Nog een weekje, en dan gaan de wandelaars naar Wijchen en komen dan ook Nijmegen West. Natuurlijk is het leuk om vrijdags op de Via Gladiola te gaan kijken, maar in de eigen wijk kijken vind ik eigenlijk nog leuker. (En de onuitputtelijke voorraad koffie is dichterbij)
Bij Via Gladiola beginnen de banken en afzetlinten voor volgende week vrijdag er al te komen. Omroep Gelderland heeft een leuke pagina en reportage gemaakt hierover:
In 1947 ontwerpt architect B. Benning de herbouw van de hoek van Heutszstraat – Groesbeeksedwarsweg. Dit pand was bij de bevrijding vernietigd. De bouwtekening heeft hij samen met zijn broer P. Benning ondertekent. Het oorspronkelijke gebouw dateerde uit 1938 .
Voor de verwoesting (D12.407241)
In het Bouwarchief komen 2 ontwerpen voor, die afwijken wat betreft het grote raam. Momenteel is nog onbekend welk ontwerp het uiteindelijk geworden is:
De Afsluiter, Graspieperhof Carla Dijs en buurtbewoners (juli 2023)
In 2012 konden toekomstige bewoners van de 5 nieuwe appartementsgebouwen op het oude Hartmann-terrein bijdragen aan het nieuwe kunstwerk op de Graspieperhof.
In 2010 waren de namen van deze gebouwen gekozen:
Sol (zon), voor studenten
Luna (maan), voor studenten
Astrum (ster), voor studenten
Terra (aarde), zorgwoningen
Aqua (water), huur
Het doel van het kunstwerk was om het Romeins/industriële verleden van de plek een plaats te geven. En tevens om bewoners te betrekken.
Op basis in welk gebouw de bewoners kwamen te wonen, konden zij meewerken aan de letters van een van de te vormen woorden.
Het kunstwerk bestaat uit 5 stalen cirkels, waarbij de namen in handgevormd aluminium staan. Bij het ontwerp zouden deze cirkels onafhankelijk van elkaar moeten kunnen draaien om een staander. De staander is helaas afgebroken. Op elke cirkel is een ‘afsluiter’ uit de oude fabriek als richtingwijzer.
Op het voormalige terrein van de Verbandwattenfabriek (Het Hartmann-terrein) aan de Sperwerstraat kwam het studentencomplex Orion en appartementen voor ouderen Terra. Daarbij bevindt zich in de “binnentuin” een wadi.
2009, Krayenhoffpark en overig Waterkwartier, Carla Dijs
Tegel Krayenhoff in het Krayenhoffpark, bij zijn grafsteen
In het Krayenhoffpark en op meerdere plekken in het Waterkwartier zijn stoeptegels met een reliëf te vinden, die verwijzen naar straatnamen van de wijk.
Dit was een project van Carla Dijs: “De beeldend kunstenares was als kind al gefascineerd door het Waterkwartier, juist omdat het een slechte naam had: “Ik had er een beeld bij van gezelligheid. Toen ik hier atelierruimte kon krijgen in de voormalige boterfabriek Batava, ben ik naar de wijk verhuisd. En mijn hart ging gelijk open, zo voel ik me er thuis. De mensen zijn open en weten heel goed wat ze willen. Ik houd ervan om de omgeving op een leuke manier aantrekkelijk te maken.” Zo ontstond het ‘tegelproject’. In een middag tijd konden bewoners uit alle 64 straten van het Waterkwartier een eigen reliëftegel maken. Dijs: “Die heb ik daarna in beton gegoten en de gemeente Nijmegen heeft deze stoeptegels in de paden van het Krayenhoffpark gelegd.”‘ (SP.nl, juli 2009)
1932, Pater Eijmardweg 15-19, Gemeentelijk Monument
Meisjesschool Jetten Pater Eijmardweg, 1932-1935 (GN9503 RAN)
Hierboven staat het op 31 juni 1932 ingezegende scholencomplex weergegeven. Deze is ontworpen door J.J.M. Jetten. Deze architect had eerder de Jongensschool en het Vereenigingsgebouw in Brakkenstein ontworpen. Het complex bestaat uit links de Mariaschool (huishoud en naaischool) en rechts de rk meisjesschool O.L. Vrouw van het het Heilig Sacrament voor lager onderwijs. Beiden werden gerund door de onderwijscongregatie van de Zusters van Oudenbosch. In het complex is nu de Tarcisiusschool voor speciaal onderwijs gevestigd.
Rond 16-1-1932 besteedt J.J.M. Jetten het bouwen van een Meisjes, Montessori- en Huishoudschool aan den Pater Eymardweg te Brakkenstein aan. Dit in opdraccht van het Bestuur van Vrouwen onder de naam “Instituut voor Meisjes” te Oudenbosch. De Firma Fest & Zn. Heeft de laagste inschrijving in massa (f52.200) en verkrijgt de aanbesteding. (De Gelderlander 16/1/1932)
Voorafgaande aan de opening krijgt de Gelderlander een rondleiding in het voltooide gebouw:
“Het nieuwe scholencomplex op Brakkenstein.
A.s. Zaterdag zal voor Roomsch Brakkenstein weer een gedenwaardige dag worden. Alsdan zal het mooi architectonisch geheel van Huishoud- en Naaischool-, Montessori- en Meisjesscholen plechtig worden ingewijd.
A.s. Zaterdagmorgen zal om half tien een plechtige H. Mis worden opgedragen in de rectorale kerk van Brakkenstein. Om half elf zal de plechtige inzegening plaats hebben van de nieuwe huishoud- en naaischool en de Montessori- met R.K. meisjesschool.
Aan belangstellenden zij meegedeeld, dat a.s. Zondag na de Hoogmis en na het Lof van 4 uur de eerw. Zusters gelegenheid zullen geven voor bezichtiging. Wij twijfelen niet of velen zullen gebruik maken van deze gelegenheid om het prachtige complex in oogenschouw te nemen.
Gebruik makende van de uitnoodiging, werd ons dit massieve scholencomplex bezichtigd onder leiding van den architect den heer J.J.M. Jetten, die op Brakkenstein geen onbekende is, gezien het onder zijn leiding gebouwde R.K. Vereenigingsgebouw met bijzaaltjes, en de mooie R.K. Pater Eijmard Jongensschool.
De Huishoud- en Naaischool.
De linkervleugel van het gebouw, met een aparte breede ingang, boven welke in groote bronzen letters “Maria-School” is aangebracht, is voor wat de bovenverdieping betreft geheel ingericht voor Huishoud- en Naaischool. Langs een breede massieve trap komen wij op de breede gang, waarop uitkomen de groote zaal der Huishoudschool annex de knipkamer. Langs deze gang komen wij ook op de groote zolderruimte, die over ’t geheele complex loopt. Aan lucht en licht mankeert het hier niet; vooral ook op de fijngekozen kleurencombinatie van het schilderwerk draagt daartoe bij. Hiervoor komt waardeering toe aan den architect. De schitterende Majorca-lambriseering, die in dezen vleugel is aangebracht en vooral aan ’t trappenhuis een frisch geheel geeft, tuigt van goeden smaak.
Onder dit trappenhuis vonden wij de toiletten der montessorischool.
De breede gangen geven volop gelegenheid om bij slecht weer een veilige schuilplaats te bieden tijdens de speeluren. Langs deze benedengang vonden wij de garderobe voor de kinderen op juiste hoogte en in stede van nummers, iedere haak aangeduidt met een voorstelling uit de dieren- en bloemenwereld.
De Montessori klasse.
Deze ruime en vooral luchtige klasse, die in miniatuur gehouden is, zoo zijn deurknoppen als vensters en vensterbanken, heeft in een der hoeken een gezellige rustbank met roode kussens, terwijl in een andere hoek een lage aanricht aan de kinderen gelegenheid biedt om te plassen. In ’t midden tegen de muur staat een lage piedestal met een beeld van ’t Kindje Jezus.
Dan komt men in ’t voorhuis der R.K. Meisjesschool, waarvan de entré schitterend is, en verrijkt met een nis, waarin het beeld van O.L. Vrouw van het H. Sacrament omgeven door een stralenkrans van electrisch licht staat. Rechts van den hoofdingang vinden wij een keurige toilet en een speciale bergruime met spoelgelegenheid voor de schoonmaak, waarnaast een groots doktersraam met kasten en ingebouwde waschtafel.
Hiernaast ligt de leermiddelen kamer met ruime door glas afgezette kasten. In de lengte van het gebouw zijn de klassen der
R.K. Meisjesschool
boven welke hoofdingang eveneens met bronzen letters het opschrift prijkt van R.K. Meisjesschool O.L. Vrouw v.h. H. Sacrament”.
Langs de breede betegelde gang zagen wij vier modelklassen met breede geel betegelde vensterbanken en matglazen ballonnen verlichting.
Ook aan deze klasse is alle aandacht besteed. Over de gehele lengte dezer gang zijn aparte nissen ingericht voor gaderobe, terwijl in ’t midden een 5-tal toiletten, geheel ingebouwd met een apart vóórportaal een doelmatig geheel vormt.
Aan ’t einde dezer eveneens breede gang komen wij aan de
Speelplaatsen.
Deze ruimte, die, voor wat de R.K. meisjesschool betreft, beslaat ruim 2000 M2, waarvan een gedeelte betegeld en verder begrind is, biedt ruimte in overvloed voor de alsnog te bouwen drie overige klassen. Door de, langs het geheele terrein keurige afrastering zagen wij de speelplaats der Montessorischool, welke uitkomt in de groote boomgaard waar ruimte en schaduw in overvloed zijn.
Zij, die mochten meenen dat R.K. Scholen nog ten achter staan bij openbare, en vooral zij, die het buitenstadsonderwijs als minder goed beschouwen, moeten naar deze modelinrichting eens komen kijken.
Geven wij ten slotte nog een opsomming van de vele medewerkers die architect Jan Jetten en de aannemersfirma J. Fest en Zoon terzijde stonden.
Als opzichter stond de heer J.H. Rademaker (Brakkenstein) den architect ter zijde; Schoolmeubelen fa. Mes, Wijchen; de gasverwarming de fa. Nannings en Zoon; het glas in lood door fa. Langenhuysen; de loodgieterswerken fa. Engelaar; het sanitair W.J. Stokvisch en Zoon; het hout- en kunst kranietwerken de fa. D.Agnolo; de stucadoorswerken fa. Lebens; de electrische verlichting en ornamenten de fa. van Veen; kunstsmeedwerk de fa. Meijers-Ruyten; het smeedwerk de heer F.J. Nijs; het schilderwerk de fa. Beerenbroek; de stoffeering de fa. Bahlmann; zonneschermen de fa. Tesser, allen te Nijmegen.” (De Gelderlander 30/6/1932)
Voor het wonen in Nijmegen en dan vooral in West kijk ik vooral uit wanneer de huidige nieuwbouwplannen zijn gerealiseerd.
Momenteel vindt er in Nijmegen West een grote vernieuwing plaats. Waar eerst een oud industrieterrein stond, zijn er intussen al een aantal mooie appartementencomplexen neergezet (Handelskade, Dijkkwartier).
In de plannen zijn een deel van de Honig fabriek en de Nyma behouden. Vooral in de nieuwe plannen is er veel ruimte voor wandelen.
Nu al is door de ontwikkeling van pakweg de laatste 20 jaar door:
aanleg van de fiets/wandelbrug de Snelbinder
het graven van de tweede Waalgeul/de aanleg het Stadseiland
het fiets/wandelpad gedeelte van de brug de Oversteek
in combinatie met de ‘oude’ Waalbrug een fantastisch wandelgebied ontstaan.
Bij de realisatie van de nieuwbouw zal er een mooie aansluiting ontstaan om van het Dijkkwartier naar de Snelbinder te wandelen – en hopelijk komt er een mooie corridor richting Weurt, nu de oude kolencentrale is gesloopt.
Huidig: Pauwelstraat 2-6 en poortgebouw (oktober 2022)
Brinkman’s Rietmeubelen is de eerste zaak die herbouwd is in de Pauwelstraat. In 1950 vond de opening plaats. Charles Estourgie was de architect. Het project is afgemaakt door zijn zoon Emile Estourgie. Daarbij was ook een poortgebouw, waar straks “door deze poort zullen straks duizenden en nog eens duizenden gaan”. Dat laatste lijkt niet helemaal juist.
“Eerste winkel in de nieuwe Pauwelstraat: Brinkman’s Rietmeubeulen vanmiddag geopend
Zo langzamerhand komt er meer tekening in de wederopbouw van de binnenstad. Vandaag wordt weer een mijlpaaltje bereikt, wanneer vanmiddag als eerste aan de nieuwe Pauwelstraat de heer Brinkman zijn nieuwe zaak in rietmeubelen enz. geopend heeft. Dan bestaat er weer een Pauwelstraat en is weer een der oude Nijmeegse zaken in eigen tehuis. Want ook de heer Brinkman heeft sedert 22 februari 1944 toen zijn zaak werd verwoest “ingewoond” om tenslotte in de Lange Koningstraat terecht te komen. Nu is ook voor hem het leed geleden en kan het bedrijf, in wijde omgeving enig in zijn soort, weer de vleugels uitslaan.
Architect Ch. Estourgie heeft hier wel een bijzonder fraai geheel geschapen; vol eenvoud en toch indrukwekkend en zo juist afgestemd op het karakter van dit bedrijf. Een winkelfront uit Beiers kunstgraniet met twee étalages; een ruime frisse winkel in lichte kleuren geschilderd en beneden een doelmatige toonkamer.
Bouw v/e Winkelhuis met Werkplaats en 2 Bovenwoningen v.d Heer W.F.J. Brinkman a/d Pauwelstraat (Detail D12.409479)
Boven de werkplaats een opslagruimte en tijdelijke expositie.
Voor de grote verscheidenheid van artikelen in welke soort of kleur riet dan ook, zien hier vele mogelijkheden,. Een pand, dat ook al staat het straks tussen talrijke andere nieuwe panden zal blijven opvallen.
Naast de nieuwe winkel is tevens de poort gebouwd, waardoor straks de achteruitgangen van de nieuwe panden in deze omgeving kunnen worden bereikt en waardoor men ook naar het stadhuis zal kunnen komen. Door deze poort zullen straks duizenden en nog eens duizenden gaan en zeer terecht heeft de heer Brinkman in de zijmuur twee vitrines laten maken, om daarin de aandacht te vestigen op de keu van kleinere artikelen welke in zijn zaak eveneens te vinden zijn.
Maar dezer dagen nog zal men in de doorgang nog een geheel rieten zomerhuisje kunnen vinden, dat het bekijken waard is. Trouwens, al is de Pauwelstraat nog niet “vol” de gemeente zorgde reeds voor een bestrating en een wandelingtje naar deze nieuwe zaak loont de moeite.
Architect Estourgie en aannemer Verstegen uit Montfoort hebben alle eer van hun werk.” (De Gelderlander 15/7/1950)
De bouwwerkzaamheden van de nieuwe Winkel van Brinkman Rietmeubelen, ontworpen in 1950 door Charles Estourgie en afgemaakt door zijn zoon Emile Estourgie, i.o.v. W.F.J.Brinkman, 1949-1950 (F19352 RAN)
Daalseweg 238 hoek Mozartstraat, gebouwd naar ontwerp architect Arntz in 1921; met muurschildering zes componisten (september 2024)
Dit pand is gebouwd als middenstandswoning naar ontwerp architect G.J. Arntz in 1921. In 1931 vond de verbouwing naar winkelhuis plaats. Het ontwerp van architect van der Kloot. In 1948 vond verbouwing plaats, waarbij de winkel werd vergroot. Hier leverde architectenbureau Hub. A.M. v.d. Velden te Oss het ontwerp.
Het pand van Daalseweg 238 (Kad. Hatert Sectie A no 4230) is oorspronkelijk gebouwd als woonhuis, een middenstandswoning voor den heer J.G. Dekkers. Architect daarbij was G.J. Arntz.
middenstandswoning voor den heer J.G. Dekkers, architect G.J. Arntz, Dossier 03-06-1921. (detail D12.386488)
Winkelhuis Groentenhandel H. Toussaint, architect van der Kloot
Daalscheweg 238, 1931
De verandering van een woonhuis en winkelhuis betekent qua indeling vooral dat het voorste deel van het gebouw een winkel wordt. Het achterste gedeelte blijft woning. Daarnaast wordt de voorgevel aangepast.
Op de tekening van van der Kloot zijn de pijpen verdwenen. Echter: bij de oude toestand heeft hij de pijpen alleen bij de achtergevel getekend, terwijl Arntz ze zowel bij de voor- als achtergevel heeft getekend.
Nieuwe toestand:Plan verbouwen v Woonhuis Daalscheweg 238 tot Winkelhuis, architect van de Kloot, Dossier 05-05-1931 (D12.396754 detail)
Het PGNC schrijft bij de opening:
“Groentenhandel H. Toussaint.
Morgen, Zaterdag, vindt aan den Daalscheweg No. 238 de opening plaats van een nieuwen winkel, n.l. van een handel in groenten, aardappelen, fruit en comestibles, eigenaar de heer H. Toussaint. De nieuwe winkel, gebouwd onder architectuur van den heer v.d. Kloot is zeer doelmatig ingericht, voldoet aan alle eischen van hygiëne, terwijl het inwendige een keurigen, helderen indruk maakt. Aannemer was de heer Sütmuller, het glas in lood werd geleverd door de firma Bilderbeek, de firma M. Brans verzorgde het schilderwerk en de firma Van Veen de electrische installatie. Het behoeft wel geen twijfel te lijden of de nieuwe zaak zal zich in dit zich steeds uitbreidende stadsgedeelte wel spoedig een vaste cliëntèle verworven hebben.” (PGNC 19/6/1931)
Abonneren
Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.
1948, bouwkundig medew H.E. Teering, dossier oktober 1948
Oude toestand
Nieuwe toestand
Verbouwing Winkelpand (incl herstel oorlogsschade), tekening maart 1948 (D12.408008 detail).
De uitwendige verbouwing in 1948 lijkt vooral het plaatsen van een aantal ramen in de zijgevel te zijn. Inwendig vooral dat de woonkamer bij de winkel wordt getrokken. De woonkamer daarbij verplaatst naar de 1e verdieping.
Tot slot zijn er verbouwingen uitgevoerd in 1979 en 2007.
Om de overlast van graffiti op de blinde muur van de Mozartstraat tegen te gaan, nam de buurtvereniging, samen met de eigenaresse van het pand en met subsidie van de gemeente het initiatief voor een muurschildering van zes componisten. Remco Visser is de maker van deze schildering, die veel enthousiaste reacties krijgt.
Voorgevel van de St. Jozefkerk, architect Claase (F14567RAN)
De architect B.J. Claase ontwierp de St. Josephkerk (of St. Jozefkerk). De kerk werd gebouwd in 1908-1909 in neo-romaanse stijl, met haar voorgevel naar het nieuwe Keizer Karelplein. Vanaf 1 maart 2004 heet het de Titus Brandsma Gedachteniskerk.
Noodkerk
Voor deze kerk ging een noodkerk vooraf. Oorspronkelijk had architect Nicolaas Molenaar sr. een grote neogotische kerk voor deze locatie ontworpen. Op dat moment was het Keizer Karelplein slechts een aantal jaren oud. Deze kwam er niet, wel een door hem ontworpen kleine noodkerk, gebouwd in 1888. Molenaar was ook de architect van de Igantiuskerk in de Molenstraat uit 1897 (Deze is waarschijnlijk beter bekend als Canisiuskerk, zoals deze vanaf 1925 heette). Claase was voor Molenaar opzichter geweest bij onder andere het Canisius College. In 1907 ontwierp Claase de St. Jozefkerk, welke een bijkerk was voor de St. Ignatius-parochie. De noodkerk werd in 1923 verbouwd tot parochiehuis en staat er eveneens nog steeds. Evenals de Ignatiuskerk was Jozefkerk een Jezuïetenkerk.
Bouw kerk
Jozefkerk met omliggende panden aan het Keizer Karelplantsoen, 1913 (F14443 RAN)
In tegenstelling tot veel kerken die in neogotische stijl gebouwd worden is dit een neo-Romaanse kerk. De Gelderlander refereert dan ook dat dit gebouw aan de “Romaansche bouwvormen aan het Valkhof herinnert’. (De Gelderlander 27/5/1909) . Het artikel vergelijkt de kerk met “Aan het Keizer-Karelplein beurt nu al sinds een paar maanden de nieuwe St.-Jozefkerk, bestemd om het kleine hulpkerkje te vervangen, haar trotschen, met het gulden kruis bekroonden koepel en haar beide voortorens ten hemel, als een zinnebeeld van het oude en nog steeds jeugdige geloof van Karel de Groote. Stichtte de machtige keizer op zijn Valkhof, naar het model van Akens dom de kapel, wier eerbiedwaardig overblijfsel wij nog met piëteit bewaren, thans, meer dan duizend jaren later verrees aan het plein, dat zijn grooten naam draagt, een trotsche tempel, die in zijn Romaansche bouwvormen aan het heiligdom op het Valkhof herinnert.
Gelukkige gedachte van den bouwmeester, waardoor ongezocht zoowel de onveranderlijkheid van he geloof als de machtige kampioen van het geloof wordt gehuldigd.”
Onderaan dit artikel staat een uitgebreid stuk van PGNC naar aanleiding van de opening.
Bezienswaardigheden
glas-in-loodramen in het koor door Joep Nicolas (1926-1928).
Apostelvenster (1915), oostelijke transept, door Jan Toorop. Op het bovenste venster, een rozetvenster, staat Jezus Christus zittend op een troon. Daaronder 6 vensters met elk 2 apostelen. Een mooie site hierover is die van Paul Verheijen http://www.paulverheijen.nl/toorop-apostelraam.php
Jezuïetenraam, tegenover het apostelvenster, Wilhelm Derix
Het tabernakel door de Utrechtse Edelsmidse Brom (ca. 1930).
Titus Brandsma Gedachteniskerk
In 1985 is Titus Brandsma zalig verklaard. Dan wordt de Titus Brandsma Gedachteniskapel uit 1960, bij het klooster Doddendaal, een centrum van verering.
Na renovatie van de Jozefkerk in 1997 wordt deze cultus overgebracht naar deze kerk. Vanaf 1998 heeft Titus Brandsma hier een kapel. Hierbij is de expositie in de rechterzijbeuk gewijd aan de nagedachtenis van Titus Brandsma en daarbij zijn levensweg en spiritualiteit onder de aandacht brengen.
In 2004 wordt de Jozefkerk hernoemd naar de Titus Brandsma Gedachteniskerk. Dat betekent eveneens dat het kerk van de (geschoeide) karmelieten is in plaats van de Jezuïeten.
PGNC bij de opening
Luchtfoto van het Keizer Karelplein: onderin links de St. Jozefkerk, in het midden de St. Annastraat en rechts Concertgebouw De Vereeniging; bovenin links de Van Schaeck Mathonsingel, in het midden de Nassausingel en rechts de Bisschop Hamerstraat, 1920-1925 (F58045 RAN)
Het PGNC schrijft naar aanleiding van de opening:
“De nieuwe St. Jozefskerk,
In tegenwoordigheid van vele belangstellengden had hedenmorgen ten 8½ uur de plechtige inzegening plaats van de nieuwe St. Jozefskerk aan ’t Keizer Karelplein, eene hulp- of bijkerk der St. Ignatius-parochie.
De inzegening geschiedde door den Z.Ew. heer G.M.
Bouw kerk Bonnike S.J., pastoor van genoemde parochie, geassisteerd door de verschillende geestelijken der vier parochiekerken. Na afloop werd een plechtige Hoogmis opgedragen door den rector der nieuwe kerk, den Z.Ew. pater P.F.H. van Hooff, geassisteerd door de Eerw. paters Verhoeven en de Greeve S.J. Na de Mis hield pater v. Hooff een treffende toespraak naar aanleiding van Psalm 121, ‘Laetate sum’ (ik ben verheugd) waarin koning David’s vreugdevolle opgang naar den nieuwen tempel van Jeruzalem vermeld wordt. Onmiddellijk hierna werd het Allerheiligste van uit het oude hulpkerkje in plechtige processie, onder het spelen der muziek van de Kath. Gezellenvereeniging, omringd van een dicht opeen gedrongen knielende menigte, naar de nieuwe kerk overgebracht.
Wij laten hier een beknopte beschrijving van de nieuwe kerk, die 1500 bezoekers kan bevatten, volgen:
De kerk is gekeerd met haar voorgevel naar het Keizer Karelplein en met haar zij- en achtergevels naar de van Triest- en Stijn Buijsstraten, terwijl aan de zijde van Trieststraat de sacristiën zijn aangebouwd; het geheel ligt op een vrij en ruim terrein, zoodat het massief bouwwerk in zijn geheel is te overzien.
Het uitwendige van dezen bouw, welke geheel in Romaansche vormen is doorgevoerd, treft door zijn eenvoud, daar zij geheel is uitgevoerd in baksteen met een spaarzame toepassing van natuursteen, waar dit noodig en wenschelijk was.
Verschillende versieringen moeten nog worden aangebracht, zooals beelden in enkele nissen en mozaïek-tableaux boven de hoofdingangen, waarin een beeld zal worden geplaatst van den kerkpatroon, geflankeerd door de Nijmeegsche geloofshelden Petrus Canisius en Bisschop Hamer.
Een forsche massieve koepel rijst vierkant uit het dak op en gaat in achtkantigen vorm over; haar spits is bekroond met een zwaar koper verguld kruis.
Aan den voorgevel bevinden zich twee traptorens, die toegang geven naar het zangkoor, naar de kapwerken en klokkenzolders; de klokken zullen binnenkort worden ingehangen.
Wanneer men de kerk, die ruim voorzien is van ingangen met voorportalen, aan den voorgevel binnentreedt, ontwaart men direct den centraalbouw aan zijn vorm: weinig kolommen, kort en breed, zoodat er in de kerk slechts zes kolommen geplaatst zijn; op vier dezer kolommen is de koepel opgetrokken. De binnenwerksche afmetingen zijn tusschen de transseptgevels 29.50 M. De hoogte der zijbeukgewelven bedraagt 8.40 M., van den hoofdbeuk 16.80 M., van het koepelgewelf 27 M. (de buitenwerksche tot aan den dwarsarm van het kruis 37.85 M.). Inwendig vindt men denzelfden eenvoud en vormen, die men buiten opmerkt, met uitzondering evenwel, dat men voor de hoofdbogen de spitsboog bemerkt; deze is berekend op de groote overspanningen en de daarop rustende zware drukking. De constructiedeelen als van pijlers, pilasters en bogen zijn alle in gelen steen gemetseld, de overige muur- en gewelfvlakken zijn gepleisterd, met het oog op later aan te brengen polychromie. Het priesterkoor is uit den aard der hooge betekenis een weinig rijker door zijn twee hooge omgangen, waarvan de benedenpijlers gepolijst graniet zijn en hier eenige afwisseling is aangebracht door beeldhouwwerken en zandsteen. Verder bevinden zich naast het priesterkoor twee halfronde altaar-kapellen, terwijl bij den voorgevel aan de zijgevels eveneens twee halfronde kapellen zijn aangebouwd, die als devotie-kapellen worden ingericht.
Inwendig blijft de koepel met zijn zacht getemperde glasramen een der attracties van dezen bouw; een aangename lichtverspreiding is verkregen. Het gewelf van dezen koepel is 29M. boven den kerkvloer gelegen.
Onder de sacristiën en de daaraangrenzende altaar-kapel bevinden zich kelders, waarin de toestellen zijn geplaatst voor centrale verwarming en electrisch licht. Deze laatste voldoen aan de hoogst gestelde eischen; de centrale verwarming is aangebracht door den heer Lafeuillade te Brussel, die van ’t electrisch licht door de Allgemeine Elektricitäts Gesellschaft.
De kerk is nog bijna ongemeubileerd, het thans aanwezige weinige meubilair is, behalve stoelen en eenige banken, uit het oude hulpkerkje afkomstig. Wanneer echter meer waardige- in overeenstemming met ’t geheel- er voor in de plaats komen, zal men eerst kunnen zien wat men ook met een eenvoudig romaansch bouwwerk verkrijgen kan.
Architecten van deze kerk- waarvan goedgeslaagde ansichtkaarten in den boekhandel van den heer De Wit te verkrijgen zijn- is de heer B.J. Claase, terwijl de aanneming is geschied door den heer N.J.H. Groenendaal te Breda.
Een woord van lof verdienen de heeren Nuijten en Van der Pluijm, welke respect. als opzichter en uitvoerder fungeerden en onder wier leiding de bouw dezer kerk- waarvan op 6 Mei 1908 door Mgr. Bronsgeest de eerste steen werd gelegd- geheel zonder stoornis of ongelukken is tot stand gebracht.” (PGNC 27/5/1909)
Deze Pagina verzamelt artikelen die reeds over Bottendaal zijn gepubliceerd. Lunet Bottendaal: afvalplaats voor botten? Bottendaal is vernoemd naar een…