Hier is Wally! (Ergens bij de Waalkade was hij augustus 2022 nog te vinden)
In 2013 maakte Els Keutel op 25 plekken een “Waar is Wally?” muurschildering. Mensen konden op zoek gaan en deze op Facebook melden. Inmiddels heeft de gemeente de nodige Wally’s verwijderd, maar sommige zijn nu (december 2024) nog steeds zichtbaar.
Waterijsje voor de speurder
In 2013 maakte Els Keutel op 25 plekken een “Waar is Wally?” IntoNijmegen: “Ze werden in 2 nachten door 2 vrienden aangebracht, via sjablonen uit pizzadozen.”
Daar zat tevens een Facebook pagina aan verbonden: degene die het eerste een van de Wally’s had gevonden, kreeg een waterijsje. Bezoekers van de pagina konden vervolgens meekijken op welke locaties al een Wally gevonden was.
Boeken Martin Handford
De Wally’s zijn gebaseerd op de boeken van Martin Handford. Hierin staan tekeningen waar van alles gebeurd en waarop je Wally moet zoeken, een mannetje met rode muts, wit/rode trui en blauwe broek.
Geel/zwarte Wally’s
De gemeente heeft inmiddels de meeste Wally’s verwijderd, maar soms kom je er nog een tegen. Sommige Wally’s zijn geel/zwart: ik weet niet of Els Keutel alle Wally’s gemaakt heeft of dat anderen -op een later tijdstip- andere Wally’s hebben gemaakt. In ieder geval vind ik het persoonlijk leuk om nog steeds af en toe een Wally tegen te komen. Vooral op plekken waar ik al regelmatig was langs gekomen, zonder dat ik de Wally ontdekt had.
(Overige) Bronnen en verder lezen
Street Art in Nijmegen, WilmaTakesABreak: een leuk artikel over de streetart van Nijmegen uit 2017; veel van de streetart is nu (december 2024) nog te zien
Wally in de Roerstraat in het gezelschap van een pinguïn (juni 2023)Wally in de Benedenstad (augustus 2025)
Een beetje tropen in de binnentuin: palmboom en sneeuw (januari 2026)
Je loopt er zo aan voorbij en het is klein. Dit is echter een leuk plekje, om even bij een wandeling door de Benedenstad onder het poortje bij Begijnenstraat 13 door te wandelen. Is het de palmboom die het ‘m doet?
In 1983/1984 werd het Citycomplex gebouwd tussen de Ganzenheuvel en Smidstraat. Op een soort binnenterrein kwam de omgevingsvormgeving van Christiaan Paul Damsté.
“Helderheid in de vorm van licht is een belangrijk thema in het werk van deze kunstenaar. na overleg met de omwonenden heeft Damsté besloten een kunstwerk te realiseren, waarmee het pleintje beleefd kan worden als speelruimte voor kinderen en als ontmoetingsruimte voor anderen.” (Kunstbus) Hij maakte een witte granieten schijf met een diameter van 3 meter. Deze schijf kreeg een reliëfstructuur, waardoor het op een plaatjeszwam lijkt. In de as van deze schijf staat een zwarte granieten paal, welke op een soort trap lijkt.
Christiaan Paul Damsté
Damsté is geboren in 1944 in Arnhem. Hij is naast beeldhouwer schilder en etser. Ook maakt hij reliëfs, assemblages en collages.
Hij studeerde van 1962-1967 aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Arnhem. Daar kreeg hij les van Jurjen de Haan, Peter Struycken en Henk Peeters. Ook studeerde hij in 1967-1969 aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Bosch de opleiding vrij schilderen en grafiek. Van 1969-1970 volgde hij de opleiding aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Gent.
Naast kunstenaar was Damsté docent aan verschillende instellingen, in ieder geval in de periode 1969-1989
In 1966 ontving hij de Grafiekprijs van Ommen
Werk
KOS: “Het oeuvre van Damsté lijkt op het eerste gezicht uit uiteenlopend en divers werk te bestaan. Toch is er een samenhang te ontdekken. De kunstenaar laat zich namelijk vooral inspireren door landschap, geologie en architectuur. Daarbij is in zijn werk bijna altijd de wens tot ‘ordening en structuur’ terug te vinden.”
Een ander werk in Nijmegen van Damsté is de sculptuur aan de Hobbemastraat/Ruysdaelstraat uit 1988.
De Begijnenstraat is een mooie, oude straat die Lange Hezelstraat met de Waalkade verbindt. Opvallende monumenten zijn het oude weeshuis en de oude gereformeerde kerk. Daarnaast heeft nog een aantal prachtige, andere oude panden, waaronder een voormalig postkantoor.
De Begijnenstraat is een van de straten in de Benedenstad waar nog relatief veel panden bewaard zijn gebleven, onder andere van de sloop van onbewoonbaar verklaarde woningen in de jaren 70, die plaats maakten voor de nieuwbouw.
Deze pagina verzamelt artikelen over de Begijnenstraat en zal van tijd tot tijd worden aangevuld.
Begijnengas/Begijnenstraat
Volgens het Straatnamenregister is de eerste vermelding van de Begijnenstraat in 1345: “”1345(…): platea Beghinarum” (Gorissen 1956, p. 99))” en “”15e eeuw: Begijnengas en ook Begijnenstraat. De naam is ontleend aan het begijnhof, ook Groesbeekhuis genoemd, dat sedert 1563 in gebruik is als weeshuis.” (Teunissen 1933)”
Binnentuin Begijnenstraat (april 2024)
Loop bij de de onderdoorgang bij huisnummers 13/15 even naar binnen voor het mooie binnenplaatsje.
Begijnenstraat 1 en Lange Hezelstraat 22
Het gebouw op de hoek van Begijnenstraat en Lange Hezelstraat is een Gemeentelijke Monument.
Hoekpand van baksteen, drie bouwlagen, plat dak. WInkelingang in de afgeschuinde hoek, geflankeerd door etalages met geschilderde natuurstenen pilasters.
Boven de deur een overhoeks geplaatste polygone erker met een balkon op de tweede etage. Gevel aan de Hezelstraat is één assig; aan de Begijnenstraat heeft de gevel drie assen. Gemetseld in geometrische patronen, met uistekende schoorsteen aan de Begijnenstraat.
Bouwjaar: ca. 1925-1930
Voor Nijmegen zeldzaam voorbeeld van bouwkunst in de smaak van de “Amsterdamse School”. Goed bewaard.”
Begijnenstraat 3-5
Het gebouw is sinds 1988 een Gemeentelijk Monument:
“Bedrijfspand met bovenwoning
Door samentrekken van twee smalle panden ontstaan pand in twee bouwlagen. Gevel van baksteen met op de etage vier rechthoekige vensters. Op de begane grond gewijzigde pui met tweemaal een groep van een dubbel etalagevenster en rechts daarvan een deur. Plat dak met pannengedekt schild aan de straatzijde met daarin twee rechthoekige dakkapellen.
Gevel geschilderd.
Bouwtijd ca. 1870-1880.
Zeer klein bedrijfspand met bovenwoning van harmonische verhoudingen, van belang als onderdeel van het straatbeeld.”
Begijnenstraat 21-23: “Louis XV stijl” (november 2024)
Het gebouw is een Rijksmonument. Formele tekst van het besluit tot aanwijzing: “Pand onder schilddak en met gepleisterde gevel onder rechte kroonlijst. Dubbele deur met hardstenen bovenlijst, gedragen door gesneden Lodewijk XV-consoles. Omlijsting van het bovenvenster in weelderig gesneden Lodewijk XV-vormen. In het bovenlicht gesneden Lodewijk XV-middenstijl.”
Protestants-Kinderen weeshuis
Begijnenstraat 25 – 29
Oud Burger Weeshuis (april 2024)
De geschiedenis van het weeshuis staat op de eigen website van de Stichting Beide Weeshuizen. En zie ook Monumenten in Nederland: Gelderland vanaf pagina 248.
Regentenkamer
Op de foto hieronder staat de Regentenkamer weergegeven. Tijdens de rondleiding op Open Monumentendag 2024 werd onder andere verteld over de Stichting Beide Weeshuizen en de restauratie van de Regentenkamer.
Een van de onderdelen was het behang, welke een fabriek in Frankrijk in 2018 had gemaakt naar oud ontwerp. Dit is tegenwoordig een geëigende methode voor restauraties, wanneer oude onderdelen als behang aan vervanging toe zijn.
Bij de restauratie zou het houtwerk eigenlijk terug moeten worden gebracht naar donker eikenhout. Dat zagen de huidige gebruikers echter niet zitten, want dat zou betekenen dat ze vanaf dat moment in een donkere zaal zouden moeten vergaderen. Vandaar dat overeen gekomen werd om het houtwerk een lichtgroene kleur te laten behouden.
Daarnaast staat er in de kamer wat “keukengerei”. Zoals werd verteld, is dIt een toevoeging van de huidige gebruikers, die op het moment dat er ruimte moest worden ingekrompen, er in de regentenkamer wat items hadden neergezet, die ze belangrijk/mooi vonden. De “heren regenten”, want het waren toendertijd alleen mannen, zouden zelf nooit hebben willen vergaderen tussen al dat “vrouwenspul”.
Een afbeelding van het Protestants Kinderen Weeshuis met het voorplein, Begijnenstraat 29 (huidig adres), 1850 ( Reproductie van litho van C.C.A. Last. via GN3328 RAN)
Het gebouw is een Rijksmonument. Formele tekst van het besluit tot aanwijzing:
“Nr 25-27: Twee vermoedelijk nog 16e eeuwse panden onder een hoog schilddak, gemoderniseerd in het eerste kwart 19e eeuw met houten kroonlijsten, gesneden deuren en schuiframen in de vensters.
29: Laat-middeleeuwse panden, L-vormig om een binnenplaats gelegen en gedekt door hoge schilddaken. In de vleugel langs de Begijnenstraat een bakstenen fries van spitsboogjes. De gevels aan de binnenplaats hebben gemetselde pilasters van de kolossale orde, begane-grondvensters met gebogen en verdiepingsvensters met driehoekige frontons. Rijk behandeld natuurstenen poortje. De gevelarchitectuur in 1644 uitgevoerd door Salomon de Bray te Haarlem.
Inwendig ondermeer 16e eeuwse en latere sleutelstukken, een regentenkamer met Lodewijk XV-stucplafond, lambrizering, deuren en dessus-de portes. Schouw, 1760. Kelder met graatgewelven. Toegangspoort aan de Begijnenstraat. Bakstenen poort met fronton, geflankeerd door gebeeldhouwde korven met fruit. Aan weerszijden beelden van weeskinderen (1618-1644).
Aan de achterzijde bakstenen toegangspoort met geblokte pilaster: hoofdgestel en opzetstuk met fronton en rolwerkzijstukken, waarschijnlijk 1638, afkomstig van het Roomsch Katholyk Weeshuis aan de Doddendaal en hier herplaatst bij de restauratie van het Protestants Weeshuis, 1959.”
Begijnenstraat 33
Begijnenstraat 33 is sinds 1978 een Rijksmonument met als omschrijving:
“Gepleisterd HOEKPAND met verdieping en omlopend schilddak.
Het pand dateert uit de 16e eeuw en heeft vorkankers. In de meeste vensters zesruitsschuiframen.
Aan de zijde van de Oude Koningstraat een dubbele deur met panelen en bovenlicht, midden 19e eeuw.”
“Het Weeshuis”, gedicht van Twan Niesten, Begijnenstraat (november 2025)
Voormalig postkantoor
Begijnenstraat 8-10
Het voormalige postkantoor (links), Begijnenstraat 8-10 (november 2024)
Het gebouw op Begijnenstraat 8-10 is oorspronkelijk gebouwd als postkantoor in 1890. Hiervan was C. Eijsvogel de architect.
Het is sinds 1988 een gemeentelijk monument met als aanwijzing: “Karakteristiek kantoorpand uit het eind van de 19e eeuw in gotiserende neo-renaissance trant. Mede van belang in de straatwand.”
Oude postkantoor Begijnenstraat (april 2024)
Begijnenstraat 16
Begijnenstraat 16 en 16a (november 2025)
Een mooie foto van vóór de restauratie, gedateerd op 1970 is te zien op F12499 RAN.
Gevonden gebruikers
Met een slag om de arm, aangezien er mogelijk hernummeringen zijn geweest:
De tot nu toe eerstgevonden vermelding van Begijnenstraat 16 is van Th.B. Schamp, smid. Hij staat in ieder geval in de Adresboeken van 1926, 1932, 1934, 1936, 1938, 1948, 1951 op dit adres. In 1948 staat ook mej. J.Th. Schamp op dit adres.
Ook komt Wed. N.J. Gillissen, geboren A.J. Selbach voor op Begijnenstraat 16 in de Adresboeken 1934, 1936, 1938, 1940, 1948, 1951, 1955. Mogelijk betreft dit een van de bovenwoningen of een inwonend persoon.
In De Gelderlander 28/4/1951 staat “Het pakhuis met erf en twee afzonderlijke bovenwoningen a.d. Begijnenstrat 16, 16a en 16 b te Nijmegen, groot 1.04 A op f5700 (strijkgeld f150,-)” te koop.
In het Adresboek van 1932 komt Wed. E.C. Bertels, geboren C. Opsomers en Mej. G.C. Bertels, naaister voor op nummer 16b. De “Mejuffrouw de Wed.” Christina Bertels geb. Opsomers overlijdt op 6-4-1934 in de leeftijd van 82 jaar (De Gelderlander 6/4/1934)
Ook gevonden zijn:
H.W. van Megen, voerman (Adresboek 1959)
J.M. Schoppema, schilder op 16b (1963)
Rijksmonument
Begijnenstraat 16 is sinds 1973 een Rijksmonument, met als omschrijving:
“Pand met gepleisterde lijstgevel, gedateerd 1838. Getoogde inrijpoort,vensters met geprofileerde houten omlijstingen en boven de houten kroonlijst attiekverdieping.”
Begijnenstraat 18
Begijnenstraat 18 (november 2025)
Begijnenstraat 18 is een Gemeentelijk monument. Met als tekst bij aanwijzing:
“Gemeentelijke Monument: “Woonhuis.
Geheel gepleisterd bakstenen pand in twee bouwlagen met pannengedekt hoog schilddak en een nok, evenwijdig aan de straat. Gevel met drie assen, gescheiden en begrensd door vier over de etages doorlopende vlakke pilasters met kussenvormig basement zonder kapiteel. Geprofileerde kroonlijst. Ingang in de rechteras, bestaande uit deur met getoogd bovenvenster verbonden met een raam. In de getoogde hoge vensters acht-ruiten.
Bouwjaar: ca. 1820. Goed geproportioneerd pand van belang in de straatwand”
Voor de restauratie van de panden de nrs.: 16 – 18, aan de Begijnenstraat.
Eind jaren zeventig van de vorige eeuw werden een groot aantal onbewoonbaar verklaarde woningen in de benedenstad gesloopt om plaats te maken voor nieuwbouw. Een aantal panden, zoals op de foto, konden gespaard blijven en werden gerestaureerd, Begijnenstraat 18, 1979 (Gemeente Nijmegen via KN11151-38 RAN CC0)
Op Begijnenstraat 20 staat de voormalig gereformeerde kerk van Nijmegen. Daarna was het jarenlang een bedrijfsruimte: als amandelfabriek, fietsverhuur, timmerfabriek en snookercentrum. Vanaf 1999 is het een woning. Het gebouw is een gemeentelijk monument.
De achtergevel van het pand aan de Begijnenstraat, gezien vanaf de Lompenkramersgas; gebouwd als Gereformeerde Kerk in 1887 en als kerk in gebruik geweest tot 1912; rechts op de achtergrond het Protestants Weeshuis, december 1980 (Frans Hermans via F24979 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)
De gemeente Nijmegen gaf in 1973 een aantal kunstenaars de opdracht om een verkeerspaaltje te ontwerpen. Oscar Goedhart was met Peter van Locht en Giuseppe Roverso de eerste kunstenaar.
Bij Begijnenstraat 24 hangt een reliëf, waarvan onduidelijk is, wat hiervan de betekenis is.
Gevelsteen Hendrik Peters
Begijnenstraat 30
De gevelsteen op de oude plaats Begijnenstraat 30: Gevelsteen in de vorm van de bovenkant van een bierton ; de drietand was in de 17e eeuw het huismerk van de bierbrouwer Hendrik Peters, 1950 (F12501 RAN)
Op de gevelsteen op Begijnenstraat 30 is het merkteken van brouwer Hendrik Peters te zien. Vóór de sloop hing dit merkteken boven een pakhuis, welke adres Begijnenstraat 20 had. Peters had in de jaren 30 en 40 van de 17e eeuw zijn brouwerij in de Begijnenstraat.
Naast de bovenstaande foto, is een afbeelding van het oorspronkelijke pakhuis, gedateeerd 1975-1980, te zien op F20188.
Formele tekst van het besluit tot aanwijzing: “Onderdeel van rijtje boven- en benedenwoningen en werkplaats. Bakstenen pand in twee bouwlagen met geschilderde banden. Benedenetage met vijf smalle assen en rechts een brede werkplaatsdeur; op de etage zes assen. Ramen en deuren met rechte bovenkozijnen waarboven flauw gewelfde bogen met blokken. Geprofileerde lijst tussen de etages; vlakke kroonlijst. Plat dak met schild aan de straat.
Bouwjaar: ca. 1890-1895.
Zeer eenvoudige volkswoningen, karakteristiek voor het eind van de eeuw en van belang in de straatwand.”
Begijnenstraat 46- 48, Lange Brouwerstraat 2
Begijnenstraat 46 – 48, hoek Lange Brouwerstraat (augustus 2025)
Gemeentelijk Monument
Het pand op de hoek Begijnenstraat/Lange Brouwerstraat is een Gemeentelijk Monument met als tekst bij het besluit tot aanwijzing:
“Bedrijfspand met bovenwoning, op straathoek. Op de hoek bouwdeel van twee lagen met afgeschuinde hoek en topgevel. Aan de Begijnenstraat aansluitend deel van twee lagen; aan de Lange Brouwerstraat van één laag. Baksteen met gestucte banden; pannengedekte dakschilden aan de straatzijde. Aan de Begijnenstraat vensters en deuren met rechthoekige kozijnen met getoogde bovendorpel en gestucte sluitsteen, op de begane grond; op de verdieping rechthoekige kozijnen met rechte strekken en gestucte sluitstenen. Vlakke kroonlijst. Op de hoek: overhoekse magazijningang met daarboven driezijdige gemetselde erker op consoles met leien dak. Daarboven trapgevel met gestucte banden en afdekking; venster met T-kozijn. Aansluitende gevel Brouwerstraat met blindvensters en één raam linksboven. Aansluitende lage gedeelte met korte vensters en grote dakkapel. Bouwjaar: ca. 1885-1890. Interessante vermenging van woon- en bedrijfsgebouwen in één schilderachtig complex met unieke hoekoplossing. Van groot belang door de ligging.”
Wat groeit er?
Planten Begijnenstraat (november 2024)
In ieder geval hebben de bewoners dit jaar bijzondere planten in de plantenbakken: volgens Google is dit paarse boerenkool; in de zomer verbouwden ze er onder andere mais.
Het popje van Basta
Het popje van Basta (november 2024)
Het popje van Basta geeft bij de Lange Hezelstraat aan dat de kringloopwinkel Basta open is. Hier zijn ook mooie oude boeken over de geschiedenis van Nijmegen te koop, waarbij een deel van de opbrengst naar Noviomagus gaat.
Wat-er-is, beeld van Marcel Ruygrok, Ganzenheuvel (maart 2024)
Waarschijnlijk is de Ganzenheuvel tegenwoordig meer bekend van het pleintje, dan de weg die daar achter loopt. Toch dankt het plein juist haar naam aan deze weg: in ieder geval komt de Ganseheuvel als naam voor in 1410: “Aan deze straat is een plaatsje gelegen, dat vroeger Palmboom genoemd werd, naar een aanzienlijk huis, later logement (1629 tot omstreeks 1825). In 1629 kocht Gerard Palmerts het huis, dat tot 1715 in het bezit van zijn familie bleef.” (Teunissen 1933)
In de jaren 50 werden de panden in de driehoek van de Ganzenheuvel, de Lange Hezelstraat en ’t Heuveltje afgebroken. Daarop besloot de gemeente in 1954 deze nieuwe openbare ruimte tevens Ganzenheuvel te noemen.
Anno 2025 is het pleintje met haar terrassen een belangrijke plek voor de horeca.
Deze pagina verzamelt reeds verschenen berichten over de Ganzenheuvel.
In de Plooi
2024 Sander Dolstra en Maurice Broekhoff
De plooijeren, muurschildering Sander Dolstra en Maurice Broekhoff (oktober 2025)
In 2024 maakten Sander Dolstra en Maurice Broekhoff een van de Waalpaintings. Hierop zijn de zogenaamde Plooierijen verbeeld. Links staat schipper Willem Vonck afgebeeld, rechts burgemeester Willem Roukens.
Wat-er-is, beeld van Marcel Ruygrok, Ganzenheuvel (maart 2024)
“Dit kunstwerk bestaat uit een watertafel, waarvan de poten zijn gevormd uit de letters WAT ER IS. Dit is een combinatie van letters, waarmee je verschillende woorden en zelfs zinnen kunt vormen (‘water is’, ‘wat er is’, ‘wat is er’, ‘is er wat’).”
“De watertafel en de putten zijn uitgevoerd in gebronsd messing. De kunstenaar geeft de voorkeur aan dit materiaal, omdat het onder invloed van verschillende weersomstandigheden telkens een ander karakter vertoont.”
2 Putten
Bij deze Wat Er Is horen ook 2 putten: op deze plekken zijn resten gevonden van 2 historische waterputten gevonden bij de herinrichting van het plein. (Marcel Ruygrok)
Op een van de putten staat: “Cedo Nulli”, oftewel: ik wijk voor niets/niemand. De Romeinen gebruikten deze spreuk om indringers angst aan te jagen. Daarbij verwijst de spreuk naar het Romeinse verleden. “Maar tegelijkertijd beschrijft deze spreuk ook een typische eigenschap van water: water zoekt zijn eigen weg en gaat zijn eigen gang.”
Afkoppeling regenwater
Met dit kunstwerk wordt tevens aandacht gegeven aan het afkoppelen van regenwater, net als de Bedriegertjes bij het Koningsplein en de Cascade aan de Stikke Hezelstraat. Dit afkoppelen was een van de speerpunten van het Nijmeegse Waterplan. Bij de Grote Markt wordt het regenwater uit de omgeving opgevangen en wordt door deze cascade verplaatst, waarbij de watertafel van Wat Er Is het eindpunt is.
Vrouwen in Verzet
Vrouwen in Verzet, Ganzenheuvel (oktober 2024)
De muurschildering laat het belang van de vrouwen in het verzet zien door middel van 3 verzetstrijdsters:
In deze Waalpainting staan drie Nijmeegse verzetsvrouwen centraal:
Priemstraat 1 De eerstgevonden advertentie is in januari 1894 (PGNC 14/1/1894), waarin G.H. van der Wedde een verkooppunt van thee is van P. Mackenzie uit Rotterdam. Afgaande op de advertentie voor de verkoop van het pand in 1903 is de Priemstraat 1 in 1898 “geheel nieuw…” gebouwd. 1897/1898 Verbouwing of nieuwbouw In 1897/1898 vindt een…
Links de Ganzenheuvel. Rechts daarvan sigarenwinkel La Rosa Habanera, RAN dateert deze foto op 1900 (maar zal een benadering zijn), Noviomagus op 1906 (RAN D236)
Het in de volksmond geheten Hof van Xanten, vormgegeven in classicistische stijl; van hieruit werden de bezittingen van dit Hof in de omgeving van Nijmegen bestuurd. De Jezuïeten hadden er een kleine 150 jaar een schuilkerk en tijdens de Vrede van Nijmegen verbleef er een buitenlandse delegatie. Inmiddels (anno 2021) heeft het pand weer een symmetrische gevel en is de hijsbalk verdwenen, Lage Markt 36, 1920 (F19000 RAN)
Jezuïetenhuis
Het Hof van Xanten wordt ook wel het “Jezuïetenhuis” genoemd, vernoemd naar de schuilkerk die hier lang gevestigd was.
Na de Reductie van Nijmegen bleven vooral de Jezuïeten actief. “Vanaf 1616 waren er structureel twee missionarissen namens de orde in Nijmegen aanwezig. De eerste missionaris die gezonden werd en die we dus als de grondlegger van een vaste Jezuïetenstatie te Nijmegen mogen beschouwen, was de Haarlemse pater Augustinus Bloemert (Blommert). In een paar met elkaar verbonden panden aan de Lage Markt onderhielden de Jezuïeten niet alleen een schuilkerk, maar ook een schooltje voor katholieke kinderen.” (https://studiezaal.nijmegen.nl/detail.php?id=2162348063, met een uitgebreid artikel)
Rond en na de Franse tijd kregen katholieken weer een aantal van hun voormalige bezittingen terug. Wel bleven de Stevenskerk protestants, waarvoor in de plaats de Broederenkerk of Regulierenkerk aan de katholieken werd gegeven. “Deze laatste viel toe aan de Jezuïeten, bij gebrek aan belangstelling van de andere orden. In 1820 verdeelde bisschop Van Velde de Melroy de katholieke gemeente Nijmegen in vier parochies en verhief de bestaande missiekerken tot parochiekerken, waarmee feitelijk een eind kwam aan de statie. Pas in 1820 ook verlieten de Jezuïeten de Lage Markt en betrokken de St. Ignatiuskerk aan de Molenstraat (voorheen de St. Catharinakerk der Reguliere Kanunniken van de Heilige Augustinus, de Regulierenkerk).”
Rijksmonument
Het Hof van Xanten is sinds 1973 een Rijksmonument met als omschrijving:
“PATRICIERSHUIS met twee verdiepingen en schilddak, breedte vijf vensterassen, midden 17e eeuw.
De voorgevel bezit bakstenen pilasters van de kolossale orde met natuurstenen basementen en Dorische kapitelen.
De zij en achtergevel van het Jezuïetenhuis (Hof van Xanten), voor de restauratie, Lage Markt 32, 5/1948 (Fotopersbureau Gelderland via F19046 RAN CCBYSA Auteursrechthouder J.F.M. Trum)
Hof van Xanten Lage Markt (juni 2024)
Hof van Xanten zijingang
2017: Verbouwing appartemten
In 2017 is het Hof van Xanten door Hermon Heritage verbouwd tot appartementen:
“16 september 2017 –
Met enige trots heeft HERMON Heritage 8 september jl. de sleutels van de eerste zeven opgeleverde studio’s in de voormalige Hof van Xanten (aan de Lage Markt 20-32) overgedragen aan Stichting Veste.
Binnen de bestaande structuur van het gebouw heeft een inpandige herverdeling plaatsgevonden en zijn een drietal studio’s met entresol op de zolderverdieping gerealiseerd. Op de eerste en tweede verdieping zijn in totaal vier twee-kamerappartementen gerealiseerd. Op de begane grond wordt nog volop gewerkt aan de overige negen studio’s. “ (https://hermonheritage.nl/oplevering-eerste-studios-nijmegen/, zie tevens de inwendige foto’s van de appartementen, waarbij de inwendige takel bewaard is gebleven)
Links de Priemstraat. Het huis In de Olifant. Rechts daarvan het Jezuietenhuis (Hof van Xanten); merk op dat de olifant is verdwenen, 1969, Lage Markt 36-32 (Dr. Jan Brinkhoff via D563 RAN CC0)
Oude keermuur op de kade ter hoogte van de Vosstraat met voorraan links de (af te sluiten) opening voor het doorgaande verkeer. De muur maakte deel uit van de hoogwaterkering, die – net zoals ook nu nog – de (beneden)stad bij hoog waterpeil van de rivier de Waal moest beschermen. Direct achter de muur de Achter de Vismarkt en het bedrijfspand van Verhuizingen en Sleeperij Firma C. van Wezel, nu volledig gesloopt, 1955 (Jeroen van Lith via F68646 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)
Van Wezel was een van de zogenaamde “sleepers” in de omgeving van de “Achter de Vischmarkt” en het Waalplein. Deze sleepers verzorgden met paard en wagen het transport van en naar de Waalkade. C. van Wezel had zijn sleperij op Achter de Vischmarkt 34(a).
Zo staan er in het bedrijvengedeelte van het Adresboek 1912-1913 19 “sleepers”. Ongeveer 10 daarvan bevinden zich in de directe omgeving van de Waalkade. De buren van Wezel zijn ook sleepers: L. Seegers Hzn. op nummer 26 en H. Zegers op nummer 28 zat (Adresboek 1912-1913).
Voerman
In de Adresboeken 1892 t/m 1902 komt C. v. Wezel voor als “voerman, achter de vischmarkt 34” (Adresboeken 1892, 1893, 1895, 1896, 1898, 1899, 1901). Wel noemt hij zich in de nieuwjaarsgroet De Gelderlander 1/1/1895 en De Gelderlander 1/1/1896 al “Mr. Sleeper”.
Sleeperij
Verhuisbedrijf C.van Wezel, met links Carel van Wezel (sleper), 3e van links Willem (zoon van Carel van Wezel) en rechts Andries Seegers (sleper), 1920 (F55498 RAN)
Vanaf Adresboek 1902 en vervolgens t/m 1918 staat er “sleeper” als beroep. Rond Adresboek 1913-1914 (mogelijk iets eerder) staat hij ook onder de bedrijven bij “verhuizingen”.
In de advertentie De Gelderlander 30/4/1899 blijkt dat er “Wegens verbouwing” “zoo goed als nieuwe jalousieën” te koop zijn.
In augustus 1901 is er brand op de hooizolder van van Wezel “door het broeien van het hooi een begin van brand, welke echter door middel van een slang op de waterleiding werd gebluscht. Het hooi moest evenwel van den zolder worden verwijderd.”( PGNC 6/8/1901) Dat door “brand en water beschadigd hooi” blijkt ongeveer 25000 kilo te zijn, welke te koop wordt aangeboden “geschikt voor strooisel” (De Gelderlander 11/8/1901).
Overigens komt in Adresboek 1915-1916 C. v. Wezel voor als “Achter de Vischmarkt 34 a en Dr. Jan Berendsstr. 142”. Er is verder nog niet onderzocht wat de geschiedenis van de vestiging aan de Dr. Jan Berendsstraat is geweest.
Bij het RAN is een briefhoofd uit 1917 te zien, welke onder andere bestaat uit een grote verhuiswagen -een tapissière- getrokken door paarden “Meubeltransport – Sleeperij; Verhuizingen van en naar alle plaatsen in Gesloten Tapissières”. Een tapissière is een paardenwagen met vier wielen; hij is licht en meestal aan alle kanten open (maar kan soms ook gesloten worden) en wordt voornamelijk gebruikt door tapijtmakers om meubels, tapijten enz. te vervoeren. De laadruimte is toegankelijk via de achterkant. (wikipedia)
Auto
In 1920 is het de Firma C. van Wezel, Waalkade No. 34, “Verhuizingen en Sleeperij”. Terwijl het adres van C. van Weezel, sleeper, Achter de Vischmarkt 34a is. (Adresboek 1920)
Afgaande op de advertenties in de jaren 30 voor de verkoop van paarden, blijft van Wezel ook met paarden werken.
De Gelderlander 13/1/1934
De Gelderlander 14/9/1935
In de Gelderlander staat de nieuwjaarsgroet als Firma C. Van Wezel, “Meubelstransport en sleeperij” (De Gelderlander 31/12/1930, De Gelderlander 31/12/1932)
In 1932 komt hij voor onder “Verhuizingen-Sleeperij” als Fa. C. van Wezel, Waalkade No. 34, Verhuizingen – Sleeperij – Expeditie”.
J.C.A. van Wezel, expediteur komt voor Achter de Vischmarkt 34a (Adresboek 1934)
In 1922, 1928 en 1932 is het “Verhuizingen en Expeditie” en in ieder geval 1924 J.C.A. van Wezel, expediteur. In het Adresboek van 1924 laten zij een foto van hun vrachtwagen afdrukken. In 1928 en 1932 gebruikt de Firma ook “Verhuizingen – Sleeperij”.
Het Adresboek 1932, 1936, 1938 en 1940 vermeldt Achter de Vischmarkt 34a als “stal”: waarschijnlijk is het dit al die jaren daarvoor ook geweest.
Verkoop van panden
In 1939 blijkt de gemeente van J.A.C. van Wezel de perceelen Groote Gas 22, Achter de Vischmarkt 22-24 en Rozengas 9 aankoopt voor f2100, samen 312 c.A. groot, onder voorwaarde dat van Wezel de opstallen van deze percelen en “de aan de gemeente behoorende perceelen Achter de Vischmarkt 26, 28 en 30 en Rozengas 9 afbreekt en binnen 4 weken opruimt.” Daarbij blijkt de gemeente tevens een aantal andere panden te hebben aangekocht in het kader van opruiming in de Oude Stad/in het belang der Volkshuisvesting. (De Gelderlander 26/5/1939)
Het pand van Verhuizingen, Sleperij en Expeditie Firma C. van Wezel, 1939 (Ir. J.G. Deur via F11957 RAN CCBYSA)
Tweede Wereldoorlog
In 1942 en 1943 wordt van Wezel regelmatig ingehuurd voor het leeghalen van woningen die daarvoor door Joden waren bewoond geweest en het transport van deze inboedel. Daarnaast werd hij ingehuurd voor het vervoeren van radiotoestellen.
Als getuige (in het proces tegen Johannes van Elferen, een politie medewerker van de “Politieke Dienst”) zegt van Wezel: “ik moest het doen, anders werden m’n paard en wagen gevorderd en ik zelf gearresteerd.” (zie hiervoor De Gelderlander 26/10/1949, De Gelderlander 27/10/1949). Een uitgebreid verslag is te vinden op: Oorloginnijmegen (pdf)
Na de oorlog
In ieder geval is van Wezel in april 1946 een van de verhuizers van De Afdeeling Nijmegen Vakgroep Meubeltransport (De Gelderlander 5/4/1946)
De Gelderlander 30/8/1947
In Adresboek 1948 komt J.C.A. van Wezel, expediteur/ Firma C. van Wezel Verhuizingen – Sleperij – Expeditie nog voor op Achter de Vismarkt 34. 34a is ook dan een “stal”.
In 1951 en 1955 is ook 32 “Stal J.C.A. v. Wezel”, naast de nummers 34 en 34a.
In 1959 is Vischmarkt 34 “J.C.A. van Wezel”. Achter 34a staat “-“ en 32 is een “stal”.
In 1963 blijkt J.C.A. te zijn overleden, dan staat op nummer 34 “wed. J.C.A. van Wezel, geb. C.H.M. Holleman.” 34a is een “pakhuis”, net als overigens nummer 32. Idem in het Adresboek 1966.
In 1968 is het adres 34 “niet bewoond”. Uiteindelijk wordt het pand gesloopt.
Oude keermuur op de kade ter hoogte van de Vosstraat met voorraan links de (af te sluiten) opening voor het doorgaande verkeer. De muur maakte deel uit van de hoogwaterkering, die – net zoals ook nu nog – de (beneden)stad bij hoog waterpeil van de rivier de Waal moest beschermen. Direct achter de muur de Achter de Vismarkt en het bedrijfspand van Verhuizingen en Sleeperij Firma C. van Wezel, nu volledig gesloopt, 1955 (Jeroen van Lith via F68646 RAN CC0 tevens Auteursrechthouder)
Pakhuis (anno 1889) aan de zuidkant van de straat, inmiddels vervangen door nieuwbouw”, Oude Haven 4-6 (Van der Grinten, RAN F79165)
In 1920 vestigt Turmac zich in Nederland. Hun hoofdkantoor komt in Arnhem (hoewel deze in 1922 verhuist naar Amsterdam) en hun fabriek in Zevenaar. In Nijmegen vestigen zij een tabak opslagplaats, aan de Oude Haven nummer 4.
Zij hebben in 1920 22 volwassen werknemers. In hun bedrijf zijn er 2 electriciteits motoren, samen goed voor 6 PK (Gemeenteverslag 1920). Daarnaast krijgt Turmac in april 1921 een hinderwetvergunning voor het plaatsen van een goederenlift, voor de locatie Oude Haven 4/6 (In het Gemeenteverslag 1921 Waalplein 4/6 genoemd, Sectie C, No. 5101.
Personeelsadvertentie Turmac voor “Flinke Loopjongen”, Oude Haven 4 (De Gelderlander 2/1/1931)
Wanneer Turmac de Drija fabriek in 1932 huurt, blijkt dat zij op dat moment tevens een vestiging huurt op Oude Haven nummer 20. Deze, en andere gehuurde panden, worden afgestoten. De Oude Haven 4, eigendom van Turmac zelf, blijft fungeren als opslagplaats (PGNC 19/12/1932).
Waarschijnlijk vindt in 1937 de overplaatsing toch plaats: “Wij vernamen, dat wegens reorganisatie van het bedrijf, een groot deel der “lagers” en expeditie overgaat naar Zevenaar, waar “de magazijnen zijn uitgebreid. Deze overplaatsing komt voor de Turmac economischer uit. Veel personeel kreeg hier ter stede reeds ontslag.” (De Gelderlander 27/4/1937). Deze gaat waarschijnlijk in 1940 weer open: “De Turmac had in vroeger jaren zijn groote magazijnen aan den Graafschen weg naast de Nijmeegse Veiling. Toen werden de magazijnen grootendeels naar Zevenaar overgeplaatst. Thans is er van de Turkish Macedonian Tab. Co. N.V. weder een depot geopend aan de Oude Haven No. 4. (De Gelderlander 25/5/1940).
Ik (RE) heb in het adres Oude Haven in ieder geval gevonden in de adresboeken voor: 1928, 1932, 1934, 1936 en 1938.
Het Adresboek 1930 heb ik tot nu toe uberhaupt nog niet gevonden. De Oude Haven komt niet voor in de Adresboeken van 1940.
Advertentie opening depot Turmac op Oude Haven
(De Gelderlander 24/5/1940)
“De Turkish Macedonian Tobacco Company, de voormalige Turmac-fabriek, rechts de Bottelstraat”, 1978 (Theo Hendriks via RAN F27357); waarschijnlijkt betreft dit nummer 20
Hoewel van Schevichaven de figuur beschrijft als een figuur met de “stijfheid van den stokvisch, is het pand de Zeemeermin uit eind 18e eeuw een Rijksmonument. In ieder geval hebben er in de 20ste eeuw jarenlang smederijen in het pand gezeten. Na een grondige restauratie in de jaren 80 is het pand verbouwd tot appartementen.
Het gezicht in de richting van de Priemstraat, en naar de panden van C.A.P. Ivens, fotograaf en H.A. Tesser, drogist, links de Lange Brouwerstraat, 1895 (GN2708 – A RAN)
Priemstraat 1
Advertentie: G.H. van der Wedde een verkooppunt van thee is van P. Mackenzie uit Rotterdam
De eerstgevonden advertentie is in januari 1894 (PGNC 14/1/1894), waarin G.H. van der Wedde een verkooppunt van thee is van P. Mackenzie uit Rotterdam.
Afgaande op de advertentie voor de verkoop van het pand in 1903 is de Priemstraat 1 in 1898 “geheel nieuw…” gebouwd.
1897/1898 Verbouwing of nieuwbouw
Ontwerp voor het verbouwen van perceel ? hoek Ganzenheuvel en Priemstraat, datum dossier 1-1-1897 (D12.377702)
In 1897/1898 vindt een verbouwing/nieuwbouw van het perceel plaats.
Een aantal winkels
Opening Koek- en Banketbakkerij L.M.J. van Os, Priemstraat 1 (De Gelderlander 9/4/1898)
Rond 1900 volgen een aantal winkels elkaar snel op:
“Mijn ongekende room-tompoucen. Fijne Haagsche Beschuitjes. De van ouds gerenommeerd Nijmeegsche moppen. Ook voorhanden The Windsor Fruits Bisquits” (PGNC 1/4/1899)
Gas-gloeikousjes en -branders bij S.M. Roosknek, Priemstraat 1 (De Gelderlander 18/11/1900)
Theod. Hogenboom Magazijn “De Concurrent” – “Het goedkoopst magazijn in fronts, boorden, manchetten, dassen, zeepen, eau de cologne, etc. etc. Depôt van Mey’s stoffwäsche of papieren boorden” PGNC 22/6/1902
Te koop
In 1903 staan de huizen te koop, welke op 19 augustus en 2 september 1903 geveild zullen worden:
“Twee naar de eischen des tijds in 1898 geheel nieuw, zeer solied gebouwde en gerieflijk ingerichte Winkelhuizen onder één dak met Erf, op den hoek Ganzenheuvel-Priemstraat, gemerkt Nos. 73 en 1, samen groot 86 centiaren, met gevelbreedten van 8.80M. en 9.55M., bevattende elk keurigen, ook nog voor werkplaats geschikten Kelder, ruimen Winkel, Kantoorkamer, Keuken, 4 Kamers, Zolder, Gas- en Waterleiding enz. Verhuurd het Winkelhuis Priemstraat 1 aan den heer Th.W. Hoogenboom tot 1 mei 1905 voor f625 ’s jaars en het Winkelhuis Ganzenheuvel 73 aan den heer P.J. Tromp to 1 Mei 1909 voor f550 ’s jaars. Te veilen in massa en in 2 perceelen als: Perceel een: Het Winkelhuis met Erf Priemstraat 1 groot 44 centiaren; Perceel twee: het Winkelhuis met Erf Ganzenheuvel 73 groot 42 centiaren.” (PGNC 9/8/1903)
Deze huizen zijn in 1906 weer te koop. Het huis aan de Priemstraat heeft daarbij een Heeteluchtoven. Ganzenheuvel no. 73 is nog aan P.J. Tromp verhuurd, over Priemstraat 1 wordt geen melding van verhuur gemaakt. (PGNC 24/6/1906).
Sigarenmagazijn van A. v. Dormolen
Sigarenmagazijn van A. v. Dormolen, Priemstraat 1 (PGNC 6/12/1910)
In ieder geval is het in december 1910 een Sigarenmagazijn van A. v. Dormolen. Een aantal advertenties:
“Nog steeds verkrijgbaar tot 31 Dec. aangebroken 10-Rittenboekjes 1e, 2e en 3e Klasse Amsterdam, Rotterdam en Den Haag. Zij die nog Boekjes hebben, worden beleefd verzocht ze spoedig in te wisselen…” (PGNC 6/12/1910)
Loten te koop van de ‘Vereeniging “Vreemdelingen-Verkeer” Leeuwarden’; hoofdprijs is een motorsloep (PGNC 28/9/1916)
G. Jonker
In 1922 is een advertentie gevonden waarbij G. Jonker aansluiting van de telefoon heeft gekregen: “G. Jonker, Groothandel in Tabak, Sigaretten en Sigaren”. (PGNC 14/1/1922) In ieder geval heeft hij eind 1931 dit sigarenmagazijn nog. (Nieuwjaarsgroet PGNC 31/12/1931)
In PGNC 20/6/1922 staat een geboorte-advertentie voor Aris, zoon van G.Jonker en M. Jonker-Veerman.
Eind 1931 wenst G. Jonker zijn vrienden en begunstigers nog een gelukkig nieuwjaar (PGNC 31/12/1931).
H.B. de Kok
H.B. de Kok plaatst In februari 1934 een advertentie dat hij zijn zaak heeft verplaatst naar Priemstraat 1: “Onze zaak is verplaatst maar wij blijven U hooge prijzen betalen voor overtollig Huisraad en net gedragen Kleeding”. (De Gelderlander 6/2/1934)
In de loop der jaren verschijnen meerdere advertenties voor de “2de Hands Goederenhandel”, onder andere nog in PGNC 7/3/1942.
In de volgende gevonden advertentie is H.B. de Kok “Taxateur en Afslager”: “Antiek. In- en Verkoop. Tevens het beste adres voor het opruimen van geheele of gedeeltelijke Inboedels” (De Gelderlander 17/1/1946). Daarbij zijn bovendien een aantal aankondigingen voor veilingen gevonden, in ieder geval: Inboedelveiling (De Gelderlander 10/7/1948, De Gelderlander 16/4/1949) en erfhuis (De Gelderlander 17/10/1953)
De laatste door mij (RE) gevonden advertentie is op dit moment: “Wij kopen tegen hoge prijzen al uw overtollige meubelen, antiquiteiten, schilderijen, kristal, enz.” in De Gelderlander 31/10/1956.
Vanuit de Smidstraat naar het hoekpand aan de Priemstraat – Lange Brouwerstraat. In het hoekpand bevond zich het benedenstadhuis, 2/1982 (Ber van Haren via KN13493-3 RAN CC0)
In de jaren 80 is hier het Benedenstadshuis gevestigd. Dan zit hier ook de wetswinkel van de Bond van kamerhuurders: “… En als je moeilijkheden hebt met je huisbaas, of andere problemen of vragen over je huurcontract, huurverlaging, etc….” (Wijkkrant Nijmegen-Oost 1/8/1980)
Zie voor meer informatie en herinneringen aan de Priemstraat 1 ook Noviomagus.
In 1910-1911: Winkelbediende; in 1932: grossier en winkel in tabak en sigaren
1910-1911, 1920, 1922, 1926, 1932
H.B.
De Kok
Koopman; in 1948: koopman 2e hands goed.; in 1955: erkend veilinghouder, beëdigd taxateur
1934, 1936, 1938, 1940, 1948
J.
Quis
Rang. NS
1959
J.
Heida
1959, 1963, 1971
K.
Louter
Koopman
1959, 1963, 1968
A.
Fagel
Los werkman
1963
Ganzenheuvel 73
C.A.P. Ivens
Advertentie C.A.P. Ivens (PGNC 22/3/1894)
In maart 1894 kondigt C.A.P. Ivens aan dat hij zijn Fototechnisch Bureau per 1 mei zal verhuizen naar 73 Ganzenheuvel. Daarna volgen nog meerdere advertenties.
In PGNC 27/2/1896 is er nog een advertentie gevonden van “Het Nederlandsch Fototechnisch Bureau”, C.A.P. Ivens.
advertentie Capi (PGNC 15/5/1924)
Meubelmagazijn P.J. Tromp
Bij haar 30-jarig bestaan vermeldt Capi (C.A.P. Ivens & Co) in haar advertentie dat ze 30 jaar geleden op Ganzenheuvel 73 waren begonnen. “25 jaar geleden” -dus rond 1899- verhuisde Ivens naar de Van Berchenstraat ( PGNC 15/5/1924)
In december 1899 is de nieuwjaarsgroet afkomstig van P.J. Tromp, Meubelmagazijn (De Gelderlander 31/12/1899). Tromp zal hier jarenlang zijn meubelzaak hebben: in ieder geval is er een advertentie gevonden in De Gelderlander 29/11/1928, bijna 30 jaar later.
Advertentie P.J. Tromp voor 2e vestiging (De Gelderlander 25/9/1922)
In 1922 heeft hij een 2e adres: Augustijnenstraat 6 (De Gelderlander 25/9/1922)
Gez. Koenders
Advertentie Gez. Koenders (De Gelderlander 25/1/1930)
De Gezusters Koenders blijken in januari 1930 hun winkel te hebben op Ganzenheuvel 73 met een advertentie voor schorten. Ook verkopen ze “hemden broeken onderjurken, kousen, sokken, enz.” (De Gelderlander 25/1/1930)
In 1934 is ze een depot voor de ververij en chemisch wasserij (oftewel stomerij) “de Pauw” (PGNC 26/2/1934)
A. v. Kol
Advertentie A. v. Kol (De Gelderlander 27/12/1947)
Eind december 1947 is Groenten-, Fruit- en Aardappelhandel A. van Kol weer aangesloten op het oude telefoonnummer. (De Gelderlander 27/12/1947)
In ieder geval komt hij nog voor in 1953: Een gevonden advertentie is in De Gelderlander 22/5/1953 van de gezamenlijke winkeliers in Aardappelen, Groente en Fruit.
De voormalige school de Klokkenberg, 1969 (Evert F. van der Grinten via F78890 RAN)
Op de Klokkenberg werd in 1844 een lagere school geopend, met daarbij de eerste Christelijke Normaalschool (voorloper van de lerarenopleiding). De straat bestaat pas sinds de jaren 80, toen het complex van de Klokkenberg werd gesloopt en er woningen voor in de plaats kwamen.
Herkomst naam Klokkenberg
De herkomst van den naam de Klokkenberg is niet geheel zeker. “”De Clockenberg was reeds bekend in 1420. Op P. 1572 is de ‘berg’ nog een open terrein met tuinen. In de 17e eeuw was die ruimte echter reeds voor een groot deel bebouwd.” (Teunissen 1933, zoals aangehaald in Straatnamenregister van Rob Essers (tevens bron van deze paragraaf)).
Een verklaring is hier de stadsklok heeft gestaan, totdat deze in 1310 werd overgebracht naar de St.-Stevenskerk.
Het gezicht op de Ottengas, vanuit de kruising met de Muchterstraat , met (links) de keermuur van De Klokkenberg, gezien in de richting van de rivier de Waal, een schilderij gemaakt door Hendrik Johannes (Jan Hendrik) Weissenbruch (30 november 1824 – 14 maart 1903), 1850 (Gemeentemuseum Nijmegen via F46474 RAN)
Vooraf: Openbare en Bijzondere scholen
Vanaf het uitroepen van de Bataafse Republiek in 1795 zou er een scheiding tussen kerk en staat blijven. Dit kwam ook tot uiting in het onderwijs: de overheid steunde openbare scholen, waar kinderen van alle gezindten les kregen. Daarnaast waren er bijzondere scholen: scholen opgericht door kerken, weeshuizen en verenigingen, of opgericht vanwege commerciële doeleinden.
De eerste groep van bijzondere scholen werden opgericht, zodat kinderen het juiste godsdienstonderwijs zouden krijgen. De Nijmeegse advocaat Van der Brugghen stichtte de eerste protestants christelijke lagere school: de Klokkenberg.
In de Muchterstraat werd een gebouw gekocht, welke na verbouwing tot school diende. Al gauw had deze school 150 leerlingen. In 1849 werd bovendien de Normaalschool geopend (tegenwoordig zou het een Pedagogische Academie heten)
“Den 6. Mei 1844 werd alhier door de heeren Mr. J.J.L. Van der Brugghen (later Minister van justitie), W. baron Van Lijnden, J. baron Mackaij en Ds. E. Zubli, Waalsch predikant, de christelijke school op den “Klokkenberg” gesticht, waaraan twee jaar later de normaalscool voor christelijke onderwijzers werd verbonden, welke scholen de eerste van dien aard in ons land waren. Gisteren werd het 40jarig bestaan daarvan feestelijk herdacht. Daartoe waren des voormiddags in de concertzaal van de societeit Harmonie alhier het bestuur, kweekelingen, oudleerlingen, leerlingen en verdere belangstellenden bijeen gekomen. De zaal was keurig gedrapeerd, terwijl de beeltenissen van wijlen Mr. J.J.L. Van der Brugghen, W. baron Van Lijnden en van den eersten onderwijzer der school, den heer Gerretsen, tusschen groen en bloemen op de estrade waren opgehangen. Door de heeren Ds. J.A. Stoop, Waalsch predikant alhier, A.L. Gerretsen, hoofd, en C. van Noppen, eerste onderwijzer dier school, alsmede Ds. Moulijn, hervormd predikant alhier, werd het woord gevoerd, die het ontstaan der school en haren invloed schetsen, afgewisseld door het gezang van toepasselijke liederen door de kinderen en leerlingen van de beide vereenigde scholen.
’s Namiddags namen aan een gastmaal 40 personen deel, terwijl ’s avonds aan de verdere festiviteit ruim 300 personen deelnamen. Van de gebouwen op de Oude Stadsgracht en op den “Klokkenberg”, behoorende tot deze school, wapperde de vaderlandsche driekleur met den Oranjewimpel.” (PGNC 8/5/1884)
1887 Klokkenberg Bij de opening 6 Mei schrijft het PGNC: “… De Christelijke normaalschool werd in 1846 in het vorige gebouw op den Klokkenberg geopend, terwijl met den bouw van de nieuwe school, naar de plannen van den heer J.W. Michielsen alhier, in 1886 werd begonnen door den aannemer, den heer Buskens. Voor den fraaien…
Het jaarverslag over 1904:
“De Klokkenberg.
Het 55e verslag van de Chr. Normaalschool “De Klokkenberg” is verschenen, dit jaar, ten gevolge van ziekte, later dan gewoonlijk. De school, destijds gesticht door Van der Brugghen en door Beets tot aan zijn dood meegedragen en gesteund, blijft onafgebroken aanspraak maken op de belangstelling van velen. In de lange lijst van meer dan 400 mannen die aan deze inrichting worden opgeleid, treft men tal van namen aan, die in ons een goeden klank hebben, o.a. dr. Raabe, dr. Mansvelt (oud-superintendent van onderwijs in Z. Afr.). de heeren H. Lauer. H. v. Eck, oud-directeur van het telegraafkantoor te Amsterdam. Ook tengevolge van zeer aanzienlijke uitbreiding der gebouwen is de financieele toestand niet van dien aard, dat steun overbodig zou zijn. De directie der school bestaat uit de heeren prof. dr. J.H. Gunning, oud-hoogleraar; ds. A. Pijnacker Hordijk, jhr. mr. C.C.G. de Pesters, M. Crommelin, prof. dr. P.D. Chantepie de la Saussaye, ds. J.D. Looijen. ” (PGNC 20/9/1904)
Nieuwbouw
Na afbraak van de school kwam op deze plaats nieuwbouwwoningen. Een mooie foto uit 1985 is te zien op F62196 RAN.
Groen
Bij het wandelen door de Benedenstad loop ik graag door de Klokkenberg. Het is fantastisch om te zien hoe de bewoners hun oorspronkelijke stenige omgeving groen hebben gemaakt.
trappen Klokkenberg (juni 2024)Klokkenberg (juni 2024)stoel Klokkenberg (maart 2023)Kippengeklok op KlokkenbergKlokkenberg (september 2023)Ottengas vanaf de Klokkenberg (september 2023)Klokkenberg (juni 2024)Klokkenberg met zicht op Ottengas (juni 2024)Stoeltjes Klokkenberg (juni 2024)Muur Klokkenberg (juni 2024)Bij Klokkenberg (augustus 2025)Gieters, Klokkenberg (augsutus 2025)
In 1858/1859 laat Franciscus Johannes (Frans) Hallo Bat-Ouwe-Zate bouwen, welke al binnen 7 maanden gereed is. In de volksmond krijgt het al gauw de naam “Kasteel Hallo”. Hij zal er zelf maar een korte periode wonen. Het kasteel werd vervolgens vooral bekend door de geliefde “Zusters van Hallo”.