Gertrudiskapel Hunnerpark, oktober 2023
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Gertrudis van Nijvel: Heilige en Geschiedenis van de Kapel

Gertrudiskapel Hunnerpark, oktober 2023
Restanten Gertrudiskapel in Hunnerpark, oktober 2023

Vlakbij de voetbrug bij het Hunnerprak staan de restanten van een muur: oude resten van de wallen? Nee: het is de Gertrudiskapel uit de 15e eeuw, die bij de werkzaamheden en het bouwen van de voetbrug weer aan het licht kwam. De kerkelijke geschiedenis gaat echter verder nog verder terug. Wat is de geschiedenis van deze kapel en wie was Gertrudis van Nijvel?

Deze kapel is vernoemd naar Gertrudis van Nijvel. Haar vader Pepijn van Landen was tevens voorvader van Karel de Grote. Gertrudis of Geertruida was de beschermheilige van Nijmegen, voordat Stephanus dit werd.  

Voorgeschiedenis: de oude parochiekerk

Merovingische palts

De oudste kerk van Nijmegen was waarschijnlijk een gebouw dat stond binnen de Merovingische palts. Deze palts bevond zich op het oude castellum terrein op het Valkhof. De kerk is waarschijnlijk in het eerste kwart van de 7e eeuw gebouwd. Waarschijnlijk was het een zogenaamde ‘eigenkerk’: een kerk welke eigendom was van de grondbezitter. Deze kon over de inkomsten beschikken en stelde de bedienaren aan.

Mogelijk is deze Merovingische kerk gesloopt voor de bouw van de palts van Karel de Grote in de tweede helft van de achtste eeuw. Daarbij is ze mogelijk verplaatst naar de locatie waar in de 13e eeuw de oude parochiekerk van Nijmegen stond.

Oude parochiekerk

De exacte locatie van deze parochiekerk is niet bekend, maar bevindt zich waarschijnlijk in het zuidoostelijke deel van het laat-Romeinse castellum, in de omgeving van de laatmiddeleeuwse Sint Gertrudiskapel. Ten zuiden van de Gertrudiskapel zijn graven gevonden, welke later bekend was onder de naam ‘alden kerckhoff’, oude kerkhof. Mogelijk fungeerde deze kerk in de Karolingische tijd al als parochiekerk, waarbij de bewoners van Nijmegen en omgeving hun doden hier bergraafden. In ieder geval dateert het oudst gevonden graf waarschijnlijk uit deze tijd.

Een mooie tekening is te vinden op bladzijde 30 van het Numega Jaarboek 2014: Karolingisch Nijmegen: de palts en zijn omgeving, Arjan den Braven. (De voorgeschiedenis is voor een belangrijk deel gebaseerd op zijn artikel).

Ook de ouderdom van deze kerk is niet bekend. In ieder geval na 768, het jaar waarin Karel de troon besteeg. De oudste vermelding van de palts dateert uit 777. We weten dat Karel de Grote in dat jaar (en in 804, 806 en 808) Pasen in de “villa” van Nijmegen vierde. Dat betekende dat er op het terrein een kerk of kapel moet zijn geweest. Echter: het is daarbij ook mogelijk dat deze vermelding betrekking heeft op de oude, Merovingische palts.

In ieder geval wordt in de 13e eeuw de parochiekerk gewijd aan Gertrudis afgebroken. Daarvoor in de plaats kwam de Sint Stevenskerk, op de Hundisberg. Albertus de Grote wijdde deze kerk in 1272 in. Een deel van het kerkhof bleef bestaan en werd het “Oude Kerkhof” genoemd.

Gertrudiskapel uit de 15e eeuw

Het St. Geertruidsbergje rechts, dit bergje ontleende zijn naam aan een Kapel toegewijd aan St. Geertruida, de Kapel stond op een berg, overblijfselen hiervan zijn aanwezig naast de Belvédère, 1895 (Gelderland in Woord en Beeld, 6e jrg., nr.: 22; 22-08-1930 via F45786 RAN)
Het St. Geertruidsbergje rechts, dit bergje ontleende zijn naam aan een Kapel toegewijd aan St. Geertruida, de Kapel stond op een berg, overblijfselen hiervan zijn aanwezig naast de Belvédère, 1895 (Gelderland in Woord en Beeld, 6e jrg., nr.: 22; 22-08-1930 via F45786 RAN)

In het midden van de 15e eeuw werd op dit Oude Kerkhof een kapel gebouwd. Deze was eveneens aan Gertrudis gewijd en vooral bedoeld voor mensen buiten de Burcht. In 1579 werd ze alweer gesloopt, om plaats te maken voor de uitbreiding van de burcht.

Gevonden

Tijdens de werkzaamheden bij de wallen en aanleg van de voetbrug rond 1883 kwamen resten van de kapel weer tevoorschijn. Deze was voorheen bedolven onder de wallen.

Tijdens het archeologisch onderzoek bij de bouw van het Valkhof kwamen resten van de pastorie boven water.

Gertrudis van Nijvel

De kapel en de voorgaande kapel was vernoemd naar Gertrudis van Nijvel. Maar wie was deze Gertrudis, ook wel Geertruida genoemd.

“Familie-heilige”?

De oorspronkelijke kerk en de kapel is gewijd aan de heilige Gertrudis. Zij werd geboren als Gertrudis van Nijvel in 626. Haar vader was de hofmeier Pippijn of Pepijn van Landen. Haar moeder was Ida van Nijveld, oftewel de heilige Iduberga.

Een andere dochter van Pepijn was Bregga. Bregga (ook een heilige) trouwde met Ansegissus, een zoon van Sint Arnoldus van Metz. Hun zoon was Pepijn van Herstal. Deze Pepijn van Herstal was weer de onwettige vader van Karel Martel. Martel nam de macht van de Merovingische koningen over en wordt gezien als stamvader van de Karolingers.

Karel Martel was vader van Pepijn de Korte. En deze de Korte was weer de vader van Karel de Grote.

Het leven van Gertrudis van Nijvel

In 628 trad ze in het klooster, welke haar moeder na het overlijden van Pepijn had gesticht. Haar moeder treedt ook in en wordt abdis. Wanneer zij overlijdt, volgt Gertrudis haar op 20-jarige leeftijd op. Een groot deel van haar leven bestond uit veel bidden en ze bracht dagen in vasten door. Ze leefde daarbij in armoede, alles wat ze kreeg, gaf ze weg. Ook stichtte ze vele kerken. Op een dag daalde, toen ze zat te bidden, een vlam vanuit de hemel neer naar boven haar hoofd en verlichtte de hele kerk. Verzwakt door het vele vasten, droeg ze de rol van abdis over op haar nicht Wilfetrudis. Daarna begon ze zich op haar dood voor te bereiden en bleef srteng vasten. Ze overleed in 659 op 32 of 33 jarige leeftijd. Niet lang daarna werd ze heilig verklaard. Vooral op het moment dat de Karolingers, haar familie, de macht hadden overgenomen van de Merovingers, begon haar cultus zich in in noord-west Europa te verspreiden.

Verering

Pas op het einde van de middeleeuwen werd Gertrudis een volksheilige. “De eerst tekenen daarvan werden zichtbaar in gebieden waar de bevolking traditioneel weinig ophad met vorsten en andere hogere heren. Vanaf de elfde-twaalfde eeuw stond zij in Friesland en later in Scandinavië bekend als patroon van reizigers en handelaren, in de Hanzesteden droegen koopmansgilden haar naam, net als de verpleeg- en opvanghuizen voor pelgrims en vreemdelingen die in navolging van de abdij in Nijvel in Noord-Duitse steden werden gesticht. Dergelijke huizen waren in Brabant en Limburg nauwelijks te vinden en reizigers zochten hier hun heil eerder bij Jacobus en Christophorus dan bij de heilige uit Nijvel.” (Trouw)

Zij is beschermheilige van ziekenhuizen. Bovendien is zij patrones van de armen en weduwen, van herbergiers, van pelgrims, reizigers en weggebruikers. Dat laatste heeft te maken met de legende dat een ridder ooit een pact met de duivel zou hebben gesloten: hij zal 7 jaar alles krijgen wat hij begeert. Daarna zal de duivel zijn ziel krijgen. Wanneer de 7 jaar bijna verstreken zijn, houdt de ridder een gastmaal voor zijn vrienden. Zijn knecht raadt hem daarbij aan om een beker wijn op Sint Gertrudis te drinken, wat hij dan ook doet. Daarna gaat de ridder naar de afgesproken plek, waar hij de duivel zal ontmoeten. Wanneer hij daar aankomt, vindt hij de duivel opgeknoopt: Gertrudis was hem voor. Gertrudis is tevens heilige van tuin- en veldvruchten. En ze is heilige tegen ratten- en muizenplagen: op 17 maart bevloeide men akkers en vloeren van stallen met water uit haar bronnen, samen met gewijd zand en aarde van de onder haar bescherming staande kerkhoven, om zo van muizen, ratten en ander ongedierte verschoond te blijven.

Familie-heilige of verering?

Hoewel ik geen expert ben, lijkt het logisch dat de voorgaande kerk (en daarmee de kapel) naar Gertrudis zijn vernoemd, omdat ze een familielid van de Karolingers was. Daarbij is het echter ook mogelijk dat de stichter van de kerk en/of kapel slechts aanspraak wilde maken op afstamming van Karel de Grote. Hoewel van een wat later tijdstip, laat Karel van Gelre zijn stamboom opmaken, waarbij hij afstammeling is van onder andere Karel de Grote. Maar het is ook mogelijk dat ze de kerk vernoemd is vanwege haar populariteit of een combinatie daarvan.

Belvedère

De Belvedère is gebouwd als verdedigingstoren. Vanaf 1646 kreeg het de functie van speelhuis voor de welgestelden van Nijmegen. Ondanks…

Bronnen

https://www.academia.edu/21293407/Karolingisch_Nijmegen_de_palts_en_zijn_omgeving_Jaarboek_Numaga_2014 (Pdf)

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Gertrudiskapel,_Gertrudis_ofwel_St.Geertruide

https://www.dbnl.org/tekst/goos020vana03_01/goos020vana03_01_0075.php

https://www.trouw.nl/nieuws/de-lente-begint-met-gertrudis~bacfddf4/

http://www.heiligen.net/heiligen/03/17/03-17-0659-geertruida.php

https://scholarlypublications.universiteitleiden.nl/access/item%3A2964574/view

https://nl.wikipedia.org/wiki/Karel_Martel

https://nl.wikipedia.org/wiki/Pepijn_de_Korte

https://nl.wikipedia.org/wiki/Gertrudis_van_Nijvel

 

Voetbrug Hunnerpark architect Weve, oktober 2023
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Voetbrug Hunnerpark: Een Historisch Rijksmonument uit 1883

1883 Kelfkensbos 60 Hunnerpark Centrum, Rijksmonument

Voetbrug Hunnerpark architect Weve, oktober 2023
Voetbrug Hunnerpark architect Weve. Op de voorgrond de ruïne van de Gertrudiskapel, oktober 2023

De voetbrug in het Hunnerpark verbindt het restant van de wallen met de Belvedère. Deze brug is ontworpen door stadsarchitect Weve en dateert uit 1883. Op 10 augustus van dat jaar besteedt de Commissie voor den uitleg der Stad “Bestek No. 28.  Het bouwen van een Steenen Brug, in den hoofdwal bij den Belvedère aan. (De Gelderlander 1/8/1883). H.W. van der Waarden was met f3567 de laagste inschrijving en verkrijgt daarop de aanbesteding. Op de onderstaande bestekening staat naast de naam H.W. van der Waarden tevens de namen T.(of P.) J. van der Waarden en J. Buskens. In ieder geval is de brug begin juni 1884 gereed (PGNC 8/6/1884).

Bestektekening voetbrug Hunnerpark, Weve, 1883, (KPU-189  RAN)
Bestektekening voetbrug Hunnerpark, Weve, 1883, (KPU-189 RAN)

De brug is vrijwel in oude staat. Alleen de kantelen op het einde van de brug zijn in de 20e eeuw gereconstrueerd.

Opvallend zijn de zitbankjes aan het begin van de brug. De brug loopt naar het midden iets op.

Voetbrug 1883 Hunnerpark
Aan beide zijden van de voetbrug staat het jaartal 1883
Bankje voetbrug Hunnerpark 202310
Bankje voetbrug Hunnerpark, oktober 2023

Rijksmonument

De voetbrug met de Belvedère, (Uitgever: A. Jager, Amsterdam via Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 20641586)
De voetbrug met de Belvedère, (Uitgever: A. Jager, Amsterdam via Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed 20641586)

De brug is een Rijksmonument. Als waardering:

“-Van architectuurhistorische waarde als goed en gaaf bewaard voorbeeld van een bakstenen voetgangersbrug uit het laatste kwart van de negentiende eeuw, die opvalt vanwege hoogwaardige esthetische kwaliteiten zoals de zorgvuldige detaillering in siermetselwerk en natuursteen. De brug sluit in hoofdvorm en stijl aan bij de door Weve zojuist gerestaureerde Belvedère en vormt een karakteristiek object in het door Lieven Roseels ontworpen stadspark.

-Van stedebouwkundige waarde als onderdeel van het Hunnerpark, waar het als verbinding tussen de walmuur en de Belvedère een belangrijke beeldbepalende en structurerende rol speelt.

-Van cultuurhistorische waarde als onderdeel van het Hunnerpark dat belangrijk is binnen de geschiedenis van de negentiende-eeuwse uitleg van de stad Nijmegen.”

Weve architect

Weve was een architect en ingenieur. Hij was stadsarchitect en directeur Gemeentewerken van Nijmegen. Hij ontwierp onder andere 17 scholen,…

Belvedère

De Belvedère is gebouwd als verdedigingstoren. Vanaf 1646 kreeg het de functie van speelhuis voor de welgestelden van Nijmegen. Ondanks…

Hogere Burgerschool architect Weve

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Bronnen

Monumententegister

Belvedère, oktober 2022
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Belvedère

Kelfkensbos 60 Centrum

Belvedère, oktober 2022
Belvedère, oktober 2022

De Belvedère is gebouwd als verdedigingstoren. Vanaf 1646 kreeg het de functie van speelhuis voor de welgestelden van Nijmegen. Ondanks de restauratie uit 1888 is het gebouw in een vrij authentieke staat. Vanaf de Belvedère heb je een mooi uitzicht op de Ooijpolder, de Waal en Waalbrug en Arnhem.

Verdedigingstoren

De Belvedère is oorspronkelijk gebouwd als een verdedigingstoren bij de aanleg van de nieuwe stadsmuur. In 1511 heette het de Hoendertoren De toren stond bij de Hunnerpoort was een van de belangrijkste poorten van de stad.

Uit deze tijd stammen tevens de grote kelders. Deze werden tot 1818 als kruitmagazijn gebruikt.

Bel vedere!

Het verhaal gaat dat de hertog van Parma de uitroep “Bel vedere” zou hebben gedaan, toen hij het uitzicht vanaf de toren zag. Bel vedere betekent namelijk in het italiaans “schoon zicht”. Of mogelijk was het een van zijn ingenieurs bij onderhoudswerkzaamheden. In ieder geval is deze naam blijven hangen.  De naam komt voor het eerst in de boeken voor als “Bel Viderr” in 1592. Het betreft het Rekenboek, waarin genoteerd staat dat een walmeester 2 dagen gewerkt had aan een schoft.

En het uitzicht is inderdaad prachtig: je kijkt de Ooijpolder in, ziet de Waal en Waalbrug en je kunt Arnhem zien liggen.

Speelhuis

Belvédère en de Hunnerpoort: Een gewassen pentekening van Lambert Doomer (1622-1700) van de Belvédère en de Hunnerpoort (Hoenderpoort) (1461-1466 en gesloopt in 1882), 1665
Belvédère en de Hunnerpoort: Een gewassen pentekening van Lambert Doomer (1622-1700) van de Belvédère en de Hunnerpoort (Hoenderpoort) (1461-1466 en gesloopt in 1882), 1665

In 1646 verloor de Belvédère haar militaire functie vanwege de toegenomen kansen op vrede met Spanje: de toren was dan niet meer nodig als verdedigingstoren. Daarop kwam het stadsbestuur op het idee om hier een attractief uitzichtpunt te maken. Het stadsbestuur besloot in juli 1646 om de burgerwacht op te heffen en op de toren een “camer off vertreck” te maken. In dezelfde maand werd besloten om het dak plat te maken en omringd met pilasters. In oktober kreeg het ontwerp haar definitieve vorm, door de trap zo hoog te maken als het plat van het dak en dit dak eveneens te omringen met pilasters, “om dies verder te kunnen uytsien”. Daarvoor was het wel nodig om een aantal bomen om te hakken, die het uitzicht belemmerden. Het ontwerp en uitvoering was afkomstig van de stadsbouwmeester Peter van Blokhout. De nieuwe toren werd gebouwd in renaissancestijl.

Stadswapen

Kopie wapen Belvedere 202310
De kopie van het stadswapen zoals tegenwoordig op de Belvedere te zien, oktober 2023

Daarbij werd boven de ingang het stadswapen aangebracht door de beeldhouwer van Groeningen. Bij de restauratie in 1887 werd dit wapen vervangen door een kopie. Het origineel ging naar het Gemeente Museum. In de toegang van de Gedeputeerdenplaats, aan de binnenkant, is tegenwoordig het bovenste gedeelte van het origineel gemetseld.

Het originele stadswapen van de Belvedere, nu in het Raadhuis (september 2024)
Het originele stadswapen van de Belvedere, nu in het Raadhuis (september 2024)

De Belvedère werd een “speelhuis” voor de Nijmeegse elite. In het restaurant een eiken schoorsteenmantel met zandstenen wangstukken, gedateerd 1626.

Overigens wordt in het Raadsbesluit van 13 augustus 1747 nog wel 2 schildwachten genoemd, 1 op de Belvedère en 1 bij het kruitmagazijn. De eerstgenoemde stond daarbij op het eerste terras van de toren.

Vrede van Nijmegen

Daarnaast werd de Belvedère gebruikt voor ontvangsten van hoog bezoek. Om de ambassadeurs die kwamen voor de Vrede van Nijmegen goed te kunnen ontvangen, werd de Belvedère opgeknapt. Daarbij was het mogelijk, om een raam te kopen, waar bovenaan met glas-in-lood hun wapen werd ingezet.

Restauratie

De Belvédère gezien vanuit het noordoosten na de sloop van de vestingwerken en aanleg van de voetbrug in 1883 en voor de de restauratie in 1888, 1883-1888 (	GN10092 RAN)
De Belvédère gezien vanuit het noordoosten na de sloop van de vestingwerken en aanleg van de voetbrug in 1883 en voor de de restauratie in 1888, 1883-1888 ( GN10092 RAN)

In 1887-1888 was restauratie van de toren nodig. De stadsarchitect Weve voerde deze uit. Daarbij liet hij onder andere de witte bepleistering verwijderen. En hij liet het bovengenoemde stadswapen vervangen. De replica’s zijn gemaakt door Henri Leeuw Sr. en Jr.. Uit dezelfde tijd stamt de voetbrug tussen de Belvedère en het restant van de wallen.

Waalbrug

Door de aanleg van de Waalbrug is de grond in de omgeving verhoogd. Daardoor torent de Belvedère wat minder hoog uit dan voorheen. Het heeft nog steeds een prachtig uitzicht op de Ooij en de overige omgeving. Daarnaast kijk je mooi op het bloemenwapen.

Oorlog

De Belvedère overleefde de oorlog. Ondanks de zware gevechten die in deze omgeving plaats vonden en het feit dat de Duitsers veel panden tijdens Market Garden, onder andere op het Kelfkensbos, in brand hebben gestoken.

Op een plateau bevindt zich het kanon.

Rijksmonument

De Belvedère is een rijksmonument.

“Aan de oostzijde van het Valkhof een waltoren uit het midden der 15e eeuw, in 1646 door de stadsbouwmeester Peter van Blokhout verhoogd tot “Speeltoren” en toen voorzien van tweelichtvensters met geblokte ontlastingsbogen, sierankers en een natuurstenen balustrade.

Kopieën van twee gevelstenen – waarvan de originelen in het Gemeentemuseum – de bovenste gedateerd 1646.”

Tegenwoordig

In het gebouw zit horeca. In het restaurant bevindt zich een eiken schoorsteenmantel met zandstenen wangstukken. Deze is als zijnde uit 1626 gedateerd.

Bronnen

Oud-Nijmegen: Kerken, kloosters, gasthuizen, stichtingen en openbare gebouwen, Van Schevichaven, 1909

https://www.noviomagus.nl/OudNijmegen/Stadswallen/Belvedere/Belvedere.htm

https://nl.wikipedia.org/wiki/Belv%C3%A9d%C3%A8re_(Nijmegen)

Ooypoort, 2023
#Nijmegen, Gebouw van de dag, Groen in Nijmegen, GroenInNijmegen

De Ooypoort

2013 brug de Ooypoort, tussen Waalkade en Stadswaard

Ooypoort, 2023
Ooypoort, maart 2023

De Ooypoort verbindt de Waalkade met de Stadswaard/Ooijpolder; de stad met de natuur. Het ontwerp is van Olaf Gipser uit 2013.

Met haar lengte van 56 meter was het in 2014 de grootste composietbrug ter wereld. De brug loopt over ’t Meertje. Het was een project van Olaf Gipser (architect), firma Meerdink Bruggen (hoofdaannemer) en Delft Infra Composities (constructief ontwerp en realisatie).

 De draagconstructie bestaat geheel uit glasvezelversterkt polyester. Het voordeel van composiet is dat het niet alleen weinig weegt, maar vooral ook dat het duurzaam en onderhoudsarm is. Daarnaast biedt het materiaal voor architecten veel mogelijkheden voor de vormgeving.

Brug tussen stad en natuur

De Ooypoort van onder de Waalbrug met zicht op de Stadswaard/Ooijpolder, maart 2023
De Ooypoort van onder de Waalbrug met zicht op de Stadswaard/Ooijpolder, maart 2023

De brug is gebouwd in opdracht van de gemeente Nijmegen in samenwerking met Staatsbosbeheer. De brug is mede door de Provincie Gelderland en Staatsbosbeheer gefinancierd. Meerdere keren wordt er gesproken over de letterlijke brug tussen stad en natuur. Ook is voorzien dat brug belangrijk gaat worden voor het dan nieuw te openen de Bastei, een natuur- en cultuurcentrum dat bij de Stratemakerstoren zal worden gehuisvest.

Uitzicht

Als je over de loopt, geniet dan op de top ook even van het uitzicht: achter je heb je de stad Nijmegen en de Waalbrug, voor je uitzicht op de Stadswaard/Ooypolder, links van je de Waal en rechts de woonboten.

Extra attractie: op het moment je er overheen loopt – en zeker wanneer er meerdere mensen lopen- veert de brug wat mee.

Bouw

In 2013 is de brug vanwege haar afmetingen in 3 segmenten gebouwd. Deze zijn toen samengevoegd en per boot naar Nijmegen vervoerd. Daar is het op 2 november 2013 op de reeds aanwezige fundatie gehesen. Daarna vond afwerking plaats (bijvoorbeeld het plaatsen van de leuningen).

Passeren van woonboten mogelijk

De brug is zo geplaatst, dat de woonboten in ’t Meertje verplaatst kunnen worden wanneer nodig: voor onderhoud, bij hoogwater of juist wanneer ’t Meertje droogvalt. De brug is zo ontworpen, dat hij bij hoogwater deels onder water kan komen te staan, wat ook regelmatig gebeurt. Bij extreem hoogwater kan, indien nodig, de brug zelfs worden opgehesen om de woonboten door te laten.

Natte voeten

Ooypoort met natte voeten januari 2018
Ooypoort met natte voeten, januari 2018

Twee weken later was het in november2013 al zover: hoogwater en de brug had natte voeten en kon de brug niet geopend worden. Op dat moment moest er bovendien nog een slijtlaag aangebracht worden. En deze kon alleen worden aangebracht als de brug droog was. Daarnaast werd de brug gestabiliseerd. Bij ingebruikname vonden sommige wandelaars de brug wat eng omdat deze bij de op- en afgang vrij steil is. Op 27 februari 2014 was het zover en werd de brug officieel geopend.

Ooijpoort vanaf Waalbrug (september 2024)
Ooijpoort vanaf Waalbrug (september 2024)

Bronnen

https://www.gwwtotaal.nl/2014/04/28/grootste-composiet-brug-ter-wereld/

https://olafgipser.com/exterior/ website Olaf Gipser

https://www.gld.nl/nieuws/2042668/nieuwe-wandelbrug-nijmegen-staat-onder-water, Alexander Liethof in Omroep Gld, 11 november 2013

https://www.nieuwsuitnijmegen.nl/Nieuws/185/Brug-Ooijpoort-heeft-natte-voeten.html

Ooypoort in het donker (september 2024)
Ooypoort in het donker (september 2024)
De Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) met links de Stieltjesstraat, 1900 (F19580 RAN) architect Weve
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Hogere Burgerschool architect Weve

1899, Kronenburgersingel 53, gesloopt

De Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) met links de Stieltjesstraat, 1900 (F19580 RAN) architect Weve
De Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) met links de Stieltjesstraat, 1900 (F19580 RAN)

De Hogere Burgerschool is in 1899 ontworpen door de stadsarchitect Weve. Het pand is gesloopt en vervangen door appartementen.

Vooraf:

1863: een nieuw schooltype

Het schooltype van de Hogere Burgerschool werd in 1863 ingevoerd bij de eerste wet voor middelbaar onderwijs onder de regering Thorbecke. In de huidige vorm is het vergelijkbaar met havo/atheneum. Deze opleiding kwam naast het gymnasium, dat reeds bestond. In de zesde klas van de lagere school moesten leerlingen een toelatingsexamen doen, om toegelaten te worden tot hbs, gymnasium of lyceum.

De hbs was bedoeld voor degenen, die geen wetenschappelijke opleiding wilden volgen, maar wel een brede algemene ontwikkeling en maatschappelijk nuttige kennis wilden opdoen. Zodat ze voorbereid werden op “hogere” functies binnen handel en industrie. De vakken bestonden uit boekhouden, handelskennis, moderne talen, alsmede wis-, natuur- en scheikunde (zoals Huis van de Nijmeegse Geschiedenis aangeeft: feitelijk een “B-pakket”). De hbs was aanvankelijk alleen bestemd voor jongens. Vanaf 1871 mochten meisjes worden toegelaten, maar zij hadden vooraf wel toestemming van de minister nodig. Aanvankelijk duurde de opleiding 3 jaar (bij een aantal bijzonder scholen bij uitzondering 5 jaar).

1865: besluit HBS in Nijmegen

Het voormalige nonnenklooster "Bethlehem", sinds 4 september 1865 in gebruik als de Hogere Burgerschool (HBS); de versierde ingang t.g.v. het 25 - jarig jubileum van directeur de Hartog, mei 1890 (F27437 RAN)
Het voormalige nonnenklooster “Bethlehem”, sinds 4 september 1865 in gebruik als de Hogere Burgerschool (HBS); de versierde ingang t.g.v. het 25 – jarig jubileum van directeur de Hartog, mei 1890 (F27437 RAN)

Daarop besloot de Gemeenteraad op 17 februari 1865 tot verordening voor de middelbare scholen te Nijmegen. Daarbij kwamen er een hogere burgerschool (hbs) met een driejarige cursus en een burgeravondschool. Ze waren beide werden gevestigd in Huize Bethlehem, een voormalig klooster en weeshuis op de Hessenberg.

Groei aantal leerlingen en slechte huisvesting

De Burgeravondschool had in 1881 26 leerlingen en 10 leraren, terwijl de hbs 58 leerlingen en 14 leraren had. Vanaf 1867 duurde de hbs 5 in plaats van 3 jaar. Zoals wikipedia over de landelijke trend aangeeft: “Anders dan verwacht werd vooral de vijfjarige hbs een succes, de driejarige hbs werd grotendeels verdrongen door de mulo, waar in vier jaar dezelfde stof onderwezen werd. Bovendien gaf het overgangsbewijs naar de vierde klas van de vijfjarige hbs dezelfde rechten als het eindexamen driejarige.”

Vooral tussen 1880 en 1895 groeide de hbs sterk. In 1900 zou de school 190 leerlingen tellen. De gemeenteraad besloot vanwege deze grote toename en de slechte huisvesting in 1896 tot nieuwbouw van de Gemeentelijke Hogere Burgerschool.

De Hogere Burgerschool van architect Weve

Toegangspoort van de Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) (architect Ir. Jan Jacob Weve (1898), 1975 (Evert F. van der Grinten via F78594 RAN CCBYSA)
Toegangspoort van de Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) , 1975 (Evert F. van der Grinten via F78594 RAN CCBYSA)

In 1899 opent de nieuwe Hoogere Burgerschool op de Kronenburgersingel. De Gelderlander schrijft daarover:

“Het monumentale gebouw der nieuwe hoogere burgerschool, dat zich als een wezenlijk sieraad onzer gemeente aan den Kronenburgersingel verheft, zal nu eerlang in gebruik worden genomen. A.s. Vrijdag zal het worden bezichtigd door burgemeester en wethouders, alsmede de leden van de gemeenteraad, terwijl het Zaterdag en Zondag daarop ter bezichtiging zal worden opengesteld voor  ouders, voogden en verzorgers van leerlingen zoowel van de burgerschool als van de burgeravondschool.

Maandag worden in het gebouw reeds examens afgenomen en Dinsdag worden de leerlingen verwacht, wien er hun plaatsen moeten aangewezen worden.

Het zal voor hen een kolossale verandering en verbetering zijn, in aanmerking genomen de gebrekkige localiteit, waarmee men zich in het thans verlaten gebouw heeft moeten behelpen. Hier overal ruime, lichte lokalen, breede gangen; overal openen de hooge vensters op frisch geboomte en blauwe lucht, terwijl geen stadsgewoel de voor het onderwijs gevorderde stilte stoort.

Het trotsche gebouw, waarvan wij eerlang een in bijzonderheden afdalende beschrijving hopen te geven, mag in zijn soort een model-inrichting genoemd worden, zooals er maar weinige in het land worden aangetroffen. Het verwondert ons dan ook niet, dat, toen onlangs de groote bouwmeester Cuypers onze stad bezocht, hij onzen stads-architect zijn bijzondere voldoening betuigde over deze zijn jongste schepping. De heer Weve toch is niet alleen een bouwmeester die fraaie lijnen en sierlijke vormen zoekt: vóór alles is het hem om de practische doelmatigheid te doen; hij behoort tot de rationeele school, die van het beginsel uitgaat dat het vormen- en lijnenschoon in hoofdzaak niets anders behoort te zijn dan geidealiseerde doelmatigheid.”  (De Gelderlander 27/8/1899)

Vervolg

De Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) op de hoek met de Stieltjesstraat, 1907 (F19576 RAN)
De Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) op de hoek met de Stieltjesstraat, 1907 (F19576 RAN)

Vanaf 1906 was de toelating vrij: ook meisjes mochten zonder dat ze vooraf van de minister nodig hadden naar de hbs. In 1917 kreeg de hbs de erkenning dat het als voorbereiding mocht dienen als toelating voor de universiteit.

HBS-B

In 1924 werd de hbs in de landelijke regelgeving hernoemd tot hbs-b. Daarnaast kwam een nieuw type hbs, de hbs-a welke een opvolger was van de Handelsschool. Op de hbs-a lag de nadruk op economische vakken en moderne talen. De splitsing tussen a en b vond daarbij plaats vanaf het 4e studiejaar. In Nijmegen kwam in 1937 een hbs-a, ter vervanging van de Middelbare en Hogere Handelsschool.

Vervolg

Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) (anno 1897/1899), links de Stieltjesstraat, 1970-1975 (Evert F. van der Grinten via F79159 RAN CCBYSA)
Gemeentelijke Hogere Burgerschool (HBS) (anno 1897/1899), links de Stieltjesstraat, 1970-1975 (Evert F. van der Grinten via F79159 RAN CCBYSA)

Vanaf 1906 was de toelating vrij: ook meisjes mochten zonder dat ze vooraf van de minister nodig hadden naar de hbs. In 1917 kreeg de hbs de erkenning dat het als voorbereiding mocht dienen als toelating voor de universiteit.

In 1924 werd de hbs in de landelijke regelgeving hernoemd tot hbs-b. Daarnaast kwam een nieuw type hbs, de hbs-a welke een opvolger was van de Handelsschool. Op de hbs-a lag de nadruk op economische vakken en moderne talen. De splitsing tussen a en b vond daarbij plaats vanaf het 4e studiejaar. In Nijmegen kwam in 1937 een hbs-a, ter vervanging van de Middelbare en Hogere Handelsschool.

De hbs-b zou tot 1968 -toen dit schooltype in de Wet op het Voortgezet Onderwijs (de Mammoetwet) werd vervangen door havo en atheneum- in dit gebouw blijven; de laatste leerlingen slaagden in in 1972. In 1968 wordt de school onderdeel van de Stedelijke Scholengemeenschap Nijmegen (SSgN), afdeling atheneum. In 1980 vertrekt de school, samen met alle 5 locaties van de SSgN, naar 1 locatie naar de nieuwbouw in de Lamastraat. De verlaten school wordt gekraakt, waarop het vervolgens afbrandde. Vervolgens is het gesloopt en vervangen door de huidige appartementen.

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.ssgn.nl/Onze-school: de eigen site van de school. Hier staan tevens 4 leuke magazines, uitgegeven ter gelegenheid van het 150-jarig bestaan van de school

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Gemeentelijke_Hogere_Burger_School_(HBS)_Nijmegen

https://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Gemeentelijke_Hogere_Burgerschool-B

https://nl.wikipedia.org/wiki/Hogereburgerschool

https://www.ssgn.nl/Portals/697/docs/Onze%20school/ssgn%20mag%201.pdf?ver=2020-02-04-095554-310

Weve architect

Weve was een architect en ingenieur. Hij was stadsarchitect en directeur Gemeentewerken van Nijmegen. Hij ontwierp onder andere 17 scholen,…

Stedelijk Gymnasium Architect Weve

In 1880 ontwerpt architect Weve het Stedelijk Gymnasium aan de Kronenburgersingel, welke in 1881 gereed komt. Het gymnasium zal hier…

Winkelhuis Scheerder architect Weve

Architect Weve ontwierp het magazijn van Parfumeri:en en de nieuw ingerichte Salon de coiffure voor de heer Scheerder op de…

Arkeltorentje Kronenburgerpark, september 2023
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Arkeltorentje in Kronenburgerpark

Arkeltorentje, ook wel erkertorentje genoemd, Kronenburgerpark, september 2023
Erkeltorentje, ook wel arkel genoemd, Kronenburgerpark, september 2023

Tussen de Kruittoren en de Roomse Voet bevindt zich in het Kronenburgerpark een zogenaamd arkeltorentje, ook wel een erkertorentje genoemd. In de 15e eeuw komt dit torentje voor als “Uitvalstorentje van Arndt Viegen” (Open Monumentendag 2020).

Het kenmerkende aan dergelijke torens is dat zij niet vanaf de grond begint, maar hogerop vanuit de muur begint. Meestal is de toren overkapt met een spits.

Een deel van de stadsmuur met Kruittoren en het Arkeltorentje met op de achtergrond de rivier de Waal zichtbaar, 1870-1875 (GN2137a RAN)
Een deel van de stadsmuur met Kruittoren en het Arkeltorentje met op de achtergrond de rivier de Waal zichtbaar, 1870-1875 (GN2137a RAN)

Een erkertorentje wordt gebruikt als uitkijkpunt, omdat men vanaf hier vrij zicht had. De toren diende als bescherming van de schildwacht.

Twee consoles van natuursteen ondersteunen het arkeltorentje. Hierop staat een opschrift, welke nauwelijks meer leesbaar is.

Het arkeltorentje voor restauratie, gedateerd 24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via 	F38546 RAN)
Het arkeltorentje voor restauratie, gedateerd 24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via F38546 RAN)

Kronenburgerpark

Het Kronenburgerpark is vooral mooi vanwege een van de weinige restanten van de vestingmuur die heel Nijmegen ooit omsloot. Vooral…

Kruittoren of Kronenburgertoren

Toen Nijmegen haar vestingstatus verloor, was het blij dat ze nu eindelijk lucht kon krijgen door haar vestingwerken te slopen.…

Roomse Voet in Kronenburgerpark

Het rondeel de Roomse Voet is een verdedigingswerk dat samen met de muur en twee andere torens een van de…

Bronnen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Erkertoren

https://www.joostdevree.nl/shtmls/arkel.shtml

https://www.noviomagus.nl/Vrij/Arkeltoren/ArkeltorenCat.html

Roomse Voet in Kronenburgerpark, maart 2021
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Roomse Voet in Kronenburgerpark

1526-1527 Kronenburgerpark (Parkweg 65) Centrum, Rijksmonument

Roomse Voet in Kronenburgerpark, maart 2021
Roomse Voet in Kronenburgerpark, maart 2021

Het rondeel de Roomse Voet is een verdedigingswerk dat samen met de muur en twee andere torens een van de weinige overblijfselen is van de stadsmuur van Nijmegen. Het is onderdeel van het Kronenburgerpark. Tegenwoordig is de toren bij gelegenheid opengesteld.

Rondeel de Roomse Voet

De Roomse Voet (of Roomsche Voet) is een rondeel dat gebouwd is in 1526-1527. In 1525 had het stadsbestuur besloten tot versterking van de omwalling. Waar voorheen de Kruittoren een knik maakte, wordt dan de huidige muur gebouwd inclusief de Roomse Voet en de Jacobstoren.

Net als de Jacobstoren heeft het twee ruimtes met koepelgewelven. De bovenste daarvan is via een lange smalle gang te bereiken. De ingangspartij aan de Parkweg is rond 1880 gebouwd. Uiteindelijk is de Roomse Voet nooit gebruikt als verdediging tegen vijandelijke belegeringen.

Wat is een rondeel?

Rondelen zijn halfronde, naar buiten uitstulpende torens in een vestingmuur. Hierop kunnen kanonnen of ander zwaar geschut worden geplaatst voor flankerend vuur: om de vijand vanaf de zijkant te kunnen bestoken op het moment dat ze de stadsmuur aanviel. De muren van een rondeel zijn vaak enige meters dik om het geschut te kunnen dragen. Daarnaast bevat het rondeel een aantal schietgaten.

De Roomse Voet is een stuk lager dan de Kruittoren: de laatste is gebouwd in de tijd van katapulten en (kruis) bogen. Daarbij gold: hoe hoger de muren en torens, hoe moeilijker de stad was in te nemen. Met de komst van buskruit en kanonnen veranderde dit. Hoge torens waren zelfs kwetsbaar voor een kanon: op het moment dat de vijand op een hoge toren zou schieten, leverde het vallende puin gevaar op voor de verdedigers. Daarom is het rondeel even hoog als de stadsmuur gebouwd.

Naam de Roomse Voet

De naam Roomsche Voet komt voor het eerst voor in archiefstukken uit 1384.

De eerste, oude stadsmuur volgde ongeveer het traject van de huidige Nieuwe Markt-Parkweg-Doddendaal-Plein 1944-Koningstraat-Mariënburg-Mariënburgsestraat-Hoogstraat-Voerweg. Ten zuiden van de Doddendaal en ten westen van de Bloemerstraat lag daarbij een landbouwgebied, dat de “Ruemsche Vuet” heet. Dit gebied besloeg tevens het zuidelijk deel van het huidige Kronenburgerpark.

Aan de noordwestzijde werd dit gebied begrensd door een weg die in een rechte lijn ongeveer vanaf de hoek Pijkestraat-Parkweg naar de huidige Floraweg liep. De Floraweg was samen met de Oude Graafseweg onderdeel van een Romeinse weg naar Wijchen. Een bron uit 1563 noemt de weg tussen Pijkestraat en Floraweg “Roemsche strate”. (“Herkomst naam Roomsche Voet (bron: De Stedeatlas Nijmegen, in 1954 geschreven door de Kleefse gemeentearchivaris Friedrich Gorissen zoals overgenomen uit Straatnamenregister van Rob Essers)

Mogelijk verwijst het “Rooms” inderdaad naar de Romeinse tijd. Daar is echter geen uitsluitsel over. Zie verder hieronder in de Bijlage.

Binnenin de Roomse Voet (Monumentendag 14-9-2024)
Binnenin de Roomse Voet (Monumentendag 14-9-2024)
Binnenin de Roomse Voet (Monumentendag 14-9-2024)
Binnenin de Roomse Voet (Monumentendag 14-9-2024)
Binnenin de Roomse Voet (Monumentendag 14-9-2024)
Binnenin de Roomse Voet (Monumentendag 14-9-2024)

Aanleg Park

Het park is gereed: de Kruittoren met de Roomse Voet en op de achtergrond de S. Jacobsmolen ook Polmolen Sans Souci genoemd, gedateerd 1885 (F56822 RAN)
Het park is gereed: de Kruittoren met de Roomse Voet en op de achtergrond de S. Jacobsmolen, ook Polmolen “Sans Souci” genoemd, gedateerd 1885 (F56822 RAN)

Door de komst van steeds zwaardere kanonnen was in de 19e eeuw het idee van een vestingstad steeds meer achterhaald. In de Vestingwet van 1874 kreeg Nijmegen dan -eindelijk- ook toestemming om haar wallen te slechten. Het was vooral de architect Cuypers, die door het Rijk was aangesteld als rijksadviseur voor monumenten die de muur wilde behouden. De muur en de torens zouden daarbij decoratieve elementen in het aan te leggen stadspark worden. In de jaren 80 van die eeuw vond restauratie van de muur en torens plaats.

De drie torens bleven behouden; hoewel er plannen waren om de Jacobstoren wel te slopen. Om het verticale “gotische” element te versterken werd de stadsmuur wel verlaagd, maar de Roomse Voet en de Jacobstoren niet.

Het Roomse Voet met klimop, gedateerd 1900 (J.H. Schaefer via F56893 RAN)
Met de klimop is de Roomse Voet helemaal romantisch, gedateerd 1900 (J.H. Schaefer via F56893 RAN)

Gebruikers

Het Rondeel 'Roomse Voet' uit 1527, samen met de Kronenburgertoren uit 1425, in de volksmond beter bekend als Kruittoren, en de Sint Jacobstoren (Zandtoren), onderdeel van de oude stadsomwalling in het Kronenburgerpark, voor de restauratie van 1971/1972,
Datering 	24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via RAN CC0)
Het Rondeel ‘Roomse Voet’ uit 1527, samen met de Kronenburgertoren uit 1425, in de volksmond beter bekend als Kruittoren, en de Sint Jacobstoren (Zandtoren), onderdeel van de oude stadsomwalling in het Kronenburgerpark, voor de restauratie van 1971/1972, Datering 24/3/1966 (Gemeentepolitie Nijmegen via RAN CC0)

Doordat het gebouw donker en vochtig was, is het rondeel nauwelijks geschikt voor andere doeleinden als bijvoorbeeld opslag. Eind twintigste eeuw was de toren een tijdlang in gebruik als paddenstoelenkwekerij/paddenstoelenmuseum. Daarbij stond de toren ook bekend als Paddestoelentoren.

Daarna voert de gemeente een aantal ingrepen uit. Hierna was de binnenruimte geschikt om kleinschalige, incidentele activiteiten. De toenmalige beheerder maakte echter weinig gebruik van deze mogelijkheid. In 2013 tekenen 6 organisaties met de gemeente een overeenkomst dat zij het beheer van de toren gaan overnemen. Dit zijn: Stichting Vrienden Kronenburgerpark, museum De Stratemakerstoren, Stichting Gebroeders van Limburg, het Gilde Nijmegen, Stichting Nijmeegse Torendag en tot slot de Bewonerscommissie Parkweg wijkcomité. Het is de bedoeling om vaker kleinschalige activiteiten te houden die niet op winst zijn gebaseerd.

Ik (RE) weet niet of deze organisaties nog steeds het beheer vormen. Bij gelegenheid is de toren opengesteld voor publiek.

Rijksmonument

De Roomse Voet is sinds 1973 samen met de Jacobstoren en de Torende muur vanaf de Kruittoren onderdeel van het Rijksmonument het “Grote Bolwerk”.

Bijlage Rooms: Romeins of Rijks?

Hoewel Delahaye bekend staat als controversieel in de manier waarop hij plaatsnamen gebruikt, lijkt hij in zijn artikel van 1954 toch een aantal punten te hebben. Allereerst: hoe zou men in 1384 nog de historie kennen of in ieder geval het van belang vinden dat de Romeinen hier geweest waren, dusdanig dat er een weg/gebied naar genoemd is. Hoe zou men de eventuele vondsten op dat moment kunnen relateren aan de Romeinen?

Hijzelf opteert voor de verwijzing naar het Duitse Keizerrijk/Heilige Roomse Rijk. Als bewijs voert hij Smetius aan, die wijst op 2 stenen met inscripties, afkomstig van de Hezelpoort. Hierop staat:

  • Hic Pes Imperii : Hier is de voet des Rijks
  • Huc Usque Jus Stauriae : Tot hiertoe strekt zich het Staur- of Stuyrrecht uit

Het eerste opschrift kan bedoeld om aan te geven dat Nijmegen de voet van het Rijk is, de uiterste grenspaal van ’t Duitse Rijk, dat tegelijkertijd het Heilige Roomse Rijk was.

(Het Staur- of Stuyrrecht is mogelijk bedoeld om aan te geven dat Frankische koningen of Duitse keizers hier belastingrechten hadden. Steuer betekent schatting, belasting of hoofdgeld. Het “Kwade Exempel van Gelre” leest het als Huc usque ius stavriae, “tot hiertoe geldt het Stadsrecht”.)

Zoals Delahaye aangeeft, is het ook mogelijk dat de steen geplaatst is nadat de Roomsche Voet als naam al ingeburgerd was.

Delahaye gaat daarbij nog een stap verder door te suggereren dat oorspronkelijk op de steen de maateenheid van een Rijksvoet heeft gestaan. (De Gelderlander 16/4/1954 https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?nav_id=3-1&index=0&imgid=406666388&id=383477664)

Kronenburgerpark

Het Kronenburgerpark is vooral mooi vanwege een van de weinige restanten van de vestingmuur die heel Nijmegen ooit omsloot. Vooral…

Kruittoren of Kronenburgertoren

Toen Nijmegen haar vestingstatus verloor, was het blij dat ze nu eindelijk lucht kon krijgen door haar vestingwerken te slopen.…

Bronnen

Monumentenregister

https://openmonumentendagnijmegen.nl/roomsche-voet/

Parkweg 5 en 65: ommuring en waltorens in het Kronenburgerpark, Noviomagus 

Nijmegen herovert verdedigingstoren, Henk Baron, 10-1-2013

Kronenburgerpark, Wikipedia

Rondeel (vesting), Wikipedia

Straatnamengids, Rob Essers

Roomsche Voet uit handen gemeente Nijmegen, Marco Loef in De Gelderlander, 9 januari 2013

Toren Kronenburgerpark weer vaker open, Rob Jaspers 06-01-13 De Gelderlander

Nijmegen herovert verdedigingstoren, Rik Jaspers in Mariken magazine, maart 2013

Het kwade exempel Gelre: De stad Nijmegen, de Beeldenstorm en de Raad van Beroerten, 1566-1568, Martinus Johannes Maria Hageman

Rijksstraatweg 72 Ubbergen: villa Margot, juli 2015 (Google Streetview) architect Oscar Leeuw
#Nijmegen, Beek, Gebouw van de dag, Ubbergen

Villa Margot architect P.G. Buskens

1900-1901 Rijksstraatweg 72, gemeentelijk monument

Rijksstraatweg 72 Ubbergen: villa Margot, juli 2015 (Google Streetview) architect Oscar Leeuw
Rijksstraatweg 72: villa Margot, juli 2015 (Google Streetview) architect Oscar Leeuw

In 1900 liet G.T. van Boldrik het door hem gekochte gebouw verbouwen. Hoewel veel bronnen (nog steeds) Oscar Leeuw als architect noemen, is het ontwerp mogelijk afkomstig van P.G. Buskens. Van Boldrik vernoemde de villa naar zijn vrouw: Villa Margot.

In 1900 kocht de gemeentesecretaris G.T. van Boldrik dit gebouw, oorspronkelijk een boerderij. Het gebouw bestaat sinds het midden van de 19e eeuw. In 1860 heeft het de naam “De Luts”. Nieuwe eigenaren hernoemen het gebouw in 1894 naar “Persingzicht”.

Van Boldrik laat het huis vergroten en de voorgevel vernieuwen, welke in 1901 gereed kwam. De bouwstijl van deze voorgevel is de Nieuwe Kunst (oftewel Art Nouveau/Jugendstil).

Architect Buskens

Veel bronnen noemden in het verleden Oscar Leeuw als architect van Villa Margot. In het artikel “Was Oscar Leeuw wel de architect van
Villa Margot in Beek?
” verklaart Willem Ruyters in Numaga waarom niet Oscar Leeuw, maar P.G. Buskens de architect van Villa Margot is. Bij het verschijnen van “Wonen aan de Straatweg, deel II: Van Sprauwenheuvel tot Beeklust.” (november 2025) uitgegeven door het Stichting Margot van Boldrikfonds blijkt dit boek ook P.G. Buskens aan te wijzen als architect.

Wanneer op 5-6-1901 de aanbesteding plaats zal vinden van “Het uitgraven, ophoogen, in profiel brengen en aanleggen van wegen, op een terrein, gelegen aan den straatweg Nijmegen-Beek, gem. Ubbergen” namens de “Maatschappij tot exploitatie van Bouwterreinen te Beek”, is architect P.G. Buskens, Scheidenmakersgas 54, de architect  (PGNC 26/5/1901)

Daarnaast toont Ruyters met een aantal andere argumenten, waaronder een vergelijk van het werk van de architecten Buskens en Leeuw ten opzichte van het ontwerp van Villa Margot aan, waarom Buskens de waarschijnlijke architect is.

Beschrijving Villa Margot

Het pand ligt tegen de stuwwal aan. De woning kreeg een asymmetrische voorgevel. Opvallend is daarbij het raam in de vorm van een rondboogvenster.

De makelaar, in de vorm van een passer? (met winkelhaak?), juli 2015 (Google Streetview)
De makelaar, in de vorm van een passer? (met winkelhaak?), juli 2015 (Google Streetview)

Boven dit venster is een opvallende gevelmakelaar (de bekroning van de geveltop), welke mij (RE) doet denken aan een passer.

Het balkon is van geornamenteerd hout. Wat in ieder geval de tegenwoordige tijd opvalt, is de hemelsblauwe kleur van de vensters. Ik (RE) weet niet of dit de oorspronkelijke kleur is.

De naam “Villa Margot” is aangebracht op een gepleisterd vlak. De villa is vernoemd naar de voornaam van mevrouw van Boldrik. Aan beide kanten staat een gestileerde klaproos. De voordeur in de lage aanbouw heeft een glas-in-lood venster.

Van Boldrik

Gerhardus Theodorus van Boldrik (14-4-1866 Leuth – 27-4-1942 Beek) was Gemeente secretaris en ontvanger van de gemeente Ubbergen. Zijn vrouw was Margot Elisabeth Hanenberg.

Hij was op 1 januari 1887 benoemd tot ambtenaar der gemeentesecretaris. Twee jaar later volgde de benoeming tot gemeentesecretaris. Dit beroep voerde hij meer dan 30 jaar, tot 1 juli 1922, uit. In het artikel naar aanleiding van zijn overlijden wordt genoemd dat hij in het bijzonder in de moeilijke tijd van 1914 tot 1919 belangrijk is geweest. Hij heeft ervoor gezorgd, dat het kerkje van Persingen voor de gemeente behouden bleef. (PGNC 30/3/1942)

Dochter Margot van Boldrik

In 1907 krijgt van Boldrik een dochter, die hij ook Margot noemt: Margot Johanna Theodora van Boldrik (1907-2008). Zij werd lerares in Kekerdom, Nijmegen en Roermond. Maar zij is vooral bekend vanwege haar liefde voor geschiedenis. Zij schreef boeken en verzamelde boeken en gegevens over de geschiedenis van de gemeente Ubbergen. Deze boeken vormden collectie van de in 1982 opgerichte Stichting Margot van Boldrikfonds. Zie tevens site van dit fonds.

Bewoner S.C. van Hattum

Vanaf het adresboek 1907 tot in ieder geval 1928 komt de familie van Hattum voor op het adres van Villa Margot.

In het Adresboek 1907 komt Villa Margot als: “S.C. v. Hattum “gep. Kap. O.I.L. en kap bij de Landweer, Beek beeksche straatweg villa margot”.

In 1908, 1909, 1910-1911 is het adres Beek beeksche straatweg 19 villa “Margot”.

Vanaf 1912-1213 is hij “reserve-kap” bij de Landweerinfanterie (naast gep. Kap. O.I.L.).

En in de Adresboeken 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916, 1916, 1918 tevens lid van het college van zetters.

In het Adresboek van 1922 en 1926 komt hij niet meer voor als reservekapitein. Wél is hij dan tevens “administrateur”.  Het adres van villa “Margot” is dan Beek, Straatweg 20.

In de Adresboeken van 1932, 1934 komt hij alleen nog voor als gep. Kap. O.I leger en administrateur. Het adres van villa Margot is dan Straatweg 26.

Waarschijnlijk overlijdt hij in deze jaren: in 1936 komt de Weduwe S.C. van Hattum voor op Beek B 26. De andere bewoner van Villa Margot is dan H.C.M.L. van Beek. In 1938 komt alleen deze H.C.M.L. voor.

Bronnen

Fietsroute Oscar Leeuw Open Monumentendag

Bidprentje https://bidprentjesarchief.nl/?pagina=nba-show-form&id=54218

https://www.bergendal.nl/overzicht-monumenten-beek

Verder lezen

Rechts het pand van de Damesmodezaak van Banens en Beermann, daarachter de Schouwburg die gevestigd was aan de Oude Stadsgracht, waar tevens de hoofdingang was, datering 1905-1920 (GN16311 RAN) architect Oscar Leeuw
#Nijmegen, Burchtstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Oscar Leeuw: Architect van Damesmodezaak Banens en Beermann

1900 Lange Burchtstraat Centrum, verloren gegaan WOII

Rechts het pand van de Damesmodezaak van Banens en Beermann, daarachter de Schouwburg die gevestigd was aan de Oude Stadsgracht, waar tevens de hoofdingang was, datering 1905-1920 (GN16311 RAN) architect Oscar Leeuw
Rechts het pand van de Damesmodezaak van Banens en Beermann, daarachter de Schouwburg die gevestigd was aan de Oude Stadsgracht, waar tevens de hoofdingang was, datering 1905-1920 (GN16311 RAN)

In september 1900 opende de Damesmodezaak van Banens en Beermann op de hoek van de Lange Burchtstraat en Oude Stadsgracht. De architect was Oscar Leeuw. In 1935 vestigt zich de manufacturenzaak van Duives in het pand. Het gebouw ging tijdens de bevrijding in 1944 in vlammen op.

Het PGNC schrijft over de opening:

“Onze Lange Burchtstraat begint zachtjes aan een werkelijk grootsteedsche karakter te krijgen. Men vindt daar tegenwoordige magazijnen, die de grootste stad niet ontsieren zouden. Als zoodanig mag zeker gelden het nieuwe winkelhuis, naar de plannen van onzen werkzamen en verdienstelijken bouwmeester den heer Oscar Leeuw door den aannemer H.W. Thunnissen opgetrokken op den hoek tegenover den Schouwburg.

Reeds lang zal den voorbijgangers dit smaakvol en doelmatig winkelhuis zijn opgevallen, doch van avond eerst zal het tot zijn volle recht komen als het in schitterende verlichting van al de vitrines met rijke étalages prijkt.

Gelijk bij advertentie in ons blad is aangekondigd, wordt daar namelijk hedenavond door de firma Banens & Beermann een zaak in japonstoffen en confectie geopend.

Hedenmiddag hadden wij het voorrecht een kijkje te nemen in de welvoorziene winkellokalen en mochten er een rijke keuze bewonderen van nieuwigheden op het uitgestrekte gebied der dames-confectie.

Onze lezeressen zullen van ons niet vergen dat wij een tot in bijzonderheden afdalende beschrijving zullen geven van hetgeen wij in dit bonheur de dames gezien hebben aan costumes, mantels, peignoirs, blouses enz. enz. Liever sporen wij haar aan, daar zelf eens een kijkje te nemen. Trouwens hedenavond zullen de rijkverlichte vitrines, twee verdiepingen hoog, door den bloemist Meuleman met weelderigen bloementooi gesierd, van zelf algemeen de aandacht trekken.” (De Gelderlander 26/9/1900)

Advertentie Banens & Beermann in De Gelderlander 20/1/1901
Advertentie Banens & Beermann in De Gelderlander 20/1/1901

De winkel zou 34 jaar bestaan: op 30 juli 1934 verleent de Rechtbank aan Josephus Johannes Mathhias Banens, koopman en aldaar handelende onder de firma Banens & Beermann surséance van betaling. (De Gelderlander 10-8-1934)

Verhuizing

Afgaande op het krantenartikel van april 1935 maakt Banens een doorstart:

Maison Banens

Men moet bewondering hebben voor onze zakenlieden.

Wie onzen wakkeren middenstanders ondernemingslust ontzegt, kent ze niet voldoende.

Hun toewijding en zorgen verdienen lof en daadwerkelijke belangstelling.

Zoo is het geruimen tijd eenzaam en stil geweest in het kapitale pand aan de Lange Burchtstraat No. 42 hoek Oude Stadsgracht, vlak tegenover de thans in afbraak liggenden Stadsschouwburg.

De firma Banens heeft thans in dit mooie pand een geheel vernieuwde zaak geopend- een magazijn dat zich aangepast heeft aan de eischen van onzen tijd.

De heer Banens, deskundig zakenman, opent morgen Maison Banens op geheel nieuwe grondslag- maar toch een magazijn dat vooral ook het betere genre wil brengen tegen die prijzen, welke in onzen tijd betaald kunnen worden.

Maison Banens voert een uitgebreide sorteering dames-confectie, uitsluitend nieuwe modellen, in de bekende betere kwaliteiten en betere coupe tegen voordeelige prijzen.

De heele zaak is economisch efficienter ingericht en ziet er toch zeer aanlokkelijk uit.

Beneden is de geheele winkel, met zijn aantrekkelijke showroom, in lichte blanke tinten gehouden en maakt een prettigen indruk.

De dames-cliënten kunnen hier een goede keuze vinden, bovendien op de eerste verdieping nog een gezellige, goed verlichte winkelruimte voor de mantels, costuums, enz.

De heer Banens zijn deskundig personeel, staan borg voor een uitstekende bedieining.

Dames worden zonder eenige verplichting tot een bezoek uitgenoodigd.

Het pand naast Maison Banens, welk pand een grondige verbouwing ondergaat, zal binnenkort door een andere firma betrokken worden.” (De Gelderlander 24/5/1935)

Manufacturenzaak Duives

Rechts het pand van Duives Tricotages op de hoek met de Lange Burchtstraat, gezien vanuit het Valkhofplein, foto gedateerd 1939 (ir. J.G. Deur via F31661 RAN CC-BY-SA)
Rechts het pand van Duives Tricotages op de hoek met de Lange Burchtstraat, gezien vanuit het Valkhofplein, foto gedateerd 1939 (ir. J.G. Deur via F31661 RAN CC-BY-SA)

In 1935 opende Duives zijn manufacturenzaak in dit pand. Het gebouw ging tijdens de bevrijding in 1944 in vlammen op. Lees hier het artikel:

Verder lezen

Oscar Leeuw, architect

Oscar Leeuw is een van de belangrijkste architecten van Nijmegen. Bekende werken van hem zijn onder de synagoge, museum Kam…

Melkerij Lent

In 1899 opent Wildenbeest een stoomzuivelfabriek en melksalon. Vooral het laatste trekt veel aandacht. Dit gebouw is ontworpen door de…

Villa Dennenheuvel architect Leeuw

1900 Rijksstraatweg 46 Ubbergen, Rijksmonument De Rotterdammer Suermondt liet in 1900 zijn villa bouwen aan de Rijksstraatweg in Ubbergen. Het…

Villa 'Dennenheuvel' van architect Oscar Leeuw (28/07/1866 - 16/02/1944), met decoraties van broer Henri, vlak na de oplevering in 1900, gebouwd in opdracht van de Rotterdamse koopman Albert Suermondt, 1900 (F88071 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag, Ubbergen

Villa Dennenheuvel architect Leeuw

1900 Rijksstraatweg 46 Ubbergen, Rijksmonument

Villa 'Dennenheuvel' van architect Oscar Leeuw (28/07/1866 - 16/02/1944), met decoraties van broer Henri, vlak na de oplevering in 1900, gebouwd in opdracht van de Rotterdamse koopman Albert Suermondt, 1900 (F88071 RAN)
Villa ‘Dennenheuvel’ van architect Oscar Leeuw (28/07/1866 – 16/02/1944), met decoraties van broer Henri, vlak na de oplevering in 1900, gebouwd in opdracht van de Rotterdamse koopman Albert Suermondt, 1900 (F88071 RAN)

De Rotterdammer Suermondt liet in 1900 zijn villa bouwen aan de Rijksstraatweg in Ubbergen. Het architect daarvan was Oscar Leeuw, die samen met zijn Henri Leeuw een waar Gesamtkunstwerk heeft ontworpen.

Van vakantieadres naar woning

In 1900 kocht de Rotterdams koopman Albert Jacob Pieter Suermondt een stuk grond in Beek. De Suermondt, zijn vrouw Wilhelmina Mees en hun kinderen hadden, na een aantal jaren vakantie in de omgeving van Ubbergen te hebben gevierd, 16 jaar lang een woning van de familie Dommer van Polderveldt gehuurd. Van deze familie kocht het stuk grond.
Op deze grond stond een goedlopend koffiehuis, de “Weg en Hout”. Na een verbouwing werd deze “Boschlust” genoemd. Dit pand is in 1938 gesloopt. Op de helling boven het koffiehuis werd een nieuwe villa gebouwd. Hiervan waren de ontwerpers Oscar en Henri Leeuw. Dit was een van hun eerste grote opdrachten. Maar ook: een jaar daarvoor hadden ze de Melkerij Lent ontworpen, welke veel aandacht en waardering had gekregen, zowel van publiek als van vakmedia. Beeldhouwer Henri Leeuw had inmiddels zijn Leeuw in het Kronenburgerpark staan.

In mei 1900 vindt de aanbesteding plaats “Villa, terrein aan den Ubbergschen weg, voor rekening A. Suermondt”. Heijmerink en Nollen hadden met f22750 de laagste inschrijving en verkregen de aanbesteding. (De Gelderlander 23/5/1900)

In de zomer verhuisde het echtpaar Suermondt-Mees naar de nieuwe woning.

Vergezicht

Straatbeeld, met café 'Boschlust', en, op de achtergrond, villa 'Dennenheuvel', gebouwd tussen 1899 en 1902 door de Nijmeegse architect Oscar Leeuw. Links, de tramrails van de stoomtram Nijmegen-Beek, gedateerd 1904-1906, (Jos M.H. Nuss Amsterdam via F89331 RAN)
Straatbeeld, met café ‘Boschlust’, en, op de achtergrond, villa ‘Dennenheuvel’, gebouwd tussen 1899 en 1902 door de Nijmeegse architect Oscar Leeuw. Links, de tramrails van de stoomtram Nijmegen-Beek, gedateerd 1904-1906, (Jos M.H. Nuss Amsterdam via F89331 RAN)

Doordat de woning 10 meter boven straatniveau uitkwam, had het een prachtig uitzicht. Vanaf het terras is Arnhem te zien. Aan bij straten van de Rijksstraatweg lieten rijkeren vanaf de eerste helft van de 19e eeuw hier villa’s bouwen vanwege de schoonheid van het landschap. Daarnaast had het een voordelig belastingklimaat. Net als de andere meeste villa’s is de zichtlijn schuin op de Rijksstraatweg gericht. De villa valt onder het beschermd dorpsgezicht van Ubbergen.

Inrichting

In de zomer van 1901 vindt de verhuizing plaats. Waarschijnlijk was de interieurafwerking op dat moment nog niet klaar en kwam deze het volgende jaar gereed.

Het huis is opgetrokken uit baksteen, met elementen van natuursteen. Een deel van de gevels is met leisteen of heeft vakwerk uitgevoerd in stuc.

In huis staat, conform de “neo-Tudor stijl” de hall en het trappenhuis centraal. Het originele interieur is vrijwel bewaard gebleven. De kamers hebben eikenhouten lambriseringen. Opvallend is de hemelsblauwe kleur van het houtwerk. Op de wanden zijn sjabloonschilderingen aangebracht en de plafonds zijn beschilderd met planten en bloemen, welke typisch jugendstilmotieven zijn. Maar er zijn ook symbolen geschilderd, die ontleend zijn aan de vrijmetselarij en theosofie, zoals bijvoorbeeld afbeeldingen uit de dierenriem en andere astrologische afbeeldingen.

Bouwstijl

Straatbeeld, met villa 'Dennenheuvel'. Boven de straat en schuin op de lijn met de straat. Links, de tramrails van de stoomtram Nijmegen-Beek, datering 1904-1906 (I.J. Glaser via F89341 RAN)
Straatbeeld, met villa ‘Dennenheuvel’. Boven de straat en schuin op de lijn met de straat. Links, de tramrails van de stoomtram Nijmegen-Beek, datering 1904-1906 (I.J. Glaser via F89341 RAN)

Door het totaalontwerp, waarbij bouw en decoratie 1 geheel vormt, is het een echt “Gesamtkunstwerk” geworden. Oscar en Henri Leeuw hebben elementen uit verschillende stijlen gebruikt. En dan vooral de Engelse landhuisstijl vanwege de centrale rol die de hall speelt, de groepering van de puntdaken, de overhangende erkers, en de Neo-Tudor schoorstenen. De ornamenten zijn in Art Nouveau (oftewel Jugendstil) stijl, zoals bij consoles en dakranden (ontleend aan Rijksmonumenten).

Zowel de gebroeders Leeuw als Suermondt hadden een grote belangstelling voor stromingen als de theosofie. Vandaar dat het niet verwonderlijk is dat verwijzingen hiernaar zijn terug te vinden in de decoratie.

Een groot deel van de in de loop der jaren weg geschilderde sjabloonschilderingen is door de huidige eigenaar hersteld. (Rijksmonumenten)

Rijksmonument

Het gebouw is een Rijksmonument. Als waardering:

“-Van architectuurhistorische waarde als gaaf en bijzonder voorbeeld van een villa van omstreeks 1900, die in hoofdvorm en plattegrond de kenmerken vertoond van de Engelse Landhuisstijl, zoals een schilderachtige groepering van bouwvolumes, het gebruik van overkragende erkers, markante schoorstenen en samengestelde raampartijen. Hierbij is onder meer de met schubleien bekleedde erker een markant onderdeel. Voor decoratieve elementen en de aankleding van het interieur is voornamelijk met Art Nouveau motieven gewerkt, waarbij de goed bewaard gebleven en deels teruggebrachte schilderingen in Nederland een hoge zeldzaamheidswaarde bezitten. De villa is een belangrijk werk binnen het oeuvre van de Nijmeegse architecten Oscar en Henri Leeuw.

-Van stedenbouwkundige waarde als karakteristiek onderdeel van de bebouwing van de stuwwal aan de Rijksstraatweg, waar de villa vanwege ligging en markante verschijningsvorm een belangrijke beeldbepalende rol speelt.

-Van cultuurhistorische waarde als uiting van een maatschappelijke ontwikkeling, als voorbeeld van een villa gebouwd voor een kapitaalkrachtige stedeling, die zich vanwege het aantrekkelijke landschap langs de Rijksstraatweg vestigde. De villa is voorts een uiting van een geestelijke ontwikkeling, omdat in het interieur veelvuldig verwijzingen voorkomen naar de belangstelling van de opdrachtgever en architecten voor stromingen als Vrijmetselarij en Theosofie.” (Monumentenregister)

Vervolg

Advertentie verkoop Dennenheuvel en Boschlust namens erven Suermondt (PGNC 27/10/1928, opgeknipt)
Advertentie verkoop Dennenheuvel en Boschlust namens erven Suermondt (PGNC 27/10/1928, opgeknipt)
Advertentie verkoop Dennenheuvel en Boschlust namens erven Suermondt (PGNC 27/10/1928, opgeknipt)
Advertentie verkoop Dennenheuvel en Boschlust namens erven Suermondt (PGNC 27/10/1928, opgeknipt)

Het huis is door verschillende generaties Suermondt bewoond. Op een later tijdstip was het onder andere een kleuterschool van de Kanunnikessen van de Heilige Augustinus. Ook was het in gebruik als internaat van het college ‘Notre Dame des Anges’. Vanaf de jaren 70 hebben er een aantal families gewoond.

Wim Hornix en Els Straatman kochten Dennenheuvel in 1982. De afgelopen 40 jaar hebben zij de woning met veel zorg gerestaureerd. Een van de voorbeelden is het terugplaatsen van sjabloonschilderingen. Voor hun werk ontvingen ze de Ton Gijsbers Monumentenprijs 2009-2010. Hoewel niet gezocht naar andere gewonnen prijzen, schrijft de Gelderlander op dat moment dat de villa “weer eens in de prijzen is gevallen.” Wim Hornix is in 2019 overleden. De weduwe Hornix-Straatman heeft er nog een aantal jaren gewoond en in 2022 verkocht ze de woning Vereniging Hendrick de Keyser.

Vereniging Hendrick de Keyser

De vereniging kocht de woning vanwege “Reden verwerving: uitzonderlijk gaaf bewaard voorbeeld van de eclectische laat-negentiende/vroeg-twintigste-eeuwse villa-architectuur in Engelse landhuisstijl met een jugendstil-interieur (inclusief enkele vaste meubelen) uit de bouwtijd (‘gesamtkunstwerk’).” (Persbericht bij verwerving)

Hendrick de Keyser heeft als doel architectonisch of historisch waardevolle gebouwen te behouden. Daarvoor koopt ze panden aan. Om deze vervolgens te restaureren en daarna te verhuren. De vereniging heeft intussen 440 panden in haar bezit.

Lees Verder:

Concertgebouw de Vereeniging (april 2023)

Oscar Leeuw, architect

Oscar Leeuw is een van de belangrijkste architecten van Nijmegen. Bekende werken van hem zijn onder de synagoge, museum Kam…

Het fraaie pand van het melkhuis van B.J. Wildenbeest in art-decostijl ontworpen door Oscar Leeuw. Het pand overleefde de oorlog niet: het werd door de terugtrekkende Duitsers in brand gestoken, St. Jorisstraat 1, 1899 – 1900 (F17705 RAN)

Melkerij Lent

In 1899 opent Wildenbeest een stoomzuivelfabriek en melksalon. Vooral het laatste trekt veel aandacht. Dit gebouw is ontworpen door de…

(Overige) Bronnen en verder lezen

Villa Dennenheuvel, Persbericht Hendrick de Keyser via bft

Villa Dennenheuvel wint monumentenprijs, de Gelderlander, Laatste update: 25-03-17

Villa Dennenheuvel, Hendrick de Keyser

Jugendstil villa in Ubbergen verworven door Hendrick de Keyser, Historiek, 11 augustus 2022

Dennenheuvel in Ubbergen, Prachtige brochure van Hendrik de Keyser