De panden van Cafétaria Centrum Expresse; de Schoenhandel Holland; Fotohandel Verwey; de Parfumeriezaak Albers, en een gedeelte van Boekhandel Kloosterman, 1952 (Commissariaat van Politie, Afd. Fotografie via F31792 RAN)
In 1952 komt het pand van parfumerie Albers gereed. De architect hiervan was Rodenburg. Het pand van Albers aan de Houtstraat was verwoest als gevolg van het bombardement van februari 1944. Het pand welke zij vervolgens aan de Burchtstraat had betrokken ging in september 1944 in vlammen op.
Bouw van een winkelpand aan het Centrumplein te Nijmegen voor de heer J.E. Albers te Hees, stempel datum ingekomen 1 maart 1950, architect Rodenburg. (D12.412466). Het betreft het rechtse pad. De 3 panden ernaast zijn eveneens van Rodenburg. Op D12.412464 staat een kruis over deze 3 panden. Daar staat ook 2 bovenwoningen in de titel toegevoegd.
De Gelderlander in maart 1952 naar aanleiding van de opening:
“Nieuw zakenleven aan het Plein 1944:
Parfumerie J.E. Albers
De laatste winkel in het nieuwe complex winkels aan het Plein 1944, aansluitend aan boekhandel Kloosterman, is gistermiddag in gebruik genomen. De heer J.E. Albers heeft er zijn zaak in parfumerieën en bijouterieën in gevestigd en zij vond daarmede eveneens eindelijk haar definitieve bestemming. De zaak van de heer Albers werd op 22 Februari 1944 aan de Houtstraat vernield. Zij werd verplaatst naar de Burchtstraat, maar werd daar op 17 September een prooi der vlammen. Na de bevrijding werd onderdak gevonden in een der noodwinkels aan het Mariënburg en van daar kwam de zaak naar ’t Plein 1944, waar ze gistermiddag onder grote belangstelling geopend werd.
Plein 1944 146 Parfumerie Albers nu Ici Paris
Wethouder Duives kwam namens het gemeentebestuur de gelukwensen aan de familie Albers aanbieden en vertelde ons, dat hij zeer verheugd was over de vorderingen, welke thans met de bouwerij in het stadscentrum worden gemaakt; iedere week een nieuwe zaak de deuren open, daar komt het eigenlijk toch op neer. En de wethouder vond dit lang geen gek resultaat.
Ook deze zaak is een schepping van architect Rodenburg, die een welhaast ideale indeling maakte van deze verkoopruimte, waarin artikelen van wel zeer uiteenlopende aard tesaam gebracht worden. Het eerste gedeelte van de winkel kan men n.l. vergelijken met een soort hall, waarvan aan de ene kant de parfumerie-afdeling is en aan de andere kant de bijouterieen uitgestald worden. Al het houtwerk is uitgevoerd in licht eikenhout, de muurvitrines zijn indirect verlicht en voor de bijouterieënafdeling hebben deze vitrines nog ene crème achtergrond gekregen. Met de coloriet-vloer is hier een bijzonder fraai geheel geschapen, waarin de dames (maar ook de heren!) zich wel thuis zullen voelen.
Het aannemersbedrijf Molenaar voerde ook deze bouw uit. Er waren zeer veel bloemstukken.“
(De Gelderlander 29/3/1952)
Let ook op de balkons in trapeze vorm (augustus 2023)
Burchtstraat 2: tegenwoordig zit in dit pand Douglas (augustus 2023)
De bouw van de herenkledingzaak van Dijk en Witte zorgde voor de voltooiing van de oostzijde van de wederopbouw van de Broerstraat. Het nieuwe pand staat (nagenoeg) op de plek waar het vooroorlogse pand heeft gestaan. In 1892 begon van Dijk en Witte een confectiemagazijn op de Grote Markt 8. Na de Tweede Wereldoorlog was dit pand onteigend en gesloopd. Op (vrijwel?) dezelfde plek bouwde de firma een nieuwe zaak. Rodenburg was hiervan de architect.
De Gelderlander schrijft bij de opening in september 1955:
“Van Dijk en Witte in het hartje stad verrezen
Op de hoek van de Broerstraat en de Burchtstraat, juist tegenover de historische Blauwe Steen is een modern gedistingeerd zakenpad verrezen, dat uit hoofde van de firma welke er haar bedrijf in heeft heropende, een andere voor Nijmegen historische traditie tot nieuw leven brengt. De fa. van Dijk en Witte, sinds 1892 in de Keizer Karelstad gevestigd, kon namelijk vanmorgen onder enorme belangstelling haar nieuwe ruimten voor heren- en jongenskleding officieel openen. De nieuwe zaak welke thans het gebouw op de Markt, dat vanwege de herbouw van de stad tegen de grond moest, vervangt, betekent de hoeksteen voor de thans voltooide bebouwing van de Broerstraat aan de Oostzijde. Het fraaie gebouw betekent tevens een van de belangrijkste aanwinsten van de hernieuwde city waarvan de voltooiing naar alle verwachting in 1956 kan worden gevierd.
Het was de president-commissaris van Van Dijk en Witte, de heer J. Taminiau, die vanmorgen bij de openingsplechtigheid de vele prominente aanwezigen onder wie de burgemeester met mevrouw Hustinx en wethouder M. Duives begroette om daarna het woord te geven aan de architect, de heer R.G. Rodenburg, die een korte inleiding hield alvorens hij het gebouw aan de fa. van Dijk en Witte ovverdroeg. Spr. bracht dank aan de Aannemer de fa. Nederland voor de wijze waarop ze dit pand, op een betrekkelijk klein terrein, in een zeer groot tempo heeft tot stand gebracht. Daarnaast had spr. veel waardering voor onderaannemers. De samenwerking was bijzonder prettig geweest, ook met de opdrachtgever, aan wie de architect hierna het pand overdroeg. De heer A. Witte aanvaardde het pand uit naam van de firma en dankte de architect, de aannemers en onderaannemers. Na de gemeent-instanties, met name de Dienst van Openbare Werken te hebben bedankt, verzocht de heer Witte de burgemeester de zaak te openen. De burgemeester nam hierop het woord om namens het gemeentebestuur zijn gelukwens aan te bieden met de geslaagde voltooiing van deze bouw, welke een voorgeschiedenis heeft gehad. Het heeft geruime tijd geduurd voordat de eerste maatregelen konden worden genomen welke tot de herbouw hebben geleid. Toen de zaak evenwel rijp was, werd met enorme spoed aan de bouw gewerkt. Het resultaat was voortreffelijk, een harmonisch gebouw is ontstaan waarin van Dijk en Witte, op grond van haar historische binding met Nijmegen, op waardige wijze haar bedrijf kan voortzetten.
Voorgeschiedenis
Rechts van Dijk en Witte, Grote Markt gezien in de richting van de Korte Burchtstraat, gedateerd 1895-1903 (D149 RAN)
Hierna nam de oudste vertegenwoordiger van de fam. Witte, de heer J. Witte, het woord om de geschiedenis van het bedrijf in Nijmegen te releveren. In de vorige eeuw werden op de Grote Markt twee panden afgebroken, no. 7 en no. 8, om plaats te maken voor een waardige huisvesting van het confectiemagazijn van Dijk en Witte. In 1892 heeft spr. de eerste steen gelegd op de Grote Markt, hoek Scheidemakersgas. Na bijna zestig jaar bloeiend zakenleven volgde de onteigening op basis van de wet op de materiële oorlogsschade. Het resultaat was vooralsnog dat van Dijk en Witte heeft vergoed gekregen een bedrag dat net even genoeg was om de grond aan te kopen, waarop het nieuwe gebouw thans staat. Voor de bouw van dit pand heeft de fa. van de overheid niets ontvangen, zelfs niet de afbraak van het oude pand, aldus spr. het gebouw is thans gereed en het staat er trots en uitdagend ondanks de wederopbouw, aldus spr., die de overtuiging had dat de oude clientèle van de zaak in Nijmegen, waarvan hij van 1910 tot 1916 directeur is geweest, van Dijk en Witte niet in de steek zal laten. Hij gaf de verzekering dat de medewerkers de naam van de firma zullen hooghouden.
Na de woorden van de heer J. Witte spraken de heer P. Bartels, directeur van de inkoopvereniging Pehoda, de heer B. de Bruijn namens het personeel, Dr. P. van Hasselt als vriend van de fam. Witte, de heer J. Taminiau, president-commissaris van van Dijk en Witte, die namens de familie geluk wenste. De heer A. Witte sprak tot slot van deze geslaagde plechtigheid een dankwoord, vooral tot zijn medewerkers, voor hun goede samenwerking en hun zorgen welke aan deze dag zijn voorafgegaan. Hierna bezichtigden de genodigden het gebouw, met zijn prettig interieur, zowel op de benedenverdieping waar men de grootste variatie vindt op het gebied van herenkleding als op de bovenverdieping, waar kinderkleding in grote verscheidenheid is ondergebracht. (De Gelderlander 21/9/1955)
Gemeentelijke Monumentenlijst
Het gebouw staat op de Gemeentelijke Monumentenlijst als “Beeldbepalend pand”: dit betekent dat alleen de buitenkant beschermd is. Daarbij heeft het als waardering:
“Burchtstraat 2 maakt stedenbouwkundig onderdeel uit van het wederopbouwplan van de Nijmeegse binnenstad en is hier een expressie van. Stedenbouwkundige waarde vanwege het forse bouwvolume, in breedte en hoogte, dat de hoek Burchtstraat-Broerstraat accentueert en dat aan de omgeving is aangepast. Er is sprake van ontwerpkwaliteit van de gevels vanwege het door kleurstelling, materiaalgebruik en vorm gevormde eigen gezicht van het gebouw in modernistische trant. Het beeldbepalende karakter van het pand is onvervangbaar in relatie tot de context van de Nijmeegse binnenstad.”
Het nieuwe pand van de Dameskledingzaak “Maison de Nouveautés”, aan de Broerstraat 40, met rechts “het Witte Huis” in 1955 (VN21292 RAN)
De herenkledingzaak het “Witte Huis” was in september 1944 in brand gestoken. Na een aantal tussenstops heropent de winkel in de Broerstraat haar nieuwe zaak. Hierbij was het ontwerp afkomstig van architect Rodenburg.
RAN heeft op haar site een foto uit 1954: daarbij lijkt het dat het pand in de loop der jaren van de buitenkant gezien geen grote verbouwingen heeft gekend, alleen de begane grond is wat aangepast. Daarnaast is te zien dat het links nog niet is gebouwd.
“Het “Witte Huis” herrees in de drukke Broerstraat
De etalages van “Het Witte Huis” aan de Broerstraat 32, ter gelegenheid van de opening van dit nieuwe pand; 1953 (GN3849 RAN)
Elke rechtgeaarde Nijmegenaar weet zich van vele jaren her “Het Witte Huis” te herinneren, het herenkledingmagazijn, dat lange jaren in de Augustijnenstraat en later op de Hoek Augustijnenstr.-Houtstraat was gevestigd. Vergissen we ons niet dan is het bijna tachtig jaar geleden dat Het Witte Huis werd opgericht. In 1942 werd het naar de Burchtstraat overgeplaatst en daar ging het in 1944 gedurende de Septemberdagen in vlammen op. Energiek van aanpak als de leiders van het “Witte Huis” uiteraard zijn, gingen ze niet bij de pakken neerzitten In het klein werd de zaak op de hoek van Welderenstraat-Arksteestraat voortgezet. Enkele jaren daarna werd het Witte Huis op groter schaal in de van Broeckhuysenstraat heropend. Wie zou denken dat hiermede de eindpaal in de wedloop naar voormalige krachtsontplooiing was bereikt, rekende buiten de waard. Ook deze voorziening was een tijdelijke. Het slotbedrijf van deze omzwerving na de stadsramp speelt zich af in de meer drukke Broerstr, op een van de mooiste punten.
Broerstraat 32, oorspronkelijk het Witte Huis, detail balkons, juli 2019 (Google Streetview)
En als men deze herbouw aanschouwt zal men ’t met ons eens zijn dat dit ‘n “happy end” is, Het Witte Huis en de stad Nijmegen, waarmee het is vergroeid, hebben elkaar “hervonden”. Gelukkig voor beide, want zoals met vele verwoeste zaken het geval is, kunnen ze elkaar niet missen. We mogen het als een gunstig teken voor de heropbloei in de binnenstad zien dat ondernemende zakenlieden hier een fraai winkelpand hebben doen zetten, dat zelfs de hoofdstad van ons land eer zou aandoen. En in dit gebouw zijn merkwaardige vindingen in toepassing gebracht. In een gedeelte van de étalages kunnen de ruiten worden uitgenomen. De portiek, waarin zich deze étalages bevinden, kan worden verwarmd, zodat de bezoekers van de zaak de indruk hebben zich in de winkel te bevinden. De deur welke tot de zaak toegang geeft, kan door middel van ’n vernuftig mechanisme in de diepte verdwijnen. Dit bedrijf is dus, in de geest van de politiek van “Het Witte Huis” sterk elastisch.
Architect R.G. Rodenburg en het Aann. Bedrijf Tiemstra en Zn., beiden te Nijmegen, hebben eer van hun werk. De fa. J. Reijers te Nijmegen droeg zorg voor de smaakvolle binnenbetimmering.
De heren H.F. van Emmerik en H.A. Hermsen, die de leiding in de zaak in Nijmegen voeren, hebben gistermorgen vóór de opening, tezamen met de heer J. Roose uit Rotterdam, de Directeur van Het Witte Huis de heer J. van Emden verwelkomd en hem namens het personeel een Phoenix in brons als symbool van het geslaagde herstel na de verwoesting van de zaak aangeboden. Bij de opening vertegenwoordigde wethouder W. Beukema het gemeentebestuur en tientallen prachtige bloemstukken getuigden van de sympathie van velen.” (De Gelderlander 27/3/1953)
Vervolg
Broerstraat 32 gebouwd als Witte Huis, in juli 2019 Vila (Google Streetview)
Er is nog niet volledig onderzocht wat het vervolg is geweest.
In ieder geval heeft er in 2018 een verkoop plaats gevonden. Bestseller Wholesale Benelux blijkt dan huurder van de winkel te zijn, met als gebruiker Vila Clothes. Op de eerste verdieping woont dan een huurder, de tweede en derde zijn vrij van huur.(Property.nl)
Op 6-4-2023 verleent de gemeente vergunning tot het verbouwen van de bovenwoning tot 6 appartementen. (Gemeenteblad van Nijmegen)
Broerstraat 32 gebouwd als Witte Huis, augustus 2023
De Broerstraat is de belangrijkste winkelstraat van Nijmegen. Het dankt haar naam aan de middeleeuwse Dominicuskerk, oftewel de Broer- of Broederenkerk. Rond 1900 werd de Broerstraat een van de belangrijkste winkelstraten. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de straat vrijwel volledig verwoest.
Het Luxor-theater, rechts de Doddendaal, 1955 waarschijnlijk rond de opening. Architecten Meerman en Jansen (Commissariaat Politie Nijmegen Afd. Fotografie F31806 RAN CCO)
Een aantal jaren voordat het gebouw gesloopt werd, had het de titel “lelijkste gebouw van Nijmegen” gekregen. In de loop der jaren was het pand steeds meer vervallen en was het een “rotte kies” geworden. En dat, terwijl er de Luxor bioscoop in 1955 als een fris uitziend pand begon.
De foto hierboven is uit 1955. Afgaande op de vertoning van “Desiree”, zal deze rond de opening zijn genomen. De eerste verbouwing is waarschijnlijk rond 1958 geweest: op een foto is nu een ‘raster’ te herkennen; een beeld dat jarenlang is gebleven.
Vervolg
Casa Meubelen, HORN Electro en Intersport in het pand van de voormalige Luxor-bioscoop op de hoek met de Bloemerstraat (links), 1991 (Ber van Haren via KN14954-8 RAN CCO)
De bioscoop werd in 1986 gesloten. Daarna werd het een winkelpand. In ieder geval zaten Casa, Horn en Intersport er. Sinds 2014 stond het pand leeg, waarna het steeds meer verloederde. In 2019 werd het pand gesloopt. Nadat de”rotte kies” was getrokken bleef er een aantal jaren een gapend gat over. Nu is de bouw van een appartementencomplex gestart, waarbij in juni het hoogste punt is bereikt. Er komen 136 appartementen, met daaronder een Albert Heijn. In de kelder komen fietsenstallingen en bergingen.
De Gelderlander bij opening
De Gelderlander schrijft op 21 januari 1955, iets meer dan een maand voor de opening:
“Donderdag 3 Maart opent het nieuwe Luxor-theater aan het Plein 1944
Nijmegen, 21 Jan. – Op Donderdag 3 Maart zal het nieuwe Luxor theater aan het Plein 1944 op de hoek van de Doddendaal en de Bloemerstraat, openen met een gala-voorstelling, waarin de cinamascope-film “Désire” zal worden vertoond in een gala-voorstelling, des avonds om acht uur. Het nieuwe theater dat de plaats inneemt van het vroegere Luxor theater, hetwelk in de oorlogsdagen op Mariënburg, werd verwoest, is eigendom van de N.V. Luxor, theater te Nijmegen, maar werd door deze N.V. verhuurd aan de N.V. Nabio te Rotterdam; de Neth. Fox Film Cor. zal de exploitatie verzorgen. De bioscoop welke naar de nieuwste vindingen op theatergebied is gebouwd en ingericht, zal negen honderd tien plaatsen bevatten; er is voor toneel-accommodatie gezorgd, zodat zo nodig ook variété kan worden gegeven. Naast Amerikaanse films zullen er films van Europese productie worden vertoond; er zal zelfs bijzondere aandacht worden besteed aan de premières van de grote Europese producten.
Het tijdens de bevrijding verwoeste pand van het Luxor Theater, 9/1944-12/1944 (A.A. van der Borg via RAN F29581)
De architecten de heren B.J. Meerman en J. Jansen (Besienderhuis) hebben in onderling overleg er naar gestreefd om het Nijmeegse Luxor te maken tot een van de grootste en best ingerichte theaters van het Zuiden. Zowel de aannemer de fa. Poldermans als de onderaannemers zijn Nijmeegse bedrijven. Zelfs Philips, die de installatie in de cabine verzorgde zou men op het moment in zekere zin een Nijmeegs bedrijf kunnen noemen. Terwijl het werk aan de buitenkant uiteraard vanwege de vorst stilligt, wordt er aan ’t interieur van het gebouw met de grootst mogelijke spoed voortgewerkt. Men wil op tijd klaar zijn voor de galavoorstelling op 3 Maart, wanneer Nijmegen door dit nieuwe theater zal worden verrijkt met een gebouw dat de ontspanningsmogelijkheid voor de stadgenoten en voor de bewoners van het Nijmeegse achterland belangrijk zal bevorderen. Vooral vanwege deze omstandigheid zijn de exploitanten van mening dat de voor onze stad geldende vermakelijkheidsbelasting van 35 pct erg aan de hoge kant is; zij hadden de exploitaite van het Luxor theater gebaseerd op een belasting van 25 pct, welke in verschillende steden geld. Ze zijn met het gemeentebestuur in onderhandeling om een verlaging van het vastgesteld percentage te verkrijgen; dit is voor hen van des te meer belang in verband met hun plannen om ook variété te geven, terwijl de architecten ook rekening hebben gehouden met de mogelijkheid om een Hammond-orgel te plaatsen in de orkestbak.
Inrichting
Het theater is onderverdeeld in zaal, loges, amphitheater; men krijgt enigszins hetzelfde idee als bij de inrichting van het voormalige Centrum-theater.
Boven de wachthall is ene foyer van driehonderd vierkante meter geconstrueerd. Hierin zal een café-bar worden ingericht, welke zowel voor de bezoekers van het theater als voor niet-bezoekers is bedoeld. Men kan ook door een aparte ingang in deze café-bar komen. Onder de hall is een grote kelder. De exploitanten bestuderen de mogelijkheid om van deze kelder een amusementsgelegenheid voor kinderen te maken, die dan op Woensdag-, Zaterdag- en Zondagmiddag met vermaak als bijvoorbeeld een marionetten-theater of met film kunnen worden beziggehouden. Criterium in Amsterdam heeft een dergelijk initiatief toegepast, met goed succes.
De zaal
In de hall komt een vast tapijt te liggen van gele kleur en deze kleur is ook aangehouden voor de zaal. De betimmering van de wanden is gehouden in het geel met rood. Op sommige plaatsen is ze tien meter hoog; een jong Nijmeegs kunstenaar, G. Bruning, is aangezocht om de overblijvende vakken te decoreren.
Het plafond is geconstrueerd met eilanden, zodat het als het ware los in de zaal hangt. Bijzondere zorg is aan de verlichting besteed. Behalve door de lichteilanden van het plafond wordt de zaal verlicht door een neon-lijn, welke langs wanden van de zaal loopt en de betimmering beschijnt.
In de hall en de foyer komen lampen in verschillende kleuren bespoten, welke worden geleverd door een van de wereldberoemde glasfabrieken in Murano bij Venetië.
Ook het toneelgordijn is afkomstig uit Italië; het is een handdruk met zwart, blauw en groen als overheersende kleuren. Voor de stoelen in de zaal is blauw als kleur gekozen. Op het amphitheater komen zetels met beweegbare rug, zodat de bezoeker niet behoeft op te staan wanneer nieuwe bezoekers moeten passeren.
Alle stoelen zijn trouwens ruim geprojecteerd; ze worden zo geplaatst dat elke bezoeker over degene die voor hem zit kan heenkijken. Niemand hoeft langs de bezoeker in de rij voor hem te zien.
Toneel en cabine
Het toneel wordt 13.80m. breed en 8 meter hoog; de diepte van het toneel zal 8.5 meter bedragen. Onder het toneel komt een kleedkamer en een orkestbak. Bijzondere aandacht wordt besteed aan de mogelijkheid om het geluid vanuit de orkestbak door de zaal te verspreiden. Deze geluidsspreiding is trouwens een thema geweest van bijzondere zorg. Voor het eerst in Nijmegen wordt het magnetisch geluid, met vier geluidsbanden op de film in toepassing gebracht. Hierdoor wordt bereikt dat de toeschouwers midden in het geluid zitten, zodat het geen verschil uitmaakt of men langs de wanden of midden in de zaal zijn plaats heeft.
De cabine wordt uitgerust met vier projectoren. Op een speciaal geprepareerd doek wordt de lichtsterkte zo verspreid dat ze in het midden van het doek hetzelfde is als aan de zijkanten. Vertekening op het enigszins gebogen doek is zodoende hoegenaamd uitgesloten en ook onafhankelijk van de plaats waar men zit is het beeld overal goed; dit beeld wordt 12.88 breed en 5.20 hoog.
Hoewel de cabine is ingericht voor cinemascope, heeft ze verder alle mogelijkheden voor projectie van een ander soort.
De hoofdingang tot het Luxor theater komt op de hoek van het Plein ’44 en de Bloemerstraat, zodat de toegang makkelijk in het zicht en in het bereik ligt. Voor de zaal is een ruime wachthall ingericht en een aparte kassahall komt aan de kant van de Doddendaal.
De films
Behalve de openingsfilm Désiré staan voor vertoning in het nieuwe Luxorp-theater onder andere op het program films als: The Robe, Verdi, Odyssé, The Egyptian, Demetrius and the gladiators, Night People, Three coins in the fountain, Broken lance, There is no business.
De cinemascope-film vindt in de Neth. Fox film een grote propagandist.
In een honderd twintigtal theaters van ons land heeft Fox cinemascope films geintroduceerd. Om het eenjarige bestaansfeest te vieren zal op 10 Februari een helicopter op het grasveld van de Goffert neerstrijken, waaruit de directie van de Fox film zal stijgen, die een lintjesregen doet neerkomen op de eerbiedwaardige hoofden van de theaterexploitanten uit het oosten des lands. Zij die de moed en de durf hebben gehad om de cinemascope te introduceren krijgen een lintje met een inscriptie op de aangehechte miniatuur-medaille, waarop een tekst voorkomt welke aan hun verdienste in dit opzicht herinnert.
Dezelfde dag zal in Arnhem een helicopter landen, terwijl op andere dagen in andere plaatsen van ons land helicopter-stunts als deze zullen plaats hebben.
Delen we nog mede dat de bouw en inrichting van het Luxor-theater een negen ton heeft gekost en dat de prijzen voor plaatsen waarschijnlijk op hetzelfde niveau zullen liggen als die van het Carolus theater op Plein 1944.” (De Gelderlander 21/1/1955)
Burchtstraat 112 en 110: rechts (op dat moment Zen) zat de winkel van Keijser, juli 2019 (Google Streetview)
In oktober 1954 opent G. Keijser op Burchtstraat 110 zijn nieuwe winkel. De oorspronkelijke winkel zat in de Stikke Hezelstraat. Toen deze tijdens het bombardement werd verwoest, opende de Bijenkorf (niet de keten) een nieuwe winkel op de Lange Burchtstraat. De Duitsers staken deze winkel in september 1944 in brand. Na een noodwinkel op de Hertogstraat gehad te hebben, vindt in oktober 1954 de opening van de nieuwe winkel plaats. Hiervan was Rodenburg de architect.
“De Bijenkorf opende prachtig modern ingerichte zaak op de Burchtstraat
“De Bijenkorf” heeft gistermiddag op de Burchtstraat zijn prachtige nieuwe zaak geopend. De belangstelling was zo groot dat de genodigden, die de opening wilden meemaken, de partèrre-ruimte van het ruime gebouw geheel en al vulden.
Het vliegtuig dat boven de stad zou cirkelen om de sleutel uit te werpen, waarmede “De Bijenkorf” zou worden ontsloten, kon vanwege de straffe wind niet starten. De openings-eer was aan de burgervader toegekend, die evenwel zich eerst van zijn taak kon kwijten nadat het jongens-muziekcorps van de St. Jozefschool de heer G. Keijser en zijn familie een muzikale hulde had gebracht, die klonk als een (welluidende) klok. De architect van de bouw, de heer R.G. Rodenburg, sprak voor de drempel van de Bijenkorf woorden van waardering tot de aannemer Fa. Gebr. Sutmuller en tot de onderaannemers voor de bijzondere voortvarende wijze waarop zij, in prettige samenwerking met de principaal, deze bouw hebben tot stand gebracht. Hierna overhandigde het dochtertje van een van de heren Sutmuller de sleutel aan de burgemeester, die “De Bijenkorf” ontsloot.
De genodigden konden hierop binnenzwermen en zich ervan overtuigen dat de Burchtstraat en Nijmegen in “De Bijenkorf” niet alleen een fraai gebouw, maar ook een zeer overzichtelijk ingerichte zaak rijker is geworden. De parterre-ruimte, welke loopt tot aan de Oude Stadsgracht, wordt in beslag genomen voor een enorme collectie galanterieën, luxe- en huishoudelijke artikelen. Speelgoederen staan in de grootste verscheidenheid in de ruimte beneden de parterre geëxposeerd.
De eerste verdieping wordt bezet door klein-meubelen, lampen en grote speelgoederen en ook door een grote collectie kinderwagens. Een merkwaardig monumentje in de nieuwe zaak is de gouden engel, die in Januari ’54 in de bodem waarop “De Bijenkorf” gebouwd, zou zijn opgegraven. In het onderschrift bij deze gouden engel wordt nu bekend, gelijk sommigen wellicht al hebben vermoed, dat door deze opgraving de legende van de gouden engel geweld werd aangedaan.
Uit de toespraken, die bij de opening werden gehouden, trokken wij de conclusie dat de echte, onvervalste Nijmeegse gouden engel in de verkoopruimten van “De Bijenkorf” rondvlieg.
Er is evenwel een en ander voor nodig geweest om deze gevleugelde geest aan te trekken. Op 22 februari 1944 werd de oude “Bijenkorf” in de Stikke Hezelstraat verwoest. Op de Burchtstraat opnieuw begonnen, kwam de brandstichting in de Septemberdagen van datzelfde jaar weer een streep door de rekening halen. Daarna werd de zaak bij wijze van noodoplossing in de Hertogstraat voortgezet.
Tijdelijke vestiging van de Bijenkorf op Hertogstraat 8, detail van foto Doortrekking van de trolleybusbaan; links de American Bar (Wintersoord ) en daarnaast De Bijenkorf (Hertogstraat 8), september 1952 (Gelderse Fotohandel Nijmegen via GN17098 RAN, Auteursrechthouder J.F.M.Trum CC-BY-SA)
De heer Keijser uitte als eerste spreker gistermiddag zijn grote voldoening over het resultaat van de nieuwbouw op de Burchtstraat. Spr. dankte allen die deze bouw hebben verwezenlijkt, met name de architect de heer Rodenburg en de aannemer de fa Gebr. Sutmuller, de binnenhuis-architect de heer Nic. Oly en alle onderaannemers.
Het werk van de architect achtte spr. zeer geslaagd en de Gebr. Sutmuller, die voor een vlotte uitvoering zorg droegen, kon hij als aannemer recommanderen.
Daarnaast bracht spr. dank aan de Nijmeegse gemeente-instanties, die hun volle medewerking hebben verleend.
De burgemeester, die met mevrouw Hustinx de opening bijwoonde, sprak een woord van lof tot de ondernemende heer G. Keijser, die evenals de andere getroffenen in Nijmegen, blijk had gegeven van initiatief en van moed om de moeilijkheden te boven te komen. De Nijmeegse middenstand en de Nijmeegse institutionele beleggers hebben de snelle opbouw van de stad mogelijk gemaakt. Voor Nijmegen is het een grote dag nu “De Bijenkorf” op zulk een representatieve plaats zijn belangrijke functie gaat vervullen. Spr. herinnerde aan de voorgeschiedenis welke niet over rozen had geleid. Na een woord van waardering tot de architect, de aannemersfirma, de onderaannemers en de werklieden en na een woord van gelukwens tot de heer Keijser en zijn familie gericht, verklaarde de burgemeester “De Bijenkorf” officieel voor geopend.
Een broer van de heer G. Keijser de heer Th. Keijser van de Tepa nam het woord om nog een en ander mee te delen over de moeilijke tijd welke aan het tot stand komen van de bouw is voorafgegaan en om zijn waardering te betuigen voor het doorzettingsvermogen van zijn broer.
De heer F. van Houtert, de administrateur van “De Bijenkorf” bood namens het personeel de beste wensen aan, welke hij deed vergezeld gaan van een geschenk. Binnenhuisarchitect Nic. Oly dankte de firma’s welke het interieur hadden verzorgd, de fa. Carree uit Zeist en van Berkhoven uit Nijmegen.
Tot slot sprak een leverancier, die Keijser, welk woord betekent “’t ken niet hoger” op het hart drukte steeds het beste te blijven leveren.
De heer G. Keijser dankte allen voor hun blijken van belangstelling. In huize Ditsel vond een druk bezochte receptie plaats tot besluit van de opening van “De Bijenkorf”. (De Gelderlander 7/10/1954)
Vervolg
In het midden het Warenhuis Huls (in het pand van de Bijenkorf) ; links (op de hoek met de Marienburgsestraat) het voormalige pand van het Warenhuis Van der Borg en geheel rechts het Scala-theater, mei 1981 (Ber van Haren via KN13349-13 RAN CCO)
Hoewel hieronder (nog) niet gestreefd wordt naar volledigheid:
In 1981 zit Huls in dit pand (zie foto boven; een foto van RAN laat zien dat in juli 1979 een grote verbouwing plaats vindt, waarbij een bord van de Bijenkorf is opgehangen
Vooral de grote bomen met de bankjes daaronder maken het veldje in de Jekerstraat mooi (augustus 2023)
Groot is het niet, wel mooi om even mee te nemen op de wandeling door Hees: het Jekerveldje, het groen van de Jekerstraat.
Het zijn vooral de grote bomen die het ‘m doen, met de bankjes daaronder. En dan vooral het uit boomstam gevormde bank. Wat de bank mede mooi maakt, is dat deze vrijwel uit 1 stuk is gezaagd. Alleen een paar poten zijn er aan gespijkerd. Of vind ik ‘m vooral mooi omdat ik ‘m de eerste keer zag tijdens een Kribjesroute van Hees, toen daar een kerststal op stond?
Uit boomstam gemaakte bank op het veldje in de Jekerstraat Nijmegen (augustus 2023)
bruin drupje
Ontmoetingsplaats bewoners Jekerstraat
In 2019 kreeg het Jekerveldje een nieuwe picknicktafel. Op vrijdagmiddag komen bewoners van de Jekerstraat bij elkaar voor een praatje en een drankje. Daarbij was oude tafel intussen aan vervanging toe. Het is mij onbekend of deze traditie nog steeds wordt voortgezet.
Hard gegroeid
De bomen lijken hard gegroeid te zijn: op de foto van Google Streetview uit 2016 staan er nog 3 smalle bomen. Daarnaast lijkt de grootste boom van dat moment juist kleiner te zijn geworden: mogelijk is in de loop de tijd de kop er af gezaagd?
groen op talud spoor Wolfskuil Anjelierenweg (augustus 2023)
Niet heel groot, wel leuk: het groen op de talud van het spoor in de Wolfskuil. Daarbij heb je uitzicht op de Wolfskuil en een mooi gezicht op het station.
Je komt er via het pad ter hoogte van de Anjelierenweg 39 omhoog te gaan en dan het poortje door.
Geert Schiks maakte het beeld “Samenwerking” in opdracht van Woningstichting Portaal. Het staat aan de Distelstraat, hoek Varenstraat in de Wolfskuil. De twee handen symboliseren het samengaan van de oude en nieuwe bewoners van de Wolfskuil, na de oplevering van nieuwbouw in deze wijk.
De 2,80 m. hoge sculptuur is vervaardigd uit brons en staal. Geert Schiks over zijn werk op zijn website: “De uitgangspunten van mijn werk zijn de menselijke beleving, natuur en het landschap. Vanuit deze gedachtewereld ontstaat bewust een verscheidenheid aan verbeelde onderwerpen.”
Voormalig Peek en Cloppenburg, architect Heldoorn. Nu H&M (juli 2023)
Architect Heldoorn ontwierp het pand voor Peek en Cloppenborg in 1951. De bouw verliep in “Amerikaans tempo”: in 164 werkdagen. Het wordt gezien als een van de parels van de Wederopbouw in Nijmegen.
Gerardus Albertus Heldoorn (Huizum, 31 mei 1899 – Leeuwarden, 2 oktober 1965) ontwierp voor Peek en Cloppenburg en C&A meerdere panden.
De Gelderlander schreef in 1951 over de opening:
“Peek en Cloppenburg in een Amerikaans tempo herbouwd: voortreffelijk staal van architectuur
De vlaggen mogen vandaag wel wapperen in de binnenstad, want er is met de voltooiing van het gebouw van Peek en Cloppenburg op de Burchtstraat, hoek Grotestraat, een belangrijke mijlpaal bereikt. Dit grootse stijlvolle zakenpaleis van architect G. van Heldoorn, vormt een waardige afsluiting van de Markt en een glorieus entree van de Burchtstraat, waar ook het historische raadhuis met zijn onvolprezen architectuur zich alweer aan de steigers ontworstelt. Dat deze nieuwe nieuwbouw, die ook interieur van voortreffelijke schoonheid is, een belangrijk aantrekkingspunt voor de omgeving vormt, is vanzelfsprekend.
Nadat vanmorgen deze feestdag voor allen, die aan het bedrijf van Peek en Cloppenburg verbonden zijn, met een H. Mis in de Molenstraatkerk was begonnen, had om half twaalf de opening voor genodigden plaats. Hierbij verrichtte pastoor Chr. Hanckx S.J. de inzeging.
Het was een van de directeuren van Peek en Cloppenburg, Drs. E. Bartel, die de aanwezigen welkom heette en zijn vreugde uitsprak over het resultaat, dat in prettige samenwerking is bereikt. Spr. releveerde de voorgeschiedenis van de bouw, waarover in 1950 met de gemeente het eerste gesprek was gevoerd. Op 28 Juni van vorig jaar had de aanbesteding plaats. Het aannemersbedrijf van Rossum uit Den Haag pakte het werk op energieke wijze aan en wist de grote moeilijkheden, zoals de stagnatie door vorstperiode en de obstakels van een oude gang, die zeven meter onder de grond werd ontdekt, succesvol te overwinnen.
Aan het besluit om voor Pasen te openen kon zodoende, dank zij de volle toewijdig van allen, de hand worden gehouden. Voor P. en C. was het wel nodig om hieraan vast te houden, omdat de noodtoestand in ’t noodpand met de dag erger werd en omdat het seizoen onder de huidige omstandigheden al in Januari is begonnen. Dank bracht spreker aan de aannemer de fa. van Rossum, die het onmogelijke mogelijk heeft gemaakt, aan de uitvoerders, onderaannemers en hun medewerkers.
Hulde bracht spreker aan het architectenbureau Heldoorn, dat dank zij de volledige toewijding van alle medewerkers, van wie het uiterste werd gevergd, de bouw op deze voortreffelijke wijze tot stand wist te brengen. Bijzondere waardering had spr. voor de heer A. Starrenburg, de bedrijfsleider in Nijmegen en aan allen, die onder hem enorm hard hebben gewerkt.
De president-commissaris van Peek en Cloppenburg, de heer A. Cloppenburg bracht hierna dank aan de bouwers van dit nieuwe pand. Hij deed dit uit naam van de commissarissen en aandeelhouders en betrok in zijn waardering ook de Nijmeegse burgemeester. Zich tot de heer Starrenburg richtend zei spreker: door de toestand gedwongen moest P. en C. in Nijmegen weer klein beginnen. Maar nu kan met enthousiasme worden voortgewerkt. Moge Gods zegen op alle medewerkers rusten, die onder uw energieke leiding dit alles tot een goed resultaat hebt gebracht.
Het woord was vervolgens aan Burgemeester Hustinx, die complimenteerde en er zijn vreugde over uitsprak dat de omgeving van de Markt weer tot een van de essentiële bedrijfscentra van de stad ging behoren en nu dank zij ook de inspanningen van de Nijmeegse arbeiders deze bouw in ongekend snel tempo was voltooid. Pastoor Chr. Hanckx S.J. sprak een woord van gelukwens. De heer A. Starrenburg, de bedrijfsleider dankte namens het personeel de directie, die gelegenheid had geboden om binnen vijf jaar deze daad van grote betekenis te stellen. Spr. bood enkele ramen aan, in zandstraalbewerking, waarop de wapens van de steden waar P. en C. zaken heeft zijn uitgebeeld. Architect G. van Heldoorn dankte alle medewerkers voor wie hij de grootste hoogachting toonde. In honderd vier en zestig werkdagen is de bouw tot stand gekomen. Dit was mogelijk geweest dank zij de prettige onderlinge samenwerking. De heer Kingsma van de Aannemersfirma van Rossum dankte tenslotte de directie van P. en C. en alle medewerkers.” (De Gelderlander 16/3/1951)
Advertentie Peek en Cloppenburg voor de opening (De Gelderlander 15/3/1951)
Gemeentelijke Monument
Het pand is een Gemeentelijk Monument met als waardering:
“Het pand Burchtstraat 1 is van cultuurhistorisch belang als bijzondere uitdrukking van de herrijzenis van het commerciële hart van Nijmegen na de verwoestingen aan het einde van deTweede Wereldoorlog. In z’n monumentale opzet, feestelijke bekroning en vernieuwende typologie getuigt het gebouw van het optimistische geloof in de toekomst dat zo kenmerkend is voor de wederopbouwperiode. Het winkelpand is voor Nijmegen van architectuurhistorisch belang als redelijk gaaf en herkenbaar voorbeeld van een vroeg-naoorlogs modemagazijn in traditionalistische bouwstijl met referenties aan een Italiaans palazzo. Als zodanig is het een representatief voorbeeld van het werk van architect G.A. Heldoorn die in deze periode ook het modemagazijn voor Voss op de hoek van de Ziekerstraat en de Broerstraat bouwde. De ontwerpkwaliteiten komen vooral tot uitdrukking in het gevarieerde en ambachtelijke materiaalgebruik cq. ornamentiek, zoals de hoekkettingen, de erkers, de wapenschilden, het siermetselwerk en het smeedwerk. De combinatie van baksteen, natuursteen en smeedijzer geven het pand een degelijke uitstraling. De erkers en de wapenschilden geven het pand iets huiselijks. Kleding kopen is hier in vertrouwde handen, zo luidt de ‘versteende’ boodschap. Door het laten terugspringen van de bovenste bouwlaag en het laten ‘zweven’ van het geknikte schaaldak is een speelse afsluiting verkregen van het massieve hoofdvolume. Het gebouw is van grote stedenbouwkundige waarde vanwege de zeer markante situering aan de kruising van historische hoofdroutes waarlangs Nijmegen zich eeuwenlang heeft ontwikkeld. Het vormt samen met het naastgelegen modehuis op nummer 3 een beeldbepalend element op de kop van de Burchtstraat als tegenhanger van het stadhuis aan de overzijde. Ook vanaf de Grote Markt is het een beeldbepalend element. Het gebouw is bovendien een essentieel onderdeel van een aaneengesloten en op samenhangende wijze tot stand gekomen wederopbouwensemble dat als beschermd stadsbeeld van grote cultuurhistorische waarde is als belangrijk en hoopvol ijkmoment in de Nijmeegse stadsgeschiedenis.”
1838-1839, verbouwing 1881, afgebroken 1934 Oude Stadsgracht 1 Centrum
Gemeentelijke Schouwburg, architect van der Kemp, Links onder: M. Mourit Lith. Midden onder: Gen. Howen (Otto Howen 9-3-1774 – 25-5-1848) del Steendruk Desguerrois en Co, datering 1850, GN1527 RAN)
De eerste stadsschouwburg van Nijmegen werd in 1838 geopend als “Lokaal tot Nut en Genoegen”. Het ontwerp was van stadsarchitect Pieter van der Kemp.
In 1881 vond een verbouwing plaats naar ontwerp van stadsarchitect Weve. Deze verbouwing lijkt vooral intern te zijn geweest. De schouwburg is in 1934 afgebroken om de Burchtstraat te verbreden. In de volksmond krijgt het de naam “La Bonbonniere”, vanwege het koepeltje op het dak.
Bouw door architect van der Kemp
In 1839 ontwerpt van der Kemp de nieuwe schouwburg.
Franse erfenis
In vrijwel de gehele 18e eeuw was toneel verboden, vanwege de invloed van orthodoxe dominees. De manege aan de Mariënburgse kapel is een van de eerste podia van Nijmegen. Tijdens de Franse overheersing en de Bataafse Republiek is toneel niet langer verboden; Franse toneelgroepen doen Nijmegen aan.
Bij de sloop van de Burchtpoort in 1826, ontstaan er plannen voor de bouw van een stadsschouwburg. Door de Belgische Opstand vindt de bouw pas 13 jaar later, in 1839 plaats. Het gebouw is ontworpen in classistische stijl door Pieter van der Kemp.
De Opening van de schouwburg in 1839
Het PGNC bij de opening in 1839:
“Nijmegen, den 18den October.
Tot nu toe, had het onze stad steeds ontbroken aan een geschikt gebouw, voor onderling nut en genoegen bestemd. Sedert lange jaren had men de noodzakelijkheid daarvan ingezien, maar onderscheidende beletselen deden het voornemen, tot daarstelling van hetzelfve, varen. Dank zij ons tegenwoordig Bestuur, dat hetzelve de bestaande bezwaren wist te overwinnen, en een gebouw deed verrijzen, voor welks bezit grootere steden dan de onze in rang, zich niet zouden behoeven te schamen!- Dit gebouw bevat, onder anderen, eene fraaije Schouwburg Zaal, eene Concert-Zaal, eene Zaal voor het Onderwijs in het Hand- en Regtlijnig Teekenen, eene Receptie-Zaal, eene geschikte woning voor den kastelein enz.
De Schouwburg te Nijmegen, van het Valkhof gezien. architect van der Kemp. Links onder: M. Mourot, lith. Midden onder: Gen. Howen (Otto Howen 9-3-1774 – 25-5-1848) del. Rechts onder: Steendruk van Desguerrois en Co., 1850 (GN1530 RAN)
De uiterlijke gedaante, welke nog veel in aanzien zal winnen, naar mate het gebouw de voleindig nadert, is bevallig, maar het inwendige laat weinig te wenschen over, vooral wat de Schouwburg-Zaal betreft. Daarvan konde onze bevolking zich op laatstleden Dinsdag overtuigen, toen de Schouwburg, door het Koninklijke Tooneelgezelschap, onder directie van de Heeren Hoedt en Bingley, op eene allergepaste wijze, werd ingewijd.
Hier heeft zich bouw- en schilderkunst vereenigd, om eene Toneel-Zaal daarstellen, die in fraaiheid en kunst voor vele andere niet behoeft onder te doen of dezelve overtreft. Onzen verdienstelijken architect de heer P. van der Kemp, naar wiens plan en teekening en onder wiens opzigt het Locaal werd geboud, en de heer van Hoven, Toneelschilder te ’s Gravenhage, aan wiens kunstpenceel wij het voorhang en de decoratien te danken hebben, komt de eer toe van dit schoone en smaakvolle geheel. Treffend vooral is het decoratief, hetwelk in smaak en kunst niets te wenschen overlaat.
Nieuwjaarswens schouwburg 1851 architect van der Kemp tekening F16876 Opvallend is oa de verandering in het torentje
De inwijding van de zaal dan, geschiedde op H. Dinsdag, door de opvoering van een expresselijk vervaardigd stuk, getiteld: de Tijdgeest of Kunst en Kunstmin, in hetwelk de tijdgeest, op eene zinnebeeldige wijze voorgesteld, de belangrijkste gebeurtenissen, uit de geschiedenis van Bato’s stad, herinnert en zijne hulde brengt aan het geachte Stads Bestuur, aan hetwelk wij den tegenwoordigen tempel van kunst en genoegen hebben te danken. De Bouwkunst, de Zangkunst en de Schilderkunst, onder hare eigendommelijke gedaante voorgesteld, wijdden vervolgens mede in den lof uit van het Bestuur der stad, en daarna in dien van den heer P. van der Kemp, als bouwmeester, en den heer van Hoven als schilder. De stedemaagd van Nijmegen trad eindelijk op, om ook, op hare wijze, de regering der stad te huldigen, haar derzelver belangen aan(b)evelen, en de aandacht op het nut, dat dit gebouw, in de gevolgen van Nijmeegs ingezetenen, wegens de inrigting voor Bouw- en Teekenkundige lessen kan opleveren, te vestigen. Dit stuk, dat de tevredenheid van het buitengewoon talrijke publiek, wekte, en bij herhaling met een daverend handgeklap werd ontvangen, werd door een blijspel en een nastukje opgevolgd, in al hetwelk het Tooneelgezelschap deszelfs gevestigden roem ten volle handhaafde.
Na de representatie heeft zich een zeventigtal feestgenooten vereenigd aan den keurig collation, hetwelk tot laat in den morgen heeft voortgeduurd. Bij alles heeft de beste orde geheerscht en is het feest zonder eenige stoornis afgeloopen.” (PGNC 19/10/1839)
Verbouwing door architect Weve
Gemeentelijke schouwburg, van der Kemp (RAN)
“Iets over den verbouwden Schouwburg.
Toen door den Gemeenteraad besloten werd den Schouwburg te verbouwen, liever dan een geheel nieuw gebouw te stichten, wat met het oog op de énorme kosten, bij alles wat door de uitbreiding der stad toch reeds van gemeentekas gevorderd wordt, niet raadzaam werd geacht, werd dit besluit algemeen gebillijkt, maar rees toch bij velen twijfel of er wel veel goeds van den Schouwburg zou te maken zijn. Die twijfel is thans opgeheven. Volgens het oordeel van allen die reeds in de gelegenheid waren het lokaal te zien, zijn de aangebrachte veranderingen zoo doelmatig dat wij ons thans in ene Schouwburg kunnen verheugen, geëvenredigd aan de behoefte onzer stad, en beter dan menige plaats, grooter dan de onze, kan aanwijzen.
Nu de inwijding bepaald is op Dinsdag, Woensdag en Donderdag e.k. meenen wij onzen lezers geen ondienst te doen om met hen eene kleine wandeling door het gebouw te maken, ten einde hen eenigzins op de hoogte der tegenwoordige inrichting te brengen.
Binnen komende vindt men dat de oude Vestibule door een tochtpui in twee deelen is verdeeld. In het midden bevindt zich het plaatsbureau. Rechts en links twee glazen deuren.
Zaal van de Schouwburg, architect van der Kemp, verbouwing Weve. De Galerij met op begane grond 6 en op 1ste verdieping 7 loges is goed te zien, jaartal foto 1934 (GN10254)
In de Vestibule valt de verandering het meest in het oog. In plaats van een middentrap zijn thans twee ruime gemakkelijke trappen aangebracht ter zijde van den middendoorgang, die door een baaien tochtdeur is afgesloten, en naar de benedenruimte van de zaal voert. Die benedenruimte is achter een rechte door een gang omgeven. Zij bevat de Stalles en de Parterre, omzoomd door de Baignoiren en de Loges tegenover het tooneel, zes in getal. -De kleedkamer is rechts in de Vestibule. Daardoor heengaande komt men eveneens in den parterre-gang.
De trap links in de Vestibule voert naar de 1. Galerij. Tegenover het tooneel bevinden zich zeven loges elk van 4 zitplaatsen, verder het Balkon, dat naar onze meening de mooiste plaatsen bevat, en de galerijen rechts en link.
Op de Corridor dezer galerij vindt men den toegang naar den Foyer of koffiekamer. Ook zijn daar kleedkasten met kapstokken aangebracht.
De trap rechts in de Vestibule voert naar een portaal, dat op één hoogte ligt met den Foyer, zoodat deze ook afzonderlijk te bereiken is, zonder met het comediegebouw in verband te staan.
Van uit het portaal leidt een tweede trap naar de 2. Galerij. Tegenover het tooneel bevindt zich daar de Tribune, welke een aantal goede zitplaatsen bevat, benevens rechts en links galerijen.
Het Plafond, waarop wij in het bijzonder te moeten wijzen, is nieuw en aanmerkelijk verhoogd, en munt uit door sierlijkheid.
Wat de decoratie der zaal betreft, deze is nog niet geheel voltooid, daar alles nog in grondverf staat, wat later natuurlijk zal veranderen en waardoor het algemeen aanzien dan nog beteren indruk zal maken dan thans het geval is, nu de met rood trijp bekleedde balustraden, de fauteuils met kiepzittingen, de nieuwe gaskroon enz. toch reeds aan de zaal een behoorlijk, ja coquet aanzien geven.
Het podium van de gemeentelijke schouwburg, foto gedateerd 1900-1934 architect van der Kemp, verbouwing Weve, hoewel uit krantenartikel blijkt dat het toneel niet is verbouwd (F67415 RAN)
Het tooneel is gebleven zooals het was en kan zeer goed aan de daarvoor gestelde eischen voldoen, het orkest is eenigzins vergroot en de kleedkamers der actrices veel verbeterd.
En hiermede gelooven wij dat men zich gemakkelijk een denkbeeld van de Schouwburg kan maken, zelfs zonder dien gezien te hebben, en dat het vinden der plaatsen geen moeilijkheid zal opleveren. Alleen blijft ons nog de wensch, dat het gebouw voortaan menigmaal en door goede gezelschappen moge bespeeld worden en het publiek steeds talrijk en voldaan moge zijn.” (PGNC 7/1/1881)
De koffiekamer in 1934. De decoratie van het interieur, met pilasters en stucreliëfs, was geheel in overeenstemming met het exterieur. In hetzelfde jaar zou de schouwburg afgebroken worden. Concertgebouw De Vereeniging was een te grote concurrent. foto 1934 f90367 architect van der Kemp verbouwing Weve
Sloop in 1934
Na de opening van Societeit de Vereeniging in 1915, werden steeds vaker voorstellingen daar gegeven. De schouwburg begint te vervallen. Daarnaast staat het in de weg voor de aanleg van de Waalbrug en de verbreding van de Burchtstraat. In 1934 wordt overgegaan tot sloop.
Wel is het de bedoeling dat er in Nijmegen een nieuwe schouwburg komt. Onder andere door de Tweede Wereldoorlog lopen deze plannen echter vertraging op.