Vanuit de Broerstraat in de richting van de Molenstraat, links op de voorgrond de Pauwelstraat; 1955 (GN3909 RAN)
In 1955 vond de herbouw plaats van juwelier en horloger van Baal, op de hoek van de Molenstraat en Pauwelstraat. Het gebouw is ontworpen door architect ten Have.
Bij de opening in 1955:
“Juwelierszaak van Eug. van Baal in Korte Molenstraat fraai herbouwd
In de Korte Molenstraat, op de hoek van de Pauwelstraat, is vanmorgen onder grote belangstelling de nieuwe zaak geopend van de juwelier en horloger Eugène van Baal, een bekend Nijmeegs bedrijf, dat in de Septemberdagen van ’44 in de Korte Molenstraat in vlammen opging en daarna jarenlang in een noodpand was gevestid, laatstelijk in de Bisschop Hamerstraat. Wethouder M. Duives verrichtte de opening en bood namens het gemeentebestuur aan de eigenaar, de heer Th. Van Baal en aan mevrouw van Baal zijn gelukwensen aan met dit fraaie pand, dat een juweel betekent voor de binnenstad.
Het welkomstwoord sprak de architect de heer J. ten Have uit Nijmegen, die de wethouder begroette en dank bracht aan allen, in het bijzonder aan Moolenaar’s Aann. bedrijf, aan de fa. B. Lommerse, die voor de betimmering zorgde en aan allen, technici en onderaannemers, die de bouw hebben tot stand gebracht. Op prettige wijze hadden zij aan deze bouw gewerkt en het resultaat stemde tot grote tevredenheid. Spreker wenste de heer en mevrouw van Baal geluk bij de opening van de nieuwe zaak.
Wethouder Duives herinnerde dan de lijdensweg, die ook de heer Th. van Baal, evenals alle getroffenen in de binnenstad, heeft moeten bewandelen, voordat hij zijn mooie nieuwe zaak kon openen. Het bombardement van Febr. En daarna nog eens een bombardement hadden hem getroffen, jarenlang noodwinkelen volgde en gedurende deze tijd werden de voorbereidingen getroffen voor de herbouw van de zaak in de oude vertrouwde omgeving. Spr. sprak er zijn voldoening over uit dat drie juweliers in de binnenstad elkaar weer hadden opgezocht, zodat de stadgenoot en de vreemdeling gelegenheid krijgen in kort bestek hun keuze te maken. Hij noemde het frappant hoe deze juweliers op zulk een voortreffelijke wijze, zowel extern als inwendig hun zaken hebben herbouwd. Ze toonden daarbij een breed inzicht te bezitten: ze lieten panden zetten die er zijn mogen. Nijmegen verheugt zich over het voorrecht middenstanders te bezitten, die kosten noch moeite sparen om hun zaken een eerste-rangs cachet te geven, zodat niet alleen de stadgenoot, maar ook de vreemdeling, die zijn eisen stelt, wordt aangetrokken. De stad moet iets te bieden hebben; door een zaak als die van de heer van Baal wordt de aantrekkelijkheid van de city verhoogd.
D12.421120 Plan voor de bouw van een winkelpand met bovenwoning aan de Korte Molenstraat hoek Pauwelstraat, datum tekening 27-3-1953, architecten Ch. V. Heelsbergen en J.H. ten Have
De wethouder had lof voor de heer van Baal, wiens naam een vertrouwde klank heeft in de juwelierswereld en bij de kopers.
Spr. had ook grote waardering voor de architect de heer J. ten Have, die dit pand op een interessante wijze heeft ontworpen en voor de aannemer die het op solide wijze heeft uitgevoerd. Hierna opende de wethouder de deur van het nieuwe pand, waarbij het alarm- en vreugdesein tegelijk, in werking trad. De heer Th. van Baal sprak een woord van herinnering aan de dag waarop de oude zaak werd verwoest, – een dag waarop de familie door de dood van zijn moeder in rouw werd gedompeld. Spr. herdacht ook zijn vader, die de grondslag had gelegd van het bedrijf. Hij wijdde waarderende woorden aan wethouder Duives en de gemeente-instanties, aan de architect en zijn assistent, aan de aannemer en zijn medewerkers en aan allen, die tot het welslagen van bouw en inrichting hun bijdrage hebben geleverd.” (De Gelderlander 30/6/1955)
Juwelier Eugene van Baal, hoek Molenstraat Pauwelstraat. Let op het prachtige metselwerk van de muur aan de Pauwelstraat architect ten Have
Rechts schoenenwinkel van Haren op de hoek met de Pauwelstraat, gezien vanuit de Molenstraat ,links Boekhandel Kloosterman, 23/10/1950 (F12976 RAN)
Jarenlang heeft op de hoek van de Broerstraat en Pauwelstraat het filiaal van schoenenwinkel van Haren gezeten. Begin September 1950 heropent van Haren haar winkel, vlakbij haar voormalige winkel. Het ontwerp is van de architecten Deur en Pouderoyen.
Oorlog
Daarvoor had de firma een winkel gehad op de hoek van de Korte Molenstraat en de Pauwelstraat. Deze ging in de oorlog in vlammen op. Van Haren had in de tussenliggende jaren als noodwinkel bij de familie Käller ingewinkeld.
Blommestein
De Gelderlander 17/12/1949 meldt dat eerdaags de bouw zal beginnen, waar het schoenenmagazijn van de firma van Haren zal worden gevestigd. “Eigenaren van dit pand zijn de dames Blommestein”. Blommestein had meer dan 40 jaar zijn apotheek op de hoek van de Broerstraat en Pauwelstraat gehad (De Gelderlander 25/6/1954), dus waarschijnlijk op de locatie waar nu van Haren komt. Aangezien Blommestein “op leeftijd” is, gaat hij samen met de apotheek van Bijleveld in de Jorisstraat. Deze apotheek gaat echter in september 1944 in vlammen op. De apotheek Blommestein-Bijleveld wordt in 1954 in de Burchtstraat herbouwd, eveneens volgens ontwerp van Deur en Pouderoyen.
Nieuw filiaal van Haren
Rechts van Haren;
Broerstraat gezien richting het noorden met allemaal nieuwe winkelpanden. Straat is verbreed, 1955-1960 (dr. Jan Brinkhoff via D57 RAN CCO)
Het ontwerp van de winkel is afkomstig van het architectenbureau Deur en Pouderoyen. Boven de winkel zijn er vijf bovenhuizen. De aannemer was H. van Oosterhout.
Bij de opening in september 1950 schrijft de Gelderlander:
“Schoenenpaleis van Haren in binnenstad herrezen
Broerstraat 51 architecten Deur en Pouderoyen voormalig schoenwinkel van Haren, 2023
Het pand rechts is het filiaal van van Haren; Zicht op de St. Dominicuskerk met daarvoor de nieuw gebouwde winkelpanden aan de oostzijde van de Broerstraat : het Warenhuis A.A. van der Borg, Juwelier Firma Jac van Baal, Hommen Stoffenhandel, Zaadhandel Lahey & Fliervoet en Schoenhandel Van Haren., 1951 (F12975 RAN)
Op de hoek van de Broerstraat en de Pauwelstraat is een imposant nieuw gebouw verrezen. Het is het schoenenpaleis van de firma van Haren, die binnenkort het vijf en zeventigste van haar, over ons hele land verspreide filialen, zal gaan openen.
In Nijmegen betreft het evenwel geen nieuwe zaak; reeds tal van jaren had de firma hier een filiaal, dat op de hoek van de Korte Molenstraat en de Pauwelstraat was gevestigd. In de oorlogsdagen het door brand ten gronde.
Naar ontwerp van het architectenbureau Deur en Pouderoyen kwam een nieuw gebouw tot stand dat onze binnenstad siert en dankzij de vijf bovenhuizen, die er zijn opgenomen, het woningtekort helpt bestrijden.
In een korte plechtigheid, welke gistermiddag in de ruime winkel met zijn uitmuntende verlichting en zijn fraaie betimmering plaats vond, bracht de verkoopleider van Van Haren’s schoenmagazijnen, de heer H. Haak, dank aan allen, die dit werk in zo korte tijd hebben tot stand gebracht. De aannemer, H. van Oosterhout, de architecten, de onderaannemers, de familie van Hooren, die het filiaal beheert, de staf van toegewijd personeel, de étaleurs, allen kregen grote lof voor hun goede zorgen die na de verwoesting weer tot de glorieuze herbouw hebben geleid.
Bijzondere dank bracht spr. aan de familie Käller, bij wie van Haren al die jaren had ingewinkeld en die de grootst mogelijke gastvrijheid verleende.
Nadat hij zich nog eens bijzonderlijk tot het echtpaar van Hooren had gericht, welks trouw, werkzaamheid en oprechtheid in de moeilijke jaren erkenning vonden, voldeden de filiaalhouders aan het verzoek van de heer Haak om aan de kooplust van het publiek, dat buiten stond te dringen, tegemoet te komen.
De brillante, overzichtelijke zaak, met zijn prachtige étalages aan Broer- en Pauwelstraat werd geopend.” (De Gelderlander 9/9/1950)
Geschiedenis van Haren
Paginagrote Openingsadvertentie van Haren’s Schoenfabrieken Nijmegen (PGNC 24/3/1933 en De Gelderlander 24/3/1933)
In 1924 verhuisde Ivo’s leerhandel naar de Groote Markt in Waalwijk, waarbij het voormalig postkantoor als magazijn werd ingericht. In 1929 werd de fabriek onderdeel van “N.V. Ivo van Haren’s Schoenfabrieken”. Hij was daarmee een van de eersten die in de schoenenbranche de gehele kolom van leerlooierij tot winkel beheerste. Daarna ging het snel: zowel in de uitbreiding van de productie en haar fabriek als de uitbreiding van het aantal winkels. Afgaande op de advertentie was Nijmegen de 13e plaats met een Van Haren filiaal; in 1937 opent van Haren haar 50ste filiaal.
Ook van Haren had te maken met de neergang van de Nederlandse/Europese schoenenindustrie. In 1977 werd de montage-afdeling in Den Bosch en de looierij in Waalwijk gesloten. Het bedrijf werd nu een winkelketen met eigen productiebedrijf. In 1985 nam het Duitse Deichmann de onderneming over. In 1989 stopte ook het productiebedrijf: van Haren vanaf dat moment alleen nog een winkelketen. In 2010 telde het 126 winkels, 1 meer dan in 1989.
Huidig
Broerstraat 51 in augustus 2023 vestiging Pink Gellac
Tegenwoordig (maart 2024) heeft van Haren haar winkel op de Burchtstraat 35 en daarnaast een winkel op Zwanenveld 9051-9053.
Sinds 2022 zit op Broerstraat 51 ( augustus 2023) een vestiging van Pink Gellac. Hiervoor zat een vestiging van Rituals. Zij is verhuist naar iets verderop, Broerstraat 52.
Burchtstraat 2: tegenwoordig zit in dit pand Douglas (augustus 2023)
De bouw van de herenkledingzaak van Dijk en Witte zorgde voor de voltooiing van de oostzijde van de wederopbouw van de Broerstraat. Het nieuwe pand staat (nagenoeg) op de plek waar het vooroorlogse pand heeft gestaan. In 1892 begon van Dijk en Witte een confectiemagazijn op de Grote Markt 8. Na de Tweede Wereldoorlog werd dit pand onteigend en gesloopt. Op (vrijwel?) dezelfde plek bouwde de firma een nieuwe zaak. Rodenburg was hiervan de architect.
Vooraf
In 1930 waren Vroom & Dreesmann (midden) en Bahlmann (rechts) nog 2 afzonderlijke zaken. Enkele jaren later zal Bahlmann bij Vroom & Dreesmann worden gevoegd. Foto: Nijmegen 700 jaar stad werd groots gevierd: in de hele stad werden gebouwen feestelijk geïllumineerd, zoals het gebouw van Vroom en Dreesmann in het midden, links van Dijk en Witte en rechts Bahlmann. De verlichting was een initiatief van de Nijmeegse Erkende Installateurs Vereniging en werd uitgevoerd door de firma’s Beukering en Alewijnse, 25/8/1930-30/8/1930 (GN11829 RAN)
In 1892 begon van Dijk en Witte een confectiemagazijn op de Grote Markt 8. Na de Tweede Wereldoorlog werd dit pand onteigend en gesloopt.
Lees hier het verhaal van voor de oorlog:
Rechts van Dijk en Witte, Grote Markt gezien in de richting van de Korte Burchtstraat, gedateerd 1895-1903 (D149 RAN)
Het door het bombardement van 22 februari 1944 totaal verwoeste pand van Vroom en Dreesmann (rechts) met op de achtergrond de restanten van de St. Augustinuskerk; links de schoenenzaak van de gebroeders Raemakers en de herenmodezaak van Van Dijk en Witte, 22/2/1944-30/6/1944 (GN11080 RAN)
De Gelderlander schrijft bij de opening in september 1955:
“Van Dijk en Witte in het hartje stad verrezen
Op de hoek van de Broerstraat en de Burchtstraat, juist tegenover de historische Blauwe Steen is een modern gedistingeerd zakenpad verrezen, dat uit hoofde van de firma welke er haar bedrijf in heeft heropende, een andere voor Nijmegen historische traditie tot nieuw leven brengt. De fa. van Dijk en Witte, sinds 1892 in de Keizer Karelstad gevestigd, kon namelijk vanmorgen onder enorme belangstelling haar nieuwe ruimten voor heren- en jongenskleding officieel openen. De nieuwe zaak welke thans het gebouw op de Markt, dat vanwege de herbouw van de stad tegen de grond moest, vervangt, betekent de hoeksteen voor de thans voltooide bebouwing van de Broerstraat aan de Oostzijde. Het fraaie gebouw betekent tevens een van de belangrijkste aanwinsten van de hernieuwde city waarvan de voltooiing naar alle verwachting in 1956 kan worden gevierd.
Het was de president-commissaris van Van Dijk en Witte, de heer J. Taminiau, die vanmorgen bij de openingsplechtigheid de vele prominente aanwezigen onder wie de burgemeester met mevrouw Hustinx en wethouder M. Duives begroette om daarna het woord te geven aan de architect, de heer R.G. Rodenburg, die een korte inleiding hield alvorens hij het gebouw aan de fa. van Dijk en Witte overdroeg. Spr. bracht dank aan de Aannemer de fa. Nederland voor de wijze waarop ze dit pand, op een betrekkelijk klein terrein, in een zeer groot tempo heeft tot stand gebracht. Daarnaast had spr. veel waardering voor onderaannemers. De samenwerking was bijzonder prettig geweest, ook met de opdrachtgever, aan wie de architect hierna het pand overdroeg. De heer A. Witte aanvaardde het pand uit naam van de firma en dankte de architect, de aannemers en onderaannemers. Na de gemeent-instanties, met name de Dienst van Openbare Werken te hebben bedankt, verzocht de heer Witte de burgemeester de zaak te openen. De burgemeester nam hierop het woord om namens het gemeentebestuur zijn gelukwens aan te bieden met de geslaagde voltooiing van deze bouw, welke een voorgeschiedenis heeft gehad. Het heeft geruime tijd geduurd voordat de eerste maatregelen konden worden genomen welke tot de herbouw hebben geleid. Toen de zaak evenwel rijp was, werd met enorme spoed aan de bouw gewerkt. Het resultaat was voortreffelijk, een harmonisch gebouw is ontstaan waarin van Dijk en Witte, op grond van haar historische binding met Nijmegen, op waardige wijze haar bedrijf kan voortzetten.
Voorgeschiedenis
Hierna nam de oudste vertegenwoordiger van de fam. Witte, de heer J. Witte, het woord om de geschiedenis van het bedrijf in Nijmegen te releveren. In de vorige eeuw werden op de Grote Markt twee panden afgebroken, no. 7 en no. 8, om plaats te maken voor een waardige huisvesting van het confectiemagazijn van Dijk en Witte. In 1892 heeft spr. de eerste steen gelegd op de Grote Markt, hoek Scheidemakersgas. Na bijna zestig jaar bloeiend zakenleven volgde de onteigening op basis van de wet op de materiële oorlogsschade. Het resultaat was vooralsnog dat van Dijk en Witte heeft vergoed gekregen een bedrag dat net even genoeg was om de grond aan te kopen, waarop het nieuwe gebouw thans staat. Voor de bouw van dit pand heeft de fa. van de overheid niets ontvangen, zelfs niet de afbraak van het oude pand, aldus spr. het gebouw is thans gereed en het staat er trots en uitdagend ondanks de wederopbouw, aldus spr., die de overtuiging had dat de oude clientèle van de zaak in Nijmegen, waarvan hij van 1910 tot 1916 directeur is geweest, van Dijk en Witte niet in de steek zal laten. Hij gaf de verzekering dat de medewerkers de naam van de firma zullen hooghouden.
Na de woorden van de heer J. Witte spraken de heer P. Bartels, directeur van de inkoopvereniging Pehoda, de heer B. de Bruijn namens het personeel, Dr. P. van Hasselt als vriend van de fam. Witte, de heer J. Taminiau, president-commissaris van van Dijk en Witte, die namens de familie geluk wenste. De heer A. Witte sprak tot slot van deze geslaagde plechtigheid een dankwoord, vooral tot zijn medewerkers, voor hun goede samenwerking en hun zorgen welke aan deze dag zijn voorafgegaan. Hierna bezichtigden de genodigden het gebouw, met zijn prettig interieur, zowel op de benedenverdieping waar men de grootste variatie vindt op het gebied van herenkleding als op de bovenverdieping, waar kinderkleding in grote verscheidenheid is ondergebracht. (De Gelderlander 21/9/1955)
Architect Rodenburg lijkt vooral veel wederopbouw van winkels en nieuwbouw van wooncomplexen te hebben ontworpen.
Gemeentelijke Monumentenlijst
Het gebouw staat op de Gemeentelijke Monumentenlijst als “Beeldbepalend pand”: dit betekent dat alleen de buitenkant beschermd is. Daarbij heeft het als waardering:
“Burchtstraat 2 maakt stedenbouwkundig onderdeel uit van het wederopbouwplan van de Nijmeegse binnenstad en is hier een expressie van. Stedenbouwkundige waarde vanwege het forse bouwvolume, in breedte en hoogte, dat de hoek Burchtstraat-Broerstraat accentueert en dat aan de omgeving is aangepast. Er is sprake van ontwerpkwaliteit van de gevels vanwege het door kleurstelling, materiaalgebruik en vorm gevormde eigen gezicht van het gebouw in modernistische trant. Het beeldbepalende karakter van het pand is onvervangbaar in relatie tot de context van de Nijmeegse binnenstad.”
Het Luxor-theater, rechts de Doddendaal, 1955 waarschijnlijk rond de opening. Architecten Meerman en Jansen (Commissariaat Politie Nijmegen Afd. Fotografie F31806 RAN CCO)
Een aantal jaren voordat het gebouw gesloopt werd, had het de titel “lelijkste gebouw van Nijmegen” gekregen. In de loop der jaren was het pand steeds meer vervallen en was het een “rotte kies” geworden. En dat, terwijl er de Luxor bioscoop in 1955 als een fris uitziend pand begon.
De foto hierboven is uit 1955. Afgaande op de vertoning van “Desiree”, zal deze rond de opening zijn genomen. De eerste verbouwing is waarschijnlijk rond 1958 geweest: op een foto is nu een ‘raster’ te herkennen; een beeld dat jarenlang is gebleven.
Vervolg
Casa Meubelen, HORN Electro en Intersport in het pand van de voormalige Luxor-bioscoop op de hoek met de Bloemerstraat (links), 1991 (Ber van Haren via KN14954-8 RAN CCO)
De bioscoop werd in 1986 gesloten. Daarna werd het een winkelpand. In ieder geval zaten Casa, Horn en Intersport er. Sinds 2014 stond het pand leeg, waarna het steeds meer verloederde. In 2019 werd het pand gesloopt. Nadat de”rotte kies” was getrokken bleef er een aantal jaren een gapend gat over. Nu is de bouw van een appartementencomplex gestart, waarbij in juni het hoogste punt is bereikt. Er komen 136 appartementen, met daaronder een Albert Heijn. In de kelder komen fietsenstallingen en bergingen.
De Gelderlander bij opening
De Gelderlander schrijft op 21 januari 1955, iets meer dan een maand voor de opening:
“Donderdag 3 Maart opent het nieuwe Luxor-theater aan het Plein 1944
Nijmegen, 21 Jan. – Op Donderdag 3 Maart zal het nieuwe Luxor theater aan het Plein 1944 op de hoek van de Doddendaal en de Bloemerstraat, openen met een gala-voorstelling, waarin de cinamascope-film “Désire” zal worden vertoond in een gala-voorstelling, des avonds om acht uur. Het nieuwe theater dat de plaats inneemt van het vroegere Luxor theater, hetwelk in de oorlogsdagen op Mariënburg, werd verwoest, is eigendom van de N.V. Luxor, theater te Nijmegen, maar werd door deze N.V. verhuurd aan de N.V. Nabio te Rotterdam; de Neth. Fox Film Cor. zal de exploitatie verzorgen. De bioscoop welke naar de nieuwste vindingen op theatergebied is gebouwd en ingericht, zal negen honderd tien plaatsen bevatten; er is voor toneel-accommodatie gezorgd, zodat zo nodig ook variété kan worden gegeven. Naast Amerikaanse films zullen er films van Europese productie worden vertoond; er zal zelfs bijzondere aandacht worden besteed aan de premières van de grote Europese producten.
Het tijdens de bevrijding verwoeste pand van het Luxor Theater, 9/1944-12/1944 (A.A. van der Borg via RAN F29581)
De architecten de heren B.J. Meerman en J. Jansen (Besienderhuis) hebben in onderling overleg er naar gestreefd om het Nijmeegse Luxor te maken tot een van de grootste en best ingerichte theaters van het Zuiden. Zowel de aannemer de fa. Poldermans als de onderaannemers zijn Nijmeegse bedrijven. Zelfs Philips, die de installatie in de cabine verzorgde zou men op het moment in zekere zin een Nijmeegs bedrijf kunnen noemen. Terwijl het werk aan de buitenkant uiteraard vanwege de vorst stilligt, wordt er aan ’t interieur van het gebouw met de grootst mogelijke spoed voortgewerkt. Men wil op tijd klaar zijn voor de galavoorstelling op 3 Maart, wanneer Nijmegen door dit nieuwe theater zal worden verrijkt met een gebouw dat de ontspanningsmogelijkheid voor de stadgenoten en voor de bewoners van het Nijmeegse achterland belangrijk zal bevorderen. Vooral vanwege deze omstandigheid zijn de exploitanten van mening dat de voor onze stad geldende vermakelijkheidsbelasting van 35 pct erg aan de hoge kant is; zij hadden de exploitaite van het Luxor theater gebaseerd op een belasting van 25 pct, welke in verschillende steden geld. Ze zijn met het gemeentebestuur in onderhandeling om een verlaging van het vastgesteld percentage te verkrijgen; dit is voor hen van des te meer belang in verband met hun plannen om ook variété te geven, terwijl de architecten ook rekening hebben gehouden met de mogelijkheid om een Hammond-orgel te plaatsen in de orkestbak.
Inrichting
Het theater is onderverdeeld in zaal, loges, amphitheater; men krijgt enigszins hetzelfde idee als bij de inrichting van het voormalige Centrum-theater.
Boven de wachthall is ene foyer van driehonderd vierkante meter geconstrueerd. Hierin zal een café-bar worden ingericht, welke zowel voor de bezoekers van het theater als voor niet-bezoekers is bedoeld. Men kan ook door een aparte ingang in deze café-bar komen. Onder de hall is een grote kelder. De exploitanten bestuderen de mogelijkheid om van deze kelder een amusementsgelegenheid voor kinderen te maken, die dan op Woensdag-, Zaterdag- en Zondagmiddag met vermaak als bijvoorbeeld een marionetten-theater of met film kunnen worden beziggehouden. Criterium in Amsterdam heeft een dergelijk initiatief toegepast, met goed succes.
De zaal
In de hall komt een vast tapijt te liggen van gele kleur en deze kleur is ook aangehouden voor de zaal. De betimmering van de wanden is gehouden in het geel met rood. Op sommige plaatsen is ze tien meter hoog; een jong Nijmeegs kunstenaar, G. Bruning, is aangezocht om de overblijvende vakken te decoreren.
Het plafond is geconstrueerd met eilanden, zodat het als het ware los in de zaal hangt. Bijzondere zorg is aan de verlichting besteed. Behalve door de lichteilanden van het plafond wordt de zaal verlicht door een neon-lijn, welke langs wanden van de zaal loopt en de betimmering beschijnt.
In de hall en de foyer komen lampen in verschillende kleuren bespoten, welke worden geleverd door een van de wereldberoemde glasfabrieken in Murano bij Venetië.
Ook het toneelgordijn is afkomstig uit Italië; het is een handdruk met zwart, blauw en groen als overheersende kleuren. Voor de stoelen in de zaal is blauw als kleur gekozen. Op het amphitheater komen zetels met beweegbare rug, zodat de bezoeker niet behoeft op te staan wanneer nieuwe bezoekers moeten passeren.
Alle stoelen zijn trouwens ruim geprojecteerd; ze worden zo geplaatst dat elke bezoeker over degene die voor hem zit kan heenkijken. Niemand hoeft langs de bezoeker in de rij voor hem te zien.
Toneel en cabine
Het toneel wordt 13.80m. breed en 8 meter hoog; de diepte van het toneel zal 8.5 meter bedragen. Onder het toneel komt een kleedkamer en een orkestbak. Bijzondere aandacht wordt besteed aan de mogelijkheid om het geluid vanuit de orkestbak door de zaal te verspreiden. Deze geluidsspreiding is trouwens een thema geweest van bijzondere zorg. Voor het eerst in Nijmegen wordt het magnetisch geluid, met vier geluidsbanden op de film in toepassing gebracht. Hierdoor wordt bereikt dat de toeschouwers midden in het geluid zitten, zodat het geen verschil uitmaakt of men langs de wanden of midden in de zaal zijn plaats heeft.
De cabine wordt uitgerust met vier projectoren. Op een speciaal geprepareerd doek wordt de lichtsterkte zo verspreid dat ze in het midden van het doek hetzelfde is als aan de zijkanten. Vertekening op het enigszins gebogen doek is zodoende hoegenaamd uitgesloten en ook onafhankelijk van de plaats waar men zit is het beeld overal goed; dit beeld wordt 12.88 breed en 5.20 hoog.
Hoewel de cabine is ingericht voor cinemascope, heeft ze verder alle mogelijkheden voor projectie van een ander soort.
De hoofdingang tot het Luxor theater komt op de hoek van het Plein ’44 en de Bloemerstraat, zodat de toegang makkelijk in het zicht en in het bereik ligt. Voor de zaal is een ruime wachthall ingericht en een aparte kassahall komt aan de kant van de Doddendaal.
De films
Behalve de openingsfilm Désiré staan voor vertoning in het nieuwe Luxorp-theater onder andere op het program films als: The Robe, Verdi, Odyssé, The Egyptian, Demetrius and the gladiators, Night People, Three coins in the fountain, Broken lance, There is no business.
De cinemascope-film vindt in de Neth. Fox film een grote propagandist.
In een honderd twintigtal theaters van ons land heeft Fox cinemascope films geintroduceerd. Om het eenjarige bestaansfeest te vieren zal op 10 Februari een helicopter op het grasveld van de Goffert neerstrijken, waaruit de directie van de Fox film zal stijgen, die een lintjesregen doet neerkomen op de eerbiedwaardige hoofden van de theaterexploitanten uit het oosten des lands. Zij die de moed en de durf hebben gehad om de cinemascope te introduceren krijgen een lintje met een inscriptie op de aangehechte miniatuur-medaille, waarop een tekst voorkomt welke aan hun verdienste in dit opzicht herinnert.
Dezelfde dag zal in Arnhem een helicopter landen, terwijl op andere dagen in andere plaatsen van ons land helicopter-stunts als deze zullen plaats hebben.
Delen we nog mede dat de bouw en inrichting van het Luxor-theater een negen ton heeft gekost en dat de prijzen voor plaatsen waarschijnlijk op hetzelfde niveau zullen liggen als die van het Carolus theater op Plein 1944.” (De Gelderlander 21/1/1955)
Burchtstraat 112 en 110: rechts (op dat moment Zen) zat de winkel van Keijser, juli 2019 (Google Streetview)
In oktober 1954 opent G. Keijser op Burchtstraat 110 zijn nieuwe winkel. De oorspronkelijke winkel zat in de Stikke Hezelstraat. Toen deze tijdens het bombardement werd verwoest, opende de Bijenkorf (niet de keten) een nieuwe winkel op de Lange Burchtstraat. De Duitsers staken deze winkel in september 1944 in brand. Na een noodwinkel op de Hertogstraat gehad te hebben, vindt in oktober 1954 de opening van de nieuwe winkel plaats. Hiervan was Rodenburg de architect.
“De Bijenkorf opende prachtig modern ingerichte zaak op de Burchtstraat
“De Bijenkorf” heeft gistermiddag op de Burchtstraat zijn prachtige nieuwe zaak geopend. De belangstelling was zo groot dat de genodigden, die de opening wilden meemaken, de partèrre-ruimte van het ruime gebouw geheel en al vulden.
Het vliegtuig dat boven de stad zou cirkelen om de sleutel uit te werpen, waarmede “De Bijenkorf” zou worden ontsloten, kon vanwege de straffe wind niet starten. De openings-eer was aan de burgervader toegekend, die evenwel zich eerst van zijn taak kon kwijten nadat het jongens-muziekcorps van de St. Jozefschool de heer G. Keijser en zijn familie een muzikale hulde had gebracht, die klonk als een (welluidende) klok. De architect van de bouw, de heer R.G. Rodenburg, sprak voor de drempel van de Bijenkorf woorden van waardering tot de aannemer Fa. Gebr. Sutmuller en tot de onderaannemers voor de bijzondere voortvarende wijze waarop zij, in prettige samenwerking met de principaal, deze bouw hebben tot stand gebracht. Hierna overhandigde het dochtertje van een van de heren Sutmuller de sleutel aan de burgemeester, die “De Bijenkorf” ontsloot.
De genodigden konden hierop binnenzwermen en zich ervan overtuigen dat de Burchtstraat en Nijmegen in “De Bijenkorf” niet alleen een fraai gebouw, maar ook een zeer overzichtelijk ingerichte zaak rijker is geworden. De parterre-ruimte, welke loopt tot aan de Oude Stadsgracht, wordt in beslag genomen voor een enorme collectie galanterieën, luxe- en huishoudelijke artikelen. Speelgoederen staan in de grootste verscheidenheid in de ruimte beneden de parterre geëxposeerd.
De eerste verdieping wordt bezet door klein-meubelen, lampen en grote speelgoederen en ook door een grote collectie kinderwagens. Een merkwaardig monumentje in de nieuwe zaak is de gouden engel, die in Januari ’54 in de bodem waarop “De Bijenkorf” gebouwd, zou zijn opgegraven. In het onderschrift bij deze gouden engel wordt nu bekend, gelijk sommigen wellicht al hebben vermoed, dat door deze opgraving de legende van de gouden engel geweld werd aangedaan.
Uit de toespraken, die bij de opening werden gehouden, trokken wij de conclusie dat de echte, onvervalste Nijmeegse gouden engel in de verkoopruimten van “De Bijenkorf” rondvlieg.
Er is evenwel een en ander voor nodig geweest om deze gevleugelde geest aan te trekken. Op 22 februari 1944 werd de oude “Bijenkorf” in de Stikke Hezelstraat verwoest. Op de Burchtstraat opnieuw begonnen, kwam de brandstichting in de Septemberdagen van datzelfde jaar weer een streep door de rekening halen. Daarna werd de zaak bij wijze van noodoplossing in de Hertogstraat voortgezet.
Tijdelijke vestiging van de Bijenkorf op Hertogstraat 8, detail van foto Doortrekking van de trolleybusbaan; links de American Bar (Wintersoord ) en daarnaast De Bijenkorf (Hertogstraat 8), september 1952 (Gelderse Fotohandel Nijmegen via GN17098 RAN, Auteursrechthouder J.F.M.Trum CC-BY-SA)
De heer Keijser uitte als eerste spreker gistermiddag zijn grote voldoening over het resultaat van de nieuwbouw op de Burchtstraat. Spr. dankte allen die deze bouw hebben verwezenlijkt, met name de architect de heer Rodenburg en de aannemer de fa Gebr. Sutmuller, de binnenhuis-architect de heer Nic. Oly en alle onderaannemers.
Het werk van de architect achtte spr. zeer geslaagd en de Gebr. Sutmuller, die voor een vlotte uitvoering zorg droegen, kon hij als aannemer recommanderen.
Daarnaast bracht spr. dank aan de Nijmeegse gemeente-instanties, die hun volle medewerking hebben verleend.
De burgemeester, die met mevrouw Hustinx de opening bijwoonde, sprak een woord van lof tot de ondernemende heer G. Keijser, die evenals de andere getroffenen in Nijmegen, blijk had gegeven van initiatief en van moed om de moeilijkheden te boven te komen. De Nijmeegse middenstand en de Nijmeegse institutionele beleggers hebben de snelle opbouw van de stad mogelijk gemaakt. Voor Nijmegen is het een grote dag nu “De Bijenkorf” op zulk een representatieve plaats zijn belangrijke functie gaat vervullen. Spr. herinnerde aan de voorgeschiedenis welke niet over rozen had geleid. Na een woord van waardering tot de architect, de aannemersfirma, de onderaannemers en de werklieden en na een woord van gelukwens tot de heer Keijser en zijn familie gericht, verklaarde de burgemeester “De Bijenkorf” officieel voor geopend.
Een broer van de heer G. Keijser de heer Th. Keijser van de Tepa nam het woord om nog een en ander mee te delen over de moeilijke tijd welke aan het tot stand komen van de bouw is voorafgegaan en om zijn waardering te betuigen voor het doorzettingsvermogen van zijn broer.
De heer F. van Houtert, de administrateur van “De Bijenkorf” bood namens het personeel de beste wensen aan, welke hij deed vergezeld gaan van een geschenk. Binnenhuisarchitect Nic. Oly dankte de firma’s welke het interieur hadden verzorgd, de fa. Carree uit Zeist en van Berkhoven uit Nijmegen.
Tot slot sprak een leverancier, die Keijser, welk woord betekent “’t ken niet hoger” op het hart drukte steeds het beste te blijven leveren.
De heer G. Keijser dankte allen voor hun blijken van belangstelling. In huize Ditsel vond een druk bezochte receptie plaats tot besluit van de opening van “De Bijenkorf”. (De Gelderlander 7/10/1954)
Vervolg
In het midden het Warenhuis Huls (in het pand van de Bijenkorf) ; links (op de hoek met de Marienburgsestraat) het voormalige pand van het Warenhuis Van der Borg en geheel rechts het Scala-theater, mei 1981 (Ber van Haren via KN13349-13 RAN CCO)
Hoewel hieronder (nog) niet gestreefd wordt naar volledigheid:
In 1981 zit Huls in dit pand (zie foto boven; een foto van RAN laat zien dat in juli 1979 een grote verbouwing plaats vindt, waarbij een bord van de Bijenkorf is opgehangen
Juwelier Courbois is geopend, andere panden zijn op Plein 1944 nog in aanbouw, foto 1951-1952 (J.F.M. Trum via GN15656 RAN CCBYSA)
Tijdens het bombardement van februari 1944 werd de winkel van juwelier Courbois verwoest. In 1951 opent hij zijn nieuwe winkel op Plein 1944 naar ontwerp van architect Goddijn.
Vooraf
Hieronder staan de tot nu toe gevonden juweliers of horlogers Courbois weergegeven. Er is in ieder geval een “horloger” H.J. Courbois gevonden in 1896 tot 1914. Het is nog niet bekend of hij familie was van J.H. Courbois, die voor het eerst in 1923 is gevonden; ook is niet bekend of de tussenliggende periode de afwezigheid van een juwelier/horloger betreft of dat deze gegevens nog niet gevonden zijn.
In ieder geval wordt de (firma) J.H. Courbois verwoest tijdens het bombardement van februari 1944.
Naam
Omschrijving
Adres
Advertentie
H.J. Courbois
Horloger (in nieuwsjaarsgroet 1902)
Smidstraat 9
De Gelderlander 14/6/1896, De Gelderlander 17/1/1897, De Gelderlander 11/7/1897, PGNC 1/1/1902
H.J. Courbois
Horloger
Smidstraat 32
PGNC 31/12/1903, De Gelderlander 31/12/1905, De Gelderlander 1/1/1908, De Gelderlander 1/1/1910, PGNC 1/1/1911
Aan de Zuidzijde van Plein 1944 niet ver van de Molenstraat af, heeft gistermiddag alweer een nieuwe zaak, die van de fa. J.H. Courbois, in uurwerken, goud en zilver, de vlag kunnen uitsteken. De reden tot feestvreugde was gelegen in het feit dat de zaak, die vroeger in de Houtstraat was gevestigd en daar op 22 februari 1944 afbrandde, weer is herrezen in een keurig gebouw pand, met grote werkplaats en flinke bewoning. De talrijke artikelen op het gebied van goud en zilver, de uurwerken, komen uitstekend tot hun recht en de moderne verlichting geeft het nodige relief. De bedrijfsleiding in de zaak waarvan mevr. de Weduwe Courbois eigenaresse is, ligt in handen van de oudste zoon, die voor kort zijn diploma’s behaalde voor de uitoefening van dit edel vak.
Het pand rechts is juwelier J.H. Courbois. Het ‘Oorlogsmonument voor de Nederlandse militairen uit het Rijk van Nijmegen, gevallen in de Tweede Wereldoorlog’ , gemaakt door Jac Maris (1951) (op een nieuwe sokkel) ; Op de achtergrond de St. Petrus Canisiuskerk in de Molenstraat. Links de zaak van Holla’s kledingsmagazijn. Rechts naast de winkel van Theo Seegers de juwelier J.H. Courbois en links van Theo Seegers de slagerij van P.W. Boukes ; Op de hoek met de Molenstraat de zelfbedieningswinkel van Jansen-Hendriks, 1954-1955 (F42032 RAN collectie KNBLO, auteursrecht J.F.M Trum CC-BY-SA)
Architect B.W.A. Goddijn en aannemer Th. Wassink, beiden te Nijmegen, hebben eer van hun werk, waardoor weer een bijdrage wordt geleverd tot de opbouw van de stadskern.” (De Gelderlander 6/10/1951)
De winkel
Plan voor een horlogewinkel met bovenwoning a/h. Centrumplein/bij ondertekening: Plan voor herbouw winkel met bovenwoning voor mevr. wed. J.H. Courbois-Werten, B.W.A. Goddijn Architect, datum tekening febr. 1950 (D12.412003)
Aan de voorkant heeft de winkel een etalage met links een portiek. In het portiek is een opgang naar de woning boven en rechts naar de winkel. Achter de winkel bevindt zich een kantoor en daarachter de werkplaats. Achter de werkplaats bevindt zich een plaats, welke een deur heeft naar het “expeditiehof” (Het Hendrikhof)
Vervolg
Plein 1944 5 en 6 Juli 2018 (Google Streetview)
In ieder geval zit J.H. Courbois nog in de winkel in 1971 volgens het Adresboek van dat jaar.
Momenteel heeft Uyen haar winkel op dit adres. (Op basis van Google Streetview in ieder geval ook in mei 2016).