1951-1952 Waldeck Pyrmontsingel 67-69 Altrade

Tijden de oorlog werd de Doopsgezinde Kerk in 1944 verwoest. Daarop vond herbouw plaats aan de Waldeck Pyrmontsingel, waarvan F.M. Oswald de architect was. Vanwege teruglopend kerkbezoek wordt de kerk in 1989 verkocht.
De oorspronkelijk Doopsgezinde Kerk stond van 1727 tot 1944 op de Arminiaanse Plaats. In de Tweede Wereldoorlog werd zij verwoest.
Met het schadegeld werd begin jaren 50 een nieuwe kerk gebouwd. Architect Oswald bouwde deze in de stijl van de Delftse School. Oswald was zelf ook lid van de Doopsgezinde Kerk. “Het is een zogenaamde verdiepingskerk: de nevenruimten met onder andere een zondagsschool liggen op de begane grond en de kerkzaal is op de eerste etage. Het gebouw is om economische redenen zo ontworpen.” (Een sterke toren in het midden der stad, H.E. Wesselink 2018)
Stijl
De voormalige Doopsgezinde Kerk is “een zaalkerk met aangebouwde woning, opgetrokken in 1951-’52 naar ontwerp van F.M. Oswald in de stijl van de Delftse School” (Monumenten in Nederland: Gelderland).
Beschouwing uit 1954

In 1954 plaatst de Gelderlander het volgende artikel:
“Doopsgezind Kerkje te Nijmegen
In het Katholiek Bouwblad wijdt B.J. Koldewey de volgende beschouwing aan de Doopsgezinde Kerk tegenover de Wedren:
“Bij de verschrikkelijke verwoesting van Nijmegens binnenstad viel in de oorlogsjaren ook de Doopsgezinde Kerk.
Voor zijn wederopbouw werd door de Gemeente aan de Waldeck Pyrmontsingel, nabij de Aula van de Universiteit, een terrein aangewezen aan de rand van een park. Een uiterst aantrekkelijke, vrije ligging ontstond, met aan de Zuidzijde van het gebouwtje fraai, hoog-opgaand geboomte.
Architect Oswald maakte van dit nieuw geval een zaalkerkje, een bovenkerk, waarin een goede honderd gelovigen hun plaats vinden. Daaronder ’n ruimte voor de Zondagsschool, voor bijeenkomsten in clubverband, voor vergaderingen, enz., te vergroten met de kerkeraadskamer (door het wegschuiven van een wand) als er een podium nodig is bij een concert of een declamatie-avond. Dan is er als aanbouw een kosterswoning en een traptorentje, welk laatste naar een balkon in de kerkzaal voert.
Met het oog de plattegronden doorlopend, met daarnaast de doorsnede, zie je hoe dat alles plezierig inééngesloten en verweven is. De gemeentezaal ligt 80 cm onder peil, waarin je vanuit de gang afdaalt langs een trapje van 5 treden, een wenteltrap voert je naar de eigenlijke kerkzaal met de vloer op 2,60 m plas P., terwijl doorklimmend tot 5 m plus P., het balkon bereikt wordt. Er is daarmee een knap, véélzijdig spel van ruimtebeelden ontstaan binnen een klein volume van 12x15x9½ m plus de open kap.

De kerkzaal met zijn blanke licht doet je denken aan een interieur van Vermeer van Delft of Pieter de Hoogh. Het is een grote kamer, besloten en rustig, met iets voornaams in de boventoon. Het is góéd in deze ruimte te verbljven. De bank groeperen de gelovigen rond de preekstoel. Het moet iets geven als van een vader die met zijn kinderen bijéén is, als de dominee daar bidt en spreekt vanaf de kansel, met Gods woord vóór zich in het grote Bijbelboek. Dwars wordt het kerkruim gebruikt, het spreekgestoelte tegen één van de lange wanden. ’t Is ongetwijfeld allereerst daarmee dat Oswald dat innige verband inleidt en stimuleert tussen hem die voorgaat en de vergaderden rondom hem.
Karakteristiek protestants werd hiermee dit kerkje, vertrouwelijk, geheel ingesteld op het gebed van een kleine groep, tot dit doel bijeen gekomen als in een gesloten familiekring.

“Dicht” zijn dan ook de wanden van dit kerkje met hun vensters, hoog-beginnend uit de vloer en sterk onderverdeeld door glasroeden, als was het gebouwde een 17e eeuws object. Toch zal zelfs de meest verliefde aanbidder van voorgespannen beton differdingers toegeven, dat er ondanks zoveel reminescenties aan weleer, zoveel anders aan dit kerkje te beleven valt, dat je tezelfder tijd beslist losmaakt van een oud-Nederlands herinneringsbeeld. Doen dat de materiaalkeuze, de met grote bepaaldheid gestelde kleuren, het blanke van het eikenhout der meubelen, de uitgewogen detaillering van het getimmerde, de stiel van het smeedwerk van trap en deur?

Een zwak punt aan dit kerkje is het “glazen”, achtkantige trappenhuis, van buiten af gezien. Het past niet goed in zijn verhouding van glas tot steen bij de maatvoering tussen vensteropening en muur die aan alle kanten voor de romp van het gebouwtje zelf werd aangehouden. Daarom wil er hier geen samenvoeging ontstaan. Inwendig echter is het desalniettemin een echt plezier om langs de wenteltrap omhoog te gaan tussen de draadglazen wanden aan de ene en de ronde zuil van schoon, ruig metselwerk aan de andere kant. Ook het tussen-lidje dat kerk en woning verbindt is in die zelfde zin onevenwichtig. Ook hier een loslaten van de schaal van het geheel, waardoor opnieuw eenheid achterwege blijft. Wel zeer te prijzen daarentegen is als detail het klokkentorentje, dat op de nok met een dartele zwierigheid, licht en speels, in juiste contrastwerking het zware volume van het dak, een fraaie bekroning geeft. Bijeengenomen, met dit kerkje van Oswald in Nijmegen zonder meer verrijkt met een bijou”.” (De Gelderlander 9/10/1954)
Vervolg
In 1989 verkoopt de Doopsgezinde gemeente de kerk vanwege het teruglopend kerkbezoek. Hierin vestigt zich vervolgens een praktijk voor fysiotherapie. (Nacht van de Ommetjes). De doopsgezinden trokken zelf in bij de Remonstrantse Gemeente in het
kerkgebouw aan de Prof. Regoutstraat.
Gemeentelijk Monument
De Doopsgezinde kerk is een Gemeentelijk Monument met als waardering (tevens is hier een uitgebreide omschrijving te vinden):
“De voormalige doopsgezinde kerk is van hoge cultuurhistorische waarde als uniek vroeg naoorlogs relict van de geschiedenis van de Doopsgezinde Gemeente in Nijmegen. Vooral door de karakteristieke opzet met twee bouwlagen is het kerkgebouw een typologisch herkenbare manifestatie van protestantse getuigenis. In historisch geografisch opzicht is het kerkgebouw een uiting van de stedelijke vernieuwingsdrang in de wederopbouwperiode; dat wil zeggen de omvorming van de gebombardeerde binnenstad tot een moderne city en, als gevolg daarvan, de herbouw van de verwoeste voorganger buiten het centrum. Binnen deze context reikt de cultuurhistorisch betekenis van de doopsgezinde kerk veel verder terug in de tijd dan 1951-1952, de jaren waarin het kerkgebouw is herbouwd.
De voormalige doopsgezinde kerk is van belang voor de architectuurgeschiedenis als goed en vrijwel gaaf voorbeeld van traditionalistische Delftse Schoolarchitectuur in de kerkbouw. De kenmerken van deze bouwstijl komen in het ontwerp duidelijk naar voren in de archetypische hoofdvorm, de ambachtelijke uitstraling van het gevelbeeld en het zorgvuldige materiaalgebruik.
De Delftse School wordt in de ontwikkeling van de vroeg naoorlogse kerkarchitectuur in Nijmegen verder alleen nog vertegenwoordigd door de Dominicuskerk aan de Prof. Molkenboerstraat (C.Th. Nix , 1951). De stijlverwante Franciscuskerk (Kropholler 1949), Opstandingskerk (Feenstra 1949), Augustinuskerk (Pouderoyen 1951) en O.L. Vrouw van Fatimakerk (Van Veen 1956) zijn namelijk al gesloopt. Aan dit gegeven ontleent de voormalige doopsgezinde kerk op lokaal niveau architectuurhistorische zeldzaamheidswaarde. Vanwege de genoemde ontwerpkwaliteiten en uniciteit is de doopsgezinde kerk van belang voor het oeuvre van architect F.M. Oswald.
Door de markante situering in de uitloper van het Julianapark aan een kruising van wegen, manifesteert de vrijstaande doopsgezinde kerk zich als een stedenbouwkundig accent in het van rijkswege beschermde stadsgezicht. Het gebouw is sterk aanwezig in het stadsbeeld en daardoor van belang voor de oriëntatie in het stedelijk weefsel. De voormalige kerk en pastorie vormen een klein en gaaf ensemble rond een besloten voorplein, dat in belangrijke mate bijdraagt aan de voorname uitstraling van het gebouw.”
Zie het artikel op wikipedia.
Altrade
Deze pagina verzamelt reeds gemaakte artikelen over de wijk Altrade. Romeins amfitheater hoek Rembrandtstraat-Mesdagstraat In de buurt van Romeinse legerkampen…
Architect F.M. Oswald
Architect Frans Martinus Oswald (1907-1966) is een van de architecten geweest die veel van de na-oorlogse scholen heeft ontworpen. Een…
U.L.O. bij Wedren, architect Charles Estourgie jr.
In september 1956 opent de U.L.O. aan de Wilhelminasingel. Het is een ontwerp van Charles Estourgie (jr.). Tegenwoordig is het…