
Een van de bekendste badplaatsen in de omgeving van Nijmegen is de Bisonbaai of Bizonbaai. Het is een voormalig zandwingat in de Ooijpolder, vlak bij de Waal. Daarnaast is het een geliefd wandelgebied, waarbij het met de Stadswaard/Ooijpolder en Groenlanden een groot groen lint vormt. Waarbij deze vervolgens weer aansluit op de Millingerwaard.
De Bisonbaai is gemiddeld 5 meter diep, waarbij het waterpeil afhankelijk van het peil in de Waal. Op sommige plaatsen is de het meer echter meer dan 15 meter diep. (Zwemwaterprofiel Bisonbaai)
Om een rondje te kunnen wandelen, is in 2005 een houten brug aangelegd, welke in 2020 is vernieuwd.
De Bisonbaai staat mede bekend om zijn naaktstrandgedeelte. En om Oortjeshekken, een café-restaurant dat tegenover de Bisonbaai ligt.

Onduidelijkheid over naam Bisonbaai
Er bestaat geen zekerheid waar de naam Bisonbaai vandaan komt. De Gelderlander heeft een leuk artikel over de mogelijke herkomst gepubliceerd.
De door mij (en Rob Essers zoals op de Gelderlander en Noviomagus staat weergegeven) eerstgevonden vermelding is wanneer De Gelderlander 24/7/1936 schrijft over een kanotocht door een aantal Nijmegenaren: ‘Eerst bij de inham, die de canoërs ‘Bizonbaai’ noemen, wenden wij het stuur en zakken we met een flinke snelheid weer de Waal af.’
Baggeren
De Bisonbaai is ontstaan door klei, zand en grindwinning (register zwemwater).
Op een kaart van 1956 zoals te zien op Reactie 5 is te zien dat op dat moment de Bisonbaai veel kleiner was dan het meer wat wij tegenwoordig kennen. In de jaren 50 is zand afgegraven om de Groenlanden-noord op te hogen. Dan heet het nog niet afgegraven deel “Sophia’s Kamp” (Noviomagus). Daarbij is nog tevens een open verbinding met de Waal te zien, ook op de kaart van 1966.
Het genoemde artikel uit de Gelderlander haalt Ton Basten uit Ooij aan, die vertelt dat hij als machinist op de baggermolen heeft gewerkt. Deze heette Cato en niet De Bison, zoals in veel artikelen te lezen is.
In ieder geval zijn in 1949 N.V. Grint Mij „Noviomagum” en N.V. Bagger- en Aannemingsbedrijf „Dara” eigenaren van Cato (Rb. Rotterdam, 19-1-1949).
Het krantenartikel van 8 juni 1957 (zie hieronder) noemt dat “geruime tijd geleden is onder Erlecom, nauwelijks vier kilometer van deze stad, een grote baggermaatschappij aan de arbeid gegaan en langzamerhand is er een diep meer ontstaan, dat de naam Bisonbaai heeft gekregen.”
Waarschijnlijk moest rond 1957 de naam Bisonbaai nog uitgelegd worden, want ook een artikel in het Nijmeegsch dagblad van 8-7-1957 noemt: “Bij de Bisonbaai, het grote meer nabij Erlecom”. (Een “veehouder” had een politieagent gevraagd bezoekers tegen te houden zijn land te betreden, omdat een paar dagen daarvoor bezoekers een landbouwwerktuig zouden hebben vernield. Daarnaast sluiten sommige bezoekers het hek niet, zodat zijn vee kan weglopen. En bezoekers lopen niet alleen op het smalle pad, maar soms met zessen naast elkaar wat onnodig schade aan het gras oplevert. “Bovendien lieten zij daar allerlei rommel achter”). Een artikel van het Nijmeegsch dagblad op 19-6-1957 over zwemgelegenheden in de omgeving heeft het echter slechts over “de Bisonbaai”.
Waterrecreatie
De Bisonbaai staat bekend als een van de meren om te gaan zwemmen of te zonnen.
In 1957 openen de heren Kunst en Wijns -waarschijnlijk voor korte tijd- een school voor waterskiën. Daarbij zijn er plannen om hier een watersportcentrum te vestigen, waarbij ook boten kunnen worden verhuurd. (Nijmeegsch dagblad, 22-5-1957). Een maand later (8-6-1957) schrijft het Nijmeegsch dagblad echter al dat de plannen voor een jachthaven weer van de baan zijn: Rijkswaterstaat de baggerconcessie heeft verleend, op voorwaarde dat de maatschappij na het beëindigen van de werkzaamheden de baai afsluit van de rivier.
Gratis zwemmen
In 1961 wordt er nog steeds gezwommen, gezeild en met motorbootjes gevaren, waarbij de Bisonbaai een open verbinding met “enkele kilometers verder op stromende” Waal heeft. Er zijn echter strubbelingen ontstaan: baron van Randwijk liet tegen “een kleine vergoeding” bezoekers toe op zijn terrein. Gemeente Ubbergen had echter een verordening uitgevaardigd, waarbij het verboden was in de Bisonbaai te zwemmen, zolang de eigenaar geen vergunning had om een zwembad te exploiteren. Van Randwijk wilde geen vergunning aanvragen “omdat hij er geen behoefte aan heeft zwembadexploitant te worden” en daarop konden mensen gratis terecht.
De Bisonbaai was een zware concurrent van het “Wylerbad”, welke met gemeentegeld was opgeknapt. De politie had het jaar ervoor, in 1960 een bekeuring uitgeschreven aan een zwemmer, om op die manier een rechtszaak mogelijk te maken die de rechtmatig van de verordening zou ondersteunen. De kantonrechter had de student een boete van 11 gulden gegeven met de mogelijkheid om in hoger beroep te gaan. Een jaar later, tijdens de behandeling van het hoger beroep, zegt de politieman dat er nog geregeld wordt gezwommen en dat de politie er niet tegen optreedt “die eraan toevoegde dat de Burgemeester van Ubbergen van mening was dat men met de tijd mee moest gaan en het zwemmen moest toestaan.” (Zeeuwsch Dagblad, 9-8-1961)
Verkoop?
In 1966 heeft de eigenaar G.R.A. van Randwijk plannen om het recreatiegebied “Bisonbaai” te verkopen. Daarbij verschijnt een advertentie in de Frankfurter Allgemeine, Dit leidt tot Kamervragen: is het wenselijk dat het gebied aan buitenlanders (“Duitsers zijn met name genoemd”) te verkopen? Kan het niet beter verkocht worden aan Nederlanders, desnoods met overheidsbijdrage of met een financiële deelname in de exploitatie? (Trouw, 21-4-1966). De uitkomst van deze eventuele verkoop is mij nog niet bekend. Van Randwijk zegt geen weet van deze advertentie te hebben gehad en dat hij niet zo snel de grond aan Duitsers zou willen verkopen (oa De Volkskrant en De Telegraaf 21-4-1966).
Naakt zwemmen
Schijnbaar lopen de verkoopplannen uiteindelijk op niets uit, want in 1976 is van Randwijk nog steeds eigenaar. (Nieuwsblad van het Noorden, 11-6-1976) Dan verschijnt er een artikel waaruit blijkt dat naaktzwemmers last hebben van toegenomen agressie. Zelf heeft van Randwijk geen bezwaar tegen naaktzwemmen.
Diersoorten

De Bisonbaai maakt onderdeel uit van het natuurontwikkelingsgebied de Gelderse Poort. “Staatsbosbeheer “De Gelderse Poort” heeft aangegeven dat de Bisonbaai niet gezien moet worden als recreatieplas, maar als natuurgebied. De Bisonbaai is ook dusdanig ingericht. Het is wel toegestaan om overal op eigen risico te zwemmen. Het gebied heeft een oppervlakte van ca. 41 hectare.” (Register zwemwater).
In het gebied zijn galloway runderen en konikpaarden uitgezet. Omroep Gelderland heeft een mooi artikel geschreven, waarin Jeroen Helmer van ARK Natuurontwikkeling vertelt over deze dieren.
Bij het water zijn watervogels als brilduiker, nonnetje en grote zaagbek te zien. Vooral in de winter zijn hier veel ganzen te zien: brandgans, grauwe gans en kolgans. Daarnaast noemt Birdingplaces (tevens bron) een aantal andere bijzondere vogelsoorten.
Daarnaast komt de bever en de vlindersoort koninginnepage voor.