Emmalaan 9 september 2022, bron Google Streetview architect D. van Hattum
Waarschijnlijk is de bouw van dit dubbel woonhuis de eerste bouwactiviteit nadat Villa Rica uit 1904, welke de laatste van de 3 gebouwde villa’s was in het kader van Villapark Hees.
Op 2-8-1924 koopt Johannes Jacobus Kooy, zonder beroep, wonende te Hees, voor zichzelf en handelend voor:
Mejuffrouw Everdina Wilhelmina Kooy, verpleegster, wonende te Hees
Hendrik Kooy, monteur bij de Rijkstelegraaf, inwoner te Druten
Gijsbertus Kooy, klerk op het Kadaster, wonende te Hees
Een stuk bouwterrein van Gerard Leonard Langelaar. Het betreft een gedeelte van het perceel Neerbosch B nummer 2111, op een later tijdstip vervangen door 3367. Het is 460 centiaren groot (koopcontract via RAN).
Plan voor bouwen van een dubbel woonhuis aan de Emmalaan te Hees voor rekening van den heer J.J. Kooy te Hees, tekening augustus 1924 (D12.388533 Detail)
De architect van het pand is D. van Hattum. Kooij staat in het Gemeenteverslag 1924 als aanvrager van vergunning voor de bouw van een dubbel woonhuis.
In 1933 staan een aantal advertenties in de krant over verhuur van een huis. Waarschijnlijk betreft het daadwerkelijk Emmalaan 9.
PGNC 14/1/1933: onbekend of dit Emmalaan zelf betreft?
De Gelderlander 11/3/1933
Tot ongeveer 1932 heeft Kooij zelf in de woning gewoond. Daarna woonde H.H. Hiddink, in 1934 hoofd Bijzondere School Bethel er.
Adres
Naam
Beroep
Adresboeken
Emmalaan 13 (Rond 1932 gewijzigd in 9)
J.J. Kooij
1926, 1928, 1932
Mej. E.W. Kooij
Verpleegster
1928, 1932
Mej. J.E. Kooij
1928, 1932
Mej. P.C. Kooij
1932
Emmalaan 9
H.H. Hiddink
Hoofd Bijz. school Bethel
1934, 1936, 1938, 1940, 1948 (vanaf dan geen vermelding beroep), 1951, 1955,1959, 1963, 1966, 1968
Plan tot het bouwen van een Villatje in Hees voor rekening van den Wel. Ed. geb. Heer Pascal te Hees, datum tekening februari 1904 (D12.378822-1. Detail)
Arnoldus Josephus Jacobus Pascal
Arnoldus Josephus Jacobus Pascal (17-7—1870 Doesburg) vestigt zich 10-5-1901 in de gemeente. Hij is dan afkomstig uit Venlo. Hij gaat wonen in de Voorstadslaan 212, wat later is doorgehaald en vervangen door 351. Bij de opmerking staat E.J. 237.: het is onduidelijk of dit een verhuizing of een hernummering is. (Bevolkingsregister 1900). In het Register van 1910 staat Voorstadslaan 351, wat op een later tijdstip (‘1-1-21’) is vervangen door Lange Hezelstraat 123. Daarop is bij beroep ‘zonder’ doorgehaald en vervangen door agent in wijnen.
Hij is getrouwd met Josphine (later vervangen door a) Sibilla Maria Hutgens (22-8-1879 Doesburg). Ze hebben 5 kinderen, waarvan er 1 jong is overleden:
Hendrika Maria (10-4-1901 Venlo); Bij de opmerking staat I2-285. En op een gegeven moment komt ze van dit adres weer bij het gezin te wonen. Zij is dan onderwijzeres bijz. school.
Petrus Josephus Arnoldus (25-10-1903 Hees); hij overlijdt op 4-12-1912
Josephus Jacobus (2-4-1909 Hees)
Maria Johanna Hendrika (23-6-1911 Hees).
Louis Pierre Leon (7-10-1914 Hees)
Daarnaast zijn moeder Hendrika Wilhelmina ten Oever, wed. Pascal (8-2- 1837). Op 11-10-1911 overlijdt ze te ’s Gravenhage (de verhuizing daar naar toe staat niet vermeld). De laatste 3 kinderen zijn in Villa Rica geboren.
Andere bewoners op basis Adresboeken:
Villa Rica Voorstadslaan 351 in de sneeuw; architect Hoffmann
Pascal verkoopt de woning rond eind 1916/begin 1917 aan C.J. van Barneveld, een arts. Van Barneveld laat (waarschijnlijk staat er) R. Offerman een kleine verbouwing doen en een schuurtje bouwen (datum dossier: VERBOUWEN WOONHUIS (26-01-1917). De verbouwing houdt uiterlijk in dat een balkon van de zijgevel bij de woning zelf wordt getrokken.
Plan tot het bouwen van een schuurtje een een kleine verbouwing. D12.385339
Dan koopt de N.V. Scheepswerf Gebr. van der Werf uit Deest het pand. Zij laten door architect R. G. Rodenburg een verbouwing ontwerpen. De tekening daarvan is gedateerd op 9-9-1951. Uiterlijk betreft dit het plaatsen van 1 groot raam centraal boven de deur en het plaatsen van een nieuwe deur naast de reeds bestaande.
Oud D12.412713
Nieuw (D12.412714 detail)
In 1996 brandt de woning deels af en wordt vervolgens herbouwd.
Villa Rica was het derde en tevens laatste pand dat van de grond kwam voor het Villapark Hees. Daarna zou er pas in 1924 weer gebouwd worden.
Architect Hoffmann is vooral bekend vanwege zijn villa’s. Zijn grootste werk is mogelijk ’t Slotje van de Baron. Ook de uitbreiding/verbouwing van het Wilhelminaziekenhuis is…
In 1947 ontwerpt architect B. Benning de herbouw van de hoek van Heutszstraat – Groesbeeksedwarsweg. Dit pand was bij de bevrijding vernietigd. De bouwtekening heeft hij samen met zijn broer P. Benning ondertekent. Het oorspronkelijke gebouw dateerde uit 1938 .
Voor de verwoesting (D12.407241)
In het Bouwarchief komen 2 ontwerpen voor, die afwijken wat betreft het grote raam. Momenteel is nog onbekend welk ontwerp het uiteindelijk geworden is:
1932, Pater Eijmardweg 15-19, Gemeentelijk Monument
Meisjesschool Jetten Pater Eijmardweg, 1932-1935 (GN9503 RAN)
Hierboven staat het op 31 juni 1932 ingezegende scholencomplex weergegeven. Deze is ontworpen door J.J.M. Jetten. Deze architect had eerder de Jongensschool en het Vereenigingsgebouw in Brakkenstein ontworpen. Het complex bestaat uit links de Mariaschool (huishoud en naaischool) en rechts de rk meisjesschool O.L. Vrouw van het het Heilig Sacrament voor lager onderwijs. Beiden werden gerund door de onderwijscongregatie van de Zusters van Oudenbosch. In het complex is nu de Tarcisiusschool voor speciaal onderwijs gevestigd.
Rond 16-1-1932 besteedt J.J.M. Jetten het bouwen van een Meisjes, Montessori- en Huishoudschool aan den Pater Eymardweg te Brakkenstein aan. Dit in opdraccht van het Bestuur van Vrouwen onder de naam “Instituut voor Meisjes” te Oudenbosch. De Firma Fest & Zn. Heeft de laagste inschrijving in massa (f52.200) en verkrijgt de aanbesteding. (De Gelderlander 16/1/1932)
Voorafgaande aan de opening krijgt de Gelderlander een rondleiding in het voltooide gebouw:
“Het nieuwe scholencomplex op Brakkenstein.
A.s. Zaterdag zal voor Roomsch Brakkenstein weer een gedenwaardige dag worden. Alsdan zal het mooi architectonisch geheel van Huishoud- en Naaischool-, Montessori- en Meisjesscholen plechtig worden ingewijd.
A.s. Zaterdagmorgen zal om half tien een plechtige H. Mis worden opgedragen in de rectorale kerk van Brakkenstein. Om half elf zal de plechtige inzegening plaats hebben van de nieuwe huishoud- en naaischool en de Montessori- met R.K. meisjesschool.
Aan belangstellenden zij meegedeeld, dat a.s. Zondag na de Hoogmis en na het Lof van 4 uur de eerw. Zusters gelegenheid zullen geven voor bezichtiging. Wij twijfelen niet of velen zullen gebruik maken van deze gelegenheid om het prachtige complex in oogenschouw te nemen.
Gebruik makende van de uitnoodiging, werd ons dit massieve scholencomplex bezichtigd onder leiding van den architect den heer J.J.M. Jetten, die op Brakkenstein geen onbekende is, gezien het onder zijn leiding gebouwde R.K. Vereenigingsgebouw met bijzaaltjes, en de mooie R.K. Pater Eijmard Jongensschool.
De Huishoud- en Naaischool.
De linkervleugel van het gebouw, met een aparte breede ingang, boven welke in groote bronzen letters “Maria-School” is aangebracht, is voor wat de bovenverdieping betreft geheel ingericht voor Huishoud- en Naaischool. Langs een breede massieve trap komen wij op de breede gang, waarop uitkomen de groote zaal der Huishoudschool annex de knipkamer. Langs deze gang komen wij ook op de groote zolderruimte, die over ’t geheele complex loopt. Aan lucht en licht mankeert het hier niet; vooral ook op de fijngekozen kleurencombinatie van het schilderwerk draagt daartoe bij. Hiervoor komt waardeering toe aan den architect. De schitterende Majorca-lambriseering, die in dezen vleugel is aangebracht en vooral aan ’t trappenhuis een frisch geheel geeft, tuigt van goeden smaak.
Onder dit trappenhuis vonden wij de toiletten der montessorischool.
De breede gangen geven volop gelegenheid om bij slecht weer een veilige schuilplaats te bieden tijdens de speeluren. Langs deze benedengang vonden wij de garderobe voor de kinderen op juiste hoogte en in stede van nummers, iedere haak aangeduidt met een voorstelling uit de dieren- en bloemenwereld.
De Montessori klasse.
Deze ruime en vooral luchtige klasse, die in miniatuur gehouden is, zoo zijn deurknoppen als vensters en vensterbanken, heeft in een der hoeken een gezellige rustbank met roode kussens, terwijl in een andere hoek een lage aanricht aan de kinderen gelegenheid biedt om te plassen. In ’t midden tegen de muur staat een lage piedestal met een beeld van ’t Kindje Jezus.
Dan komt men in ’t voorhuis der R.K. Meisjesschool, waarvan de entré schitterend is, en verrijkt met een nis, waarin het beeld van O.L. Vrouw van het H. Sacrament omgeven door een stralenkrans van electrisch licht staat. Rechts van den hoofdingang vinden wij een keurige toilet en een speciale bergruime met spoelgelegenheid voor de schoonmaak, waarnaast een groots doktersraam met kasten en ingebouwde waschtafel.
Hiernaast ligt de leermiddelen kamer met ruime door glas afgezette kasten. In de lengte van het gebouw zijn de klassen der
R.K. Meisjesschool
boven welke hoofdingang eveneens met bronzen letters het opschrift prijkt van R.K. Meisjesschool O.L. Vrouw v.h. H. Sacrament”.
Langs de breede betegelde gang zagen wij vier modelklassen met breede geel betegelde vensterbanken en matglazen ballonnen verlichting.
Ook aan deze klasse is alle aandacht besteed. Over de gehele lengte dezer gang zijn aparte nissen ingericht voor gaderobe, terwijl in ’t midden een 5-tal toiletten, geheel ingebouwd met een apart vóórportaal een doelmatig geheel vormt.
Aan ’t einde dezer eveneens breede gang komen wij aan de
Speelplaatsen.
Deze ruimte, die, voor wat de R.K. meisjesschool betreft, beslaat ruim 2000 M2, waarvan een gedeelte betegeld en verder begrind is, biedt ruimte in overvloed voor de alsnog te bouwen drie overige klassen. Door de, langs het geheele terrein keurige afrastering zagen wij de speelplaats der Montessorischool, welke uitkomt in de groote boomgaard waar ruimte en schaduw in overvloed zijn.
Zij, die mochten meenen dat R.K. Scholen nog ten achter staan bij openbare, en vooral zij, die het buitenstadsonderwijs als minder goed beschouwen, moeten naar deze modelinrichting eens komen kijken.
Geven wij ten slotte nog een opsomming van de vele medewerkers die architect Jan Jetten en de aannemersfirma J. Fest en Zoon terzijde stonden.
Als opzichter stond de heer J.H. Rademaker (Brakkenstein) den architect ter zijde; Schoolmeubelen fa. Mes, Wijchen; de gasverwarming de fa. Nannings en Zoon; het glas in lood door fa. Langenhuysen; de loodgieterswerken fa. Engelaar; het sanitair W.J. Stokvisch en Zoon; het hout- en kunst kranietwerken de fa. D.Agnolo; de stucadoorswerken fa. Lebens; de electrische verlichting en ornamenten de fa. van Veen; kunstsmeedwerk de fa. Meijers-Ruyten; het smeedwerk de heer F.J. Nijs; het schilderwerk de fa. Beerenbroek; de stoffeering de fa. Bahlmann; zonneschermen de fa. Tesser, allen te Nijmegen.” (De Gelderlander 30/6/1932)
Huidig: Pauwelstraat 2-6 en poortgebouw (oktober 2022)
Brinkman’s Rietmeubelen is de eerste zaak die herbouwd is in de Pauwelstraat. In 1950 vond de opening plaats. Charles Estourgie was de architect. Het project is afgemaakt door zijn zoon Emile Estourgie. Daarbij was ook een poortgebouw, waar straks “door deze poort zullen straks duizenden en nog eens duizenden gaan”. Dat laatste lijkt niet helemaal juist.
“Eerste winkel in de nieuwe Pauwelstraat: Brinkman’s Rietmeubeulen vanmiddag geopend
Zo langzamerhand komt er meer tekening in de wederopbouw van de binnenstad. Vandaag wordt weer een mijlpaaltje bereikt, wanneer vanmiddag als eerste aan de nieuwe Pauwelstraat de heer Brinkman zijn nieuwe zaak in rietmeubelen enz. geopend heeft. Dan bestaat er weer een Pauwelstraat en is weer een der oude Nijmeegse zaken in eigen tehuis. Want ook de heer Brinkman heeft sedert 22 februari 1944 toen zijn zaak werd verwoest “ingewoond” om tenslotte in de Lange Koningstraat terecht te komen. Nu is ook voor hem het leed geleden en kan het bedrijf, in wijde omgeving enig in zijn soort, weer de vleugels uitslaan.
Architect Ch. Estourgie heeft hier wel een bijzonder fraai geheel geschapen; vol eenvoud en toch indrukwekkend en zo juist afgestemd op het karakter van dit bedrijf. Een winkelfront uit Beiers kunstgraniet met twee étalages; een ruime frisse winkel in lichte kleuren geschilderd en beneden een doelmatige toonkamer.
Bouw v/e Winkelhuis met Werkplaats en 2 Bovenwoningen v.d Heer W.F.J. Brinkman a/d Pauwelstraat (Detail D12.409479)
Boven de werkplaats een opslagruimte en tijdelijke expositie.
Voor de grote verscheidenheid van artikelen in welke soort of kleur riet dan ook, zien hier vele mogelijkheden,. Een pand, dat ook al staat het straks tussen talrijke andere nieuwe panden zal blijven opvallen.
Naast de nieuwe winkel is tevens de poort gebouwd, waardoor straks de achteruitgangen van de nieuwe panden in deze omgeving kunnen worden bereikt en waardoor men ook naar het stadhuis zal kunnen komen. Door deze poort zullen straks duizenden en nog eens duizenden gaan en zeer terecht heeft de heer Brinkman in de zijmuur twee vitrines laten maken, om daarin de aandacht te vestigen op de keu van kleinere artikelen welke in zijn zaak eveneens te vinden zijn.
Maar dezer dagen nog zal men in de doorgang nog een geheel rieten zomerhuisje kunnen vinden, dat het bekijken waard is. Trouwens, al is de Pauwelstraat nog niet “vol” de gemeente zorgde reeds voor een bestrating en een wandelingtje naar deze nieuwe zaak loont de moeite.
Architect Estourgie en aannemer Verstegen uit Montfoort hebben alle eer van hun werk.” (De Gelderlander 15/7/1950)
De bouwwerkzaamheden van de nieuwe Winkel van Brinkman Rietmeubelen, ontworpen in 1950 door Charles Estourgie en afgemaakt door zijn zoon Emile Estourgie, i.o.v. W.F.J.Brinkman, 1949-1950 (F19352 RAN)
Daalseweg 238 hoek Mozartstraat, gebouwd naar ontwerp architect Arntz in 1921; met muurschildering zes componisten (september 2024)
Dit pand is gebouwd als middenstandswoning naar ontwerp architect G.J. Arntz in 1921. In 1931 vond de verbouwing naar winkelhuis plaats. Het ontwerp van architect van der Kloot. In 1948 vond verbouwing plaats, waarbij de winkel werd vergroot. Hier leverde architectenbureau Hub. A.M. v.d. Velden te Oss het ontwerp.
Het pand van Daalseweg 238 (Kad. Hatert Sectie A no 4230) is oorspronkelijk gebouwd als woonhuis, een middenstandswoning voor den heer J.G. Dekkers. Architect daarbij was G.J. Arntz.
middenstandswoning voor den heer J.G. Dekkers, architect G.J. Arntz, Dossier 03-06-1921. (detail D12.386488)
Winkelhuis Groentenhandel H. Toussaint, architect van der Kloot
Daalscheweg 238, 1931
De verandering van een woonhuis en winkelhuis betekent qua indeling vooral dat het voorste deel van het gebouw een winkel wordt. Het achterste gedeelte blijft woning. Daarnaast wordt de voorgevel aangepast.
Op de tekening van van der Kloot zijn de pijpen verdwenen. Echter: bij de oude toestand heeft hij de pijpen alleen bij de achtergevel getekend, terwijl Arntz ze zowel bij de voor- als achtergevel heeft getekend.
Nieuwe toestand:Plan verbouwen v Woonhuis Daalscheweg 238 tot Winkelhuis, architect van de Kloot, Dossier 05-05-1931 (D12.396754 detail)
Het PGNC schrijft bij de opening:
“Groentenhandel H. Toussaint.
Morgen, Zaterdag, vindt aan den Daalscheweg No. 238 de opening plaats van een nieuwen winkel, n.l. van een handel in groenten, aardappelen, fruit en comestibles, eigenaar de heer H. Toussaint. De nieuwe winkel, gebouwd onder architectuur van den heer v.d. Kloot is zeer doelmatig ingericht, voldoet aan alle eischen van hygiëne, terwijl het inwendige een keurigen, helderen indruk maakt. Aannemer was de heer Sütmuller, het glas in lood werd geleverd door de firma Bilderbeek, de firma M. Brans verzorgde het schilderwerk en de firma Van Veen de electrische installatie. Het behoeft wel geen twijfel te lijden of de nieuwe zaak zal zich in dit zich steeds uitbreidende stadsgedeelte wel spoedig een vaste cliëntèle verworven hebben.” (PGNC 19/6/1931)
Abonneren
Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.
1948, bouwkundig medew H.E. Teering, dossier oktober 1948
Oude toestand
Nieuwe toestand
Verbouwing Winkelpand (incl herstel oorlogsschade), tekening maart 1948 (D12.408008 detail).
De uitwendige verbouwing in 1948 lijkt vooral het plaatsen van een aantal ramen in de zijgevel te zijn. Inwendig vooral dat de woonkamer bij de winkel wordt getrokken. De woonkamer daarbij verplaatst naar de 1e verdieping.
Tot slot zijn er verbouwingen uitgevoerd in 1979 en 2007.
Om de overlast van graffiti op de blinde muur van de Mozartstraat tegen te gaan, nam de buurtvereniging, samen met de eigenaresse van het pand en met subsidie van de gemeente het initiatief voor een muurschildering van zes componisten. Remco Visser is de maker van deze schildering, die veel enthousiaste reacties krijgt.
Voorgevel van de St. Jozefkerk, architect Claase (F14567RAN)
De architect B.J. Claase ontwierp de St. Josephkerk (of St. Jozefkerk). De kerk werd gebouwd in 1908-1909 in neo-romaanse stijl, met haar voorgevel naar het nieuwe Keizer Karelplein. Vanaf 1 maart 2004 heet het de Titus Brandsma Gedachteniskerk.
Noodkerk
Voor deze kerk ging een noodkerk vooraf. Oorspronkelijk had architect Nicolaas Molenaar sr. een grote neogotische kerk voor deze locatie ontworpen. Op dat moment was het Keizer Karelplein slechts een aantal jaren oud. Deze kwam er niet, wel een door hem ontworpen kleine noodkerk, gebouwd in 1888. Molenaar was ook de architect van de Igantiuskerk in de Molenstraat uit 1897 (Deze is waarschijnlijk beter bekend als Canisiuskerk, zoals deze vanaf 1925 heette). Claase was voor Molenaar opzichter geweest bij onder andere het Canisius College. In 1907 ontwierp Claase de St. Jozefkerk, welke een bijkerk was voor de St. Ignatius-parochie. De noodkerk werd in 1923 verbouwd tot parochiehuis en staat er eveneens nog steeds. Evenals de Ignatiuskerk was Jozefkerk een Jezuïetenkerk.
Bouw kerk
Jozefkerk met omliggende panden aan het Keizer Karelplantsoen, 1913 (F14443 RAN)
In tegenstelling tot veel kerken die in neogotische stijl gebouwd worden is dit een neo-Romaanse kerk. De Gelderlander refereert dan ook dat dit gebouw aan de “Romaansche bouwvormen aan het Valkhof herinnert’. (De Gelderlander 27/5/1909) . Het artikel vergelijkt de kerk met “Aan het Keizer-Karelplein beurt nu al sinds een paar maanden de nieuwe St.-Jozefkerk, bestemd om het kleine hulpkerkje te vervangen, haar trotschen, met het gulden kruis bekroonden koepel en haar beide voortorens ten hemel, als een zinnebeeld van het oude en nog steeds jeugdige geloof van Karel de Groote. Stichtte de machtige keizer op zijn Valkhof, naar het model van Akens dom de kapel, wier eerbiedwaardig overblijfsel wij nog met piëteit bewaren, thans, meer dan duizend jaren later verrees aan het plein, dat zijn grooten naam draagt, een trotsche tempel, die in zijn Romaansche bouwvormen aan het heiligdom op het Valkhof herinnert.
Gelukkige gedachte van den bouwmeester, waardoor ongezocht zoowel de onveranderlijkheid van he geloof als de machtige kampioen van het geloof wordt gehuldigd.”
Onderaan dit artikel staat een uitgebreid stuk van PGNC naar aanleiding van de opening.
Bezienswaardigheden
glas-in-loodramen in het koor door Joep Nicolas (1926-1928).
Apostelvenster (1915), oostelijke transept, door Jan Toorop. Op het bovenste venster, een rozetvenster, staat Jezus Christus zittend op een troon. Daaronder 6 vensters met elk 2 apostelen. Een mooie site hierover is die van Paul Verheijen http://www.paulverheijen.nl/toorop-apostelraam.php
Jezuïetenraam, tegenover het apostelvenster, Wilhelm Derix
Het tabernakel door de Utrechtse Edelsmidse Brom (ca. 1930).
Titus Brandsma Gedachteniskerk
In 1985 is Titus Brandsma zalig verklaard. Dan wordt de Titus Brandsma Gedachteniskapel uit 1960, bij het klooster Doddendaal, een centrum van verering.
Na renovatie van de Jozefkerk in 1997 wordt deze cultus overgebracht naar deze kerk. Vanaf 1998 heeft Titus Brandsma hier een kapel. Hierbij is de expositie in de rechterzijbeuk gewijd aan de nagedachtenis van Titus Brandsma en daarbij zijn levensweg en spiritualiteit onder de aandacht brengen.
In 2004 wordt de Jozefkerk hernoemd naar de Titus Brandsma Gedachteniskerk. Dat betekent eveneens dat het kerk van de (geschoeide) karmelieten is in plaats van de Jezuïeten.
PGNC bij de opening
Luchtfoto van het Keizer Karelplein: onderin links de St. Jozefkerk, in het midden de St. Annastraat en rechts Concertgebouw De Vereeniging; bovenin links de Van Schaeck Mathonsingel, in het midden de Nassausingel en rechts de Bisschop Hamerstraat, 1920-1925 (F58045 RAN)
Het PGNC schrijft naar aanleiding van de opening:
“De nieuwe St. Jozefskerk,
In tegenwoordigheid van vele belangstellengden had hedenmorgen ten 8½ uur de plechtige inzegening plaats van de nieuwe St. Jozefskerk aan ’t Keizer Karelplein, eene hulp- of bijkerk der St. Ignatius-parochie.
De inzegening geschiedde door den Z.Ew. heer G.M.
Bouw kerk Bonnike S.J., pastoor van genoemde parochie, geassisteerd door de verschillende geestelijken der vier parochiekerken. Na afloop werd een plechtige Hoogmis opgedragen door den rector der nieuwe kerk, den Z.Ew. pater P.F.H. van Hooff, geassisteerd door de Eerw. paters Verhoeven en de Greeve S.J. Na de Mis hield pater v. Hooff een treffende toespraak naar aanleiding van Psalm 121, ‘Laetate sum’ (ik ben verheugd) waarin koning David’s vreugdevolle opgang naar den nieuwen tempel van Jeruzalem vermeld wordt. Onmiddellijk hierna werd het Allerheiligste van uit het oude hulpkerkje in plechtige processie, onder het spelen der muziek van de Kath. Gezellenvereeniging, omringd van een dicht opeen gedrongen knielende menigte, naar de nieuwe kerk overgebracht.
Wij laten hier een beknopte beschrijving van de nieuwe kerk, die 1500 bezoekers kan bevatten, volgen:
De kerk is gekeerd met haar voorgevel naar het Keizer Karelplein en met haar zij- en achtergevels naar de van Triest- en Stijn Buijsstraten, terwijl aan de zijde van Trieststraat de sacristiën zijn aangebouwd; het geheel ligt op een vrij en ruim terrein, zoodat het massief bouwwerk in zijn geheel is te overzien.
Het uitwendige van dezen bouw, welke geheel in Romaansche vormen is doorgevoerd, treft door zijn eenvoud, daar zij geheel is uitgevoerd in baksteen met een spaarzame toepassing van natuursteen, waar dit noodig en wenschelijk was.
Verschillende versieringen moeten nog worden aangebracht, zooals beelden in enkele nissen en mozaïek-tableaux boven de hoofdingangen, waarin een beeld zal worden geplaatst van den kerkpatroon, geflankeerd door de Nijmeegsche geloofshelden Petrus Canisius en Bisschop Hamer.
Een forsche massieve koepel rijst vierkant uit het dak op en gaat in achtkantigen vorm over; haar spits is bekroond met een zwaar koper verguld kruis.
Aan den voorgevel bevinden zich twee traptorens, die toegang geven naar het zangkoor, naar de kapwerken en klokkenzolders; de klokken zullen binnenkort worden ingehangen.
Wanneer men de kerk, die ruim voorzien is van ingangen met voorportalen, aan den voorgevel binnentreedt, ontwaart men direct den centraalbouw aan zijn vorm: weinig kolommen, kort en breed, zoodat er in de kerk slechts zes kolommen geplaatst zijn; op vier dezer kolommen is de koepel opgetrokken. De binnenwerksche afmetingen zijn tusschen de transseptgevels 29.50 M. De hoogte der zijbeukgewelven bedraagt 8.40 M., van den hoofdbeuk 16.80 M., van het koepelgewelf 27 M. (de buitenwerksche tot aan den dwarsarm van het kruis 37.85 M.). Inwendig vindt men denzelfden eenvoud en vormen, die men buiten opmerkt, met uitzondering evenwel, dat men voor de hoofdbogen de spitsboog bemerkt; deze is berekend op de groote overspanningen en de daarop rustende zware drukking. De constructiedeelen als van pijlers, pilasters en bogen zijn alle in gelen steen gemetseld, de overige muur- en gewelfvlakken zijn gepleisterd, met het oog op later aan te brengen polychromie. Het priesterkoor is uit den aard der hooge betekenis een weinig rijker door zijn twee hooge omgangen, waarvan de benedenpijlers gepolijst graniet zijn en hier eenige afwisseling is aangebracht door beeldhouwwerken en zandsteen. Verder bevinden zich naast het priesterkoor twee halfronde altaar-kapellen, terwijl bij den voorgevel aan de zijgevels eveneens twee halfronde kapellen zijn aangebouwd, die als devotie-kapellen worden ingericht.
Inwendig blijft de koepel met zijn zacht getemperde glasramen een der attracties van dezen bouw; een aangename lichtverspreiding is verkregen. Het gewelf van dezen koepel is 29M. boven den kerkvloer gelegen.
Onder de sacristiën en de daaraangrenzende altaar-kapel bevinden zich kelders, waarin de toestellen zijn geplaatst voor centrale verwarming en electrisch licht. Deze laatste voldoen aan de hoogst gestelde eischen; de centrale verwarming is aangebracht door den heer Lafeuillade te Brussel, die van ’t electrisch licht door de Allgemeine Elektricitäts Gesellschaft.
De kerk is nog bijna ongemeubileerd, het thans aanwezige weinige meubilair is, behalve stoelen en eenige banken, uit het oude hulpkerkje afkomstig. Wanneer echter meer waardige- in overeenstemming met ’t geheel- er voor in de plaats komen, zal men eerst kunnen zien wat men ook met een eenvoudig romaansch bouwwerk verkrijgen kan.
Architecten van deze kerk- waarvan goedgeslaagde ansichtkaarten in den boekhandel van den heer De Wit te verkrijgen zijn- is de heer B.J. Claase, terwijl de aanneming is geschied door den heer N.J.H. Groenendaal te Breda.
Een woord van lof verdienen de heeren Nuijten en Van der Pluijm, welke respect. als opzichter en uitvoerder fungeerden en onder wier leiding de bouw dezer kerk- waarvan op 6 Mei 1908 door Mgr. Bronsgeest de eerste steen werd gelegd- geheel zonder stoornis of ongelukken is tot stand gebracht.” (PGNC 27/5/1909)
Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…
Kerkstraat met op voorgrond Stenen Bank (januari 2021)
Het huidige Kerkstraat 4 is waarschijnlijk vooral bekend als (voormalige) kwekerij. En van het tafeltje waar je zomers courgettes en appels kunt kopen. Het gebouw is rond 1875-1880 echter gebouwd als boerderij.
Boerderij
Waarschijnlijk heeft er een hernummering (in 1921?) voor Kerkstraat 4 (en 2) plaats gevonden en was het oude adres Kerkstraat 236. In de Adresboeken komt Kerkstraat 2 Hees het eerst voor in 1912-1913; Kerkstraat 4 het eerst voor in 1920). Hiervan uitgaande:
De eerstgevonden naam op Kerkstraat 236 is J.A. Otten, landbouwer in Hees in het Adresboek 1899.
In 1901 zijn er 2 meldingen van een Remmers: G en W.A., beiden vermeld als landbouwer; in 1901 eveneens een J en L Peters, landbouwers. Deze J en L Peters, landbouwers, komen eveneens voor in 1902 en 1903, terwijl W.A. Remmers, landbouwer in 1902 ook op dit adres voorkomt.
Koldenhof & Zoon, rozen- en bomenkwekers
Ran vermeldt deze afbeeling als: De woning van de rozenkweker A. Koldenhof, gezien vanuit de Korte Bredestraat , met links de Kerkstraat en rechts naar de Bredestraat, 1890-1900 (F67049)
Op bovenstaande foto staat het pand weergegeven. Het is echter niet geheel duidelijk wanneer deze foto genomen is: als boerderij (in 1890-1900 zat Koldenhof hier nog niet) of al in gebruik van Koldenhof, maar dan nog vóór de verbouwing uit 1918. Leuk detail: op de plek waar nu ongeveer de Stenen Bank staat, was het daarvoor ook goed toeven.
In 1905 woont A. Thijssen er.
In 1907 komt A. Koldenhof, rozenkweker voor.
RAN: De woning van de rozenkweker A. Koldenhof, 1890-1900 (F18926); waarschijnlijk is het wel een kwekerij, maar Koldenhof heeft zich pas vanaf 1905 hier gevestigd.
In het van oorsprong boerendorp vestigden zich steeds meer welgestelden. Vooral na de aansluiting op het spoor (vanaf 1865 met Kleef/Duitsland en vanaf 1879 met Nederland)
Vooral na 1850 kwamen er enkele grote kwekerijen, die aan de behoeften van deze renteniers en bewoners van de stad buiten de inmiddels ontmantelde vesting wilden voldoen. Een van deze was Koldenhof.
Albert Koldenhof is op 12-2-1857 geboren te Apeldoorn. Op 24 november 1905 vestigt hij zich in Kerkstraat 236. Het is onduidelijk of de doorhaling in het Bevolkingsregister een hernummering of een daadwerkelijke verhuizing naar Kerkstraat 2 is. Hij is dan afkomstig van Amerongen. Waarschijnlijk heeft hij vanaf het begin zijn bedrijf samen met zijn zoon Arend Albert. In 1920 staat in het Adresboek “A. Koldenhof en Zoon”. Zie voor een nadere beschrijving hieronder, onder het kopje de Bijlage.
Verbouwing 1908 Detail D12.385475
In 1908 vindt een aanbouw plaats. Daarnaast vindt binnenin een verbouwing plaats. Op de bouwtekening wordt het perceel aangeduid als “Neerbosch Sectie A No. 908”
De kwekerij A. Koldenhof & Zn. Levert vooral rozen en bomen.
Advertentie PGNC 27/3/1931
F.J.G. Ponjé
PGNC 17/3/1934
De Gelderlander 19/3/1934
Het is niet geheel duidelijk wanneer Ponjé de kwekerij overneemt tussen 1934 en 1938 en wanneer hij zelf op Kerkstraat 4 gaat wonen.
In 1934 staan de advertenties dat de kwekerij voor 6 jaar te huur is en dat “wegens opheffing der Kweekerij alle Planten tegen zeer lagen prijs uitverkocht”.
De Gelderlander 30/5/1938
In 1938 blijkt Ponjé de kwekerij te hebben overgenomen: op 30-5-1938 plaatst hij een advertentie in de Gelderlander voor tomatenplanten.
In 1938 staan de beide Koldenhofs nog wel op respectievelijk nummer 2 en 4 in het Adresboek, maar is er geen vermelding meer op nummer 2 van (het bedrijf) A. Koldenhof en Zoon. Op 16-11-1938 is Albert overleden op 81-jarige leeftijd; in het Adresboek 1940 is nummer 4 onbewoond.
F.J.G. Ponjé komt in de Adresboeken 1936, 1938 en 1940 voor als Tuinder op Kerkpad 21. In ieder geval 1941 komt Ponje voor op nummer 4 (advertentie Flinke R.K. Jongen gevraagd, Groentenkwekerij F. Ponjé, Kerkstraat 4 – De Gelderlander 18/10/1941)
In het Adresboek van 1959 komt hij voor als tuinder, Kerkstraat 4. (J.W. Fransen en A. Bakker wonen dan op nummer 2, nummer 6 is nog steeds een schuur)
Courgettes
In Dorpsbelang Hees nr 2 staat een interessant artikel over de huidige bewoners: Peter Keeris en Cinthy Hoenselaars. Toen zij de boerderij rond 1972 (in 2018 “46 jaar geleden”) kochten, was de woning in zeer slechte staat. De verkrotte schuur werd afgebroken. Jarenlang was de akker leeg, “een crossveld.. voor onze jongens”. Een zitkuil werd gegraven “en voor de rest deden we maar wat. Gewoon wat we zelf leuk vonden en dat doen we nog steeds.” In de loop der jaren is het een schitterende tuin geworden, met bloemen, een moestuin, schapen, kippen en fruitbomen.
Het huis is vooral ook bekend vanwege het tafeltje waar in de zomer courgettes en appels kunnen worden gekocht.
Gemeentelijk Monument
Het pand is een gemeentelijk monument (Pdf). Daarbij wordt de waardering als volgt beschreven:
“Zowel in de hoofdvorm als de detaillering bleef dit voormalige boerderijtje opmerkelijk goed intact. Als geheel vormt het gebouw nog een duidelijke verwijzing naar het oorspronkelijke agrarische en dorpse karakter van het gebied, dat behoort tot het vroegere dorp Hees. Door zijn prominente vrijstaande ligging in een bijbehorende tuin in de zichtas van de Korte Bredestraat en bij de aansluiting van deze straat op de Bredestraat en de Kerkstraat, alsmede door de karakteristieke symmetrische gevelindeling met van luiken voorziene vensters en een oculus met sierraampje neemt het pand in zijn omgeving een markante positie in. In combinatie met enkele nabijgelegen historische panden, waaronder de schuin tegenover gelegen vrml. villa Beau Lieu behoort het bouwwerk tot een opvallend ensemble.”
De “nieuwe” Dikke Boom van Hees is op 21 november 2003 geplant. Dat is precies 100 jaar nadat de oude…
Bijlage: Meer over de Koldenhofs
In het Adresboek van 1907, 1908,1909 komt Albert voor als Rozenkweker, Kerkstraat 236.
In het Adresboek 1913 komt A. Koldenhof voor op Kerkstraat 2. Evenals in de boeken 1914-1915, 1915-1916, 1918
In het Adresboek van 1920 staat A. Koldenhof en Zoon, roozenkwekers, Kerkstraat 4
A.A. Koldenhoef staat dan ook vermeld op nummer 4.
In het boek van 1922 A. Koldenhof en Zoon, roozenkwekers, Kerkstraat 4. En daarbij 2 vermeldingen van A.A.: beiden op nummer 4.
In het Adresboek van 1924 eveneens 3 vermeldingen; Arend Albert op nummer 2, Albert op nummer 4. Nummer 6 is het nummer van de schuur. Idem voor 1926, 1928, 1932, 1934, 1936.
In 1938 staan de beide personen nog wel op respectievelijk nummer 2 en vier, maar is er geen vermelding van het bedrijf A. Koldenhof en Zoon.
In Adresboek 1940 is nummer 4 onbewoond. Maria van Meerten (Wed. A. Kolenhof, geb. v. Meerten) is verhuisd naar Nieuwe Markt 4.
In het Adresboek 1948 woont Arend op nummer 2 (evenals Ha. Fa. Ma. Pols). Op nummer 4 woont F.J.G. Ponje.
In het Adresboek 1951 komt wed. A.A. Koldenhof geb. A. v.d. Vliet voor op Kerkstraat 2. Waarschijnlijk is dit dezelfde vrouw als de Van der Vlis en is een van beide namen foutief geschreven. Ook B. Kraima woont op nummer 2. Ponje op nummer 4.
De voormalige aula van de Katholieke Universiteit ontworpen door de Haarlemse architect M.H.W.J. van Ooijen. Het ontwerp leverde een storm van kritiek op en daarom werd het gebouw zonder enige feestelijkheden in oktober 1931 in gebruik genomen., foto 1935, GN12200 RAN
De Aula van de Universiteit aan de Wilhelminasingel is ontworpen door de architect Van Ooijen in 1931. Bij oplevering is de kritiek niet mals: “Ramp van Nijmegen”, “Pisbak”
De Gelderlander 1/7/1930 schrijft dat op 10 juli een advertentie voor de aanbesteding zal verschijnen voor een nieuw universiteitsgebouw, op de hoek va de Wilheminasingel en Bijleveldsingel: “Het nieuwe universiteitsgebouw zal op den beganen grond bevatten een groote hal met trappenhuis, een aula, een receptiezaal, een kamer voor de heeren professoren, een wachtkamer en vestiaire met toiletafdeeling.
Op de bovenverdieping komen drie collegezalen”.
Beelden en portretten geven een katholiek karakter. Overigens ontbrak in de beginjaren centrale verwarming. Men dacht dat het gebouw toch niet vaak in gebruik zou zijn. Na de TweedeWereldoorlog werden de gaskachels vervangen.
Het ontwerp
Bouwtekening aula universiteit (De Gelderlander 5/7/1930)
De Gelderlander 5/7/1930 plaatst de tekening “Het gebouw zal dwars op en hoek eenigzins naar achteren gebouwd worden, zoodat op het voorterrein een plantsoentje kan worden aangebracht.”
Het ontwerp is van den architect Van Ooyen van het bureau Robbers en van Ooyen te Haarlem. De aula heeft plaats voor 300 personen, daarnaast kunnen mensen op de galerij plaats nemen.
De Gelderlander 3/7/1930 “Dit gebouw is niet het begin van een groot nieuw universiteitsgebouw en evenmin zullen hierin instituten of een gedeelte der bibliotheek worden ondergebracht”. Het al bestaande Senaatsgebouw, de bibliotheek en de instituten blijven hun eigen gebruik behouden.
Van Ooyen had meer eisen te maken: die van de gemeente en die van de universiteit.
De gemeente had de grond geschonken en wilde een op zich zelf staand gebouw, dus geen gebouw dat in etappes werd gebouwd. Vanuit de Radboud-stichting waren er budget beperkingen. Daarnaast voldeed de studieruimte in het gebouw aan het Keizer Karelplein nog, zo lang er geen nieuwe faculteiten werden opgericht.
Het eerste ontwerp van van Ooyen had een brede poortgevel op het Julianaplantsoen gericht, “eenigzins aansluitend aan de vis a vis gelegen Meisjes-H.B.S. De universiteit vreesde naast bovengenoemde redenen dat veel ruimte ongebruikt zou blijven.
Daarom voorzag de eerste bouw allereerst in een aula met daarbij behorende receptiezaal. In oktober 1930 wordt verwacht dat het pand in juni of juli 1931 klaar voltooid zijn.
(De Gelderlander 7/10/1930)
Kritiek: Ramp, Pisbak, Onbewoonbaar verklaard
De voormalige aula van de Katholieke Universiteit, 1935, (GN12201 RAN)
Wanneer het ontwerp van de nieuwe aula in kranten verschijnt, komt er van meerdere kanten kritiek die lang niet mals is: “Ramp van Nijmegen”, “pisbak”, in september 1931 hangen studenten in september voor de grap een plakkaat “onbewoonbaar verklaard” op.
Inwijding
Er vindt geen grootse opening plaats, alleen een inwijding: Door den rector magnificus prof. Dr. R. Jansen C.P. is gisteren het nieuwe aula-gebouw der R.K. Universiteit ingewijd. De plechtigheid droeg een zeer eenvoudig karakter en het gebouw zal zonder meer in gebruik worden genomen.” (PGNC 5/10/1931)
Tot de Tweede Wereldoorlog werd de aula alleen gebruikt voor speciale gelegenheden als de Dies Natalis, promoties en andere plechtigheden.
Gebruik na de Tweede Wereldoorlog
Vanwege geldgebrek en de Tweede Wereldoorlog zijn er nooit meer gebouwen van de universiteit op deze locatie gebouwd. Doordat door de oorlog gebouwen waren verwoest, werd na de oorlog ook colleges in de Aula gegeven. De curatoren, senaat en het beeld van Thomas van Aquino kwamen tevens naar de hoek Wilhelminasingel/Bijleveldsingel.Vanaf de jaren 50 begon het vroegere Heyendaal de locatie voor uitbreidingen te worden. In de jaren 60 was de aula een aantal maal centrum van de studentenprotesten.
De aula bleef tot 1988 in gebruik. In dit jaar opende de nieuwe aula op de Comeniuslaan.
In het gebouw is nu een deel van het Keizer Karel College
Voormalige aula universiteit hoek Bijleveldsingel Wilhelminasingel april 2023
Juwelier Courbois is geopend, andere panden zijn op Plein 1944 nog in aanbouw, foto 1951-1952 (J.F.M. Trum via GN15656 RAN CCBYSA)
Tijdens het bombardement van februari 1944 werd de winkel van juwelier Courbois verwoest. In 1951 opent hij zijn nieuwe winkel op Plein 1944 naar ontwerp van architect Goddijn.
Vooraf
Hieronder staan de tot nu toe gevonden juweliers of horlogers Courbois weergegeven. Er is in ieder geval een “horloger” H.J. Courbois gevonden in 1896 tot 1914. Het is nog niet bekend of hij familie was van J.H. Courbois, die voor het eerst in 1923 is gevonden; ook is niet bekend of de tussenliggende periode de afwezigheid van een juwelier/horloger betreft of dat deze gegevens nog niet gevonden zijn.
In ieder geval wordt de (firma) J.H. Courbois verwoest tijdens het bombardement van februari 1944.
Naam
Omschrijving
Adres
Advertentie
H.J. Courbois
Horloger (in nieuwsjaarsgroet 1902)
Smidstraat 9
De Gelderlander 14/6/1896, De Gelderlander 17/1/1897, De Gelderlander 11/7/1897, PGNC 1/1/1902
H.J. Courbois
Horloger
Smidstraat 32
PGNC 31/12/1903, De Gelderlander 31/12/1905, De Gelderlander 1/1/1908, De Gelderlander 1/1/1910, PGNC 1/1/1911
Aan de Zuidzijde van Plein 1944 niet ver van de Molenstraat af, heeft gistermiddag alweer een nieuwe zaak, die van de fa. J.H. Courbois, in uurwerken, goud en zilver, de vlag kunnen uitsteken. De reden tot feestvreugde was gelegen in het feit dat de zaak, die vroeger in de Houtstraat was gevestigd en daar op 22 februari 1944 afbrandde, weer is herrezen in een keurig gebouw pand, met grote werkplaats en flinke bewoning. De talrijke artikelen op het gebied van goud en zilver, de uurwerken, komen uitstekend tot hun recht en de moderne verlichting geeft het nodige relief. De bedrijfsleiding in de zaak waarvan mevr. de Weduwe Courbois eigenaresse is, ligt in handen van de oudste zoon, die voor kort zijn diploma’s behaalde voor de uitoefening van dit edel vak.
Het pand rechts is juwelier J.H. Courbois. Het ‘Oorlogsmonument voor de Nederlandse militairen uit het Rijk van Nijmegen, gevallen in de Tweede Wereldoorlog’ , gemaakt door Jac Maris (1951) (op een nieuwe sokkel) ; Op de achtergrond de St. Petrus Canisiuskerk in de Molenstraat. Links de zaak van Holla’s kledingsmagazijn. Rechts naast de winkel van Theo Seegers de juwelier J.H. Courbois en links van Theo Seegers de slagerij van P.W. Boukes ; Op de hoek met de Molenstraat de zelfbedieningswinkel van Jansen-Hendriks, 1954-1955 (F42032 RAN collectie KNBLO, auteursrecht J.F.M Trum CC-BY-SA)
Architect B.W.A. Goddijn en aannemer Th. Wassink, beiden te Nijmegen, hebben eer van hun werk, waardoor weer een bijdrage wordt geleverd tot de opbouw van de stadskern.” (De Gelderlander 6/10/1951)
De winkel
Plan voor een horlogewinkel met bovenwoning a/h. Centrumplein/bij ondertekening: Plan voor herbouw winkel met bovenwoning voor mevr. wed. J.H. Courbois-Werten, B.W.A. Goddijn Architect, datum tekening febr. 1950 (D12.412003)
Aan de voorkant heeft de winkel een etalage met links een portiek. In het portiek is een opgang naar de woning boven en rechts naar de winkel. Achter de winkel bevindt zich een kantoor en daarachter de werkplaats. Achter de werkplaats bevindt zich een plaats, welke een deur heeft naar het “expeditiehof” (Het Hendrikhof)
Vervolg
Plein 1944 5 en 6 Juli 2018 (Google Streetview)
In ieder geval zit J.H. Courbois nog in de winkel in 1971 volgens het Adresboek van dat jaar.
Momenteel heeft Uyen haar winkel op dit adres. (Op basis van Google Streetview in ieder geval ook in mei 2016).