Vroeger Kofa , in augustus 2023 Nelson en Rituals Architect van Veen 1952 1954
Kofa-Miltenburg herbouwde ongeveer op dezelfde plaats in de Broerstraat, waar het oude bedrijf had gezeten welke tijdens het bombardement van 1944 was verwoest. Architect van Veen ontwierp het pand met een sobere voorgevel en diepe en lichte etalages.
De Gelderlanders schrijft bij de opening in november 1952:
“Bijna gouden Miltenburg terug in de Broerstraat
Toen Herman Miltenburg in 1903 de zaak van Altstadt in de Houtstraat kocht, heeft hij niet kunnen dromen, dat het door hem gestichte bedrijf een vlucht zou nemen als desondanks het geval is geweest. Morgen- bijna vijftig jaar later- openen zijn zonen, die intussen een familie-N.V. gesticht hebben, in de Broerstraat een winkelpand, dat een belangrijke aanwinst voor de stad genoemd mag worden. Kofa-Miltenburg herbouwde ongeveer op dezelfde plaats, waar het bedrijf op die zwarte 22e Februari 1944 des middags in een ruïne herschapen werd. Acht en half jaar nadien staat er de nieuwbouw, fors, modern, maar net niet té streng zakelijk.
N.V. Manufacturenhandel v/h H. Miltenburg Dir. H.H.S. Miltenburg, Borneostraat 22… Herbouw van een bedrijfsruimte aan de Broerstraat, project 444, April 1951, Achitectenbureau G. van Veen en W. Braam (D12.413512)
Architect van Veen ontwierp het pand, een sobere voorgevel, diepe en lichte etalages, een prachtige serie verkoopruimtes, kantoren en magazijnen en… expansiemogelijkheden. Berntsen en Braam realiseerden die plannen, en, voor zover ons lekenoog daarover oordelen kan, op de bedende degelijke manier. Voor de indeling van de verkoopruimtes werd advies gevraagd aan architect Vermolen en de Haagse firma Ratté droeg er zorg voor dat die adviezen werkelijkheid werden. Door al deze samenwerking werd Nijmegen een grootbedrijf rijker, dat er in alle opzichten zijn mag. In het royale souterrain werd de afdeling tapijten en zeilen ondergebracht, benevens de aanverwante artikelen. Alles is even overzichtelijk en dat vergemakkelijkt het kopen.
Kunstmatig daglicht zorgt er voor dat de koper zich niet in de kleur vergissen kan en datzelfde is ook het geval op de parterre, waar de manufacturen zijn ondergebracht. Toonbanken kent Miltenburg niet meer, slechts toontafels. Alle vakken zijn zo ingericht, dat de klant in een oogopslag zien kan wat er voor keus is en zij (of hij) het slechts voor het aanwijzen heeft. Heel de winkelinventaris is mobiel en kan dus geranschikt worden naar behoefte. Een speciale afdeling echter is ingericht voor corsetten en wat dies meer zij en voor het babygoed.
De heren-afdeling is (de praktijk ried dat aan) vlak bij de deur. Op de 1e etage zijn aan de achterzijde de kantoren- glazen wanden- en aan de straatkant is de zeer licht en ruime afdeling voor bedden en kleinmeubelen. Daarboven is dan nog een behoorlijke portie bedrijfsruimte.
Op de dag precies acht jaar na de ramp werd de eerste steen gemetseld in de funderingen. Aan de vooravond van het gouden feest begint Kofa-Miltenburg opnieuw. Opnieuw? Neen, het bedrijf bouwt voort op een traditie en een goodwill, waarvan wijlen Herman Miltenburg de grondlegger is geweest, een goodwill, die een halve eeuw gehandhaafd bleef. Het moge nog lang zo zijn.” (De Gelderlander 20/11/1952)
Vervolg
Een pagina grote advertentie kondigt de opening van de Gruyter aan, Nijmeegsch dagblad 13-11-1958
In 1958 “vermoedelijk in de zomer” wordt Kofa Miltenburg opgeheven. In mei is bekend dat de Gruyter, die op dat moment op nummer 62 haar winkel heeft, naar dit pand zal verhuizen (Nijmeegsch Dagblad, 3-5-1958). Op 14 november opent ze haar winkel.
De Gruyter verlaat op 29-3-1975 dit pand (zie het plakkaat op foto F15255 RAN)
Rechts schoenenwinkel van Haren op de hoek met de Pauwelstraat, gezien vanuit de Molenstraat ,links Boekhandel Kloosterman, 23/10/1950 (F12976 RAN)
Jarenlang heeft op de hoek van de Broerstraat en Pauwelstraat het filiaal van schoenenwinkel van Haren gezeten. Begin September 1950 heropent van Haren haar winkel, vlakbij haar voormalige winkel. Het ontwerp is van de architecten Deur en Pouderoyen.
Oorlog
Daarvoor had de firma een winkel gehad op de hoek van de Korte Molenstraat en de Pauwelstraat. Deze ging in de oorlog in vlammen op. Van Haren had in de tussenliggende jaren als noodwinkel bij de familie Käller ingewinkeld.
Blommestein
De Gelderlander 17/12/1949 meldt dat eerdaags de bouw zal beginnen, waar het schoenenmagazijn van de firma van Haren zal worden gevestigd. “Eigenaren van dit pand zijn de dames Blommestein”. Blommestein had meer dan 40 jaar zijn apotheek op de hoek van de Broerstraat en Pauwelstraat gehad (De Gelderlander 25/6/1954), dus waarschijnlijk op de locatie waar nu van Haren komt. Aangezien Blommestein “op leeftijd” is, gaat hij samen met de apotheek van Bijleveld in de Jorisstraat. Deze apotheek gaat echter in september 1944 in vlammen op. De apotheek Blommestein-Bijleveld wordt in 1954 in de Burchtstraat herbouwd, eveneens volgens ontwerp van Deur en Pouderoyen.
Nieuw filiaal van Haren
Rechts van Haren;
Broerstraat gezien richting het noorden met allemaal nieuwe winkelpanden. Straat is verbreed, 1955-1960 (dr. Jan Brinkhoff via D57 RAN CCO)
Het ontwerp van de winkel is afkomstig van het architectenbureau Deur en Pouderoyen. Boven de winkel zijn er vijf bovenhuizen. De aannemer was H. van Oosterhout.
Bij de opening in september 1950 schrijft de Gelderlander:
“Schoenenpaleis van Haren in binnenstad herrezen
Broerstraat 51 architecten Deur en Pouderoyen voormalig schoenwinkel van Haren, 2023
Het pand rechts is het filiaal van van Haren; Zicht op de St. Dominicuskerk met daarvoor de nieuw gebouwde winkelpanden aan de oostzijde van de Broerstraat : het Warenhuis A.A. van der Borg, Juwelier Firma Jac van Baal, Hommen Stoffenhandel, Zaadhandel Lahey & Fliervoet en Schoenhandel Van Haren., 1951 (F12975 RAN)
Op de hoek van de Broerstraat en de Pauwelstraat is een imposant nieuw gebouw verrezen. Het is het schoenenpaleis van de firma van Haren, die binnenkort het vijf en zeventigste van haar, over ons hele land verspreide filialen, zal gaan openen.
In Nijmegen betreft het evenwel geen nieuwe zaak; reeds tal van jaren had de firma hier een filiaal, dat op de hoek van de Korte Molenstraat en de Pauwelstraat was gevestigd. In de oorlogsdagen het door brand ten gronde.
Naar ontwerp van het architectenbureau Deur en Pouderoyen kwam een nieuw gebouw tot stand dat onze binnenstad siert en dankzij de vijf bovenhuizen, die er zijn opgenomen, het woningtekort helpt bestrijden.
In een korte plechtigheid, welke gistermiddag in de ruime winkel met zijn uitmuntende verlichting en zijn fraaie betimmering plaats vond, bracht de verkoopleider van Van Haren’s schoenmagazijnen, de heer H. Haak, dank aan allen, die dit werk in zo korte tijd hebben tot stand gebracht. De aannemer, H. van Oosterhout, de architecten, de onderaannemers, de familie van Hooren, die het filiaal beheert, de staf van toegewijd personeel, de étaleurs, allen kregen grote lof voor hun goede zorgen die na de verwoesting weer tot de glorieuze herbouw hebben geleid.
Bijzondere dank bracht spr. aan de familie Käller, bij wie van Haren al die jaren had ingewinkeld en die de grootst mogelijke gastvrijheid verleende.
Nadat hij zich nog eens bijzonderlijk tot het echtpaar van Hooren had gericht, welks trouw, werkzaamheid en oprechtheid in de moeilijke jaren erkenning vonden, voldeden de filiaalhouders aan het verzoek van de heer Haak om aan de kooplust van het publiek, dat buiten stond te dringen, tegemoet te komen.
De brillante, overzichtelijke zaak, met zijn prachtige étalages aan Broer- en Pauwelstraat werd geopend.” (De Gelderlander 9/9/1950)
Geschiedenis van Haren
Paginagrote Openingsadvertentie van Haren’s Schoenfabrieken Nijmegen (PGNC 24/3/1933 en De Gelderlander 24/3/1933)
In 1924 verhuisde Ivo’s leerhandel naar de Groote Markt in Waalwijk, waarbij het voormalig postkantoor als magazijn werd ingericht. In 1929 werd de fabriek onderdeel van “N.V. Ivo van Haren’s Schoenfabrieken”. Hij was daarmee een van de eersten die in de schoenenbranche de gehele kolom van leerlooierij tot winkel beheerste. Daarna ging het snel: zowel in de uitbreiding van de productie en haar fabriek als de uitbreiding van het aantal winkels. Afgaande op de advertentie was Nijmegen de 13e plaats met een Van Haren filiaal; in 1937 opent van Haren haar 50ste filiaal.
Ook van Haren had te maken met de neergang van de Nederlandse/Europese schoenenindustrie. In 1977 werd de montage-afdeling in Den Bosch en de looierij in Waalwijk gesloten. Het bedrijf werd nu een winkelketen met eigen productiebedrijf. In 1985 nam het Duitse Deichmann de onderneming over. In 1989 stopte ook het productiebedrijf: van Haren vanaf dat moment alleen nog een winkelketen. In 2010 telde het 126 winkels, 1 meer dan in 1989.
Huidig
Broerstraat 51 in augustus 2023 vestiging Pink Gellac
Tegenwoordig (maart 2024) heeft van Haren haar winkel op de Burchtstraat 35 en daarnaast een winkel op Zwanenveld 9051-9053.
Sinds 2022 zit op Broerstraat 51 ( augustus 2023) een vestiging van Pink Gellac. Hiervoor zat een vestiging van Rituals. Zij is verhuist naar iets verderop, Broerstraat 52.
In 1903 laten de eigenaressen Delgijer en van Swelm hun café-restaurant “Buitenlust” herbouwen tot Hotel-pension met café “Buitenlust”. Architect Hoffmann ontwerpt een gebouw, dat “met zijn overhangende daken, balkons op alle verdiepingen en ruime veranda enigzins denken aan een groot Zwitsers chalet”.
De Gelderlander bij de opening in juni 1903:
“Hotel-Pension ‘Buitenlust’
Te Hees is het van ouds bekende café ‘Buitenlust’ thans herschapen in een kapitaal hotel-pension met café, dat door zijn sierlijk uiterlijk een wezenlijk sieraad vormt voor het fraaie dorp. De bouwkundige W. Hoffmann alhier, die het ontwerp leverde en de aannemer, de heer A. Hendriks, die het uitvoerde, hebben beiden eer van hun werk. Het levendig, opgewekt, in modernen bouwtrant opgetrokken gebouw doet met zijn overhangende daken, balkons op alle verdiepingen en ruime veranda eenigszins denken aan een groot Zwitsersch chalet en ziet er aan alle zuiden even uitlokkend uit.
Voor gezinnen met kinderen is de speeltuin, voorzien van schommel, wip, draaimolen, turnwerktuigen enz., een hoogst aangename ontspanningsplaats. Het moet op zomersche achtermiddagen heelijk zijn daar ‘en famille’ thee te drinken.” (Uit de Gelderlander van 9 juni 1903: De Gelderlander 9/6/1953)
Hotel “Buitenlust”, foto gedateerd 1920 (RAN F33232)
Verbouwing 1920
In 1920 vindt een verbouwing plaats “van een woning voor den Heer P.A. Offerman”, zie D12.386283. Het lijkt daarbij vooral een interne verbouwing te betreffen, waarbij de zaal is omgebouwd tot woning.
De bovenstaande foto is waarschijnlijk vóór deze verbouwing genomen: op de foto staat de serre nog doorgetrokken, terwijl bij de verbouwing een nieuwe ingang is gemaakt.
De wit geschilderde woningen aan de de Wetstraat in de richting van Generaal Smutsstraat, maart 2023 architecten Evers en Sarlemijn
In 1951 kregen Evers en Sarlemijn van Woningvereniging “Nijmegen” opdracht om een bebouwingsplan voor een gedeelte van Heseveld te ontwerpen. Het ging dus daarbij niet alleen om de gebouwen, maar ook om de indeling van de buurt. Het complex met de Bothastraat en de de Wetstraat was het eerste onderdeel.
Beeld
Bijschrift: “De Wetstraat heet dit straatje waaraan de eengezinswoningen van het Zuid-Afrika-blok staan opgesteld. De straat heeft alleen nog maar en puinverharding doch deze week al trekken de nieuwe bewoners op om hun huizen te bezetten. Op de achtergrond de drie verdiepingen hoge flatblokken”. (Nijmeegsch Dagblad, 11-9-1952)
De woningen aan de Wetstraat waren de eerste woningen die werden vrijgegeven: de eerste bewoners zijn rond september 1952 Nijmeegsch Dagblad, 11-9-1952) hiernaar toe verhuisd. Op dat moment heeft de straat alleen nog puinverhanding. Dat is al beter dan de andere straten in het nieuwe complex: daar ontbreekt de weg (vrijwel) volledig.
“Deze woningen, fris geverfd, zijn de z.g. één-gezinswoningen. Het zijn uiterlijk kleine maar van binnen zeer ruime huizen, geschikt voor niet te grote gezinnen (op een enkel hoekhuis na). In totaal staan er 72 van in het complex. De huizenrijen staan niet parallel langs de straat: hierdoor hebben de architecten Evers en Sarlemijn uit Amsterdam, verkregen dat de weg geen doodse aanblik biedt maar daarentegen een diepte verkrijgt welke het oog aangenaam streelt.”
De eerste door mij gevonden kleine advertentie in de krant stamt uit september 1953: In de Wetstraat 27 is in De Gelderlander 12/9/1953 een Bolex te koop. Overigens is er ook een advertentie met het verzoek tot woningruil gevonden op De Gelderlander 8/7/1953: verzoek tot ruil nieuwbouw Dennenstraat voor nieuwbouw Wolfskuil, Wetstraat 30. In De Gelderlander 3/10/1953 staat een moderne kinderwagen te koop bij Bothastraat 9.
Stijl
Het eerste wat in de straten opvalt zijn de witgeschilderde woningen. “In het Bouwkundig Weekblad van 1955, waarin de Afrikabuurt en de Bouwmeesterbuurt werden besproken, wordt het witte schilderwerk “als een ‘buitengewoon charmante’ vondst” beschreven.”
Bossche school
Evenals de rest van de buurt, zijn de woningen gebouwd in de stijl van de Bossche School. De Beeldatlas: “cultuurhistorische achtergronden kan een zekere zichtbaarheid geven aan de ruimte, omdat de verhouding tussen de dikte en de afstand van de muren mede ruimtebepalend is. Vandaar dat de plasticiteit van de muren sterk wordt benadrukt. In Heseveld is dat overduidelijk gebeurd bij de ingangspartijen en de ramen. De ramen zijn achter in de muur geplaatst. De muurdikte als expressiemiddel springt des te meer in het oog door de wit geschilderde dagkanten. Een vergelijkbare kunstgreep is op grotere schaal toegepast in het eerste complex waar de eengezinswoningen op het binnenterrein helemaal wit zijn geschilderd.”
Bothastraat, gezien in de richting van de Cronjéstraat, 1975 (Fotopersbureau Gelderlander via F20956 RAN, auteursrechthouder J.F.M. Trum CC-BY-SA)
Deze 2 straten zijn een soort binnentuin van het blok, omgeven door 3 hoog bouwlagen van de omliggende straten. Vanuit de Cronjéstraat gezien hebben de woningen de linkerkant van de straat een voortuintje, hoewel veel tuintjes betegeld zijn. Een ander verschil zijn de ingangen: links met een boogje, rechts een portaaltje met driehoekje. De eerste verdieping bestaat aan de voorkant uit 3 keer 2 kleine ramen. Alle vensters liggen wat dieper in het pand, waarbij de niet witte vensterbank zorgt voor een extra accent. Net als in de rest van de wijk, helt het dak iets over. Achter de woningen liggen tuinen.
De Wetstraat, 1984 (Ber van Haren via KN13904-18 RAN)
Bothastraat, 1984 (Ber van Haren via KN13904-16 RAN)
1922, (oorspronkelijk: Bronsgeeststraat 86 en 88), Bronsgeeststraat 56 en 58 Biezen
Bronsgeeststraat 58 en 56, twee prachtig gebouwde huizen uit 1922. (De blauwe lijnen op de straat geeft de loop van de Romeinse stadsgracht aan)
Een van de opvallendste woningen in de Bronsgeeststraat is het dubbele woonhuis op de hoek met de Biezenstraat. Langslopend, dacht ik dat het lijkt alsof de ontwerper eens lekker los is gegaan om een paleisje te maken, mooi. En inderdaad: H.J. Wenmakers, die als bouwkundige op de tekening staat, is leraar aan de avondschool en onderwijzer op de Ambachtsschool. Hij zal nummer 86 (tegenwoordig 56) gaan bewonen.
Hendrik Johannes Wenmakers
Plan voor het bouwen van twee woonhuizen a/d Bronsgeeststraat voor den Weled. Hr. H.J. Wenmakers en C. Verburg, tekening november 1921 (D12.386989 detail)
Hendrik Johannes Wenmakers op 30 december 1879 geboren te Rotterdam. Op 28 september 1906 is hij met Maria Christina Flock (13-8-1882 Rotterdam) getrouwd. Op 28 maart 1906 verhuizen ze vanuit Rotterdam naar Nijmegen, Willemsweg 34. Hij is dan onderwijzer Ambachtsschool (metselaar) van beroep. Tussen 1900 en 1910 zijn ze verhuisd naar Weurtscheweg 24. In het Bevolkingsregister 1910 is dit adres doorgehaald en vervangen door Voorstadslaan 63: dit betreft waarschijnlijk een hernummering.
Kinderen:
Anna Petronella Maria: 17-2-1907 te Nijmegen
Hendrik Johannes: 13-4-1911
Willem Hendrik: 21-7-1919
In een gevonden rouwbericht blijkt zijn weduwe Maria Christina Flock op 28 mei 1948 overleden te zijn. Haar adres is dan nog steeds nummer 56.
Coenraad Albertus Verburg
Opvallend: zijn mede-aanvrager van de bouwvergunning is C.A. Verburg. Hij is tevens leraar aan de Ambachtsschool. Verburg zal nummer 88 (nu 58) gaan bewonen.
Coenraad Albertus Verburg is op 4 april 1877 geboren te Arnhem. Hij is getrouwd met Gerritje Abbenhuijs (20-6-1878 Arnhem). Op 25 oktober 1913 komen ze naar Nijmegen. Ze zijn dan afkomstig uit Venlo en gaan wonen op Voorstadslaan 195. Hij is dan leraar aan de Ambachtsschool. Op een later tijdstip (waarschijnlijk dd 1-1-1921) is daar avondschool voor Handwerkslieden bijgevoegd.
Kinderen:
Theodorus Coenraad Albertus 21-11-1902 plaats onleesbaar
Bernardus Carolus Joseph, 2-11-1904, plaats onleesbaar
Catharina Elisabeth, 23-12-1905
George Antonius, 9-12-1907, Venlo
Albertina Gerarda 22-2-1917, Hees
In ieder geval woont hij hier in 1938 nog, wanneer hij zijn 25 jarig jubileum als leraar vaktekenen voor metaalbewerkers viert.
Romeinen
Voor het huis lopen blauwe golvende lijnen op de weg, met daarachter een lijn in klinkers: in de Romeinse tijd liep hier de stadsgracht en stadsmuur.
Borneostraat 28 t/m 34, september 2022 (Google Streetview)
Ontwerp vier Heerenhuizen a/d Borneostraat te Nijmegen, v/d Weled Heer A.J.W. Grandjean aldaar, architecten Meerman en van der Pijl, bouwaanvraag 21-1-1934 (D12.400333)
Ontwerp vier Heerenhuizen a/d Borneostraat te Nijmegen, v/d Weled Heer A.J.W. Grandjean aldaar, architecten Meerman en van der Pijl, bouwaanvraag 21-1-1934 (D12.400333)
De panden van Cafétaria Centrum Expresse; de Schoenhandel Holland; Fotohandel Verwey; de Parfumeriezaak Albers, en een gedeelte van Boekhandel Kloosterman, 1952 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31792 RAN)
In 1952 komt het pand van parfumerie Albers gereed. De architect hiervan was Rodenburg. Het pand van Albers aan de Houtstraat was verwoest als gevolg van het bombardement van februari 1944. Het pand welke zij vervolgens aan de Burchtstraat had betrokken ging in september 1944 in vlammen op.
Bouw van een winkelpand aan het Centrumplein te Nijmegen voor de heer J.E. Albers te Hees, stempel datum ingekomen 1 maart 1950, architect Rodenburg. (D12.412466). Het betreft het rechtse pad. De 3 panden ernaast zijn eveneens van Rodenburg. Op D12.412464 staat een kruis over deze 3 panden. Daar staat ook 2 bovenwoningen in de titel toegevoegd.
De Gelderlander in maart 1952 naar aanleiding van de opening:
“Nieuw zakenleven aan het Plein 1944:
Parfumerie J.E. Albers
De laatste winkel in het nieuwe complex winkels aan het Plein 1944, aansluitend aan boekhandel Kloosterman, is gistermiddag in gebruik genomen. De heer J.E. Albers heeft er zijn zaak in parfumerieën en bijouterieën in gevestigd en zij vond daarmede eveneens eindelijk haar definitieve bestemming. De zaak van de heer Albers werd op 22 Februari 1944 aan de Houtstraat vernield. Zij werd verplaatst naar de Burchtstraat, maar werd daar op 17 September een prooi der vlammen. Na de bevrijding werd onderdak gevonden in een der noodwinkels aan het Mariënburg en van daar kwam de zaak naar ’t Plein 1944, waar ze gistermiddag onder grote belangstelling geopend werd.
Plein 1944 146 Parfumerie Albers nu Ici Paris
Wethouder Duives kwam namens het gemeentebestuur de gelukwensen aan de familie Albers aanbieden en vertelde ons, dat hij zeer verheugd was over de vorderingen, welke thans met de bouwerij in het stadscentrum worden gemaakt; iedere week een nieuwe zaak de deuren open, daar komt het eigenlijk toch op neer. En de wethouder vond dit lang geen gek resultaat.
Ook deze zaak is een schepping van architect Rodenburg, die een welhaast ideale indeling maakte van deze verkoopruimte, waarin artikelen van wel zeer uiteenlopende aard tesaam gebracht worden. Het eerste gedeelte van de winkel kan men n.l. vergelijken met een soort hall, waarvan aan de ene kant de parfumerie-afdeling is en aan de andere kant de bijouterieen uitgestald worden. Al het houtwerk is uitgevoerd in licht eikenhout, de muurvitrines zijn indirect verlicht en voor de bijouterieënafdeling hebben deze vitrines nog ene crème achtergrond gekregen. Met de coloriet-vloer is hier een bijzonder fraai geheel geschapen, waarin de dames (maar ook de heren!) zich wel thuis zullen voelen.
Het aannemersbedrijf Molenaar voerde ook deze bouw uit. Er waren zeer veel bloemstukken.“
(De Gelderlander 29/3/1952)
Let ook op de balkons in trapeze vorm (augustus 2023)
Burchtstraat 2: tegenwoordig zit in dit pand Douglas (augustus 2023)
De bouw van de herenkledingzaak van Dijk en Witte zorgde voor de voltooiing van de oostzijde van de wederopbouw van de Broerstraat. Het nieuwe pand staat (nagenoeg) op de plek waar het vooroorlogse pand heeft gestaan. In 1892 begon van Dijk en Witte een confectiemagazijn op de Grote Markt 8. Na de Tweede Wereldoorlog was dit pand onteigend en gesloopd. Op (vrijwel?) dezelfde plek bouwde de firma een nieuwe zaak. Rodenburg was hiervan de architect.
De Gelderlander schrijft bij de opening in september 1955:
“Van Dijk en Witte in het hartje stad verrezen
Op de hoek van de Broerstraat en de Burchtstraat, juist tegenover de historische Blauwe Steen is een modern gedistingeerd zakenpad verrezen, dat uit hoofde van de firma welke er haar bedrijf in heeft heropende, een andere voor Nijmegen historische traditie tot nieuw leven brengt. De fa. van Dijk en Witte, sinds 1892 in de Keizer Karelstad gevestigd, kon namelijk vanmorgen onder enorme belangstelling haar nieuwe ruimten voor heren- en jongenskleding officieel openen. De nieuwe zaak welke thans het gebouw op de Markt, dat vanwege de herbouw van de stad tegen de grond moest, vervangt, betekent de hoeksteen voor de thans voltooide bebouwing van de Broerstraat aan de Oostzijde. Het fraaie gebouw betekent tevens een van de belangrijkste aanwinsten van de hernieuwde city waarvan de voltooiing naar alle verwachting in 1956 kan worden gevierd.
Het was de president-commissaris van Van Dijk en Witte, de heer J. Taminiau, die vanmorgen bij de openingsplechtigheid de vele prominente aanwezigen onder wie de burgemeester met mevrouw Hustinx en wethouder M. Duives begroette om daarna het woord te geven aan de architect, de heer R.G. Rodenburg, die een korte inleiding hield alvorens hij het gebouw aan de fa. van Dijk en Witte ovverdroeg. Spr. bracht dank aan de Aannemer de fa. Nederland voor de wijze waarop ze dit pand, op een betrekkelijk klein terrein, in een zeer groot tempo heeft tot stand gebracht. Daarnaast had spr. veel waardering voor onderaannemers. De samenwerking was bijzonder prettig geweest, ook met de opdrachtgever, aan wie de architect hierna het pand overdroeg. De heer A. Witte aanvaardde het pand uit naam van de firma en dankte de architect, de aannemers en onderaannemers. Na de gemeent-instanties, met name de Dienst van Openbare Werken te hebben bedankt, verzocht de heer Witte de burgemeester de zaak te openen. De burgemeester nam hierop het woord om namens het gemeentebestuur zijn gelukwens aan te bieden met de geslaagde voltooiing van deze bouw, welke een voorgeschiedenis heeft gehad. Het heeft geruime tijd geduurd voordat de eerste maatregelen konden worden genomen welke tot de herbouw hebben geleid. Toen de zaak evenwel rijp was, werd met enorme spoed aan de bouw gewerkt. Het resultaat was voortreffelijk, een harmonisch gebouw is ontstaan waarin van Dijk en Witte, op grond van haar historische binding met Nijmegen, op waardige wijze haar bedrijf kan voortzetten.
Voorgeschiedenis
Rechts van Dijk en Witte, Grote Markt gezien in de richting van de Korte Burchtstraat, gedateerd 1895-1903 (D149 RAN)
Hierna nam de oudste vertegenwoordiger van de fam. Witte, de heer J. Witte, het woord om de geschiedenis van het bedrijf in Nijmegen te releveren. In de vorige eeuw werden op de Grote Markt twee panden afgebroken, no. 7 en no. 8, om plaats te maken voor een waardige huisvesting van het confectiemagazijn van Dijk en Witte. In 1892 heeft spr. de eerste steen gelegd op de Grote Markt, hoek Scheidemakersgas. Na bijna zestig jaar bloeiend zakenleven volgde de onteigening op basis van de wet op de materiële oorlogsschade. Het resultaat was vooralsnog dat van Dijk en Witte heeft vergoed gekregen een bedrag dat net even genoeg was om de grond aan te kopen, waarop het nieuwe gebouw thans staat. Voor de bouw van dit pand heeft de fa. van de overheid niets ontvangen, zelfs niet de afbraak van het oude pand, aldus spr. het gebouw is thans gereed en het staat er trots en uitdagend ondanks de wederopbouw, aldus spr., die de overtuiging had dat de oude clientèle van de zaak in Nijmegen, waarvan hij van 1910 tot 1916 directeur is geweest, van Dijk en Witte niet in de steek zal laten. Hij gaf de verzekering dat de medewerkers de naam van de firma zullen hooghouden.
Na de woorden van de heer J. Witte spraken de heer P. Bartels, directeur van de inkoopvereniging Pehoda, de heer B. de Bruijn namens het personeel, Dr. P. van Hasselt als vriend van de fam. Witte, de heer J. Taminiau, president-commissaris van van Dijk en Witte, die namens de familie geluk wenste. De heer A. Witte sprak tot slot van deze geslaagde plechtigheid een dankwoord, vooral tot zijn medewerkers, voor hun goede samenwerking en hun zorgen welke aan deze dag zijn voorafgegaan. Hierna bezichtigden de genodigden het gebouw, met zijn prettig interieur, zowel op de benedenverdieping waar men de grootste variatie vindt op het gebied van herenkleding als op de bovenverdieping, waar kinderkleding in grote verscheidenheid is ondergebracht. (De Gelderlander 21/9/1955)
Gemeentelijke Monumentenlijst
Het gebouw staat op de Gemeentelijke Monumentenlijst als “Beeldbepalend pand”: dit betekent dat alleen de buitenkant beschermd is. Daarbij heeft het als waardering:
“Burchtstraat 2 maakt stedenbouwkundig onderdeel uit van het wederopbouwplan van de Nijmeegse binnenstad en is hier een expressie van. Stedenbouwkundige waarde vanwege het forse bouwvolume, in breedte en hoogte, dat de hoek Burchtstraat-Broerstraat accentueert en dat aan de omgeving is aangepast. Er is sprake van ontwerpkwaliteit van de gevels vanwege het door kleurstelling, materiaalgebruik en vorm gevormde eigen gezicht van het gebouw in modernistische trant. Het beeldbepalende karakter van het pand is onvervangbaar in relatie tot de context van de Nijmeegse binnenstad.”
Het nieuwe pand van de Dameskledingzaak “Maison de Nouveautés”, aan de Broerstraat 40, met rechts “het Witte Huis” in 1955 (VN21292 RAN)
De herenkledingzaak het “Witte Huis” was in september 1944 in brand gestoken. Na een aantal tussenstops heropent de winkel in de Broerstraat haar nieuwe zaak. Hierbij was het ontwerp afkomstig van architect Rodenburg.
RAN heeft op haar site een foto uit 1954: daarbij lijkt het dat het pand in de loop der jaren van de buitenkant gezien geen grote verbouwingen heeft gekend, alleen de begane grond is wat aangepast. Daarnaast is te zien dat het links nog niet is gebouwd.
“Het “Witte Huis” herrees in de drukke Broerstraat
De etalages van “Het Witte Huis” aan de Broerstraat 32, ter gelegenheid van de opening van dit nieuwe pand; 1953 (GN3849 RAN)
Elke rechtgeaarde Nijmegenaar weet zich van vele jaren her “Het Witte Huis” te herinneren, het herenkledingmagazijn, dat lange jaren in de Augustijnenstraat en later op de Hoek Augustijnenstr.-Houtstraat was gevestigd. Vergissen we ons niet dan is het bijna tachtig jaar geleden dat Het Witte Huis werd opgericht. In 1942 werd het naar de Burchtstraat overgeplaatst en daar ging het in 1944 gedurende de Septemberdagen in vlammen op. Energiek van aanpak als de leiders van het “Witte Huis” uiteraard zijn, gingen ze niet bij de pakken neerzitten In het klein werd de zaak op de hoek van Welderenstraat-Arksteestraat voortgezet. Enkele jaren daarna werd het Witte Huis op groter schaal in de van Broeckhuysenstraat heropend. Wie zou denken dat hiermede de eindpaal in de wedloop naar voormalige krachtsontplooiing was bereikt, rekende buiten de waard. Ook deze voorziening was een tijdelijke. Het slotbedrijf van deze omzwerving na de stadsramp speelt zich af in de meer drukke Broerstr, op een van de mooiste punten.
Broerstraat 32, oorspronkelijk het Witte Huis, detail balkons, juli 2019 (Google Streetview)
En als men deze herbouw aanschouwt zal men ’t met ons eens zijn dat dit ‘n “happy end” is, Het Witte Huis en de stad Nijmegen, waarmee het is vergroeid, hebben elkaar “hervonden”. Gelukkig voor beide, want zoals met vele verwoeste zaken het geval is, kunnen ze elkaar niet missen. We mogen het als een gunstig teken voor de heropbloei in de binnenstad zien dat ondernemende zakenlieden hier een fraai winkelpand hebben doen zetten, dat zelfs de hoofdstad van ons land eer zou aandoen. En in dit gebouw zijn merkwaardige vindingen in toepassing gebracht. In een gedeelte van de étalages kunnen de ruiten worden uitgenomen. De portiek, waarin zich deze étalages bevinden, kan worden verwarmd, zodat de bezoekers van de zaak de indruk hebben zich in de winkel te bevinden. De deur welke tot de zaak toegang geeft, kan door middel van ’n vernuftig mechanisme in de diepte verdwijnen. Dit bedrijf is dus, in de geest van de politiek van “Het Witte Huis” sterk elastisch.
Architect R.G. Rodenburg en het Aann. Bedrijf Tiemstra en Zn., beiden te Nijmegen, hebben eer van hun werk. De fa. J. Reijers te Nijmegen droeg zorg voor de smaakvolle binnenbetimmering.
De heren H.F. van Emmerik en H.A. Hermsen, die de leiding in de zaak in Nijmegen voeren, hebben gistermorgen vóór de opening, tezamen met de heer J. Roose uit Rotterdam, de Directeur van Het Witte Huis de heer J. van Emden verwelkomd en hem namens het personeel een Phoenix in brons als symbool van het geslaagde herstel na de verwoesting van de zaak aangeboden. Bij de opening vertegenwoordigde wethouder W. Beukema het gemeentebestuur en tientallen prachtige bloemstukken getuigden van de sympathie van velen.” (De Gelderlander 27/3/1953)
Vervolg
Broerstraat 32 gebouwd als Witte Huis, in juli 2019 Vila (Google Streetview)
Er is nog niet volledig onderzocht wat het vervolg is geweest.
In ieder geval heeft er in 2018 een verkoop plaats gevonden. Bestseller Wholesale Benelux blijkt dan huurder van de winkel te zijn, met als gebruiker Vila Clothes. Op de eerste verdieping woont dan een huurder, de tweede en derde zijn vrij van huur.(Property.nl)
Op 6-4-2023 verleent de gemeente vergunning tot het verbouwen van de bovenwoning tot 6 appartementen. (Gemeenteblad van Nijmegen)
Broerstraat 32 gebouwd als Witte Huis, augustus 2023
De Broerstraat is de belangrijkste winkelstraat van Nijmegen. Het dankt haar naam aan de middeleeuwse Dominicuskerk, oftewel de Broer- of Broederenkerk. Rond 1900 werd de Broerstraat een van de belangrijkste winkelstraten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de straat vrijwel volledig verwoest.
Het Luxor-theater, rechts de Doddendaal, 1955 waarschijnlijk rond de opening. Architecten Meerman en Jansen (Commissariaat Politie Nijmegen Afd. Fotografie F31806 RAN CCO)
Een aantal jaren voordat het gebouw gesloopt werd, had het de titel “lelijkste gebouw van Nijmegen” gekregen. In de loop der jaren was het pand steeds meer vervallen en was het een “rotte kies” geworden. En dat, terwijl er de Luxor bioscoop in 1955 als een fris uitziend pand begon.
De foto hierboven is uit 1955. Afgaande op de vertoning van “Desiree”, zal deze rond de opening zijn genomen. De eerste verbouwing is waarschijnlijk rond 1958 geweest: op een foto is nu een ‘raster’ te herkennen; een beeld dat jarenlang is gebleven.
Vervolg
Casa Meubelen, HORN Electro en Intersport in het pand van de voormalige Luxor-bioscoop op de hoek met de Bloemerstraat (links), 1991 (Ber van Haren via KN14954-8 RAN CCO)
De bioscoop werd in 1986 gesloten. Daarna werd het een winkelpand. In ieder geval zaten Casa, Horn en Intersport er. Sinds 2014 stond het pand leeg, waarna het steeds meer verloederde. In 2019 werd het pand gesloopt. Nadat de”rotte kies” was getrokken bleef er een aantal jaren een gapend gat over. Nu is de bouw van een appartementencomplex gestart, waarbij in juni het hoogste punt is bereikt. Er komen 136 appartementen, met daaronder een Albert Heijn. In de kelder komen fietsenstallingen en bergingen.
De Gelderlander bij opening
De Gelderlander schrijft op 21 januari 1955, iets meer dan een maand voor de opening:
“Donderdag 3 Maart opent het nieuwe Luxor-theater aan het Plein 1944
Nijmegen, 21 Jan. – Op Donderdag 3 Maart zal het nieuwe Luxor theater aan het Plein 1944 op de hoek van de Doddendaal en de Bloemerstraat, openen met een gala-voorstelling, waarin de cinamascope-film “Désire” zal worden vertoond in een gala-voorstelling, des avonds om acht uur. Het nieuwe theater dat de plaats inneemt van het vroegere Luxor theater, hetwelk in de oorlogsdagen op Mariënburg, werd verwoest, is eigendom van de N.V. Luxor, theater te Nijmegen, maar werd door deze N.V. verhuurd aan de N.V. Nabio te Rotterdam; de Neth. Fox Film Cor. zal de exploitatie verzorgen. De bioscoop welke naar de nieuwste vindingen op theatergebied is gebouwd en ingericht, zal negen honderd tien plaatsen bevatten; er is voor toneel-accommodatie gezorgd, zodat zo nodig ook variété kan worden gegeven. Naast Amerikaanse films zullen er films van Europese productie worden vertoond; er zal zelfs bijzondere aandacht worden besteed aan de premières van de grote Europese producten.
Het tijdens de bevrijding verwoeste pand van het Luxor Theater, 9/1944-12/1944 (A.A. van der Borg via RAN F29581)
De architecten de heren B.J. Meerman en J. Jansen (Besienderhuis) hebben in onderling overleg er naar gestreefd om het Nijmeegse Luxor te maken tot een van de grootste en best ingerichte theaters van het Zuiden. Zowel de aannemer de fa. Poldermans als de onderaannemers zijn Nijmeegse bedrijven. Zelfs Philips, die de installatie in de cabine verzorgde zou men op het moment in zekere zin een Nijmeegs bedrijf kunnen noemen. Terwijl het werk aan de buitenkant uiteraard vanwege de vorst stilligt, wordt er aan ’t interieur van het gebouw met de grootst mogelijke spoed voortgewerkt. Men wil op tijd klaar zijn voor de galavoorstelling op 3 Maart, wanneer Nijmegen door dit nieuwe theater zal worden verrijkt met een gebouw dat de ontspanningsmogelijkheid voor de stadgenoten en voor de bewoners van het Nijmeegse achterland belangrijk zal bevorderen. Vooral vanwege deze omstandigheid zijn de exploitanten van mening dat de voor onze stad geldende vermakelijkheidsbelasting van 35 pct erg aan de hoge kant is; zij hadden de exploitaite van het Luxor theater gebaseerd op een belasting van 25 pct, welke in verschillende steden geld. Ze zijn met het gemeentebestuur in onderhandeling om een verlaging van het vastgesteld percentage te verkrijgen; dit is voor hen van des te meer belang in verband met hun plannen om ook variété te geven, terwijl de architecten ook rekening hebben gehouden met de mogelijkheid om een Hammond-orgel te plaatsen in de orkestbak.
Inrichting
Het theater is onderverdeeld in zaal, loges, amphitheater; men krijgt enigszins hetzelfde idee als bij de inrichting van het voormalige Centrum-theater.
Boven de wachthall is ene foyer van driehonderd vierkante meter geconstrueerd. Hierin zal een café-bar worden ingericht, welke zowel voor de bezoekers van het theater als voor niet-bezoekers is bedoeld. Men kan ook door een aparte ingang in deze café-bar komen. Onder de hall is een grote kelder. De exploitanten bestuderen de mogelijkheid om van deze kelder een amusementsgelegenheid voor kinderen te maken, die dan op Woensdag-, Zaterdag- en Zondagmiddag met vermaak als bijvoorbeeld een marionetten-theater of met film kunnen worden beziggehouden. Criterium in Amsterdam heeft een dergelijk initiatief toegepast, met goed succes.
De zaal
In de hall komt een vast tapijt te liggen van gele kleur en deze kleur is ook aangehouden voor de zaal. De betimmering van de wanden is gehouden in het geel met rood. Op sommige plaatsen is ze tien meter hoog; een jong Nijmeegs kunstenaar, G. Bruning, is aangezocht om de overblijvende vakken te decoreren.
Het plafond is geconstrueerd met eilanden, zodat het als het ware los in de zaal hangt. Bijzondere zorg is aan de verlichting besteed. Behalve door de lichteilanden van het plafond wordt de zaal verlicht door een neon-lijn, welke langs wanden van de zaal loopt en de betimmering beschijnt.
In de hall en de foyer komen lampen in verschillende kleuren bespoten, welke worden geleverd door een van de wereldberoemde glasfabrieken in Murano bij Venetië.
Ook het toneelgordijn is afkomstig uit Italië; het is een handdruk met zwart, blauw en groen als overheersende kleuren. Voor de stoelen in de zaal is blauw als kleur gekozen. Op het amphitheater komen zetels met beweegbare rug, zodat de bezoeker niet behoeft op te staan wanneer nieuwe bezoekers moeten passeren.
Alle stoelen zijn trouwens ruim geprojecteerd; ze worden zo geplaatst dat elke bezoeker over degene die voor hem zit kan heenkijken. Niemand hoeft langs de bezoeker in de rij voor hem te zien.
Toneel en cabine
Het toneel wordt 13.80m. breed en 8 meter hoog; de diepte van het toneel zal 8.5 meter bedragen. Onder het toneel komt een kleedkamer en een orkestbak. Bijzondere aandacht wordt besteed aan de mogelijkheid om het geluid vanuit de orkestbak door de zaal te verspreiden. Deze geluidsspreiding is trouwens een thema geweest van bijzondere zorg. Voor het eerst in Nijmegen wordt het magnetisch geluid, met vier geluidsbanden op de film in toepassing gebracht. Hierdoor wordt bereikt dat de toeschouwers midden in het geluid zitten, zodat het geen verschil uitmaakt of men langs de wanden of midden in de zaal zijn plaats heeft.
De cabine wordt uitgerust met vier projectoren. Op een speciaal geprepareerd doek wordt de lichtsterkte zo verspreid dat ze in het midden van het doek hetzelfde is als aan de zijkanten. Vertekening op het enigszins gebogen doek is zodoende hoegenaamd uitgesloten en ook onafhankelijk van de plaats waar men zit is het beeld overal goed; dit beeld wordt 12.88 breed en 5.20 hoog.
Hoewel de cabine is ingericht voor cinemascope, heeft ze verder alle mogelijkheden voor projectie van een ander soort.
De hoofdingang tot het Luxor theater komt op de hoek van het Plein ’44 en de Bloemerstraat, zodat de toegang makkelijk in het zicht en in het bereik ligt. Voor de zaal is een ruime wachthall ingericht en een aparte kassahall komt aan de kant van de Doddendaal.
De films
Behalve de openingsfilm Désiré staan voor vertoning in het nieuwe Luxorp-theater onder andere op het program films als: The Robe, Verdi, Odyssé, The Egyptian, Demetrius and the gladiators, Night People, Three coins in the fountain, Broken lance, There is no business.
De cinemascope-film vindt in de Neth. Fox film een grote propagandist.
In een honderd twintigtal theaters van ons land heeft Fox cinemascope films geintroduceerd. Om het eenjarige bestaansfeest te vieren zal op 10 Februari een helicopter op het grasveld van de Goffert neerstrijken, waaruit de directie van de Fox film zal stijgen, die een lintjesregen doet neerkomen op de eerbiedwaardige hoofden van de theaterexploitanten uit het oosten des lands. Zij die de moed en de durf hebben gehad om de cinemascope te introduceren krijgen een lintje met een inscriptie op de aangehechte miniatuur-medaille, waarop een tekst voorkomt welke aan hun verdienste in dit opzicht herinnert.
Dezelfde dag zal in Arnhem een helicopter landen, terwijl op andere dagen in andere plaatsen van ons land helicopter-stunts als deze zullen plaats hebben.
Delen we nog mede dat de bouw en inrichting van het Luxor-theater een negen ton heeft gekost en dat de prijzen voor plaatsen waarschijnlijk op hetzelfde niveau zullen liggen als die van het Carolus theater op Plein 1944.” (De Gelderlander 21/1/1955)