Hema Grote Markt Nijmegen bij regen, architect Elzas
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Hema op de Grote Markt: Het Moderne Ontwerp van Elzas

Hema Grote Markt Nijmegen bij regen, architect Elzas
Hema, Grote Markt Nijmegen bij regen

Het Hema gebouw aan de Grote Markt is een van de meest roemruchte gebouwen van Nijmegen. De een vindt het een teken van de moderniteit, de ander eenvoudigweg lelijk of stoort zich aan het grote contrast met de historische panden van de Grote Markt. De architect was Abraham Elzas, de huisarchitect van het Bijenkorf concern waar toendertijd ook de Hema onder viel. Zijn carriere als huisarchitect begon feitelijk eveneens in Nijmegen, met het ontwerp van de noodwinkel voor de Hema. Wie was deze Abraham Elzas? En: wat was er modern aan de nieuwe Hema (en wat was alweer achterhaald)?

Noodwinkel HEMA door een “free-lance architect zonder opdrachten”

Het noodpand van de HEMA; geheel links de Oostersche Winkel (Van Broeckhuysenstraat 16), gedateerd 1952 (Nol Roozeboom via F58612 RAN CC-BY-SA)
Het noodpand van de HEMA; geheel links de Oostersche Winkel (Van Broeckhuysenstraat 16), gedateerd 1952 (Nol Roozeboom via F58612 RAN CC-BY-SA)

Het feitelijk onopvallende gebouw van de Hema noodwinkel neemt in de carrière van Elzas een bijzondere plaats in. Dit was zijn eerste opdracht voor het Bijenkorf concern, waar jarenlang ook de Hema heeft onder gevallen. Zijn naoorlogse werk bestaat vrijwel uit de werken die hij maakte als huisarchitect voor dit concern.

Na de Tweede Wereldoorlog moest Elzas zijn praktijk opnieuw opbouwen. Alfred Goudsmit, directeur van de Bijenkorf vroeg aan Elzas om een noodwinkel voor de Hema in Nijmegen te ontwerpen. (Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad 25-04-1987  en De Gelderlander 21/11/1947)

Vooroorlogse periode

Abraham Elzas (1907- 1995) is in 1907 te Alkmaar geboren. Zij vader had hier een meubelzaak. Na de handelsavondschool in Alkmaar schreef hij zich in op de kunstnijverheidsschool Verkruysen te Haarlem.

Hij ging naar Parijs, waar hij werkte in de ateliers van Le Corbusier, Auguste Peret en Van Doesburg. Daarna vestigde hij zich in Alkmaar. Hij werd lid van “Groep 8” en bouwde verschillende winkels en landhuizen. Daarnaast maakte hij studiereizen naar het buitenland.

Net als voor veel architecten, waren de beginjaren van de 30 zwaar geweest vanwege de crisis en deden veel architecten mee aan prijsvragen. In 1935 won hij de prijsvraag voor de bouw van een synagoge in de Lekstraat in Amsterdam. Daarvoor liet hij zich als Alkmaarder inschrijven in Amsterdam; dit gebouw staat tegenwoordig op de Monumentenlijst.

Oorlog

Met het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog viel het werk stil: in 1939 was hij nog gevraagd om boerderijen te ontwerpen voor de Wieringermeerpolder. Deze werkzaamheden moest hij in 1940 staken vanwege de ariërparagraaf van de Duitse bezetter.

In 1941 werd Elzas directeur van Joodse Ambachtsschool aan de Rapenburgsestraat in Amsterdam. Elzas zelf was in 1942 gedwongen geweest om van Alkmaar naar Amsterdam te verhuizen. Steeds meer leerlingen verdwenen van deze school: ze waren gedeporteerd. In 1942 werd de school gesloten. Elzas zelf dook onder.

Goudsmit

Na de oorlog had hij geen projecten. Hij ontmoette echter directeur Goudsmit van de Bijenkorf. Zij kenden elkaar nog, omdat Elzas barakken van een joods werkdorp had ontworpen. “Goudsmit vroeg me: wat doe je nou, op het ogenblik? Ik zei: uitrusten van het jarenlange onderduiken. In feite was ik free-lance architect zonder opdrachten. Hij hielp me aan een opdracht voor een noodwinkel van de Hema.” (Het vrije volk  25-4-1987)

Noodwinkel HEMA

De bouwtekening van de noodwinkel dateert uit 1946 (Het Nieuwe Instituut). De Gelderlander 23/1/1946 noemt dat de noodwinkels in de Bisschop Hamerstraat, Mariënburg (waar o.a. de Hema komt) en het Kelfkenscbosch waarschijnlijk in mei van dat jaar gereed zullen zijn als er geen stagnatie intreedt. De opening van de Hema vond echter meer dan een jaar later plaats:  in november 1947 ging deze open. Het pand zat aan de Van Broeckhuysenstraat 12. De bouwer was N.V. Aann. Bedrijf Fa. Tiemstra en Zonen.

Naast woorden van dank wordt bij de opening stil gestaan bij de gevallen slachtoffers.

 “Hetzelfde aantal stands als in het voormalige gebouw op de Grote Markt, en bovendien een snelbuffet is in thans heropende Hema ondergebracht.” ( De Gelderlander 21/11/1947)

In augustus 1948 krijgt de Hema een vergunning voor het oprichting “van een inrichting tot het bereiden van gebak, vleeswaren, ijs, enz. in het perceel aan de v. Broeckhuysenstraat No 14.a, kadastraal bekend gemeente Nijmegen, Sectie C, No. 6861.” (De Gelderlander 27/8/1948)

In oktober 1958 ging de nieuwe HEMA open. Afgaande op onderstaande foto, is het noodgebouw rond 1959 afgebroken.

Noodpand HEMA vóór de afbraak. Geheel rechts Café Restaurant De Karseboom (Van Broeckhuysenstraat 12), gedateerd 1959 (Gelderse Fotohandel Nijmegen, Auteursrechthouder J.F.M. Trum via GN17007 RAN CC-BY-SA)
Noodpand HEMA vóór de afbraak. Geheel rechts Café Restaurant De Karseboom (Van Broeckhuysenstraat 12), gedateerd 1959 (Gelderse Fotohandel Nijmegen, Auteursrechthouder J.F.M. Trum via GN17007 RAN CC-BY-SA)

Huisarchitect de Bijenkorf

De samenwerking beviel zo goed, dat Elzas de huisarchitect van de Bijenkorf werd, waar ook de Hema onder viel. Hij ging echter niet bij het concern in dienst: “D’r was natuurlijk veel te doen na de oorlog, ik ben niet geschikt van negen tot vijf.. Ze namen er genoegen mee dat ik mijn eigen bureau aan de Amsterdamse Raadhuisstraat behield.” Elzas vond het fijn om een klant als de Bijenkorf te hebben, maar had dan ook niet verwacht dat hij daarvan zoveel werk zou krijgen. Tot 1972 “kwam het er gewoon op neer dat we niets anders meer deden dan Hema’s bouwen, verbouwen, Bijenkorf bouwen, Bijenkorven verbouwen.”

Als zodanig begon hij in 1947 aan zijn tweede opdracht: de nieuwbouw van de Hema in Rotterdam, dit was de eerste echte nieuwbouw van de Hema. Deze ging in 1953 open. In totaal zou hij 36 Hema’s ontwerpen: 20 nieuwbouw en 16 verbouwingen.  De herkenbare stijl van de Hema vinden we ook terug in het historisch centrum van bijvoorbeeld Utrecht en Groningen.

Hij is vooral bekend om zijn ontwerp van de Bijenkorf in Rotterdam is samenwerking met de Hongaars-Amerikaanse architect Marcel Breuer, welke tussen 1954 en 1957 tot stand kwam.

Hema 1958

De Hema in aanbouw 1958 (J.F.M. Trum via GN42558 RAN CC-BY-SA)
De Hema in aanbouw 1958 (J.F.M. Trum via GN42558 RAN CC-BY-SA)

Zie ook een foto van het pas voltooide gebouw bij het RAN.

Vooroorlogse Hema

De Hema; rechts de herenmodezaak van L.J.J. Boers (adres Stikke Hezelstraat 1), gedateerd 1935 (F67233 RAN)
De Hema; rechts de herenmodezaak van L.J.J. Boers (adres Stikke Hezelstraat 1), gedateerd 1935 (F67233 RAN)
De Hema; rechts de herenmodezaak van L.J.J. Boers (adres Stikke Hezelstraat 1), gedateerd 1935 (F67233 RAN) De Hema; rechts de herenmodezaak van L.J.J. Boers (adres Stikke Hezelstraat 1), gedateerd 1935 (F67233 RAN)

De Hema opende op 20 juli 1927 een filiaal “aan de Grote Markt”, welke bij het bombardement van februari 1944 in vlammen op ging. Ze verhuisde daarop naar een pand in de Korte Burchtstraat. Dit gebouw werd tijdens Market Garden, op 18 september 1944, door brand verwoest. Daarna was ze tot 1947 in de Walstraat ondergebracht. In november 1947 betrok ze het noodgebouw aan de Van Broeckhuysenstraat.

Advertentie De Gelderlander 30/6/1945: Hema in 2e Walstraat
Advertentie De Gelderlander 30/6/1945: Hema in 2e Walstraat
Advertentie De Gelderlander 30/6/1945: Hema in 2e Walstraat Advertentie De Gelderlander 30/6/1945: Hema in 2e Walstraat

Locatie

Door de oorlog was veel oude bebouwing verwoest. Behalve leed, gaf het tevens ruimte voor nieuwe, grootschalige projecten. Een daarvan was de nieuwbouw van de Grote Markt met de V&D en Hema. Net als veel andere ketens koos ook de Hema voor het bouwen van hun pand in Nijmegen voor hun “huisarchitect”: Abraham Elzas.

Het is opvallend dat juist op een van de oudste plekken van Nijmegen, de Grote Markt met haar Waag, er gekozen is voor op dat moment zeer moderne architectuur, zowel van de V&D als van de Hema. Tegenover de Raadhuis in de Burchtstraat is er bijvoorbeeld gekozen voor een wat traditioneler ontwerp.

Hema bij de opening

Hema ingang bij avond. Veel aluminium en glas. Het is zo open, dat je tot achter in de winkel kunt kijken. september 2023
Hema ingang bij avond. Veel aluminium en glas. Het is zo open, dat je tot achter in de winkel kunt kijken. september 2023

De eerste gevonden vermelding dat de Hema definitief terugkomt is in februari 1950. Daarbij noemt de Gelderlander dat ze het overige deel van de Grote Markt zal krijgen (de V&D krijgt het andere deel) en dat ze een aanzienlijk stuk van de Augustijnenstraat krijgt, met inbegrip van het hoekpand. De Gelderlander is optimistisch: “Zijn de plannen voldoende uitgewerkt, dan kan zeer snel met de bouw van beide zaken worden gestart. Binnen enkele jaren, waarschijnlijk vóór 1952, mag men de voltooiing daarvan tegemoetzien en is de Markt weer volledig opgenomen in het economische verkeer.” (De Gelderlander 11/2/1950).

En maart 1950: “Gelijk we reeds eerder berichtten zal de wederopbouw van het definitieve pand van de N.V. Hema plaatsvinden gedeeltelijk op de Markt en gedeeltelijk op de Augustijnenstraat. Naar we thans vernemen zal de frontbreedte van het nieuwe pand aan de Markt ongeveer 12 meter bedragen, terwijl het front aan de Augstijnenstraat ongeveer de helft van deze straat in beslag zal nemen. De oppervlakte van het gehele pand zal een 1300 vierkante meter zijn.” Daarbij wordt de Augustijnenstraat 12 meter naar de Broerstraat verlegd. (De Gelderlander 10/3/1950).

“Donderdag was het zover, dat opnieuw aan de Grote Markt de deuren konden worden geopend van een gebouw vol moderne superlatieven. Het is een schepping van de Amsterdamse architect A. Elzas, bekleed met Romeins travertin. Voor de onderbouw zijn met aluminium beklede stalen kolommen gebezigd, waardoor het winkelpand een uiterst moderne aanblik heeft.”

De Gelderlander 11/3/1953: de N.V. heeft bij de Gemeenteraad het verzoek ingediend om ter betaling van de schadeloosstelling wegens onteigening het terrein aan de Grote Markt-Augustijnenstraat toe te wijzen, waarvan de totaalprijs is vastgesteld op f142.450. De onteigeningsvergoeding werd vastgesteld op f69.0082.

Waarschijnlijk duurt de bouw langer dan verwacht: De Gelderlander 4/12/1953 schrijft dat de bouw van de Hema “binnenkort” zal beginnen en dat deze naar verwachting eind 1954, gelijk met de V&D, gereed zal zijn. De Gelderlander 5/7/1954 meldt dat de Hema binnen twee of drie maanden gaat bouwen. En De Gelderlander 24/6/1955: “De plannen voor de bouw van de Hema op de Grote Markt zijn thans gereed. Naar verwachting zal de bouw binnen drie maanden kunnen beginnen. Het ligt in de bedoeling dat de Hema in het toekomstige nieuwe gebouw op de Markt-Augstijnenstraat volgend jaar voor de Vierdaagse zal kunnen openen.”

Het wordt oktober 1958, wanneer de Hema gereed is. Bij de opening is het een drukte van belang.

De totale oppervlakte van de vier verdiepingen bedraagt 5252 vierkante meter. Alleen de begane grond is in gebruik als winkelruimte, met een iets lager gedeelte voor de levensmiddelen. Nieuw is de vorm van de “back-to-back” toonbanken: de verkoopster staat niet achter, maar naast de toonbank.

Tussen de begane grond en eerste etage is een “hypermodern snelbuffet geïnstalleerd dat het modernste van Nederland heet te zijn.” Op de hoger gelegen verdiepingen worden gebruikt als kantoorruimte. De keuken en banketbakkerij zijn op de bovenste verdieping, “eveneens voorzien van de modernste, deels automatische outillage.” (De Tijd : godsdienstig-staatkundig dagblad, 24-10-1958)

De aannemer bij de bouw was firma v.h. G.J. Tiemstra en Zn.

Wat was er modern aan de nieuwe Hema? En wat alweer achterhaald?

Hema, kant Augustijnenstraat, oktober 2023 architect Elzas
Hema, kant Augustijnenstraat, oktober 2023

In 1958 werd het meest moderne gebouw van de wederopbouw in de Nijmeegse binnenstad opgeleverd. Een licht en laagdrempelig gebouw met veel glas, travertin, aluminium en beton. Geen daklijst, krullen en ornamenten. Heel open en transparant. Zo transparant dat de klanten  van buitenaf een keur aan Hema-artikelen tot achterin konden zien liggen. Dat is nog steeds zo.”.

Eigenlijk is de hele winkel een soort etalage; waarbij de uitgestalde artikelen, symbool van de nieuwe welvaart, goed te zien waren. En: de winkel als een soort markt, waar bij daglicht alles goed te zien is in haar natuurlijke kleuren.

Elzas gebruikte ook voor die tijd vernieuwende materialen zoals glas, beton, staal en aluminium en dan vooral de mate en manier waarop deze materialen werden gebruikt. Een van de belangrijkste kenmerken zijn de zogenaamde vliesgevels: door te werken met een stalen skelet zijn de gevels geen dragende muren meer. Deze kunnen vervolgens worden ingevuld met lichtere materialen als aluminium en glas.

Andere kenmerken zijn de glazen deuren, die het gevoel van transparantie geven. En de “zwevende” etalagekasten aan de kant van de Augustijnenstraat, welke niet meer als zodanig worden gebruikt.

Praktisch

Etalage glazen bakken Hema bij avond, september 2023
Etalage glazen bakken Hema bij avond, september 2023

Naast het ‘moderne’, zal ook de praktijk een rol hebben gespeeld. Bakstenen en hout waren schaars, met beton en glas kon snel en betaalbaar gebouwd worden.

…en toch alweer wat achterhaald?

Elke krant in Nijmegen schreef en schrijft nog steeds vaak over het ‘moderne’. Dat klopte en bovendien is het de naam van de architecturale stroming (Moderne of modernistische). Maar feitelijk was deze denkwijze ten aanzien van warenhuizen alweer wat achterhaald: de nieuwe mode was geen daglicht, maar kunstlicht; niet open, maar gesloten.

De Bijenkorf in Rotterdam, die Elzas samen met Breuer ontwierp, illustreert dit.

Hema Rotterdam: Warenhuis van de HEMA kort voor de opening aan het Beursplein, links de Korte Hoogstraat. Opname vanaf het Rodezand, architect Elzas, 1953 (M.A.J. Hanse via NL-RtSA_4122_2008-799-01 archief Rotterdam CC-BY-4.0)
Hema Rotterdam: Warenhuis van de HEMA kort voor de opening aan het Beursplein, links de Korte Hoogstraat. Opname vanaf het Rodezand, architect Elzas, 1953 (M.A.J. Hanse via NL-RtSA_4122_2008-799-01 archief Rotterdam CC-BY-4.0)
De Bijenkorf in Rotterdam van de architecten Breuer en Elzas; De Bijenkorf aan de Coolsingel met rechts het sculptuur zonder titel (in de volksmond 'Het Ding') van kunstenaar Naum Gabo. Links het Beursplein, foto gedateerd 14-5-1957 (Fototechnische Dienst Rotterdam ( Gemeentewerken, Openbare Werken via L-2733 Stadsarchief Gemeente Rotterdam CC by 4.0)
De Bijenkorf in Rotterdam van de architecten Breuer en Elzas; De Bijenkorf aan de Coolsingel met rechts het sculptuur zonder titel (in de volksmond ‘Het Ding’) van kunstenaar Naum Gabo. Links het Beursplein, foto gedateerd 14-5-1957 (Fototechnische Dienst Rotterdam ( Gemeentewerken, Openbare Werken via L-2733 Stadsarchief Gemeente Rotterdam CC by 4.0)

Daarvoor moeten we even terug naar de Hema in Rotterdam uit 1953 en hoe de Bijenkorf aldaar tot stand kwam. Over deze Hema vertelt Elzas in een interview in 1987: “Het was destijds geen wereldwonder, maar ze waren er heel blij mee. Ze koketteerden ermee, omdat het hun eerste naoorlogse warenhuis was.” Een verouderd concept, wist hij toen al… op basis van kennis die hij ook al in 1947 had opgedaan tijdens een reis door de VS op verzoek van de Bijenkorf.” (In 1994 is de Hema in Rotterdam gesloopt, omdat het niet meer voldeed.)

Na de oorlog wilde de Bijenkorf niet meer met Dudok, die het vooroorlogse pand had ontworpen, in zee. Daarop stelde Elzas met leden van de directie van de Bijenkorf de uitgangspunten van de architectuur voor herbouw van het nieuwe warenhuis op:

  • Een gesloten doos zonder ramen
  • Zorg overal voor gelijkmatig kunstlicht
  • Maak roltrappen
  • Zorg voor een parkeergarage

Het gebouw zou veel moderner worden, zowel in uiterlijk als functionaliteit. Aanvankelijk zou J.J.P. Oud de nieuwe Bijenkorf ontwerpen, samen met Elzas. Oud wilde echter niet samenwerken met Elzas, waarop de directie van de Bijenkorf de samenwerking met Oud op. Vervolgens werd de Hongaars-Amerikaanse architect Breuer aangezocht.

Op haar site vertelt de Bijenkorf over haar Rotterdamse winkel: “De discussie, wel of niet daglicht in de winkel stond in die tijd weer centraal. De ene stroming wilde het daglicht ruim baan geven en dus grote ramen zien, terwijl de andere stroming vond dat met de nieuwe lichttechnieken van die tijd het daglicht kon worden vermeden. Men had in de loop van de tijd vastgesteld dat het hebben van veel strekkende meters achterwand om de goederen te kunnen presenteren erg belangrijk was. De nieuwe stijl van de Amerikaanse warenhuizen die na de WOII werden gebouwd kenden geen raampartijen meer. Voor die goederen die nog daglicht nodig hadden maakte men lichtopening met daglicht plafonds. De ingangspartijen werden breed en voorzien van veel glas om zo een groot deel van de parterre van buitenaf te kunnen overzien.” (Bron: De Bijenkorf)

“Voor de nieuwbouw richtte de directie van het Bijenkorf-concern haar blik op Amerikaanse voorbeelden zoals Macy’s en Abraham Strauss in New York en Carson Pirie and Scott (ca. 1900) in Chicago. Werd in Europa nog vrij lang vastgehouden aan het klassieke warenhuistype, in de Verenigde Staten ontwikkelde zich al snel een meer zakelijke stijl die paste bij de opvatting “Much common sense and no nonsense, utility first”. De Amerikaanse warenhuizen hebben een zakelijk karakter met weinig verfraaiing en architectonische effecten, en zijn doelmatig ingericht. Bovendien zag de directie van de Bijenkorf dat de moderne warenhuizen in de VS gesloten buitenwanden hadden. Een gesloten doos biedt meer wandruimte voor verkooprekken en geeft ruimte voor een doelmatige inrichting. Bovendien maakte een gebouw met gesloten gevels een beheerst klimaat mogelijk.” (De Bijenkorf)

Lelijk, lelijk geworden, niet van belang, of…?

Er zijn mensen, die het gebouw juist zien als symbool van de nieuwe tijd en vooruitgang.

Aan de andere kant vinden veel mensen de Hema een van de lelijkste gebouwen van Nijmegen. Sommigen vinden dit, omdat dit gebouw met de nadruk op functionaliteit, zonder versieringen, het veelvuldig gebruik van glas en staal, er niet gezellig uitziet. Dit heeft ook te maken met de locatie, het grote contrast met de gebouwen van de Grote Markt.

Ook kan het te maken hebben met veranderingen binnen of bij het gebouw: bijvoorbeeld de fietsenrekken van de Augustijnenstraat en het feit dat de glazen bakken niet meer als etalage worden gebruikt.

In een gevonden interview met de Gelderlander vertelt Wim Bilo dat jongeren de wederopbouwpanden anders bekijken. Dit merkt hij bijvoorbeeld tijdens rondleidingen die hij voor ’t Gilde geeft. ,,Scholieren vinden op de Grote Markt de warenhuizen mooi en de historische gevels noemen ze ‘ouwe meuk’. Dat vind ik natuurlijk niet. Maar wat men mooi vindt, verschuift. Over twintig jaar waarderen we de wederopbouwarchitectuur.”

Tijd zal het leren?

De glazen bakken etalage aan de Augustijnenstraat, dichtgemaakt, september 2033
De glazen bakken etalage aan de Augustijnenstraat, dichtgemaakt, september 2023

Of is “lelijkheid” voor de waardering van een gebouw niet van belang? Zoals Bilo al opmerkt, vinden scholieren de kant van de Hema vaak mooier dan de oude gebouwen.

In het centrum is de Hema het enige gebouw dat in de modernistische stijl gebouwd is. Daardoor wijkt het af van de andere panden, vooral in het gebruik van de hoeveelheid glas en aluminium. Dat maakt het pand uniek.

In een  interview van de Gelderlander met Hettie Peterse, beleidsadviseur cultuurhistorie: ,,Lelijk is geen argument”, stelt de cultuurhistorica. ,,Want de smaak van mensen verandert. Vijftig jaar geleden vond men bijvoorbeeld jugendstil en de architectuur van de 19de eeuwse schil van Nijmegen maar niks. Nu wordt het weer gewaardeerd.” (de Stentor 4-3-2023)

,,Toen begin deze eeuw de Stadsschouwburg een gemeentelijk monument werd, waren veel mensen verontwaardigd. Inmiddels is het een rijksmonument en is de stad er trots op. Jonge mensen kijken met positievere blik naar de wederopbouwarchitectuur.

…Nijmegen heeft een groot aaneengesloten gebied met wederopbouwarchitectuur. Dat is uniek. De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed heeft het daarom tot landelijk wederopbouwgebied aangewezen.”

Elzas in 1987 over zijn Hema in Rotterdam: “Destijds hebben ze mijn Hema niet zo mooi gevonden omdat ik mooie blauwe ogen had, maar omdat het een functioneel warenhuis was. Daar zouden ze nu toch wel enig begrip voor kunnen opbrengen?” Het interview sluit af met: “Elzas berustend: “Merkwaardig dat veel van de dingen die ik heb gemaakt, ofwel alleen ofwel met een ander, zijn verdwenen of dreigen te worden aangepast.” (Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 25-04-1987). Het pand is in 1994 gesloopt, omdat het niet meer voldeed.

Het pand in Nijmegen is intussen onderdeel van het aangewezen gebied van wederopbouwarchitectuur. Zijn Hema in Arnhem is een gemeentelijk monument.

Wederopbouw Nijmegen

80 jaar geleden,op 22 Februari 1944, vernietigde het bombardement een groot deel van het centrum. Ook de gebeurtenissen rond Market…

Gerzon architecten Reynen en Lelieveldt

In 1931 had Gebr. Gerzon’s Modemagazijnen uit Amsterdam een filiaal aan de Korte Burchtstraat 17-19 geopend, welke in de Tweede…

Flat Plein 1944 architect Rodenburg

Eind juni 1944 vindt een belangrijke opening voor de wederopbouw plaats: de flat aan de westzijde van Plein 1944, een…

Bronnen

­­ Inventaris van het archief A. Elzas(1907-1995), archief 1913-1995, Lonneke Bakkeren, Nederlands Architectuurinstituut 2005

https://wederopbouwstad.nl/nieuws/wederopbouw-in-de-brug/

Hema, Huis van de Nijmeegse Geschiedenis (link april 2024)

Nijmegen Nederlands mooiste wederopbouwstad, Omroep Gelderland

De Hema, lelijke eendje of mooie zwaan? , 21 feb 2022

Zijn warenhuizen aan de Grote Markt niet om aan te zien? ‘Over twintig jaar denken we er anders over’ , Anne Nijtmans 04-03-23

Elzas, A. (Abraham) / Archief, Het Nieuwe Instituut 2000

Essay over A. Elzas, BONAS

RIJNSTRAAT 38 – WEVERSTRAAT 42

Elzas in Alkmaar?, Leen Spaans, Historische Vereniging Alkmaar

Hema-architect A. Elzas: “Laat Rotterdam voorzichtig zijn met dit vlaggeschip”, Het vrije volk : democratisch-socialistisch dagblad, 25-4-1987

Abraham Elzas, Stichting Heimisj, laatst bijgewerkt 17 september 2019

Pijkestraat 9 t/m 27, juli 2019 (Google Streetview)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Pijkestraat woningen en drukkerij architect Claase

1911 Pijkestraat 9 t/m 27

Pijkestraat 9 t/m 27, juli 2019 (Google Streetview)
Pijkestraat 9 t/m 27, juli 2019 (Google Streetview)

Architect Claase ontwerpt in 1911 een drukkerij en een aantal beneden- en bovenwoningen voor de Gebroeders Janssen in de Pijkestraat. Hierna volgen enkele verbouwingen en uitbreidingen naar ontwerp van Claase en Estourgie. In 1968 verhuist de drukkerij. Daarna is het vooral bekend als kunstenaarsateliers. Rond 2015 vond een verbouwing naar appartementen plaats.

Ontwerp architect Claase

Op 10 november 1911 krijgen de broers W. en A.J. Janssen uit Lent vergunning tot het oprichten van een “door elektriciteit gedreven drukkerij aan de Pikkegas No. 7a kadastraal bekend Nijmegen, sectie C, Nos. 5930 en 5931. (De Gelderlander 12/11/1911). Het betreft 2 electro motoren van in total 3 Pk. (PGNC 27/9/1911)

Op 7 augustus 1911 zal aanbesteding plaats vinden van “Het bouwen van Beneden- en Bovenwoningen met daarachter gelegen Drukkerij, Kantoor en Werkplaatsen op een terrein aan de Pikkegas.B.J. Claase is de architect. (PGNC 30/7/1911)

De drukkerij: Plan voor het bouwen van een boekdrukkerij met vier beneden en vijf bovenwoningen aan de Pikkegas te Nijmegen op een terrein kadastraal Sectie C Nos 5930 5931 6098 voor de heeren Gebr W en A J Janssen te Lent, Nijmegen, Juli 1911 (D12.382454)
De drukkerij: Plan voor het bouwen van een boekdrukkerij met vier beneden en vijf bovenwoningen aan de Pikkegas te Nijmegen op een terrein kadastraal Sectie C Nos 5930 5931 6098 voor de heeren Gebr W en A J Janssen te Lent, Nijmegen, Juli 1911 (D12.382454)
De woningen: Plan voor het bouwen van een boekdrukkerij met vier beneden en vijf bovenwoningen aan de Pikkegas te Nijmegen op een terrein kadastraal Sectie C Nos 5930 5931 6098 voor de heeren Gebr W en A J Janssen te Lent, Nijmegen, Juli 1911 (D12.382454)
De woningen: Plan voor het bouwen van een boekdrukkerij met vier beneden en vijf bovenwoningen aan de Pikkegas te Nijmegen op een terrein kadastraal Sectie C Nos 5930 5931 6098 voor de heeren Gebr W en A J Janssen te Lent, Nijmegen, Juli 1911 (D12.382454)

Op 25-11-911 staat een advertentie dat Gebr. Janssen hun drukkerij hebben verplaatst naar de Pikkegas. (PGNC 25/11/1911). Een advertentie uit januari 1912 noemt als adres Pikkegas 27. PGNC 28/1/1912). In januari hebben ze daarbij ook een binderij ingericht. (PGNC 4/1/1914)

Vergroting en verbouwing Claase

Op 6-6-1914 vindt in opdracht van de Gebr. Janssen aanbesteding plaats van het “vergrooten en verbouwen van hun Drukkerij en Binderij aan de Pikkegas No. 27” door architect B.J. Claase (PGNC 31/5/1914).

Plan voor uitbreiding der drukkerij voor de heeren Gebroeders W. en A.J. Janssen, Mei 1914 (D12.382456)
Plan voor uitbreiding der drukkerij voor de heeren Gebroeders W. en A.J. Janssen, Mei 1914 (D12.382456)

Op 27 februari 1917 krijgen de Gebr. Janssen vergunning tot het uitbreiden van hun drukkerij in perceel Sectie C, No. 6163. (PGNC 1/3/1917). Deze bouwtekening heb ik vooralsnog niet gevonden.

Verbouwing en uitbreiding door Architect Estourgie

Op 12-9-1933 krijgt de “Firma Gebr. Janssen, alhier, en hare rechtverkrijgenden” vergunning tot het uitbreiden van de door elektriciteit gedreven zetterij, drukkerij en binderij in het perceel Pijkestraat 27, Sectie C, no. 6814. (PGNC 15/9/1933). Afgaande op de inventaris weergave van Estourgie heeft architect Estourgie deze uitbreiding ontworpen en tevens een uitbreiding in 1925. Bij de beschrijving inventarisnummer 140 staat:

“Pykestraat 27 (Pikkegas), Bouw van een arbeiderswoning; veranderen en uitbreiden magazijnen en werkplaats. Bouw van een kantoor; uitbreiding drukkerij
Opdrachtgever A.J. Janssen”, periode 1925 en 1933″. Estourgie ontwierp daarnaast de verbouwing van Pijkestraat 1, eveneens voor de Gebroeders Janssen.

40 jarig bestaan

40 jarig bestaan van Drukkerij Gebr. Janssen, november 1951 (GN44259 RAN)
40 jarig bestaan van Drukkerij Gebr. Janssen, november 1951 (GN44259 RAN)

In 1951 bestaat de drukkerij 40 jaar. “Al die tijd staat de heer A.J. Janssen aan het hoofd van zijn bedrijf, waarin twaalf personeelsleden werken, die al meer dan dertig jaar in zijn zaak werken. De laatste jaren is de heer Ph. Janssen zijn vader behulpzaam in de leiding.” (De Gelderlander 27/10/1951). In 1955 viert de boekdrukker Joh. Popping dat hij 40 jaar bij Drukkerij Gebr. Janssen in dienst is. Daarbij zijn“…het aantal 40-jarige en zilveren jubilarissen niet meer op vingers van twee handen te tellen.” (De Gelderlander 19/7/1955). In 1956 is C.L. Meuleman de 5e waarbij het veertigjarige dienstjubileum wordt herdacht (De Gelderlander 29/9/1956).

Verhuizing

Op 29-8-1968 verhuist de drukkerij, Drukkerij Gebr. Janssen N.V. , naar Energieweg 40 (toelichting bij foto F51520 Opening van Drukkerij Gebr.Janssen N.V., links burgemeester De Graaf en rechts directeur Flip Janssen.)

Ateliers en verbouwing

Pijkestraat gezien vanaf de Hessenberg (rechts) in de richting van de Lange Hezelstraat met op nummer 27 de Firma Michelotti, 1967 (Evert F. van der Grinten via F78973 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)
Pijkestraat gezien vanaf de Hessenberg (rechts) in de richting van de Lange Hezelstraat met op nummer 27 de Firma Michelotti, 1967 (Evert F. van der Grinten via F78973 RAN CCBYSA tevens Auteursrechthouder)

Op dit moment heb ik de ontwikkeling van de oude drukkerij nog niet volledig onderzocht. In ieder geval hebben in de oude drukkerij jarenlang ateliers gezeten.

Rond 2015 heeft hier een grote verbouwing in appartementen plaats gevonden. Dit was een onderdeel van 1 groot project waar naast deze drukkerij ook het oude Belgische Consulaat en de Kruittoren onder viel. Het renoveren van de Kruittoren viel uiteindelijk echter buiten de renovatie door Hermon Heritage.

3e gebouw links de Bijenkorf, Gezien vanaf het kruispunt Houtstraat - Lange Hezelstraat, in de richting van de Grote Markt, architect Reijnen, gedateerd 1925 (zal wat later zijn) (F34007 RAN)
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Verbouwing tot tweede winkel Warenhuis de Bijenkorf voor Keijser, Architect Reijnen

Stikke Hezelstraat 1926 Centrum, verloren gegaan in WOII

3e gebouw links de Bijenkorf, Gezien vanaf het kruispunt Houtstraat - Lange Hezelstraat, in de richting van de Grote Markt, architect Reijnen, gedateerd 1925 (zal wat later zijn) (F34007 RAN)
3e gebouw links de Bijenkorf, Gezien vanaf het kruispunt Houtstraat – Lange Hezelstraat, in de richting van de Grote Markt, architect Reijnen, gedateerd 1925 (zal wat later zijn) (F34007 RAN)

In 1926 vestigt P.A. Keijser zijn tweede vestiging van warenhuis De Bijenkorf (geen verband met de keten). Architect van deze verbouwing was W. Reijnen. In hoeverre de verbouwing ook uiterlijk heeft plaatsgevonden is mij nog niet bekend.

Het gebouw werd tijdens het bombardement van februari 1944 verwoest. Daarop vestigde Keijser zich in de Burchtstraat. De Duitsers staken deze echter in september 1944 in brand. Na een noodwinkel kon Keijser in 1954 de Bijenkorf weer openen in een nieuwe winkel aan de Burchtstraat.

Het PGNC schrijft bij de opening in 1926: “

’t Warenhuis “De Bijenkorf.”

Elk rechtgeaard Nijmegenaar neemt met belangstelling kennis van den vooruitgang en bloei van zijn stad. Hij verheugt zich er over dat ’t kleine Nijmegen van weleer, grootsteedsche allures heeft aangenomen dat het b.v. een “Passage” bezit en thans kan bogen op een “Warenhuis”.

Immers, de heer P.A. Keijser, die sinds vele jaren een zaak heeft in ’t perceel Lange Hezelstraat 10, opent heden in het pand Stikke Hezelstraat 42 een tweeden winkel, die den naam draagt ’t Warenhuis “De Bijenkorf”.

Door een practische verbouwing is men er in geslaagd een fraai, ruim winkelhuis te verkrijgen, dat berging biedt aan een grooten voorraad artikelen.

Men vindt er een ruime sorteering huishoudelijke-, luxe- en verlichtingsartikelen, verkrijgbaar tegen concurreerende prijzen.

Tevens treft men een speciale afdeeling  “’t Kinderparadijs” aan, die zeker de belangstelling der jeugd zal hebben. Ook hier veel verscheidenheid: de nieuwste Amerikaanse speelgoederen o.a. geluidgevende prentboeken, stoomachines, enz. Op de galerij zijn eenige duizenden poppen tentoongesteld, terwijl de bovenverdieping als magazijn is ingericht.

’t Geheel maakt een keurigen, solieden indruk, en dit pand is ongetwijfeld een aanwinst voor de Stikke Hezelstraat.

Rest ons nog te vermelden dat het gebouw is ontworpen door den heer W. Reijnen, architect, en dat met de uitvoering en inrichting belast waren de firma’s Tiemstra en Zn., aannemers; P. Gerrits, schilder; Horbeek, centrale verwarming; Jos. Kwakkernaat, elect. Installatatie; Langenhuizen, glas in lood; Bahlmann en Co., vloerbedekking.“ (PGNC 27/11/1926)

Verder lezen:

Burchtstraat 110 Nijmegen: Herbouw van de winkel van Keijser

In oktober 1954 opent G. Keijser op Burchtstraat 110 zijn nieuwe winkel (niet de keten). De oorspronkelijke winkel zat in de Stikke Hezelstraat. Toen deze tijdens het bombardement werd verwoest, opende de Bijenkorf (niet de keten) een nieuwe winkel op de Lange Burchtstraat. De Duitsers staken deze winkel in september 1944 in brand. Na een…

W. Th. Reynen, architect van verbouw en nieuwbouw in Nijmegen

W.Th. Reynen ontwierp veel sociale huurwoningprojecten voor de Woningvereeniging Nijmegen. Daarnaast komen we hem regelmatig tegen als ontwerper van woon-winkelpanden en bij de bouw en verbouw van winkels. Zijn bekendste gebouw is waarschijnlijk het voormalige Gerzon pand (tegenwoordig We), welke hij samen met J.A. Lelieveldt ontwierp.

Moeder Gods moaïiek van Jan van Eijk bij Titus Brandsmakapel 202308
#Nijmegen, Kunstwerken

Moeder Gods Mozaïek bij Titus Brandsmakapel, Jan van Eijk

1960 Titus Bransmakapel Kroonstraat 114 Centrum

Moeder Gods moaïiek van Jan van Eijk bij Titus Brandsmakapel 202308
Moeder God, mozaïek van Jan van Eijk bij Titus Brandsmakapel, augustus 2023

Boven de ingang van het vroegere Titus Brandsmakapel hangt “De Moeder Gods”. Het beeldt Maria en Kind af, een glasmozaïek van Jan van Eijk. Naast het feit dat het werk een mozaïek betreft, lijkt ook inhoud geïnspireerd te zijn op iconen van de oosterse kerk. Kortom: wat zien we op dit werk?

Het werk “behoort tot de monumentale kunst uit de wederopbouwperiode (1946-1965). In deze periode werkten architecten regelmatig samen met kunstenaars. Daardoor werden kunstwerken vaak mooi opgenomen in onderdelen van gebouwen…Hij ligt aan het einde van de as die rechtstreeks voert naar het heiligdom van de kapel. Van dezelfde kunstenaar is de schildering van Christus op de achterwand.”” (KOS)

Titus Brandsmakapel en Karmelieten

Zoals gezegd hangt het werk boven de ingang van de Titus Brandsmakapel. Deze wordt nog steeds zo genoemd, hoewel het haar religieuze functie inmiddels is kwijtgeraakt.

Titus Brandsma was van de Karmelieter orde. De kapel staat op de plek waar hij in de oorlog door de Duitsers werd opgepakt. In 1942 is hij vermoordt in het concentratiekamp Dachau.

Architectuur kapel

De architect Pieter Dijkema ontwierp de kapel in 1960. Daarbij verwijst hij naar het kamp, de barak en de gevangeniscel van Titus Brandsma. Voor de kapel staat een 12,5 meter hoge pyloon (steurtoren): een verwijzing naar een wachttoren. Tussen de palen hangt een bronzen plastiek van Frans Verhaak in de vorm van een mitrailleur.

Wat zien we?

Over dit werk is zeer weinig te vinden. Daarnaast heb ik (RE) tot nu weinig afbeeldingen van het werk van Jan van Eijk gevonden.

Bij het zien van het werk kom ik op een aantal gedachten en vragen, hopelijk zal ik een deel daarvan ooit kunnen beantwoorden (en mocht u kennis over dit werk, Jan van Eijk hebben, reageer graag).

Allereerst wil ik hierbij stellen dat ik nadrukkelijk geen kunsthistoricus of godgeleerde ben. Ik hoop dat ik hieronder voldoende onderscheid heb gemaakt tussen wat ik in bronnen heb gevonden en mijn eigen interpretatie.

Mede na het raadplegen van een aantal bronnen, zie ik de volgende dingen op het mozaïek, die ik hieronder verder zal behandelen.

  • Maria en Jezus
  • Rood, waarschijnlijk op de hand van Jezus?
  • Blauw, waarschijnlijk de mantel van Maria
  • 12 sterren rond het hoofd van Maria
  • Een kroon op het hoofd van Maria
  • Stralen (of bladeren?) achter Maria
  • Een sikkel onderaan
  • Groen, rechtsonder
  • Geel: een kroon rond Maria? Gele cirkels als wangen? Een cirkel rond de hand (van Jezus), Gele omlijsting
  • Wit/grijs: puur achtergrond?

Maria en Jezus

Allereerst zien we Maria en Jezus. Het schilderij van van Eijk wordt Moeder Gods genoemd. Bij de benaming Maria, Moeder Gods wordt benadrukt dat Maria, waaruit Jezus werd geboren, werkelijk de moeder van God is. Jezus is daarbij de tweede in de heilige 3-eenheid: Vader, Zoon en de Heilige Geest. Daarbij is Maria altijd maagd gebleven. Het feest wordt gevierd op 1 januari.

Daarbij kijkt Maria Jezus niet aan, maar de toeschouwer. Dit is om aan te geven dat zij de weg naar Jezus is. Tijdens en na de oorlog werd er volop aan Maria gebeden, dus de keuze van het thema van Maria Moeder Gods als mozaïek boven de ingang lijkt een logische.

Daarbij is Jezus niet als baby afgebeeld. Hier is duidelijk de invloed van de zogenaamde Hodegetria  (Wikipedia en hieronder) zichtbaar: “Het ‘kind’ heeft niets kinderlijks: het is een kleine volwassene, geboren met een volwassen geest, die in de linkerhand een boekrol (de Heilige Schrift) vasthoudt, en met de rechterhand een zegenend gebaar maakt (zoals de Pantocrator): dit is de Emmanuël (God-met-ons), de voorstelling van een baardeloze Christus, het symbool van de verlossing, van de tijdloze heilsbelofte van God.”

Beiden kijken serieus, plechtig.

Blauw

Detail Marie Moeder Gods Jan van Eijk blauw van de mantel?
Detail Marie Moeder Gods Jan van Eijk blauw van de mantel?

Vanaf de (late) middeleeuwen wordt Maria als moeder Gods meestal afgebeeld met blauwe mantel. Deze verwijst naar haar maagdelijkheid en naar het hemelse. Qua iconografie zou het blauw bij Maria Moeder Gods kloppen. Het is echter niet zeer duidelijk bij wie het blauw behoort. Lijkt het in ieder geval de sluier/mantel van Maria te betreffen? Maar waarom is dan de rest van de mantel/sluier niet ingekleurd? Artistieke vrijheid of is er meer aan de hand?

Duidelijk is het echter niet, aangezien een deel van het blauw ook door Jezus blijkt te gaan? Heeft Hij een blauw mantel aan, met wit tuniek? Of is het blauw zijn eigen vorm en zo ja, wat stelt het voor?

Rood, de hand van Jezus?

Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk rode hand
Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk rode hand

Het is niet helemaal duidelijk van wie de hand is, maar het meest logische is dat dit de hand en arm van Jezus is. Op Maria met Jezus schilderijen wordt soms ook een vooraankondiging van het Lijden van Jezus weergegeven. Dat lijkt hier ook het geval te zijn.

Op de hand is een rode cirkel geplaatst. Dit is of een rechtstreeks verwijzing naar het bloed. Het kan ook een symbolische druiventros zijn, welke ook een verwijzing is naar het bloed van Christus.

En heeft Hij in zijn andere hand (in de sikkel), boekrollen (tussen de sikkel en uitgestoken hand) vast?

Een kroon op het hoofd van Maria

Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk Kroon van Maria
Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk Kroon van Maria

Maria Koningin, of Heilige Maagd Maria, Koningin van hemel en aarde (Maria Regina) is een van de eretitels van Maria. Maria zou na het overlijden van Jezus en haarzelf gekroond zijn tot “Koningin van Hemel en Aarde”. Hoewel dit niet specifiek in de Bijbel voorkomt, komt deze uiting van Maria al sinds de middeleeuwen voor, zowel in de katholieke als orthodoxe kerk.

De basis hiervoor is het evangelie volgens Lucas “Hierin staat onder andere over Jezus geschreven, dat aan zijn koningschap geen einde komt. Hieruit is afgeleid, dat zijn Moeder Maria koningin is. Maria schenkt de mensen haar Zoon en dit tot verlossing van alle zonden. Maria neemt dan ook deel aan het verlossingswerk van haar Zoon en dus ook aan zijn koningschap….

Koningin Maria is de beschermheilige van de eeuwige redding van de mensen en zij is hierdoor medeverlosser. Door de verlossing van de dood en schuld kunnen de mensen het Rijk Gods binnengaan.” https://mariakamer.nl/verdieping/

(Het feest van Maria Koningin is ingevoerd in 1953-1954. Oorspronkelijk – en ook in 1960 toen van Eijk het werk heeft gemaakt, werd het gevierd op 31 mei. Vanaf het Tweede Vaticaans Concilie (1969) is dit feest op 22 augustus).

12 sterren rond het hoofd van Maria

Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk: 12 sterren rond haar hoofd
Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk: 12 sterren rond haar hoofd

Als Maria Koningen heeft ze 12 steren rond haar hoofd. Dit zijn de 12 stammen van Judea.

De maansikkel onderaan en de stralenkrans achter Maria

De maansikkel achter Mara (Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk)
De maansikkel achter Mara (Detail Maria Moeder Gods Jan van Eijk)
De stralenkrans of ster achter Maria Moeder Gods Jan van Eijk
De stralenkrans of ster achter Maria Moeder Gods

De maansikkel is 1 van de attributen van Maria, Moeder Gods.

Deze sikkel is overgenomen uit de klassieke oudheid, waar de maan vaak de moedergodin symboliseert en de maancyclus de verschillende levensfasen. Selene, Luna, Artemis en Diana hebben als maangodin allen een maansikkel van de nieuwe maan als hoofdtooi of attribuut.

In het Boek der Openbaringen (de Apocalyps) beschrijft de apostel Johannes een ‘apocalyptische vrouw op een maan(sikkel): “En er verscheen een groot teken aan de hemel: een vrouw, bekleed met de zon, de maan onder haar voeten en op haar hoofd een kroon van 12 sterren” (Joh. Openb. 12.1). ..Dit is een van de bronnen om de Madonna op een maansikkel te plaatsen, inclusief kroon met twaalf sterren en Jezus, verpersoonlijking van de zon.” https://www.museabrugge.be/collecties/kunst-werk/21-maria-op-de-maansikkel

Daarbij werd deze vrouw in de middeleeuwen uit de context van de Apocalyps gehaald en als voorstelling van de Maagd Maria gezien. De maan is dan symbool voor de wisselvalligheid van het leven, die door haar hemelvaart overwonnen wordt. Vaak staat ook een slang onderaan weergegeven, echter niet in het werk van van Eijk. Als moeder van Christus heeft zij dit kwaad overwonnen en bevindt zij zich als koningin in het paradijs.

Hoewel het vrijwel zeker lijkt dat het om zonnestralen gaat, kan ik twee ‘stralen’ moeilijk plaatsen:

  • De straal linksonder, die afkomstig lijkt uit de mantel van Maria
  • Onder de rode punt lijkt een figuur te zijn weergegeven dat aanvankelijk de arm lijkt. Maar wat is vervolgens de lijnen tussen de hand en hoofd van Jezus, die aan de andere kant lijken te worden doorgezet in de vorm van een straal?

Mogelijk stellen de “stralen” niet (alleen) van de zon, maar (ook) een ster voor, hoewel het echter gebruikelijk lijkt dat in de combinatie 12 sterren en de maansikkel ook het licht/de zon voorkomt. De kapel was van de orde der Karmelieten. Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel is de patrones van de zeelieden. Daarom heeft van Eijk misschien Maria als “Sterre der Zee” verwerkt

Groen, rechtsonder

Het groen is voor mij momenteel nog niet helder. Soms wordt een palmtak/olijftak weergegeven waar het groen op zou kunnen slaan.

Bij “Maria Koningin van de Vrede” is het Maria die een olijftak vasthoudt. Maria, Koningin van de Vrede wordt juist vaak in tijden van oorlog en onzekerheid aangeroepen. “Veel katholieken baden tijdens de Tweede Wereldoorlog tot de Koningin van de Vrede (Heilige maagd Maria) om gezin en huis te sparen voor het oorlogsgeweld. Vooral tijdens en na de Tweede Wereldoorlog trof men deze tegels steeds vaker aan. Na de bevrijding werd als dank zo’n tegel in de voorgevel, meestal naast de voordeur, aangebracht.“ (Kunst in Breda) Mogelijk heeft van Eijk deze olijftak/palmtak juist daarom willen invoegen?

Aan de andere wordt Jezus regelmatig afgebeeld met een groen tuniek, waarvan ik tot nu toe nog niet de betekenis ervan heb kunnen achterhalen. Is het dan toch Jezus met groene tuniek en een witte mantel? De dikke, zwarte lijn lijkt dan de schaduwkant van het lichaam van Jezus te zijn. Maar dan lijkt het lichaam van Jezus zonder handen zijn en dat is dan weer niet logisch.

Geel

Gele kroon van Maria Moeder Gods?
Gele kroon van Maria Moeder Gods?

Het geel bovenaan lijkt verklaarbaar: deze lijkt om het hoofd van Maria en zou of een kroon en/of een stralenkrans bedoeld te zijn. Daarnaast lijkt er een stralenkrans rond de hand van Jezus(?) te zijn. Waarom Maria 2 gele wangen heeft kan ik niet achterhalen, noch wat de gele omlijsting betekent.

Drie cirkels in mozaïek Maria Moeder Gods van Jan van Eyk
Drie cirkels

Wat echter mogelijk is, is dat de 3 gele cirkels de functie hebben om aan te geven dat Maria voor-, tijdens- en na de geboorte van Jezus maagd was. Het symbool hiervoor lijkt echter normaliter 3 sterren of een mantel vol sterren te zijn; mogelijk heeft van Eijk deze sterren geabstraheerd?

Wit/Grijs

Een groot deel van het werk is wit/grijs ingevuld.  Betreft dit slechts invulling of zit hier een diepere betekenis achter? En nogmaals: wat is de betekenis van het blauw, bijvoorbeeld: als dit de mantel is, waarom is de mantel dan niet geheel ingekleurd?

Welke Maria: Moeder Gods, geen Onze Lieve Vrouwe van de Berg Karmel?

Wat mij opvalt is dat er op deze prominente plek- de ingang- gekozen is voor een “Moeder Gods” en niet voor “Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel”.

De orde van de Karmelieten kent juist haar oorsprong doordat kluizenaars zich gingen vestigen op de berg Karmel, onder bescherming van de Heilige Maagd. Wikipedia: “Onze Lieve Vrouw van de Berg Karmel is de patrones van de zeelieden. Zij is de veilige haven, waarin wij onze toevlucht moeten nemen te midden van alle stormen van het leven.” Maria wordt daarbij afgebeeld met een bruine tuniek en een witte mantel (en eventueel op een wolk in plaats van een maansikkel).

Het lijkt opvallend dat de orde der Karmelieten op hun eigen site een -in ieder geval op het eerste gezicht- orthodox icoon plaatsen: https://www.karmel.nl/maria-onze-lieve-vrouw-van-de-berg-karmel/. Bovendien: ook in de Leenderkapel of Kapel van Onze-Lieve-Vrouw van de Berg Karmel, in de gemeente Landgraaf, staat een beeld van Maria Moeder Gods.

Mogelijk mogen deze uitingen van Maria toch door elkaar gebruikt worden of verwijzen ze naar hetzelfde; echter: hun feestdagen wijken bijvoorbeeld af van elkaar.

Inspiratie uit het oosten

Our Lady of Kazan in Makaryev Monastery (17th century, photograph by Sergey Prokudin-Gorsky), wikipedia
Our Lady of Kazan (1850s reproduction), Wikipedia

Het mozaïek van van Eijk lijkt geïnspireerd te zijn op oosterse iconen. Ook de vorm van een mozaïek komt -meen ik- vaker voor in de oosterse dan in de westerse kerk.

Moeder Gods van Kazan

Een van de belangrijkste inspiraties lijkt die van de Moeder Gods van Kazan te zijn, een van de belangrijkste iconen uit de Russisch Orthodoxe kerk. Opvallend aan dit icoon is dat Maria vanaf haar schouders is afgebeeld in plaats vanaf haar middel. Dit komt overeen met het werk van van Eijk.

Daarbij kijkt Maria in het origineel niet naar Jezus, maar naar de toeschouwer, evenals bij van Eijk. In de -vele- gevonden kopieën wisselen de al-dan-niet naar Jezus kijkende Maria’s elkaar af.

Daarbij lijkt een van de kenmerken te zijn dat haar hoofd schuin staat, gericht naar Jezus. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld dat van Smolensk (zie hieronder).

Ook de plaats van Jezus, staand/opgericht, komt met het werk van van Eijk overeen; deze positie lijkt echter niet alleen specifiek voor dat van Kazan te zijn. Ook is Jezus niet afgebeeld als baby, maar ook daarin is Kazan niet uniek.

In ieder geval bij Kazan versies lijk ik wel Jezus met een blauw en tuniek en witte mantel tegen te komen. Een voorbeeld is: https://orthochristian.com/125205.html

Version of the Theotokos of Smolensk by Dionisius (c. 1500), Wikipedia

Waar het werk in ieder geval afwijkt is de rode hand, die waarschijnlijk van Jezus is. In het icoon van Kazan maakt Jezus een zegenend gebaar.

Andere iconen als Onze-Lieve-Vrouw van Altijddurende Bijstand, de Onze-Lieve-Vrouw van Smolensk, een zogenaamde Hodegetria,   en/of varianten daarop lijken andere inspiratiebronnen. Daarin is er nadrukkelijk sprake van een Maria die de bezoeker aankijkt in plaats van Jezus. In het geval van Smolensk kijkt ook Jezus de bezoeker aan. Daarmee krijgen deze schilderijen tevens iets verhevens en plechtigs.

Het is mij nog niet duidelijk of bij Smolensk de verwijzing van Maria “alleen” de verwijzing naar Jezus betekent of ook naar Zijn lijden.

Dat is in ieder geval wel het geval met de Altijddurende Bijstand, waarin door de handen vast te houden en de schuilende Jezus expliciet wordt gerefereerd naar de kruisiging.

Bij van Eijk is er echter wel een verwijzing naar het lijden van Christus, maar de aankondiging door Maria ontbreekt. Bij Smolensk iconen houdt Jezus tevens een schriftrol vast, (waarschijnlijk) evenals bij van Eijk.

Ook bij de Smolensk Kopieën kom ik een versie van Jezus met blauwe tuniek en witte mantel tegen: https://nl.cultureoeuvre.com/10708247-as-the-and-nbsp-day-of-the-smolensk-icon-of-the-mother-of-god-is-celebrated.

(De afbeelding van Onze-Lieve Vrouwe van Altijddurende Bestand zal voor veel mensen bekend met het Rooms-Katholieke geloof zeer bekend zijn. Niet alleen in religieuze gebouwen, maar ook in veel huizen is/was een afbeelding te vinden. Deze afbeelding wordt tot de westerse kerk gerekend, maar wel geïnspireerd op de oosterse kerk).

Jan van Eyk

“Johannes Lodevicus Nicolaas (Jan) van Eijk (Helmond 18 april 1927 – ‘s-Hertogenbosch 24 januari 1988 (60)) was een beeldhouwer, graficus, pentekenaar, schilder en tekenaar. Zijn werk bestaat uit mozaïeken, wandschilderingen, altaar schilderingen en vrij schilderwerk.

Hij studeerde aan de Kunstacademie van ’s-Hertogenbosch. Vanaf 1948 werkte hij in een atelier. In 1954 verhuisde van Helmond naar Gerwen naar een houten vakantiehuisje, welk hij uitbreidde naar een zelfgebouwd atelier. In 1955 trouwde hij met Miny van Beek. In 1963 verhuisde het gezin naar Helmond. In 1967 verhuisden ze naar Heeswijk. In 1988 is hij overleden.

Opvallend is dat er over de kunstenaar weinig op internet gepubliceerde werken te vinden zijn. Tot nu toe heb ik op 2 sites werken gevonden:

  • Op de site van museum de Wieger in Deurne staan een aantal schilderijen uit de jaren 80.
  • Op de site van Abbe Museum staat een schilderij uit 1965: “Gezin”, niet in hun vaste collectie

Onder andere op Wikipedia staat dat hij beïnvloed werd door Constant Permeke (en Edgard Tytgat ). Opvallend is dat die invloed in bovenstaande schilderijen goed is te zien, terwijl het mozaïek een werk van een compleet andere maker lijkt.

Het meest uitgebreide overzicht heb ik gevonden bij:  https://www.artindex.nl/lexicon/default.asp?id=6&num=0451900087086030541161277009850910506231

Bronnen

Bronnen

https://kos.nijmegen.nl/overzicht-kunstwerken/

https://www.museabrugge.be/collecties/kunst-werk/21-maria-op-de-maansikkel

https://www.beleven.org/feest/maria_koningin

https://rkkerkjoppe.nl/maria-zon-maan/

https://web.archive.org/web/20070302014255/http://www.katholieknederland.nl/heiligenkalender/index_januari_10280.html

https://orthochristian.com/95528.html

https://orthochristian.com/125205.html

Blauw in de Kunst: Waarom draagt Maria altijd een blauwe jurk?

https://kunstinbreda.wordpress.com/religieus/maria-tegels-en-beeldjes

Bossche Encyclopedie | A.F.A.M. (Ton) Wetzer © 2003-2023 versie 12.0  https://www.bossche-encyclopedie.nl/personen/eijk,%20johannes%20lodevicus%20nicolaas%20van%20(1927-1988).htm?p1=_index.1.htm?title=Personen&t1=Personen&title=Johannes%20Lodevicus%20Nicolaas%20van%20Eijk

Wikipedia

https://nl.wikipedia.org/wiki/Heilige_Maagd_Maria_van_de_berg_Karmel

https://nl.wikipedia.org/wiki/Hodegetria

https://nl.wikipedia.org/wiki/Karmelieten

https://nl.wikipedia.org/wiki/Koningin_van_de_Vrede

https://nl.wikipedia.org/wiki/Kroning_van_Maria

https://nl.wikipedia.org/wiki/Leenderkapel

https://nl.wikipedia.org/wiki/Madonna_(kunst)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Maria_(moeder_van_Jezus)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Maria_Koningin

https://nl.wikipedia.org/wiki/Maria_Moeder_van_God

https://nl.wikipedia.org/wiki/Onze-Lieve-Vrouw_van_Altijddurende_Bijstand

https://en.wikipedia.org/wiki/Our_Lady_of_Kazan

https://nl.wikipedia.org/wiki/Theotokos

Kruittoren Kronenburgertoren met vijver
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Kruittoren of Kronenburgertoren

1425/1426, Parkweg 11, Kronenburgerpark Centrum

Kruittoren Kronenburgertoren met vijver
Kruittoren oftewel Kronenburgertoren met vijver, de fontein staat niet aan, september 2023

Toen Nijmegen haar vestingstatus verloor, was het blij dat ze nu eindelijk lucht kon krijgen door haar vestingwerken te slopen. De Kruittoren of Kronenburgertoren is samen met de rest van de muur met torens in het Kronenburgerpark een van de weinige overblijfselen van de middeleeuwse verdedigingswerken. Het was vooral van Rijkswege dat de toren en de muur behouden bleef. Daarbij was het idee om rond de toren een park aan te leggen: het Kronenburgerpark.

Deze toren is 30 meter hoog. De toren heeft 2 geledingen, waarbij elke geleding een weergang met kantelen heeft. De toren bestaat uit 4 verdiepingen. De onderste 2 daarvan hebben koepelgewelven, de 3e een houten zoldering en de 4e de open dakkap. Onderling zijn de verdiepingen verbonden met stenen trappen. Op elke verdieping kon geschut geplaatst worden.

Abonneren

Voer je e-mailadres hieronder in om updates te ontvangen.

Eerste vermeldingen en functie

Eerste vermelding

In vrijwel alle gevonden artikelen over de Kruittoren wordt het jaartal 1425/1426 genoemd, waaronder de site van Rijksmonumenten.

Van Schevichaven in oktober 1895: “Cronenborch, tegenwoordig Kronenburger toren. Misschien de “Neye taern by der Heselpoorten”, die in 1420 vermeld wordt. Tusschen 1425-26 wordt er bij die Hezelporte weder een nieuwen toren gebouwd. Den naam Cronenborch hoort men voor het eerst in 1511.”

In de Gelderlander 19/9/1941 staat echter: “Deskundigen deelen mede, dat de Kronenburgertoren, de z.g. Kruittoren, dateert omstreeks het jaar 1540 en niet kan teruggebracht worden tot de 15e eeuw.” (De Gelderlander 19/9/1941). Het is mij nog onduidelijk wie deze deskundigen zijn.

Betekenis naam

Tot nu toe is het mij niet bekend waar de naam Kronenburgertoren vandaan komt. Een aantal bronnen noemen dat op de toren een kroon als teken van de keizerskroon zou zijn geplaatst. Op schilderijen (zie hieronder) heb ik tot nu toe 1 aquarel gevonden waarop mogelijk een kroon te zien is. Dat kan creatieve vrijheid zijn geweest; aan de andere kant is het mogelijk dat ik tot nu toe alleen schilderijen gevonden heb met een toren zonder kroon, omdat deze er inmiddels was afgevallen of anderzins verloren is gegaan.

Bescherming Hezelpoort

De buitenzijde van de Hezelpoort : Rechts rondeel met erboven de spits van de Kronenburgertoren. Onderschrift in album (zie foto 26.120) luidde: "1872 Uitgang van de 2e poort van de Hezelpoort (Rondeel) met den Kronenburgertoren erachter. (Zie het ambtenarenhuisje) Thans park". De foto komt voor op pagina 8 van het album. De foto meet daar 97x 16 jan. 1938, 1872 (GN10959 RAN)
De buitenzijde van de Hezelpoort : Rechts rondeel met erboven de spits van de Kronenburgertoren. Onderschrift in album (zie foto 26.120) luidde: “1872 Uitgang van de 2e poort van de Hezelpoort (Rondeel) met den Kronenburgertoren erachter. (Zie het ambtenarenhuisje) Thans park”. De foto komt voor op pagina 8 van het album. De foto meet daar 97x 16 jan. 1938, 1872 (GN10959 RAN)

Een belangrijke reden dat de toren zo hoog is, is dat deze toren oorspronkelijk gebouwd is als hoektoren: vanaf deze plek maakte de stadsmuur een knik. Dit veranderde bij de aanleg van een nieuwe stadsmuur welke de huidige muur met de Roomsche Voet en Sint-Jacobstoren bevat.  De Kronenburgertoren had daarbij als belangrijke functie om te zorgen voor de verdediging van de Hezelpoort. Deze lag in een lager gedeelte van Nijmegen, naar de kant van de rivier “en nimmer een der hechtste bolwerken der vesting is geweest”. De Kronenburgertoren kon echter de gehele Benedenstad bestrijken (De Gelderlander, 19/9/1941)

Het is opvallend dat deze toren in haar huidige vorm bewaard is gebleven: in de tijd van bogen en katapulten hadden hoge torens een belangrijk voordeel: hoe hoger, hoe makkelijker te verdedigen. Bij de komst van de kanonnen verdween dit voordeel. Sterker: hoge torens hadden een nadeel: door deze torens met kanonnen te beschieten werd het een gevaar voor de eigen verdedigers vanwege vallende brokstukken. In veel gevallen werden dergelijke hoge torens verlaagd.

Poortje

Het waarschijnlijke uitvalspoortje bij Kruittoren, september 2023
Het waarschijnlijke uitvalspoortje bij de Kruittoren, september 2023

In hetzelfde artikel schrijft Van Schevichaven over het toegemetselde poortje: “Beneden in sommige torens waren er sortiepoortjes, die met mijngangen in verbinden stonden, zooals men nog ziet in de ruïne van den Waltoren tussen de Belvedere en St.Jorisstraat. Het toegemetselde poortje in den muur links van den Kronenburgertoren, had dezelfde bestemming en werd misschien gemaakt in 1619, althans in dat jaar wordt de stadsmetselaar betaald voor arbeid “aen die minne (mine) by Cronenburger toorn”. (PGNC 27/10/1895)

Van hieruit trok kolonel van Gendt hier uit “toen hij in juli 1672 de Franschen ten koste van zijn leven uit de buitenwerken van Nijmegen verjoeg.” (Ter Haar 1892, geciteerd door Rob Essers).

Gebruik van de toren buiten oorlogen

Een krantenartikel uit 1949 over de Kronenburgertoren noemt dat Nijmegen acht keer de vijand voor haar wallen zag. Het is onbekend of het artikel daarmee de Kronenburgertoren of park bedoeld of de wallen in het algemeen.

Uit hetzelfde artikel blijkt dat de toren ook gebruikt wordt voor terechtstellingen, bijvoorbeeld van David Veiss in 1579. Hierbij gaan mensen in feestelijke kostuums kijken hoe hij wordt gevierendeeld. In vredestijd werd de toren verhuurd door de magistraat. Het artikel noemt: “Nu eens als pakhuis, dan weer als woonplaats van kleine stedelijke ambtenaren. Ja zelfs een tijdlang als “duivenhuis”, want het houden van duiven… ook als gevangenis werd de toren wel gebruikt, vooral om er fruit- en grasdieven in op te sluiten.” (De Gelderlander 14/4/1949)

Restauratie Cuypers en aanleg Kronenburgerpark

Rijksadviseurs de opdracht van het ministerie van financiën om te onderzoeken of het zinvol is de Kronenburgertoren te handhaven. De conclusie eind mei 1876 is: de muur van 1567 met de toren is gaaf bewaard en kan ‘in een fraai en cierlijk wandelpark herschapen’, ‘een cieraad der gemeente Nijmegen’ worden”” (De maakbaarheid van het verleden). Ook bepleitten de adviseurs om een deel van de stadsmuur te behouden; dit is een “welkom motief” voor de parkaanleg.

Financiën is aanvankelijk bereid om ook de Kronenburgertoren aan de gemeente over te dragen. Dit lijkt Victor de Stuers niet raadzaam. Tevens wil hij een gebied rondom de toren Rijkseigendom laten blijven, zodat ook dit gebied beter beschermd kan worden en er met het architectonisch en historisch karakter van het gebouw rekening kan worden gehouden. De toren en de omgeving van 45 meter in de omtrek blijven daarom eigendom van het Rijk. In maart 1881 draagt Domeinen de toren en het omliggende gebied over aan Binnenlandse Zaken.

De staat van de toren

Waar de vestingmuur erg verbrokkeld is, is de onderbouw van de toren nog redelijk gaaf. De tweede geleding is meer aangetast. De resten van de kantelen staan er slecht bij: veel is verbrokkeld en hoewel de oostkant nog op volle hoogte staat, lijkt deze te wankelen.

Voor een grondige renovatie is het schoonmaken van het metselwerk, het aanbrengen van voegwerk, het maken van kraagstenen, spuwers en klinkervloeren aan de galerijen en het openen der schietgaten nodig.

Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)
Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)

In november 1877 krijgt Cuypers opdracht tot herstel van de toren. De aannemer C.H. Peters zal het werk uitvoeren onder toezicht van J.J. van Langelaar. In 1878 wordt begonnen met het werk. Voor het metselwerk moeten ‘harde oude steenen in kleur en grootte overeenkomend met het oude werk’ gebruikt worden. In 1883 vinden de laatste werkzaamheden plaatst en “plaatst men de keizerskroon op het dak”.

Adelaar als windvaan?

In 1883 wordt dus een adelaar op de Kronenburgertoren geplaatst. Sommige bronnen stellen dat de Kronenburgertoren de naam zou hebben verkregen vanwege de Keizerskroon.

De 1-koppige adelaar uit 1883

Detail van de Kronenburgertoren met walmuur en vijver . Op de achtergrond de Spoorbrug, 1885 (Roger Viollet, H. via F56989)
Detail van de Kronenburgertoren met walmuur en vijver . Op de achtergrond de Spoorbrug, 1885 (Roger Viollet, H. via F56989)
Detail

De adelaar die door Cuypers is geplaatst heeft maar 1 kop. “…en die met een adelaar als windwijzer prijkt. Een adelaar… zeg ik met opzet. De Nijmeegsche adelaar, dien hij waarschijnlijk moet voorstellen, is het niet, want die is tweekoppig en deze heeft maar éen kop. (…)” (Ter Haar 1892, zoals weergegeven door Rob Essers in zijn straatnamengids)

De adelaar in het wapen van Nijmegen heeft 2 koppen. De adelaar met 2 koppen is namelijk het wapen van het Heilige Roomse Rijk. Toen Nijmegen in 1230 de rechten van vrije rijksstad van het Heilige Roomse Rijk kreeg, verkreeg ze daarbij ook het recht de 2-koppige adelaar als haar wapen te hanteren. Een recht waarop Nijmegen in de middeleeuwen trots zal zijn geweest; het lijkt mij (RE) ondenkbaar dat -mocht er in de middeleeuwen of in de eeuwen daarna- ooit een adelaar als windwijzer zijn geplaatst, dit een andere zou zijn geweest dan een 2-koppige adelaar.

Maar in ieder geval dus een adelaar als windvaan in 1883, waarschijnlijk als teken van voltooiing van de restauratie.

Verwijdering en nieuwe windvaan

De windvaan wordt in 1941 verwijderd. Sinds de “laatste stormen” (De Gelderlander 19/9/1941) was de windvaan uit evenwicht en hing vervaarlijk voorover. Uit een ander artikel blijkt dat intussen een vleugel was afgebroken en dat de keizerskroon, waarop de adelaar stond, gedeeltelijk  was vergaan. In 1941 ontbrak echter geld om de adelaar te vervangen.

De windwijzer op de Kruittoren voorstellend de adelaar in de gestalte van een Phoenix bedoeld als zinnebeeld der steeeds herhalende vernieuwing, 1960 (J.F.M. Trum via F53307 RAN CC-BY-SA)
De windwijzer op de Kruittoren voorstellend de adelaar in de gestalte van een Phoenix bedoeld als zinnebeeld der steeeds herhalende vernieuwing, 1960 (J.F.M. Trum via F53307 RAN CC-BY-SA)

Daarom moest gewacht worden tot 1953. Daarbij werkten 3 generaties koperslagers van de familie Traurig aan de windwijzer. Vader Traurig, in de tachtig, maakte het drijfwerk van de koperen ringen. De loodgieter Traurig en zijn negentienjarige zoon werkten mee aan de keizerskroon en de vogel. Het artikel noemt het “het nest voor de phoenix”, als een symbool voor de wederopbouw van de stad. (De Gelderlander 28/4/1953) (Een leuk artikel over de firma Traurig vind je hier op Noviomagus).

Windvaan historisch?

.Het is mij onbekend of in de middeleeuwen of op een later tijdstip ooit een windvaan is geplaatst. Op een aantal oude foto’s en schilderijen lijkt geen windvaan te zien te zijn. Het kan echter ooit ook afgevallen zijn en bij schilderijen kan de schilder een creatieve interpretatie hebben weergegeven.

Hieronder staan een aantal details van schilderijen weergegeven. Op het 2e schilderij is er sprake van een vlag, die op de andere schilderijen ontbreekt. ook heeft deze toren iets op de spits, wat een kroontje zou kunnen zijn (hoewel de keizerskroon rond is). Juiste weergave of interpretatie?

De stadwal en de Kronenburgertoren (Kruittoren) , een doek van Pieter Franciscus Peters Sr. ( 27-11-1787 - 10-1-1867), datering 1840 (F56790 RAN)
De stadwal en de Kronenburgertoren (Kruittoren) , een doek van Pieter Franciscus Peters Sr. ( 27-11-1787 – 10-1-1867), datering 1840 (F56790 RAN)
Het gezicht op de stadswal bij de Hezelpoort en de Kronenburgertoren (Kruittoren) : een tekening van Jan Willem van Druijnen (16-5-1790 - 21-4-1854), datering 1850 (F19244 RAN
Het gezicht op de stadswal bij de Hezelpoort en de Kronenburgertoren (Kruittoren) : een tekening van Jan Willem van Druijnen (16-5-1790 – 21-4-1854), datering 1850 (F19244 RAN)
De Kruittoren (Kronenburgertoren) (uit 1425-1426) , met daarvoor schaatsenrijders op een bevroren gracht, de walmuur met de Hezelpoort (links) en de St. Hubertusmolen (Havenmolen) (op de achtergrond) ; een doek van Peter Martinus Post (Nijmegen 17 oktober 1819 - 2 juni 1860), datering 1850 (F56789 RAN)
De Kruittoren (Kronenburgertoren) (uit 1425-1426) , met daarvoor schaatsenrijders op een bevroren gracht, de walmuur met de Hezelpoort (links) en de St. Hubertusmolen (Havenmolen) (op de achtergrond) ; een doek van Peter Martinus Post (Nijmegen 17 oktober 1819 – 2 juni 1860), datering 1850 (F56789 RAN)
De Kronenburgertoren (Kruittoren) (uit 1425-1426) ; een aquarel van Gerrit van Druijnen (22-2-1825 - 25-6-1876), datering 1850 (F56793 RAN)
De Kronenburgertoren (Kruittoren) (uit 1425-1426) ; een aquarel van Gerrit van Druijnen (22-2-1825 – 25-6-1876), datering 1850 (F56793 RAN)

Naam Kruittoren

Het dak van de Kruittoren (Monumentendag 10-9-2024)
Het dak van de Kruittoren (Monumentendag 10-9-2024)

Naast Kronenburgerpark toren wordt de toren ook Kruittoren genoemd. Opvallend dat de toren maar enkele tientallen jaren deze functie heeft gehad: vanaf 1850 was de Kronenburgertoren de plaats waar het kruit in vredestijd was opgeslagen.

Zoals Schevichaven opmerkt, is de naam “Kruittoren” gebonden aan deze functie. En kan deze naam in de loop der tijd verschuiven, op het moment dat in een andere toren het kruit wordt opgeslagen. Tot 1815 had de toren, die wij vooral kennen onder de naam Belvedère, deze functie.

Eigendom Rijk en huur Tuinonderhoud

Om te voorkomen dat de toren zou worden gesloopt, bleef deze eigendom van de Staat. Tot 15 januari 2016 was de Rijksgebouwendienst eigenaar. Vanaf 2016 is de Stichting Monumentenbezit eigenaar van de toren.

In 1883 huurt de gemeente de Kronenburgertoren van de Staat voor f1, aanvankelijk om hier het tuingereedschappen voor het onderhoud van de park te kunnen bergen. ( PGNC 31/7/1883). Deze regeling zal tussen het Rijk en de gemeente jarenlang blijven gelden en wordt elke 5 jaar vernieuwd. In ieder geval tot in de jaren 50 vindt de betaling van 1 gulden plaats.

(PGNC 15/11/1887, PGNC 5/1/1893, PGNC 6/2/1898, De Gelderlander 28/6/1903, De Gelderlander 13/5/1908; in 1913, PGNC 13/1/1913, PGNC 17/8/1918, PGNC 12/5/1923, PGNC 13/6/1928, PGNC 22/3/1933, PGNC 1/3/1939)

Onderhoud 2022

Kronenburgertoren ingepakt vanwege onderhoud, oktober 2022
Kronenburgertoren ingepakt vanwege onderhoud, oktober 2022

Na de restauratie van Cuypers zijn er nog verschillende onderhoudswerkzaamheden geweest, in ieder geval in 1941 en begin van de jaren 50.

Vorig jaar, 2022, vonden de laatste onderhoudswerkzaamheden plaats: loszittend of ontbrekend metselwerk aan de kantelen wordt hersteld, waar nodig het voegwerk en herstel van natuursteen en de dakbedekking van de omloop werd gerenoveerd. Daarnaast vonden er verfwerkzaamheden plaats, waarbij de windvaan opnieuw werd verguld.

 Zoals te zien op de foto, was de toren in die tijd opvallend rood ingepakt.

Huidig gebruik: Atelier en museum

Grootmoeders keuken in de Kronenburgertoren (september 2024)
Grootmoeders keuken in de Kronenburgertoren (september 2024)

De kunstenaar Johan van Dinteren heeft hier ongeveer 40 jaar zijn atelier. Daarnaast is Grootmoeders keuken er gevestigd, waar je bij een kop koffie allerlei oude keukenspullen kunt bekijken.

Beeld, liggend op de omloop van de Kruittoren (september 2024)
Beeld, liggend op de omloop van de Kruittoren (september 2024)

Bronnen

Weerspiegeling Kruittoren in de vijver (oktober 2024)
Weerspiegeling Kruittoren in de vijver (oktober 2024)

https://www.kronenburgerparknijmegen.nl/pages/stadsmuur-en-torens/kruittoren-in-het-kronenburgerpark.php

wikipedia, Monumentenbezit

https://www.noviomagus.nl/OudNijmegen/Stadswallen/Kruittoren/Kruittoren.htm

https://monumentenbezit.nl/monumenten/kronerburgertoren/

De maakbaarheid van het verleden. P.J.H. Cuypers als restauratiearchitect(1995)–A.J.C. van Leeuwen

https://www.intonijmegen.com/blijf-op-de-hoogte/verhaal/grootmoeders-keukenmuseum-verstopt-in-de-kruittoren

Onderhoud Kronenburgertoren, 22 oktober 2022

https://www.noviomagus.nl/Vrij/Kruittoren/KruittorenCat.html foto’ van de de huidige tijd (aantal jaren geleden)

https://www.noviomagus.nl/Gastredactie/Berkel/Berkel.htm

PGNC 5/3/1918

In de Betouwstraat 17 19 architect van den Boogaard 202309. Het valt nu nauwelijks meer op dat de nummers 17 en 19 bij elkaar horen. Architect van den Boogaard 1883
#Nijmegen, Gebouw van de dag

In de Betouwstraat 17 -19 architect van den Boogaard

1883 In de Betouwstraat 17-19 CentrumIn de Betouwstraat is een van de eerste straten die aangelegd is na de sloop van de vestingwerken. In 1880 kreeg het haar naam.

In de Betouwstraat 17 19 architect van den Boogaard 202309. Het valt nu nauwelijks meer op dat de nummers 17 en 19 bij elkaar horen. Architect van den Boogaard 1883
Nummer 17 is inmiddels alweer jaren bekend als Habbekrats. Op nummer 19 is de nachtopvang van de Nunn, september 2023.

In de Betouwstraat is een van de eerste straten die aangelegd is na de sloop van de vestingwerken. In 1880 kreeg het haar naam. In 1883 ontwerpt architect A. van den Boogaard voor Leo Maussen een herenhuis en magazijn. Nummer 17 is inmiddels alweer jaren bekend als Habbekrats. Op nummer 19 is de nachtopvang van de Nunn.

Op 10 maart 1883 vindt aanbesteding plaats van “het bouwen van een heerenhuis en magazijn aan de In de Betouwstraat te Nijmegen” in opdracht van den heer Leo Maussen. De architect is A. van den Boogaard. Afgaande op het Gemeenteverslag 1883 was Maussen de aanvrager van de bouwvergunning.

Stijl

“Eclectische gevels uit 1883 hebben de brede dwarse huizen In de Betouwstraat 17-19, naar ontwerp van A. van den Boogaard, en In de Betouwstraat 21-25, naar ontwerp van W. van der Roest” (Monumenten in Nederland).

Bij de aanwijzing tot gemeentelijk monument:

“Monumentaal pand in twee bouwlagen met souterrain. Plat dak met schilddak, waarin gewijzigde dakkapellen aan de straatzijde. De gevel bestaat uit rechts een vier-assig deel met souterrain, en links een bredere as in twee bouwlagen, die een brede koetshuisdeur bevat, eindigend in een tympaan op de gootlijst.

Bakstenen gevel met gepleisterde sokkel; de etages zijn gescheiden door zwaar geprofileerde lijst. De as links wordt omlijst door pilastervormige gestucte lijsten; een dergelijke lijst is ook rechts aangebracht. Vensters van de benedenetage met gestucte omlijsting, gebogen bovendorpel en ornamentale bekroning. Vensters op de etage rijk omlijst, met gestucte sokkel, rechte bovendorpels en een uitkragende kroonlijst met afzonderlijke bekroningen van stucwerk. Oorspronkelijke T-vensters zijn nog slechts gedeeltelijk bewaard. Terugliggende voordeur in de middelste as. Vlakke gootlijst met grote reeks getande consoles.

Karakteristiek laat-negentiende eeuws woonhuis van zeer royale, voor Nijmegen uitzonderlijke breedte. Van groot belang in de straatwand.”

Leo Maussen

Leonard Hubert Maussen (of Leo Maussen) is op 16 september 1850 geboren te Nieuwenhagen (in Zuid Limburg). Hij vestigt zich voor korte duur in Nijmegen: op 26 oktober 1882 gaat hij wonen in de Gapersgas Wijk C Nr 5. Hij is dan afkomtis van Nieuwenhagen. Op 25 juli 1883 vertrekt hij naar Veghel. (Bevolkingsregister 1880 -1890 )

Hij trouwt met Gesina Maria Carolina Völker (16-8-1863 Veghel) op…  Ze krijgen 4 kinderen:

Ook na zijn vertrek komen wij Maussen nog tegen in Nijmegen:

  • Op 26/10/1889 maakt hij zijn testament bij notaris Hekking (in Nijmegen) op, waarbij hij alles nalaat aan zijn vrouw.
  • Hij doet mee aan het kegelconcours bij Sociëteit Burgerlust (7e prijs bij de Wedstrijd op de Vrije Banen, 5 worpen; PGNC 1/7/1891)
  • Maussen koopt op 1-5-1900 2 huizen aan de van Slichtenhorststraat Sectie B nummers 2892 en 2893 van de aannemer Smits
  • Maussen koopt op 30/4/1902 vier heerenhuizen en een huis met afzonderlijke bovenwoning, gelegen aan de van Spaenstraat en de Fransche Straat te Nijmegen en kadastraal aldaar bekend in Sectie B nummer 2792 van de aannemer Smits. Hij laat zich vertegenwoordigen door de heer Maria Adrianus Völker.
  • Op 29/6/1918 verkoopt hij van Spaenstraat 35 (Sectie B 3242) aan de fabrikant Dirk van Hulst.

Maussen overlijdt op 29 januari 1921.

Voor 1883 wordt hij bij belastingaanslag ingedeeld in klasse 5: een vermoedelijk inkomen van f 2000 – f2999 (PGNC 14/4/1883).

Opvallend is, dat wanneer Gesina van hun oudste dochter Maria Hubertina Godefrida op 4 juni 1891 in Veghel bevalt, er ook een aankondiging in de Gelderlander is. (De Gelderlander 10/6/1891).

Deze Maria komt overigens op 9-jarige leeftijd een jaar in Nijmegen te wonen: van 11-9-1900 – 6-9-1901 op de Lange Burchtstraat 24. Hier wonen meerdere kinderen voor kortere tijd (ik (RE) moet nog uitzoeken wat voor aard adres dit is). (Bevolkingsregister 1890).

Eigenaar J.B. Werner

Op 1-3-1902 verkoopt hij via de heer Marie Adrianus Völker het gebouw aan Josephus Bernardus Werner, koopman te Nijmegen:
“ een huis en erf, kadastraal aldaar bekend in Sectie B nummer 789, als huis en erf, groot vijf aren, twintig centiaren, door den lastgever in eigendom verkregen bij een onderhandse acte van koop en verkoop, getekend te Nijmegen den vijf en twintigsten April achttien honderd drie en tachtig…”

J.B. Werner heeft zelf zijn adres op In de Betouwstraat nummer 9 (adresboek 1902, 1903, 1905, 1907, 1908, 1909, 1910-1911, 1912-1913, 1914-1915, 1915-1916, 1916, 1918).

In 1912-1913 is het ook: “Werner, Jos. B., firma Gebrs. Reijners, Manufacturen en gros.) op de In de Betouwstraat 9. (en 1913-1914, 1914-1915). Ongeveer de eerste 20 jaar lijkt Werner het pand zelf niet te gebruiken.

Gebruikers pand

Wie zijn dan wel de gebruikers van het pand? Helaas is de eerst gevonden gebruiker C. Brücher in het Adresboek van 1898.

C. Brücher

C. Brücher is fabrikant tot zuivering van bedveren (PGNC 2/12/1884) in de Hezelstraat.

In het Bevolkingsregister van 1880 komt hij nog voor op de Stikke Hezelstraat D no 42. Uit het Bevolkingsregister over 1890 – 1900 blijkt dat hij in deze periode verhuist is naar In de Betouwstraat 17. Dan is ook zijn beroep “Winkelier” doorgestreept.

Carl Brücher is op 6 oktober 1824 geboren in Glandorf (Hannover), iets meer dan 25 kilometer onder Osnabrück. Hij is getrouwd met Carolina Francisca Holthaus (21-9-1823 in Cloppenburg (Pruisen), ongeveer 75 kilometer boven Osnabrück).

Gebruikers nummer 17

 Naam OpmerkingWoningkaart / AdresboekenAantekening
C. BrücherIn 1898 Zb (=zonder beroep)1898, 1899, 1901, 1902, 1903, 1905, , 1907, 1908, 1909, 1910-1911, 1912-1913, 1913-1914 
Herbermann (wed) geb M.E.F. Brücher 1899, 1901, 1902, 1903, 1905, 1907, 1909, 1910-1911 
Mej. A.J.F. Brücher 1914-1915, 1915-1916, 1916 
Kantoor Kantoor Gebr. Reiners Groothandel in Manufacturen Van Rooy en Co 3 regels onder elkaar bij aanteekeningen Woningkaart 
Kantoor 1926, 1928 
    
St.-Aloysisus bibliotheek van St.-Aloysisus Congregatie 1931Oa De Gelderlander 11/4/1931
Parochiehuis Lijkt 1937, 1938 en 1939 te zijn dat “agenda” in de krant staatOa De Gelderlander 13/11/1937 De Gelderlander 2/7/1938 De Gelderlander 21/1/1939  

Brücher en familie lijkt het pand in ieder geval de jaren 1898 tot rond 1915 te hebben gebruikt. Daarna is de op dit moment eerst gevonden vermelding in de adresboeken uit de jaren 20 als kantoor. Op de woningkaart is de eerste vermelding “Gebr Reiners”, het bedrijf van Werner.

In ieder geval in de jaren 30 lijkt het pand in gebruik te zijn door katholieke verenigingen/als Parochiehuis. Opvallend daarbij is dat er daarvan geen vermelding op de Woningkaart voorkomt.

In de Betouwstraat 19

In de Betouwstraat 19: In 1986 zit Betimex in het pand, (KN14208-8 RAN)
In de Betouwstraat 19: In 1986 zit Betimex in het pand, (KN14208-8 RAN)
 Naam Opmerking Woningkaart + Adresboek Aantekening
Dr. C.J. v. Duijlgeneesheer1899, 1901, 1902, 1903, 1905, 1907, 1908 
J.E. Cool 1902, 1903, 1905, 1907, 1908, 1909, 1910-1911 
Kantoor Singer MaatschappijArtikel voor cursus bordurenPGNC 23/10/1903 
Leeg? 1912-1913, 1913-1914 
J.W. Schoonman 1913-1914, 1914-1915, 1915-1916 
H.J.H. SmitKellner1913-1914 
Mej. H.J. Holman 1915-1916, 1916, 1918, 1920 
P.J.J.A. v.d. Dungen 1916, 1918 
    
F.J.M. Werner 1924 
Werner, J.B. , fa. Gebrs. Reijnersmanufact. en gros.1924 
P.H.M. Werner 1924, 1926 
Wed. J.B. Werner, geb. H.M.A. Broekman 1926, 1928Op de Woningkaart 1920 staat zij op de eerste 2 regels, met 4 3 1923 3m;
Molhuijzen Wed. Johan G.A.C.geb. Hanewinkel Perpetua Johanna  Te Hees R.K. Jeugd Verb. Canisisus Parochie; boekhouder … De weduwe staat op de 3e regel; de R.K. vereniging is mogelijk de volgende gebuiker en heeft dan niets met de weduwe te maken
St. Canisius-parochiehuis De Gelderlander 9/5/1931 
St. Aloysius-Bibliotheek 1932 
    
Bernardus J.G. ThomassenSlagerWoningkaart + 1936, 1938, 1940Hij staat ook weer onder Basch op de woningkaart
Basch Kurt Israel? Woningkaartbij aantekening 7-10-97 (wat 1897 zal zijn) Ir:?
    
    
Propaganda-dienst R.K. Staatspartij 1938, 1940 
    
Raes, Wed. C. geb. Th.M.A. Thomassen 1948Op Woningkaart: Cyrillus, Bij aantekening: 10-1-18 bakker gezin
Gerardus K.I.H. ThomassengezinWoningkaart 
Völcker Wed. M.J.J.B. geb Schoon Adrianagezinwoningkaart 
Firma van Rooy & Co.Iig 1956 zowel 17 als 19De Gelderlander 26/7/1951, De Gelderlander 30/10/1956 

Ook van nummer 19 zijn tot nu toe geen gegevens voor 1898 gevonden. De eerste gebruikers zijn dokter C.J. v. Duijl en J.E. Cool, tot ongeveer 1910. De jaren 20 lijken een wisselende bewoning hebben gehad. Het is niet bekend in hoeverre nummer 17 en nummer 19 met elkaar in verband stonden: het gebouw was immers gebouwd als woning en magazijn, maar het is goed mogelijk dat deze door afzonderlijke gebruikers betrokken waren.

In ieder lijkt in de (loop van?) jaren 20 Werner zowel nummer 17 als 19 betrokken te hebben.

Ook in de jaren 30 komen in de adresboeken een aantal vermelding van katholieke instellingen/verenigingen voor.

Leden van de familie Thomassen lijken voor langere tijd gebruiker van nummer 19 te zijn geweest.

De firma van Rooy komt in de jaren 50 weer voor als gebruiker van zowel 17 als 19.

Huidige gebruikers

In 1940 vindt een verbouwing en uitbreiding plaats , tekening december 1940. Opdrachtgever is W. Bult, architect is M.E. Veugelers

In 1975 vindt een verbouwing plaats in opdracht van Sengers Textielhandel, Lange Hezelstraat 75. Het ontwerp is van architectenbureau ing. M.E. Veugelers. (D12.499361)

Momenteel (september 2023) is Habbekrats alweer jaranlang de gebruiker van nummer 17. Op nummer 19 bevindt zich de nachtopvang van de Nunn.

Verder lezen

Drie generaties Van den Boogaard, architecten van Nijmegen en omgeving

Architecten Van den Boogaard 3 Generaties met 4 architecten Van den Boogaard. De eerste is beeldhouwer/architect Antonius van den Boogaard. Vervolgens Michael van den Boogaard, die zich veelal “A. van den Boogaard” blijft noemen, hetzij naar de bureaunaam hetzij naar zijn 2e voornaam. Vervolgens zijn daar zijn zonen Jacques en Harry. Van den Boogaard: 3…

voormalig Kreymborg Ziekerstraat 2 Molenstraat 5 7 architect Kramer
#Nijmegen, Broerstraat, Centrum, Gebouw van de dag

Kreymborg architect Kramer

1953 Ziekerstraat 2/Molenstraat 5-7

Kreymborg in november 1955 hoek Molenstraat Ziekerstraat met auto's . Verkeersdrukte op het kruispunt Ziekerstraat - Molenstraat - Plein 1944 en de Korte Molenstraat, kort voordat het klapbord van de verkeersregelaar wordt vervangen door een draagbaar verkeerslicht, november 1955 (J.H.W. Schellinx via ZN36365 RAN CC-BY-SA)
Kreymborg in november 1955 hoek Molenstraat Ziekerstraat met auto’s. Verkeersdrukte op het kruispunt Ziekerstraat – Molenstraat – Plein 1944 en de Korte Molenstraat, kort voordat het klapbord van de verkeersregelaar wordt vervangen door een draagbaar verkeerslicht, november 1955 (J.H.W. Schellinx via ZN36365 RAN CC-BY-SA)

In september 1953 opent Kreymborg haar nieuwe nieuwe winkel op de hoek van de Ziekerstraat en Molenstraat. Deze is herbouwd op de plek waar haar gebouw stond dat tijdens het bombardement van februari 1944 is verwoest. Dit is de laatst gevulde hoek van de 4 hoeken van de belangrijke kruising Molenstraat/Broerstaat en Ziekerstraat/Plein1944. Opvallend daarbij is, dat alle 4 ontwerpen een plat dak hebben.

Historie pand Kreymborg

Links op de hoek met rond uithangbord de oude Kreymborg winkel. Vergelijkend met de bovenste foto staat de nieuwe Kreymborg tevens op de plek van een kapper en 't Jagershuis. Het portaaltje heeft het bombardement wel overleefd en is een restant van de verwoeste Petrus Canisiuskerk. Deze is gesloopt bij de bouw van de nieuwe Petrus Canisiuskerk oftewel Molenstraatkerk (afb. RAN - GN5358)
Links op de foto met rond uithangbord de oude Kreymborg winkel (afb. RAN – GN5358)

Kreymborg zit sinds 1930 in Nijmegen.

Op de bovenstaande foto staat links op de hoek met rond uithangbord de oude Kreymborg winkel. Vergelijkend met de bovenste foto staat de nieuwe Kreymborg tevens op de plek van een kapper en ’t Jagershuis. Het portaaltje heeft het bombardement wel overleefd en is een restant van de verwoeste Petrus Canisiuskerk. Deze is gesloopt bij de bouw van de nieuwe Petrus Canisiuskerk oftewel Molenstraatkerk.

Nadat haar pand was verwoest, zat ze op tijdelijke plekken.

Naoorlogs gebouw door architect Kramer

Het nieuwe gebouw is ontworpen door F. Kramer van het Architectenbureau Kramer en Balabrega uit Haarlem. De aannemer was (de heer Konings van) Aann. Mij Nederland te Nijmegen.

Kreymborg is nog net juist op de voorgrond te zien. Het is mooi om te zien hoe de panden op elke hoek van de kruising verschillen, maar toch een soort uniformiteit hebben: De kruising Molenstraat , Plein 1944 , Broerstraat en Ziekerstraat (met rechts de Gebrs. Voss , in het midden Drogisterij Nickel en links de zelfbedieningswinkel van Jansen-Hendriks), 1954 (Foto Grijpink via F46491 RAN CC-BY-SA)
Kreymborg is nog net juist op de voorgrond te zien. Het is mooi om te zien hoe de panden op elke hoek van de kruising verschillen, maar toch een soort uniformiteit hebben: De kruising Molenstraat , Plein 1944 , Broerstraat en Ziekerstraat (met rechts de Gebrs. Voss , in het midden Drogisterij Nickel en links de zelfbedieningswinkel van Jansen-Hendriks), 1954 (Foto Grijpink via F46491 RAN CC-BY-SA)

Bij de opening schrijft De Gelderlander 25/9/1953:

“Nadat de aanwezigen in de gelegenheid waren gesteld om de directie geluk te wensen sprak de wethouder M. Duives een woord van felicitatie namens de gemeente Nijmegen. Spr. uitte zijn grote voldoening over het resultaat hetwelk op dit punt van de Stad is bereikt. Vier jaar geleden toen de fa. Voss haar gebouw tot stand had gebracht vroegen we ons af: hoe lang zal het nog duren voordat de vier hoeken compleet zijn, aldus spr. Veel besprekingen zijn aan de bouw vooraf gegaan. Spr. was zeer verheugd dat dit mooie pand thans behoorlijk aansluit aan het entree van de nieuwe stad.

De architect, de heer Kramer sprak hierna een woord van gelukwens en bood de directie een raampje aan in een van de paskamers. Het stelt de Phoenix als symbool van eeuwige verjonging.”

Kreymborg is op een later tijdstip naar de Burchtstraat verhuisd. Momenteel zit ING in het pand.

Architect F. Kramer

voormalig Kreymborg Ziekerstraat 2 Molenstraat 5 7 architect Kramer
voormalig Kreymborg Ziekerstraat 2 Molenstraat 5-7 Huidig ING (augustus 2023)

Zoals gezegd was F. Kramer de architect. Hij ontwierp voor Kreymborg meerdere panden: Over de architect Kramer is nog weinig te vinden, daarom wordt op deze plaats hier wat uitgebreider bij stil gestaan.

Leven

Frederik Marinus Kramer is  geboren 18-5-1902 te Amsterdam en overleden na 1977. Kramer verhuisde na zijn huwelijk in 1928 naar Haarlem, Koninginneweg 46. Kramer was in de jaren 50 aanvankelijk geassocieerd met achtereenvolgens de architecten C. den Heyer en later met J.M. Balabrega. De bureau’s waren gevestigd op Kenaupark 1 en Nieuwe Gracht 76 in Haarlem.

Gevonden werken

Hieronder staan de gevonden werken weergegeven:

Voor Kreymborg:

  • Verbouwing hoek Barteljorisstraat-Grote Markt, Haarlem, 1955 (Nieuwe Haarlemsche courant, 12-01-1955)
  • Verbouwing met uitbreiding, Venlo, 1959 (Dagblad voor Noord-Limburg,19-03-1959)
  • Grote Markt 10 Den Haag, samen met C. den Heijer, 1965- 1966; Monumentenzorg Den Haag: “Op geraffineerde wijze markeert dit gebouw de hoek van twee winkelstraten in het centrum van Den Haag: de Grote Markt en de Boekhorststraat. In de behandeling van de gevels komt de hiërarchie tussen beide straten duidelijk tot uiting: open en transparant naar de belangrijkste straat, de Grote Markt en meer gesloten naar de zijstraat. Opvallend is het fraaie spel van de volumes waaruit het pand is opgebouwd: de insnijdingen en de verspringingen maken het zeer levendig waardoor het zich uitstekend voegt in de bonte rij van historische gebouwen. Het vormt een voorbode van de diversiteit van de jaren zeventig architectuur”. Tevens een afbeelding van het pand.
  • Schapenmarkt 9-15 Den Bosch, samen met C. den Heijer, 1968: “In de jaren na de Tweede Wereldoorlog werd steeds minder teruggegrepen op de historisch gegroeide waarden en kwam een vernieuwingsdrang in de architectuur tot uitdrukking.
    Op het eerste oog is bij dit pand sprake van grootschaligheid. Door de invulling van de gevel en de toegepaste kleuren en materialen is hier echter een storende massaliteit voorkomen. De zichtbare gevelhoogte sluit goed aan bij de naastgelegen gebouwen. Ook de wijze waarop het dak door haar verdraaiing ten opzichte van de gevel is gerealiseerd, maakt dat dit gebouw ondanks de forse omvang toch past in de omgeving.” Architectuurgids ‘s-Hertogenbosch

Amsterdam

  • winkelpui van banketbakkerij Holtkamp, Vijzelgracht 15, 1928
  • schoenenzaak van de firma Huf aan de Burgemeester De Vlugtlaan 143 (ontwerp: 1957)
  • schoenenzaak van de firma Hoogenbosch, Osdorpplein 41 (ontwerp ca. 1964)

Overig

  • Kleiweg 22 Gouda: bouw trap naar verkoopruimte op 2e verdieping. Opdrachtgever: J.C. Raming N.V. Kramer & Balabréga 1949/1950
  • In Archief van Architectenbureau G. Husslage zitten “Ontwerptekeningen in lichtdruk voor de filialen van de firma s Hoogenbosch, Kreymborg, Meyjes & Höweler, Modemagazijn Witteveen en Mundheim aan het Osdorpplein, in samenwerking met de architecten F.M. Kramer, C. den Heijer en C.J.G. van Gestel”, waarbij het op dit moment onduidelijk is (en niet verder uitgezocht) of het ontwerp van Kramer (en dan waarschijnlijk in samenwerking met den Heijer) alleen de firma Hoogenbosch betreft of ook de overige panden (waaronder een Kreymborg).

Bronnen

Cuypersbulletin: Nieuwsbrief van het Cuypersgenootschap, Vereniging en Stichting tot behoud van negentiende‐ en twintigste‐eeuws cultuurgoed in Nederland. jaargang 20 ‐ 2015 ‐ nummer 1 (Pdf)

Het Nieuwe Instituut

Post 65 architectuur in Den Haag 1965-1995, Monumentenzorg Den Haag (Pdf)

https://www.bossche-encyclopedie.nl/panden/schapenmarkt%207.htm

Archief van Architectenbureau G. Husslage en rechtsvoorganger

oude Spaarbank Nijmegen Marienburg 67 architect 20221016.jpg
#Nijmegen, Gebouw van de dag

Bijbank Nederlandsche Bank

1910? 1913 (opening), Mariënburg 67 Centrum

oude Spaarbank Nijmegen Marienburg 67 architect 20221016.jpg
oude Spaarbank Nijmegen Marienburg 67 (oktober 2022)

Het witte pand aan de Mariënburg vooral bekend als spaarbank. Oorspronkelijk is het gebouwd als bijbank van de Nederlandsche bank. Architect Salm ontwierp het gebouw in de Um-1800 stijl.IN 1953 vond een verbouwing plaats door A. van der Kloot.

De bank

Het witte pand aan de Mariënburg is gebouwd als gebouw van de Nederlandsche bank.

Bankwet 1863, maar nog niet in Nijmegen

Bij de Bankwet van 1863 had de Nederlandsche Bank opdracht gekregen om in het hele land agentschappen te openen. In Rotterdam moest een bijbank komen en in elke provincie moest minimaal 1 agentschap geopend worden. Op 18 mei 1864 werden de bijbank en de 12 agentschappen geopend. Echter: Nijmegen hoorde hier nog niet bij.

Bouw Bank

Vanaf 1865 had de Nederlandsche Bank echter wel een correspondent: A. Noorduyn & Zonen, gevestigd op Korte Brouwerstraat 9. In 1872 verhuisde de firma naar de Oude Haven 88. De Nederlandsche Bank kocht zelf een pand op de Stikke Hezelstraat-Augustijnenstraat in 1872. Eind 19e eeuw was het pand te klein geworden en daarom besloot de Nederlandsche Bank een nieuw gebouw te bouwen. Zij liet deze bouwen op de Mariënburg, welk gebied zich ontwikkelde tot financieel centrum van Nijmegen. De bouw vond plaats op een voormalig kazerneterrein.

Architect Salm

Het gebouw was een ontwerp van de beroemde architect Abraham Salm ((1857-1915). uit Amsterdam. De meeste van zijn ontwerpen zijn voor utiliteitsbouw. Hij was huisarchitect van de Nederlandsche Bank. Dit gebouw is het laatste gerealiseerde werk van Salm. Het beeldhouwwerk is gemaakt door G. van Eembergen.

De historiserende Um-1800 stijl

Behalve de witte  muren, vallen allereerst de klokgevels op.

De Gemeentelijke Monumentenlijst: “voorgevel een typisch voorbeeld van historiserende architectuur uit de vroege 20ste eeuw, die teruggrijpt op klassieke motieven en tegelijk ook op late Duitse barok, en daarom wel um 1800-stijl genoemd. De luchtig overkomende gevel is in zijn geheel bijzonder en heeft nog vele markante elementen in opbouw en stucco decoraties. Het interieur kent nog slechts enkele originele, of anderszins bijzondere, elementen, zoals de kluizen in de kelder en de betimmerde achterkamer in de tweede bouwlaag. Met de typische gevel vormt het pand een zeldzaam voorbeeld in Nijmegen van een bedrijfsgebouw in deze historiserende stijl uit de vroege 20ste eeuw en heeft daarmee aanzienlijke architectuurhistorische waarde.”

Op de begane grond zijn de koppen van Mercurius, de Romeinse god van de handel, te zien. Boven de ingang zijn aan beide kanten de wapens van Nijmegen en Gelderland aangebracht.

Modern voor die tijd, was dat de bank gebouwd was in een constructie van gewapend beton. Hierbij waren ook de muren, vloeren en dakconstructie van beton. Dit, om de brandveiligheid te vergroten. Het gebruik van beton op het dak maakte tevens de constructie van het gekromde zadeldak mogelijk.

Vervolg

Het gebouw heeft de Tweede Wereldoorlog overleefd, ondanks een ontploffing die voor het pand plaatsvond. Dit kwam door de toen moderne betonconstructie, die juist vanwege de brandveiligheid was gebruikt. Wel was het gebouw van binnen geheel uitgebrand. In 1945 vond er een provisorische verbouwing plaats.

Gelderse Spaarbank Nijmegen

De Spaarbank anno 1850 na verbouwing van der Kloot Marienburg 67, 1954-1960 (GN6750 RAN)
De Spaarbank anno 1850 na verbouwing door van der Kloot, 1954-1960 (GN6750 RAN)

Een andere bank wilde het gebouw graag kopen: zij had niet zo veel ruimte nodig als de Nederlandsche Bank en bovendien kon zij gebruik maken van de kluizen, die intact waren gebleven. Daarop besloot de Directie van de Nederlandsche Bank tot verkoop en in Njimegen een nieuw, ruimer gebouw te laten bouwen. (De Gelderlander 6/5/1954) Vanaf 1954 vestigde de Gelderse Spaarbank Nijmegen zich in het pand.

Verbouwing 1953 A. van der Kloot

De verbouwing werd uitgevoerd door A. van der Kloot, waaronder een nieuw dak en torentje. Hierbij werd het Rijkswapen in de top vervangen door een bij- en honingraatmotief (symbool van de spaarbank). Bovendien kwamen er stalen vensters. De gekromde vensters op de begane grond zijn een reconstructie van 1910.

Naamsveranderingen

Daarna veranderde de bank van naam door een aantal fusies: allereerst die met de Nutsspaarbank Nijmegen tot de Bondspaarbank. Deze ging weer op in de Gelders-Utrechtse Bank in 1973 (of 1970)?. In 1987 fuseerden verschillende spaarbanken in de Samenwerkende Nederlandse Spaarbanken (SNS), tegenwoordig De Volksbank.

De bank werd gesloten in 1999. Vanaf dat moment was het jarenlang in gebruik als kantoor.

Bronnen en verder lezen

Gemeentelijke Monumentenlijst

De Nederlandsche Bank, Noviomagus

Bijbank van de Nederlandsche Bank, Wikipedia

De Nederlandsche Bank, Wikipedia

Bijbank Nederlandse Bank Nijmegen, Resnova

Muurschildering Boom Shakalak Naamloozz Remco Visser Nieuwe Marktstraat 202308
#Nijmegen, Kunstwerken

Muurschildering Boom Shakalak Naamloozz Remco Visser

2021 Nieuwe Marktstraat

Muurschildering Boom Shakalak Naamloozz Remco Visser Nieuwe Marktstraat 202308
Muurschildering Boom Shakalak, Naamloozz en Remco Visser Nieuwe Marktstraat, foto augustus 2023

De muren van de Nieuwe Marktstraat zijn beschilderd met gele, rode en groene gebouwen. Bovendien zijn er boxen van Boom Shakalak Records geschilderd. Boomshakalak Soundsystem had op dat moment Boomshakalak Records opgericht en zou haar eerste single gaan uitbrengen. Voor het artwork wilde zij graag samenwerken met Naamloozz (Kenneth Letsoïn, 1972 Almelo). In overleg met de gemeente werden de muren van de Nieuwe Marktstraat gekozen: een rouwe plek, die wel een kleurtje kon gebruiken in de vorm van een kleurrijke stad. Naamloozz voerde het kunstwerk samen met Remco Visser uit. Boom Shakalak had haar artwork -op haar website is te zien hoe het artwork wordt gebruikt-, Nijmegen was als cadeau een kleurrijke mural rijker.

De foto is een detail van de mural die verder doorloopt. Behalve de schildering van de kleurige huizen zelf vind ik het vooral mooi dat de fietsen en de bomen er achter het beeld van de stad ‘af’ maken.

Als Collectief Verfbaar hebben Remco Visser en Naamloozz tevens de tegenover liggende muurschildering gemaakt, de Oudste stad van Nederland.

Andere werken bij de Nieuwe Marktstraat/Hezelpoort:

De Gaper, Linda Arts

2020, Hezelpoort/Lange Hezelstraat Nadat bewoners langere tijd hadden geklaagd over overlast en de smerigheid van de tunnel, besloot de gemeente…

Bron

De Nieuwe Marktstraat opgefleurd door vrolijke street-art, Babs Bingen in indebuurt.nl, 5-4-2021

Meisje met de beer uit 2022 Kerkegasje bij Broerstraat Pipsqueack was here foto augustus 2023
#Nijmegen, Kunstwerken

Meisje met de beer Pipsqueak was here!!!

2022 Kerkegasje bij Broerstraat Centrum

Meisje met de beer uit 2022 Kerkegasje bij Broerstraat Pipsqueack was here foto augustus 2023
Meisje met de beer uit 2022 Kerkegasje bij Broerstraat Pipsqueack was here foto augustus 2023

In het Kerkegasje, aan de kant van de Broerstraat is sinds 2022 een muurschildering van een meisje en een beer, een werk van Pipsqueak was here!!!.

Pipsqueak was here!!!

Pipsqueak was here!!! is een samenwerking van Willem en Denise, oftewel Willem Verburg and Denise Jansen. Voorheen noemden zij zich Plusminus Produkties.

Op streetart.nl: “Sinds 2008/2009 werkt het duo onder de naam Pipsqueak was here!!! Deze naam is zeer bewust gekozen. Een ‘Pipsqueak’ is een klein, penetrant, onbelangrijk persoon waar niemand acht op slaat, door de toevoeging ‘was here!!!’ wordt hij extra belangrijk in al zijn onbeduidendheid.”

Meisje en beer

Meisje met de beer samen uit 2022 Kerkegasje bij Broerstraat Pipsqueack was here foto augustus 2023
Meisje met de beer samen uit 2022 Kerkegasje bij Broerstraat Pipsqueack was here foto augustus 2023

In het werk van Pipsqueak was here!!! staat tegenstrijdigheden centraal. streetart.nl “Als logo hebben zij een meisje en een beer. Deze dient als metafoor voor de mens in zijn relatie en omgang met de natuur. Het oorspronkelijke beeld komt van een waarschuwingsbord ‘Caution children at play’ uit de jaren vijftig, dat zij tegenkwamen tijdens een bezoek aan Maui. Het beeld van een meisje en een beer is een terugkerend thema in hun werk geworden. ‘Sometimes you eat the bear, sometimes the bear eats you’.”

Aankijken

Meisje van Meisje en Beer 202308 Meisje kijkt je aan

Op hun site (vertaald): het werk van PWH!! bevat vaak een kind in interactie of in de aanwezigheid van een ander dier. Dit is niet zonder reden. Het is bewezen dat mensen de meeste empathie voelen voor afbeeldingen van kinderen, dieren en vrouwen, in die volgorde. De kinderen en dieren in de schilderingen van Pipsqueak was here!!! staren je in het gezicht. Door recht in hun ogen te kijken, merken twee mensen elkaars bestaan op en worden ze verantwoordelijk voor elkaar.”

Teksten en tekens als waarschuwingssignalen

Beer van meisje met beer door Pipsqueak Broerstraat

Een ander kenmerk van het werk van Pipsqueak was here is het gebruik van teksten en tekens op de achtergrond. Zij zijn bedoeld als waarschuwingssignalen om minder te consumeren.

Voor geluk, welzijn en succes wordt vaak verondersteld dat het nodig is om meer spullen te hebben. Deze groei heeft echter consequenties: we handelen op een roekeloze manier, door meer natuurlijke hulpbronnen, meer ruimte en door minder natuur voor andere bewoners van deze planeet over te laten. De dieren die worden weergegeven, zijn dus daadwerkelijk bedoeld als dieren, als weergave van de natuur. Er is weer een grotere balans tussen de mensheid en de wereld nodig.

Dankzij Dorsoduro: E127 Erytrosine synthetic pink (r) is zo’n tekst. Het betreft een kunstmatige kleurstof, die voor voedingsmiddelen wordt gebruikt. Het is kersroze en staat ook bekend als tetrajodofluoresceïne. Meisje met de beer Pipsqueak was here!!!
Dankzij Dorsoduro: E127 Erytrosine synthetic pink (r) is zo’n tekst. Het betreft een kunstmatige kleurstof, die voor voedingsmiddelen wordt gebruikt. Het is kersroze en staat ook bekend als tetrajodofluoresceïne. Meisje met de beer Pipsqueak was here!!!
"Priere de ne pas s'écarter des chemins": Verzoek om niet van de paden af te dwalen. Meisje met de beer Pipsqueak was here!!!
“Priere de ne pas s’écarter des chemins”: Verzoek om niet van de paden af te dwalen. Meisje met de beer Pipsqueak was here!!!

Bronnen

De volgende sites zijn gebruikt als bron. De meeste van de sites hieronder laten (tevens) ander werk zien.

http://pipsqueakwashere.blogspot.com/

https://pipsqueakwashere07.tumblr.com/

https://www.street-art.nl/tag/pipsqueak/

https://www.streetart.nl/nl/kunstenaars/profielen/pipsqueak_was_here_.htm

https://www.downtoart.be/kunstenaars/pipsqueak-was-here/

https://www.kunst.nl/kunstenaars/pipsqueak-was-here/