Suikeresdoorns, herinnering aan de Duitse capitulatie en het verblijf van het 1ste Canadese Leger in Nijmegen, Voerweg (september 2025)
#Nijmegen, Groen in Nijmegen, GroenInNijmegen

Suikeresdoorns en het Eerste Canadese leger in Nijmegen

Voerweg Centrum

Suikeresdoorns, herinnering aan de Duitse capitulatie en het verblijf van het 1ste Canadese Leger in Nijmegen, Voerweg (september 2025)
Suikeresdoorns, herinnering aan de Duitse capitulatie en het verblijf van het 1ste Canadese Leger in Nijmegen, Voerweg (september 2025)

De suikeresdoorns aan de Voerweg zijn het geschenk ter herinnering aan het Eerste Canadese Leger in Nijmegen. Wat betekent dit geschenk? En wat is het verhaal van dit Eerste Leger in Nijmegen en omgeving?

De bomen zijn een geschenk van het “We do remember” National Comittee, namens de provincie Ontario aan de gemeente Nijmegen. Het esdoornblad ofwel ‘maple leaf’ is het nationale symbool van Canada.

Dit monument is op 5 mei 1980 onthuld. Op 7 mei 1945 vond de Duitse capitulatie plaats, dus 35 jaar na “V-E Day”: Victory in Europe Day. De bomen zijn een herinnering aan deze dag en het verblijf van het 1ste Canadese Leger in Nijmegen.

Ik (RE) vermoed dat de schenking van de Provincie Ontario afkomstig is, omdat het 1ste Canadese Leger daar haar basis heeft.

Bord suikeresdoorns Voerweg (oktober 2022)
Bord suikeresdoorns Voerweg (oktober 2022)

Op het bordje staat: ““These forty sugar maple trees are presented on behalf of the Province of Ontario Canada. To the City of Nijmegen by the “We do remember” National Committee on the occasion of the thirty-fifth anniversary of V-E Day 1945-1980”

Op het bordje staat dat er 40 geschonken zijn. Er blijken echter 32 esdoorns te staan (Zie ook Monumental trees). Wat de reden is van de ontbrekende acht bomen, is mij niet bekend: of er daadwerkelijk 32 in plaats van 40 zijn geplant of dat 8 van deze 40 bomen in de loop der jaren verloren zijn gegaan.

Het eerste Canadese Leger in de omgeving Nijmegen

De Britse Veldmaarschalk Bernard Law Montgomery en generaal Crerar bevelhebber van het eerste Canadese leger na een conferentie te Nijmegen, 2/1945 (reproductie uit "Pionier der Vrijheid"door Alan Moorehead via F71251 RAN)
De Britse Veldmaarschalk Bernard Law Montgomery en generaal Crerar bevelhebber van het eerste Canadese leger na een conferentie te Nijmegen, 2/1945 (reproductie uit “Pionier der Vrijheid”door Alan Moorehead via F71251 RAN)

Ze waren zichzelf al het Cinderalla Army (Assepoesterleger) gaan noemen: het 1ste Canadese Leger. Waar sinds de invasie in Normandië al talloze zware gevechten hadden plaats gevonden, was de rol van dit leger tot dan toe beperkt gebleven: bij de geallieerde opmars was hun rol vooral het bewaken van de linkerflank geweest. Met beperkte toewijzing van munitie en brandstof kregen ze vooral de weinig aansprekende opdracht om havensteden te zuiveren van Duitsers. Wat overigens niet betekende dat er zwaar werd gevochten om de Franse havensteden en de opening van de Schelde.

Het offensief stokte bij Market Garden. De brug bij Arnhem werd niet veroverd, Nijmegen wel. Vanaf dat moment was Nijmegen frontstad.

Bewaken

De Canadezen kregen de taak om van december 1944 tot februari 1945 de taak de frontlinie te bewaken. Dat betekende dat ze meer dan 360 kilometer moesten bewaken: van Duinkerken aan de Noordzeekust tot ten zuiden van Nijmegen. Ondertussen begonnen de voorbereidingen voor een groot voorjaarsoffensief.

Operation Veritable

Op de voorgrond Canadese soldaten ter hoogte van Villa Montana; op de achtergrond, aan de overkant van het Meertje rukken ze op richting de Ooij (F71261 RAN)
Op de voorgrond Canadese soldaten ter hoogte van Villa Montana; op de achtergrond, aan de overkant van het Meertje rukken ze op richting de Ooij (F71261 RAN)

Dit offensief ging in op 8 februari van start. De Canadezen trokken vanuit de omgeving van Nijmegen naar het zuidoosten om de corridor tussen Rijn en Maas vrij te maken. Het 9de Amerikaanse leger zou optrekken naar het noordoosten, waarbij de legers elkaar bij Wesel zouden gaan ontmoeten. Voor de Canadezen betekende dit de strijd om het Reichswald, de Siegfriedlinie te doorbreken om vervolgens de verdediging van de Duitsers van het Hochwald te verslaan en daarna het gebied tot aan de Rijn veilig te stellen.

Canadese militairen van het 1ste Canadese Leger vuren hun Bofors 40mm kanonnen af in het Reichswald tijdens de operatie Veritable (Slag om het Reichswald) (GN10803 RAN)
Canadese militairen van het 1ste Canadese Leger vuren hun Bofors 40mm kanonnen af in het Reichswald tijdens de operatie Veritable (Slag om het Reichswald) (GN10803 RAN)

Het eerste obstakel was de Ooijpolder. Op 6 februari hadden de Duitsers de dijk in de buurt bij Erlecom opgeblazen, waardoor de polder ondergelopen was. De 3e Canadese Divisie, die bij de Schelde met ondergelopen land veel ervaring had opgedaan, kreeg opdracht dit gebied, onder zware omstandigheden, te veroveren. Op 8 en 9 februari veroverden zij Kekerdom, Leuth en Millingen aan de Rijn. Daarna volgde de zware slag om het Reichswald, waar de Canadezen samen met de Britten vochten. Op 21 februari vond de doorbraak plaats. Een volgende slag vond plaats bij de Schlieffen-Stellung oftewel ‘Hochwald Layback’, welke 2 weken duurden. Niet alleen vanwege tegenstand, maar vooral vanwege slechte weer- en terreinomstandigheden.

Intussen hadden de Amerikanen onder de naam Operation Grenade hun opmars eindelijk kunnen beginnen.

Op 23 maart vindt de volgende fase plaats: Operation Plunder, waarbij de geallieerden tussen Rees en Wesel de Rijn oversteken. Daarmee begon de eindfase van de oorlog en werd ook Nederland weer front.

De bevrijding van Nederland

Suikeresdoorns Maple Trees Voerweg Nijmegen herfst 202310
Suikeresdoorns/Maple Trees aan de Voerweg, oktober 2023

De Canadezen kregen de opdracht de Duitsers uit het oosten en noorden van Nederland te verdrijven.

Het belang van oosten en noorden van Nederland was het beschermen van de linkerflank van de hoofdopmars en de bevoorradingsroute van de geallieerden. Daarnaast zouden de Duitsers hun V1- en V2- raketten niet meer vanuit Nederland kunnen lanceren. En om te voorkomen dat de Duitsers konden ontsnappen uit (west-) Nederland. Deze opmars was niet zozeer bedoeld om de eigen bevolking te bevrijden.

De opmars liep aanvankelijk naar het oosten van Nijmegen, zo’n 50 kilometer. Daarvan. Begin april 1945 trok het Canadese leger, dus uiteindelijk met een bocht, de Achterhoek in. Half april bereikte het Canadese en Poolse leger het noorden van Nederland, waaronder de Afsluitdijk. De Duitsers in West-Nederland konden niet meer ontsnappen.

Bij de Grebbelinie stokt de aanval: in het westen bevonden zich 120.000 Duitsers. Te zwak en een te groot samenraapsel voor een uitbraakpoging, maar aan de andere kant een groot aantal soldaten. Hitler had bevolen om tot de laatste man stand te houden. De Duitsers zetten daarbij de Wieringermeerpolder onder water om luchtlandingen te voorkomen. De grond werd te drassig geacht voor een aanval. Daarnaast was het gebied te dicht bevolkt om de eigen vuurkracht optimaal in te zetten. Eind april waren de gevechten in Nederland sowieso wat geluwd en het wachten was daarom op het einde van de oorlog.

Dansen en sjansen

Op de foto met ingekwartierde Canadese bevrijders. De Canadezen hadden een gaarkeuken in de garage van nr. 9 aan de Surinameweg. Rechts op de achtergrond Melanie klomp en voor Fons de Groot, 5/1945, (A.F. de Groot via F39076 RAN CC-BY-SA)
Op de foto met ingekwartierde Canadese bevrijders. De Canadezen hadden een gaarkeuken in de garage van nr. 9 aan de Surinameweg. Rechts op de achtergrond Melanie klomp en voor Fons de Groot, 5/1945, (A.F. de Groot via F39076 RAN CC-BY-SA)

Wanneer de oorlog voorbij is, wachten veel Canadese soldaten in Nijmegen op hun repatriëring. In deze periode worden vaak dansavonden georganiseerd, die soms uitmonden in meer dan dansen. Een mooi verhaal is te vinden op: https://mijngelderland.nl/inhoud/specials/getuigen-van-de-oorlog/een-canadese-soldaat-als-vader

Herinneringen

De Canadese militaire begraafplaats, 1945 RAN)
De Canadese militaire begraafplaats, 1945 RAN)

Op de Canadese Erebegraafplaats (Zevenheuvelenweg, Groesbeek) liggen de meeste Canadese soldaten begraven, die tijdens Operation Veritable gesneuveld zijn. Hierbij kwamen meer dan 5.000 Canadese soldaten om het leven. Op een gedenkteken staan meer dan 1.000 namen van Canadesen, Britten en Zuid-Afrikanen die gesneuveld zijn vanaf de invasie van Normandië en waarvan de lichamen nooit gevonden zijn.

Een ander monument dat mede voor de Canadezen is opgericht is bij Klein Amerika, welke herinnert aan het feit dat de Canadese troepen eind 1944 de frontlinie hebben bewaakt.

Belvedère

De Belvedère is gebouwd als verdedigingstoren. Vanaf 1646 kreeg het de functie van speelhuis voor de welgestelden van Nijmegen. Ondanks…

Bronnen

Suikeresdoorns Maple Trees Voerweg Nijmegen (oktober 2022)
Suikeresdoorns Maple Trees Voerweg Nijmegen (oktober 2022)

Nationaal Comite 4 en 5 mei

De bevrijding van Oost- en Noord-Nederland, Christ Klep, 21 april 2020

https://legionmagazine.com/the-cinderella-campaign/

https://nl.wikipedia.org/wiki/1e_Leger_(Canada)

https://oorlogsgravenstichting.nl/monumenten/groesbeek-monument-langs-klein-amerika

Verder lezen:

http://bevrijdingsbos.nl/060_0001.htm  geeft de achtergronden weer van Canadese soldaten die in Groningen zijn gesneuveld. Een aantal keren wordt Nijmegen en omgeving expliciet genoemd. Ook zullen veel soldaten in de omgeving zijn geweest, zonder dat Nijmegen wordt genoemd.

Bloemenschaal Straalmanfonds Schaeck Mathonsingel april 2025
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

De bloemenvazen aan de Van Schaeck Mathonsingel en het Straalmanfonds

Bloemenschaal Straalmanfonds Schaeck Mathonsingel april 2025
Bloemenschaal Straalmanfonds Schaeck Mathonsingel (april 2025)

In 1915 schonk het Straalmansfonds een fontein voor het plantsoen aan de de Van Schaeck Mathonsingel en in 1916 twee bloemenschalen. Bij de vernieuwing van het park in 2002 bleek de fontein niet meer te redden. Daarvoor in de plaats kwam de fontein met de glazen koepel. De twee schalen konden nog wel worden gerestaureerd. De fontein en de schalen waren een ontwerp van Willem C. Brouwer. Het Straalmansfonds had de verfraaiing van Nijmegen tot doel.

Willem Coenraad Brouwer

Fontein, ontworpen in 1915 door Willem Coenraad Brouwer, in het plantsoen, van Schaeck Mathonsingel, 1950 (F32233 RAN)
Fontein, ontworpen in 1915 door Willem Coenraad Brouwer, in het plantsoen, van Schaeck Mathonsingel, 1950 (F32233 RAN)

Willem Coenraad Brouwer (19-10-1877 Leiden – 23-5-1933 Zoeterwoude) was een beeldhouwer en keramist.

De ouders van Brouwer waren Nicolaas Brouwer, hoofd van een lagere school in Leiden en Antonia Coert. Hij ging in Leiden naar de Teekenschool. Vervolgens werkte hij van 1894-1898 in het atelier voor boekversiering en lettersnijden van Johannes Aanout Loubèr, zijn zwager.

Brouwer vertrekt naar Gouda. Daar gaat werken bij de Koninklijke Hollandse Pijpen- en Aardwerkfabriek Goedewaagen. In 1899 heeft hij zijn eerste tentoonstelling, in Leiden. In 1900 wordt hij medewerker aan “Het Binnenhuis” te Amsterdam.

In 1901 richt hij een eigen keramisch bedrijf op: Fabriek van Brouwer’s Aardewerk in het pand Vredelust in Leiderdorp. In 1905 wordt het bedrijf omgezet naar N.V. Brouwers Aardewerk.

“Hij gebruikt diverse traditionele decoratietechnieken -sgrafitto, ringeloren, groefversiering en intersa of inlegwerk- in een bewust sobere en eenvoudige stijl, waarin ook de invloed van de oosterse sierkunst is te herkennen.” (Capriolus)

Vanaf 1906 maakt hij tevens bouwaardewerk en tuinkeramiek. “Hij wordt beschouwd als vernieuwer op dit gebied” (wikipedia). Hij werkt onder andere samen met de architecten Berlage, Oud, Dudok en Wils. De fabriek zal worden voortgezet door zijn zonen Klaas en Coen.

Brouwer was lid van de Nederlandse Kring van Beeldhouwers.

Gevonden werken

  • 1909- 1913 Beeldhouwwerk aan het Vredespaleis, Den Haag
  • 1912 -1913 Keramisch beeldhouwwerk aan de Kennemergarage, Alkmaar
  • 1914 Ornamenten voor de kerk van Scharsterbrug
  • 1915 Van Karnebeekbron, Den Haag
  • 1916 Twee apen met voetbal met veter, voorgevel Spartastadion Het Kasteel, Rotterdam
  • 1917 Ornamenten voor Gebouw Leidsch Dagblad, Leiden
  • 1917 Kariatiden voor Huis De Lange, Alkmaar
  • 1920 Gijselaarsbank, Rapenburg, Leiden
  • 1920 Gevelornamenten van het Christelijk Internaat, Krakelingweg 10, Zeist
  • 1920 Betegelde schouw met effen keramische tegels en een fries van dieren, die per twee op weg zijn naar Ark van Noach, voormalig Restaurant ’t Wilhelminapark Utrecht
  • 1923 Vier gebakken steenornamenten, voorstellende Kasper de mijngeest, boven in de gevel van het voormalig hoofdkantoor Staatsmijn Maurits, Geleen
  • 1928-1930 Gevelbeelden Hermes en Neptunus voor Atlantic Huis, Rotterdam
  • Drie gevelbeelden voorstellende een oogstende boer, een wanhopige boer, die zijn oogst opgegeten ziet worden door vogels en een roeiboot genaamd Meeuw omring door meeuwen, in de Trompenburgstraat en de Lekstraat, Amsterdam-Zuid
  • 1930 Vijf terracotta gevelornamenten voor het Wilhelminaziekenhuis, Assen

Gevonden prijzen

  • 1906 Gouden medaille, Triënale Milaan
  • 1910 Grand Prix, wereldtentoonstelling Brussel
  • 1925 Bronzen medaille, wereldtentoonstelling Parijs

(Overige) Bronnen en verder lezen over Brouwer

https://wcbrouwer.blogspot.com/2008/02/levensloop-van-willem-coenraad-brouwer.html Een zeer uitgebreide biografie, gebaseerd op de autobiografie uit 1927 van Brouwer zelf

https://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_Coenraad_Brouwer

https://klinkhamerantiek.nl/keramiek/keramisten/wc-brouwer-leiderdorp met veel foto’s van keramiekwerk

http://www.capriolus.nl/nl/content/brouwer-willem-coenraad

Paulus Straalman

Niet gesigneerd portret van Paulus Baron Straalman (29-3-1753 Amsterdam-15-4-1828 Nijmegen), militair (hoogste rang luitenant-kolonel cavalerie) en politicus (lid raad Nijmegen, lid Provinciale Staten, 2e en 3e burgemeester Nijmegen, buitengewoon lid Staten Generaal voor Gelderland en lid van de Raad van State in buitengewone dienst). Stichter van het Straalmanfonds ter uitbreiding en verfraaiing van openbare wandelingen; er werd ook een straat naar hem vernoemd (GN11637 RAN)
Niet gesigneerd portret van Paulus Baron Straalman (29-3-1753 Amsterdam-15-4-1828 Nijmegen), militair (hoogste rang luitenant-kolonel cavalerie) en politicus (lid raad Nijmegen, lid Provinciale Staten, 2e en 3e burgemeester Nijmegen, buitengewoon lid Staten Generaal voor Gelderland en lid van de Raad van State in buitengewone dienst). Stichter van het Straalmanfonds ter uitbreiding en verfraaiing van openbare wandelingen; er werd ook een straat naar hem vernoemd (GN11637 RAN)

Paulus Straalman (Amsterdam, 29 maart 1753 – Nijmegen, 15 april 1828), Nederlands militair en politicus. Hij stamde af van een Amsterdamse regentenfamilie. Hij was heer van Duist, de Haar en Zevenhuizen. In 1796 trouwt hij met Petronella Jacoba Smits. Ze kregen geen kinderen. In juli 1816 kreeg Straalman adellijke titel van baron.

Straalman woonde ”op den Doddendaal in het -nu vervallen- dubbele heerenhuis naast de Chr. Bewaarschool” (PGNC 29/1/1905)

Hij had aanvankelijk een militaire loopbaan:

  • vanaf 1772 was het hij luitenant van de garde dragonders
  • vanaf 1779 ritmeester regiment Van Stockum
  • 1789-1795 luitenant-kolonel der cavalerie

Straalman was orangist.

  • Lid Nijmeegse stadsraad                                                                                                                                                                                                                                                 
  • 1814-1827: lid Provinciale Staten van Gelderland voor Nijmegen
  • 1815 buitengewoon lid van de Staten-Generaal der Verenigde Nederlanden voor Gelderland
  • 1820 -1828: lid Raad van State in buitengewone dienst.

Hij was tussen 1816 en 1818 als derde burgemeester lid van het driehoofdig burgermeesterschap, samen met J.W. Pels en A.F. van der Steen. In 1819 was hij tweede burgemeester.

Straalman en zijn broer Anne Willem waren lid van de notabelenvergadering, die in 1814 over de nieuwe Grondwet beslisten.

In Nijmegen Oost is een van straten naar hem vernoemd.

Straalmanfonds

Ontvreemding plaatjes Straalmansfond PGNC 9/9/1890
Advertentie Ontvreemding plaatjes Straalman fond PGNC 9/9/1890

In 1826 richt hij een fonds van 2500 gulden op ‘verfraaijing en uitbreiding der openbare wandelingen binnen deze stad’. De rente van het fonds, 100 gulden per jaar, moest voor dit doel worden besteed. Het mocht niet voor gewoon onderhoud van de openbare wandelingen worden besteed, deze kosten bleven voor rekening van de stad (Huis van de Nijmeegse Geschiedenis);

Schevichaven noemt overigens een bedrag van 2000 gulden. Ook het PGNC 29/1/1905 noemt het bedrag van f2000, “rentende 5pCt, welke rente aangewend moest worden ter verfraaiing van het Valkhof.”

Beeld van de Stationsweg (vanaf 1923 Van Schaeck Mathonsingel), gezien in de richting van het station, met in het midden het plantsoen met de fontein, ontworpen en uitgevoerd in terracotta in 1915 door beeldhouwer en keramist Willem Coenraad Brouwer (Leiden, 19/10/1877 – Zoeterwoude, 23/05/1933), 	1917-1919 (Jacob Krapohl via F91530 RAN)
Beeld van de Stationsweg (vanaf 1923 Van Schaeck Mathonsingel), gezien in de richting van het station, met in het midden het plantsoen met de fontein, ontworpen en uitgevoerd in terracotta in 1915 door beeldhouwer en keramist Willem Coenraad Brouwer (Leiden, 19/10/1877 – Zoeterwoude, 23/05/1933), 1917-1919 (Jacob Krapohl via F91530 RAN)

Straalmanlaantje

In 1915 schrijft het PGNC dat Straalman een legaat had nagelaten, waarbij de rente gebruikt moet worden voor het onderhoud van “laantje, dat van het begin van den Voerweg ten den hoofdingang van de wandelplaats “het Valkhof” voert”, Straalmanlaantje wordt genoemd.

Aangezien er weinig te onderhouden valt, hadden de beheerders van het fonds besloten een spaarpotje te maken, waaruit zo nu en dan versieringen van de stad kunnen worden bekostigd.

Bij het verschijnen van het artikel in 1915 is het fonds “eene stichting die misschien velen niet bekend is”. De aanleiding van het artikel is de bekostiging van het hekwerk rond de Mariakerk (de huidige Mariënburgkapel), dat ingericht is als Gemeentelijk Museum. (PGNC 17/1/1915)

Gevonden bijdragen van het Straalmanfonds

  • “Wij vernemen dat HH. Commissarissen van het fonds van het zoogenaamde Straalmans Laantje voornemens zijn met toestemming van het bestuur dezer stad aan de Oostzijde van de wandelplaats het Hof een koepel te doen plaatsen die hoofdzakelijk dienen zal de wandelaars die door eene regenbui overvallen worden voor het nat worden te beschermen” (De Gelderlander 14/9/1856)
  • In 1833 wordt het beeld Flora van Jean-Baptist Xavery in het Valkhofpark geplaatst, waarbij het Straalmanfonds het beeld heeft geschonken aan gemeente Nijmegen. Dit beeld reaakt in de Tweede Wereldoorlog beschadigt en ging rond 1954 geheel verloren.
  • In 1938 verleent het Straalmanfonds een bijdrage aan het de restauratie van het spoorweg-moment op het Valkhof (PGNC 11/8/1938)
  • In 1938 neemt het Straalmanfonds de materiaalkosten van f885 op zich voor de bouw van nacht- en winterhokken voor de dieren van het Kronenburgerpark. De Vereeniging tot verfraaiing van Nijmegen en Omstreken was eigenaresse van deze beesten en had het aantal verdubbeld van 44 naar 90 dieren. Zij beschikte echter niet over de middelen om voor deze nachthokken te zorgen. (De Gelderlander 3/4/1939)
  • In 1939 kunnen 2 reeën aangekocht worden voor Stadspark de Goffert dankzij een voorschot van f60,- door het Straalmanfonds (PGNC 18/3/1940)
  • Het Straalmanfonds schenkt in juli 1940 -dus in de oorlog- f100 aan de Verfraaiingsvereniging voor de aankoop van extra veevoer voor de dieren in het Kronenburgerpark en de Goffert. Veevoer is schaars en duur en ook het publiek is op dat moment niet genegen om bij te springen: het is niet in de stemming en bovendien zijn haar middelen, ook vanwege broodrantsoenering, beperkt. Uit het krantenartikel blijkt tevens dat het Straalmanfonds de materiaalkosten voor de volière op zich genomen heeft (PGNC 15/7/1940)
  • Na de oorlog bezit de Vereniging Verfraaiïng Nijmegen, nadat deze in de oorlog “ontzettend veel geleden had” tijdens de viering van haar 70-jarig bestaan weer over 100 dieren (De Gelderlander 30/4/1951)

Geen fontein in het Valkhof?

Niet alle verfraaiingen werden gerealiseerd: in ieder geval kwam er aanvankelijk geen fontein in het Valkhofpark: “Nijmegen, 4 Februari. Naar wij vernemen heeft de Commissie van beheer over het zoogenaamde Straalmanfonds het voornemen gehad een sierlijke fontein op het Valkhof te plaatsen, welk voornemen zij echter heeft moeten opeven, even als in der tijd het bestuur der Vereeniging tot verfraaiing van Nijmegen en het Schependom, omdat het dagelijksch bestuur zich niet met het plan kon vereenigen. Velen zullen het betreuren dat het aanbod niet is aangenomen, daar toch een fontein op een wandelplaats als het Valkhof als het ware omisbaar is, even als het algemeen bejammerd wordt dat er aan het onderhoud van dit heerlijke, door het geheele land als eenig bekende lustoord niet beter de hand gehouden wordt.” (PGNC 5/2/1881)

Straalmanstraat

In juni 1891 besluit de Gemeenteraad om een straat naar Straalman te vernoemen in plaats van Geldenhauer (ook tegenwoordig de Straalmanstraat in Nijmegen-Oost).

Zoals Berends het verwoordt: “…aan de straat liever den naam te geven van een ander nuttig Nijmegenaar, die iets voor het belang der stad heeft opgeofferd, zooals b.v. Straalman, die een fonds heeft gesticht, waaruit wij alle jaren nog een bedrag putten.” Daarna volgt -naast een discussie of het weg of straat moet worden- een bespreking of er geen mogelijke naamsverwarring met het Straalmanlaantje mogelijk is. Berends is daarvoor echter niet bang: “het is geen laantje meer, sedert de boomen naar den Voerweg zijn verplaatst en de burgerij kent de naam niet meer.” (De Gelderlander 9/6/1891)

(Overige) Bronnen en verder lezen

Blik op de van Schaeck Mathonsingel met op de achtergrond het station, 1910-1920 (GN12911 RAN)
Blik op de van Schaeck Mathonsingel met op de achtergrond het station, 1910-1920 (GN12911 RAN)

https://www.noviomagus.nl/Vrij/Straalmanfontein/StraalmanfonteinCat.html

https://nl.wikipedia.org/wiki/Paulus_Straalman

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Straalman,_P.

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Het_Straalmanfonds_en_Xavery%27s_standbeeld_%27Flora%27

https://www.parlement.com/id/vg09llqbi79b/biografie/p_straalman

Parfumerie Au Printemps van L.F. Vosveld van Boeckholt, Broerstraat op de hoek met de Korte Nieuwstraat, 1910 (F15276 RAN)
#Nijmegen, Broerstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Au Printemps

Broerstraat

Parfumerie Au Printemps van L.F. Vosveld van Boeckholt, Broerstraat op de hoek met de Korte Nieuwstraat, 1910 (F15276 RAN)
Parfumerie Au Printemps van L.F. Vosveld van Boeckholt, Broerstraat op de hoek met de Korte Nieuwstraat, 1910 (F15276 RAN)

Vooraf: parfumerie-kraam

Advertentie Au Printemps (De Gelderlander 6/10/1880)
Advertentie Au Printemps (De Gelderlander 6/10/1880)
Advertentie tandpoeder van L.F. Vosveld van Boeckholt (Leidsch Dagblad 22-1-1883)
Advertentie tandpoeder van L.F. Vosveld van Boeckholt (Leidsch Dagblad 22-1-1883)

L.F. Vosveld van Boeckholt heeft in oktober 1880 en 1881 -waarschijnlijk tijdens de najaarskermis- zijn standplaats van zijn parfumerie-kraam op de Burchtstraat “recht tegenover de Harmonie” (De Gelderlander 6/10/1880, De Gelderlander 5/10/1881). Hij is afkomstig uit ’s-Gravenhage, waar hij zijn fabriek heeft staan.

Vlak voor Sinterklaas 1890 heeft hij bovendien een tijdelijke winkel in de Houtstraat no 5.: “Van Maandag 24 November tot na St. Nicolaas met een spotgoedkoope partij Parfumeriën, Galanteriën, Japansche Artikelen, Speelgoed, Surprises enz. voor oud en jong. Een voetstaps daarheen zal uwe moeite ruimschoots beloonen, daar door grooten aankoop van goederen al deze artikelen beneden fabrieksprijzen zullen worden opgeruimd.” (Advertentie PGNC 21/11/1890; ook PGNC 30/11/1890).

In september 1891 is een advertentie gevonden dat de kraam op de Burchtstraat is te vinden (PGNC 2/9/1891). Terwijl hij in december 1891 een (tijdelijke) winkel heeft op Groote Markt no. 7, hoek Scheidemakersgas (De Gelderlander 25/12/1891) waar hij nu “Kerstpakketten à f 0,25” verkoopt: afgaande op de advertentie een verrassingspakket. Ook is er onder andere een kerstboom te zien.

Broerstraat No. 41

Advertentie Au Printemps Broerstraat (PGNC 28/2/1892)
Advertentie Au Printemps Broerstraat (PGNC 28/2/1892)

Begin maart opent Au Printemps op Broerstraat No. 41. Daarbij is de advertentie ondertekent met J.F. – in plaats van L.F. – Vosveld van Boeckholt.

Wel vinden we L.F. Vosveld van Boeckholt met een parfumerie-kraam op de kermis van Den Bosch in 1902 en 1904. (http://www.kermisvantoen.nl/denbosch/1902.pdf, http://www.henkbruggeman.nl/Boeken/Kermis/KeCi%203.pdf)

M.C.J. Vosveld

MCJ Vosveld (Bevolkingsregister 1900 NTB.679_33164_130)
MCJ Vosveld (Bevolkingsregister 1900 NTB.679_33164_130)
Advertentie Au Printemps (PGNC 23/12/1941)
Advertentie Au Printemps (PGNC 23/12/1941)

Het zal gaan om Maria Christina Johanna Vosveld (29-8-1882 ’s Gravenhage – 1-1-1947 Nijmegen).

Haar ouders waren Lambertus Frederik Vosveld en Carolina Aurelia van Boeckholt (https://jhvandenheuvel.nl/getperson.php?personID=I1210&tree=tree1).

In het Bevolkingsregister 1900 komt zij voor als (stief) dochter van Johannes Hendrik van Boeckholt (1-1-1851 Brouwershaven), deurwaarder Rijks.dir.bel. of Carolina Aurelia van Boeckholt (3-2-1857 Batavia). Daarbij is waar Johannes weduwnaar en vervolgens voor de 2e keer getrouwd met Carolina.

Een mooie foto van Maria met Carolina is te vinden op: https://www.jhvandenheuvel.nl/showmedia.php?mediaID=2032&tngpage=571

Maria Christina Johanna heeft dan als beroep “winkelierster” en verhuist in die periode naar Broerstraat 45.

In de Adresboeken van 1924, 1926, 1928, 1932, 1934, 1936, 1938, 1940 komt Mej. M.C.J. Vosveld, parfumeriën, toiletartikelen voor op Broerstraat 45.

1930: Estourgie

“Au Printemps”

De hoogst moderne pui, ontworpen door architect Estourgie en uitgevoerd door aannemer Langeveld van maison “Au Printemps” aan de Broerstraat 14, zou reeds voldoende zijn om deze zaak te plaatsen in de rij der 1e klassers, doch met takt en smaak heeft mej. M.C. Vosveld bovendien het interieur zoo laten inrichten, dat  “Au Printemps” zich geheel aanpast bij de artikelen zooals odeur, parfums en Eau de Cologne, die er worden verkocht.

Alles ademt daar een Franschen geest en de wijze waarop de installatie tot stand kwam, verraadt een deskunidigheid, die gepaard gaat aan een goed begrip van comfortabiliteit.

Aan dit laatste heeft de fa. Alewijnse medegwerkt met de installatie der verlichting.

De betimmering geschiedde door de fa. v. Lommersen.

Veger uit de Molenstraat waarborgde de entourage en het behang in kleur cerise.

De marmeren gevel met letters leverde de firma Erkens.” (De Gelderlander 28/6/1930)

Vanaf de Grote Markt via de Broerstraat, in de richting van de Molenstraat; de panden tussen de Korte Nieuwstraat, namelijk die van "Au Printemps" en Van Campen, op de hoek van de Gruitberg; met daar tussenin de fa. Hömmen en Co; in juli 1944, Broerstraat 45-53 (GN3812 RAN)
Vanaf de Grote Markt via de Broerstraat, in de richting van de Molenstraat; de panden tussen de Korte Nieuwstraat, namelijk die van “Au Printemps” en Van Campen, op de hoek van de Gruitberg; met daar tussenin de fa. Hömmen en Co; in juli 1944, Broerstraat 45-53 (GN3812 RAN)

Na de oorlog

Gezicht op de oostzijde van de Broerstraat met de winkelpanden van o.a. (v.r.n.l.) Slagerij Brinke (op de hoek met het Kerkegasje), Parfumerie Au Printemps, Schoenenzaak Gebrs. Raemakers, Herenmodezaak Oostvogel en de bouw van de panden van Jamin en Schoenenzaak BATA ; bovenaan het nieuwbouwpand van de Herenmodezaak Van Dijk & Witte (Burchtstraat 2, geopend op 21 september 1955), 1955 (GN3877 RAN)
Gezicht op de oostzijde van de Broerstraat met de winkelpanden van o.a. (v.r.n.l.) Slagerij Brinke (op de hoek met het Kerkegasje), Parfumerie Au Printemps, Schoenenzaak Gebrs. Raemakers, Herenmodezaak Oostvogel en de bouw van de panden van Jamin en Schoenenzaak BATA ; bovenaan het nieuwbouwpand van de Herenmodezaak Van Dijk & Witte (Burchtstraat 2, geopend op 21 september 1955), 1955 (GN3877 RAN)

Na de oorlog ontwerpt W.Th. Reynen de nieuwe winkel voor Parfumerie Au Printemps. Lees hier het artikel:

Societeit de Vereeniging, Bert Brouwer
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Sociëteit de Vereeniging, architect Bert Brouwer

1882, Keizer Karelplein

Societeit de Vereeniging, Bert Brouwer
Sociëteit De Vereeniging in de winter, 1898 (dr. Jan Brinkhoff via RAN D301)

Voordat de huidige schouwburg werd gebouwd, stond op dit terrein de concertzaal van Sociëteit de Vereeniging. In 1881 verkrijgt Lambertus Augustus (Bert) Brouwer een terrein in erfpacht om een renbaan en een sociëteit op te richten: “Aan den heer L. A. Brouwer werd ten zuiden der stad 13 H.A. grond ad f 4,- per cA. en 3 H.A. in erfpacht ad/ 100,- ’s jaars afgestaan mits hij op het gereserveerde militaire terrein eene renbaan en eene buiten-societeit met terrein van vermaak aan den weg naar Groesbeek daarstelle. Voorts dat de verschillende bebouwing met villa’s en woonhuizen volgens kleurteekening plaats hebbe.” (Gemeenteverslag 1881)

Op 30 mei 1882 vond de opening van Sociëit de Vereeniging plaats. Het PGNC schreef daarover:

Nijmegen, 30 Mei.

De Pinksterdagen warden alhier door de feestelijke opening van de societeit De Vereeniging tot ware feestdagen gemaakt, vooral omdat een groot, zoo niet het grootste gedeelte der inwoners in deze nieuwe onderneming het levendigst belang stelt. Het Vauxhall-Concert op Zondag-avond door het muziekkorps der dd. Schutterij te Utrecht, onder directie van den Luitenant-kapelmeester C. Coenen en met medewerking van Nijmeeg’s Mannenkoor, was dan ook druk bezocht en blijkbaar was een ieder even ingenomen met de geheele inrichting. De schoone aanleg van het uitgestrekte park met zijne ontelbare gas-ballons, de prachtige rijk verlichte concertzaal, de gezellige dagelijksche societeitszaal, het cocquette biljartzaaltje, de ruime waranda’s aan alle zijden van het gebouw, dat alles vormt een geheel dat aan de strengste eischen zou voldoen, zelfs van eene veel grootere stad dan Nijmegen. Met de meeste zorg is getracht den geabonneerden het meest mogelijke comfort aan te bieden, waartoe de keurige meubels in zalen en park niet weinig bijdragen. Algemeen was men het hierover eens, en niemand kon zich een juist denkbeeld maken, hoe een geheel afgewerkt gebouw van dien omvang met alles wat daaraan annex is, in vijf maanden is kunnen tot stand komen.

De tweede houten brug buiten de Molenpoort over de droge gracht ter hoogte van het huidige Keizer Karelplein, met links het Station van de spoorlijn Nijmegen-Kleef, de 'Kleefschebaan' (op de plek van het huidige Concertgebouw de Vereeniging), 1875 (Gerard Korfmacher, RAN F23031)
De tweede houten brug buiten de Molenpoort over de droge gracht ter hoogte van het huidige Keizer Karelplein, met links het Station van de spoorlijn Nijmegen-Kleef, de ‘Kleefschebaan’ (op de plek van het huidige Concertgebouw de Vereeniging), 1875 (Gerard Korfmacher, RAN F23031)

Wie hiervan de eer toekomt, de talrijke bezoekers vernamen uit het den monde van een der oprichters, den heer Mr. J.C.J. Riveaux, die in sierlijke bewoordingen namens zijne medebestuurders de leden welkom heette. In de eerste plaats aan den heer Bert Brouwer, aan wiens onvermoeide werkzaamheid, helderen blik en zeldzame energie Nijmegen reeds zooveel te danken heeft en, getuigde de aanstaande wedrennen, nog zooveel zal te danken hebben en verder aan de aannemers de heeren Weijers en Van Eykelen, die het werk met een boven allen lof verheven ijver en accuratesse uitvoerden. Ook werd door den heer Riveaux hulde gebracht aan de medewerking van het Gemeentebestuur en aan allen die hun steun hadden verleend om de zaak tot stand te brengen. Met algeemene instemming werden deze woorden begroet; ook wij beamen het gesprokene ten volle, doch wat de heer R. niet kon zeggen meenen wij niet te mogen zwijgen; naar onze meening komt namelijk de meeste eer toe aan de heeren aandeelhouders. Zij hebben zich door de stichting van dit groote vereenigingspunt den gansche Nijmeegsche burgerij, tegenover stad en stadgenooten verdienstelijk gemaakt. Moge de voortdurende bloei der onderneming hun lang een ware voldoening schenken, en mogen zij nog eenmaal zien, dat wat thans zoo groot schijnt, voor het welvarende Nijmegen nog te klein zal zijn.

Tot laat bleven de talkrijke leden onder het genot der heerlijke muziek van bovengenoemd muziekcorps en de flink gezongen stukken van Mannenkoor te zamen. Wel moest men door een zware onweersbui onverwachts het Park verlaten, doch de ruime concertzaal was daar, om aan allen een veilige schuilplaats aan te bieden en het concert ongestoord te vervolgen.

Ook gisteren waren de Matinée en het Concert, waarwij weder Coenen’s kapel haar gevestigden naam zoo waardig ophield, druk bezocht. Wij zouden op verschillende nummers kunnen wijzen die bijzonder de aandacht trokken, maar wij noemen slechts de beroemde Marce funèbre van Chopin, de Ouverture Egmond van Beethoven, het Intermezzo van Coenen en de Solo voor Saxophone, die het sprekend bewijs leverden dat het muziekkorps der Utrechtse schutterij met de besten uit ons land kan wedijveren.

Een schitterend vuurwerk, vervaardigd aan de Koninklijke Nederlandsche Pyrotechnische fabriek, firma G.J. Ruijsch te Utrecht, besloot den avond. Op het punt van vuurwerk zijn wij tot heden alhier zeer weinig verwend, maar al ware ook het tegenovergestelde het geval, dan nog zou zeker niemand onvoldaan geweest zijn. Voor de slotdecoratie, in wier midden de vuurletters De Vereeniging, omgeven door fonteinwerk en bouquetten en eindigende met canonades, deed een prachtig effect.

Ten slotte wijzen wij er gaarne op dat de bediening, die den eersten avond nog uit volkomen goed geregeld scheen, gisteren reeds veel beter was en de consumptie niets te wenschen overliet.

De heer G.A. Roelofs, die als pachter aan het hoofd der zaak staat, is in ons oog juist de rechte persoon om steeds de beste pogingen aan te wenden ten einde den leden het verblijf in zijne lokalen zoo aangenaam mogelijk te maken.” (PGNC 31/5/1882)

Vervolg

Een bazaar in de zaal van sociëteit De Vereeniging (RAN F29178)
Een bazaar in de zaal van sociëteit De Vereeniging (RAN F29178)

Er is nog niet uitputtend onderzocht wat het vervolg is geweest.

“Dit ‘Feestgebouw’, later ‘De Vereeniging’ geheten, zou als buitensociëteit in de beginjaren de bestaande sociëteiten geenszins overvleugelen en had bovendien in de eerste jaren aan kinderziekten te lijden” (Dongelmans, 1988 via Huis van de Nijmeegse Geschiedenis). “Zij verwierf zich binnen enkele jaren echter een positie in het stedelijk culturele leven, die later de afbraak en een nieuwbouw rechtvaardigde.”

Al in 1915 is deze Vereeniging vervangen door de huidige, waarvan de bouw in 1914 was begonnen. Wikipedia: “Nadat rond 1900 de oude Nijmeegse concertzaal zijn beste tijd bleek te hebben gehad, kwamen er plannen voor een nieuwe. Dat deze plannen geen overbodige luxe waren, bleek uit de houding van dirigent Willem Mengelberg. Hij zou, naar verluidt, na afloop van een orkestoptreden hebben geweigerd Nijmegen nog langer aan te doen zolang de accommodatie niet drastisch op de schop ging.”

De Gelderlander schrijft bij de opening van de nieuwe Vereeniging in 1915: “Eindelijk zal dan hedenavond het nieuwe Concertgebouw de “Vereeniging” zijne deuren voor het kunstlievende publiek openen. Lang reeds, terwijl, het oude, lage gebouw nog in gebruik was, werd er geklaagd over zijn ondoelmatigheid en de wensch uitgesproken dat Nijmegen toch eenmaal in het bezit mocht worden gesteld van een concertgebouw, deze vooruitstrevende, zich gestadig uitbreiddende en ook op kunstgebied zich steeds meer ontwikkelende stad waardig.” (De Gelderlander 7/2/1915)

Bert Brouwer

Lambertus Augustus (Bert) Brouwer (Amsterdam, 2-2-1844 – Nijmegen, 3-5-1891) was een Nederlands architect en stedenbouwkundige. In Nijmegen is hij bekend voor de plannen van de stadsuitleg.

De raadscommissie voor de uitleg van de Gemeente Nijmegen vroeg hem om een advies vroeg bij het plan van W.J. Brendis à Brandis. Een logische keuze: op dat moment was Brouwer betrokken bij de stadsuitleg van Groningen. Belangrijke veranderingen in het plan waren dat de hoofdwegen breder waren en hij daarbij minder wegen opnam.

In juni 1879 vestigt Brouwer zich definitief in Nijmegen. Daarbij richt hij de N.V. Nijmeegsche Maatschappij tot Exploitatie van Bouwterreinen: hij kocht van de gemeente oude vestinggrond, die hij verdeeld over kleinere percelen al dan niet met nieuwbouw bebouwd weer doorverkocht. Met natuurlijk de hierboven genoemde Wedren en de Vereeniging. Ook nam hij in 1884 het initiatief tot de aanleg van de eerste Nederlandse wielrenbaan, achter de Vereeniging. Brouwer overleed in 1891 op 47-jarige leeftijd.

Werken

Wikipedia noemt de volgende werken:

  • circa 1873 Den Haag: Van Karnebeeklaan 6-10 en 14
  • 1874-1875 Den Haag: Arbeiderswoningen Pompstationsweg 307-323
  • 1874-1875 Den Haag: Machinegebouw, Pompstationsweg 325
  • 1874-1875 Den Haag: Watertoren, Pompstationsweg 327
  • 1880-1881 Nijmegen: Villa, Nassausingel 2
  • 1881-1881 Nijmegen: Parkweg 120-124; Rob Essers noemt het echt onwaarschijnlijk dat Brouwer deze panden ontworpen heeft.
  • 1881-1881 Nijmegen: Arbeiderswoningen, Dr. Claas Noorduijnstraat
  • 1882-1882 Nijmegen: Concertgebouw De Vereeniging (oud)
  • 1881-1882 Nijmegen: Bethelkerk, Scherpenkampweg 58

De nieuwe Vereeniging

Lees hier artikel over de nieuwe Vereeniging, naar het ontwerp van Oscar Leeuw:

(Overige) Bronnen en verder lezen

nl.wikipedia.org/wiki/Bert_Brouwer

Hotel-Café-Restaurant 't Rondeel van A.J.J van Kempen met twee koetsen en mensen op het balkon en in de deuropening; links oude huisjes aan de Eerste Walstraat, nu een Grieks restaurant, 1895-1900 (dr. Jan Brinkhoff via D41 RAN CC0)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Rondeel Bloemerstraat

Hotel-Café-Restaurant 't Rondeel van A.J.J van Kempen met twee koetsen en mensen op het balkon en in de deuropening; links oude huisjes aan de Eerste Walstraat, nu een Grieks restaurant, 1895-1900 (dr. Jan Brinkhoff via D41 RAN CC0)
Hotel-Café-Restaurant ’t Rondeel van A.J.J van Kempen met twee koetsen en mensen op het balkon en in de deuropening; links oude huisjes aan de Eerste Walstraat, nu een Grieks restaurant, 1895-1900 (dr. Jan Brinkhoff via D41 RAN CC0)

Al jarenlang zit Grieks restaurant Dionysos op de hoek van de Eerste Walstraat en de Bloemerstraat. Ook voor de oorlog zaten hier al horecazaken, waaronder het hotel, café-restaurant ’t Rondeel van van Kempen.

Zie ook de pagina op Noviomagus over dit pand.

Links een stukje hoekgebouw van de eerste Walstraat : het latere Hotel, Café-Restaurant 't Rondeel van Van Kempen. Bloemerstraat gezien in de richting van de Augustijnenstraat. Met op de achtergrond de toren van de St. Augustinuskerk, 1890-1895 (Dr. Jan Brinkhoff via D42 RAN CC0)
Links een stukje hoekgebouw van de eerste Walstraat : het latere Hotel, Café-Restaurant ’t Rondeel van Van Kempen. Bloemerstraat gezien in de richting van de Augustijnenstraat. Met op de achtergrond de toren van de St. Augustinuskerk, 1890-1895 (Dr. Jan Brinkhoff via D42 RAN CC0)

Smith

In november 1881 krijgt J.C. Smith vergunning tot “verkoop van sterken drank in het klein” “in het voorhuis en kamer van het huis aan de Walstraat B. No. 13. Bij de bekendmaking van deze vergunning waren er vele anderen aan wie tevens een vergunning werd verleend: mogelijk vanwege nieuwe regelgeving? (PGNC 25/11/1881). Bij een advertentie wordt hij “koffijhuishouder Smith in de Bloemerstraat genoemd. (PGNC 15/9/1886). Bij de bevalling van hun zoon op 8 juni blijkt Smith getrouwd te zijn met Hendrika Suzanna Zurich (PGNC 9/6/1887) In 887 is het Café Smith (“Vraag de echte Friesche Boerenjongens” (PGNC 18/12/1887)

J. Klaus

Advertentie J. Klaus, Bloemerstraat (De Gelderlander 14/2/1892)
Advertentie J. Klaus, Bloemerstraat (De Gelderlander 14/2/1892)

In februari 1892 adverteert J. Klaus, Café “Rondeel” v/h. Smith, Bloemerstraat No 1 met bier van brouwerij de drie Hoefijzers uit Breda, waarvoor Klaus als agent voor Nijmegen en omstreken is aangesteld (De Gelderlander 14/2/1892).

Tijdens de carnaval is er dansmuziek. (PGNC 28/2/1892)

Advertentie Hotel en Café restaurant 't Rondeel Bloemerstraat (De Gelderlander 20/7/1893)
Advertentie Hotel en Café restaurant ’t Rondeel Bloemerstraat (De Gelderlander 20/7/1893)
Advertentie 't Rondeel Bloemerstraat 1 van J. Klaus (De Gelderlander 17/11/1893)
Advertentie ’t Rondeel Bloemerstraat 1 van J. Klaus (De Gelderlander 17/11/1893)

Rond 1892/1893 lijkt Klaus ’t Rondeel te hebben ingericht als hotel-café-restaurant. “Geopend van af den 1. Mei.” (De Gelderlander 20/7/1893)

H. Kamper

In ieder geval zit bij de nieuwjaarswens van 1896 H. Kamper op het Café “Rondeel” (De Gelderlander 1/1/1896).

Voor niet al te lange tijd: in juli 1898 neemt J.J. van Kempen de zaak over.

Advertentie overname 't Rondeel door van Kempen (PGNC 31/7/1898)
Advertentie overname ’t Rondeel door van Kempen (PGNC 31/7/1898)

Van Kempen

In het Adresboek 1899 komt J.J. v. Kempen voor op Bloemerstraat nummer 1 en 3.

 Bij van Kempen is er tijdens de kermis muziek: een Tiroler-Concert. Dan kopt hij de advertentie met “voor het eerst in Nijmegen”, onduidelijk is waar de eerste keer op slaat. (PGNC 1/10/1899)

In oktober 1904 staat het Koffiehuis en Hotel “Rondeel” te koop. (De Gelderlander 23/10/1904)
Advertentie Koffiehuis en Hotel “Rondeel” te koop
(De Gelderlander 23/10/1904)

In oktober 1904 staat het Koffiehuis en Hotel “Rondeel” te koop. (De Gelderlander 23/10/1904). Waarom is nog onduidelijk en eveneens of deze daadwerkelijk wordt verkocht: eind december 1905 lijkt van Kempen nog steeds zijn bedrijf te hebben.

Dan heeft hij, Hotel, Café-Restaurant “’t Rondeel” en nu ook “Stalhouderij” een omnibus-dienst van het station naar de stad (advertentie PGNC 10/12/1905). De stalhouderij/vestiging van de stads-omnibus zelf lijkt op de Arend Noorduijnstraat 15 te zijn (PGNC 14/10/1906).

Hotel-Café-Restaurant 't Rondeel van A.J.J van Kempen met twee koetsen en mensen op het balkon en in de deuropening; links oude huisjes aan de Eerste Walstraat, nu een Grieks restaurant, 1895-1900 (dr. Jan Brinkhoff via D41 RAN CC0)
Hotel-Café-Restaurant ’t Rondeel van A.J.J van Kempen met twee koetsen en mensen op het balkon en in de deuropening; links oude huisjes aan de Eerste Walstraat, nu een Grieks restaurant, 1895-1900 (dr. Jan Brinkhoff via D41 RAN CC0)

In ieder geval lijkt er in 1925 een verbouwing te hebben plaats gevonden: “Bezoekt het opnieuw gerestaureerde Hotel-Café-Restaurant “‘T Rondeel”. Dan is het ook “A. van Kempen” in plaats van “J.J.”.

Advertentie 't Rondeel (De Gelderlander 11/4/1925)
Advertentie ’t Rondeel (De Gelderlander 11/4/1925)

De nieuwjaarsgroet in PGNC 31/12/1927 wordt ondertekend met Adr. van Kempen.

Zie ook

https://www.noviomagus.nl/Gevels/Gevelstenen/Bloemerstraat1/Bloemerstraat1.htm

https://www.noviomagus.nl/OudNijmegen/051/cwdata/Scannen0004.html

https://www.noviomagus.nl/gevschil10.htm

Bloemerstraat

De Bloemerstraat heeft sinds 1812 officieel haar naam, hoewel vóór die tijd al een aantal eeuwen varianten op deze naam…

St. Jacobsmolen op de St. Jacobstoren; signatuur, annotatie, R.L. 1876, Vesting slopen aan de Heesepoort gezigt op de walmolen en Kronenburger toorn R. Lauwerier 1878, Valkhofmuseum via C.XV.B.23 Collectie Gelderland
#Nijmegen, Gebouw van de dag

St Jacobstoren en St Jacobsmolen

Kronenburgerpark

St. Jacobsmolen op de St. Jacobstoren; signatuur, annotatie, R.L. 1876, Vesting slopen aan de Heesepoort gezigt op de walmolen en Kronenburger toorn R. Lauwerier 1878, Valkhofmuseum via C.XV.B.23 Collectie Gelderland
St. Jacobsmolen op de St. Jacobstoren; signatuur, annotatie, R.L. 1876, Vesting slopen aan de Heesepoort gezigt op de walmolen en Kronenburger toorn R. Lauwerier 1878, Valkhofmuseum via C.XV.B.23 Collectie Gelderland

De St. Jacobstoren is in de 16e eeuw gebouwd, het meeste zuidelijke restant van de stadsmuur. Daarop stond de St. Jacobsmolen, die de bijnaam Sans Souci kreeg vanwege het conflict tussen de gemeente en de molenaar over de verkoop van de molen. Het torentje uit de jaren 70 is een herinnering aan deze molen.

Muurtje

Hoe klein en onopvallend ook, het stukje muur dat op de foto te zien is, is het meest zuidelijke deel van de Nijmeegse stadsmuur dat overgebleven is.

Sint Jacobstoren


De Kronenburgertoren , de Roomse Voet en de St. Jacobstoren met de St. Jacobsmolen oftewel de Polmolen Sans Souci ; een potloodtekening- en pentekening, gesigneerd B.J., 27/7/1827 (F56803 RAN)
De Kronenburgertoren , de Roomse Voet en de St. Jacobstoren met de St. Jacobsmolen oftewel de Polmolen Sans Souci ; een potloodtekening- en pentekening, gesigneerd B.J., 27/7/1827 (F56803 RAN)

De Jacobstoren is de meest zuidelijke toren van het Kronenburgerpark. Deze toren stamt uit de 16e eeuw en is ongeveer in 1525 gebouwd.

In dat jaar wordt hij genoemd in de stadsrekening van 1525 bij de datum 27 juli: ‘den steenmetzelers van den yrsten steen van den …nijen tairn geheiten sent Jacobstairn’.” (Straatnamenregister).

Opvallend is dat de toren -en de naastgelegen Roomse Voet- een stuk kleiner is dan de meer bekende Kruittoren. In de middeleeuwen waren bogen en katapulten belangrijke wapens in de belegering van  de stad. Dus hoe hoger de muren en torens, hoe moeilijker een stad in te nemen was. Met de komst van kanonnen veranderde dit. Hoge torens waren nu zelfs zwakke plekken: deze konden worden afgeschoten. Daarom bouwde men vanaf dat moment lagere torens. De stadsmuur werd achter verzwaard met een aarden wal. Hier kon de stad tevens hun eigen kanonnen plaatsen en boden de wallen mogelijkheid tot verplaatsing.

De toren is echter nooit daadwerkelijk in gebruik geweest als verdedigingswerk.

De naam St. Jacobstoren

De herkomst van de naam St. Jacobstoren is niet met zekerheid te zeggen. Waarschijnlijk is de naam vernoemd naar St. Jacobus de Meerdere, discipel en apostel van Jezus.

Een mogelijke verklaring daarvoor dat in de Benedenstad (aan het Glashuis) de 15e eeuwse St. Jacobskapel staat. Deze kapel is een overblijfsel van het gasthuis waarin onder andere de pelgrims werden opgevangen die op weg waren naar Santiago de Compostela. Nijmegen lag op deze pelgrimsroute, waarbij Jacobus de patroonheilige van Santiago is. Mogelijk verlieten de pelgrims via deze poort de stad richting zuiden en is deze daarom direct of direct vernoemd naar St. Jacobus.

Sint Jacobsmolen

St. Jacobsmolen op de St. Jacobstoren; signatuur, annotatie, R.L. 1876, Vesting slopen aan de Heesepoort gezigt op de walmolen en Kronenburger toorn R. Lauwerier 1878, Valkhofmuseum via C.XV.B.23 Collectie Gelderland
St. Jacobsmolen op de St. Jacobstoren; signatuur, annotatie, R.L. 1876, Vesting slopen aan de Heesepoort gezigt op de walmolen en Kronenburger toorn R. Lauwerier 1878, Valkhofmuseum via C.XV.B.23 Collectie Gelderland

Op de Jacobstoren werd in 1581 de Sint Jacobsmolen gebouwd. Veel molens van de stad waren geplaatst op een toren of de wallen in het (zuid) westen van de stad vanwege de windrichting. Bij de ontmanteling in 1874 wilde de gemeente de molen zo snel mogelijk kopen en afbreken. De eigenaar wilde echter een hogere prijs dan de gemeente wilde betalen.

Conflict over de verkoop van de Jacobsmolen

De St. Stevenskerk en de stadswal met de Polmolen Sans Souci (de St. Jacobsmolen) op de St. Jacobstoren; een aquarel van Rudolphus Lauwerier, 1881, F53231 RAN
De St. Stevenskerk en de stadswal met de Polmolen Sans Souci (de St. Jacobsmolen) op de St. Jacobstoren; een aquarel van Rudolphus Lauwerier, 1881, (F53231 RAN)
De St. Stevenskerk en de stadswal met de Polmolen Sans Souci (de St. Jacobsmolen) op de St. Jacobstoren; een aquarel van Rudolphus Lauwerier, 1881, F53231 RAN De St. Stevenskerk en de stadswal met de Polmolen Sans Souci (de St. Jacobsmolen) op de St. Jacobstoren; een aquarel van Rudolphus Lauwerier, 1881, (F53231 RAN)

De eigenaar wist de molen tot 1887 te behouden. Wikipedia meldt dat de molen door een storm een wiek verloor en dat daarop de gemeente de molen alsnog kon kopen en afbreken. In de Molendatabase wordt echter een artikel uit Algemeen Handelsblad, 27 okt. 1881 aangehaald, waarin de molen op dat moment nog maar 2 wieken heeft: “ de oude bouwvallige molen, die slechts twee wieken meer heeft”.  Dit artikel gaat ook verder in op het conflict: de gemeente ging ervan uit dat de molen slechts stond met een vergunning tot op het moment dat de gemeente deze vergunning zou opgezeggen. De gemeente wilde daarom de vergunning opzeggen, waarbij de huidige eigenaar, molenaar Van den Boogaard, de molen moest ontruimen. Van den Boogaard bracht bij de rechtbank in verweer dat de molen vanaf de 14e eeuw al in gebruik was. Daarbij stelde de rechtbank de molenaar in gelijk.

Dit betekende wel dat de gemeente bij de aanleg van de verbindingsweg tussen de Regulierstraat en de Hezelstraat de opgang van de molenaar moest verleggen van noordelijke naar westelijke richting.

Daarnaast zou de gemeente inmiddels voormalige vestinggronden hebben verkocht voor de bouw van villa’s, zonder rekening te houden met het “windrecht”. Dit is het recht dat een molenaar heeft verkregen voor het ongestoord kunnen vangen van wind, zonder dat deze wind belemmerd wordt door bijvoorbeeld bouwwerken. Het artikel besluit: “Men kan dus nog veel plezier van den ouden bouwvalligen ‘Polmolen’ met twee wieken hebben.”

De St. Jacobsmolen, ook Polmolen "Sans Souci" genoemd, inmiddels met nog maar 2 wieken, foto gedateerd rond 1880 (F68658 RAN)
De St. Jacobsmolen, ook Polmolen “Sans Souci” genoemd, inmiddels met nog maar 2 wieken, foto gedateerd rond 1880 (F68658 RAN)

Bijnaam Sans Souci

Inmiddels had de molen de bijnaam “Sans Souci” (zonder zorgen) gekregen, vernoemd naar een -mogelijk niet op waarheid gebaseerd, maar wel een legendarisch verhaal- soortgelijk langlopend conflict uit de 18e eeuw tussen Frederik de Grote van Pruisen en een molenaar in de omgeving van zijn paleis “Sans Souci” in Potsdam, waarbij een rechter de molenaar eveneens in gelijk zou hebben gesteld. (De bronnen die ik (RE) heb geraadpleegd verschillen of dit voorval echt gebeurd is of niet en ik heb dit niet verder onderzocht).

Een plaquette op de woning op de hoek Parkweg-Van Berchenstraat herinnert nog aan deze molen.

Huidige tijd

De Sint Jacobstoren (Zandtoren), onderdeel van de oude stadsomwalling in het Kronenburgerpark, voor de restauratie van 1971/1972, 24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via F56944 RAN CCO)
De Sint Jacobstoren (Zandtoren), onderdeel van de oude stadsomwalling in het Kronenburgerpark, voor de restauratie van 1971/1972, 24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via F56944 RAN CCO)
De Sint Jacobstoren (Zandtoren), onderdeel van de oude stadsomwalling in het Kronenburgerpark, voor de restauratie van 1971/1972, 24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via F56944 RAN CCO) De Sint Jacobstoren (Zandtoren), onderdeel van de oude stadsomwalling in het Kronenburgerpark, voor de restauratie van 1971/1972, 24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via F56944 RAN CCO)

Na afbraak van de molen was de toren lange tijd in gebruik als ijskelder. Hierbij werd het ijs uit de vijver in het park in de kelder gegooid, waardoor de groente en het fruit in de verdieping daarboven koel bleven.

In 1971-1972 vond restauratie van de toren plaats. Als herinnering aan de molen werd tevens het kleine torentje gebouwd.

St Jacobstoren met torentje ter herinnering aan St Jacobsmolen januari 2023
St Jacobstoren met torentje ter herinnering aan St Jacobsmolen, januari 2023

De toren is af en toe van binnen te bezichtigen. Bij/boven de ingang van de toren hangt een mooie vederesdoorn (tweet Twan Teunissen).

Kunstwerk Niels van Bunningen

Kunstwerk Sans Souci op de Roomse Voet Niels van Bunningen mei 2023
Kunstwerk Sans Souci op de Roomse Voet Niels van Bunninge,n mei 2023

Kort geleden (de eerste versie van dit artikel is geschreven in september 2023) werd nog een andere herinnering aangebracht in het kader van Walk of the Town: op de toren van de Roomse Voet herinnert een kunstwerk aan Sans Souci. Waarom het kunstwerk op een andere toren is geplaatst, is mij niet bekend.

De maker is Niels van Bunningen. Op zijn site is tevens een foto van deze molen en andere werken die op dat moment nog in ontwikkeling zijn te zien.

Onder aan de molen bevindt zich een dierenwei.

Kronenburgerpark

Het Kronenburgerpark is vooral mooi vanwege een van de weinige restanten van de vestingmuur die heel Nijmegen ooit omsloot. Vooral…

Roomse Voet in Kronenburgerpark

Het rondeel de Roomse Voet is een verdedigingswerk dat samen met de muur en twee andere torens een van de…

Bronnen

St. Jacobstoren: een mooie site over alle bezienswaardigheden van het Kronenburgerpark

Parkweg 5 en 65: ommuring en waltorens in het Kronenburgerpark, Noviomagus

Herinnering aan een walmolen, Noviomagus

Kronenburgerpark, Wikipedia

Molens, Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Polmolen/ Sint Jacobsmolen/ Sans Souci, Molendatabase

https://gaypnt.home.xs4all.nl/straatnamen/S.html#St.%20Jacobstoren

Belgisch Consulaat Parkweg architect Michielsen 1887
#Nijmegen, Centrum

Parkweg

Deze pagina verzamelt reeds verschenen artikelen over de Parkweg

Belgisch consulaat Michielsen Parkweg

Zie https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Vrij/Parkweg120/Parkweg120Cat.html

Parkweg 86

Op de hoek van de Kroonstraat en Parkweg staat een voormalige kruidenierswinkel. Daarbij is opvallend, dat de huidige opschriften noch voorkomen op de foto uit de jaren 1946-1947, noch de foto gedateerd 1980

Lees verder

3 herenhuizen Parkweg

1881, Parkweg 120-122-124 Het ontwerp van deze in 1881 gebouwde herenhuizen worden vaak toegeschreven aan Bert Brouwer. Rob Essers maakt op Noviomagus aannemelijk dat Brouwer niet de architect zal zijn geweest. Zie voor een uitgebreid artikel de hierbovenstaande link. Rijksmonument Parkweg 120-124 is een Rijksmonument; op deze site staat tevens een uitgebreide beschrijving. Met als…

Lees verder

De Gouden Engel van Teeseling

Op de hoek van de Parkweg en Pijkestraat staat het beeld van de Gouden Engel. Beeldhouwer Fred van Teeseling liet zich inspireren door de Nijmeegse legende van de Gouden Engel uit 1600: het verhaal over een tragische liefde en over een engel van puur goud die ergens in de binnenstad van Nijmegen begraven zou moeten…

Lees verder
Parkweg 126 (augustus 2025)
Parkweg 126 (augustus 2025)

Parkweg 110

Parkweg 110 (juni 2025)
Parkweg 110 (juni 2025)
Balkon Parkweg 110 (juni 2025)
Balkon Parkweg 110 (juni 2025)
Een blok woningen, Parkweg ca.1935 (L45256 RAN)
Een blok woningen, Parkweg ca.1935 (L45256 RAN)

Hoek Hezelstraat Parkweg met Café Poort van Hees

	Samenkomst van Lange Hezelstraat en de Parkweg rechts; links de hoek met de Nieuwe Markt, 1899 (Uitg. Firma F.J. Kloosterman via 	F19208 RAN)
Samenkomst van Lange Hezelstraat en de Parkweg rechts; links de hoek met de Nieuwe Markt, 1899 (Uitg. Firma F.J. Kloosterman via F19208 RAN)

In 1899 lijkt de hoek van de Lange Hezelstraat en de Parkweg nog een woonhuis te zijn (F19208). Een aantal jaren later is het Café De Poort van Hees (F19190), zoals het café nog vele jaren, tot 2017, heeft geheten.

In 2017 kwamen er nieuwe uitbaters, zie het artikel van de Gelderlander.

Lange Hezelstraat met Poort van Hees op hoek Parkweg, 1900-1905 (Uitg. Nauta, Velsen via F19190 RAN)
Lange Hezelstraat met Poort van Hees op hoek Parkweg, 1900-1905 (Uitg. Nauta, Velsen via F19190 RAN)

Parkweg 18 20 22 (huidig) en ’t Hoogje

Panden tussen de Parkdwarsstraat en de Regulierstraat, je kijkt richting Eerste Walstraat
Links de huidige nummers 22, 20 en 18. Het rijtje lage huisjes werd "Het Hoogje" of "ABC" genoemd. De huisjes zijn in 1928/1930 gesloopt, 1890 (GN616 RAN)
Panden tussen de Parkdwarsstraat en de Regulierstraat, je kijkt richting Eerste Walstraat Links de huidige nummers 22, 20 en 18. Het rijtje lage huisjes werd “Het Hoogje” of “ABC” genoemd. De huisjes zijn in 1928/1930 gesloopt, 1890 (GN616 RAN)

Het Straatnamenregister:

Het Hoogje

“A B C, ook wel „HET HOOGJE” genaamd, een rei kleine, lage huisjes, thans Parkweg 2 tot 16. Oorspronkelijk stonden deze huizen aan den weg die onder langs den Wal liep, en die den naam van Achter dan Wal droeg. Hun ligging geeft dus de hoogte aan welke die weg daar bereikte. (…)” (Van Schevichaven 1896, p. 1)

Het A.B.C. lag niet aan de Parkweg, maar aan de andere kant van de Regulierstraat aan de Eerste Walstraat.

“Parkweg. (…)
Een groepje kleine huisjes aan het boveneinde van den Parkweg, hoek Regulierstraat, gesloopt in 1928, werd ‘Het Hoogje’ genoemd. Vóór deze huisjes lag een hooge stoep.” (Teunissen 1933)” (Straatnamenregister)

Parkweg 22, 20 en 18 en de "nieuwe" bebouwing, maart 2025 (Google Streetview)
Parkweg 22, 20 en 18 en de “nieuwe” bebouwing, maart 2025
(Google Streetview)

Kronenburgersingel 223 en 225, Havang(nl), CC0, via Wikimedia Commons https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Nijmegen_Rijksmonument_523062_Kronenburgersingel_223,_225.JPG
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Kronenburgersingel 223-225 architect Gielen

1897, oorspronkelijk adres Kronenburgsingel 23 en 25, Rijksmonument

T. van de Poel, R. Eekelder

Kronenburgersingel 223 en 225, Havang(nl), CC0, via Wikimedia Commons https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Nijmegen_Rijksmonument_523062_Kronenburgersingel_223,_225.JPG
Kronenburgersingel 223 en 225 (Havang(nl), CC0, via Wikimedia Commons)

Op 7 februari 1895 verkoopt de gemeente Nijmegen (raadsbesluit 27-10-1894) een aantal percelen bouwterrein aan de Kronenburgersingel te Nijmegen aan:

A: vader Edmond Meulenberg (1832-1895) Sectie B 2093, 2a 60ca en B 2096 8 ca,

en zijn zonen:

B: Johannes Edmond Meulenberg (1860-1919) Sectie B 2095, 5a 60ca,

C: Jacobus Hubertus Meulenberg (1855-1908) Sectie B 2094, 4a 92ca.

De broers kochten ieder een nagenoeg even groot perceel waarop zij samen “één uit twee” woonhuizen mochten bouwen op Sectie B 2094 (J.H. nr. 223) en 2095 (J.E. nr. 225)

(Bron: RAN Archiefnummer 446 Notaris Th.F.A. Hekking, Inventarisnummer 147, https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?id=2284404313)

In 1975 heeft een hernummering plaats gevonden, waarbij 23 223 is geworden en 25 225.

Bouw

Deze 2 herenhuizen zijn gebouwd in 1897. De architect hiervan was J. Gielen.

Deze 2 herenhuizen zijn gebouwd in 1897. De architect hiervan was J. Gielen. Een van de opvallende versieringen aan het gebouw zijn de tegeltableaus “JHM” en “1897”.

In 1975 heeft een hernummering plaats gevonden, waarbij 23 223 is geworden en 25 225.

Neorenaissance stijl

Kronenburgersingel 225 1897
Kronenburgersingel 225 1897

De woningen zijn gebouwd in neorenaissance stijl: “Kenmerkend hiervoor zijn de gepleisterde spekbanden die de voorgevel horizontaal geleden alsook klassieke elementen als blok- en tandfriezen, diamantkoppen, consoles onder de bakgoot en guttae onder de hardstenen lekdorpels van de vensters.” (Rijksmonumenten)

Gielen of Semmelink, opdrachtgever Meulenberg

Rijksmomumenten noemt Semmelink als vermoedelijke architect van de voorgevels, op Noviomagus staat J. Gielen als architect. De site Vriendentegelmuseum.nl heeft het RAN uitsluitsel gevraagd: “Commentaar: De aanvrage voor de bouwvergunning (Regionaal Archief Nijmegen, collectie ‘1335 Bouwvergunningen gemeente Nijmegen [circa 1830] – 1975’, inventarisnummer 16039) werd gedaan door Johannes Hubertus  (dit moet Jacobus zijn) Meulenberg (1855-1908) en Johannes Eduardus (dit moet Edmond zijn) Meulenberg (1860-1919), broers en parapluie-fabrikanten te Nijmegen. ..; uit de bouwvergunning blijkt dat de architect J. Gielen was. (Met dank aan dhr Hylke Roodenburg, RAN).”

De broers Meulenberg

Johannes Hubertus en Johannes Edmond hadden met hun vader Edmond de firma E Meulenberg & Zonen, “parapluiefabrikant”. Bij zijn overlijden gingen de broers verder met de firma, waarbij de moeder 3e comparant was. In de adresboeken komt deze firma voor in de van Berchenstraat 9 (waarschijnlijk was dit de fabriek/’fabriek’) en de Stikke/Korte Hezelstraat 2(-4): dit was waarschijnlijk de winkel.

Tegeltableaus JHM en 1897

Kronenburgersingel 223 Tegeltableau JHM
Kronenburgersingel 223 Tegeltableau JHM

Een van de opvallendste elementen aan het gebouw zijn de tegeltableaus boven de balcons. Links op nr. 223 een tegel met de letters JHM, de initialen van J.H. Meulenberg en rechts op nr. 225 het jaartal 1897. Wie was JHM? Hoewel niet met zekerheid te zeggen, betreft het waarschijnlijk de oudste broer Meulenberg. (Het zou ook kunnen verwijzen naar Jakob Hubert Meulenberg, de in 1896 overleden broer van vader Edmond, maar dat is minder waarschijnlijk omdat hij niet bij de bouw van de huizen betrokken was.)

Rijksmonument

Kronenburgersingel 223 en 225 (vroeger 23 en 25) met tableau JHM gebouwd in 1897 architect Gielen
Kronenburgersingel 223 en 225 (vroeger 23 en 25) met tableau JHM gebouwd in 1897 architect Gielen

De panden zijn een Rijksmonument (op haar site staat een uitgebreide beschrijving van deze gebouwen) met als waardering:

“Twee HERENHUIZEN met TUINHEK en deel uitmakend van een woningblok, gebouwd in 1897 in overgangsarchitectuur.

– Van architectuurhistorische waarde als goed bewaard voorbeeld van twee gekoppelde herenhuizen, gebouwd in de stadsuitleg van Nijmegen in een door de Neo-Renaissance beïnvloedde bouwstijl die typerend is voor een gedeelte van de bebouwing aan de Singels in Nijmegen. De panden vallen op door de rijk gedetailleerde en gespiegeld van elkaar vormgegeven voorgevels en door de bijzondere tegeltableaus in de boogvelden boven de verdiepingramen. De woningen hebben hun karakteristieke bouwvolume, architectuur, decoratie en materiaalgebruik goed behouden en zijn ook in het interieur nog voor een groot deel oorspronkelijk.

– Van stedenbouwkundige waarde binnen het vanuit rijkswege beschermde deel van de binnenstad van Nijmegen en vanwege de situering van het pand aan de rand van het Kronenburgerpark, alwaar het in combinatie met de aanwezige groenaanleg en het hekwerk een schilderachtig geheel vormt.

– Van cultuurhistorische waarde als herkenbaar element uit een maatschappelijke ontwikkeling. Het pand is gebouwd als huisvesting voor de nieuwe en kapitaalkrachtige stedelijke elite, die zich bij voorkeur vestigde in kapitale herenhuizen in de nieuw aangelegde straten rond de oude stad; een stadsuitbreiding die met het verwijderen van de vestingwerken aan het eind van de 19de eeuw mogelijk was geworden.”

Kronenburgersingel 215, 217 en 219

Op 8 oktober 1895 verkoopt de Gemeente Nijmegen aan J.H. Meulenberg een perceel bouwterrein aan de Kronenburgersingel, de huidige Kronenburgersingel…

Bijlage: De bewoners

Uit het overzicht hieronder blijkt dat geen enkele Meulenberg in deze woningen heeft gewoond; echter: wel in de Kronenburgersingel. Daarnaast is niet nagegaan wie eigenaar van de woning was: deze woningen zouden huurhuizen kunnen zijn geweest.

Meulenberg komt noch voor op (2)23 noch op (2)25; een andere optie is dat de panden verhuurd waren. Wie waren de bewoners? (Zie voor een uitgebreid overzicht de tabel hier onder)

Nummer 23 (tegenwoordig 223):

  • De eerste gevonden persoon is in het adresboek van 1899. Dit is J. Hofstede, gepensioneerd kolonel O I L (Oost Indische Leger). Hij woont er tot half september 1906.
  • Vanaf 1908 tot en met 1936 komt D. van ’t Lindenhout, papierfabrikant in de Adresboeken voor. In de Adresboeken voor 1938 en 1940 komt zijn weduwe op dit adres voor.

Nummer 25 (tegenwoordig 225):

  • K.J. Duffhaus, koopman in de Adresboeken van 1899 t/m 1909
  • C.J.H.B.F. Duffhaus van 1910 tot Adresboek 1915-1916

Bij beiden staat de vermelding Firma C W D, magazijn en kantoor Stieltjesstraat 20 en 22

  • 2 Hoogenbosch in 1922
  • W.A. Meijer, scheepsbouwk in de Adresboeken 1932 t/m 1938

De Meulenbergs

Waar hebben de Meulenbergs gewoond?

  • J.E. Meulenberg heeft vanaf 1-6-1898 op Kronenburgersingel 6 gewoond. Zijn vorige adres was van Berchenstraat 11. Zie ook Bevolkingsregister. In 1913 was hij nog niet verhuisd (en het vervolg is niet verder onderzocht).

  • J.H. Meulenberg woont vanaf 1-6-1898 op Kronenburgersingel 17. Rond 1905 verhuist hij naar Stationsweg 1.

Lees hier meer over Meulenberg en Gielen:

Bewoners 223 en 225 en Meulenberg

In ieder geval zijn in Adresboeken de volgende personen gevonden:

Bewoners nummer 23 (tegenwoordig 223):

NaamBeroepBronopmerking 
J. Hofstedegep kolonel O I LAdresboek 1899, 1901, 1902, 1903, 1905, 1907Vertrek in 1906; in PGNC 11/9/1906: “Wegens vertrek worden rekening ingewacht vóór 15 dezer. Hofstede, Kronenburgersingel 23”
J. Hofstedeluit ter zee 2e klasse op non-activiteitAdresboek 1899Zelfde persoon? 
D. v ’t LindenhoutpapierfabrikantAdresboek 1908, 1909, 1912-1913, 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916, 1916, 1922, 1924, 1928, 1932, 1934, 1936Rond 1938 overleden, dan komt zijn weduwe voor op dit adres
Mej. H. van ’t LindenhoutAdresboek 1922, 1924In 1928 Lage Markt 50
Mevr. A. Th. v. ’t LindenhoutAdresboek 1932, 1934, 1936, 1938, 1940
Wed. D. van ’t Lindenhout, geb. KoperAdresboek 1938 1940 
J.J.P. van SwelmKoopman im- en exporteur1955
P.J.G.M.T. NienheisDoc. Ass1966
A.J.A. TraaBoekh1966
J.G. TraaGeb Gerritsen1966
B.A.F. TraBankempl1968

Nummer 25 (tegenwoordig 225):

K. J. DuffhauskoopmanAdresboek 1899, 1901, 1902, 1903, 1905, 1907, 1908, 1909,1909: Firma C W D, magazijn en kantoor Stieltjesstraat 20 en 22, 1910-1911, 1912-1913
P.J.H. KlootAdresboek 1899
L. WilsAdresboek 1905
C.J.H.B.F. Duffhausfirma C W DAdresboek 1910-1911, 1912-1913, 1913-1914, 1915-1916 (Dan firma C W),1916  Magazijn en kantoor Stieltjesstraat 20 en 22
J.B. HoogenboschschoenfabrikantAdresboek 1922
P.J.M. Hoogenboschchef kokAdresboek 1922
W.A. MeijerscheepsbouwkAdresboek 1932, 1934, 1936, 1938
Mej. M.C.L. BekenkampOnderwijzeres1955

En de Meulenbergs:

Waar hebben de Meulenbergs gewoond? J.E. Meulenberg heeft vanaf 1-6-1898 op Kronenburgersingel 6 gewoond. Zijn vorige adres was van Berchenstraat 11. Zie ook het Bevolkingsregister. In 1913 was hij nog niet verhuisd (en het vervolg is niet verder onderzocht).

J.H. Meulenberg woont vanaf 1-6-1898 op Kronenburgersintel 17. Rond 1905 verhuist hij naar Stationsweg 1.

Meulenbergwed E geb M Dierker, z.b.Van Berchenstraat 28Adresboek 1896
Meulenberg & Zonen (firma E) Koninkl Nederl parapluiefabriekin 1896, 1898, 1899, 1901: fabrikanten van parapluies, parasols, wandelstooken aanverw artiekelen v berchenstraat 9 en stikke hezelstraat 2 (in 1898 korte hezelstraat 2)v. Berchenstraat 9 en korte hezelstraat 2/4Adresboek 1902, 1903, 1905, 1907, 1908, 1909, 1910-1911, 1912-1913
J. E. Meulenbergfirma E Meulenberg & Zonen, parapluiefabrikantvan Berchenstraat 11, na 1 Mei Kronenburgersingel 6
J. E. Meulenbergfirma E Meulenberg & Zonen, parapluiefabrikantKronenburgersingel 6Adresboek 1898, 1899,  1901, 1902, 1903, 1905, 1907, 1908, 1909, 1910-1911, 1912-1913
J. H. Meulenbergfirma E Meulenberg & Zonen, parapluiefabrikantvan Berchenstraat 7, na 1 Mei KronenburgersingelAdresboek 1896
J. H. Meulenbergfirma E Meulenberg & Zonen, parapluiefabrikantKronenburgersingel 17Adresboek 1898, 1899, 1901, 1902, 1903
J. H. Meulenbergfirma E Meulenberg & Zonen, parapluiefabrikantStationsweg 1Adresboek 1905, 1907, 1908
Meulenbergwed J H , geb H WernerStationsweg 1Adresboek 1909, 1910-1911
Klinkum Meulenberg’s Parapluiefabriek, N.V.Vondelstraat 79Adresboek 1912-1913

Bronnen

http://monumentenregister.nl 

http://www.noviomagus.nl/Vrij/Kronbsingel223/Kronbsingel223Cat.html (geraadpleegd 25.08.2016)

VriendenTegelmuseum.nl

https://gaypnt.home.xs4all.nl/straatnamen/K.html#Kronenburgersingel

Oranjesingel 3, 5, 7 en 9 (oktober 2024) Architect Maurits Centrum
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag

Oranjesingel 3-9 en 1

1890 Oranjesingel 3-9 en 1

Oranjesingel 3, 5, 7 en 9 (oktober 2024) Architect Maurits Centrum
Oranjesingel 3, 5, 7 en 9 (oktober 2024)

In 1890 ontwerpt architect Maurits dit complex van 4 woningen.

Gemeentelijk Monument

Ingang Oranjesingel 9 (oktober 2024)
Ingang Oranjesingel 9 (oktober 2024)

Het complex is sinds 1988 een Gemeentelijk Monument, met als tekst bij aanwijzing: “Complex van vier woningen. Als 1 blok ontworpen gebouw met drie bouwlagen van baksteen en geschilderde banden en blokken. Gedekt met zadeldaken met verschillende bedekking. In de gevel zijn vier risalieten aangebracht, die eindigen in een getrapte topgevel, met zadeldaken loodrecht op de gevel.Op de eerste etage hebben de eerste en de derde risaliet een houten erker op natuurstenen consoles: die bij nr. 7 is gewijzigd, die van nr. 3 heeft nog de oorspronkelijke bedaking, ver uitstekend op houten sporen. Ramen op de begane grond zijn laag, met boogvormige bovendorpel. Op de eerste etage zijn rechte kozijnen met daarboven boogvormige velden waarin afwisselend decoratieve tegelpanelen en cementen ornament. Ramen op de tweede verdieping hebben segmentbogen boven rechte kozijnen. Op de hoek links bevindt zich een overhoeks geplaatst torenachtig element, overkragend vanaf de eerste verdieping, eindigend
in een houten dakkapel tegen een torenspits. De dakkapellen hebben een uitstekend leien dak naast de topgevels; bij nr.3 en 7 bevinden zich later toegevoegde brede dakkapellen. Voordeuren met gepleisterde omlijsting; bovenlichten met balusters; frontons. Bouwjaar 1890. Architect: W.J. Maurits. Interessant voorbeeld van als 1 geheel ontworpen straatwand die meerdere woningen bevat. Van groot belang voor het straatbeeld van de singel.”

Oranjesingel 3

Het Bureau voor Werkende Studenten, 5 maart 1951, Oranjesingel 3 (GN5541 RAN)
Het Bureau voor Werkende Studenten, 5 maart 1951, Oranjesingel 3 (GN5541 RAN)

Hieronder staan de tot nu gevonden gebruikers weergegeven. Er is echter wel een slag om de arm nodig, aangezien er veranderingen in huisnummer kunnen zijn geweest:

Advertentie Rotterdamsche Hypotheek Bank, met als adres F.J.A. van Vollenhoven, Oranjesingel 3 (PGNC 26/2/1901)
Advertentie Rotterdamsche Hypotheek Bank, met als adres F.J.A. van Vollenhoven, Oranjesingel 3 (PGNC 26/2/1901)
NaamBeroepAdresboekenOpmerkingen
F.J.A. v. VollenhovenCiviel-ingenieur1893, 1895, 1896, 1898, 1899, 1901, 1902, 1903, 1905, 1907, 1908, 1909, 1910-1911, 1912-1913, 1913-1914, 1915-1916 
Wed. F.J.A. v. VollenhovenGeboren C.S. de Gijselaer1914-1915, 1924Penningmeester van Algem. Nederlandsche Vrouwenvereeniging “Tesselschade”, 1913-1914 . 1914-1915, 1915-1916, 1916, 1920, 1922  
Mej. C.M. v. Vollenhoven 1916, 1924 
H.J.C. van BergenNotaris1928 (tevens kantoor), 1932, 1934, 1936, 1938, 1940   
G.W. ArtsTuinman1936, 1938, 1940 
Mej. S. VerkerkLerares huishoudschool1948 
Mej. M.C. BuchelLerares1948, 1951 
Mej. W. MeijerHuish.1948 
T.F.A. Harterink 1955 
Nijmeegs UniversiteitshuisTehuis voor werkende studenten1955 
H.J.G.G. Seelen 1959 
M.J.P.M. Weijtens 1959 
P.A. van der Wolfingenieur1963 
E.P.M.J. Hollman 1963 
M.C.P. van KemenadeKoopman; 1968: Koopman in koffie en thee1963, 1966, 1968 
N.J.L.M. van der MaasLeraar1963 
Wed. J. Straver, geb. D. van Zetten 1963 
W.J.H.M. Verheggen 1963 
J.A.P.H. van Drunen  jurist1966 
Votre Beauté   1966, 1968 
Koffie en Theehuis Imp. 1971 
Mr. B.H.O. Hogenotaris1971 
D.M.H. Jaegers 1971 

Oranjesingel 3-9, Foto gedateerd 2013 (Henk van Gaal via DF4408 RAN)
Oranjesingel 3-9, Foto gedateerd 2013 (Henk van Gaal via DF4408 RAN)

Oranjesingel 5

Gevonden gebruikers

NaamOmschrijvingAdresboek
J.J. v.h. LindenhoutZonder beroep1893
Dames Lindenhoutz.b.1895, 1896, 1898, 1899, 1901, 1902, 1903, 1905, 1907
J. BoschCandidaat-notaris1908, 1909
J. BaxCandidaat-notaris1909, 1910-1911, 1912-1913, 1913-1914, 1914-1915
G.F. Marsman 1915-1916, 1916
Mej. J.J. Bork 1915-1916
Mej. J.A. de Brauw 1918, 1920
Mej. A.A. v. ‘t Lindenhout 1926, 1928
H.W.E. JansenBakker1948, 1951, 1955
M.J. JansenMej., vanaf 1959 mw.1948, 1951, 1955, 1959, 1963, 1971
Mej. A.W.E.In 1951 winkeljuffrouw1951, 1971
Mw. C.J.M.Verpl.1959, 1963, 1966, 1971
W.E. Jansen 1955
J.J.G. PrickBuitengew. Hoogleraar RKU1955 (waarschijnlijk betreft het een zetfout)
A.H.C. Derksvertegenwoordiger1959, 1963  
D.J.L.M. van Iersel 1971

Oranjesingel 1

Oranjesingel 3 (Bron: Google Streetview, September 2022)
Oranjesingel 3 (Bron: Google Streetview, September 2022)

Tegen een grote rij huizen staat nog kleine gebouwtje: Oranjesingel 1. Wat is dat kleine gebouwtje nu eigenlijk? (Spoiler alert: een berging)

Ook op de bouwtekening van 1926 was het pand al aangeduid als “schuur”: Zie de tekening hieronder. https://app4.nijmegen.nl/DGD2/BouwArchief/Documenten/0268200000033636?zaakDossierId=B12.005512 Dit is het bouwarchief van Oranjesingel 3, het grote huis ernaast van welke het de berging was. Ook komt dit gebouwtje voor op een bouwtekening van 1909 ten aanzien van de aanleg van riolering, er wordt dan niet bij vermeld wat het is.

Bouwtekening 1926

Ook bij de verbouwing van 1977 was het gebouwtje een berging.

Bouwtekening 1977, bestaande toestand (D12.510276)

Dit pand kwam een aantal malen voorbij op Twitter en op Facebook:

  • Twitter: Hans van Meteren had al uitgevonden dat het een berging is geweest bij de verbouwing van 1977. Daarbij noemde een persoon in een reactie dat dit de personeelsingang was. De combinatie van “berging” en “personeelsingang” is natuurlijk mogelijk, aangezien dit deel met de spreekkamer in verbinding stond
  • Facebook (Nijmegen Toen en Nu), Thea Kersten: “In dat enorme huis heb ik een aantal jaren gewerkt bij een notaris….in de 70 jaren…de benedenverdieping en op de 3de verdieping…enorme trappenhuis…prachtig!…maar niet in dat kleine opberghuis. Ik denk dat daar de kachel instond voor cv”, Het betreft hier notaris Hoge.
  • Op Facebook “Nijmegen toen en nu” wordt het door iemand genoemd als : “het was een slaapkamer grenzend aan de andere kamer en deels opslaghok voor de klusjesmannen”

Oranjesingel

Deze pagina verzamelt artikelen die over de Oranjesingel zijn verschenen. De Oranjesingel is vernoemd naar het Bolwerk Oranje, dat aan…