De winkel van Neoform/M. vd Ven: Panden aan de noordzijde: v.l.n.r. Schoenenzaak Neoform (Plein 1944 nr. 119), Cafe Restaurant Royal (Plein 1944 nr. 128) , Hotel Cafe Lunchroom American (Plein 1944 nr. 129-131) en Lunchroom Pleinzicht (Plein 1944 nr. 135), 1958 (Foto Grijpink via F32460 RAN CCBYSA) Architect Rodenburg
#Nijmegen, Augustijnenstraat, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Ontwerp van woningen en winkels hoek Augustijnenstraat Plein 1944 architect Rodenburg

De winkel van Neoform/M. vd Ven: Panden aan de noordzijde: v.l.n.r. Schoenenzaak Neoform (Plein 1944 nr. 119), Cafe Restaurant Royal (Plein 1944 nr. 128) , Hotel Cafe Lunchroom American (Plein 1944 nr. 129-131) en Lunchroom Pleinzicht (Plein 1944 nr. 135), 1958 (Foto Grijpink via F32460 RAN CCBYSA) Architect Rodenburg
De winkel van Neoform/M. vd Ven: Panden aan de noordzijde: v.l.n.r. Schoenenzaak Neoform (Plein 1944 nr. 119), Cafe Restaurant Royal (Plein 1944 nr. 128) , Hotel Cafe Lunchroom American (Plein 1944 nr. 129-131) en Lunchroom Pleinzicht (Plein 1944 nr. 135), 1958 (Foto Grijpink via F32460 RAN CCBYSA)

Architect Rodenburg ontwerpt het complex woningen en winkels op de hoek van Augustijnenstraat en Plein 1944, welke in 1955 wordt opgeleverd.

De bouwer is N.V. Aannemersbedrijf v.h. G. Tiemstra en Zoon, “in opdracht van zich voor deze bouw geïnteresseerd hebbende beleggers”. Het ontwerp voor dit gebouw sluit aan bij dat van Royal, wat eveneens naar ontwerp van Rodenburg was gebouwd. (De Gelderlander 3/11/1955)

Plan Herbouw van 3 winkels en 6 woningen a/d Augustijnenstraat Hoek Plein ’44 voor Mevr. W.J.M. de Mandt-Wennekes te Nijmegen (als opdrachtgeefster staat mevr P.A. de Mandt-Wennekes; de tekening is ondertekend met W. de Mandt Wennekes, architect Rodenburg, getekend 26-4-1955 (D12.420754)
Plan Herbouw van 3 winkels en 6 woningen a/d Augustijnenstraat Hoek Plein ’44 voor Mevr. W.J.M. de Mandt-Wennekes te Nijmegen (als opdrachtgeefster staat mevr P.A. de Mandt-Wennekes; de tekening is ondertekend met W. de Mandt Wennekes, architect Rodenburg, getekend 26-4-1955 (D12.420754)

Op de bouwtekening (hierboven) blijkt Mevrouw W.J.M de Mandt-Wennekes de opdrachtgeefster te zijn. “Royal” hoort overigens niet bij de bouw van het complex: deze was reeds gebouwd en laat zien hoe het nieuwe gebouw samengaat met het naastgelegen café, welke eveneens ontwerp van Rodenburg was.

In September 1956 is het hoekpand vrijwel gereed. Nijmeegsch Dagblad noemt dat om in totaal om 3 winkels gaat: twee winkels met elk een bovenetage en een “gewone winkel”. Daarboven zijn woningen gebouwd. Een van de 3 winkels is dan in ieder geval al bekend: een speciaalzaak voor de verkoop van damesconfectie en kinderkleding. Waarschijnlijk is de 2e winkel ook bekend, want het artikel meldt dat voor de 3e winkel de bestemming nog niet bekend is. (Nijmeegsch dagblad 14-9-1956)

Hanco

De maand daarop gaat de eerste winkel daadwerkelijk open: de damesconfectiezaak Hanco. ( Nijmeegsch dagblad 11-10-1956). Deze winkel heeft er echt niet lang gezeten: rond 1958 vindt een “Algehele Opheffings uitverkoop” bij Hanco plaats, zie het plakkaat in de etalage op foto GN3186.

Brillencentrale P. Römer

Rond 1959 begint de Brillen Centrale P. Römer op de Augustijnenstraat 2. Een foto uit dat jaar is te vinden op GN3189. De Brillencentrale -tegenwoordig Francissen– bestaat op februari 2024 nog steeds.

Neoform/ M. vd Ven

Advertentie opening Neoform M. vd Ven De Gelderlander 14/11/1956
Advertentie opening Neoform M. vd Ven (De Gelderlander 14/11/1956)

Op 15-11-1956 opent Neoform, Voet- en schoenspecialisten “haar 10e Grootste en Modernste Speciaalzaak in Nederland”. Deze vestiging is van M. v.d. Ven, die op Plein 1944 No. 119 nog steeds (februari 2024) hier haar schoenenzaak heeft. “

De winkel adverteert regelmatig met gratis voetmetingen. Ook de openingsadvertentie noemt “Nu 100% passend schoeisel… maatwerk uit voorraad en toch een vlot sportief of gekleed schoentje”.

Neoform was een schoenenfabriek in Waalkwijk, eigendom van de Firma Aarts & Smits in Waalwijk (Echo van het Zuiden, 15 juli 1960)

Gevonden Adressen

NaamToevoegingAdresAdresboek/bronToelichting
wed. A. Kleingeb. M.Th. v. OoijenPlein 1944 1211959, 1963, 1968
R.K. BegrafenisondernemingKantoor: J. C. KramerPlein 1944 1231959Advertentie (het adres van Kantoor H.N. Klopper is Reestraat 8)
J.C. KramerbegrafenisondernemerPlein 1944 1231959
J.M.J. KramerverpleegsterPlein 1944 1231959
F.A. Pullesbedrijfsl schoenwPlein 1944 1231968
M.F. v.d. Venin 1966: schoenenwinkelierPlein 1944 1241959, 1966, 1971
M.W.P.H.chef verkoopstPlein 1944 1241966
H.J.M.M.Plein 1944 1241971
G.L. Geeraedtskoopman lederwarenPlein 1944 1251959
J.H. van Berendonkkapitein KLPlein 1944 1251963
H.W.R. BransPlein 1944 126De Gelderlander 18/3/1953mogelijkheid inleveren kleerhangers
P.J.M.G.  CoehorstjuristPlein 1944 1261959
G.N.M. de GrootPlein 1944 1261971
De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0) vd Werff architecten Pouderoyen Deur Molenstraat Plein 1944
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Van der Werff architecten Pouderoyen Deur Plein 1944

De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0) vd Werff architecten Pouderoyen Deur Molenstraat Plein 1944
De oostzijde met het Kledingmagazijn van H.C. Holla (Plein 1944 nr. 152-153); links daarvan de noordzijde van Plein 1944 met v.l.n.r. Cafetaria Centrum Expresse, Schoenmagazijn A.J. Holland , Fotohandel A.M. Verweij en Parfumerie J.E. Albers. In het midden het pand van Van der Werff, 1953 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31812 RAN CC0)

In 1951 heropende Van der Werff zijn winkel op de hoek van de Molenstraat en Plein 1944.

N.V. v.d. Werff opende haar zaak aan de Molenstraat

Weth. Duives: “een voorbeeld voor anderen, die niet langer meer wachten moeten!”

Vanmorgen gingen de vlaggen in top op het dak van het nieuwe grote pand van de N.V. Hollandse Manufacturenhandel v.d. Werff en Co. aan de Molenstraat ten teken van vreugde over de officiële opening, welke enkele uren later, n.l. om half elf, onder grote belangstelling plaats had. Behalve dit zichtbare bewijs van de blijdschap, hebben tijdens de openingsplechtigheid ook verschillende sprekers uiting gegeven aan hun vreugde en voldoening, dat het nu niet alleen eindelijk zover was, maar niet minder over het feit, dat ook v.d. Werff en Co. mooier en groter uit de as van het oorlogsgeweld is herrezen. Dat is niet zonder moeilijkheden gegaan, maar hieronder heeft men vanmorgen een streep gezet en wil men thans slechts denken aan het grootse en fraaie resultaat, verkregen in nauwe samenwerking en een nieuwe, belangrijke stap naar de gehele wederopbouw van onze stad en in het bijzonder van de stadskern. Zij, die willen herbouwen, zo constateerde wethouder Duives, die het gemeentebestuur vertegenwoordigde, moeten door een grote zure appel heenbijten en wat het gemeentebestuur betreft, wilde de wethouder het niet onder stoelen en banken steken, dat het niet zo vlug gaat als men zou willen. Maar dit resultaat is een duidelijk voorbeeld voor anderen, die moeten beseffen, dat langer wachten slechts nadeel betekent, temeer, daar er nu dor het besluit van de minister van financiën grotere financiële mogelijkheden zijn geschapen tot herbouw van de stadskern.

De weg van noodpand via ruïne naar dit grote pand is weliswaar moeilijk geweest, maar als de totstand koming van dit resultaat reden tot vreugde en voldoening is voor de N.V. v.d. Werff, dan is dat zeker ook het geval voor de gem. Nijmegen op wier welzijn op voorstel van de heer Jaap Veerkamp, die zijn vader, de oudste commissaris, verving, ’n daverend hoera werd uitgebracht. Namens de commissarissen en directie heeft de heer Veerkamp slechts met enkele simpele woorden de lijdensweg na de verwoesting gememoreerd. Op 22 Februari 1944 werd de zaak aan de Molenstraat volkomen verwoest en in September van dat jaar ging ook het noodpand aan de Lange Burchtstraat in vlammen op. Er was toen geen keus meer; in de ruïnes aan de Molenstraat werd opnieuw begonnen. Namens zijn vader bracht de heer Veerkamp woorden van hulde en dank aan de directeur van de Nijmeegse zaak (de N.V. heeft 13 zaken), de heer v.d. Hoogen en diens echtgenote, die niet hebben gerust voordat deze dag was aangebroken.

Etalage van meubelwinkel Van der Werff, t.g.v. hun jubileum 1953 (J.F.M. Trum via Gn42658 RAN) architecten Pouderoyen en Deur Plein 1944 Molenstraat
Etalage van meubelwinkel Van der Werff, t.g.v. hun jubileum 1953 (J.F.M. Trum via Gn42658 RAN) architecten Pouderoyen en Deur Plein 1944 Molenstraat

Ook tot de heer Timmer, chef van het personeel, richtte de heer Veerkamp hartelijke dankwoorden en deze heeft op zijn beurt hulde gebracht aan de heer v.d. Hoogen, die tegenslag op tegenslag te overwinnen had en daarin dank zij zijn grote optimisme en energie geslaagd is. Ir. C. Pouderoyen heeft mede namens zijn compagnon ir. J.G. Deur dan gebracht aan de heer H. Oosterhout, Wijchen, de aannemer van dit grootse werk en de onderaannemers.

De heer v.d. Hoogen onderstreepte deze dank en betuigde zijn grote erkentelijkheid voor de steun van zovelen ondervonden.

Het kenmerk van het vier-en-eenhalve verdiepingen tellende gebouw is de eenvoud, die hier weliswaar in mooie vormen en kleur tot uiting is gebracht, maar waarmede de architecten zeer bewust hun inzichten over het karakter van deze zaak hebben vastgelegd. En naast de eenvoud, valt vooral ook de practische inrichting op. In het hele pand vindt men dezelfde verlichting nl. met T.L.-buizen en behoudens op een enkele afdeling, dezelfde mahonie-houten betimmering en beschildering en deze 3 zo belangrijke onderdelen geven aan het geheel toch een bijzonder cachet. De stralingsverwarming is in de vloeren aangebracht, waarvoor 7000 meter pijp werd gebruikt. Er is een personen- en goederenlift; het trappenhuis geeft aan het interieur een grootse indruk. Na negen ongeveer tien maanden van hard werken is het stadscentrum van Nijmegen een fraai en indrukwekkend gebouw rijker geworden, dat stellig tot in lengte van jaren de aandacht zal trekken.

Nu kan ook de noodwinkel worden opgeruimd en zullen naast de v.d. Werff hopelijk zeer spoedig nieuwe panden verrijzen.” (De Gelderlander 2/10/1951)

Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor. Het Carolus Theater is nu een gemeentelijk monument, waarvan de gevel onder de beschermde stadsgezichten valt, en wordt nog altijd als bioscoop geëexploiteerd. Luxor is gesloten, de toekomst van het gebouw is onzeker.
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Geschiedenis Plein 1944: Herbouw Chocolaterie Biesthorst, vooral bekend als restaurant Tai-Tong, architect Veen en Braam

Beeld uit de jaren vijftig van hartje stad bij avond met Chinees-Indisch restaurant Tai Tong en de bioscopen Carolus en Luxor. Het Carolus Theater is nu een gemeentelijk monument, waarvan de gevel onder de beschermde stadsgezichten valt, en wordt nog altijd als bioscoop geëexploiteerd. Luxor is gesloten, de toekomst van het gebouw is onzeker.
Het restaurant Tai-Tong met daarnaast Bioscoop Carolus en Luxor, 9/1955 (Jeroen van Lith via F68040 RAN CC0)

In 1951-1952 laat de Fa. Biesthorst haar cholaterie op Plein 1944 herbouwen op dezelfde locatie als waar ze 74 jaar voor de oorlog op de Zeigelbaan had gezeten. De architect is W. Braam van het Architectenbureau G. v. Veen en W. Braam. Veel Nijmegenaren zullen het pand vooral kennen als Tai-Tong, het tweede Chinese restaurant van Nijmegen.

Vooraf

Chocolateriewinkel met lunchroom en 2 Bovenwoningen, Fa. H.A. Bieshorst Javastraat 18, Arch. Bureau G. v. Veen en W. Braam, datum tekening 19-9-1951/gew 25-10-1951 (D12.412513)
Chocolateriewinkel met lunchroom en 2 Bovenwoningen, Fa. H.A. Bieshorst Javastraat 18, Arch. Bureau G. v. Veen en W. Braam, datum tekening 19-9-1951/gew 25-10-1951 (D12.412513)

“Oude Nijmegenaren zullen zich ongetwijfeld de soliede oude zaak van de fa. H.A. Biesthorst op de Zeigelbaan herinneren.” De zaak had 74 jaar op dezelfde plaats gezeten, totdat het bombardement van februari 1944 de winkel verwoestte. In die periode was de winkel door brand al 2 keer totaal verwoest, maar was de winkel steeds herbouwd en hadden er uitbreidingen plaatsgevonden.

Vanwege ziekte van de eigenares had Biesthorst daarvoor geen noodwinkel gehad. De herbouw vindt plaats op dezelfde plek als waarop de oude winkel op de Zeigelbaan 42 heeft gestaan. De magazijnen zijn aan de achterkant, te bereiken via het expeditieterrein. Boven de winkel zijn 2 woningen gebouwd. (De Gelderlander 19/7/1952 en Adresboek 1940)

Bij de opening

De bouw van de eerste naoorlogse panden aan de zuidzijde van het Plein, met links Kapsalon Theo Seegers en Juwelier J.H. Courbois (geopend op 5 oktober 1951) en rechts de Slagerij Firma Bos en de Chocolaterie P. Bieshorst, 1951-1952 (Fotopersbureau de Gelderlander, Auteursrecht J.F.M. Trum via GN15656 RAN CCBYSA)
De bouw van de eerste naoorlogse panden aan de zuidzijde van het Plein, met links Kapsalon Theo Seegers en Juwelier J.H. Courbois (geopend op 5 oktober 1951) en rechts de Slagerij Firma Bos en de Chocolaterie P. Bieshorst, 1951-1952 (Fotopersbureau de Gelderlander, Auteursrecht J.F.M. Trum via GN15656 RAN CCBYSA)

“Chocolaterie Biesthorst heropend

Zo langzamerhand begint het Plein 1944 een “gezicht” te krijgen en de laatste week zijn er weer verschillende nieuwe panden in gebruik genomen.

Daarbij werd Zaterdag de chocolaterie van de Fa. H.A. Biesthorst gevoegd, die op 22 Februari 1944 vrijwel op de zelfde plaats verwoest werd. De gevel van het nieuwe pand, staat op de oude grond (destijds de aloude Zeigelbaan), het pand zelf is nu in de richting van de Piersonstraat gebouwd. De architect W. Braam uit Nijmegen heeft zijn plan voor de winkel gebaseerd op de gedachte dat de inrichting intiem moet zijn. Boven de winkel ontwierp hij een gezellig zitje. De architect is in zijn plannen zeer goed geslaagd, daarbij geholpen door de aannemer, de fa. Berntsen en Braam, die een soliede pand bouwde in snel tempo.

Wethouder M. Duives sprak de officiële opening Zaterdag namens de gemeente een welgemeende felicitatie uit bij de heropening van dit pand, dat vier en zeventig jaar op dezelfde plaats heeft gestaan, al werd het voor de oorlog dan ook reeds twee maal door brand totaal verwoest. Er was veel belangstelling voor deze opening.” (Nijmeegsch dagblad 19/7/1952)

Chinees Café-Restaurant “Tai-Tong“

Advertentie Opening Chinees Café-Restaurant “Tai-Tong” (Nijmeegsch dagblad, 25-6-1953)
Advertentie Opening Chinees Café-Restaurant “Tai-Tong” (Nijmeegsch dagblad, 25-6-1953)

Biesthorst heeft niet lang op deze locatie gezeten: Cheng vraagt in mei 1953 een drankvergunning aan (Nijmeegsch dagblad, 21-5-1953) en op 27-6-1953 opent op Plein 1944 no. 25 het Chinees Café-Restaurant “Tai-Tong”. Chen woont zelf op nummer 26 (Adresboeken).

In het Nijmeegsch dagblad van 6-8-1958 staat een mooi artikel over eigenaar de heer Cheng:

De ouders van Hong-May Cheng hebben een restaurant in Wenchaw (Wenzhou).  “Ruim twintig jaar oud” vertrekt hij naar Frankrijk. Nadat hij in een aantal plaatsen in Frankrijk was geweest, ging hij naar Amsterdam.

Naar zelfstandig ondernemer

Aanvankelijk werkte hij in de textiel, maar al gauw ging hij naar het restaurantwezen: “hij bewees zijn vaardigheid in het samenstellen van exotische gerechten en hield daarbij nog tijd over om een echt kellnerdiploma te halen”. Van het werken in de keuken werd hij zelfstandig ondernemer: hij huurde kleine, leegstaande lunchrooms of andere eethuisjes. Deze richtte hij in naar “Chinese trant, overdadig versierd met kleurige doch onheilspellende drakenfiguren… hij serveerde zijn klanten de gerechten zoals zijn vader die voor gegoede klanten in Wenchaw op tafel zou hebben gezet. Hij trok van de ene stad naar de andere en kreeg na de oorlog een bouwvergunning voor een terrein aan het Plein 1944 te Nijmegen, waar hij zich, nu waarschijnlijk voorgoed, heeft gevestigd.”

Deze bouwvergunning is echter nog niet gevonden, maar waarschijnlijk klopt niet: Cheng betrekt immers het reeds bestaande pand van Biesthorst, geen terrein. Wel is in Nijmeegsch dagblad 21-5-1953 de melding gevonden dat Chen een aanvraag voor Verlof A (schenken van zwak alcoholische dranken) vergunning heeft ingediend.

Van kippensoep naar loempia

De hoek Bloemerstraat-Plein 1944 in aanbouw: Gezien in de richting van het Luxortheater op de hoek met de Bloemerstraat en Doddendaal. Links de zuidzijde van Plein 1944 met o.a. Chinees Restaurant Tai Tong ; in het midden de bouw in 1957 van de woon-winkelflat op de hoek van Plein 1944 en de Bloemerstraat ; rechts het woon-winkelcomplex aan de westzijde van Plein 1944 met o.a. de winkel van Heijmans. 1957-1958 (J.F.M. Trum via f20209 RAN CCBYSA)
De hoek Bloemerstraat-Plein 1944 in aanbouw: Gezien in de richting van het Luxortheater op de hoek met de Bloemerstraat en Doddendaal. Links de zuidzijde van Plein 1944 met o.a. Chinees Restaurant Tai Tong ; in het midden de bouw in 1957 van de woon-winkelflat op de hoek van Plein 1944 en de Bloemerstraat ; rechts het woon-winkelcomplex aan de westzijde van Plein 1944 met o.a. de winkel van Heijmans. 1957-1958 (J.F.M. Trum via f20209 RAN CCBYSA)

Het artikel laat vervolgens zien hoe de belangstelling voor chinees eten in Nederland snel is gegroeid: aanvankelijk waren direct na de oorlog de Indische Nederlanders die de eerste klanten waren. Daarbij kwamen de Nederlandse militairen, die uit Indonesië terugkwamen. Langzamerhand kwamen de andere Nederlanders: “Zij hebben in een vertrouwd uitziend eethuis eerst voorzichtig een kommetje kippensoep geproefd en zich daarna aan de haaievinnensoep gewaagd.” En daarna de loempia, en vervolgens “nog vreemder gerechten. Voor velen van hen is een Chinees’ maal een welkome afwisseling op de traditionele “Hollandse pot””.

Vervolg

Er is nog niet uitgebreid onderzocht wat het vervolg is geweest.

In het Algemeen Dagblad van 3-1-1969 blijkt dat Chen het nieuwjaar heeft ingeluid met een 20 minuten durend vuurwerk, welk f800 koste. Het vuurwerk had hij uit China geimporteerd. “”Ik spaar alles op en koop er vuurwerk voor, want nieuwjaar is het grootste feest in China”, zo verklaarde hij.” (Algemeen Dagblad, 3-1-1969)

Op 24-9-1970 overlijdt Maria Johanna Verkerk, de vrouw van Hong May Cheng op 47-jarige leeftijd (De Telegraaf, 25-9-1970).

In ieder geval komt het restaurant nog voor in het Adresboek van 1971.

Inmiddels zit eetcafé Dromaai alweer jarenlang in het pand.

De passage van Vroom en Dreesmann in 1939: merk tevens het bij de Passage getrokken pand links van de bogen op: dit was de winkel van Bielen. (Een gedeelte van de zuidzijde van de Grote Markt, met v.l.n.r. de sigarenzaak van J. van Steensel; de Passage van Vroom en Dreesmann (met de 3 bogen); de apotheek / drogisterij van E.G. Moeijs, en de schoenenzaak van de Gebroeders Raemakers. Rechts de hoek met de Scheidemakersgas. Links de hoek met de Broerstraat), 1939 (ir. J.G. Deur via F14009 RAN CCBYSA) Architect Oscar Leeuw
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Grote Markt

De vooroorlogse Vroom en Dreesmann II: De Passage tussen Grote Markt en Broerstraat architect Oscar Leeuw

1925 Grote Markt Centrum, verwoest tijdens bombardement februari 1944

De passage van Vroom en Dreesmann in 1939: merk tevens het bij de Passage getrokken pand links van de bogen op: dit was de winkel van Bielen. (Een gedeelte van de zuidzijde van de Grote Markt, met v.l.n.r. de sigarenzaak van J. van Steensel; de Passage van Vroom en Dreesmann (met de 3 bogen); de apotheek / drogisterij van E.G. Moeijs, en de schoenenzaak van de Gebroeders Raemakers. Rechts de hoek met de Scheidemakersgas. Links de hoek met de Broerstraat), 1939 (ir. J.G. Deur via F14009 RAN CCBYSA) Architect Oscar Leeuw
De passage van Vroom en Dreesmann in 1939: merk tevens het bij de Passage getrokken pand links van de bogen op: dit was de winkel van Bielen. (Een gedeelte van de zuidzijde van de Grote Markt, met v.l.n.r. de sigarenzaak van J. van Steensel; de Passage van Vroom en Dreesmann (met de 3 bogen); de apotheek / drogisterij van E.G. Moeijs, en de schoenenzaak van de Gebroeders Raemakers. Rechts de hoek met de Scheidemakersgas. Links de hoek met de Broerstraat), 1939 (ir. J.G. Deur via F14009 RAN CCBYSA)

In 1925 laat Vroom en Dreesmann een passage bouwen tussen de Broerstraat en de Grote Markt. Hiervan is Oscar Leeuw de architect. De passage staat aanvankelijk naast het pand van Bielen, waar in 1900 haar uitbreiding met een 2e winkel had plaatsgevonden. In 1930 zal ook het pand van Bielen (weer) worden gekocht en bij de passage getrokken. Ook deze passage wordt tijdens het bombardement van februari 1944 verwoest. De herbouw van de nieuwe V en D zal ondermeer op de locatie van deze passage plaats vinden.

De passage: een verbinding met de Broerstraat

Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910: Een gedeelte van de zuidgevel van de Grote Markt : V.l.n.r. Grote Markt 1 (sigarenzaak C. van Steensel) , Grote Markt 2 (Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann) en Grote Markt 3 (C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen) ; links de hoek met de Broerstraat, 1910 (F14223 RAN)
Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910

Onder de kop: “Nijmegen krijgt een passage?” schrijft De Gelderlander 7/4/1925 over het plan van Vroom en Dreesmann om een overdekte passage tussen de Grote Markt en Broerstraat te bouwen. Daarvoor ze inmiddels de panden Groote Markt No. 3 en 4 (het voormalige Geurts) en Broerstraat No. 6, die in onderlinge verbinding met elkaar staan, gekocht. Architect Oscar Leeuw is aangezocht om het ontwerp hiervoor te maken: een passage met winkeletalages en daarboven gelegen magazijnen. Op dat moment loopt de overdekte passage om de winkels van Van Steensel en Bielen heen.

Verlichting “drukke verkeersdoorgang Broerstraat-Markt-Burchtstraat”

“Dit punt van de winkelstand krijgt daardoor een aanmerkelijke verfraaiing, bovendien wordt de drukke verkeersdoorgang Broerstraat-Markt-Burchtstraat er door verlicht.

Immers, een groot gedeelte der passanten, die naar de Markt willen zullen vanuit de Broerstraat van deze passage gebruik maken. Dat men hier in den doorgang prachtige etalages zal krijgen, daarvoor staat de firma V. en D. borg.” (De Gelderlander 7/4/1925)

In 1922 had Vroom en Dreesmann daarvoor de huizen van Smals en van Duren aan de Groote Markt aangekocht. In 1923 kocht ze het pand van boekhandel Wildebeest in de Broerstraat. “Door deze aankoopen was het mogelijk in 1923 een etalage passage te bouwen van Markt en Broerstraat, waardoor vasten voet in de Broerstraat, de beste winkelstraat van Nijmegen, werd verkregen. (Wordingsgeschiedenis; daarbij noemt Dreesmann dat zij “Geurts” had aangekocht. Nummer 3 was in de tijd van de Zon op nummer 2 inderdaad Geurts; in het Adresboek 1924 is het inmiddels het corsettenmagazijn van van Duren).

Opvallend daarbij is, dat de Wordingsgeschiedenis 1923 noemt, terwijl de daadwerkelijke aanbesteding in 1925 plaatsvindt: mogelijk zijn de plannen gemaakt rond 1922/1923, die daarna -in 1925- ten uitvoer kon worden gebracht.

En daarbij vooral: Dreesmann noemt in de Wordingsgeschiedenis voet aan de grond in de Broerstraat, terwijl het in het krantenartikel vooral lijkt te gaan om de bereikbaarheid van de winkel op de Grote Markt, weliswaar vanuit de Broerstraat. Mogelijk hebben beide gedachten een rol gespeeld.

Uitbreiding met winkel Bielen

In 1930 koopt Vroom en Dreesmann tevens het pand Bielen weer terug (Grote Markt No. 2) (Wordingsgeschiedenis). Dit pand was immers de uitbreiding van Vroom en Dreesmann met een 2e winkel in 1900 geweest, waarbij ze dit pand voor de verbouwing van 1916 met Bielen geruild had, zie het eerste artikel.

Aanbesteding door Oscar Leeuw

Het smalle gedeelte van de Broerstraat. Naast de sigarenwinkel bevindt zich de passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1930 (F15243 RAN)
Het smalle gedeelte van de Broerstraat. Naast de sigarenwinkel bevindt zich de passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1930 (F15243 RAN)

In ieder geval vindt op 11 april 1925 vindt aanbesteding plaats voor “het amoveeren van de perceelen, gelegen aan de Groote Markt No. 3. En 4 en Broerstraat No. 6, en het op deze terreinen bouwen van eene Passage met Winkelétalages en doorboven gelegen Magazijnen” (PGNC 6/4/1925). H. Seegers verkrijgt de aanbesteding, omdat hij met f63.300 het laagste inschrijvingsbedrag had. (PGNC 14/4/1925)

Oscar Leeuw is vanaf dat moment “huisarchitect” van Vroom en Dreesmann. Hij zal in 1932/1933 de verbouwing van Vroom en Dreesmann ontwerpen, waarbij onder andere de winkel van Bahlmann met die van Vroom en Dreesmann zal worden samengevoegd. Voor Bahlmann had hij in 1908 al een verbouwing ontworpen (meer daarover binnenkort in een afzonderlijk artikel).

En daarnaast (in ieder geval) de warenhuizen van Vroom en Dreesmann inEindhoven, Venlo, Tilburg en ’s-Hertogenbosch.

De opening

De passage van Vroom en Dreesmann in 1939, waarbij ook de winkel van Bielen bij de passage is getrokken (Vanaf de Grote Markt gezien de hoek van de Broerstraat; links de Sigarenwinkel van Van Steensel, daarnaast de passage van Vroom & Dreesmann) (Ir. J.G.Deur via F13993 RAN CCBYSA) architect Oscar Leeuw
De passage van Vroom en Dreesmann in 1939, waarbij ook de winkel van Bielen bij de passage is getrokken (Vanaf de Grote Markt gezien de hoek van de Broerstraat; links de Sigarenwinkel van Van Steensel, daarnaast de passage van Vroom & Dreesmann) (Ir. J.G.Deur via F13993 RAN CCBYSA)

Een passage van de Groote Markt naar de Broerstraat.

Eenige maanden geleden konden wij mededeelen, dat de firma Vroom & Dreessmann door aankoop in het bezit was gekomen van eenige perceelen aan de Groote Markt en de Broerstraat en dientengevolge besloten had tot den bouw van eene passage tusschen genoemd plein en straat. De heer Oscar Leeuw, architect alhier, daartoe door de firma aangezocht, ontwierp het bouwplan en aan de hand van de teekening hebben wij indertijd eene beschrijving gegeven va wat de passage worden zou. De heer H. Seegers, aannemer alhier, werd met de uitvoering belast en eerder dan men had mogen verwachten, gezien den omvang van het werk, is deze belangrijke arbeid voltooid. Morgenmiddag om 2 uur zal de opening plaats hebben.

De passage, wij wezen er destijds reeds op, is een winkelgalerij, met dien verstande, dat zij uitsluitend winkeletalages omvat. Het is een prachtige verbetering, voor de firma Vroom & Dreesmann in de eerste plaats, maar in gelijke mate voor onze stad in het algemeen en de Groote Markt en de Broerstraat in het bijzonder. Genoemde firma toch heeft door dit bouwwerk opnieuw een bewijs gegeven van de groote lijnen, welke zij in haar zaken volgt. Naast het schitterende hoofdgebouw, dat op de Markt werd gesticht en daarvan sindsdien een sieraad vormt, is thans in denzelfden stijl, slechts door enkele winkels ervan gescheiden, maar door een tunnel emede verbonden, deze passage met boven-magazijnen verrezen. De voorgevel is opgetrokken in denzelfden sierlijken, laat-renaissancestijl van het hoofdmagazijn. De heer Leeuw heeft ook nu zijn opdracht op de lofwaardigste wijze vervulde en aan de belangrijke bouwwerken, door hem tot stand gebracht, er een toegevoegd, dat gedurende vele jaren in de rij zijner scheppingen een eereplaats zal blijven innemen. In het bijzonder moge worden gewezen op de beide puien van de passage, respectievelijk aan de Groote Markt en de Broerstraat. Vooral de eerstgenoemde munt uit door architectonisch schoon. De gevel wordt als ’t ware gedragen door vier kolommen, waarboven fraai beeldhouwwerk de bewondering van den toeschouwer afdwingt. Ook de pui in de Broerstraat, in verband met de hier minder ruime omgeving kleiner van proporties, is een gelukkig staaltje van fraaie bouwkunst.

Passage Vroom & Dreesmann: Zoekt hier uw St. Nicolaas-Cadeaux uit! (PGNC 28/11/1925)
Passage Vroom & Dreesmann: Zoekt hier uw St. Nicolaas-Cadeaux uit! (PGNC 28/11/1925)

Door de stichting van deze passage heeft de firma Vroom & Dreesmann thans de beschikking gekregen over een prachtige expositie-gelegenheid. Bij de steeds plaats hebbende uitbreiding harer zaken had zij daaraan reeds lang behoefte gevoeld. Wel boden de groote etalages van haar magazijn op de Markt ruimte tot het telkens uitstallen van een keur van artikelen, en de bekwame etaleurs verrichten op dit gebied ware kunststukjes. Maar er waren toch steeds nog vele andere soorten artikelen in den omvangrijken winkel, welke aan een “Warenhuis” in een groote stad doet denken, voorhanden, welke artikelen de firma toch gaarne aan het publiek zou toonen, maar waarvoor voorheen thans de etalages niet toereikend waren.

En thans zal in de passage een permanente tentoonstelling worden gehouden van de artikelen, welke in het hoofdmagazijn (Groote Markt 9, 10, 11 en 12) verkocht worden. Het is een schitterende en aangename gelegenheid geworden voor dames, heeren en….. kinderen om op hun gemak uit de groote verscheidenheid een keuze te doen. In de 17 etalages, welke de passage omvat, zal men morgen en volgende dagen exposities vinden op het gebied van: dames- en kinderkleeding (twee etalages), lingerie, speelgoed (drie etalages), tricot-ondergoed, heeren-artikelen (overhemden, dassen, enz.), fantasie-kussens en kleedjes, huiskamer- en slaapkamer- ameublementen, moderne karpetten met daarbij passende tafel- en divankleeden, babygoed, kousen, wollen kleeding voor kinderen, truien en pakjes voor jongens. Wij noemden den inhoud van deze etalages afzonderlijk ten bewijze, voor zoover noodig, hoe groot de verscheidenheid is van de artikelen, welke men in de magazijnen der firma Vroom & Dreesmann kan koopen.

Er zijn personen geweest, die hebben betwijfeld of de passage wel voldoende breedte zou hebben om aan haar doel te beantwoorden. Wij kunnen hen geruststellen: de breedte, ook tusschen de Broerstraat en het midden der galerij, is voldoende te achten. De bouw der passage dient te worden geroemd. Aan het geheele werk is de grootste zorg besteed en wanneer het publiek, na de opening, langs de mooie etalages zal wandelen, zal het daar ongetwijfeld zeer gezellig zijn, temeer omdat de passage den ganschen dag electrisch wordt verlicht.

Boven de passage bevinden zich groote magazijnruimten, die eveneens den stempel van soliditeit dragen, welke het geheele werk kenmerkt.

Wij noemden in den aanhef deze de totstandkoming van de passage een verbetering óók voor onze stad. Immers, zij is een grootsteedsche inrichting, welke het aantal der winkelstraten opeens met een zeer mooie vermeerderd heeft. Het belang voor de Groote Markt ziet een ieder in, die op den fraaien voorgevel het oog vestigt en dat voor de Broerstraat ligt eveneens voor de hand. Juist in haar nauwste gedeelte heeft deze straat door de passage eene ontlasting gekregen, aangezien men kan aannemen, dat op de drukke uren thans een deel van het verkeer door de winkelgalerij naar de Markt zal gaan.

Zoo is er alle reden om met genoegen de voltooiing van het hier beschreven bouwwerk te begroeten. Een woord van hulde en gelukwensch aan de firma Vroom & Dreesmann, den architect en den aannemer is hier zeker op zijn plaats. (PGNC 11/11/1925)

Vervolg

De passage zal tijdens het bombardement van februari 1944 worden verwoest. Na de oorlog zal onder andere op deze locatie de nieuwe V en D verrijzen.

Binnenkort zullen de artikelen over het pand van Bahlmann en de samenvoeging van Bahlmann met Vroom en Dreesmann verschijnen.

Oscar Leeuw, architect

Oscar Leeuw is een van de belangrijkste architecten van Nijmegen. Bekende werken van hem zijn onder de synagoge, museum Kam…

Plein 1944 18 in Juli 2019 (Google Streetview) voorheen Slagerij Bos architect Lelieveldt
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Plein 1944

Geschiedenis van Slagerij Bos op Plein 1944: Van het bombardement tot herbouw in 1952, architect Lelieveldt

1952 Plein 1944 18

Plein 1944 18 in Juli 2019 (Google Streetview) voorheen Slagerij Bos architect Lelieveldt
Plein 1944 18 – het pand waar de wandelaar op het punt staat langs te lopen- in juli 2019
(Google Streetview)

In mei 1952 heropent Firma Bos haar slagerij op Plein 1944. Haar winkel op de Zeigelbaan, welke in de buurt lag van de huidige, was tijdens het bombardement verwoest. Het ontwerp van de nieuwe winkel was architect Lelieveldt.

Vooraf

Slagerij Gruntjes

Het verhaal van de slagerij lijkt te beginnen bij de slagerij van Gruntjes.

J. Gruntjes krijgt op 3-11-1877 vergunning tot het daarstellen eener Slagerij in zijn huis aan de Zeigelbaan, Wijk b, no. 495. In het adresboek van 1878 komt hij als slager voor op Zeigelbaan B no 494. Johannes Gruntjes is op 19-4-1847 geboren in Nijmegen. In het Bevolkingsregister van 1880 komt hij voor op nummer 31.

Of hij in de loop der jaren zijn slagerij heeft verplaatst is mij nog niet duidelijk: in het adresboek 1887 komt hij voor op nummer 2, terwijl vanaf 1893 op nummer 36.

Zijn “kinderen” komen als slagerij op de Zeigelbaan 36 voor in de adresboeken van 1896 tot en met 1899. Ook wat de verhouding is tussen de adressen 36, 38, 40 en 40a is mij nog niet geheel duidelijk.

Wanneer de moeder overlijdt, wordt namens de erfgenamen de veilingen van 25-4 en 9-5-1898 aangekondigd. Daarbij blijkt nummer 36 “Een winkelhuis en erf met afzonderlijke bovenwoning”, groot 83 cA, waarin zowel boven als onder een slagerij te worden uitgeoefend. Deze is tot 1 november verhuurd aan mej. B. Gruntjes. Ook de andere panden, waarbij 2 verhuurd zijn aan 2 zonen van Johannes, worden te koop aangeboden. (PGNC 17/4/1898)

Herman trouwt met de oudste dochter, Bernardina Johanna Gruntjes. Zij zal op 15-8-1925 op 47-jarige leeftijd te komen overlijden (PGNC 17/8/1925).

In ieder geval komt H.J. Bos in het Adresboek 1899 voor op Zeigelbaan 36 als slager. Tevens komt hij in de jaren 1901, 1902, 1903 voor op dit adres, evenals J.G.W. Gruntjes. (Johannes Gerardus Wilhelmus, 17-2-1881, de zoon van Johannes).

Nieuwjaarswens H. Bos, firma Gruntjes (De Gelderlander 1/1/1903)
Nieuwjaarswens H. Bos, firma Gruntjes (De Gelderlander 1/1/1903)

De nieuwjaarsgroet van 1901 en 1903 is van  H. Bos, Firma Gruntjes.

Vanaf 1905 komt de slagerij voor op Zeigelbaan 40/40a. J.G.W. Gruntjes komt tot 1907 nog op dit adres voor, daarna is het Bos.

In 1916 is het in ieder geval nog H.J. Bos; in ieder geval in 1926 (maar mogelijk eerder) komt J.W. Geertsen, slager op Zeigelbaan 40 voor.

Echte Nimweegse Leverworst

Advertentie echte Nimweegsche Leverworst (De Gelderlander 9/1/1925)
Advertentie echte Nimweegsche Leverworst (De Gelderlander 9/1/1925)

Slagerij Bos is befaamd om haar leverworst. In de jaren voor de oorlog verschijnen regelmatig reclames over de prijwinnende “echte Nimweegse”.

Op 2 november viert W. Gruntjes, “Ome Willem”, dat hij 30 jaar in de zaak werkzaam is. Daarbij heeft hij de reputatie als “eerste klas worstmaker, vooral van het artikel Echte Nimweegsche Leverworst” (PGNC 2/11/1934). Daarna lijkt Wim voor zichzelf op de Oude Varkensmarkt 11 (PGNC 18/11/1938).

PGNC 11/12/1936
PGNC 18/11/1938

Noodwinkel

Opening noodwinkel slagerij Firma Bos (De Gelderlander 30/4/1947)
Opening noodwinkel slagerij Firma Bos (De Gelderlander 30/4/1947)

Op 1-5-1947 opent de Fa. Bos haar noodwinkel op de Mariënburg. Afgaande op haar openingsadvertentie had ze daarvóór ingewinkeld bij slagerij Joh. Verstegen (zie advertentie De Gelderlander 30/4/1947).

De Gelderlander ”Voor de brand van 22 Februari 1944 was dit florerend bedrijf een van de oudst gevestigde zaken, die als het ware met de groei van onze stad groot was geworden. Wie kent in Nijmegen niet “de echt Nimweegse”m de leverworst, waaraan bijkans een even grote vermaardheid vastzit als aan de Bossche koek in de stad van die naam?

In de even smaakvol als hygiënisch ingerichte slagerij op Mariënburg heeft de fa. Bos een prachtige noodwinkel gekregen met daarachter rokerij, pekelkelder en worstfabriek, waarin de nieuwste worstmachines. Architect W. Reijnen heeft met zijn grote ervaring op het gebied en inrichting daarvan, dit alles “goed bekeken”. De étalages, waarin meerdere vakdiploma’s en bekroningen, hadden onmiddellijk bij de opening veel bekijks.” (De Gelderlander 2/5/1947)

Herbouw Plein 1944 architect Lelieveldt

Fa. Bos (J.W. Geertsen), datum tekening 14-9-1951, architect J.A. Lelieveldt (D12.412406)
Fa. Bos (J.W. Geertsen), datum tekening 14-9-1951, architect J.A. Lelieveldt (D12.412406)

“De echte Nimweegse”

Fa. Bos op Plein 1944 herbouwd

De firma, die vanwege zijn “echte Nimweegse” in de stad en wijde omgeving zo bekend is, de fa. Bos, heeft gistermiddag op Plein 1944 haar nieuw winkelpand geopend. Er bestond bij deze gelegenheid grote belangstelling van de stadgenoten, die er zich over verheugen dat wederom een bedrijf dat in de noodlottige Februari-dagen van 1944 in het stadscentrum werd verwoest, de moeilijkheden van allerlei aard is te boven gekomen en in de oude maar totaal vernieuwde omgeving is teruggekeerd. Het nieuwe winkelpand is niet alleen een sieraad geworden voor het Centrumplein, het is door zijn inrichting vooral ook een juweel waarmede de slagersbranche van onze stad grote eer mee inlegt. De nieuwste vindingen op het gebied van de hygiënische verzorging, de beste materialen zijn toegepast, zodat we van een van de modernste modelslagerijen mogen spreken.

De wethouder van Wederopbouw, de heer M. Duives sprak bij de opening een hartelijk woord van gelukwens namens het gemeentebestuur.

De wethouder toonde zich verheugd over het feit dat ook deze middenstander, na verwoesting van zijn bedrijf en daarop gevolgde omzwerving de energie heeft gehad om de herbouw op zulk een voortreffelijke wijze te ondernemen. De omgeving waarin het nieuwe gebouw staat, was voor de stadsramp van ’44 al beroemd. Op de aloude Zeigelbaan waren tal van slagerijen gevestigd, die er toe bijdragen om de goede naam van Nijmegen op etensgebied te bevestigen, aldus de spreker.

De wethouder sprak de wens uit dat het de fa Bos zou mogen gegeven zijn om spoedig weer te zijn ingeburgerd op dit mooie punt in het midden van de stad. Naar de overtuiging van spr. zal het Plein 1944 op korte termijn een van de mooiste punten van Nijmegen worden en een van de belangrijkste winkelcentra van de stad. De trolley welke binnenkort hier gaat rijden, zal veel daartoe bijdragen.

Architect J. Lelieveldt, een oud-Nijmegenaar, die thans in Rotterdam woont, dankte de aannemers Gebr. Bornebroek uit Apeldoorn en alle onderaannemers voor de grote toewijding waarmede zij zich van hun taak hebben gekweten.

Degenen die bij de opening aanwezig waren en tal van belangstellenden hebben in de loop van de dag het nieuwe winkelpand op Plein 1944 en zijn inrichting bezichtigd.

Uit de vele bloemstukken bleek de sympathie voor de fa Bos bij het bereiken van deze mijlpaal.” (De Gelderlander 30/5/1952)

Opening Firma Bos op Plein 1944 (De Gelderlander 28/5/1952)
Opening Firma Bos op Plein 1944 (De Gelderlander 28/5/1952)

Vervolg

Schreeven heeft de winkel van nummer 18 bijgetrokken, mei 2016 (Google Streetview)

Jarenlang heeft Schreeven haar winkel gehad, waarbij nummer 18 bij haar winkel was getrokken. In augustus 2018 is zij verhuisd naar Hulzenseweg 4 (bron: Google Streetview)

Bijlage

J. GruntjesSlachterGrootestraat, C 351878Zelfde als Zeigelbaan?
J. GruntjesSlachterZeigelbaan, B 4941878
J. GruntjesslagerZeigelbaan, 21887
J. GruntjesslagerZeigelbaan 361893, 1895
wed. J. Gruntjesgeb. B. Faber, in VleeschGrootestraaat, 331887
wed. J. Gruntjesgeb. B. Faber, zonder beroepSnijderstr 101893
wed. J. Gruntjesgeb. B. Faber, zonder beroepWaalkade 181895
wed. J. Gruntjesgeb. B. Faber, zonder beroepZeigelbaan 381896
wed. J. Gruntjesgeb. B. Faber, zonder beroepZeigelbaan 31898drukfout?
kinderen GruntjesslagerijZeigelbaan 361896, 1898, 1899
H.J. BosZeigelbaan 361901, 1902, 1903
J.G.W. GruntjesZeigelbaan 361902, 1903
G.M. GeurtsZeigelbaan 381901, 1902
pakhuisZeigelbaan 401901, 1902
wed. J. KoopmanschapZeigelbaan 40a1901
J.E. en L. KoopmansZeigelbaan 40a1902
J.G.W. GruntjesZeigelbaan 40a1905, 1907
J.G.W. GruntjesslagerGanzenheuvel 61909
H.J. BosslagerZeigelbaan 361899
H.J. BosZeigelbaan 40a1905
H.J. BosslagerZeigelbaan 40a1907
Augustijnenstraat 26, Juli 2019 (Google Streetview)
#Nijmegen, Augustijnenstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Augstijnenstraat 26 Kodijko architect Wijte

Augustijnenstraat 26, Juli 2019 (Google Streetview)
Augustijnenstraat 26, Juli 2019 (Google Streetview)

1953-1955 Augustijnenstraat 22-26 Centrum

In november 1953 ontwerpt architect Ad.P.F. Wijte uit Nijmegen een bouwplan voor een winkel met 2 bovenwoningen. Hierbij is de aanvrager M.J.E. van Meteren doorgehaald en vervangen door Kinderen de Mandt. In ieder geval opent Kodijko in 1955 en zal hier jarenlang blijven zitten.

De winkel

Bouwplan Winkel met 2 Bovenwoningen a/d Augustijnenstraat te Nijmegen herbouw (M.J.E. v Meteren doorgehaald, vervangen door:) Kinderen de Mandt (D12.418500), architect Ad.P.F. Wijte, datum tekening Nov 1953 (D12.418500)
Bouwplan Winkel met 2 Bovenwoningen a/d Augustijnenstraat te Nijmegen herbouw (M.J.E. v Meteren doorgehaald, vervangen door:) Kinderen de Mandt (D12.418500), architect Ad.P.F. Wijte, datum tekening Nov 1953 (D12.418500)

Ook bij de ondertekening van de bouwtekening is bij “de aanvrager” M.J.E. v Meteren doorgehaald en vervangen door Kinderen de Mandt. Mede doordat Kodijko (zie hieronder) in 1955 de winkel betrekt, blijft het vooralsnog onduidelijk wie en vooral waarom de uiteindelijke opdrachtgever is.

De voorkant van de winkel bestaat uit een portiek met links en rechts een etalage. Achter de rechteretalage bevindt zich de opgang naar de woning. In het midden is de ingang naar de winkel. De eigenlijke winkel is traditioneel ingericht met toonbanken en daarachter kasten. Achter de winkel bevindt zich een kantoortje. In de kelder zit onder andere het magazijn, en zowel een ruimte voor kolen als de c.v. ketel.

Het aannemersbedrijf is van Heusden (D12.418501). D12.418499 noemt het plan “herbouw kinderen de Mandt (claim Houtstraat 31-31a)”. Nummer 26 is de winkel, nummer 22 en 24 de bovenwoningen.

M.J.E. van Meteren

Op de bouwtekening is M.J.E. van Meteren doorgehaald. Uit het Adresboek van 1959 en 1963 blijkt M.J.E. van Meteren te wonen op Augustijnenstraat 22.

Kodijko – Koninklijke Weverij Eindhoven

Begin mei opent Kodijko haar winkel op de Augustijnenstraat 26 (De Gelderlander 6/5/1955)

Het is niet bekend of en welke relatie de kinderen van de Mandt met dit bedrijf hadden: dus mogelijk hebben de kinderen de winkel meteen verkocht, slechts een korte tijd een zaak gehad, die daarna door de Koninklijke Weverij is voortgezet, mogelijk waren ze filiaalhouder van de Koninklijke of waren ze de verhuurder van het pand.

Een foto is te vinden uit 1961 is te vinden bij het RAN (Naast het opschrift is de winkel in de bovenste winkelrij te herkennen aan de dame met lichte jas voor de etalage; waarvoor ze meer oog heeft dan voor de optocht).

Kodijko Filiaal in Nijmegen sinds 1934

Openiningsadvertentie Kodijko op de Molenstraat (PGNC 30/10/1934)
Openiningsadvertentie Kodijko op de Molenstraat (PGNC 30/10/1934)

Op 31-10-1934 opent Kodijko haar 7e filiaal in Nijmegen, op Molenstraat 22. “Deze firma, fabrikante van het vermaarde “Kodijko”- linnen, brengt uitsluitend het degelijke en fijne genre, hetwelk zij uit den aard der zaak, als “zelffabrikante”, zoo laag mogelijk zal aanbieden.” J.A. Haftink (voorheen ’t Modehuis) krijgt de leidiing over het filiaal (De Gelderlander 20/10/1934).

Oorlog

In maart 1945 blijkt Kodijko op de eerste etage van Molenstraat 63 te zitten (De Gelderlander 16/3/1945).

In een advertentie De Gelderlander 28/1/1952 blijkt Kodijko inmiddels naar van Welderenstraat 98 te zijn verhuisd.

De Koninklijke Weverij Eindhoven

Kodijko was de handelsnaam van NV Eindhovensche stoom- en handweverij v/h Van Dijk & Co. Het bedrijf produceert textiel, zoals, afgaande op de advertenties lakens en slopen, tafellakens, geborduurd bedlinnen, ontbijstellen, doeken en badgoed en daarnaast lingerie (Nijmeegsch dagblad, 19/7/1955). Zij heeft dan tevens filialen in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Arnhem, Tilburg, Maastricht en Breda (Nijmeegsch dagblad 24/5/1955 en Trouw  23/12/1955). In deze advertentie noemt zij tevens dat haar scherpe prijzen mogelijk zijn door “’t Gaat regelrecht van eigen wevers naar de eigen “Kodijko” zaken.”

Historie

Het Eindhovense bedrijf bestond sinds 1903 onder deze naam, maar haar geschiedenis gaat terug tot 1852, wanneer Carolus Boromeus van Dijk de Van Dijk & Comp. opricht. Op het moment dat zij in 1918 het predicaat “Koninklijk” vanwege het leveren van damast, krijgt het bedrijf de handelsnaam Kodijko. Uiteindelijk wordt het bedrijf in 1971 overgenomen door Linnenweverijen v/h van Dijk & Zn uit Waalre, die toevallig dezelfde naam heeft (Textielindustrie in Eindhoven, wikipedia)

Vervolg

Kodijko komt in ieder geval in het Adresboek van 1971 nog voor.

In ieder geval is in 2004 de winkelpui vernieuwd.

Augustijnenstraat, rechts naast de trolleybus is slagerij van Kempen te zien, 8/7/1964 (Fotopersbureau de Gelderlander, auteursrechthouder J.F.M. Trum via F56272 RAN)
#Nijmegen, Augustijnenstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Herbouw van Slagerij van Kempen Augustijnenstraat in 1955, architect Okhuysen

1955 Augustijnenstraat 6

Augustijnenstraat, rechts naast de trolleybus is slagerij van Kempen te zien, 8/7/1964 (Fotopersbureau de Gelderlander, auteursrechthouder J.F.M. Trum via F56272 RAN)
Augustijnenstraat, rechts naast de trolleybus is slagerij van Kempen te zien, 8/7/1964 (Fotopersbureau de Gelderlander, auteursrechthouder J.F.M. Trum via F56272 RAN)

Op 25 januari 1956 heropent Slagerij van Kempen-van der Bilt haar winkel op de Augustijnenstraat 6. Het ontwerp was van architect J. Okhuysen, aannemer de heer van Heusden. Tegenwoordig zit Subway in deze winkel.

Vooraf

De Slagerij H.S. Van de Bilt op de Zeigelbaan 36, gedateerd 1900 (F2385 RAN)
De Slagerij H.S. Van de Bilt op de Zeigelbaan 36, gedateerd 1900 (F2385 RAN)

Deze slagerij bestond al meer dan een halve eeuw: de ouders van mevrouw van Kempen-v.d. Belt hadden een slagerij op de Zeigelbaan geopend. Wanneer de Bilt zijn slagerij begint is nog niet geheel duidelijk: het eerst gevonden datum tot nu toe is het Adresboek van 1905; mogelijk is hij wat eerder begonnen.

Overgang van de slagerij naar van Kempen- van de Bilt (De Gelderlander 7/9/1932)
Overgang van de slagerij naar van Kempen- van de Bilt (De Gelderlander 7/9/1932)

In 1932 wordt de zaak overgenomen door W. van Kempen-v.d. Bilt.

Deze winkel werd verwoest tijdens het bombardement van februari 1944. De heer van Kempen begon een dag daarna zijn slagerij in het bedrijf van zijn vader aan de Hertogstraat. Dit gebouw werd echter tijdens de bevrijding van Nijmegen eveneens verwoest. Daarop begon hij opnieuw in de van ’t Santstraat. Ook na de opening van de winkel op de Augustijnenstraat, zal de zaak op van ’t Santstraat blijven bestaan. (De Gelderlander 26/1/1956)

De winkel

Plan tot herbouwen van een winkel-woonhuis aan de Augustijnenstraat te Nijmegen, Opdrachtgever: De Weled. Heer W.A.H. van Kempen van ’s Santstraat, architect J.D.A. Okhuijsen, datum tekening 6-3-1954 (D12.420707)
Plan tot herbouwen van een winkel-woonhuis aan de Augustijnenstraat te Nijmegen, Opdrachtgever: De Weled. Heer W.A.H. van Kempen van ’s Santstraat, architect J.D.A. Okhuijsen, datum tekening 6-3-1954 (D12.420707)

Op 21-2-1955 vindt de aanbesteding plaats van de herbouw van een winkelpand met bovenwoning aan de Augustijnenstraat voor de heer W.H. v. Kempen. De laagste inschrijving is J.v.d Velden en Sleenhoff met f52.650. De begroting van de architect was f48.400. De gunning wordt in beraad gehouden.

Wanneer de slagerij in januari 1956 opent, blijkt H.J.G. van Heusden de aannemer te zijn. Bij de aanbesteding was hij met f53.495 de een na laagste inschrijving geweest. Het is nog niet bekend wat hiervan de reden is: of bijvoorbeeld de eisen zijn bijgesteld, dat de aannemer zijn prijs heeft verlaagd of dat het om een andere reden gaat.

Op de begane grond bestaat uit de slagerij. Aan de voorkant bevindt zich de winkel, met een geasfalteerde vloer. Achter in de winkel bevindt zich een koelcel en een kantoortje. En daarnaast een gang, die naar de worstkeuken en de werkplaats loopt. De worstkeuken bevindt zich achter het kantoor en de koelcel. Daarachter ligt weer een open plaats met opgang naar de woning. De werkplaats loopt door tot het einde van het perceel; hierin bevindt zich een rookkast.

Bij een verbouwing in 1966 is de worstkeuken de uitbeenderij en de vergrootte werkplaats is de worstenmakerij geworden (D12.459308). In ieder geval hebben er ook verbouwingen in 1974 en 2007 plaatsgevonden.

Huidig

Broodjeszaak Subway op Augustijnenstraat 6, juli 2019 (Google Streetview)
Broodjeszaak Subway op Augustijnenstraat 6, juli 2019 (Google Streetview)

Momenteel zit Broodjeszaak Subway in deze winkel, in ieder geval  al in mei 2016 (eerst gevonden foto Google Streetview)

J.D.A. Okhuysen, architect

Johannes Damianus Antonius Okhuysen (of Okhuijsen, Nijmegen, 11-10-1905 – 15-9-1983) lijkt vooral als architect van de wederopbouw veel gebouwen in…

Hoek Houtstraat Augustijnenstraat

In 1955 ontwerpt Okhuijsen het pand aan Plein 1944, op de hoek Houtstraat-Augustijnenstraat. De opdrachtgever is J. van Veggel sr.,…

Juli 2019, met op dat moment You Mobile op Augustijnenstraat 40 (Google Streetview)
#Nijmegen, Augustijnenstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Cooymans Augustijnenstraat architect Treur

1954- 1955 Augustijnenstraat 40-40a Centrum

Juli 2019, met op dat moment You Mobile op Augustijnenstraat 40 (Google Streetview)
Juli 2019, met op dat moment You Mobile op Augustijnenstraat 40 (Google Streetview)

In 1954 ontwerpt architect Treur de herbouw van slijterij Cooymans. Zijn zaak aan de Stikke Hezelstraat was bij het bombardement van februari 1944 verwoest. Ook zijn nieuwe winkel aan de Burchtstraat ging tijdens de oorlog verloren.

Herbouw van een winkel met bovenwoning aan de Augustijnenstraat te Nijmegen voor mevr. M. Cooymans- van Osch te Nijmegen, getekend J. Rootinck (?), bur arch G.B. Treur, 8-3-1954 (D12.415314)
Herbouw van een winkel met bovenwoning aan de Augustijnenstraat te Nijmegen voor mevr. M. Cooymans- van Osch te Nijmegen, getekend J. Rootinck (?), bur arch G.B. Treur, 8-3-1954 (D12.415314)

In 1954 ontwerpt architect Treur de herbouw van slijterij Cooymans. Daarbij is opvallend dat de opdrachtgever zijn vrouw, M Cooymans- van Osch, is. Links is de winkel gepland, rechts van de ingang een kantoor. Het achterste gedeelte, ongeveer 1/3 van de oppervlakte is gepland als magazijn (D12.415313).

Een mooie foto is te vinden op ZN35363.

J. Cooymans heropent op 1 maart 1955 zijn slijterij – wijn – en gedistilleerdhandel- in de Augustijnenstraat. Zijn winkel in de Stikke Hezelstraat was tijdens het bombardement van februari 1944 verwoest. Daarna, “een jaar later bij de bevrijding vernielde het oorlogsgeweld zijn zaak op de Burchtstraat” (De Gelderlander 2/3/1955). Daarna had hij bij de firma Hilckmann ingewinkeld, wat zo gastvrij ging, dat er van Hil-co werd gesproken. Om vervolgens zijn noodwinkel te hebben op Wintersoord. Een foto van deze noodwinkel is te vinden op GN6660

In maart 1955 opent hij zijn “fraaie, hypermoderne, maar gezellige zaak in de Augustijnenstraat”. De zaak is gebouwd door architect Treur en het aannemersbedrijf Gebr’s Dekkers. De mahoniehouten betimmering was aangebracht door de meubelfabriek Linders.

In het laatst gevonden Adresboek 1971 is op de Augustijnenstraat 1971 nog steeds slijterij Oporto.

De Gelderlander 6/10/1955

1937 Stikke Hezelstraat

Het 4e pand met het uithangbord “Slijterij” is Oporto: Blik op de hoek Augustijnenstraat Stikke Hezelstraat met nog net zichtbaar de Augustinuskerk; op de hoek drukkerij en binderij Richelle en slijterij Oporto. De foto lijkt genomen op een zondagmorgen voor aanvang van de mis in de kerk, 9/1941 (GN11038 RAN) architect Treur
Het 4e pand met het uithangbord “Slijterij” is Oporto: Blik op de hoek Augustijnenstraat Stikke Hezelstraat met nog net zichtbaar de Augustinuskerk; op de hoek drukkerij en binderij Richelle en slijterij Oporto. De foto lijkt genomen op een zondagmorgen voor aanvang van de mis in de kerk, 9/1941 (GN11038 RAN)

In 1937 had J. Cooymans zijn wijnhandel en slijterij “Oporto” geopend aan de Stikke Hezelstraat 11:

“…eigenaar de heer J. Cooymans, een naam die al reeds van oudsher een goeden klank heeft. De bekende goede vooraanstaande merken, Hulskamp, Lucas Bols, Wijnand Fockinck, J.G. Cooymans en Zoon en ook de buitenlandsche merken, we vinden ze allen in de donkerrood mahoniehouten gebeitste kasten en de met smaak gevulde etalage.

De firma “Oporto” vestigt er speciaal de aandacht op dat alle gedestilleerd, óók per maatje, verkrijgbaar is. In minerale wateren zagen wij ook verschillende fabrikaten van naam.

De betimmering van het interieur werd uitgevoerd door de firma Sipman te Arnhem, terwijl het Electro-technisch Bureau Geertsen, Stikke Hezelstraat 11, voor de verlichtingsinstallatie zorg droeg.

Wij verwijzen nog naar de advertentie van gisteravond, waarin “Oporto” ter kennismaking voor iedere kooper een verrassing heeft”. (PGNC 18/11/1937)

Advertentie Oporto (PGNC 23/12/1937)
Advertentie Oporto (PGNC 23/12/1937)

J.W.A. Cooymans

Het krantenartikel bij de opening van 1937 noemt J. Cooymans “een naam die al reeds van oudsher een goeden klank heeft”. Hij blijkt familie te zijn van de bekende, van oorsprong Bossche distilleerderij familie Cooijmans.

Hoewel de kaart van het Bevolkingsregister nog niet is gevonden, betreft het vrijwel zeker Jan Willem Antoon Cooijmans/ Cooymans.

Uit het dienstbodenregister blijkt een Jan Willem Antoon geboren te zijn op 16 februari 1900. Vervolgens is de geboorteacte van deze J.W.A. gevonden (acte no 163). Hij is daarbij geboren als tweeling met Willem Jan Marie (actie no 162). Zijn vader is Gerardus Johannes Alphonsus Maria Cooymans, dan 36 jaar en “likeurstoker”. Zijn moeder is Antoinetta Bernardina Josephina Bergé. De woning is op de Postelstraat.

Hij trouwt op 28-jarige leeftijd op 13-7-1928 met Mathilda Francisca Adriana van Osch (26 jaar). Hij is “reiziger”, beiden zijn geboren en afkomstig uit ’s Hertogenbosch. Bij het huwelijk is zijn vader inmiddels overleden en blijkt zijn moeder 60 jaar te zijn.

Waarschijnlijk vestigt J.W.A. Cooymans zich daarna in Oosterbeek (Molenweg 27a/29) tussen 25 en 31 juli 1928. Hij is dan afkomstig uit ’s-Hertogenbosch. Zijn beroep is vertegenwoordiger. Op 4-12-1937 vertrekt deze J.W.A. naar Nijmegen.

Behalve het openingsartikel, komt J.W.A. in de Adresboeken van 1938 en 1940 voor op de Stikke Hezelstraat 11 als “vertegenwoordiger”.

In de gevonden adresboeken 1948, 1951 en 1955 woont J.W.A. op Groesbeekseweg 318 met als beroep “slijter”.  In 1966 Jan Willem Passtraat 117. In 1968 Van Schaeck Mathonsingel 71; uit het Adresboek 1971 blijkt “Cooijmans, geb v Osch MFA” op de vSMathonstr 71 te wonen. “MFA” zijn de initialen van zijn vrouw Mathilda van Osch.

Cooymans, “een naam die al reeds van oudsher een goeden klank heeft”

De naam Cooymans is dat van de bekende distilleerderij Cooymans.

J.W.A. is geboren op de Postelstraat in ‘s-Hertogenbosch. Dit is de straat waar voorvader Johannes Gerardus rond 1825 zijn bakkerij was begonnen. In 1900 staat J.G. Cooymans & Zoon nog in deze straat (het is mij onbekend of dit een en dezelfde was). Vanwege de behoefte aan uitbreiding wordt de fabriek in 1903 naar de Koninginnelaan verplaatst. De winkel verhuist naar de Schapenmarkt. Op het moment dat J.W.A. geboren wordt leiden 3 broers het bedrijf: in 1895 heeft zn opa Adrianus zijn vader Gerardus gevraagd om de fabriek te helpen leiden; 3 jaar later komen daar de broers François en Hubert bij. In 1893 stapt Hubert vanwege de moeizame samenwerking in 1903 uit het bedrijf en begint voor zichzelf. Dit bedrijf loopt zo goed, dat de twee andere broers zich niet zelfstandig kunnen handhaven. In 1910 worden de 2 bedrijven samengevoegd, waarbij Hubert de enige eigenaar is. De twee broers komen in dienst als vertegenwoordiger.

(Bron: Bossche Encyclopedie Cooijmans drankfabriek, en tevens mooi artikel over deze fabriek)

Het is mij onbekend of J.W.A. “vertegenwoordiger” was voor Cooymans en of de slijterij nog verband hield met de fabriek Cooymans.

Architect G.B. Treur

Architect G.B. Treur zullen wij waarschijnlijk vooral tegenkomen bij de wederopbouw van Nijmegen, waarvoor hij veel winkels in het centrum…

Kock Bril Shop gebouwd als Opticien Sellink, Augustijnenstraat 36-38 in juli 2019 (Google Streetview) architect van der Kloot
#Nijmegen, Augustijnenstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Geschiedenis van Opticien Sellink in Nijmegen

1955, Augustijnenstraat 36-38

Kock Bril Shop gebouwd als Opticien Sellink, Augustijnenstraat 36-38 in juli 2019 (Google Streetview) architect van der Kloot
Kock Bril Shop gebouwd als Opticien Sellink, Augustijnenstraat 36-38 in juli 2019 (Google Streetview)

In 1955 vindt de opening plaats van opticien Sellink op de Augustijnenstraat 36-38. De architect was van der Kloot. De zaak van zijn vader was tijdens het bombardement van februari 1944 verwoest. Waar zijn vader de nadruk op uurwerken had gelegd, lag de focus van zijn zoon op optische hulpmiddelen. Ook tegenwoordig is het pand nog in gebruik door een opticien.

Vooraf

Hendrik Christiaan Selling is op 5-10-1880 geboren in Winterswijk. Hij vestigt zich op 28-1-1907 in de Hertogstraat, hij is dan afkomstig van Lochem. Zijn beroep is “horlogemaker”. Hij neemt daarbij de zaak van de Firma A. Waalewijn over.

Eerst gevonden advertentie Sellink (PGNC 17/3/1907)
Eerst gevonden advertentie Sellink (PGNC 17/3/1907)

Hij trouwt op 31-1-1908 met Hendrika Wilhelmina Haarman (9-11-1884 te Hees) (Bevolkingsregister 1900).

Ze krijgen 2 kinderen:

  • Gerard Johan Hendrik Christiaan, 14-6-1910
  • Wilhelmina Johanna Christina, 5-5-1914

Uit het Bevolkingsregister 1910 blijkt zijn broer, Gerard Frederik van 10-4-1917 tot 12-8-1918 bij hem in te wonen.

Tussen januari en mei 1910 verhuist hij naar de Korte Hezelstraat 19, waar hij zijn zaak tot het bombardement zal houden (De Gelderlander 1/1/1910 en De Gelderlander 1/5/1910)

Stikke Hezelstraat 17-19

In advertenties komen regelmatig de nummers 17 en 19 voor: het is onbekend of dit onmiddellijk het geval was of dat Sellink in de loop der tijd een pand heeft aangetrokken. Bovendien vindt naamsverandering plaats van “Korte Hezelstraat” naar “Stikke Hezelstraat”.

Heropening Sellink na verbouwing 1921 (PGNC 25/11/1921)
Heropening Sellink na verbouwing 1921 (PGNC 25/11/1921)

In 1921 vindt een uitbreiding plaats (PGNC 25/11/1921). En daarnaast een kleine verbouwing in 1928, waarbij de winkel slechts 2 dagen gesloten is (De Gelderlander 5/11/1928). In 1934 raakt ook de zoon bij de zaak betrokken (het artikel bij de heropening in 1955), waarbij het nog onduidelijk is of dit al dan niet als mede-eigenaar is. Bij het betrokken raken van de zoon komt er ook een optische afdeling.

Noodwinkel

Het pand wordt tijdens het bombardement van Februari 1944 verwoest. Op 11-8-1950 overlijdt Hendrik Christiaan (Bron: Openarchieven; hoewel de originele acte nog niet is ingezien, blijkt zijn vrouw in het adresboek van 1951 weduwe).

Het artikel bij de heropening in 1955 noemt dat “Sellink” na het februaribombardement van 1944 in Winterwijk en Kesteren werkzaam is geweest, Waarschijnlijk wordt daarmee de zoon bedoeld: “maar in geen van beide plaatsen werd het een succes. In 1951 kwam hij dan ook weer naar Nijmegen om een zaak te openen aan de Sophiaweg.” Waarschijnlijk betrof de Sophiaweg het woonadres: Sellink adverteert als “Ged(iplomeerd) Opticiën op Wintersoord 3.

Advertentie Sellink noodwinkel op Wintersoord (De Gelderlander 4/7/1952)
Advertentie Sellink noodwinkel op Wintersoord (De Gelderlander 4/7/1952)

Herbouw

Plan voor herbouw van een winkelpand met bovenwoning, voor de heer G. Sellink, aan de Augustijnenstraat, architect A. van der Kloot, datum dossier 23-12-1953 (D12.415301)
Plan voor herbouw van een winkelpand met bovenwoning, voor de heer G. Sellink, aan de Augustijnenstraat, architect A. van der Kloot, datum dossier 23-12-1953 (D12.415301)

De linker deur is de opgang naar boven. De benedenverdieping bestaat vrijwel geheel uit de winkel zelf, met aan de linkerkant emballageruimte. In de kelder bevindt zich onder andere een magazijn en de werkplaats.

De belangrijkste verandering die zich uiterlijk heeft voorgedaan is de verdwijning van het portiek. Wanneer de bouwtekening/foto ZN35363 met het huidige situatie wordt vergeleken: aanvankelijk lag de winkel wat dieper, met de ingang schuin op de hoek. Op de hoek bevindt zich een zuil. Tegenwoordig komen de etalages vrijwel tot aan de stoeprand, met de ingang rechts van het midden.

Bij de opening op de Augustijnenstraat

Bij het RAN is een foto te vinden uit 1956.

De Gelderlander plaatst bij de opening op de Augustijnenstraat 36-38 het volgende artikel:

Aan de Augustijnenstraat

Nieuwe zaak opticien Sellink geopend

Zaterdagmiddag opende de heer Sellink aan de Augustijnenstraat zijn nieuwe zaak in optische instrumenten en horloges, die nu na elf jaar weer een definitieve vestiging in Nijmegen heeft gekregen. De heer Sellink is namelijk na het verwoesten van zijn pand tijdens het Februaribombardement van 1944 in Winterwijk en Kesteren werkzaam geweest, maar in geen van beide plaatsen werd het een succes. In 1951 kwam hij dan ook weer naar Nijmegen om een zaak te openen aan de Sophiaweg.

Architect A. v.d. Kloot en aannemer Dekkers hebben nu in de beste samenwerking een bijzonder sfeervol pand opgetrokken, dat geheel aangepast is aan de artikelen, die er te koop zijn. Een nieuwigheidje is, dat de werkkamer zonder scheiding met de winkel verbonden is, door middel van een estrade, waar zich twee automatische slijpapparaten bevinden voor precisiewerk. Elk van deze automaten vervangt één man personeel. Er is ook gedacht aan een showroom. Bij de opening was deze weliswaar nog niet in gereedheid gebracht, maar binnenkort zal ook dit onderdeel van de zaak in gebruik genomen worden.

De heer Sellink Sr. opende al in 1907 een zaak, die zich vooral bewoog op het gebied der uurwerken. Zijn zoon bracht in 1934 de optische afdeling er in en deze is nu van plan om in de nieuwe zaak de nadruk te leggen op deze afdeling. Men zal nu zelf kunnen zien hoe zijn brillenglas geslepen wordt. Een nieuwe parel aan het firmament van de Augustijnenstraat kunnen we het pand van de heer Sellink noemen.” (De Gelderlander 22/2/1955)

Vervolg

In de loop van de jaren 70 wordt het de Kock Bril shop: H.G.J. Kock laat in 1976 de winkel verbouwen naar ontwerp van architect L. de Bruin (D12.501676). Het betreft dan het grotendeels verdwijnen van het portiek: de etalages komen tot vrijwel de stoep en de ingang wordt recht op de straatkant gezet, waarbij de pilaar nog wel blijft staan. Ook vindt in 1995 nog een verbouwing plaats (vanwege privacy worden deze bouwtekeningen niet opgenomen).

De Kock Bril Shop zit anno februari 2024 nog steeds op deze locatie: “De familie Kock is al sinds de jaren ’50 een bekend gezicht, in brillen en later ook in contactlenzen, in Nijmegen. Robert Kock is de 3e generatie opticiens, heeft zijn optiekopleiding in Rotterdam en de optometrieopleiding in Utrecht gevolgd.”

De voorgevel van het pand van Vroom & Dreesmann na de verbouwing in 1916, 4/1916 (F13374 RAN) Grote Markt architect Welsing
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Grote Markt

De vooroorlogse Vroom en Dreesmann aan de Grote Markt I: begin tot aan verbouwing 1916

In 1930 waren Vroom & Dreesmann (midden) en Bahlmann (rechts) nog 2 afzonderlijke zaken. Enkele jaren later zal Bahlmann bij Vroom & Dreesmann worden gevoegd. Foto: Nijmegen 700 jaar stad werd groots gevierd: in de hele stad werden gebouwen feestelijk geïllumineerd, zoals het gebouw van Vroom en Dreesmann in het midden, links van Dijk en Witte en rechts Bahlmann. De verlichting was een initiatief van de Nijmeegse Erkende Installateurs Vereniging en werd uitgevoerd door de firma's Beukering en Alewijnse, 25/8/1930-30/8/1930 (GN11829 RAN)
In 1930 waren Vroom &; Dreesmann (midden) en Bahlmann (rechts) nog 2 afzonderlijke zaken. Enkele jaren later zal Bahlmann bij Vroom & Dreesmann worden gevoegd. Foto: Nijmegen 700 jaar stad werd groots gevierd: in de hele stad werden gebouwen feestelijk geïllumineerd, zoals het gebouw van Vroom en Dreesmann in het midden, links van Dijk en Witte en rechts Bahlmann. De verlichting was een initiatief van de Nijmeegse Erkende Installateurs Vereniging en werd uitgevoerd door de firma’s Beukering en Alewijnse, 25/8/1930-30/8/1930 (GN11829 RAN)

In 1895 opent manufacturenzaak “De Zon” van Vroom & Dreesmann haar bescheiden zaak op de Grote Markt. Een 2e zaak volgt in 1900, welke door overnames van omliggende panden zal uitgroeien tot een gigantische, prachtige winkel.

De meeste mensen denken aan de vooroorlogse, prachtige winkel van Vroom & Dreesmann aan het werk van Oscar Leeuw. Hij zal echter later pas betrokken raken, onder andere door de bouw van de passage van Vroom en Dreesmann. En de verbouwingen in de jaren 30, waarbij onder andere Bahlmann bij de winkel wordt getrokken. Helaas zal het pand tijdens het bombardement van februari 1944 verloren gaan. Daarover later meer.

Eerst terug naar een bescheiden manufacturenzaak aan de Grote Markt.

De Zon

Een tekening van het voormalige Magazijn de Zon van Vroom & Dreesmann, 1905 (F13371 RAN) Grote Markt
Een tekening van het voormalige Magazijn de Zon van Vroom & Dreesmann, 1905 (F13371 RAN)

Maar het verhaal begint bij een nieuwjaarsbezoek op Nieuwjaar 1894.

De zwagers Dreesmann en Vroom hadden op dat moment reeds een aantal geopend in het westen van het land. Bij deze en volgende openingen betrokken zij steeds familieleden.

Aanvankelijk waren Vroom en Dreesmann van plan geweest om H.J. Vroom met zijn compagnon Joh. Bär de zaak in Nijmegen te laten openen. H.J. Vroom stortte echter in en bleek niet langer dan 3 maanden te leven te hebben. Vroom en Dreesmann konden bovendien Bär niet missen in Amsterdam.

kiespijn

Daarop werd aan Nicolaus Dreesmann bij zijn nieuwsjaarbezoek van 1894 door Antoon voorgesteld om de nieuwe zaak in Nijmegen te beginnen. Nicolaus en zijn vrouw wilden aanvankelijk niet: hij was directeur van de zaak aan de Weesperstraat in Amsterdam, waar hij en zijn vrouw zich bovendien thuis voelden. Antoon werd boos, wees op de ongezonde situatie van de Weesperstraat en dat hij in Nijmegen al gauw het dubbele zou kunnen verdienen dan in de huidige winkel. Een leuke anecdote is dat een kiespijn van Antoon weer kwam opspelen, mogelijk vanwege zijn boosheid. Toen hij zich even terug moest trekken, gingen Nicolaus en zijn overleggen. Uiteindelijk stemt Nicolaus toe. Ook op een later moment wist Vroom Nicolaus nog verder te overtuigen.

Op 6 april 1895 opent “De Zon” haar deuren op de Grote Markt 11 en 12 in Nijmegen. De winkel heeft 2 etalages met in het midden een deur.

Magazijn de Zon van Vroom & Dreesmann (Grote Markt 12) ; links Drukkerij C.A. Vieweg & Zn. (Grote Markt 11) en rechts de winkel van Bahlmann (Grote Markt 13), foto gedateerd 1910 (F14224) Grote Markt
Magazijn de Zon van Vroom & Dreesmann (Grote Markt 12) ; links Drukkerij C.A. Vieweg & Zn. (Grote Markt 11) en rechts de winkel van Bahlmann (Grote Markt 13), foto gedateerd 1910 (F14224)

Bahlmann en de opening op Groote Markt 2

Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910: 
Een gedeelte van de zuidgevel van de Grote Markt : V.l.n.r. Grote Markt 1 (sigarenzaak C. van Steensel) , Grote Markt 2 (Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann) en Grote Markt 3 (C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen) ; links de hoek met de Broerstraat, 1910 (F14223 RAN)
Magazijn de Zon van Vroom en Dreesmann op Grote Markt 2. Rechts C.J.R. Geurts Koloniale Waren en tabaksartikelen op Grote Markt 3. Beiden zullen deel gaan uitmaken van de Passage van Vroom en Dreesmann, foto gedateerd 1910

Uitbreiding van Vroom & Dreesmann is op dat moment lastig. Rechts van haar zit grote concurrent Bahlmann. En niet alleen dat: op nummer 10 zat de juwelier Bielen. Deze had zijn pand van de heer Holthaus gekocht. En aangezien Holthaus chef was bij Bahlmann, was bij de verkoop het beding vastgelegd dat er de eerste 25 jaar geen manufacturenzaak in het pand gevestigd zou mogen zijn. Deze bepaling had Holthaus voor meer panden op de Groote Markt laten vastleggen.

Daarop besluit Vroom en Dreesmann om het pand van Groote Markt 2 aan te kopen, waar voorheen Canta zat: In 1900 opent ze hier haar 2e winkel, waar de mantel- en stoffenzaak wordt gevestigd.

Vieweg

Advertentie van magazijn De Zon met afbeeldingen van beide zaken op de grote Markt: links Grote Markt 2 (het voormalige pand van de Gebrs. Canta) en rechts Grote Markt 12, 1911 (Collectie J.M.G.M Brinkhoff via D165 RAN CC0)
Advertentie van magazijn De Zon met afbeeldingen van beide zaken op de grote Markt: links Grote Markt 2 (het voormalige pand van de Gebrs. Canta) en rechts Grote Markt 12, 1911 (Collectie J.M.G.M Brinkhoff via D165 RAN CC0)

In 1905 neemt Vroom en Dreesmann het “woonhuis” van Vieweg op de Grote Markt over, welke in de verbouwing van 1907 bij de winkel wordt getrokken (Vijftig jaar Vroom en Dreesmann). Ook op de bovenstaande afbeelding is te zien hoe de Zon met het pand van Vieweg is vergroot. Wél lijkt de ingang van Vieweg zijn oorspronkelijke vorm te hebben behouden, maar deze afwijking kan ook een andere reden hebben.

Wanneer de gehele drukkerij van Vieweg tussen 1907 en 1916 bij “De Zon” wordt getrokken is niet geheel duidelijk: op onderstaande afbeelding staat “De Zon” op een foto welke door het RAN op 1910 is gedateerd. Links daarvan Drukkerij Vieweg. Daarbij is opvallend dat het krantenartikel van de verbouwing uit 1916 (zie hieronder) ook Vieweg noemt, terwijl het pand waarschijnlijk tussen 1910 en 1916 bij De Zon is getrokken. Mogelijk heeft Vieweg nog haar ingang tot haar drukkerij aan de Scheidemakersgas, die in 1916 alsnog bij Vroom en Dreesmann wordt betrokken.

In ieder geval zal in 1916 het gehele terrein van Vieweg onderdeel uitmaken van de grote verbouwing.

Verdere overnames

Wanneer het beding in 1913 op het huis van Bielen is afgelopen, ruilt Vroom & Dreesmann Groote Markt 2 met het huis van Bielen. (Waarbij Oscar Leeuw de verbouwing voor Bielen ontwerpt).

Ook waren er in die jaren andere overnames: De Tijdingzaal van de Nijmeegsche Courant, de poppenwinkel van de fa. Engel en huizen in de Scheidemakersgas.

Op onderstaande foto staat rechts de juwelierszaak Bielen en links daarvan de Speelgoedwinkel van Engel. Let op het pand rechts: dit is verbouwde de Zon van Vroom en Dreesmann (waar “Manufacturen” nog te zien, met daarbij de ingang die nog in de stijl van de oude drukkerij Vieweg is.

Deze werden tijdens verbouwing tussen 1907 en 1916 bij de winkel gevoegd (Vijftig jaar Vroom en Dreesmann- welke overigens 1917 als jaartal noemt). “We hadden nu een mooi complex en konden wij aan de oprichting van een groot modern magazijn denken”. (Wordings-Geschiedenis)

rechts de juwelierszaak Bielen en links daarvan de Speelgoedwinkel van Engel. Deze winkels zullen bij de verbouwing van 1916 bij de winkel van Vroom en Dreesmann worden gevoegd. Let op het pand rechts: dit is verbouwde de Zon van Vroom en Dreesmann (waar “Manufacturen” nog te zien, met daarbij de ingang die nog in de stijl van de oude drukkerij Vieweg is. Foto gedateerd 1900-1910 (F9245 RAN)
Winkels aan de Grote Markt. Rechts de juwelierszaak Bielen en links daarvan de Speelgoedwinkel van Engel. Deze winkels zullen bij de verbouwing van 1916 bij de winkel van Vroom en Dreesmann worden gevoegd. Let op het pand rechts: dit is verbouwde de Zon van Vroom en Dreesmann (waar “Manufacturen” nog te zien, met daarbij de ingang die nog in de stijl van de oude drukkerij Vieweg is. Foto gedateerd 1900-1910 (F9245 RAN)

Nicolaus Dreesmann

Er is al veel geschreven over de winkelketen Vroom & Dreesmann. Daarom wordt verwezen naar de links hieronder.

Nicolaus Rudolph Alexander Dreesmann (Haselünne 11-7-1867– Nijmegen 2-8-1939) wordt aangesteld als directeur van Nijmegen. Hij was de jongere broer van Anton Dreesmann. Beiden zijn ze geboren in het Duitse Haselünne (in Niedersachsen, iets meer dan 40 kilometer ten oosten van Emmen)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Dreesmann

https://archief.amsterdam/inventarissen/details/30634

Vroom & Dreesmann 1916

De voorgevel van het pand van Vroom & Dreesmann na de verbouwing in 1916, 4/1916 (F13374 RAN) Grote Markt architect Welsing
De voorgevel van het pand van Vroom & Dreesmann na de verbouwing in 1916, Grote Markt, architect Welsing, 4/1916 (F13374 RAN)

Februari 1916 opent de nieuwe Vroom & Dreesmann onder grote belangstelling. De winkel heeft 1 groot front gekregen en heeft een oppervlakte van 1800 vierkante meter. Het gebouw is ontworpen door architect Welsing.

Architect Welsing

Willem Gerhardus Welsing, (Arnhem, 14 december 1858 – aldaar, 1 januari 1942) is bekend als huis-architect van de Gruyter en voor zijn werk voor Vroom en Dreesmann. Hij is in Arnhem geboren, waar zijn vader timmerman was. Na zijn bouwkundige opleiding in Duitsland werd hij chef de bureau bij het architectenbureau van Salm.

In 1891 vestigt hij zich als particulier architect in Amsterdam; in 1896 verhuist hij naar Arnhem. Hier werd hij de vaste architect van het Elisabeth-gasthuis. In 1906 ontwierp hij de winkel voor de Gruyter in de Bovenbeekstraat in Arnhem. Hierna werd hij de huisarchitect van de Gruyter, welke hij tot 1925 zou blijven. Ook de voormalige winkel op Mariaplein 6 in Nijmegen uit 1919 is van zijn hand.

Hij ontwierp voor de Gruyter ook fabrieken en villa’s voor de familie in Den Bosch.

Hendrick de Keyser: “Welsing maakte als architect een ontwikkeling door die karakteristiek is voor de kunstenaars van zijn generatie. Aanvankelijk bouwde hij in neorenaissance stijl. Vanaf 1900 onderging hij de invloed van Berlage en De Bazel. Zijn winkels zijn vaak vormgegeven in art deco stijl, waarbij veelvuldig gebruik is gemaakt van bouwkeramiek van de Porceleyne Flesch in Delft.”

https://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_Welsing (met een overzicht van zijn werk)

https://www.hendrickdekeyser.nl/architecten/willem-g-welsing

https://www.bossche-encyclopedie.nl/personen/welsing,%20wilhelmus%20gerhardus%20(1858-1942).htm: hierop staat tevens een foto van Welsing

Bij de opening

Het PGNC wijdt een uitgebreid artikel aan de opening:

In de Nieuwe Magazijnen van de Firma Vroom & Dreesmann.

Er is een tijd geweest- wij ouderen kunnen ons dat nog best herinneren- dat de ontvangst van een “Boekje” van de “Bon Marché” of de “Louvre” en later van de “Printemps” een evenementje was bij het begin van voorjaars- of najaarsseizoen in menig kleinsteedsch huisgezin. Die aardige, geïllustreerde prijscourantjes, met hun tot begeeren en bestellen opwekkenden inhoud- ze brachten als het ware een vleugje mee van de grootstadsche lucht van ’t eenige Parijs, die bron van de mode; ze gingen van hand tot hand; elk huisgenoot deed er zijn keuze uit en weldra werd een uitgebreide order in de bijgevoegde enveloppe met klaargemaakt adres naar Parijs verzonden. Dan kwam er veertien dagen later onder rembours- kwade tongen beweerden wel eens dat er bij de plaatselijke winkeliers zóó vlug niet betaald werd- een groot pakket, gewikkeld in een soort geteerd, zwart pakpapier en begon de vreugde van ’t uitpakken. Het was een St. Nicolaasfeest in miniatuur! En wie het eenmaal uit Parijs bracht- de illusie van elken Hollander- die richtte aanstonds zijn schreden naar die reuzenmagazijnen die men reeds lang van de afbeeldingen kende en waarvan men heimelijk trotsch was een klant te zijn. Thuisgekomen vertelde men er wonderen van: je werd er binnen een uur tijds van top tot teen in ’t nieuw gestoken- je kwam er binnen als een provinciaaltje en je stapte er uit als een geacheveerde Parisienne of Parisien!

Hoe lang ligt de tijd dat we genoten van dat tooversprookje- waarover Zola in zijn “Au Bonheur de Dames” waarvoor hij de Parijsche “Printemps” als voorbeeld gekozen had, zoo boeiend heeft geschreven- al achter ons. Nà Parijs kwamen andere groote steden belangstelling voor hare wereld-magazijnen vragen. Met name werd Berlijn al spoedig dergelijke inrichtingen rijk en de ondernemende Tietz met zijn bekende over heel Duitschland verspreide “Warenhäuser” bleef voor het reizend publiek geen vreemde meer. En ook in ons land is door ondernemende mannen dat voorbeeld gevolgd. Maar daarmee verdween tegelijk de geheimzinnige charme, die de Parijsche boekjes bij ons wekten. Die boekjes werden steeds zeldzamer en bleven tenslotte heelemaal uit. Wij konden nu in ’t eigen land terecht, ja wij raakten aan de grootheid in eigen omgeving gewend en we stapten alsof we nooit anders gekend hadden als geroutineerde bezoekers die wereld-bazaars binnen. Wat eerst nog bij de hoofdstad behoorde waaide zelfs ons vooruitstrevend Nijmegen allengs binnen!

Onwillekeurig kwam deze herinnering bij ons op, toen we hedenmorgen de groote nieuwe magazijnen bezochten, die de bekende Firma Vroom & Dreesmann in onze stad aan het historische Marktplein heeft gesticht en die morgen, Zaterdagmiddag om 2 uur, met allen luister voor het publiek zullen worden opengesteld. Het is wel geen Warenhaus à la Tietz, dat de Firma hier stichtte. Zij houdt bescheiden vast aan den ouderwetschen naam van Manufacturen-Magazijn met daaraan verbonden Tapijtzaak, Beddenfabriek en Behangerij- doch het zou, zoowel in- als uitwendig, gerust een “Warenhuis” genoemd mogen worden.

De Vroom & Dreesmann in 1925, gezien vanaf de Kerkboog in de richting van de Korte Burchtstraat; rechts het pand van Vroom & Dreesmann, daarnaast de Kledingzaak van Van Dijk & Witte (63552 RAN)
De Vroom & Dreesmann in 1925, gezien vanaf de Kerkboog in de richting van de Korte Burchtstraat; rechts het pand van Vroom & Dreesmann, daarnaast de Kledingzaak van Van Dijk & Witte (63552 RAN)

Allereerst het uiterlijk. De even sierlijke als voorname gevel verfraait ons oude plein. Al steekt hij ook boven de omgeving uit, hij drukt die net neer- integendeel- het komt ons voor dat het hardsteenen uiterlijk van den rechterbuurman er b.v. beter door tot zijn recht komt dan voorheen. Het pand heeft een breedt van 65 meter en is gelijkvloers geheel als winkel ingericht. Achter spiegelruiten van groote afmetingen rust het oog op etalage-kasten van smaakvolle betimmering- die naar willekeur grooter en kleiner gemaakt kunnen worden en die bovendien zijn afgesloten door gebogen spiegelglas in de portiek- terwijl in het midden de ingang is aangebracht ter breedte van 5 Meter, die door middel van vier breede doordraaiende deuren toegang geeft tot een ruim tochtportaal. Dat is alles grootsch opgevat. Het front, rustende op sokkels van Beiersch graniet, is opgetrokken in Bremer zandsteen, verlevendigd door de toepassing van handvorm baksteen, waardoor het aanzien frisch en vroolijk werd. De ornamentatie is gelukkig van vorm en niet overdreven en het hier en daar aangebracht verguld zet aan het geheel een zekere bekoring bij. Het oog wordt onwillekeurig geboeid door deze combinatie van lijn en kleur; er is niets schreeuwends in en toch trekt het gebouw dadelijk aller aandacht.

En nu het inwendige- dat men den gevel gelijken tred houdt. Komt men door een der deuren van den ingang het tochtportaal binnen, van waaruit men de magazijnen betreedt, dan staat men in een Hal, die eene oppervlakte heeft van ongeveer 1800 vierkante Meters. Geen kleinigheid! Doch men bedenke dat het nieuwe pand werd gebouwd op de reeds vrij aanzienlijke oppervlakte van het oude magazijn der Firma, op die van de huizen van de Firma C.A. Vieweg & Zn. en G.J. Bielen, die beide tot in de bocht van de Scheidemakersgas doorliepen, op die van het Speelgoedmagazijn der Firma Engel en de Scheidemakersgas werd aangekocht en genivelleerd. Daardoor werd niet alleen een vierkant pand verkregen, doch aanstonds in de Scheidemakersgas een toegang voor de Expeditie-afdeeling, die beneden onmiddellijk aan het magazijn grenst en een ruime tweede toegang voor het in ontvangst nemen van de aangevoerde goederen.

Deze Hal is de eigenlijke winkel, die helder verlicht wordt door een drietal boogvormige bovenramen, elk groot 100 vierk. M., die op een afstand van 7 M. van elkaar zijn aangebracht. Daardoor valt- aangenaam getemperd door glas in lood in teere kleuren- een profusie van licht naar binnen, zoodat zelfs in de uiterste hoeken geen donker plekje te ontdekken is. Het voorste gedeelte van dit onafzienbare lokaal is ingericht met stands voor de verschillende kleinere artikelen. Iedere stand is eene afdeeling op zichzelf. In fraaie vitrines van teakhout met gebogen glas en onder de glazen deksels der toonbanken liggen van alles de laatste snufjes geëtaleerd en vriendelijke winkeljuffrouwen, keurig in ’t zwart, zijn elk van hare specialiteit uitstekend op de hoogte. Breede paden zijn tusschen de verschillende stands opengehouden, zoodat men zich overal gemakkelijk beweegt. Op verschillende punten zijn kassen geplaatst- want, het is bekend, bij de Firma Vroom & Dreesmann wordt aan de gezonde conditie “contant betalen” allas “boter bij de visch” krachtig de hand gehouden. Wandelt men hier rond, dan heeft men geen oogen genoeg om de veelheid der geboden artikelen te bewonderen. Het lijkt een hoekje van eene tentooonstelling. Vervolgt men het middenpad, dan ontwaart men in het midden van de zaal een klaterende fontein, in een omgeving van groen en sierplanten, die een vroolijk effect in deze omgeving maakt. Het tweede gedeelte van de Hal is ingericht voor de Dames-Confectie. Men loopt er tusschen onafzienbare rijen kasten met mantels, robes, blouses enz. door, overal een zitje vindend om op zijn gemak een keuze te doen. Vier smaakvol ingerichte paskamers zijn hier ter beschikking der cliëntèle. Een reuzenklok, tegen den achterwand aangebracht, herinnert er bescheidenlijk aan, dat “tijd geld is”- misschien niet geheel en al ten onrechte, daar wij wel eens hebben hooren verluiden dat dames altijd erg langzaam in haar keuze zijn. Maar die ondeugende opmerking is heusch van ons zelf, niet van de Firma, die er integendeel steeds op uit is haren bezoeksters de keuze zoo aangenaam mogelijk te maken. Tegen de beide lange wanden van de zaal zijn van voor tot achter kasten aangebracht; voor de courante manufacturen en stoffen aan de eene zijde, voor witte goederen, vitrage en gordijnstoffen aan de andere zijde. Wel is het het een heele wandeling- ongeveer 60 Meter- als men daar eens langs patrouilleeren wil, doch een dankbare tocht tevens, daar men hier stellig iets van zijn gading vindt. Waar men hier ook komt, nergens wordt de indruk van soliede voornaamheid verbroken door iets, dat uit den toon valt. De kleuren van verfwerk en betimmering zijn stemmig gekozen, zoodat niets aan het geëtaleerde afbreuk doet. De vloer is bedekt met een effen Walton linoleum, zoodat zelfs bij druk bezoek het loopen geen hinderlijk leven maakt en prachtige bronzen electrische lampen zijn overal aangebracht. Bij avond is het effect van het geheel zoo mogelijk nog schitterender, dan overdag.

In het voorgedeelte van de Hal is een keurige liftkoker aangebracht, waarin onophoudelijk een Sigler-personen-lift, die acht personen kan vervoeren, op en neer gat. Een beleefde gegalonneerde lift-boy bedient met vaardigheid dit voertuig, dat ten dienste is van alle bezoekers, die niet van de prachtige breede trappen gebruik wenschen te maken, welke naar de eerste étage voeren. Deze geheele verdieping, bestemd voor de afdeling Bedden, Slaapkamer-inrichtingen, tapijten, karpetten, linoleum, zeilen, tafelkleeden, gordijnen, enz., waarvan de Firma een specialiteit heeft gemaakt, is van dezelfde afmeting als de beneden-lokaliteit, met dien verstande, dat de lichtkokers, die door nette belustraden omgeven zijn, in den vloer zijn gespaard. Aan de voorzijde en langs een der zijwanden vindt men hier een lange rij modelkamers ingericht, waar men èn bij een goed- èn bij een spaarzaam-gevulde beurs een keuze kan doen en o.a., als iets nieuws, een etalage in salon- en andere wiegen, om elke moeder naar een nieuwe baby te doen verlangen. Meer naar de achterzijde is de tapijt-afdeeling, met eene uiterst practische inrichting om karpetten te etaleeren voor de bezoekers. Onafzienbaar zijn hier de rijen van rollen linoleum en vloerzeil, die, geduldig als soldaten, naast elkaar in het gelid staan. Op deze verdieping bevindt zich ook een kantoor en het smaakvol gemeubeld privé-kantoor van den heer Dreesmann.

Vormen deze beide groote verkooplokalen het gedeelte, dat door het publiek gezien wordt, het oog des verslaggevers dringt verder door. En al vreezen wij bijna te veel van den lezer te vergen, toch moeten wij nog even iets vertellen van de vele andere afdeelingen, die deze reuzenbouw bergt en waar de eigenaar ons met rechtvaardigen trots rondleidde. We stappen dus maar weer in de lift, die ons dadelijk in den kelder brengt, die onder het geheele pand doorloopt. Daar bevindt zich de voorraadschuur, die ons eerlijk gezegd een weinig overweldigd heeft. Op onafzienbare rijen van rekken, waar tusschendoor groote en kleine gangen voeren, ligt hier, netjes geordend en verpakt, alles wat tot aanvulling van den voorraad in de magazijnen noodig is en door groote zendingen van buitenaf dagelijks wordt aangevuld. Men zou zoo zeggen als leek: driemaal meer dan noodig is om heel Nijmegen van top tot teen in het nieuw te steken: om den inhoud van alle linnenkasten te vernieuwen; om alle woningen van nieuwe kleeden of vloerbedekking te voorzien; om alle kamers opnieuw te behangen! En welk een orde heerscht er in dit goederendorp. In de duisternis zou men er den weg vinden! Midden door de ruimte loopt een breed pad, dat voert naar den uitgang in de bocht naar de Scheidemakersgas, waardoor de nieuwe voorraad binnenkomt. Daar is ook een afzonderlijk lokaal voor berging van de wagentjes, de emballage enz. In dit onderaardsche gedeelte vindt men ook de inrichting voor de centrale verwarming, die het geheele gebouw in den winter op de gewenschte temperatuur houdt, den kolenkelder en andere bergplaatsen meer.

Met de goederenlift, die aan de achterzijde van het gebouw is aangebracht en tot in den nok opvoert, gaan we weer naar boven. We passeeren eerst een ruime knipkamer en eene geheel electrisch ingerichte strijkinrichting, die achter de gelijkvloersche Hal zijn aangebracht; dan nemen wij even een kijkje in de uitgebreide behangerij, de naaikamer voor gordijnen en het daaraan verbonden schaftlokaal, die achter het magazijn op de eerste étage zijn gelegen en dan landen we aan op de tweede verdieping, die ter bewoning van het uitgebreide interne personeel bestemd is. Het heerenpersoneel heeft zijn keurig gemeubelde slaapkamers aan de achterzijde van het gebouw, de dames resideeren aan de voorzijde, met uitzicht op de Markt. Deze inrichting gelijkt op een groot hôtel. Alles is hier nieuw en naar de strengste eischen der hygiëne ingericht. Tusschen deze beide afdeelingen in liggen de conversatiezaal en de eetzaal- twee ruime in elkaar loopende vertrekken, die in de manufacturenwereld den eigenaardige naam van “Partiekamers” dragen. Toen we deze bezochten, werd uit de aangrenzende groote keuken een keurig middagmaal opgedragen voor de dames en heeren van de eerste ploeg, die gezellig als in een restauratie om een lange tafel bijeenzaten. Onvermeld mag hier niet blijven, dat er tegen brandgevaar voor deze en ook voor de hooger gelegen étages, waar ook vele slaapkamers gelegen zijn, de meest doeltreffende maatregelen genomen zijn, zoodat een ieder zoo nodig een veilig heenkomen zoeken kan. De binnenbouw is trouwens in hoofdzaak geheel in ijzerconstructie uitgevoerd en van alle zijden van het gebouw bestaat gelegenheid langs veilige wegen twee van elkaar verwijderde brandvrije trappen van gewapend beton te bereiken. Zoo komt men van het dak tot aan de straat veilig in een brandvrije ruimte naar beneden; alle daarop uitkomende deuren zijn in ijzerconstructie en voorzien van zelf dichtslaande scharnieren. Op iedere étage zijn daarenboven brandkranen aangebracht: de plafonds zijn met onbrandbare Eternietplaten bedekt en zelfs op het platte dak zijn rondom de luchtkokers voor de veiligheid ijzeren leuningen aangebracht. Met de grootste zorg is alles in ’t belang van de veiligheid der bewoners gedaan, wat gedaan kon worden.

Dat door het geheele gebouw op doelmatige wijze hygiënische inrichtingen verspreid zijn, ten gebruike van het publiek en het personeel; dat de electrische verlichting overal even practisch en naar de nieuwste constructie werd aangebracht- kortom, dat niets werd verzuimd wat reinheid, orde en gemak in deze inrichting kan bevorderen, zullen we wel niet in het bijzonder hoeven te vertellen. Trouwens als men bedenkt dat de inwendige inrichting van het geheele gebouw- wij bedoelen daarmee alles wat niet direct den bouw doch de exploitatie der zaak betreft- alléé reeds één ton gouds kost, dan krijgt men een denkbeeld, van wat er aan eene onderneming als deze verbonden is!

In het geheel zijn thans aan de zaak der Firma Vroom en Dreesmann verbonden 50 mannelijke en vrouwelijke bedienden intern en 30 extern; verder 15 behangers en 12 magazijnknechts, terwijl aan de knipperij, de electrische strijkinrichting en aan het atelier voor het veranderen van dames-confectie nog een 40-tal naaisters werk vinden. Als chef treedt sedert vele jaren op de heer A.A. Verweijen, die een hechte steun voor de Firma is.

Eene aansporing om deze nieuwe Magazijnen te gaan bezichtigen kan o.i. overbodig worden geacht. In ruimen getale zal men zeker van de gelegenheid gebruik maken, die daarvoor van morgen, Zaterdagmiddag af, door de Firma wordt geboden. Het is waarlijk dubbel de moeite waard!

De eigenaars van de Firma Vroom & Dreesmann en hun onvermoeide firmant de heer N. Dreesmann alhier hebben met de stichting van deze inrichting een doorslaand bewijs van ondernemingszin en durf gegeven. Dat zij in eene stad van 60.000 zielen een Manufacturen-magazijn stichtten van die afmeting en- naar wij van bevoegde zijde vernamen bestaat er in ons land op dit gebied geen grooter- getuigt er wel van, dat zij- uitstekende kooplieden als zij zijn- in Nijmegen’s toekomst groot vertrouwen stellen.

Wij wenschen hun en ook Nijmegen toe dat zij zich daarin niet bedrogen zullen zien en dat voor beiden nog een schoone toekomst is weggelegd.

Ontwerper van den geheelen bouw is de heer W.J. Welsing, architect te Arnhem, die zich daarmee als een man van kennis en smaak heeft doen kennen. Het werk is uitgevoerd door de heeren W.J.H. van der Waarden en J.J. de Groot, van wie de laatste met de dagelijksche hoofdleiding is belast geweest. Hij maakt het door zijn tact en nauwgezetheid mogelijk, dat de zaken der Firma tijdens de verbouwing, die bijna twee jaar duurde, ongestoord konden voortgaan en het belangrijke werk onder en boven den grond zonder ongelukken werd uitgevoerd. De groote moeilijkheden, die in deze veelbewogen tijden de aanvoer van materialen uit het buitenland met zich meebracht, werden op schitterende wijze overwonnen. Zij eischten heel wat overleg.

Aan den bouw werkten mede de volgende firma’s: H.F. Euwens, zandsteen en hardsteenwerken; L.A. Moll, electrische installatie; J.H. Smits, gas- en waterleiding; sanitaire goederen; E. v. Bilderbeek, glas iin lood; L. van Haaren, stucadoorwerken; J.Th. v.d. Waarden, terrasso en betonwerken; gebrs. Koning, schilderwerk; S. Reichgeld, smidswerken; firma van Ommeren (voorh. Thijs Plet) spiegelglas; firma Wed. v. Crimpen, spiegelglas; aleen alhier; verder: Edema van der Tuuck, leeraar aan de Academie van Beeldende Kunsten te Rotterdam; P.G. Duchâteau en Zonen, te Rotterdam, brons en koperwerken; De Nederl. Linoleumfabriek te Krommenie, vloerbedekking; firma J.J. Bouvy te Dordrecht, alle sloten. Allen hebben de Nijmeegsche en Nederlandsche industrie eer aangedaan.

Ook mag niet onvermeld blijven, dat gedurende al dien tijd ruim honderd handwerkslieden hier geregeld werk vonden- waarlijk een buitenkansje in dezen oorlogstijd!” (PGNC 19/2/1916)

Vervolg

In 1930 waren Vroom & Dreesmann (midden) en Bahlmann (rechts) nog 2 afzonderlijke zaken. Enkele jaren later zal Bahlmann bij Vroom & Dreesmann worden gevoegd. Foto: Nijmegen 700 jaar stad werd groots gevierd: in de hele stad werden gebouwen feestelijk geïllumineerd, zoals het gebouw van Vroom en Dreesmann in het midden, links van Dijk en Witte en rechts Bahlmann. De verlichting was een initiatief van de Nijmeegse Erkende Installateurs Vereniging en werd uitgevoerd door de firma's Beukering en Alewijnse, 25/8/1930-30/8/1930 (GN11829 RAN)
In 1930 waren Vroom & Dreesmann (midden) en Bahlmann (rechts) nog 2 afzonderlijke zaken. Enkele jaren later zal Bahlmann bij Vroom & Dreesmann worden gevoegd. Foto: Nijmegen 700 jaar stad werd groots gevierd: in de hele stad werden gebouwen feestelijk geïllumineerd, zoals het gebouw van Vroom en Dreesmann in het midden, links van Dijk en Witte en rechts Bahlmann. De verlichting was een initiatief van de Nijmeegse Erkende Installateurs Vereniging en werd uitgevoerd door de firma’s Beukering en Alewijnse, 25/8/1930-30/8/1930 (GN11829 RAN)

Zoals gezegd denken veel mensen bij de vooroorlogse, prachtige winkel van Vroom & Dreesmann aan het werk van Oscar Leeuw. Hij raakt echter pas op een later moment betrokken, onder andere door de bouw van de passage van Vroom en Dreesmann. En de verbouwingen in de jaren 30, waarbij onder andere Bahlmann bij de winkel wordt getrokken. Zie het volgende artikel:

Oscar Leeuw, architect

Oscar Leeuw is een van de belangrijkste architecten van Nijmegen. Bekende werken van hem zijn onder de synagoge, museum Kam…