Muurreclame Harpol Nieuwe Marktstraat (1993 RAN foto Toon Opsteegh CCBYSA)
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

Reclameschildering Nieuwe Marktstraat: Harpol, Brasso, Solo en Koster

2006 Nieuwe Marktstraat

Muurreclame Harpol Nieuwe Marktstraat (1993 RAN foto Toon Opsteegh CCBYSA)
Muurreclame Harpol Nieuwe Marktstraat, 1993 (RAN foto Toon Opsteegh CCBYSA)

Op de hoek van de Nieuwe Marktstraat is een muurschildering te zien van een collega van 3 verschillende reclameschilderingen die hier ooit hebben gezeten.

Let aan het einde van het blok ook nog even op de schildering boven de voormalige kapperij Vos. In 2006 is deze schildering aangebracht door Ger van Zetten en Sarah Wilson. Het betreft een mengeling van 3 reclameschilderingen die hier ooit hebben gezeten. Er is gekozen om de schildering te behouden zoals die op dat moment was, oftewel voor een restauratie.

Initiatief kapper Vos

Muurschildering Nieuwe Marktstraat Solo Harpol (oktober 2022)
Muurschildering Nieuwe Marktstraat (oktober 2022)

Kapper de Vos nam het initiatief tot de restauratie. Het liefst had hij iets anders gezien: “Ik vind het jammer dat het zo’n ratjetoe is. Liever had ik gewild dat er was gekozen voor één reclame en die was opgeknapt, zodat die eruit zou zien zoals die was. Maar het is beter dan het was.”

Harpol, Brasso, Solo en Koster

De muur met reclameschilderingen Nieuwe Marktstraat, 1920-1930 (E.F. van der Grinten via F78365 CCBYSA)
De muur met reclameschilderingen Nieuwe Marktstraat, 1920-1930
(E.F. van der Grinten via F78365 CCBYSA)

Hierin zijn 4 namen verwerkt:

  • Harpol (Moderne Hygiene Harpol reinigt en ontsmet uw toilet)
  • Solo (margarine)
  • Brasso (zilverpoets)
  • Koster, de naam van de schilder van de laatste schildering

Op onderstaande foto’s zijn (een deel van de) afzonderlijke reclames te zien.

Brasso

Zoals de Gelderlander het al zegt: “in de linkerbovenhoek een schemering van Brasso”.

Op bovenstaande foto uit 1915-1920 is de reclame van Brasso goed te zien. Daarboven en onder staan een aantal andere reclames:

“DE DION [BOUTON..]
AUTOM[OBIE..]
N.V.L.A[.MOLL..]
ST.ANN[ASTRAAT..]
BR[ASSO..]
Vloeibaar [poets-extract..]
Rec[kitt’s]
ZAKJ[E BLAUW]” (Noviomagus)

Brasso: polijstmiddel voor metaal

Brasso is een merk polijstmiddel voor metaal, oftewel koperpoets. Het is bedoeld om aanslag van messing, koper, chroom en roestvrij staal te verwijderen. De naam zal afgeleid zijn van het engelse woord voor messing: “brass”. In het engels wordt de term “metal polish” voor “koperpoets” gebruikt; dus niet iets als “copper polish”

Reckitt and Sons

Brasso werd in of rond 1905 in Groot-Brittannië geïntroduceerd door Reckitt and Sons, een grote fabrikant van huishoudelijke middelen, opgericht in Hull. Haar agent, W. H. Slack, ontdekte het gebruik van een dergelijk middel in Australië, toen hij op bezoek was bij de Australische tak van dit bedrijf. Vervolgens ging Brasso in 1905 bij Reckitt and Sons in productie, waarvoor ze een nieuwe fabriek had laten bouwen.

wikipedia: “in eerste instantie verkocht aan de spoorwegen, ziekenhuizen en aan grote winkels.”

Brasso is nog steeds te koop.

Brasso in Nijmegen

Het is mij (RE) nog onbekend wie de oorspronkelijke Brasso muurschildering heeft laten plaatsen. Wel waren Reckitt’s Zakje Blauw als Brasso merken van dezelfde fabrikant.

(Het is niet waarschijnlijk dat het 1 grote advertentie van L.A. Moll was: mogelijk Brasso als metaalpoetsmiddel nog wel, maar het Zakje Blauw was bedoeld om de was witter te laten lijken).

Gevonden advertenties

Advertentie Poetsartikelen Drogisterij Keizer Karel (De Gelderlander 6/3/1908)
Advertentie Poetsartikelen Drogisterij Keizer Karel (De Gelderlander 6/3/1908)

De op dit moment eerstgevonden advertentie in Nijmegen is in De Gelderlander 6/3/1908: dan verkoopt Drogisterij “Keizer Karel” in de Lange Burchtstraat 17 dit product.

Hieronder is een lijst weergegeven van gevonden advertenties voor Brasso. Er is echter niet naar volledigheid gestreefd; mogelijk betrof het een andere winkelier of heeft (de Nederlandse agent van) Brasso zelf laten aanbrengen. Welk lijkt het beeld te zijn dat Brasso oorsponkelijk werd verkocht door drogisterijen. Toen de levensmiddelenwinkeliers opkwamen, vinden we vanaf dat moment ook daar advertenties van het poetsmiddel.

  • Firma F.J. van Pelt, drogisterij, Lagemarkt 47 en Kort Hezelstraat 28 (PGNC 22/12/1909, PGNC 22/2/1912)
  • Thijs Plet, Lange Brouwerstraat 9, Ganzenheuvel 33, Hertogstraat 63, Pontanusstraat 14 (PGNC 10/12/1910)
  • Wed. W.H.M. v. Crimpen, Molenstraat 52 (De Gelderlander 6/7/1913); Van Crimpen’s
  • “Het Goedkoope Warenhuis, Broerstraat 8-10; als “Extra Reclame” (De Gelderlander 19/9/1915)
  • Drogisterij, Molenstraat 52 (en Hamburgerstraat 28 Doetinchem; De Geld]erlander 9/8/1919)
  • Th. Hendriks Pz., St. Annastraat 58/60 (PGNC 5/1/1918)
  • J.J. Hofman J.R, drogist, Elst (De Gelderlander 3/5/1919)
  • Drogisterij “De Nieuwe Gaper”, D. Katje, Ganzenheuvel 33 (De Gelderlander 4/10/1919)
  • Firma H.M. v. Haaren, Levensmiddelen, winkels in Nijmegen: Molenstraat, Smidstraat, Daalscheweg, Burghardt v.d. Berghstraat en Marialaan en in 30 andere plaatsen. Brasso: links onder,  15 cent (De Gelderlander 22/5/1920 Brasso: links onder, 15 cent)
  • Henri v.d. Velden & Co., Hezelstraat 84b, De Gelderlander 10/10/1922
  • Albert Heijn, levensmiddelen, Lange Burchtstraat 27 en Burghardt v.d. Berghstraat 54 (De Gelderlander 22/3/1923, 13 cent)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://en.wikipedia.org/wiki/Brasso

https://en.wikipedia.org/wiki/Reckitt_and_Sons

https://nl.wikipedia.org/wiki/Brasso_(product)

zie ook https://www.onlinemuseumdebilt.nl/reckitt-colman/

Harpol

Muurreclame Harpol Nieuwe Marktstraat (1993 RAN foto Toon Opsteegh CCBYSA)
Muurreclame Harpol Nieuwe Marktstraat, 1993 (RAN foto Toon Opsteegh CCBYSA)

Op de foto uit 1993 blijkt alleen de Harpol reclame nog goed leesbaar te zijn. Aan de andere kant zijn tegenwoordig de overig muurschilderingen op het pand verdwenen.

In de Limburger uit 1956 is de volgende advertentie gevonden:

“Nieuw! HARPOL reinigt en ontsmet Uw toilet!

Het naarste werkje wordt nu voor u gedaan!

Wat is Harpol? Het nieuwe, zelfwerkende reinigingsmiddel in poedervorm voor Uw toiletpot. Ruikt aangenaam. Speciaal gemaakt om U dat naarste van alle werkjes uit handen te nemen!” (De nieuwe Limburger 27-09-1956).

Net als Brasso en Reckitt’s Zakje Blauw is Harpol een merk van Reckitt’s (Reckitts N.V. in de Bilt). Het merk Harpic werd geïntroduceerd in 1932 en is vernoemd naar haar uitvinder Harry Pickup. Sinds wanneer en waarom het merk in Nederland Harpol heet is mij niet bekend, maar mogelijk omdat de 2e lettergreep iets te veel associatie met een toilet oproept.

https://en.wikipedia.org/wiki/Harpic

https://www.dbnl.org/tekst/sijs002chro01_01/sijs002chro01_01_0026.php?q=pik#hl1

Solo

Een gelijksoortige muurschildering van Solo uit 1907 te Dreischor (Zeeland) staat hieronder weergegeven.

Solo Muurreclame Dreischor (Wiki Commons Paul Hermans)

Bij het Stadsarchief van Oss staat een afbeelding uit 1911 van een pakje Solo weergegeven, met tevens een verhaal over de margarinefabriek.

Tegenwoordig wordt het merk in België nog verkocht.

(Overige) Bronnen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Solo_(margarine)

(Overige) Bronnen en verder lezen

Oktober 2006, Huis van de Nijmeegse Geschiedenis (link werkt niet meer, april 2024)

http://www.noviomagus.nl/gevschil6.htm

https://nl.wikipedia.org/wiki/Solo_(margarine)

https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?id=167833

https://www.gelderlander.nl/nijmegen/muurreclame-door-de-eeuw-heen~a9522a72/?cb=dc0c0f8f80acbe25179646271d1e6204&auth_rd=1

Onthulling van het standbeeld van Bisschop Hamer, gemaakt door Bart van Hove in 1902, 1902 (F53878 RAN) Bisschop Hamerstraat Keizer Karelplein
#Nijmegen, Bisschop Hamerstraat, Kunstwerken

Beeld Ferdinand Hamer: Leven en Dood van een Nederlandse Missionaris

Bart van Hove, 1902, huidige locatie: Bisschop Hamerstraat 21 Nijmegen

Onthulling van het standbeeld van Bisschop Hamer, gemaakt door Bart van Hove in 1902, 1902 (F53878 RAN) Bisschop Hamerstraat Keizer Karelplein
Onthulling van het standbeeld van Bisschop Hamer, gemaakt door Bart van Hove in 1902, 1902 (F53878 RAN)

In de Bisschop Hamerstraat, aan het Keizer Karelplein, staat het standbeeld van Bisschop Ferdinand Hamer. Hij werd in 1900 als missionaris in China tijdens de Bokseropstand vermoord.

Wie was Bisschop Hamer?

Ferdinandus Hubertus Hamer (Nijmegen, 21 augustus 1840 – To Tsjeng (huidige Togtoh, Binnen-Mongolië), 25 juli 1900) was een Nederlandse missionaris.

De heer mgr.F.H. Hamer (Nijmegen 25-08-1840 - Touo-tsj’eng / Mongolië 25-07-1900) (F35035 RAN)
De heer mgr.F.H. Hamer (Nijmegen 25-08-1840 – Touo-tsj’eng / Mongolië 25-07-1900) (F35035 RAN)

Jeugd

Hamer werd geboren in de Molenstraat, op het (in ieder geval huidige) huisnummer 122. Hij was de zoon van kruidenier Henricus Hamer en Aleida van Aernsbergen, als 8ste van 10 kinderen. Aan zijn geboortehuis hangt een plaquette, ontworpen door Bernard Fokkinga.

Hij gaat naar het kleinseminarie van de Jezuïeten. Daar wordt hij echter niet geschikt gevonden om tot deze orde toe treden. Vervolgens gaat hij naar het grootseminarie Rijsenburg bij Driebergen. In augustus 1864 ontvangt hij zijn priesterwijding.

Daarbij sluit Hamer zich aan bij de Scheutisten (of eigenlijk: de Congregatie van het Onbevlekt Hart van Maria/ Congregatio Immaculati Cordis Mariae), een congregatie van missionarissen. Scheut verwijst naar de plaats waar de congregatie is opgericht, vlakbij Brussel (tegenwoordig is Scheut een onderdeel uit van Anderlecht).

Hamer had in 1864 de Vlaamse priester Theophiel Verbist (1823-1868) ontmoet, toen deze in Rijsenburg kwam spreken. Verbist had in 1862 de congregatie van Scheut gesticht, welke in 1865 wordt belast met de missie van de Chinese provincie Binnen-Mongolië (de Chinese provincie die van het zuiden tot aan het noord-oosten van het huidige Mongolië grenst).

In augustus 1865 vertrekt Hamer met de eerste groep naar Binnen-Mongolië. Naast Hamer 4 Belgen: naast Verbist de scheutisten Vranckx en Van Segveldt en de knecht Paul Splingaerd. Hamer is 25, de overige 3 missionarissen van “middelbare leeftijd” (Knippenberg).

De Missie in Binnen-Mongolië

Beeld bisschop Hamer (april 2023)
Beeld bisschop Hamer (april 2023)

In december 1865 komen zij aan in Xiwantsi, een katholiek dorp.  Daar nemen ze de missie over van de Franse Lazaristen, die de naam O.-L.-V. ten Pijnbomen krijgt. De missie richt zich niet zozeer op de Mongolen, maar op de Chinese boeren die naar dit gebied getrokken waren om de onrust en slechte economische omstandigheden te ontvluchten. Van Segveldt wordt pastoor van dit gebied. In januari 1866 zendt algemeen-overste en pro-vicaris Verbist Hamer samen met een chinese priester naar oostelijk missiegebied, om daar het gebied te verkennen en een missie te stichten.

Het was voor de missionarissen wennen om in dit gebied te leven: een ander taal en gewoontes, een ander klimaat (extreem koude en lange winters en hete, korte zomers) en andere kleding en eten. Vooral de oudere missionarissen pasten zich weinig aan, Hamer is daar beter toe in staat. Segvelt overlijdt aan vlektyfus. Daarna overlijdt Verbist, mogelijk aan dezelfde ziekte.

Hamer werd in 1869 benoemd tot waarnemend vicaris; daarvoor was Antoon Smoordenburg dat tijdelijk geweest. In 1871 komt Bax aan als de nieuwe vicaris; op 1874 wordt hij als eerste Scheutist tot bisschop benoemd.

De Scheutisten verwerft landbouwgronden, welke zij ter beschikking stelt aan de zeer arme boeren, mits zij zich bekeren.

Benoeming tot Apostolisch vicaris Gansu en Tititulair Bisschop Themithus

Beeld Bisschop Hamer, Bisschop Hamerstraat (april 2023)
Beeld Bisschop Hamer, Bisschop Hamerstraat (april 2023)

Rome breidt in 1878 het missiegebied van de Scheutisten uit tot de huidige Chinese provincies Gansu, Qinghai en Sinkiang (feitelijk het gehele noord-westen van China). Feitelijk was dit een slecht moment: daarvoor was er een moslim-opstand geweest met vele doden tot gevolg. Bovendien was China met Rusland op dat moment in oorlog. De regering had onderkoning Zuo aangesteld om met harde hand op te treden, om zo de rust te herstellen.

 Hamer wordt daarbij op 21-6-1878 benoemd tot apostolisch vicaris van Gansu: een vicaris is een soort bisschop over een (missie) gebied dat nog niet als bisdom is vastgesteld. En tevens als titulair bisschop van Tremithus: een bisschop zonder eigen bisdom.

De missie was geen groot succes: het gebied was te groot met te weinig mensen; de Chinese overheid werkte tegen en Hamer kreeg onvoldoende steun van de Europeanen in Peking. Wel was Hamer steun en toeverlaat voor zijn mensen.

1889 Apostolisch vicaris Ordos

In 1883 wordt het missiegebied opgesplitst in drie bisdommen. Op 15-2-1889 wordt hij benoemd tot apostolisch vicaris van zuid-west Mongolië, Ordos, een zeer groot woestijngebied tussen de grote bocht van de Gele Rivier en de westelijke uitlopers van de Chinese Muur. Hij volgt daarbij Alfons de Vos op, die op 21-7-1888 was overleden. De Vos was minder succesvol geweest: hij had schulden gemaakt en er waren de nodige conflicten. Omdat Hamer de eenheid onder paters zou kunnen herstellen en goed met geld kon omgaan, was hij tot opvolger benoemd.

1890 onthaald in Nijmegen, conflict in België

Bezoek van bisschop-martelaar Ferdinand Hamer t.g.v. het feest van St. Dominicus; in het midden: Ferdinand Hamer, links Pius vsan der Geest o.p. rechts Franciscus Heijs o.p., achter hem v.l.n.r. Henri Hamer, kapelaan Hyacinthus van Erp o.p. pater Cajetanus, kapelaan Grapel en pater Suermondt beiden o.p., 1890 (F65276 RAN)
Bezoek van bisschop-martelaar Ferdinand Hamer t.g.v. het feest van St. Dominicus; in het midden: Ferdinand Hamer, links Pius vsan der Geest o.p. rechts Franciscus Heijs o.p., achter hem v.l.n.r. Henri Hamer, kapelaan Hyacinthus van Erp o.p. pater Cajetanus, kapelaan Grapel en pater Suermondt beiden o.p., 1890 (F65276 RAN)

Vanwege gezondheidsproblemen, een maagzweer die niet in China behandeld kan worden, maakt hij echter eerst een reis naar Europa. In 1890 wordt hij in Nijmegen groots onthaald, waar hij een half jaar zal verblijven.

In België heeft hij met de algemeen overste van de congregatie een conflict over het te voeren beleid: overste van Aertselaer had ingestemd met het verzoek van koning Leopold II om missionarissen naar de Congo te sturen. Bovendien was er sprake van een tekort aan instroom van nieuwe Scheutisten, waardoor Hamer waarschijnlijk zonder nieuwe missionarissen naar China zou moeten terugkeren.

Buiten medeweten van Hamer, wordt vervolgens Alfons Bermijn tot missieprovinciaal benoemd. Dat betekende tevens, dat een groot gedeelte van het missiegeld bij Bermijn terecht kwam. Hamer komt steeds meer geïsoleerd te staan en in 1892 dient hij zijn ontslag in aan Rome. 3 jaar later bereikt hem het antwoord van Rome: het ontslag is geweigerd.

Spanning loopt verder op

In China loopt de spanning steeds verder op, enerzijds ten aanzien van de westerse landen in het algemeen. Westerse landen zetten China steeds meer onder druk om concessies af te dwingen.

Daarnaast was er de weerstand tegenover de missie. In hoeverre deze weerstand gevoed werd door de algemene teneur over het westen is onderwerp van discussie. Behalve dat missionarissen waren binnengekomen via de met geweld afgedwongen opengestelde havens en andere verdragen, speelden aspecten een rol:

  • Gevoel van superioriteit, zowel bij de missionarissen als bij de chinese elite: de missionarissen wilden “beschaving” brengen; de chinese elite vond de westerse denkbeelden barbaars en vond het confusianisme ver verheven boven het christendom
  • Wrok, dat zich uitte in de vorm van de verspreiding van pamfletten tegen de christenen en missionarissen, waarin het christelijk geloof op een verwrongen manier werd weergegeven en de missionarissen van allerlei abjecte misdrijven werden beschuldigd.
  • De houding van de missionarissen: onbeschoft gedrag en een agressieve houding bij meer zakelijke aspecten; zo wil Bermijn afdwingen dat er grote stukken land aan de missie worden afgestaan, die bewerkt kunnen worden door bekeerde boeren. Maar het kon ook zakelijke conflicten tussen christelijke en niet-christelijke Chinezen betreffen.

Daarnaast is er in 1876-1881 een grote hongersnood in het noorden van China, waarbij 10 miljoen mensen omkomen.

De Boksers

In 1900 zou de Bokseropstand uitbreken waarbij veel westerlingen, in het bijzonder zendelingen en missionarissen waaronder Hamer, de dood zouden vinden.

Directe aanleiding: Natuurrampen, sociale onrust en vooral de westerse inmenging

In 1898 heeft Noord-China te maken met een aantal natuurrampen: waaronder overstromingen van de Gele Rivier en droogtes, die de Boksers toeschreven aan het westen en de Chinese missionarissen. Daarnaast waren de Chinezen in het noord-oosten na de afloop van de -verloren- eerste Chinees-Japanse oorlog (1894-1895) in 1895 bang voor een toenemende invloed van buitenlandse mogendheden.

Duitsland gebruikte de moord op 2 katholieke missionarissen in 1897 in de provincie Shandong (in het oosten van China) als voorwendsel om de Jiaozhou Baai in deze provincie te bezetten. Dit leidde uiteindelijk tot een concessie die zou gelden voor 99 jaar. Daarop volgden ook andere mogendheden om concessies af te laten dwingen.

In 1898 had keizer Guangxu tussen juni en september de allerlei edicten laten uitgaan, die het land moesten hervormen (”100 Dagen van Hervorming”). Na de mislukking daarvan nam keizerin Cixi de regering weer op haar.

De Boksers

De “Vuisten der Gerechtigheid en Eensgezindheid” was een van de geheime genootschappen die ontstonden uit onvrede over de slechte sociaal-economische situatie en sociale onrust. Het waren half politiek-half religieuze organisaties van verarmde boeren. Omdat de aanhangers vechtsporten beoefenden, kregen ze de naam “Boksers”. Het genootschap richtte zich zowel tegen het westen, maar aanvankelijk ook tegen de zwakke Chinese keizerlíjke regering, die niets kon uitrichten tegen deze inmenging. Daarbij kregen de Boksers in het geheim bescherming van de gouverneur van Shandong.

Begin van de opstand

De Boksers begonnen in 1899 met het vernielen van buitenlandse eigendommen zoals spoor- en telegraaflijnen en met het aanvallen en vermoorden van missionarissen en Chinese christenen. Aanvankelijk in Shandong, waarna het verspreidde over Noord-Chinese vlakte en vervolgens over andere delen van China.

Vervolg

De uitgebreide bespreking van de houding ten opzichte van het westen, missionarissen en de Bokseropstand was vooral bedoeld om inzicht te verkrijgen in wat de oorzaak waren van het vermoorden van bisschop Hamer.

Om kort te gaan over het vervolg van de Bokseropstand: deze zou aanvankelijk nog krachtiger worden doordat het samen ging met delen van het Keizerlijk Leger. De diplomatenwijken in de steden Tianjin en Peking werden belegerd. Uiteindelijk was de moord op de Duitse gezant in Peking de aanleiding om een internationale “interventiemacht” te sturen: op 14 juli 1900 werden de opstandelingen bij Tianjin verslagen, op 14 augustus bij Peking.

1900 Overlijden

De lont in het kruitvat bij de missie van Ordos is een actie van de groep van Bermijn: op 8-5-1900 verdrijft de “Ijzeren Brigade”, de groep van Bermijn, samen met een groep christenen een aantal Chinese boeren van hun land. Hierbij vallen tevens een aantal doden. Dit wekt de boosheid van de bevolking en stimuleert de aanhang voor de Boksers in dit gebied. Het gebeurt vlakbij Ershisiqingdi, waar Hamer in 1900 zijn bisschopszetel naar toe had verplaatst.

Hamer ziet het gevaar dat de bevolking wraak zal willen nemen en beveelt 6 naaste medewerkers om te vluchten. Zelf blijft hij met ongeveer 1.000 Chinese christenen. Hamer wil na 35 jaar de missie niet in de steek laten, ook al weet hij dat hij bij een aanval van de Boksers waarschijnlijk de dood zal vinden.

Voor de Boksers is dit inderdaad de aanleiding om zich ook in de Ordos tegen de missie te keren. De eerste aanval weten de christenen af te slaan. De volgende, waarbij de Boksers steun krijgen van een Chinese generaal en zijn scherpschutters, niet meer. De bewoners worden gedood, behalve meisjes die verkocht worden. Hamer zelf wordt na zijn gevangenneming dagenlang gemarteld en vervolgens levend verbrand op 23-7-1900.

Het beeld van Bisschop Hamer door Bart van Hove

Onthulling van het standbeeld van Bisschop Hamer, gemaakt door Bart van Hove in 1902, 1902 (F53878 RAN) Bisschop Hamerstraat Keizer Karelplein
Onthulling van het standbeeld van Bisschop Hamer, gemaakt door Bart van Hove in 1902, 1902
(F53878 RAN)

De dood van Hamer maakt grote indruk op de katholieken in Nijmegen en de rest van Nederland. De Scheutisten nemen het initiatief voor de oprichting van een standbeeld, waarbij door de Nijmeegse bevolking een comité wordt opgericht.

Naast de herdenking van hun medebroeder hadden de Scheutisten ook belang bij het standbeeld: op dat moment had de congregatie moeite om nieuwe seminaristen te vinden. Hamer als martelaar leverde veel aandacht op. Vanuit het hele land stromen giften binnen, waaronder van de koninklijke familie.

Ontwerp van Hove: moment afscheid Bisschop Hamer

Rond begin maart 1902 keurt de commissie het ontwerp van van Hove goed. Dan is inmiddels meer dan 10.000 gulden opgehaald, terwijl de kosten ongeveer 12.000 gulden zullen bedragen.

“Met name was de heer jhr. Victor de Stuers vol lof voor de opvatting van den kunstenaar, die voor zijn voorstelling het plechtig moment gekozen heeft, waarop de bisschop-martelaar afscheid nam van zijn trouwe medehelpers, die hij, in het belang van hunner veiligheid heenzond, terwijl hij zelf besloot te blijven, als een trouw herder, die zijn schapen in nood niet verlaat, maar zijn leven geeft voor zijn kudde.

Overeenkomstig die opvatting is Mgr. Hamer afgebeeld in kalme, vastberaden houding, met de rechterhand zijn bisschoppelijk kruis aan de borst drukkend, de linkerhand licht vooruitgestoken in het gebaar van vastbesloten, kalme berusting, waamee hij de woorden uitspreekt: “ik blijf, gij gaat.”

Die woorden zullen tegen het voetstuk gebeiteld worden ter plaatse, waar dit gesierd is met den palm van het martelaarschap.

Daar het beeld in de open lucht moet komen te staan en dus van alle zijden een sierlijk silhouet behoort te bieden, was het vraagstuk der kleeding van groot belang.

De gewone toog, die Mgr. Hamer in het dagelijksch leven droeg, zou een wel wat poovere vertooning maken voor een standbeeld.

Daarom heeft de beeldhouwer den bisschop afgebeeld, bekleed met de cappa magna, die hem statige plooien van de schouders daalt en zelfs van achter nog een weinig afhangt over de verhooging, waarop het eigenlijke beeld zich zal verheffenen waartegen aan de voorzijde tusschen lauwertakken het bisschoppelijk wapen is aangebracht.

Doordat beide handen zijn opgeheven, worden gelukkige motieven voor de drapeering ook aan de voorzijde van het beeld verkregen. Het hoofd is met de bisschoppelijke baret bedekt.” (De Gelderlander 5/3/1902)

Eerstesteenlegging en onthulling

Op 9-9-1902 vindt de eerstesteenlegging plaats. Deze zou echter eerder hebben plaats gevonden, maar juist op die dag overleed G.A. Hamer, de broer van de bisschop (De Gelderlander 10/9/1902)

Op 28-9-1902 onthult bisschop Wilhelmus van de Ven het standbeeld, welke is ontworpen door Bart van Hove. Het verslag van de onthulling is te lezen in De Gelderlander 30/9/1902.

Op de sokkel staan afbeeldingen van Joseph Dobbe, Gijsbertus Jaspers en Andreas Zijlmans. Dit zijn eveneens Scheutisten die waren omgekomen.

Op de voorzijde van de sokkel staat de inscriptie:

DE
NEDERLANDSCHE MARTELAREN
VAN CHIN. MONGOLIË
GEHULDIGD DOOR HET VADERLAND
28 SEPTEMBER 1902

Z.D.H.
MGR. FERDINANDUS HAMER
BISSCHOP VAN TREMITE
APOST. VIC. VAN Z.W. MONGOLIË
GEB. 21 AUG. 1840 TE NIJMEGEN
† 25 JULI 1900 BIJ TÓ TSJÉNG


Bart van Hove

De beeldhouwer Bart van Hove in zijn atelier, gefotografeerd door Sigmond Löw in 1903 [Rijksmuseum object RP-F-00-2590] Door Voorheen toegeschreven aan Sigmund Löw / Mogelijk Henri Jan Bordes - Rijksmuseum Amsterdam, Publiek domein, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=39247451
De beeldhouwer Bart van Hove in zijn atelier met rechts vooraan een ontwerp voor het beeld van Bisschop Hamer, gefotografeerd door voorheen toegeschreven aan Sigmund Löw / Mogelijk Henri Jan Bordes – Amsterdam in 1903 [Rijksmuseum object RP-F-00-2590 , Publiek domein, Wikimedia)

Bartholomeus Johannes Wilhelmus Maria (Bart) van Hove (Den Haag, 18 maart 1850 – Amsterdam, 10 februari 1914) was Nederlandse beeldhouwer. Hij was vooral bekend vanwege zijn bustes en standbeelden.

Hij volgde zijn opleiding aan de Haagse Tekenacademie en daarna van van 1870 tot 1874 aan het Nationaal Hoger Instituut voor Schone Kunsten in Antwerpen. Vervolgens had hij tot 1878 les van P.J. Cavelier in Parijs, waarvoor hij een Koninklijke subsidie had gekregen. Hij maakt in 1881 een studiereis naar Italië.

In 1883 gaat hij in Amsterdam wonen. Daar werkt hij op verzoek van Pierre Cuypers mee aan decoratief beeldhouwwerk voor het Rijksmuseum. Als zelfstandig kunstenaar maakte hij vooral bustes en standbeelden.

Bron

https://nl.wikipedia.org/wiki/Bart_van_Hove_(beeldhouwer), met tevens een overzicht van zijn werk

Verplaatsing

Van 1949 tot 1999 stond het standbeeld van Ferdinand Hamer aan de andere kant van het Keizer Karelplein, op het middenplantsoen van de Van Schaeck Mathonsingel: in 1949 was het beeld verplaatst om niet verloren te staan bij de noodwinkels.

Rijksmonument

Het beeld is een Rijksmonument met als waardering:

“Het standbeeld werd in 2002 als rijksmonument in het Monumentenregister opgenomen, het is “van kunsthistorische waarde als gaaf en goed voorbeeld van een standbeeld uit omstreeks 1900. Het beeld valt op vanwege de idealistische heroïsche gestalte, vanwege de toepassing van portretreliëfs en vanwege de vormgeving van de sokkel met rijke, maar strenge decoratie; van stedenbouwkundige waarde vanwege de huidige ligging aan het keizer Karelplein, waar het aan de kop van het plantsoen een grote beeldbepalende waarde heeft. Voorheen had het beeld een soortgelijke plaatsing aan de Bisschop Hamerstraat; van cultuurhistorische waarde vanwege de bestemming van het monument binnen de geschiedenis van de Rooms-Katholieke missie.”

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Congregatie_van_het_Onbevlekt_Hart_van_Maria

https://resources.huygens.knaw.nl/bwn1880-2000/lemmata/bwn6/hamer

https://bedevaart.meertens.knaw.nl/plaats/1940

De eigen site van de Scheutisten:  https://www.scheut.be/over-ons/

https://en.wikipedia.org/wiki/Roman_Catholic_Archdiocese_of_Lanzhou

https://nl.wikipedia.org/wiki/Guangxu

https://en.wikipedia.org/wiki/Qing_dynasty

https://en.wikipedia.org/wiki/Kiautschou_Bay_Leased_Territory

http://www.catholic-hierarchy.org/bishop/bhamerf.html

http://www.catholic-hierarchy.org/diocese/dsuiy.html

https://nl.wikipedia.org/wiki/Rooms-katholieke_missie_in_China_in_de_periode_1800-1911

https://nl.wikipedia.org/wiki/Onze-Lieve-Vrouw_ten_Pijnbomen

https://nl.wikipedia.org/wiki/Bokseropstand

https://en.wikipedia.org/wiki/Boxer_Rebellion

https://en.wikipedia.org/wiki/First_Sino-Japanese_War

https://en.wikipedia.org/wiki/Battle_of_Tientsin

https://en.wikipedia.org/wiki/Boxer_movement

https://nl.wikipedia.org/wiki/Standbeeld_van_Ferdinand_Hamer

De Gelderlander 27/2/1902

Lees ook:

https://chinamissiebisschophamer.nl/

https://www.harryknipschild.nl/harryknipschild.nl/?view=article&id=450:31-een-katholieke-kerk-in-de-ordos-china&catid=84:verhalen-over-de-missie

Lees tevens de rede van overste Raymakers in De Gelderlander 19/1/1901 (en De Gelderlander 27/9/1900).

Raymakers had in juli een lijst opgesteld van de aanwezige missionarissen: De Gelderlander 17/7/1900: “In de hachelijke omstandigheden, waarin thans de missiën in het verre oosten verkeeren, is het niet van belang ontbloot, de lijst te geven der Nederl. Missionarissen van Scheut, daar werkzaam.”

In november 1900 blijken de gezellen van Ramakers naar Nederland te zijn teruggekeerd (De Gelderlander 18/11/1900).

Mgr. Ferdinand Hamer, De Gelderlander 20/4/1902

Het Station, ontworpen in 1954 door Ir. Sybold van Ravesteyn, 1960 (A.A. van der Borg via F33208 RAN CCBYSA)
#Nijmegen, Centrum, Gebouw van de dag, Kunstwerken

Sybold van Ravesteyn: Architectuur en Ontwerp van Station Nijmegen 1954

1953-1954

Het Station, ontworpen in 1954 door Ir. Sybold van Ravesteyn, 1960 (A.A. van der Borg via F33208 RAN CCBYSA)
Het Station, ontworpen in 1954 door Ir. Sybold van Ravesteyn, 1960 (A.A. van der Borg via F33208 RAN CCBYSA)

Momenteel is men begonnen met de werkzaamheden voor een grote verbouwing van station Nijmegen, waarbij onder andere de westzijde grondig wordt gewijzigd. Een mooie aanleiding om een artikel te schrijven over het ontwerp van het station van Van Ravesteyn uit 1953-1954 en haar kunstwerken.

Vooraf: het bombardement van het station van Peters

Het huidige station is het derde stationsgebouw van Nijmegen. Of feitelijk het vierde, als het NSM station van 1865-1878, een houten gebouwtje, wordt meegerekend. In 1894 had rijksbouwmeester H.C. Peters het tweede station ontworpen.

Bombardement

Het station raakte op 22 februari 1944 zwaar beschadigd. Het werd als gelegenheidsdoel aangewezen vanwege zijn strategische functie voor het Duits wapentransport, nadat een aanval op de Gothaer Waggonfabrik niet doorging. Bij dit bombardement vielen (onbedoeld) vele burgerdoden.

Het station was nog te herstellen. Door een Duits bombardement op 3-10-144 brandde het resterende deel vrijwel volledig uit. Wel bleef een aantal delen, waaronder de overkapping en een deel aan de perronzijde, behouden.

Plaquette herinnering gevallenen oorlog station Nijmegen 202406
Plaquette herinnering gevallenen oorlog station Nijmegen (juni 2024)

Een plaquette in de stationshal herinnert de NS medewerkers die slachtoffer zijn geworden van de oorlog.

Tijdelijk herstel

Het station in 1946, In de voorgrond liggen brokstukken. Links nog zichtbaar een deel van het oude station, 14-11-1946 (Harry Segers/Anefo via NL-HaNA_2.24.01.09_0_901 Nationaal Archief)
Het station in 1946, In de voorgrond liggen brokstukken. Links nog zichtbaar een deel van het oude station, 14-11-1946 (Harry Segers/Anefo via NL-HaNA_2.24.01.09_0_901 Nationaal Archief)

Tussen 1944 en 1953 werd het station tijdelijk hersteld. De begane grond van het gebouw en de stalen kapconstructie kon worden hergebruikt. Grote gaten werden dichtgemetseld, met daarbij een provisorische ingang.

Ontwerp van Van Ravesteyn

Het Station, ontworpen in 1954 door Ir. Sybold van Ravesteyn, 1960 (A.A. van der Borg via F33208 RAN CCBYSA)
Het Station, ontworpen in 1954 door Ir. Sybold van Ravesteyn, 1960 (A.A. van der Borg via F33208 RAN CCBYSA): naast de toren zien we het voorplein waar taxi’s staan te wachten. Rechts is de stationshal met uit- en ingang. Daarvoor ligt de bushalte voor de trolleylijn en de twee intercity bussen. En weer daarvoor het pleintje met aanplant.

Het huidige station is gebouwd in 1954 naar een ontwerp van Sybold van Ravesteyn. Hij kreeg daarbij de opdracht om bij de resten van het oude station een passende voorkant te ontwerpen. Daarbij bleven de oude perronkappen en het perronkant bewaard. Ook tegenwoordig (juni 2024) is de perronkap en de muur van het oude station aan het perronkant nog aanwezig. Van Ravesteyn had veel door Italië gereisd op liet zich bij het ontwerp door Italiaanse pleinen inspireren. En in het bijzonder de gevels aan de Via della Conciliazione (Architectuurgids) in Rome, de belangrijkste toegangsweg tot Vaticaanstad.

De Gelderlander 1/6/1954 haalt het dankwoord van Ir. F.Q. den Hollander tijdens de opening aan: “Het nieuwe station is niet veel meer geworden dan een gevel, zij het dan een fraaie gevel, waarvoor echter gepast en gemeten moest worden en waarbij vooral rekening gehouden moest worden met de beurs van de N.S.”

Campanile

Evenals Italiaanse pleinen, beheerst een slanke toren het plein. Deze toren van 39 meter hoog is geïnspireerd op de campanile – een losstaande klokkentoren, waarvan er veel in Rome en Italië als geheel gebouwd zijn. Van Ravensteyn “wilde van het station een moderne stadsentree maken, van verre herkenbaar door een forse klokkentoren” (Spoorbeeld). De toren staat op as van de Van Schaeck Mathonsingel.

Naast blikvanger, fungeert de toren tevens als scharnierpunt tussen de 2 voorpleinen en de 2 vooraanzichten van het station. En natuurlijk als klokkentoren. “Honderdtachtig meter is de gevel lang en wat zij op het eerste gezicht aan hoogte mist, vergoedt zij royaal door de imponeerende breedte. En door de toren, die een nieuw baken geworden is in een torenarme stad.” (De Gelderlander)

2 pleinen en een voorplein

Naast de toren is links een plein gepland voor bussen. Op het linker plein is de standplaats voor bussen gepland voor 15 stadslijnen. Voor de in- en uitgang van het station ligt een voorplein met een VVV bureau. Daarnaast is voor enkele auto’s ruimte gereserveerd voor de taxi standplaats.

Rechts daarvan zijn bushaltes: 1 voor de trolleybus en 2 voor intercity buslijnen. Daarvoor is een plein met aanplant gepland.

De voorgevel is laag, maar lang: 180 meter. Daarbij is er een onderscheid tussen het rechter en linkergedeelte.

Stationshal en rijwielstalling

De ingang van het station, foto vanwege Officiele opening nieuw spoorwegstation van Nijmegen, 1-6-1954 (Van Duinen/Anefo via NL-HaNA_2.24.01.04_0_906-5002-groot Nationaal Archief CC0)
De ingang van het station, foto vanwege Officiele opening nieuw spoorwegstation van Nijmegen, 1-6-1954 (Van Duinen/Anefo via NL-HaNA_2.24.01.04_0_906-5002-groot Nationaal Archief CC0)

De stationshal staat rechts van de toren. Deze was ontworpen met een gescheiden stroom van in- en uitgaande reizigers.

De ingangspartij bevindt zich vrijwel in het midden, waarbij het portaal naar voren staat en een opgang heeft. Twee deuren in het midden vormen de ingang (met bordje “ingang”).  Links en rechts daarvan zat een raam, met daarboven “kapper” en “boekenkiosk”. In de hal was aan de gehele linkerkant het kantoor en loketten voor de kaartverkoop. Naast de kapper en boekenkiosk was er een bagagedepot, inlichtingenkantoor en wisselkantoor. Reizigers bereikten het perron door controlepoorten. De uitgang bevindt zich aan de linkerkant, vlak bij de toren. Opvallend zijn de rechte vormen, onder andere vanwege de kalkstenen pilasters en de hoge ramen. Bovenop het station staan een aantal beelden.

Rechts van de stationshal is een rijwielstalling.

Linkergedeelte met stationsrestauratie

De linker vleugel station Nijmegen tegenwoordig (juni 2024)
De linker vleugel station Nijmegen tegenwoordig; op de achtergrond zijn de beelden van de knielende figuren nog te zien (juni 2024)

Het linkergedeelte is lager; hier bevindt zich de eerst de stationsrestauratie. Daarnaast waren hier de  wachtkamer en toiletruimte. Ook is er een wachtkamer voor bussen. Dit deel is vorm gegeven door bakstenen bogen op pilaren. Deze bogen zetten zich voort in arcade, die haaks op het gebouw staat.

Arcade en toren

De afsluiting van deze arcade is een toren met ruiterstandbeeld. Het plein wordt door deze bogen zowel omsloten als “omarmd”. Stationsinfo noemt daarbij dat er oorspronkelijk een tweede kolom heeft gestaan, zij het zonder standbeeld.

Bij de officiële opening op 1-6-1954 noemt Ir. F.Q. den Hollander: „Het nieuwe station is niet veel meer geworden dan een gevel, zij het dan een fraaie gevel, waarvoor echter gepast en gemeten moest worden en waarbij vooral rekening gehouden moest worden met de beurs van de N.S. Ik voel mij hier op het stationsplein als in Monte Carlo, zij het dan dat de ruimte in Monte Carlo niet kan wedijveren met die van Nijmegen. Deze gezegende stad biedt bij zijn entree tegelijkertijd ruimte en intimiteit. De toren vooral acht ik een trouvaille; zij is de omhoog stekende vinger van de N.S., als willen de N.S. zeggen: hier zijn wij. Wij hopen inderdaad de hal en restauratie te klein zullen zijn. Zolang er echter ruimtegebrek is kan men zeggen, iets te wensen te houden.” (De Gelderlander 1/6/1954).

Links van de arcade was een weg voor goederenvervoer en parkeerplaatsen gepland.

Rechtervleugel

De rechtervleugel, nog een gedeelte van het oude station, was in gebruik voor goederenvervoer. Waarschijnlijk was deze in gebruik tot de sloop vanwege de aanleg van de nieuwe stationstunnel.

In 1963 werd de rechtervleugel gebouwd, het witte gedeelte bij het huidige busstation Dit was een van de laatste ontwerpen van Van Ravesteyn. De muren wit door het gebruik van kleine witte tegels.

Het stationspostkantoor

In deze periode werd ook het stationspostkantoor gebouwd. Een postkantoor was bij de bouw van het station reeds gepland. De Architectuurgids noemt ook het inmiddels gesloopte postkantoor: “Een van de vele stijlwisselingen in het wonderlijke oeuvre van Van Ravesteyn wordt gedemonstreerd aan de noordzijde van het plein. Hier verrijzen tien jaar later de strakke functionele gevels van het stationspostkantoor.”  Aan de andere kant: waar aan de zuidkant de arcade als afsluiting/omarming van het plein diende, had aan de noordkant dit kantoor deze functie.

Het postkantoor is inmiddels gesloopt en op deze plek staat het Doornroosje/Thalia pand.

De naoorlogse stations van Van Ravesteyn

Naast Nijmegen ontwierp van Ravesteyn na de oorlog een aantal andere stations als vervanger van de gebouwen die door de oorlog geheel of gedeeltelijk waren verwoest:

Opvallend is, dat in de literatuur Rotterdam (1957) niet in dit rijtje wordt genoemd. Waarom is mij nog onduidelijk, in ieder geval was dit ook een werk van Van Ravesteyn.

Retours: “Van Ravesteyn combineerde daarbij zijn neobarokke stijl met het baksteengebruik van de traditionalistische Delftse School, die in de vroege wederopbouwperiode gangbaar was.”

De meeste gelijkenis met de rechtervleugel van Nijmegen is dat van Hoek van Holland (in 2017 gesloopt), onder andere door de werking van pilasters.

De linkervleugel kent gelijkenissen met dat van ‘s Hertogenbosch door het gebruik van een romaanse zuilengalerij (in 1998 gesloopt).

Opvallend bij het station Rotterdam is, dat Van Ravesteyn zich hier heeft laten inspireren door het modernisme, dat gebruikt wordt in de Italiaanse stationsbouw. Hiervan wordt dat van Florence als grote voorbeeld van deze stroming gezien.

Bij het station zijn de nodige kunstwerken te zien, veelal gemaakt door Jo Uiterwaal.

Het gebruik van “ornamenten” was een van de dingen die Van Ravesteyn in Italië ter inspiratie had opgedaan. Naast golvende lijnen, die echter in zijn stationswerk ontbreken. Deze ornamenten had hij in zijn ontwerp voor Utrecht in 1939 al toegepast, “— een taboe voor functionalistische vakgenoten.” (Historiek).

Kunstwerken

Net als bij zijn overige stationswerk, zijn de nodige kunstwerken aangebracht, veelal gemaakt door Jo Uiterwaal.

Jo Uiterwaal (1897 – 1972) was een Nederlands beeldhouwer en meubelontwerper.

Van Ravesteyn en Uiterwaal hadden elkaar in 1933 ontmoet en vanaf dat moment werken ze veel samen. Daarbij bepaalde Van Ravesteyn welk beeld waar moest komen. Spoorbeeld: “Niets in dit werk doet denken aan de beelden die hij maakte voor de Nederlandse stations. Het werk dat hij in opdracht maakte, was veel figuratiever en traditioneler dan zijn vrije werk.” Uiterwaal ontwierp naast Nijmegen (in ieder geval) beelden voor de stations van Gouda en Vlissingen.

Ruiterstandbeeld

Ruiter standbeeld Jo Uiiterwaal station 20230319
Ruiter standbeeld Jo Uiiterwaal station (maart 2023)

Daarbij valt naast de klokkentoren meteen de verhoging met het ruiterstandbeeld op.  Ook deze toren doet meteen denken aan Italië: het ruiterstandbeeld van de Medici in Florence, het ruiterstandbeeld van Marcus Aurelius in Rome?

Het beeldhouwwerk is het laatste dat geplaatst werd, in oktober 1954. “De ruiter stelt Keizer Karel voor” (De Gelderlander 7/10/1954).

Let ook op de tegels op de arcade. Waarschijnlijk is dit ook werk van Uiterwaal.

Reliëfs aan de voet van de toren

Relief Jo Uiterwaal station Nijmegen 202403
Relief Jo Uiterwaal aan voet van de toren station Nijmegen (maart 2024)
Reliëf Jo Uiterwaal op toren station Nijmegen (juni 2024)
Reliëf Jo Uiterwaal op toren station Nijmegen (juni 2024)

Ook de reliëfs aan de voet van de toren zijn werken van Uiterwaal.

Reliëf Hammes

Relief Hammes (maart 2024)
Relief Hammes (maart 2024)

Het reliëf van beeldhouwer Hammes is een geschenk van de gemeente Nijmegen aan de N.S.. Het is een allegorische voorstelling “van de zich uit haar as oprichtende stedelijke gemeenschap van Nijmegen, die de band tussen spoorwegen en stad aanhaalt.” Het beeld zal geplaatst worden tegen de achterwand van de doorgang onder de toren. (De Gelderlander 1/6/1954)

ster onder de toren station Nijmegen (juni 2024)
ster onder de toren station Nijmegen (juni 2024)

Let ook op de ster aan het plafond van de toren. Hiervan is de kunstenaar onbekend.

“Snelheid, Veiligheid en Dienstbetoon”

Officiële opening van het nieuwe station te Nijmegen. Voor de ingang vlnr. burgemeester mr. Ch. M.J.H. Hustinx, de directeur van de N.S. , mr. F.Q. den Hollander en de architect ir. S. van Ravesteyn. Boven de ingang een beeldengroep uitbeeldende de snelheid, de veiligheid en de service van het spoorwegverkeer, 1-6-1954 (Anefo via NL-HaNA_2.24.05.02_0_091- Nationaal Archief CC0)
Officiële opening van het nieuwe station te Nijmegen. Voor de ingang vlnr. burgemeester mr. Ch. M.J.H. Hustinx, de directeur van de N.S. , mr. F.Q. den Hollander en de architect ir. S. van Ravesteyn. Boven de ingang een beeldengroep uitbeeldende de snelheid, de veiligheid en de service van het spoorwegverkeer, 1-6-1954 (Anefo via NL-HaNA_2.24.05.02_0_091- Nationaal Archief CC0)

De beeldengroep “Snelheid, Veiligheid en Dienstbetoon”  staat voor de kernwaarden van de spoorwegen. De groep is eveneens van Uiterwaal.

De vrouw links staat voor snelheid: ze heeft een duif in handen, die de vleugels uitslaat. De vrouw in het midden houdt een vogel beschermend vast, zij staat voor veiligheid. De rechter beeldt dienstbetoon uit: zij heeft een wiel in handen.

Het is gemaakt in 1954 en stond oorspronkelijk op het dak van het ingangsportaal. Daarom had Uiterwaal de gezichten bewust wat omlaag laten kijken.

Aanvankelijk stonden er nog 2 beelden op de dakrand: Geloof en Wetenschap. Vanwege de verbouwing van het station in 1973 zijn deze verwijderd en bevinden zich nu in het Spoorwegmuseum van Utrecht.

Na de verbouwing in de jaren 70 kwam de groep op de huidige locatie, tussen de toren en ingang.

Snelheid, Veiligheid en Dienstbetoon Uiterwaal 202403
Snelheid, Veiligheid en Dienstbetoon van Jo Uiterwaal op huiidige locatie (maart 2024}

Twee knielende figuren

De vrouw links heeft bomen in haar hand en symboliseert de bosrijke omgeving. De man rechts houdt een vis vast, symbool voor het water.

Fontein

fontein bij visitatieruimte station Nijmegen (juni 2024)
fontein bij visitatieruimte station Nijmegen (juni 2024)

De fontein is een restant van het station van 1894. Deze is te vinden bij de voormalige visitatiezaal.


Zeven consoles en leeuwenkop

console station Nijmegen (juni 2024)
1 van de 7 consoles station Nijmegen (juni 2024)

Aan het perron zijn nog 7 consoles van het oude station te vinden, werken van E.A.F. Bourgonjon uit 1894.

Ook de leeuwenkop is van Bourgonjon

Leeuwenkop station Nijmegen (juni 2024) Bourgonjon
Leeuwenkop station Nijmegen (juni 2024) Bourgonjon
Koppen station Nijmegen (juni 2024)
Let ook op de koppen bovenin bij het perron, station Nijmegen (juni 2024)

Verbouwingen

Het station is een aantal malen verbouwd. In 1973 vond een grote verbouwing plaats: men vond de stationshal te klein voor voorzieningen en en het toegenomen aantal reizigers. Het ontwerp was van W.M. Markenhof. De gehele hal, behalve de gevel aan de perronkant, is gesloopt. Daarvoor in de plaats kwam een in een meer moderne stijl, vooruitstekende hal.

Eerste verbouwingen

Naast het al genoemde postkantoor, hadden in de loop der jaren al meerdere veranderingen aan het station plaats gevonden. De eerste een nieuwe overkapping van het eerste perron in 1959. Twee jaar later volgde de bouw van de verkeerstunnel. Hierbij werd het laatste intact zijnde gedeelte van het stationsgebouw van het Peters gesloopt. In de plaatst van de noordelijke hellingbaan naar het eilandperron, kwam er een trap.

1973 Verbouwing

Het Station en omgeving, 17/10/1977 (Theo Hendriks via F32932 RAN CC0)
Het Station en omgeving, 17/10/1977 (Theo Hendriks via F32932 RAN CC0)

De belangrijkste verbouwing was die van 1973 naar ontwerp W.M. Markenhof, architect van de NS. Daarbij werd de gehele hal gesloopt, behalve de achtergevel aan het perron. Daarvoor in de plaats kwam “een moderner, naar voren uitstekend bouwdeel, in een typische jaren zeventig NS-architectuur. “ (Waardestelling) “Het ontwerp voor de nieuwe hal kwam geheel voort uit overwegingen van functionaliteit, waarbij aan de hal overigens wel winkelfuncties werden toegevoegd. Zowel de vergroting van de restauratie, de bouw van het districtkantoor als de vernieuwing van de stationshal werden destijds gezien als broodnodige moderniseringen aan het bestaande stationsgebouw. Als grootste stad in het oosten van het land was het logisch dat Nijmegen betere en meer verbindingen kreeg met de rest van het land, en dat betekende grotere reizigersstromen, vertelde burgemeester De Graaf in tijdschrift De Koppeling van 16 november 1973. Hij was blij met de vernieuwingen, vooral de felblauwe luifel en de gele polyster loketwand vielen in de smaak.”

Merk bij de foto uit 1977 de reclame op: zowel op de dakrand (voor een warenhuis) als op de toren (voor een eau de cologne).

De laatste grote verbouwing vond plaats vanaf 2001 naar ontwerp van Wienke Scheltens

Het Centraal Station; links het Mercure Hotel, Stationsplein, 10/10/2004 (Jacques van Dinteren via D5053 RAN CCBYSA)
Het Centraal Station; links het Mercure Hotel, Stationsplein, 10/10/2004 (Jacques van Dinteren via D5053 RAN CCBYSA)

Momenteel (juni 2024) is een nieuwe ingrijpende verbouwing begonnen. Een mooie film is te vinden op IndeBuurt.

Bronnen

Architectuurgids

https://issuu.com/stationsnl/docs/waardestelling_station_nijmegen: prachtig boek

https://www.stationsweb.nl/station.asp?station=Nijmegen

https://www.noviomagus.nl/Ansichtkaarten/Station/StationCat.html

https://www.spoorbeeld.nl/inspiratie/station-met-twee-gezichten-station-nijmegen

http://www.stationsinfo.nl/Nijmegen7.htm

https://retours.eu/nl/38-architect-sybold-van-ravesteyn/

https://historiek.net/sybold-van-ravesteyn-1889-1983-een-uitzonderlijke-spoorwegarchitect/61312/

https://www.spoorbeeld.nl/databank/snelheid-veiligheid-en-dienstverlening

http://www.stationsinfo.nl/Nijmegen8.htm

Kunst op Straat

Rails station Nijmegen mist in de avond (oktober 2024)
Rails station Nijmegen mist in de avond (oktober 2024)





Een overzicht van de Spoorbrug, juni 1984 (Rijksdienst voor Monumentenzorg via F56735 RAN CC0)
#Nijmegen, Kunstwerken

Spoorbrug

Een overzicht van de Spoorbrug, juni 1984 (Rijksdienst voor Monumentenzorg via F56735 RAN CC0)
Een overzicht van de Spoorbrug, juni 1984 (Rijksdienst voor Monumentenzorg via F56735 RAN CC0)

Nijmegen kreeg haar eerste moderne brug met de spoorbrug uit 1879. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte deze zwaar beschadigd. In 1983 vond een belangrijke aanpassing plaats: de spoorbrug kreeg 1 boog:de pijlers voor de bogen in de Waal waren een te groot gevaar voor de scheepvaart geworden. In 2004 kwam de voetgangers-/fietsersbrug de Snelbinder.

Sinds 1879 loopt er een spoorbrug over de Waal. Daarmee was het de eerste moderne brug tussen Nijmegen en Over-Betuwe; de Waalbrug stamt uit 1936. De bouw daarvan vond plaats tussen 1876 en 1878, waarbij deze brug bestond uit 3 bogen.

Eerste boog van de spoorbrug in aanbouw, 1875, dr. Jan Brinkhoff via D740 RAN CC0)
Eerste boog van de spoorbrug in aanbouw, 1875, dr. Jan Brinkhoff via D740 RAN CC0)

Het landhoofd van deze brug doet denken aan een middeleeuwse poort met 2 torentjes en is ontworpen door Pierre Cuypers. Deze torentjes dienden tevens als verdediging van de brug.

Dit is overigens niet de eerste brug tussen Nijmegen en de overkant: de Romeinen hadden in de buurt van deze locatie al een brug gebouwd.

Het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens,1885 (F56819 RAN)
De spoorbrug met 3 bogen en op de voorgrond het voltooide Kronenburgerpark met in het midden de Kronenburgertoren en links de Spoorbrug, Wilhelm Ivens, 1885 (F56819 RAN)

Oorlog

Tijdens de oorlog raakte de brug een aantal keren beschadigd.

Op 10 mei 1940 blies de Nederlandse genie de middelste boog op, om de opmars van de Duitsers te vertragen. Zie voor een foto onder andere F56710. Na een tijdelijk pontje was de brug op 12 november provisorisch hersteld en weer in gebruik genomen.

Op 28 september 1944 bliezen Duitse kikvorsmannen de middelste boog van de spoorbrug op (zie onder andere de foto F71826). Een deel van het landhoofd was intussen al door de Duitsers afgebroken, zodat op het landhoofd afweergeschut kon worden gezet.

In 1945 begonnen de herstelwerkzaamheden, waarbij een deel van het landhoofd is gesloopt.

De oude (vakwerk)spoorbrug over de Waal uit 1879 met de twee oorspronkelijke boogoverspanningen en het herstelde tijdelijke brugdeel in het midden. Links, het zuidelijk landhoofd van architect P.J.H. (Pierre) Cuypers (16/05/1827 - 03/03/1921) , 1947-1948 (Maatschappij Rembrandt via F91350 RAN)
De oude (vakwerk)spoorbrug over de Waal uit 1879 met de twee oorspronkelijke boogoverspanningen en het herstelde tijdelijke brugdeel in het midden. Links, het zuidelijk landhoofd van architect P.J.H. (Pierre) Cuypers (16/05/1827 – 03/03/1921) , 1947-1948 (Maatschappij Rembrandt via F91350 RAN)

1983: 1 pijler

Bouw/modernisering van de spoorbrug. Vervanging van twee van de drie segmenten van de oude brug door een boog van 235 meter. Invaren van de nieuwe brug. De derde overspanning aan Lentse zijde zal, volgens draaiboek van de NS, in de tweede helft van 1984 vervangen worden door een uit drie delen bestaande betonnen aanloop, 8-5-1983 (J.J. van Ewijk via F88183 RAN CC0)
Bouw/modernisering van de spoorbrug. Vervanging van twee van de drie segmenten van de oude brug door een boog van 235 meter. Invaren van de nieuwe brug. De derde overspanning aan Lentse zijde zal, volgens draaiboek van de NS, in de tweede helft van 1984 vervangen worden door een uit drie delen bestaande betonnen aanloop, 8-5-1983 (J.J. van Ewijk via F88183 RAN CC0)

Sinds 1983 bestaat de brug uit 1 boog: de pijlers voor de bogen in de Waal waren een te groot gevaar voor de scheepvaart geworden.

Aanvankelijk was het plan om het landhoofd te slopen; deze kreeg echter de status van rijksmonument “van belang uit een oogpunt van architectuurgeschiedenis als overblijfsel van een destijds zowel nationaal als internationaal opvallend landhoofd, van belang als een van de laatst overgebleven landhoofden in Nederland en van belang uit een oogpunt van de (technische en architectonische) geschiedenis van de Nederlandse Spoorwegen.”

Herstel

Een van de herstelde wachters op het landhoofd van de spoorbrug van Nijmegen. Ze staan omgekeerd ten opzichte van de oorspronkelijke situatie
Een van de herstelde wachters op het landhoofd van de spoorbrug van Nijmegen. Ze staan omgekeerd ten opzichte van de oorspronkelijke situatie

Sinds 2009 is de laatste hand gelegd aan het herstel: hierbij zijn de torentjes van het landhoofd opnieuw gebouwd, nog steeds is aan de kleur van de stenen te zien waar de nieuwbouw heeft plaatsgevonden. Deze herbouw maakt tevens deel uit van het plan om de oude poorten van de stad weer zichtbaar te maken; dit is ook de reden geweest om de poort bij het Hertogplein weer zichtbaar te maken.

Ook het beeld van de ridder met een windvaan bovenop de toren is opnieuw gebouwd. Hierbij is er echter 1 verschil: oorspronkelijk stonden de beelden als echte bewakers naar de rivier toe.

In een van de pijlers had de kunstenaar Theo Elferink (1923) jarenlang zijn atelier.

Snelbinder

Aan de spoorbrug hangt een tweede brug: de Snelbinder. Dit is een fietsbrug die in 2004 geplaatst is, vooral vanwege de verbinding tussen de stad en de Waalsprong.

Rondleidingen in het landhoofd

Tegenwoordig is het mogelijk om een rondleiding in het landhoofd te krijgen.

Elke zondag: 11:00u ; 12:00u ; 13:00u ; 14:00u ; 15:00u ; 16:00u
In de maanden januari, februari, november en december is dit: 12:00u ; 13:00u ; 14:00u ; 15:00u;

Bron: de eigen website van Het Landhoofd (link en gegevens overgenomen op april 2024), met bovendien veel meer informatie en mogelijkheid tot reserveren.

Spoorbrug Nijmegen bij zonsondergang met de Oversteek op de achtergrond
Spoorbrug Nijmegen bij zonsondergang met de Oversteek op de achtergrond

(Overige) Bronnen en verder lezen

Dit panorama op de stad ziet de reiziger vanuit de richting Arnhem. De St. Stevenskerk en de St. Augustinuskerk torenen boven de huizen uit. Links de Nieuwe Markt, in het midden de Lange Hezelstraat en rechts de Parkweg; de tram draait de Kronenburgersingel op richting station, 2/1923 (Uit Katholiek Illustratie via F9308 RAN)
Dit panorama op de stad ziet de reiziger vanuit de richting Arnhem. De St. Stevenskerk en de St. Augustinuskerk torenen boven de huizen uit. Links de Nieuwe Markt, in het midden de Lange Hezelstraat en rechts de Parkweg; de tram draait de Kronenburgersingel op richting station, 2/1923
(Uit Katholiek Illustratie via F9308 RAN)

Spoorbrug Nijmegen, wikipedia (link april 2024)

Snelbinder, wikipedia (link april 2024)

Spoorcat, Noviomagus (link april 2024)

Tussen wal en schip, Het moeizame brugverleden van Nijmegen, Paul van der Heijden in De Blik, Noviomagus (link april 2024)

http://rijksmonumenten.nl/monument/333577/landhoofd+spoorbrug/nijmegen/

Monumentaal landhoofd gereconstrueerd, Architectenweb, 7 juli 2009 (link april 2024)

Nieuw landhoofd spoorbrug opgeleverd, Henk Baron, 5 juli 2009 (link april 2024)

http://www.henkbaron.nl/website/voorgaand-nieuws-mainmenu-43/2410-nieuw-landhoofd-spoorbrug-opgeleverd

Restauratie Landhoofd Spoorbrug Nijmegen, Industrieel Erfgoed (link naar artikel werkt niet meer, april 2024)

Start renovatie bruggenhoofd, Omroep Gelderland (link werkt niet meer, april 2024)

6912, NAI (link werk niet meer, april 2024)

Een leuk stuk over de gevechten bij de spoorbrug bij Market Garden: http://www.strijdbewijs.nl/market-garden/nijmegen.htm

Een stuk over de uitleg van een landhoofd: http://www.joostdevree.nl/shtmls/landhoofd.shtml

Trappen Snelbinder bij avond (januari 2026)
Trappen Snelbinder bij avond (januari 2026)
De Schommel, Henk Visch op de Raadhuishof
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

De Schommel, Henk Visch

2000, Raadhuishof

De Schommel, Henk Visch op de Raadhuishof
De Schommel, Henk Visch op het Raadhuishof

Bij het bombardement van 22 februari 1944 raakte een voltreffer de kleuterschool “Saint-Louis”. 24 kinderen en 8 zusters kwamen om. De Schommel van kunstenaar Henk Visch herinnert aan deze trieste gebeurtenis.

De Schommel Henk Visch

Deze 4 meter hoge schommel is een monument dat herinnert aan het bombardement van Nijmegen op 22 februari 1944, waarbij 763 mensen omkwamen. Op deze plek stond een Montessori-kleuterschool “Saint-Louis”. Deze was van de Sociëteit J.M.J. (Jezus, Maria, Jozef) en lag aan de Oude Stadsgracht. 24 kinderen en 8 zusters kwamen daarbij om het leven. Waar het monument en de kastanjes staan, was de speelplaats van de school. De kastanjes staan er nu als een soort stille getuigen.

Het monument

Minister Piet-Hein Donner van Sociale Zaken neemt een ogenblik stilte in acht bij het monument De Schommel tijdens de 65e herdenking van het bombardement door de Amerikaanse luchtmacht, 22/2/2009 (Leo Ijsvelt via F22816 RAN CCBYSA)
Minister Piet-Hein Donner van Sociale Zaken neemt een ogenblik stilte in acht bij het monument De Schommel tijdens de 65e herdenking van het bombardement door de Amerikaanse luchtmacht, 22/2/2009 (Leo Ijsvelt via F22816 RAN CCBYSA)

De schommel is een symbool dat aan de (onschuld van de) jeugd doet denken, wat herinnert aan de 24 kleuters die overleden zijn. De schommel staat op een eiland met daar omheen een hek: de wereld van de jeugd is geïsoleerd van de wereld van volwassenen (die van de toeschouwer), de kindertijd verdwijnt. Daarbij beeldt de schommel traagheid uit: de traagheid, het stilstaan daarvan staat steeds verder af van de speelse wereld van een kind.

Herinnering aan de jeugd

Op de eigen website van Henk Visch: ““De Schommel” is in eerste instantie de herinnering aan de jeugd. Door het beeld van de schommel te isoleren, d.m.v. hek en eiland, en het zodoende als voorwerp te presenteren aan de volwassene, dringt zich het besef op dat de tijd van het spel en het onbekommerde spelen voorbij is. De wereld van de volwassene is een radicaal andere dan die van het kind; daarom is de terugblik op de wereld van het kind, een terugblik op iets dat voorbij is. De schommel beweegt langzaam.

Er is een traagheid, er is zelfs gedwongen stilstand op dit eiland, in deze ijzeren wereld die duidelijk van de volwassene is en die door de noodzaak vooruit te kijken, steeds verder los raakt van de wereld van het kind. Zo verdwijnt de lichtheid van dit teken van de kindertijd langzaam maar zeker en net zo langzaam maar zeker groeit het gewicht van de herinnering.”

Tekstplaat en Drieluik

Een tekstplaat vertelt de geschiedenis van het monument. In de gang die toegang geeft tot het Stadhuis staat een drieluik met foto’s van de omgekomen kinderen. Bezoek naast dit drieluik ook de panelen van de overledenen aan de Emaushof (het “gangetje” langs het gemeentehuis)

Emaushof: Panelen van Overledenen Bombardement 1944

Sinds september 2019 staan op 10 panelen de 800 mensen die gestorven zijn bij het bombardement van 22 februari 1944. Waar mogelijk is een portretfoto van de overledene, met daarbij de naam, geboorte- en overlijdensdatum.

Beelden van de school zijn te vinden op de site Oorlogsdoden Nijmegen 1940-1945. Daarnaast staat een lijst opgenomen van alle oorlogsslachtoffers van het bombardement.

M.U.L.O. en de Kleuterschool

Lees hier meer over de M.U.L.O. en de Kleuterschool:

Bronnen en verder lezen:

4en5mei.nl: De Schommel

Wikipedia: De Schommel

Huis van de Nijmeegse Geschiedenis: Monument de Schommel

De Schommel, Henk Visch op de Raadhuishof

Laat hier je bericht achter

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Lees ook:

Emaushof: Panelen van Overledenen Bombardement 1944

Sinds september 2019 staan op 10 panelen de 800 mensen die gestorven zijn bij het bombardement van 22 februari 1944. Waar mogelijk is een portretfoto van de overledene, met daarbij de naam, geboorte- en overlijdensdatum.

Burchtstraat

De Burchtstraat is al eeuwenlang een van de belangrijkste straten van Nijmegen. Eeuwenlang was deze van belang doordat het de…

Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024) Guiseppe Roverso
#Nijmegen, Centrum, Grote Markt, Kunstwerken

Afsluitpaal Vijfringengas: Betekenis en Geschiedenis

Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024) Guiseppe Roverso
Afsluitpaal Vijfringengas (juni 2024)

In 1974 werd een van de afsluitpalen geplaatst in de Vijfringengas, een smal paadje tussen de Grote Markt en de Korenmarkt. het beeld is gemaakt door Guiseppe Roverso. Met zijn 5 ringen en duivelskoppen is het een opvallend paal. Het verwijst zowel naar een huis als naar Mariken van Nieumeghen.

Vijf ringen

Rond 1700 werd de gas vernoemd naar een van de huizen die hieraan stond: “De vijf gulden ringen”, op de hoek van de Vijfringengas en de Grote Markt.

Duivelskoppen

Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)
Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)

De duivelskoppen verwijzen naar Mariken van Nieumeghen.

Zoals Dorsoduro opmerkt: “Maar in die vertelling krijgt Mariken na tot inkeer te zijn gekomen slechts drie ringen om hals en armen gelegd als straf.

Guiseppe Roverso

Restauratie St. Stevenskerk: de Italiaanse beeldhouwer Giuseppe Roverso (11 augustus 1900 - 1 juli 1977), januari 1968 (F39277 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)
Restauratie St. Stevenskerk: de Italiaanse beeldhouwer Giuseppe Roverso (11 augustus 1900 – 1 juli 1977), januari 1968 (F39277 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)

Giuseppe Roverso (Chiampo, 11 augustus 1900 – Nijmegen, 1 juli 1977) was een Italiaans beeldhouwer en monumentaal kunstenaar.

Hij volgde rond 1928 zijn opleiding aan Scuola Superiore d’Arte Applicata Milano. Zijn vrouw was de dochter van een Nederlandse boer die zich in Frankrijk had gevestigd. In 1965 werd hij genaturaliseerd tot Nederlander. Hij heeft in ieder geval op Semmelinkstraat 48 gewoond.

Roverso werkte onder andere mee aan de lantaarnconsoles in de Utrechtse Binnenstad. Hij was in de jaren als beeldhouwer betrokken bij restauraties: de wederopbouw van de Sint-Stevenskerk in Nijmegen, de kloostergang van de Domkerk in Utrecht en het Duivelshuis in Arnhem.

Werken van Guiseppe Roverso

  • Acht lantaarnconsoles in Utrecht
  • Gevelbeelden van vier kerkvaders en de twaalf apostelen, en een reliëf van het wapen van Nijmegen, 1961-1962, voor de Latijnse school, Sint Stevenskerkhof, daarnaast Wapenreliëfs, 1965
  • Medaillons en gevelbeelden met Maximiliaan van Oostenrijk, Filips de Schone, Karel V, Karel van Gelre, Maarten van Rossum en Willem van Kleef, en een beeld van een lansknecht (1965-1967), Walburgstraat, op het Duivelshuis in Arnhem
  • Beeld van Stefanus in de Sint-Stevenskerk, Nijmegen
  • Leeuw, 1971 aan de kerkboog, Grote Marktzijde, Nijmegen
  • Replica wapensteen van kasteel Hernen, 1971/1972, Kasteel Hernen
  • Beeld ‘De vier seizoenen‘ (1974) bij wooncentrum de Meiberg, Nijmegen
Het seniorenflatgebouw De Meiberg (Meijhorst 71ste t/m 73ste straat) ; links het beeld De Vier seizoenen , gemaakt door Giuseppe Roverso, 1992 (Toon Opsteegh via F6092 RAN CCBYSA)
Het seniorenflatgebouw De Meiberg (Meijhorst 71ste t/m 73ste straat) ; links het beeld De Vier seizoenen , gemaakt door Giuseppe Roverso, 1992 (Toon Opsteegh via F6092 RAN CCBYSA)

(Overige) Bronnen en verder lezen

https://www.noviomagus.nl/vrijkun10.htm

https://nl.wikipedia.org/wiki/Giuseppe_Roverso

Kunst op Straat

Grote Markt / Vijfringengas : Afsluitpaal voorstellende Moenen en vijf ringen, in 1974 vervaardigd door Giuseppe Roverso. De hardstenen paal is versierd met 5 ringen, die aan elkaar worden geschakeld door duivelskoppen. De ringen verwijzen naar de naam van het gasje, terwijl de duivelskoppen een verwijzing zijn naar het beroemde verhaal van Mariken van Nimwegen. Roverso was van oorsprong een Italiaanse beeldhouwer, geboren in 1900 in Chiampo en overleden in 1977 te Nijmegen, 1976 (Jan Cloosterman via F1481RAN CCBYSA)

Laat hier je bericht achter

← Terug

Bedankt voor je reactie. ✨

Lees ook:

Grote Markt

Deze pagina verzamelt artikelen die reeds over de Grote Markt zijn verschenen. Eerst echter een korte geschiedenis. Beide zullen van…

Korenmarkt

Waar vroeger parkeerplaatsen waren, is het tegenwoordig in de zomermaanden gezellig picknicken op de Korenmarkt. Het was een van de…

Flora Lente Moreau Nassausingel 20240325
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

De Geschiedenis van de beelden De Vier Jaargetijden aan de Nassausingel

1889 Nassausingel Rijksmonument

Flora, beeld van Mathurin Moreau, Nassausingel (april 2025)
Flora (Lente), beeld van Mathurin Moreau, Nassausingel (april 2025)

De beelden aan de Nassausingel stellen de Vier Jaargetijden voor, vervaardigd door de Franse beeldhouwer Mathurin Moreau. In 1889 was het een geschenk van de Vereeniging ter Verfraaiing van Nijmegen. De bekostiging werd mede mogelijk gemaakt door een schenking van 400 gulden door het Baron Paulus Straalmanfonds.

Sokkel Verfraaiings Vereeniging Nassausingel (maart 2024)
Sokkel Verfraaiings Vereeniging Nassausingel (maart 2024)

4 Jaargetijden, 4 godinnen

De beelden hebben alle vier ongeveer dezelfde klassieke lichaamshouding, hetzelfde opgestoken haar en dezelfde gewaden. Rijksmonumenten: “De vrouwenfiguren zijn classicistisch geïnspireerd, waarbij de gewaden aansluiten bij de Griekse natte stijl.” Zij houden hun attribuut steeds in de rechterhand vast, terwijl de linkerhand iets is opgeheven.

Ceres Zomer Moreau Nassausingel 20240325
Ceres (Zomer) (maart 2024)

Het zijn:

  • Flora:  godin van de bloei, de lente, met uibottende tak
  • Ceres: godin van de akkerbouw, de zomer, met korenaren
  • Pomona: godin van tuinen en vruchtbomen, de herfst, met druiventros
  • Vesta: godin van het huis en het haardvuur, de winter, met vuurpot.

De beelden zijn gegoten bij de Parijse gieterij Societé des Fonderies du Val d’Osne. De maker van de sokkel is Mathijs Roggen, van oorsprong uit Nijmegen die in Luik eigenaar van een steengroeve was.

Over Ceres en Pomona schrijft Marc Maison (zie ook hieronder): “We learn that our statues, presented on the foundry’s catalog, depict Ceres, goddess for harvests, agriculture and fertility, and Pomona, nymph and divinity of fruits. Both are wearing an antique tunic, falling down their bodies, underlining their breasts, with the drapery following their leg’s movements. According to the mythology, Ceres, the one holding a wheat sheaf, is supposed to be the origin for the four seasons, putting the ground’s fertility on hold during the four months when her daughter Proserpina is meant to be in the underworld next to her husband Pluto. Meanwhile, Pomona is the divinity of fruits : following the mythology, she did not like wilderness but preferred instead a well-nurtured garden. The artist represented her offering grapes with her right hand, and holding her tunic’s drapery, filled with fruits, with her other hand. Creating these two cast iron statues, the artist celebrates generosity and nature’s beauty following the neoclassical ideals of his times.”

Mathurin Moreau en de samenwerking met Val d’Osne

Plaza de Valparaíso 01, Rodrigo Cartagena Armijo (via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0)
Plaza de Valparaíso 01, Rodrigo Cartagena Armijo, Chili (via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0)
Plaza de Valparaíso 02, Rodrigo Cartagena  Armijo Armijo, Chili (via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0)
Plaza de Valparaíso 02, Rodrigo Cartagena Armijo Armijo, Chili
(via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0)
Plaza de Valparaíso 03, Rodrigo Cartagena Armijo, Chili (via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0) {{Information |Description=Estatuas de la plaza de Valparaíso. |Source=[http://www.flickr.com/photos/daidaros/321983909/ Plaza de Valparaíso 03] |Date=2006-10-24 14:00 |Author=[http://www.flickr.com/photos/82121357@N00 Rodrigo Cartagena Armijo] from San
Via https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Estatua_Plaza_Victoria_3.jpg?uselang=fr
Plaza de Valparaíso 03, Rodrigo Cartagena Armijo, Chili
(via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0)
Plaza de Valparaíso 04, Rodrigo Cartagena Armijo, Chili (via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0)
{{Information |Description=Estatuas de la plaza de Valparaíso. |Source=[http://www.flickr.com/photos/daidaros/321984762/ Plaza de Valparaíso 04] |Date=2006-10-24 14:00 |Author=[http://www.flickr.com/photos/82121357@N00 Rodrigo Cartagena Armijo] from San
Plaza de Valparaíso 04, Rodrigo Cartagena Armijo, Chili (via Flickr/WikiCommons cc-by-sa-2.0)

(Vrijwel) identieke beelden van Moreau, eveneens gegoten door de Societé des Fonderies du Val d’Osne zijn te vinden in Valparaíso (Chili).

Mathurin Moreau (18-11-1822 Dijon – 14-2-1912 Parijs) was een Franse beeldhouwer. Zijn vader Jean-Baptiste-Louis-Joseph Moreau, een beeldhouwer. Zijn moeder Anne Marianne Richer was dochter van de beeldhouwer Mathieu Richer. Ook de broers van Moreau, Hyppolyte en Auguste, waren beeldhouwers. Hij volgde zijn opleiding aan de École des Beaux-Arts in Parijs in 1841 en had lessen bij Jules Ramey en Auguste Dumont.

Succesvol kunstenaar

In 1842 behaalde hij de tweede prijs in Rome en in 1848 deed hij voor het eerst mee aan Salon des artistes français. Hij behaalde een aantal medailles op de wereldtentoonstelling in Parijs: medaille tweede in 1855, medaille eerste klasse in 1878 en een gouden medaille in 1889. In 1897 kreeg hij een eremedaille van de Salon en op de Wereldtentoonstelling van 1900 in Parijs was hij jurylid. Hij maakte “academische neoklassieke en Art Nouveau beelden in marmer en brons” (wikipedia)

Een aantal beelden zijn nog in Parijs te zien, onder andere:

  • Cologne, façade van Gare du Nord
  • L’Océanie, Musée d’Orsay
  • Zénobe Gramme, begraafplaats Père Lachaise

Samenwerking met Kunstgieterij Val d’Osne

Hij is daarnaast over de hele wereld bekend met de (serie) werken die hij in samenwerking met kunstgieterij Val d’Osne maakte tussen 1849 en 1879. Hij werd daar tevens een van de aandeelhouders en 1 van de beheerders.

Voor Val d’Osne maakte hij veel modellen voor beelden en decoratieve voorwerpen. Waaronder religieuze beelden, grafmonumenten, fonteinen maak ook kandelaars en tafellampen. De meeste beelden zijn in gietijzer, met een coating van imitatiebrons. Zijn fonteinen en beelden zijn niet alleen in veel Franse steden te vinden, maar ook in de rest van de wereld. Vooral ook in Zuid-Amerika.

Naast Val d’Osne maakt hij ook modellen voor de “Compagnie des Bronzes de Bruxelles”.

Vanaf 1879 was hij tevens burgemeester van het 19e arrondissement van Parijs.

Een afbeelding van de 4 “Nijmeegse” beelden is te vinden in de catalogus van Val d’Osne uit 1877. En zie ook de site van Marc Maison, waar kopieën te koop zijn. In haar publicatie gaat ze vanaf pagina 9 meer in over een serie van soortgelijke werken.

Het krantenartikel bij de onthulling

Pomona op de Nassausingel, 1889-1895 (Gérard Stoof via F30938 RAN)
Pomona op de Nassausingel, 1889-1895 (Gérard Stoof via F30938 RAN)

“Door de Nijmeesche Verfraaiings-Vereeniging zijn dezer dagen aan de Gemeente aangeboden en op den Nassausingel geplaatst vier bronzen beelden op hardsteenen voetstukken. Tot het geven van dit kostbaar geschenk was de vereeniging in staat ten eerste door hare eigen fondsen en verder door den welwillend aangeboden finantieelen steun van de directie van het Straalmansfonds. Beide vereenigingen die hetzelfde doel beoogen, namelijk het verfraaiien der parken en wandelingen onzer stad, hebben daardoor weder niet weinig bijgedragen om aan een der schoonste punten in de onmiddelijke omgeving der stad een nog sierlijker aanzien te geven. De beelden, voorstellende Flora (de lente), Ceres (de zomer), Pomona (de herfst), en Vesta (de winter), zijn van Mathurin Moreau en vervaardigd door de Société des fonderies du Val d’Osne te Parijs. De voetstukken, met inscriptie, van het zuiverste hardsteen zijn afkomstig uit de Carrières de Correux van onzen vroegeren stadgenoot, den heer Math. van Roggen te Sprimont bij Luik, aan wien nog onlangs de eer te beurt viel op de Internationale Tentoonstelling te Brussel met de gouden medaille bekroond te worden, zijnde de hoogste onderscheiding aan Petit granit Belge verleend.

Pomona Herfst Moreau Nassausingel 2024032
Pomona (Herfst) (april 2024)

De beelden, met de voetstukken bijna 3 meter hoog, doen op den Nassausingel een uitmuntend effect en de opschriften der gevers zullen naar wij hopen de aandacht vestigen, aan welke men ook den leeuw in het Kronenburgerpark, een meesterstuk van beeldhouwkunst van den heer H. Leeuw Sr., de fontein aan den Stationsweg, de bank om den dikken boom, vele andere banken, de zwanen en de prachtige collectie eenden van de zeldzaamste soorten in den vijver van genoemd park, enz. te danken heeft, en die zeker nog meer tot verfraaiing der wandelingen zou bijbrengen, indien zij beter door de ingezetenen gesteund werd. Het is toch bedroevend dat deze Vereeniging niet meer dan ongeveer 325 leden telt van de meer dan 30.000 inwoners, terwijl de contributie jaarlijks slecht f1,50 bedraagt, en ieder die zulk een kleine bijdrage schenkt toch de voldoening kan smaken mede te werken om onze stad, ook in het oog der vreemdelingen, nog aantrekkelijker te maken dan zij thans reeds is.

De pogingen door het Bestuur der Vereeniging om het ledental te doen toenemen, waartoe zij dezer dagen lijsten zal doen aanbieden, zullen dan ook ongetwijfeld met een goed gevolg bekroond worden.” (PGNC 14/4/1889)

Nassausingel

Plantsoen Nassausingel, 1895 dr. Jan Brinkhoff via D430 RAN)
Plantsoen Nassausingel, 1895 dr. Jan Brinkhoff via D430 RAN)

Tegenwoordig is de Nassausingel een drukke verkeersweg met aan beide kanten van het park een tweebaansweg. Oorspronkelijk is het aangelegd in 1880 door tuinarchitect Jan Copijn en maakte het onderdeel uit van een groene gordel: het liep (en loopt) tussen het Keizer Karelplein naar de aansluiting met het Quackplein/de Kronenburgersingel en Kronenburgerpark – tot 2008 was het huidige Quackplein onderdeel van de Nassausingel.

Aan deze singel kwamen statige panden. Waaronder de oude burgemeesterswoning, naar een ontwerp van Bert Brouwer. De westzijde van deze singel brandde in september 1944 af.

Beeld van de singel, eerste helft jaren zestig, gezien in de richting van het Keizer Karelplein, met de gietijzeren beelden van de 'De vier jaargetijden', vervaardigd door de Franse beeldhouwer Mathurin Moreau in 1889. Van voor naar achter achtereenvolgens Vesta (Winter), Pomona (Herfst), Ceres (Zomer) en Flora (Lente), 1964 (Gemeentepolitie Nijmegen via F88463 RAN CC0)
Beeld van de singel, eerste helft jaren zestig, gezien in de richting van het Keizer Karelplein, met de gietijzeren beelden van de ‘De vier jaargetijden’, vervaardigd door de Franse beeldhouwer Mathurin Moreau in 1889. Van voor naar achter achtereenvolgens Vesta (Winter), Pomona (Herfst), Ceres (Zomer) en Flora (Lente), 1964 (Gemeentepolitie Nijmegen via F88463 RAN CC0)

Naar het Hunnerpark en terug naar de Nassausingel

De Vier Jaargetijden in het Hunnerpark 2010 Henk van Gaal DF948 CC0 Moreau
De Vier Jaargetijden in het Hunnerpark, 2010 (Henk van Gaal via DF948 RAN CC0)

Omdat het midden van de Nassausingel als parkeerplaats werd ingericht, zijn de beelden begin jaren 60 verplaatst naar het Hunnerpark. Hier hebben ze tot eind 2012/begin 2013 gestaan: na de opening van de parkeergarage aan het Keizer Karelplein werd het groen op de Nassausingel hersteld en keerden de beelden terug.

Rijksmonument

Vesta (Winter), Mathurin Moreau, Nassausingel (januari 2026)
Vesta (Winter), Mathurin Moreau, Nassausingel (januari 2026)

De beeldengroep is een Rijksmonument. Als waardering:

“-Van kunsthistorische waarde als gaaf en goed voorbeeld van beelden uit het vierde kwart van de negentiende eeuw, bedoeld ter verfraaiing van de openbare ruimte. De classicistisch geïnspireerde beelden verbeelden een classicistisch thema, kenmerkend voor de ontstaanstijd van de beelden en hun functie.

-Van stedenbouwkundige waarde als onderdeel van de groenstrook bij de Nassausingel.

-Van cultuurhistorische waarde als uiting van een technische en van een stedenbouwkundige ontwikkeling, als gietijzeren beelden een voorbeeld van het toenemend gebruik van gietijzer voor gebruiks- en kunstvoorwerpen in de negentiende eeuw, en als voorbeeld van het gebruik van verfraaiingselementen in Nederlandse openbare stadsparken en plantsoenen die na de slechting van stadswallen vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw in veel steden werden aangelegd.”

(Overige) Bronnen en verder lezen:

Flora Lente Moreau Nassausingel 20240325
Flora (Lente) (maart 2024)

De Vier Jaargetijden in het Hunnerpark, Huis van de Nijmeegse Geschiedenis

Rijksmonunmentenregister

Kunst op Straat

Nassausingel, wikipedia

Meer over Mathurin Moreau:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Mathurin_Moreau

https://fr.wikipedia.org/wiki/Mathurin_Moreau, in het Frans, maar uitgebreider dan de Nederlandse.

https://www.artnet.com/artists/mathurin-moreau/, met veel foto’s van geveilde objecten

https://www.invaluable.com/artist/-xq3wp3zz3g/sold-at-auction-prices/?page=8&srsltid=AfmBOoq1g_7Uy1vC6bbMKwzR2UrY2yYP1iTtQ7zGG0tW1n2ON3FlRAo9 met veel foto’s van geveilde objecten

Vesta Winter Moreau Nassausingel 20240325
Vesta (Winter) (maart 2024)

Kronenburgerpark

Het Kronenburgerpark is vooral mooi vanwege een van de weinige restanten van de vestingmuur die heel Nijmegen ooit omsloot. Vooral…

Kronenburgersingel 223-225 architect Gielen

Kronenburgsingel 223 en 225, rijksmonumenten. Uit 1897, architect Gielen. Een van de opvallende elementen is het tableau “JHM”, mogelijk afkomstig…

De Godenpijler: Zonnewijzer met Valkhofmuseum, op een ochtend in oktober waar de zon ver te zoeken was (oktober 2023)
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

Godenpijler

Kelfensbos/Museum Valkhof

De Godenpijler: Zonnewijzer met Valkhofmuseum, op een ochtend in oktober waar de zon ver te zoeken was (oktober 2023)
De Godenpijler: Zonnewijzer met Valkhofmuseum, op een ochtend in oktober waar de zon ver te zoeken was (oktober 2023)

In 1980 werden bij opgravingen twee delen van een Godenpijler gevonden (nu te zien in het Valkhofmuseum). Dit zou het bewijs zijn dat Nijmegen de oudste stad van Nederland is. Sinds 2005 staat de zonnewijzer Noviomagus op het plein, een kunstwerk van Rutger Fuchs en Ram Katzir. Momenteel is deze tijdelijk verdwenen, maar zal in 2026 terugkeren.

Opgraving

Bij de opgravingen van 1980 werden 2 blokken gevonden op het huidige plein voor het museum, het Kelfkensbos. Deze 2 blokken konden op elkaar geplaatst werden, waarbij het was duidelijk dat ze onderdeel hadden uitgemaakt van een grotere zuil. Waarschijnlijk zijn deze delen in late oudheid gebruikt voor de fundering van een nieuwe verdedigingswal. De overige onderdelen zijn nooit teruggevonden. De zuil is tegenwoordig te zien in museum het Valkhof.

Zie ook de foto uit 1980, KN15526-33A RAN, op het moment dat de zuil in het toenmalige Museum Kam te zien is.

Godenzuil

Door het opschrift TIBR CSAR (“Tib(e)r(ius) C(ae)sar”) met daarbij een afbeelding van een man in toga, die waarschijnlijk een plengoffer op het altaar brengt. Daarachter staat Victoria, die een lauwerkrans vasthoudt. Het vermoeden is dat deze afbeelding keizer Tiberius zelf betreft, hoewel ook gedacht wordt aan Germanicus.

Reden van oprichting

Er is geen duidelijk bewijs te vinden wat de aanleiding voor de oprichting van deze zuil geweest is (waardoor ook niet zeker is wie de betreffende Romein is). Historici komen op basis van beredenering op een aantal mogelijke momenten:

  • 14 na Christus: het jaar waarop Tiberius keizer wordt
  • Overwinning Germanicus in 17 na Christus (de mening van Panhuysen…)
  • De reorganisatie van de grensverdeling langs de Rijn door Tiberius. Tussen 10 en 12 na Christus was hij in Germanië als veldheer, met het hoogste militaire gezag in deze provincie
  • Het einde van de langdurige oorlog tegen de Germanen

Stephan Mols noemt de overwinning op de Germanen na de veldtocht tussen 10 en 12 de meest waarschijnlijke reden. In 12 na Chr. hield Tiberius vanwege deze overwinning een triomftocht door Rome. Daarbij noemt Mols bovendien dat Tiberius, vóórdat hij keizer werd en als geadopteerde zoon van Augustus, Tiberius Iulius Caesar werd genoemd. Op het moment dat hij Augustus in 14 n. Chr. opvolgt, wordt zijn naam onmiddellijk gewijzigd in Tiberius Julius Augustus. Op basis daarvan komt Mols bovendien met de datering van het beeld tussen 12 en 14 na Chr.

Goden

Op de Godenpijler zijn, naast Victoria die de krans vasthoudt, de volgende goden te vinden:

  • Apollo, halfnaakt en met lier: de beschermgod van keizer Augustus en het regerende keizershuis. Daarbij was Apollo een reddende god, maar ook de god van muziek en levensvreugde
  • Diana, afgebeeld met pijl en boog en hertje: de godin van de jacht en wilde natuur
  • Ceres, 2 brandende fakkels, godin van akkerbouw en moederliefde

Een dergelijke zuil was bedoeld om de macht van Rome uit te stralen, waarbij zij beschermd werd door de goden: “De verschillende goden op de pijler, waaronder Apollo, Diana, Ceres en Bacchus, vormen een passende entourage voor Tiberius en wellicht zijn stiefvader Augustus boven hem. Ze verbeelden de bovennatuurlijke steun die het keizershuis claimde te genieten en de zegeningen die het daarmee het Romeinse rijk pretendeerde te brengen.” (Collectie Gelderland)

Het beeld zal meer dan 5 meter hoog zijn geweest. Doordat op de gevonden stenen naast een volledige afbeeldingen onder- en boven ook fragmenten van andere afbeeldingen zijn te zien (bijvoorbeeld alleen de voeten), zal het beeld uit minimaal 3 banden met afbeeldingen hebben bestaan.

Boven de Romein/Tiberius is een tweede persoon in toga afgebeeld. De andere figuren zijn mythologisch van aard. Waarschijnlijk gaat het om Bacchus (boven Ceres), de muze Urania (onder Apollo), een watergod (onder Ceres) en Mars (of Roma?) onder de Romein/Tiberius.

Op basis van andere godenpijlers zal er op het beeld waarschijnlijk een afbeelding van Jupiter hebben gestaan.

Oudste stad van Nederland?

Panhuysen noemt de stenen “Nijmegens historische kroonjuwelen”. Door de aanwezigheid van een dergelijke zuil moet dit betekenen dat Nijmegen in die tijd al een redelijk belangrijke stad was.

Voor sommigen zijn de stenen het bewijs dat Nijmegen de oudste stad van Nederland is. Mede op basis van een uitlating van Panhuysen uit 2002 “een monument dat met de vroegste stichting van de stad in verband gebracht kan worden”.  Hierin zien sommigen het bewijs dat Nijmegen de oudste van Nederland is. Hij zegt zelf echter dat hij deze uitspraak nooit zo bedoeld heeft, wat hij herhaalt in 2009.

Kunstwerk Noviomagus

De meeste mensen kennen de het beeld als de Godenpijler, maar officieel heet het kunstwerk Noviomagus. Het beeld is bedoeld als blijvende herinnering dat Nijmegen haar 2000 jarig bestaan vierde.

De godenpijler vormde de inspiratie voor het kunstwerk Noviomagus, waarin kopieën van de blokken verwerkt zijn. Het kunstwerk is een zonnewijzer op het plein voor Museum het Valkhof, een werk van graficus Rutger Fuchs en beeldhouwer Ram Katzier en respectievelijk de grafisch ontwerper en de cartoonist van het LIRA Bulletin.

Het beeld is 8 meter hoog en bestaat uit steen en brons. Het kunstwerk is een verwijzing naar het verleden en toekomst van de stad. De voet van het beeld bestaat uit bronzen afgietsels van de oorspronkelijke stukken. Daarop staat een obelisk van graniet, waarop citaten over Nijmegen van de afgelopen 2000 jaar zijn aangebracht. De obelisk is tevens een verwijzing naar het Romeinse verleden: keizer Augustus plaatste een Egyptische obelisk als zonnewijzer op een plein in Rome.

Op de top staat een kleine schildpad, symbool van vrede en geluk. De obelisk met schildpad dient als zonnewijzer. De schildpad loopt zo op het ritme van de tijd met de toekomst van de oudste stad mee. Zijn schaduw kruipt gedurende de dag over plein, waarbij hij letterlijk het pand kan kruisen met mensen die over het plein op lopen en zo geluk brengen.

Rondom de zuil zijn bronzen bakstenen aangebracht, om met de schaduw van de naald te tijd af te kunnen aflezen.

25 jaar na de vondst, op 21 december 2005, onthulden Minister-President Balkende en Burgermeester ter Horst het beeld. Een foto is te vinden op DF1354 RAN.

“Eerlijk gezegd vind ik het origineel mooier.”

De Gelderlander: “Ontwerper Ram Katzir is zelf niet de grootse fan van zijn kunstwerk dat sinds gisteren het plein voor Museum Het Valkhof siert. Hij houdt niet van obelisken, vindt het ‘ fallische verkeerstekens’. Maar de opdracht voor een monument in Nijmegen, dat zijn 2000- jarig bestaan viert, liet hem geen keus: breng de godenpijler die de Romeinen ooit bouwden, terug in het straatbeeld, in een modern jasje. „Eerlijk gezegd vind ik het origineel mooier.”

Steuntje voor scheve toren

Sinds 2018 heeft de zonnewijzer een steuntje gekregen. Als zonnewijzer is het de bedoeling dat het beeld scheef staat. Tijdens een inspectie bleek de ondergrond niet stevig genoeg te zijn. Daarop werd een steuntje geplaatst.

Bronnen

https://www.academia.edu/68829128/De_Romeinse_godenpijler_van_Nijmegen_Kelfkensbos_De_Navel_van_Nijmegen_The_early_Roman_Triumphal_Pillar_in_honour_of_Tiberius_

https://nl.wikipedia.org/wiki/Godenpijler_(Nijmegen)

https://www.gld.nl/nieuws/2308388/extra-steuntje-voor-toren-van-pisa-in-nijmegen

https://nieuws.lira.nl/Uitgave-19/Print

https://www.trouw.nl/home/balkenende-onthult-godenpijler-in-nijmegen~b16c36c8/

https://www.collectiegelderland.nl/museumhetvalkhof/object/41d31b02-274c-d061-e8fe-48e2cd2cf097

https://nl.wikipedia.org/wiki/Noviomagus_(Godenpijler)

https://nl.wikipedia.org/wiki/Gnomon_(zonnewijzer)

https://www.noviomagus.nl/Vrij/Godenpijler/GodenpijlerCat.html

https://www.ad.nl/nijmegen/wegpoetsen-van-godenpijler-waarom-toch~a9c197aa/

https://www.rn7.nl/nieuws/artikel/godenpijler-verdwijnt-tijdelijk-van-kelfkensbos-voor-een-grote-verbouwing-van-het-pleinhttps://www.gelderlander.nl/nijmegen/ook-laatste-kunstwerk-verdwijnt-van-troosteloos-kelfkensbos-godenpijler-keert-over-twee-jaar-terug-maar-waar~aff7d86b/

https://thestorybehind.it/collections/2/works/1673-ram-katzir-de-godenpijler

Een mooi verhaal is tevens: https://www.welkominnijmegen.nl/pages/stadswandelingen-met-of-zonder-gids/themawandelingen/romeinse-plekken-in-het-centrum-van-nijmegen/de-godenpijler-als-zonnewijzer.php

Kopje beeld van een kinderhoofd Albert Meertens 1943 Nieuwstraat stadhuis
#Nijmegen, Kunstwerken

Stadswapen en Kinderkopje, versieringen aan het Stadhuis van Albert Meertens

1943, Huidige locatie: Korte Nieuwstraat 6 (stadhuis)

Stadswapen

Stadswapen bij stadhuis, Albert Meertens
Stadswapen bij stadhuis, Albert Meertens

Albert Meertens maakte voor de nieuwe vleugel van het Stadhuis rond 1941/1943 2 werken: Een stadswapen en een kinderkopje. Het kinderkopje was, symbolisch, geplaatst boven de ingang van het Bevolkingsregister.

In 1941 besteedt de Gelderlander uitgebreid aandacht aan deze ontwerpen. (Merk echter op dat de uibreiding -en het artikel- gemaakt zijn ten tijde van de Duitse bezetting).

Het stadswapen

Beeldhouwwerk van Albert Meertens

Voor de gevels van het Nijmeegsch stadhuis

De gevels van het herbouwd Stadhuis te Nijmegen zullen behalve ander sierwerk twee sculpturale stukken bevatten van den beeldhouwer Albert Meertens uit Berg en Dal, waarvan wij hierbij de afbeeldingen geven.

De groote steen, die het wapen van Nijmegen vertoont, zal worden gemetseld in een zijgevel aan de Lange Nieuwstraat. De schildhouders, beide leeuwen, herinneren aan den Assyrischen stijl, de beide adelaars van het stadswapen, in het schild, zijn in sobere lijnen aangegeven, daarbinnen bevindt zich het schild met den nationalen leeuw. Boven zien wij de keizerskroon en rijksappel met kruis. Onder de latijnschen naam voor Nijmegen “Noviomagum”.

Zooals men ziet hebben we hier met forsch en kundig gemaakt reliefwerk te doen, dat met vaste hand uit de harde steen is gehouwen. De vormen van het wapen zijn kernachtig en pittig uit het materiaal tevoorschijn gebracht en de vereischte motieven werden onderling harmonisch in de langwerpige rechthoekige ruimte verwerkt. Tot in de details is alle aandacht aan het werk gegeven. Men lette bijvoorbeeld op de tongetjes der schild-torsende leeuwen. Ook de adelaars zijn als symbolische figuren, uitstekend geslaagd, waarbij men begrijpen zal, dat het hier niet te doen was om een dierstudie in steen, maar om de forsche structuur van een sprekend stadswapen.”

Bij de ingang van het Stadhuis is het oude stadswapen van 1816- 1953 te zien. Het meest opvallende is de leeuw op het schild: deze heeft een enkele staart in plaats van een dubbele staart. De leeuw symboliseert het feit dat Willem II, graaf van Holland en Rooms-Koning Nijmegen in 1247 heeft verpand aan de graaf van Gelre. Aangezien dit pand nooit is ingelost, bleef Nijmegen dus een Gelderse stad.

Het wapen van Gelderland is een dubbelstaartige leeuw. Deze enkele staart zijn op Nijmegen nog op meerdere plekken te zien, bijvoorbeeld bij de leeuw van Maris bij de Lindenbergtrappen. De putdeksels van Nijmegen tonen wel een dubbelstaartige leeuw.

De schildhouders zijn de leeuwen van het wapen van Gelderland, namelijk de Gelderse en Gulikse leeuw. Feitelijk zou de Gelderse leeuw hier ook dubbelstaartig moeten zijn, maar dit gebruik is in de loop der tijd verwaterd.

Zie voor een verdere beschrijving https://www.heraldry-wiki.com/wiki/Nijmegen

Het Kinderkopje

Kopje beeld van een kinderhoofd Albert Meertens 1943 Nieuwstraat stadhuis
Kopje beeld van een kinderhoofd Albert Meertens 1943 Nieuwstraat stadhuis (april 2023)

Het kinderkopje bij de achteringang van het stadhuis is in 1943 gemaakt door Albert Meertens. Het was geplaatst boven de toegangstrap naar de achteringang van de Secretarie-vleugel (uit 1939/1940) van het Stadhuis, bij de Gruitberg.

“Het ander beeldwerk, een kinderkopje, komt, zeer juist, boven de poort van het bureau Burgelijke Stand, waar huwelijken en geboorten worden aangegeven. Het kopje duidt op het wordende leven.

In dit stukje beeldhouwwerk zal men de ruste en de harmonie terug vinden, welke kenmerkend zijn voor Meertens’ beeldhouwers-visie. Een aantrekkelijke onbevangenheid spreekt uit het weergegeven gezichtje. De oogen rusten vast in het verschiet; neus en mond zijn in de klassieke verhoudingen aangebracht, en het gelaat heeft verder de goed doorwerkte rondingen van een jeugdig kopje, die harmonisch verloopen in de hals, langs het oor, en langs de haren. Naast gratie ligt groeiende kracht in het steenen gezichtje uitgedrukt. Ook dit is een mooi stuk beeldhouwwerk, dat er in de komende eeuwen moge spreken van het bloeiend kunstleven onzer dagen.

Het beeldwerk van Meertens vormt o.a. naast de leeuwen van Maris, een waardig onderdeel van het mooie steenwerk, dat het nieuwe deel van het stadhuis zal sieren.” (De Gelderlander 19/7/1941, met 2 foto’s van de ontwerpen)”

Het Secretarie-gedeelte van het Stadhuis is in 1978 gesloopt.

Foto’s van de oude situatie zijn te zien op 2 foto’s uit 1978:

  • F31265 RAN: de achteruitgang met het kinderkopje en het gemeentewapen
  • F31270 RAN: het kinderkopje op de oude plaats

Mariken op haar oude plaats op de Grote Markt, 1995 (Gemeente Nijmegen Afd. Reprografie via F62908 RAN CC0)
#Nijmegen, Centrum, Kunstwerken

Mariken van Nieumeghen beeld Vera Tummers-van Hasselt

Mariken op haar oude plaats op de Grote Markt, 1995 (Gemeente Nijmegen Afd. Reprografie via F62908 RAN CC0)
Mariken op haar oude plaats op de Grote Markt, 1995 (Gemeente Nijmegen Afd. Reprografie via F62908 RAN CC0)

Het beeld van Mariken is een van de meest iconische gezichten van Nijmegen. Het werd gemaakt door Vera Tummers-van Hasselt en onthuld op 15 november 1957. Zij had in 1953 een uitvoering van het wagenspel gezien en zich afgevraagd waarom er geen beeld van Mariken was. Dit beeld kwam er, een geschenk van Vroom & Dreesmann.

Over het beeld

Iconischer dan dit krijg je eigenlijk niet: Mariken met op de achtergrond de St. Stevenskerk; Gezien richting westen met beeld van Mariken op de voorgrond.Trapgevels en Kerkboog, 1957 (dr. Jan Brinkhoff via D199 RAN CC0 Auteursrechthouder RAN)
Iconischer dan dit krijg je eigenlijk niet: Mariken met op de achtergrond de St. Stevenskerk; Gezien richting westen met beeld van Mariken op de voorgrond.Trapgevels en Kerkboog, 1957 (dr. Jan Brinkhoff via D199 RAN CC0 Auteursrechthouder RAN)

Het beeld laat Mariken van Nieumeghen zien. Zij heeft 7 jaar een losbandig leven met Moenen, de duivel, in Antwerpen geleid en nu is ze terug in Nijmegen. Daar ziet zij het wagenspel “Masscheroen”. In dit stuk vraagt Masscheroen, een onderduivel, aan God waarom Hij de mensen vergeeft. Uit het stuk wordt het haar duidelijk dat iedereen vergeving kan krijgen van zijn zonden. Hierop krijgt Mariken berouw en het beeld laat juist het moment van haar inkeer zien.

Wagenspel

Gezicht vanuit de Grote Markt richting Burchtstraat , met rechts het beeld van Mariken van Nieumeghen ; links de Barbershop; Chinees Restaurant Nanking en het Schaefer Hotel. Het beeld van Mariken werd in 1957 ontworpen en gemaakt door de beeldhouwster Vera van Hasselt. Het beeld stond aanvankelijk bij de terrassen tegenover de oude V&D, op een gedeelte dat toen nog verhoogd was (zoals zichtbaar op de foto). Na de reconstructie van de Grote Markt verhuisde Mariken naar de huidige plaats tegenover de Kerkboog en kreeg een sokkel, 1977 (Jan Cloosterman via F14250 RAN CCBYSA)
Gezicht vanuit de Grote Markt richting Burchtstraat , met rechts het beeld van Mariken van Nieumeghen ; links de Barbershop; Chinees Restaurant Nanking en het Schaefer Hotel. Het beeld van Mariken werd in 1957 ontworpen en gemaakt door de beeldhouwster Vera van Hasselt. Het beeld stond aanvankelijk bij de terrassen tegenover de oude V&D, op een gedeelte dat toen nog verhoogd was (zoals zichtbaar op de foto). Na de reconstructie van de Grote Markt verhuisde Mariken naar de huidige plaats tegenover de Kerkboog en kreeg een sokkel, 1977 (Jan Cloosterman via F14250 RAN CCBYSA)

Daarbij gaf men de opdracht aan Vera Tummers- van Hasselt, voor wie het haar eerste grote opdracht was. Van Hasselt had in 1953 de opvoering op de Grote Markt gezien van de Mariken. Dit toneelstuk werd uitgevoerd om de restauratie van de Sint Steventoren te vieren. Daarop maakte ze een klein beeldje van Mariken. En vroeg ze zich af: waarom is er geen beeld van Mariken op het plein? Te vergelijken met het Peerd van Ome Loeks in Groningen of Zoete Lieve Gerritje in Den Bosch. Ze liet het ontwerp aan Rudi Vroom, van Vroom & Dreesmann, die in de kunstcommissie zat, zien. Daarop gaf Vroom haar de opdracht om het beeld te maken. In 1957 kon het beeld worden onthuld.

Geschenk Vroom en Dreesmann N.V.

Het beeld is een geschenk van Vroom en Dreesmann N.V. aan de stad Nijmegen. KOS: “Het bedrijf wilde op deze wijze haar dank betuigen aan de gemeente ‘voor de zorg en de ontzaglijke moeite die men zich getroostte voor de wederopbouw van de gehavende stad en speciaal voor de objectiviteit en het vele werk dat men over heeft gehad voor het herstel van ons bedrijf’”. De grote winkel van Vroom en Dreesmann was tijdens het bombardement van februari 1944 volledig verwoest. In 1955 had zij haar nieuwe zaak aan de Grote Markt geopend (De Gelderlander 22/3/1955).

Verplaatsing

Mariken op haar nieuwe locatie: Op de voorgrond het beeld Mariken van Nieumeghen, gemaakt in 1957 door Vera Tummers - van Hasselt ; op de achtergrond de HEMA en de V&D, 2005 (Jacques van Dinteren via DF5107 RAN CCBYSA)
Mariken op haar nieuwe locatie: Op de voorgrond het beeld Mariken van Nieumeghen, gemaakt in 1957 door Vera Tummers – van Hasselt ; op de achtergrond de HEMA en de V&D, 2005 (Jacques van Dinteren via DF5107 RAN CCBYSA)

Oorspronkelijk stond het beeld aan de noordzijde van de Grote Markt, ter hoogte van de huidige terrassen. Dit gedeelte was op dat moment nog verhoogd.

In het voorjaar van 2001 is het beeld bij de reconstructie van het plein en haar omgeving verplaatst naar de huidige locatie. Kristianne Tummers, haar dochter vertelt in 2019 aan de Gelderlander: “Mijn moeder vond die plek niet ideaal.”

Bij de verplaatsing heeft Mariken een sokkel gekregen. Daarop staan 2 regels:

“Comt nu tot mi ende helpt mi beclaghen,
God of die duvel, tes mi alleleens.”

Nadat ze niet bij haar tante in Nijmegen heeft mogen overnachten en is weggestuurd, is ze weer terug op weg naar het huis van haar oom Gijsbert, een priester. In wanhoop vraagt ze om hulp, om het even of het God of de duivel is. De duivel reageert op haar verzoek en verschijnt dan, waar hij zich voorstelt als Moenen.

Bosje bloemen

Mariken van Nieumeghen (15 november 2024)
Mariken van Nieumeghen (15 november 2024)

Kristianne Tummers mocht als 2-jarige het beeld onthullen door het doek van het beeld te trekken. In ieder geval tot 2019 (de datum van het artikel in de Gelderlander) viert Kristianne Tummers op 15 november altijd de verjaardag van Mariken, de datum van de onthulling in 1957. Zij legt dan een bosje bloemen met wat groen uit de tuin. “”Mijn vader heeft me gevraagd om daar elk jaar bij stil te staan. Maar nooit chrysanten, want daar hield mijn moeder niet van.”” Bij de 60ste verjaardag van Mariken probeerde ze M&M’s uit te delen, maar dat was geen succes: ““Iedereen keek naar me of ik de daklozenkrant aan het verkopen was.”“

Val

Omdat tijdelijk plaats te maken voor het Glazen Huis en omdat het gerestaureerd moest worden, werd Mariken in december 2023 verplaatst. Daarbij viel ze uit een takel en raakte slechts licht beschadigd. Onder toeziend oog van onder andere Kristianne, de dochter van Vera van Hasselt en burgemeester Bruls werd in januari 2024 het beeld weer herplaatst.

(Overige) Bronnen en verder lezen

Mariken van Nieumeghen op 15 november 2024
Mariken van Nieumeghen op 15 november 2024

Mariken hoorde er altijd gewoon bij in ons gezin, Geert Willems in de Gelderlander 24-9-2019: een leuk interview met Kristianne Tummers

https://www.noviomagus.nl/Vrij/Mariken/MarikenCat.html met foto’s

‘Gevallen vrouw’ Mariken weer in ere hersteld, Karel de Jong bij Omroep Gelderland, 9-1-2024

Kunst op Straat

https://nl.wikipedia.org/wiki/Mariken_van_Nieumeghen