Scihikgodinnen, beeld Oscar Goedhart, Hertogplein (Maart 2024)
Oscar Goedhart maakte in 1974 de sculptuur Schikgodinnen. Deze staat op het Hertogplein. De 3 schikgodinnen bepalen samen de levensloop van een mens. Het bijzondere aan dit werk is dat de godinnen zittend, elkaar steunend met de rug zijn weergegeven.
Schikgodinnen in de Griekse mythologie
De 3 schikgodinnen zijn de 3-voudige vorm van de godin Moira in de hoedanigheid van menselijke lotsbestemming. Daarmee wordt vorm gegeven aan het idee van de godin als schepper, handhaver en vernietiger. De draad is het symbool van het leven/de levensloop (Moira is verwant aan het Griekse “moros””, wat lotsbestemming betekent).
De schikgodinnen zijn:
Klotho (“de spinster”, die de levensdraad spon)
Lachesis (“de verdeelster”, die de draad afmat en aldus besliste hoelang iemand nog te leven had)
Atropos (“de onafwendbare”, die iemands draad afknipte als zijn tijd gekomen was)
Wat zie ik: het bijzondere van de ruggen aan elkaar
Vlaams tapijt: De overwinning van de Dood, of De drie schikgodinnen, waarschijnlijk uit Brussel, ca. 1510-1520, Victoria en Albert Museum Bron: Wikipedia
Hoewel ik geen kunstexpert ben:
Heeft Goedhart de attributen meegegeven? Ik kan ze momenteel niet herkennen, maar mogelijk liggen de attributen in hun schoot. 2 van de 3 figuren houden elkaars hand vast. De drie lijken elk hun eigen gezichtsuitdrukking te hebben.
Een willekeurige zoektocht naar afbeeldingen van schikgodinnen op google (probeer het zelf) leert dat dit aansluit bij de gangbare manier van afbeelden: de 3 schikgodinnen zitten of staan -meestal keurig- op een rij, waarbij Klotho begint (links) met de draad. Zij geeft ‘m door aan Lachesis (midden) De derde op rij is Atropos, die al dan niet de draad vasthoudt, maar waar het al wel duidelijk is dat ze met haar schaar de draad door gaat knippen.
Wat Goedhart anders doet is dat de schikgodinnen met de ruggen tegen aan elkaar zitten. Dat schept niet alleen een verbondenheid die de reguliere weergave niet heeft: door hun zittende houding hebben de drie elkaar nodig om in evenwicht te blijven.
Oscar Goedhart
Meer over de kunstenaar Oscar Goedhart in het artikel over de afsluitpaal:
De gemeente Nijmegen gaf in 1973 een aantal kunstenaars de opdracht om een verkeerspaaltje te ontwerpen. Oscar Goedhart was met Peter van Locht en Giuseppe Roverso de eerste kunstenaar.
Locatie
Schikgodinnen, beeld Oscar Goedhart, Hertogplein (Maart 2024)
Het was voor het beeld belangrijk dat zij van alle kanten goed zichtbaar is. Er is verder met binding met de locatie. KOS https://kos.nijmegen.nl/overzicht-kunstwerken/: “In de jaren zeventig en tachtig spelen vooral esthetische motieven een rol bij het bepalen van een geschikte plek voor een kunstwerk. ‘De stad als museum’ was het motto uit deze periode. Dat is ook te herkennen in het kunstopdrachtenbeleid van die tijd.” Bovendien is in 2008 een paar meter naar het noorden verplaatst bij de herinrichting van het Hertogplein.
Architectuur der natuur, Peter van der Locht, Waalkade (Maart 2024)
In 1980/1981 werd aan de Waalkade, tussen de Grotestraat en Nieuwe Markt, een nieuwe waterkeringmuur gebouwd. Daarbij werd aan een aantal kunstenaars gevraagd een object te ontwerpen. Peter van de Locht maakte daarop “Architectuur der natuur”, een van de zuilen die hij in deze periode maakte.
Meer over Peter van de Locht in het artikel over de Twee Zuilen:
Afsluitpaal, Ed van Teeseling, doorgang Lutherseplaats en Achter de Vismarkt, 1987 (Maart 2024)
Beeldhouwer Ed van Teeseling maakte de afsluitpaal in de doorgang van de Lutherseplaats en Achter de Vismarkt in 1987.
In 1973 had de gemeente Nijmegen aan een aantal kunstenaars de opdracht gegeven een verkeerspaaltje te ontwerpen. Het idee was afkomstig uit Maastricht. Na de eerste drie, zouden nog een aantal paaltjes in de Benedenstad volgen. Deze afsluitpaal van Ed van Teeseling stamt uit 1987.
De gemeente had in haar opdracht bepaald dat de paaltjes van graniet of hardsteen moesten zijn. KOS: “Het paaltje van Ed van Teeseling heeft een golvende vorm, die aan lichaamsvormen doet denken. Het ziet er ondanks het harde materiaal rond, zacht en organisch uit.”
De mooie ontdekking komt van Dorsoduro: “Toen ik pas van Achter de Vismarkt naar de Lutherseplaats liep, viel me een detail op, zeg maar op heuphoogte. En ineens zag ik dat de afsluitpaal een kussend stel laat zien. Het detail toont hoe zij elkaars hand vasthouden.” (Dorsoduro, in een mooi artikel over de afsluitpaaltjes)
Sculptuur, Oscar Goedhart, Stikke Hezelstraat,1978 (Maart 2024)
In dit beeld zijn twee liggende figuren te zien. Goedhart heeft het beeld een horizontale vorm gegeven: hij wilde “een rustgevend element” creëren temidden van de vele, rechtopstaande elementen in de straat.
Het beeld is geplaatst vanwege de verandering van de Stikke Hezelstraat in een voetgangersgebied. Daarbij besloot de gemeente om een beeldhouwwerk te plaatsen. In overleg met de architect en winkeliers werd besloten Oscar Goedhart te vragen om een bronzen beeld te ontwerpen. Op 5 april 1978 werd het beeld geplaatst.
Een foto van het kunstwerk in 1978 is te vinden op F11193 RAN.
Sculptuur, Oscar Goedhart, Stikke Hezelstraat, 1978 vooraanzicht (Maart 2024)
De gemeente Nijmegen gaf in 1973 een aantal kunstenaars de opdracht om een verkeerspaaltje te ontwerpen. Oscar Goedhart was met Peter van Locht en Giuseppe Roverso de eerste kunstenaar.
Waar ontmoetingen herinneringen zijn geworden 18-7-2006 Julianapark, maart 2024
Deze plaquette is een gedenksteen voor de Vierdaagse van 2006. Niet alleen voor de 2 overleden wandelaars, “voor ‘allen die tijdens of ten gevolge van deelname aan de Vierdaagse’ gestorven zijn” (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis). De tekst is afkomstig van de weduwe van 1 van de 2 wandelaars. Het ligt sinds 2007 in de buurt van de Wedren, bij het beeld van het Vierdaagsemonument.
De Vierdaagse van 2006
Dat jaar viel de vierdaagse samen met de 2e hittegolf van dat jaar. Het was die dag 34 graden in de schaduw. Die dag moesten 69 mensen in een ziekenhuis worden opgenomen, er waren 250 tot 300 meldingen van mensen die onwel waren geworden. De twee mannen, een van 58 en een van 65 waren ervaren lopers die meerdere malen de vierdaagse hadden uitgelopen en goed waren voorbereid.
Als gevolg van deze dag en mede omdat de weersverwachting de komende dagen hoge temperaturen bleef voorspellen, werd besloten de Vierdaagse te staken.
Vervolg
Sinds 2006 heeft de Vierdaagse een aantal maatregelen genomen: “Draaiboeken zijn verbeterd, een meteoroloog trad toe tot onze organisatie en we informeren wandelaars intensiever over het weer en te nemen maatregelen. Tegelijk wijzen we ze erop dat ze zelf verantwoordelijk zijn voor hun deelname”.
Vierdaagsmonument vriendschap Nederland Japan, maart 2024
Het Japans wandelmomument is een sculptuur dat aangeboden is door de Japan Walking Association. De sculptuur bestaat uit 2 opstaande marmeren platen welke de verbondenheid tussen Japanners en Nijmegenaren in de wandelsport symboliseert. Het staat in de buurt van de Wedren, begin- en eindpunt tijdens de Vierdaagse.
Het marmer is afkomstig uit een steengroeve van Tokushima. Met op de ene steen de Nederlandse en op de andere de Japanse vlag. Ze staan op een liggende steen met als opschrift:
“Dit monument is opgericht als een symbool van vriendschap tussen wandelaars in Nederland en Japan” en daaronder de tekst in het Engels en daarboven (waarschijnlijk) in het Japans.
Het beeld is gemaakt in 1989. Het monument is aangeboden door de Japan Walking Association. De maker van het kunstwerk, waarschijnlijk een Japanse kunstenaar, is onbekend. In de film wordt gesproken dat de leden van deze Association ook onder andere het vervoer betaald hebben, ondersteunt deze gedachte.
De sculptuur staat in de buurt van de Wedren, tijdens de Vierdaagse begin- en eindpunt van de dagelijkse afstand. Een prachtig filmpje over de onthulling is te vinden op 03-2055 RAN.
Achtergrond: Japanners lopen mee met Vierdaagse
Door het succes van de Vierdaagse liepen ook steeds meer buitenlanders mee. Daarop begon de KNBLO in de jaren 60 en 70 buitenlandse organisaties te helpen met het opzetten van meerdaagse wandelevenementen.
Bij de onthulling noemt voorzitter Kaneko van de Japanse Walking Association in zijn speech dat Japanners sinds 12 jaar meelopen met de Vierdaagse. De tweede ambassadeur van Japan in Nederland Akazawa feliciteert in zijn speech de Japanse Walking Association met haar 25-jarig bestaan later in dat jaar.
De 3-daagse van Higashimatsuama begon in 1978. Het is mij nog onduidelijk of en in hoeverre de KNBLO heeft meegeholpen met het oprichten van deze 3-daagse. In ieder geval was dit evenement het eerste lange afstandswandelevenement buiten Europa. Naast de KNBLO was de Japanese Walking Association een van de mede-oprichters van het International Marching League (tegenwoordig IML Walking Association) in 1987.
Uiteindelijk resulteerde de verbondendheid in het wandelen in een vriendschapsband tussen de gemeente en de stad Higashimatsuama in 1996.
De 3-daage van Higashimatsuama
De 3-daagse vindt begin november plaats. Tegenwoordig is het 1 na grootste wandelevenement ter wereld, haar website noemt 100.000 mensen. Bij de 3-daagse is het echter mogelijk om ervoor te kiezen om 1 of 2 dagen mee te lopen (waarbij ik niet weet of bij deze 100.000 mensen dus dubbel of eventueel driedubbel worden meegeteld). De afstanden zijn 5, 10, 30 en 50 kilometer.
Degenen die alle 3 dagen hebben meegelopen en hun afstand hebben volbracht krijgen een badge en een diploma. Wandelaars die 1 of 2 dagen hebben meegedaan, krijgen een diploma. Hoe de 3-daagse er uit ziet is te zien op de foto’s op haar site.
Waarom 3 dagen?
Een aantal bronnen noemt dat Higashimatsuama voor 3 dagen gekozen heeft, omdat 4 als een ongeluksgetal wordt gezien.
De 4 wordt namelijk soms uitgesproken als “shi”, wat “dood/doodgaan” betekent. Zoals bijvoorbeeld in Nederland soms de 13e verdieping niet bestaat, is hetzelfde het geval in Japan voor nummer 4.
Vierdaagsemonument, de bos gladiolen en het kaartje is ter ere van de 100ste geboortedag van Vera van Hasselt (juli 2024)
Vanwege de 50e Vierdaagse werd een beeld geplaatst naar ontwerp van Vera Tummers-van Hasselt. Het stelt een jongen (de start) en meisje (de finish) voor, waarbij het meisje bloemen in haar handen heeft.
De locatie is (natuurlijk) bij de Wedren: het start- en eindpunt van de wandeling.
Het beeld was een geschenk van de gemeenten waardoor de Vierdaagse doorheen komt en de wandelaars zelf. Bovendien werd de “Breunense bank” aangeboden, vernoemd naar de marsleider.
Start en Finish
“Het beeld zal voorstellen een jongen en een meisje die de start en de finish van de wandeltocht symboliseren. De groep wordt iets meer dan levensgroot uitgevoerd.” (Limburgsch dagblad 18-3-1966)
Bij het RAN zijn schetsen te zien van 2 ontwerpen: F41891 en F41890.
Daarbij lijken de lopers op de eerste tekening jonger te zijn en wat harder te lopen. Het huidige beeld is meer gestyleerd dan de tweede tekening. En heeft de vrouw nog geen bosje bloemen in handen.
Sokkel?
In beide tekeningen is het beeld op een sokkel geplaatst. Afgaande op de foto’s van de uiteindelijke plaatsing is daar geen sprake van: waarschijnlijk om aan te geven dat de wandelaars “1 van ons” zijn.
Bij het ontwerp was het idee dat het beeld op een sokkel zou komen te staan, “waarvan de zijden in vier richtingen verlengd worden. Dit als symbool van de vier dagen en dan praktisch te benutten als zitbank. Tevens zal de mogelijkheid bestaan om vlaggemasten te plaatsen in de sokkel.” (Algemeen Handelsblad 17-3-1966)
Vierdaagsemonument Vera Tummers-van Hasselt 1966
Gips of brons
Het was nog spannend of het beeld de maandag vóór de Vierdaagse onthuld zou kunnen worden in brons, of dat “Bij de onthulling zal de KNBvLO het moeten doen met het gipsen ontwerp. Na het feest zal dit zonder verdere aankondiging worden omgeruild in het bronzen afgietsel.” (Algemeen Handelsblad 17-3-1966). Doordat de bronsgieter naar Heerlen kwam, kon alsnog het bronzen beeld direct worden onthuld. (De Nieuwe Limburger, 11-5-1966).
Vera Tummers – van Hasselt
Vera Louise Maria Tummers-van Hasselt (Ubbergen, 5 juli 1924 – Heerlen, 5 oktober 2014)
Plaatsing wandelaarsmonument in het Julianapark t.g.v. de 50e Vierdaagse. Vlnr: mevrouw Vera Tummers-van Hasselt, de heer Van Hasselt en gemeentevoorlichter Ab Uijen, 7/1966 (Fotopersbureau de Gelderlander auteursrechthouder J.F.M. Trum via F50885 RAN CCBYSA)
Vera werd op 5-7-1924 geboren te Beek. Tijdens haar gymnasium leerde ze het beeldhouwen kennen in het atelier van de familie Meertens. Na 1 jaar kunstgeschiedenis in Amsterdam ging zij beeldhouwen studeren in Maastricht. In 1954 trouwde ze met Nic. Tummers. Tummers was geboren in Heerlen en had zich gevestigd als zelfstandig kunstenaar.
Het meisje van het Vierdaagsemonument bij de 100ste geboortedag van Vera van Hasselt (juli 2024)
Kaartje 100ste geboortedag Vera van Hasselt op Vierdaagsemonument (juli 2024)
Het bekendste werk van Tummers-van Hasselt is het beeld van Mariken van Niemeghen op de Grote Markt uit 1957. Volgens het Limburgsch dagblad 18-3-1966 had zij de opdracht voor het vierdaagsemonument gekregen omdat Mariken “veel waardering in gevonden in Nijmegen”.
Een ander beeld van haar is de Fluitspeler (1963 in Beek bij het Höfke, Verbindingsweg/Waterstraat). In 2009 onthulde zij het borstbeeld van haar vader, dokter Piet van Hasselt, in de toen nieuwe wijk Sprengenbeek.
Op de sporthal van Bottendaal zijn 4 van 6 tegels geplaatst die voorheen de gevel van de gesloopte Maertens Tricotagefabriek hebben gesierd, die hier tot 1982 heeft gestaan.
De opening van de sporthal was op 15/4/1985, waarbij wethouder Anton Aelberts tevens het begeleidende bord onthulde, zie F22182.
Meulenberg Parapluiefabriek
De tegels zijn echter oorspronkelijk geplaatst door de eerste eigenaar van de fabriek: Paraplufabriek E. Meulenberg & Zonen (of mogelijk, wanneer deze tegels ná haar faillisement in 1924 zijn aangebracht ‘Nijmeegsche Paraplufabriek, voorheen Koninklijke Paraplufabriek, E. Meulenberg & Zonen’).
De bouw van Meulenberg Parapluiefabriek
Rond november 1912 heeft de Kon. Parapluiefabriek E. Meulenberg en Zonen “naar wij vernemen” 4000m² grond aan de Ruijterstraat aangekocht. Hier zal een nieuwe fabriek komen, die plaats aan 200 werklieden zal bieden. Op de “oude” fabriek werken ongeveer 100 werklieden. (PGNC 6/11/1912). Deze oude fabriek stond op de Van Berchenstraat.
Oprichting
Op 21-3-1913 krijgt zij vergunning tot het “oprichten van eene door elektriciteit gedreven parapluiefabriek op het perceel aan de De Ruijterstraat, kadastraal bekend Hatert, sectie C. no. 1713” (PGNC 22/3/1913), Architect B.Th. Kraaijvanger besteedt rond 1-4-1913 (“heden”) het bouwen van een Parapluie-fabriek aan met kantoor en woning en woning aan de Ruijterstraat alhier voor de Koninklijke Parapluie-Fabriek E. Meulenberg & Zonen. W. v.d. Wagt Jr. verkrijgt de gunning op basis van de laagste inschrijving, f99.341,- (PGNC 1-4-1913). Wanneer de fabriek in mei 1914 bijna opengaat, organiseert de fabriek en uitstapje naar Kleef (PGNC 13/5/1914). Deze fabriek werd in 1914 in gebruik genomen.
Bernardus Theodorus Kraaijvanger
Bernardus Theodorus Kraaijvanger was tevens architect van de verbouwing van de vestiging in de Lange Hezelstraat van 1892, waar Meulenberg dan toe had gezeten (bijschrift foto F34035 RAN). Net als op de fabriek zijn op de gevel de wapenschilden te zien van de plaatsen waar Meulenberg een winkel had.
Tegeltableau van de Goudsche Plateelbakkerij, geschonken door het personeel ter gelegenheid van het gouden jubileum van de ‘Koninklijke Parapluiefabriek E. Meulenberg & Zonen’ (sedert 1924 ‘NV Nijmeegsche Parapluiefabriek’), ingemetseld in de muur van het trappenhuis bij de ingang, 16/9/1925 (F64753 RAN)Detail tegeltableau
In PGNC 4/11/1914 staat een vergunningaanvraag voor uitbreiding van de fabriek.
Bij het overlijden van 1 van de 2 broers, J.E. Meulenberg, schrijft het PGNC in 1919 dat de fabriek “welke speciaal voor den export naar Indië in bedrijf is gebracht.” L. Meulenberg was in juni 1919 al overleden. (PGNC 10/6/1919)
De tegels
Het oude adres van de fabriek was De Ruyterstraat 53-57, dat van de huidige sporthal Cortenaerpad 1. Van 5 van de 6 tegels is het wapen helder, daar het de plaatsen betreft waar Meulenberg een winkel had: Amsterdam, Den Haag, Rotterdam, Nijmegen en ‘s-Hertogenbosch.
De toewijzing van het 6e tableau met de gouden leeuw op blauw veld is echter tot nu toe niet duidelijk. Op Noviomagus worden Zutphen en Leeuwarden geopperd. Of heeft het te maken met de Gelderse of Nederlandse Leeuw, of het wapenschild van Nassau, waarbij een oude versie is gebruikt of een aanpassing is gedaan?
Oorspronkelijk vlnr
Huidige volgorde
Amsterdam
Amsterdam
Den Haag
Zuthpen of Leeuwarden?
Rotterdam
Rotterdam
Nijmegen
<Nijmegen: onbekend>
‘s-Hertogenbosch
<‘s-Hertogenbosch te zien in de sporthal>
Zutphen of Leeuwarden?
Den Haag
Maertens fabriek tegel Zutphen of Leeuwarden?, maart 2024Maertens fabriek tegel Rotterdam, maart 2024Maertens fabriek tegel Den Haag, maart 2024
In 1931 vraagt de fabriek surseance van betaling aan, waarna het na een jaar uiteindelijk failliet gaat. De winkels zijn buiten het faillisement gebleven. De broers Meuleman proberen in 1933 in de Thijmstraat, zonder succes, een nieuwe fabriek van de grond te krijgen.
In 1932 is het gebouw een overdekte tennishal.
Femina Schoenfabriek
In 1933 opent de “Femina” Schoenfabriek N.V., waarvan S.M. Lankhout directeur is. “De fabriek specialiseert zich in hoofdzaak tot het vervaardigen van luxe dames-schoeisel, waaraan door de bestaande contigenteering grootte behoefte bestaat. Het is daarom van de directie goed gezien, een dergelijke industrie in het leven te roepen, die in staat is buitenlandsch product door Nederlandsch fabricaat te vervangen (De Gelderlander 31/8/1933).
Op 27 oktober 1936 zal echter de veiling van de inventaris plaats vinden vanwege het faillissement van Femina. Zie de advertentie hieronder weergegeven van de inventaris. (PGNC 17/10/1936)
In 1938 komt Tweede Bataljon van het 11e regiment van het Nederlands Leger in het pand. Daarbij verwacht het leger dat het bataljon hier een jaar gelegerd zal zijn: het wachten is op het moment dat het 15e Reg. In. rond maart 1939 naar Grave vertrekt, zodat het bataljon haar plaats in de Snijderskazerne kan innemen. “Het zal voor de beowners… waar zich anders weinig of geen militairen vertoonden, een welkome afwisseling zijn”. (PGNC 21/3/1938)
In 1945 gebruikt het ‘Nijmeegs Algemeen Hulpcomité’ het gebouw als magazijn. Deze organisatie hield zich bezig met de inzameling en uitgifte van hulpgoederen voor de bevolking van Nijmegen.
Maertens Tricotagefabriek
Maertens Tricotage en Confectiefabriek N.V. (anno 1913) ; het pand is afgebroken en op deze plek staat tegenwoordig de Sportzaal Bottendaal (adres Cortenaerpad 1) ; de tegeltableaus zijn in 1985 overgebracht naar de nieuwe sportzaal, 1971 (Evert F. van der Grinten via F78882 RAN CCBYSA)
Vanaf 1949 betrok Maertens het op dat moment leegstaande fabrieksgebouw. Het is momenteel nog niet helder tot hoe lang: op Noviomagus wordt zowel 1979 genoemd als dat het bedrijf zich in 1962 in Grave ging vestigen. Op basis van een aanvraag voor een hinderwetvergunning voor een chloorbleekloog- en waterstofperoxydetank blijkt het bedrijf in ieder geval in 1972 in Grave gevestigd te zijn (waarbij mogelijk de fabriek in Nijmegen nog een aantal jaren heeft doorgedraaid?)
Na een periode van leegstand besloot de gemeente in 1982 het gebouw te slopen en een sporthal te bouwen
Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…
De uit de Waalhaven gebaggerde Ankers in de Waalhaven verwerkt door Arild Veld, 0p de foto zijn 7 van 8 ankers te zien
Op het moment dat bekend wordt dat de Waalhaven zal worden uitgebaggerd, krijgt de vereniging van woonschipbewoners Nieuw Nijmeegs Peil het idee om van de opgebaggerde ankers een kunstwerk te maken, als herinnering aan het nautisch verleden. Arild Veld zal daarvoor het kunstwerk Ankers in Zicht maken, welke in 2017 wordt geplaatst.
Toen rond 2012 bekend werd dat de Waalhaven na 40 jaar opnieuw zou worden uitgebaggerd, kwam bij de leden van vereniging van woonschipbewoners Nieuw Nijmeegs Peil 1 vraag: hoeveel scheepsankers zouden er boven water komen? “Immers, ieder van ons heeft in de loop der jaren wel eens een anker verspeeld. En vast is dat ook gebeurd toen er in de haven nog schepen van de binnenvaart werden gelost en geladen”. Daarbij wisten oudere binnenvaartschippers te vertellen dat 40 jaar geleden alleen het midden was uitgediept met een zuiger. Nu zou de hele haven worden aangepakt. En naast zuigen, zal er worden gehapt en geschept.
Vastleggen nautisch verleden van de Waalhaven
Nog voor er gebaggerd was, kreeg de vereniging het idee om van de gevonden ankers een kunstwerk te laten maken: “Elk anker heeft een verhaal, een verhaal dat iets vertelt over het nautische verleden van de Waalhaven, van Nijmegen. Hoe kunnen we de scheepankers –eenmaal uit het slib boven water gekomen- hun verhaal laten vertellen?
Wij stellen ons een ankerobject voor, vormgegeven door het volledig aantal gevonden ankers in samenspraak met Nijmeegse kunstenaars, en als baken van Nijmeegs nautische erfgoed gesitueerd in de directe omgeving van de Waalhaven.” Daarbij heeft de vereniging het idee om een prijsvraag uit te schrijven. (Scheepsankers in de Waalhaven van Nijmegen).
11 ankers
Na de baggerwerkzaamheden bleken 11 ankers boven water te zijn gekomen. (13 inzenders hadden het goede antwoord). In maart 2013 wil de vereniging meedingen naar de kunstprijsvraag voor het Waalfront van de gemeente Nijmegen. Daarvoor wordt de kunstenaar Arild Veld aangezocht,
Van ontwerp naar realisatie
Op 23 april 2023 staat een foto van Arild Veld met een aantal ankers. Ook is op de post van die datum zijn ontwerp te zien, welke wel afwijkt van het uiteindelijke resultaat: ze lijken wat schuiner te staan dan nu het geval is en de ketting loopt in een boog in plaats van verticaal rond een stang. In juni 2013 selecteert de gemeente het betreffende voorstel.
In 2014 plaatst de Facebookgroep foto’s van Veld die met het kunstwerk aan het werk is. Uiteindelijk blijken er 8 ankers te worden gebruikt. In april 2015 blijkt het kunstwerk klaar te zijn: er moet nu de juiste plek gekozen worden. Op 12 januari wordt het kunstwerk geplaatst.
“Elk anker balanceert schuin op een eigen fundering, als het ware verstild op het moment waarop het te water is gelaten en de grond raakt. Elk anker heeft een eigen verhaal, vorm en maat.” (Omarmen, 2017-2019 Kunst in de Openbare Ruimte, Gemeente Nijmegen)
Locatie
Daarna duurde het een tijd voordat de gemeente akkoord ging met de locatie. Aanvankelijk was het oog van Nieuw Nijmeegs Peil gevallen op de waterkering tussen de haven en het Waalheavecomplex (de “zwarte” appartementen). Dit vond Rijkswaterstaat echter geen goed idee. Voor het alternatief de ankers op hun eigen betonnen sokkel – hiermee bedoelt website Nijmegen Oost waarschijnlijk tevens de nieuwe, huidige locatie- moest een constructie toetsing door een ingenieursbureau worden uitgevoerd, zoals windbelasting, stabiliteit, laswerk. Na dit rapport kon op 24 april de Kunstcommissie van de gemeente goedkeuring geven.
Stier van Hees op Danielsplein,beeld van Wim Korvinus, november 2023
De Stier van Hees op het Daniëlsplein is een beeld van Wim Korvinus.Het beeld wil een tegenwicht bieden aan de naar Zuid-Afrikanen vernoemde straatnamen.
Het Kunstwerk
Hoewel het beeld aanvankelijk geen naam heeft, wordt het al gauw -ook in het artikel over de onthulling in 1990- de “Stier” genoemd. Andere namen zijn “Stier van Hees”, de “Stemvork”, “de Noorman”’ of “Het Gewei van Heseveld”.
Het beeld is 12 meter hoog. Het onderste gedeelte bestaat uit donkergrijze verblendsteen, waarop een vlak van witte verblendsteen staat. In het beeld zijn 6 openingen, sprongsgewijs aangebracht. Het bovenste gedeelte, de “hoorn”, is gemaakt van roesvrij staal welke is wit geschilderd. Daarbij is de ene punt lager da de andere, dit, om de schuine stand te versterken. Tussen het staal en het steen zit een betonnen kraag.
Zichtbaar
Het kunstwerk kwam in nauw overleg met een groep bewoners uit Heseveld tot stand. Korvinus in (waarschijnlijk) de Gelderlander in een artikel over de onthulling: “Het is goed dat kunstwerken niet zomaar ergens worden neergezet. Het kost veel geld en daarom moet er met betrokkenen over gepraat en gediscussieerd worden of het dat wel waard is”. De kunstenaar was tevreden met het uiteindelijke resultaat: waar je voorheen over het Daniëlsplein heen keek, is het met het kunstwerk beter zichtbaar. Op zijn site is Korvinus trots dat de (inmiddels toenmalige) site van het bewonersoverleg heseveld.org het beeld als logo gebruikt.
Tegenwicht
Om tegenwicht aan de straatnamen die verwijzen naar Zuid-Afrika, wilde Korvinus een Zuid-Afrikaans element toevoegen. Hij kwam daarbij uit op de Zuid-Afrikaanse dichter Vernon February die in Amsterdam woonde. Van hem staat in een “raampje” op ooghoogte een tekstregel in Xhosa: “Isiziba si viwa ngodondolo” (Wat vrij vertaald “Met geduld kan je uiteindelijk iets doorgronden” betekent).
Daarbij is de vorm is afgeleid van Afrikaanse lettertekens (KOS).
Vernon February
Vernon Alexander February (Somerset-Wes, Zuid-Afrika, 15 juni 1938 – Amsterdam 24 november 2002) was in 1963 als balling naar Nederland gekomen. Hij was zowel dichter als wetenschapper.
In 1968 studeerde hij af aan de Rijksuniversiteit Leiden. Hij was 30 jaar wetenschappelijk medewerker bij het Afrika-Studiecentrum in Leiden. Hij streed in samenwerking met Nederlandse organisaties tegen apartheid en de gevolgen daarvan. Daarbij was hij een veelgevraagd spreker, waar hij gedichten voorlas en verhalen vertelde.
Hij was een van de eerste ballingen die terug ging naar Zuid-Afrika, waarbij hij werd aangesteld als buitengewoon hoogleraar. Sinds 1996 had hij last van gezondheidsproblemen. Hij overleed in 2002 in Amsterdam, hij was in Nederland voor een grootse afscheidsconferentie.
Afrikaanse helden?
Het beeld is bedoeld als tegenwicht voor de straatnamen die vernoemd zijn naar Zuid-Afrikanen als Paul Kruger, Louis Botha en Petrus Jacobus Joubert. In de tijd dat de straatnamen naar hen werden vernoemd, werd er nog anders tegen Zuid-Afrika aangekeken: op dat moment werden deze mensen als helden uit de Boerenoorlogen gezien, waarbij zij als bevelhebber tegen de Britten hadden gevochten.
Daarnaast waren het politici: Kruger was tussen de twee Boerenoorlogen president van Transvaal. Na de Tweede Boerenoorlog vestigde hij zich aanvankelijk in Nederland, waar hij door Wilhelmina werd ontvangen. Joubert was als politicus de rivaal van Kruger, waarvan hij steeds de verkiezingen verloor en vice-president werd. Tijdens de Tweede Boerenoorlog overleed hij aan een buikvliesontsteking, waarbij Botha hem als opperbevelhebber opvolgde. Na de Tweede Boerenoorlog werd Botha minister-president van Transvaal en bij de Unie van Zuid-Afrika in 1910 de eerste premier.
Nederland voelde een grote verbondenheid met Zuid-Afrika en met deze Boeren, aangezien velen afstamden van Nederlandse voorouders.
Daarvoor was er strijd was geleverd met de zwarte bevolking, die vermoord of van hun land was verjaagd. Hoewel niet verder onderzocht, heeft in ieder Paul Kruger gevochten met de zwarte bevolking.
Straatnamen en haar tijd
Al in 1904 is er sprake geweest om een straat bij de Wedren naar de held Paul Kruger te vernoemen.
In 1952 zijn de straten naar Zuid-Afrika vernoemd. Ook voordat “apartheid” een officiële term werd, heeft het gedurende haar bestaan een rol heeft gespeeld. Zoals daar de wetten zijn om landbezit en stemrecht voor niet-blanken in Transvaal te beperken in 1855 en 1866. In 1902 werden niet-blanken naar de townships naar Cape Town gedeporteerd. Vanaf 1910 tot 1948 werd verschillende discriminerende en racistische wetgeving ingevoerd, welke uiteindelijk haar beslag kreeg in eerst de Klein Apartheid (vanaf 1948) en vervolgens in de Grote Apartheid wetgeving uit 1959.
Het jaar 1990
Wanneer het idee ontstaat om het beeld te ontwerpen, is mij nog niet bekend. Mogelijk bij de grootschalige herinrichting van het Daniëlsplein eind jaren 80.
In februari 1990 werd Nelson Mandela vrij plotseling vrijgelaten en het einde van Apartheid aangekondigd. Het is mij niet bekend of de vrijlating al bekend was op het moment dat het beeld ontstond, of dat het idee voor het beeld is ontstaan toen apartheid eind jaren 80 nog volop speelde en of dit uberhaupt een rol heeft gespeeld.
Wim Korvinus
De Stier van Hees op het Daniëlsplein in juli 1990 (Martine Ridderbos via F24713 RAN CC-BY-SA)
Korvinus is op 21-3-1948 geboren te Beetsterzwaag. Hij bracht zijn jeugd van 1949-1957 door te Medang (Indonesië).
Hij volgde van 1966-1971 de opleiding richting monumentaal aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Arnhem. Hij maakte onderdeel uit van de Arnhemse School. . Deze groep maakte zich sterk voor de toepassing van kunst als ‘omgevingsvormgeving’ (KOS).
Hij was naast kunstenaar docent, onder andere aan de Academie van Bouwkunst te Arnhem vanaf 1975 tot 2013 en aan de Hogeschool voor de Kunsten ArtEZ van 1984 tot en met augustus 2003. Daarnaast zat en zit hij in een aantal commissies, waaronder de Commissie voor Beeldende Kunst in Nijmegen en lid Architectuur Kwaliteits Groep Waalsprong te Nijmegen van 1997-2003.