Cafe Restaurant Terminus, met op de achtergrond de Veemarkthallen, gezien vanuit de Parkweg. Gebouwd in 1938. Rechts de Nieuwe Markt, 1938 (F19205 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Terminus Parkzicht Veemarkthallen

1939 Lange Hezelstraat

Cafe Restaurant Terminus, met op de achtergrond de Veemarkthallen, gezien vanuit de Parkweg. Gebouwd in 1938. Rechts de Nieuwe Markt, 1938 (F19205 RAN)
Cafe Restaurant Terminus, met op de achtergrond de Veemarkthallen, gezien vanuit de Parkweg. Gebouwd in 1938. Rechts de Nieuwe Markt, 1938 (F19205 RAN)

Waar nu het Joris Ivens plein ligt, lag vroeger het gebouw dat veel Nijmegenaren nog het best zullen kennen als café restaurant Terminus. Oorspronkelijk heette het Parkzicht en was het gebouwd als gebouw voor de veemarkthallen, die daarachter lagen en waar de straatnaam “Veemarkt” nog aan herinnert.

Vooraf

De Korenbeurs, gezien vanaf de Lange Hezelstraat in noordelijke richting. De Korenbeurs bestond vanaf 1882 tot aan de sluiting in 1923. Het gebouw werd gesloopt na 1937. Daarvoor in de plaats kwamen de Veemarkthallen, 1930 (Evert F. van der Grinten via F78342 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: RAN)
De Korenbeurs, gezien vanaf de Lange Hezelstraat in noordelijke richting. De Korenbeurs bestond vanaf 1882 tot aan de sluiting in 1923. Het gebouw werd gesloopt na 1937. Daarvoor in de plaats kwamen de Veemarkthallen, 1930 (Evert F. van der Grinten via F78342 RAN CCBYSA Auteursrechthouder: RAN)

De Veemarkthallen komen op de plaats van de oude korenbeurs, welke in 1882 was gebouwd. De directeur van het Slachthuis zal tevens de leiding krijgen over de nieuwe Veemarkthallen.

Bij de Opening

Het in aanbouw zijnde pand van Terminus en de veehallen, links en rechts de huizen aan de Nieuwe Markt, op de achtergrond links de Spoorbrug en rechts de oude elektriciteitscentrale aan de Waal, 1938-1939 (F29359 RAN)
Het in aanbouw zijnde pand van Terminus en de veehallen, links en rechts de huizen aan de Nieuwe Markt, op de achtergrond links de Spoorbrug en rechts de oude elektriciteitscentrale aan de Waal, 1938-1939 (F29359 RAN)

Het PGNC gaat in 1937 uitvoerig in op de plannen voor de bouw van een veemarkt:

De nieuwe Nijmeegsche Veemarkt

Belangrijke aanwinst voor stad en streek

Een jaar werk voor 50 man

Wij zijn thans in staat om bijzonderheden te geven aangaande de overdekte Nijmeegsche veemarkt, tot het bouwen waarvan Woensdagmiddag door den gemeenteraad besloten is. Daaruit zal blijken, dat het hier betreft een belangrijke aanwinst voor stad en streek, die een groote verbetering brengt van den thans bestaanden, gebrekkigen toestand. Totnutoe is de Nijmeegsche veemarkt immers niet meer dan een open terrein, zonder eenige accommodatie, waarop de aanvoerders en hun vee aan alle weersgesteldheden onbeschut zijn blootgesteld. In de toekomst echter zullen aanvoerders en marktbezoekers een naar de eischen des tijds ingeriche overdekte veemarkt vinden, met een zoodanige accommodatie, dat ook de afwikkeling van zaken naar behooren zal kunnen geschieden en niet meer op de primitieve wijze van totnutoe.

De Veemarkt; Afgebeeld is de oostkant van de Nieuwe Markt, tussen de Lange Hezelstraat ( Rechts) en het Waalplein ( Links) beide niet zichtbaar. Rechts zijn zichtbaar de paaltjes van de Veemarkt (F7679 RAN)
De Veemarkt; Afgebeeld is de oostkant van de Nieuwe Markt, tussen de Lange Hezelstraat ( Rechts) en het Waalplein ( Links) beide niet zichtbaar. Rechts zijn zichtbaar de paaltjes van de Veemarkt (F7679 RAN)

Wij zijn er dan ook van overtuigd, dat de nieuwe veemarkt groote aantrekkingskracht zal uitoefenen in verren omtrek. En nu de bijzonderheden.

Het front-gebouw

Om te beginnen is het gebouw van de Korenbeurs gedoemd te verdwijnen; het zal worden afgebroken en de thans daarin gevestigde werkplaats der electriciteitswerken zal naar het pand van de vroegere Nijmeegsche machinefabriek aan de Voorstadslaan, dat indertijd door de gemeente werd aangekocht, worden overgebracht.

Op de plaats van de Korenmarkt komt het frontgebouw van de nieuwe veemarkt met den voorkant parallel met de Lange Hezelstraat. Voor dit gebouw, op de eerste verdieping waarvan zich de concierge-woning bevindt, zal zich een terras uitstrekken van 7 bij 23 meter. Het voorgebouw, omvat ook de graanbeurs en het markt-café. Aan de nieuwe veemarkt zal n.l. een café verbonden zijn. Aan de rechterzijde omvat dit voorgebouw tevens een toonzaal, die voor verschillende doeleinden, b.v. exposities gebruikt kan worden. Rechts van het gebouw is ook gelegen de toegang tot de veemarkt voor rijverkeer. In het midden van het voorgebouw komt een doorgang, waardoor men uitkomt op de los- en laadweg, dat is een strook, die weer evenwijdig loopt met de Hezelstraat en waar het vee zal worden ingeladen. Deze laadweg is 13 Meter breed en 62 meter lang en hierop komen uit de rijwielbergplaats, een hoogspanningsruimte en de garderobe.

De overdekte veehal

Thans komen wij aan de overdekte veehal, die zich dus achter de los- en laadplaats uitstrekt. Deze hal moet men zich denken als een geheel afgesloten gebouw met afmetingen van 40 bij 60 meter en een hoogte van pl.m. 13 meter, een geweldige ruimte dus. De overkapping wordt uitgevoerd in ijzer-constructie en in die overkapping komen natuurlijk volop licht- en luchtvakken. Teneinde direct uit auto of wagen het vee te kunnen lossen, zijn er in deze hal drie wegen aangelegd, n.l. een in het midden en twee aan elken zijkant. Aan de achterzijde aan den kant van de Waal dus, is de hal afgesloten met rolluiken, die eventueel geheel geopend kunnen worden. Langs dezen achterwand is dan weer een doorrit geprojecteerd, een strook 6½ meter breed, waarboven een luifel van 9½ meter breedte, zoodat hier gelegenheid geboden wordt om het vee als het waren onder een afdak onder te brengen. Natuurlijk zal de practijk het moeten uitwijzen, maar deskundigen beweren reeds nu, dat dit vermoedelijk de beste plaats van de veemarkt zal worden.

De niet overdekte hal

Achter dezen doorrit of afdak, hoe men het noemen wil, vinden wij dan de niet overdekte veemarkt, die dus nog wat meer naar den kant van de Waal gelegen is. Zij heeft ongeveer dezelfde afmetingen als de overdekte en hoewel niet overkapt, is zij toch afgesloten met een muur, waarop een ijzeren hekwerk. Het blijft dus altijd een afgesloten ruimte, waartoe, als er geen veemarkt is, niemand toegang heeft; in tegenstelling met thans, nu de veemarkt onafgesloten als zij is, steeds publiek terrein is.

Tenslotte wordt dan, geheel aan de zijde van den Waalkant gelegen, het eveneens afgesloten parkeerterrein aangelegd, met een afmeting van 25 bij 51 meter. Zoowel links als rechts hiervan is gelegenheid tot veeladen, terwijl er een uitgang is naar de Oude Haven.

Gerechtvaardige verwachtingen

In het bovenstaande komt ongetwijfeld tot uiting, dat men hier met een grootsch object te doen heeft, waarvan men terecht hooge verwachtingen gekoesterd mogen worden. Het is n.l. een feit, dat de Nijmeegsche veemarkt hoe onvoldoende zij dan ook totnutoe mag zijn, toch nog velen tot zich trekt. Nijmegen heeft b.v. een biggen-markt en ook de kalveren-markt mag er zijn. Is de nieuwe veemarkt eenmaal tot stand gekomen en wordt er voldoende bekendheid gegeven aan het bestaan ervan, dan kan het niet anders of de trek ernaar zal veel grooter zijn, dan die naar de gebrekkige marktgelegenheden van thans. Door zijn nieuwe veemarkt belooft onze stad veel meer dan thans een centrum van veehandel te worden.

Een veemarkt-commissie?

Zij wij welingelicht, dan overweegt het gemeentebestuur van Nijmegen thans plannen om de nieuwe Nijmeegsche veemarkt tot zoo groot mogelijken bloei te brengen en wil het daarbij vooral het particulier initiatief stimuleeren. Daartoe zal vermoedelijk een z.g. veemarkt-commissie in het leven worden geroepen, waarin menschen uit de practijk zitting zullen hebben. Die commissie zal dan tot taak krijgen bij voortduring maatregelen te beramen, die ertoe kunnen bijdragen de Nijmeegsche veemarkt te doen floreeren. Het zou in de bedoeling liggen deze commissie reeds zeer spoedig te formeeren, zoodat zij reeds tijdens den bouw haar voorbereidende werkzaamheden kan aanvangen.

Werkverruiming

Gisteren stipten wij reeds even aan, dat deze veemarktbouw tevens een niet onbelangrijke werkverruiming beteekent. Wij vernemen hieromtrent nog, dat er bij den bouw gedurende een jaar werkgelegenheid zal zijn voor 50 man.” (PGNC 26/11/1937)

Abonneren

Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.

Kwijnend bestaan

Links "Terminus", rechts de Veemarkthallen; op de voorgrond de Nieuwe Markt, 27/11/1971 (P. Arts, Dienst Publieke Werken en Volkshhuisvesting Nijmegen via F27295 RAN CC0)
Links “Terminus”, rechts de Veemarkthallen; op de voorgrond de Nieuwe Markt, 27/11/1971 (P. Arts, Dienst Publieke Werken en Volkshhuisvesting Nijmegen via F27295 RAN CC0)

Het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis noemt dat de veehallen na 1953 een kwijnend bestaan leiden. Huis van de Nijmeegse Geschiedenis: “De betekenis van Nijmegen als handelscentrum voor agrarische produkten neemt na de oorlog snel af. De veemarkt beperkt zich spoedig in hoofdzaak nog tot biggen. In de raadsvergadering van 29 januari 1969 wordt besloten tot opheffing van de veemarkt, die tot dan toe iedere maandag gehouden wordt in de veehallen aan de Lange Hezelstraat. De inkrimping van het agrarisch gebied rond Nijmegen en de toenemende contractmesterij nemen steeds grotere vormen aan en doen de belangstelling voor de veehandel in de omgeving van Nijmegen steeds verder dalen. In dezelfde vergadering wordt ook besloten tot opheffing van de eveneens aan betekenis inboetende groentegrossiersmarkt, die tot dan toe ook in de veehallen wordt gehouden. Mede door de invoering van de veilplicht verdringt de coöperatieve veiling de markt.”

Afnemende betekenis veeteelt

Het afnemen van de betekenis van de veehallen als handelscentrum heeft waarschijnlijk te maken met de afname van het belang van veeteelt in de regio Nijmegen. De meeste boerenbedrijven waren van oudsher kleine, gemengde bedrijven met een combinatie van landbouw, veeteelt en tuinbouw. Juist na de oorlog- in de jaren 60 begint de markt te veranderen door schaalvergroting en specialisatie. Daarnaast zal een deel van de markt waarschijnlijk zijn weggevallen doordat deze bebouwd is met de uitbreiding van de stad Nijmegen.

Hoewel niet getracht is een volledig beeld te schetsen, hieronder een aantal citaten:

https://canonvandukenburg.nl/ontstaansgeschiedenis-van-dukenburg/ noemt de periode 1940-1960: “De bronnen van inkomst zijn landbouw (veeteelt en akkerbouw) en fruit. Het zijn kleinschalige boerenbedrijven.”

https://www.verhaaltussenmaasenwaal.nl/stories/de-cooperatieve-zuivelfabrieken/: “Het land van Maas en Waal en het westelijk deel van het Rijk van Nijmegen kennen in de vorige eeuw geen grootschalige veeteelt. Daarvoor zijn er te veel problemen: het knellende pachtsysteem, de natte komgronden en de vele overstromingen. De boeren hebben slechts kleine lapjes grond, waar ze hooguit een paar koeien op houden.”

https://www.rug.nl/research/kenniscentrum-landschap/voor-studenten/masterscripties/2022-mascr-grootstal-landgoed-sitopia-w-hart-koopal.pdf: “De landelijke trend naar veeteelt en specialisatie binnen de landbouw was de reden dat ook het omringende agrarische gebied transformeerde. Uit het al eerdergenoemde archief van de Bouwvergunningen Heumen 1934-1980 blijkt dat, vanaf de jaren zestig tot tachtig, negentig vergunningen zijn afgegeven die te maken hadden met de bouw, verbouw of aanbouw van varkensstallen. Schapen, koeien en kalveren worden niet genoemd en paarden sporadisch. Kortom, het etagebedrijf uit de vorige periode was doorontwikkeld naar geïndustrialiseerde varkenshouderijen voor de wereldmarkt met de bijbehorende import van krachtvoer (Bieleman, 2008; Regionaal Archief Nijmegen, z.d.).”

De naam Terminus

Terminus verwijst naar de nabijgelegen tramremise (https://www.noviomagus.nl/h1.php?p=Specials/Monumentendag/NMD2002.htm)

Vervolg

Het Restaurant Terminus aan de Lange Hezelstraat, 1987 (Ber van Haren via KN14150-13 CC0)
Het Restaurant Terminus aan de Lange Hezelstraat, 1987 (Ber van Haren via KN14150-13 CC0)

De hallen zijn nog een tijd gebruikt als sporthal. Deze hal is in de jaren gesloopt, om plaats te maken voor de appartementen aan de Veemarkt. Op een later tijdstip is het restaurant Terminus gesloopt, om plaats te maken voor het Joris Ivensplein.

Joris Ivensplein

Lees hier verder over het Joris Ivensplein:

Bronnen

https://mijngelderland.nl/inhoud/specials/het-verhaal-van-gelderland/ontwikkeling-van-de-fruitteelt-in-het-rivierengebied

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Marktwezen

Spoorbrug

Nijmegen kreeg haar eerste moderne brug met de spoorbrug uit 1879. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte deze zwaar beschadigd. In…

Hogere Burgerschool architect Weve

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Broerstraat 7 gebouwd als Bata nu MacDonalds, juli 2019 I Google Streetview) architect H.G. van den Boogaard centrum Nijmegen
#Nijmegen, Broerstraat, Gebouw van de dag

Bata Broerstraat 7 architect vd Boogaard

Bouw winkelpand a/d. Broerstraat te Nijmegen (Herbouw). Opdrachtg.: De Weled. Heer A.C. v. Ooijen, datum tekening juli 1955, H.G. v.d. Boogaard Arch. (D12.421141)
Bouw winkelpand a/d. Broerstraat te Nijmegen (Herbouw). Opdrachtg.: De Weled. Heer A.C. v. Ooijen, datum tekening juli 1955, H.G. v.d. Boogaard Arch. (D12.421141)

Eind juni/begin juli 1956 verhuist Bata van de Grote Markt naar Broerstraat 7. Even was er sprake geweest dat Bata naar het Centrumplein/Plein 1944 zou verhuizen. De architect was H.G. van den Boogaard.

Een mooie foto van Bata met omliggende panden is te vinden op ZN35238 RAN.

Advertentie opening Bata op de Broerstraat, Nijmeegsch dagblad, 29-06-1956
Advertentie opening Bata op de Broerstraat, Nijmeegsch dagblad, 29-06-1956

Architect H.G. van den Boogaard

H.G. van den Boogaard had samen met zijn broer J.A.J. van den Boogaard een architectenbureau in Beek. Zij waren betrokken bij wederopbouw van Beek en van het winkelcentrum in Nijmegen.

“Terwijl J.A.J. van den Boogaard gemeentearchitect en opzichter bij Bouw- en Woningtoezicht was, tekende zijn broer H.G. van den Boogaard veel wederopbouwplannen.”

Dit citaat is afkomstig uit een interessant artikel over het werk van H.G. van den Boogaard in Beek is te vinden op:

Wederopbouwarchitectuur in de gemeente Ubbergen VI, Nieuwsbrief 52 oktober 2013 https://monumentenlandschap.nl/wp-content/uploads/2019/04/Nieuwsbrief-52-okt-2013.pdf

Zie ook

https://www.noviomagus.nl/OudNijmegen/147/1464.html

https://web.archive.org/web/20190428125351/http://monumentenlandschap.nl/wederopb%201.htm

Vervolg Broerstraat 7

Broerstraat 7 gebouwd als Bata nu MacDonalds, juli 2019 I Google Streetview) architect H.G. van den Boogaard centrum Nijmegen
Broerstraat 7 gebouwd als Bata nu MacDonalds, juli 2019 I Google Streetview)

In 1974 vindt er een verbouwing van de voorgevel plaats voor rekening van de heer P.H.J. Huisman, Molenstraat 74. Daarbij wordt de winkel verbouwd tot restaurant. (Het is mij daarbij niet meer bekend of dit reeds de McDonald’s is of dat McDonald’s pas vanaf 1996 hier gevestigd is).

Qua uiterlijk betreft het vooral de voorkant: de ruimtes van de etalages worden verwijderd en vervangend door rechte beglazingen. De ingangspartij komt wat naar links, meer centraal, te liggen. Daarboven wordt een lichtbak geplaatst met ruimte voor lichtreclame. De fries op de eerste etage met een afwerking van hechthout lijkt gehandhaafd.

Van binnen wordt de verkoopruimte een restaurant, met rechts daarvan buffet, open keuken en spoelkeuken.

De kelder die bestemd was voor verkoop wordt een hal met toiletten, de personeelskamer de kleedruimte. De cv ruimte en het magazijn blijft bestaan. De verkoopruimte op de eerste verdieping wordt kantoor.

Daarnaast wordt aan de achterkant een aluminium afzuigkanaal aangebracht. De architect is Jan Reedyk uit Schiedam (D12.507437)

McDonald’s

In 1996 vindt de verbouwing tot McDonald’s plaats door Multiplan. Van buiten valt de nieuwe voorgevel op: de begane grond krijgt een nieuwe aluminium gevelpui. De eerste etage krijgt grotere ramen, met daaronder een nieuwe grijze gevelbeplating met “McDonald’s”.

Van binnen is de keuken van het restaurant vergroot.

#Nijmegen, Broerstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Firma Oostvogel architect Kraaijvanger

1955, Broerstraat 15-17 (huidig) Centrum, Gemeentelijk Monument

Broerstraat 15-17 met ICI Paris in het pand gehuisvest, Juli 2019 (Google Streetview)
Broerstraat 15-17 met ICI Paris in het pand gehuisvest, Juli 2019 (Google Streetview)

In 1955 komt Oostvogel weer terug in de Broerstraat, op de locatie waar ze zat tot het moment dat het pand in de Tweede Wereldoorlog verloren ging. In 1928 had ze hier haar winkel geopend. E.H. en H.M. Kraaijvanger van het Architectenbureau Kraaijvanger uit Rotterdam ontwierpen het gebouw in 1954.

Opvallend is, dat de Gelderlander de legendarische vogel in haar kop noemt, maar geen melding maakt van de tegeltableaus die het pand sieren: 6 vogels.

Vogel Oostvogel
Een van tableaus van een vogel op voormalige pand van Oostvogel

Oostvogel als Phoenix uit de asse glorieus in de Broerstraat verrezen.

“De Nijmeegse binnenstad is verrijkt met een fraai modern pand, dat in de Broerstraat op no. 15 is verrezen. Oostvogel, de bekende herenmodezaak, te Arnhem, Hengelo, Almelo, Enschede gevestigd, is thans in het hartje van de stad teruggekeerd. Sinds de verwoesting in de Septemberdagen van ’44 was ze daaruit verdwenen: de zaak werd toen voortgezet op de hoek van de van Welderenstraat, tegenover het Postkantoor, in afwachting van de dag waarop tot herbouw in de oude vertrouwde omgeving kon worden overgegaan. Deze herbouw is thans voltooid en zo ooit een vogel vol glorie uit de asse herrezen is, dan is het wel Oostvogel, die thans aanmerkelijk groter, fraaier en uitgebreider zijn vleugels uitslaat voor het publiek dat ongetwijfeld vol belangstelling zal toestromen. Want hier is veel moois te zien. Niet alleen het gebouw zelf, een schepping van het architecten-bureau Kraaijvanger uit Rotterdam, waarvan de uitvoering in handen lag van het Nijmeegse Aannemersbedrijf Berntsen en Braam, -maar ook de étalages die een grote aantrekkingskracht uitoefenen, nodigen tot stilstaan en bezichtigen uit.

Binnen- en buitenlandse collecties komen in de ruime, overzichtelijke vitrines volledig tot hun recht. De heer der schepping kan hier zijn keus doen. Maar ook de koningin van de mode, mevrouw zelf, wordt vanaf heden onmiddellijk bij Oostvogel betrokken. Er is een geheel aparte afdeling damesmantels, tailor-made en jersey-couture aan de zaak verbonden; deze afdeling vormt daarmede een sluitend geheel en ze verhoogt zelfs de intieme sfeer welke tot kopen noodt.

Vanmorgen om kwart voor twaalf vond de officiële opening van de nieuwe zaak plaats in aanwezigheid van mevr. Oostvogel, familieleden, wethouder Duives, Ir. B. Fokkinga, leden van het personeel uit het bedrijf in Nijmegen en de bedrijven op andere plaatsen.

Terug in Broerstraat

De heer F. Oostvogel, die de genodigden begroette, sprak het openingswoord mede namens zijn moeder. Hij uitte zijn vreugde over de gelukkige omstandigheid dat het bedrijf na een onderbreking van tienjaar weer op zijn oude plaats, in de Broerstraat is teruggekeerd. Spr. bracht dank ook aan allen die hiertoe hebben medegewerkt, aan het gemeentebestuur, aan de stedebouwkundigen Ir. Siebers en Ir. Fokkinga, die met veel élan en energie het opbouwplan hebben verwezenlijkt, met als een van de hoogtepunten een gezellig stadscentrum, waarin de Broerstraat de meest drukke winkelstraat is.

Spr. had veel waardering voor het architectenbureau Kraaijvanger, voor de aannemer Berntsen en Braam, voor uitvoerders en onderaannemers, weke zorg droegen voor een uitstekende bouw die tot in alle détails verzorgd is. Grote lof had spr. voor de verzorging van het interieur, met name voor dat van de afdeling voor dames-kleeding, welke door de Genneper Molen onder leiding van zijn directeur de heer Steinman tot stand kwam.

Felicitatie van gemeente

Na bijzondere dank gebracht te hebben aan zijn moeder voor het vertrouwen dat zij in hem had gesteld bij de voorbereiding van de bouw, gaf de heer F. Oostvogel het woord aan wethouder M. Duives.

De wethouder feliciteerde namens de burgemeester, die door uitstedigheid verhinderd was, namens het College van B. en W. en namens de burgerij van Nijmegen. Hij sprak er zijn vreugde over uit dat het pand van Oostvogel op de oude plaats is herbouwd en had veel respect voor de energie waarmede de heer F. Oostvogel dit alles heeft voorbereid en geleid. Spr. noemde het nieuwe pand een van de mooiste in de Broerstraat en een sieraad voor de stad. De heer Duives had lof voor de architect en voor de aannemers, die al veel mooie panden in Nijmegen hebben gebouwd. Wethouder Duives drukte daarna op een knop, waardoor de zo veelzijdige en zeer gevarieerde verlichting aanging en het pand was geopend, onder het applaus van de aanwezigen, die hierna de bouw en het interieur bezichtigden.” (De Gelderlander 14/9/1955)

Het pand

De beschrijving van de Gemeentelijke monumentenlijst noemt ontworpen in “in een sobere modernistische trant. Brede, lage gevel bestaande uit winkelpui en twee verdiepingen. In het midden geopend door een brede, in sierbeton uitgevoerde vensterlijst. De ramen hierin waren oorspronkelijk in staal uitgevoerd. De zijpenanten en fries zijn gestuct maar waren oorspronkelijk gemetseld in een donkere verglaasde verblendsteen. De sierbetonnen puien onder de bovenste ramen zijn voorzien van wandkunst: cirkelvormige tegeltableaus met geabstraheerde vogels waarvan de kunstenaar onbekend is. De pui is in 1997 in het midden verhoogd (1997) waarbij een stijl uit de vensterlijst is gewijzigd”.

Firma Oostvogel

De firma Oostvogel is het oudste herenkledingzaak van Nederland geweest: in 1795 begon Johannes Oostvogel zijn hoedenmakerij aan huis in Delden of Hengelo. Daarop opende hij een winkel in Hengelo, waar vanaf dat momnt/op een gegeven moment ook maatpakken en herenkleding werd verkocht. Later kwam daar dameskleding bij. Hengelo zoals het was Hengelo zoals het was

 noemt dat Johannes ook al dameskraagjes maakte.

Jarenlang had Oostvogel haar winkels in Twente: Hengelo, Almelo en Enschede Daarnaast was ze gevestigd in Arnhem en Nijmegen. In 2020 staan artikelen dat de laatste winkel van Oostvogel zal sluiten bij gebrek aan een opvolger – de laatste winkel in Almelo is dan inmiddels verhuisd naar Ootmarsum.

Even lijkt in 2014 het einde te zijn van de familie Oostvogel: Frederique Oostvogel besluit het huurcontract voor het pand in Almelo niet nog eens voor 5 jaar te verlengen, ook vanwege haar gezondheid en dat er geen opvolger is.  Uiteindelijk besluit zij samen met een goede vriend, Hans van der Maa, verder te gaan in Ootmarsum. Tijdens de verbouwing overlijdt zij. Hier is de winkel nog steeds actief. https://www.oostvogelootmarsum.nl/

https://www.textilia.nl/modezaak-oostvogel-in-almelo-stopt-na-219-jaar/

https://www.rtvoost.nl/nieuws/200058/oostvogel-in-almelo-de-oudste-herenmodezaak-van-nederland-definitief-dicht

Vervolg

In 1963 verkocht Oostvogel aan Meddens. Kledingzaak King kwam rond 1980 in het pand en in de jaren 90 vestigde zich hier miss Etam. Momenteel is het pand in gebruik door Ici Paris.

Bron: het Nieuwe Instituut

Bureau Kraaijvanger

Het Bureau Kraaijvanger is afkomstig uit Rotterdam en is in 1027 opgericht door de broers Herman en Evert Kraaijvanger. Dit bureau heeft belangrijke ontwerpen voor de wederopbouw van Rotterdam aangeleverd. Omdat het bureau niet/nauwelijks actief in Nijmegen lijkt te zijn geweest, hierbij de verwijzing naar wikipedia. https://nl.wikipedia.org/wiki/Kraaijvanger_Architects

Wel kan een Nijmeegse connectie nog worden genoemd: hun vader Bernardus Theodorus Kraaijvanger (1969-1944) ontwierp in 1910 voor Edmund Meulenberg de Koninklijke Nijmeegse Paraplu en Parasolfabriek (Huidig adres Stikke Hezelstraat 2-4).

H.W Kraaijvanger, die met een dochter van Edmund Meulenberg was getrouwd, een bouwvergunning aan voor het pand op de foto dat rond 1901 gereed kwam. Bron: bijschrift F34035 RAN) Er is nog niet verder onderzocht of en welke familierelatie er tussen deze H.W. en de architecten is.

Gemeentelijk monument

Het pand is een gemeentelijk monument met als waardering:

“Broerstraat 15-17 maakt stedenbouwkundig onderdeel uit van het wederopbouwplan van de Nijmeegse binnenstad en is hier een expressie van. Ensemblewaarde met de buurpanden vanwege het breedte- en hoogteverschil met de belendende gevels. Ensemblewaarde tevens door de krachtige brede en hoge vensteromlijsting middenin het gevelvlak. Deze gevelcompositie contrasteert met de compositie van (gedeeltelijke) gelijkmatige vensterassen van de buurpanden. Hierdoor ontstaan ritme en levendigheid in het straatbeeld. Bureau Kraaijvanger had in Rotterdam en in Nederland een belangrijk aandeel in de wederopbouw.”

Hoek St. Annastraat met Fransestraat, op St. Annastraat 53a Antiekzaak L'Antique Interieure en op de hoek St. Annastraat 55 café St. Anneke, 1989 ( Anton van Roekel via RAN CCBYSA)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Hoek Fransestraat Annastraat verbouwing Zoetmulder en van der Pijll

St. Annastraat 53a 53b en 55 Galgenveld

Hoek St. Annastraat met Fransestraat, op St. Annastraat 53a Antiekzaak L'Antique Interieure en op de hoek St. Annastraat 55 café St. Anneke, 1989 ( Anton van Roekel via RAN CCBYSA)
Hoek St. Annastraat met Fransestraat, op St. Annastraat 53a Antiekzaak L’Antique Interieure en op de hoek St. Annastraat 55 café St. Anneke, 1989 ( Anton van Roekel via RAN CCBYSA)

Veel Nijmegenaren kennen het hoekpand op de St. Annastraat en de Fransestraat als café St. Anneke. Oorspronkelijk was het samen met het huidige nummer 53a 1 grote woning, die er in ieder geval in 1910 al stond. De architect Zoetmulder ontwierp de splitsing van de woning naar 2 winkels met bovenwoningen. Op 53a zaten hier jarenlang meubelzaken (Tilders en Ons Huis). Op nummer 55 zat jarenlang slagerij Büchner. In 1967 ontwierp architect van der Pijll de verbouwing tot café.

Vooraf

Hoek St Annastraat Fransestraat met links St Annastraat 52 54, gedateerd 1900 ( F12110 RAN)
Hoek St Annastraat Fransestraat met links St Annastraat 52 54, gedateerd 1900 ( F12110 RAN)

Wanneer het gebouw oorspronkelijk is gebouwd is mij nog niet bekend. Wel wordt er in 1910 riolering aangelegd. Daarnaast heeft Zoetmulder een tekening gemaakt van het pand vóór zijn verbouwing van 1931.

“Bestaande toestand” voor verbouwing door Zoetmulder (D12.396922)
“Bestaande toestand” voor verbouwing door Zoetmulder (D12.396922)

Verbouwing naar St. Annastraat 53a voor Behangerij-Stoffeerderij Tilders architect Zoetmulder

Plan 1 a 100 tot verandering en uitbreiding van een perceelsgedeelte aan de St Annastraat No 55 Te Nijmegen, perceel Kadastraal Bekend Gem. Nijmegen Sectie B No. 1260, De winkelpui, wyziging van de gevel en afsluiting zyde Franschestraat volgens nader over te leggen detailleering, H.M. Zoetmulder, datum tekening Febr ’31 (D12.397577).
Plan 1 a 100 tot verandering en uitbreiding van een perceelsgedeelte aan de St Annastraat No 55 Te Nijmegen, perceel Kadastraal Bekend Gem. Nijmegen Sectie B No. 1260, De winkelpui, wyziging van de gevel en afsluiting zyde Franschestraat volgens nader over te leggen detailleering, H.M. Zoetmulder, datum tekening Febr ’31 (D12.397577).

Bouwtekening D12.397576 (13-2-1931) noemt het “Verbouwen van een Heerenhuis in 2 winkels en 2 woonhuizen. De architect is H.M. Zoetmulder. Daarbij is het linkerpand “A” van de heer Tilders. Dit pand krijgt aan de voorkant een winkel en in het achtergedeelte een werkplaats. Hierachter bevindt zich een open plaats. De plannen voor pand “B” – het huidige St. Anneke, zie hieronder- zullen op een later tijdstip worden aangeleverd

Advertentie opening Tilders (De Gelderlander 24/7/1931)
Advertentie opening Tilders (De Gelderlander 24/7/1931)

De Behangerij-Sfoffeerderij van J.H. Tilders Jr. verhuist op 25 juli 1931van Jacob Canisstraat No. 55 naar het verbouwde pand op de hoek van de St. Annastraat en Fransestraat, welke huisnummer 53a krijgt. Daarbij heeft zij tijdens de verbouwing in het ‘”hoekhuis”-het huidige nummer 55-  gezeten.( PGNC 5/5/1931)

Behangerij en Stoffeerderij J.H. Tilders Jr.

De firma J.H. Tilders Jr., behangerij en stoffeerderij, annex meubelinrichting, heeft in het pand St. Annastraat 53a alhier een nieuwe zaak geopend. Het oorspronkelijke woonhuis werd daartoe gedeeltelijk verbouwd en herschapen in een naar de eischen des tijds ingericht winkelpand. De keurige winkelpui, opgetrokken uit blauwe tegels- uitgevoerd door den aannemer W. Seegers alhier- doet frisch aan en trekt van verre de aandacht. De breede vitrine doet het daarachter uitgestalde goed uitkomen. Het inwendige mag eveneens geroemd worden. Dit werd uitgevoerd door aannemer A.C.G. Schmidt alhier. Op de bovenverdieping bevinden zich drie keurige toonkamers, waar, evenals in het winkelmagazijn, een keur van ameublementen, huis- en slaapkamers, boekenkasten, vloerkleeden en wat verder in een zaak als deze aangetroffen wordt, aanwezig is. De firma Tilders J.r kan trotsch zijn op deze inrichting, terwijl de St. Annastraat eveneens een mooi winkelpand rijker is geworden. Vermelden wij nog, dat het schilderwerk werd uitgevoerd door de fa. De Vries, Frans Halsstraat, en de lichtinstallatie door de fa. Piebenga & Schekman, bieden alhier.” (PGNC 27/7/1931)

Vervolg

Augustus 2023 (Google Streetview)
Augustus 2023 (Google Streetview)

Waarschijnlijk gaat Tilders zich rond 1935  “Het Binnenhuis” noemen (tot nu toe eerst gevonden advertentie De Gelderlander 1/2/1935). In 1942 verhuist Tilders naar de Ziekerstraat.

Advertentie verplaatsing Tilders naar de Ziekerstraat (PGNC 28-9-1942)
Advertentie verplaatsing Tilders naar
de Ziekerstraat (PGNC 28-9-1942)
Advertentie Bemelmans, St Annastraat 53a (PGNC 2-11-1942)
Advertentie Bemelmans, St Annastraat 53a
(PGNC 2-11-1942)

In ieder geval komt de firma Bemelmans op dit adres voor in november 1942. Ook is een advertentie van Bemelmans & Co uit 1944 gevonden, groothandel in tabaksfabrikaten, koffie, thee en suikerwerken (oa De Gelderlander 21/10/1944). In ieder geval zit in 1947 de Woninginrichting “Open Huis” in het pand (advertentie De Gelderlander 1/5/1947). De eigenaar is P.M.A. Rietvelt (advertentie De Gelderlander 18/11/1949). In ieder geval heeft Rietvelt in 1973 de winkel nog (advertentie Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/5/1973). Twee foto’s uit 1959 zijn te vinden op  GN3097 en GN3098.

Daarnaast komen in advertenties en adresboeken een aantal namen voor op nummer 53a. Het is mij nog onbekend waar deze personen gehuisvest waren (de bovenwoning?) en/of in hoeverre het een eventuele drukfout betreft:

In De Gelderlander 13/3/1947 vraagt mevrouw Bertels “een net meisje”. In het adresboek van 1948 en 1951 staat tevens J.H.J. Bertels, winkelier in herenmodes vemeld. In 1948 komt ook mej. A.C. Büchner op dit nummer voor. J. Jonker in het Adresboek 1959.

Op de foto uit 1989 is de winkel te zien als antiek L’interieur Antique, welke het jarenlang is geweest (eigen herinnering).

In ieder geval zit hier vanaf 2009 reeds New York Pizza (Google Streetview).

Verbouwing nummer 55

Pand St. Annastraat no 55 Ontwerp tot veranderen van het perceel gedeelte B Kad. bekend Gem. Nijmegen Sectie B. No. 1260, architect H.M. Zoetmulder, datum dossier 9-6-1931 (D12.396920)
Pand St. Annastraat no 55 Ontwerp tot veranderen van het perceel gedeelte B Kad. bekend Gem. Nijmegen Sectie B. No. 1260, architect H.M. Zoetmulder, datum dossier 9-6-1931 (D12.396920)

Op bouwtekening D12.396920 noemt Zoetmulder het “Perceel v/d Hr Buchner c.s.”. De kamer wordt de winkel. Daarachter komt een kantoortje, waar de traphal zat, de badkamer wordt de keuken en waar de oude keuken zat, komt de werkplaats.

Indeling St. Annastraat no 55 Ontwerp tot veranderen van het perceel gedeelte B Kad. bekend Gem. Nijmegen Sectie B. No. 1260, architect H.M. Zoetmulder, datum dossier 9-6-1931 (D12.396920)
Indeling St. Annastraat no 55 Ontwerp tot veranderen van het perceel gedeelte B Kad. bekend Gem. Nijmegen Sectie B. No. 1260, architect H.M. Zoetmulder, datum dossier 9-6-1931 (D12.396920)

Slagerij A. Büchner.

De deftige St. Annastraat ontkomt op den duur niet aan den drang van den handeldrijvenden middenstand om ook daar gelegenheid te zoeken zijn waren aan den man te brengen.

Bij het verschijnen van dit blad is een zeer moderne slagerij verrezen aan den hoek Sint Annastraat en Fransche straat, welk geëxploiteerd zal worden door den heer A. Büchner. Onder de kundige leiding van den architect Zoetmulder is daar een winkelpand verrezen dat de omgeving sterkt. Trekt de zaak door de bijzonder mooie pui al reeds van verre de aandacht, ook aan het interieur is de meest mogelijke zorg besteed door het aanbrengen van wit-grijze betegeling waardoor de vleeschsoorten en uitgesneden vleeschwaren op zijn voordeeligst uitkomen. Het frissche marmer, de moderne ijskast en de verschillende snij- en vleeschmachines stempelen deze zaak tot een der mooiste die tot heden werden geopend. De aannemer, den heer Seegers, een woord van lof voor de verschillende, doch niet minder vlugge uitvoering van dezen bouw, waaraan nog de volgende firma’s medewerkten: de heer Beukering voor den aanleg der electrische installatie, de firma Piebenga en Schekman voor de levering der ornamenten, de heer Wouters voor het keurige schilderwerk, waarbij de heer van Leeuwen zich aansloot voor het aanbrengen van het marmerwerk.

Is de firma Büchner al van ouds geen onbekende, deze nieuwe zaak zal onder beheer van den zoon niet aan belangstelling ontbreken.” (De Gelderlander 1/10/1931)

advertentie slagerij A. Büchner,  PGNC 30/9/1931
Advertentie slagerij A. Büchner (PGNC 30/9/1931)

Op 14 juli 1931 had Büchner de hinderwetvergunning voor het oprichten van een rokerij voor vleeswaren gekregen (PGNC 17/7/1931). In 1935 krijgt Büchner een hinderwetvergunning voor het uitbreiden van zijn werkplaats voor het bereiden en roken van vleeswaren (PGNC 29/3/1935).

Verbouwing tot Café door J. v.d. Pijll

In 1967 ontwerpt J. v.d. Pijll de verbouwing van de begane grond tot een café. Daarvoor worden de winkel, het kantoor en de werkplaats samengevoegd. (bouwtekening 17-5-1967 D12.464054).

Bij de “bestaande toestand” van een verbouwing in 1996 blijkt dat het dakkapelletje boven de ingang vervangen is door een dakraam en dat ook op andere plaatsen een dakraam is ingezet. Wel lijkt het timpaan (het driehoekje) van de dakkapel aan de Fransestraat op dat moment nog te bestaan. Tegenwoordig is deze timpaan verdwenen. Wanneer deze verbouwingen hebben plaats gevonden is mij niet bekend.

Vanaf 1969 heet het café St. Anneke, hoewel het een korte tijd een andere naam had.

Architect H.M. Zoetmulder

Architect H.M. Zoetmulder ontwierp veel gebouwen in Nijmegen en daarbuiten. Hij ontwierp onder andere winkels en religieuze gebouwen. Bekende gebouwen…

Cafe Buitenlust J.A. Cornelissen Berg en Dalseweg 33, gedateerd 1925 1930 (F27911 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Verbouwing voor Cornelissen, van architect Buskens en Bieling

1910 Berg en Dalseweg 33 (Café Trianon), Rijksmonument

Cafe Buitenlust J.A. Cornelissen Berg en Dalseweg 33, gedateerd 1925 1930 (F27911 RAN)
Cafe Buitenlust J.A. Cornelissen Berg en Dalseweg 33, gedateerd 1925 1930 (F27911 RAN)

1910-1910 Nijmegen: Berg en Dalseweg 33 (Café Trianon), Rijksmonument

Tegenwoordig heet het café Buskens: de huidige eigenaren van het panden vonden het een goed idee om hun zaak te vernoemen naar haar architect.

Bieling en Buskens ontwierpen dit van oudsher bekende café in 1910, waarbij zij tevens het naastgelegen pand nummer 31 verbouwden en waar J.A. Cornelissen reeds zijn tapperij had en aan de kant van Sloetstraat reeds een depot van de Phoenix Brouwerij aanwezig was. Het café is bekender als Buitenlust, waarschijnlijk zo genoemd vanaf het moment dat de zaal rond 1924 werd gebouwd.

Nog bekender is deze zaak onder de Trianon. Deze naam duikt voor het eerst op in 1955 en wordt tot 2001 zo genoemd, ondanks een aantal verschillende eigenaren. De bekendste zijn Van Weel, die het pand rond 1962 koopt en het moment waarop De Cantine in 2004 de zaak vanaf 2004 tot haar sluiting in 2021 overneemt. In al die jaren is het café vrijwel onveranderd. Na een verbouwing opent hier vervolgen Gastrobar Buskens.

Vooraf: Van depot Phoenix Brouwerij naar café Cornelissen

Ontwerp v/d verbouwing v/m Depot der Brouwerij de Phoenix a/d Berg en Dalsche weg en Ten Hoetstraat, datum tekening augustus 1910 (D12.381044)
Ontwerp v/d verbouwing v/m Depot der Brouwerij de Phoenix a/d Berg en Dalsche weg en Ten Hoetstraat, datum tekening augustus 1910 (D12.381044)

Oorspronkelijk had de Phoenix brouwerij een depot aan de Ten Hoetstraat 2: dit pakhuis is op de bouwtekening (zie hieronder) te zien achter Berg en Dalseweg 31. Daarbij had het pand van het pakhuis tevens een kantoortje aan de Ten Hoetstraat en achterin het pand waren 3 stallen. Onder dit pakhuis zat een bierkelder. In het plan lijkt de voorgevel van dit pakhuis iets aan de ten Hoetstraat uitgebouwd te worden. En vervolgens wordt/is het pakhuis met een plak dak afgedekt dat als overkapping doorloopt. Op de tekening is niet geheel duidelijk in hoeverre deze overkapping reeds aanwezig was en of ook de doorrit overkapt is.

Het café wordt 55M² met daarachter een Bottelarij. Rechts van het pand is een doorrit.

Ook het huis nummer 31 wordt verbouwd: het krijgt een andere voorgevel en een 2e verdieping. Wanneer het huis nummer 31 gebouwd is, is mij (nog) niet bekend. In ieder geval zit aan de voorkant de winkel. Waarschijnlijk is en blijft het tweede gedeelte in gebruik als woonkamer, terwijl er een keuken en een open plaats bij aan wordt gebouwd.

Ontwerp v/d verbouwing v/m Depot der Brouwerij de Phoenix a/d Berg en Dalsche weg en Ten Hoetstraat, links is de Berg en Dalseweg, rechts de Ten Hoetstraat, datum tekening augustus 1910 (D12.381044)
Ontwerp v/d verbouwing v/m Depot der Brouwerij de Phoenix a/d Berg en Dalsche weg en Ten Hoetstraat, links is de Berg en Dalseweg, rechts de Ten Hoetstraat, datum tekening augustus 1910 (D12.381044)

Depot Phoenix Brouwerij

De Gelderlander 15/11/1905
De Gelderlander 15/11/1905

Hoewel het Phoenix bier al in Nijmegen verkrijgbaar was -getuige de advertentie Phoenix-brouwerij Echt Dortmunder bier bij Paul Müller, Grootestraat 5 in PGNC 6/11/1894- lijkt het eerste hoofdagentschap van de Phoenix Brouwerij voor Nijmegen A.W.E. Otte te zijn, Waalkade 68 (De Gelderlander 1/1/1895) en in De Gelderlander 1/1/1895 Berg en Dalsche Weg 401. In de Adresboeken 1896 en 1898 komt Otte voor op Berg en Dalsche Weg 9.

(In het Adresboek 1899 is F. Jacobs, bierbottelaar, op nummer 9 gehuisvest. Het is nog onduidelijk of hij een relatie heeft met de Phoenix brouwerij/de Ten Hoetstraat).

In ieder geval is ten Hoetstraat rond 1899 reeds een depot van de Phoenix brouwerij gevestigd: In het Adresboek 1899 wordt A. Varenbrink genoemd als hoofdagent in de Ten Hoetstraat. Ook in het Adresboek 1901 is Varenbrink hoofdagent, in het Adresboek 1902 J.P. Ingebleek. Ingebleek heeft dan als adres Ten Hoetstraat 8.

De eerstgevonden advertentie waarbij ook Cornelissen wordt genoemd is uit De Gelderlander 15/11/1905: dan is het zoo gunstig bekende Phoenix-Bokbier onder andere te verkrijgen bij het depot op ten Hoetstraat 2 en tevens onder andere bij “J.A. Cornelissen, Berg-en-Dalsche weg”.

Phoenix Brouwerij

De  Phoenix brouwerij was in 1873 in Amersfoort opgericht als “Amersfoortsche Beiersch-Bier-Brouwerij”. Bij de overname door Jan Coets de Bosson werd het in 1891 “Phoenix Brouwerij Coets de Bosson”. Phoenix was de naam van een suikerfabriek van de familie Coets de Bosson in Zevenbergen. In 1894 nam de familie Meursing de brouwerij over en noemde deze “Phoenix Brouwerij H. Meursing & Co.” In 1904 werd de naam “Phoenix Brouwerij en IJsfabriek N.V”, nadat de brouwerij een N.V. was geworden. https://nl.wikipedia.org/wiki/Phoenix_Brouwerij_Amersfoort

In 1960 nam Oranjeboom de brouwerij over. Nadat Oranjeboom in 1967 onderdeel was geworden van Allied Breweries, werd de brouwerij in 1970 gesloopt. Het merk Phoenix bier bleef op dat moment nog bestaan.

Sinds 2007 zijn brouwers in Amersfoort weer begonnen met het brouwen van “Phoenix” bier. Vanaf 2016 is Rock City Brewery in Amersfoort de brouwer.

Kiosk en tramhalte

PGNC 21/8/1910
PGNC 21/8/1910

Op het terrein waar het uiteindelijke café komt, staat aanvankelijk vanaf 1898 een kiosk (Noviomagus). Hoewel de bouwaanvraag (nog) niet is ingezien, zal deze in 1898 aangevraagd zijn met als adres Berg en Dalseweg 9 (beschrijving RAN).

Het artikel in Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/2/2004 noemt echter dat de kiosk in 1873 is begonnen. Een ander artikel in de Wijkkrant Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/5/2001 noemt het jaar 1879.

Waarschijnlijk is het deze kiosk die in augustus 1910 te koop wordt gezet, zie de advertentie hierboven. Het adres Molenstraat 97 is dat van het architectenbureau van Bieling en Buskens, die het nieuwe café hebben ontworpen, waarvan de aanbesteding 17 augustus 1910 plaats vindt.

De Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/2/2004 noemt tevens dat het café een halte van de stoomtram was. Het artikel uit 2001 noemt dat het een halte was voor de paardentram, waarbij het verwijst naar een foto die op dat moment in het café hangt.

Cornelissen, Berg en Dalseweg 31 en 33

Wanneer Berg en Dalseweg (dan Berg en Dalsche weg) 31 gebouwd is, is mij nog niet bekend. In ieder geval komt S.A. Lutz, gepensioneerd kolonel in het Adresboek van 1896 op dit adres voor. (Het is mogelijk dat er een hernummering in de straat heeft plaats gevonden. Echter:) J.A. Cornelsissen komt in 1905 voor het eerst in het Adresboek 1905 voor op dit adres. Hij is dan “tapper”.

Wat in de jaren daarna precies de verhouding is geweest tussen de adressen Sloetstraat en Berg en Dalseweg 31/Depot van Bierbrouwer Phoenix en Cornelissen zelf, is nog niet bekend. Te meer daar in januari 1910 een advertentie verschijnt:

PGNC 9/1/1910 en De Gelderlander 9/1/1910

Biedt de brouwerij nu het huis Berg-en-Dalseweg 31 en het depot Sloetstraat 2 aan? In ieder geval blijft Cornelissen op Berg-en-Dalseweg 31 wonen en blijft hij depothouder van Phoenix.

Café

Rechts het café dat jarenlang oa Buitenlust en Trianon is geweest, foto gedateerd 1930-1944 (Ch. Kellerman via F12651 RAN)
Rechts het café dat jarenlang oa Buitenlust en Trianon is geweest, foto gedateerd 1930-1944 (Ch. Kellerman via F12651 RAN)

Op 17 augustus 1910 vindt aanbesteding plaats van wat het bekende café zal worden: “het verbouwen van het Depôt aan den Berg-en-dalschen weg en Ten Hoetstraat” plaats namens de “Phoenix Brouwerij”, Amersfoort” door P.G. Buskens, architect en J.P.W. Bieling, Chef de Bureau (PGNC 7/8/1910).

Opvallend is dat Cornelissen zich in de nieuwjaarswens- advertenties van PGNC 1/1/1915 en PGNC 31/12/1916 “Sigarenmagazijn” noemt.

In ieder geval is Cornelissen in zijn advertentie van PGNC 31/12/1930 nog “Hoofd-Depôt Phoenix Brouwerij Bierhandel en Limonadefabriek”

Phoenix-Garage Ten Hoetstraat 2

In 1922 opent F.J. Smit de Phoenix-Garage aan de Ten Hoetstraat 2. Het is mij onbekend of het een tijdelijke garage was of als een volwaardige garage bedoelt. Het krantenartikel PGNC 7/1/1922 noemt daarbij dat het kantoor gevestigd is op Pontanusstraat 23. Ook in het Adresboek van 1924 komt de Phoenix-Garage voor op de Pontanusstraat. In ieder geval is deze garage van korte duur: in 1924 verbouwt Cornelissen het perceel tot danszaal.

Buitenlust en Uitbreiding met Danszaal

De Gelderlander 13/6/1925 Advertentie Buitenlust voor dansavond
De Gelderlander 13/6/1925

In september 1924 dient Cornelissen een aanvraag in voor een vergunning tot het schenken van alcoholhoudende dranken in perceel Ten Hoetstraat 2a. Rond begin oktober 1924 gaat de nieuwe danszaal open. In het onderstaande krantenartikel uit 1924 is het tevens de eerste keer dat ik de naam “Buitenlust” heb gevonden. (In een advertentie PGNC 22/12/1924 is het nog “Café-restaurant Cornelissen op Berg-en-Dalsche weg 33”).

De ingang tot de danszaal aan de Ten Hoetstraat 2a (advertentie PGNC 2/10/1926)

Een nieuwe Danszaal.

De ondernemende eigenaar van het Café “Buitenlust”, 33 Berg-en-Dalsche weg, de heer J. Cornelissen, heeft aan zijn zaak uitbreiding gegeven door het inrichten van een Danszaal, waarvoor de voormalige garage van de Phoenix-brouwerij, uitkomende aan de Ten Hoetstraat, geheel omgebouwd werd. In dezen tijd van algemeene liefde voor den dans, zal het uitgaande publiek zich daarin zeker verheugen. De zaal ziet er met sierlijke beschildering en schitterende electrische verlichting, vooral des avonds, zeer gezellig uit, waarvan men zich in de kermisdagen kan overtuigen.

Het werk werd in korten tijd uitgevoerd door den aannemer, den heer G.J.H. Roelofsen, Elandstraat 26; het schilderwerk is van den heer H. Gerrits, Willemsweg en de verlichting van den heer J. Cornelissen Jr. Zij leggen alle eer in met hun werk.” (PGNC 4/10/1924)

In 1926 vraagt Cornelissen vergunning aan tot het schenken van sterke drank (PGNC 28/5/1926)

In PGNC 2/10/1930 staat een advertentie voor Cabaret Dancing Modern “vanaf zondag 5 october 1930, geopend”. Waarschijnlijk betreft het een advertentie van Cornelissen zelf voor zijn (waarschijnlijk) kermisactiviteiten.

Wanneer Walhalla in 1932 opent (zie hieronder), refereert PGNC naar Buitenlust en niet Dancing Modern.

Walhalla

PGNC 2/4/1932
PGNC 2/4/1932

In 1932 opent J. Rutten Dancing “Walhalla” in het pand, Berg en Dalscheweg 33. Hij zal er echter niet lang zitten: in juni 1933 wordt café “Wertha” op dit adres geopend.

Dancing Walhalla.

Sinds eenigen tijd is het café Buitenlust aan den Berg en Dalscheweg overgegaan in handen van een nieuwen eigenaar, den heer Rutten, die tevens de achter het café gelegen dancing exploiteeren zal: dancing “Walhalla” werd zij thans genoemd. Het zaaltje werd geheel gerestaureerd, is van een frissche moderne beschildering voorzien, terwijl de fraaie meubelen, afkomstig van de firma Eppink in de van Oldenbarneveldtstraat het interieur vervolmaken. Een spiegelgladde vloer zal voorts het dansen in “Walhalla” een genot doen zijn.” (PGNC 2/4/1932)

Wertha

De Gelderlander 27/4/1935
De Gelderlander 27/4/1935

In mei 1933 vraagt H. Derks voor het perceel Berg en Dalscheweg 33 een verlof A aan (PGNC 26/5/1933). In juni 1933 opent café Wertha haar deuren. Het PGNC:

Opening café “Wertha”.

Hedenmiddag wordt, blijkens achterstaande advertentie, aan den Berg en Dalscheweg 33 geopend café “Wertha”, genoemd naar het Wertha-bier, uit Weert afkomstig, van een Hollandsche brouwerij, dus Nederlandsch fabricaat. Een geheel nieuwe bier-installatie is aangebracht door J. v.d. Stonden. Lambriseering en vloerbedekking zijn keurig vernieuwd, zoodat alles er frisch en gezellig uitziet. Vóór op het terras is een aardig zitje aangebracht, waar met de komende warme dagen wel van geprofiteerd zal worden. Achter het café is de dancing “Wertha” gelegen. De zaal is verfraaid en naar de laatste eischen des tijds ingericht.” (PGNC 3/6/1933).

In 1955 zal café Wertha worden opgevolgd door Trianon: een mededeling van een kanarietentoonstelling De Gelderlander 7/11/1956 die plaats vindt in de achterzaal van café Trianon (voorheen Wertha).

Trianon

Advertentie Trianon De Gelderlander 16/7/1955
Advertentie Trianon De Gelderlander 16/7/1955

De naam Trianon is afkomstig uit 1955, wanneer Piet Brok op 14-7-1955 zijn café opent (Nijmeegsch Dagblad 13-07-1955). De naam Trianon zal verwijzen naar het lustpaviljoen in de kasteeltuin van Versailles.

Joop van Weel

Café Trianon, gedateerd 1963 1970 (gemeente Nijmegen afdeling Bouwvergunningen via F86335 RAN CC0)
Café Trianon, gedateerd 1963 1970 (gemeente Nijmegen afdeling Bouwvergunningen via F86335 RAN CC0)

In 1962 kocht de universiteit de Commanderie van Sint Jan. Van Weel had dit pand in 1952 gekocht en na restauratie ging de Commanderie als stadwijnhuis open. Nadat de universiteit de Commanderie had gekocht, ging van Weel verder in café Trianon (bijschrift foto RAN)

In ieder geval bleef van Weel tot in de jaren 80 eigenaar.

In de Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/1/1984 staat een advertentie dat “Sinds kort hebben wij ’n nieuwe feestzaal ter beschikking. Deze biedt ruimte aan ±200 personen. Voor kleine feestjes en vergaderingen hebben wij een aparte ruimte”. Het is mij niet bekend of de zaal vóór 1984 niet meer werd gebruikt en vanaf welk moment dat is geweest.

Het café komt voor in het boek Vallende Ouders van A.F.Th. van der Heijden uit 1983. Op woensdag 19 maart 1986 was in dit café overigens een interview met hem (NRC Handelsblad 11-03-1986)

Ijf van Lieshout

In het artikel in de Wijkkrant van 2001 is Ijf van Lieshout 1,5 jaar eigenaar. Hetzelfde artikel noemt dat de muren sinds 1963 niet meer beschilderd waren: “Nicotione heeft hier zijn louterende werk gedaan en is daarmee sfeermaker”. Deze sfeer zal blijven tot het einde van café Trianon in 2021.

Van de Cantine naar Trianon

In 2004 neemt de Cantine, die aan het Mariaplein zit (het huidige Lodewijk) Trianon over. Een leuk artikel, tevens bron van dit stuk, is te vinden in de Wijkkrant Nijmegen Oost. In deze tijd zijn er onder andere dansavonden en optredens van bandjes.

Een mooi interview met André Overbeek naar aanleiding van de sluiting is te vinden bij de Gelderlander

Buskens

Na een verbouwing opent Wijnbar Buskens haar deuren. Eigenaren zijn horecaondernemer Michiel Houkes van Café Eten & Drinken samen met Danny van Hal en Mels van Bilderbeek.

Bij de verbouwing zijn de gebruikte kleuren samengesteld op basis van de verschillende kleuren die sinds 1910 op de muren zijn gebruikt. De zaal is bij het restaurant getrokken.

https://www.intonijmegen.com/blijf-op-de-hoogte/verhaal/nieuw-in-nijmegen-wijnbar-buskens-een-vertrouwde-plek-met-een-wisselend-aanbod

https://indebuurt.nl/nijmegen/bedrijvigheid/van-bruine-kroeg-naar-wijnbar-dit-gaat-er-gebeuren-met-cafe-trianon~137703/

Rijksmonument

Het café is een Rijksmonument (de zaal niet). Als waardering:

“-Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf voorbeeld van een café in een stijl, die Art Nouveau-invloeden vertoont met esthetische kwaliteiten in het ontwerp zoals goede verhoudingen en een bijzondere detaillering.

-Van stedenbouwkundige waarde als voorbeeld van een vroeg 20ste-eeuwse uitspanning of café aan een uitvalsweg met laat 19de-eeuwse en vroeg 20ste-eeuwse bebouwing, die deel uit maakt van het laat 19de-eeuwse uitbreidingsplan van Bert Brouwer.

-Van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een culturele ontwikkeling nl. het bouwen van café’s en uitspanningen met een veranda, rond 1900 een kenmerkende vorm voor een rustplaats langs een uitvalsweg”

Bijlage: aantal gevonden en namen en adressen

NaamOmschrijvingAdresBronOpmerking
S.A. LutzGep kolonelBerg en Dalsche weg 31Adresboek 1896, 1898 
Wed H.F.C. DuijckerGeb D.E.J. Goetz, z.b.Berg en Dalsche weg 311896 
G.A. Wethmar Berg en Dalsche weg 311903 
W. Wethmar Berg en Dalsche weg 311903 
J.A. CornelissenTapperBerg en Dalsche weg 311905, 1907 
 Bierbottelaar 1908, 1909, 1912, 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916, 1916In 1914-1915, 1915, 1916 ook vermelding onder “Minerale wateren en limonades”
 Agent der Phoenix-brouwerij. Handel in wijnen, likeuren, limonades enz. 1918, 1920 
Phoenix bieren op flesch en fust Hoofddepôt Berg en Dalsche weg 311914-1915 
Phoenix BrouwerijAdvertenties 2 knechtsTen Hoetstraat 2De Gelderlander 9/6/1915 
Depot PhoenixAdvertentie SinalcoTen HoetstraatDe Gelderlander 23/8/1918 
Phoenix BrouwerijnieuwjaarswensTen Hoetstraat 2aPGNC 31/12/1919 
     
Phoenix GarageF.J. Smit e.l. (kantoor: Pontanusstraat 23)Ten Hoetstraat 2PGNC 4/1/1922 
Phoenix BrouwerijDepotTen Hoetstraat 21922 
     
J.A. CornelissenBerg en Dalsche weg 31 (Depot Ten Hoetstraat 4), agent de Phoenix-Brouwerij, Handel in Wijnen, Likeuren, Limonades, enz. 1922 
     
J.A. CornelissenElectr. Limonadefabrr. Handel in Wijnen, Likeuren, Gedestilleerd, Hoofd-Agent der Phoenix Brouwerij te AmersfoortBerg en Dalsche weg 31-33-351924 
J.A. Cornelissen Berg en Dalsche weg 311924 
Café Cornelissen Berg en Dalsche weg 331924 
Poort Cornelissen Berg en Dalsche weg 33a1924 
     
Speciale Matrassen en Stoffeer CentraleAdvertentie “heden geopend”Berg en Dalsche weg 31PGNC 6/10/1932 
     
     
Nickel en Au Bon Marché, architect Okhuysen, 1953-1955 (JFM Trum via F42033 RAN CCBYSA)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Drogisterij Nickel en Au bon marche architect Okhuijsen

1953 Hoek Molenstraat – Plein 1944, gesloopt tijdens herinrichting Plein 1944 Centrum

In 1953 heeft architect Okhuijsen het nieuwe pand voor drogisterij Nickel en textielzaak Au bon marché ontworpen. Daarbij is opvallend, dat de panden op het kruispunt van Plein 1944/Broerstraat/Ziekerstaat/Molenstraat min of meer een eenheid lijkt te vormen door hun hoogte, indeling en licht overhangende daken, terwijl het 4 verschillende architecten betreft.

Nickel en Au Bon Marché, architect Okhuysen, 1953-1955 (JFM Trum via F42033  RAN CCBYSA)
Nickel en Au Bon Marché, architect Okhuysen, 1953-1955 (JFM Trum via F42033 RAN CCBYSA)v

Vooraf

In de advertentie voor hout- en marmerschilders van De Gelderlander 9/3/1906 en het Adresboek 1940 heeft Firma Nickel het adres Molenstraat 16.

Bij de Opening

Fraai pand op hoek Plein 1944 geopend

Onder grote belangstelling heeft hedenmorgen de officiële opening plaats gehad van de drogisterij-parfumerie firma F.W. Nickel en de textielzaak “Au bon marché”, twee bekende Nijmeegse zaken, die tezamen zijn ondergebracht in een pand op de hoek van de Molenstraat en het Plein 1944.

Het is zowel wat betref het uiterlijk als het interieur een zeer fraai pand geworden, zodat te begrijpen was, dat ook deze officiële opening een extra feestelijk karakter droeg. De firma Nickel is een oude Nijmeegse zaak, die reeds van 1840 af in de Molenstraat is gevestigd. Tijdens het fatale bombardement in 1944 ging de winkel in vlammen op, doch de eigenaar de heer C.H. Nicolaas, kreeg spoedig onderdak in “Au bon marché”. De kennismaking met deze zaak is blijkbaar goed bevallen, want sindsdien is er een zeer nauwe samenwerking gebleven, die zich manifesteert in het samen betrekken van een nieuw pand.

Tijdens de officiële opening heeft wethouder M.J. Duives hedenmorgen zijn vreugde uitgespoken over het gereedkomen van een zo fraaie zaak in het hart van de stad. De hoek van het Plein 1944 heeft hierdoor veel aan uiterlijk schoon gewonnen. Namens het gemeenstebestuur wenste de wethouder de Nicolaas zeer veel succes toe.

De architect, de heer J.D.A. Okhuysen, die hierna het woord voerde, prees de goede samenwerking tijdens het ontwerpen en de bouw van deze winkel. Ook hij bood zijn beste wensen toe.” (Nijmeegsch dagblad, 7-8-1953)

Vervolg

Er is niet precies nagegaan wat het vervolg van het pand is geweest. Bij het RAN is een foto uit 1975 waarbij de ramen van deze winkels zijn afgeschermd.

In ieder geval heeft hier jarenlang de Free Record Shop ingezeten.

Vergeleken met de foto uit 1954 zijn in ieder geval de onderste verdiepingen grondig verbouwd. Daarbij lijkt een deel van de bovenste verdieping donker te zijn geverfd -of had er geen schoonmaak plaats gevonden?- in ieder geval waren de bovenste 2 verdiepingen in 1954 licht gekleurd.

Op de 2e foto is het witte pleisterwerk(?) verwijderd. Let op het betonnen balkon aan de achterkant.

Hoek Broerstraat Plein 1944: Free Record Shop vlak voor sloop, 2010 (Nico van Hoorn via DF5461 RAN CCO)
Hoek Broerstraat Plein 1944: Free Record Shop vlak voor sloop, 2010 (Nico van Hoorn via DF5461 RAN CCO)
Voormalig pand waarin de Free Record Shop was gevestigd gezien vanaf Plein 1944 Jan Eichelsheim DF363 CCBYSA
Voormalig pand waarin de Free Record Shop was gevestigd gezien vanaf Plein 1944, 2010 (Jan Eichelsheim via DF363 RAN CCBYSA)

J.D.A. Okhuysen, architect

OVER J.D.A. Okhuysen, architect Okhuysen (of Okhuijsen) lijkt vooral als architect van de wederopbouw veel gebouwen in het centrum van…

Hatertse veldweg 284 en 286 Augustus 2023 (Google Streetview)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

De Geschiedenis van Hatertse Veldweg 284: van Fabriek voor Poetsmiddelen tot Boeddhistisch Centrum

1931 Hatertseveldweg 284 en 286 Heseveld

Hatertse veldweg 284 en 286 Augustus 2023 (Google Streetview)
Hatertse veldweg 284 en 286 Augustus 2023 (Google Streetview)

In 1931 laat T.B. Troost zijn nieuwe fabriek Vereenigde Chemische Fabrieken met een woonhuis bouwen aan de Hatertse veldweg 284 en 286. De architect was van Eldik. Deze fabriek produceerde poetsmiddelen. Twee jaar daarvoor had hij zijn fabriek overgebracht naar de Hatertse veldweg 126.

Plan tot het Bouwen van een Fabriek met Woonhuis aan den Haterschen Veldweg kad. Bek. Gem. Hatert Sectie C. 6275-6276 voor rekening van den WeldD. Heer T.B. Troost Slichtenhorststr. 74, architect J.H. van Eldik, datum tekening 1-6-1931 (D12.397135).
Plan tot het Bouwen van een Fabriek met Woonhuis aan den Haterschen Veldweg kad. Bek. Gem. Hatert Sectie C. 6275-6276 voor rekening van den WeldD. Heer T.B. Troost Slichtenhorststr. 74, architect J.H. van Eldik, datum tekening 1-6-1931 (D12.397135).

Vereenigde Chemische Fabrieken.

Op Hatertschen veldweg no. 284 heeft zich een nijverheid ontwikkeld, welke aan zestig personen werk verschaft en in staat blijkt tegen de buitenlandsche nijverheid te kunnen concurreeren met artikelen, welke in kwaliteit en prijs voldoen aan de eischen van het publiek. Hier werd voornamelijk aandacht gevraagd voor verschillende poets- en glansartikelen.

Het Nederlandsch fabricaat propageeren in dezen tijd van internatioale crisis en nijverheidsnaijver, om zoo de werken in eigen land aan loonenden arbeid te kunnen houden, is de plicht van iederen waren vaderlander. Die plicht wordt een aangename taak wanneer men overtuigd is van de volle waarde van het product.

De Vereenigde Chemische Fabrieken- eigenaar de heer F. Troost- heeft een ruime fabriek doen bouwen, welke gisteren officieel geopend werd. Vele genoodigden waren daarbij tegenwoordig- ook de vele vertegenwoordigers uit alle deelen des lands.

De heer F. Troost sprak het inleidingswoord en deed uitkomen, hoe met aller medewerking dit bedrijf uitgegroeid is tot den beteekenenden omvang van heden.

Onze Nederlandsche industrie, welke moeite doet zich in eigen land boven de buitenlandsche te verheffen, ontmoet daarbij vele moeilijkheden. De vreemde nijverheid profiteert van de Nederlandsche wettig geregelde handelsusances.

Importeert Nederland naar den vreemde, dan moet op het artikel wel degelijk het land van herkomst voorkomen. In Nederland heeft de buitenlandsche fabrikant zijn verkoopkantoor en laat de importeur desnoods op zijn artikelen den naam zetten der Nederlandsche importcentrale, welke zijn artikelen voert.

Onze industrie- vooral ook die van chemische producten, verschillende poetsartikelen- ondervindt zooveel tegenwerking.

Toch handhaafde zij zich door kwaliteit en goede propagandapolitiek tegenover de buitenlandsche.

Het bewijs ligt in deze fabriek.

De hoofdvertegenwoordiger, de heer Jansen Muis, sprak namens de vertegenwoordigers en wenschte de directie geluk met de uitbreiding der fabrieken.

Sinds jaren had kachelglans, een buitenlandsch fabricaat, het monopolie. Vele fabrikanten wilden dien alleenverkoop breken, maar strandden telkens.

De heer F. Troost probeerde het toen met zijn artikel Ovaline. Daartoe behoorde een groote dosis optimisme en vakkennis.

Hij moest een aanval doen op den sleur der Nederlandsche huisvrouwen, die altijd buitenlandsche artikelen hadden gebruikt en nu moesten leeren poetsen en inwrijven, niet naar den ouden trant, dik inwrijven en hard poetsen, maar dun inwrijven en licht uitpoetsen.

Daarbij moest de fabrikant rekening houden met de moderne keukeninrichting.

Hij deed dat allemaal en slaagde, dank zij ook doeltreffende reclame.

Thans wordt Ovaline overal gebruikte en bloeit een tak van Nederlandsche nijverheid.

Het tweede fabricaat koper- en zilverpoets Si-So gaat eveneens uitstekend.

Gezond optimisme, goede samenwerking en vakkennis brachten hier een bedrijf in bloei, dat velen aan ’t werk houdt in een specifiek Nederlandsche nijverheid.

De heer Opdam bood als oudste in jaren van de vertegenwoordigers namens allen den heer F. Troost een fraaie ets aan voor diens kantoor en wees dankbaar op de goede onderlinge verhoudingen.

De heer F. Troost aanvaardde dit blijk van waardering in dank.

De Verenigde Chemische Fabrieken werden voor 25 jaar gevestigd in de Ruyterstraat, vervolgens overgebracht naar Hatertschen veldweg 126 en zijn nu ruimer geïnstalleerd in de nieuwe gebouwen Hatertsche veldweg 284.

De nieuwe fabriek is zoo goed als geheel in beton opgetrokken en doelmatig voor het bedrijf ingericht, Beneden met uitzicht op den Hatertschen veldweg zijn de expeditielokalen, de kantoorkamer, het reclamebureau en het privé-kantoor. Boven zijn ruime voorraadmagazijnen. Achter de kantoren liggen de gietlokalen en pakzalen- alles van beton en met betonnen tafels- eenvoudig, maar practisch voor het bedrijf.

Over een open binnenplaats komt men in de geheel vrij staande en brandvrije kokerij, waar de grondstoffen voor de verschillende poetsmiddelen worden gekookt.

Met het oog op het mogelijk brandgevaar is dit gebouw hecht gezet met voldoende uitgangen voor het personeel.

Achter de kokerij liggen, weder door een open pleintje gescheiden, eenige open magazijnruimte en een garage voor drie bestelauto’s.

De bouw is uitmuntend uitgevoerd door den aannemer R.J. Jansen, Hatertsche weg; de electrische licht- en krachtinstallatie werd uitgevoerd door het electrotechnisch bureau J. Lamers te Hees, het schilderwerk der kantoor door de firma Jansen, Guyotstraat.

Naast de fabriek is nu nog in aanbouw een buitenhuisje voor den concierge.

De Chemische Fabrieken van F. Troost produceren: Ovaline-kachelglans, Si-So koperpoets in tuben, Ijsbeer-schoencream, Joretta- boen- en zeilwas en Wera-schuurpoeder. En in al deze artikelen weet het Nederlandsch fabrikaat het vermaarde en veel verspreide Engelsche te overtreffen.”

(De Gelderlander 10/12/1931)

Vervolg

Hatertse veldweg 284 en 286, april 2010 (Google Streetview)
Hatertse veldweg 284 en 286, april 2010 (Google Streetview)

In ieder geval is de fabriek in 1950 nog in gebruik: dan worden jongens beneden de 18 jaar gevraagd voor de Ovaline fabrieken (De Gelderlander 4/9/1950). En in 1953 een Juffrouw voor kantoor (De Gelderlander 21/7/1953).

Uit De Gelderlander 30/7/1945 blijkt dat de Kousenfabriek N.V. ADVA zich tevens op dit adres bevindt. In De Gelderlander 19/5/1947 blijkt echter dat “de bovenverdieping” is uitgebrand. Het is mij (RE) nog niet bekend of dit (een deel van) het kantoorgebouw betrof, dat hierna weer is opgebouwd, of een van de andere gebouwen. In april 2010 lijkt aan de voorkant de situatie nog vrijwel ongewijzigd.

Wanneer de fabriek is gestopt, is mij (RE) nog niet bekend. In 2010 zit in ieder geval Jewel Heart op dat moment al in het pand, getuige de gele borden en het bord voor het pand. Zij zitten op dit moment nog steeds in het pand.

Rond 2012 heeft een verbouwing plaatsgevonden van een voormalig bedrijfspand tot een boeddhistisch centrum en 4 appartementen en ondersteunende voorzieningen. Tijdens de verbouwing is een extra verdieping op het gebouw gekomen en zijn de muren van het gebouw geschilderd.

Meer over deze fabriek op Noviomagus

 

Jos. Van Eldik, architect

OVER Johannes Hendrikus of Jos. van Eldik (Zetten-Andelst, 24-2-1895  –  Nijmegen , 0-7-1973) Jos. van Eldik is architect. De meeste…

Augustijnenbosje

Het Augustijnenbos is vernoemd naar de orde der Augustijnen. Zij kochten in 1923 het terrein tussen de Geldersche roomboterfabriek en…

Het Hotel Keizer Karel 1909 architect Maurits F17877
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Architectuur van Kneipp instituut/ Hotel Keizer Karel: architecten Knoops en Maurits

Het Hotel Keizer Karel 1909 architect Maurits F17877
Het Hotel Keizer Karel 1909 architect Maurits F17877

Het Hotel Keizer Karel is als uitbreiding van een villa gebouwd in 1893, tussen de toenmalige Graafsche Straat (nu Graafseweg) en Stationsstraat (nu Van Schaeck Mathonsingel). De aanleiding was de oprichting van een Kneipp Instituut, vooral (kortstondig) beroemd door haar warm- en koud water opgietingen. Architecten waren Knoops en Maurits.

In 1905 vond een verbouwing plaats naar ontwerp van architect Maurits, die tevens aannemer van de verbouwing was. Het gebouw werd tijdens de Tweede Wereldoorlog verwoest.

Vooraf: Bouw Villa Bert Brouwer

In 1886 was op de hoek van de Stationsweg (later de Van Schaeck Mathonsingel) en de Graafsche straat (nu: Graafseweg) een villa gebouwd naar ontwerp van Bert Brouwer (Noviomagus).

Kneippsche Anstalt : De Kneippsche Inrichting van dr. Banning

In oktober 1892 blijkt dat dr. Banning een Kneipp Instituut -of Kneippsche Anstalt ”op het fraaiste en voor dat dol het best gelegen punt onzer stad, het Keizer Karelsplein namelijk, in de nabijheid dus van tram- en spoorweg, en omgeven door de schoonste en uitgestrektste wandelwegen, die Nijmegen voor de vestiging van een dergelijke inrichting zoo eigenaardig geschikt maken, is reeds een groot gebouw met ruime terrein gekocht, om naar de aanwijzingen van dr. Banning te worden gereed gemaakt.”

Dr. Banning had een tijd in Wörishofen doorgebracht, om den “beroemden esculaap in zijn eigen huis gade te slaan, zijn methode van nabij te onderzoeken en zich tevens te overtuigen van de vele soms aan het wonderbare grenzende genezingen.” Daarop besloot hij medewerking te verlenen aan de oprichting van een Instituut in Nijmegen. Een der gediplomeerde helpers van pastoor Kneipp zal aan de inrichting komen te werken om de voorgeschreven gietingen uit te voeren. Voor de dames is een helpster gevonden.

Kneipp en het Kneipp instituut

Sebastian Anton Kneipp (1821-1897) ontdekte de volgens hem genezende kracht van koud water nadat hij van een ernstige longaandoening genezen was doordat hij baden had genomen in de Donau. (Daarbij had hij nog niet gehoord ban het werk van Priesnitz).In 1880 opende hij zijn instituus in Wörishofen. Aan dit instituut waren tevens echte artsen verbonden. In 1881 wordt Kneipp gewijdt als pastoor van deze plaats.

Al gauw verschenen er Kneipp verenigingen en zijn boeken behaalden miljoenenoplagen.

Kneipp therapie

Kneipp beval aan regelmatig blootsvoets door bedauwd gras of sneeuw te lopen of door koud water te wandelen. Zijn systeem werkt tevens met warm water en kruiden en tevens benadrukt hij het belang van frisse lucht en zonneschijn. Kneipp wordt gezien als een van de eerste beoefenaars van natuurgeneeswijze.

Een van de onderdelen van een kuuroord is de “Wassertretstelle”,  Dit is een soort ondiep voetenbad met een metalen hekje, waar de patiënt overheen wandelt.

Een belangrijke behandeling is die afwisseling van warm en koud water. Dit gebeurt door het nemen van warme en koude baden, of door middel van opgietingen.

Kwakzalverij?

Hoe kijkt en keek de reguliere geneestkunst tegen de Kneipp Instituten aan?

De Vereniging tegen Kwakzalverij plaatst in de jaren 90 van de 19e eeuw een aantal reacties, vooral naar aanleiding van de populariteit van de Kneipp Instituten en vanwege het overlijden van Kneipp. Daarbij maakt zij onderscheid tussen het werk van Kneipp zelf en degenen die er een “handeltje” van gemaakt hebben.

Kneipp wordt gezien als iemand die ter goeder trouw handelde (en daarom door de betreffende vereniging geen “kwakzalver” wordt genoemd). De vereniging gaat in een aantal artikelen daarbij in dat vóór de wetenschappelijke benadering de geneeskunde leerde van datgene van wat werkte. In een aantal artikelen benadrukt zij juist de verworvenheid van de wetenschappelijke benadering van de geneeskunde: om te kunnen verklaren wat een aandoening inhoudt en waarom en hoe een geneesmiddel effect heeft op deze aandoening. Het gevaar van een Kneipp Instituut kan zijn, dat aandoeningen niet op de juiste manier worden onderkent. (Zie Maandblad tegen de Kwakzalverij, 1897)

De Stichting tegen Kwakzalverij in haar encyclopedie over de watertherapie: “Er is na een eeuw nog maar weinig bekend over de effectiviteit van Kneipps therapie. Natuurlijk kan een bad ontspannend werken, en een behandeling met koud water eventueel afgewisseld met warm water kan worden opgevat als een algemene prikkeltherapie.” (En tekent daarbij aan dat de vele effecten zoals Geneeswijzen in Nederland uit 1993 deze beschrijft “weinig geruststellend” zijn.)

De verbouwing tot hotel

Het gebouw zal dusdanig worden vergroot, dat het voldoet aan de eisen van een familie-hotel. In oktober hebben reeds een aantal patienten aangemeld (PGNC 19/10/1892)

Vanwege de aanvragen gaat de inrichting gaat zelfs eerder open dan verwacht, nog voor de verbouwing. In de villa zijn de benodigde veranderingen aangebracht, zodat de inrichting vanaf 1 november open gaat. Daarbij wordt verwacht dat de 2 vleugels in het voorjaar gereed zullen zijn. (PGNC 30/10/1892)

In november wordt G.J. Derksen benoemd tot directeur. Hij was voorheen directeur-gérant van Hotel Place-Royale (PGNC 13/11/1892).

Op 4 januari 1893 vindt de aanbesteding plaats van “het bouwen van twee Vleugels enz. aan het bestaande Hoofdgebouw aan het Keizer Karelsplein”. De architecten zijn Knoops en Maurits, waarbij de Directie van het Hôtel Keizel Karel de opdrachtgever is. Daarbij wordt de aanbesteding gegund aan Fr. Buskens. Hij was met f59.945 de laagste inschrijver. (PGNC 22/12/1892 en 8/1/1893)

Hotel Keizer Karel

Hotel Keizer Karel: RAN dateert deze foto op 1905; aangezien het Gelderlander noemt dat er een verdieping bij is gekomen, is de foto in ieder genomen vóór de verbouwing (International Trading Company via F17874 RAN) Architect Knoops en Maurits Keizer Karelplein
Hotel Keizer Karel: RAN dateert deze foto op 1905; aangezien het Gelderlander noemt dat er een verdieping bij is gekomen, is de foto in ieder genomen vóór de verbouwing (International Trading Company via F17874 RAN)

In augustus 1893 is het hotel gereed.

De lengte van de voorgevel en aan de Graafsche Straat is elk 23 meter, de vleugel aan de Stationsweg 32 meter. Het hotel heeft 60 slaapkamers. De Kneipp Inrichting beslaat de gehele linker vleugel (oftewel de vleugel aan de Graafsche Straat).( PGNC 2/4/1893)

De Gelderlander schrijft in augustus:

Nijmegen, 2 Aug.

Het Keizer-Karel hôtel waarop Scheveningn en de badplaatsen in het Rijnland trotsch mochten zijn, wordt deze dagen geopend en trekt reeds nu dagelijks een drom van belangstellende bezoekers, waaronder ook wij ons bevonden.

Het hôtel voldoet aan de hoogste een laatste eischen des tijds; het interne is wat het confortable, het ruime, het luchtige en lichte, de geruischlooze bediening en al wat men in onzen dagen in de voornaamste hotels van binnen- en buitenland verwachten mag, onberispelijk en zal zelfs de verwachting van menigeen overtreffen.

Niet alleen is het kolossale gebouw met zijn 170 ramen, met zijne fraaie, imposante en tevens ornamentieke façade en zijne drie andere even sierlijke en vrij liggende gevels een sieraad onzer stad, doch het inwendige spant nog de kroon boven het sierlijke aspect.

Zelfs de elementen hebben medegewerkt om hier een gebouw te schichten, dat zich zoo gunstig mogelijk onderscheidt. Uitgebouwd in een exceptioneel droog seizoen, waarin geen drop regen viel, is alles zoo kurkdroog alsof het hotel er al een jaar of 10 gestaan had. Pas gepleisterde muren voelen aan als karton. Voeg hierbij de centrale verwarming en de spouwmuren, dan behoeft niet gezegd te worden, dat men hier heeft een continuatie niet alleen van gezonde ligging, maar ook van goede constructie.

Een gelukkig toeval heeft gewild dat de architecten Knoops en Maurits en de aannemer de heer Buskens, voorgelicht door personen die door jarenlange ondervinding het karakter, om zoo te zeggen van een hotel door en door kennen, er in geslaagd zijn hier als het ware een kunstig uurwerk te vervaardigen dat met de zeer groote ruimte gewoekerd hebbende, dezelfde geriefelijkheden aanbiedt als een hotel van driemaal dezelfde grootte.

Wij zagen in de directiekamer het electrische controle-toestel, dat ieder verzuim door het dienstdoend personeel gepleegd aanstonds verraadt, alsmede het toestel dat ingeval van brandgevaar of vermoeden van brand, aanstonds in iedere kamer en elke localiteit van het geheele hôtel een alarmschel in beweging brengt, die elkeen wekt voordat er nog eenig imminent gevaar bestaat, terwijl trouwens 6 brandkranen op de onderscheidene verdiepingen, waarmede iedere localiteit dadelijk te bereiken is, een brand in den oorsprong kunnen blusschen.

Wij spraken van het comfort in dit hotel. Niet alleen in de bel-étage, maar op alle verdiepingen vindt men een appartemen “offices” getiteld, waar alle geriefelijkheden direct te bekomen zijn, zonder dat andere logé’s last hebben van het aandragen van een of ander. Ook vindt men er een badkamer voor degenen, die gezond van harte, de Kneipssche inrichting aan het hôtel verbonden niet als geneesmethode behoeven.

Wanneer men van uit de groote eetzaal met de estrade, voor festiviteiten, toneeluitvoeringen en dergelijke compleet ingericht, een oog slaat in de reeks van elkander opvolgende appartementen, dan waant men zich te zijn in een passage of galerij, die zelfs het oog van hem, die in het buitenland veel verkeerd heeft, verrassend aandoet.

Bij deze eetzaal sluit zich op een andere étage in deze zeer moderne inrichting de andere eetzaal aan voor besloten gezelschap, zoomede de biljartzaal met een van spiegelglas voorzien en op tentoonstellingen bekroond biljart.

De meubileering dezer zalen, ook van de andere appartementen die wij de gelegenheid hadden in ogenschouw te nemen, is chique en fijn. Onze aandacht trok vooral een men mag wel zeggen vorstelijk gestoffeerd salon met appendenties, waar wij onder het ameublement uit één stijl onze attentie voelden getrokken door stoelleuningen die in een kader van émail verschillende episodes uit de novellen van Walter Scott: Ivanhoe, Old Mortality, the Maid of Perth enz. in herinnering roepen. Wij zouden haast zeggen naar alle windstreken, doch vooral van de warande aan den Stationsweg en het terras aan het plein, heeft men een kostelijk vergezicht en tevens een vue op al het mouvement die de nabijheid van het station en de verschillende stoomtramwegen, waarvan onmiddellijk gebruik te maken is, aanbieden.

Ook is de generale bediening van het hôtel door den heer Dercksen, die zich als gérant reeds een gevestigde naam verworven heeft, ligt een waarborg dat de vele vreemdelingen, die in het Keizer-Karel hotel hun intrek zullen nemen, deze beschrijving geenzins als overdreven zullen beschouwen, slechts al een matte schets van hetgeen men door eigen aanschouwing en verblijf zal waardeeren.” (De Gelderlander 3/8/1893)

Verbouwing Hotel Keizer Karel door architect Maurits

1905

Het Hotel Keizer Karel 1909 architect Maurits F17877
Het Hotel Keizer Karel 1909 architect Maurits (F17877 RAN)

In 1905 vindt een verbouwing plaats. Daarbij is het hotel vergroot, doordat er een verdieping bovenop is gebouwd. Hierbij was eveneens Maurits de architect.

De Gelderlander schrijft hierover:

Hotel “Keizer Karel”.

Op vriendelijke uitnoodiging, namen wij gisteren een kijkje in het hotel “Keizer Karel”, dat door toevoeging van een nieuwe verdieping weer aanmerkelijk is vergroot en tevens inwendig een ware herschepoing heeft ondergaan, zoodat het thans met de meest grootsteedsche inrichtingen van dien aard kan wedijveren.

Al bij het betreden der nieuwe vestibule treft ons de gelukkige verandering. Een kleurig Smyrna-tapijt op den wit marmeren vloer, sierlijke serre-meubelen van rooskleurige bamboe maken hier al aanstonds een vriendelijken indruk. Rechts van deze vorstelijke voorhalle zijn een paar conversatie- of leessalons ingericht, deftig en heel modern gemeubeld in eikenhout, met donkerblauw leer gestoffeerd, dat keurig harmoniëert met het rustig effen blauwe behangsel. De tweede dezer zalen, die met een breed balkonvenster uitzicht geeft op het terrras, is bestemd voor degenen, die bij het lezen niet wenschen gehinderd te worden door sigarenrook.

De vroegere leeszaal, aan de achterzijde gelegen, is thans, van een viertal fraaie en doelmatige schrijfbureau’s voorzien, uitsluitend tot schrijfzaal ingericht, waar de gasten rustig hun correspondentie kunnen afdoen.

Verder heeft men in dezen vleugel een ruime restauratiezaal met aangrenzende ontvangstzaal, in onmiddelijke verbinding met een afzonderlijk vertrek voor buffet, en vervolgens de bekende gezellige en deftige feestzaal, met haar erkersgewijs uitgebouwd tooneel, geflankeerd door twee kleedkamers, een voor dames en een voor heeren. Langs de restauratie- en ontvangstzalen strekken zich serrevormig uitgebouwde ontbijt- en lunchzalen uit, uitkomend op een open veranda, die onmiddellijk toegang geeft tot het terras.

Een bezoek aan de keuken met aangrenzende vertrekken voor vaat- en glaswerk, provisiekamers met ijskasten voor ’t bewaren van vleesch en visch, de linnenkamers en den welvoorzienen, kolossalen wijnkelder overtuigden ons dat ook op meer stoffelijk gebied de goede smaak hier alleszins bevrediging vindt.

Links van de vestibule heeft men eerst een deftig-gezelligen salon, uitkomende op de veranda, en verder een reeks logeerkamers, afgewisseld met kleine salons.

Op de twee bovenverdiepingen heeft men telkens boven de vestibule een ruime, rijk gemeubileerde zaal met prachtig uitzicht op het Keizer-Karelplein; die van de eerste verdieping diende tijdens het verblijf der Koningin in 1895 tot eetzaal voor Hare Majesteiten. En verder worden de beide vleugels geheel ingenomen door logeerkamers, in ’t geheel 65 (?) in getal, waarvan 54 voorzien van balkons, die een vrij uitzicht bieden op de frissche omgeving van parken en villa’s.

Op elke verdieping heeft men een badkamer; dikke loopers op de trappen en gangen waarborgen een geruischlooze bediening; centrale verwarming verspreidt in den winter overal een gelijkmatige temperatuur en twee ijzeren wenteltrappen, aan de achterzijde buiten tegen het gebouw aangebracht, verzekeren een veiligen aftocht in geval van brand.

Architect en uitvoerder der werken voor de vergrooting was de heer W.J. Maurits. Het schilderwerk werd keurig uitgevoerd door de heeren Gebrs. Frohwein en G.W. Tesser. Tapijten, loopers, gordijnen enz. werden geleverd door de firma Bahlmann & Co. De smaakvolle meubileering eindelijk is het werk der firma F.J. Schoenmaker & Zonen te Zwolle, die bijzonder op het gebied van hotelmeubeling een welverdiende naam geniet.

De nieuwe vergrooting en verfraaiing zal ongetwijfeld strekken om den gunstigen roep te versterken, dien het hotel “Keizer Karel” gedurende zijn twaalfjarig bestaan bij de vreemde bezoekers van Nijmegen uit het heele land heeft verworven.”(De Gelderlander 25/6/1905)

De voorgevel van de Kook en Huishoudschool, architect Semmelink, huidig adres Groesbeekseweg 15, 1899 (F58731 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Kook- en Huishoudschool architect Semmelink

1899 Kook- en Huishoudschool, Groesbeekseweg 15 Galgenveld

De voorgevel van de Kook en Huishoudschool, architect Semmelink, huidig adres Groesbeekseweg 15, 1899 (F58731 RAN)
De voorgevel van de Kook en Huishoudschool – wat tevens boven de ingang staat geschreven, architect Semmelink, 1899 (F58731 RAN)

In januari 1899 gaat de kook- en huishoudschool aan de Groesbeeksche straat open. Het ontwerp was van architect Semmelink. In 1893 hadden een aantal vooraanstaande Nijmeegse vrouwen het initiatief genomen tot de oprichting van een kookschool. Dit naar aanleiding van een lezing van freule Jeltje de Bosch Kemper.

Jeltje de Bosch Kemper

Jeltje de Bosch Kemper (Amsterdam, 28 april 1836 – 16 februari 1916) zette zich in voor de verbetering van de maatschappelijke positie van vrouwen. Een van haar initiatieven was de oprichting van de Amsterdamse huishoudschool in 1891. Deze was bedoeld voor huisvrouwen en voor degenen die later professioneel in de huishouding of het huishoudonderwijs zouden gaan werken.

De lezing

Op 14 december gaf ze een lezing “De Opleiding van de Vrouw voor de Huishoud- en Kookkunst” in de zaal van de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen.

Zij gaf daarin het belang van de huishoud- en kookkunst voor vrouwen aan , vooral bij de minder welvarende standen. Om met die kennis het huiselijk geluk te kunnen bevorderen. Daarbij noemt ze ook hoe in België, Schotland en Engeland heeft geprobeerd huishoud- en kookonderwijs onderdeel te laten zijn van lager onderwijs.

Daarna geeft zij aan hoe een cursus kan worden opgezet, waarbij met geringe middelen en bescheiden schaal het onderwijs al kan worden vormgegeven. (PGNC 13/12/1893 en PGNC 16/12/1893)

Het Begin

Een kookles in 1910 op de Groesbeekseweg (F58720 RAN)
Een kookles in 1910 op de Groesbeekseweg (F58720 RAN)

Aanvankelijk was de school begonnen in een klein gebouw “De Eenigheid”, lokalen van de voormalige Bank van Leening dat door de gemeente was afgestaan. De Eenigheid was een gas, waar nu het noorden van Plein 1944 ligt. Op 1 september 1894 ging de school van start. Daarbij konden de volgende curssusen worden gevolgd: de Damescursus, de Dienstbodecursus en de Volkslessen.

Omdat de school erg vochtig was, vestigde zij zich in een gehuurd huis aan de van Berchenstraat 21. Hierbij was tevens plaats voor een klein aantal internen. Vanwege de toename van het aantal leerlingen voldeed ook dit gebouw niet meer; herhaaldelijke verzoeken tot opname van interne leerlingen moesten worden afgewezen. (De Gelderlander 8/1/1899).

Op 7 januari 1899 opent het pand aan de Groesbeeksetraat. Het RAN noemt de bouwstijl: “eclectisch (met Art Nouveau elementen)”

Daarbij, of twee jaar later, gaat de school naast kook- ook huishoudonderwijs geven en lesgeven aan weesmeisjes: Het Huis van de Geschiedenis noemt 2 jaar later, het krantenartikel bij de opening noemt de school al voor kook- en huishoudonderwijs en geeft aan dat er al strijk- en mangelkamers zijn. Ook zijn er leden van het weeshuis bij de opening aanwezig, waarbij niet geheel duidelijk is in welke aard: “van het weeshuis tegenwoordig, dien van de verschillende leeraressen, die achtereenvolgens aan de school waren werkzaam geweest.”

In 1910 vindt een verbouwing plaats.

Nijverheidsonderwijs en verder

De kook- en huishoudschool, architect Semmelink, foto 1915 (A.T. van Hooijdonk via F14218 RAN)
De kook- en huishoudschool, architect Semmelink, foto 1915 (A.T. van Hooijdonk via F14218 RAN)

Vanaf april 1920 viel de school onder het Nijverheidsonderwijs. Het pand nr. 17 werd bij de school opgetrokken.  De opleiding kostuumnaaien begon 2 jaar later. Vanaf 1930 werd er begonnen met de primaire opleiding, een voorbereidende cursus welke een vervolg was op de lagere school.

In 1936 was er een grote verbouwing: de minister van onderwijs vond 2 neutrale huishoudscholen in Nijmegen te veel. Daarop ging de school samen met “De Haard”.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog wist de directrice vele malen -19 keer- te voorkomen dat de school werd gevorderd. Op 24 maart 1945 vond de verhuizing plaats naar Oranjesingel 3. Op 13 juni 1951 werd een nieuwe school geopend.

Er is nog niet verder onderzocht wat de functie van het gebouw aan de Groesbeekseweg vervolgens is geweest. In ieder geval is het gebouw in 1999 vervangen door appartementen.

Huishoudschool 1903 architect Semmelink (G. van Heuven via F14209 RAN)
Huishoudschool 1903: nummer 17 is op dat moment in aanbouw, architect Semmelink (G. van Heuven via F14209 RAN)

Artikel PGNC 1899

Het PGNC schrijft bij de opening in 1899:

Nijmegen, 7 januari.

Aan de Groesbeeksche straat, te midden eener geheel nieuwe, moderne buurt, welker fraaie huizen in enkele jaren als het ware bij tientallen uit den grond zijn verreezen, trekt sinds eenigen tijd een flink gebouw met een zeer karakteristieken gevel de aandacht. Boven de entrée staat op een smaakvol schild de bestemming vermeld: Kook- en Huishoudschool. Het zeer actieve bestuur deze instelling van practisch nut heeft niet gerust, voor het een eigen huis had. Met krachtigen financieelen steun van verschillende ingezetenen kwam dit gebouw tot stand, om, naar wij hopen, tal van jaren een aangenaam tehuis te zijn voor jonge dames, die zich met ernst toerusten voor de haar wachtende schoone taak, om als bedreven huisvrouwen den scepter te voeren in de echtelijke woning of om elders, waar haar hulp vereischt wordt, nuttig te kunnen zijn.

Het gebouw links is de eerste Nijmeegse huishoudschool ook wel kookschool genoemd, gedateerd 1905 - zal echter eerder zijn aangezien nr 17 nog niet gebouwd is/in aanbouw is (Vivat Amsterdam via F13712 RAN)
Het gebouw links is de eerste Nijmeegse huishoudschool ook wel kookschool genoemd, gedateerd 1905 – zal echter eerder zijn aangezien nr 17 nog niet gebouwd is/in aanbouw is (Vivat Amsterdam via F13712 RAN)

De heer Semmelink, onze kundige bouwmeester, heeft met zijn practischen zin een uitstekend gebouw geleverd, dat zeker aan alle rechtmatigen eischen voldoet. De gevel, opgetrokken van rooden baksteen, afgewisseld met zand- en hardsten, wij zeiden het reeds, maakt een goeden indruk. In de boogvormige entrée geven drie deuren toegang tot het gebouw; de hoofddeur leidt naar een ruimen, breeden corridor, terwijl een zijdeur links naar de theoriezaal en een rechts maar de volkskeuken voert. De beneden-rechter vleugel van het gebouw wordt ingenomen door twee groote keukens van talrijke fornuizen en andere keuken-utensiliën volgens de laatste vinding. Links, achter de reeds genoemde theoriezaal, de toegang naar het sousterrain en daarachter ruime, aan den tuin uitkomende strijk- en mangelkamers. De eerste etage bevat een groote huiskamer, een dito eetkamer, een bestuurs-kamer, een directrice-kamer, benevens flinke slaapkamers; de tweede etage slaapkamers, badkamer, bergkamer enz. Alles ruim, luchtig en vroolijk en, hoewel niet met luxe, toch zeer degelijk en gezellig gemeubileerd. In het sousterrain bevinden zich de provisiekamer, van waaruit een lift langs de keukens naar de eetkamer voert; verder bergplaatsen van allerlei aard. Doordat het sousterrain ook een ingang heeft aan de voorzijde, kan alle provisie, brandstof enz. direct op de daarvoor bestemde plaatsen worden bezorgd. Ook heeft men daarlangs toegang tot den grooten tuin achter het gebouw gelegen, waarin later een proef-moestuin zal worden aangelegd. Het geheel is met zorg afgewerkt en van allerhande gemakken voorzien.

De bouw werd aangenomen door de heeren Heijmerink en Nollen, aannemers alhier, die het gebouw tot tevredenheid van het bestuur hebben opgeleverd en wier lof zeker de bezoekers van heden zullen verkondigen.

Heden middag te 2 ure had de plechtige opening van het gebouw plaats. Een talrijke schare dames en eenige heeren waren hierbij tegenwoordig. Onder de aanwezigen bevond zich ook jonkvrouw Jeltje de Bosch Kemper, die destijds door het houden van eene lezing hier ten stede den eersten stoot heeft gegeven tot de oprichting van eenen kook- en huishoudschool, en de luit.-kolonel Grevers, kommandant der Koloniale Reserve. Door de presidente van het bestuur, mevr. Schönhard-Krecke, werd een hartelijke openingsrede gehouden, waarin dank gebracht werd aan het Gemeentebestuur voor de bereidwilligheid, waarmede dit destijds kosteloos het lokaal in de Eenigheid had afgestaan; aan freule de Bosch Kemper voor het initiatief in zake stichting van huishoudscholen; aan den luit.-kolonel Grevers en ook diens voorganger luit.-kolonel Notten voor hunne belangstelling in de zaak; aan den architect, den heer Semmelink, en de aannemers van het nieuwe gebouw, kortom aan nog vele anderen, die zich verdienstelijk hadden gemaakt jegens de inrichting, en last not least, aan de aftredende directeur, mejuffrouw van Dijk, voor haar flink bestuur, dat der school ten zegen is geweest. In korte trekken schetste mevr. Schönhard de geschiedenis der school, welke in weinige jaren zulk  een hooge vlucht heeft genomen en tot welker voortdurenden bloei spreekster, zeker uit naam van allen, de hartelijke wenschen uitsprak.

Na deze rede werd door eenige leerlingen een openings-cantate, woorden van mej. J.A. Kosters (?), zeer verdienstelijk gezongen, werd der dichteres een krans aangeboden en sprak jonkvr. De Bosch Kemper nog een hartelijk wederwoord. Hierop werd eene tournée gemaakt door de verschillende zalen van het fraaie gebouw en daarmede was de inwijding afgeloopen. Moge zij, om de woorden freule de Bosch Kemper hier nog eens te herhalen, gedijen tot in lengte van dagen!” (PGNC 8/1/1899)

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is afbeelding-18.png
Voormalige Kook- en Huishoudschool, Groesbeekseweg 15 en 17, augustus 2023 (Google Streetview)
Voormalige Kook- en Huishoudschool, Groesbeekseweg 15 en 17, augustus 2023 (Google Streetview)

Derk Semmelink, architect

Architect Semmelink begon als leerling bij de Arnhemse architecten van Gendt en Nieraad. Een aantal werken van hem zijn Hotel-café…

(Overige) Bronnen en verder lezen:

Eerste Nijmeegse school voor Beroepsonderwijs, Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Jeltje de Bosch Kemper, wikipedia

Enigheid, Straatnamenregister Rob Essers

Plan voor het verbouwen van een woonhuis aan de St. Anna -dwarsstraat te Nijmegen, architect Tiemstra,  (D12.384014)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Achipelstraat 288 ontwerp Tiemstra

Bijzonder aan de “Pretty Home”, Archipelstraat 288 is dat er vlak na de oplevering in 1912 een verdieping is toegevoegd, waarbij het gehele ontwerp van G. Tiemstra intact is gelaten.

Aangezien er (waarschijnlijk) geen verbouwingen hebben plaats gevonden, lijkt de woning in augustus 2023 nog steeds op dat van meer dan 100 jaar geleden.

Oplevering 1912 en verbouwing 1913

Archipelstraat 288 is ontworpen en gebouwd door de aannemer G. Tiemstra in 1912 (D12.382775). De eigenaar is J. Lampe. Al een jaar later vindt verbouwing plaats, door dezelfde architect en voor dezelfde eigenaaar door er een etage tussen te voegen. De bovenstaande tekening is die van de verbouwing van 1913: links het in 1912 gebouwde huis, rechts de verbouwing van 1913.

Plan voor het verbouwen van een woonhuis aan de St. Anna -dwarsstraat te Nijmegen, architect Tiemstra,  (D12.384014)
Plan voor het verbouwen van een woonhuis aan de St. Anna -dwarsstraat te Nijmegen, architect Tiemstra,  (D12.384014)

Tiemstra

Gatse Tiemstra noemt zich op de nieuwjaarspagina van het PGNC 1/1/1916 nog “Mr. timmerman en aannemer Pontanusstraat 24-26”. Tiemstra vestigt zich op 1892 in Nijmegen. Hij komt in dienst van M. Wijers, timmerbaas op de Pontanusstraat. In 1903 zal hij het bedrijf overnemen. Het adres Pontanusstraat 24 was lange tijd de spil van de onderneming, welke in de loop der jaren zou uitgroeien tot een groot aannemersbedrijf. Deze werd in 1988 verkocht aan NBM-Amstelland. Een lange beschrijving is te vinden op Huis van de Nijmeegse Geschiedenis.

Jan Lampe

In het Adresboek 1913-1914 komt een L. Lampe voor op St. Annadwarsstraat 5 Waarschijnlijk betreft het Jan Lampe (22-2-1880, Aengwirden (hier: Engwirden). Hij komt op 15-10-1912 te wonen op “St. Annastraat 5”. Waarbij hiermee Annadwarsstraat wordt bedoeld (dit blijkt ook uit de verhuizing van Leendert van Gent, zie hieronder). Hij is dan afkomstig uit Apeldoorn. Hij scheidt op 19 februari 1914 (vonnis, verwerking 14 maart, blad 5) an Bertha Johanna Verschuur (16-6-1887), waarmee hij op 6-3-1907 was getrouwd. Beiden zijn dan “zonder beroep”. Op 25-8-1914 trouwt hij met Johanna Josepha Evers (14-2-1882 Soerabaja).

Voordat Jan Lampe vanuit Apeldoorn naar Nijmegen komt, heeft hij eerder gewoond in Nijmegen, als zoon van Jan Evert Lampe (18-5-1838, Steenwijk, Zonder beroep) en Anna Elisabeth Sara Mooijaart (2-2-1849, Colijnsplaat). Hun huizing is Wijk G 141, later doorgehaald en vervangen door 206. Het gezin was daarbij op 6-11-1889 afkomstig uit Steenwijk. (Bevolkingsregister 1880).

Jan blijkt een aantal keren te verhuizen, om daarna weer bij zijn ouders te gaan wonen: op 8-9-1896 – 25-8-1898 naar Utrecht, van 13-10-1898 naar Tiel om op 8-2-1900 weer bij zijn ouders te gaan wonen, waarbij hij afkomstig is uit Hasselt, België. Op 14-5-1901 vertrekt hij weer, naar Elst (Bevolkingsregister 1890 en 1900).

Wat er na de scheiding van Jan gebeurt qua huisvesting is niet geheel duidelijk: Enerzijds maakt het Bevolkingsregister melding van het vertrek naar Den Haag op 8 juni 1914; anderzijds is daaronder weer een rij waarbij hij zich vestigt op 8 juni 1914 “van Nijmegen”, waarbij  daaronder geschreven staat “geen gebruik gemaakt” en waarop hij op 23(?) april 1918 naar Apeldoorn vertrekt. Op later datum is bij de tweede rij tevens zijn geboortedatum veranderd van 22 naar 2 februari.

Hij overlijdt op 1-11-1943 te Apeldoorn.

Leendert van Gent

PGNC 11/1/1914

In januari 1914 wordt de veiling aangekondigd van “Pretty Home”, zie bovenstaande advertentie.

De volgende gevonden bewoner is Leendert van Gent. Hij is op 2-12-1877 geboren te Ubbergen. Wannneer hij zich op 19-4-1911 weer in Nijmegen, Jan Berendsstraat 14a, vestigt, is hij afkomstig uit Utrecht. Hij is getrouwd met Jeanette H. Eekhoff (1-2-1884 Nijmegen). Wanneer hij vóór 1920 naar de St. Annadwarsstraat 5 verhuisd is afgaande op het Bevolkingsregister niet duidelijk: De Dr. Jan Berendsstraat is op 1-1-1921 doorgehaald en vervangen. In het Bevolkingsregister 1910 staat hij vermeld als koopman.

In het adresboek 1914, 1915 en 1916  komt hij voor onder de kop “Bouwmaterialen”.

Hij overlijdt in maart 1931 (PGNC 28/3/1931)

Enkele actes tussen Jan Lampe en Leendert van Gent zijn nog niet onderzocht:

Geen verbouwingen?

In het bouwdossier zijn verder geen verbouwingen te vinden. Vergelijkend met een foto van de huidige toestand komt het huidige gebouw overeen met dat van 1913. Wel zijn de schoorstenen op de tegenwoordige foto verdwenen. Ook is er “Pretty home” aangebracht.

Archipelstraat 288 op Augustus 2023 (Google Streetview)
Archipelstraat 288 op Augustus 2023 (Google Streetview)