ruime mate is zorg gedragen. De plaats onder de bibliotheek is op gelukkige wijze weggewerkt: twee kamers, één voor den Praeses en een bestuurskamer vullen dit deel van de vroegere konversatiezaal. De biljarts hebben hun plaats gevonden in het midden der zaal. De bibliotheek is op dezelfde plaats gebleven, doch de ingang is nu verlegd boven aan de eerste trap, die naar de toneelzaal voert.

Op zij van de konversatiezaal is een kleine zaal aangebracht, die heel keurig en gezellig is ingericht. Deze is waarschijnlijk ten dienste van kleine vergaderingen e.d.

Beide zalen zijn bedekt met een kostbaar zeil. Naar gemompeld werd is dit een gift van een der hoofdbestuursleden, waarvan meerderen een gift voor dezen verbouw moeten hebben geschonken.

Naar wij zeiden, ziet het geheel er keurig uit. Het borstbeeld van den eersten Praeses en stichter der Nijmeegsche K.G.V., den WelEerw. heer L.E. Hoetin, heeft een eereplaats gevonden op den schoorsteen, waarboven in gulden letteren is aangebracht de gezellengroet: “God Zegene het Eerzame Handwerk”.

Verschillende beelden en emblemen vinden rondom, zoowel in hal als zaal, een plaats. Het H. Hartbeeld troont natuurlijk op de mooiste plaats.

De aannemersfirma Hofman en Arts werd kranig terzijde gestaan door den heer van Roessel, die het schilderwerk verzorgde, de firma Vroom en Dreesmann, de firma Beukering en Co., elektriciens, de heer Friebel, die het lood- en zinkwerk, de firma Daniëls, de Bruijn en v.d. Waarden, die het stukadoorswerk verrichtte en den heer J. Krijnen, die het behangerswerk op zich nam.

Met trots mogen de diverse besturen getuigen, dat hun werken niet tevergeefs is geweest en met blijdschap moge er wel eens aan herinnerd worden dat de ongehuwde en gehuwde gezellen hun kontributie vrijwillig belangrijk verhoogden om den verbouw mogelijk te maken. Vooral voor den volijverigen Praese zal het een genoegdoening zijn: om dezen verbouw door te voeren heeft hij hard gewerkt; dit was steeds zijn hartewensch. Doch ook het hoofdbestuur, dat de algemeene leiding in de K.G.V. met den Praeses heeft, mag dankbaar opzien naar hetgeen door hen met veel moeite en opoffering bereikt is.

Met waardeering mogen dan ook naast den naam van den Praeses, den ZeerEerw. Pater H.M. v.d. Hulst S.J. genoemd worden de namen der hoofdbestuursleden de heeren Kloppenburg, W. v.d. Waarden, Dreesmann, dr. Slotboom, St. Arntz en Prof. v.d. Heijden.

In de konversatiezaal bleef ons oog hangen aan een teekening: de nieuwe hoofdingang van St. Jozefhof aan de Spoorstraat. Zoo gauw als er geldmiddelen zijn, kan hier pas aan gedacht worden. Moge zulk een gift spoedig inkomen!

Het kan, dunkt ons, geen kwaad, van deze gelegenheid gebruik te maken om onze stadgenooten aan te sporen, die nog geen eerelid van de K.G.V. zijn, dit nu te worden. Men doet daarmee een zeer goed werk: men steunt daarmede het pogen om onze arbeiders op te voeden naar den wensch van Dr. Schaepman tot mannen met een rotsvast geloof en kennis, twee zaken, die onontbeerlijk zijn om den arbeidersstand steeds hooger op te voeren tot heil van de arbeiders zelve en tot zegen van Kerk en Maatschappij.

Op de moderniseering van de toneelzaal hopen wij nog nader terug te komen.

Morgen vermelden we het officieel programma voor a.s. Zondag.” (De Gelderlander 17/2/1925)

1949 Dr. Poels

Vanaf de jaren dertig probeerde de vereniging een katholieke ambachtsschool op te richten. In 1938 wilde de gemeenteraad hiervoor subsidie verstrekken. Uiteindelijk zou het tot 15 september 1949 duren voordat de school Dr. Poels opende in de Sint Josephshof, “waar een leerling kon worden opgeleid tot een ‘zedelijk-godsdienstig hoogstaand werkman met verantwoordelijkheidsgevoel…’ (Gedenkboek Kolpingvereniging; Tromp 37-39; Stamkot 37-38).” (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis)

In 1957 zal zij verhuizen naar de Goffertweg 20. Tegenwoordig, na een aantal fusies, heet de school Het Rijks.

Ontmoetingshuis

Het Kolpinghuis bleef in de jaren 50 en 60 ontmoetingshuis voor buitenschoolse activiteiten voor kinderen, zoals balletles. In de twintigste eeuw zijn er nog enkele kleinschalige verbouwingen en uitbreidingen doorgevoerd.

Afname ledentaantal Kolpingvereniging en opheffing

Het Kolpinghuis, Smetiusstraat 1 (gezien vanaf de Nassausingel), 1968 (Evert F. van der Grinten via F78750 RAN CCBYSA RAN, tevens Auteursrechthouder)
Het Kolpinghuis, Smetiusstraat 1 (gezien vanaf de Nassausingel), 1968 (Evert F. van der Grinten via F78750 RAN CCBYSA RAN, tevens Auteursrechthouder)

Na de Tweede Wereldoorlog neemt landelijk het ledenaantal van de Kolpingvereniging sterk af, waarbij ze zich uiteindeindelijk opheft. Alleen in Nijmegen blijft de Kolpingvereniging bestaan. Het Kolpinghuis wordt een zalencentrum, welke ook de vereniging nog gebruikte.

2015 Verkoop

In 2015 wordt het Kolpinghuis verkocht aan projectontwikkelaar Ton Hendriks???. Eind september 2020 sloot het centrum. De vereniging verplaatste haar activiteiten naar de Ontmoetingskerk in Dukenburg. Daarna staat het gebouw leeg. Midden 2023 kondigt Hendriks aan om hier een gezondheidscentrum en appartementen te willen realiseren, waarvoor een procedure is gestart.

Aandachtspand

Kolpinghuis oude gedeelte tijdens verbouwing (januari 2026)
Kolpinghuis oude gedeelte tijdens verbouwing (januari 2026)

Het oudste gedeelte, ontworpen door P.J.H. Cuypers, is sinds 1990 op de monumentenlijst een “Aandachtspand”. Daarbij is het tevens beschermd als stadsdeelobject. https://www.nijmegen.nl/diensten/monumenten/monumentenlijst/

Kolpinghuis, januari 2026 is een grote verbouwing aan de gang. Ter ere van het 125-jarig bestaan van NEC is er een spandoek opgehangen (januari 2026)
Kolpinghuis, januari 2026 is een grote verbouwing aan de gang. Ter ere van het 125-jarig bestaan van NEC is er een spandoek opgehangen (januari 2026)
Wapen op Kolpinghuis (januari 2026)
Wapen op Kolpinghuis (januari 2026)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kolpinghuis

Nassausingel

Tegenwoordig is de Nassausingel een drukke verkeersweg met aan beide kanten van het park een tweebaansweg. Het is echter ontworpen…

Kronenburgerpark

Het Kronenburgerpark is vooral mooi vanwege een van de weinige restanten van de vestingmuur die heel Nijmegen ooit omsloot. Vooral…

Berchmanianum van de paters Jezuïeten. Ontworpen in 1928 door Jos Cuypers (1861-1949) en Pierre Cuypers Jr. (1891-1982), Houtlaan 4, 1930 (Uitg. Brinio Rotterdam via F18053 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Berchmanianum, Studiehuis der Jezuiten, architecten Joseph en Pierre Cuypers Jr.

1929 Houtlaan 4 Brakkenstein

Berchmanianum van de paters Jezuïeten. Ontworpen in 1928 door Jos Cuypers (1861-1949) en Pierre Cuypers Jr. (1891-1982), Houtlaan 4, 1930 (Uitg. Brinio Rotterdam via F18053 RAN)
Berchmanianum van de paters Jezuïeten. Ontworpen in 1928 door Jos Cuypers (1861-1949) en Pierre Cuypers Jr. (1891-1982), Houtlaan 4, 1930 (Uitg. Brinio Rotterdam via F18053 RAN)

In 1929 opende het Collegium Berchmanianum oftewel het Berchmanianum aan de Houtlaan in Brakkenstein. Het ontwerp was afkomstig van Jos. en Pierre Cuypers Jr. in opdracht van de Sociëteit van Jezus (de Jezuïten). De bouw daarvan was in 1927 begonnen.

Hun Collegium Berchmanianum in Oudenbosch voldeed intussen niet meer. Daarbij was in 1923 in Nijmegen de Katholieke Universiteit geopend: veel kloosterordes openden daarop een studiehuis, zodat religieuzen konden lesgeven of studeren aan de universtaat.

Philosophicum

Het Berchmanianum was een zogenaamde “philosophicum”, de wijsgerig-theologische vooropleiding voor aspirant-geestelijken. De Jezuïten hadden geen grootsemanarie. Na het kleinseminarie was er een driejarige opleiding aan het Theologicum in het Canisainum te Maastricht en een driejarige filosofiestudie aan het Filosoficum aan het Berchmanianum: “Zoo voor paaters als studenten, welke laatste hier hun philosofische studiën afmaken en tevens lessen ontvangen in natuur- en scheikunde en biologie. Sommige volgen nog lessen aan de R.-K. Universiteit. Deze studie duurt drie jaar. Van het Berchmanianum te Nijmegen gaan de studenten meestal eenige jaren naar een college als leeraar of surveillant, om dan nog vier jaar theologie te volgen in Maastricht.“ (De Gelderlander)

De glas-in-lood ramen waren ontworpen door Joep Nicolas.

De naam Berchmanianum

Het Berchmanianum is vernoemd naar de patroonheilige van de studerende jeugd Jan Berchmans (1599, Diest, België).

Jos. en Pierre Cuypers Jr.

De ontwerpen waren Joseph (Jos.)  en Pierre Cuypers Jr. Zij waren zoon en kleinzoon van Pierre Cuypers, die onder andere het Centraal Station in Amsterdam ontwierp en in Nijmegen onder andere de Augustinuskerk.

Krantenartikel 1929

Berchmanianum, Studiehuis der E.E.P.P. Jezuiten aan de Houtlaan te Nijmegen.

Brakkenstein ontwikkelt zich tot een buitenplaats van beteekenis voor Nijmegen, als oud kleine gemeente op zich zelf, verscholen achter het geboomte en grenzend aan de uitgestrekte heide.

Het karakter van Brakkenstein bleef landelijk, als dat van een ruistoord. En in deze streek verrees nu het nieuwe studiehuis, het Berchmanianum der E.E.P.P. Jezuiten, die een halve eeuw hun philosofisch college hadden bestuurd in Oudenbosch.

De architecten, de heeren Joseph en Pierre Cuypers kregen opdracht tot het ontwerpen van een kloek, ruim gebouw, dat langs den weg, aan de Houtlaan een gevelbreedte zou hebben van bijna honderd meter.

Zou zoo’n bouw passen in dit milieu van mooie natuur?

Wie nu de Houtlaan opwandelt, wordt getroffen door de rust, welke er uitgaat van dit stemmige huis van studie en gebed, dat hoort in het landschap, waarin de bouwmeesters het geplaatst hebben.

De toren steekt statig op uit den breeden, vlakken gevel van zachtgelen baksteen- de spits, welke van verre in het vlakke land te zien is, met zijn uurwerk en klok, en als een wachter, welke wijst op den tijd, welke iedere mensch goed te besteden heeft, in navolging van de ijverige studerenden, die hier de philosophie volgen.

***

Het is een aan zijn doel volkomen beanwoordend studiehuis eenvoudig afgewerkt.

De architecten, de heeren Joseph en Pierre Cuypers hadden de taak een nuttig studiehuis met kapel en studiekamers als hoofdcentra te ontwerpen- alle overtolligen franje, iedere onnoodige fraaiigheid moest achterwege blijven.

De inwendige bouw werd mede ontworpen naar inzichten der professoren, die jarenlang Oudenbosch bewoond hadden.

Oudenbosch bleef dan ook voor een deel vormbeeld, maar werd moderner, geriefelijkere, ruimer uitgebouwd.

Sober zou de voorgevel zijn- en deze werd in strakke lijn opgetrokken van gele baksteen, welk door kunstig voegwerk nog levendiger werkt. Geen groote ramen breken de lijn, maar uiterlijk laat de bouwmeester zien hoe inwendig de constructie en de inrichting is.

Ongeveer in het midden van den bouw aan de Houtlaan is het hoofdgangportaal met portiersloge. Hier binnen nadert men spoedig de hardsteenen hoofdtrap, rechts welke leidt naar de verschillende verdiepingen en middellijk verbinding heeft met de verschillende hardsteenen trappen, over den helen bouw verdeeld, en wel zoodanige, dat zij telkens op de vier verbindingspunten van de vier vleugels waaruit de bouw bestaat, als verbindende gewrichten vormen.

Aan den linkerkant van den ingang bereikt men langs een gewelfden kloostergang, waarin het licht vriendelijk valt door lage vensters vijf ruime spreekkamers. Over die verdiepingen zijn in dezen linkervleugel verdeeld de kamers van de professoren bijeengebracht, westelijk afgesloten door de recreatiezaal en leeszaal voor de paters, benevens een eigen bibliotheek en tijdschriftenleeskamer, welke ook openstaat voor professoren en heeren studenten der R.K. Universiteit.

Hier sluit zich aan de Westzijde aan een korte vleugelbouw, waarin over vier verdiepingen de rijke bibliotheek met haar 30.000 boeken, waaronder belangrijke wiegedrukken zijn, is ondergebracht.

De geheele bibliotheek-inrichting is practisch en degelijk- overal worden de ijzeren Lips-boekenrekken gezet, welke makkelijk verplaatsbaar zijn. Langs een wenteltrap komt men van de eene bibliotheek-verdieping op de andere. Overal valt ruim licht binnen. Hier klopt wel het hart van het philosophicum.

Aan de andere zijde van het gebouw in den Zuid-oosthoek, ligt de keuken, het middenpunt der huishoudelijke afdeeling. Doelmatig zonder overdreven lux is deze economie-afdeeling ingericht.

Hier achter, in Noordelijke richting is de onderwijsvleugel geprojecteerd, welke zich uitstrekt over tachtig meter lengte.

Hier liggen op den beganen grond langs een drie meter breeden wandelgang, waarin de morgenzon haar stralen kan werpen, de vier klassen-lokalen.

Deze gang, in warme kleur gehouden een met gewelf van geel-zacht-getinte steen, biedt een geschikte gelegenheid tot wandelen en mediteeren, wanneer het weder niet noodt naar buiten, in den tuin of het bosch.

Tusschen de klasselokalen ligt hier de ontspanningszaal der studenten, welke uitziet op den in Engelsche stijl gehouden binnentuin.

Dezelfde vleugel bevat drie verdiepingen, hier zijn de kamers voor de ongeveer zestig scholastieken die hier hun studie- en slaapkamers hebben. Heel sober en zeer zindelijk is hier alles ingericht. Licht, lucht en zon kunnen overvloedig binnenkomen- zoo goed als alle studiekamers worden bijna den halven dag door de zon beschenen.

Het noord-oostelijk paviljoen bevat over de drie verdiepingen verdeeld, de speciaal ingerichte klasselokalen voor natuurkunde, scheikunde en natuurlijke historie als ook de daarbij behoorende laboratoria en het amanuensis-vertrek. Zalen zijn hier breed en hoog en verlicht ingericht voor de goede opstelling van de natuurkundige instrumenten en de tentoonstelling van natuurlijke historie, waaronder een kostbare vlindercollectie en collecties van geologischen en eufomologischen aard.

De groote zolder gaf nog gelegenheid tot inrichting van eenige slaapvertrekken en verder tot bergplaats voor meubels en koffers en zoovele andere voorwerpen, welke in een groote stichting nodig kunnen zijn.

***

Het lag niet in ’t karakter der stichting om een monumentale, decoratieve hoofdtrap te maken, met dubbele vleugels. Wel is de belangrijkste trap, die de hoofdvleugel, waarin de kapel, flankeert, en dan ook een eenvoudige dienstlift heeft, als toren uitwendig doorgebouwd.

De traptoren ontwikkelt zich naast den verwamingskelder zes meter onder de hoofdverdieping, voert dan langs den refter naar de kapel, naar de zangerstribune, naar den zolder van ’t Patershuis, waarnaast aansluit een reeks slaapkamers van de Broeders; hooger op worden de granieten treden door houten vervangen voor de bediening van de ruimten voor liftmechaniek, uurwerkkamer en de luiklokken. Deze hoofdvleugel bevat in den oostelijken buitenhoek van onder naar boven: de provisiekelders, de keuken. Hooger op volgt de tusschenverdieping met woning voor de Broeders een daarboven voor enkele knechts.

In den hoofdvleugel, rechts van den ingang, aan de hoofdtrap is de kapel- in sobere stijl en vromen toon gehouden. Ook hier is iedere overdadige decoratie vermeden. Het is een devoot-stemmende bidkapel, waarin het zonlicht speelt door fijn-kleurige vensters van Joep Nicolas. Het altaar, middenpunt der kapel, past in den fijnen toon van dit bedehuis, al is het ook opgebouwd van edel marmer-materiaal en met mozaiek verlevendigd.

Voor de kapel ligt de sacristie, waarop vier kleine kapelletjes uitkomen, waarin de in het huis verblijvende priesters de H. Mis kunnen lezen.

Beneden in dezen hoofdvleugel is de groote refter- een zaal van voornamen en toch eenvoudigen bouw.

Degelijkheid en eenvoud en smaak kenmerken dezen kloosterbouw. Soberheid lag immers in den opzet en de uitvoering der plannen. Ook in materiaalkeuze en bewerking daarvan werd luxe vermeden. De baksteen bleef evenwel geen dood materiaal aan dezen bouw. Door kleurkeuze en vermenging van verschillende fabrikaten werd uit- en inwendig één harmonische kleuren-combinatie verkregen.

Vestibulen en gangen met elkaar naar de verschillende verdiepingen door de breede hardsteenen trappen verbonden, kregen een kleurige lambrizeering van verglaasde Waalsteen.

De gewelfde wanden spreken naar buitne, door daar aansluitende lange reeksen van halfcirkelvormige vensters, waarin stalen ramen en glas in lood in strakke geometrische verdeeling.

De bovenste patersgang, niet met steen overwelf, maar afgesloten met een licht gebogen plafond, heeft drieledige vensters geheel rechtlijnig als fries boven al die spannende bogen.

Zoowel de motieven als de kleuren van ’t glas werden op verschillende verdiepingen afgewisseld, teneinde aan de verschillende deelen van ’t groote huis een eigen karakter te geven in verband met plaatselijke bestemming.

Als natuursteen voor trappen en drempels werd gestokt grijs graniet toegepast.

De dakbedekking is van verbeterde Hollandsche pannen.

In stichtingen van dit karakter worden aan de houten vloeren zeer zware eischen gesteld in lokalen van allerhande karakter. Toegepast werd hier het systeem der lift-vloeren, die vooraf machinaal zijn gedroogd, zoodat zij ook bij de centrale verwarming in de wintermaanden geen open naden vertoonen.

De muren en plafonds zijn in hoofdzaak wit gehouden.

In zalen en kamers is een lint met keimsche mineraalverf op de wanden aangebracht. In de groote zalen werd meer rust verkregen door zeer eenvoudige vlakke houten lambrizeering tegen de wanden, wat vooral b.v. in sacristie en refter opvalt.

De entourage van het Studiehuis is landelijk en blijft in stijl met Brakkenstein door nog meer boomen-aanplant.

Tusschen de drie uiterlijke vleugels, waarin de vijf blokken van den bouw liggen, wordt een eenvoudige tuin aangelegd met een vijver tusschen verlaagde wandelpaden als midden-motief. Deze tuinaanleg sluit dadelijk aan bij de frissche dennenbosschen, welke het geheel omgeven. Zoo kreeg men een rustgevend  geheel.

Zoo voor paaters als studenten, welke laatste hier hun philosofische studiën afmaken en tevens lessen ontvangen in natuur- en scheikunde en biologie.

Sommige volgen nog lessen aan de R.-K. Universiteit.

Deze studie duurt drie jaar. Van het Berchmanianum te Nijmegen gaan de studenten meestal eenige jaren naar een college als leeraar of surveillant, om dan nog vier jaar theologie te volgen in Maastricht.

Rector van het Berchmanianum is de bekende pater G. Lamers S.J., leider van het tijdschrift “Dux” en minister is de Zeereerw. Pater Spijker S.J.

***

Architecten van dezen studiehuisbouw zijn, gelijk wij reeds schreven, de heeren Jos. en Pierre Cuijpers; aannemer was de heer H. van Kessel, uit Nijmegen, die de bouwwerken flink en vlot uitvoerde.

De verschillende technische installaties werden uitgevoerd naar de plannen en onder leiding van ir. J.W. Engelengen, te Amsterdam.

De verwarmingsinstallatie werd aangelegd door de Firma Hunek (of Hunec?) te Amsterdam; de electrische installatie door de Firma Paassens, te Amsterdam. Als hoofd-opzichter fungeerde de heer Van Berkel, bijgestaan door den heer Bottelier, die beiden hun taak met toewijding vervulden.” (De Gelderlander 9/2/1929 met veel foto’s)

Rijksmonument

Het pand is een Rijksmonument sinds 2002 met als waardering (hier is tevens een uitgebreide beschrijving te vinden): “

  • Van architectuurhistorische waarde als een goed, vrij gaaf en zeldzaam voorbeeld in ex- en interieur van een studiehuis voor jezuïeten in een stijl die invloeden vertoont van de Amsterdamse school en de Art Deco. Het studie huis heeft esthetische kwaliteiten in het ontwerp zoals een markante hoofdvorm, goede verhoudingen en een bijzondere detaillering, ornamentering en materiaalgebruik.
  • Van stedenbouwkundige waarde vanwege de afmetingen en de markante ligging aan de Houtlaan.
  • Van cultuurhistorische waarde vanwege de bestemming, welke verbonden is met een culturele ontwikkeling namelijk de stichting van de Katholieke Universiteit en vanwege de verschijningsvorm, welke verbonden is met de bouwtypologie van de orde der jezuïeten die geen kloosters bouwt, maar “huizen”.”

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Pierre_Cuypers_jr.

Kronenburgerpark in de lente met van de zon genietende mensen april 2025
#Nijmegen

Kronenburgerpark

Kronenburgerpark in de lente met van de zon genietende mensen april 2025
Kronenburgerpark in de lente (april 2025)

Het Kronenburgerpark is vooral mooi vanwege een van de weinige restanten van de vestingmuur die heel Nijmegen ooit omsloot. Vooral de Kruittoren torent hoog boven de omgeving uit. Daarnaast maakt onder de hoogteverschillen het pand erg aantrekkelijk. Het is een van de plekken waar Nijmegenaren tijdens mooi weer op het gras gaan zitten.

Het park heeft ook een keerzijde: vooral in de jaren ’80 straatprostitutie, bekend geworden van het liedje van Frank Boeijen. Vooral een aantal jaren geleden was het ook plek van drugsoverlast.

Bij de sloop van de vestingmuren

Herfst in het Kronenburgerpark (oktober 2024)
Herfst in het Kronenburgerpark (oktober 2024)

Hoewel Bert Brouwer op de plaats van het Kronenburgerpark een park had voorzien, was dit niet de voornaamste reden voor aanleg. De commissie voor de uitleg van de stad merkte, dat Nijmegen door de sloop van de vestingwerken ineens een overvloed aan bouwterreinen had. De plek van het huidige Kronenburgerpark was daarbij niet de meest gunstige: hier zouden eerst grote grondverplaatsingen moeten worden uitgevoerd om de grond meer gelijk te maken voordat het geschikt zou zijn voor bouwterrein. Daardoor kwam het plan om hier een park aan te leggen meer in zicht. Daarbij speelden een aantal andere factoren.

Kronenburgertoren en muren

Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)
Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)

Een van deze factoren was de Kronenburgertoren en de relatief hoge walmuur. De commissie hoopte dat beiden zouden verdwijnen. De wallen, muren en torens waren eigendom van het Rijk geweest. Alle terreinen droeg het Rijk over aan de gemeente, behalve de Kruittoren. Overigens is het toevallig dat deze stadsmuur naast het stukje muur in het Hunnerpark de enige echt middeleeuwse muren waren.

Bouwmeester Cuypers was door het Rijk aangesteld als Rijksadviseur voor monumenten. Hij vond het belangrijk dat de kruittoren en de muur behouden zouden blijven. Uiteindelijk werd er overeenstemming bereikt: de muur werd iets verlaagd, maar niet zoveel als de commissie eigenlijk gewild had: de commissie wilde achter de muur de Parkweg aanleggen.

Toen het Rijk merkte, dat de gemeente akkoord zou gaan met het behoud van de walmuur, werd besloten de omgeving van de Kronenburgertoren over te dragen aan de gemeente. Om de toren te beschermen, bleef deze eigendom van het Rijk (Regelgeving over Monumentenzorg bestond in die tijd nog niet). In 1883 mocht de gemeente de toren huren voor het stallen van tuingereedschap voor f1,- per jaar. In ieder tot zover ik heb kunnen nagaan, is er in ieder geval tot in de jaren 50 jaarlijks 1 gulden betaald. De Kruittoren is ook nu nog (september 2023) eigendom van het Rijk.

Kruittoren of Kronenburgertoren

Toen Nijmegen haar vestingstatus verloor, was het blij dat ze nu eindelijk lucht kon krijgen door haar vestingwerken te slopen. De Kruittoren of Kronenburgtoren is samen met de rest van de muur met torens in het Kronenburgerpark een van de weinige overblijfselen van de middeleeuwse verdedigingwerken. Het was vooral van Rijkswege dat de toren en…

Lees Meer
Roomse Voet in Kronenburgerpark, maart 2021

Roomse Voet in Kronenburgerpark

Het rondeel de Roomse Voet is een verdedigingswerk dat samen met de muur en twee andere torens een van de weinige overblijfselen is van de stadsmuur van Nijmegen. Het is onderdeel van het Kronenburgerpark. Tegenwoordig is de toren bij gelegenheid opengesteld.

Lees Meer

St Jacobstoren en St Jacobsmolen

De St. Jacobstoren is in de 16e eeuw gebouwd, het meeste zuidelijke restant van de stadsmuur. Daarop stond de St. Jacobsmolen, die de bijnaam Sans Souci kreeg vanwege het conflict tussen de gemeente en de molenaar. Het torentje uit de jaren 70 is een herinnering aan deze molen.

Lees Meer

Rosseels

Plan voor de aanleg van het Kronenburgerpark Schaalaanduiding en schaalstok onder links van het midden Linksboven buiten het kader de vermelding: Bijlage 10 Januari 1881 No.: 113, Kw, Liévin Rosseels, 1881 (KPU-290 RAN)
Plan voor de aanleg van het Kronenburgerpark Schaalaanduiding en schaalstok onder links van het midden Linksboven buiten het kader de vermelding: Bijlage 10 Januari 1881 No.: 113, Kw, Liévin Rosseels, 1881 (KPU-290 RAN)

Een aantal architecten hebben een plan voor het park ontworpen, waaronder Cuypers zelf.

Het uiteindelijke plan is afkomstig van de gebroeders Rosseels. De gemeente kwam met de Belgische broers Rosseels in contact via Brender à Brandis. Hij was betrokken bij de uitleg van de stad en bovendien de gemeente-architect van Maastricht. Een van de broers stierf in 1881, hij was vooral verantwoordelijk voor het ontwerp van het nieuwe park. De andere broer Liévin Rosseels, voerde het plan uit en zou daarna meerdere parken ontwerpen, waaronder het Hunnerpark en het Keizer Karelplantsoen. Het plan werd op 24 december 1880 aanvaard, met goedkeuring van zowel Cuypers als de commissie. Het plan was begroot op f15000,-, maar kwam op f25000,- uit.

Merk daarbij op dat in het bovenstaande plan de St.-Jacobstoren en de wal tussen de Roomsche Voet en de St.-Jacobstoren ontbreekt. Ook eindigt het park ter hoogte van de St. Jacobstoren, de heuvel waarop de Leeuw staat. Het achterliggende gedeelte is in 1887 aangelegd

Heuvel en stijl

Kronenburgerpark met Roomsche Voet en heuvel met de Leeuw van Leeuw, maart 2021
Kronenburgerpark met Roomsche Voet en heuvel met de Leeuw van Leeuw, maart 2021

Rosseels kon bij zijn ontwerp dankbaar gebruik maken van het al aanwezige heuvelachtige terrein. Op de kop lag het Bastion Pesthuis, dat moest verdwijnen. De grondwerkzaamheden bestonden vooral uit het graven van de vijver en het meer geleidelijk maken van de hellingen.

Daarnaast werden er 4700 bomen aangeplant: doordat voorheen het terrein vóór de wallen/muren vrij moesten zijn vanwege het schootsveld, was deze omgeving nu een kale vlakte.

Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)
Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)

Engelse Landschapsstijl

Het park is ingericht in de zogenaamde Engelse Landschapsstijl. Wikipedia: “Het concept leunt op een voorstelling van romantische, parkachtige landschappen met verrassende doorkijkjes, gestalte gegeven door de aanleg van grasvelden, liefst op heuvelachtig terrein, omgeven en afgewisseld met boomgroepen. Ook water vormt een belangrijk onderdeel van deze populaire vorm van landschapsaanleg. Er worden vaak kunstmatige meertjes aangelegd. Veel mensen vinden de Engelse tuin natuurlijker overkomen. In werkelijkheid groeien er vaak veel exoten, zoals coniferen.”

Grot

grot en waterval Kronenburgerpark, Wilhelm Ivens, 1895 (F65800 RAN)
grot en waterval Kronenburgerpark, Wilhelm Ivens, 1895 (F65800 RAN)

Het idee voor een grot ontstond tijdens de aanleg van het park. Rosseels deed in februari 1882 een voorstel hiervoor. Probleem hierbij was, dat de bovenlaag van het park hier inmiddels klaar was. Daarop groeven mijnwerkers een gang vanaf de Kronenburgersingel.

Grot in Kronenburgerpark (april 2025)
Grot in Kronenburgerpark (april 2025)

De Leeuw van Leeuw

De Leeuw van Henri Leeuw Jr. en Sr. (maart 2026)

Kronenburgerpark: Geschiedenis van het Leeuwenstandbeeld

Op de heuvel in het Kronenburgerpark staat een trots standbeeld van een leeuw. De makers zijn vader en zoon Henri Leeuw; de overeenkomst in naam is puur toeval. Het beeld is geschenk van de Verfraaiingsvereniging.

Lees Meer
Stallen in Kronenburgerpark (april 2024)
Stallen in Kronenburgerpark (april 2024)

Vijver

Vijver met fontein Kronenburgerpark (april 2025)
Vijver met fontein Kronenburgerpark (april 2025)

De Kruittoren wordt gedeeltelijk omsloten door een vijver. Hierin staat een fontein en is een eilandje aangelegd. In de vernauwing van de vijver is een bruggetje geplaatst.

Vijver Kronenburgerpark (april 2025)
Vijver Kronenburgerpark (april 2025)

Rijksmonument

Het Kronenburgerpark is een Rijksmonument:

Vijver en Kruittoren Kronenburgerpark vanaf Roomsche Voet, maart 2021
Vijver en Kruittoren Kronenburgerpark vanaf Roomsche Voet, maart 2021

“Waardering

– Van historische waarde voor de Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur als goed voorbeeld van een stadspark uit het laatste kwart van de 19de eeuw in Engelse landschapsstijl. De parkaanleg ontleent haar kwaliteiten aan het behoud van bestaande karakteristieken van de voormalige vestingwerken (hoogteverschillen, historische muur met torens als romantisch element) en aan de toevoeging van nieuwe elementen (gevarieerde en bijzondere beplanting, waterval met kunstmatige grot en vijver).

– Van stedenbouwkundige waarde vanwege de markante ligging op de voormalige vestingwerken tussen de historische binnenstad en de zogenaamde 19de -eeuwse gordel. Het Kronenburgerpark vormt een essentieel onderdeel van het stedenbouwkundig concept van de Nijmeegse 19de -eeuwse uitleg. Door de markante situering vormt het park een belangrijk geledings- en verbindingselement in het stedenbouwkundig weefsel. Tevens geeft het park uitdrukking aan de wens van de gemeente om van Nijmegen een ruime en groene stad te maken; ruimtegebrek was na het slechten van de wallen verleden tijd.

– Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een sociaal-maatschappelijke en stedelijke ontwikkeling, in casu het ontstaan van een visie op de stad die schoon, gezond en mooi dient te zijn; het in de stedelijke structuur opnemen van parken als verfraaiing en stedelijke voorziening.”

Verslag wandeling

De heer F. Hubscher , schrijvend over een wandeling in Nijmegen en omgeving in het “Dagblad van Zuid-Holland” is in 1893 meer onder de indruk van de bloemen dan de Kruittoren in het park: “onze wandeling voortzettende, zijn wij het lustoord Kronenburgerpark genaderd en ontdekten wij rondom heerlijke bloemen, waarvan de geur ons verkwikte. Wij zien beplante heuveltjes, vijvers met eenden, beekjes met zilverblank water, waarin de geschubde goudkleurige bewoners lustig rondzwemmen, rotsen en grotwerken.

In een van de grotten dalen wij af en nemen daar even plaats op een der van rotswerken vervaardigde rustbanken, om den schoonen waterval en de springende fonteinen meer van nabij te zien. De grot verlatende, richten wij onze blikken naar den eenvoudigen kruittoren en wandelen dan naar..” (De Gelderlander 31/5/1893)

Uitbreiding

In 1887 vond uitbreiding van het park plaats: oorspronkelijk liep het tot en met het perk waar de leeuw staat. In 1887 wist de gemeente eindelijk de St. Jacobsmolen te kopen. Daarmee kwam tevens het terrein vrij te liggen welke voorheen voor de opgang van de molen in gebruik was.

Hier was de aanleg veel strakker dan het lagergelegen deel. Ook dit deel is door Rosseels ontworpen. Hij had hier minder mogelijkheden, omdat er minder grote hoogteverschillen waren.

Naam

Oorspronkelijk had het park geen naam. Gedacht werd aan de naam Westerpark, waarbij het Hunnerpark het Oosterpark zou zijn gaan heten. Geleidelijk aan raakte de naam Kronenburgerpark in gebruik, vanwege de plaats die de Kronenburgertoren inneemt in het park.

Wat honden kunnen aanrichten

De naam Kronenburgerpark is in juni 1882 officieel vastgesteld. De aanleiding waren benodigde wijzigingen in de politieverordening, bijvoorbeeld de bepaling dat kinderen onder 10 jaar niet zonder begeleiding mochten zijn. Daarin spreekt het voorstel van “aanleg bij den Kronenburgertoren”. Vooral het verbod op het loslopen van honden, die grote schade kunnen aanrichten aan het plantsoen, is problematisch: voor een strafbepaling is de aanduiding “aanleg rond de Kronenburgertoren” niet specifiek genoeg. Daarop is het beter de naam Kronenburgerpark te noemen. Echter: deze en een aantal andere namen waren nog niet officieel vastgesteld, omdat B en W “door bizondere omstandigheden werden verhinderd”. Om eventuele overtredingen succesvol voor de rechtbank te kunnen laten verschijnen, is een naam nodig: anders zal de rechter elke overtreding in het Kronenburgerpark kunnen afwijzen, omdat hij geen Kronenburgerpark kent. Daarop besluit de Gemeenteraad de naam Kronenburgerpark officieel vast te stellen. (PGNC 3/6/1882 en PGNC 20/6/1882).

Rob Essers in de Straatnamengids: “Deze naam was bij de algemeene herziening der straatnamen bij R.B. van 9 Juli 1924 vergeten. Het verzuim is thans [14 maart 1939 /RE] hersteld. De naam is door B. en W. nu vastgesteld. Het Kronenburgerpark is ingesloten door achtereenvolgens aan elkander sluitende deelen van den Kronenburgersingel – Lange Hezelstraat – Parkweg en van Berchenstraat. De naam geldt niet voor de in dat terrein gelegen particuliere eigendommen.” (Dienstarchief G.A.N., nr. 195:29)

Kronenburgpark

Veel Nederlanders kennen het Kronenburgerpark vanwege het lied “Kronenburgpark” van Frank Boeijen. Zonder “-er”, omdat dat minder in het ritme paste. In het kader van de 20ste Zomerfeesten (nu Vierdaagsefeesten) gaf hij in 1989 een legendarisch concert in dit park.

Meubilair

"Monumentale" afvalbak (november 2024)
“Monumentale” afvalbak (november 2024)

Deze hiernaast afgebeelde monumentale afvalbak staat boven bij de sprookjesgrot. En is feitelijk een een moderne, metalen vuilcontainer.

Annie Hellewaard

Bordje Annie Hellewaard Kronenburgerpark (november 2024)
Bordje Annie Hellewaard Kronenburgerpark (november 2024)

Bij haar overlijden liet Annie Hellewaard een grote erfenis na op voorwaarde dat deze besteed zou worden aan “goede doelen die bij het gedachtegoed van de familie pasten: de persoonlijke ontwikkeling van vrouwen in de zorgsector, kinderfeesten en een groenproject in de openbare ruimte waar haar naam blijvend aan verbonden zou worden”. Daarop werd een deel van de erfenis gebruikt voor het opknappen van het Kronenburgerpark in 2003-2005 (Gemeente Nijmegen, met een heel artikel over Annie Hellewaard).

Waar ligt Kronenburgerpark?

Bronnen

Kronenburgerpark in herfstzon (november 2024)
Kronenburgerpark in herfstzon (november 2024)

Kronenburgerpark gaat zijn vijfenzeventigste verjaardag vieren: juweel aan Nijmeegse Keizerskroon, A. Delahaye,  De Gelderlander 24/9/1955

https://www.kronenburgerparknijmegen.nl/

Leeuw https://nl.wikipedia.org/wiki/Leeuw_(Kronenburgerpark) wikipedia

Frank Boeijen gaf in jaren ‘80 magisch optreden in Kronenburgerpark, De Gelderlander 13-07-19 https://www.gelderlander.nl/vierdaagse/frank-boeijen-gaf-in-jaren-80-magisch-optreden-in-kronenburgerpark~a25ea0b0/

https://indebuurt.nl/nijmegen/genieten-van/mysteries/nijmeegse-mysteries-kronenburgerpark~13937/

Kronenburgerpark in de sneeuw anno 2026 (januari 2026)
Kronenburgerpark in de sneeuw anno 2026 (januari 2026)
Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)
Sleetje rijden in Kronenburgerpark (januari 2026)
Vis en eend Kronenburgerpark
Vis en eend Kronenburgerpark
MULO Prins Hendrikstraat 7 Architect Weve 1910-1920 Altrade (F27307 )
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Openbare School No.2 voor U.L.O. architect Weve

1905-1906 Prins Hendrikstraat 7 Altrade Rijksmonument

F27307 MULO Prins Hendrikstraat 7 Architect Weve 1910-1920 Altrade
MULO Prins Hendrikstraat 7, Architect Weve 1910-1920 (F27307 RAN)

Het pand op Prins Hendrikstraat 7 is in 1905-1906 gebouwd als openbare school voor Uitgebreid Lager Onderwijs (U.L.O.) door stadsarchitect Weve. Rijksmonumenten omschrijft het gebouw als “de stijl van het rationalisme met invloeden van de Art Nouveau in de ornamentering.” Een van deze ornamenten is het opschrift “OPENBARE-SCHOOL / No2 / VOOR – 1906 – U.L.O.” Het is een van de laatste van de 17 scholen die Weve heeft gebouwd.

(M.) U.L.O.

De U.L.O of M.U.L.O. betekent (Meer) uitgebreid lager onderwijs. Dit schooltype was in 1857 ontstaan en was een vervolg op de lagere school. Sinds 1920 werd dit schooltype bij wet U.L.O. genoemd, maar veel scholen bleven zichzelf M.U.L.O. noemen. Dit schooltype heeft bestaan tot de invoering van de Mammoetwet in 1968, waarbij de M.U.L.O een van de schooltypes was dat werd omgezet naar de mavo, wat weer later het vmbo is geworden.

Bij de opening

U.L.O. Tegeltableau Prins Hendrikstraat 7 Augustus 2021 (Google Streetview)
U.L.O. Tegeltableau Prins Hendrikstraat 7 Augustus 2021 (Google Streetview)

Het PGNC schrijft bij de opening in 1906:

De school aan den Bijleveldsingel.

Zorg voor het kind! Dat is het wachtwoord geworden. En niet het minst spiegelt zich dat af in de scholen en het onderwijs.

“Schoolpaleizen” heeft men spottend gezegd. Zeker si, dat de tegenwoordige scholen, ook die waarbij de eenvoud op den voorgrond stond, paleizen mochten heeten in vergelijking met de meer dan een voudige ruimten, waarin in vroeger jaren een aantal kinderen werden opgeborgen en waar “meester” oud werd door of ondanks de beruchte “onschuldige asempjes” der even onschuldige kinderen. Hokken waren het in vroeger dagen, waar de ventilatie ontbrak of hoogst onvolkomen was; waar de verwarming alles te wenschen overliet; waar de lucht verpest werd onder de vereenigde werking van de menschelijke ademhaling en de uitwaseming der vaak natte kleeren, die in het kleerlokaal werden opgehangen en die bezwangerd waren met allerlei kwalijk riekende geuren.

“Schoolpaleizen”, zei men spottend; maar was degene, die het woord op de lippen nam, wel overtuigd van de waarheid: “Voor het kind is het beste nog niet goed genoeg”. Zet het kind in een vriendelijke omgeving en ge voedt op zonder schijnbaar op de opvoeding in te werken. Leer het kind respect voor het gebouw, dat hij binnentreedt en ge leert het eerbied te hebben voor eigen huis of althans te trachten ook dat vriendelijk te helpen maken. Het leeren gaat in een aangename omgeving gemakkelijker dan in een lokaliteit, die neerdrukt. Licht, lucht en schoone vormen zijn de eerste voorwaarden voor opgewektheid en zucht naar orde.

Het doet den bezoeker weldadig aan eene inrichting binnen te treden, als aan de Bijleveldsingel is verrezen. “Je zou zelf weer lust krijgen om school te gaan,” zei een der werklieden, die er bezig was.

Reeds meermalen hadden we met welgevallen een blik geslagen op het uitwendige. Het geheel is een monumentaal gebouw, goed gedacht door den kundigen directeur van gemeentewerken, den heer Weve, flink uitgevoerd door den aannemer, den heer H. Bartels, opgegroeid onder toezicht van den opzichter, den heer Th.A. Middendorp. “Goed gedacht” zeiden we: een flink gebouw zich aanpassende aan de eerste-klasse omgeving, waarin het werd gesticht, met een front, een gevel aan twee straten, die uit architectonisch oogpunt schoon mag heeten, een kunstwerk.

Den heer Weve zal het misschien weinig treffen, dat een leek deze lofspraak uit, welnu, deskundigen, vakmannen, spraken evenzeer met lof over de inrichting als bouwwerk en dat zal hem niet onververschillig zijn.

Hoog verheft zich het gebouw aan de grens van wat nu nog de groote vlakte van ’t exercitieveld is, trotsch zal ’t er staan, als eenmaal de omgeving bebouwd is, en de breede wegen en straten in de naaste omgeving zijn een waarborg, dat het schoone geheel niet weggemoffeld zal worden.

Wij waren in de gelegenheid ook het inwendige te bezien. Twaalf ruime, frissche, lichte leerlokalen, zes beneden, zes boven; elk tweetal door een flinke ruimte gescheiden van een ander paar vertrekken en deze twee onderling verbonden of gescheiden door schuifdeuren; vier dezer lokalen telkens langs den Daalschen weg, twee langs den Bijleveldsingel. Tusschen de twee en de vier bevinden zich flinke ruimten, ter plaatse van de half torenvormige uitbouwsels, voor de berging van kleedingstukken. Het viertal aan den Daalschen weg wordt beneden door een gang, boven door de kamer voor het Hoofd der school in twee tweetallen verdeeld.

Een breede gemakkelijke steenen trap leidt van de beneden- naar de bovenverdieping, en er is gezorgd, dat de leuningen niet in een onbewaakt oogenblik gebruikt kunnen worden om er langs af te glijden. Aan den achterkant beneden is een groot ruim lokaal voor gymnastiek (vrije- en ordeoefeningen) met een keurig net geschilderd plafond in zachte tinten. Verder heeft het Hoofd der School in den toegang tot zijn lokaal drie groote ruime kasten en aan het einde der bovengang is een ruimte, bestemd tot magazijn van leer- en hulpmiddelen.

Urinoirs en bestekamers zijn in groot aantal aanwezig, eenvoudig maar netjes en praktisch ingericht, zoodat ook daar de kinderen niet aan toezicht behoeven onttrokken te zijn; hier een daar zijn fonteintjes en waterleidingkranen aangebracht.

De speelplaats ziet er op dit oogenblik nog wat onooglijk uit; ’t kan niet anders; maar één zaak is nu al te constateeren: de flinke overdekte speelplaats naar de zijde van de daarnaast gelegen bewaarschool. Bijzonder groot, dunkt ons evenwel de overige ruimte op de speelplaats niet, vooral niet, als daarvan nog hier of daar een plekje werd afgenomen om als schooltuintje dienst te doen, iets, dat bij zulk een modern ingerichte school eigenlijk niet mocht ontbreken. Maar- er blijft altijd iets te wenschen over.

Alles ziet er degelijk uit, overal dringt de frissche lucht door. “Geen raam, dat niet open kan”, zei de werkman van zooeven. Of het nu wel zoo erg is, durven wij niet zeggen. Maar frisch is het er en ruim en helder en licht. Bovendien zijn overal nog luchtkokers aangebracht.

De verwarming zal geschieden door kachels, welker warmte tevens voor den rechtstreekschen toevoer van zuivere lucht zal zorgen, die door de kachel verwarmd in de lokalen zal stroomen: m.a.w. in elk lokaal een pompstation voor frissche lucht, ook in den kouden wintertijd.

Wij noemden den school een monumentaal gebouw; een monument zal zij ook zijn voor ontwerper en bouwmeester. Moge zij de plaats worden, waar een goed deel van ’t toekomstig Nijmeegsch geslacht, meer bepaaldelijk de Middenstand, die zoo zeer verdient gesteund te worden, de kracht en de kennis zal opdoen, die hem in staat zal stellen het hoofd te bieden aan den steeds moeilijker wordenden strijd om ’t bestaan en den bloei van onze stad te bevorderen. Dan zullen de kosten aan de school besteed een kapitaal blijken, dat hooge rente opbrengt”. ( PGNC 11/5/1906)

Rijksmonument

Zowel het schoolgebouw als hek zijn Rijksmonument. Waardering”

– Van architectuurhistorische waarde als typologisch goed voorbeeld van een schoolgebouw uit het begin van de twintigste eeuw van het gangtype. Het object is gaaf bewaard gebleven qua gevelindeling, detaillering en in iets minder mate wat betreft de interieurindeling (sommige hoekjes zijn dichtgezet om extra kamers te verkrijgen) en hoofdvorm (kleine wijzigingen, toevoegingen aan de achterzijde). Het object is, als een voorbeeld van een schoolgebouw in de stijl van het rationalisme met invloeden van de Art Nouveau, van belang voor het oeuvre van de Nijmeegse stadsarchitect J.J. Weve. Na de sloop van meerdere belangrijke schoolgebouwen van zijn hand, is dit object van groot belang voor diens oeuvre. – Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van de als stadsgezicht beschermde 19de eeuwse gordel van Nijmegen, waarin het schoolgebouw als markant hoekpand een beeldbepalende rol speelt.

– Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een sociaal-culturele ontwikkeling, in casu het op peil brengen van de openbare onderwijsvoorzieningen in Nijmegen èn de in deze tijd gangbare pedagogische opvatting dat het schoolgebouw een aansprekende omgeving moest vormen voor de leerlingen.”

https://monumentenregister.cultureelerfgoed.nl/monumenten/523038

Vervolg

Voormalige U.L.O. Prins Hendrikstraat 7 als PH 7, Augustus 2021 (Google Streetview)
Voormalige U.L.O. Prins Hendrikstraat 7 als PH 7, Augustus 2021 (Google Streetview)

In 1907 is de gymzaal verhoogd. Daarnaast hebben tussen 1917 en 1968 meerdere vergrotingen van het gebouw plaatsgevonden.

Tot en met 2005 is het gebouw in gebruik geweest als school:

  • 1906 – 1946: Uitgebreid Lager Onderwijs.
  • 1941 – 1944: Duitse School.
  • 1946 – 1975: Maarten Trompschool.
  • 1975 – 1981: in gebruik als MAVO.
  • 1981 – 2005: Sint Jorisschool

In 1946 werd de ‘Openbare school voor Gewoon Lager Onderwijs nr. 2’ gesticht. Deze school was bedoeld voor moeilijk lerende kinderen. Aan het eind van de jaren 50 besluit de gemeente af te stappen van nummering van scholen. Vanaf het schooljaar 1958-1959 is het Maarten Trompschool. Vanaf ongeveer 1970 zet een daling van het leerlingaantal in en daarop wordt de school op 1 augustus 1975 opgeheven.

In 2007 is het gebouw een bedrijfsverzamelgebouw geworden, welke in ieder geval in 2014 PH 7 heette en waarop op dat moment 10 organisaties gehuisvest waren, onder andere: de Circusschool, Theater Grote Broer, Colourfull City en Music Meeting.

Vanaf ongeveer september 2022 werd het plan voor de verbouwing van het gebouw opgesteld, zodat het kan dienen als noodopvang voor 130 Oekraïense vluchtingen, waarvoor 32 worden gebouwd.

Weve architect

Weve was een architect en ingenieur. Hij was stadsarchitect en directeur Gemeentewerken van Nijmegen. Hij ontwierp onder andere 17 scholen,…

Hogere Burgerschool architect Weve

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Altrade

Deze pagina verzamelt reeds gemaakte artikelen over de wijk Altrade. Romeins amfitheater hoek Rembrandtstraat-Mesdagstraat In de buurt van Romeinse legerkampen…

(Overige) Bronnen

Meer uitgebreid lager onderwijs, wikipedia

Wet op het voortgezet onderwijs, wikipedia

Openbare School nr. 2 Prins Hendrikstaat 7, Wijkcomité Oost

Peter op den Brouw transformeert schoolgebouw Prins Hendrikstraat 7 te Nijmegen, ViS Detachering

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/nieuwe-opvangplek-voor-150-oekraieners-aan-prins-hendrikstraat-in-nijmegen~a054de72/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2F

https://vandeklok.nl/projecten/opvanglocatie-prins-hendrikstraat-7

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Maarten_Trompschool_Nijmegen

#Nijmegen, Gebouw van de dag

Biezenstraat 57, voormalige borstelfabriek Benda

Verbouwing Biezenstraat 57 (juni 2023)
Verbouwing Biezenstraat 57 (juni 2023)

Biezenstraat 57 is in 1917 gebouwd als voor de Firma F.H. Benda & Zonen, een “borstel- en zeeftenfabriek”. In ieder geval was het tot 1955 nog in gebruik bij Benda.

In juni 2023 was de verbouwing aan de gang van de Biezenstraat 57. Voorheen was dit gebouw samen met het linkergedeelte (zie foto onder, met rolluik, welke intussen verbouwd zijn tot woningen) een echt gebruiksgebouw.

Situatie 2017 (foto Google Streetview)

Dit was aanleiding om na te gaan wat de functie van het gebouw aanvankelijk is geweest. Dit is een eerste onderzoek; zo zijn een aantal gevonden contracten bijvoorbeeld nog niet onderzocht.

Het gebouw van de Biezenstraat dateert uit 1917. Het is gebouwd voor de Firma F.H. Benda & Zonen, een borstel- en zeeftenfabriek. De jaren daarna volgenden een aantal uitbreidingen. Het bedrijf was reeds gevestigd op de Smidstraat.

Smidstraat

Ferdinandus Hubertus Benda is geboren op 4-7-1859 te Nijmegen. In het Bevolkingsregister van 1890 komt hij voor als “zeeftenmaker  borstelwerk”. Zijn adres is Grootestraat C nr 30, op een later tijdstip doorgehaald en vervangen door Scheidenmakersgas nr. 36 (https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?nav_id=11-1&index=16&imgid=2311615158&id=2311615156)

In het adresboek van  1912-1913 komt F.H. Benda, borstel- en zeeftenfabrikant voor op Scheidenmakersgas 48. (https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?nav_id=9-1&index=6&imgid=2091952406&id=2091571326). Vervolgens komt hij in het Adresboek van 1913-1914 voor op Smidsstraat 21  (https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?nav_id=9-1&index=7&imgid=2095417416&id=2091579723). Idem in 1915 en 1916. https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?nav_id=9-1&index=9&imgid=2095771393&id=2091580932

Op 30 maart 1917 krijgt Benda de vergunning ten behoeve van een inrichting voor het vervaardigen van borstels en zeeften, in het perceel Smidstraat No. 21, kadastraal bekend, gemeente Nijmegen, Sectie C., Nos. 2345 en 4209 (Gemeenteverslag 1917). Waarschijnlijk heeft het bijna een jaar geduurd voordat Benda deze vergunning kreeg: op 2-6-1916 heeft de gemeente de beslissing voor het verstrekken van een hinderwetvergunning verdaagd, omdat het onderzoek ten behoeve van deze aanvraag nog niet was afgerond. (De Gelderlander 4/6/1916)

Bouw Borstelfabriek Biezenstraat

In datzelfde jaar (2-10-1917) krijgt Benda vergunning tot het oprichten van “eene door elektriciteit gedreven inrichting voor het vervaardigen van houtwerk ten behoeve van borstels en zeeften, in een in aanbouw zijnd gebouw aan de Biezenstraat, kadastraal bekend Neerbosch, Sectie A.n no 1325 (PGNC 3/10/1917, waarschijnlijk moet dit 1315 zijn).

Gevonden uitbreidingen:

  • Op 16-6-1919 krijgt hij vergunning 16 Mei aan F. H. Benda, ten behoeve van zijn door elektriciteit gedreven borstelfabriek in het perceel Biezenstraat 57, kadastraal
    bekend: Gemeente Neerbosch, Sectie A, No.. 1351.(Gemeenteverslag 1919)
  • 1902: Transformatorenruimte (Gemeenteverslag 1920)
  • 23 september 1924: uitbreiden van hare door electricteit gedreven inrichting voor het vervaardigen van borstelhouten, zeeftenranden en het zagen van boomen (De Gelderlander 25/9/1924)
  • 31-8-1928: vergunning tot het uitbreiden van hare door elektriciteit gedreven inrichting voor het machinaal bewerken van hout in het perceel Bizenstraat No. 57, kad. bekend gemeente Neerbosch, Sectie A, no. 1597 (!) (De Gelderlander 5/9/1928)

In ieder geval in de eerste jaren staat in de adresboeken alleen het adres van de Smidstraat; in advertenties staan wel beide adressen.

Rond april 1922 overlijdt Ferdinandus Hubertus Benda. (PGNC 15/4/1922). Uit het Adresboek van 1922 blijkt dat F.H. Benda Jr. inmiddels bedrijfsleider is. Beiden hebben in dat adresboek het adres van de Smidstraat. Ook in het adresboek van 1926 komt Benda als bedrijfsleider voor op de Smidstraat. Wel staat als adres van de Houtfabriek en Houtzagerij de Biezenstraat.

Nieuwjaarsdvertentie Firma F.H. Benda & Zonen, Borstel- en Houtwarenfabriek, Houtzagerij Houthandel (De Gelderlander 31/12/1931)
Nieuwjaarsdvertentie Firma F.H. Benda & Zonen, Borstel- en Houtwarenfabriek, Houtzagerij Houthandel (De Gelderlander 31/12/1931)

In de nieuwjaarsadvertentie van 1931 is het: “Electr. Borstel- en Houtwarenfabrieken, Houtzagerij Houthandel”

De op dit moment laatst gevonden vermelding is het Adresboek 1940: “Benda & Zn., firma F.H., houtz. En houthandel, Biezenstraat 57 en Voorstadslaan 88”. Daarbij heeft “F.H. Benda, Houthandel”, het adres Voorstadslaan 88.

In het Adresboek 1948, 1951 en 1955 is op Biezenstraat 57 het Pakhuis “Benda”. Het adres van F. H. Benda, Houthandel is de Voorstadslaan 88. In 1959 woont de Weduwe van F.H. Benda op Burchtstraat 88 en komt er geen “Benda” meer voor op Biezenstraat 57.

Biezenstraat

Deze verzamelt reeds verschenen artikelen over de Biezenstraat Een mooie foto van de Biezenstraat op het kruispunt Voorstadslaan uit 1970-1975…

Biezen/Waterkwartier

Hoewel Biezen de officiële naam is, noemen veel Nijmegenaren de wijk het Waterkwartier. Het is een van oudst bewoonde gedeelten…

Synagoge Gerard Noodtstraat in april 2023, architect Oscar Leeuw
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Synagoge, architect Oscar Leeuw

1912-1913, Gerard Noodstraat Centrum, Rijksmonument

Synagoge Gerard Noodtstraat in april 2023, architect Oscar Leeuw
Synagoge Gerard Noodtstraat in april 2023

De oude synagoge aan de Nonnenstraat was voor de Joods gemeenschap van Nijmegen te klein geworden. Daarop vindt nieuwbouw plaats aan de Gerard Noodtstraat, waarvan Oscar Leeuw de architect was. De nieuwe synagoge wordt in 1913 ingewijd. Na een restauratie in 1978-1979 werd de oude synagoge in de Nonnenstraat weer in gebruik genomen. Daarop zat vanaf 1980 jarenlang het Natuurmuseum in dit pand.

Architect

De architect van het gebouw is Oscar Leeuw:

In mei 1912 besteedt Oscar Leeuw het bouwen van “een synagoge, schoollokalen, bovenwoningen met andere annexen” aan. Hierbij is A.J. Smits met f33.733 de laagste inschrijver (De Gelderlander 19/5/1912).

Uiterlijk

De ingangstoren heeft de gelijkenis van een grote thorarol. In de gevel is veel symboliek verwerkt, bijvoorbeeld de twee tabletten met de 10 geboden. Een beschrijving wordt ook hieronder, “Bij de opening”, gegeven.

Daarbij is in en in de gevel is veel symboliek verwerkt. “Boven de ingang, waar nu ‘Natuurmuseum’ geschreven staat, stond ooit een Hebreeuwse tekst, verdeeld over twee regels. Het gaat om Psalm 19:15…: “Laten de woorden van mijn mond u behagen, de overpeinzingen van mijn hart u bekoren, Eeuwige”. De letters van de onderste regel bij elkaar opgeteld leveren 673, het joodse jaar 5673. Dat komt overeen met 1913 en is het jaar waarin de synagoge werd ingewijd.” (Wikipedia; in het krantenartikel vertaald als: “Moge U, o Eeuwige, welgevallig zijn de redenen van mijn mond en de overdenking van mijn hart”).

De gebedszaal is naar Jeruzalem gericht.

Stijl

Synagoge, vooraanzicht Gerard Noodstraat, foto gedateerd 1915-1920 (Joh. Gijpink via RAN F28981) Oscar Leeuw
Synagoge, vooraanzicht Gerard Noodstraat, foto gedateerd 1915-1920 (Joh. Gijpink via RAN F28981)

Biografisch Woordenboek Gelderland: “Dit evenwel zonder dat het aspect van vernieuwing geheel en al verdween. De synagoge aan de Gerard Noodtstraat (1912) is vooral van dat laatste een voorbeeld. Hoewel het indrukwekkende interieur met zijn galerijen en geschilderde muurdecoratie nu verdwenen is, krijgt men door de ornamentiek aan de voorgevel nog een indruk van het zoeken naar nieuwe siervormen, die niet gebaseerd zijn op historische voorbeelden noch op de inmiddels tot het verleden behorende Jugendstil.”

Wikipedia: “Naast art deco is ook eclecticisme te herkennen.”

Bij de opening

Bij de opening schrijft het PGNC:

De Nieuwe Synagoge.

Morgen is het voor onze Israëlitische stadgenooten een belangrijke dag. Dan toch zal de nieuwe Synagoge, gesticht aan de Gerard Noodstraat alhier, op plechtige wijze worden ingewijd door den Opperrabijn in het ressort Gelderland, den Z.Eerw. heer L. Wagenaar.

Reeds lang bestond te dezer sted behoefte aan een nieuwe Synagoge. Het oude gebouw, waarvan in Augustus 1906 het honderd vijftigjarig bestaan feestelijk werd herdacht, en dat dus thans 157 dienstjaren telt, gelegen in de steeds meer en meer in verval gerakende Nonnenstraat, was met de daaraan verbonden slecht ingerichte lokalen niet meer in overeenstemming met de eischen van het zeer opgewekte leven der Israëlitische gemeente alhier. En toen het aantal Israëlitische Nijmegenaren toenam, achtte men het oogenblik gekomen, om naar een nieuw gebouw uit te zien. Dat was geen gemakkelijke taak. Doch met algemeene medewerking van de leden der gemeente, onder wie er gelukkig velen waren, die met groote mildheid tot de oplossing der financieele zijde van het vraagstuk wilden medewerken, kon aan dezen lievelingscwens worden voldaan. En zoo ontstond dan ter genoemde plaatse het in- en uitwendig sierlijke en aardige kerkgebouw, met daaraan verbonden leer- en vergaderlokalen, badinrichting, woningen voor den leeraar en den koster, waarheen morgen- nadat op plechtige wijze afscheid zal zijn genomen van de oude Synagoge- de Wetrollen zullen worden overgebracht, om daar opnieuw, naar wij hopen, tot in lengte van dagen het middelpunt te zijn van het Israëlitisch godsdienstige leven te Nijmegen.

Het kerkbestuur en zij, die dit in zijn taak bijstonden, hadden de gelukkige gedachte zich voor den bouw te wenden tot onzen stadgenoot, den heer Oscar Leeuw, die met zijn veelzijdige kennis een fraai kerkgebouw wist te scheppen. De bekwame architect heeft zich bij zijne modern opgevatte architectuur laten inspireren door de oude kunst van Judea, waarvan weliswaar weinige overblijfselen bestaan, doch waaromtrent toch uit oude beschrijvingen licht te verkrijgen was. De buiten-architectuur van het hoofdgebouw der Joodsche cultuur, den Tempel van Jeruzalem, was zeer eenvoudig, terwijl het intérieur rijk versierd en van de edelste materialen uitgevoerd was. Die versieringen waren uitsluitend ontleend aan het plantenrijk en aan geometrische vormen, daar menschelijke afbeeldingen ten strengste verboden waren. En dit systeem heeft de heer Leeuw ook bij den bouw van de nieuwe Nijmeegsche Synagoge doorgevoerd.

De gevel is van streng sobere vormen, opgetrokken in het materiaal van het land- den baksteen- met een matige ornamentatie. Evenals aan deze Tempel van Salomon bestaat deze uit den palmboom van Judea; de granaat-appel, die door zijn groot aantal zaadjes de krachtige vermenigvuldiging van het leven symboliseert, en het schild van David, de zeshoekige ster. Boven den ingang zijn in den tympaan in het Hebreeuwsch gegrift de woorden van Psalm 19 vers 15, welke vertaald luiden: “Moge U, o Eeuwige, welgevallig zijn de redenen van mijn mond en de overdenking van mijn hart”. Twee zware hardsteenen voetstukken zijn aan weerszijden van den ingang aangebracht, om daarop zoo mogelijk later te plaatsen de reconstructied der bekende bronzen kolommen “Jakoun” en “Bo’az”, welke eenmal den toegang tot den tempel van Salomon sierden.

Door de dubbele toegangsdeuren betreedt men de vestibule, die 4.50 bij 4.50 Meter oppervlakte heeft met een terrazzovloer, waarin het schild van David is aangebracht en die met een kruisgewelf is overdekt. Daarin bevindt zich links de toegang tot de mannen-garderobe, rechts die tot de vrouwengaanderij en in het front de toegang tot de kerk.

Interieur synagoge Gerard Noodstraat, architect Oscar Leeuw 1913
Interieur synagoge Gerard Noodstraat, architect Oscar Leeuw 1913

De kerk zelf, groot 11 bij 17 M. en hoog 12 M., heeft op den beganen grond 150 zitplaatsen voor de mannen en op de gaanderijen 110 zitplaatsen voor de vrouwen; zij is volgens de voorschriften naar Jeruzalem gericht en niet naar het Oosten, zooals de algemeene is. Het intérieur met zijn hoofdlijnen in gevoegden baksteen, terwijl de wanden en het tongewelf gepleisterd zijn, is er geheel op berekend om later beschilderd te worden. De hoofdonderdelen der kerk, de Byma en de H. Arke, zijn geheel voltooid, zooals dat de bezoeker zich reeds nu een denkbeeld kan vormen, welk aspect het inwendige van de kerk zal krijgen, indien alles is afgewerkt, wat nu nog niet het geval is.

De H. Arke is tegenover den ingang der kerk is zeer rijk geornamenteerd met dezelfde symbolen als hierboven genoemd; marmeren trappen geven toegang tot het verhoogde gedeelte. Achter den donkerblauwen, rijk met goud borduursel georneerden voorhang bvinden zich de deuren, waarachter de Wetsrollen geborgen zijn. Op de latei der deuren komt voor in ’t Hebreeuwsch de spreuk: “Weet voor wie gij staat”. In de tympaanvulling daarboven bevinden zich de Tafelen der Wet, omring door een gouden stralen krans een een spiraalvormig relief-ornament van gestyleerde palmbladeren. In de randboog der H. Arke is de “Eeuwige Lamp” geplaatst, welke ter nagedachtenis der overledenen brandt.

De groote ramen in de voor- en achtergevels zijn vervaardigd van glas in lood met psalmmotieven.

Bij avond zal de Kerk schitterend verlicht worden door twee groote kronen, die uit het tongewelf afhangen. Acht cirkel-vormige kronen, geplaatst op de palen der gaanderij, ieder met zeven lichtpunten (het gewijde getal) en vele wandarmen, zijn regelmatig over de ruime zaal verdeeld.

De H. Arke, de geborduurde voorhang en de koperen lampen zijn geschenken van leden der Israëlitische Gemeente alhier.

Al moet op den duur de afwerking nog volgen, toch maakt het kerkgebouw reeds nu een verheven indruk. Waarlijk, wij zeiden niet te veel toen wij hierboven den bouwmeester prezen. Zoowel het gheel als de onderdeelen getuigen van zijn uitgebreide kennis, zijn onvermoeid streven en zijn gekuischten smaak. Ook met dit werk, waarmen men zeggen kan dat dit ging boven de eischen die in den regel aan een architect gesteld worden, heeft de heer Oscar Leeuw zijn goeden naam hoog gehouden.

De naast de Synagoge gelegen bijgebouwen maken uiterlijk een zeer rustig effect. Zij verstoren den machitgen indruk van den fraaien kerkgevel niet en hun inwendige indeeling is practisch gedacht en goed uitgevoerd.

De Israëlitische Gemeente mag met haar nieuwe kerkgebouw geluk gewenscht worden. Als morgen de inwijding plaats heeft in tegenwoordigheid van kerkelijke en burgelijke autoriteiten, zal zij daarover zeker de meest vleiende beoordeelingen vernemen.

De gebouwen werden einde Mei 1912 aangenomen door den heer A.J. Smits Jr. alhier, voor de som van f33.733. Deze aannemer legt eer in met zijn werk; het is goed en ook met bekwamen spoed uitgevoerd, hoewel er nooit op den Zaterdag, den Sabbath der Israëlieten, de gewerkt werd.

De Byma met Bestuursbank en podium werden geleverd door den heer Maurits Drukker, firma Drukker en Cohen, en uitgevoerd neer een ontwerp van diens bekwamen medewerker, den heer J.R.L. Samson; het decoratiewerk der H. Arke is verricht door den heer J.H. Kaak; de koperen lampen der gaanderij en de wandarmen zijn geleverd door de firma L.A. Moll alhier. De koperen hangkronen zijn van de firma Wiener en Co. te Amsterdam. De geborduurde voorhang is van den heer J. Goudsmit te ’s Gravenhage, terwijl de verdere schilderwerken door den heer Arts, de installatie van het electrisch licht door de firma Tasche en Co., het zandsteenwerk door de firma Spamer en Smits, de warmwaterverzorging voor de baden door de firma Weijers en Co., allen alhier, werden geleverd. Het glas in lood is van de fabriek Kronenbitter, te Berg-en-Dal, afkomstig.” (PGNC 11/4/1913)

Tweede Wereldoorlog

In de Tweede Wereldoorlog gebruikten de Duitsers het gebouw als opslagruimte, onder andere voor geconfisqueerde radiotoestellen. De wandschilderingen zijn vernield en de Davidsster werd uit de gebrandschilderde ramen geslagen.

Verkoop Synagoge

Na de oorlog was het gebouw te groot voor de Joodse gemeenschap, welke door de vervolging gedecimeerd was. Daarop betrok de gemeenschap de naastgelegen school als synagoge. Het pand van de Nieuwe Synagoge werd verkocht aan de gemeente Nijmegen. De gemeenschap zal in 2000 de oude Synagoge aan de Nonnenstraat weer gaan betrekken.

Het gebouw van de Nieuwe Synagoge diende het tijdelijk als opslagruimte en daarna als gebedshuis voor het Apostolisch Genootschap.

Natuurmuseum Nijmegen

Vanaf 1978 zat er jarenlang het Natuurmuseum Nijmegen. In juni 2014 fuseerde het Natuurmuseum met museum De Stratemakerstoren tot Stichting De Bastei. Daarop sloot het museum in oktober 2017, waarbij het in januari 2018 verder ging in de Statemakerstoren. Vervolgens ging museum De Bastei in 20218 open.

Vanaf maart 2023 zit er een sportschool in het gebouw.

Rijksmonument

Het gebouw is een Rijksmonument.

(Overige) Bronnen

https://www.noviomagus.nl/Monumenten/OMD2003/21.htm

https://www.noviomagus.nl/Monument

https://nl.wikipedia.org/wiki/Nieuwe_Synagoge_(Nijmegen)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Synagoge_(Nijmegen)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Natuurmuseum_Nijmegen

Oscar Leeuw, architect

Oscar Leeuw is een van de belangrijkste architecten van Nijmegen. Bekende werken van hem zijn onder de synagoge, museum Kam…